Bijlage 09: Toelichting: stikstofdepositie-onderzoek
Tekst van het document
OMGE VIN GSADV IE S
STIKSTOFDEPOSITIEONDERZOEK OOIGRAAF LEUNINGEN
0MGEVINGSADV1ES
De Roever Omgevingsadvies Rembrandtlaan 4 5462 CH Veghel T 073 594 10 11 E info@deroever.nl W www.deroever.nl NL97 RABO 0122 6903 11 Advies- en ingenieursbureau J.G. de Roever B.V. KvK 16068733 BTW NL 8015.63.136.B.01
Titel document: Referentie: Datum: Opdrachtgever:
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen 20230541 ,v04 11 januari 2024 Buro Waalbrug
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
2
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING........................................................................................................................................4
1.1. 1.2.
Algemeen............................................................................................................................................. 4 Ligging van het plangebied.................................................................................................................. 5
2.
WETTELIJK KADER.......................................................................................................................6
2.1. 2.2. 2.3. 2.4. 2.5.
Wet natuurbescherming...................................................................................................................... 6 Programma Aanpak Stikstof (PAS)...................................................................................................6 Beleidsregels intern en extern salderen........................................................................................... 6 Referentiesituatie.................................................................................................................................7 Wet stikstofreductie en natuurverbetering........................................................................................ 7
3.
REKENONDERZOEK......................................................................................................................8
3.1. Uitgangspunten aanlegfase................................................................................................................8 3.1.1. Mobiele werktuigen......................................................................................................................8 3.1.2. Bouwverkeer.............................................................................................................................. 10 3.2. Uitgangspunten gebruiksfase.......................................................................................................... 11 3.2.1. Verkeer...................................................................................................................................... 11 3.2.2. Stookinstallaties.........................................................................................................................12 3.3. Uitgangspunten referentiesituatie (o.b.v. de feítelijke situatie)..................................................... 14 3.3.1. Mestaanwending........................................................................................................................15 3.3.2. Verkeer...................................................................................................................................... 20 3.3.3.
Mobiele machines..................................................................................................................... 21 3.4.
Berekeningswijze.............................................................................................................................. 21
4. CONCLUSIES................................................................................................................................22 BIJLAGE I. AERIUS-PROJECTBEREKENING (REFERENTIE, AANLEG EN VERSCHIL)............. 23 BIJLAGE II. AERIUS-PROJECTBEREKENING (REFERENTIE, GEBRUIK EN VERSCHIL)........... 24
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v03
3
0MGEVINGSADV1ES
1.
INLEIDING
1.1.
Algemeen
Initiatiefnemer heeft het planvoornemen om een nieuw te bouwen zwembad te realiseren aan de Ooigraaf te Beuningen. In de bestaande situatie is sprake van een braak liggend terrein waarvoor een bestemmingsplan gemaakt gaat worden, waarin een globaal bouwvlak wordt opgenomen waarbinnen het toekomstig zwembad wordt ingepast. Nog onduidelijk is in welke vorm het zwembad gerealiseerd gaat worden. Er bestaan nog verschillende opties, zoals een glijbaan of een sauna die toegevoegd kunnen worden aan de basisvariant. Omdat de gemeente Beuningen hierover nog geen uitsluitsel heeft gegeven wordt in dit rapport uitgegaan van de basisvariant. Bij deze basisvariant zit onder andere inbegrepen een entreehal, horeca, personeelsruimtes, kleedkamergebied, techniekruimte, wedstrijdbad en een instructiebad. Op 21 juli 2022 is door Synarchis een schatting gemaakt van de ruimtestaat van de basisvariant111, wat in totaal neerkomt op circa 1.500 m2. In het kader van het bestemmingsplan moet een stikstofdepositieonderzoek voor de aanlegfase en gebruiksfase van de beoogde ontwikkeling worden uitgevoerd. Het plangebied is kadastraal bekend als percelen 2352 en 2705 sectie E te EWK00 (Ewijk). Op afbeelding 1 is de locatie van het plangebied weergegeven.
Afbeelding 1. Locatie plangebied. Bron: Buro Waalbrug
1 Synarchis, ‘Programma van eisen zwembad Beuningen’: https://an.lc/J5w84
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
4
0MGEVINGSADV1ES
1.2.
Ligging van het plangebied
De ligging van het plangebied en de dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden met stikstof gevoelige habitattypen zijn weergegeven op afbeelding 2. Het dichtstbijzijnde (Nederlandse) Natura 2000-gebied betreft ‘Rijntakken’ en is gelegen op een afstand van circa 1,7 kilometer vanaf het plangebied. Dit is tevens een Natura 2000-gebied met stikstofgevoelige habitats.
Afbeelding 2. Ligging van het plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden Bron: AERIUS Calculator
Daarnaast zijn binnen een straal van 25 kilometer van het plangebied ook enkele Duitse Natura 2000-gebieden gelegen, waaronder ‘Wyler Meer (Teilfläche des NSG Düffel)’ en ‘Vogelschutzgebiet 'Unterer Niederrhein'.
Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van de volgende gegevens: informatie versterkt door de initiatiefnemer; via internet toegankelijke informatie en digitale ondergronden (PDOK); gegevens en bureauexpertise de Roever Omgevingsadvies. N.B. De gehanteerde uitgangspunten zijn realistisch doch worst-case.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
5
0MGEVINGSADV1ES
2.
WETTELIJK KADER
2.1.
Wet natuurbescherming
Op 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming in werking getreden. In deze wet worden drie eerdere wetten vervangen. Het gaat om de Natuurbeschermingswet 1998 (Nb-wet) inclusief het Programma Aanpak Stikstof, de Boswet en de Flora- en faunawet. De bescherming van de Natura 2000-gebieden is ondervangen in onderdeel gebiedsbescherming (vervangt Nb-wet). Voor bestemmingsplannen is het toetsingskader voor deze gebieden in de basis ongewijzigd gebleven ten opzichte van de Nb-wet. Als (een wijziging van) een bestemmingsplan negatieve gevolgen heeft voor de Natura 2000gebieden kan het plan in beginsel niet worden vastgesteld. In dat geval moet het bevoegd gezag volgens artikel 2.8, van de Wet natuurbescherming (Wnb) eerst een passende beoordeling opstellen. Uit de passende beoordeling moet blijken dat de instandhoudingsdoelstellingen van de betreffende gebieden niet aangetast worden door het plan. Eventueel worden maatregelen opgenomen die getroffen worden om dit te bereiken. Als niet aangetoond wordt dat aan de instandhoudingsdoelstellingen voldaan wordt, kan het plan geen doorgang vinden. Met behulp van een voortoets kan het bevoegd gezag bepalen of op voorhand negatieve gevolgen uit te sluiten zijn. Hierbij moet voor de gewenste situatie worden uitgegaan van de maximale planologische mogelijkheden.
Voor plannen die ten opzichte van de uitgangssituatie op het referentiemoment geen significante toename in stikstofdepositie veroorzaken, zijn negatieve effecten ten aanzien van dit aspect uit te sluiten. In dat geval hoeft geen passende beoordeling te worden opgesteld. 2.2.
