CConstaterende datBeuningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 04: Bijlage toelichting 3 - Toets wet natuurbescherming De Groene Heuvels

Raadsvergadering 10 oktober 2023, gemeente BeuningenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling Bestemmingsplan Parapluplan Evenementen De Groene Heuvels Ewijk20.903 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

A4 W

Bureau Waarden burg Ecologie ŭ Landschap

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk Toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming

I. Hille Ris Lambers J.T.B. Cardinaals F. van Vliet

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk Toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming I. Hille Ris Lambers, J.T.B. Cardinaals, F. van Vliet Status uitgave: definitief V2

Rapportnummer:

21-271

Projectnummer:

21-0802

Datum uitgave:

14 september 2022

Projectleider:

drs. ing. I. Hille Ris Lambers

Tweede lezer:

J.T.B. Cardinaals (MSc)

Naam en adres opdrachtgever:

Leisurelands Westervoortsedijk 73-LB 6827 AV Arnhem

Referentie opdrachtgever:

Opdrachtverlening dd. 22 maart 2022

Akkoord voor uitgave:

drs. F. van Vliet

Paraaf: Graag citeren als: Hille Ris Lambers, I., J.T.B. Cardinaals, F. van Vliet, 2022. Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk. Toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming. Bureau Waardenburg Rapportnr. 21-271. Bureau Waardenburg, Culemborg. Trefwoorden: beschermde soorten, inventarisatie dassen, effecten van evenementen, stikstofberekening. Bureau Waardenburg bv is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Bureau Waardenburg bv. Opdrachtgever hierboven aangegeven vrijwaart Bureau Waardenburg bv voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. © Bureau Waardenburg bv Z Leisurelands Dit rapport is vervaardigd op verzoek van opdrachtgever en is zijn eigendom. Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, digitale kopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven en Bureau Waardenburg bv, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Lid van de branchevereniging Netwerk Groene Bureaus.

Het kwaliteitsmanagementsysteem van Bureau Waardenburg bv is gecertificeerd door EIK Certificering overeenkomstig ISO 9001:2015. Bureau Waardenburg bv hanteert als algemene voorwaarden de DNR 2011, tenzij schriftelijk anders wordt overeengekomen.

Bureau Waarden burg Ecologie ŭ Landschap Bureau Waardenburg, Varkensmarkt 9 4101 CK Culemborg, 0345 51 27 10, info@buwa.nl, www.buwa.nl

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

2

Voorwoord Leisurelands is voornemens om middels een bestemmingsplan wijziging procedure meer evenementen mogelijk te maken in het recreatiegebied De Groene Heuvels in Ewijk. Ten behoeve van de bestemmingswijziging heeft Leisurelands Bureau Waardenburg opdracht gegeven na te gaan in hoeverre hiervan effecten op beschermde soorten en Natura 2000gebieden beoordeeld in het kader van de Wet natuurbescherming. Voor zover negatieve effecten aan de orde zijn, zijn maatregelen aangegeven om negatieve effecten op beschermde soorten en Natura 2000-gebieden te voorkomen of te verzachten. Onderhavige rapportage vormt het verslag van de bevindingen van zowel het oriënterend onderzoek (quick scan) als nader onderzoek naar dassen met cameravallen in 2021. Het verslag van het nader onderzoek naar dassen is opgenomen in Bijlage II. De bevindingen zijn vertaald naar randvoorwaarden voor de evenementen. Indien deze worden opgevolgd is het mogelijk evenementen plaats te laten vinden zonder dat overtreding van verbodsbepalingen ten aanzien van beschermde soorten plaatsvindt. In 2022 is conform deze randvoorwaarden gehandeld ter voorbereiding op het evenement Down The Rabbithole 2022. De bevindingen van het benodigde onderzoek in 2022 is in deze versie van het rapport gebruikt ter onderbouwing van de veldresultaten uit 2021 en zijn opgenomen als bijlage.

Het oriënterend onderzoek in 2021 is uitgevoerd door Jasper Cardinaals, Ingrid Hille Ris Lambers en Fleur van Vliet. Het nader onderzoek naar dassen in 2021 werd uitgevoerd door Jasper Cardinaals. De projectleiding en rapportage is uitgevoerd door Ingrid Hille Ris Lambers. Voor Leisurelands heeft Maarten van Lokven (Mojo) input geleverd in het project. Wij danken hem voor de begeleiding en prettige samenwerking. Disclaimer De studie betreft een beoordeling van de huidige aanwezigheid van beschermde soorten. Deze beoordeling is gebaseerd op oriënterend veldonderzoek, nader onderzoek (naar dassen) en deskundigenoordeel. Veldonderzoek is altijd een momentopname. Bureau Waardenburg waarborgt dat het onderzoek is uitgevoerd door deskundige onderzoekers volgens de gangbare standaardmethoden. Het bureau is niet aansprakelijk voor waarnemingen van soorten door derden en waarnemingen die na afronding van de studie bekend worden gemaakt.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

3

Inhoud 1

2

3

4

5

6

7

Voorwoord

3

Inleiding

6

1.1

Doel

6

1.2

Toetsingskader soortenbescherming

6

1.3

Toetsingskader gebiedenbescherming

7

1.4

Houtopstanden

8

1.5

Natuurnetwerk Nederland

8

1.6

Verantwoording

9

Te houden evenementen in recreatiegebied De GroeneHeuvels

10

2.1

Beschrijving recreatiegebied De Groene Heuvels

10

2.2

Toekomstig gebruik

11

Betekenis van het plangebied voor beschermde soortenplanten en dieren

12

3.1

Planten

12

3.2

Ongewervelden

12

3.3

Vissen

12

3.4

Amfibieën

13

3.5

Reptielen

13

3.6

Grondgebonden zoogdieren

13

3.7

Vleermuizen

18

3.8

Vogels (inclusief soorten met een jaarrondbeschermd nest)

20

Effecten op beschermde soorten en beoordeling Wnb

22

4.1

Planten

22

4.2

Ongewervelden

22

4.3

Amfibieën

22

4.4

Grondgebonden zoogdieren

23

4.5

Vleermuizen

24

4.6

Vogels (inclusief soorten met een jaarrondbeschermd nest)

25

Toetsing aan gebiedenbescherming

26

5.1

Ligging ten opzichte van Natura 2000-gebieden

26

5.2

Betekenis van het plangebied voor soortenvan Natura 2000-gebieden

26

5.3

Effecten en beoordeling Wnb

27

Toetsing aan provinciaal en gemeentelijk natuurbeleid

28

6.1

Toetsing aan provinciaal beleid

28

6.2

Toetsing aan gemeentelijk natuurbeleid

29

Beoordeling en conclusies

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

31

4

7.1

Beoordeling Wet natuurbescherming - onderdeel soortenbescherming

31

7.2

Beoordeling Wet natuurbescherming - onderdeel gebiedenbescherming

31

7.3

Toetsing aan het provinciaal en gemeentelijk beleid

31

7.4

Conclusies

32

7.5

Randvoorwaarden (Wnb - onderdeel soortenbescherming)

32

Literatuur Bijlage I

33 Wettelijk kader

34

7.6

Inleiding

34

7.7

Algemene bepalingen

34

7.8

Natura 2000-gebieden

35

7.9

Soorten

37

7.10 Houtopstanden

39

Bijlage II

Dassenonderzoek 2021

Bijlage III

Onderzoek dassen en vogels 2022

Bijlage IV

Effectenindicator

Bijlage V

Kernkwaliteiten Rivierduinengordel Overasselt - Bergharen

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

5

1

Inleiding

1.1

Doel Leisurelands wil het houden van evenementen in recreatiegebied de Groene Heuvels planologisch regelen. Hiervoor is een bestemmingsplanwijziging nodig. Bij het vaststellen van het bestemmingsplan en de daaruit volgende toename van de gebruiksintensiteit van het terrein moet rekening worden gehouden met het huidige voorkomen van beschermde soorten planten en dieren en beschermde natuurgebieden in het plangebied en/of in de invloedssfeer daarvan. Voorliggende rapportage doet verslag van de functie van het plangebied voor beschermde soorten, eventuele effecten ten gevolge van de veranderende gebruiksintensiteit van het terrein en de daaruit volgende randvoorwaarden om overtreding van verbodsbepalingen te voorkomen. Dit verslag is opgesteld op basis van ecologisch onderzoek dat in 2021 is uitgevoerd en wordt verder onderbouwd met veldgegevens uit het voorjaar van 2022. Dit rapport beschrijft het wettelijk kader (Ş1.2, 1.3, 1.4, 1.5), de methodiek (Ş1.6), het plangebied (Ş2.1) en de voorziene evenementen (Ş2.2). Het voorkomen van beschermde soorten is in beeld gebracht (Ş3.1 tot en met Ş3.8) en in hoofdstuk 4 zijn mogelijke effecten beschreven (Ş4.1 tot en met Ş4.8). |n hoofdstuk 5 wordt de uitbreiding getoetst aan gebiedenbescherming.

