31 Bijlage 31: Schoenaker landschappelijke inpassing.pdf
Tekst van het document
Landschappelijke inpassing analyse - inrichting en beheer Beuningen - Schoenaker
OLOfON
Door:
LabelTIEN Bosrandweg la 7722 KB Dalfsen
Telefoonnummer
06 555 72 233
info@labeltien.nl
Internet
www.labeltien.nl
Project
2002643
Auteur
ing. L. Grote Gansey - landschapsontwerper
Datum laatst gewijzigd
30 november 2020
Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schríftelijke toestemming van de opdrachtgever en/of LabelTIEN
1.
Introductie
1.1.
Opgave
1.2.
Uitgangspunten
2.
Vigerend beleid
2.1.
Rijksbeleid
2.2.
Provinciaal beleid
2.3.
Gemeentelijk beleid
3.
Visie
3.1.
Identiteit van het verleden
3.2.
Landschappelijke opbouw
3.3.
Visie
3.4.
Beplanting
3.5.
Beheer
i
Si * "v '-įjüt
A5İ.---
o
Lfäw
síļB
^V.,-1 Jf ®SB
___
I
afbeelding 1. Topografische ligging zonnepark contour zonnepark (rood)
1.1. Opgave TPSolar is voornemens een zonnepark te realiseren ten zuiden van de bebouwde kom van Beuningen. Het zonnepark bestaat uit 3 veldopstellingen van zonnepanelen met bijbehorende infrastructuur. Hiermee kan een bijdrage worden geleverd aan de duurzaamheidsdoelstellingenvan gemeente Beuningen. Momenteel wordt het ontwikkelingsplan verder uitgewerkt. Onderdeel van de benodigde bescheiden vormt het landschappelijke inventarisatie en visie. LabelTIEN staat met uitgebreide kennis van actueel beleid en het landschap, waarin het zonnepark is gelegen, opdrachtgevers bij met een landschappelijke inpassing. Per definitie wordt gestreefd naar ruimtelijke kwaliteit. Hierbij wordt advies gegeven, passend bij het landschap en passend binnen het beleid van gemeente en provincie. LabelTIEN varieert in het geven van aanwijzingen ten aanzien van de uitstraling van het zonnepark, tot ruimtelijke inpassing, ontwerp en beplantingsplan van een zonnepark. De kenmerken van het omliggende landschap vormt de inspiratie voor de visie en/of inpassing van een zonnepark. Hierbij gaat het om een eigentijdse invulling, passend bij nieuwe functies, rekening houdend met oorspronkelijke cultuurhistorische waarden.
1.2. Uitgangspunten Dit plan bestaat uit een plankaart van het landschap. Er wordt duidelijk gemaakt waar en hoe investeringen in het landschap vorm krijgen en hoe de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd na inpassing. Middels een korte onderbouwing op basis van een analyse van het landschap, het toetsen van beleid en het analyseren van de streekeigen kenmerken worden handvaten gepresenteerd die fungeren als leidraad voor een inpassingsplan. De visie zou moeten aansluiten op het beleid (Omgevingsvisie Gelderland - Provincie Gelderland, Landschapsontwikkelingsplan en Structuurvisie 2012 - 2020 - gemeente Beuningen) en de streekeigen kenmerken van het landschap.
.VIGEREND BELEID 2.1. Rijksbeleid
natuurlandschap te geven. In de Groene Ontwikkelingszone is het de ambitie om de natuurdoelen te verbinden met de versterking van het landschappelijke raamwerk en van de landschappelijke karakteristieken.
De minister van Infrastructuur en Ruimte heeft de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. De visie stelt het
Toename duurzame energie
(integrale) kader voor het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op
In Nederland is het draagvlak voor zonnepanelen groot, maar er zijn nog weinig grote zonneparkengerealiseerd.
rijksniveau in Nederland. In de nota staat dat de verstedelijkings- en
De ervaring leert dat voor het behouden van draagvlak een goed ontwerp en betrokkenheid van omwonenden van
landschapsbeleid wordt overgelaten aan gemeenten en provincies.
groot belang is. Bij het ontwerp dient rekening gehouden te worden met de specifieke kenmerken van de plek en de omgeving en dient een goede landschappelijke inpassing plaats te vinden.
2.2. Provinciaal beleid
De betrokkenheid van omwonenden kan worden vergroot door het ruimtelijk ontwerp van het park te visualiseren en
Omgevingsvisie Gelderland
door te kijken of bij de aanleg ook andere wensen van omwonenden gerealiseerd kunnen worden, zoals het mogelijk
De provincie Gelderland legt in deze omgevingsvisie de hoofdlijnen
maken van recreatief (mede) gebruik van het zonnepark.
van het provinciaal ruimtelijk beleid vast. De provincie kiest in de
Het combineren van grote zonneparken met andere functies in een gebied heeft de voorkeur. Hierbij valt te
rekening te houden met hun wensen. Maar ook door financiële participatie van omwonenden mogelijk te maken en
omgevingsvisie voor om vanuit twee hoofddoelen bij de dragen aan
denken aan een combinatie met luchthaven (zonnepanelen onder aanvliegroute vliegtuigen), defensieterreinen,
gemeenschappelijk, maatschappelijke opgaven:
stortplaatsen, wegen (eventueel op geluidsschermen), grondwaterbeschermingsgebieden en als drijvende panelen op
»
een duurzame economische structuur;
plassen en waterbergingsgebieden.
»
het borgen van de kwaliteit en veiligheid van onze leefomgeving. Als uitgangspunt voor duurzame energie, heeft de provincie Gelderland een kaartbeeld opgesteld waar zonne-energie
Natuur in Gelderland
mogelijk is. Op de planlocatie is een zonnepark mogelijk, onder voorwaarden.
De provincie staat voor de opgave om de diversiteit van het Gelderse landschap te behouden en te versterken. Landschap is van groot
Beuoiogen
belang voor Gelderland, als motor voor de vrijetijdseconomie en voor
Weurt
een aantrekkelijk woon-, werk- en vestigingsklimaat.