Programma Aanpak Stikstof (PAS)
Gelet op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 29 mei 2019, kan de PAS niet meer worden gehanteerd als toetsingskader op grond van de Wet natuurbescherming. Inmiddels is een nieuwe versie van het rekenprogramma AERIUS Calculator uitgebracht. Met deze nieuwe tooi is de depositie op de stikstofgevoelige natuurgebieden berekend. Hoe de resultaten worden beoordeeld, is aan het bevoegd gezag. 2.3.
Beleidsregels intern en extern salderen
Vanwege de vernietiging van het PAS is het voor het bevoegd gezag niet mogelijk om toestemmingen te verlenen voor projecten waarvoor ontwikkelingsruimte nodig is. Om aan te tonen dat een project geen significant effect heeft op de stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden bestaan de volgende mogelijkheden: aantonen dat in de beoogde situatie geen effect (stikstofdepositie « 0,00 mol/ha/jaar) op de omliggende stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden optreedt, middels intern of extern salderen aantonen dat in de beoogde situatie geen sprake is van een stikstoftoename met significante gevolgen voor Natura 2000-gebieden ten opzichte van de referentiesituatie. middels een ecologische voortoets onderzoeken of significante negatieve effecten op instandhoudingsdoelstellingen kunnen worden uitgesloten. Een ecologische voortoets is een mogelijkheid voor activiteiten die enkel zorgen voor een stikstofdepositie op hectares waarvan de kritische depositiewaarde (KDW) niet wordt overschreden. Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
6
0MGEVINGSADV1ES
Als de stikstofdepositie in de beoogde situatie hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar, dan is een verdere inhoudelijke beoordeling van de te verwachten stikstofdepositie noodzakelijk. Het is dan mogelijk om toestemming te krijgen op basis van intern of extern salderen. Voor extern salderen geldt een vergunningplicht omdat van de beoogde activiteit op zichzelf negatieve effecten niet op voorhand kunnen worden uitgesloten. Met salderen wordt inzichtelijk gemaakt of in de beoogde situatie sprake is van een stikstoftoename met significante gevolgen voor Natura 2000-gebieden ten opzichte van de referentiesituatie. Of sprake is van een significante toename van de stikstofdepositie hangt af van de toegestane depositie in de referentiesituatie. 2.4.
Referentiesituatie
Wanneer sprake is van de wijziging of uitbreiding van een bestaande activiteit, gelden voor projecten de volgende referentiesituaties[2], een: vigerende vergunning die verleend is op basis van de Wet natuurbescherming; vigerende vergunning die verleend is op basis van de Natuurbeschermingswet 1998; vigerende omgevingsvergunning die verleend is op basis van de Wabo met een verklaring van geen bedenkingen (VVGB) op grond van één van de twee hierboven genoemde wetten; tracébesluit, wegaanpassingsbesluit of kavelbesluit waaraan een passende beoordeling is gekoppeld; (milieu-)toestemming op de Europese referentiedatum, zie afbeelding 3.
Disclaimer: Dit schema is een hulpmiddel. Actuele wetgeving en jurisprudentie zijn leidend. Aan dit schema kunnen geen rechten worden ontleend.
1) Dit kan ook bijvoorbeeld een milieuvergunning of een ander toestemmingsbesluit zijn waarin rechtstreeks aan de Habitatrichtlijn is getoetst. 2) Let op: op basis van de beleidsregel kan het zijn dat niet alles wat vergund is meegenomen mag worden. 3) Een toestemming zoals bedoeld in provinciale beleidsregels in- en extern salderen artl lid I onder 2, 3,4. en 5 4) Of van rechtswege beperkt. Wanneer na de referentiedatum een hogere situatie (mllieu)vergund is die niet is getoeļtst aan de natuurwetgeving, kunnen daaraan geen rechten worden ontleend
Afbeelding 3. Stappenplan voor het bepalen van de referentiesituatie111
Van een (planologisch) plan, zoals een bestemmingsplan of omgevingsplan, is de huidige feítelijk aanwezige, planologisch legale situatie de referentiesituatie. 2.5.
Wet stikstofreductie en natuurverbetering
Door de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 2 november 2022 is bouwvrijstelling, die onderdeel was van de Wet stikstofreductie en natuurverbetering, komen te vervallen. Voor ieder plan of project dient ook de aanlegfase (bouwfase) weer doorgerekend te worden. 2 Handreiking intern en extern salderen; https://www.bii12.nlZwD-contentZuDİoadsZ2020Z09ZHandreikina-intern-extern-salderen-en-verleasen22092020.pdf
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
7
E
3.
REKENONDERZOEK
De voor stikstof relevante emissiebronnen van de aanlegfase en gebruiksfase van de beoogde ontwikkeling worden hieronder nader toegelicht. Ook wordt de referentiesituatie beschreven. 3.1.
Uitgangspunten aanlegfase
De aanlegfase, bestaande uit de realisatie van een overdekt zwembad en bijbehorende bebouwing met een totale oppervlakte van circa 1.500 m2 bvo, zal niet langer dan 1 jaar duren. De NOx- en NH3-emissies zijn afkomstig van de inzet van mobiele werktuigen en (bouw-)verkeer.
3.1.1.
Mobiele werktuigen
Bij aanvang van voorliggend stikstofdepositieonderzoek was bij de opdrachtgever niet bekend welke diesel-, benzine of Ipg aangedreven (mobiele) werktuigen in de aanlegfase ingezet zullen worden bij de bouwwerkzaamheden. Daarmee is ook over dieselverbruik, bedrijfstijden, bouwjaar en vermogen van de werktuigen nog geen specifieke informatie beschikbaar. De in deze paragraaf vermelde inzet van de mobiele werktuigen is daarom een worst-case inschatting van De Roever op basis van bureauexpertise en informatie van vergelijkbare bouwprojecten. De NOx- en NH3-emissies als gevolg van de inzet van mobiele werktuigen zijn bepaald door middel van het brandstofverbruik (formule 1) en de AUB-methode (formule 2), afkomstig van het TNO-rapport “AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen”, projectnummer: 060.47477, d.d.10 december 2021. Hierbij is uitgegaan van de actuele parameters overeenkomstig de gegevens van de TNO-factsheet[3]. Het brandstofverbruik is weergegeven in tabel 1 en de emissies zijn weergegeven in tabel 2. 1)
LBPJ
LBPJ
Brandstofverbruik [liter/jaar]; Fractie van het volle motorvermogen dat verloren gaat aan interne verliezen [-]; De fractie van het volle motorvermogen dat gemiddeld wordt gebruikt [-]; Het maximale vermogen van het werktuig [kW]; Aantal draaiuren per jaar [uur/jaar]; Motorefficiëntie; liter brandstof per geleverde kilowattuur [liter/kWh].
Fv Fe Pmax max
D R
Fe
R
Pmax max * D * (Fv + Fe) * R
Range van 2Vo - 150Á van het maximale vermogen. Lage waarden: grote, moderne machines met transmissie. Hoge waarden: kleinere, oudere machines met een vaste as waarop pompen en dynamo’s meedraaien. Gemiddeld 350Á overeenkomstig TNO-factsheelf2]. Standaardwaarde 0,25 overeenkomstig TNO-factsheeiĩ21'.
