Bijlage 8 bij toelichting - Selectiebesluit archeologie
Tekst van het document
Beoordeling (concept) onderzoeksrapport. Onderwerp: Datum: Bijlage: Onderzoeksrapport
Auteurs Versie Handtekeningen Bevoegd Gezag Archeologie:
Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek – verkennende boringen 29 november 2023 n.v.t. Ewijk, Veluwstraat 11b, Gemeente Beuningen (GD), Archeologisch bureauonderzoek (BO) en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase (IVO-O), verkennende fase, Transect-rapport 4920, Nieuwegein I.S.J. Beckers Versie 1.3 d.d. 21-11-2023 P. Hoff, beleidsmedewerker E.K. Mietes, regioarcheoloog Ruimtelijke ordening regio Nijmegen
Beoordeling Het rapport is goedgekeurd. De gemeente is akkoord met het advies van Transect om middels verkennende boringen onderzochte noorddeel vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkelingen en voor het nog niet-onderzochte zuiddeel de dubbelbestemming Waarde Archeologie in het bestemmingsplan op te nemen. De Waarde Archeologie 4 correspondeert met de hoge archeologische verwachting die er op de archeologische beleidskaart voor het zuiddeel van het plangebied geldt. Het door het booronderzoek ontstane beeld van de bodemopbouw wijst op een afname van erosie door de dijkdoorbraakafzettingen richting het zuiden, waardoor er vooralsnog geen indicatie is om die verwachting naar beneden bij te stellen. Ofschoon de archeologische verwachting bij de geplande bodemingrepen in het noorddeel naar laag is bijgesteld, kan er nooit helemaal worden uitgesloten dat bij uitvoering van de werkzaamheden archeologische vondsten worden gedaan. Dergelijke (toevals-)vondsten moeten op grond van artikel 5.10 van de Erfgoedwet bij de bevoegde overheid (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, c.q. de gemeente Beuningen) worden gemeld. Deze meldingsplicht dient in de voorschriften bij de omgevingsvergunning op te worden genomen, tekstvoorstel: “Als bij uitvoering van de werkzaamheden vondsten worden gedaan waarvan wordt vermoed dat het archeologische vondsten betreft, bent u op grond van art.
5.10 van de Erfgoedwet verplicht om deze te melden bij de bevoegde overheid. Deze melding kunt u doen bij
de gemeente Beuningen. De melding dient vergezeld te gaan van een foto van de vondst en gegevens over de exacte locatie van de vondst.” Voor vragen of afstemming kan contact worden opgenomen met P.Hoff@beuningen.nl. Inleiding In opdracht van Buro Waalbrug heeft Transect b.v. in september 2023 een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek uitgevoerd voor een plangebied aan de Veluwstraat 11b in Ewijk (gemeente Beuningen). De aanleiding voor het onderzoek vormt de bestemmingsplanwijziging van het hele perceel en de aanvraag van een omgevingsvergunning ten behoeve van de realisatie van een twee-onder-één-kap-woning. Het uiteindelijke plan omvat twee fasen, waar woningen zullen worden gebouwd. De vraagstelling van het onderzoek richt zich op het vaststellen en toetsen van de archeologische verwachting en de bepaling in hoeverre de voorgenomen ingrepen in het kader van de planvorming effect hebben op eventuele archeologische resten in het gebied. Conclusie en advies Transect Bureauonderzoek Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied op de Waal stroomgordel ligt. De Waal werd rond het begin van de jaartelling actief. Door de vorming van de rivier zijn eventuele oudere rivierafzettingen geërodeerd. De Waal heeft de huidige loop gekregen door bedijkingen in de 11e en 12e eeuw na Christus.
