Bijlage 10: Bij toelichting - Watertoets en onderzoek
Tekst van het document
de laagste waarde voor goed doorlatend zand (bron:15); De afvoer vanuit de wadi's naar het oppervlaktewater van het waterschap mag niet meer zijn dan 1,5 l/s/ha (landelijke afvoernorm); Bij een T=10+10%-situatie (neerslagsituatie die eens in de 10 jaar voorkomt met 10% opslag voor klimaatverandering) dient de minimaal benodigde berging in de wadi's 416 m3 te zijn waarbij het peil maximaal 0,3 m mag stijgen; Bij een T=100+10%-situatie dient de minimaal benodigde berging in de wadi's 903 m3 te zijn waarbij de wadi's tot aan maaiveld gevuld mag zijn; Uitgaande van een ronde wadi met een maximale diepte van 1 m en talud 1:1 dient deze een straal van minimaal 21 m te hebben d.w.z. een oppervlakte van circa 1.400 m2. Op basis van de tekening van het schetsplan hebben de daar getekende twee wadi's gezamenlijk een oppervlakte van 1.660 m2 (bron:17) en daarmee lijkt er voldoende berging opgenomen in het schetsplan. Dit zal nog wel nader onderzocht moeten worden in de verdere planfase aan de hand van exacte volumeberekeningen. De te bergen m3's (415 m3 bij T=10+10%situatie en 903 m3 bij T=100+10%-situatie) zijn hierbij leidend .
Hemelwaterberging inbreidingslocatie Beuningen
17-02-2023
15
HW Grobbe Advies en Management
5.2
Aanbevelingen
Op basis van het onderzoek zijn de volgende aanbevelingen opgesteld: 1. Checken of de in het huidige schetsplan opgenomen wadi's voldoende bergingsvolume hebben om aan de bergingseisen te voldoen; 2. Verder uitwerken van het ontwerp van de wadi's waarbij ook gerekend wordt aan de benodigde ledigingstijd en overstort op A-watergang van het Waterschap Rivierenland. 3. Onderzoek naar mogelijkheden om infiltratie te vergroten door aanbrengen grindkoffers onder de bodem van de wadi's.
Hemelwaterberging inbreidingslocatie Beuningen 16
17-02-2023