In hoofdstuk 6 wordt de ligging ten opzichte van gebieden beschreven die op grond van gemeentelijk beleid en provinciaal beleid (GNN) zijn beschermd. In hoofdstuk 7 zijn effecten getoetst aan wetgeving en beleid en worden conclusies en randvoorwaarden gegeven.

1.2

Toetsingskader soortenbescherming Bij toepassing van het onderdeel soortenbescherming van de Wnb worden drie beschermingsregimes onderscheiden: Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn, Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn en Beschermingsregime andere soorten. De das is een soort van Beschermingsregime andere soorten. Voor das gelden geen vrijstellingen bij ruimtelijke ontwikkeling of evenementen. Een ontheffing kan nodig zijn als de werkzaamheden leiden tot overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb. Ook kleine marterachtigen zoals wezel, bunzing en hermelijn zijn soorten van Beschermingsregime andere soorten. Omdat kleine marterachtigen in de provincie Gelderland niet zijn vrijgesteld zijn ze eveneens relevant bij het organiseren van evenementen. Bij het houden van evenementen moet rekening worden gehouden met het huidige voorkomen van beschermde soorten planten en dieren op het voorziene evenemententerrein. Als de te houden evenementen naar verwachting leiden tot het overtreden van verbodsbepalingen betreffende beschermde soorten, zal moeten worden nagegaan of een vrijstelling geldt of dat een ontheffing moet worden verkregen. De Wnb onderscheidt bij de bescherming van soorten drie beschermingsregimes:

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

6

^ ^ ^

Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn (Wnb Ş 3.1), Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn (Wnb Ş 3.2)1 en Beschermingsregime andere soorten (Wnb Ş 3.3).

Voor een aantal soorten vallend onder ‘Beschermingsregime andere soorten’ heeft de provincie een vrijstelling verleend voor handelingen in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden (Wnb Art 3.10 lid 2a). In dit rapport wordt onderscheid gemaakt in ‘vogels', soorten Habitatrichtlijn (Wnb Ş 3.2) en ‘andere soorten' (Wnb Ş 3.3). Als de voorgenomen ingreep leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen betreffende beschermde soorten, is nagegaan of een vrijstelling geldt of dat een ontheffing moet worden verkregen voordat de evenementen gaan plaatsvinden (zie Hoofdstuk 2).

1.3

Toetsingskader gebiedenbescherming De toetsing aan gebiedenbescherming omvat een beschrijving van de resultaten van verkennend onderzoek naar de effecten op nabijgelegen Natura 2000-gebieden. De centrale vraag van deze toetsing is: bestaat er een reële kans op significante negatieve effecten op Natura 2000-gebieden of kan het optreden van significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden met zekerheid worden uitgesloten? De uitkomsten van het onderzoek kunnen als volgt zijn: ^ Er treden met zekerheid geen effecten op; er zijn geen aanvullende maatregelen nodig om effecten te beperken. Wel wordt aanbevolen de conclusies van dit onderzoek aan het bevoegd gezag voor te leggen. ^ Significant negatieve effecten kunnen niet worden uitgesloten. Voor activiteiten die (mogelijk) een significant effect hebben is een vergunning nodig, die kan worden aangevraagd op basis van een “passende beoordeling” (zie Bijlage 1) en na het doorlopen van de ADC-toets2. Vooroverleg met het bevoegd gezag is noodzakelijk. ^ Er zijn (mogelijk) wel effecten, maar die zijn beperkt en zeker niet significant. In dit geval bepaalt het bevoegd gezag of er vergunning nodig is. In de vergunningsvoorschriften kunnen maatregelen worden opgelegd om negatieve effecten te verminderen of te voorkomen. Deze maatregelen zijn niet nodig om significante effecten te voorkomen.

De effecten van het project zijn getoetst aan de instandhoudingsdoelen die voor Natura 2000-gebied Rijntakken (2 km van plangebied). Andere Natura 2000-gebieden op meer dan 15 km van het plangebied. Als (significant) negatieve effecten op deze gebieden kunnen worden uitgesloten zijn effecten op verder weg gelegen gebieden op grond van de afstand eveneens uit te sluiten.

1 Dit betreft soorten van de Habitatrichtlijn, het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn met uitzondering van vogels. Vogels vallen onder Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn. Brochure: Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Ministerie van EZ, versie 1.3 december 2016. 2 ADC-toets: toets op Alternatieven, Dwingende reden van groot openbaar belang, Compensatie.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

7

1.4

Houtopstanden De Wet natuurbescherming beschermt houtopstanden met een oppervlakte van minimaal 10 are (1.000 m2) en rijbeplantingen die bestaan uit meer dan 20 bomen (art. 1.1). Ten behoeve van de evenementen worden geen houtopstanden gekapt. De regels ten aanzien van houtopstanden zijn dus niet van toepassing.

1.5

Natuurnetwerk Nederland Het Natuurnetwerk Nederland (kortweg: NNN) is een Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. In het NNN liggen: ^ bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 nationale parken; ^ gebieden waar nieuwe natuur wordt aangelegd; ^ landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; ^ ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee; ^ alle Natura 2000-gebieden. Voor gebieden die zijn begrensd binnen het NNN, ecologische verbindingszones en gebieden met agrarisch natuurbeheer, geldt een planologisch beschermingsregime. Ingrepen in deze gebieden zijn alleen toegestaan als ze geen negatieve effecten hebben op deze gebieden, of als negatieve effecten kunnen worden tegengegaan door het nemen van mitigerende maatregelen. Heeft een ingreep wel een significant negatief effect op de wezenlijke kenmerken en waarden van een gebied dat behoort tot het NNN, dan geldt het ‘nee, tenzij-regime'. Een project kan dan alleen doorgaan als er geen reële alternatieven zijn en als sprake is van een groot openbaar belang. Als een ingreep wordt toegestaan moet de schade zoveel mogelijk worden beperkt door mitigerende maatregelen en moet de resterende schade door de initiatiefnemer worden gecompenseerd.

