Bijlage 02: Toelichting en regels bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Tekst van het document
Plakstraat 8a Winssen
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Inhoudsopgave
Vaststellingsbesluit
5
Toelichting
7
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging plangebied 1.3 Geldende plannen 1.4 Leeswijzer
8 8 8 10 11
Hoofdstuk 2
Gebiedsvisie
13
Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Nationaal beleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijk beleid 3.4 Conclusie
15 15 16 17 21
Hoofdstuk 4 Milieu- & omgevingsaspecten 4.1 Verkeer & parkeren 4.2 Bodem 4.3 Geluid 4.4 Milieuzonering 4.5 Luchtkwaliteit 4.6 Geur 4.7 Externe veiligheid 4.8 Waterhuishouding 4.9 Ecologie 4.10 Archeologie & cultuurhistorie 4.11 Leidingen 4.12 Vormvrije MER-beoordeling
22 22 24 24 26 27 29 30 33 35 37 38 38
Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1 Algemeen 5.2 Bestemmingen
41 41 42
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Economische uitvoerbaarheid 6.2 Overleg 6.3 Inspraak
44 44 44 44
Bijlagen toelichting
47
Bijlage 1
Onderbouwing verkeer
48
Bijlage 2
Akoestisch onderzoek industrielawaai
49
Bijlage 3
Stikstofdepositieonderzoek
50
Bijlage 4
Zienswijzenota
51
2
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Regels
53
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
54 54 60
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4
Bestemmingsregels Agrarisch met waarden Waarde - Archeologie 2
61 61 73
Hoofdstuk 3 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene wijzigingsregels
75 75 76 78 79
Hoofdstuk 4 Artikel 9 Artikel 10
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
80 80 81
Bijlagen regels
83
Bijlage 1
84
Staat van Bedrijfsactiviteiten
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
3
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
4
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Vaststellingsbesluit
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
5
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
6
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Toelichting
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
7
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Op 15 december 2015 heeft het college besloten onder voorwaarden medewerking te verlenen aan een tijdelijke vergunning voor de vestiging van 'In de Kas, buiten beleven' in een bestaande tuinbouwkas en de direct aangrenzende gronden op het perceel Plakstraat 8a te Winssen. Het betreft een evenementenlocatie in een fruitboomgaard met bijbehorende kas hoofdzakelijk gericht op bijeenkomsten in de vorm van bruiloften, besloten diners en partijen, zakelijke arrangementen, zoals vergaderingen, congressen, workshops en trainingen, uitvaartdiensten en daarnaast op alle andere stijlvolle momenten van samenzijn voor maximaal 150 personen tegelijk. De bestaande agrarische bedrijfsvoering op het perceel wordt daarnaast gewoon voortgezet. De initiatiefnemers willen het organiseren van evenementen ter plaatse graag permanent voortzetten. Om dit planologisch te kunnen borgen zal het bestemmingsplan voor de gronden in het plangebied moeten worden herzien. De gemeente acht de activiteiten van 'In de Kas' een wenselijke ontwikkeling in het kader van de verbreding van de agrarische functies in het buitengebied en is bereid om onder voorwaarden medewerking te verlenen aan het permanent maken van de evenementenlocatie.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied (kadastraal bekend gemeente Ewijk, sectie F, nr. 675) is gelegen op een uitloper van de zuidelijke oeverwal van de rivier De Waal en ligt net buiten een bebouwingsconcentratie rond de kruising van de Plakstraat - Van Heemstraweg die als zuidelijke uitloper van de kern Winssen langs de Van Heemstraweg en de Plakstraat is gelegen. Oeverwallen zijn de hoger gelegen zandige afzettingen van de rivier en zij vormen van oudsher hierdoor een ideale vestigingsplaats. Het landschap kenmerkt zich hier door kleinschaligheid vanwege de aanwezigheid van singels en boomgaarden en variatie in bebouwing. Direct ten noorden van het plangebied aan de Plakstraat 8a is het sportpark van voetbalvereniging Roda '28 en tennisvereniging De Winsetters gelegen, met daarnaast een solitaire burgerwoning (Plakstraat 8). Aan de overige zijden zijn agrarische bedrijven gelegen. Navolgende afbeeldingen tonen globaal de ligging en begrenzing van het plangebied in de omgeving. Voor de exacte begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding.
8
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Lb'S
ļ\. «g»»»'
,, I A Hmekl, Noord
Do’dėwaařd **
Valburg'
Ändels.t
Hērvelď
Wolferen
Deest Loenen Slijk-Ewijk Winssen
■Rlakstraat 8A
Hoeve
'.
I. Beuningên
ìchoenakeŕ'
Bèŕgharen
Zips S Ropes ^
Globale ligging plangebied (rode druppel, bron: maps.google.nl)
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
9
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
iiť a o iyi,üwmr 'iHhú 3 LvãffiHëemsŵawgqg Van Heemstraweg'
Voetbalvereniging Rodaa28lW.inssen
'ĩļmiľj ■n
Tennisvereniging "De Winsetters" t
. v PţSļös
Globale begrenzing plangebied (rode omkadering, bron: maps.google.nl)
1.3
Geldende plannen
Bestemmingsplan 'Buitengebied' Voor de gronden in het plangebied geldt het bestemmingsplan 'Buitengebied', zoals de gemeenteraad dat heeft vastgesteld op 14 juni 2011. Ter plaatse van het plangebied geldt de bestemming 'Agrarisch met waarden' en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2'. Het plangebied is grotendeels voorzien van de aanduiding 'bouwvlak'.
10
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
[Mt
■4-4^4
ftotenboomgaard
+ 4
4 +
•rTř 4 4 4 4 f44444444444444444 "■F"4~ 4 4 4 4 4 4 4 4 4 t tţ. -± * 4 t t +J+ t ^ 4 VTTT-rr 4- 4s 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4. 4- 4 4 4 4 4 4 4 4 + 4 4 4 4- 4 4 4/4- + + + + + + + + + + + + + +Z+ 4/4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 »į 4 4 4 4 4 ,4 4 4
+ 4
W/+ V +V+.-1-
•v* +Į+ 4 4
4 4 4 4 + 4
4 4s
4 4 4 4 4- 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 44444444444444444444 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4
4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 44444444444 4/4 444444444444 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 44444444444 4 4 4 4 4 4 4 4N4 4 4 4 4 4 ^4444444444 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 444444444444 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4s 4-4 4
4 4 4
4 4
4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 444444444444444444444 4 4 4 4 4 44444444 444444444444 4/4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 444444444 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4444444444444444 4 4444444444 4444444444444444 4444444444 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4
4 4 4 4
TTT
* * -*-
4 4 4 4
4 4
44444444444 4-/Á 4 4 4^ 4 4 4 4 4 4 4y ♦•44444444 4 4 4 4 4
4 4 4 4s
4 4,
"4- 4
4 4 4 4 4 4
4 4 4 4/4
4 4 44444444444 4 4 4 4 4 4 4
4 4 Z 4 4/4 4 4 4 4 4\±, 4 4
4 4
4 4 4
4 4 4 4 4 4 4 4
4 4 4 4
sí '*'
4 4 4 4 4 4
4 4
4 4 4 4
Uitsnede verbeelding geldend bestemmingsplan met globale ligging plangebied (rode omkadering) Binnen de bestemming 'Agrarisch met waarden' is geen evenementenlocatie toegestaan. Om de evenementenlocatie in de bestaande kas en de direct omliggende fruitboomgaard mogelijk te maken, zal de bestemming voor de gronden in het plangebied herzien moeten worden. Bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren' Daarnaast geldt het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren' zoals de gemeenteraad dat heeft vastgesteld op 29 mei 2018: Het plangebied is gelegen binnen de gebiedsaanduiding 'overige zone buitengebied'. Het parapluplan regelt dat een bouwwerk, uit het gebruik waarvan een behoefte aan parkeergelegenheid voortvloeit, niet mag worden gebouwd of verbouwd, indien op het bijbehorende bouwperceel niet in voldoende parkeergelegenheid is voorzien. De te hanteren parkeernormen volgen uit de CROW publicatie 317 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie'. In deze publicatie staan de parkeernormen voor de veel voorkomende functies. Met het oog hierop is in paragraaf 4.1 de parkeerbehoefte en de wijze waarop in deze behoefte wordt voorzien beschreven.