De āu(5
Noc"
Actuele ontwikkelingen die sterk verweven zijn met het landschap
WestkñrtaaJd'
zijn de diversificatie en schaalvergroting van de agrarische sector,
Ň ũũ rf'osetMWBst
transitie naar duurzame energie en de krimp in het buitengebied. Dit zijn provinciale en regionale opgaven waar de provincie met bouwmeesterschap stuurt op realiseren van kwaliteit.
enCostkanaí
Wezet
Hernen Ltadénhoit
Waar zich kansen voordoen in het Gelders Natuurnetwerk om cultuurhistorische relicten zichtbaar te maken, is het de ambitie van de provincie die kansen te verzilveren en zo een extra dimensie aan het
afbeelding 2. Uitsnede duurzame energie bron: provincie Gelderland
land- en tuinbouwclusters; »
Faciliteren en positioneren van burgerparticipatie bij het leefbaar houden van kernen, met aandacht voor het voorzieningenniveau, de sociale cohesie en de ouderenzorg;
»
Verbetering van het ondernemersklimaat voor logistieke en
»
Streven naar een positie in de top-5 van Europese tuinbouwregio's
logistiek gerelateerde bedrijvigheid en voor vrijetijdseconomie; voor fruit, door voortdurende innovaties, productontwikkeling en het vergroten van concurrentiekracht door kwaliteit en efficiëntie; »
Initiëren, stimuleren en faciliteren van lokale en regionale initiatieven voor de opwekking van duurzame energie en aandacht voor een duurzame A15.
afbeelding 3. Uitsnede landschap bron: provincie Gelderland
Landschap
2.3. Gemeentelijk beleid
De provincie en haar partners streven naar de openheid van karakteristieke open landschapseenheden als kernkwaliteit te behouden. Dat zijn de grootste open gebieden in Gelderland of gebieden waar bebouwing ontbreekt
Landschapsontwikkelingsvisie
en gaafheid en herkenbaarheid kenmerkend zijn. Openheid en ook het ontbreken van bebouwing is een kwetsbare
De gemeenten Beuningen, Druten en Wijchen hebben gezamenlijk een
kernkwaliteit, want ook kleine ingrepen kunnen de openheid al aantasten.
landschapsontwikkelingsplan op laten stellen (december 2006, DLV, Brons 8i Partners).
Binnen dit waardevol open gebied is het van belang dat het landschap zijn open karakter behoudt. Voor de ontwikkeling van grote zonneparken is daarom een extra ontwerpeis van kracht; het grote zonnepark mag de
Het plan geeft inzicht in de ontwikkelingsmogelijkheden en
openheid van het landschap niet aantasten.
keuzen in het landschap voor de komende 10 jaar. Daarnaast zijn een aantal projecten benoemd voor de komende 10 tot 15 jaar.
Rivierenland
Het LOP vormt een vervolg op en herziening van de bestaande
De regio Rivierenland is vormgegeven door grote rivieren en heeft een sterke oriëntatie op de omringende gebieden
landschapsbeleidsplannen.
en steden. Het kwaliteitsdenken concentreert zich op een gezonde landelijke en groene leefomgeving, met een demografisch evenwichtige opbouw, waarin de mensen zo veel mogelijk zelfredzaam en weerbaar zijn en waarin
Het LOP geeft vanuit landschappelijk oogpunt aan welke functies
actief en creatief wordt gewerkt aan het verder ontwikkelen van het gebied, met als pijlers: de vrijetijdseconomie,
in de deelgebieden gewenst zijn. Voor nieuwe ontwikkelingen
agrobusiness en logistiek.
en functieveranderingen geeft het LOP de landschappelijke randvoorwaarden aan. Het vormt een beleidskader om de bestaande
De volgende kwaliteitsambities zijn van belang voor de regio Rivierenland:
waarden te behouden en daarnaast dient het plan als toetsingskader
»
voor ontwikkelingen in het landschap.
Streven naar goede omgang met landschappelijke, cultuurhistorische en natuurkwaliteiten vanuit de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen in logistiek, agrobusiness en vrijetijdseconomie, met aandacht voor de Nieuwe
»
Hollandse Waterlinie;
Het landschap van de 3 gemeenten is opgedeeld in 8 landschapstypes.
Positief stimuleren van ruimtelijke gevolgen van wateropgaven, zoals nu worden uitgewerkt in WaalWeelde en in
Het plangebied ligt in het gebied Waalkommen.
het regioproces voor het Deltaprogramma; »
Versterking van een samenhangende regio met geconcentreerde centrumfuncties, vitale dorpen en duurzame
Oct*t*n
Identiteit landschapstypen
ļ Dūdŵiŵ&fltì
Andekt
Voor het landschapstype Waalkommen staat centraal op het behouden van het grootschalig, samenhangend en open gebied met rationele verkaveling en groene erven in een strak ritme.
Ľwęşļ,
OjiÃãn
Structuurvisie Groen en dynamisch De structuurvisie heeft tot doel om de gewenste Qn^fiPfhfSff
ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente Beuningen in hoofdlijnen vast te leggen en de programmatische keuzes te onderbouwen. De
Mŕ»i«ŕihę*İ:
structuurvisie biedt ook een duidelijk toetsingskader
rut*
voor toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen in de
EíŕiJt-ï^ji'
Haw‘
gemeente.
irÿarfv
ÄB'%#
De gemeente wil een groen en dynamische gemeente zijn. In essentie is het ruimtelijk beleid |įfimcgî.'n
»Ŵ
gericht op ruimte te geven aan dynamiek, waarbij de groene kwaliteiten van het gebied gerespecteerd
BdwrtjurE
worden en deze waar dat kan verwerken. Het motto 'Groen en dynamisch' is uitgewerkt in een zestal kernambities:
Dteiitn
W -JK!
»
Beuningen: Groene flank van de stadsregio;
»
Beuningen: Woongemeente gedoseerde groei,
»
Versterken en verbinden van landschappen;
oog voor kwaliteit;
‘V .'i*rM
hj.tį Iļjtl i Luiert Ulf ŕ-î lťìĒį iH
»
Ruimte voor water en recreatie;
»
Toekomstige basisvoorzieningen in elke kern;
»
Doorstroming en oversteekbaarheid van Heemstraweg.
