Bijlage 02: Participatie- en reactienota concept Nota van Uitgangspunten omgevingsplan Kernen
Tekst van het document
Participatie- en reactienota
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan Kernen Beuningen
Februari 2024
1
Reacties De concept Nota van Uitgangspunten 'Omgevingsplan Beuningen deelgebied Kernen' heeft van 22 december 2023 tot en met 9 februari 2024 voor iedereen ter inzage gelegen. Deze inzageperiode is op 21 december 2023 gepubliceerd in het Gemeenteblad. Binnen deze inzagetermijn kon iedereen een reactie ten aanzien van de concept Nota van Uitgangspunten naar voren brengen. Ten aanzien van de concept Nota van Uitgangspunten zijn via deze route geen reacties binnen gekomen. Naast de terinzagelegging zijn ook de ketenpartners geconsulteerd en gevraagd om te reageren op de concept Nota van Uitgangspunten vanuit het specifieke vakgebied. De GGD Gelderland-Zuid, de ODRN en de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid (VRGZ) hebben op verschillende onderwerpen in de Nota van Uitgangspunten gereageerd. Deze reacties worden hieronder behandeld. Behalve aan de GGD Gelderland-Zuid, de ODRN en de VRGZ is de Nota van Uitgangspunten ook voorgelegd aan het Waterschap Rivierenland en de provincie Gelderland, maar van deze instanties is geen reactie ontvangen. In dit document worden de binnengekomen reacties van een gemeentelijke reactie voorzien. Hierbij is steeds een samengevatte weergave van elke reactie gepresenteerd. Bij de beoordeling van de reactie is steeds de gehele tekst van de ingediende reactie gebruikt. Naam Geconsulteerde 1 Ingekomen op 2 januari 2024 ODRN, thema externe veiligheid
Beknopte weergave inhoud 1. Namens de ODRN wordt ten aanzien van paragraaf 4.5 Nota van Uitgangspunten (Externe veiligheid) een aantal algemene opmerkingen gemaakt ten aanzien van de begrippen kwetsbare gebouwen en locaties. Ten aanzien van het plaatsgebonden risico wordt opgemerkt dat er kleine wijzigingen zijn in de definities van de ontvangende 'objecten'. Daarnaast wordt verwezen naar de aandachtsgebieden in de Atlas leefomgeving en een kaart waar een eerste inventarisatie van de kwetsbaarheid van een gebouw inzichtelijk is gemaakt (https://nl.ev-signaleringskaart.nl/viewer/app/EVsignaleringskaart NL?version= )
Gemeentelijke reactie 1. Kwetsbare gebouwen en locaties zijn inderdaad aparte begrippen. Deze worden onder paragraaf 4.5 Nota van Uitgangspunten ook apart toegelicht. Ten aanzien van deze begrippen geldt hetzelfde beschermingsregime op grond van het Besluit kwaliteit leefomgeving. De definitie omtrent het plaatsgebonden risico is inderdaad minimaal gewijzigd, maar deze wijziging heeft geen juridische gevolgen. De brandaandachtsgebieden en explosieaandachtsgebieden staan inderdaad in de Atlas leefomgeving. De Nota van Uitgangspunten wordt daarom op p. 40 aangevuld met de volgende zin: 'De aandachtsgebieden in en nabij de kernen zijn voor zover bekend - zichtbaar op de Atlas leefomgeving.'
2
De bron waarnaar verwezen wordt ten aanzien van de kwetsbaarheid van gebouwen betreft geen openbaar beschikbare informatie. Voor het opstellen van het omgevingsplan zullen de aandachtsgebieden geprojecteerd worden op het grondgebied en zal worden bekeken welke bestemmingen daarbinnen mogelijk zijn. Indien er zeer kwetsbare gebouwen mogelijk zijn binnen die aandachtsgebieden zal gekeken worden naar de gevolgen. 2.
Namens de ODRN wordt opgemerkt dat er altijd sprake is van een BOPA indien er nieuwe objecten worden toegelaten.