1.4
Leeswijzer
Het bestemmingsplan bestaat uit meerdere onderdelen: een verbeelding waarop de bestemmingen in het plangebied zijn aangegeven en regels waarin de bepalingen voor de op de verbeelding vermelde bestemmingen zijn opgenomen. Het bestemmingsplan gaat vergezeld van een toelichting waarin de achtergronden van het bestemmingsplan zijn beschreven. De verbeelding vormt samen met de regels het juridische bindende deel van het bestemmingsplan. In de toelichting worden de keuzes die in het bestemmingsplan worden gemaakt nader gemotiveerd en verantwoord. De toelichting kan globaal opgedeeld worden in vier delen. Inleiding en gebiedsvisie In hoofdstuk 1 zijn de aanleidingen en het kader voor de planherziening beschreven. Hoofdstuk 2 geeft een beschrijving van de huidige en toekomstige situatie van het plangebied. Verantwoording Hoofdstukken 3 en 4 geven de achtergronden, toelichting en motivatie op de gemaakte keuzen weer die uiteindelijk hebben geleid tot de uitgewerkte planopzet. In dit planonderdeel worden onder meer het (beleids)kader en de milieuaspecten uiteengezet.
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
11
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Juridische planbeschrijving In hoofdstuk 5 wordt de juridische planopzet beschreven. Doel is een nadere onderbouwing te geven wat met het plan wordt beoogd en hoe de instrumenten regels en verbeelding hierbij worden gehanteerd. Uitvoerbaarheid Het laatste deel (hoofdstuk 6) gaat in op de financieel-economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan.
12
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Hoofdstuk 2
Gebiedsvisie
In de bestaande (tijdelijke) situatie zijn de kas en de omliggende fruitboomgaard al in gebruik voor bijeenkomsten zoals bruiloften, besloten diners en partijen, zakelijke arrangementen, waaronder vergaderingen, congressen, workshops en trainingen, uitvaartdiensten en daarnaast op alle andere stijlvolle momenten van samenzijn voor maximaal 150 personen tegelijk in een groene, landelijke omgeving. Het doel van dit bestemmingsplan is om dit gebruik permanent planologisch-juridisch te borgen. Belangrijk bij het concept van In de Kas is dat duurzaamheid voorop staat. Zoveel mogelijk producten worden geteeld in eigen moestuin en andere producten worden bij lokale leveranciers afgenomen. Ook wordt de energie van 'In de Kas' zoveel mogelijk zelf opgewekt door zonnepanelen. De bestaande agrarische bedrijfsvoering op het perceel wordt daarnaast voortgezet. Het betreft een duurzaam fruitteeltbedrijf, met een grote variëteit aan fruitsoorten zoals appels, peren, bessen, frambozen en aardbeien. De productie geschiedt geheel biologisch en onder het Skal-keurmerk, ondanks dat dit technisch ingewikkelder is dan reguliere teelt. Door de opzet en ligging van In de Kas in combinatie met de bestaande agrarische bedrijfsvoering ontstaat een unieke sfeer en beleving, geworteld op deze plek en uniek voor de omgeving.
Op navolgende afbeelding is een impressie opgenomen van de kas en het bijbehorende voorterrein:
V
a
r- v * t
ma
ļSjįtti.;.
*
..Vv;
'^Ķťŕ'; ! 35*
Op navolgende afbeelding is de gecombineerde inrit van de percelen Plakstraat 8a en Plakstraat 8 te zien:
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
13
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
In de toekomstige situatie krijgt In de Kas een planologisch-juridische borging via dit bestemmingsplan. In dit kader is akoestisch onderzoek uitgevoerd, zie paragraaf 4.4 Milieuzonering. Uit dit onderzoek blijkt dat ook in een maximale situatie (elke dag een evenement van maximaal 150 gasten) voldaan kan worden aan een goede ruimtelijke ordening. Toch zijn in dit bestemmingsplan voorwaarden opgenomen in de regels die het geluid en eventuele daaruit volgende overlast verder inperken (artikel 3.1.2 onder d.). Het betreft onder andere voorwaarden omtrent de openingstijden, aantallen evenementen en het gebruik van (on)versterkte muziek, waaronder een begrenzing voor muziekgeluid in de kas. Tevens zijn voorwaarden opgenomen waar buitenceremonies mogen plaatsvinden en gasten zich in bepaalde tijden (niet) mogen bevinden. Aanvullend zijn regels opgenomen over het aanbrengen van een fysieke barrière om te voorkomen dat bezoekers zich op het deel van het perceel nabij de woning op het perceel Plakstraat 10 kunnen begeven en het geven van instructies aan personeel en gasten (artikel 3.5.2). In de bouwregels is opgenomen dat bebouwing ten behoeve van de evenementenlocatie uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' aanwezig mag zijn. Het betreft het bestaande oppervlakte met een ondergeschikte uitbreidingsmogelijkheid.
Ook aan het parkeren voor de bezoekers zijn voorwaarden verbonden. Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 4.1 Verkeer & parkeren.
14
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Hoofdstuk 3
Beleidskader
3.1
Nationaal beleid
3.1.1
Nationale omgevingsvisie
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de opvolger van de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR), waarin het Rijk een lange termijn visie geeft op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI geeft richting en helpt keuzes te maken. Bij de afweging van keuzes wordt bij voorkeur gekozen voor slimme combinaties van functies, wordt uitgegaan van de specifieke kenmerken en kwaliteiten van gebieden en worden beslissingen niet uitgesteld of doorgeschoven. De nationale belangen en opgaven waarop het Rijk wil sturen en richting wil geven, komen samen in de volgende vier prioriteiten: » Ruimte maken voor klimaatadaptatie en energietransitie; » De economie van Nederland verduurzamen en ons groeipotentieel behouden; » Steden en regio's sterker en leefbaarder maken » Het landelijk gebied toekomstbestendig ontwikkelen. Planspecifiek De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met de prioriteiten uit de NOVI. De NOVI vormt geen belemmering voor dit plan.
3.1.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening
Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) borgt een aantal van de nationale ruimtelijke belangen die deel uitmaken van het beleid, zoals beschreven in de voorganger van de NOVI, oftewel de SVIR. Op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt, vervalt het Barro. De regels van het Barro worden dan vervangen door het Besluit kwaliteit leefomgeving (BKL). Het BKL wordt de uitwerking, in regelgeving, van het beleid dat in de NOVI staat. Zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is, is het Barro nog van toepassing. In het Barro, ook wel bekend als de AMvB Ruimte, zijn 14 nationale belangen opgenomen die juridische borging vereisen. Het besluit is gericht op doorwerking van de nationale belangen in provinciaal beleid en gemeentelijke bestemmingsplannen. Dat betekent dat het Barro voor de opgenomen onderwerpen regels geeft over bestemmingen en het gebruik van gronden. Daarnaast kan zij aan de gemeente opdragen in de toelichting bij een bestemmingsplan bepaalde zaken uitdrukkelijk te motiveren. Planspecifiek Voor onderhavig plangebied zijn geen specifieke doelstellingen geformuleerd. Het Barro is verder niet specifiek van toepassing op het plangebied.