3 httos:ZZwww.aerius.nlZnlZfactsheetsZmobiele-werktuiaen-staae-klasse-cateaoríe0AC30AABnZ13-01-2022
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
8
Emissie N0X Emissie NH3
Emissie D B
Emissie N0X- en NH3 [kg/jaar]; Tijd dat het werktuig draait [uur/jaar]; Brandstofverbruik [liter/jaar]; Coëfficiënt brandstofverbruik NOx [kg/liter]; Coëfficiënt uren NOx [kg/uur]; Coëfficiënt AdBlue NOx [kg/liter]; Het AdBlue verbruik [liter AdBlue/jaar]; Stage III 30Zo van het brandstofverbruik (max. 40Zo) > Stage III 60Zo van het brandstofverbruik (max. 70Zo) Coëfficiënt brandstofverbruik NH3; Coëfficiënt uren NH3.
Qb
Qu Qa AB
Pb Pu
s s
Qb * B + Qu * D + Qa * AB Pb * B + Pu * D
2)
Tabel 1. Brandstofverbruik van de mobiele werktuigen gedurende de aanlegfase.
Torenkraan/ telekraan
P max
D
Fv
Fe
R
Brandstofverbruik
Brandstofverbruik
kW
uur/jaar
-
-
liter/kWh
liter/uur
liter/jaar
200
140
0,085
0,35
0,25
43,50
3045
Graafmachine
150
168
0,085
0,35
0,25
32,63
2741
Shovel
200
60
0,085
0,35
0,25
43,50
1305
Minikraan/ wiellader (klein)
100
104
0,085
0,35
0,25
21,75
1131
Trekker/ kiepwagen
215
168
0,085
0,35
0,25
46,76
3928
Verreiker
250
64
0,085
0,35
0,25
54,38
1740
Hoogwerker
200
156
0,085
0,35
0,25
21,75
3393
Betonpomp
200
10
0,085
0,35
0,25
21,75
209
Aggregaat
300
130
0,085
0,35
0,25
32,63
4228
Totaal
21.720
Tabel 2. NOx-en NH3-emissies van de mobiele werktuigen gedurende de aanlegfase. Pmax
D
Stage Klasse
Qb
Brandstof
Qu
Qa
AdBlue*
Emissie NOx
Pb
Pu
Emissie NH3
kW
uur/jaar
-
-
liter/jaar
-
-
liter/jaar
kg/j
-
-
kg/j
Torenkraan/ telekraan
200
140
IV
0,033
3.045
0,005
-0,46
182,7
17,1
0,00024
-
0,73
Graafmachine
150
168
IV
0,033
2.741
0,005
-0,46
164,4
15,6
0,00024
-
0,66
Shovel
200
60
IV
0,033
1.305
0,005
-0,46
78,3
7,3
0,00024
-
0,31
Minikraan/ wiellader (klein)
100
104
IV
0,033
1.131
0,005
-0,46
67,9
6,6
0,00024
-
0,27
Trekker/ kiepwagen
215
168
IV
0,033
3.928
0,005
-0,46
235,7
22,1
0,00024
-
0,94
Verreiker
250
64
IV
0,033
1.740
0,005
-0,46
104,4
9,7
0,00024
-
0,42
Hoogwerker
200
156
IV
0,033
3.393
0,005
-0,46
203,6
19,1
0,00024
-
0,81
Betonpomp
200
10
IV
0,033
209
0,005
-0,46
12,5
1,2
0,00024
-
0,05
Aggregaat
300
130
IV
0,033
4.228
0,005
-0,46
253,7
23,5
0,00024
-
Totaal
122,3
* Conform de AUB rekenmethode is 6 0A AdBlue van het dieselverbruik aangehouden, wat standaard is voor STAGE IV en Vklasse werktuigen met een vermogen tussen 56 en 560 kW.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
1,01 5,21
9
0MGEVINGSADV1ES
Dit geeft een totale hoeveelheid emissie die vrijkomt bij de realisatie van een overdekt zwembad en bijbehorende bebouwing met een totale oppervlakte van circa 1.500 m2 bvo van 122,3 kg NOx en 5,21 kg NHavoor de gehele aanlegfase. De mobiele werktuigen zullen actief zijn op de bouwlocatie en daar rondrijden. Daarom zijn de emissies gemodelleerd als vlakbron gelijk aan de planlocatie. De vlakbron is in AERIUS gemodelleerd als bron van de sectorgroep ‘Mobiele werktuigen’ en sector ‘Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning’ met de defaultwaarden van het bronkenmerk.
3.1.2.
Bouwverkeer
Vervoer van personeel van en naar de locatie vindt plaats met bestelbusjes en/of personenauto’s. Materieel wordt aangevoerd middels vrachtwagens. Het aantal ritten van vrachtwagens en personenauto’s/bestelbusjes is een worst-case inschatting van De Roever op basis van bureauexpertise en informatie van vergelijkbare bouwprojecten. Tabel 3 geeft het aantal voertuigen en voertuigbewegingen voor de gehele aanlegfase. Tabel 3. Aantal voertuigbewegingen voor totale bouwproject gedurende de aanlegfase
Type voertuig
Totaal aantal ritten
Totaal aantal voertuigbewegingen141
Personenauto’s en bestelbussen Vrachtwagens
624 347
1.248 694
De voertuigbewegingen zijn gemodelleerd als lijnbronnen met licht en zwaar (vrachtverkeer met de actuele emissiefactoren voor wegverkeer die in het rekenprogramma AERIUS Calculator zijn opgenomen. De vrachtwagenbewegingen zijn in AERIUS worst-case allemaal gemodelleerd als ‘zwaar vrachtverkeer’. Er is uitgegaan van een weg binnen de bebouwde kom met ICP/o stagnatie. Het manoeuvreren van het vrachtverkeer is ondervangen door een extra rijlijn op het terrein van de planlocatie met lOCP/o stagnatie. Het verkeer is gemodelleerd tot het punt waarop de voertuigen in het heersende verkeersbeeld van de openbare weg zijn opgenomen151. Dit is het geval op de Schoenaker (na de rotonde met de Goudwerf en Hadrianussingel). Hier heeft de Schoenaker een verkeersintensiteit van 19.939 lichte voertuigen/etmaal, 1.061 middelzware voertuigen/etmaal en 454 zware voertuigen/etmaal (bron: Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK) geraadpleegd161, monitoringsjaar 2021). De emissies bij stationair draaien van de vrachtwagens zijn berekend volgens de aanbevolen rekenmethode van TNOm, zie tabel 4. Aangenomen wordt dat de vrachtwagens (in totaal 694 vrachtwagenbewegingen = 347 vrachtwagens) maximaal 5 minuten per bezoek stationair draaien. 4 Het aantal voertuigbewegingen is het aantal ritten maal twee; een voertuig rijdt heen en terug naar de locatie.
5 Dit is het geval op het moment dat het aan- en afvoerende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt. Hierbij weegt ook mee hoe de verhouding is tussen de hoeveelheid verkeer dat door de voorgenomen ontwikkeling wordt aangetrokken en het reeds op de weg aanwezige verkeer. In de regel wordt het verkeer meegenomen tot het zich verdund heeft tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. 6 Zie https://www.cimlk.nl/kaart. 7 Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2022 (pagina 60-61), BIJ12, januari 2023.
Stikstofdepositieonderzoek O o igraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541. v04
10
0MGEVINGSADV1ES
Tabel 4. Emissies manoeuvreren/stationair draaien zwaar vrachtverkeer.