Dit beschermingsregime is verankerd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR^/Besluit Algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en in de Omgevingsverordening. In de provincie Gelderland heet het NNN: Gelders Natuur Netwerk. Voor de voorziene uitbreiding van evenementen is een toets uitgevoerd die antwoord geeft op de volgende vragen: ^ Bevindt het plangebied zich nabij het GNN? ^ Wat zijn de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN ter plaatse? ^ Is er sprake van een significante aantasting van die wezenlijke kenmerken en waarden ^ Wat zijn de mogelijkheden om een eventuele aantasting te beperken? ^ Is er een noodzaak voor de compensatie van een eventuele aantasting van het NNN? De toetsing die in hoofdstuk 6 wordt doorlopen betreft de oriëntatiefase van de ‘Nee, tenzij toets'.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

8

At IT 1.6

Verantwoording Bronnenonderzoek Als basis voor het onderzoek naar beschermde soorten zijn eerdere onderzoeksrapporten ten behoeve van evenementen op de locatie gebruikt. Deze zijn opgenomen in de literatuurlijst. Daarnaast is de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) in november 2021 bevraagd om waarnemingen die tot dan toe bekend zijn mee te nemen in het onderzoek. Als zoekgebied is gekozen voor een gebied met een straal van circa 3 kilometer rondom het plangebied, waarbij gericht gezocht is naar beschermde soorten die de afgelopen 5 jaar zijn waargenomen. Veldonderzoek In de periode mei-augustus 2021 is het plangebied en directe omgeving onderzocht op de aanwezigheid van beschermde soorten. Het plangebied inclusief directe omgeving vormt het onderzoeksgebied. Voor detailinformatie inzake de methodiek van het dassenonderzoek wordt verwezen naar Bijlage 2. Het veldonderzoek in 2021 is aangevuld met de velddata uit het onderzoek dat in 2022 is uitgevoerd ter voorbereiding op het evenement Down The Rabbithole (Bijlage lil). Medewerkers Het veldonderzoek is uitgevoerd door J.T.B. (Jasper) Cardinaals, I. (Ingrid) Hille Ris Lambers en F. (Fleur) van Vliet. Verslaglegging heeft plaatsgevonden door I. Hille Ris Lambers, projectleider bij Bureau Waardenburg. Deze onderzoekers zijn door opleiding, werkervaring en zelfstudie gekwalificeerd voor de door hun uitgevoerde werkzaamheden.

Het project is uitgevoerd volgens het kwaliteitshandboek van Bureau Waardenburg. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Bureau Waardenburg is door Certiked ISO gecertificeerd overeenkomstig BRL 9990:2001 I ISO 9001:2008. De conclusie in dit rapport is gebaseerd op inventarisatiegegevens van 2021 en 2022. De gegevens zijn ten minste houdbaar tot 2024. Indien de in dit rapport beschreven ingreep wijzigt dan wel wordt uitgevoerd na 2024 kan een actualisatie van het onderzoek nodig zijn.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

9

2

Te houden evenementen in recreatiegebied De Groene Heuvels

2.1

Beschrijving recreatiegebied De Groene Heuvels De evenementen zijn voorzien op recreatiegebied De Groene Heuvels. Dit betreft een parkachtig gebied rondom een voormalige zandwinplas. Op het terrein komen verschillende terreintypen voor: grazige vegetaties, struweel, verharding, bos I opgaande beplanting en open water. Aan de zuidzijde (ten zuiden van de Laarsdijk) bevindt zich een vakantiepark genaamd 't Broeckhuijs. Ten zuiden van dat vakantiepark ligt een brede wetering, genaamd Nieuwe Wetering. Ten zuidoosten van De Groene Heuvels ligt de A50. De Ficarystraat loopt van noordwest naar zuidoost bovenlangs het recreatiegebied. Aan de noordzijde van de Ficarystraat liggen enkele populierenpercelen parallel aan de A50. Aan vrijwel alle zijden van het recreatiegebied liggen verder agrarische percelen (graslanden en akkers).

Evenemententerrein De Groene Heuvels LLÌflfļSlJ'l

[~~1 plangebied |~~| festivalterrein

\

Figuur 1.

0

180

360

Met de rode lijn is de begrenzing van het plangebied aangegeven. Het zwart omlijnde

gebied geeft aan waar zich het zwaartepunt van bezoekersdruk, activiteiten en geluidsbelasting bevindt ten tijde van evenementen (festivalterrein).

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

10

2.2

Toekomstig gebruik Informatie over de evenementen die zijn voorzien, is aangeleverd door Leisurelands. Jaarlijks vinden er evenementen plaats van verschillende categorieën (zie tabel), hoofdzakelijk in de periode mei- september. Tabel. 2.1 Overzicht voorziene evenementen Categorieën

Maximum aantal bezoekers

Categorie 1

15.000

Categorie 2

25.000

Categorie 3

30.000

Categorie 4

60.000

Tijdens evenementen zullen binnen het rood omlijnde gebied (plangebied) podia, horecafaciliteiten en ontsluitingsroutes gebruikt worden en zijn worden terreinen gebruikt voor de crew en parkeerplaatsen. Bij evenementen uit categorie 2, 3 en 4 is voorzien dat parkeren plaatsvindt buiten het recreatiegebied, op de agrarische percelen aan de westzijde en noordzijde van het recreatiegebied. Bij evenementen uit categorie 2 en 4 is voorzien dat kamperen plaatsvindt. De categorie 4 evenementen duren meerdere dagen en gaan gedurende enkele nachten door tot 5u in de ochtend. De evenement uit de andere categorieën stoppen om 23u of mogelijk om 01u (op vrijdag of zaterdag). In het blauw omlijnde deel (festivalterrein) worden podia, dansvloeren, faciliteiten zoals toiletten en EHBO-posten en horecavoorzieningen geplaatst en zal het versterkt geluid ten gehore worden gebracht. Binnen dit deel is het zwaartepunt van de bezoekersdruk, geluidsbelasting en verlichting voorzien. Binnen het rood omlijnde gebied vinden de volgende activiteiten plaats: - aan- en afvoer van materialen, aanbrengen bebording en faciliteiten (zoals toiletten); parkeerplaatsen; kampeerterreinen; betreding; plaatselijk aanbrengen van enige verlichting. Bij de beoordeling van effecten is ervan uitgegaan dat: beplantingen en struweel binnen het blauw omlijnde deel worden afgezet met linten en hekwerken.

betreding uitsluitend plaatsvindt op grazige vegetaties, daarvoor ingerichte open ruimtes te midden van beplantingen en op de (zand)stranden en beplantingen gevrijwaard blijven van betreding en activiteiten. - wordt gehandhaafd op bovenstaande uitgangspunten door productiemedewerkers.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

11

3

Betekenis van het plangebied voor beschermde soorten planten en dieren

3.1

Planten Uit de ruime omgeving van het plangebied (het rood omlijnde gebied in figuur 1) zijn twee waarnemingen van beschermde planten bekend. Het betreft knolspirea en grote bosaardbei (NDFF). Beide waarnemingen zijn gedaan op meer dan een kilometer afstand van recreatiegebied De Groene Heuvels. Uit het recreatiegebied zelf zijn geen waarnemingen van beschermde plantensoorten bekend. Op grond van het veldbezoek is een inschatting verkregen van de aanwezige vegetatietypen. Tijdens het veldbezoek is vastgesteld dat recreatiegebied De Groene Heuvels in potentie geschikte groeiplaatsen biedt aan de genoemde beschermde plantensoorten. Geschikte groeiplaatsen voor de knolspirea zijn de wat ruigere oevers (niet de oevers die intensief beheerd en betreden worden ) van de zandwinplas. Deze terreindelen liggen op de grens van het plangebied of net daarbuiten. Deze potentiële groeiplaatsen liggen buiten het gebied dat betreden als gevolg van het evenement. Geschikte groeiplaatsen voor de grote bosaardbei bevinden zich buiten het plangebied in de delen met opgaande beplanting (ten oosten van de zandwinplas). Groeiplaatsen voor overige beschermde planten ontbreken.

3.2

Ongewervelden Uit de ruime omgeving van het plangebied is één waarneming van een beschermde ongewervelde bekend; het betreft de grote vos (een vlinder, de waarneming betrof een imago, geen rups). De waarneming is gedaan op ongeveer één km ten noordwesten van het plangebied. De grote vos is een zeldzame soort. De vlinders zijn erg mobiel; een waarneming van een vlinder is moeilijk te relateren aan zijn voortplantingsplaats. Bronpopulaties in de wijde omgeving ontbreken. De grote vos heeft iep, zoete kers en diverse wilgensoorten als waardplant. Omdat deze soorten verspreid voorkomen in de beplanting binnen het plangebied kan niet worden uitgesloten dat de grote vos zich voortplant binnen het plangebied. Voor andere beschermde ongewervelden komen in het plangebied geen geschikte voortplantings- of verblijfplaatsen voor. Bronpopulaties in de omgeving ontbreken en het terrein biedt geen geschikt leefgebied. Het voorkomen van andere beschermde ongewervelden dan de grote vos is uitgesloten.