2.
Er is niet altijd sprake van een BOPA. Indien een ontwikkeling past binnen het omgevingsplan is er geen noodzaak tot een BOPA. Als het niet past in het omgevingsplan moet het getoetst worden als een BOPA.
3.
Namens de ODRN wordt voorgesteld om alleen delen van aandachtsgebieden in het Omgevingsplan te begrenzen die zijn aangewezen als voorschriftengebied en het oprichten van zeer kwetsbare gebouwen in alle aandachtsgebieden niet in zijn geheel uit te sluiten, omdat dit onnodig beperkend is. Wel wordt geadviseerd om voor deze locaties per definitie een beoordelingsmoment te laten plaatsvinden om te bezien of er gebouwd kan worden dan wel met extra bouweisen.
3
Het voorstel van de ODRN komt overeen met het voorstel zoals is weergegeven in de Nota van Uitgangspunten.
4.
Daarnaast wordt voorgesteld om de risicobronnen zoals genoemd in het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage VII onder a alleen toe te staan met een BOPA (dus na toets aan de vereiste afstanden) en de rest op voorhand uit te sluiten in de kernen. Tot slot wordt opgemerkt dat de eis dat aandachtsgebieden op het eigen perceel moeten blijven onnodig beperkend is.
4.
Het toelaten van nieuwe risicobronnen is in de Nota van Uitgangspunten overgenomen zoals het op dit moment ook geldt. Alleen de bestaande risicobronnen worden toegestaan. In de Nota van Uitgangspunten is geen eis opgenomen dat aandachtsgebieden per definitie op het eigen perceel moeten blijven. Er staat opgenomen dat uitbreiding van een bestaande risicobron alleen direct (dus zonder
3
vergunning) is toegestaan indien het aandachtsgebied binnen het eigen perceel blijft.
Conclusie De reactie van geconsulteerde 1 leidt tot een kleine aanvulling van de Nota van Uitgangspunten: Op p. 40 wordt de Nota van Uitgangspunten aangevuld met de volgende zin: 'De aandachtsgebieden in en nabij de kernen zijn - voor zover bekend - zichtbaar op de Atlas leefomgeving.'
Naam Geconsulteerde 2 Ingekomen op 18 januari 2024 GGD Gelderland-Zuid.
Beknopte weergave inhoud 1. Vanuit de GGD Gelderland Zuid worden ten aanzien van diverse aspecten (geluid, geur, bodem, luchtkwaliteit, evenementenbeleid, klimaatadaptatie en hittestress) adviezen meegegeven. Aangegeven wordt dat in het belang van de volksgezondheid de gevoelige groepen extra beschermd moeten worden tegen blootstelling aan negatieve invloeden van het milieu. Hieronder wordt ingegaan op de concrete opmerkingen ten aanzien van de Nota van Uitgangspunten.
Gemeentelijke reactie 1. De adviezen van de GGD Gelderland-Zuid betreffen met name algemene adviezen en uitgangspunten die de gemeente in overweging kan nemen bij het maken van (nieuw) beleid. Aangezien bij het opstellen van het omgevingsplan voor de kernen Beuningen een beleidsneutrale overgang als uitgangspunt wordt gehanteerd, zal op deze algemene adviezen niet worden ingegaan. Hieronder zal worden ingegaan op de concrete aspecten die naar voren zijn gebracht ten aanzien van de Nota van Uitgangspunten.
2.
Aangegeven wordt dat vanuit gezondheidsperspectief een cumulatieve daggemiddelde geluidsbelasting (Lden) van 50 dB en een nachtelijke geluidsbelasting (Lnight) van 40 dB op de gevel van woningen en andere gevoelige bestemmingen gewenst is.
2.
De genoemde normen van 50 dB gedurende de dag en 40 dB in de nacht zijn tevens opgenomen in artikel 22.63 van het Omgevingsplan gemeente Beuningen (onderdeel Bruidsschat). In de Nota van Uitgangspunten is vermeld dat deze normering wordt overgenomen.