Opgave landschap afbeelding 4. Identiteit landschapstypen bron: Landschapsontwikkelingsvisie - Gemeente Beuningen
De opgave voor landschap is er één van behoud en versterking. De gemeente wil inzetten op behoud van de natuurlijke uitstraling en dynamiek van de rivier in de uiterwaarden en op behoud van het open kommenlandschap. Vooral in het oeverwalgebied en in een aantal overgangsgebieden van bebouwing naar open gebied liggen kansen voor
versterking van het landschap. Hier liggen ook kansen voor het verbinden van de verschillende landschapstypen. Opgave milieu en duurzaamheid De opgave in gemeente Beuningen ligt in het scheppen van een goede milieu- en sociaaleconomische omgeving, die duurzaam in stand kan worden gehouden. Deze structuurvisie doet daar diverse voorstellen toe, de gemeente richt zich hier op klimaat 81 energie. Het streven is 20/4 C02 reductie en 20/4 duurzame energie in 2020 (ten opzichte van 2005). Hoofdopgave Beuningen In de kern Beuningen is de laatste járen al veel geinvesteerdgeïnvesteerd. Daardoor kent de kern Beuningen op structuurniveau momenteel een beperkt aantal opgaven. De hoofdopgaven voor Beuningen zijn: »
Aandacht voor cultuurhistorie;
»
Versterken van de relatie met het omliggende landschap;
»
Gebiedsopgave Asdonck;
»
Herontwikkeling Hutgraaf, de vitale wijk;
»
Afronding van het centrum;
»
Evenemententerrein Beuningen.
Op diverse plekken wil de gemeente de bereikbaarheid van het omliggende landschap verbeteren. Het zou een meerwaarde zijn als de A73 op meer plaatsen oversteekbaar is, waarmee het Beuningseveld en Personnenbos beter bereikbaar worden.
Stĩuctuu rvisiekűQ rt
afbeelding 5. Structuurvisiekaart bron: Gemeente Beuningen
3.1. Identiteit van het verleden
Historie
De ontwikkelingslocatie ligt op de komgronden - waalkom.
hangt samen met de veranderende betekenis die aan het landschap wordt toegekend. Werd tot in de járen na de Tweede
Deze relatief laaggelegen polder is open, grootschalig en
Wereldoorlog het landschap met name als agrarisch productiegebied gezien, nu wordt het landschap in toenemende mate
wordt gekenmerkt door een zeer regelmatig, rationeel,
beschouwd als uitloopgebied voor de stedeling, als cultuurhistorisch erfgoed, leefgebied voor flora en fauna.
Het landschap is zeer dynamisch door de vele (ruimtelijke) ontwikkelingen die in het gebied plaatsvinden. Deze aanpassing
rechtlijnig verkavelingspatroon. De ruimtelijke opbouw wordt bepaald door de grootschalige
Tot op heden leggen grootschalige ontwikkelingen zoals nieuwe industrieterreinen en woonwijken hun claim op het landschap.
openheid, de smalle slagenverkaveling, waterlopen en
Ook door ruilverkaveling neemt de verscheidenheid in maatvoering van het landschap af.
boerderijen. De openheid is zeer kenmerkend en is het gevolg van de regelmatige overstromingen tijdens de werking van de
Ondanks de vele ruimtelijke ontwikkelingen, is de functie van het plangebied is daarentegen nauwelijks invloed van diverse
Beerse overlaat. Sinds de overlaat buiten werking is gesteld, is
ruimtelijke ontwikkelingen onderhevig geweest aan veranderingen. Onderstaande afbeeldingen geven in tijd de ruimtelijke
de openheid in het komgebied afgenomen.
ontwikkelingen neer. De oorspronkelijke openheid is tot op heden duidelijk zichtbaar in het landschapsbeeld.
Belangrijkste ruimtelijke kenmerken:
Het plangebied maakt onderdeel uit van het waalkom; Een regelmatige rationeel rechtlijnig verkavelingspatroon; Openheid en het oorspronkelijk karakter zichtbaar in het landschap.
' ^ļiiĮliPťsTirf Yťbmlutiri]
:A
Tsj»
įVl.-llì.MM-k afbeelding 6. Plangebied en omgeving rond 1880
'KnímaJiųtív?.
fíaoroi
tm'y afbeelding 7. Plangebied en omgeving rond 1950
íåä ^ Ewijķsċhé
7 TC
Uïljļ.n
Ÿeldèń
Beu n -*ÏSą ļMùriBo'ė^, .
Beůníngŝche.íi/eļd
PIalep^anipen S1 ŕEwíjkşchfi
PMIţhlMMC"
■Victoria ’,yTP^nníî
Broek
Ho/WfisWraeľ
Da Hoeve
Bìeaïarhiiu
'íüOtvopÇï
A^Schp&tski fyeí Broek
Hoog Vonder
'f'c/įé Broek
1* Hoge orugļ
~Į-v Wezą/sche
V Vető
afbeelding 8. Plangebied en omgeving anno nu
3.2. Landschappelijke opbouw
I
afbeelding 9. Landschapstype
afbeelding 10. Zichtbaarheid
afbeelding 11. AHN
Landschapstype
Zichtbaarheid
Hoogteverschillen
Door de ontginningswijze is een kenmerkende
De zichtbaarheid van het zonnepark wordt voor een
In het plangebied zijn geen benoemingswaardige grote
verkavelingspatroon ontstaan: de strokenverkaveling. Dit is
belangrijk deel bepaald door de ligging van de openbare weg.
hoogteverschillen waarneembaar. De hoogtepeilen variëren
kenmerkend voor de waalkommen. Het landschap is open en
Over het algemeen geldt dat het gehele plangebied, al is met
van 6.46 tot 6.71m NAP.
rationeel verkaveld.
name in het winterbeeld ook de oostzijde, zichtbaar is vanaf de openbare wegen. Enkele bebouwingsenclaves liggen verspreid in het gebied. Het betreft met name agrarisch gerelateerde bebouwing en een recreatiepark. De zichtbaarheid op het zonnepark wordt enigzins beperkt door de plaatsing van de boerenbedrijven met haar opstallen in het landschap.
3.3. Visie In het voorgaande hoofdstuk zijn de randvoorwaarden vanuit het overheidsbeleid in
Ontwikkel het landschap:
beeld gebracht. Vanuit de analyse en ontstaansgeschiedenis van het plangebied worden de gebiedswensen weergegeven. Het beleidskader en de gebiedswensen samen leveren
Inrichtingselementen
een ambitierichting voor het plangebied. In de visie worden deze elementen verbeeld en
»
Ten aanzien van de inrichtingselementen, hekwerken en infrastructuren is het kleurgebruik ingetogen en sober, materiaalgebruik is afgestemd op, maar altijd
verwoord.
ondergeschikt aan de omgeving. In nader overleg met de welstand zal het materiaal- en kleurgebruik worden vastgesteld;
De ambitie is verwerkt in een set van aanbevelingen voor de ontwikkelingsvisie. »
Paneeloppervlakte vanuit de lucht mag niet een te grote vlek vormen. Als het mogelijk
Algemeen:
is zou het de voorkeur hebben om de donkere vlakken van de panelen visueel te
»
Draag bij aan een goede overgang naar het omliggende landschap;
onderbreken;
»
Het zonnepark dient bij voorkeur uitgevoerd moeten worden als een aaneengesloten
»
Hekwerk en poorten dienen zoveel mogelijk vrij te blijven van borden;
ontwikkeling. Hierdoor blijft het herkenbaar als een grootschalig project voor duurzame
»
Onderzoek of er mogelijkheden bestaan om (deels) geen hekwerk te plaatsen en de functie overgenomen kan worden door aanwezige landschappelijke elementen;
energie. Meerdere kleine veldjes zou de uitstraling van wildgroei en verrommeling van het gebied met zich meebrengen.
