Opheffing GR GVE Gooiergracht Bijlage 6 Tekst Gewijzigde GR GVE 1989
Tekst van het document
lĩĩ
GEMEENTE BLARICUM
ľl lí
'GEMEENTE LAREN burg.
Ingek.
'1 9 JAMqn b. en w. raad Torenlaan 50 1261 GE Blaricum tel. 02153-90211 gironr. 98345 t.n.v. de gemeente Blaricum Bank: Rabobank Blaricum rek.nr. 30.84.00.984 gironr. van de bank 342536
uw kenmerk:
u
ret.
Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laren, Postbus 5, 1251 AA Laren.
uw brief van:
Goedkeuring besluit tot wij ziging gemeenschappe lijke regeling.
onderwerp:
Kennisnorwíg/aclvies op:
ons kenmerk:
, 7 AZ/no/ho blaricum, 11 verzonden,
januari 19 90
15 m
Geacht college, Hierbij delen wij u mede, dat Gedeputeerde Staten van NoordHolland bij hun besluit van 19 december 1989, onder nummer WEB-308460, goedkeuring hebben verleend aan ons besluit tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht (thans gemeenschappelijke re geling Rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht en vijzelgemaal Eemmeer). Wij verzoeken u de wijziging in te schrijven in het openbare register als bedoeld in artikel 27 van de Wet gemeenschappe lijke regelingen. Hoogachtend, Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht en vijzelgemaal Eemmee Co I lû V c*0 .W
de voorzitter, de secretaris,
1CA JAN11003 Verzoeke bij beantwoording datum, nummer en onderwerp te vermelden.
ů í
w. ļ n F-
Z
GEMEENTE BLARICUM gemeente laren
(Ingek. 1 3 įjēC. K88 burg. b. en w ÂĽĨŞ/ ~ raad
-‘įĩjjţliiŵé-
Torenlaan 50 1261 GE Blaricum tel. 02153-902 11 gironr. 98345 t.n.v. de gemeente Blaricum Bank: Rabobank Blaricum rek.nr. 30.84.00.984 gironr. van de bank 342536
uw kenmerk:
onderwerp:
z '7 w/ .Kennisnemlng/advies \ļ 9P: /i/. retAan 7 t r het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, Postbus 123, 2000 MD Haarlem, ĵ
uw brief van:
ons kenmerk:
goedkeuring gemeenschappelijke regeling R.W.Z.I. Gooiergracht.
hn/az fop. blaricum, verzonden,
7 december 1989 1 2
QTQ,
Geacht college, Hierbij doen wij u - in drievoud - toekomen de door ons vastgestelde aangepaste gemeenschappelijke regeling "Rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht en vijzelgemaal Eemnes". De gemeenteraden van Laren en Blaricum hebben ons bericht met de onderhavige wijziging in te stemmen. Wij verzoeken u te bevorderen dat de aangepaste regeling zo spoedig als mogelijk wordt goedgekeurd.
Hoogachtend, Het algemeen bestuur van de gemeen schappelijke regeling "Rioolwater zuiveringsinrichting Gooiergracht",
de voorzitter.
de secretaris.
7CA DEC07206 Verzoeke bi] beantwoording datum, nummer en onderwerp te vermelden.
,
Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht; gehoord de raden van de gemeenten Blaricum en Laren; overwegende, dat de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen en de verkoop van de zuiveringstechnische werken aan het Zuiveringschap Amstel- en Gooiland een aanpassing van de bestaande gemeenschappelijke regeling "Rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht" vereisen; dat de gemeenschappelijke regeling "Rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht" een gemeenschappelijke regeling is tussen de gemeenten Laren en Blaricum; dat het met de regeling te behartigen belang zowel qua aard als qua schaal zodanig is dat afwijking van het besluit van Provinciale Staten van Noord-Holland van 17 februari 1986 tot aanwijzing van de samenwerkingsgebieden in deze provin cie op grond van artikel 2 eerste lid van de Wet gemeen schappelijke regelingen gewenst is; gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen;
besluit : de gemeenschappelijke regeling "Rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht", zoals goedgekeurd bij besluit van 2 maart 1960 nr.274 door Gedeputeerde Staten van Noord-Holland en op 1 april 1960 in werking getreden, te wijzigen, waarna deze komt te luiden als volgt: Artikel 1.
