Bijlage 2 - bij toelichting - Verkennend bodemonderzoek
Tekst van het document
RAPPORT:
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk
PROJECTNUMMER: B23.8794 Versie: 01
VERHOEVEN MILIEUTECHNIEK B.V. De Tweede Geerden 21 5334 LH Velddriel TEL: 0418-572060 www.verhoevenmilieu.nl info@verhoevenmilieu.nl
RAPPORT: Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk PROJECTNUMMER: B23.8794 Versie 01
OPDRACHTGEVER: Buro Waalbrug
DATUM: 5 mei 2023
Auteur:
Autorisatie:
ing. M. Hennekes Projectleider Verhoeven Milieutechniek B.V.
ing. H.M.W. van der Donk Senior projectleider 3Verhoeven Milieutechniek B.V.
B23.8794/R8794-01/MH Alle informatie in deze rapportage mag NIET worden verveelvoudigd, gekopieerd, gepubliceerd, opgeslagen, aangepast of gebruikt in welke vorm dan ook, online of offline, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever.
2 SAMENVATTING Buro Waalbrug heeft Verhoeven Milieutechniek B.V. (VMT) opdracht gegeven voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek en een verkennend onderzoek naar asbest, inclusief historisch onderzoek, ter plaatse van de locatie aan de Koningstraat 11 te Ewijk. De aanleiding tot de onderzoeken wordt gevormd door de voorgenomen herontwikkeling en bestemmingsplanwijziging (nieuwbouw woning) op de locatie. De onderzoeken zijn uitgevoerd conform c.q. afgeleid van de richtlijnen van de NEN 5725:2017, NEN 5740:2009/A1:2016, de NEN 5707:2015/C2:2017 en de NEN 5897/C2:2017. De diverse bodemonderzoeken hebben tot doel de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de locatie vast te leggen en vast te stellen of er bezwaren bestaan tegen de voorgenomen herontwikkeling en bestemmingsplanwijziging. Verhoeven Milieutechniek B.V. (certificaatnummer: EC-SIK-20250, geldig tot 20-6-2025, afgegeven door Normec Certification) is gecertificeerd conform BRL SIKB 2000 (versie 6). Verhoeven Milieutechniek B.V. heeft op geen enkele wijze belangen bij de uitkomsten van het bodemonderzoek. Namens Verhoeven Milieutechniek B.V. zijn de werkzaamheden gecoördineerd door mevrouw ing. M. Hennekes en de heer ing. H.M.W. van der Donk.
Conclusies historische gegevens en locatiebezoek Op basis van de beschikbare historische informatie zijn van de locatie en de omgeving diverse (verouderde) bodemonderzoeken bekend. Hierbij werden geen noemenswaardige gegevens aangetoond. Aangezien de voorgaande onderzoek ruim 10 jaar oud zijn en locatie in gebruik is als tweedehands autobedrijf, kan geen uitspraak worden gedaan over de actuele bodemkwaliteit en dient de locatie als verdacht te worden beschouwd op het voorkomen van een bodemverontreiniging. Daarnaast blijkt op basis van het historisch kaartmateriaal dat op de locatie 2 voormalige watergangen aanwezig zijn en dat in het verleden boomgaarden en bebouwing op de locatie aanwezig is geweest tussen 1900 en 1980. Tevens kunnen bodemvreemde bijmengingen vooralsnog niet worden uitgesloten (o.a. in verband met de voormalige bebouwing en de gedempte sloten), waardoor een verkennend onderzoek naar asbest wordt geadviseerd. Derhalve dient voor de herontwikkeling een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd te worden conform de NEN 5740 (landbodem), waarbij rekening gehouden dient te worden met 2 voormalige sloten en voormalige bebouwing. Tevens dient de (oorspronkelijke) teeltlaag als verdacht te worden beschouwd op het voorkomen van organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB) in verband met de voormalige boomgaarden.
Onderzoek naar asbest conform de NEN 5707 en/of NEN 5897 wordt daarnaast eveneens noodzakelijk geacht, aangezien naar verwachting op de locatie asbestverdachte bijmengingen (puin) worden verwacht. Met het plaatsen van de boringen, peilbuis en proefgaten dient rekening te worden gehouden met de bovengenoemde aandachtspunten.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
3 Resultaten en conclusies diverse onderzoeken Voor de onderzoekslocatie de hypothese gesteld van een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een bodem- en asbestverontreiniging. Daarbij vormden de voormalige sloten, voormalige boomgaarden en voormalige bebouwing wel aandachtspunten. Algemene kwaliteit Op basis van de analyseresultaten kan de gestelde verdachte hypothese verworpen worden, aangezien in de boven- en ondergrond en in het grondwater maximaal licht verhoogde gehalten voor zware metalen, en/of PCB zijn aangetoond, waarbij de index van een 0,5 niet wordt overschreden. Teeltlaag In de teeltlaag zijn voor OCB geen noemenswaardig verhoogde gehalten voor de geanalyseerde parameters aangetoond ten opzichte van de achtergrondwaarden, waardoor de verdachte hypothese voor OCB eveneens dient te worden verworpen. Asbest Zowel op maaiveld, als in de grond en het puin is zintuiglijk (> 20 mm) geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Analytisch (< 2 mg/kg d.s.) is geen gehalte voor asbest aangetroffen, waardoor de verdachte hypothese dient te worden verworpen. Verhoeven Milieutechniek B.V. besteedt veel zorg aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden, maar de mogelijkheid bestaat dat niet alle asbesthoudende (plaat)materialen zijn waargenomen.
Indien in de toekomst nog asbesthoudende (plaat)materialen op de locatie worden aangetroffen, kan Verhoeven Milieutechniek B.V. hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld. Algehele conclusies en aanbevelingen Middels de voorliggende onderzoeken is een indicatie verkregen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (inclusief asbest) ter plaatse van de ontwikkelingslocatie aan de Koningstraat 11 te Ewijk. Voor wat betreft de onderzochte grond (NEN en OCB), grondwater en asbest in de grond/puin is op basis van de voorliggende onderzoeken de milieuhygiënische kwaliteit in voldoende mate onderzocht. De voormalige sloten, voormalige boomgaarden en voormalige bebouwing hebben niet geleid tot een ernstige bodemverontreinigingen. Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat bij ontgraven, afvoeren en toepassen elders de regels van de Regeling en het Besluit bodemkwaliteit van toepassing zijn en mogelijk aanvullende keuringen worden verlangd.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
4 INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING................................................................................................................................................ 2 1.
INLEIDING .................................................................................................................................................. 5
2.
DOELSTELLING VAN HET ONDERZOEK .......................................................................................... 5
3.
LOCATIEGEGEVENS ............................................................................................................................... 5 3.1. ALGEMENE GEGEVENS................................................................................................................................ 5 3.2. HISTORISCHE GEGEVENS EN LOCATIEBEZOEK .......................................................................................... 5
4.
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE........................................................................................... 8 4.1. BODEMOPBOUW .......................................................................................................................................... 8 4.2. GEOHYDROLOGIE ....................................................................................................................................... 8
5.
HYPOTHESE ............................................................................................................................................... 8
6.
OPZET VAN HET ONDERZOEK ............................................................................................................ 9 6.1. ONDERZOEKSSTRATEGIE DIVERSE ONDERZOEKEN ................................................................................... 9 6.2. VELDWERKZAAMHEDEN ............................................................................................................................. 9
7.
WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE ........................................................................ 11 7.1. GROND/GRONDWATER .............................................................................................................................. 11 7.2. ASBEST ...................................................................................................................................................... 12
8.
RESULTATEN ........................................................................................................................................... 13 8.1. ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN ............................................................................................................... 13 8.2. LABORATORIUMWERKZAAMHEDEN EN ANALYSERESULTATEN .............................................................. 13 8.3. INTERPRETATIE ANALYSERESULTATEN ................................................................................................... 16
9.
CONCLUSIES DIVERSE ONDERZOEKEN ......................................................................................... 17 9.1. CONCLUSIES DIVERSE ONDERZOEKEN ..................................................................................................... 17 9.2. ALGEHELE CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ......................................................................................... 17
10. REFERENTIES .......................................................................................................................................... 18
BIJLAGEN 1.
Situering in de regio
2.
Situatieschets met boringen, peilbuis en proefgaten
3.
Boorprofielen beschrijvingen
4.
Analysecertificaten grond, grondwater en asbest
5.
Toetsingstabellen achtergrond-, streef- en interventiewaarden grond en grondwater
6.
Veldwerkgegevens asbestonderzoek (inclusief foto’s)
7.
Relevante historische informatie
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
5
1.
INLEIDING Buro Waalbrug heeft Verhoeven Milieutechniek B.V. (VMT) opdracht gegeven voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek en een verkennend onderzoek naar asbest, inclusief historisch onderzoek, ter plaatse van de locatie aan de Koningstraat 11 te Ewijk. De aanleiding tot de onderzoeken wordt gevormd door de voorgenomen herontwikkeling en bestemmingsplanwijziging (nieuwbouw woning) op de locatie. De onderzoeken zijn uitgevoerd conform c.q. afgeleid van de richtlijnen van de NEN 5725:2017 [1], NEN 5740:2009/A1:2016 [2], de NEN 5707:2015/C2:2017 [3] en de NEN 5897/C2:2017 [4]. Verhoeven Milieutechniek B.V. (certificaatnummer: EC-SIK-20250, geldig tot 20-6-2025, afgegeven door Normec Certification) is gecertificeerd conform BRL SIKB 2000 (versie 6). Verhoeven Milieutechniek B.V. heeft op geen enkele wijze belangen bij de uitkomsten van het bodemonderzoek. Namens Verhoeven Milieutechniek B.V. zijn de werkzaamheden gecoördineerd door mevrouw ing. M. Hennekes en de heer ing. H.M.W. van der Donk.
2.
DOELSTELLING VAN HET ONDERZOEK De diverse bodemonderzoeken hebben tot doel de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de locatie vast te leggen en vast te stellen of er bezwaren bestaan tegen de voorgenomen herontwikkeling en bestemmingsplanwijziging.
3.
LOCATIEGEGEVENS 3.1. Algemene gegevens De onderzoekslocatie is gelegen aan de Koningstraat 11 te Ewijk en staat kadastraal bekend als gemeente Ewijk, sectie E, nummer 2106 (ged.) met een oppervlakte van circa 1.500 m2. Op de locatie (onbebouwd gedeelte) is momenteel een autobedrijf gevestigd. Uitpandig is het maaiveld grotendeels verhard met stelcon en klinkers ten behoeve van de stalling van auto’s. . Op de locatie wordt een nieuwbouwwoning met bijgebouw gerealiseerd. Voor de situering van de locatie in de regio wordt verwezen naar bijlage 1. 3.2.
Historische gegevens en locatiebezoek
Algemeen Voorafgaand aan het verkennend bodemonderzoek is een historisch vooronderzoek uitgevoerd conform de NEN 5725:2017 (landbodem). Door een medewerker van Verhoeven Milieutechniek B.V. (VMT) zijn de websites www.bodemloket.nl, www.google.nl (streetview), www.topotijdreis.nl en www.kadaster.nl bekeken. Tevens is via de website van de provincie Gelderland een omgevingsrapportage opgevraagd en verkregen en is historische informatie opgevraagd bij de gemeente Beuningen. Voormalig en huidig gebruik De locatie is momenteel in gebruik als tweedehands autobedrijf. Ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie zijn geen verdachte activiteiten aanwezig (geweest) zoals opslag van olie, accu’s en boven-/ondergrondse tank(s). De locatie heeft voor de realisatie van het autobedrijf een agrarische bestemming gehad en is deels bebouwd geweest.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
6 Toekomstig gebruik Het voornemen bestaat om op het terrein een nieuwe woning met bijgebouw te realiseren. Bodemkwaliteitsgegevens Uit informatie van de gemeente Beuningen blijkt dat op de locatie in 1995 een inventariserend bodemonderzoek is uitgevoerd door Bedrijfsdienst Midden-Gelderland (kenmerk onbekend, d.d. 13 december 1995). Doel van dit basisdocument was het verkrijgen van een gedegen en doelmatig 'op maat gesneden' plan voor bodemonderzoek, waarmee risico's en kosten zoveel mogelijk worden beperkt. Hieruit is gebleken dat het buitenterrein verdacht is en onderzocht moet worden. Van de onderzoekslocatie en omgeving zijn volgens de omgevingsrapportage van de provincie Gelderland en informatie van de gemeente Beuningen bekend dat op de locatie twee bodemonderzoeken zijn uitgevoerd: Nulsituatie bodemonderzoek (Enviroplan Onderzoek & Advies, kenmerk P-043038/R01, d.d. 14 september 2004); Verkennend bodemonderzoek (Oranjewoud, kenmerk 257144-02, d.d. maart 2013). Uit de analyseresultaten bleek dat maximaal licht verhoogde gehalten voor zware metalen en/of xylenen zijn aangetoond in de grond en grondwater. PFAS Voor zover als bekend is voor PFAS ter plaatse van de onderzoekslocatie en in de directe omgeving geen sprake van mogelijke puntbronnen. Momenteel wordt ervan uitgegaan dat geen grond wordt afgevoerd van de locatie en een PFAS onderzoek niet noodzakelijk is.
Historisch kaartmateriaal Op basis van het historisch kaartmateriaal zijn 2 voormalige watergangen aanwezig, zijn boomgaarden en bebouwing op de locatie aanwezig geweest tussen 1900 en 1980. Asbest Op basis van het historische kaartmateriaal kunnen bodemvreemde bijmengingen vooralsnog niet worden uitgesloten (o.a. in verband met de voormalige bebouwing en de gedempte sloten). Derhalve dient uitgegaan te worden van een verdachte locatie met betrekking tot asbest in de bodem. Locatiebezoek Voorafgaand aan de uit te voeren werkzaamheden is een locatiebezoek uitgevoerd. Tijdens het locatiebezoek is geverifieerd dat een deel van de locatie is verhard en dat een deel onverhard is. Ter plaatse worden auto’s gestald. Verder zijn geen bijzonderheden waargenomen die kunnen duiden op een eventuele bodemverontreiniging. Conclusies historische gegevens en locatiebezoek Op basis van de beschikbare historische informatie zijn van de locatie en de omgeving diverse (verouderde) bodemonderzoeken bekend. Hierbij werden geen noemenswaardige gegevens aangetoond. Aangezien de voorgaande onderzoek ruim 10 jaar oud zijn en locatie in gebruik is als tweedehands autobedrijf, kan geen uitspraak worden gedaan over de actuele bodemkwaliteit en dient de locatie als verdacht te worden beschouwd op het voorkomen van een bodemverontreiniging.