3.3

Vissen Uit de ruime omgeving (ten noordwesten van het plangebied) zijn enkele waarnemingen van de grote modderkruiper bekend (NDFF). De waarnemingen zijn gedaan op minimaal 500 m afstand van het plangebied. De grote modderkruiper is een vrij zeldzame soort in delen van het rivierengebied. De soort heeft voorkeur voor verlandende wateren. Vaak zijn het waterpartijen die in verbinding met de rivieren hebben gestaan. De zwemplas is niet

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

12

At IT geschikt voor de grote modderkruiper omdat hierin andere vissoorten voorkomen en de plas niet verlandend is. Het voorkomen van de grote modderkruiper en andere beschermde vissen is uitgesloten.

3.4

Amfibieën Uit de ruime omgeving van het plangebied zijn waarnemingen van gewone pad, kleine watersalamander, bastaardkikker, bruine kikker en meerkikker bekend (NDFF). Dit zijn allen soorten van het 'Beschermingsregime andere soorten' waarvoor een vrijstelling geldt in de provincie Gelderland bij ruimtelijke ontwikkelingen. Binnen het plangebied komt geschikt leefgebied voor deze algemeen voorkomende soorten amfibieën voor. De meerkikker en gewone pad kunnen de begroeide onderwatertaluds van de zandwinplas gebruiken voor de voortplanting. De bruine kikker en kleine watersalamander kunnen tot voortplanting komen in watervoerende sloten tussen de agrarische graslandpercelen. Deze algemene soorten hebben hun voortplantingsperiode tussen maart en juli. Na de voortplantingsperiode verblijft een deel van de genoemde soorten in landhabitat (in muizengangen of onder pollen beplanting). In de graslandpercelen zullen met name de oevers door amfibieën worden gebruikt om te foerageren in de nacht en schemering. In het recreatiegebied zullen vooral de oevers en de beplanting gebruikt worden als foerageergebied. Op het moment dat evenementen plaatsvinden, bevinden amfibieën zich deels in (voortplantings)water (voortplantingshabitat), deels in verblijfplaatsen op land (landhabitat).

In de schemering en nacht komen amfibieën uit schuilplaatsen in landhabitat en gaan op jacht naar insecten en ongewervelden. Van niet-vrijgestelde amfibieën ontbreken bronpopulaties in de omgeving. Op grond van verspreidingsgegevens (NDFF) en het veldonderzoek wordt geconcludeerd dat het plangebied géén betekenis heeft voor andere beschermde amfibieënsoorten.

3.5

Reptielen Uit de ruime omgeving zijn geen waarnemingen van beschermde reptielen bekend (NDFF, 2021). Op grond van het ontbreken van waarnemingen en geschikt leefgebied, is het voorkomen van beschermde reptielen uitgesloten.

3.6

Grondgebonden zoogdieren Uit de ruime omgeving van het recreatiegebied zijn waarnemingen van aardmuis, bosmuis, bunzing, das, dwergmuis, dwergspitsmuis, eekhoorn, egel, haas, huisspitsmuis, konijn, ree, rosse woelmuis, veldmuis, vos en wezel bekend (NDFF, 2021). Uit het aanvullend onderzoek in 2022 blijkt dat het plangebied ook een functie heeft voor steenmarter (Bijlage III). Het plangebied vormt (geschikt) leefgebied voor de genoemde soorten en kan daarnaast ook (onderdeel van) leefgebied vormen voor bijvoorbeeld hermelijn, woelrat, rosse woelmuis, gewone bosspitsmuis.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

13

Soorten met een vrijstelling van overtreding verbodsbepalingen bij ruimtelijke ingrepen Aardmuis, bosmuis, dwergmuis, dwergspitsmuis, egel, haas, huisspitsmuis, konijn, ree, rosse woelmuis, woelrat, veldmuis, vos zijn zoogdieren van het 'Beschermingsregime andere soorten' waarvoor een vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij ruimtelijke ingrepen. Van de genoemde soorten zal alleen de veldmuis verblijfplaatsen op het evenemententerrein hebben. Tijdens het veldbezoek zijn gangen gezien in de grazige vegetaties. Op de agrarisch graslandpercelen zijn tijdens diverse veldbezoeken foeragerende buizerds gezien. Veldmuizen vormen in de winter een belangrijk onderdeel van het menu van buizerds. Soorten zoals egel, bosmuis, en woelrat verblijven dieper in bosschages, onder stronken of in oeverbeplanting. Voor deze soorten is de daar aanwezige dekking (en foerageermogelijkheden) van belang. De grazige vegetaties in het recreatiegebied vormen voor deze soorten hooguit foerageergebied (zonder wezenlijke betekenis) als onderdeel van een groter leefgebied. Eekhoorn Eekhoornnesten zijn aangetroffen aan de zuidoostelijke zijde van de zwemplas. Voor eekhoorns heeft de beplanting in het gehele plangebied betekenis als foerageergebied.

Omdat aan de zuidoostelijke zijde een groot oppervlak dichte beplantingen staat en dit een relatief rustig deel is, kan gesteld worden dat dit deel van betekenis is als leefgebied met wezenlijke betekenis.

Eekhoorn l~l plangebied

Figuur 3.1

Op 1 maart 2020 aangetroffen eekhoornnesten.

Steenmarter Uit camerabeelden van het voorjaar 2022 blijkt dat het plangebied gebruikt wordt door steenmarter (Bijlage III). Steenmarters gebruiken de faunapassage onder de A50 waardoor

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

14

het leefgebied zowel delen ten oosten als ten westen van de A50 beslaat. Verblijfplaatsen zijn bij geen van het veldonderzoek aangetoond en (camera)waarnemingen van steenmarter beperken zich tot de faunapassage. Vermoedelijk maakt het recreatieterrein een beperkt deel uit van het leefgebied van steenmarter en bevinden verblijfpaatsen zich buiten het plangebied. Das In het verleden is verschillende malen onderzoek gedaan naar das om de functie van het plangebied voor deze soort in kaart te brengen (Tauw, 2018; Bolt, 2019a en b; Bureau Waardenburg 2019/2020). Burchten bevinden zich zowel binnen als buiten het plangebied (Kaart 3.2). In maart 2021 heeft een inventarisatie plaatsgevonden van dassenburchten (zie Bijlage IV). Bij deze inventarisatie is een nieuwe burcht in de beplanting midden in het recreatiegebied aangetroffen. Figuur 3.1 geeft een overzicht van dassenburchten waar activiteit is waargenomen. Zie bijlage II voor het volledige onderzoek. Vanwege voorgenomen snoei op het evenemententerrein zijn in november 2021 opnieuw camera's geplaatst bij burcht 4 (zie figuur 3.2) in de periode 7 tot en met 14 november. In het onderzoek van november 2021 zijn geen dassen bij deze burcht waargenomen, wel acht verschillende (loslopende) honden.

Uit de resultaten blijkt dat burcht 4 midden op het festivalterrein zijn functie als bijburcht in de loop van 2021 heeft verloren en niet van betekenis is voor dassen. Voorafgaand aan de kap van struweel heeft afstemming plaatsgevonden met de provincie Gelderland als bevoegd gezag van de Wnb. De provincie Gelderland heeft geoordeeld dat de voorgenomen kap van het struweel niet zou leiden tot overtreding van verbodsbepalingen. Nadat met het cameraonderzoek van november opnieuw werd aangetoond dat de burcht niet van betekenis was voor dassen, heeft kap in de tweede helft van november 2021 plaatsgevonden. In het voorjaar van 2022 was de burcht nog steeds niet in gebruik duur das. De burchtlocatie is door de kap ongeschikt bevonden voor das (Bijlage III). Uit diverse veldbezoeken in de periode 2019-2022 blijkt dat de dassen van de Groene Heuvels gebruik maken van een faunapassage onder de A50. Deze faunapassage leidt naar uitgestrekt agrarisch gebied (akkers, graslanden) waar foerageergebied ongelimiteerd aanwezig is. De wissel (zie foto) laat zien dat de faunapassage een vaste looproute vormt voor de dassen van de Groene Heuvels. In 2022 is een cameraval geplaatst bij de faunapassage. Uit de beelden blijkt dat deze passage inderdaad in gebruik is door das (Bijlage III).

