Bijlage 08: Bij toelichting - quickscan flora en fauna
Tekst van het document
BUITING
ADVIES
NATUUR LANDSCHAP
b___
rt&ŬHSlSSB^S
mmm ĩ3í-r,İŵîjf
.v.;cr
Sir: - *făŕäfc
wm
ļmv:,
ļX v ,.“
I'S ' . Wìti } " 'iŵ vi’
Żţj-V
v ż
v '/ r-
T-ffr
JUNI 2022
LHAf
QUICKSCAN FLORA ä FAUNA VORDINGSTRAAT (PERCEEL EWK-E-147),
COLOFON Opdrachtgever Datum Status Projectnummer
Juni 2022 Definitief 2022-116
Auteur Controle
Ruben Bos Jeroen Willems
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
2
INHOUD
1
INLEIDING
4
2
PLANGEBIED EN ONTWIKKELINGEN
5
3
WETGEVING EN NATUURBELEID
7
3.1 3.2 3.3
SOORTBESCHERMING NATURA 2000 NATUURNETWERK NEDERLAND
7 8 8
4
ONDERZOEKSMETHODIEK
9
5
RESULTATEN
10
5.1 5.1.1 5.1.2 5.1.3 5.1.4 5.1.5 5.2 5.3
WET NATUURBESCHERMING VOGELS GRONDGEBONDEN ZOOGDIEREN VLEERMUIZEN AMFIBIEËN OVERIGE SOORTGROEPEN NATUURBESCHERMINGSWET (NATURA 2000) NATUURNETWERK NEDERLAND
10 10 11 11 11 11 12 13
6
CONCLUSIE
14
BIJLAGEN BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3
BESCHERMDE SOORTEN VAN ARTIKEL 3.5 OVERIGE BESCHERMDE SOORTEN VAN ARTIKEL 3.10 IN GELDERLAND VRIJGESTELDE SOORTEN IN DE PROVINCIE GELDERLAND
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
3
1
INLEIDING
AANLEIDING In juni 2022 heeft Buiting Advies een quickscan flora en fauna uitgevoerd in verband met het voorgenomen plan om op perceel EWK-E-147 wat momenteel gelegen is naast de Vordingstraat 43 in Ewijk een woning te bouwen. Het perceel EWK-E-147 had in het verleden een bestemming ''landbouw/agrarisch'', maar dit heeft nu een bestemming ''woning'' gekregen. Middels deze quickscan flora en fauna is vastgesteld of het bouwen van een kavel op het eerdere grasland zou kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming. Tevens is middels deze quickscan uitgezocht of er als gevolg van de aankomende werkzaamheden een (significant) negatief effect op het functioneren van Natura-2000 gebieden en het Natuurnetwerk Nederland zou kunnen optreden. LEESWIJZER In hoofdstuk 2 van dit rapport beschrijven wij de locatie en de voorgenomen ontwikkelingen. Vervolgens volgt in hoofdstuk 3 een samenvatting van de achterliggende natuurwetgeving. In hoofdstuk 4 beschrijven we de onderzoeksmethode en in hoofdstuk 5 volgen de resultaten. Het rapport sluit af met de conclusie.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
4
2
PLANGEBIED EN ONTWIKKELINGEN
Het desbetreffende perceel ligt gelegen aan de rand van Ewijk. Het betreft momenteel een grasland wat in gebruik een agrarische functie heeft. De vegetatie bestaat voornamelijk uit grassen met hier en daar enkele korenbloemen, witte klaver, echte kamille en ridderzuring. Aan de oostkant van het plangebied ligt een woning en een schuur. Het perceel wordt van deze woning en schuur gescheiden door middel van een haag. Achter de schuur bevindt zich een paardenbak die bestaat uit geel zand. Aan de westkant en zuidkant van het perceel bevinden zich agrarische percelen die ook ingericht zijn als grasland. Aan de westzijde staan twee jonge bomen. Aan de noordzijde van het perceel loopt de Vordingstraat, welke gescheiden wordt van het perceel door middel van een sloot en een bomenrij. Aan de overzijde van deze straat ligt een grote vijver.
Z į
AFBEELDING 1: LOCATIE PLANGEBIED (RODE STIP: LOCATIE VAN HET TE BOUWEN PERCEEL).
VOORGENOMEN ONTWIKKELINGEN De voorgenomen ontwikkelingen bestaan uit het bouwen van een woonkavel en een schuur op het betreffende perceel. De functie als agrarisch grasland gaat hierdoor verloren. Er worden geen bomen gekapt tijdens de desbetreffende werkzaamheden.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
5
Mļm
ík-im tmğisğā
'mmmįmà
,ilţiiįļyŞļi'
rmt
•■’•kí!^h.;
W&Smí Afbeelding 2 t/m 5: impressie van het plangebied.
Afbeelding 2 toont de nabijgelegen paardenbak aan het einde van het perceel. Afbeelding 3 rechtsboven toont de sloot die deels aan de voorzijde van het perceel loopt. Afbeelding 4 laat de twee jonge bomen zien die grenzen aan het perceel. Afbeelding 5 geeft een algemeen beeld vanaf de voorzijde van het perceel.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
6
3
WETGEVING EN NATUURBELEID
Sinds 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming in werking. Via deze wet is onder andere de bescherming van de Nederlandse inheemse flora en fauna en Natura 2000 gebieden geregeld.
3.1
SOORTBESCHERMING
ZORGPLICHT In de Wet natuurbescherming is de algehele zorgplicht opgenomen. De zorg houdt in elk geval in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen kunnen worden veroorzaakt voor in het wild levende dieren en planten 1. dergelijke handelingen achterwege laat, dan wel, 2. indien dat achterwege laten redelijkerwijs niet kan worden gevergd, de noodzakelijke maatregelen treft om die gevolgen te voorkomen, of 3. voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk beperkt of ongedaan maakt. Onderstaand zijn de relevante extra verbodsbepalingen weergegeven: ARTIKEL 3.1 1. Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen. 2. Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. 3. Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en dezeonder zich te hebben. 4. Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen. 5. Het verbod, bedoeld in het vierde lid, is niet van toepassing indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. ARTIKEL 3.5 1.
Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. 2. Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren. 3. Het is verboden eieren van dieren als bedoeld in het eerste lid in de natuur opzettelijk te vernielenof te rapen. 4. Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen. 5. Het is verboden planten van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel b, bij de Habitatrichtlijn of bijlage I bij het Verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. De soorten beschermd onder artikel 3.5 zijn genoemd in bijlage 1 van dit rapport.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
7
ARTIKEL 3.10 1. Onverminderd artikel 3.5, eerste, vierde en vijfde lid, is het verboden: a. in het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel A, bij deze wet, opzettelijk te doden of te vangen; b. de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in onderdeel a opzettelijk te beschadigen of te vernielen, of c. vaatplanten van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel B, bij deze wet, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. PROVINCIALE VRIJSTELLINGEN Per provincie is in de huidige Wet natuurbescherming een algehele vrijstelling van kracht voor een aantal soorten uit artikel 3.10. Deze zijn opgenomen onder aan bijlage 2 van dit rapport.
3.2
NATURA 2000
Binnen de Wet natuurbescherming zijn een aantal gebieden met internationale verplichtingen opgenomen. Deze Natura 2000-gebieden vormen een Europees netwerk van gebieden die de deelnemende lidstaten hebben aangewezen als speciale beschermingszone op basis van het voorkomen van habitats en soorten die extra bescherming nodig hebben. De Nederlandse overheid heeft zich verplicht om voor de aangewezen gebieden specifieke instandhoudingdoelen op te stellen met betrekking tot de habitats en soorten waarvoor het gebied is aangewezen. Ontwikkelingen die een significant negatieve invloed op deze instandhoudingsdoelen kunnen hebben, zijn in principe niet mogelijk. Daarbij geldt dat ook ontwikkelingen die buiten Natura 2000-gebied zelf plaatsvinden geen negatieve invloed op de instandhoudingsdoelen van een Natura 2000-gebied mogen hebben (via externe werking). Naast gebiedsbescherming kent Natura 2000 ook een strikt soortenbeschermingsbeleid. Een aantal daarvoor aangewezen dier- en plantensoorten (Habitatrichtlijn Bijlage IV) en alle vogels zijn strikt beschermd in heel Europa. De bescherming van deze soorten is in Nederland overgenomen in Wet natuurbescherming (artikel 3.1 en 3.5).
3.3
NATUURNETWERK NEDERLAND
Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen bekend als de Ecologische Hoofdstructuur, EHS), is een netwerk van natuurgebieden en kan worden gezien als de ruggengraat van de Nederlandse natuur. Door natuurgebieden te verbinden binnen de NNN wordt voorkomen dat gebieden geïsoleerd (komen te) liggen en dat plant- en diersoorten daarbinnen verdwijnen. NATUURNETWERK NEDERLAND BINNEN PROVINCIE GELDERLAND Binnen de ruimtelijke verordening is onder andere opgenomen dat ruimtelijke plannen geen nieuwe activiteiten in het NNN mogelijk mogen maken, die per saldo leiden tot significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden of tot vermindering van het oppervlak van het NNN of van de samenhang binnen het NNN, tenzij er een groot openbaar belang is en reële alternatieven ontbreken (het 'nee-tenzij' beginsel).
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
8
4
ONDERZOEKSMETHODIEK
De onderzoeksmethode die bij de uitvoering van de quickscan is gevolgd, bestond uit de volgende drie onderdelen: BUREAUSTUDIE Tijdens de bureaustudie is in diverse beschikbare bronnen onderzocht wat bekend is over via de Wnb beschermde soorten en hun beschermde voortplantingsplaatsen, nesten en rustplaatsen en de directe omgeving daaromheen. Hierbij vormde de Nationale Database Flora en Fauna de belangrijkste bron. Tevens is uitgezocht of de ontwikkelingen mogelijk van invloed kunnen zijn op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden in de omgeving en of de ontwikkelingen plaatsvinden binnen het Natuurnetwerk Nederland. VELDBEZOEK Op 16 juni 2022 is een bezoek aan het plangebied gebracht. Doel daarvan was om te beoordelen of de voorgenomen maatregelen betreffende het bouwen van een nieuwe kavel zouden kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming. Belangrijk onderdeel van deze beoordeling is het vaststellen of het plangebied dat momenteel in gebruik is als agrarisch gebied geschikt is als beschermde voortplantingsplaats, nestplaats of rustplaats. Ook is gelet op eventuele sporen zoals krijtstrepen die wijzen op gebruik door beschermde soorten. Indien geen sporen van gebruik worden aangetroffen kan echter niet geconcludeerd worden dat de woning geen beschermde verblijfplaatsen bevat.
ANALYSE EN CONCLUSIE Door het combineren van de resultaten van de bureaustudie en het veldbezoek is ingeschat of de voorgenomen plannen betreffend het bouwen van een nieuwe kavel op het perceel zouden kunnen leiden tot overtreding van de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming. Indien uit het onderzoek naar voren komt dat het plangebied geschikt is als voortplantingsplaats, nestplaats of rustplaats van beschermde soorten en dat de voorgenomen werkzaamheden zou kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming zijn er de volgende mogelijkheden: ^ de maatregelen worden aangepast op zodanige wijze dat een overtreding van de Wnb niet meer plaats kan vinden of er wordt van bepaalde maatregelen afgezien; ^ bovenstaande kan mogelijk in bepaalde gevallen door rekening te houden met de uitvoeringsperiode; ^ er wordt gericht (protocollair) nader onderzoek uitgevoerd om vast te stellen of er werkelijk sprake is van beschermde voortplantingsplaatsen, nesten of rustplaatsen.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
9
5
RESULTATEN
5.1
WET NATUURBESCHERMING
Onderstaand is per soortgroep aangegeven of en op welke beschermde soorten, voortplantingsplaatsen, rustplaatsen of het bouwen van een nieuwe kavel aan de Vordingstraat in Ewijk een effect zou kunnen hebben dat zou kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming. Waar dat aan de orde is wordt aangegeven welke specifieke maatregelen tot overtreding zouden kunnen leiden en op welke plek. Tevens geven wij kort aan welke mogelijkheden er zijn om overtreding te voorkomen. Alle resultaten zijn gebaseerd op de combinatie van de bureaustudie en het bezoek aan het plangebied.
5.1.1
VOGELS
Uit het bureaubezoek blijkt dat de soorten huismus en huiszwaluw voorkomen als broedvogels in de buurt van het perceel. Tijdens het veldbezoek zijn de soorten huismus en scholekster aangetroffen in de buurt van het plangebied. Scholeksters zijn vogels die in het binnenland foerageren op wormen en emelten in boerenland en ook wel rondom bebouwing. Het betrof hier een overvliegend exemplaar. Scholeksters maken hun nest als een kuiltje in de grond, maar gebruiken tegenwoordig ook wel grinddaken om hun nesten op te maken. Tijdens het veldbezoek is er echter geen dergelijk nest gevonden op het perceel. Daarnaast zouden alarmerende ouders opgevallen zijn in het geval van een legsel of jongen. Het is hierdoor uit te sluiten dat de scholekster gebruik maakt van het perceel als broedplaats. Huismussen komen veel voor in rommelige menselijke omgevingen in dorpen en ook wel in oudere buitenwijken. Ze stellen een variatie van struikgewas, rommelhoekjes en weilanden op prijs als leefgebied. Hieronder wordt de soort apart verder besproken. Van alle wilde vogels zijn nesten die in gebruik zijn (van het aanbrengen van het eerste takje tot na het uitvliegen van de jongen) beschermd.
Het is aan te bevelen de werkzaamheden, betreffende het bouwen van de nieuwe woning, die kunnen leiden tot het verstoren, beschadigen of vernielen van een nest uit te voeren zo ruim mogelijk buiten de indicatieve broedtijd van 1 maart-31 juli. Ook buiten die periode zijn in gebruik zijnde nesten beschermd maar de kans daarop is aanzienlijk kleiner. In alle gevallen dient in ieder geval een check plaats te vinden naar aanwezigheid van een eventueel nest in gebruik indien een mogelijk nest verstoord of beschadigd zou kunnen worden. JAARROND BESCHERMDE NESTEN EN VERBLIJFPLAATSEN Van een beperkt aantal soorten is de broedplek/het nest jaarrond beschermd. Dit houdt in dat het nest ook beschermd is als er geen sprake is van een broedsel op het betreffend moment. Het gaat hierbij onder andere om soorten die meestal jaarlijks terugkeren om dezelfde broedplaats en nesten te gebruiken. Naast de broedplaats zelf is ook de essentiële leefomgeving beschermd die noodzakelijk is voor de functionaliteit van het nest. Uit de bureaustudie blijkt dat soorten waarvan de broedplek/het nest jaarrond beschermd zijn de huismus in het plangebied voorkomt. HUISMUS Naast het feit dat de nesten van de huismus jaarrond beschermd zijn, is ook het functionele leefgebied van de huismus beschermd. Hieronder vallen ook rustplaatsen zoals groenblijvende struiken en klimplanten.
Aangezien in de plannen staat dat dit niet aangetast wordt is er geen sprake van verlies van functionele leefomgeving.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
10
5.1.2
GRONDGEBONDEN ZOOGDIEREN
Voor de meest algemene zoogdieren zoals konijn, haas, ree, algemene muizen en spitsmuizen, wild zwijn, vos, ratten en egel geldt binnen Gelderland een algehele vrijstelling van de wet natuurbescherming. Uit de bureaustudie blijkt dat in en rondom het plangebied geen beschermde soorten grondgebonden zoogdieren zijn aangetroffen. Daarnaast zijn er geen sporen aangetroffen van desbetreffende soorten tijdens het veldbezoek.
5.1.3
VLEERMUIZEN
Voortplantingsplaatsen en rustplaatsen van vleermuizen zijn het hele jaar door beschermd. Ook op het moment dat ze hier (tijdelijk) geen gebruik van maken. Naast de voortplantingsplaats of rustplaats zelf is ook de essentiële leefomgeving beschermd die noodzakelijk is voor de functionaliteit van het nest. Vleermuizen kunnen onder andere voortplantingsplaatsen of rustplaatsen hebben in gebouwen en bomen. Sommige soorten verblijven vooral in gebouwen, andere vooral in bomen en weer andere in beide. Effecten op voorplantingsplaatsen of rustplaatsen in bomen worden niet verwacht. Bomen worden tijdens de beoogde werkzaamheden niet gekapt. Mits er niet met sterke verlichting gewerkt wordt tijdens de bouw van de nieuwe kavel is er geen sprake van verstoring van vleermuizen in de bomen die aan de weg staan. De afstand van deze bomenrij tot de beoogde bouwkavel zijn dusdanig dat hierdoor geen verstoring plaats vindt. Verstoring van gebouw bewonende soorten wordt niet verwacht door de afstand tot de andere kavels. Effecten op foerageergebied van vleermuizen is niet te verwachten door de werkzaamheden, mits er wederom rekening gehouden wordt met verlichting.
5.1.4
AMFIBIEËN
In Nederland zijn van enkele amfibieën soorten de voortplanting- en rustplaatsen beschermd. Uit de bureaustudie blijkt dat er geen beschermde soorten in de omgeving van het plangebied voorkomen. Op basis van het veldbezoek lijkt het ook uitgesloten dat beschermde amfibieën het perceel gebruiken als een rustplaats. De bodem is niet makkelijk vergraaf-baar door de vegetatie die erop staat. Daarnaast ontbreekt het aan geschikte structuren om onder te schuilen.
5.1.5
OVERIGE SOORTGROEPEN
Het is zo goed als uit te sluiten dat het bouwen van de nieuwe kavel zal leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming ten aanzien van beschermde soorten uit andere dan boven beschreven diergroepen. Ook overtreding ten aanzien van beschermde planten is zo goed als uit te sluiten. Beschermde planten zijn uiterst zeldzaam en gebonden aan bijzondere milieus. Beschermde soorten komen niet voor in het plangebied.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
11
5.2
NATUURBESCHERMINGSWET (NATURA 2000)
Het gebied ligt op meer dan 500 meter afstand van het N2000 gebied de Rijntakken. Effecten van het bewonen van de nieuwe kavel op de functionaliteit van het N2000 gebied is daarom uit te sluiten.
v' 'mí;
Afbeelding 4: ligging van het plangebied (rode stip) ten opzichte van Natura 2000 gebied de Rijntakken.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
12
5.3
NATUURNETWERK NEDERLAND
Het gebied ligt op meer dan 500 meter afstand van het Gelderse natuurnetwerk. Effecten van het bewonen van de nieuwe kavel op het functioneren van het Gelderse natuurnetwerk zijn daarom uitgesloten.
•'A-í
- ^ Afbeelding 5: ligging van het plangebied (rood) ten opzichte van het Natuurnetwerk Brabant(geelgroen).
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
13
6
CONCLUSIE
Soortbescherming In onderstaande tabel worden de bevindingen per soortgroep weergegeven. TABEL 1: SOORTBESCHERMING SOORT(GROEP) & BESCHERMINGSREGIME
GESCHIKT HABITAT
WERKZAAMHEDEN VERSTOREND
NADER ONDERZOEK
OPMERKINGEN
Broedvogels
Ja
Nee
Voer altijd een nestcontrole uit voordat groene elementen worden verwijderd. Ook buiten het broedseizoen.
Vogels met jaarrond beschermde nesten (gebouwen) Vogels met jaarrond beschermde nesten (bomen) Planten Vleermuizen
Nee
Nee, mits een nestcontrole wordt uitgevoerd en in gebruik zijnde nesten worden gespaard. Nee
Nee
Nee
Nee
Nee Nee
Nee Nee, mits er niet met sterke verlichting wordt gewerkt.
Nee Nee
Grondgebonden zoogdieren Reptielen en amfibieën Vissen Ongewervelden
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee Nee
Nee Nee
Nee Nee
Nee
Om eventuele verder gelegen foerageer en rustplaatsen in een bomenrij niet te verstoren is het van belang om geen sterke verlichting te gebruiken.
Broedseizoen In gebruik zijnde nesten van vogels mogen nooit worden beschadigd, vernield of verstoord. Het is aan te raden werkzaamheden die daartoe kunnen leiden, ruim buiten de indicatieve broedtijd van vogels (1 maart-31 juli) uit te voeren. Zorgplicht Geadviseerd wordt om tijdens de werkzaamheden de algehele zorgplicht in acht te nemen. Gebiedsbescherming In onderstaande tabel worden de bevindingen voor Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland weergegeven. TABEL 2: GEBIEDSBESCHERMING GEBIEDSTYPE
AFSTAND TOT GEBIED
WERKZAAMHEDEN VERSTOREND
NADER ONDERZOEK
OPMERKINGEN
Natura 2000
1,8 kilometer
Nee
Nee
Natura 2000 gebied 'Rijntakken'.
Natuurnetwerk Nederland
1700 meter
Nee
Nee
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
14
BIJLAGEN BIJLAGE 1: BESCHERMDE SOORTEN VAN ARTIKEL 3.5 BESCHERMDE SOORTEN UIT DE HABITATRICHTLIJN geel schorpioenmos juchtleerkever tonghaarmuts vermiljoenkever kleine vlotvaren bronslibel liggende raket gaffellibel drijvende waterweegbree gevlekte witsnuitlibel groenknolorchis groene glazenmaker kruipend moerasscherm noordse winterjuffer zomerschroeforchis oostelijke witsnuitlibel moerasparelmoervlinder rivierrombout oeveraas sierlijke witsnuitlibel mercuurwaterjuffer teunisbloempijlstaart walrus gladde slang dikkopschildpad muurhagedis kemp's zeeschildpad zandhagedis lederschildpad steur hamster soepschildpad bultrug otter gewone vinvis baardvleermuis boomkikker bechsteins vleermuis geelbuikvuurpad bosvleermuis brandts vleermuis heikikker kamsalamander franjestaart knoflookpad gewone grootoorvleermuis rugstreeppad grijze grootoorvleermuis vroedmeesterpad grote hoefijzerneus apollovlinder grote rosse vleermuis boszandoog ingekorven vleermuis donker pimpernelblauwtje kleine dwergvleermuis grote vuurvlinder kleine hoefijzerneus pimpernelblauwtje laatvlieger tijmblauwtje meervleermuis zilverstreephooibeestje mopsvleermuis brede geelrandwaterroofkever noordse vleermuis gestreepte waterroofkever rosse vleermuis
Quickscan flora en fauna
ruige dwergvleermuis tweekleurige vleermuis vale vleermuis watervleermuis bruinvis dwergpotvis gestreepte dolfijn gewone dolfijn gewone spitsdolfijn grijze dolfijn kleine zwaardwalvis narwal orca tuimelaar witflankdolfijn witsnuitdolfijn noordse vinvis potvis poelkikker houting bataafse stroommossel platte schijfhoren bever hazelmuis lynx noordse woelmuis wilde kat wolf gewone dwergvleermuis butskop dwergvinvis griend spitsdolfijn van gray witte dolfijn
Buiting Advies BV
15
BIJLAGE 2: BESCHERMDE SOORTEN VAN ARTIKEL 3.10 BESCHERMDE DIERSOORTEN (BIJLAGE A) alpenwatersalamander vinpootsalamander vuursalamander aardbeivlinder bosparelmoervlinder bruin dikkopje bruine eikenpage duinparelmoervlinder gentiaanblauwtje grote parelmoervlinder grote vos grote weerschijnvlinder iepenpage kleine heivlinder kleine ijsvogelvlinder kommavlinder sleedoornpage spiegeldikkopje veenbesblauwtje veenbesparelmoervlinder veenhooibeestje veldparelmoervlinder zilveren maan vliegend hert beekrombout bosbeekjuffer donkere waterjuffer gevlekte glanslibel gewone bronlibel hoogveenglanslibel kempense heidelibel speerwaterjuffer europese rivierkreeft adder hazelworm levendbarende hagedis
Quickscan flora en fauna
ringslang beekdonderpad beekprik elrits gestippelde alver grote modderkruiper kwabaal boommarter damhert das edelhert eekhoorn eikelmuis grote bosmuis molmuis veldspitsmuis waterspitsmuis gewone zeehond grijze zeehond meerkikker aardmuis bunzing dwergmuis dwergspitsmuis gewone bosspitsmuis hermelijn huisspitsmuis ondergrondse woelmuis rosse woelmuis steenmarter tweekleurige bosspitsmuis veldmuis vos wezel woelrat
Buiting Advies BV
16
BESCHERMDE PLANTENSOORTEN (BIJLAGE B) blaasvaren kleine wolfsmelk groensteel kluwenklokje schubvaren knollathyrus akkerboterbloem knolspirea akkerdoornzaad korensla akkerogentroost kranskarwij beklierde ogentroost kruiptijm berggamander lange zonnedauw bergnachtorchis liggende ereprijs blauw guichelheil moerasgamander bokkenorchis muurbloem bosboterbloem naakte lathyrus bosdravik naaldenkervel brave hendrik pijlscheefkelk brede wolfsmelk roggelelie breed wollegras rood peperboompje rozenkransje bruinrode wespenorchis dennenorchis ruw parelzaad dreps scherpkruid echte gamander schubzegge franjegentiaan smalle raai geelgroene wespenorchis spits havikskruid geplooide vrouwenmantel steenbraam getande veldsla stijve wolfsmelk gevlekt zonneroosje stofzaad glad biggenkruid tengere distel gladde zegge tengere veldmuur groene nachtorchis trosgamander groot spiegelklokje veenbloembies grote bosaardbei vliegenorchis grote leeuwenklauw vroege ereprijs honingorchis wilde averuit kalkboterbloem wilde ridderspoor kalketrip wilde weit karthuizeranjer wolfskers karwijselie zandwolfsmelk kleine ereprijs zinkviooltje kleine schorseneer zweedse kornoelje
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
17
VRIJSTELLING BINNEN DE PROVINCIE NOORD-HOLLAND Voor de onderstaande soorten geldt een vrijstelling in de provincie Noord-Holland bij ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden en bestendig beheer en onderhoud. Deze vrijstelling geldt voor de volgende soorten: aardmuis, bastaardkikker, bosmuis, bruine kikker, dwergmuis, dwergspitsmuis, egel, gewone bosspitsmuis, gewone pad, haas, huisspitsmuis., kleine watersalamander, konijn, meerkikker, ondergrondse woelmuis, ree, rosse woelmuis, tweekleurige bosspitsmuis, veldmuis, vos, woelrat.
Quickscan flora en fauna
Buiting Advies BV
18
BUITING ADVIES
MATUUR LANDSCHAP
Buiting Advies Kanaaldijk 96 6956 AX Spankeren 0313-619042 www.buiting.nl