Bijlage 5 Bijlage motivering 4 Verkennend bodemonderzoek (N204690)
Tekst van het document
RAPPORT VERKENNEND BODEM EN ASBESTONDERZOEK VAN HEEMSTRAWEG TE WINSSEN Gemeente Ewijk, sectie G, nummers 490, 726 en 728 PROJECT: N204690
VERANTWOORDING Titel
VERKENNEND BODEM- EN ASBESTONDERZOEK VAN HEEMSTRAWEG TE WINSSEN
Opdrachtgever
KlokGroep Milieu b.v. Postbus 40018 6504 AA NIJMEGEN
Rapportnummer
N204690.005/JVEL
Datum
7 januari 2021
Projectleider
de heer J.B.P. van der Stroom
Auteur
mevrouw K. van Veen
handtekening
Boormeesters
handtekening
de heer R. Reinders
handtekening
de heer R. van de Laan
handtekening
NIPA milieutechniek b.v. Landweerstraat – Zuid 109 5349 AK Oss
tel. +31 (0)412 – 65 50 58 www.nipamilieu.nl info@nipamilieu.nl
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/2
INHOUDSOPGAVE VERANTWOORDING ________________________________________________________________ 2 1
INLEIDING _____________________________________________________________________ 4
2
LOCATIEGEGEVENS _____________________________________________________________ 5
3
4
5
6
2.1
ALGEMEEN __________________________________________________________________ 5
2.2
VOORONDERZOEK _____________________________________________________________ 5
2.2.1
Omgeving _____________________________________________________________ 5
2.2.2
Bodemgebruik _________________________________________________________ 5
2.2.3
Bodemkwaliteitskaart ___________________________________________________ 6
2.2.4
Uitgevoerde bodemonderzoeken ___________________________________________ 6
2.2.5
Bodemopbouw en geohydrologie __________________________________________ 6
2.3
DOELSTELLING _______________________________________________________________ 7
2.4
HYPOTHESE _________________________________________________________________ 7
UITGEVOERD BODEMONDERZOEK _________________________________________________ 8 3.1
ALGEMEEN __________________________________________________________________ 8
3.2
ASBESTONDERZOEK ____________________________________________________________ 9
3.3
VELDWERKZAAMHEDEN ________________________________________________________ 10
3.4
LABORATORIUMWERKZAAMHEDEN _________________________________________________ 10
WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE ______________________________________ 11 4.1
BODEM ___________________________________________________________________ 11
4.2
WIJZE VAN BEOORDELING ASBEST__________________________________________________ 12
RESULTATEN __________________________________________________________________ 15 5.1
ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN ___________________________________________________ 15
5.2
ANALYSERESULTATEN EN BODEMKWALITEIT ___________________________________________ 16
5.3
INTERPRETATIE ______________________________________________________________ 18
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ________________________________________________ 21
Bijlage 1 2 3 4 5 6 7 8
Situering in de regio Kadastrale gegevens Locatieoverzicht Boorprofielbeschrijvingen Analysecertificaten grond en grondwater Toetsingstabellen Fotobijlage Gegevens vooronderzoek
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/3
1
INLEIDING KlokGroep Milieu b.v. te Nijmegen heeft, in verband met het voornemen planontwikkeling, aan NIPA milieutechniek b.v. te Oss opdracht gegeven voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 op een perceel aan de Van Heemstraweg te Winssen. NIPA milieutechniek b.v. te Oss is een ISO 9001:2015 gecertificeerd onderzoeksbureau. Tevens is NIPA milieutechniek b.v. op grond van artikel 12 van het Besluit bodemkwaliteit (gewijzigd als bedoeld in artikel 9 van het Besluit bodemkwaliteit) erkend voor de werkzaamheid “Veldwerk”. Deze erkenning geldt voor de volgende protocollen:
2001 – Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen
2002 – Het nemen van grondwatermonsters
2003 – Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek
2018 – Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem
NIPA milieutechniek b.v. verklaart dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen. De contactpersoon van de opdrachtgever is de heer R.H.M. Melis. De werkzaamheden bij NIPA milieutechniek b.v. zijn gecoördineerd door de heer J.B.P. van der Stroom.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/4
2
LOCATIEGEGEVENS 2.1
Algemeen
De onderzoekslocatie betreft het perceel Van Heemstraweg te Winssen (gemeente Beuningen) en staat kadastraal bekend als gemeente Ewijk, sectie G, nummers 490, 726 en 728. Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 4,2 ha. De situering van de onderzoekslocatie in de regio is weergegeven in bijlage 1. Het locatieoverzicht is opgenomen als bijlage 3. 2.2
Vooronderzoek
Voorafgaand aan het bodemonderzoek is een vooronderzoek uitgevoerd conform hoofdstuk 6 van de NEN 5725. In bijlage 8 zijn de relevante kopieën vanuit het vooronderzoek opgenomen. 2.2.1 Omgeving De directe omgeving van de locatie bestaat uit:
Noordzijde:
agrarisch gebied, boomgaarden
Oostzijde:
boomgaarden
Zuidzijde:
openbare weg, boomgaarden
Westzijde:
agrarisch gebied, boomgaarden
2.2.2 Bodemgebruik Uit historische topografische kaart uit 1975 (zie afbeelding rechts) blijkt dat het plangebied in het verleden als boomgaard in gebruik is geweest. Tevens blijkt hieruit dat binnen
Watergang I Watergang II
het plangebied twee sloten aanwezig waren die later zijn gedempt. De ene sloot valt samen met het kadastrale perceel Ewijk, G 728) en heeft een lengte van circa 175 meter. De tweede watergang bevond zich in het verlengde van de noordwestelijke perceelsgrens van perceel Ewijk, G 258 en heeft een lengte van circa 114 meter. Op de topografische kaart van 1978 blijkt dat in de eerste watergang een duiker aanwezig is geweest. Van het dempingsmateriaal of het materiaal waaruit de duiker was opgebouwd, zijn geen gegevens bekend.
Op de noord- en zuidgrens van de onderzoekslocatie is een puinpad gelegen. Het is niet bekend wanneer het pad is aangelegd en wat de milieukundige kwaliteit van het verhardings materiaal is.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/5
Voor zover bekend zijn op of nabij de onderzoekslocatie geen tanks aanwezig of aanwezig geweest en hebben zich geen calamiteiten voorgedaan die een mogelijke bodemverontreiniging hebben veroorzaakt. 2.2.3 Bodemkwaliteitskaart Uit de bodemkwaliteitskaart van de regio MARN blijkt dat de onderzoekslocatie is gelegen in de zone buitengebied. Op basis hiervan wordt verwacht dat licht tot matig verhoogde gehalte van de parameters uit het standaardpakket voor kunnen komen. 2.2.4 Uitgevoerde bodemonderzoeken Bij de gemeente, de opdrachtgever en in ons eigen archief zijn geen bodemonderzoeksgegevens bekend met betrekking tot de onderzoekslocatie.