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

15

Al W

ŽĹ*Ě

'—:—'~~

mMŞŞĩļ

^ -

r* -:

'WW*.

ďgBH

.

-V

^ N

.

-s* vm*”*

Br . x-.*

Aft*

" íX'Xv

!« -«te»

■« -Vř' Ï ^

- V' . x

;x ľ- .'. èSsvyţ:

"\ '

fì; âfcOi»::.

įšįĮľŞŞşļ

ĝį.ŵ.;^ï' SSI'Ŵ

gpfŗ

~.s\vr

ľíviïï

f.

ŵägàļj

-XSŴivu.',

i-'Ůi

feśŝžř

«İ ggįįi

sny

ï'\ . ‘ ~ Ŵ‘Vv

81Ş5& ; IpŞ^ş*gsM -

.í

g^įļįļşï

mm

Ŵ JIJ: 'ÇJŗ'

SäŠŕŞw-ŵ J:

3ĒİÊ

HÜ:

ŠggMp

Me X 'r-ïX

[XXíĵ

PP

«g yġë&ïM

ìàšFÍ

'iX-:

De wissel richting de faunapassage onder de A 50 (parallel aan de Nieuwe Wetering) laat zien laat dassen regelmatig gebruik maken van deze route. Foto dd. 23 februari 2022.

Kleine marterachtigen Tijdens de dasseninventarisatie (mei - juni 2021) is eenmalig een bunzing (op camerabeelden) waargenomen in een konijnenburcht (met konijn als prooi). Een wezel is tijdens één van de veldbezoeken passerend in het recreatiegebied waargenomen. Ook in

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

16

het cameravalonderzoek in 2022 is bunzing op camera waargenomen (Bijlage III). Naast bunzing en wezel kan ook hermelijn voorkomen binnen het plangebied. Alle drie de genoemde soorten gebruiken (muizen)gangen en holten onder stronken op verborgen en rustige plekken als verblijfplaats. Het territorium van kleine marterachtigen kan duizenden ha omvatten en daarbinnen hebben kleine marterachtigen vaak meerdere verblijfplaatsen (Bouwens, 2017). Als voortplantingsplaats kiezen ze voor goed verscholen plekken met veel dekking van bijvoorbeeld braamstruweel. Omdat vooral op en rondom het recreatiegebied veel honden loslopen, kan worden aangenomen dat kleine marterachtigen op deze plekken geen jongen groot brengen. De rest van het plangebied en andere terreinen rondom het recreatiegebied bieden op afgelegen delen wel veilige dekking en waardoor kleine marterachtigen daar voortplantingsplaatsen in gebruik kunnen hebben in de periode maart - augustus. De voedselbeschikbaarheid van het gehele gebied is goed: dankzij de aanwezigheid van oevers, bos met ondergroei en graslandjes op kleigrond komen er muizen, amfibieën, insecten en vogels voor. Bovendien zijn in de terreindelen met beplanting veel schuilplekken en plekken met reliëf aanwezig waardoor het aannemelijk is dat kleine marterachtigen het plangebied gebruiken als foerageergebied.

De grazige vegetaties waarop evenementen plaatsvinden zullen onderdeel (zonder wezenlijke betekenis) vormen van het leefgebied.

LaaFsaiļ'

9 burcht/pijp D plangebied

Figuur 3.2

Op 1 maart 2020 aangetroffen dassenburchten.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

17

At IT 3.7

Vleermuizen Uit de ruime omgeving zijn waarnemingen van gewone dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis, watervleermuis, laatvlieger en rosse vleermuis bekend. Uit het plangebied zelf is een waarneming van drie foeragerende watervleermuizen bekend en een foeragerende gewone dwergvleermuis (NDFF, 2021). Verblijfplaatsen Er staan gebouwen op de locatie van paviljoen Het Buitenhuis. Gebouwbewonende vleermuizen zouden hierin verblijfplaatsen kunnen hebben. Tijdens het veldwerk op 1 maart 2020 zijn bomen in het recreatiegebied waargenomen met holten en spleten (zie figuur 3.3). Omdat het aantal bomen in het recreatiegebied groot is en een deel van de bomen relatief oud is, kan niet uitgesloten dat incidenteel in de bomen in het plangebied verblijven.

*

rum

ľ-;s

ĮMifeiŞ'

nŠffğì ‘

Mí3- .?,wvaL Éńs»"

åęĩ āř' . -r.ïr

ÿįjĩŗ Boom met holten in het plangebied. Foto dateert van het veldbezoek december 2019.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

18

Vleermuizen # geschikte holtes in bomen

a plangebied

Figuur 3.3

Op 1 maart 2020 aangetroffen (in potentie voor vleermuizen geschikte) holten in bomen.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

19

At IT Foerageergebied Het plangebied vormt zonder twijfel onderdeel van foerageergebied van vleermuizen. Dit kunnen zowel boombewonende soorten zijn als gebouwbewonende dieren die elders verblijfplaatsen hebben. De afwisseling van beplanting (inheemse boomsoorten), bosranden, grazige vegetaties en oevers is voor diverse vleermuissoorten zeer geschikt om langs te foerageren vanwege de luwte die dergelijke structuren bieden en vanwege de grote aantallen insecten die voorkomen rondom de boomkronen. Recreatiegebied De Groene Heuvels als geheel kan van wezenlijke betekenis voor verblijfplaatsen in de omgeving zijn, omdat de agrarische percelen in de omgeving weinig foerageermogelijkheden bieden. Vliegroutes Vleermuizen kunnen beplanting in het recreatiegebied gebruiken als structurerend element in het landschap. Met name de randen van de beplantingen bieden vleermuizen diverse mogelijkheden om het landschap te doorkruisen en voedsel te zoeken. Op diverse plekken zal de beplanting betekenis hebben als vliegroute van vleermuizen. Omdat rondom de gehele plas beplanting aanwezig is, zijn alle delen van de beplanting te bereiken via meerdere zijden en hebben beplantingen in het recreatiegebied geen wezenlijke (beschermde) betekenis als vliegroute.

3.8

Vogels (inclusief soorten met een jaarrond beschermd nest) Ten behoeve van het evenement Down the Rabbit Hole is in maart 2020 door Bureau Waardenburg een onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van jaarrond beschermde nestplaatsen. Daarbij zijn onder andere buizerdnesten aangetroffen. Tijdens de oriënterende veldbezoeken in maart 2020, maart 2021 en maart 2022 zijn diverse nesten in de opgaande beplanting in en rondom het recreatiegebied aangetroffen. Het betrof een havikshorst, twee buizerdnesten, diverse nesten van zwarte kraaien en een aantal holtes die mogelijk in gebruik zijn als broedplek van grote bonte specht. De potentieel in gebruik zijnde buizerdnesten zijn in het voorjaar van 2022 op gebruik onderzocht conform kennisdocument (Bijlage III). Hieruit bleek dat geen van de nesten in het plangebied een functie heeft als broedplek voor buizerd. De havikhorst bleek in maart 2022 dusdanig in verval te zijn geraakt dat gebruik op voorhand kon worden uitgesloten. . Nesten van zwarte kraaien kunnen nog in hetzelfde seizoen, of in het navolgende seizoen in gebruik kunnen worden genomen door buizerd, boomvalk of ransuil. In 2022 is het gebruik van de kraaiennesten onderzocht (Bijlage III). Uit dit onderzoek blijkt dat geen van de kraaiennesten in 2022 een functie had voor soorten anders dan zwarte kraai.