3.1.3
Ladder voor duurzame verstedelijking
De in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geïntroduceerde 'ladder voor duurzame verstedelijking' is als procesvereiste vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). In het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling moet in de toelichting een onderbouwing opgenomen worden van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hierbij wordt uitgegaan van de 'ladder voor duurzame verstedelijking'. De ladder worden in artikel 3.1.6, lid 2 Bro als volgt omschreven: 'De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.'
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
15
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
In het kader van de duurzame ladder wordt ten aanzien van de definitie van bestaand stedelijk gebied de definitie uit de Bro gehanteerd: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal-culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur.' Volgens de nota van toelichting bij het Bro moet worden bekeken of door het benutten van leegstaande verstedelijkingsruimte in bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien in de behoefte. Zoals ook volgt uit onder andere de uitspraak met het nummer 201303578/1/R4 kunnen, naar het oordeel van de Raad van State, planologische mogelijkheden waarvan nog geen gebruik is gemaakt, als leegstaande verstedelijkingsruimte worden aangemerkt. Een dergelijke locatie wordt gezien als onderdeel van het bestaand stedelijk gebied. Planspecifiek In onderhavig geval kan gesteld worden dat geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In artikel 1.1.1 onder i van het Bro is het begrip stedelijke ontwikkeling vastgelegd: 'de ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'.
De tuinbouwkas (waarin de meeste horeca-activiteiten plaatsvinden) op de evenementenlocatie is namelijk een bestaand legaal agrarisch gebouw dat past binnen de agrarische bestemming. Er wordt daarmee geen extra bebouwing mogelijk gemaakt binnen het plangebied. De horecafunctie die in en om dit gebouw planologisch verankerd wordt, betreft slechts een uitbreiding van de gebruiksmogelijkheden ter plaatse van de kas en de omliggende boomgaard. Op basis van actuele jurisprudentie betreft dit geen nieuwe stedelijke ontwikkeling. Daarmee is het verder doorlopen van de ladder niet noodzakelijk.
3.1.4
Conclusie
In het plangebied zijn geen nationale belangen in het geding.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1
Algemeen
Op 19 december 2018 hebben Provinciale Staten van Gelderland de 'Omgevingsvisie Gaaf Gelderland' vastgesteld. De bijbehorende geactualiseerde 'Omgevingsverordening Gelderland (december 2021)' hebben Provinciale Staten op 15 december 2021 vastgesteld. In de Omgevingsvisie staan de hoofdlijnen van het beleid en in de Omgevingsverordening de regels en afspraken om de opgaven uit de Omgevingsvisie te realiseren. De Omgevingsvisie en -verordening zijn dynamische instrumenten. Doordat wetten veranderen of door de komst van nieuwe initiatieven, kijkt de provincie twee keer per jaar of de plannen moeten worden aangepast.
3.2.2
Omgevingsvisie
De wereld verandert ingrijpend en er komt veel op de inwoners van Gelderland af. Het energievraagstuk, klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, kwetsbare biodiversiteit, digitalisering, internationalisering. Deze zaken vragen stevige antwoorden en oplossingen als investering in de toekomst. Met de schaarse ruimte en de vele uiteenlopende belangen en inzichten gaat dit niet vanzelf. We moeten samen keuzes maken over de voorliggende vraagstukken en de betekenis daarvan voor de inrichting van Gelderland. In onderling overleg zoeken naar synergie, samenhang en uitruilmogelijkheden. Daarom zet de provincie een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland centraal.
16
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekkelijk te houden, is de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang, zoals goed bereikbare voorzieningen, aansprekende evenementen, unieke cultuurhistorie, inspirerende culturele voorzieningen en een mooie natuur. Ook goed wonen hoort daarbij. Gelderland heeft op woongebied een bijzondere positie met uiteenlopende stedelijke en landelijke woonkwaliteiten. Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand verstedelijkt gebied het vertrekpunt. De provincie geeft de voorkeur aan het benutten van bestaande gebouwen en het concentreren van bebouwing. Pas als er geen andere goede mogelijkheden zijn, kan er aan de randen van steden of dorpen uitgebreid worden. Planspecifiek Voor het onderhavige plangebied zijn geen specifieke doelstellingen geformuleerd. Aangezien verder in het plangebied geen nieuwe planologische ontwikkelingen worden mogelijk gemaakt, is het plan passend binnen de omgevingsvisie.
3.2.3
Omgevingsverordening
De Omgevingsverordening vormt de juridische doorwerking in regels van het beleid uit de Omgevingsvisie. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de Provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, verkeer en bodem. Planspecifiek Voor het onderhavige plangebied zijn geen andere specifieke doelstellingen geformuleerd in de verordening. Daarmee is het plan passend binnen de omgevingsverordening.
3.2.4
Conclusie
Het bestemmingsplan is passend in de Omgevingsvisie en -verordening van de provincie.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Omgevingsvisie Beuningen
De gemeentebrede Omgevingsvisie is op 21 december 2021 vastgesteld. De Omgevingsvisie is een integrale en lange termijn visie tot 2040 over de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de gemeente Beuningen. Het motto van de Omgevingsvisie bestaat uit de kernwaarden van de gemeente: Verbinding, betrokkenheid en mooi plekje. De Omgevingsvisie richt zich op 5 ambities. Deze ambities zijn gebaseerd op de analyse van de trends en ontwikkelingen en de beleidsanalyse, zoals die zijn opgenomen in de Notitie van Uitgangspunten Omgevingsvisie Beuningen. De ambities laten zien welke onderwerpen de gemeente belangrijk vindt en waaraan de gemeente de komende jaren, in gezamenlijkheid met inwoners, organisaties, de regio en overige partners, wil werken. Bij het werken aan de toekomst van Beuningen worden de landschappelijke, cultuurhistorische en archeologische waarden beschermd. Deze waarden zijn het uitgangspunt bij ontwikkelingen, samen met de kernwaarden uit het motto. De vijf ambities voor de fysieke leefomgeving in de komende jaren zijn: » Beuningen heeft voldoende woningen en voldoende bereikbare voorzieningen op de juiste plek, waardoor we leefbare kernen hebben; » Beuningen is gezond, inclusief en veilig;
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
17
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
» »
Beuningen is energieneutraal en klimaatbestendig; Beuningen heeft een schone leefomgeving met een waterkwaliteit, bodemkwaliteit en luchtkwaliteit die voldoen aan de normen. Ook heeft Beuningen zo min mogelijk hinder van geluid, geur, licht en omgevingsrisico's. Beuningen streeft naar vergroting van de biodiversiteit; » Beuningen is ondernemend en uitnodigend. De 5 ambities zijn uitgewerkt in concrete speerpunten. Dit zijn de doelen waar de gemeente de komende jaren aan wil werken, samen met de inwoners.Het plangebied voor dit bestemmingsplan is gelegen in het deelgebied 'Oeverwallen'. Voor het bestemmingsplan is vooral speerpunt 5 'Beuningen is ondernemend en uitnodigend' van toepassing, met meer specifiek speerpunt 12 (en 13). » Speerpunt 12: Behouden van de agrarische functie als drager van het landschap in het buitengebied (in combinatie met natuur, recreatie en wonen) Gezonde agrarische sector We streven naar een gezonde agrarische sector. We zien vergroening en verduurzaming van de landbouw, maar ook verhoging van regeldruk. Daarnaast is er hoge druk op de ruimte. Ook zien we de wens voor mogelijkheden in schaalvergroting en nevenactiviteiten. Aan nevenactiviteiten willen we ruimte bieden, maar dit is maatwerk binnen ruimtelijke randvoorwaarden. Uitgangspunt hierbij is dat de landschappelijke structuur niet wordt aangetast.