Vrachtauto’s > 20 ton GVW
Emissieduur
Emissiefactor NOx
Emissiefactor NH3
Emissie NOx
Emissie NH3
uur/jaar
g/uur
g/uur
kg/jaar
kg/jaar
29
79,0392
0,9072
2,29
0,026
Deze emissies zijn gemodelleerd als puntbron op het terrein van de planlocatie in de sectorgroep ‘Anders’ met als temporele variatie ‘Zwaar verkeer’.
3.2.
Uitgangspunten gebruiksfase
In de beoogde situatie is het zwembad in gebruik. De NOx- en NH3-emissies worden veroorzaakt door verkeersbewegingen en mogelijk het stoken van stookinstallaties.
3.2.1.
Verkeer
Met betrekking tot het verkeer dat in de gebruiksfase kan worden toegerekend aan het zwembad is uitgegaan van gegevens uit de ASVV 2021 van kennisplatform CROW181. Er is uitgegaan van de ligging ‘rest bebouwde kom’ in de gemeente Beuningen (‘matig stedelijk’). Hierbij is de functie ‘zwembad overdekt’ aangehouden voor het overdekte zwembad met bijbehorende voorzieningen. Voor dit type gebouw wordt uitgegaan van de verkeersaantallen zoals genoemd in tabel 5. Tabel 5. Verkeersgeneratie (in vtb/etmaal) per 100 m2 bassin, ASW 2021 CROW
Zwembad overdekt Matig stede lijk
Rest bebouwde kom minimaal maximaal 28,8 34,2
Per 100 m2 bassin van een overdekt zwembad is de maximale (worst-case) verkeersgeneratie 34,2 voertuigbewegingen (vtb) per etmaal. Het plan voorziet in de realisatie van een overdekt zwembad en bijbehorende bebouwing met een totale oppervlakte van circa 1.500 m2 bvo. In dit onderzoek is worst-case aangenomen dat deze totale oppervlakte enkel bassin betreft. De verkeersgeneratie voor dit zwembad komt daarmee uit op 34,2 vtb/100 m2 bvo/etmaal * 1.500 m2 bvo = 513 lichte voertuigbewegingen per etmaal. Er is aangenomen dat 10fo van deze voertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer betreft ten behoeve van het ophalen van afval of bevoorrading van het zwembad191. Dit komt neer op naar boven afgerond 513 vtb/etmaal * 0,01 = 6 zware voertuigbewegingen per etmaal. Dit betekent dat de beoogde situatie een totale verkeersgeneratie heeft van 507 lichte voertuigbewegingen en 6 zware voertuigbewegingen per etmaal. Ander verkeer zal niet gegenereerd worden door het onderliggende plan. De voertuigbewegingen zijn gemodelleerd met dezelfde lijnbron als in de aanlegfase. Het gaat hierbij om licht en zwaar (vracht)verkeer met de actuele emissiefactoren voor wegverkeer die in het rekenprogramma AERIUS Calculator zijn opgenomen. Er is uitgegaan 8 Aanbevelingen voor Verkeersvoorzieningen Binnen de Bebouwde Kom (ASW), CROW, 2021 9 Het aandeel bezoekers en aandeel personeel is respectievelijk 9707o en 207o.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
11
0MGEVINGSADV1ES
van een weg binnen de bebouwde kom met 1007o stagnatie. Het manoeuvreren van de vrachtwagens is ondervangen dooreen extra lijnbron binnen het plangebied met 10007o stagnatie. De emissies bij stationair draaien van het zwaar vrachtverkeer zijn berekend volgens de aanbevolen rekenmethode van TNO[101, zie tabel 6. Aangenomen wordt dat het vrachtverkeer (dagelijks 6 zware voertuigbewegingen = 3 zware voertuigen) maximaal 5 minuten per bezoek stationair draaien. Tabel 6. Emissies manoeuvreren/stationair draaien zwaar vrachtverkeer.
Vrachtauto’s > 20 ton GVW
Emissieduur
Emissiefactor NOx
Emissiefactor NH3
Emissie NOx
Emissie NH3
uur/jaar
g/uur
g/uur
kg/jaar
kg/jaar
91,25
79,0392
0,9072
7,21
0,083
Deze emissies zijn gemodelleerd als puntbron op het terrein van het plangebied in de sectorgroep ‘Anders’ met als temporele variatie ‘Zwaar verkeer’.
3.2.2.
Stookinstallaties
Het overdekte zwembad met bijbehorende voorzieningen zal, indien mogelijk, gasloos worden gerealiseerd, waarbij het zwembad volledig elektrisch wordt verwarmd. Als het elektriciteitsnet te zijner tijd niet voldoende ruimte heeft, zal voor verwarming van het overdekte zwembad en bijbehorende voorzieningen echter (ook) een aansluiting op het aardgasnetwerk noodzakelijk zijn. Het zwembad wordt dan opgewarmd met behulp van een WKK en CV-ketel gestookt op aardgas. In een worst-case scenario is in een dergelijk geval sprake van een aardgasverbruik van 154.326 m3 per jaar (inschatting op basis van kengetallen). Dit is zo berekend door de zwembadadviseur, zie afbeelding 4. Van het totaal benodigde gasverbruik wordt circa 770fo door de WKK verbruikt en 230fo door de CV-ketel. Dit is de inschatting op basis van de energiebehoefteberekening en ‘normale’ verdeling van WKK verbruiken (warmte/elektra).