3.
Verwezen wordt naar maximale hinderpercentages voor agrarische geur in de bebouwde kom en het buitengebied.
3.
Indien je wat betreft agrarische geurnormen andere normen gaat vaststellen moet je analyseren wat de consequenties zijn. In het
4
kader van een beleidsneutrale overgang past het niet om in dit omgevingsplan (zonder nadere motivering/ onderbouwing) andere normen te hanteren.
Conclusie De reactie van geconsulteerde 2 leidt niet tot een wijziging van de Nota van Uitgangspunten.
Naam Geconsulteerde 3 Ingekomen op 22 januari 2024 ODRN, thema bodem
Beknopte weergave inhoud 1. Namens de ODRN wordt aangegeven dat het wenselijk is om de bodemregels op te nemen in het eerstvolgende Omgevingsplan Beuningen en dat het de voorkeur geniet om de regels in één keer voor de gehele gemeente op te nemen in het omgevingsplan.
Gemeentelijk reactie 1. Op regionaal niveau wordt gewerkt aan een uniforme regeling voor bodem. Deze regeling wordt meegenomen in het omgevingsplan kernen. Anders dan de planologische regels gaan de regels over bodem gelden voor het hele grondgebied van de gemeente. De Nota van Uitgangspunten wordt op p. 38 (onder Voorstel) als volgt aangepast: 'Wij stellen voor om voor het aspect bodem de nog door een adviesbureau uit te werken maatwerkregels op te nemen in het nieuwe omgevingsplan Kernen. Deze regels gaan gelden voor het gehele grondgebied van de gemeente Beuningen. [...]'
Conclusie De reactie van geconsulteerde 3 leidt tot een aanpassing van de Nota van Uitgangspunten: Op p. 38 (onder Voorstel) wordt de Nota van Uitgangspunten aangepast: 'Wij stellen voor om voor het aspect bodem de nog door een adviesbureau uit te werken maatwerkregels op te nemen in het nieuwe omgevingsplan Kernen. Deze regels gaan gelden voor het gehele grondgebied van de gemeente Beuningen. [...]'
5
Naam Geconsulteerde 4 Ingekomen op 1 februari 2024 ODRN, thema geluid
Beknopte weergave inhoud 1. Namens de ODRN is voor het aspect 'Geluid' uit paragraaf 4.1 van de Nota van Uitgangspunten naar voren gebracht dat de geluidaandachtsgebieden in de Centrale Voorziening Geluidgegevens (CVGG) worden opgenomen en niet ook nog in een omgevingsplan hoeven te worden opgenomen. Vooral omdat deze na een monitoringsperiode van 5 jaar kunnen wijzigen.
Gemeentelijke reactie 1. Wij onderschrijven de reactie van de ODRN en passen de Nota van Uitgangspunten op dit onderdeel aan. De geluidsaandachtsgebieden worden niet in het omgevingsplan opgenomen.
2.
Niet helder is wat bedoeld wordt met 'flexibiliteitsbepalingen'. Vervolgens wordt opgemerkt dat het belangrijk is om naast de standaardwaarden ook grenswaarden in het omgevingsplan op te nemen en de uitzonderingen boven de grenswaarde.
2.
De grenswaarden worden opgenomen in het omgevingsplan. De 'flexibiliteitsbepalingen' zijn de 'uitzonderingen boven de grenswaarde' die de ODRN in haar reactie noemt.
3.
Tot slot wordt opgemerkt dat er situaties denkbaar zijn waarin het wenselijk is om waardes op te nemen voor maximale geluidniveau (LAmax), bijvoorbeeld bij een puinbreker, omdat het Besluit kwaliteit leefomgeving geen rekening houdt met piekbelasting. De gemeente zou dan bepaalde situaties (zoals het dichtslaan van portieren, laad- en losactiviteiten en manoeuvreren van vrachtwagens) van beoordeling kunnen uitzonderen.