Daarbij kijken we naar de locatie: ligt die in het kommengebied of op de oeverwallen? Ruimte bieden aan functieverandering binnen (ruimtelijke) randvoorwaarden Landelijk neemt het aantal agrarische bedrijven af. Ook in Beuningen. Daarbij komen agrarische erven vrij. Leegstand van stallen is een probleem. Tegelijkertijd is er behoefte aan recreatiemogelijkheden in het buitengebied. We bieden daarom ruimte voor functieverbreding en functieverandering van agrarische bedrijfspercelen. Voor de oeverwallen zetten we in op verbreding van functies in combinatie met landschappelijke versterking. Inwoners zien onder meer kansen voor kleinschalige recreatief-toeristische bedrijven, wonen, zorgboerderijen en ambachtelijke bedrijven (mits passend in de omgeving), maar ook verkoop van lokaal geproduceerd, gezond en duurzaam voedsel. Wij maken dit al mogelijk in het bestemmingsplan Buitengebied. Het is niet de bedoeling dat verkoop van zelfgeproduceerde producten uitgroeit tot kleine supermarkten. Kleinschaligheid en eigen productie zijn randvoorwaarden. »
Speerpunt 13: Kansen bieden voor recreatieve en toeristische ontwikkelingen, passend bij de aard en kenmerken van de gemeente Toeristisch-recreatieve ontwikkeling van onze gemeente draagt bij aan de welvaart en het welzijn van onze inwoners, waaronder ook ondernemers. Het schept banen, biedt een extra basis voor voorzieningen (winkels, horeca) en draagt bij aan behoud cultuurhistorisch erfgoed. De komende jaren bouwen we meer woningen in de gemeente. Wanneer het aantal inwoners toeneemt, is er ook meer vraag naar recreatief ingericht uitloopgebied. Hiervoor liggen er kansen in de zone tussen Beuningen en Weurt. De ontwikkeling van de Beuningse Plas als recreatiegebied draagt hier aan bij, evenals de Geertjesgolf. Om recreatie en toerisme beter te faciliteren, willen we ons recreatief routenetwerk verder ontwikkelen. Samen met de regiogemeenten en het bureau Toerisme Veluwe Arnhem Nijmegen (TVAN) werken we aan het versterken/upgraden van het routenetwerk. Uitgangspunt is een regio-breed dekkend netwerk. Langs de routes zien we ruimte voor de ontwikkeling van recreatieve punten. Dit kan een bankje zijn, een horecagelegenheid langs de dijk, een theetuin bij een agrariër of een educatieve wandeling door het energielandschap. Ook willen we intensievere recreatieplekken ontwikkelen, zoals bij de Groene Heuvels.
Inwoners zien kansen voor B&B’s, kleine campings, kleinschalige natuurgerichte initiatieven, wandel- en fietsroutes, klompenpaden, rustbankjes, uitkijkplekken, enzovoort. » Gebiedsgerichte opgaven - de oeverwallen Ook op de Oeverwallen staat behoud van het huidige kleinschalige waardevolle landschap centraal. Ontwikkelingen zijn mogelijk, maar alleen met als uitgangspunt de waarden van het gebied. We behouden de mix van functies, waarbij we functieverandering en functieverbreding mogelijk willen maken. Dit dient bij te dragen aan wonen, recreatie en toerisme en behoud en versterking van de bestaande functies. Met maatwerk is het mogelijk om in combinatie met kwaliteitsverbetering, behoud
18
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
en versterking cultuurhistorisch erfgoed, natuur- en landschapsontwikkeling extra woningen toe te voegen. Planspecifiek Onderhavige ontwikkeling kan geschaard worden onder de verbrede landbouw en betreft een recreatieve/ horecafunctie in vorm van een relatief kleinschalige evenementenlocatie in een bestaande kas en de omliggende boomgaard in het oeverwalgebied. Aan de variatie in het gebruik van het land verandert niets: zowel de akkers als de boomgaard ter plaatse blijven behouden. Hiermee wordt een unieke sfeer en ervaring aan gasten geboden, passend bij de karakteristiek en omgeving van de locatie. Het initiatief sluit daarmee aan bij de gemeentelijke Omgevingsvisie. Het gaat hierbij overigens niet om een horecapunt waar je even naar binnen komt lopen, maar het initiatief kan wel zorgen voor bekendheid van mensen met het gebied, zodat ze op een later moment weer een bezoek willen brengen aan de gemeente.
3.3.2
Landschapsontwikkelingsplan
De gemeente Beuningen heeft in 2006 samen met de gemeente Wijchen en Druten een Landschapsontwikkelingsplan (LOP) opgesteld. De visie zet in op de versterking en ontwikkeling van de verschillende landschapstypen die het landschap in deze gemeenten karakteriseren. Het plangebied is gelegen binnen het gebied 'Waaloeverwallen', op de overgang met de 'Waalkommen'. Dit deelgebied is landschappelijk fraai en recreatief zeer aantrekkelijk door de diversiteit, de kleinschaligheid en de groene uitstraling. De diversiteit en kleinschaligheid is terug te vinden in het samenspel van bebouwingslinten, dorpen, weiden en boomgaarden in onregelmatige patronen. Vanuit Nijmegen en andere gebieden bestaat er behoefte om in het buitengebied te ontspannen en te recreëren. Het landschap binnen de gemeente(n) is veelzijdig en aantrekkelijk en grote delen lenen zich goed voor deze recreatieve uitloopfunctie voor de lokale bevolking en de bevolking uit de regio. Het landschap kan hier wel nog beter voor worden uitgerust. Naast deze recreatieve functie kan het buitengebied een toeristische functie vervullen, waarbij de bezoekers of verblijfsrecreanten inkomsten genereren voor het gebied. Kwaliteiten die het landschap voor de toerist te bieden heeft, zijn onder andere rust en ruimte.
Op overgangen van twee landschapstypen kunnen recreatieve voorzieningen een bijdrage leveren aan de herkenbaarheid van het landschap. Het recreatief netwerk dat wordt nagestreefd bestaat uit paden, wegen en routes (geschikt voor fietsers, lange afstandswandelaars en skeeleraars), verknopingen van routes, kleinschalige bezienswaardigheden of rustpunten. Het netwerk is met de omgeving en de voorzieningen in de kernen verbonden. In het gebied is momenteel maar een beperkt aantal te bezoeken attracties, bezienswaardigheden en horecapunten aanwezig. De visie zet in op uitbreiding van kleinschalige recreatieve voorzieningen, passend binnen het landschapstype. In 2013 is een nieuwe uitvoeringsstrategie vastgesteld. Het faciliteren en verbinden van initiatieven van derden staat hierin centraal. De thema's waarop de doelen van het uitvoeringsprogramma zich richten zijn: behouden en versterken van het landschap, economische dragers landschap, ecologisch netwerk en de toegankelijkheid. Het versterken en ontwikkelen van recreatie en toerisme is één van de doelen binnen deze thema's. Planspecifiek Onderhavige ontwikkeling verandert niets aan de variatie in het gebruik van het land: zowel de akkers als de boomgaard ter plaatse blijven behouden. Het initiatief sluit daarmee aan bij het LOP.