»
Onderzoek of er mogelijkheden bestaan om de hoogte van de panelen af te stemmen op het open landschap, zonder verlies van combinatiegebruik.
Bestaande waarden: »
Behoud en versterk bestaande karakteristieken/kwaliteiten van het open waalkommen;
»
Versterk kwaliteiten die bijdragen aan de (bio)diversiteit;
Landschap
»
Behoud van de overheersende slagenverkavelrichting, de hoogteverschillen/lijnen;
»
»
Integreer bestaande natuurwaarden in het plan met gebiedseigen natuurdoeltypen;
»
Behoud de iconen in en rondom het plangebied;
»
Bestaande maaiveldhoogtes blijven gerespecteerd;
»
Behoud van het functionerende watersysteem.
Versterken en eventueel aanvullen van bestaande karakteristieken/kwaliteiten van het waalkommen;
»
De aanwezige landschappelijke (kenmerkende) elementen en de ruimtelijke structuren zijn het uitgangspunt voor de inrichting;
»
Pas gebiedseigen (erf)beplanting toe passend bij het landschap. Al dient het landschap zoveel mogelijk open te blijven; de kernkwaliteit respecteren;
»
Ontwikkel nieuwe natuurwaarden met gebiedseigen natuurdoeltypen, het habitat al dan niet vergroten van de gebiedseigen natuurdoeltypen. Uitgangspunt vormt de quickscan flora en fauna;
» »
Onderzoek of kansen bestaat tot lokale natuurontwikkeling nabij Oude Wetering; Randen van het park en tussen de panelen inzaaien met een lokaal passende bloemzadenmengsel, akkermengsel;
»
Onderzoek of een combinatie van functies mogelijk is. Te denken valt aan agrarische en/of recreatieve functies. Creëer mogelijkheden voor combinatiegebruik/dubbele functie.
0»D«AO*TGCVţft
11751 ifo@TPSc
mqicctnaam ONDCROCCl
SCHAAL :1000 GETEKEND DOOR
DATUM 2020
Kever
Zcnne«ie«de.
Wetering A.-watergang
Bloemrijke ruigte .19 00.
Profiel A A’ 28.50 tot kavelgrens
39,00 tot Oude Wetering
.Zonneweide
Weide
Bloemrijk
. Zonneweide
Profiel B-B'
Bloemnjk
Onderhouds
Profiel C-C
Bloemrijke
Profiel D-D'
B-water
Zonneweide
1 50- 1 00
Openbare ruimte Weg ligt hoger in het landschep
r v v
OPDRACHTGEVER
- s
ÇKv;'
.'■JF PROJECTNAAM
. Zornewe«Je. Profiel E-E'
Bosschage vanabele breedte
C-water ^ Openbare ruimte Weg ligt hoger in het landschep
Landschappelijke inrichting
worden de achterzijde van de panelen afgeschermd met een patrijzenhaag, daarnaast vindt er
Schaal van het landschap
van het plangebied is minimaal ingericht. De overgang bestaat uit een enkele patrijzenhaag
onder een deel snijheesterteelt plaats. De overgang tussen het park en het weiland ten westen Het zonnepark aan de Schoenaker ligt in het open landschap van Beuningen. De openheid is
wat het zicht beperkt op de panelenrijen. De zuidzijde kent een minimale inrichting met
een kwaliteit. Daarom zal de ontwikkeling van het zonnepark een zo laag mogelijke impact op
bloemrijke akkerranden en semi aquatische beplanting, zodat het landschap langs de
de openheid van het landschap nastreven.
Ficarystraat een gevoel van openheid blijft geven.
De Oude Wetering grenst ten noorden aan het plangebied. Deze Wetering biedt kansen
Langs de watergangen worden rietbermen ontwikkeld. Deze voegen extra kleur, tekening en
voor natuurontwikkeling. De precieze vormgeving van dit gebied zal in samenspraak met het
seizoensdynamiek aan het landschap toe. Daarbij versterken zij de milieudiversiteit. Deze
Waterschap later in het planproces worden bepaald. Dit hangt onder meer af van de gewenste
rietkragen lijken met name een kansrijke bouwsteen voor de inpassing van de relatief lage
uitgangspunt om het gebied in te richten voor natte natuur die mogelijk aansluiten op de
zonnevelden. Zij ontnemen niet het zicht op het zonneveld maar filteren wel het zicht op deze
(water)opgaven die spelen rondom de Oude Wetering. Indien natte natuur niet mogelijk is,
velden, zij brengen als het ware een vitrage om de zonnevelden aan.
liggen er kansen om de oevers van de onderliggende watergang te verbeteren. Daarnaast vinden in deze zone ontwikkelingen plaats die ten goede komt aan de Patrijs.
Vergroten biodiversiteit en natuurwaarde Door de ontwikkeling van het zonnepark blijft de waterafvoer rondom het park intact. Op het
Patrijzen blijven het hele jaar door in hetzelfde gebied. Het is daarom van belang de juiste
zonnepark zelf wordt het hemelwater zo lang mogelijk vastgehouden. Door mogelijke natte
samenhang tussen de verschillende maatregelen binnen het leefgebied van de patrijs
natuurontwikkeling langs de Oude Wetering wordt het plangebied vernat. Dit draagt eveneens
te treffen. Door deze aanpak in het plangebied toe te passen kunnen patrijzenpopulaties zich
bij aan het vasthouden van water binnen het plangebied. Onder en tussen de panelen zal
herstellen. Patrijzen nestelen bij voorkeur onder dekking van ruige grasachtige vegetaties.
een variatie aan drogere en nattere delen ontstaan. Dit microgradient is interessant voor
Bijvoorbeeld langs hagen en in sloottaluds, bermen en overhoekjes. In het plangebied en
verschillende soorten vegetatie, insecten en patrijzen. Daarmee draagt het vasthouden van het
in de zone voor natuurontwikkeling worden meerdere keverbanken, bloemenblokken en
water ook bij aan de biodiversiteit.