Daarnaast blijkt op basis van het historisch kaartmateriaal dat op de locatie 2 voormalige watergangen aanwezig zijn en dat in het verleden boomgaarden en bebouwing op de locatie aanwezig is geweest tussen 1900 en 1980.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
7 Tevens kunnen bodemvreemde bijmengingen vooralsnog niet worden uitgesloten (o.a. in verband met de voormalige bebouwing en de gedempte sloten), waardoor een verkennend onderzoek naar asbest wordt geadviseerd. Derhalve dient voor de herontwikkeling een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd te worden conform de NEN 5740 (landbodem), waarbij rekening gehouden dient te worden met 2 voormalige sloten en voormalige bebouwing. Tevens dient de (oorspronkelijke) teeltlaag als verdacht te worden beschouwd op het voorkomen van organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB) in verband met de voormalige boomgaarden. Onderzoek naar asbest conform de NEN 5707 en/of NEN 5897 wordt daarnaast eveneens noodzakelijk geacht, aangezien naar verwachting op de locatie asbestverdachte bijmengingen (puin) worden verwacht. Met het plaatsen van de boringen, peilbuis en proefgaten dient rekening te worden gehouden met de bovengenoemde aandachtspunten.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
8
4.
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE Bij de bepaling van de regionale geologie en geohydrologie zijn de gegevens van de websites www.dinoloket.nl en www.grondwatertools.nl gebruikt. 4.1. Bodemopbouw Het oorspronkelijke bodemprofiel bestaat uit een slecht doorlatende deklaag van circa 5 meter, bestaande uit een complexe eenheid behorend tot het Holoceen. Hieronder bevindt zich het eerste watervoerend pakket met een dikte van circa 51 meter. Het pakket behoord tot de Formatie van Kreftenheye en Formatie van Peize en Waalre en bestaat uit midden tot grof zand. Onder het eerste watervoerend pakket is een scheidende laag aanwezig met een dikte van circa 3 meter behorend tot de Formatie van Waalre. De scheidende laag bestaat voornamelijk uit zandige klei. Hieronder bevindt zich het tweede watervoerend pakket behorend tot de Formatie van Peize en Waalre en de Formatie van Oosterhout. 4.2. Geohydrologie De grondwaterstroming in het eerste watervoerende pakket is globaal noord tot noordwestelijk gericht. Verder kan de stromingsrichting van het freatisch grondwater worden beïnvloed door lokale factoren, zoals het drainagepatroon, de ligging van rioleringen, de aanwezigheid van zandlichamen (voor kabels, leidingen en funderingen) en overig oppervlaktewater. De onderzoekslocatie is voor zover bekend niet gesitueerd binnen een grondwaterberschermingsgebied.
5.
HYPOTHESE Op basis van de resultaten van het historisch onderzoek is voor de locatie de hypothese gesteld voor een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een bodemverontreiniging. Daarnaast vormen de voormalige sloten, voormalige boomgaarden en voormalige bebouwing aandachtspunten. Voor wat betreft het teeltlaagonderzoek is tevens de hypothese gesteld van een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van bestrijdingsmiddelen in de teeltlaag. Voor asbest wordt eveneens uitgegaan van een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een asbestverontreiniging.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
9
6.
OPZET VAN HET ONDERZOEK 6.1.
Onderzoeksstrategie diverse onderzoeken
Verkennend bodemonderzoek Algemene kwaliteit Voor de algemene bodemkwaliteit is geadviseerd de gehele locatie te onderzoeken conform de NEN 5740 voor een ‘diffuus belaste niet-lijnvormige locatie met een heterogeen verdeelde verontreinigde stof op schaal van monsterneming’ (VED-HE-NL). Hierbij wordt uitgegaan van een oppervlakte van maximaal 1.500 m2. Aanvullend worden twee dwarsraaien van 3 boringen tot 2,0 m-mv verricht ter plaatse van de vermoedelijke ligging van de voormalige watergangen. De bodem wordt in eerste instantie enkel zintuiglijk beoordeeld. Teeltlaagonderzoek Aanvullend wordt een teeltlaagonderzoek uitgevoerd gebaseerd op de onderzoeksopzet voor een ‘diffuus belaste niet-lijnvormige locatie met een heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming’ (VED-HE-NL) voor een oppervlakte van maximaal 1.500 m2, waarbij de oorspronkelijke teeltlaag afzonderlijk wordt bemonsterd en geanalyseerd op OCB. Verkennend onderzoek naar asbest Voor het verkennend onderzoek naar asbest wordt uitgegaan van de NEN 5707/C2 voor een diffuse locatie met een heterogeen verdeelde asbestverontreiniging (VED-HE) en/of gecombineerd met de NEN 5897/C2. Hierbij wordt uitgegaan van een oppervlakte van maximaal 1.500 m2. Zintuiglijk kan tot 20 mm worden beoordeeld of asbestverdachte materialen aanwezig zijn.
Voor de fractie < 20 mm dient dit middels een analyse te worden geverifieerd. De meest verdachte grond- en puinlagen worden geanalyseerd op een kwalitatieve/kwantitatieve analyse op asbest conform NEN5898:2015: asbest in grond of puin (< 20 mm). De veld- en laboratoriumwerkzaamheden voor de diverse onderzoeken worden zoveel mogelijk gecombineerd. Met het plaatsen van de boringen, proefgaten en peilbuis is rekening gehouden met de bekende gegevens en waarnemingen in het veld. 6.2.
Veldwerkzaamheden
Algemeen / certificering Verhoeven Milieutechniek B.V. (certificaatnummer: EC-SIK-20250, geldig tot 20-6-2025, afgegeven door Normec Certification) is gecertificeerd conform BRL SIKB 2000 (versie 6). De veldwerkzaamheden ten behoeve van het verkennend onderzoek zijn uitgevoerd conform de geldende NEN/NPR-normen, BRL SIKB 2000 (versie 6). In tabel 6.1 zijn de uitvoeringsdata, gehanteerde protocollen en gecertificeerde medewerker(s) weergegeven. Tabel 6.1: Uitvoeringsdata en gehanteerde onderzoeksprotocollen Data 14 april 2023
Bedrijf Verhoeven Milieutechniek B.V.
Gecertificeerde medewerker(s) De heer J.B. Koppelman
25 april 2023
Verhoeven Milieutechniek B.V.