In de omgeving van de onderzoekslocatie zijn volgens bodemloket, op de naast gelegen percelen enkele bodemonderzoeken bekend. Deze zijn opgevraagd bij de gemeente. Gegevens met betrekking tot eerder uitgevoerde onderzoeken worden opgenomen in een tweede versie van dit rapport. De onderzoeken hebben als status ‘voldoende onderzocht / gesaneerd’. Derhalve kan er vanuit worden gegaan dat er geen verontreinigingen aanwezig zijn op de naastgelegen percelen die van invloed zijn op de bodemkwaliteit van onderhavige locatie. 2.2.5 Bodemopbouw en geohydrologie De locatie is gelegen in het rivierengebied van het Land van Maas en Waal. In het rivierengebied is in het algemeen een holocene slecht doorlatende laag aanwezig, waarvan de opbouw weinig uniform is.
Uit de gegevens van de Dienst Grondwaterverkenning TNO te Delft, kaartblad 39-oost, inventarisatierapport datum 1977, blijkt dat ten bate van de aanleg van de A50 diepboringen zijn verricht. Uit deze gegevens blijkt dat de onderkant van de deklaag zich bevindt op een diepte van circa 6,0 meter +NAP Deze deklaag bestaat voornamelijk uit kleiige afzettingen behorende tot de Betuweformatie. Het maaiveld ter plaatse bevindt zich op circa 8,50 meter +NAP, waaruit kan worden afgeleid dat de deklaag een maximale dikte heeft van circa 2,5 meter. Onder deze deklaag bevindt zich het eerste watervoerende pakket met een dikte van circa 54 meter. De basis van het watervoerende pakket is gelegen op 48 meter –NAP. Dit watervoerend pakket behoort tot de Formatie van Kreftenheye en Sterksel en bestaat voornamelijk uit matig en grof zand, plaatselijk met grote keien. Het onderste gedeelte van dit watervoerende pakket behoort tot de Formatie van Kedichen en Tegelen en bestaat uit grovere zandafzettingen met plaatselijk grind. Plaatselijk komen kleilagen voor. Onder het watervoerende pakket bevindt zich een scheidende laag met een dikte van 7 meter, behorende tot de Formatie van Tegelen en Maassluis, welke voornamelijk bestaat uit klei en zandige kleiafzettingen. Onder deze scheidende
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/6
laag bevindt zich het tweede watervoerende pakket, hiervan zijn voor deze locatie echter geen nadere gegevens bekend. Tabel 1: Schematische voorstelling van de regionale bodemopbouw Pakket (Holocene) deklaag
Diepte (m -mv) 0-5
Samenstelling klei en slibhoudend zand grof grindhoudend zand
Parameters KD= circa 30 m²/d
1e watervoerend pakket (Formaties van Kreftenheije, Urk en Sterksel) 1e scheidende laag (Formatie van Tegelen)
5 - ca. 55
55 - ?
klei en zandige kleiafzettingen
uitgaan van door-latingsweerstanden van duizenden dagen, zeer slecht doorlatend
2e watervoerend pakket
?
zand (precieze samenstelling niet bekend)
kD = 1.500 m²/d
Uit de gegevens van de Dienst Grondwateronttrekking TNO te Delft blijkt dat de waterstroming van het eerste watervoerende pakket westelijk gericht is. De grondwaterstand varieert van 7,0 meter tot 7,3 meter +NAP. Het verhang bedraagt circa 1 meter per kilometer. Deze gegevens zijn samengevat in tabel 2.
Tabel 2: Grondwaterstromingsparameters Geohydrologische eenheid Stromingsrichting k (m²/d) deklaag zuidwestelijk/ westelijk 2400 1e watervoerend-pakket zuidwestelijk/ westelijk + 75 k = doorlatendheid i = verhang v = horizontale stroomsnelheid
2.3
I (m-m) n.b. +1/1000
Grondwaterstand 1,0 à 2,0 meter –mv + 7,3 meter +NAP (winterstand)
Doelstelling
Het onderzoek heeft tot doel vast te stellen of op de locatie bodemverontreiniging aanwezig is, waardoor sprake kan zijn van beperkingen of belemmeringen ten aanzien van het huidige of toekomstige gebruik van het terrein. 2.4
Hypothese
Op basis van de beschikbare gegevens is de hypothese gesteld dat de onderzoekslocatie:
in verband met het voormalig gebruik als boomgaard verdacht is met betrekking tot de aanwezigheid van een heterogeen verdeelde verontreiniging met organochloorbestrijdingsmiddelen;
ter plaatse van de van de gedempte sloten en de voormalige duiker verdacht is met betrekking tot het voorkomen van een verontreiniging met diverse parameters (incl. asbest);
omdat geen herkomstgegevens van het puinpad bekend zijn, dient het puin eveneens verdacht beschouwd te worden met betrekking tot de aanwezigheid van asbest.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/7
3
UITGEVOERD BODEMONDERZOEK 3.1
Algemeen
Voormalige boomgaard Verdeeld over de onderzoekslocatie met een oppervlakte van circa 4,2 ha zijn conform de NEN 5740 strategie voor een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een heterogeen verdeelde verontreiniging de volgende boringen verricht:
50 boringen tot 0,5 meter –mv, bemonsterd per 0,25 meter
10 boringen tot 2,0 meter –mv, waarbij de bovengrond per 0,25 meter bemonsterd is
5 boringen afgewerkt met peilbuis, waarbij de bovengrond per 0,25 meter bemonsterd is
Tien boven- en vijf ondergrondmengmonsters zijn geanalyseerd op de parameters van het standaard pakket voor grond vanuit de NEN 5740. De bovengrond is tevens op de aanwezigheid van OCB geanalyseerd. Voor de berekening van de gestandaardiseerde meetwaarden zijn van de betreffende mengmonsters tevens de percentages aan lutum en organisch stof bepaald. Het grondwater is geanalyseerd op de parameters van het standaard pakket voor grondwater vanuit de NEN 5740.