In figuur 3.4 zijn de nesten weergegeven die aangetroffen zijn in het plangebied. Tevens is een aanwezige roekenkolonie aan de Wijksestraat te Bergharen weergegeven. In de beplanting in het recreatiegebied zijn zowel in 2021 als in 2022 nesten waargenomen van kleinere (algemeen voorkomende) vogels zoals van merel en houtduif. Deze nesten zijn niet ingetekend. In het broedseizoen vestigen diverse vogelsoorten zich in beplantingen op het terrein omdat de beplanting geschikt broedbiotoop vormt. Dit kan

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

20

soorten betreffen als heggenmus, roodborst, tuinfluiter, diverse spechten, zwarte kraai. Het merendeel van de vogels broedt in de periode half maart - half augustus. Weidevogels De graslanden in het recreatiegebied worden niet gebruikt door weidevogels of andere grondbroedende soorten zoals graspieper of patrijs. Dagelijks worden vele honden uitgelaten op het recreatiegebied waardoor het ongeschikt is voor soorten die op de grond broeden. De agrarische graslanden die incidenteel bij grote evenementen worden gebruikt (ten behoeve van parkeren en kamperen) zijn niet geschikt voor weidevogels. Zelfs minder kritische soorten als kievit broeden er niet, als neveneffect van de intensieve landbouw (med. R. Lensink op basis van gebiedskennis). Watervogels In de oevers waar riet en andere oevervegetatie groeit, kunnen watervogels zoals fuut, meerkoet en waterhoen tot broeden komen.

Jaarrond beschermde nesten # buizerd

I~1 plangebied

Figuur 3.4

Op 1 maart 2020 aangetroffen ‘grote’ nesten.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

21

4

Effecten op beschermde soorten en beoordeling Wnb Dit hoofdstuk beschrijft de effecten van de voorziene uitbreiding van de evenementen op beschermde soorten. In deze beoordeling zijn ook de resultaten van het onderzoek in het voorjaar van 2022 meegenomen (Bijlage III). Uitgangspunt voor de effectbepaling is de definitie van rust- en verblijfplaatsen die gebruikelijk is om te hanteren in effectbeoordelingen in het kader van toetsingen aan de Wet natuurbescherming. Binnen deze definitie worden met de term ‘rust- en verblijfplaatsen' aangeduid als ‘díe plekken, die van essentieel belang zijn voor haar levenscyclus en een onmisbaar onderdeel zijn van het habitat1'. Om effecten te voorkomen, zal de functionaliteit van de plekken die als rust- en verblijfplaatsen worden gezien, gewaarborgd moeten zijn.

4.1

Planten De knolspirea die mogelijk binnen de begrenzing van het plangebied voorkomt, groeit niet op terreinen die als gevolg van evenementen betreden worden. Aangezien uitsluitend grazige vegetaties benut worden voor evenementen (en andere beschermde planten niet in het plangebied voorkomen), zijn geen effecten op de knolspirea of andere beschermde planten te verwachten. Overtreding van verbodsbepalingen is niet aan de orde.

4.2

Ongewervelden Evenementen hebben geen effecten op mogelijk in het terrein voorkomende voortplantingsplaatsen van de grote vos. Indien de grote vos zich voortplant in het plangebied, dan zullen rupsen of eitjes zich in opgaande beplanting bevinden. Op dergelijke plekken vindt geen betreding of ander gebruik plaats. Het is uitgesloten dat effecten optreden op eventueel in het terrein aanwezige grote vossen.

4.3

Amfibieën Omdat de evenementen plaatsvinden op de grazige vegetaties van het recreatiegebied (en oevers en beplantingen niet betreden worden), vinden als gevolg van betreding geen effecten op amfibieën plaats. Verlichting in de avonduren zal niet gericht zijn op beplantingen. Omdat amfibieën in beplantingen en oevers foerageren (waar geen betreding en verlichting plaatsvindt) zijn effecten op amfibieën uitgesloten. Ten tijde van de grote evenementen treden op amfibieën in de agrarische percelen (ten behoeve van parkeren en kamperen) evenmin effecten op. Doordat auto's worden geparkeerd op minimaal een meter van de oevers zijn effecten op amfibieën uit te sluiten. Van overtreding van verbodsbepalingen in de zin van de Wet natuurbescherming is geen sprake.

1 Guidance document on the strict protection of animal species of Community interest under the Habitats Directive 92/43/EEC. Final version, February 2007

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

22

4.4

Grondgebonden zoogdieren Omdat de voorziene uitbreiding slechts tot tijdelijke extra verstoring en niet leidt tot extra verhardingen treden geen effecten op op algemene soorten als soorten als veldmuis, egel, bosmuis en woelrat. Vanwege de relatief grote oppervlakten robuuste beplanting die niet worden betreden, ondervinden deze dieren wel verstoring, maar geen verstoring met wezenlijk effect. Dit houdt in dat de verstoring niet zodanig is, dat ze hun verblijfplaatsen definitief verlaten en hangt ook samen met het feit dat de evenementen tijdelijk zijn. Van overtreding van verbodsbepalingen in de zin van de Wet natuurbescherming is geen sprake. Eekhoorns zullen zich tijdens evenementen terugtrekken in het rustige deel van het gebied. Omdat de eekhoorns daar ook hun nesten hebben en in ruime mate foerageergebied aanwezig is, zal deze soort geen verstoring (met wezenlijke invloed) ondervinden. Van overtreding van verbodsbepalingen in de zin van de Wet natuurbescherming is geen sprake. Das Dassen komen al jarenlang voor in het recreatiegebied waar ook al jaren grootschalige muziekevenementen (zoals Down The Rabbit Hole) worden gehouden. Omdat dassen pas vanaf de schemering gaan foerageren, leiden kleinere evenementen (evenementen uit de categorieën 1, 2 en 3) die overdag (en eventueel een deel van de avond) plaatsvinden, niet tot verstoring van dassen.

Fysieke aantasting van de burchten tijdens alle evenementen is uitgesloten, omdat de burchten met wezenlijke betekenis op geruime afstand van terreinen liggen die betreden worden. Tijdens grote evenementen gaan licht- en geluidsverstoring de hele nacht door, tot 5:00u 's morgens. Uit het onderzoek uit 2021 is gebleken dat de op het terrein aanwezige dassen geen kraamburcht hebben in het recreatiegebied of in de rest van het plangebied. Burchten die een wezenlijke betekenis hebben voor dassen bevinden zich op de afgelegen delen van het terrein (oostzijde), op honderden meters van de drukte. Omdat tussen deze burchten en het evenemententerrein dichte beplanting aanwezig is en de beplanting niet betreden wordt, leiden de evenementen voor de dassen op die plek niet tot relevante verstoring. Dit wordt bevestigd door camerabeelden ten tijde van het evenement Down The Rabbithole 2022, waarbij verblijfplaatsen tijdens en na afloop van het evenement nog altijd in gebruik zijn. Omdat de dieren toegang hebben tot uitgestrekt foerageergebied aan de oostzijde van de A50 (via de faunapassage parallel aan de Nieuwe Wetering) blijven foerageermogelijkheden bestaan gedurende de evenementen. Camerabeelden uit 2022 bevestigen dat dassen (vóór en tijdens het evenement) gebruik maken van de faunapassage (Bijlage III).

Grote evenementen (categorie 4) vinden bovendien plaats aan het einde van de kwetsbare periode van de das. De kwetsbare periode (voortplantingsperiode) ligt globaal in de periode

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

23

december - juni (waarbij rekening moet worden gehouden met jaarlijkse verschillen op basis van bijvoorbeeld weersomstandigheden). In de loop van juni I begin juli zijn de jongen zelfstandiger, mobieler en minder afhankelijk van zorg van de ouders. Monitoring van dassen wordt aanbevolen om wijzigingen in het terreingebruik en tijdstip van voortplanting tijdig te signaleren, effecten in te kunnen schatten en te voorkomen. Overtreding van verbodsbepalingen ten gevolge van de geplande evenementen is niet aan de orde indien de randvoorwaarden uit onderhavig onderzoek worden gehanteerd. Kleine marterachtigen Als gevolg van evenementen kunnen ook kleine marterachtigen verstoring ondervinden. De kleinere evenementen vinden overdag plaats (en eventueel een deel van de avond) en hebben geen effect op het foerageren en het gebruik van verblijfplaatsen, omdat in de nacht het terrein weer rustig is. Tijdens grote evenementen worden vrijwel alle grazige vegetaties binnen het plangebied betreden. Deze kunnen daardoor in de avond en nacht niet kunnen worden gebruikt als foerageergebied. De grootste verstoring door licht en geluid vindt plaats in de avond en nacht op het evenemententerrein, het blauw omlijnde deel van het plangebied.