De heer M.A.H. van Baal
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
Protocol BRL SIKB 2001 (v. 6) 2018 (v. 6) 2002 (v. 6)
10 De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd met behulp van een Edelmanboor, zuigerboor, graafmachine en een schop. De volledige puinlaag betreft geen bodem en is derhalve niet onderzocht conform protocol 2001/2018. Verhoeven Milieutechniek B.V. heeft op geen enkele wijze belangen bij de uitkomsten van het bodemonderzoek. Uitvoering Grond Voorafgaand aan het bodemonderzoek zijn de aanwezige stelconplaten verwijderd door de opdrachtgever met behulp van een graafmachine. Ten behoeve van het bodemonderzoek zijn in totaal 14 boringen geplaatst, waarbij boring PB03 is afgewerkt met een peilbuis. De boringen zijn zo goed als mogelijk verspreid binnen het plangebied, waarbij de boring B10 ter plaatse van de voormalige bebouwing is geplaatst en de boringen PB03, B05, B07 en B08 ter plaatse van de toekomstige bebouwing. De raaiboringen B04A-C en B05A-C zijn (tevens) ter plaatse van de voormalige watergangen geplaatst. In tabel 6.2 zijn de uitgevoerde veldwerkzaamheden ten behoeve van het bodemonderzoek weergegeven. Tabel 6.2: Uitgevoerde veldwerkzaamheden bodemonderzoek Boring tot circa 0,5 m-mv B01, B02, B06 t/m B10
Boringen en peilbuis Boring tot circa 2,0 m-mv B04A-C, B05A-C
Peilbuis (met filterstelling) PB03 (2,00-3,00)
Grondwater Het grondwater uit de geplaatste peilbuis PB03 is, na een standtijd van minimaal één week en twee keer afpompen, op 25 april 2023 bemonsterd. De bemonstering heeft plaatsgevonden volgens de techniek van lage troebelheidsbemonstering, waarbij de grondwaterstand (GWS), zuurgraad (pH), geleidbaarheid (EC) en troebelheid van het grondwater in het veld zijn bepaald. Asbest Ten behoeve van het onderzoek naar asbest is allereerst een locatie- en maaiveldinspectie uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat het maaiveld op de onderzoekslocatie grotendeels is verhard, begroeid met vegetatie > 2 cm en op het maaiveld zijn opgeslagen goederen aanwezig (totaal circa 90 %). Er heeft derhalve, in afwijking van de BRL 2018 en/of NEN 5897, geen efficiënte maaiveldinspectie (< 25% zichtbaar) plaats kunnen vinden. Mogelijk zijn hierdoor de resultaten beïnvloed. Op het maaiveld zijn desondanks, rekening houdend hiermee, geen asbestverdachte (plaat)materialen (fractie > 20 mm) waargenomen. Ten behoeve van het onderzoek naar asbest zijn uiteindelijk ter plaatse van de locatie totaal 10 proefgaten (B01 t/m B10) gegraven. De proefgaten hebben een omvang 0,3 x 0,3 m tot 0,5 m-mv. Voor de inspectie van de ondergrond zijn diverse proefgaten doorgezet middels een Edelmanboor met een diameter van 12 cm tot in de ongeroerde ondergrond (gecombineerd met boringen uit het verkennend bodemonderzoek).
Om een verontreiniging met asbest vast te stellen is, per proefgat, de grove fractie (> 20 mm) van het vrijgekomen materiaal geïnspecteerd op asbestverdachte materialen (fractie > 20 mm). Van de meest verdachte grond- en puinlagen zijn mengmonsters samengesteld voor analytisch onderzoek op asbest (< 20 mm). De veldwerkformulieren (inclusief foto's) van het verkennend onderzoek naar asbest zijn opgenomen in bijlage 6. De situatieschets met de geplaatste boringen, peilbuis en proefgaten is opgenomen als bijlage 2.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
11
7.
WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE 7.1. Grond/grondwater De verontreinigingssituatie van de bodem kan worden beoordeeld door toetsing van de gemeten gehaltes in grond en/of grondwater aan de streef-, achtergrond- en interventiewaarden. De achtergrondwaarden voor grond zijn opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit [5]. De meest recente streef- en interventiewaarden voor grondwater en interventiewaarden voor grond zijn vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 [6] en worden gebruikt voor de toetsing van de analyseresultaten. De streefwaarden geven voor het grondwater het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. In het bodembeschermingsbeleid geven zij het te bereiken en te behouden kwaliteitsniveau voor het grondwater aan. De achtergrondwaarden geven voor de grond het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. In het bodembeschermingbeleid geven zij het te bereiken en te behouden kwaliteitsniveau voor de grond aan. De interventiewaarden geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig zijn of dreigen te worden verminderd. Om van een geval van ernstige bodemverontreiniging te spreken dient voor ten minste één stof de gemiddelde concentratie van minimaal 25 m3 grond of 100 m3 bodemvolume voor grondwater hoger te zijn dan de interventiewaarde.
De achtergrond- en interventiewaarden voor de vaste bodem zijn gerelateerd aan het lutum- en/of het organische stofgehalte van de bodem. Om de verkregen analyseresultaten te kunnen toetsen aan de achtergrond- en interventiewaarden worden de meetwaarden, met behulp van de analytisch vastgestelde gehalten aan lutum en/of organische stofgehalte, teruggerekend naar gestandaardiseerde meetwaarden (GSSD). Indien de lutum en/of organische stofgehalten niet analytisch zijn vastgesteld, zijn ze aan de hand van de zintuiglijke waarnemingen, in combinatie met de overige analyseresultaten, ingeschat. Aan de hand van bovenstaande waarden wordt een index berekend. De index wordt voor grond berekend met de formule: (GSSD - achtergrondwaarde) / (interventiewaarde achtergrondwaarde). Voor grondwater wordt de achtergrondwaarde in de formule vervangen door de streefwaarde. Indien de index groter is dan 1 wordt de interventiewaarde overschreden. Uit de toetsing van de GSSD aan de streef-, achtergrond-, en interventiewaarden kan het volgende worden afgeleid: Bij een overschrijding van de streef- en/of achtergrondwaarde is het vermoeden van bodemverontreiniging bevestigd. Bij een berekende index groter dan 0,5 bestaat het vermoeden van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
Middels de uitvoering van de aanvullende analyses, mogelijk gevolgd door een nader bodemonderzoek, dient de omvang van de verontreiniging(en) te worden bepaald. Afhankelijk van de resultaten wordt het vermoeden van een geval van ernstige bodemverontreiniging bevestigd dan wel verworpen. In het eerste geval dient overgegaan te worden tot de uitvoering van een saneringsonderzoek, gevolgd door een sanering.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
12 Momenteel wordt gewerkt aan het toevoegen van toetsingswaarden voor PFAS aan de Regeling bodemkwaliteit tot die tijd moet het handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (geactualiseerd d.d. 13 december 2021), worden gehanteerd. In het handelingskader hergebruik is vastgesteld dat voor de functieklasse “landbouw/ natuur” (achtergrondwaarde) voor PFOS een toepassingsnorm van 1,9 μg/kg d.s. wordt gehanteerd en voor alle overige PFAS stoffen een toepassingsnorm van 1,4 μg/kg d.s. Voor de functieklassen “wonen” en “industrie” geldt een toepassingsnorm van 7 μg/kg d.s. voor PFOA en 3 μg/kg d.s. voor de overige PFAS stoffen en GenX. Aanvullend wordt opgemerkt dat deze gehalten door gebiedsspecifiek beleid zowel strenger als minder streng kunnen zijn. Het is nu nog niet mogelijk om interventiewaarden voor PFAS te bepalen. Daarom heeft het RIVM (d.d. 5 maart 2020, met aanpassing d.d. 9 mei 2022) voorlopige waarden afgeleid: de Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging (INEV). Met de INEV’s kunnen gemeenten en provincies bepalen waar de bodem ernstig verontreinigd is en of meer onderzoek nodig is. Als de concentraties onder de INEV’s blijven, zijn er doorgaans geen onaanvaardbare risico’s voor mens of milieu. 7.2.