Gedempte watergang I Verdeeld over de onderzoekslocatie met een lengte van 175 meter zijn conform de NEN 5740, strategie voor een verdachte lijnvormige locatie met betrekking tot het voorkomen van een heterogeen verdeelde verontreiniging, de volgende boringen verricht:
4 boringen tot 0,5 meter beneden onderzijde voormalige slootbodem en maximaal 2,0 meter –mv (02 t/m 05)
1 boring afgewerkt met peilbuis (01)
Eén mengmonster van het dempingsmateriaal en één mengmonster van de oorspronkelijke slootbodem zijn geanalyseerd op de parameters van het standaard stoffenpakket aangevuld met OCB. Voor de berekening van de gestandaardiseerde meetwaarden zijn van de betreffende mengmonsters tevens de percentages aan lutum en organisch stof bepaald. Het grondwater is geanalyseerd op de parameters van het standaard pakket voor grondwater vanuit de NEN 5740.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/8
Voormalige watergang II Verdeeld over de onderzoekslocatie met een lengte van 175 meter zijn conform de NEN 5740 strategie voor een verdachte lijnvormige locatie met betrekking tot het voorkomen van een heterogeen verdeelde verontreiniging de volgende boringen verricht:
3 boringen tot 0,5 meter beneden onderzijde voormalige slootbodem en maximaal 2,0 meter –mv (07 t/m 09)
1 boring afgewerkt met peilbuis (Pb06)
Eén mengmonster van het dempingsmateriaal en één mengmonster van de oorspronkelijke slootbodem zijn geanalyseerd op de parameters van het standaard stoffenpakket aangevuld met OCB. Voor de berekening van de gestandaardiseerde meetwaarden zijn van de betreffende mengmonsters tevens de percentages aan lutum en organisch stof bepaald. Het grondwater is geanalyseerd op de parameters van het standaard pakket voor grondwater vanuit de NEN 5740. Voormalige duiker Verdeeld over de onderzoekslocatie met een oppervlakte van 25 m² zijn conform de NEN 5740 strategie voor een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een heterogeen verdeelde verontreiniging de volgende boringen verricht:
2 boringen tot 2,0 meter –mv (11 en 12)
1 boring afgewerkt met peilbuis (Pb10)
Eén mengmonster is geanalyseerd op de parameters van het standaard stoffenpakket aangevuld met OCB. Voor de berekening van de gestandaardiseerde meetwaarden zijn van het betreffende mengmonster tevens de percentages aan lutum en organisch stof bepaald. Het grondwater is geanalyseerd op de parameters van het standaard pakket voor grondwater vanuit de NEN 5740. 3.2
Asbestonderzoek
Per pad zijn 5 sleuven gegraven van 2 meter lang en een breedte van 0,3 meter (SL01 t/m SL10). Eén van deze sleuven viel samen met de duiker (SL10). De sleuven zijn doorgezet tot de ongeroerde ondergrond. Het vrijgekomen materiaal is uitgeharkt en geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Van de fijne fractie is per pad één mengmonster samengesteld dat op de aanwezigheid van asbest is geanalyseerd (MMA1 en MMA2). Ter plaatse van de twee toegangsdammen tot het perceel is eveneens puin aangetroffen. Ter plaatse is eveneens een proefsleuf gegraven (SL11 en SL12). Het vrijgekomen materiaal is uitgeharkt en geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Van de fijne fractie is per pad één mengmonster samengesteld dat op de aanwezigheid van asbest is geanalyseerd
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/9
3.3
Veldwerkzaamheden
De veldwerkzaamheden, te weten het uitvoeren van de boringen, het plaatsen van de peilbuizen, het bemonsteren van de grond en van het grondwater, het graven van de inspectiesleuven en de zintuiglijke beoordeling van de grond- en grondwatermonsters, zijn uitgevoerd volgens de methoden zoals aangegeven in de relevante NPR- en NEN-normen zoals beschreven in de beoordelingsrichtlijn “Veldwerk bij Milieuhygiënisch Bodemonderzoek” [2]. De situering van de boringen is opgenomen in bijlage 3. Alle boringen zijn in de periode 28-31 december 2020 en met handkracht uitgevoerd. Het grondwater bemonsteren en asbestonderzoek zijn op 22 januari 2021 uitgevoerd. De troebelheid (NTU), pH en de geleidbaarheid (Ec) van het grondwater zijn in het veld bepaald. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat VB-002. De boorwerkzaamheden en grondwatermonstername zijn uitgevoerd door de heren R. Reinders en R.J. van der Laan. 3.4
Laboratoriumwerkzaamheden
De chemische analyses zijn uitgevoerd door een door de Raad voor Accreditatie erkend laboratorium. Voor de toegepaste analysemethoden wordt verwezen naar bijlage 5.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/10
4
WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE 4.1
Bodem
De verontreinigingssituatie van de vaste bodem kan worden beoordeeld door toetsing van de gemeten gehaltes aan de achtergrond- en interventiewaarde en zijn vastgelegd in respectievelijk de Regeling bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering 2013. De achtergrondwaarden zijn landelijk vastgesteld en worden in het Besluit bodemkwaliteit als volgt gedefinieerd: Achtergrondwaarden: bij regeling van Onze Ministers vastgestelde gehaltes aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. In gemeenten die beschikken over een bodemkwaliteitskaart kan bij een overschrijding van de achtergrondwaarde getoetst worden aan de P90-waarde. Deze geeft een regionaal vastgestelde verhoogde achtergrondwaarde aan. Bij hergebruik van vrijkomende grond binnen de bodemkwalitietskaart dient het verkennend bodemonderzoek als aanvullend bewijsmiddel/voorinformatie beschouwd te worden, maar kan niet als een erkend bewijsmiddel dienen. De bodemkwaliteitskaart vormt het erkende bewijsmiddel conform de Regeling bodemkwaliteit. Het grondwater wordt getoetst aan de streef- en interventiewaarden. De streef- en interventiewaarden voor grondwater zijn vastgelegd in de Circulaire bodemsanering 2013. De streefwaarden geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit.
In het bodembeschermingsbeleid geven zij het te bereiken en te behouden kwaliteitsniveau voor de bodem aan. De interventiewaarden geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de vaste bodem en het grondwater hebben voor mens, dier en plant ernstig zijn of dreigen te worden verminderd. Om van een “geval van ernstige bodemverontreiniging” te spreken dient voor ten minste één stof het gemiddelde gehalte van minimaal 25 m³ grond of 100 m³ grondwater hoger te zijn dan de interventiewaarde. In bijzondere situaties, zoals bij volkstuinen en bij kruipruimten, kan reeds bij een geringere omvang en bij gehaltes beneden de interventiewaarden sprake zijn van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Op grond van de daadwerkelijk optredende blootstelling aan de verontreiniging dient bekeken te worden of onaanvaardbare risico’s voor mensen en/of ecosystemen optreden.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/11
Uit de NEN 5740 kan het volgende worden afgeleid. De interpretatie van de onderzoeksresultaten en de noodzaak tot het uitvoeren van vervolgonderzoek hangen voor een belangrijk deel af van de aanleiding en doelstelling van het onderzoek en de ‘gevoeligheid’ van het gebruik en de bestemming van de locatie. Ook de onderzoeksinspanning van het vervolgonderzoek wordt voor een belangrijk deel hierdoor bepaald. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid te bepalen.
