Contourendocument%20Omgevingsvisie%20Blaricum%20Bijlage%20Contourendocument%20Blaricum
Tekst van het document
Contourendocument Omgevingsvisie Gemeente Blaricum Eindconcept
30 november 2021
Inhoudsopgave Blz.
1
Inleiding 2
2
Contourendocument: Op weg naar een Omgevingsvisie Wat is een Omgevingsvisie? Het Omgevingsvisieproces tot nu toe
3 3
3
Contouren voor vorm en opzet
6
4
Contouren voor de inhoud
9
5
Contouren voor proces en participatie
17
2.1 2.2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3
Uitgangspunten 6 Gebiedsgerichte aanpak 7
De strategische vraagstukken van Blaricum 9 De opgaven van Blaricum 11
Participatiestrategie 17 Wat hebben we al gedaan? 18 Contouren voor proces en participatie in de omgevingsvisie 18
Bijlagen 1.
1
3
Leefomgevingsfoto Blaricum
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
1. Inleiding Voor u ligt het Contourendocument Blaricum. Het contourendocument is een belangrijke tussenstap op weg naar een omgevingsvisie voor onze gemeente, die we na de gemeenteraadsverkiezingen zullen opstellen. De omgevingsvisie is de strategische, integrale lange termijnvisie van de gemeente Blaricum voor de fysieke leefomgeving. Met de omgevingsvisie willen we bewoners, ondernemers en organisaties inspireren om onze gemeente nog leefbaarder, veiliger, toekomstbestendiger en duurzamer te maken. In de omgevingsvisie leggen we vast wat de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving zijn. Met andere woorden: “waar bestaat de fysieke leefomgeving uit en wat is de kwaliteit ervan?” Op basis daarvan leggen we vast welke doelen we nastreven en op welke manier we die bereiken. In dit contourendocument geven het huidige college van B&W en de huidige gemeenteraad hun kennis en ervaring mee aan de nieuwe raad. In het contourendocument worden door het huidige college van B&W en de gemeenteraad thema’s, gebieden en strategische keuzes aangereikt die in de verkiezingen een rol kunnen spelen. Hiermee geven college en de raad richting aan de verdere ontwikkeling van het dorp, de uitwerking tot volwaardige omgevingsvisie zal onder leiding van het nieuwe college en de nieuwe raad plaatsvinden.
De gemeenteraden van Blaricum, Eemnes en Laren hebben in mei 2019 een motie aangenomen om vanuit het oogpunt van efficiency te streven naar het zelfde proces voor zowel Blaricum, Eemnes als Laren. Dit principe is als uitgangspunt gehanteerd bij het opstellen van het contourendocument. Elke gemeente ontvangt tegelijk haar eigen contourendocument. Het contourendocument is de “menukaart” voor de omgevingsvisie. Het document ordent en sorteert opgaven en vraagstukken en geeft randvoorwaarden mee aan het te doorlopen proces van de omgevingsvisie. Dit helpt de nieuwe raad bij het opstellen van haar Omgevingsvisie. Het contourendocument heeft de volgende doelen: • vastleggen van de te maken keuzes en de dilemma’s t.a.v. ontwikkeling, gebruik, beheer, bescherming en behoud van het grondgebied van de gemeente;
• • •
vastleggen van de vorm van de op te stellen omgevingsvisie. vastleggen van de uitgangspunten voor het proces wat doorlopen wordt bij het opstellen van de omgevingsvisie; richting geven en tegelijkertijd keuzeruimte aan de nieuwe raad en college geven.
Leeswijzer
Het contourendocument is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 gaan we kort in op het instrument omgevingsvisie. Wat is het en wat hebben we voorafgaand aan dit contourendocument al gedaan? In hoofdstuk 3 schetsen we de contouren voor de vorm en opzet van de omgevingsvisie. In hoofdstuk 4 gaan we in op de contouren voor de inhoud. We sommen de belangrijkste opgaven en ambities op, zoals die blijken uit een analyse van de huidige situatie en het vigerende beleid. De opgaven en ambities hebben we samen met de ambtelijke organisatie, het bestuur en de gemeenteraden vertaald naar de belangrijkste strategische keuzes voor de fysieke leefomgeving van Blaricum. In hoofdstuk 5, tenslotte, presenteren we de contouren voor het participatieproces. Als bijlage bij dit contourendocument zit de Leefomgevingsfoto (LOF) Blaricum met daarin per beleidsthema de stand van zaken over de ontwikkeling, gebruik, beheer, bescherming en behoud van het grondgebied van de gemeente.
2
2. Contourendocument: Op weg naar de Omgevingsvisie 2.1 Wat is een Omgevingsvisie? De Omgevingswet is bedoeld om de wetgeving op het vlak van de fysieke leefomgeving te vereenvoudigen en toegankelijker te maken. De Omgevingswet streeft naar meer samenhang tussen beleidsvelden door het samenbrengen van verschillende wetten op het vlak van de fysieke leefomgeving (bijvoorbeeld de Wet op de ruimtelijke ordening, de Wet Bodembescherming en de Wet Natuurbescherming) in één wet, de Omgevingswet. Naast dat de Omgevingswet de basis vormt voor een meer integrale behandeling van de leefomgeving verandert ook de houding van overheden bij ontwikkeling. Deze houding verschuift van “nee, tenzij” naar “ja, mits”. De invoering van de Omgevingswet gaat gepaard met verschillende nieuwe kerninstrumenten. Eén van de kerninstrumenten is de omgevingsvisie, een integrale langetermijnvisie die de gemeente opstelt voor de hele fysieke leefomgeving en haar grondgebied. De omgevingsvisie is een verplicht instrument voor elke Nederlandse gemeente. Een omgevingsvisie is vormvrij, maar bevat wel vaste elementen: • • •
een beschrijving van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving: waar bestaat de fysieke leefomgeving uit en wat is de kwaliteit ervan? de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, gebruik, beheer, bescherming en behoud van het grondgebied: wat gebeurt er/ gaat er gebeuren aan ontwikkelingen en instandhouding van het grondgebied? de hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid: wat zijn de na te streven doelen en op welke manier worden die bereikt?
De fysieke leefomgeving is breder dan alleen de ruimtelijke aspecten. De Omgevingswet noemt verplichte aspecten die integraal terug moeten komen in de omgevingsvisie, zoals bijvoorbeeld het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, activiteiten waardoor emissies, hinder of risico’s worden veroorzaakt en het nalaten van activiteiten. Ook ontwikkelingen op het gebied van cultureel erfgoed, energie-infrastructuur, landbouw, landschap, milieu, natuur en water worden meegewogen en beschreven. De Omgevingswet biedt de mogelijkheden om nieuwe ontwikkelingen meer integraal aan te pakken. Dat is nodig ook, want de
3
onderwerpen waar we de komende jaren beleid over willen maken zijn complex, denk aan de energietransitie, mobiliteit, gezondheid of circulaire economie. Binnen de omgevingsvisie krijgen gemeenten meer ruimte om lokaal af te wegen en normen (bijvoorbeeld voor geluid) in bepaalde gebieden in de gemeente te verruimen.