Het gaat hierbij overigens niet om een horecapunt waar je even naar binnen komt lopen, maar deze relatief kleinschalige evenementenlocatie kan wel zorgen voor bekendheid van mensen met het gebied, zodat ze op een later moment terug komen naar de gemeente.
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
19
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
3.3.3
Visie en Omgevingsprogramma Recreatie en Toerisme
De visie, die door de gemeenteraad op 26 januari 2021 is vastgesteld, vormt een actualisatie en een nadere uitwerking van de 'Visie op recreatie en toerisme' uit 2015. In deze nieuwe visie worden de ambities, met een aanpak op hoofdlijnen en actiepunten voor de komende jaren (2021 - 2023) geschetst. Als hoofdambitie van de visie wordt genoemd de ontwikkeling van een vitale recreatief-toeristische sector in de gemeente Beuningen, met behoud van de landschappelijk en cultuurhistorische waarden, versterking van de economische kwaliteit en werkgelegenheid, én passend bij het karakter van Beuningen als woongemeente. Deze hoofdambitie is vervolgens uitgewerkt in vijf actielijnen, met per actielijn één of meerdere concrete actiepunten: 1. Het versterken van recreatief-toeristische voorzieningen, waarbij de gemeente onder meer de onderlinge samenwerking tussen ondernemers en organisaties wil faciliteren, zodat het recreatief-toeristisch aanbod sterker wordt geprofileerd; 2. Het versterken van de recreatief-toeristische infrastructuur, onder meer door het stimuleren van de (door)ontwikkeling van bestaande fietsroutes, waarbij de thema's kunst, water en archeologie meer centraal moeten staan; 3. Het vergroten van de recreatieve waarde van het water; 4. De potenties van het gebied 'Het Broek' beter benutten; 5.
Sterker profileren van het aanbod in de gemeente Beuningen, waarbij de gemeente de samenwerking met de gemeenten binnen het Rijk van Nijmegen en de organisatie Toerisme Veluwe Arnhem Nijmegen (TVAN) wil versterken en vernieuwen. Het versterken van recreatie en toerisme is geen doel op zich. Naast een economisch belang (bedrijvigheid, werkgelegenheid), heeft de recreatie- en toerismesector ook een bredere maatschappelijke waarde: het in stand houden en versterken van cultureel-historisch erfgoed en landschappelijke waarden. Ook draagt een sterke recreatie- en toerismesector bij aan een goed voorzieningenniveau voor de eigen inwoners (winkels, horeca, wandel- en fietsroutes). Eén van de actielijnen in de Visie Recreatie en Toerisme is de versterking van het voorzieningenaanbod. Voor initiatieven (uitbreiding of nieuwe realisatie) in de buitengebieden is daarvoor een ruimtelijk kader gewenst. Vandaar dat het Omgevingsprogramma Recreatie en Toerisme Buitengebied op 21 december 2021 is vastgesteld door de gemeenteraad. In dit programma, als uitwerking van de Omgevingsvisie, worden de randvoorwaarden en mogelijkheden voor initiatieven beschreven.
In de visie uit 2020 zijn definities opgenomen van de begrippen 'recreatie' en 'toerisme': » Recreatie: alle vrijetijdsactiviteiten die mensen doen buiten de eigen woning, anders dan bezoek aan familie/vrienden en regelmatige sportactiviteiten. » Toerisme: elke vorm van vrijetijdsbesteding met minimaal één overnachting in een bedrijfsmatige accommodatie. In het omgevingsprogramma worden de begrippen 'dagrecreatie' en 'verblijfsrecreatie' gebruikt. Reden hiervoor is dat deze begrippen zijn opgenomen in de gebruikelijke planologische kaders. Verblijfsrecreatie is daarbij het synoniem voor toerisme. Daarnaast wordt in het omgevingsprogramma een onderscheid gemaakt tussen intensieve en extensieve recreatie. In de oeverwallen staat centraal het behoud van het waardevolle kleinschalige landschap met een mix aan functies. Tegelijkertijd liggen er de opgaven voor functieverbreding en -verandering van de agrarische sector en voor de uitbreiding van recreatieve mogelijkheden. Daarom zijn in de oeverwallen alleen vormen van extensief recreatief medegebruik en extensieve dag- en verblijfsrecreatievevoorzieningen (1,2 en 3) mogelijk in het oeverwallengebied. Niet een exact aantal zitplaatsen (horeca), kamers, standplaatsen, of huisjes is leidend bij uitbreiding van bestaande en nieuwe recreatie voorzieningen (2 en 3). Een goede en zorgvuldige ruimtelijke inpassing geldt als randvoorwaarde.
Ontwikkelingen zijn alleen mogelijk als de kwaliteit en kenmerken van het oeverwallenlandschap behouden blijven of worden versterkt. Uitbreiding of nieuwe ontwikkelingen vinden bij voorkeur plaats op of direct grenzend aan de huidige bouwvlakken. Omdat in het oeverwallengebied sprake is van een mix aan functies, betreft dit agrarische en niet niet-agrarische bouwvlakken. Planspecifiek In de Kas is een specifiek bedrijf dat met haar visie (letterlijk) geworteld is in deze omgeving en op deze plek. Door de vervlechting van het agrarisch bedrijf met de sfeer (van de festiviteiten) bij In de
20
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Kas, krijgen gasten een unieke ervaring in een landelijke setting. Daarbij moet voorop worden gesteld dat In de Kas geen type bedrijf of locatie is die wordt bedoeld binnen (de definities van) dit beleid. Wel maakt In de Kas bij uitstek gebruik van de eigen kwaliteiten (fruitbomen, teelt van gewassen) om de unieke sfeer neer te zetten. Daarbij is het ook direct mogelijk om eigen (biologisch) geteelde producten te gebruiken. De locatie is in de kernrand van Winssen gelegen en er is al sprake van een agrarisch bouwvlak in het geldende bestemmingsplan. Ook is duidelijk dat de schaal van In de Kas niet vergelijkbaar is met de functies zoals die in de definitie bij intensieve dagrecreatieve voorzieningen worden gebruikt (o.a. partycentrum, funcentrum, welness-centra). Hiermee is deze ontwikkeling passend op deze locatie in het oeverwallengebied. In de Kas kan daarnaast ook zorgen voor meer bekendheid van de gemeente Beuningen, met de mogelijkheid dat mensen later terugkomen om te recreëren en te verblijven. Daarmee kan gesteld worden dat de functieverbreding van onderhavig agrarisch bedrijf 'in de geest van' dit beleid bijdraagt aan de versterking van de recreatief-toeristische voorzieningenstructuur in de gemeente.
3.4
Conclusie
Het plan is passend binnen c.q. niet strijdig aan het beleid van de verschillende overheden.
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
21
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
Hoofdstuk 4
Milieu- ä omgevingsaspecten
4.1
Verkeer S parkeren
4.1.1
Verkeer
Via de Plakstraat is er een directe verbinding met de doorgaande Van Heemstraweg. Op deze evenementenlocatie midden in een boomgaard kunnen dagelijks 'natuurlijke' arrangementen voor maximaal 150 personen worden verzorgd. Uitgaande van gemiddeld 2,5 personen per motorvoertuig, bedraagt de maximum voertuigaantrekkende werking daarmee 60 extra voertuigen ^120 voertuigbewegingen heen en terug bij elkaar) per dag. Dit aantal is prima op te vangen op de Plakstraat. Gemiddeld per weekdag zal sprake zijn van 22 voertuigbewegingen (voor de berekening zie paragraaf 4.5). Aan de hand van een verkeerskundige onderbouwing is inzicht gegeven in de verkeerskundige effecten van de locatie, zie Bijlage 1. Aan de hand van een robuuste inschatting van de verkeersintensiteiten van In de Kas en de overige functies aan de Plakstraat is getoetst in hoeverre de sprake is van een acceptabele verkeerssituatie. Hieruit volgt dat de intensiteiten op de Plakstraat passend zijn voor zijn voor een veilige en acceptabele verkeerssituatie conform de principes van een duurzaam veilige verkeerssituatie. Het aspect 'verkeer' vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.