De achtergrond- en interventiewaarden voor de vaste bodem zijn gerelateerd aan het lutum- en/of organisch stofgehalte van de bodem. Bij de berekening van de gestandaardiseerde meetwaarden voor de vaste bodem is uitgegaan van gemeten lutum- en organisch stofgehaltes. De gestandaardiseerde meetwaarden zijn bepaald met behulp van BoToVa. De gestandaardiseerde meetwaarden en de toetsing aan de achtergrond- en interventiewaarden zijn opgenomen in bijlage 6.
Bij de interpretatie van de toetsingsresultaten is uitgegaan van de BodemIndex (BI). De BodemIndex heeft geen wettelijk kader en heeft slechts de functie van hulpmiddel bij de interpretaties van de toetsingsresultaten. De Tussenwaarde heeft eveneens geen wettelijk kader, maar wordt veelal toegepast als een signaalwaarde om tot aanvullend onderzoek over te gaan.
BodemIndex (BI) = (gestandaardiseerde meetwaarde - AW) / (IW - AW) AW = achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater) IW = interventiewaarde BodemIndex < 0:
gestandaardiseerde meetwaarde < AW
BodemIndex = 0:
gestandaardiseerde meetwaarde = AW
0 < BodemIndex < 0,5:
gestandaardiseerde meetwaarde > AW maar < Tussenwaarde
BodemIndex = 0,5:
gestandaardiseerde meetwaarde = Tussenwaarde
0,5 < BodemIndex < 1:
gestandaardiseerde meetwaarde > Tussenwaarde maar < IW
BodemIndex = 1,0:
gestandaardiseerde meetwaarde = IW
BodemIndex > 1:
gestandaardiseerde meetwaarde > IW
De BodemIndex per analyseresultaat is eveneens weergegeven in de tabellen in bijlage 6. 4.2
Wijze van beoordeling asbest
In de eerste stap wordt op basis van het verkennend en/of nader onderzoek vastgesteld of er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging. Er is sprake van een geval van ernstige verontreiniging met asbest in de bodem indien de gemiddelde concentratie binnen een ruimtelijke eenheid hoger is dan de interventiewaarde van 100 mg/kg d.s. (gewogen). De gemiddelde gewogen asbestconcentratie wordt aan de hand van de NEN 5707 en NEN 5897 vastgesteld.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/12
Gevalsdefinitie Een geval van bodemverontreiniging wordt gedefinieerd als een verontreinigd grondgebied, waarbij de geconstateerde verontreinigingen een technische, organisatorische en ruimtelijke samenhang vertonen.
Bodemverontreiniging met asbest ontstaan vanaf 1993 Indien de bodemverontreiniging met asbest is ontstaan na 1 januari 1993 dan is conform de Wet bodembescherming sprake van een verontreiniging die valt onder de zorgplicht (art. 13 Wbb). De veroorzaker is verplicht de verontreiniging en de directe gevolgen daarvan te beperken en zoveel mogelijk omgedaan te maken. Er dient dus zo spoedig mogelijk een sanering te worden uitgevoerd, ongeacht de omvang en risico’s van de verontreiniging. Bodemverontreiniging ontstaan vóór 1993 Voor een verontreiniging met asbest die is ontstaan vóór 1 januari 1993 geldt dat sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging wanneer de interventiewaarde op enig punt in de bodem wordt overschreden. Het volumecriterium is voor het vaststellen van de ernst niet van toepassing. Voor een geval van ernstige bodemverontreiniging met asbest dienen de humane risico’s te worden bepaald. Als blijkt dat er geen onaanvaardbare risico’s zijn voor de huidige of toekomstige gebruiksfuncties dan kan worden volstaan met een gemeentelijke beperkingenregistratie van de bodemverontreiniging. Indien sprake is van onaanvaardbare risico’s dienen spoedig saneringsmaatregelen te worden getroffen. Degene die op of in de bodem handelingen verricht en daarbij kennis neemt of heeft van een verontreiniging van de bodem, dient dit te melden aan het bevoegd gezag Wbb.
Het bevoegd gezag Wbb stelt in een beschikking vast of er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging en indien dit van toepassing is, of de verontreiniging met spoed dient te worden gesaneerd. Indien er sprake is van spoedeisendheid, dan stelt het bevoegd gezag in de beschikking tevens de termijn vast waarbinnen met de sanering dient te worden begonnen.
Op basis van het Milieuhygiënische saneringscriterium bodem, protocol asbest dat alleen van toepassing is indien er sprake is van een bodemverontreiniging met asbest in (water)bodem, grond en baggerspecie, waarbij asbest aanwezig is in een gehalte boven de interventiewaarde van 100 mg/kg d.s. (gewogen), worden de locatiespecifieke risico’s ingedeeld in twee categorieën: “géén onaanvaardbare risico’s” en “onaanvaardbare risico’s”.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/13
De locatie valt in de categorie “géén onaanvaardbare risico’s” als er geen kans op vezelemissie is. Omdat het bij het actuele gebruik niet mogelijk is om met de asbestbodemverontreiniging in contact te komen of als contact met de asbestbodemverontreiniging bij het actuele bodemgebruik niet kan worden uitgesloten maar op basis van ervaringsgegevens eventueel aangevuld met praktijkmetingen blijkt dat in dergelijke situaties nooit gehalten aan asbest in de lucht zullen voorkomen die het Verwaarloosbaar Risiconiveau (VR) overschrijden. Dit betekent dat een beperkingenregistratie moet plaatsvinden.
Het bevoegd gezag kan naast registratie aanvullend beheermaatregelen voorschrijven. De inhoud van de beheermaatregelen wordt door het bevoegd gezag bepaald. Als de inrichting of het gebruik van de locatie verandert, dienen de locatiespecifieke risico’s opnieuw te worden beoordeeld.