3.
Voor dergelijke situaties wordt er in het omgevingsplan een bevoegdheid tot het nemen van een maatwerkvoorschrift opgenomen. De gemeente kan hiermee in individuele overlastsituaties ingrijpen door het stellen van nadere eisen (bijvoorbeeld in de vorm van geluidnormen voor het piekniveau).
In het voorstel op p. 27 onder het kopje Geluidaandachtsgebieden (geluid van (spoor)wegen en industrieterreinen) worden de tweede en de derde zin geschrapt waarin staat dat de geluidaandachtsgebieden worden opgenomen in het omgevingsplan.
Conclusie De reactie van geconsulteerde 4 leidt tot een beperkte wijziging van de Nota van Uitgangspunten: In het voorstel op p. 27 onder het kopje Geluidaandachtsgebieden (geluid van (spoor)wegen en industrieterreinen) worden het tweede en de derde liggend streepje geschrapt waarin staat dat de geluidaandachtsgebieden worden opgenomen in het omgevingsplan.
6
Naam Geconsulteerde 5 Ingekomen op 2 februari 2024 ODRN, thema agrarische geur
Beknopte weergave inhoud 1. De vraag wordt gesteld of de regels m.b.t. agrarische geur uit het tijdelijk omgevingsplan niet komen te vervallen als het omgevingsplan kernen Beuningen gereed is.
Gemeentelijke reactie 1. Het omzetten van regels vanuit het tijdelijk deel naar het nieuwe deel van het omgevingsplan kan per locatie. Een gemeente bepaalt zelf hoe groot zo'n locatie is. Dit hoeft niet in 1 keer voor het hele grondgebied gedaan te worden. De planologische/ruimtelijke regels voor een locatie kunnen alleen gezamenlijk komen te vervallen (artikel 22.6, lid 1 Omgevingswet). Dit geldt niet voor de bruidsschat. De regels in de bruidsschat over agrarische geur blijven gewoon gelden. Regels uit de bruidsschat mogen namelijk wel gedeeltelijk voor een locatie vervallen of wijzigen.
2.
Ten aanzien van cumulatie van geurhinder wordt opgemerkt dat hier voorwaarden/grenswaarden aan verbonden moeten worden, zodat inzichtelijk is wanneer hier sprake van kan zijn.
2.
Het voorstel in de Nota van Uitgangspunten betreft een vangnetbepaling ingeval er bijvoorbeeld klachten komen vanuit de omgeving. Het is moeilijk hier een norm aan te verbinden. Op het moment dat er klachten zijn, heb je via deze bepaling de mogelijkheid om in te grijpen door maatwerkvoorschriften te stellen. Verder is cumulatie van geurhinder op dit moment ook niet geregeld (via normering of anderszins).
3.
Gevraagd wordt waarom er gekozen wordt de regels te versoepelen door het begrip geurgevoelig gebouw van het Besluit kwaliteit leefomgeving te hanteren en geen geurgevoelige locaties aan te wijzen.
3.
Op dit punt nemen wij de instructieregel van het Rijk uit het Besluit kwaliteit leefomgeving over. Verder zal er bij een initiatief of ontwikkeling dat niet in het omgevingsplan past altijd een beoordeling aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties plaatsvinden. In dat kader zal altijd een uitgebreide beoordeling van het aspect geur plaatsvinden waarbij ook geurgevoelige locaties worden betrokken.
7
4
Tot slot wordt naar voren gebracht dat het voorstel om geen voormalige bedrijfswoningen aan te wijzen betekent dat voor deze woningen weer geurnormen gaan gelden waar voorheen enkel de afstand hoefde te worden aangehouden.