4.1.2
Parkeren
Omdat de kengetallen van de CROW, zoals opgenomen in het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren', niet goed doorvertaald kunnen worden naar de bedrijfsvoering van 'In de Kas', is gekozen voor een praktische benadering. Daarvoor is over 2019 (2020 is geen representatief jaar) nagegaan hoeveel evenementen er zijn georganiseerd, het aantal bezoekers daarvan en het aantal auto's waarmee men is gekomen. Ervaring is dat de autobezetting gemiddeld 2,5 bezoekers (per auto) is. Navolgend een overzicht van het aantal evenementen per jaar inclusief de bijbehorende voertuigaantrekkende werking. De evenementen zijn daarbij gecategoriseerd naar het aantal bijbehorende bezoekers en dit is doorvertaald naar het aantal aanwezige voertuigen: Categorie evenement Aantal voertuigen
Aantal evenementen
Percentage ("/o)
a
0 - 15
35
34,3
b
16 - 30
38
37,3
c
31 - 45
22
21,6
d
46 - 60
7
6,9
102
100 070
Totaal
Er is een maximum parkeerbehoefte van 60 parkeerplaatsen. Dit maximum aantal parkeerplaatsen zal echter in de praktijk slechts bij circa 7 evenementen nodig zijn. In alle andere gevallen volstaan maximaal 45 parkeerplaatsen, waarmee bij ruim 90 /o van de gehouden evenementen in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien. Het beleid van de gemeente is er in principe op gericht de parkeerbehoefte op eigen terrein van de initiatiefnemers te laten oplossen. Het is echter in deze situatie niet gewenst om de volledige parkeerbehoefte op het terrein van de initiatiefnemers te realiseren. Het concept van 'In de Kas' is namelijk gericht op het bieden van een evenement c.q. een ervaring in een groene, landelijke setting. Vanuit deze visie is het niet gewenst om de boomgaard of andere teeltgronden om te zetten naar een parkeervoorziening. Bovendien worden hierdoor voertuigbewegingen gegenereerd in de nabijheid van de achtererven van de omliggende woningen, waardoor onoverkomelijke hinder kan ontstaan naar omwonenden. In de huidige situatie zijn dan ook met de voetbalclub en omwonenden afspraken gemaakt dat parkeren in de berm van de Plakstraat plaatsvindt en er gebruik mag worden gemaakt van de parkeervoorziening van de voetbalclub. Op het voorterrein is het dan ook mogelijk om maximaal 10 parkeerplaatsen te realiseren voor de hoofdgasten (en bijvoorbeeld directe familie) van
22
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
een evenement. In de directe omgeving is vervolgens voldoende ruimte aanwezig om te voorzien in minimaal de overig benodigde 35 parkeerplaatsen. Op navolgende afbeelding is de ligging van deze parkeerplaatsen weergegeven:
Inpassing parkeerplaatsen In de Kas De voetbalvereniging heeft 40 parkeerplaatsen die hoofdzakelijk op voetbaldagen in de ochtend en de eerste helft van de middag maximaal in gebruik zijn (m.n. zaterdag tot 14.00 uur). De initiatiefnemers houden zoveel mogelijk rekening met de geplande wedstrijden en evenementen van de voetbalvereniging en proberen overlap te voorkomen. Hierover zijn schriftelijke afspraken gemaakt met de voetbalvereniging. In het kader van dubbelgebruik is het daarmee mogelijk om ten behoeve van deze parkeerbalans in ieder geval 16 parkeerplaatsen van de voetbalclub ook toe te rekenen aan de activiteiten van 'In de Kas'. Tegenover het plangebied (aan de andere zijde van de Plakstraat) ligt een brede strook in de vorm van een onverharde berm naast de sloot, waar reeds sprake is van een bestemming 'Verkeer'. Over het gebruik van deze berm zijn reeds afspraken gemaakt met de bewoners van Plakstraat 10 en Plakstraat 10A. In deze onverharde berm kunnen circa 19 auto's worden geparkeerd. De berm zal daartoe worden verstevigd, bijvoorbeeld door een roostersysteem, zodat de grond niet verzakt, auto's zich niet vastrijden in de modder en het groene beeld behouden blijft. Eventueel kunnen er aansluitend in zuidelijke richting nog minimaal 14 extra auto's geparkeerd worden. Aanvullend is het mogelijk om op het moment dat er grote groepen zijn ^ 45 voertuigen c.q.
vanaf 115 personen), gasten op een externe locatie te laten parkeren en de gasten met een bus naar de locatie aan de Plakstraat 8A (terug) te brengen. Samen met de 10 parkeerplaatsen op eigen terrein, wordt daarmee voorzien in de vereiste 45 parkeerplaatsen. Tevens kan worden voorzien in de parkeerbehoefte bij grotere festiviteiten (60 parkeerplaatsen). Niet alleen biedt dit een oplossing voor de parkeerbehoefte van 'In de Kas, ook biedt het aan de voetbalclub meer mogelijkheden in het aanbod van parkeerplaatsen tijdens drukbezochte voetbalevenementen. Het aspect 'parkeren' vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
23
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
4.2
Bodem
4.2.1
Regelgeving
Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moet in verband met de uitvoerbaarheid van een project rekening worden gehouden met de bodemgesteldheid. Bij functiewijzigingen moet worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde functie en moet worden vastgesteld of er sprake is van een saneringsnoodzaak. In de Wet bodembescherming is bepaald dat indien de desbetreffende bodemkwaliteit niet voldoet aan de norm voor de beoogde functie, de grond zodanig moet worden gesaneerd, dat zij kan worden gebruikt door de desbetreffende functie (functiegericht saneren). De Wet bodembescherming heeft betrekking op landbodems; waterbodems vallen onder de Waterwet. Op grond van de Woningwet en de Bouwverordening moet voor elke individuele bouwlocatie aangetoond te worden dat de bodem geschikt is voor de beoogde bebouwing, alvorens een omgevingsvergunning verleend kan worden. Bij het opstellen van een bestemmingsplan is de vraag of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het huidige of toekomstige gebruik van die bodem en of deze optimaal op elkaar kunnen worden afgestemd. Het uitgangspunt hierbij is dat eventueel aanwezige bodemverontreiniging geen onaanvaardbaar risico oplevert voor de gebruikers van de bodem en dat de bodemkwaliteit niet verslechtert door grondverzet. Dit is het zogenaamde stand still-beginsel.
Het vaststellen van de bodemkwaliteit wordt bij het opstellen/wijzigen van een bestemmingsplan dan ook alleen van belang geacht voor de locaties waar ontwikkelingen gepland zijn (zoals functiewijzigingen, bouwen, graven/ophogen).
4.2.2
Doorvertaling bestemmingsplan
De beoogde planologische wijziging betreft een gebruikswijziging van de bestaande kas en de omliggende biologische boomgaard waar geen chemische gewasbeschermingsmiddelen gespoten worden. Tevens is het een voortzetting van de eerder verleende tijdelijke vergunning en daarmee qua bodemgebruik te beschouwen als bestaand gebruik. Het aspect 'bodem' vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.