2.2 Het Omgevingsvisieproces tot nu toe Op 26-01-2021 stelde de gemeenteraad van Blaricum het programmaplan Implementatie Omgevingswet 2021-2023 “Verder Bouwen” vast. Het programmaplan bouwt voort op de eerste tranche, die in 2019 en 2020 grotendeels is afgerond. In het programmaplan worden verschillende vragen beschreven die de gemeenten Blaricum, Eemnes en Laren in het proces van het implementeren van de Omgevingswet willen invullen om recht te doen aan het gedachtegoed van de Omgevingswet. Deze vragen zijn: • • •
Wat wil/kan de gemeente loslaten en waar wil/moet de regie op worden gehouden? Welke werkwijze past bij de ambitie? Wil de gemeente gebruik maken van de nieuwe afwegingsruimte en op welke thema’s/gebieden/opgaven?
Ook hebben we in het programma verwoord hoe we als gemeente via omgevingsvisie, omgevingsplan en omgevingsvergunning overschakelen naar de Omgevingswet. Figuur 2.1 toont het te doorlopen stappenplan om te komen tot een omgevingsvisie. Het opstellen van de omgevingsvisie gebeurt in vier stappen. De eerste twee stappen zijn al gezet. Stap 1, de inventarisatie van regelgeving en beleid is in 2019 afgerond. Op 26 januari 2021 heeft de gemeenteraad de strategische visie voor Blaricum vastgesteld (stap 2, zie blauw kader op de volgende pagina). Bij de strategische visie hebben we de inwoners nadrukkelijk betrokken, evenals een vertegenwoordiging van verenigingen en samenwerkingspartners. Met de eerste twee stappen hebben we een goed overzicht van ons beleid op alle aspecten van de fysieke leefomgeving
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
De Strategische Visie Op 26 januari 2021 heeft de gemeenteraad de Strategische Visie Blaricum vastgesteld. De nieuwe strategische visie is een herijking van de visie ‘Blaricum, authentiek dorp in ‘t Gooi’ uit 2010. Het beeld dat inwoners van Blaricum anno 2020 hebben van het karakter en de identiteit van Blaricum, is vergeleken met 2010 op hoofdlijnen stabiel gebleven. De concrete invulling van kernwaarden en doelstellingen passen echter niet allemaal meer goed bij de huidige werkelijkheid en de visie op de nabije toekomst.
Figuur 2.1: Stappen van de Omgevingsvisie (“Verder Bouwen”; Programmaplan Implementatie Omgevingswet 2021, 2022 en 2023)
(dus wat we willen bereiken) en wat onze inwoners vinden van de staat waar het dorp in verkeert en welke wensen zij hebben voor de toekomst. Het opstellen van het contourendocument is stap 3. In het contourendocument wordt alle opgehaalde informatie uit stap 1 en 2 uitgewerkt tot thema’s, opgaven en strategische vraagstukken. Belangrijk onderdeel van deze stap is de Leefomgevingsfoto (LOF), die als bijlage aan het contourendocument is toegevoegd. Met de Leefomgevingsfoto voegen we op basis van objectieve gegevens uit herleidbare bronnen de huidige stand van zaken toe aan het overzicht van het beleid en de wensen van onze inwoners. De LOF laat zien hoe het vigerende beleid tot nu heeft uitgepakt én hoe reëel het beleid en de wensen van de inwoners voor de toekomst zijn. De LOF levert daarmee een antwoord op de vragen: doen we de juiste dingen (wat laten we liggen?) en doen we de dingen goed? In dit contourendocument hebben we zo de opgaven waar we aan moeten werken als we aan de wensen van inwoners en hogere overheden tegemoet willen komen concreet kunnen maken. Dit aangescherpte inzicht stelt ons in staat de kernvraagstukken voor de fysieke leefomgeving te bepalen, die centraal staan bij het opstellen van de omgevingsvisie.
De strategische visie is een belangrijke bouwsteen voor de omgevingsvisie. In de Strategische visie hebben we stilgestaan bij vragen als “Wat voor dorp is Blaricum?”, en “Wat vinden inwoners belangrijk om fijn te kunnen wonen en leven in Blaricum, nu en in de toekomst?”. De Omgevingsvisie gaat ook in op deze vraagstukken, maar altijd met een nadrukkelijke focus op de fysieke leefomgeving. De strategische visie zet in op zes ambities. De belangrijkste strategische richting is dat, naast het behoud van de kernwaarden, de blik gericht is op de toekomst. De bevolking van Blaricum kiest voor behoud van alles wat zij zo waardeert, koestert de natuur en de groene omgeving, maar is tegelijk een moderne open samenleving met levendige kernen, zorgzaam en vitaal en voor iedereen toegankelijk. Dit leidt tot de kernambitie van een vitale en verbonden samenleving. De overige ambities op het gebied van wonen, voorzieningen en bedrijvigheid, groen en openbare ruimte, verkeer en mobiliteit en duurzaamheid en klimaat zijn daaraan verbonden en gerelateerd. Onderstaande afbeelding laat de samenhang zien: Ambitie 1: Een vitale en verbonden samenleving Deze ambitie streeft naar het behoud van de dorpse cultuur in de gemeente Blaricum. Een samenleving waar inwoners oog voor elkaar hebben en elkaar weten in bijvoorbeeld het rijke verenigingsleven.
Voor behoud van een vitale samenleving zetten we in op behoud van de jongere generaties.
4
Ambitie 2: Een dorp voor alle generaties We streven naar behoud van het ruimtelijke, kleinschalige karakter van het dorp Blaricum. Daarnaast is onze ambitie dat iedereen (jong tot oud) hiervan kan genieten door voldoende, betaalbare en passende woningen voor alle leeftijdsgroepen. We zetten in op een hoge kwaliteit (gezond, groen, veilig en gezellig) van de woonomgeving in alle delen van de gemeente Blaricum. Ambitie 3: Levendige kernen met eigen identiteit We handhaven het hoge voorzieningenniveau op het vlak van winkels en horeca mogelijkheden gehandhaafd in Blaricum. Dagelijkse boodschappen kunnen in de eigen wijk gedaan worden door kleinschalige, creatieve oplossingen. Er zijn voldoende voorzieningen in de nabijheid aanwezig voor jong tot oud (scholen, ontmoetingsplekken voor ouderen). Daarnaast streven we naar voldoende, voor iedereen toegankelijke en betaalbare cultuur-, sport- en recreatievoorzieningen en mogelijkheden in de gemeente. Ambitie 4: Aantrekkelijke groene omgeving Het groene karakter van de gemeente Blaricum, zoals de natuur- en heide gebieden en weilanden, wordt zeer gewaardeerd. We zetten in op het in stand houden van het waardevolle open landschap en behoud van de landelijke, agrarische sfeer en uitstraling van de gemeente.