patrijzenhagen aangelegd. Als het met patrijzen goed gaat, dan profiteert andere natuur in deze gebieden daarvan mee. Denk aan zoogdieren zoals de haas, vogels zoals de veldleeuwerik en aan insecten, bijen en vlinders. Door ruimte te geven aan natuurontwikkeling levert het zonnepark een bredere bijdrage aan een duurzaam landschap. Schaal van de directe omgeving Er wordt een landschappelijke ingreep gedaan om te voorkomen dat vanaf de directe omgeving en enkele aangrenzende omwonenden het zonnepark kunnen ervaren. Gezien de openheid van het landschap is daarom gekozen om de panelen niet hoger dan 1,50 m
Door ruimte te geven aan natuurontwikkeling levert het zonnepark
(inclusief constructie) boven maaiveld uítte laten komen. Vanaf de openbare weg wordt een brede zone vrij gehouden van zonnepanelen. In deze zone is ruimte voor bloemenrijke akkerranden, een leefomgeving creëren voor de patrijs. Ten oosten, nabij de kruizing van de N837 staat een bestaande houtstructuur. Deze houtstructuur wordt in het plangebied doorgezet, zodat het zonnepark verdoezelt wordt. Ten noorden
een bredere bijdrage aan een duurzaam landschap.
«ga
Á îr
•rílt
ŕ* -«s
—
SÜÄÜ
afbeelding 14. Artist impression vanaf de N837 - het achterliggend landschap blijft zichtbaar. Tussen zonnepark en Oude Wetering blijft open (behoud vergezicht)
'
V . f'
rĩ5ř .-ř -
2f. ,v-; -ï’; ■■r.s'9^'-
7
ky v i*
.
Mfeii
ļk
!-
W-į:.
Tkįjssa ‘liL i S
S»fr' -
.
.
’
. ,
'f.’AV-r ť'Ŵ'r.
- s
.
ř
*-
__
(Ä Ä
S&fe *
i^'ľ !?Vįy äÄļM|
, :‘-7 '
|?fe •••'
;
-
‘ 'r -
•ţwŝ î/ţ^v/'-T Nŕ ŵ ' ĩř'M \ ‘í ļíŚĒBjÊŕ
.
ţ
S g 5jį
’ i .
'
-
-į
'■■'
í
afbeelding 15. Artist impression vanaf zuid-westzijde Ficarystraat 6
-.
M
įļ
'
v*'v
x
'
w
-Z *TŴ - -f’-
,
'
ï
'
' iki
:v *v
* ** Ŵ!ï ,
3.4. Beplantingsplan Plantvak A
Plantvak A ligt langs de oostzijde van het perceel. De groenstrook heeft een minimale breedte van 5 ml uitlopend naar 16 ml. Hierdoor voorziet deze in een goede inpassing gezien vanaf de Schoenaker (N837). Tevens zorgt deze breedte in combinatie met de reeds bestaande houtsingel voor voldoende volume om te kunnen dienen voor het verblijf van vogels en als transportroute voor kleinwild. De toepassing van verschillende soorten beplanting die zowel bes- als nootdragend zijn, maakt deze strook uitermate geschikt als foerageergebied.
Vak
Lat. Naam
Ned. Naam
Procent
Plantafstand
Plantmaat
Eindhoogte
Verband
Aantal
Alnus glutinosa
Zwarte els
10
1 per meter
80-100 1+1
ca. 20 m
Verschoven, in groepen van 5
242
Prunus avium
Zoete kers
10
1 per meter
60-100 1+2
ca. 15 m
Verschoven, in groepen van 5
242
Prunus padus
Gewone vogelkers
10
1 per meter
80-100 1+2
ca. 12 m
Verschoven, in groepen van 5
242
Salix cinerea
Grauwe wilg
10
1 per meter
80-120 1+1
ca. 8 m
Verschoven, in groepen van 5
242
Tilia cordata
Winterlinde
10
1 per meter
80-100 1+2
ca. 25 m
Verschoven, in groepen van 5
242
Corylus avellana
Hazelaar
10
1 per meter
100-120 1+1
ca. 4 m
Verschoven, in groepen van 7
242
Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
15
1 per meter
40-60 1+1
ca. 1 m
Verschoven, in groepen van 7
363
Euronymus europaeus
Kardinaalsmuts
15
1 per meter
80-100 1+1
ca. 5 m
Verschoven, in groepen van 7
363
Viburnum opulus
Gelderse roos
10
1 per meter
80-100 1+1
ca. 4 m
Verschoven, in groepen van 7
242
HOUTSINGEL
Plantvak B
Plantvak B ligt langs de noord- en oostzijde van het perceel. Dit betreft de patrijzenhaag. De patrijzenhagen hebben takken die als een paraplu boven de grond hagen, waardoor ze veel dekking en nestgelegenheid voor patrijzen bieeden. Ook de ruige grasstroken aan weerszijden aan de noordzijde van de haag bieden dekking en nestgelegenheid. De bloeiende en besdragende struiken en kruiden trekken ook tal van andere vogelsoorten aan. Ook lokken ze bijen, vlinders en allerlei nuttige insecten die kunnen bijdragen aan bestuiving. Vanwege de ligging van de panelen aan de noordzijde biedt de patrijzen voldoende afscherming om het zicht te beperken van de passanten van de N837.
Vak
Lat. Naam
Ned. Naam
Procent
Plantafstand
Plantmaat
Eindhoogte
Verband
Aantal
Acer campestre
Veldesdoorn
10
4 per meter
80-100 1+1
ca. 2 m
Lijnverband
290
Cornus sanguinea
Kornoelje
10
4 per meter
80-100 1+1
ca. 2 m
Lijnverband
290
Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
30
4 per meter
80-100 1+1
ca. 2 m
Lijnverband
870
Ligustrum vulgare
Liguster
20
4 per meter
60-80 1+1
ca. 2 m
Lijnverband
580
Mespilus germanica
Mispel
5
4 per meter
60-80 1+1
ca. 2 m
Lijnverband
145
Prunus spinosa
Sleedoorn
15
4 per meter
100-120 1+1
ca. 2 m
Lijnverband
435
Rosa arvensis
Bosroos
10
4 per meter
40-60 1+1
ca. 1 m
Lijnverband
290
PATRIJZENHAAG
Plantvak C
Plantvak C betreft de keverbanken. Een keverbank is een verhoogde strook (akker)land begroeid met ruige grassen en kruiden. Deze strook ligt een kleine 70 cm hoger dan de omliggende grond en is minimaal 2 meter breed. Dor de verhoogde ligging is een keverbank warmer en droger dan het omringende (akker)land, waardoor insecten zoals loopkevers zich er thuis voelen. Voor de patrijs beidt een keverbank warmte, dekking, insecten als voedsel voor de kuikens en een veilige plek om te nestelen. De keverbank wordt met een specifieke zaadmengsel ingezaaid. Met een zaaidichtheid van 12,5 kilo per hectare.