Asbest De interventiewaarde voor asbest in de grond is vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 [6] en maximale samenstellingswaarde voor asbest in puin is opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit [5] en bedraagt in beide gevallen 100 mg/kg d.s. gewogen asbestconcentratie (serpentijnconcentratie vermeerderd met tienmaal de amfiboolconcentratie). De aangetroffen concentraties voor asbestverdachte grond- en/of puinmonsters en aan asbestverdachte plaatmaterialen worden teruggerekend naar het in het veld geïnspecteerde volume en vervolgens getoetst aan de interventiewaarde bodemsanering. Als tijdens de analyse van asbest in fijne fractie (< 20 mm) blijkt dat er in een monster niethechtgebonden asbest is aangetroffen en dat er losse vezels zijn aangetroffen in de fractie < 500 µm, wordt in de NEN 5898 geadviseerd een onderzoek naar het aantal respirabele vezels uit te voeren middels een Stereo Electro Microscoop (SEM) analyse. Als tijdens het onderzoek naar asbest in de grond een gewogen asbestgehalte van meer dan 1.000 mg/kg d.s. (hechtgebonden) en/of meer dan 100 mg/kg d.s. (niet-hechtgebonden) wordt aangetoond, moet op basis van de risicobeoordeling in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 eveneens een onderzoek naar de respirabele vezels worden uitgevoerd.
Indien de gewogen asbestconcentratie groter is dan de halve interventiewaarde/maximale samenstellingswaarde, bestaat het vermoeden van een geval van ernstige (bodem)verontreiniging. Het uitvoeren van een nader onderzoek naar asbest is dan verplicht. De hoogst berekende waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. Er is sprake van een geval van ernstige verontreiniging met asbest indien de berekende concentratie binnen een ruimtelijke eenheid hoger is dan de interventiewaarde/maximale samenstellingswaarde. Het vaststellen van de gemiddelde gewogen asbestconcentratie dient te worden uitgevoerd conform de NEN 5707/NEN5897. Als respirabele vezels in de toplaag (contactzone, of diepte graafwerkzaamheden) worden aangetoond en het gewogen gehalte van 10 mg/kg d.s. wordt overschreden is reeds sprake van “onaanvaardbare risico’s buiten”. Opgemerkt wordt dat het volumecriterium voor een bodemverontreiniging met asbest niet van toepassing is bij het vaststellen van de ernst.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
13
8.
RESULTATEN 8.1. Zintuiglijke waarnemingen De bodem ter plaatse van de locatie bestaat vanaf maaiveld tot circa 2,0 m-mv afwisselend uit zwak tot matig zandige, matig siltige, zwak tot matig humeuze klei en matig fijn, zwak tot matig siltig zand. Vanaf 2,0 m-mv tot aan de maximale boordiepte van 3,0 m-mv is matig grof, zwak siltig zand aanwezig. Bij de (raai)boringen B05A-C is een volledige puinlaag aanwezig vanaf maaiveld tot maximaal 1,0 m-mv. Ter plaatse van de vermoedelijke voormalige sloten zijn verder geen afwijkende lagen aangetroffen in de grond, die duiden op een verontreinigde slootbodem. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in de boringen/proefgaten zintuiglijk bijmengingen van bodemvreemde materialen aangetroffen. De bijmengingen zijn samengevat in tabel 8.1. Tabel 8.1: Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Boring/proefgat B02 PB03
Diepte boring (m -mv) 0,50 3,00
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,50 - 1,00 0,50 - 1,00 0,50 - 1,00 0,50 - 1,00 0,00 - 1,00 0,00 - 1,00 0,00 - 1,00 0,22 - 0,50 0,00 - 0,30
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Klei Klei Klei Klei Klei Klei + + + Klei Klei
Matig puinhoudend Zwak puinhoudend Zwak baksteenhoudend Sporen puin Sporen puin Sporen puin Volledig puin Volledig puin Volledig puin Sporen baksteen Matig puinhoudend
B04A 2,00 B04B 2,00 B04C 2,00 B05A 2,00 B05B 2,00 B05C 2,00 B07 0,50 B10 0,50 Toelichting bij tabel: + Betreft geen bodem (≥ 50 % bodemvreemd materiaal).
Tijdens de uitgevoerde veldwerkzaamheden zijn, afgezien van de bovenstaande bijmengingen, verder geen overige bodemvreemde materialen waargenomen of overige waarnemingen gedaan die kunnen duiden op een bodemverontreiniging. Tevens zijn, zowel op maaiveld als in de opgeboorde grond, zintuiglijk (fractie > 20 mm) geen asbestverdachte (plaat)materialen waargenomen. De volledige boorprofiel beschrijvingen zijn opgenomen als bijlage 3. 8.2.
Laboratoriumwerkzaamheden en analyseresultaten
Algemeen De analyses zijn uitgevoerd door het geaccrediteerde laboratorium van SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam (grond, grondwater en asbest). De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. De achtergrondwaarden voor grond en maximale samenstellingswaarden zijn opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit. De meest recente streef- en interventiewaarden voor grondwater en interventiewaarden voor grond en asbest in grond zijn vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 en worden gebruikt voor de toetsing van de analyseresultaten. Een volledig overzicht van de toetsings- en analyseresultaten voor de grond is opgenomen als bijlage 5.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
14 In tabel 8.2 is een overzicht opgenomen van de opmerkingen die aan de analysecertificaten zijn toegevoegd. Tabel 8.2: Opmerkingen analysecertificaten Certificaatnummer Grond 13852696
Asbest 13852697
(Meng-) monster
Parameter
Opmerking
Toelichting
MM01
PCB 138
Er zijn componenten aanwezig die een storende invloed hebben op de meting. Om die reden is de onzekerheid in het resultaat vergroot
Aangezien de som parameter voor PCB de indexwaarde niet overschrijdt, wordt niet verwacht dat de eindconclusie van dit onderzoek hierdoor wordt beïnvloed.
MMASB01
Asbest
Na droging resteert minder dan de in NEN 5898 (hoofdstuk 5) aangegeven minimale monsterhoeveelheid. In het laboratorium is meer dan de in NEN 5898 voorgeschreven hoeveelheid van de zeeffracties 0,5 1 mm en 1 2 mm onderzocht om te bewerkstellen dat de vereiste bepalingsgrens van 2 mg/kg ds wordt gehaald
Er is minder dan 25 kg droge stof aan monstermateriaal aangeleverd (24,96 kg), waardoor de analyseresultaten mogelijk minder representatief zijn. Aangezien in het mengmonster geen gehalte voor asbest (< 2 mg/kg d.s.) is aangetoond, wordt niet verwacht dat de eindconclusie van dit onderzoek hierdoor wordt beïnvloed.
Toelichting bij de tabel: PCB Polychloorbifenylen.