Ambitie 5: Veilig en duurzaam verbonden In 2030 zijn de verschillende kernen van de gemeente Blaricum goed met elkaar verbonden, onder andere door wandel- en fietsverbindingen. Het winkelgebied in het Dorp is autoluw geworden, hierdoor hebben fietsers en voetgangers meer ruimte. De parkeerruimte is voornamelijk georganiseerd aan de randen van het dorp. Ambitie 6: Klimaatbestendig en energieneutraal Onze zesde ambitie is om klimaatbestendig en energieneutraal te worden. Door klimaatverandering ontstaan er verschillende opgaven door extremer weer. Door in te zetten op landschappelijk groen kunnen we de risico’s die dit meebrengt verminderen. Daarnaast zetten we in op duurzaamheid om de aarde op een verantwoorde manier door te geven aan toekomstige generaties (energieneutraal en gasloos in 2050).
5
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
3. Contouren voor vorm en opzet Zoals in hoofdstuk 2 beschreven is het instrument omgevingsvisie vormvrij. In dit hoofdstuk formuleren we de contouren voor de vorm en opzet, waarbij we specifiek ingaan op de gebiedsgerichte aanpak van de omgevingsvisie.
3.1 Uitgangspunten
De vorm van een omgevingsvisie is volgens de wet overigens niet aan vaste regels gebonden, behalve dat het een digitaal raadpleegbaar document moet zijn. We hebben als gemeente dus de vrijheid het document op te stellen, zoals wij dat passend vinden. Hierbij gelden voor ons de volgende twee uitgangspunten voor de vorm van de omgevingsvisie: • •
De omgevingsvisie zal uitnodigend zijn: door het schetsen van het gewenste toekomstbeeld willen we bereiken dat de visie een inspiratiebron vormt voor nieuwe ideeën en initiatieven. De omgevingsvisie zal een compact, gebruiksvriendelijk en overzichtelijk document moeten zijn, met veel kaart- en ander beeldmateriaal.
• •
•
Het is een strategische visie, gericht op de lange termijn. De planhorizon van de visie is 2030, maar we maken ook een doorkijk naar 2050 (mede gezien de opgaven op gebied van klimaat en energie). De visie moet richting geven aan ‘ruimte voor ontwikkeling met behoud van kwaliteit’, met een goede balans tussen beschermen (omgevingswaarden), benutten (toekomstwaarden, incl. afwegingsruimte) en behoud. De visie gaat dus niet alleen over ontwikkeling maar ook over beheer. Het samenbrengen van verschillend beleid in één visie vraagt om het maken van keuzes. De omgevingsvisie brengt verschillende beleidsdoelen en belangen samen, die elkaar vaak versterken, maar soms ook onderlinge spanning opleveren. De visie gaat in op ambities en doelen en de rolverdeling tussen gemeente en haar partners. Onze verantwoordelijkheid voor het algemeen belang vraagt om een goede beschrijving van de rol(len) van en de samenwerking tussen gemeente en haar partners: waar staan wij voor aan de lat, en wat verwachten wij van onze inwoners, ondernemers en organisaties.
De Omgevingswet biedt geen sluitend overzicht van onderwerpen waarover in de omgevingsvisie uitwerking aan moet of kan worden gegeven. Wel is bepaald welke aspecten de fysieke leefomgeving in ieder geval omvat en welke activiteiten gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving. Aspecten waaruit de fysieke leefomgeving in ieder geval uit bestaat zijn bouwwerken, infrastructuur, water, watersystemen, bodem, lucht, landschappen, natuur, cultureel erfgoed. Activiteiten welke een impact kunnen hebben op de fysieke leefomgeving omvatten onder andere emissies naar water, bodem, en lucht en andere vormen van hinder en/of activiteiten met veiligheidsrisico’s. Wel is er een aantal zaken waar de omgevingsvisie in ieder geval aandacht aan moet besteden. In de afgelopen jaren hebben we met bestuurders, raadsleden en de ambtelijke organisatie uitgebreid gesproken over de opzet en reikwijdte van de omgevingsvisie. Uit dit proces volgen de volgende uitgangspunten voor de opzet van de omgevingsvisie:
6
•
• •
De omgevingsvisie is een integrale visie voor de gehele leefomgeving (en het hele grondgebied van de gemeente). De visie moet samenhangend zijn: een integraal document over de leefomgeving, waarbij we ook de verbinding zoeken met het economische en sociale domein. Nieuwe (integrale) uitdagingen zorgen ervoor dat we beleid veel meer in samenhang moeten gaan ontwikkelen. Vanuit de ambitie “pragmatisch onderscheidend bouwen we voort op bestaande actuele beleidskaders, staan we open voor verbetering en vereenvoudiging van beleid en voeren we veranderingen gefaseerd door. Door het maken van richtinggevende keuzes en prioritering, geeft de omgevingsvisie een duidelijke koers aan welke kwaliteiten we willen behouden en welke ontwikkelruimte we willen bieden. Dit kan per deelgebied verschillen, vandaar ook dat we kiezen voor een gebiedsgerichte aanpak. Met een gebiedsgerichte indeling vormt de visie een goede basis voor de verdere vertaling naar het omgevingsplan. Bij de uitwerking is er een relatie met het digitaal stelsel omgevingswet (DSO) over de wijze van verbeelden van de omgevingsvisie en het vastleggen van informatie. De omgevingsvisie wordt onderdeel van de beleidscyclus. De visie is dynamisch van karakter: we kiezen voor periodieke monitoring en evaluatie.
De omgevingsvisie is een toetsingskader voor toekomstige ontwikkelingen en de basis voor op te stellen omgevingsprogramma’s en omgevingsplan. Het is een middel voor het gemeentebestuur om haar ambities, opgaven en doelstellingen voor de langere termijn vast te leggen en zichtbaar te maken. De omgevingsvisie wordt hiermee een belangrijk sturingsinstrument voor de uitvoering.
3.2 Gebiedsgerichte aanpak De Omgevingsvisie Blaricum wordt met een gebiedsgerichte aanpak vormgegeven. Zo geven we invulling aan het integrale beleid voor de fysieke leefomgeving. Deze aanpak biedt de mogelijkheid om vanuit kwaliteiten en opgaven in gebieden naar de toekomst te kijken en de belangrijkste kansen en ambities voor de fysieke leefomgeving te benoemen. Door de gebieden centraal te stellen benut Blaricum de kansen die de Omgevingswet biedt om meer maatwerk per gebied te leveren. Dit doen wij door samen met onze inwoners en partners de kaders per gebied vast te stellen.
7
Figuur 3.1: In het contourendocument gehanteerde deelgebieden. Bij nadere totstandkoming van de omgevingsvisie kan een andere indeling gehanteerd worden
Per gebied geven we de actuele en relevante thema’s (beleidsvelden), de waarden van een gebied en de van toepassing zijnde ambities aan. Dit zijn de kaders voor toekomstige ontwikkelingen in dat gebied. Een initiatiefnemer wordt zo uitgenodigd om haar project binnen de kaders vorm te geven. Past een initiatief binnen de kaders en levert het een bijdrage aan (het behouden/ versterken van) de waarden en de ambities in het gebied of het oplossen van de ruimtelijke vraagstukken (dilemma’s), dan kan de initiatiefnemer rekenen op een positieve houding van de gemeente. Zo geven we optimaal vorm aan uitnodigingsplanologie en de nieuwe rol van de overheid in het tot stand komen van projecten. Niet altijd als regisseur, maar ook als partner of enkel faciliterend.
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
In het contourendocument onderscheiden we drie deelgebieden: het Oude Dorp, de woongebieden en het buitengebied. De thema’s en waarden zijn per deelgebied verwoord. Bij het opstellen van de omgevingsvisie kan ervoor gekozen worden om de gebiedsindeling te wijzigen of verder te verfijnen, als daar vanuit de participatie of de inhoudelijke uitwerking aanleiding voor is. Het Oude Dorp Het Oude Dorp kent een groen en historisch karakter. Het deelgebied wordt gekenmerkt door oude boerderijen gelegen aan klinkerweggetjes. De monumentale gebouwen en bomen dragen bij aan het historische karakter van dit deelgebied. Het deelgebied wordt gekarakteriseerd door veel groene elementen, zoals hagen en bomen. De dorpskern is van rijkswege een beschermd dorpsgezicht. In het dorp zijn een kleinschalig centrum en twee basisscholen aanwezig.
Buitengebied Het buitengebied van de gemeente Blaricum wordt in beperkte mate gebruikt voor agrarische functies. Het overgrote deel betreft natuurgebieden. Het merendeel van het buitengebied is in eigendom van de stichting het Goois Natuurreservaat (GNR) of de Agrarische stichting Blaricum. Het buitengebied omvat ook delen van het Gooi- en Eemmeer met aanliggende gebieden. In het noordoosten van de gemeente Blaricum ligt de Kampen, dat wordt ingericht als een vogel broed- en rustgebied.
Woongebieden De woongebieden in de gemeente Blaricum kennen een divers karakter. De Bijvanck is een wijk die gerealiseerd werd in de jaren ‘70. Het betreft een bloemkoolwijk, een wijk met een diffuus stratenpatroon en veel woonerven. De Bijvanck heeft een centrumgebied en er zijn (in hetzelfde gebouw) twee basisscholen in de wijk gelegen. Tussen de Bijvanck en de andere woongebieden liggen groen, natuur- en agrarische gebieden. De Blaricummermeent is een recente uitbreidingswijk in de gemeente Blaricum. Tussen de woonwijk en de A27 in is BusinessPark27, een bedrijventerrein, gelegen. De wijk is gelegen in het noorden van de gemeente, tussen het Oude dorp en het Gooimeer. Het villagebied rondom het oude dorp en het gebied Crailo worden gekenmerkt door grote villa’s op ruime percelen in de bosomgeving in de gemeente Blaricum.
8
4. Contouren voor de inhoud In dit hoofdstuk beschrijven we de opgaven en strategische keuzes voor de fysieke leefomgeving die in de toekomst richting geven aan de ontwikkeling van onze gemeente. Dit overzicht is het resultaat van een grondige analyse van de stand van zaken op de verschillende beleidsvelden (zie hiervoor de Leefomgevingsfoto in bijlage 1), werksessies met de ambtelijke organisatie, gesprekken met bestuurders en een bijeenkomst met de gemeenteraden over de kernvraagstukken voor de fysieke leefomgeving van Blaricum. Deze analyse heeft geleid tot zeven strategische keuzes die de basis voor het gesprek over de inhoud van de omgevingsvisie voor Blaricum vormen (paragraaf 4.1). Het uitgebreide overzicht met opgaven vindt u in paragraaf 4.2.
•
Hoe zien we de (economische) toekomst van het “agrarische” buitengebied? De agrarische sector is in transitie. De transitie in de agrarische sector biedt kansen door nieuwe verdienmodellen en bedreigingen door het verdwijnen van bestaande verdienmodellen. Welke keuzes moeten we maken om de nieuwe agrarische verdienmodellen voor het buitengebied te stimuleren, die passen bij het karakter van Blaricum en het karakteristieke landschap in stand houden?
•
Hoe gaan we om met het dilemma tussen natuurbehoud en -gebruik, in het bijzonder recreatief gebruik van de waardevolle natuurgebieden rondom Blaricum? De gemeente Blaricum telt verschillende natuurgebieden, zoals de Blaricummerheide (onder deel van het Goois Natuurreservaat) en het Eemmeer. Deze gebieden bieden ruimte aan zowel natuur als recreatie. Natuurwaarden in heel Nederland staan onder druk. De heidegebieden hebben te maken met de impact van stikstofbelasting. Ook de toenemende recreatiedruk op de natuurgebieden, onder andere vanuit steden (zoals Amsterdam) in de nabijheid van de gemeente Blaricum, kan natuurwaarden negatief beïnvloeden. Een kernvraagstuk is hoe ruimtevragende ontwikkelingen en de toenemende recreatiebehoefte enerzijds en de natuurwaarden anderzijds gecombineerd kunnen worden. Het strandje aan het Gooimeer is één van de plekken waar dit vraagstuk naar voren komt. Recreatie op het strand leidt tot overlast en hinder, bijvoorbeeld doordat recreanten hun afval achterlaten. Ook heeft het Gooimeer te maken met een sterke aanwezigheid van fonteinkruid. Dit leidt tot overlast voor recreanten (recreatievaart e.d.).
•
Hoe krijgen we de warmtetransitie in de bebouwde omgeving voor elkaar met een woningvoorraad van overwegend relatief oude, grote woningen? De huizenvoorraad in de gemeente Blaricum, voornamelijk in het Oude Dorp en de villagebieden, kenmerkt zich door relatief oude, grote huizen; oude boerderijen en dorpswoningen. In de huidige situatie zijn voor deze huizen grote ingrepen nodig om de warmtetransitie te realiseren. We zullen moeten kiezen welke strategische we kiezen, bijvoorbeeld een individuele aanpak (per woning)
4.1 De strategische vraagstukken van Blaricum De inwoners van Blaricum waarderen de huidige situatie hoog: het aansprekende dorpse, kleinschalige karakter, de gemeenschapszin, de levendigheid en het aantrekkelijke “groene en blauwe landschap”. Er zijn echter ook opgaven die om antwoorden vragen, zoals wonen voor doelgroepen, klimaatadaptatie, energietransitie en bereikbaarheid. Als hoofdthema van de Blaricumse omgevingsvisie zien we de afweging tussen behoud en ontwikkeling. Over de volgende ruimtelijke vraagstukken in de fysieke leefomgeving gaan we een keuze maken in de omgevingsvisie: •
9
Hoe kunnen we knelpunten in het “Oude Dorp” oplossen met behoud van het waardevolle karakter? Het karakter van het Oude Dorp wordt hoog gewaardeerd. Dit karakter wordt getypeerd door een dorpse uitstraling, monumentale architectuur en kleinschaligheid. Daarnaast is er veel groen aanwezig in het straatbeeld. Er zijn ook knelpunten voor het Oude Dorp, zoals parkeren, bereikbaarheid, hittestress, verduurzaming, de wens voor sociale woningen, voorzieningenniveau en groen. Dit kernvraagstuk concentreert zich op het maken van keuzes zodat het Oude Dorp haar kenmerkende kwaliteiten kan behouden, terwijl de grote opgaven en ontwikkelingen ook een plek kunnen krijgen in de beschikbare ruimte.
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
of inzet op collectieve oplossingen (zoals een warmtenet). Aandachtspunt bij deze afweging is de impact van de warmtetransitie op de ruimtelijke karakteristiek (de huizen en het groen) van Blaricum. •
Waar vinden we ruimte voor passende woningen voor doelgroepen zoals ouderen en starters? En in welke mate willen we hiervoor ruimte bieden? De woningvoorraad in Blaricum is door de huizenprijzen moeilijk bereikbaar voor starters. Daarnaast heeft de gemeente Blaricum te maken met een vergrijzende bevolking. Hierdoor groeit de behoefte aan levensloopbestendige woningen. De gemeente Blaricum heeft nauwelijks ruimte om verder te groeien, mede doordat de heidegebieden, de weilanden en de engen van wezenlijke cultuurhistorische en natuurlijke waarde zijn en geen ruimte bieden voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het kernvraagstuk is in welke mate en op welke manier ruimte we ruimte bieden aan gerichte woningbouw in de gemeente Blaricum.
•
Hoe zorgen we voor een meer duurzame vorm van ons mobiliteitssysteem? Het inzetten op duurzame mobiliteit biedt de mogelijkheid om de luchtvervuiling en geluidsoverlast door voertuigen te verminderen. In Blaricum is het aantal elektrische voertuigen hoger dan gemiddeld. Kern van dit vraagstuk is de organisatie van de verdere verduurzaming van het mobiliteitssysteem, zoals het verder uitrollen van de laadinfrastructuur in de gemeente Blaricum en de uitbouw van Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV)-lijn die in januari 2022 van start gaat.
•
Hoe zorgen we op de lange termijn voor een voorzieningenniveau dat aansluit bij de behoefte? De gemeente Blaricum vergrijst. Het aantal 65+-ers zal stijgen van 2.100 in 2012 naar 3.400 in 2040, een stijging van 62 procent. Met de ontwikkeling van de Blaricummermeent en verschuivingen in de bevolkingssamenstelling verwachten we in de toekomst een verschuiving in de behoefte aan onderwijs. Voorzieningen die onze aandacht hebben zijn onderwijs en voorzieningen als de Blaercom en de Malbak. Dit vraagstuk richt zich op de keuzes die nodig zijn om op de lange termijn een voorzieningenaanbod te behouden dat aansluit bij de wensen van de inwoners van Blaricum.
•
Hoe krijgen we beter grip op het water in ons dorp? In het licht van klimaatverandering wordt onze gemeente geconfronteerd met verschillende uitdagingen op het vlak van de waterhuishouding. De verwachting is dat de huidige diepe grondwaterstand in onze gemeente verder zal dalen. Dit kan tot droogte leiden in de zomerperiode. Verder kan wateroverlast optreden door zware regenval. De verwachting is dat neerslagextremen vaker zullen voorkomen en heviger zullen zijn. Om onze gemeente hier klaar voor te maken zullen we de fysieke ruimte ingrijpend aan moeten pakken. Hieronder vallen maatregelen die de bufferende werking van onze gemeente vergroten (denk aan de aanpak van de Gooiergracht), maatregelen op private terreinen en het tegengaan van verstening.
10
4.2 De opgaven van Blaricum In deze paragraaf gaan we nader in op de inhoudelijke opgaven. De opgaven vormen een inhoudelijke uitwerking van de strategische keuzes en komen voort uit zowel informatie uit de analyse van de Leefomgevingsfoto over de huidige staat van Blaricum en trends die verwacht worden naar de toekomst toe, als de onderliggende beleidsdocumenten. De opgaven staan op volgorde van de thema’s uit de Leefomgevingsfoto. Bij de opgaven is aangegeven op welk deelgebied ze van toepassing zijn.