Vak
Lat. Naam
Ned. Naam
Procent
KEVERBANKEN
Plantafstand 12,5 k/ha
Achillea millefolium
Duizendblad
1,5
Cenaureajaca
Knoopskruid
1,4
Dactylis glomerata
kropaar
12
Deschapsia cespitosa
Ruwe smele
1,4
Eupatorium cannabinum
Koninginnekruid
1,4
Festuca pratensis
Ruwbeemdgras
1,5
Festuca rubra
Roodzwenkgras
20
Lotus corniculatus
Rolklaver
1,5
Medicago sativa
Luzerne
1,4
Pastinaca sativa
Pastinaak
1,4
Phleum pratense ssp pratense
Timpthee
36
Poa trivialis
Beemdlangbloem
12
Prunella vulgaris
Gewone brunelk
1,4
Raphanus sativus
Bladrammenas
1,4
Rumex acetosella
Schapenzuring
1,5
Plantmaat
Eindhoogte
Verband
Aantal 0,8 kg
Plantvak D
Plantvak D betreft de bloemenblokken. Bloemenblokken bieden een veilige broedgelegenheid en voedsel voor de kuikens. In de eerste twee weken van hun leven eten patrijzenkuikens en jongen van andere boerenlandvogels voornamelijk insecten. Dit eiwitrijke voedsel is essentieel voor hun groei. Bloemenblokken met een grote variatie aan bloeiende kruiden trekken grote aantallen insecten aan. Daarnaast is er volop zaad te vinden in de herfst en winter en bladgroein aan het einde van de winter als de kruiden op raken. Bovendien biedt de begroeiing dekking tegen predatoren en slechte weersomstandigheden.
Vak
Lat. Naam
Ned. Naam
Procent
BLOEMENBLOKKEN Avena sativa
Haver
8
Brassica oleracea
Bladkool
7
Cichorium intybus
Chicorei
6
Dipsacus fullonum
Grote kaardebol
7
Fagopyrum esculentum
Boekweit
20
Helianthus annuus
Zonnebloem
8
Linum usitatissimum
Vlas
19
Medicago sativa
Medicago sativa
4
Melilotus officinalis
Honingklaver
5
Raphanus sativus
Bladrammenas
8
Plantafstand
Plantmaat
Eindhoogte
Verband
Aantal
Zaaidichtheid 7 kilo per hectare
4,55 kg
Plantvak E
Plantvak E ligt ten zuiden van het zonnepark op de overgang van zonnepark - openbare ruimte (Ficarystraat) en waterafvoersloten. Naast de reeds aanwezige waterafvoersloten wordt een strook ingezaaid ingezaaid met een wilde bloemen grasmengsel t.b.v. bijen, andere insecten en fauna. Langs de sloten is ruimte voor (semi-) aquatische beplanting. Dit zijn bloemrijke extensief beheerde vegetaties langs waterkanten. Het betreft de vegetatie op het droge talud. Door de aanwezige gradiënten - nat/droog en zon/schaduw - kan zich hier een bloemrijke droge oever ontwikkelen met een hoog soortenrijkdom Het inzaaien van oeverplanten en het aanplanten van waterplanteblijkt in de praktijk weinig succesvol te zijn. Dit resulteert dan ook in de voorkeur voor een spontane ontwikkeling van oevervegetatie en waterplanten .
Vak
Lat. Naam
Ned. Naam
Procent
Plantafstand
zaden
150 gr/1 are
Plantmaat
Eindhoogte
Verband
Aantal
100-120
Evenredig verspreid
7,50 kg
OVERIG Wildbloem/grasmengsel
De kruidenmengsel is een breed inzetbaar bloemenmengsel voor bloemrijk grasland. Dit mengsel heeft een ingetogen karakter en is zeer aantrekkelijk voor bijen, vlinders en vogels. Een bloemrijk resultaat kan vanaf het tweede of derde jaar verwacht worden. Soorten in mengsel: Achillea millefolium - Barbarea vulgaris - Centaurea jacea - Crepis biennis - Daucus carota - Echium vulgare - Erodium cicutarium - Galium mollugo - Hieracium laevigatum - Hieracium umbellatum - Hypericum perforatum - Hypochaeris radicata - Jasione montana - Leontodon autumnalis - Leucanthemum vulgare - Luzula campestris - Malva moschata - Oenothera biennis - Plantago lanceolata - Prunella vulgaris - Ranunculus acris - Rhinanthus minor - Silene dioica - Tragopogon pratensis subsp. pratensis - Trifolium arvense
3.5. Beheer 3.5.1. Introductie
3.5.2. Jaarlijks onderhoud
TPSolar draagt verantwoordelijkheid voor haar zonneparken, zowel voor de technische
Beheerelementen
installatie als de groene inrichting. In het beheerplan is beschreven welke maatregelen voor
Om tot een werkbaar beheermodel te komen, is het groen opgedeeld in beheerelementen.
onderhoud in de komende járen worden uitgevoerd.
TPSolar kent 6 beheerelementen. Voor elk beheerelement wordt in de volgende paragraven het door TPSolar uit te voeren beheer en onderhoud beschreven. Dit wordt gedaan aan de
Dit beheerplan vormt de basis voor langdurige afspraken - over de werkprocessen - voor het
hand van de volgende kenmerken.
beheer en onderhoud van het zonnepark. Het geeft niet alleen de beheerders, maar ook de gemeente, buurtbewoners en TPSolar helderheid over het te plegen niveau van onderhoud.