Kleine marterachtigen zullen de schuilplekken in dit deel van het terrein gedurende de grote evenementen niet gebruiken en zich naar elders in hun territorium begeven. Bij verstoring van het evenemententerrein wordt slechts een beperkt deel van het leefgebied van kleine marterachtigen voor korte tijd onbruikbaar. Dit leidt niet tot wezenlijke verstoring. Van het definitief verlaten van schuil- of verblijfplaatsen zal geen sprake zijn. Deze soorten komen er immers voor terwijl het gebied al jaren voor evenementen wordt gebruikt. Van overtreding van verbodsbepalingen is geen sprake onder de veronderstelde afrastering van beplantingen (zie Hoofdstuk 2.2). Daarnaast zal sprake zijn van ecologische begeleiding door een deskundig ecoloog.

4.5

Vleermuizen Verblijfplaatsen Aan en rondom de gebouwen van paviljoen Het Buitenhuis vinden geen ingrepen of activiteiten plaats die leiden tot effecten op eventueel aanwezige verblijfplaatsen van vleermuizen. Omdat verlichting op en rondom het festivalterrein niet gericht wordt op beplantingen en bomen met holten, ondervinden vleermuizen geen knelpunten bij het uitvliegen. Daarnaast zal sprake zijn van ecologische begeleiding door een deskundig ecoloog. Deze geeft zowel bij opbouw als afbouw van het evenement, alsook gedurende het evenement, aanwijzingen voor de plaatsing van verlichting. Van overtreding van verbodsbepalingen is geen sprake. Foerageerfunctie Uit onderzoek (Janssen et al., 2017) blijkt dat verstoring door geluid afkomstig van muziekevenementen niet leidt tot verstoring van vleermuizen. De sonargeluiden die vleermuizen gebruiken, hebben andere frequenties dan geluid van muziek, waardoor verstoring van het foerageergedrag of sociaal gedrag van vleermuizen niet aan de orde is. Omdat het recreatiegebied met geschikte foerageerfunctie groot is, kunnen vleermuizen

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

24

terreindelen gebruiken waar geen verlichting is. Vanwege de grote omvang van het gehele recreatiegebied en de beperkte tijdsduur van evenementen hebben vleermuizen te allen tijde voldoende foerageergebied en is overtreding van verbodsbepalingen niet aan de orde. Vliegroutes Verlichting kan het gebruik van vliegroutes beïnvloeden. Om te voorkomen dat vleermuizen belemmerd worden in het terreingebruik is het van belang het gebruik van verlichting langs bosranden te beperken. Indien de genoemde randvoorwaarden getroffen worden, dan wordt daarmee overtreding van de in de Wet natuurbescherming opgenomen verboden voorkomen.

4.6

Vogels (inclusief soorten met een jaarrond beschermd nest) De evenementen zijn voorzien in het broedseizoen. Betreding, verlichting en geluid nabij in gebruik zijnde nesten van vogels kan ertoe leiden dat oudervogels hun nest verlaten. Indien de oudervogels niet terugkeren op het nest is er sprake van wezenlijke verstoring; Om wezenlijke verstoring te voorkomen, dient voorafgaand aan evenementen duidelijk te zijn op welke locaties vogels broeden. Op locaties met nesten of potenties voor broedende vogels moeten vervolgens voorzorgsmaatregelen worden genomen om verstoring met wezenlijke invloed te voorkomen. Een voorbeeld daarvan is het afzetten van oevers en bosschages met linten of hekken. De nesten die hierin aanwezig (kunnen) zijn, worden daarmee beschermd tegen betreding. Het geheel aan onderzoek, advies over te treffen maatregelen om verstoring van vogels (en andere beschermde soorten) te voorkomen, heet ecologische begeleiding. Ecologische begeleiding bij evenementen op het terrein De Groene Heuvels omvat onder andere onderzoek naar aanwezige broedvogels, een omschrijving van benodigde preventieve maatregelen en begeleiding van de organisatie bij het treffen ervan.

Op de agrarische graslanden rondom de Groene Heuvels die tijdens grotere evenementen als parkeer- en kampeergebied fungeren, worden op voorhand geen effecten op broedende vogels verwacht, omdat deze er niet voorkomen. Uit voorzorg worden wel preventieve maatregelen voorgesteld om de graslanden vrij te houden van weidevogels (zie randvoorwaarden). Maatregelen om effecten op broedende roeken tegen te gaan zijn niet nodig; de roeken bevinden zich in de periferie van het evenement (aan de westzijde van het plangebied). De roeken hebben voldoende foerageermogelijkheden op de agrarische percelen en omringende terreinen die niet worden gebruikt om te kamperen en parkeren. Door het treffen van preventieve maatregelen wordt overtreding van verbodsbepalingen voorkomen.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

25

5

Toetsing aan gebiedenbescherming

5.1

Ligging ten opzichte van Natura 2000-gebieden Het plangebied ligt ruim 2 km ten zuiden van delen van Natura 2000-gebied Rijntakken. Andere Natura 2000-gebieden liggen verder weg, op een afstand van minimaal 15 km. Natura 2000-gebied Rijntakken is aangewezen voor habitattypen, soorten en vogels die specifiek gebonden zijn aan rivieren, uiterwaarden, moerassige omstandigheden of open water. De instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebied Rijntakken zijn opgenomen in Bijlage 1.

Rijntakken

\ũĽ~m

'Wijchen

Malden

Evenemententerrein De Groene Heuvels

Groetbeek

O plangebied 2.400

De Bruuk

4.800

Schaijk

Sint Jansberg \

Figuur 5.1

5.2

Ligging van het plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden.

Betekenis van het plangebied voor soorten van Natura 2000-gebieden Het plangebied heeft geen (essentiële) functie heeft voor soorten of (niet-)broedvogels waarvoor Natura 2000-gebied Rijntakken of andere Natura 2000-gebieden voor zijn aangewezen. Dit hangt samen met de afstand tot Natura 2000-gebieden en de kenmerken van het plangebied (bos en parkachtig landschap). De agrarische graslanden hebben in de zomer geen functie als foerageergebied voor ganzen en bovendien zal het buiten de zomer om niet om dieren gaan met instandhoudingsdoelen in Natura 2000-gebied Rijntakken.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

26

5.3

Effecten en beoordeling Wnb De effectenindicator (www.svnbiosvs.alterra.nl/bii12) is een hulpmiddel dat ontwikkeld is om overzicht te geven van gevoeligheden van Natura 2000-gebieden. Per activiteit kunnen gevoeligheden worden bepaald. Omdat er geen categorie “Muziekevenement” is, is gekozen voor “Landrecreatie”. De effectenindicator geeft bij deze categorie aan dat Natura 2000-gebied Rijntakken gevoelig is voor verstoring door mechanische effecten, optische verstoring, licht, geluid, verontreiniging en oppervlakteverlies (zie Bijlage 2). Licht en geluid van evenementen zullen niet verder dan 500 m buiten het plangebied op te merken zijn. Omdat effecten Natura 2000-gebieden niet bereiken en het plangebied geen functie heeft voor soorten van Natura 2000-gebieden, worden negatieve effecten op habitatsoorten, broedvogels en niet-broedvogels uitgesloten. Van oppervlakte verlies of mechanische verstoring ten gevolge van de geplande muziekevenementen is geen sprake. Deze bevinden zich ruim buiten het Natura 2000gebied. In het kader van de toetsing van verontreiniging is uitsluitend stikstofdepositie relevant. Evenementen leiden tot extra stikstofdepositie als gevolg van extra verkeersbewegingen en de inzet van mobiele werktuigen en generatoren.

