CConstaterende datBeuningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7 bij toelichting 6 Selectiebesluit archeologisch onderzoek

Raadsvergadering 28 februari 2023, gemeente BeuningenBij agendapunt: Raadsvoorstel bestemmingsplan Kennedysingel - Notaris Stephanus Roesstraat Winssen762 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente

LEUNINGEN

Beoordeling (concept) onderzoeksrapport. Onderwerp: Datum: Bijlage: Afschrift aan: Handtekeningen Bevoegd Gezag Archeologie:

Rapport bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek - boringen 28 april 2022 n.v.t. R. Rutgers, beleidsmedewer'ker E.K. Mietes, regioarcheoloog regio Ruimtelijke ordening Nijmegen

Onderzoek - Rapport: Transect-rapport 3806, Winssen, Kennedysingel 84 - Notaris Stephanus Roesstraat 27, Gemeente Beuningen (GD), Een Archeologisch Bureauonderzoek (BO) en Inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase - Auteur: I. Korver en J. Rap. - Versie: Defintief Beoordeling - Inleiding: In opdracht van Buro Waalbrug heeft Transect b.v. in januari 2022 een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Kennedysingel 84 - Notaris Stephanus Roesstraat 27 in Winssen (gemeente Beuningen). De aanleiding voor het onderzoek vormt de beoogde bestemmingsplanwijziging om de realisatie van woningen mogelijk te maken. Het doel van het archeologisch bureauonderzoek is het specificeren van de archeologische verwachting aan de hand van beschikbare informatie over de archeologie, cultuurhistorie, geomorfologie, bodemkunde en grondgebruik binnen en rondom het plangebied. Om de gespecificeerde archeologische verwachting te toetsen, en waar mogelijk bij te stellen, is een inventariserend veldonderzoek, verkennende fase uitgevoerd in het plangebied. Resultaten

Gemeente

Beuningen

Bureauonderzoek Op basis van het bureauonderzoek geldt een hoge verwachting voor de aanwezigheid van archeologische resten uit de IJzertijd tot en met de Nieuwe tijd. Naar verwachting ligt het plangebied in en langs een geul van een oude meandergordel van de Waal, die actief is geweest tot 500 n. Chr. Ná het inactief worden van de meandergordel zou het plangebied bewoonbaar kunnen zijn geweest. Langs de geul is een weg aangelegd, die vermoedelijk al sinds de Romeinse Tijd in gebruik is geweest en waar ook langs werd gewoond in de Nieuwe tijd. Op basis van historische kaarten bestaat in elk geval de verwachting dat nog resten van funderingen uit de late 18e of vroege 19e eeuw aan te treffen zijn in het plangebied, maar mogelijk zijn ook oudere resten van bewoning en terreininrichting aan te treffen. Deze resten kunnen aanwezig zijn in zowel oeverafzettingen van de Waal als in historische ophooglagen. Inventariserend veldonderzoek Uit het veldonderzoek is gebleken dat sprake is van zowel historische ophooglagen als intacte oeverafzettingen. Tot een diepte van 40-50 cm -Mv is sprake van de moderne bouwvoor in de top van ophooglagen. Deze ophooglagen zijn historisch van aard, gezien de aanwezigheid van stukken puin uit de 18e en 19e eeuw.

Deze ophooglagen zijn aangetroffen tot een diepte van 100-130 cm -Mv (7,5-7,8 m +NAP) en kunnen resten bevatten uit de periode Late Middeleeuwen - Nieuwe tijd. Daarnaast zijn vanaf de onderzijde van deze ophooglagen intacte oeverafzettingen aangetroffen waarin sprake kan zijn van archeologische resten uit de IJzertijd tot en met de Late Middeleeuwen. Gezien de intactheid van deze afzettingen is sprake van een hoge verwachting. Deze oeverafzettingen zijn aanwezig tot een diepte van 180-275 cm -Mv (6,1-7,1 m +NAP). Daarnaast is ter plaatse van boringen 4 en 5 vermoedelijk de Laag van Wijchen aangeboord, die ook een archeologisch relevant niveau vormt vanaf een diepte van 260-300 cm -Mv (5,8-5,9 m +NAP), waarin vermoedelijke resten uit het Neolithicum tot en met de IJzertijd aangetroffen kunnen worden. Aanbevelingen Transect In het plangebied bestaat het voornemen de bestaande bebouwing te slopen en nieuwe woningen te realiseren. Bij de voorgenomen grondroerende werkzaamheden kan het archeologisch relevante niveau en de eventueel hierin aanwezige resten verstoord raken. Daarom adviseren wij om na afloop van de bovengrondse sloop van de bestaande bebouwing een aanvullend karterend en waarderend onderzoek uit te voeren in het plangebied (circa 2850 mÇ).

Dit onderzoek kan gezien de verwachte aanwezigheid van zowel funderingsresten als archeologische grondsporen waarschijnlijk het beste worden uitgevoerd in de vorm van een Inventariserend Veldonderzoek door middel van Proefsleuven (IVO-P). Dit onderzoek moet worden uitgevoerd conform een door de bevoegde overheid goedgekeurd Programma van Eisen (PvE), waarin de onderzoeksmethodiek en de omgang met eventuele resten beschreven wordt. De vermoedelijke Laag van Wijchen op een diepte van 260-300 cm -Mv (5,8-5,9 m +NAP) blijft door de diepte van de voorgenomen ingrepen tot circa 130 cm -Mv ruimschoots buiten het bereik van eventuele verstoringen. Desalniettemin verdient het de aanbeveling om vanuit het eindvlak van het proefsleuvenonderzoek een aantal karterende boringen uit te voeren om de aanwezigheid van eventuele archeologische resten in dit niveau aan te tonen.

Gemeente

Geen.

Beuningen

Opmerkingen:

- Selectiebesluit De gemeente is akkoord met het selectieadvies van Transect voor vervolgonderzoek in de vorm van proefsleuven. Op basis van het ontwerp en een overzicht van de aard en omvang van de benodigde bodemingrepen wordt eventueel onderzoek van de Laag van Wijchen nader bepaald.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beuningen&id=21b999e6-5251-4a06-8796-2646a2b5c914