De locatie valt in de categorie “onaanvaardbare risico’s” als uit metingen in binnen- en/of buitenlucht blijkt dat het Verwaarloosbaar Risiconiveau (VR) wordt overschreden. Er dienen spoedig saneringsmaatregelen te worden getroffen op dat deel van de locatie waar sprake is van onaanvaardbare risico’s ten gevolge van de aanwezigheid van de bodemverontreiniging met asbest. Met “spoedig” wordt in dit kader bedoeld dat de sanering binnen 4 jaar na het afgeven van de beschikking ernst en spoed moet aanvangen. De consequenties van de risicobeoordeling conform het onderhavige "protocol asbest" worden door het bevoegd gezag vastgelegd in een beschikking “ernst en spoed”. In bijlage 3 van de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, zijn aandachtspunten voor de inhoud van een dergelijke beschikking opgenomen.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/14
5
RESULTATEN 5.1
Zintuiglijke waarnemingen
Voor de boorprofielbeschrijvingen wordt verwezen naar bijlage 4. De bodem is vanaf maaiveld tot een diepte van circa 3,0 meter –mv, opgebouwd uit klei. Tijdens de uitvoering van het veldwerk zijn bij een aantal boringen bijmengingen met bodemvreemde materialen aangetroffen. Hierbij is ook gelet op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. De betreffende boringen en bijmengingen zijn opgenomen in tabel 1.
Ter plaatse van watergang I is ter plaatse van de boringen 01, 03, 04 en 05 op een diepte van 1,55 à 1,7 meter –mv een humeuze laag aangetroffen met een dikte van 0,05 à 0,15 meter. Dit betreft waarschijnlijk de oorspronkelijke slootbodem. In het dempingsmateriaal zijn geen bodemvreemde materialen aangetroffen.
Ter plaatse van watergang II is ter plaatse van de boringen 06 en 07 op een diepte van 1,05 à 1,10 meter –mv een humeuze laag aangetroffen met een dikte van 0,15 à 0,20 meter. Het dempingsmateriaal bevat bijmengingen met (sporen aan) baksteen. Ter plaatse van de boringen 08 en 09 is geen voormalige slootbodem of dempingsmateriaal aangetroffen.
De grondwaterstand bevond zich tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden op een diepte van circa 1,05 meter –mv.
Tabel 3: zintuigelijke waarnemingen boring 01 06 07 10 (duiker) 11 12 15 16 17 19 20 22 28 37 67 71 72 (puinpad) 74
traject (m-mv) 0,00 – 0,25 0,00 – 0,50 0,50 – 1,05 0,00 – 0,50 0,50 – 1,10 0,00 – 0,30 0,30 – 0,50 0,00 – 0,25 0,00 – 0,25 0,00 – 0,50 0,00 – 0,50 0,00 – 0,50 0,00 – 0,50 0,00 – 0,50 0,00 – 0,25 0,00 – 0,50 0,00 – 0,50 0,25 – 0,50 0,00 – 0,50 0,00 – 0,30 0,30 – 0,50 0,00 – 0,50
samenstelling Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
bijmengingen Sporen baksteen Sporen baksteen Sporen baksteen Sporen baksteen Sporen baksteen Matig metselpuin en sterk baksteen Sporen baksteen Sporen baksteen Sporen beton Sporen kolengruis Sporen kolengruis Sporen baksteen Sporen kolengruis Sporen baksteen Sporen kolengruis Sporen baksteen Sporen baksteen en sporen beton Sporen baksteen Sporen baksteen Matig baksteen en matig puin Sporen baksteen Sporen baksteen
N204690.005/JvdS/15
Tijdens de maaiveldinspectie zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Bij de inspectie van de vrijgekomen materialen vanuit de inspectiesleuven zijn evenmin asbestverdachte materialen aangetroffen. Wel dient te worden opgemerkt dat ter plaatse van sleuf SL12 in één van de twee bestaande toegangsdammen bijmengingen met asfaltbrokken zijn geconstateerd. Met behulp van een PAK-marker is indicatief de teerhoudendheid bepaald. Hierbij is fluorescentie aangetoond, wat op een PAKgehalte van > 250 mg/kg d.s. duidt. Het asfalt dient derhalve als teerhoudend te worden beschouwd. 5.2
Analyseresultaten en bodemkwaliteit
De analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters zijn opgenomen in bijlage 5; de analyseen toetsingsresultaten zijn samengevat in de tabellen 5 t/m 8. Tabel 4:
Toetsingsresultaten bovengrond voormalig boomgaard
monster
deelmonsters
BG MM1
15: 0,00 – 0,25 16: 0,00 – 0,25 19: 0,00 – 0,25 22: 0,00 – 0,25 17: 0,00 – 0,25 20: 0,00 – 0,25 28: 0,00 – 0,25 37: 0,00 – 0,25 72: 0,00 – 0,30
BG MM2
BG MM3
BG MM4
BG MM5
BG MM6 BG MM7
BG MM8
BG MM9
BG MM10
13: 0,00 – 0,25 23: 0,00 – 0,25 24: 0,00 – 0,25 31: 0,00 – 0,25 26: 0,00 – 0,25 27: 0,00 – 0,25 35: 0,00 – 0,25 36: 0,00 – 0,25 71: 0,00 – 0,25 74: 0,00 – 0,25 48: 0,00 – 0,25 49: 0,00 – 0,25 53: 0,00 – 0,25 54: 0,00 – 0,25 44: 0,00 – 0,25 46: 0,00 – 0,25 50: 0,00 – 0,25 51: 0,00 – 0,25 58: 0,00 – 0,25 64: 0,00 – 0,25 68: 0,00 – 0,25 61: 0,00 – 0,25 62: 0,00 – 0,25 65: 0,00 – 0,25 66: 0,00 – 0,25
traject m-mv 0,00 – 0,25
bijmengingen
>achtergrondwaarde
>interventiewaarde
kolengruis
-
-
0,00 – 0,25
baksteen
DDE (0,10)
-
0,00 – 0,30
puin, baksteen
-
0,00 – 0,25
-
minerale olie (0,21) DDD (0,00) DDE (0,24) PCB (0,07) PAK (0,64) -
0,00 – 0,25
-
DDE (0,03)
-
0,00 – 0,25
baksteen
DDE (0,07)
-
0,00 – 0,25
-
koper (0,00)
-
0,00 – 0,25
-
koper (0,03)
-
0,00 – 0,25