Definitie
Het doel is daarnaast te voorkomen dat tussentijdse inzichten, ad-hoc afspraken en kortzichtig
Voor elk beheerelement is beschreven welk groen hiertoe behoort.
beheer regeren. Doel en visie Dit beheerplan omvat de beheerelementen die tot het groen behoren, behorend tot het
Hierin wordt de gewenste visie op het eindbeeld besproken.
zonnepark. Jaarlijks onderhoud Hier worden puntsgewijs de noodzakelijke onderhoudsmaatregelen genoemd. Er is sprake van jaarlijks en groot onderhoud. Het groot onderhoud wordt periodiek uitgevoerd. Door het groot onderhoud gefaseerd uit te voeren, is het onderdeel gemaakt van de jaarlijkse cyclus en zo van het jaarlijks onderhoud. Per beheerelement worden indien aanwezig nog specifieke aandachtspunten beschreven. Indien sprake is van inspectie dan wordt dit ook beschreven. Alle onderhoudsmaatregelen zijn erop gericht het gewenste eindbeeld te realiseren.
HOUTSINCEL - BOSSCHAGE Definitie
Een houtsingel is een lijnvormige beplanting van verschillende soorten inheemse bomen en struiken. Houtsingels zijn waardevol voor de natuur. De breedte en de lengte maar ook de opbouw in lagen van een houtsingel zijn sterk bepalend voor de aanwezige natuurwaarden. Een combinatie van een boomlaag, een struiklaag en een kruidlaag is het meest ideaal. Het bestaat voornamelijk uit bes- en doorndragende inheemse struiken, die voedsel en bescherming bieden. Doel en visie
Door variatie in het landschap ontstaat een ideale situatie voor flora en fauna. Idealiter is hier sprake van een goede horizontale opbouw van het plantsoen. Deze horizontale opbouw kenmerkt zich als een overgang van mantel naar kern. In de mantel bevindt zich de heestervormende soorten. In de kern bevindt zich de boomlaag. Hier is de verticale opbouw waarneembaar. Het geheel bestaat uit een goed ontwikkelde boom- en struiklaag. Het doel is variatie in de vorm en gelaagdheid van het plantsoen te creëren. Zo kunnen er inhammen ontstaan, plekken met meer licht, etc. Een aandachtspunt bij vervanging is het gebruik van inheems en gebiedseigen materiaal. De soorten dienen bij te dragen op het overleven van soorten zoals vlinders en bijen in de natuur. Oppervlakte 2420 m2 Jaarlijks onderhoud
Het beheer van de horizontale laag verschilt. Voor het onderhoud
Werkpakket jaarlijks onderhoud
wordt onderscheid gemaakt tussen de mantelzone en de kernzone. »
Mantal lx per 4 jaar afzetten van een groep aanplant. Altijd 20/4 van deze groep laten staan;
»
Alleen selectief snoeien en kappen. Gefaseerd werken, kleinschalig werken heeft de voorkeur;
»
Bij grote hoeveelheden snoeiafval is het mogelijk een houtril aan te brengen.
Bewerking Dunnen plantsoen
Frequentie per jaar 1
1
Zomersnoeí randen
50^
Onkruid tnaaîen met bosmaaïer
2514
1
Inboet
m
1
Papier en afval ruimen
1ũũũZū
1
PAT RIJZENHAAG Definitie
Een patrijzenhaag is een lijnvormige beplanting van verschillende soorten inheemse struiken. Het bestaat voornamelijk uit bes- en doorndragende inheemse struiken, die voedsel en bescherming bieden. Doel en visie
Het ontwikkelen van een patrijzenhaag is de ideale manier om op een eenvoudige manier de biodiversiteit te verhogen. Er zijn snel allerlei soorten dieren te verwachten die er gebruik van maken. Jaarlijks onderhoud
Het beheer van de horizontale laag verschilt. Voor het onderhoud wordt onderscheid gemaakt tussen de mantelzone en de kernzone. »
De eerste 2 jaar na aanplant moet de ondergroei van graskruiden
»
Vanaf het derde jaar wordt onder de haag niet meer gemaaid of
gemaaid worden om verstikking van jonge struiken te voorkomen; geklepeld om een ruige begroeiing van gras en kruiden te laten ontstaan »
Vanaf jaar 4 mag cyclisch worden gesnoeid;
»
Als de haag groter wordt dan 2 meter, mag deze worden teruggezet naar een tot anderhalve meter hoogte;
»
Bij grote hoeveelheden snoeiafval is het mogelijk een houtril aan te brengen. Oppervlakte 950 ml
Werkpakket jaarlijks onderhoud
Bewerking Dunnen plantsoen
Frequentie per jaar 1
5ŨCA
1
Inboet
m
1
Papier en afval ruimen
1ũũũZū
1
Zomersnoeí randen Onkruid tnaaîen met bosmaaïer
1
KEVERBANKEN Definitie
Een keverbank is een verhoogde strook (akker)land begroeid met ruige grassen en kruiden. Deze strook ligt een kleine 70 cm hoger dan de omliggende grond en is minimaal 2 meter breed. Dor de verhoogde ligging is een keverbank warmer en droger dan het omringende (akker) land, waardoor insecten zoals loopkevers zich er thuis voelen. Voor de patrijs beidt een keverbank warmte, dekking, insecten als voedsel voor de kuikens en een veilige plek om te nestelen. Doel en visie
De keverbanken hebben veel waarde voor TPSolar en de biodiversiteit. De kleurenpracht zorgt in het voorjaar en zomer voor een belangrijke beleefwaarde. Daarnaast heeft het een ecologische waarde. Het doel is het stimuleren van bloemrijke kruidensoorten, voor het belang van vlinders, bijen en andere fauna. Jaarlijks onderhoud
Het ontwikkelen en in stand houden van de keverbanken kent een aantal aandachtspunten: »
Het is de bedoeling dat er op de keverbank een ruige, grasachtige begroeiing ontstaat. Bemesting, onkruidbestrijding en andere gewasbescherming zijn ongewenst;
»
In het eerste jaar na inzaaien moet de keverbank een of twee maal Oppervlakte: 620 m2
worden gemaaid om niet-ingezaaide onkruiden te onderdrukken. Indien nodig kunnen probleemonkruiden pleksgewijs bestreden worden; »
Werkpakket jaarlijks onderhoud
Daarna is het ingezaaide mengsel meestal goed ontwikkeld en moet de keverbank juist niet meer gemaaid worden;
»
De onbegroeide strook naast de keverbank dient jaarlijks een of twee maal met een frees of eg weer kaal worden gemaakt.