10 Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2022 (pagina 60-61), BIJ12, januari 2023.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
12
0MGEVINGSADV1ES
omrekenfactor GJ naar kWh thermisch
277,72
omrekenfactor aardgas naar kWh thermisch
3,753
Beuningen LBK Wedstrijdbad
302 GJ
LBK doelgroepenbad
313 GJ
LBK kleedruimte zwembad
32S GJ
LBK Horeca/algemeen
461 GJ
koeling
-227 GJ
warmteterugwinning
-1.023 GJ
Wedstrijdbad TSA
1.234 GJ
Doelgroepenbad/peuterbad TSA
937 GJ
Whirlpool
31 GJ
Glijbanen
36 GJ
Warm douchewater
376 GJ
Overige warmtapwater
25 GJ
Warmtevraag per jaar Warmtevraag/jaar in kWh thermisch Warmtevraag in m3 aardgas
Rendement ketel/WKK gasverbruik met rendementscorrectie:
Deel WKK voor energieopwekking:
Benodigde gasverbruik totaal:
4.092 GJ 1.136.563 kWhth 116.33S mVjaar
9396 113.713 mVjaar
3096
154.326 mVjaar
Afbeelding 4. Benodigd aardgasverbruik voor verwarming van het zwembad
Op basis van het totaal benodigde gasverbruik van 154.326 m3 per jaar en een verdeling van ll0fo WKK en 230/) CV-ketel zijn dan de emissies van NOx in te schatten. Met de verbrandingswaarde van groengas van 23,3 MJ/m3 is voor de WKK op basis van het gasverbruik van 118.831 nfVjaar (770fo van 154.326 nfVjaar) het totale debiet van 2,350 * 106 Nm3Zjaar (1507o O2) berekend (berekening van gestandaardiseerd debiet op basis van het brandstofgebruik[11]). Voor de emissie van de WKK stookinstallaties is uitgegaan van 115 mg NOx/Nm3 (150fo O2). Hiermee komt de stikstofemissie ten gevolge van de WKK uit op 270,2 kg NOx per jaar. Met de verbrandingswaarde van groengas van 23,3 MJ/m3 is voor de CV-ketel op basis van het gasverbruik van 35.495 nfVjaar (230fo van 154.326 m3) het totale debiet van 0,234 * 106 NnWjaar (30fo O2) berekend (berekening van gestandaardiseerd debiet op basis van het brandstofgebruik[11]). Voor de emissie van de CV-ketel stookinstallaties is uitgegaan van 70 11 https://iplo.nl/reaelaevina/reaels-voor-activiteiten/emissie-eisen-monitorinamilieubelastende/herleiden-meetaeaevens-luchtemissies.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
13
0MGEVINGSADV1ES
mg NOx/Nm3 (30fo O2). Hiermee komt de stikstofemissie ten gevolge van de verwarming met de CV-ketel uit op 19,8 kg NOx per jaar. De WKK en CV-ketel zullen worden uitgerust met Selective Catalytic Reduction (SCR) systemen. Deze systemen zijn ontworpen om de uitstoot van stikstofoxiden (NOx) te verminderen, met verschillende specificaties voor NOx-uitstoot per normaal kubieke meter (mg/Nm3). Een standaard 100 kW WKK unit, zoals bij het zwembad in Beuningen toegepast zou kunnen worden, heeft een uitstoot van 95 mg/Nm3 (bij 1507o 02). De twee opties om dit te verminderen zijn hieronder beschreven: Optie 1: SCR-systeem met een NOx-uitstoot tot 38 mg/Nm3 (bij 1507o 02): Dit systeem is ontworpen om de NOx-uitstoot te beperken tot 38 milligram per Nm3 (dus een reductie van 6007o) Optie 2: SCR-systeem met een NOx-uitstoot tot 19 mg/Nm3 (bij 150Zo 02): Deze optie gaat een stap verder in NOx-reductie met een uitstoot van slechts 19 milligram per Nm3 (een reductie van 8007o) De SCR technologie zegt tot zelfs 950fo te kunnen reduceren, maar dan moet de verbrandingstemperatuur etc. ook ideaal zijn. Derhalve is in dit onderzoek uitgegaan van een worst-case rendement van ‘slechts’ 6007o.
Hiermee komt de stikstofemissie ten gevolge van de WKK uit op respectievelijk 270,2 kg/jaar * 0,4 = 108,08 kg NOx per jaar en komt de stikstofemissie ten gevolge van de verwarming met de CV-ketel uit op 19,8 kg/jaar * 0,4 = 7,92 kg NOx per jaar. Deze emissies zijn gemodelleerd als puntbronnen ter plaatse van het overdekte zwembad in de sectorgroep 'Wonen en werken', sector ‘Recreatie’ met een uittreed hoogte van 8,0 meter (geschatte gebouwhoogte). Worst-case is een warmteinhoud van 0,000 MW aangehouden. Hierbij dient te worden opgemerkt dat de toe te passen warmteopwekking een tijdelijk karakter zal hebben en uiteindelijk vervangen zal worden door all electric (op het moment dat de netgongestie voldoende ruimte biedt om een definitieve stroomaansluiting van voldoende grootte te creëren). In de tijdelijke situatie (zeg vier jaar) zal het filter moeten worden toegepast. Het is dus nadrukkelijk geen permanente situatie.
3.3.
Uitgangspunten referentiesituatie (o.b.v. de feítelijke situatie)
Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied waar depositie plaatsvindt is 'Rijntakken’ met een referentiedatum van 24 maart 2000. Het betreft hier echter een bestemmingsplanprocedure, daarom is de huidige feitelijk aanwezige, planologisch legale situatie de referentiesituatie. In de referentiesituatie zijn de gronden van het plangebied in gebruik als agrarisch land (akkerbouw) waar mestaanwending plaatsvindt, welke NH3-emissie veroorzaakt.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
14
0MGEVINGSADV1ES
3.3.1.
Mestaanwending
Binnen het plangebied is tot op heden sprake van circa 1,89 ha[12] aan agrarische gronden voor akkerbouw (snijmaïs), waarbij sprake is van mestaanwending (zie ook afbeelding 5). Verder blijkt uit afbeelding 6 dat het perceel ook al sinds de referentiedatum (24 maart 2000 voor het Natura 2000-gebied ‘Rijntakken’) als agrarische bestemming in gebruik is geweest. Ook is er vanaf de vaststelling van het nieuwe bestemmingsplan (2010) een continu gebruik geweest waarbij bemestingsactiviteiten plaatsvonden, zie afbeeldingen 7-13. In verband met het overgangsrecht mag er daarom een referentiesituatie aan de agrarische gronden worden ontleend.
Maïs, snij
1 mei 2022
Ooigraaf
Óoigraaf
Korfbatveremgir NAS
Kenmerken
Grondsoort
Eigendom
Hoogte
Gewasrotatie
2021 Bieten Gemeente Beuningen, Gelderland Landbouwgebied: Oostelijk Veehouderijgebied Coördinaten: 51.86214, 5.74796
Afbeelding 5. Perceel ter plaatse van het plangebied dat gebruikt wordt voor mestafvoer. Bron: boerenbunder.nl
12 Dit is bepaald met AERIUS Calculator.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
15
Afbeelding 6. Luchtfoto uit 2006 en kaartverbeelding uit 2000 van het plangebied Bron: topotijdreis.nl
Afbeelding 7. Luchtfoto uit 2010 van het plangebied Bron: topotijdreis.nl
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
16
Afbeelding 8. Luchtfoto uit 2012 van het plangebied Bron: topotijdreis.nl
Afbeelding 9. Luchtfoto uit 2014 van het plangebied Bron: topotijdreis.nl
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
17
Afbeelding 10. Luchtfoto uit 2016 van het plangebied Bron: topotijdreis.nl
Afbeelding 11. Luchtfoto uit 2018 van het plangebied Bron: topotijdreis.nl
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
18
OMGEVINGS ADVIES
Afbeelding 12. Luchtfoto uit 2020 van het plangebied Bron: topotijdreis.nl
Afbeelding 13. Luchtfoto uit 2022 van het plangebied Bron: topotijdreis.nl
Deze percelen zijn in eigen gebruik en worden gebruikt voor mestafvoer. Dit is vanaf 2015 doorgegeven aan RVO en hierdoor kunnen deze percelen dus worden meegenomen in de referentiesituatie. Aangezien deze percelen in eigen gebruik zijn, hoeft de toegediende mest niet gewogen en bemonsterd te worden en is voor het berekenen van de emissies
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
19
0MGEVINGSADV1ES
aangesloten bij de gebruiksnormen uit de Nitraatrichtlijn. Ingevolge de Nitraatrichtlijn[13] mag aan landbouwgrond jaarlijks maximaal 170 kg N per hectare uit dierlijke mest worden toegediend door bedrijven die niet deelnemen aan de derogatieregeling. Dit is inclusief de mest van weidende dieren. De emissie van ammoniak uit mest blijkt uit het rapport ‘Ammoniakemissie uit dierlijke mest en kunstmest in 2011’[U]. De totale hoeveelheid stikstof in mest bestaat voor een gedeelte uit ammoniakale stikstof (TAN). Het aandeel van TAN in de totale hoeveelheid stikstof hangt af van de soort mest, zie tabel 2.3a en 2.3b in het rapport. Door de aandelen per mestsoort te combineren met het totaal aantal dieren (afkomstig uit de landbouwtellingen) in tabel 2.1 wordt een gemiddeld aandeel van TAN in de totale hoeveelheid stikstof in mest van ongeveer 6507o berekend. Niet alle TAN in de stikstof wordt bij mesttoediening van het land naar de lucht geëmitteerd. Uit tabel 2.19 van het rapport blijkt dat de emissiefactor bij mesttoediening met behulp van een zodenbemester de laagste emissiefactor heeft, namelijk 1907o van het TAN. De emissiefactor van een zodenbemester is onlangs echter verlaagd van 'ìdVo naar 170fo op basis van de studie van Goedhart et al. 2019, zo blijkt uit een brief van het ministerie van LNV[151.
Worst-case wordt uitgegaan van het gebruik van een zodenbemester (met deze lagere emissiefactor). Uit het bovenstaande blijkt dat van de maximaal 170 kg per jaar toegediende stikstof, gemiddeld 650fo bestaat uit ammoniakale stikstof en vervolgens 170fo naar de lucht wordt geëmitteerd bij mesttoediening met behulp van een zodenbemester. De ammoniakemissie bedraagt dan 18,79 kg NHs/ha/jaar. Bij in totaal circa 1,89 ha aan agrarische gronden voor akkerbouw (snijmaïs) leidt dat tot een totale ammoniakemissie van 18,79 kg NHs/ha/jaar * 1,89 ha = 35,51 kg NHs/jaar. De in dit onderzoek gehanteerde ammoniakemissie is voor de volledigheid nog vergeleken met de emissies waar BIJ12 van uitgaat. Volgens BIJ 12 heeft de gemiddelde bemesting van het plangebied (ID 5) een NH3-emissie van 33,39 kg/ha/jaar [161. De gehanteerde ammoniakemissie is dus realistisch doch worst-case. De emissie is gemodelleerd als vlakbron over de agrarische gronden in de sector ‘Landbouw’ onder ‘Landbouwgrond’ in de categorie ‘Mestaanwending: dierlijke mest’ met een uittreed hoogte van 0,5 meter, een spreiding van 0,3 meter en een warmte-inhoud van 0,000 MW (de default waardes van het bronkenmerk).
3.3.2. Verkeer In de referentiesituatie is bij mestaanwending en ander doeleinden sprake van emissies door verkeer. Naar verwachting is de bijdrage van de emissies van deze bronnen op de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden op jaarbasis verwaarloosbaar ten opzichte van de emissies door mestaanwending. Worst-case zijn de emissies door het verkeer van en naar de landbouwgronden niet in de berekening meegenomen. 13 Vierde Nederlandse Actieprogramma betreffende de Nitraatrichtlijn (2010-2013); https://www.bii12,nlZwo-contenVuoloadsAZİerde-NederlandseActieoroaramma-Nitraatrichtliin-2010-2013.pdf 14 Ammoniakemissie uit dierlijke mest en kunstmest in 2011, C. van Bruggen; httDs:fíedepot.wur.nl/259020 15 CDM-advies ‘Doorrekening bronmaatregelen stikstof in de melkveehouderij’, d.d. 22 juni 2021, kenmerk: 2121943/WOTN&M/ÜVSE. 16 https://www.bii12.ni/emissie-bemestina/#15/51.8590/5.7406. geraadpleegd op 25 mei 2023.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
20
0MGEVINGSADV1ES
3.3.3.
Mobiele machines
In de referentiesituatie is bij mestaanwending en ander doeleinden sprake van emissies door mobiele machines, zoals tractoren. Naar verwachting is de bijdrage van de emissies van deze bronnen op de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden op jaarbasis verwaarloosbaar ten opzichte van de emissies door mestaanwending. Worst-case zijn de emissies door mobiele machines ter plaatse van de landbouwgronden niet in de berekening meegenomen.
3.4.
Berekeningswijze
De stikstofdepositie door de gewenste activiteiten op de Natura 2000-gebieden is berekend met AERIUS Calculator (versie 2023.1). Er zijn AERIUS-projectberekeningen uitgevoerd met de emissies als gevolg van de aanlegfase en gebruiksfase, welke zijn afgezet tegen de emissies die optreden in de referentiesituatie. Voor zowel de aanlegfase als de gebruiksfase is als rekenjaar 2024 worstcase gekozen. Ook voor de referentiesituatie is het rekenjaar 2024. Binnen een straal van 25 kilometer van het plangebied zijn ook enkele Duitse Natura 2000gebieden gelegen. Om een duidelijk beeld te krijgen van de stikstofdepositie op deze Duitse Natura 2000-gebieden zijn extra eigen rekenpunten ingevoerd ter hoogte van deze gebieden. De rekenresultaten en de ingevoerde gegevens van de projectberekeningen met Natura 2000-gebieden en met eigen rekenpunten zijn te vinden in bijlage I en II.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
21
0MGEVINGSADV1ES
4.
CONCLUSIES
In dit stikstofdepositieonderzoek is voor de aanlegfase en gebruiksfase van het plan aan de Ooigraaf in Beuningen de te verwachten stikstofdepositie ter plaatse van de relevante Natura 2000-gebieden berekend. Uit de projectberekeningen van zowel de aanlegfase als de gebruiksfase blijkt dat de stikstofdepositie op de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden niet hoger is dan 0,00 mol N/ha/jaar. Ten opzichte van de referentiesituatie is er dus geen sprake van een toename van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Voor de aanlegfase is enerzijds sprake van een afname van maximaal 0,05 mol N/ha/jaar, anderzijds is voor de gebruiksfase sprake van een afname van maximaal 0,04 mol N/ha/jaar. Daarnaast blijkt uit de projectberekeningen dat de stikstofdepositie in zowel de aanlegfase als de gebruiksfase ter plekke van de eigen rekenpunten (de Duitse Natura 2000-gebieden binnen een straal van 25 kilometer van het plangebied) ook niet hoger is dan 0,00 mol N/ha/jaar. Er is dus geen sprake van vergunningplicht op grond van de Wet natuurbescherming. Het aspect stikstofdepositie vormt dus geen belemmering voor het plan.
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
22
0MGEVINGSADV1ES
BIJLAGE I. AERIUS-PROJECTBEREKENING (referentie, aanleg en verschil)
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
23
AERIUS
Projectberekening
CALCULATOR
Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden,op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
" Overzicht " Samenvatting situaties " "
Resultaten Détailgegevens per emissiebron
Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Contactgegevens Rechtspersoon
de Roever Omgevingsadvies
Inrichtingslocatie
Ooigraaţ - Beuningen
Activiteit Omschrijving Toelichting
Ontwikkeling Ooigraafte Beuningen Bouwplan aan de Ooigraafte Beuningen dat voorziet in de realisatie van een zwembad en bijbehorende bebouwing. AERIUSprojectberekeningvan de aanlegfase afgezet tegen de referentiesituatie.
Berekening AERIUS kenmerk
S15fcv3qbMRb
Datum berekening
11 januari 2024,16:35
Rekenconfiguratie
Wnb-rekengrid incl. eigen reken punten
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH3
Emissie NO*
Referentiesituatie - Referentie
2024
35,5 kg/j
-
Aanlegfase - Beoogd
2024
5,3 kg/j
130,1 kg/j
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Referentiesituatie - Referentie
0,08 mol/ha/j
3849447
Rijntakken
Aanlegfase - Beoogd
0,02 mol/ha/j
3849447
Rijntakken
Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha)
0,00 ha 3,75 ha
Grootste toename
0,00 mol/ha/j
Grootste afname
0,05 mol/ha/j
S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
2/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Referentiesituatie (Referentie), rekenjaar2024
Emissiebronnen
Emissie nh3
^9 Landbouw ļ Landbouwgrond | Bemesting plangebied
35,5 kg/j
S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
Emissie NO*
3/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Aanlegfase (Beoogd), rekenjaar2024
Emissiebronnen
Emissie NH3
Emissie NO*
-
-
5,2 kg/j
121,9 kg/j
Anders... ļ Anders... ļ Stationair draaien vrachtwagens
26,0 g/j
2,3 kg/j
Verkeersnetwerk
95,7 g/j
5,9 kg/j
^9 Anders... | Anders... | Plangebied ŗ-----\ Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Inzet mobiele werktuigen
^
S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
4/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
] Niet bepaald
f
Hoogste totaal (achtergrond + project be re ke ni ng)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
5/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Aanlegfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie
Berekend (ha
Hoogste totale
Met toename
Grootste
Met afname (ha
Grootste afname
gekarteerd)
depositie (mol
(ha gekarteerd)
toename (mol
gekarteerd)
(mol N/ha/jr)
N/ha/jr) Totaal
Per gebied
3,75
1.906,08
N/ha/jr)
0,00
3,75
0,05
Berekend (ha
Hoogste totale
Met toename
Grootste
Met afname (ha
Grootste afname
gekarteerd)
depositie (mol
(ha gekarteerd)
toename (mol
gekarteerd)
(mol N/ha/jr)
N/ha/jr) Rijntakken
0,00
3,75
1.906,08
N/ha/jr)
0,00
0,00
3,75
0,05
(38)
S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
6/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR Per eigen
Naam
Coördinaat
1
Wyler Meer (Teilfläche des NSG Düffel) (14 km)
X:193456
2
Vogelschutzgebiet'UntererNiederrhein' (14km)
X:193461
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
rekenpunt Y:426253
Y:426255 3
NSG Kranenburger Bruch (21 km)
X:199016
4
NSG Salmorth, nur Teilfläche (21 km)
X:201472
Y:422618
Y:430598 5
6
Rhein-Fischschutzzonen zwischen Emmerich und Bad
X:201508
Honnef(21km)
Y:430746
Reichswald (23 km)
X:199809 Y:418651
S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
7/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Referentiesituatie, Rekenja ar 2024 ^9 Landbouw ļ Landbouwgrond Naam Locatie
Bemesting
Uittreedhoogte
0.5 m
plangebied
Warmteinhoud
0.000 MW
X: 179867,48
Spreiding
0m
35,5 kg/j
NHa
Y:430483,25 Oppervlakte
1,89 ha
Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Meststoffen
l^ļ
S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
Type
Stof
Mestaanwending (dierlijke mest)
NOx
Emissie 0,0 kg/j
NHa
35,5 kg/j
8/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Aanlegfase, Rekenjaar 2024 ^9 Anders... ļ Anders... Naam
Plangebied
Uittreedhoogte
0.0 m
Locatie
X:179867,35
Warmteinhoud
0.000 MW
Y:430482,56
Spreiding
0m
Oppervlakte
2,19 ha
Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie
UJ Mobiele werktuigen ļ Bouw, Industrieën Delfstoffenwinning Naam Locatie
Inzet mobiele
NOx
121,9 kg/j
werktuigen
NHa
5,2 kg/j
X: 179867,35 Y:430482,56
Oppervlakte
2,19 ha
Naam
Stageklasse
Brandstof
Draaiuren AdBlue
verbruik Toren kraan/telekraan
Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW,
3045 l/j
Stof
Emissie
NOx
17,0
NHa
0,7 kg/j
NOx
7,5 kg/j
NHa
0,3 kg/j
NOx
6,6 kg/j
NHa
0,3 kg/j
NOx
21,9
NHa
0,9 kg/j
NOx
9,9 kg/j
NHa
0,4 kg/j
NOx
18,9
NHa
0,8 kg/j
NOx
1,0 kg/j
NHa
50,2 g/j
NOx
15,9
NHa
0,7 kg/j
NOx
23,3
NHa
1,0 kg/j
verbruik 140 u/j
183 l/j
diesel, SCR: ja
Shovel
stage-IV, 2014-2018,75-560 kW,
kg/j 1305 l/j
60 u/j
78 l/j
1131 l/j
104 u/j
68 l/j
diesel, SCR: ja
Minikraan/wiellader
stage-IV, 2014-2018,75-560 kW,
(klein)
diesel, SCR: ja
Trekker/ kiepwagen
stage-IV, 2014-2018,75-560 kW,
3928 l/j
168 u/j
236 l/j
diesel, SCR: ja
Verreiker
stage-IV, 2014-2018,75-560 kW,
kg/j 1740 l/j
64 u/j
104 l/j
3393 l/j
156 u/j
204 l/j
diesel, SCR: ja
Hoogwerker
stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR: ja
Beton pomp
stage-IV, 2014-2018,75-560 kW,
kg/j 209 l/j
10 u/j
13 l/j
2741 l/j
168 u/j
164 l/j
diesel, SCR: ja
Graafmachine
stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR: ja
Aggregaat
stage-IV, 2014-2018,75-560 kW,
kg/j 4228 l/j
130 u/j
254 l/j
diesel, SCR: ja
S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
kg/j
9/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
^9 Wegverkeer ļ Weg Verkeer aan legfase
Naam
Links Rechts NOx 3,6 kg/j
Locatie
X: 180076,17 Y:430304,86
Typescherm
Lengte
1.084,65 m
Hoogte
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Afstand tot de weg
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogtet.o.v. maaiveld
0m
NO2 1,0 kg/j NHs 70,3 g/j -
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
1.248,0/jaar
In file 10,0 0/0
Middelzwaarvrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0/jaar
0,0 o/o
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
694,0/jaar
10,0 o/o
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0/jaar
0,0 o/o
^9 Wegverkeer ļ Weg Naam
Manoeuvreren vrachtverkeer
Locatie
X:179863,44 Y:430459,73
Typescherm
Lengte
485,80 m
Hoogte
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Afstand tot de weg
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogte t.o.v. maaiveld
0m
Links Rechts NOx 2,3 kg/j NO2 0,6 kg/j NHs 25,4 g/j -
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
In file
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
0,0/jaar
0,0 o/o
Middelzwaarvrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0/jaar
0,0 o/o
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
694,0/jaar
100,0 o/o
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0/jaar
0,0 o/o
^9 Anders... ļ Anders... Naam Locatie
Stationair draaien
Uittreedhoogte
0.0 m
NOx
2,3kg/j
vrachtwagens
Warmteinhoud
0.000 MW
NHb
26,0g/j
X:179843,16 Y:430469,35
Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Zwaar Verkeer
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de Ínhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie Database versie
2023.1-20231207-46ea8e9191 2023.L46ea8e919LcalculatorjiLstable
Voor meer informatie over de gebruikte methodieken data zie: https://www.aerius.nl/
S15fcv3qbMRb (11 januari 2024)
10/10
0MGEVINGSADV1ES
BIJLAGE II. AERIUS-PROJECTBEREKENING (referentie, gebruik en verschil)
Stikstofdepositieonderzoek Ooigraaf Beuningen Datum: 11 januari 2024; Referentie: 20230541,v04
24
AERIUS
Projectberekening
CALCULATOR
Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden,op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
" Overzicht " Samenvatting situaties " "
Resultaten Détailgegevens per emissiebron
Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Contactgegevens Rechtspersoon
de Roever Omgevingsadvies
Inrichtingslocatie
Ooigraaţ - Beuningen
Activiteit Omschrijving Toelichting
Ontwikkeling Ooigraafte Beuningen Bouwplan aan de Ooigraafte Beuningen dat voorziet in de realisatie van een zwembad en bijbehorende bebouwing. AERIUSprojectberekeningvan de gebruiksfase afgezet tegen de referentiesituatie.
Berekening AERIUS kenmerk
RjDsDf95eVuj
Datum berekening
11 januari 2024,16:31
Rekenconfiguratie
Wnb-rekengrid incl. eigen reken punten
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH3
Referentiesituatie - Referentie
2024
35,5 kg/j
-
Gebruiksfase - Beoogd
2024
2,4 kg/j
198,4 kg/j
Emissie NO*
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Referentiesituatie - Referentie
0,08 mol/ha/j
3849447
Rijntakken
Gebruiksfase - Beoogd
0,03 mol/ha/j
3849447
Rijntakken
Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha)
0,00 ha 2,86 ha
Grootste toename
0,00 mol/ha/j
Grootste afname
0,04 mol/ha/j
RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
2/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Referentiesituatie (Referentie), rekenjaar2024
Emissiebronnen
Emissie nh3
^9 Landbouw ļ Landbouwgrond | Bemesting plangebied
35,5 kg/j
RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
Emissie NO*
3/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar2024
Emissiebronnen
o Anders... | Anders... | Plangebied o Anders... | Anders... | Stationair draaien vrachtverkeer a Wonen en Werken | Recreatie | Verwarming zwembad - CV-ketel a Wonen en Werken | Recreatie | Verwarming zwembad - WKK Verkeersnetwerk
RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
Emissie Nhh
Emissie NO*
-
-
83,0 g/j
7,2 kg/j
-
7,9 kg/j
-
108,1 kg/j
2,3 kg/j
75,2 kg/j
4/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
] Habitatrichtlijn
(Ş)
] Vogelrichtlijn ] Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn ] Niet bepaald
(Ş)
Grootste toename (projectberekening)
Grootste afname (projectberekening)
Hoogste totaal (achtergrond + project be re ke ni ng)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
5/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie
Berekend (ha
Hoogste totale
Met toename
Grootste
Met afname (ha
Grootste afname
gekarteerd)
depositie (mol
(ha gekarteerd)
toename (mol
gekarteerd)
(mol N/ha/jr)
N/ha/jr) Totaal
Per gebied
2,86
1.800,30
N/ha/jr) 0,00
2,86
0,04
Berekend (ha
Hoogste totale
Met toename
Grootste
Met afname (ha
Grootste afname
gekarteerd)
depositie (mol
(ha gekarteerd)
toename (mol
gekarteerd)
(mol N/ha/jr)
N/ha/jr) Rijntakken
0,00
2,86
1.800,30
N/ha/jr) 0,00
0,00
2,86
0,04
(38)
RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
6/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR Per eigen
Naam
Coördinaat
1
Wyler Meer (Teilfläche des NSG Düffel) (14 km)
X:193456
2
Vogelschutzgebiet'UntererNiederrhein' (14km)
X:193461
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
rekenpunt Y:426253
Y:426255 3
NSG Kranenburger Bruch (21 km)
X:199016
4
NSG Salmorth, nur Teilfläche (21 km)
X:201472
Y:422618
Y:430598 5
6
Rhein-Fischschutzzonen zwischen Emmerich und Bad
X:201508
Honnef(21km)
Y:430746
Reichswald (23 km)
X:199809 Y:418651
RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
7/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Referentiesituatie, Rekenja ar 2024 ^9 Landbouw ļ Landbouwgrond Naam Locatie
Bemesting
Uittreedhoogte
0.5 m
plangebied
Warmteinhoud
0.000 MW
X: 179867,48
Spreiding
0m
35,5 kg/j
NHa
Y:430483,25 Oppervlakte
1,89 ha
Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Meststoffen
l^ļ
RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
Type
Stof
Mestaanwending (dierlijke mest)
NOx
Emissie 0,0 kg/j
NHa
35,5 kg/j
8/10
Projectberekening AERIUS CALCULATOR
Gebruiksfase, Rekenjaar2024 ^9 Anders... ļ Anders... Naam
Plangebied
Uittreedhoogte
Locatie
X: 179867,35
Warmteinhoud
0.000 MW
Y:430482,56
Spreiding
0m
Oppervlakte
0.0 m
2,19 ha
Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie
^9 Wegverkeer ļ Weg Naam
Verkeer geb rui ksfase
Locatie
X: 180076,17 Y :430304,86
Type scherm
Lengte
1.084,65 m
Hoogte
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Afstand tot de weg
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogtet.o.v. maaiveld
0m
Links Rechts NOx 68,1 kg/j NO2 11,5 kg/j NHs
2,3 kg/j
-
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
507,0/etmaal
In file 10,0 0/0
Middelzwaarvrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 /etmaal
0,0 o/o
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
6,0 /etmaal
10,0 o/o
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 /etmaal
0,0 o/o
O Wegverkeer ļ Weg Naam
Manoeuvreren vrachtverkeer
Locatie
X:179863,44 Y:430459,73
Typescherm
Lengte
485,80 m
Hoogte
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Afstand tot de weg
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogte t.o.v. maaiveld
0m
Links Rechts NOx 7,2 kg/j NO2 1,9 kg/j NHs 80,0 g/j -
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
In file
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
0,0/etmaal
0,0 o/o
Middelzwaarvrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0/etmaal
0,0 o/o
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
6,0/etmaal
100,0 o/o
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0/etmaal
0,0 o/o
O Anders... ļ Anders... Naam Locatie
Stationair draaien
Uittreedhoogte
0.0 m
NOx
7,2 kg/j
vrachtverkeer
Warmteinhoud
0.000 MW
NHa
83,0 g/j
NOx
7,9 kg/j
X:179843,47 Y:430469,83
Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Zwaar Verkeer
E9 Wonen en Werken ļ Recreatie Naam
Verwarming
Uittreedhoogte
8,0 m
zwembad-CV-
Warmteinhoud
0,000 MW
ketel Locatie
X:179843,47 Y:430469,83
Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie
RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
9/10
Projectberekening
^9 Wonen en Werken ļ Recreatie Naam Locatie
Verwarming
Uittreedhoogte
8,0 m
zwembad -WKK
Warmteinhoud
0,000 MW
NO
108,1 kg/j
X:179843,47 Y:430469,83
Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de Ínhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie Database versie
2023.1-20231207-46ea8e9191 2023.L46ea8e919LcalculatorjiLstable
Voor meer informatie over de gebruikte methodieken data zie: https://www.aerius.nl/
RjDsDf95eVuj (11 januari 2024)
10/10