-
DDE (0,09)
-
0,00 – 0,25
-
DDE (0,03)
-
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
-
N204690.005/JvdS/16
Tabel 5:
Toetsingsresultaten ondergrond voormalig boomgaard
monster
deelmonsters
OG MM1
13: 0,50 – 1,00 13: 1,00 – 1,50 13: 1,50 – 2,00 31: 0,50 – 1,00 31: 1,00 – 1,50 31: 1,50 – 2,00 38: 0,50 – 1,00 38: 1,00 – 1,30 38: 1,30 – 1,70 18: 0,50 – 1,00 18: 1,00 – 1,70 18: 1,70 – 2,00 21: 0,80 – 1,00 21: 1,00 – 1,30 36: 0,50 – 1,00 36: 1,00 – 1,50 36: 1,50 – 2,00 70: 0,50 – 1,00 70: 1,00 – 1.40 70: 1,40 – 1.75 72: 0,50 – 1,00 72: 1,00 – 1.65 72: 1,65 – 2.00 47: 0,50 – 1,00 47: 1,00 – 1,50 47: 1,50 – 2,00 61: 0,50 – 1,00 61: 1,00 – 1,50 61: 1,50 – 2,00 68: 0,50 – 1,00 68: 1,00 – 1,50 68: 1,50 – 2,00 49: 0,50 – 1,00 49: 1,00 – 1,50 49: 1,50 – 2,00
OG MM2
OG MM3
OG MM4
OG MM5
traject m-mv 0,50 – 2,00
bijmengingen
>achtergrondwaarde
>interventiewaarde
-
-
-
0,50 – 2,00
-
-
-
0,50 – 2,00
-
-
-
0,50 – 2,00
-
-
-
0,50 – 2,00
-
-
-
Tabel 6: Toetsingsresultaten watergang I, II en duiker monster
deelmonsters
voorm. Sloot MM1
01: 1,70 – 1,80 03: 1,55 – 1,70 04: 1,60 – 1,75 05: 1,45 – 1,50 01: 0,50 – 1,00 01: 1,20 – 1,70 02: 0,50 – 1,00 02: 1,00 – 1,50 03: 0,50 – 1,00 06: 1,05 – 1,20 07: 1,10 – 1,40
voorm. sloot MM2
voorm. Sloot MM3 voorm. Sloot MM4
duiker MM1
06: 0,25 – 0,50 06: 0,50 – 1,00 07: 0,25 – 0,50 07: 0,50 – 1,00 10: 0,10 – 0,30
traject m-mv 1,45 – 1,80
bijmengingen
>achtergrondwaarde
>interventiewaarde
-
DDE (som) (0,02)
-
0,50 -1,70
-
nikkel (0,04) beta-HCH (0,01) DDE (som) (0,04)
-
1,05 – 1,40
-
-
0,25 – 1,00
baksteen
cadmium (0,00) DDD (som) (0,01) DDE (som) (0,03) cadmium (0,01)
0,10 – 0,30
puin, baksteen
lood (0,11) zink (0,14)
-
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
-
N204690.005/JvdS/17
Tabel 7: Toetsingsresultaten grondwater met bodemindex monster 01-1-1 06-1-1 10-1-1 31-1-1 70-1-1
filterstelling m-mv 3,00 - 4,00 2,90 - 3,90 2,60 - 3,60 2,90 - 3,90 3,30 - 4,30
pH
Ec in µS/cm
7,1 6,9 7,1 7,0 7,0
642 988 775 830 996
troebelheid (NTU) 51 27,62 10,98 115 12,21
>streefwaarde
>interventiewaarde
barium (0,16) barium (0,33) barium (0,14) barium (0,23) molybdeen (-) barium (0,17)
-
* De pH en de Ec hebben, voor deze regio, normale waarden. **Verondersteld wordt dat het water in de bodem van nature een troebelheid van 0 – 10 NTU heeft. Een troebelheid hoger dan 10 NTU is niet bezwaarlijk maar kan bij de interpretatie van de analyseresultaten worden gebruikt. Een verhoogde NTU kan leiden tot een overschatting van organische parameters en zware metalen. De verhoogde troebelheid hangt waarschijnlijk samen met de aanwezigheid van onoplosbare bestanddelen in het grondwater. Aangezien maximaal licht verhoogde gehaltes zijn aangetoond, en de NTU van 10 geen normatieve grens is, bestaat geen aanleiding het grondwater opnieuw te bemonsteren.
Tabel 8: Resultaten asbestonderzoek mengmonsters MMA1 MMA2 MMA3
5.3
deelmonster(s) SL01 t/m SL05 SL06 t/m SL10 SL11
concentratie < 0,5 mg/kg d.s. < 0,5 mg/kg d.s. 0,1 mg/kg d.s.
fractie nvt nvt 4-8 mm
losse vezels nee nee nee
hechtgebonden nvt nvt ja
Interpretatie
Grond Voormalig boomgaard In de toplaag zijn verspreid over de gehele onderzoekslocatie (BG MM2,MM3, MM5, MM6, MM9 en MM10) licht verhoogde gehaltes aan DDD en/of DDE gemeten. De aangetoonde gehaltes hangen samen met het voormalig gebruik van bestrijdingsmiddelen in de fruitteelt. De aangetoonde gehaltes zijn echter dermate laag dat geen sprake is van een noemenswaardige verontreiniging.
In de bovengrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehaltes aan koper aangetoond (BG MM7 en MM8). De licht verhoogde gehaltes aan koper zouden kunnen samenhangen met het gebruik van koperchloride als fungicide in de fruitteelt. De aangetoonde gehaltes zijn echter dermate laag dat geen aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek.
Ter plaatse van het noordelijke puinpad (BG MM3: monster 72.1) is een matig verhoogd gehalte aan PAK aangetoond en zijn licht verhoogde gehaltes aan minerale olie en PCB gemeten. De aangetoonde gehaltes hangen waarschijnlijk samen met de geconstateerde bijmengingen. Dergelijke verontreinigingen worden heterogeen verdeeld veelvuldig in puinhoudende bodems aangetoond. Gezien de grote mate van heterogeniteit van dergelijke verontreinigingen wordt het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek niet noodzakelijk geacht. De grond die bij de herinrichting ter plaatse vrij zal komen zal waarschijnlijk voldoen aan de bodemkwaliteitsklasse Industrie.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/18
In de bovengrond waarin kolengruis is geconstateerd (MBG MM1) en in mengmonster BG MM4 van de zintuiglijk als schoon beoordeelde bovengrond zijn geen verontreinigingen met de onderzochte parameters aangetoond.
In de zintuiglijk als schoon beoordeelde ondergrond (OG MM1 t/m MM5) zijn geen verontreinigingen met de onderzochte parameters aangetoond.