Grond Op basis van de zintuiglijke waarnemingen en de onderzoeksopzet tijdens de veldwerkzaamheden zijn de in tabel 8.3 weergegeven grond(meng)monsters samengesteld, geselecteerd en geanalyseerd. In verband met het aantreffen van diverse bodemvreemde bijmengingen en de volledige puinlaag/-fundatie is één extra grondmonster ingezet op een NEN-pakket. Tabel 8.3: Overzicht grond(meng)monsters met bijbehorende analyses en resultaten (Meng-) Omschrijving Monster Algemene kwaliteit MM01 Bovengrond, klei Zintuiglijk: zwak/matig puinhoudend MM02 M03 MM04
MM05 Teeltlaag MMOCB01
MMOCB02
(Boven)grond, klei Zintuiglijk: sporen puin en/of sporen tot zwak baksteenhoudend Ondergrond, klei Zintuiglijk: (grondlaag onder volledig puin) Ondergrond, klei Zintuiglijk: -
Ondergrond, zand Zintuiglijk: (Oorspronkelijke) teeltlaag, klei Zintuiglijk: sporen baksteen/zwak/matig puinhoudend Teeltlaag, klei Zintuiglijk: -
MMOCB03
Boring (traject in m-mv)
Analysepakket
Resultaten > AW < I >I
B02 (0,00 - 0,50) B10 (0,00 - 0,30) PB03 (0,00 - 0,50) B04B (0,50 - 1,00) B07 (0,22 - 0,50) PB03 (0,50 - 1,00) B05B (1,00 - 1,50)
NEN
PCB
-
NEN
PCB
-
Ni
-
B04B (1,00 - 1,30) B04B (1,30 - 1,60) B05B (1,70 - 2,00) PB03 (1,00 - 1,40) PB03 (1,40 - 1,60) B04B (1,60 - 2,00) PB03 (1,60 - 2,00)
NEN
-
-
NEN
-
-
B02 (0,00 - 0,30) B07 (0,22 - 0,50) B10 (0,00 - 0,30) PB03 (0,00 - 0,30) B01 (0,00 - 0,30) B04B (0,00 - 0,30) B06 (0,00 - 0,30) B08 (0,30 - 0,50) B09 (0,25 - 0,50)
OCB
-
-
OCB
-
-
(Oorspronkelijk) teeltlaag, klei OCB DDE Zintuiglijk: Toelichting bij tabel 8.3: NEN De zware metalen barium [Ba], cadmium [Cd], kobalt [Co], koper [Cu], kwik [Hg], lood [Pb], molybdeen [Mo], nikkel [Ni] en zink [Zn], polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK, 10 VROM), Polychloor bifenylen (PCB) en minerale olie (MO), inclusief lutum en organische stof (humus); OCB Organochloorbestrijdingsmiddelen incl. organische stof (humus); AW Achtergrondwaarde; I Interventiewaarde; Niets aangetroffen/waargenomen.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
15 Grondwater Het grondwatermonster met de bijbehorende analyses- en toetsingsresultaten is in tabel 8.4 weergegeven. Tabel 8.4: Peilbuis met bijbehorende analyse- en toetsingsresultaten grondwater Peilbuis
Filterdiepte GWS pH EC Troebelheid Analysepakket Resultaten (m-mv) (m-mv) (µS/cm) (NTU) >S<I >I PB03 2,00 - 3,00 1,39 7,0 783 63 NEN Ba, Mo, Ni Toelichting bij de tabel: NEN Zware metalen (Barium [Ba], cadmium [Cd], kobalt [Co], koper [Cu], kwik [Hg], lood [Pb], molybdeen [Mo], nikkel [Ni], zink [Zn]), Vluchtige aromaten (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen en naftaleen), vluchtige chloorkoolwaterstoffen (VOCl) en minerale olie (MO); S Streefwaarde; I Interventiewaarde; Niets aangetoond/geanalyseerd.
De gemeten waarden voor de zuurgraad (pH) en de geleidbaarheid (EC) zijn niet afwijkend van een natuurlijke situatie. In het genomen grondwatermonster uit peilbuis PB03 is een hogere troebelheid gemeten dan voor natuurlijke troebelheid verwacht wordt (< 10 NTU). De peilbuis heeft voldoende rusttijd gehad na plaatsing (minimaal een week). Daarnaast is de peilbuis zorgvuldig en met een voldoende laag debiet (≤ 0,1 l/min) afgepompt zodat de grondwaterstand in de peilbuis minder dan 50 cm (niet belucht) is gedaald. Daarom wordt aangenomen dat er geen sprake is geweest van een verstoord bodemevenwicht tijdens monsterneming en dat de gemeten waarde voor troebelheid een natuurlijke oorzaak heeft (zwevende stoffen als lutum of silt in het grondwater). Asbest Op basis van de zintuiglijke waarnemingen zijn twee puinmengmonsters en drie grondmengmonsters samengesteld van de meest verdachte grondlagen. Twee van de grond/puinmengmonsters zijn aangeboden aan het lab voor analyse op asbest conform NEN5898:2015 (asbest in grond/puin in de fractie < 20 mm). De samenstelling van de mengmonsters met zintuiglijke waarnemingen en de bijbehorende analyses is in tabel 8.5 weergegeven. Tabel 8.5: Samenstelling mengmonsters asbest Monstercode
Samenstelling
Laagdikte
Zintuiglijk
MMASB01 B05B 0,00-0,50 Volledig puin MMASB02 B07, B08, B09 0,00-0,30 MMASB03 B05B 0,50-1,00 Volledig puin MMASB04 B01, B04, B06 0,00-0,50 MMASB05 B02, B03, B10 0,00-0,50 Zwak/matig puinhoudend Toelichting bij tabel 8.5: 1 Asbestanalyse asbest in grond of puin (< 20 mm).
Soort
Analysepakket
Puin Grond Puin Grond Grond
Asbest in puin (> 25 kg) 1 Niet geanalyseerd Niet geanalyseerd Niet geanalyseerd Asbest in grond (> 10 kg) 1
De resultaten van de geanalyseerde grondmonsters en de gewogen hoeveelheid asbest (< 20 mm, conform analysecertificaten) zijn weergegeven in tabel 8.6. Tabel 8.6: Overzicht onderzochte grond-/puinmonsters en gewogen hoeveelheid asbest < 20 mm conform analysecertificaat Monstercode
Soort materiaal
Hechtgebonden -
Type*
Gemeten < 20 mm (mg/kg d.s.) <2 <2
Totaal gewogen < 20 mm (mg/kg d.s.) <2 <2
MMASB01 MMASB05 Toelichting bij tabel 8.6: * Chrysotiel (witte asbest) is een serpentijnasbest. Bij serpentijnasbest zijn de vezels gekruld. Crocidoliet (blauwe asbest) en amosiet (bruine asbest) zijn een amfiboolasbest. Bij amfiboolasbest zijn de vezels staafvormig en daardoor gevaarlijker. Daarom wordt de amfiboolconcentratie met een factor 10 verhoogd; Niet aangetoond/waarneembaar.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
16
8.3.