Gezondheid en welzijn 1. Wegverkeerslawaai lokale wegen De lokale wegen bestaan voornamelijk uit smalle klinkerwegen. De klinkerwegen dragen bij aan het eigen, authentieke karakter van de dorpskern, maar veroorzaken ook geluidshinder. Het streven is om de geluidsoverlast niet te laten verergeren. Geldt in deelgebied: Oude Dorp en Woongebied 2. Geluid en luchtkwaliteit van de A27 is een issue De A27 heeft negatieve effecten op gezondheidsaspecten als luchtkwaliteit, geluidhinder en geur. Het aanpakken van de geluidoverlast van de A27 is een wens in de Strategische visie Blaricum. De analyse van de Leefomgevingsfoto toont een verbetering van de geluidssituatie ten opzichte van 2011. Knelpunten zijn er vooral in Bijvanck. De geluidshinder is op hier slecht tot matig. Op het vlak van luchtkwaliteit zijn waarden PM10 en NO2 verhoogd langs de A27. De verwachting is dat de luchtkwaliteit zal verbeteren door schonere mobiliteit. De opgave voor de komende tien jaar is om verergering van de geluidsoverlast te voorkomen. Geldt in deelgebied: Woongebied
11
Veiligheid
3. Inbraak en sociale controle Het aantal inbraken in de gemeente is relatief hoog (“er is wat te halen in Blaricum”). Zo ligt het aantal auto-inbraken hoog. Het hoge aantal inbraken heeft mede te maken met de grote hoeveelheid van elkaar geïsoleerde villa’s. Criminelen wanen zich onzichtbaar. Sinds 2015 daalt het aantal woninginbraken. Uit het Integraal Veiligheidsplan 2019-2022 blijkt dat inwoners zich veilig voelen, doordat de samenwerking met veiligheidspartners is verstevigd en gezocht wordt naar effectieve interventies. De beleidsmatige aanpak is integraal en wijkgericht. Geldt in deelgebied: Woongebied
Wonen en voorzieningen 4. Meer betaalbare woningen voor doelgroepen (starters, lage en midden inkomens) Het woningaanbod in Blaricum staat onder druk. Uit de Leefomgevingsfoto blijkt dat de huizenmarkt heeft te maken met stijgende prijzen en een verminderend aantal te koop aangeboden woningen. De gemiddelde vraagprijs voor een woning lag in 2020 op 1,4 miljoen euro. Het aantal sociale huurwoningen in onze gemeente ligt lager dan in de rest van Nederland; is 8,3 procent van de woningvoorraad is sociale huur (landelijk is dat 13,3%). Blaricum is daardoor lastig bereikbaar voor lage en middeninkomens en specifieke doelgroepen. De strategische visie van Blaricum heeft als speerpunt om te zorgen voldoende passende woningen voor Blaricumse starters en senioren. In de woonvisie worden drie doelgroepen uitgelicht: • de laagste inkomensgroep (slagingskans op een sociale huurwoning moet minimaal gelijk blijven); • Balans in de woningmarkt voor middengroepen en mensen met lage inkomens;
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
•
Het aanbod geschikte en betaalbare woningen voor ouderen uitbreiden. Voor de omgevingsvisie geldt als opgave dat de voorraad sociale huurwoningen minimaal gelijk moet blijven, maar het liefst toeneemt. Daarnaast is er de opgave om door een passend woningaanbod voor jongeren en ouderen doorstroming te creëren. Door vergrijzing groeit de behoefte aan duurzame (voor ouderen) geschikte huisvesting. De ambitie van de regio Gooi en Vechtstreek is de realisatie van 11.500 nieuwbouwwoningen waarvan 1/3e betaalbaar tot 2040. Daarnaast wordt er gestreefd naar de ontwikkeling van 1.500 woningen in het (lage) middenhuursegment. De grootste opgave ligt tot 2030 met circa 950 woningen per jaar. Geldt in deelgebied: Oude Dorp en Woongebied 5. Invloed van vergrijzing: wonen en zorg Blaricum vergrijst. Uit de Leefomgevingsfoto blijkt dat de demografische druk in Blaricum is toegenomen tot 97,4: per 100 personen van 20 tot 65 jaar wonen 97,4 personen van 65 jaar of ouder óf 20 en jonger. Het aantal 65+-ers zal stijgen van 2.100 in 2012 naar 3.400 in 2040, een stijging van 62 procent. De vraag naar woonvormen die gecombineerd kunnen worden met zorgvoorzieningen zal toenemen. Het is een opgave om de voorzieningen om ouderen in de gemeente passende zorg te bieden te ontwikkelen. Belangrijk is om de juiste partijen bij elkaar te brengen en de juiste voorzieningen voldoende te kunnen leveren.
Zo zijn nu niet de juiste voorzieningen aanwezig om thuiszorg te faciliteren. Er zijn nog geen oplossingsrichtingen voor ogen. Geldt in deelgebied: Oude Dorp en Woongebied
6. Evenementen zijn belangrijke ontmoetingsmomenten Georganiseerde evenementen en tradities, zoals de Dag van het Werckpaert, de Kermis en het Sinterklaasfeest, kenmerken de dorpse sfeer van Blaricum. Behoud van evenementen is van belang voor het behoud van leefbaarheid in de gemeente Blaricum. De opgave is om een goede balans te vinden tussen evenementen en rust. Overlast (geluid, drukte door bezoekers van buiten de regio) willen we zoveel mogelijk beperken. Geldt in deelgebied: Oude Dorp, Woongebied en Buitengebied
Natuurlijke leefomgeving 7. Biodiversiteitsverlies en verbinding natuurgebieden Rondom Blaricum bevinden zich natuurgebieden, die deels doorsneden worden door de snelwegen. Daarom zijn er natuurcorridors gepland of aangelegd. De heidegebieden in Blaricum hebben te maken met vergrassing (o.a. door pijpenstrootje) door stikstofbelasting. De gemeente Blaricum verleent haar medewerking aan het realiseren van natuurcorridors, bijvoorbeeld door het houden van ‘ruimtelijke reserveringen’. De gemeente Blaricum bestaat voor een groot deel uit Natuur Netwerk Nederland (NNN). De polder de Kampen wordt ontwikkeld tot hoogwaardig weidevogelgrasland. Het Eemmeer is naast NNN-gebied ook Natura-2000 (vogelrichtlijn) gebied. Het meer is sterk geëutrofieerd. Door verbetering van de waterkwaliteit in recente jaren is het aantal waterplanten en mosselen toegenomen. De Strategische visie benoemt de impact van klimaatverandering op biodiversiteitsverlies en natuur als een risico waarop ingespeeld moet worden door maatregelen om het groene karakter te behouden (zoals groene daken en herplantplicht). Geldt in deelgebied: Buitengebied
12
8. Impact klimaatverandering: hittestress Blaricum heeft te maken met verstening, met name in het Oude Dorp en op locaties in de Bijvanck. Dit heeft een impact op het stedelijk hitte-eiland effect. Het stedelijk hitte-eiland is nog relatief beperkt. In het stedelijk gebied loopt het verschil met de feitelijke buitentemperatuur op tot 0,6 tot 1 graden Celsius. Met de verandering van het klimaat zullen de risico’s toenemen. Beleidsmatig zetten we in op het terugdringen van de mate van verstening, onder andere door het beïnvloeden van particulieren om privéterreinen klimaatadaptiever te maken en het aanpakken van overlastlocaties. Geldt in deelgebied: Oude Dorp en Woongebied
Ruimtelijke kwaliteit 9. Behoud ‘dorpse’ karakter: verenigingsleven en sociale cohesie. Blaricum heeft een eigen karakter, zowel door haar fysieke uitstraling als het sociale leven. In de strategische visie Blaricum wordt het fysieke karakter beschreven als een kleinschalige, groene leefomgeving met landelijke uitstraling. Het sociale karakter wordt omschreven als een hechte dorpsgemeenschap. Er bestaan verschillende uitdagingen. In de nota sport, bewegen en meedoen BEL 2018-2030 wordt geconstateerd dat enkele sportverenigingen te maken hebben met een dalend ledenaantal en teruglopende vrijwilligersaantallen. De opgave bestaat uit het behouden en versterken van de sociale en culturele eigenheden en de fysieke kenmerken (groene karakter, cultureel erfgoed). Geldt in deelgebied: Oude Dorp en Woongebied
13
10. Grote villa’s in tegenstelling tot het kleinschalig karakter In het woongebied van Blaricum staan grote villa’s. Kleine villa’s worden vervangen door grote villa’s. Dit leidt tot een afname in (privaat) groen in de gemeente. In de strategische visie Blaricum wordt benoemd dat grote villa’s met een eenzijdige architectuur niet passen bij het karakter van Blaricum. Het behouden van het kleinschalige karakter van Blaricum is een opgave waar een visie op ontwikkeld moet worden. Geldt in deelgebied: Woongebied
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
11. Perspectief voor het behoud van het ‘agrarische karakter’ De strategische visie Blaricum benoemt als ambitie een aantrekkelijke groene omgeving. Hierbij hoort de agrarische sfeer die de gemeente Blaricum uitstraalt. Het agrarische karakter van de gemeente wordt met name bepaald door de aanwezige agrarische bebouwing en de uitstraling van de agrarische gronden. De groeiende paardensector draagt bij aan de agrarische uitstraling van de gemeente, maar het is belangrijk om diversiteit te behouden. Om het agrarische karakter te behouden is de opgave om in te spelen op de veranderingen in de agrarische sector, zoals duurzame productie en de verkoop via korte ketens. Essentieel is het behoud van de karakteristieken van Blaricum: het cultureel erfgoed, het groene en agrarische karakter, de heide, de Enghen, de Kampen en de kenmerkende bebouwing. Geldt in deelgebied: Buitengebied
Bodem, water en ondergrond 12. Impact klimaatverandering: wateroverlast In Blaricum zijn wijken steeds meer versteend. In de Bijvanck en de Blaricummermeent zijn kavels en tuinen versteend geraakt, terwijl het Oude Dorp te maken heeft met verstening door inbreiding. Verstening leidt tot risico’s voor afvoer van hemelwater. In de strategische visie is de ambitie voor klimaatbestendigheid en energieneutraliteit opgenomen. Daarbinnen streven we naar behoud van natuur en landschap in het licht van klimaatverandering. Beleidsmatig zetten we in op het terugdringen van de mate van verstening, het aanpakken van overlastlocaties en het afkoppelen van hemelwater bij reconstructies, zoals herinrichting van wegen. Voor een substantieel gedeelte is dit een opgave waar de inzet van particulieren (op hun eigen terrein) een belangrijke rol kan spelen. We zetten als gemeente dus in op het stimuleren van particulieren, bijvoorbeeld om versteende
tuinen te vergroenen. De mate waarin een restopgave bestaat is afhankelijk van de mate waarin inwoners actie ondernemen. Geldt in deelgebied: Oude Dorp en Woongebied 13. Impact klimaatverandering: Verdroging Delen van de gemeente hebben te maken met een diepe grondwaterstand in de zomer. In gebieden met diepe grondwaterstanden is de verwachting dat de grondwaterstanden onder de invloed van klimaatverandering zullen zakken. Dat betekent dat in deze gebieden droogte een risico vormt. Het inzetten op klimaatbestendigheid, zoals o.a. opgenomen in de strategische visie, biedt de mogelijkheid om aan te passen aan het veranderende klimaat. Zo worden maatregelen genomen om hemelwater af te koppelen en risico’s te beperken. Door het grote aandeel privaat gebied in Blaricum is de mate waarin de buitenruimte klimaatadaptief wordt ingericht voor een groot deel afhankelijk van inzet van inwoners. Geldt in deelgebied: Oude Dorp, Woongebied en Buitengebied
14
14. Waterkwaliteit heeft een negatieve impact op waterrecreatie In het water van het Gooi- en Eemmeer bevindt zich woekerend fonteinkruid. Dit heeft een negatieve impact op de waterrecreatie (zwemmen, vissen, pleziervaart). Het onderzoeksrapport “Waterplantenoverlast Gooi- en Eemmeer” onderschrijft deze conclusie. Uit de watersysteemanalyse volgt de aanbeveling tot herinrichting van de meren. Voor het oppakken van deze opgave zoeken we samenwerking met andere gemeenten in de coöperatie Gastvrije Randmeren. Geldt in deelgebied: Buitengebied
Duurzaamheid 15. Energiebesparing komt niet goed van de grond Verduurzaming van de private woningvoorraad is essentieel maar komt moeizaam van de grond. Beleidsmatige doelstellingen om duurzamer te worden zijn opgenomen in het Programma Duurzaam Blaricum 2018-2022, zoals jaarlijks 1,5 procent besparing op het energieverbruik en het doel om in 2022 zestien procent van de gebruikte energie duurzaam op te wekken. Uit de Leefomgevingsfoto blijkt dat nog grote stappen nodig zijn: het energieverbruik blijft stabiel hoog en het aandeel duurzame energie ligt onder de doelstelling. De strategische visie Blaricum bevat de ambitie om energieneutraal en gasloos te zijn in 2050. De ambities op het vlak van energie(neutraliteit) en het relatief grote aandeel grote, oude huizen in de gemeente Blaricum betekenen dat het kostenefficiënt organiseren van de warmtetransitie in Blaricum een grote opgave is. Geldt in deelgebied: Oude Dorp en Woongebied
15
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
Mobiliteit
16. Parkeerdruk in het Oude Dorp Door de beperkte ruimte in het oude dorp wordt op ongewenste plaatsen geparkeerd, zoals in de bermen. Ruimte creëren voor parkeergelegenheid kan ten koste gaan van de karakteristiek van het centrum. De strategische visie Blaricum beoogt in 2030 een minder prominente plek voor de auto in het centrum en dat voorzieningen voor lang parkeren zich meer concentreren aan de randen van het dorp. De parkeerdruk oplossen is een opgave. Geldt in deelgebied: Oude Dorp 17. Toegankelijkheid voor langzaam verkeer en hulpdiensten Langzaam verkeer en hulpdiensten hebben problemen met door de smalle klinkerstraten met drempels te manoeuvreren. Hierdoor vormen op sommige locaties in het Oude Dorp een knelpunt. Het versterken van fysieke verkeersveilige verbindingen is een opgave. Geldt in deelgebied: Oude Dorp en Woongebied In de kaart zijn de opgaven per deelgebied weergegeven.
