Benoeming wethouder rvs2021
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Onderwerp Raadsvergadering d.d. Behandeling in RTG d.d. Portefeuillehouder Voorbereid door
De gemeenteraad van Blaricum : : : : :
Benoeming en beëdiging wethouder 9 maart 2021 n.v.t. mw. J.N. de Zwart-Bloch T. D. de Jong, griffier
Onderwerp Benoeming en beëdiging wethouder. Geheim of openbaar Openbaar. Besluiten 1.Mevrouw M.S.M. Klingenberg met ingang van heden te benoemen tot wethouder van de gemeente Blaricum met een bezoldiging op basis van 0,8 Fte tijdsbesteding; 2.Op grond van artikel 36a, lid 2, van de gemeentewet, voor de duur van een jaar ontheffing te verlenen van het vereiste van ingezetenschap. Inleiding Mevrouw E.J.M. Boersen-de Jong, wethouder in het college van burgemeester en wethouders van Blaricum namens de fractie de Blaricumse Partij, heeft in de raadsvergadering van 16 februari 2021 kenbaar gemaakt per onmiddellijke ingang ontslag te nemen en haar functie neer te leggen. Hierdoor is een vacature ontstaan die opnieuw dient te worden vervuld. De fractie de Blaricumse Partij heeft aangegeven mevrouw M.S.M. Klingenberg voor te dragen voor deze functie. Mevrouw Klingenberg woont in de buurgemeente Laren en was in het verleden werkzaam als wethouder voor deze gemeente. Doel Benoeming van een nieuwe wethouder voor het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Blaricum. Toelichting besluit In hoofdstuk III van de gemeentewet wordt een aantal vereisten voor het wethouderschap beschreven.
Deze vereisten dienen op grond van artikel 6 van het ’Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Blaricum 2015’ te worden getoetst door een uit uw midden in te stellen commissie van drie raadsleden. De commissie onderzoekt aan de hand van de overlegde geloofsbrieven of de benoeming niet in strijd is met artikel 36b van de Gemeentewet (de openbare betrekkingen) en of eventuele nevenfuncties conflicteren met het wethouderschap. De burgemeester heeft geoordeeld dat in dit geval (laatste jaar van de collegeperiode en oud wethouder van Laren) geen apart integriteitsscan door een extern bureau nodig is. Wel heeft zij met de beoogd wethouder hierover aan de hand van de integriteitshandreiking van de VNG dit gesprek gehad. Uit dit gesprek zijn geen aandachtspunten naar voren gekomen. Artikel 36a, lid 1, van de Gemeentewet, vereist dat een wethouder ingezetene moet zijn van de gemeente. Op grond van lid 2 van het genoemde artikel kan ontheffing van deze vereiste worden pagina 1 van 2
verleend. Mevrouw Klingenberg woont in Laren. Bij benoeming tot wethouder van Blaricum is toepassing van artikel 36a, lid 2, van de Gemeentewet aan de orde. Nadat de geloofsbrieven door de commissie zijn onderzocht en in orde zijn bevonden kan mevrouw Klingenberg door uw raad worden benoemd tot wethouder van deze gemeente. Na het besluit dient de wethouder, conform artikel 41a van de Gemeentewet, kan mevrouw Klingenberg worden beëdigd. Vastgesteld wettelijk en beleidskader De Gemeentewet, het ‘Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad Blaricum 2015’ en het ‘Rechtspositiebesluit wethouders’. Relatie BEL-gemeenten en BEL Combinatie N.v.t. Kanttekeningen N.v.t. Financiën De bezoldiging van wethouders is geregeld middels de ‘Rechtspositie wethouders’. Uitvoering De nieuwe wethouder ontvangt een benoemingsbesluit. Communicatie De benoeming wordt bekendgemaakt op de gemeentelijke website en in de Hei en Wei. Bijlagen - Concept raadsbesluit - Geloofsbrieven mevrouw Klingenberg (vertrouwelijk ter inzage op de griffie)
Het presidium van de raad van Blaricum,
mw. T.D. de Jong griffier
mw. J. N. de Zwart-Bloch voorzitter
pagina 2 van 2