Interpretatie analyseresultaten
Grond In mengmonster MM01 van de zwak/matig puinhoudende bovengrond (klei) en in mengmonster MM02 van de (boven)grond (klei) met sporen puin en baksteen zijn licht verhoogde gehalten voor PCB aangetoond. De aangetoonde gehalten overschrijden de betreffende achtergrondwaarde, maar blijven ruim beneden de interventiewaarde, alsmede onder de index van 0,5 (norm voor nader onderzoek). De overige onderzochte NEN-parameters zijn niet verhoogd aangetoond ten opzichte van de achtergrondwaarden. In monster M03 van de zintuiglijk schone ondergrond (klei) onder de volledige puinlaag is een licht verhoogd gehalte voor nikkel aangetoond. Het aangetoonde gehalte overschrijdt de betreffende achtergrondwaarde, maar blijft ruim beneden de interventiewaarde, alsmede onder de index van 0,5. De overige onderzochte NEN-parameters zijn niet verhoogd aangetoond ten opzichte van de achtergrondwaarden. In de mengmonsters MM04 (klei) en MM05 (zand) van de zintuiglijk schone ondergrond zijn geen verhoogde gehalten voor de onderzochte parameters (NEN) aangetoond ten opzichte van de betreffende achtergrondwaarden. Teeltlaag In de mengmonster MMOCB01 en MMOCB02 van de (oorspronkelijke) teeltlaag (klei) zijn geen verhoogde gehalten voor OCB aangetoond, ten opzichte van de betreffende achtergrondwaarden.
In mengmonster MMOCB03 van de (oorspronkelijke) teeltlaag (klei) is een licht verhoogd gehalte voor DDE aangetoond. Het aangetoonde gehalte overschrijdt de betreffende achtergrondwaarde, maar blijft ruim beneden de interventiewaarde, alsmede onder de index van 0,5. De overige onderzochte OCB-parameters zijn niet verhoogd aangetoond ten opzichte van de achtergrondwaarden. Grondwater In het grondwater uit peilbuis PB03 zijn licht verhoogde gehalten voor barium, molybdeen en nikkel aangetoond. De aangetoonde gehalten overschrijden de betreffende streefwaarden, maar blijven ruim onder de interventiewaarden, alsmede onder de index van 0,5. De overige onderzochte NEN-parameters zijn niet verhoogd aangetoond ten opzichte van de streefwaarden. Asbest Zintuiglijk zijn zowel op maaiveld als in het vrijkomende materiaal uit de boringen/proefgaten geen asbestverdachte materialen (> 20 mm) aangetroffen. In het onderzochte mengmonster van de volledige puinlaag uit proefgat B05B (MMASB01, volledig puin) is analytisch (< 20 mm) geen asbest (< 2,0 mg/kg d.s.) aangetoond. In het onderzochte mengmonster van de bovengrond uit de proefgaten B02, B03 en B10, (MMASB05, zwak/matig puinhoudend), is analytisch (< 20 mm) eveneens geen asbest (< 2,0 mg/kg d.s.) aangetoond.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
17
9.
CONCLUSIES DIVERSE ONDERZOEKEN 9.1. Conclusies diverse onderzoeken Voor de onderzoekslocatie de hypothese gesteld van een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een bodem- en asbestverontreiniging. Daarbij vormden de voormalige sloten, voormalige boomgaarden en voormalige bebouwing wel aandachtspunten. Algemene kwaliteit Op basis van de analyseresultaten kan de gestelde verdachte hypothese verworpen worden, aangezien in de boven- en ondergrond en in het grondwater maximaal licht verhoogde gehalten voor zware metalen, en/of PCB zijn aangetoond, waarbij de index van een 0,5 niet wordt overschreden. Teeltlaag In de teeltlaag zijn voor OCB geen noemenswaardig verhoogde gehalten voor de geanalyseerde parameters aangetoond ten opzichte van de achtergrondwaarden, waardoor de verdachte hypothese voor OCB eveneens dient te worden verworpen. Asbest Zowel op maaiveld, als in de grond en het puin is zintuiglijk (> 20 mm) geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Analytisch (< 2 mg/kg d.s.) is geen gehalte voor asbest aangetroffen, waardoor de verdachte hypothese dient te worden verworpen. Verhoeven Milieutechniek B.V. besteedt veel zorg aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden, maar de mogelijkheid bestaat dat niet alle asbesthoudende (plaat)materialen zijn waargenomen.
Indien in de toekomst nog asbesthoudende (plaat)materialen op de locatie worden aangetroffen, kan Verhoeven Milieutechniek B.V. hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld. 9.2. Algehele conclusies en aanbevelingen Middels de voorliggende onderzoeken is een indicatie verkregen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (inclusief asbest) ter plaatse van de ontwikkelingslocatie aan de Koningstraat 11 te Ewijk. Voor wat betreft de onderzochte grond (NEN en OCB), grondwater en asbest in de grond/puin is op basis van de voorliggende onderzoeken de milieuhygiënische kwaliteit in voldoende mate onderzocht. De voormalige sloten, voormalige boomgaarden en voormalige bebouwing hebben niet geleid tot een ernstige bodemverontreinigingen. Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat bij ontgraven, afvoeren en toepassen elders de regels van de Regeling en het Besluit bodemkwaliteit van toepassing zijn en mogelijk aanvullende keuringen worden verlangd.
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
18
10.
REFERENTIES 1. Nederlands Normalisatie Instituut, Delft 2017. NEN 5725, norm Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek. 2. Nederlands Normalisatie Instituut, Delft 2009. NEN 5740/A1:2016, norm Bodem – Landbodem – onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek, onderzoek naar de kwaliteit van de bodem en grond. 3. Nederlands Normalisatie Instituut, Delft 2015, NEN 5707/C2:2017, norm Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond. 4. Nederlands Normalisatie Instituut, Delft 2015, NEN 5897/C2:2017, norm - Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat. 5. Ministerie van VROM en Verkeer en Waterstaat, Regeling bodemkwaliteit, Staatscourant, 20 december 2007, nr. 247 (inclusief rectificaties en wijzigingen hierop volgend). 6. Ministerie van VROM, Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatscourant, 27 juni 2013, nr. 16675 (inclusief rectificaties en wijzigingen hierop volgend).