Figuur 4.1: Overzicht opgaven gemeente Blaricum
16
5. Contouren voor proces en participatie In de voorgaande hoofdstukken zijn de contouren geschetst voor de omgevingsvisie op het vlak van de vorm en de inhoud. Dit hoofdstuk gaat in op de contouren voor het participatieproces bij het opstellen van de omgevingsvisie.
5.1 Participatiestrategie
Het doel van het participatietraject is het op integrale en uitnodigende wijze vastleggen van een visie op de gewenste ontwikkeling en kwaliteit van de leefomgeving. Het betrekken van verschillende stakeholders in de gemeente Blaricum, zoals bewoners, organisaties of ondernemers heeft een belangrijke rol in het proces van het opstellen van de omgevingsvisie. Hierdoor wordt de omgevingsvisie een visie van de hele gemeente. Door het betrekken van de verschillende stakeholders op de onderwerpen die op hun betrekking hebben. In 2019 hebben we de Nota Inwonersparticipatie Blaricum opgesteld met daarin verschillende uitgangspunten voor participatie. Hieronder lichten we deze uitgangspunten kort toe: •
• • • •
• •
Algemeen belang: De gemeente is hoeder van het algemeen belang. Dit betekent dat ook de belangen van partijen die niet om de tafel zitten meegenomen dienen te worden in de totale afweging, Afweging capaciteit: De inzet van capaciteit voor participatietrajecten dient afgewogen te worden tegen andere werkzaamheden. De ambtelijke organisatie moet voldoende middelen en personele capaciteit inplannen om participatie mogelijk te maken.
In de Nota inwonersparticipatie (2019) werken we met een participatieladder als leidraad voor participatie. Hierbinnen passen verschillende rollen voor participanten en bestuur. In de verschillende fasen van het proces kunnen stakeholders verschillende rollen hebben. Toeschouwer zijn is de minimale rol die stakeholders hebben in het proces. Deze rol betekent dat de stakeholders geïnformeerd worden en de gemeente luistert en antwoord geeft op gerichte vragen.
Kaders stellen: Voorafgaand aan het participatieproces dienen kaders opgesteld te worden. Deze kaders moeten gedeeld worden met de ambtelijke organisatie. Het opstellen van de kaders is de verantwoordelijkheid van de raad, maar kan ook worden gedelegeerd aan het college. Duidelijkheid: Het moet duidelijk gecommuniceerd worden naar alle betrokkenen vooraf en tijdens het proces hoe het proces wordt ingedeeld; wat de rolverdeling, het mandaat en de kaders zijn. Transparant proces: Verslaglegging en terugkoppeling zijn belangrijk. Verslagen dienen voor iedereen beschikbaar te zijn, ook voor mensen die niet direct betrokken waren bij het proces. Maatwerk: Ieder onderwerp heeft een eigen aanpak nodig. Daarom moet voor ieder onderwerp bekeken worden óf het onderwerp geschikt is voor participatie en welke kaders, rolverdeling en afspraken van toepassing zijn. Instrumentarium: Het communicatiemiddel dat gekozen wordt moet passen bij de scope van het onderwerp.
17
Figuur 5.1: Participatieladder (Nota inwonersparticipatie Blaricum, 25 februari 2019)
CONTOURENDOCUMENT OMGEVINGSVISIE
5.3 Contouren voor proces en participatie in de Omgevingsvisie Tijdens het omgevingsvisietraject is het belangrijk dat iedere stakeholder minimaal de rol van toeschouwer in kan nemen. Daarnaast kunnen stakeholders op momenten in het proces voor het opstellen van de Omgevingsvisie aan grotere rol innemen. Deze rol kan variëren van adviseur eind- of beginspraak waar stakeholders advies kunnen geven over bepaalde thema’s tot medebeslisser. Als medebeslisser kunnen stakeholders binnen de kaders die de gemeente stelt zelf beslissen. De gemeente Blaricum heeft in de startnotitie al verschillende punten benoemd die direct terug gaan op de manier waarop participatie een plek krijgt in het proces voor de omgevingsvisie. Eén van de belangrijkste kenmerken van een omgevingsvisie volgens de Omgevingswet is dat ingegaan wordt op de rolverdeling tussen de gemeente en haar partners. De gemeente is uiteindelijk de hoeder van het algemeen belang. Voor de omgevingsvisie is het daarom van belang om de rollen van de gemeente en haar partners duidelijk te definiëren.
De belangrijkste uitgangspunten voor communicatie en participatie zijn: • •
•
We passen de uitgangspunten voor communicatie en participatie uit de Nota Inwonersparticipatie Blaricum (2019) toe bij de inrichting van het participatieproces voor de omgevingsvisie. Van de COVID-19 periode hebben we geleerd dat online participatie (zoals online discussieplatforms en social media polls) ook mogelijkheden biedt om participatie vorm te geven. Met een goede combinatie van online en fysieke participatie kunnen nog meer inwoners betrokken worden bij het omgevingsvisieproces. Door heldere communicatie over de rol van stakeholders in het proces werken we aan helderheid over de punten waarop stakeholders kunnen meebeslissen. Door verwachtingsmanagement voorkomen we teleurstelling binnen het proces.
5.2 Wat hebben we al gedaan?
Inwonerparticipatie voor de omgevingsvisie heeft plaatsgevonden in stap 2, het opstellen van de strategische visie voor Blaricum. Ondanks de belemmeringen vanwege COVID-19 is de herijking van de visie op interactieve wijze tot stand gekomen. Onder alle huishoudens van Blaricum is een ansichtkaart verstuurd, met het verzoek deze ingevuld te retourneren, voorzien van hun wensen voor samenleven in de toekomst in Blaricum. Daarnaast hadden mensen de mogelijkheid om de vragenlijst online in te vullen of had een gezinslid of huisgenoot de mogelijkheid om de vragen apart te beantwoorden. Bijna 12% van alle huishoudens (621 reacties) hebben input geleverd voor de strategische visie, een mooi resultaat. Ook is een interactieve verdiepende sessie met het maatschappelijk middenveld (o.a. ondernemers, organisaties en verenigingen) georganiseerd voor verdere duiding van de inventarisatie en om meer verdieping en focus in de ambities te bewerkstelligen.
18
Colofon
Auteurs: Johan van de Heijning Carlien van Dam Peter Verhoeven Opdrachtgever Gemeente Blaricum Kerklaan 16 1261 JB BLARICUM