Met behulp van AERIUS, een online rekenmethode, is hiervoor een berekening uitgevoerd om na te gaan wat de reikwijdte is van de depositie als gevolg van de evenementen op omliggende Natura 2000-gebieden. De bevindingen zijn opgenomen in Bijlage IV en V. Door middel van extern salderen wordt een netto toevoeging van stikstofdepositie op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden voorkomen. Van (significant) negatieve effecten ten gevolge van stikstof is geen sprake (zie Cardinaals, 2021).

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

27

6

Toetsing

aan

provinciaal

en

gemeentelijk

natuurbeleid 6.1

Toetsing aan provinciaal beleid Een aantal percelen van het recreatiegebied heeft een beheertypen toegewezen gekregen. Het GNN ligt op aan de noordwestelijke zijde tegen het plangebied aan en binnen de Beschermingszone Natte natuur. Percelen in het recreatiegebied De Groene Heuvels behoren dus niet tot het GNN of GO. Een aantal percelen heeft een beheertype toegekend gekregen, maar omdat ze buiten het als GNN begrensd gebied liggen, ook de percelen binnen Beschermingszone Natte Natuur), geldt het GNN-beleid niet als toetsingskader. In onderstaande figuur is de ligging van het plangebied weergegeven ten opzichte van de ligging van het NNN en de Beschermingszone natte landnatuur.

Z y BMChâorirtgiĩòfVè rvatté landAâtuu»

GeWecs natiAjmatAWfc

w-ocrwaardan natuurfc*gr;iv*n Gaidars

Vefkemíigvg«»*M vroorwaarden nar-juŕbegiavêo Gaidars natuumaNv^rV

vŭtfwaaraan MfMturtMnM Gafdere natuumatwwfc

Qj Weidavogalgabtedl

Figuur 6.1

Ligging plangebied ten opzichte van het NNN en de Beschermingszone natte landnatuur.

Omdat het plangebied volledig buiten het GNN ligt, zijn alleen mogelijk optredende externe effecten relevant. Hoewel het GNN geen externe werking kent, is een goede ruimtelijke ordening van functies wel relevant. Kernkwaliteiten die genoemd zijn in de Omgevingsverordening als eigenschap van Rivierduinengordel Overasselt - Bergharen worden niet aangetast door de te houden evenementen. Deze terreinen liggen op relatief grote afstand van de te houden evenementen. Van (extra) betreding van die terreinen tijdens evenementen zal geen sprake zijn. De percelen behouden hun huidige vorm, begroeiing en natuurbestemming. Effecten kunnen daarom worden uitgesloten.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

28

6.2

Toetsing aan gemeentelijk natuurbeleid In het Bestemmingsplan Buitengebied van de gemeente Beuningen zijn enkele percelen binnen het plangebied aangeduid als Natuur - 1. Het bestemmingplan geeft de volgende aanduiding van de bestemming Natuur - 1: De gronden zijn bestemd voor: behoud, beheer en herstel van de landschappelijke en natuurwaarden; - agrarisch gebruik gericht op natuurbeheer; - water en waterhuishoudkundige doeleinden; - extensief recreatief medegebruik; - doeleinden van openbaar nut; bestaande dijkmagazijnen; Tevens is een nadere detaillering opgenomen (in 9.1.2) die bepaalt dat het beleid binnen deze bestemming gericht is op het behoud, beheer en herstel van de aanwezige bebossing en het open water. s 4 4

4 4 4

9 4 4

4 9 4 4

4 9-44

4- 4

4 9 4

■49

- P 4 \ ■i a 4 4 4 4

įl t 4 S 4

4 B 4

4 4a

4 4

444444'

4 r

4 4 4 4

'4 P 4 4 4 4

P 4

4 4

4

■ 4 4 4 4

P 4

4 P 4 4

4-4

4 P 4 4 4 4 P

'4 P

“ 4 4 4 4 4 a 4 - 4

4 4 4

» 4 a P 4 4 4 4

4 4 4

4 P

- 4

4 4 4

4 9 4 9-4

4 “ 4 4

t.

-4-9-'

'4 4 P

4 4 4 r ar

.4 4 4

Figuur 6.1

4 if* i P 4

Kaart met aanduiding Natuur uit Bestemmingsplan Buitengebied. Het rood omlijnde gebied geeft aan waar percelen met de functie natuur - 1 worden gebruikt voor het evenement.

Het betreffende vlak betreft een weiland (intensief gebruikt agrarisch grasland). Het betreft een met engels raaigras begroeid grasland dat wordt bemest; er broeden geen weidevogels vanwege de ligging naast opgaande populieren. Andere minder algemeen voorkomende natuurwaarden komen evenmin voor.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

29

Gedurende de evenementen wordt het perceel gebruikt om te parkeren en te kamperen. Ook is het terrein als productiegebied voorzien. Een productiegebied kenmerkt zich door het aanbrengen van functies ten behoeve van de evenementen in de periode voorafgaand aan de opbouw tot en met de afbouw. Het terrein wordt in de betreffende periode ontsloten met rijplaten en er vindt op- en overslag plaats. Noodgebouwen met kantoorfunctie en medewerkerscatering wordt aangebracht, maar ook lichtmasten, koelcontainers en generatoren. Dit gebruik is maximaal 8 weken per jaar voorzien op het betreffende Natuur -1 perceel. Omdat het gebruik tijdelijk is en niet tot schade leidt, vormt het geen belemmering voor het beschreven natuurtype. Bovendien wordt extensief recreatief medegebruik wordt genoemd in de Omgevingsverordening als toegestane gebruiksvorm.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

30

7

Beoordeling en conclusies

7.1

Beoordeling Wet natuurbescherming - onderdeel soortenbescherming ^

^

• •

7.2

Opzettelijke beschadiging of vernieling van verblijfplaatsen (zoals burchten) van dassen en kleine marterachtigen dient te worden voorkomen (zie randvoorwaarde hieronder). Het vernietigen of aantasten van verblijfplaatsen van deze soorten is een overtreding van de Wnb artikel 3.10 lid 1 b. Met monitoring van het gebiedsgebruik van dassen en de maatregelen uit de randvoorwaarden wordt overtreding van dit verbod voorkomen. Voor het vernietigen van (jaarrond beschermde) nesten die in gebruik zijn en het verstoren van in gebruik zijnde nesten van vogels zodanig dat broedsels mislukken is geen ontheffing mogelijk. Met monitoring en de maatregelen uit de randvoorwaarden wordt overtreding van dit verbod voorkomen. Het vernietigen en verstoren van in gebruik zijnde nesten wordt voorkomen door de randvoorwaarde op te volgen. Het vernietigen of aantasten van verblijfplaatsen van vleermuizen is een overtreding van de Wnb artikel 3.5 lid 1 en 4. Rust- of verblijfplaatsen gaan niet verloren als gevolg van het evenement omdat geen bomen worden gekapt. Verstoring van verblijfplaatsen door verlichting is te voorkomen door de randvoorwaarden op te volgen.

Beoordeling Wet natuurbescherming - onderdeel gebiedenbescherming Op grond van de omvang van de invloedssfeer en de grote afstand tot Natura 2000gebieden kunnen (significant) negatieve effecten van mechanische verstoring, habitatverlies, verstoring door licht, geluid of menselijke aanwezigheid en verontreiniging worden uitgesloten. Ten aanzien van stikstof worden effecten op stikstofgevoelige habitats van omliggende Natura 2000-gebieden uitgesloten.

7.3

Toetsing aan het provinciaal en gemeentelijk beleid Provinciaal beleid Het jaarlijks tijdelijk in gebruik nemen van (delen van) het plangebied voor evenementen leidt niet tot effecten op beheertypen van het GNN. Gemeentelijk beleid Het jaarlijks tijdelijk in gebruik nemen van (delen van) het plangebied voor evenementen leidt niet tot effecten op Natuur - 1 percelen omdat het gebruik tijdelijk is en recreatief medegebruik is toegestaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beuningen&id=33af4ae9-ef17-4531-8122-771afb4abaa5