4
In de Nota van Uitgangspunten wordt voorgesteld om geen nieuwe voormalige bedrijfswoningen aan te wijzen. Deze voormalige bedrijfswoningen zijn de plattelandswoningen, zoals we die kennen uit de wetgeving zoals die gold voor 1 januari 2024. Het voorstel in de Nota van Uitgangspunten heeft niet het gevolg dat de ODRN beschrijft. Daarnaast is het ook niet mogelijk om nieuwe voormalige bedrijfswoningen aan te wijzen zonder een individueel onderzoek naar een evenwichtige toedeling van functies aan locaties._____________
Conclusie De reactie van geconsulteerde 5 leidt niet tot een wijziging van de Nota van Uitgangspunten.
Naam Geconsulteerde 6 Ingekomen op 13 februari 2024 Veiligheidsregio Gelderland Zuid
Beknopte weergave inhoud 1. In aanvulling op speerpunt 8 uit de Omgevingsvisie wordt genoemd het bevorderen van zelfredzaamheid en samenredzaamheid, het bevorderen van effectieve hulpverlening en het voorkomen van een onaanvaardbare verstoring van de continuïteit van de samenleving. Tevens worden voorbeelden genoemd ter illustratie.
Gemeentelijke reactie 1. Het in de Nota van Uitgangspunten omschreven speerpunt 8 (p. 15) betreft een speerpunt uit de vastgestelde Omgevingsvisie. De voorgestelde aanvulling kan in de Nota van Uitgangspunten niet als wijziging worden opgenomen, omdat dit vaststaand beleid betreft en het uitgangspunt voor het omgevingsplan een beleidsneutrale overgang is. De informatie kan in de toekomst bij het maken van een nieuwe omgevingsvisie en/of beleid worden meegenomen.
2.
2.
Ten aanzien van het aspect externe veiligheid (paragraaf 4.5 Nota van Uitgangspunten) wordt naar voren gebracht dat de verschillende veiligheidsrisico's genoemd kunnen worden die
De door de Veiligheidsregio genoemde aspecten voor externe veiligheid zullen bij nieuwe ontwikkelingen en initiatieven die niet in het omgevingsplan passen, worden getoetst. In de
8
beoordeeld moeten worden bij het opstellen van omgevingsplannen.
Nota van Uitgangspunten is beschreven hoe wij externe veiligheid in het omgevingsplan voor de kernen verwerken.
3.
Genoemd wordt een groot aantal veiligheidsonderwerpen (o.a. bluswater & bereikbaarheid, externe veiligheid, milieu) waar de Veiligheidsregio graag inhoudelijk input voor wenst aan te dragen op een later tijdstip.
3.
Het voorontwerpomgevingsplan zal aan alle ketenpartners worden voorgelegd. De Veiligheidsregio krijgt dan dus gelegenheid om nader te adviseren.
4.
Tot slot worden de kernwaarden van de veiligheidsregio's omschreven als manier om de regels te ordenen.
4.
Wij zullen de kernwaarden betrekken bij de opbouw van het omgevingsplan.
5.
Als bijlage wordt meegezonden de 'Regionale Handreiking bluswater en bereikbaarheid'.
5.
De Handreiking bluswater en bereikbaarheid zullen wij betrekken bij het opstellen van het voorontwerpomgevingsplan.
Conclusie De reactie van geconsulteerde 6 leidt niet tot een wijziging van de Nota van Uitgangspunten.
Ambtshalve wijziging Ten aanzien van het thema Externe veiligheid (paragraaf 4.5 van de Nota van Uitgangspunten) wordt één ambtshalve wijziging doorgevoerd: In de Nota van Uitgangspunten is op p. 40 (onder Groepsrisico, Voorstellen) als eerste liggend streepje voorgesteld om de aandachtsgebieden externe veiligheid in het omgevingsplan op te nemen. Dit voorstel wordt geschrapt, omdat de aandachtsgebieden reeds in de Atlas leefomgeving staan, het opnemen van aandachtsgebieden in het omgevingsplan juridisch niet verplicht is en er in het omgevingsplan geen regels staan die het opnemen van aandachtsgebieden noodzakelijk maakt.
9