Bewerking Papier en afval prikken
Frequentie per jaar 3
Maaien (met maaier of schapen)
90fā
2
Maaien gras met bosmaaier
IO^ū
2
Maaien gras met bosmaaier rond obstakels
1ŪŨ9&
2
Maaisel verzamelen en op hoop zetten
50^
2
Ruimen en afvoeren gras
lŨOţā
2
BLOEMENBLOKKEN Definitie
Bloemrijk grasland betreft de grotere graslanden met een kruidachtige begroeiing en een hoge soortenrijkdom. Doel en visie
Bloemrijke graslanden hebben veel waarde voor TPSolar en de biodiversiteit. De kleurenpracht zorgt in het voorjaar en zomer voor een belangrijke beleefwaarde. Daarnaast heeft het een ecologische waarde. Het doel is het stimuleren van bloemrijke kruidensoorten, voor het belang van vlinders, bijen en andere fauna. Het is gewenst een zo lang mogelijk bloeiperiode na te streven. Jaarlijks onderhoud
De bloemrijke graslanden worden op natuurlijke wijze door middel van schapenbegrazing onderhouden, indien benodigd wordt het gemaaid. Middels de schapenbegrazing wordt een natuurlijke verspreiding van soorten bewerkstelligd. Het ontwikkelen en in stand houden van bloemrijk grasland kent een aantal aandachtspunten: »
Het voorkomen van grassen. Grassen hebben een grotere concurrentiekracht;
»
Het tijdstip van maaien/grazen heeft invloed op de momenten van
»
Volg elk jaar hetzelfde maairegime en dezelfde route
»
Al het maaisel moet worden afgevoerd om verschraling te
bloei; Oppervlakte: 6500 m2
bewerkstelligen; »
Behoud voortplanting en ontwikkeling van flora en fauna
»
Grassen maaien/begrazen in de bloeiperiode, zodat zij zich minder
Werkpakket jaarlijks onderhoud
goed kunnen voortplanten; » »
Bloemrijke kruiden maaien na de zaadperiode, zodat zij zich goed kunnen voortplanten; Laat jaarlijks J.0% in de winter van de bloemrijke kruiden staan voor insecten e.d.
»
Door het extensief schapenbegrazing ontstaat ruimte voor ontwikkeling van ruigteplekken en vestiging van enkele pionierssoorten, dit mag niet meer dan 596 van de gehele oppervlakte zijn.
Bewerking
Frequentie per jaar
Papier en afval prikken
33īá
3
Maaien (met maaier of schapen)
9096 fa.0%
2
Maaien gras met bosmaaier rond obstakels
lŪŨŖÊi
2
Maaisel verzamelen en op hoop zetten
50^ hjM-%
2
Maaien gras met bosmaaier
Ruimen en afvoeren gras
2
2
BLOEMRIJK GRASLAND Definitie
Bloemrijk grasland betreft de grotere graslanden met een kruidachtige begroeiing en een hoge soortenrijkdom. Doel en visie
Bloemrijke graslanden hebben veel waarde voor TPSolar en de biodiversiteit. De kleurenpracht zorgt in het voorjaar en zomer voor een belangrijke beleefwaarde. Daarnaast heeft het een ecologische waarde. Het doel is het stimuleren van bloemrijke kruidensoorten, voor het belang van vlinders, bijen en andere fauna. Het is gewenst een zo lang mogelijk bloeiperiode na te streven. Jaarlijks onderhoud
De bloemrijke graslanden worden op natuurlijke wijze door middel van schapenbegrazing onderhouden, indien benodigd wordt het gemaaid. Middels de schapenbegrazing wordt een natuurlijke verspreiding van soorten bewerkstelligd. Het ontwikkelen en in stand houden van bloemrijk grasland kent een aantal aandachtspunten: »
Het voorkomen van grassen. Grassen hebben een grotere concurrentiekracht;
»
Het tijdstip van maaien/grazen heeft invloed op de momenten van
»
Volg elk jaar hetzelfde maairegime en dezelfde route
»
Al het maaisel moet worden afgevoerd om verschraling te
bloei; Oppervlakte: 55 are
bewerkstelligen; »
Behoud voortplanting en ontwikkeling van flora en fauna
»
Grassen maaien/begrazen in de bloeiperiode, zodat zij zich minder
Werkpakket jaarlijks onderhoud
goed kunnen voortplanten; » »
Bloemrijke kruiden maaien na de zaadperiode, zodat zij zich goed kunnen voortplanten; Laat jaarlijks J.0% in de winter van de bloemrijke kruiden staan voor insecten e.d.
»
Door het extensief schapenbegrazing ontstaat ruimte voor ontwikkeling van ruigteplekken en vestiging van enkele pionierssoorten, dit mag niet meer dan 596 van de gehele oppervlakte zijn.
Bewerking
Frequentie per jaar
Papier en afval prikken
33īá
3
Maaien (met maaier of schapen)
9096 fa.0%
2
Maaien gras met bosmaaier rond obstakels
lŪŨŖÊi
2
Maaisel verzamelen en op hoop zetten
50^ hjM-%
2
Maaien gras met bosmaaier
Ruimen en afvoeren gras
2
2
BLOEMRIJKE (DROGE) OEVERS Definitie
Dit zijn bloemrijke extensief beheerde vegetaties langs waterkanten. Het betreft de vegetatie op het droge talud. Door de aanwezige gradiënten - nat/droog en zon/schaduw - kan zich hier een bloemrijke droge oever ontwikkelen met een hoog soortenrijkdom Doel en visie
Bloemrijke droge oevers worden onderhouden met een ecologische doelstelling. Doordat de droge oevers niet worden betreden, bieden zij een goede mogelijkheid voor de ontwikkeling van een hoog soortenrijkdom. Een hoge soortenrijkdom (biodiversiteit) vormt een voedselbron en voorplantingsgelegenheden aan tal van insecten. Jaarlijks onderhoud
Het ontwikkelen of in stand houden van bloemrijk taluds kent een aantal regels: »
Teveel riet is ongewenst
»
Gebiedseigen grassoorten zijn gewenst i.v.m. vereiste draagkracht zode voor beheer en het leveren van bijdrage aan ecologie
»
Zaad valt voornamelijk in de zomermaanden juni en juli
Werkpakket jaarlijks onderhoud
Bewerking Papier en afval prikken
Frequentie per jaar 3
2
Maaien gras met bosmaaier
90fā fa.0%
Maaien gras met bosmaaier rond obstakels
1ŪŨ9&
2
Maaien (met maaier of schapen)
2
IV"aaiseJ verzamelen en op hoop zetten Ruimen en afvoeren gras
2
10Q?’ĥ
2
------------------
Ŵ ------------------
LABELTIEN TUIN
8t
LANDSCHAP