Vanwege de ligging op de Waal stroomgordel geldt een hoge archeologische verwachtingswaarde voor de Romeinse tijd en de Vroege Middeleeuwen. Een eventuele archeologische vindplaats zal waarschijnlijk bestaan uit de resten van een agrarische nederzetting en zal zich manifesteren als een archeologische laag in de top van de oeverafzettingen. In het noorden van het plangebied is in 2004 een archeologisch booronderzoek uitgevoerd. Uit het onderzoek bleek dat het bodemprofiel bestaat uit een pakket dijkdoorbraakafzettingen van 80 tot 120 cm dik op beddingafzettingen van de Waal. Tijdens de dijkdoorbraak is de top van het pakket met stroomgordelafzettingen van de Waal en het hierin verwachte archeologische niveau verstoord geraakt. In de dijkdoorbraakafzettingen werden geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische waarden uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd gevonden en daarom is dit deel van het plangebied vrijgegeven voor de bouw van de huidige woning met bijgebouw. Verkennend booronderzoek Tijdens het booronderzoek in het onderzoeksgebied bleek dat de oorspronkelijke bodemopbouw van oever- op beddingafzettingen van de Waal overal deels geërodeerd is door een dijkdoorbraak. Het potentiële archeologische niveau in de top van de oeverafzettingen is niet meer aanwezig.
Het restant van de oeverafzettingen of de beddingafzettingen worden afgedekt door een 50 tot 80 cm dik klei- en zandpakket. Het betreft hier een pakket dijkdoorbraakafzettingen met in de top daarvan een recente bouwvoor. De zandlaag die in het noorden van het plangebied en in het zuiden van het onderzoeksgebied is aangetroffen is in een groot deel van het onderzoeksgebied
niet meer aanwezig. Waarschijnlijk is het deel van het plangebied waar de kas staat afgegraven voor zandwinning. Op basis van de aangetroffen bodemopbouw worden in het onderzoeksgebied geen archeologische waarden verwacht. Advies In het plangebied bestaat het voornemen de kassen te slopen en twee twee-onder-een kap woningen te realiseren in het noorden van het plangebied. De gronden in het zuiden van het plangebied worden voorlopig nog niet ontwikkeld. Het noorden van het plangebied is middels veldonderzoek onderzocht. Hiervoor verwachten wij op basis van het onderzoek geen archeologische waarden. Daarom adviseren wij om dit deel van het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. Op het moment dat onverhoopt toch archeologische zaken worden aangetroffen, geldt een wettelijke meldingsplicht conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10 en 5.11, deze vondsten te melden bij de bevoegde overheid (gemeente Beuningen). Voor het zuiden van het plangebied adviseren wij een dubbelbestemming archeologie op te nemen in het bestemmingsplan.
Bevindingen De opmerkingen in de beoordeling van het concept-rapport d.d. 2 oktober zijn verwerkt. Op basis van de nu meegeleverde boorstaten konden de resultaten van het booronderzoek worden getoetst. Selectiebesluit Het rapport is goedgekeurd. De gemeente is akkoord met het advies van Transect om middels verkennende boringen onderzochte noorddeel vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkelingen en voor het nog niet-onderzochte zuiddeel de dubbelbestemming Waarde Archeologie in het bestemmingsplan op te nemen. De Waarde Archeologie 4 correspondeert met de hoge archeologische verwachting die er op de archeologische beleidskaart voor het zuiddeel van het plangebied geldt. Het door het booronderzoek ontstane beeld van de bodemopbouw wijst op een afname van erosie door de dijkdoorbraakafzettingen richting het zuiden, waardoor er vooralsnog geen indicatie is om die verwachting naar beneden bij te stellen. Ofschoon de archeologische verwachting bij de geplande bodemingrepen in het noorddeel naar laag is bijgesteld, kan er nooit helemaal worden uitgesloten dat bij uitvoering van de werkzaamheden archeologische vondsten worden gedaan. Dergelijke (toevals-)vondsten moeten op grond van artikel 5.10 van de Erfgoedwet bij de bevoegde overheid (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, c.q. de gemeente Beuningen) worden gemeld.