Watergang I In mengmonster van de oorspronkelijke slootbodem is een licht verhoogd gehalte aan DDE aangetoond. In het dempingsmateriaal is eveneens een licht verhoogd gehalte aan DDE gemeten. Tevens zijn in het dempingsmateriaal licht verhoogde gehaltes aan nikkel en beta-HCH aangetoond. De verhoogde gehaltes aan organochloorbestrijdingsmiddelen duiden op het gebruik van spuitmiddelen in het verleden. Licht verhoogde gehaltes aan nikkel kunnen van nature in een kleiige bodem voorkomen. De aangetoonde gehaltes zijn dermate laag dat geen aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek.
Watergang II In de oorspronkelijke slootbodem zijn licht verhoogde gehaltes aan DDE en DDD gemeten als gevolg van het voormalig gebruik van spuitmiddelen. In zowel de oorspronkelijke slootbodem als in het dempingsmateriaal is een licht verhoogd gehalte aan cadmium aangetoond. De aangetoonde gehaltes aan cadmium zijn dermate laag dat geen sprake is van een noemenswaardige verontreiniging.
Voormalig duiker In de puin en baksteenhoudende bovengrond zijn licht verhoogde gehaltes aan lood en zink gemeten. De aangetoonde gehaltes hangen waarschijnlijk samen met de geconstateerde bijmengingen. De aangetoonde gehaltes zijn echter dermate laag dat geen aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek.
Grondwater In het grondwater (Peilbuis 01, 06, 10, 31 en 70) zijn licht verhoogd gehalte aan barium aangetoond. In het grondwater ter plaatse van peilbuis Pb70 is tevens een licht verhoogd gehalte aan molybdeen aangetoond. Licht verhoogde gehaltes aan barium en molybdeen kunnen van nature in het grondwater voorkomen en duiden niet op een noemenswaardige verontreiniging. Omdat voor de aanwezigheid van het licht verhoogde gehalte aan barium in het grondwater geen antropogene bron/oorzaak gevonden is, wordt het barium niet als een verontreiniging beschouwd.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/19
Asbestonderzoek puinpaden en toegangsdam Zintuiglijk is geen asbest aangetoond. In de fijne fractie van de puinpaden is geen asbest aantoonbaar gebleken. In de fijne fractie van de het puin vanuit de toegangsdammen is in de fractie 4-8 mm één stukje hechtgebonden asbest aangetoond. Het asbestgehalte is bepaald op 0,1 mg/kg d.s. Indien het materiaal bij de herinrichting vrijkomt, kan het als asbestvrij worden afgezet.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/20
6
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Uit de resultaten van het verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op het perceel Van Heemstraweg te Winssen, kadastraal bekend als gemeente Ewijk, sectie G, nummers 490, 726 en 728, blijkt dat als gevolg van het voormalig gebruik van spuitmiddelen de toplaag niet geheel vrij is van bestrijdingsmiddelen. Verder zijn in de bovengrond geen noemenswaardige verontreinigingen aangetoond. De ondergrond blijkt niet verontreinigd te zijn. In het grondwater zijn van nature verhoogde gehaltes aan barium en molybdeen aangetoond.
Ter plaatse van de puinpaden, de voormalige duiker en de twee toegangsdammen is geen asbest in de bodem aangetoond. Ter plaatse van het puinpad is een monster van puinhoudende bodem geanalyseerd dat matig met PAK en licht met minerale olie, DDE, DDD en PCB verontreinigd blijkt te zijn. Ter plaatse van de oostelijke toegangsdam zijn brokken asfalt in de bodem aangetroffen. Indien dit materiaal bij de herinrichting vrij zal komen, dient het als teerhoudend te worden afgevoerd.
Op basis van deze resultaten kan de hypothese, zoals verwoord in paragraaf 2.4, in principe worden aanvaard omdat de verwachte verontreinigingen daadwerkelijk zijn aangetoond. Op basis van de resultaten bestaan er geen milieuhygiënische bezwaren tegen de voorgenomen bestemmingsplanwijziging.
Opgemerkt wordt dat wij slechts een adviserende taak hebben en dat het bevoegd gezag de noodzaak tot de uitvoering van nader of aanvullend onderzoek vaststelt. Alhoewel het onderzoek met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen is uitgevoerd dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses wordt uitgevoerd. Niet geheel uitgesloten kan worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is die bij dit onderzoek niet is aangetroffen.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Van Heemstraweg te Winssen
N204690.005/JvdS/21
Bijlage 1
bijlage 1: project N204690 onderzoekslocatie
Bijlage 2
Kadastrale kaart
Uw referentie: n204690
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2300
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Ewijk G 490
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 8 februari 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
Bijlage 3
Bijlage 4
01
1
, m aaiveld
0
0
klei, zwak zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, grijs, sporen bakst een, edelm an
A B
-25
50
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, bruin, sporen roest , edelm an C
100 -120
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
D
150
-170
E
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, donker grijs, edelm an
F 200
-180
klei, m at ig silt ig, licht grijs, zwak roest , edelm an 250
-250
klei, m at ig silt ig, licht grijs, edelm an
300
300
-300
zand, zeer grof, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal grijs, zuigerboor 350
400
400
-400
t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
02
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, grijs, edelm an
B
klei, zwak zandig, neut raal grijs, bruin, sporen roest , edelm an
50
-25
C 100
-100 D
klei, m at ig silt ig, licht grijs, bruin, zwak roest , edelm an
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, zwak roest , edelm an
150
-150
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
03
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, zwak zandig, licht bruin, edelm an
C
klei, m at ig silt ig, licht bruin, grijs, edelm an
D
klei, m at ig silt ig, licht grijs, bruin, zwak roest , edelm an
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
50
-25
-50
100
-100
-140 150
-155 F 200
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, donker grijs, edelm an -170
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, zwak roest , edelm an
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
-200
04
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, grijs, edelm an
B
klei, zwak zandig, neut raal grijs, bruin, sporen roest , edelm an
50
-25
C 100 -120 D 150 E F 200
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
klei, st erk silt ig, licht grijs, bruin, zwak roest , edelm an -160
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, donker grijs, edelm an -175
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, zwak roest , edelm an -200
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
05
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, grijs, edelm an
B
klei, zwak zandig, neut raal grijs, bruin, sporen roest , edelm an
-25
50 C 100
-100
klei, m at ig silt ig, licht grijs, zwak roest , edelm an
D
-145
E
150
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, donker grijs, edelm an
F
-150
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, zwak roest , edelm an
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
06
1
, m aaiveld
0
0
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bakst een, edelm an
A B 50
-50
klei, m at ig silt ig, licht grijs, bruin, sporen bakst een, edelm an
C 100
-105
D
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, donker grijs, bruin, zwak roest , edelm an
E
-120
150
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, zwak roest , edelm an
F
-150
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an
200
250
-250
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an 290 300
350
390
-390
t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
07
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bakst een, edelm an
B 50
-50 C
klei, m at ig silt ig, licht grijs, bruin, sporen bakst een, edelm an
100 -110
E
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal grijs, bruin, m at ig hout , zwak roest , edelm an
F
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
D 150
-140
-155
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
08
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50 C
klei, m at ig silt ig, licht grijs, bruin, edelm an
D
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
E
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an
100 -120 150
-160
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
09
, m aaiveld
0
0
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
A B 50
-50 C
klei, m at ig silt ig, licht bruin, grijs, sporen roest , edelm an
D
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
E
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an
100 -120 150
-160
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
10
1
, m aaiveld
0
0
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, m at ig m et selpuin, st erk bakst een, edelm an
A B
-30
50
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bakst een, edelm an C -50
klei, m at ig silt ig, licht grijs, bruin, sporen roest , edelm an
100 D
-125 150
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