4.3
Geluid
4.3.1
Regelgeving
Belangrijke basis voor de ruimtelijke afweging van het aspect geluid is de Wet geluidhinder (Wgh). Overeenkomstig de Wgh zijn (spoor-)wegen en industrieterreinen waar zich grote lawaaimakers kunnen vestigen voorzien van zones. Het gebied binnen deze zones geldt als akoestisch aandachtsgebied waar een toetsing uitgevoerd moet worden. Daarbij beperkt de Wgh zich tot een toetsing ter plaatse van zogenaamde geluidsgevoelige objecten. Dit zijn onder andere woningen, onderwijsgebouwen, gezondheidszorggebouwen, kinderdagverblijven, woonwagenstandplaatsen en ligplaatsen voor woonboten. Voor de geluidsgevoelige gebouwen en terreinen die binnen bepaalde afstanden (zones) van de verschillende geluidsbronnen liggen, schrijft de Wgh voor dat een aangewezen bevoegd gezag (meestal Burgemeester en Wethouders) (maatwerk)grenswaarden bepaalt. De terminologie die de wet hiervoor hanteert is: ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting. De getalsmatige invulling van deze grenswaarden voor nieuwe of bestaande geluidgevoelige bestemmingen verschillen per locatie en per geluidssoort. Naast grenswaarden op de gevels van de geluidsgevoelige gebouwen, zijn er in de Wgh ook grenswaarden gericht op de bescherming van het akoestische klimaat binnen de bestaande gebouwen.
24
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
De grenswaarden moeten bij de aanleg, dan wel wijzigingen van een (spoor)weg of industrieterrein in acht worden genomen. Dit geldt ook bij vaststelling of herziening van een bestemmingsplan of bij een projectbesluit wanneer de betreffende gronden/gebouwen voor een geluidgevoelige functie in een geluidszone zijn gelegen. Onder bepaalde voorwaarden is een hogere geluidsbelasting dan de voorkeursgrenswaarde mogelijk (tot de maximaal toelaatbare geluidsbelasting). Hiervoor moet een “hogere waarde procedure” worden doorlopen door het college van burgemeester en wethouders. Een uitzondering waar toetsing aan de grenswaarden niet hoeft, is wanneer een geluidsgevoelig gebouw een zogenoemde 'dove' gevel heeft. Een 'dove gevel' is een bouwkundige constructie: » waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een bepaalde geluidwering; » waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte. Bij ontheffing van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting kan (in het kader van de omgevingsvergunning) een nader akoestisch onderzoek noodzakelijk zijn ten behoeve van het woonen leefklimaat in de woning.
De karakteristieke geluidwering van de gevel moet voor nieuwbouw zodanig zijn dat wordt voldaan aan de eisen uit het Bouwbesluit, zijnde het verschil tussen de geluidsbelasting op de gevel en het gewenste binnenniveau met een minimum van 20 dB. Regelgeving In de Wgh en het Bgh is de zonering van wegen en het daarbij horende normenstelsel geregeld. Een zone is het akoestisch aandachtsgebied. Volgens de Wgh bevinden zich langs alle wegen wettelijke geluidzones, met uitzondering van woonerven, 30-km/uur-gebieden en wegen waarvan op grond van een door de gemeenteraad vastgestelde geluidsniveaukaart blijkt dat de geluidsbelasting op 10 m uit de meest nabij gelegen wegas 48 dB of minder bedraagt. Bij vaststelling van een bestemmingsplan moet voor alle wegen waarvan de zone een overlap met het plangebied kent, een akoestisch onderzoek worden verricht (artikel76 lid 1 Wgh). De breedte van deze zone is afhankelijk van het aantal rijstroken en de aard van de omgeving (stedelijk of buitenstedelijk), zie navolgende tabel. Zonebreedte Aantal rijstroken
Stedelijk gebied
Buitenstedelijk gebied
5 of meer 3 of 4 1 of 2
350 meter 350 meter 200 meter
600 meter 400 meter 250 meter
Overzicht zonebreedtes (vanaf de as van de weg tot de volgende breedte aan weerszijden van de weg) De definities van het buitenstedelijk en stedelijk gebied zijn opgenomen in artikel 1 van de Wgh. Als buitenstedelijk gebied wordt aangemerkt het gebied buiten de bebouwde kom en het gebied binnen de zone van een autoweg of autosnelweg, die binnen de bebouwde kom ligt. Voor nieuwe woningen bedraagt de wettelijke (voorkeurs)grenswaarde 48 dB.
4.3.2
Doorvertaling bestemmingsplan
De aspecten wegverkeerslawaai en spoorwegverkeerslawaai zijn niet relevant voor de beoogde permanente planologische functiewijziging in het plangebied. Het betreft immers geen geluidgevoelige functie. Wel is het aspect industrielawaai relevant. Dit aspect wordt nader beschouwd in paragraaf 4.4 Milieuzonering. De aspecten '(spoor)wegverkeerslawaai' vormen geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
25
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
4.4
Milieuzonering
4.4.1
Regelgeving
Wanneer ruimtelijke ontwikkelingen in de directe omgeving van inrichtingen en/of bedrijven worden gerealiseerd, zal een milieukundig onderzoek uit moeten wijzen in hoeverre er sprake is van mogelijke beperkingen ten gevolge van de aanwezige inrichtingen en of bedrijven. Maar ook andersom moet aandacht worden besteed aan de rechten van de aanwezige inrichtingen en/of bedrijven. Het is immers niet de bedoeling dat nieuwe ontwikkelingen de huidige bedrijfsvoering in de directe omgeving zullen beperken. Datzelfde geldt uiteraard ook voor de situatie dat inrichtingen en/of bedrijven wijzigen in de nabijheid van bestaande gevoelige functies. Via de milieuwetgeving wordt milieuhinder zoveel mogelijk voorkomen. Alle bedrijven en inrichtingen die in potentie hinder zouden kunnen veroorzaken, moeten een vergunning hebben in het kader van de Wet milieubeheer of moeten via een melding aantonen dat zij aan de hierin gestelde richtwaarden kunnen voldoen. De gestelde richtwaarden zijn veelal vertaald in minimale afstanden tussen de inrichtingen waar activiteiten plaatsvinden en de milieugevoelige functies in de directe omgeving. Behalve van de aard en omvang van een bedrijf of inrichting, is deze mede afhankelijk van de omgevingskarakteristiek. Voor een rustige woonomgeving gelden andere afstanden (strengere eisen) dan voor bijvoorbeeld drukke woonwijken of een gemengd gebied.
Voor het vaststellen van de genoemde minimum richtafstanden tussen inrichtingen en milieugevoelige functies worden in de regel de lijsten zoals deze zijn opgenomen in de handreiking 'Bedrijven en milieuzonering' gebruikt. Bedrijven zijn in de VNG-handreiking ingedeeld in een aantal categorieën met bijbehorende gewenste richtafstanden tot milieugevoelige functies. De categorieën geven de zwaarte van bedrijvigheid en mogelijke milieuhinder weer. De richtafstanden kunnen, zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat, met één afstandstap worden verlaagd indien sprake is van omgevingstype gemengd gebied. Milieucategorie
Richtafstand omgevingstype rustige woonwijk, rustig buitengebied
Richtafstand omgevingstype gemengd gebied
1 2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3 6
10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000m 1.500 m
0m 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000m
Richtafstanden VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' Bovenstaande tabel geeft een overzicht van de richtafstanden voor verschillende bedrijfscategorieën ten opzichte van een woonwijk en gemengd gebied. Indien de richtafstand niet wordt overschreden, kan verdere toetsing voor het aspect in beginsel achterwege blijven: inpassing is dan mogelijk. Indien niet aan de richtafstanden wordt voldaan, is een nadere beschouwing danwel onderzoek nodig.