(openbaar lichaam)
Er is een openbaar lichaam genaamd "Gooiergracht en vijzelgemaal Eemmeer" (GVE). Dit lichaam is gevestigd in Blaricum. Artikel 2.
(belang en taak)
De gemeenschappelijke regeling draagt zorg voor het exploi teren en het onderhouden van de Gooiergracht en het vijzelgemaal aan het einde van voornoemde gracht. Artikel 3.
(bevoegdheden)
1. De gemeentebesturen dragen met betrekking tot de uitvoe ring van het in artikel 2 aangegeven belang en de door genoemde taakstelling al hun bevoegdheden over aan het bestuur van het openbaar lichaam "Gooiergracht en vijzelgemaal Eemmeer". 2. Het algemeen bestuur is bevoegd tot het vaststellen, wij zigen of intrekken van verordeningen door strafbepaling of bestuursdwang te handhaven betreffende het gebruik en het onderhoud van de Gooiergracht.
AZ RWZI.1
2
Artikel 4. (bestuursorganen) 1. Het bestuur van de "Gooiergracht en vijzelgemaal Eemmeer" bestaat uit: a. het algemeen bestuur; b. het dagelijks bestuur; c. de voorzitter. 2. De afbakening van de bevoegdheden van het algemeen en het dagelijks bestuur is analoog aan die welke in de gemeentewet is aangegeven voor de raad en het college van burgemeester en wethouders van een gemeente. Artikel 6. (algemeen bestuur) 1. Het algemeen bestuur bestaat uit: twee leden per gemeente, die per deelnemende gemeente door de raad uit zijn midden inclusief de voorzitter, waarvan één lid van het college van burgemeester en wethouders, worden aangewezen; 2. De bestuursleden worden benoemd voor vier járen en kunnen terstond worden herbenoemd. Zij treden af op de dag, waar op de zittingsperiode van de raden eindigt, ongeacht het tijdstip van benoeming. 3. De benoeming van de leden van het algemeen bestuur vindt plaats in de eerste vergadering van de raden van de deel nemende gemeenten in de nieuwe samenstelling, te houden op de dag met ingang waarvan de leden van de gemeenteraad in de oude samenstelling aftreden, wanneer hieraan niet wordt voldaan blijft het lid uit de desbetreffende ge meente zijn lidmaatschap van het algemeen bestuur vervul len totdat de opvolger is aangewezen. 4.
Een lid, dat de hoedanigheid verliest op grond waarvan het is benoemd, houdt tevens op lid te zijn van het algemeen bestuur. 5. Een lid van het algemeen bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Dit ontslag moet worden ingediend bij het orgaan dat hem heeft benoemd. Hij blijft zijn functie waarnemen tot zijn opvolger is benoemd. 6. De benoeming ter opvulling van een opengevallen plaats geschiedt binnen drie maanden na dat openvallen. 7. Hij, die ter vervulling van een opengevallen plaats is benoemd, treedt af op het tijdstip, waarop degene in wiens plaats hij is benoemd, moest aftreden. Artikel 7. (de werkwijze van het algemeen bestuur) 1. Het algemeen bestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter of het dagelijks bestuur het nodig oordeelt, maar ten minste tweemaal per jaar, of dit door tenminste twee leden schríftelijk, met opgave van redenen, wordt gevraagd. In het laatste geval wordt de vergadering zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval binnen veertien dagen na ontvangst van het verzoek, gehouden.
AZ RWZI.2
3
2. De voorzitter roept de leden schriftelijk tot de vergadering op. Hij zorgt dat, tegelijk met deze oproeping dag en uur van de vergadering ter openbare ken nis worden gebracht. 3. De uitnodigingen hiertoe worden, spoedeisende gevallen uitgezonderd, tenminste 3 x 24 uur voor de aanvang van de vergadering aan de leden van het algemeen bestuur verzon den. Zij vermelden zo veel mogelijk de zaken waarvoor de vergadering is belegd. 4. Behoudens het bepaalde in het reglement van orde en met inachtneming van zijn bevoegdheden kan het algemeen bestuur ook over andere punten beraadslagen en besluiten. 5. In het algemeen bestuur hebben de leden ieder één stem. 6. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend. Artikel 8. (openbaarheid vergaderingen) 1. Het algemeen bestuur vergadert in het openbaar. 2. De deuren worden gesloten wanneer een lid daarom verzoekt of de voorzitter dit nodig oordeelt. 3. Het algemeen bestuur beslist vervolgens of met gesloten deuren zal worden vergaderd. 4. Geheimhouding kan worden opgelegd overeenkomstig het be paalde in artikel 23 van de de Wet gemeenschappelijke regelingen. 5. In een besloten vergadering wordt noch beraadslaagd, noch besloten over de begroting en rekening van het lichaam. 6. In een besloten vergadering wordt geen besluit genomen over: a.
het doen van uitgaven van op de begroting niet voor komende of de daarop uitgetrokken posten; b. het aanwijzen van middelen ter dekking van zodanige uitgaven; c. het aangaan van geldleningen en/of rekening-courantovereenkomsten en het uitlenen van gelden; d. het geheel of gedeeltelijk vervreemden en bezwaren van de eigendommen van het lichaam; e. het onderhands verhuren, verpachten of in gebruik geven van eigendommen van het lichaam; f. het onderhands aanbesteden van werken of leveranties. Artikel 9. (reglement van orde) 1. Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast. 2. Dit reglement is openbaar. Artikel 10. (samenstelling dagelijks bestuur) 1. Het dagelijks bestuur wordt door en uit het algemeen bestuur aangewezen en bestaat uit drie leden. 2. Alle leden van het dagelijks bestuur hebben in dat be stuur één stem.
AZ RWZI.3
4
Artikel 11.
(werkwijze dagelijks bestuur)
1. Het dagelijks bestuur vergadert zo vaak als één lid dit nodig oordeelt. 2. Het bepaalde in artikel 6, tweede lid, is van overeen komstige toepassing. 3. Ten aanzien van beraadslagingen of besluiten is artikel 98 van de gemeentewet van toepassing. Artikel 12. (verantwoording en verstrekken inlichtingen) 1. Een lid van het algemeen bestuur verstrekt aan de raad die dit lid heeft aangewezen alle inlichtingen die door de raad of één of meer leden daarvan worden gevraagd. 2. Het dagelijks bestuur en één of meer leden daarvan ver strekken aan het algemeen bestuur de door één of meer leden daarvan gevraagde inlichtingen en kunnen door het algemeen bestuur ter verantwoording worden geroepen. 3. Een lid van het algemeen bestuur kan door de raad die dit lid heeft aangewezen ter verantwoording worden geroepen voor het door dit lid in dat bestuur gevoerde beleid. 4. Een lid van het algemeen bestuur kan door de raad die dit lid heeft aangewezen worden ontslagen indien dit lid het vertrouwen van de raad niet meer bezit. Op het ontslagbesluit is artikel 7, tweede lid, van de Wet administratieve rechtspraak overheidsbeschikkingen niet van toepassing. 5.
Bij het verstrekken van inlichtingen ingevolge het eerste lid of het afleggen van verantwoording ingevolge het derde lid, verschaft een lid van het algemeen bestuur over zaken waaromtrent krachtens artikel 23 van de Wet gemeen schappelijke regelingen geheimhouding is opgelegd slechts informatie, indien krachtens artikel 49 van de gemeente wet geheimhouding is opgelegd. Laatstbedoelde geheimhou ding kan eerst worden opgeheven, nadat door het algemeen bestuur tot opheffing van de geheimhouding is besloten. 6. Het algemeen en het dagelijks bestuur verstrekken aan de raden van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen die door een of meer leden van die raden worden verlangd voor zover dit niet in strijd is met het openbaar belang. Artikel 13.
(de voorzitter)
1. De voorzitter en vice-voorzitter van het openbaar lichaam worden door het algemeen bestuur uit zijn midden aangewezen. 2. De voorzitter en vice-voorzitter zijn respectievelijk voorzitter en vice-voorzitter van zowel het algemeen als het dagelijks bestuur. 3. De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderin gen. Hij zorgt samen met de secretaris voor de uitvoering van de besluiten. 4. Hij ontvangt en opent alle aan het bestuur gerichte stuk ken en brengt deze in de eerstkomende vergadering ter tafel.
AZ RWZI.4
5
5. De voorzitter ondertekent met de secretaris alle stukken welke van het algemeen en dagelijks bestuur uitgaan. 6. Hij vertegenwoordigt het openbaar lichaam in en buiten rechte. Indien de gemeente, van welk bestuur hij deel uitmaakt, partij in een geding is, waarbij het openbaar lichaam is betrokken, oefent de vice-voorzitter deze bevoegdheid uit 7. Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter wordt deze vervangen door de vice-voorzitter. Artikel 14. (de secretaris en administrateur) 1. De functie van secretaris en administrateur worden respectievelijk uitgeoefend door de gemeentesecretaris van Blaricum en het hoofd van de afdeling financiën van de gemeentesecretarie van Blaricum, danwel bij verhin dering of ontstentenis van deze door hun plaatsvervangers 2. De secretaris is samen met de voorzitter belast met de uitvoering van de besluiten van het bestuur. 3. De secretaris draagt zorg voor de verslaglegging van de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur. 4. De secretaris ondertekent met de voorzitter alle stukken, die van het bestuur uitgaan. 5. De administrateur is belast met de financiële administra tie van het openbaar lichaam. Artikel 15. (de technisch adviseur) 1.
De functie van technisch adviseur wordt uitgeoefend door het hoofd van de sector technische zaken van Laren, dan wel bij verhindering of ontstentenis van deze door zijn of haar plaatsvervanger; 2. De technisch adviseur heeft tot taak het dagelijks en al gemeen bestuur op verzoek of eigener beweging van advies te dienen aangaande de uitvoering van de taak, zoals om schreven in artikel 2. Artikel 16. (financieel beheer) 1. Het comptabel beheer is opgedragen aan de administrateur, die hiervoor rechtstreeks verantwoording schuldig is aan het dagelijks bestuur. 2. Het algemeen bestuur stelt voorschriften vast met betrek king tot het financieel beheer van het openbaar lichaam en de controle op het financieel beheer en de boekhouding 3. De in het vorige lid bedoelde controle wordt opgedragen aan een door het algemeen bestuur aan te wij zen deskun dige. 4. De voorschriften, als bedoeld in het tweede lid, behoeven de goedkeuring van de raden der deelnemende gemeenten en gedeputeerde staten.
AZ RWZI.5
6
Artikel 17. (verdeling kosten) De uit deze regeling voortvloeiende kosten worden als volgt verdeeld: 1. Gooiergracht
investeringskosten
variabele
2. Vijzelgemaal
kosten
investeringskosten
variabele
kosten
: Laren Blaricum zuiverinschap Amstel en Gooiland : Laren Blaricum zuiverinschap Amstel en Gooiland
68* 16* 16* 26* 28% 46%
: Laren 28* Blaricum 10* zuiveringschap Amstel en 62* Gooiland : Laren 3* Blaricum 6* zuiveringschap Amstel en Gooiland 91*
Artikel 18. (de begroting) 1. Het dagelijks bestuur maakt ieder jaar vóór 15 april een ontwerp-begroting met een behoorlijke toelichting. 2. De ontwerp-begroting wordt jaarlijks vóór 1 mei, vooraf gaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft, toegezonden aan het algemeen bestuur en aan de gemeente raden. Deze raden kunnen tot 20 juni hun eventuele be zwaren schriftelijk ter kennis brengen van het dagelijks bestuur. 3. Zo spoedig mogelijk na 20 juni dient het dagelijks bestuur de ontwerp-begroting, de eventueel tijdig ontvangen be zwaren als bedoeld in het vorige lid en zijn commentaar daarop in bij het algemeen bestuur, dat de begroting vast stelt uiterlijk op 1 juli, volgende op voornoemde datum van 20 juni. 4. Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde begroting ook aan de gemeenteraden en terstond aan gedeputeerde staten ter goedkeuring. Tevens worden de eventueel ingekomen bezwaren met het daarop gegeven commentaar meegezonden. Artikel 19. (de rekening) 1. Het dagelijks bestuur biedt jaarlijks vóór 1 juni de over het afgelopen jaar opgemaakte rekening ter voorlopige vaststelling aan het algemeen bestuur aan. Bij de rekening is gevoegd: een toelichting op de cijfers; het verslag van het door de deskundige als bedoeld in artikel 16, derde lid, ingestelde onderzoek; AZ RWZI.6
7
een staat aangevende de verdeling van de werkelijke bedragen als bedoeld in artikel 17; de balans per 31 december van het jaar waarop de reke ning betrekking heeft. 2. Het algemeen bestuur stelt vervolgens de rekening voor 1 juli voorlopig vast. 3. Na de voorlopige vaststelling als bedoeld in het tweede lid zendt het dagelijks bestuur de rekening aan: a. de raden van de gemeenten Laren en Blaricum ter ken nisneming; b. gedeputeerde staten ter vaststelling. 4. Van het besluit van gedeputeerde staten inzake de vast stelling van de rekening wordt door het dagelijks bestuur zo spoedig mogelijk mededeling gedaan aan de gemeenteraden van Laren en Blaricum. 5. Vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur en de administrateur tot décharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregel matigheden. Artikel 20. (toetreding) 1. Tot de gemeenschappelijke regeling "Gooiergracht en vijzelgemaal Eemmeer” kan een andere gemeente toetreden, mits het algemeen bestuur besluit daarin bewilligt en de meerderheid van de raden van de deelnemende gemeenten daarmee instemt. 2. De toetreding geschiedt door toezending van de daartoestrekkende besluiten van de organen die de goedkeuring ex artikel 39 van de Wet gemeenschappelijke regelingen hebben verkregen. Artikel 21. (wijziging) 1.
Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur kunnen voorstellen tot wijziging van de regeling doen. 2. De regeling wordt gewijzigd wanneer de meerderheid van de raden van de deelnemende gemeenten daartoe besluit. Artikel 22. (uittreding) 1. Een aan de regeling deelnemende gemeente kan uittreden, indien de meerderheid van de raden van de deelnemende gemeenten daarmee instemt. Hiertoe dienen de daartoe strekkende besluiten van de organen van de uittredende gemeenten te worden toegezonden aan de raden van de deelnemende gemeenten en het algemeen bestuur. 2. Het algemeen bestuur bepaalt, onder goedkeuring van gede puteerde staten, het tijdstip waarop de uittreding ingaat. Dit tijdstip kan niet zijn gelegen op een datum later dan drie jaar na de dag, waarop het besluit als bedoeld in het eerste lid, genomen is. 3. Het algemeen bestuur regelt, onder goedkeuring van gede puteerde staten de gevolgen van de uittreding, de finan ciële gevolgen daaronder begrepen.
AZ RWZI.7
8
Artikel 23. (opheffing) 1. Tot opheffing van deze regeling kan slechts worden over gegaan nadat de meerderheid van de raden van de deelne mende gemeenten daartoe heeft besloten. 2. Een besluit tot opheffing vermeldt de datum waarop de op heffing ingaat. De opheffing gaat eerst in nadat de inschrijving in de openbare registers heeft plaatsgevon den. 3. In geval van opheffing van de regeling besluit het alge meen bestuur tot liquidatie. Het stelt daarvoor de nodige regelen. 4. Het algemeen bestuur stelt, gehoord de gemeenteraden, een liquidatieplan vast, dat door het dagelijks bestuur in ontwerp wordt aangeboden. 5. Bij liquidatie kan van de bepalingen van deze regeling worden afgeweken. 6. Het liquidatieplan voorziet in de financiële gevolgen welke de opheffing heeft. Artikel 24. (archief) 1. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archief bescheiden met inachtneming van de ingevolge artikel 37 van de Archiefwet 1962 vast te stellen regeling. 2. De secretaris is belast met de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden. 3. Voor de bewaring van de op grond van de Archiefwet 1962 over te brengen archiefbescheiden wijst het algemeen bestuur een archiefbewaarplaats aan. 4. Gedeputeerde Staten oefenen het toezicht uit op de zorg voor de archiefbescheiden. Artikel 25.
(overgangsbepaling) Binnen één maand na de in artikel 26, eerste lid, bedoelde dag van inwerkingtreding roept het oude bestuur van de gemeenschappelijke regeling "Rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht" het algemeen bestuur voor het eerst bijeen. Artikel 26. 1. De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd en treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op die waarin opneming in de openbare registers als bedoeld in artikel 27 van de Wet Gemeenschappelijke rege lingen heeft plaatsgevonden. 2. Burgemeester en wethouders van Blaricum zijn belast met de toezending aan gedeputeerde staten als bedoeld in artikel 26 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
AZ RWZI.8
9
Artikel 27. (citeertitel) De regeling kan worden aangehaald onder de titel: Gemeenschappelijke regeling Gooiergracht en vijzelgemaal Eemmeer. Aldus vastgesteld op ll december 1989 door het bestuur van de gemeenschappelijke regeling rioolwaterzuiveringsinrichting Gooiergracht. de voorzitter
de secretaris
AZ RWZI.9