F
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an
-160
200
250
-250
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
260
300
350 360
-360
t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
11
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bakst een, edelm an
B 50
-25
klei, m at ig silt ig, licht bruin, grijs, sporen roest , edelm an C
100 -120 D 150
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an -150
E
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
12
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bet on, edelm an
B
klei, m at ig silt ig, licht bruin, grijs, sporen roest , edelm an
50
-25
C 100 D -125 150
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
F
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an
-160
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
13
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50 C
klei, zwak zandig, licht grijs, bruin, edelm an
D
klei, m at ig silt ig, licht grijs, bruin, zwak roest , edelm an
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, m at ig roest , edelm an
100
-100
150
-150
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
14
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
15
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen kolengruis, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
16
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen kolengruis, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
17
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bakst een, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
18
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50 C
klei, zwak zandig, licht grijs, bruin, edelm an
100
-100
klei, st erk zandig, licht grijs, edelm an D 150 -170 E 200
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, bruin, m at ig roest , edelm an -200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
19
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen kolengruis, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
20
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bakst een, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
21
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, beige, edelm an
B
klei, m at ig silt ig, licht grijs, beige, edelm an
-25 50
C 100
-100 D
klei, m at ig silt ig, licht grijs, sporen roest , edelm an -130
150
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an -180
F 200
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an -200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
22
, m aaiveld
0
0 A B
50
klei, zwak zandig, m at ig grindig, zwak hum eus, licht bruin, sporen kolengruis, edelm an -25
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
-50
23
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
24
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
25
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
26
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
27
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
28
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bakst een, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
29
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
30
, m aaiveld
0
0
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
A B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
31
1
, m aaiveld
0
0
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
A B 50
-50 C
klei, zwak zandig, licht grijs, bruin, edelm an
D
klei, m at ig silt ig, licht grijs, zwak roest , edelm an
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, m at ig roest , edelm an
100
-100
150
-150
200
250
-250
klei, m at ig zandig, neut raal grijs, edelm an 290 300
-300
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an 350
390
-390
t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
32
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
33
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
34
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
35
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
36
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, edelm an
B 50
-50 C
klei, zwak zandig, licht grijs, bruin, edelm an
D
klei, m at ig silt ig, licht grijs, sporen roest , edelm an
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, sporen roest , edelm an
100
-100
150
-150
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
37
, m aaiveld
0
0 A B
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, sporen bet on, sporen bakst een, edelm an
50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 8 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
38
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, grijs, edelm an
B 50
-50 C
klei, m at ig silt ig, licht grijs, bruin, edelm an
100 D -130 150
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
F
klei, m at ig silt ig, licht grijs, m at ig roest , edelm an
-170 200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
39
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, grijs, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
40
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, grijs, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
41
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, grijs, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
42
, m aaiveld
0
0
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, grijs, edelm an 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
43
, m aaiveld
0
0 A
klei, zwak zandig, zwak hum eus, licht bruin, grijs, edelm an
B 50
-50
t ype g r on d b or in g dat um 2 9 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er RL
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204690 N EN 5 1 0 4
PEILBUIS
BORIN G
OLIE OP W ATER REACTIE
num m er
bodem m onst er, geroerd
Geen casing
Zwak
Mat ig
St erk
Uit erst
bodem laag
GEUR IN TEN ISTEIT
bent oniet
grondwat erst and t ijdens boren
bodem m onst er, ongeroerd
filt ergrind
Geen Zeer zwak
Zwak
Mat ig
St erk
bodem laag filt ert raject grondwat erst and
links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP
GRON D SOORTEN
M ATE V AN BIJM EN GIN G
GRIND, grindig (G,g)
zwak - (0-5%)
ZAND, zandig (Z,z)
m at ig - (5-15%)
LEEM, silt ig (L,s)
st erk - (15-50%)
KLEI, kleiig (K,k)
uit erst - (> 50%)
VEEN, hum eus (V,h)
slib
V ERH ARD IN GEN
GRAD ATIE Z AN D
asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag
uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )
OV ERIG
GRAD ATIE GRIN D
bodem vreem de best andsdelen aanwezig
f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )
wat er
BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er
Zeer st erk
44
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
45
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
46
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
47
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
C
klei, m at ig silt ig, neut raal bruin, grijs, zwak roest , edelm an
50
-25
-50
100
-100 D
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, bruin, zwak roest , edelm an
E
klei, m at ig silt ig, donker grijs, m at ig roest , edelm an
150
-150
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204960 N EN 5 1 0 4
48
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
49
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
C
klei, m at ig silt ig, neut raal bruin, grijs, zwak roest , edelm an
50
-25
-50
100
-100 D
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, bruin, zwak roest , edelm an
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, m at ig roest , edelm an
150
-150
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
50
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
51
, m aaiveld
0
50
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204960 N EN 5 1 0 4
52
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
53
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
54
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
55
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
56
, m aaiveld
0
50
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204960 N EN 5 1 0 4
57
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
58
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
59
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
60
, m aaiveld
0
50
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, zwak roest , edelm an
-25
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
-50
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V a n H e e m st r a w e g W in sse n N204960 N EN 5 1 0 4
61
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
C
klei, m at ig silt ig, neut raal bruin, grijs, zwak roest , edelm an
50
-25
-50
100
-100 D
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, bruin, zwak roest , edelm an
E
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, m at ig roest , edelm an
150
-150
200
-200
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
62
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
50
-25
-50
t ype g r on d b or in g dat um 3 0 -1 2 -2 0 2 0 boorm eest er R. Re in d e r s
63
, m aaiveld
0
0 A
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
B
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an