4.4.2
Doorvertaling bestemmingsplan
In het kader van de beoogde planologische wijziging is er een akoestisch onderzoek industrielawaai uitgevoerd. De rapportage van dit onderzoek is als bijlage 2 bij de toelichting gevoegd. Doel van het akoestisch onderzoek is om de geluidsbelasting op de directe omgeving inzichtelijk te maken en te toetsen aan de geluidsnormen. Voor de nieuwe tijdelijke ontheffing is een akoestisch onderzoek uitgevoerd waarin een actualisatie van het onderzoek uit 2019 heeft plaatsgevonden van de activiteiten en de geluidsreducerende maatregelen voor In de Kas. Het onderzoek gaat uit van de maximale situatie dat er elke dag een grote festiviteit is.
26
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
In het onderhavig akoestisch onderzoek is als geluidsreducerende maatregel rekening gehouden met een aangepaste begrenzing ter hoogte van het grind aan de zuidzijde van de kas nabij de Plakstraat 10. Op het zuidelijk terreindeel zijn met de aanpassing bezoekers uitgesloten. Het stemgeluid binnen de inrichting en de maximale geluidniveaus worden met deze maatregel ter hoogte van de geluidgevoelige bestemming aan de Plakstraat 10 met 9 dB gereduceerd. In de regels en op de verbeelding van dit bestemmingsplan is hiertoe de gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone - 1' opgenomen. Ter plaatse van deze vrijwaringszone geldt niet de functieaanduiding 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - 1', het gebied waar de bijeenkomsten en festiviteiten moeten plaatsvinden. Aan de vrijwaringszone is een voorwaardelijke verplichting gekoppeld, die er op toeziet dat er een fysieke barrière wordt aangebracht om te voorkomen dat bezoekers zich toch op dit deel van het perceel kunnen begeven. Uit de toetsing van de berekende geluidsbelastingen blijkt dat geen overschrijdingen van de grenswaarden van 50 dB(A) etmaalwaarde voor respectievelijk het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en de indirecte hinder plaatsvinden.
Bij een beoordeling conform het Activiteitenbesluit treden in verband met de uitzondering voor stemgeluid en het komen en gaan van bezoekers bij horecagelegenheden alsmede het laden en lossen in de dagperiode geen overschrijdingen op. Bij een beoordeling van de maximale geluidniveaus in het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn ter plaatse van Plakstraat 7, 8 en 10 de geluidbelastingen hoger dan de grenswaarde (70 dB(A) etmaalwaarde) volgens de VNG-publicatie. De hogere maximale geluidniveaus treden op ten gevolge van het dichtslaan van autoportieren en het schreeuwen van bezoekers. Aanvullende geluidsreducerende maatregelen worden niet mogelijk geacht. Doordat de educatieve projecten onder begeleiding plaatsvinden en bij festiviteiten altijd personeel aanwezig is, zullen dergelijke pieken door instructies van het personeel en de gasten worden voorkomen. De Omgevingsdienst Regio Nijmegen heeft het akoestisch onderzoek beoordeeld en concludeert dat de horeca-activiteiten niet in strijd zijn met een goede ruimtelijke ordening voor wat betreft het geluidsaspect, maar wenst wel dat enkele huisregels en voorschriften in acht worden genomen. Aangezien het akoestisch onderzoek heeft aangetoond dat ook in de maximale situatie sprake is van een goede ruimtelijke ordening, zijn dit extra borgingen voor de omgeving van In de Kas (c.q. beperkingen voor In de Kas).
In de regels zijn derhalve voorwaarden opgenomen ten aanzien van de openingstijden, aantallen evenementen en het gebruik van (on)versterkte muziek, waaronder een begrenzing voor muziekgeluid in de kas. Tevens zijn voorwaarden opgenomen waar buitenceremonies mogen plaatsvinden en gasten zich in bepaalde tijden (niet) mogen bevinden (artikel 3.1.2 onder d.). In de bouwregels is opgenomen dat bebouwing ten behoeve van de evenementenlocatie uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' aanwezig mag zijn. Het betreft het bestaande oppervlakte met een ondergeschikte uitbreidingsmogelijkheid. De eigenaren van In de Kas zijn verder verplicht om het personeel en de gasten te instrueren en hen kennis te laten nemen van de huis^gedragsregels. Dit is via een voorwaardelijke verplichting geborgd in dit bestemmingsplan (artikel 3.5.2).
Met inachtneming van deze maatregelen en gedragsregels vormt het aspect milieuzonering geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig bestemmingsplan.
4.5
Luchtkwaliteit
4.5.1
Regelgeving
Op 15 november 2007 is de wijziging van de Wet milieubeheer in werking getreden. Deze wet vervangt het 'Besluit luchtkwaliteit 2005' en is één van de maatregelen die de overheid heeft getroffen om: » negatieve effecten op de volksgezondheid als gevolg van te hoge niveaus van luchtverontreiniging aan te pakken.
bestemmingsplan "Plakstraat 8a Winssen" (vastgesteld)
27
bestemmingsplan Plakstraat 8a Winssen
»
mogelijkheden voor ruimtelijke ontwikkeling te creëren ondanks de overschrijdingen van de Europese grenswaarden voor luchtkwaliteit. De paragraaf luchtkwaliteit in de Wet milieubeheer voorziet onder meer in een gebiedsgerichte aanpak van de luchtkwaliteit via het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). De programma-aanpak zorgt voor een flexibele koppeling tussen ruimtelijke activiteiten en milieugevolgen. Van bepaalde projecten met getalsmatige grenzen is vastgesteld dat deze 'niet in betekenende mate' (NIBM) bijdragen aan de luchtverontreiniging. Deze mogen zonder toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Luchtkwaliteitseisen vormen onder de nieuwe 'Wet luchtkwaliteit' geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkeling als: » er geen sprake is van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde. » een project, al dan niet per saldo, niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit leidt. » een project 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging (meer dan 3 0Zo ten opzichte van de grenswaarde). Het gaat hier bijvoorbeeld om woningbouwlocaties met één ontsluitingsweg en niet meer dan 1.500 nieuwe woningen, dan wel, in geval van twee ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling, netto niet meer dan 3.000 woningen.
» een project is opgenomen in een regionaal programma van maatregelen of in het NSL, dat in werking is getreden nadat de EU in april 2009 derogatie heeft verleend. Als aannemelijk kan worden gemaakt dat aan één of meerdere van de bovengenoemde criteria wordt voldaan, kan het project zonder toetsing aan de gestelde grenswaarden voor luchtkwaliteit worden uitgevoerd. In de Ministeriële regeling 'niet in betekenende mate bijdragen' zijn voor verschillende categorieën van projecten grenzen gesteld aan de projectomvang, waaronder een project met zekerheid NIBM bijdraagt aan de concentraties luchtverontreinigende stoffen in de buitenlucht. Gevoelige bestemmingen als scholen, kinderdagverblijven, bejaarden- en zorgtehuizen genieten op grond van het Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen) extra bescherming: substantiële uitbreiding of nieuwvestiging binnen 50 m van een provinciale weg of 300 m van een rijksweg is alleen toegestaan als de concentraties luchtvervuilende stoffen zich onder de grenswaarden bevinden, waardoor geen onacceptabele gezondheidsrisico's optreden. De zones worden afgemeten vanaf de rand van de weg. In de context van dit besluit worden ziekenhuizen, woningen en sportaccommodaties dus niet als gevoelige bestemming gezien.