Diverse (bodem)onderzoeken, Koningstraat 11 te Ewijk Rapportnr.: B23.8794 versie: 01 datum: 5 mei 2023
Bijlage 1
Bijlage 1
Tekening: B23.8794
Schaal: 1 : 50.000
Bron: CC-BY Kadaster; Topografische kaart van Nederland (uitgave 2017) Onderdeel: Situering in de regio
Bijlage 2
346
t
a stra ing n o K
2897
1b
a-1
11 2106
13
813 11
Bijlage 3
Bijlage 3
Boring:
B01
Boring:
B02
Datum:
14-4-2023
Datum:
14-4-2023
0 1
0
gras
50
Klei zwak siltig zwak humeus, , zwak grindhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor
O
50
0 1 50
Boring:
PB03
Boring:
B04A
Datum: GWS:
14-4-2023 140
Datum: GWS:
14-4-2023 140
0 1
0
gras
50
Klei matig zandig matig humeus, , zwak puinhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
100
Klei zwak zandig zwak humeus, , zwak baksteenhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor
O
50 2 100
0
50
100
Klei zwak siltig, licht bruinbeige, Edelmanboor
3
0
gras
50
Klei matig zandig matig humeus, , matig puinhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
0
gras
50
Klei matig siltig zwak humeus, , sporen grind, licht beigebruin, Edelmanboor
100
Klei zwak zandig matig humeus, , sporen puin, donkerbruin, Edelmanboor
130
Klei zwak siltig zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
O
140
150
4
160
5
Klei sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor Zand matig grof zwak siltig zwak grindig, neutraalbeige, Zuigerboor handmatig
200
150
160
200
Klei sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
200
Zand matig fijn matig siltig, lichtgrijs, Edelmanboor
0
gras
50
Klei matig siltig zwak humeus, , sporen grind, licht beigebruin, Edelmanboor
100
Klei zwak zandig matig humeus, , sporen puin, donkerbruin, Edelmanboor
130
Klei zwak siltig zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
250
300
300
Boring:
B04B
Boring:
B04C
Datum: GWS:
14-4-2023 140
Datum: GWS:
14-4-2023 140
0 1
0
gras
50
Klei matig siltig zwak humeus, , sporen grind, licht beigebruin, Edelmanboor
100
Klei zwak zandig matig humeus, , sporen puin, donkerbruin, Edelmanboor
130
Klei zwak siltig zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
O
50 2 100 3 150
4 160
5 200
Projectcode: B23.8794 getekend volgens NEN 5104
200
Klei sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor Zand matig fijn matig siltig, lichtgrijs, Edelmanboor
0
50
100
150
200
160
200
Klei sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor Zand matig fijn matig siltig, lichtgrijs, Edelmanboor
Bijlage 3
Boring:
B05A
Boring:
B05B
Datum: GWS:
14-4-2023 140
Datum: GWS:
14-4-2023 140
0
0
puin
0
0
volledig puin, matig kleihoudend, donkerbruin, Graafmachine 50
puin volledig puin, matig kleihoudend, donkerbruin, Graafmachine
50
100
100
150
1 150
170
200
200
100
100 Klei matig siltig, donker beigegrijs, Edelmanboor
Klei sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
2
170
200
B05C
Boring:
B06
Datum: GWS:
14-4-2023 140
Datum:
14-4-2023
0
puin
0
volledig puin, matig kleihoudend, donkerbruin, Graafmachine 50
200
Klei sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
0
gras
3
Boring:
0
Klei matig siltig, donker beigegrijs, Edelmanboor
O
1
Klei zwak siltig matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
O 50
50
100
100
Klei matig siltig, donker beigegrijs, Edelmanboor 150 170
200
200
Klei sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
Boring:
B07
Boring:
B08
Datum:
14-4-2023
Datum:
14-4-2023
0 1 2
O
50
0
stelcon
12 22
Graafmachine
50
Zand matig grof zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor Klei zwak zandig, , sporen baksteen, sporen grind, donkergrijs, Edelmanboor
Projectcode: B23.8794 getekend volgens NEN 5104
0
0
50
12
1
30
2
O 50
stelcon Graafmachine Zand matig grof zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor Klei zwak zandig, donkergrijs, Edelmanboor
Bijlage 3
Boring:
B09
Boring:
B10
Datum:
14-4-2023
Datum:
14-4-2023
0 1 2
O
50
Projectcode: B23.8794 getekend volgens NEN 5104
0
braak
25
Zand matig fijn zwak siltig, lichtbeige, Edelmanboor
50
Klei matig siltig zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
0 1 50
2
0
puin
30
Klei matig siltig zwak humeus, , matig puinhoudend, neutraalbruin, Graafmachine
O 50
Klei zwak zandig zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand
bentoniet afdichting
filter
Bijlage 4
SGS Environmental Analytics Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl
Analyserapport
VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Michelle Hennekes De Tweede Geerden 21 5334 LH VELDDRIEL
Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer
Blad 1 van 12
: BURE : B23.8794 : 13852696, versienummer: 1.
Rotterdam, 24-04-2023
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project B23.8794. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de door SGS geteste monsters en zoals door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics, gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 12 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 1 september 2022 is SGS Environmental Analytics B.V. gefuseerd met SGS Nederland B.V. en handelt onder de naam SGS Environmental Analytics. Alle erkenningen van SGS Environmental Analytics B.V.
blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Nederland B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,
René Eugster Operations Manager Rotterdam
SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 2 van 12
Analyserapport VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Michelle Hennekes Projectnaam BURE Projectnummer B23.8794 Rapportnummer 13852696 - 1
Orderdatum 14-04-2023 Startdatum 14-04-2023 Rapportagedatum 24-04-2023
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003 004 005
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM01 MM02 M03 MM04 MM05
Analyse
Eenheid
Q
monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten
gew.-% g -
S S S S
Ja 83.6 <1 geen
Ja 82.9 <1 geen
Ja 78.5 <1 geen
Ja 82.3 <1 geen
Ja 79.3 <1 geen
organische stof (gloeiverlies)
% vd DS
S
2.0
1.3
1.9
0.5
0.5
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS
S
12
21
30
17
5.8
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
S S S S S S S S S
90 0.29 5.6 17 0.07 37 1.1 21 78
160 0.42 8.1 22 0.07 31 0.74 28 90
210 0.38 16 21 <0.05 25 0.76 46 82
110 <0.2 5.6 10 <0.05 12 <0.5 20 38
45 <0.2 3.5 6.8 <0.05 <10 <0.5 13 25
<0.01 0.03 0.01 0.10 0.05 0.06 0.04 0.05 0.05 0.05 1) 0.447
<0.01 0.01 <0.01 0.03 0.01 0.01 0.01 0.02 0.02 0.02 1) 0.144
<0.01 <0.01 <0.01 0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 1) 0.073
<0.01 <0.01 <0.01 0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 0.01 <0.01 1) 0.076
<1 <1 2.2 <1 3.9 5.8
<1 <1 <1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1 <1 <1
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
001
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S 0.11 antraceen mg/kgds S 0.03 fluoranteen mg/kgds S 0.33 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.15 chryseen mg/kgds S 0.15 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.10 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.16 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.14 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.14 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 1.317 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds
S S S S S S
<1 <1 <1 <1 2) 1.2 <1
002
003
004
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
005
Blad 3 van 12
Analyserapport VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Michelle Hennekes Projectnaam BURE Projectnummer B23.8794 Rapportnummer 13852696 - 1
Orderdatum 14-04-2023 Startdatum 14-04-2023 Rapportagedatum 24-04-2023
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003 004 005
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM01 MM02 M03 MM04 MM05
Analyse
Eenheid
Q
001
002
003
004
005
PCB 180 som PCB (7) (0.7 factor)
µg/kgds µg/kgds
S S
<1 1) 5.4
3.9 1) 17.9
<1 1) 4.9
<1 1) 4.9
<1 1) 4.9
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
S
<5 <5 8 7 <20
<5 6 <5 <5 <20
<5 <5 <5 <5 <20
<5 <5 <5 <5 <20
<5 <5 <5 <5 <20
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 4 van 12
Analyserapport VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Michelle Hennekes Projectnaam BURE Projectnummer B23.8794 Rapportnummer 13852696 - 1
Orderdatum 14-04-2023 Startdatum 14-04-2023 Rapportagedatum 24-04-2023
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
002
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
003
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
004
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
005
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1 2
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa. Er zijn componenten aanwezig die een storende invloed hebben op de meting. Om die reden is de onzekerheid in het resultaat vergroot.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 5 van 12
Analyserapport VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Michelle Hennekes Projectnaam BURE Projectnummer B23.8794 Rapportnummer 13852696 - 1
Orderdatum 14-04-2023 Startdatum 14-04-2023 Rapportagedatum 24-04-2023
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
006 007 008
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MMOCB01 MMOCB02 MMOCB03
Analyse
Eenheid
Q
monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten