07 Bijlage E - Landschappelijke beoordeling.pdf
Tekst van het document
Windpark Beuningen Landschappelijke beoordeling śífe.
.2:
Sfr
í/Tiïi
«ft
*Ĺ '
Bosch ik van Rijn experts in duurzame energie
Windpark Beuningen
Landschappelijke beoordeling
Datum: 18-05-2021 Versie status: Definitief Versienummer: 1.3
Opgesteld door: Bosch & van Rijn Franz-Lisztplantsoen 220 3533 JG Utrecht Mail: info@boschenvanrijn.nl Tel: Web:
030-677 6466 www.boschenvanrijn.nl
Auteur: Quinten Isselman In opdracht van: Gemeente Beuningen Van Heemstraweg 46 6641 AE Beuningen
© Bosch k Van Rijn 2021 Behoudens hetgeen met de opdrachtgever is overeengekomen, mag in dit rapport vervatte informatie niet aan derden worden bekendgemaakt. Bosch k Van Rijn BV is niet aansprakelijk voor schade door het gebruik van deze informatie.
2
M/
Bosch ik van Rijn experts in duurzame energie
ÜJ Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1.1
Aanleiding
HOOFDSTUK 4 LANDSCHAPPELIJKE BEOORDELING MERALTERNATIEVEN
1.2
Leeswijzer
4.1
De ruimtelijke kenmerken en inricht ng van het landschap
4.2
Visuele interferent e met een nabijgelegen windpark
HOOFDSTUK 2 LANDSCHAPPELIJKE ANALYSE
4.3
De cultuurhistorisch achtergrond van het landschap
2.1
Afoakening analyse
4.4
Beleving van het windpark in het landschap
2.2
Het landschap in het beleid
2.3
Geomorfologie Water
HOOFDSTUK 5 CONCLUSIE BEOORDELING MER-ALTERNATIEVEN HOOFDSTUK 6 LANDSCHAPPELIJKE BEOORDELING VKA
2.6
Natuur en Groen Bebouwing
6.1
Beoordelingswijze VKA
2.7
Infrastructuur
6.2
Foto-visualisat es VKA Windpark Beuningen
2.8
Landschapsstructuren en landschapstypen (macroniveau)
6.3
Beoordeling VKA
2.9
Cultuurhistorische waarden
2.4 2.5
HOOFDSTUK 7 CONCLUSIE BEOORDELING VKA HOOFDSTUK 3 BEOORDELINGSWIJZE MERALTERNATIEVEN 3.1
De MER-alternat even
3.2
De beoordelingscriteria
3.3
De beoordelingsschaal
3.4
De beoordelingswijze
3.5
Foto-visualisaties Windpark Beuningen
3
LB Inleiding 1.1 Aanleiding
Om aan de ambiteuze doelstelling voor hernieuwbare energie op land te voldoen
De gezamenlijke provincies hebben in 2013 afspraken gemaakt met het Rijk over
zal windenergie de komende jaren één van de meest kosteneffect eve wijze om
de verdeling per provincie van de Rijksdoelstelling van 6.000 MW windenergie
hernieuwbare energie te produceren zijn. De gemeente denkt dat Windpark
op land in 2020. De afspraak van 6.000 MW windenergie op land is tevens inzet
Beuningen een belangrijke bijdrage kan leveren aan de klimaatambites.
van de gezamenlijke provincies in het kader van het door de SER gefaciliteerde Nationaal Energieakkoord.
Het windpark is beoogd in het buitengebied van Beuningen ten zuidoosten en zuidwesten van het knooppunt Ewijk en ten zuiden van bedrijventerrein
Het ruimtelijke provinciaal belang ten aanzien van windenergie is voor de
Schoenaker. Zie Figuur 1 voor de ligging van het projectgebied.
provincie Gelderland opgenomen in de Geconsolideerde Omgevingsvisie Gelderland. Voor duurzame energie is een goede ruimtelijke inpassing belangrijk, hierover staat het volgende beschreven: "Het combineren van windturbines met andere, intensieve functies in een gebied
Energieas Zoekzone wind
heeft de voorkeur van de provincie. Mogelijke combinaties zijn: combinatie met infrastructuur, combinatie met regionale bedrijventerreinen, combinatie met intensiveringsgebieden glastuinbouw en combinatie met agrarische productielandschappen." In 2017 is de Energievisie 'Energiek Beuningen' vastgesteld. Deze visie geeft
1
Ŭ
aan waar Beuningen op het gebied van duurzame energie nu staat, en wat er gedaan moet worden om in uiterlijk 2040 energieneutraal te zijn. In de visie is
--
i*.-
Étòv
aangegeven dat invulling van deze opgave in samenwerking met de inwoners moet worden opgepakt. In april 2019 heeft de gemeenteraad van Beuningen naar aanleiding van de bespreking van het Locateplan en Advies van de
Ba®*.
Gebiedsraad onder meer een zoekzone en randvoorwaarden voor windenergie vastgesteld. Figuur 1: Zoekgebied windenergie gemeente Beuningen.
4
lg
Alvorens een bestemmingsplan vast te kunnen stellen is het van belang een
In hoofdstuk vier volgt dan de landschappelijke beoordeling aan de hand van de
zo goed mogelijk beeld te krijgen van de milieueffecten. Dit wordt gedaan aan
in hoofdstuk drie opgestelde beoordelingscriteria. De beoordeling vindt plaats
de hand van de beoordeling van milieueffecten van enkele alternatieven en/of
met behulp van enkele begeleidende visualisates en kaartjes. De beoordeling
varianten in een milieueffectrapport (MER). Het MER biedt mede input voor de
is opgesplitst in de vier beoordelingscriteria. Deze criteria zijn op hun beurt
keuze van een geschikte opstelling met windturbines.
ook weer zijn opgesplitst in een beoordeling aan de hand van verschillende landschapstypen of ander beoordelingsaspecten die tjdens de analyse naar
Eén van de milieueffecten van het MER is 'Landschap'. Om het beoogde
voren kwamen.
initatef op een goede manier in te passen in het landschap en om de mogelijke milieueffecten in kaart te brengen is er een landschappelijke analyse gedaan
In hoofdstuk 5 wordt een korte toelicht ng gegeven van de totale beoordeling.
van het landschap rondom het beoogde initatef.
Daarbij komt de conclusie en eindbeoordeling van de MER-alternateven aan
In dit rapport wordt aan de hand van een landschappelijke analyse een
bod.
landschappelijke beoordeling gegeven van de drie gekozen MER-alternateven van Windpark Beuningen.
In hoofdstuk 6 volgt de landschappelijke beoordeling van het VKA. Deze beoordeling is op
dezelfde wijze gedaan als de beoordeling van de MER-
1.1 Leeswijzer
alternateven. In dit hoofdstuk worden alleen de VKA relevante zaken kort
In het tweede hoofdstuk wordt de landschappelijke analyse, die is gedaan over
benoemd waarna er een beoordeling volgt.
het gebied rondom de zoekzone voor Windpark Beuningen, weergegeven. Eerst wordt het landschap, zoals het is beschreven in het beleid, benoemd. Vervolgens
In het laatste hoofdstuk 7 is de conclusie en eindbeoordeling van het VKA
wordt aan de hand verschillende kaarten en landschappelijke structuren (natuur
gegeven.
en groen, water, bebouwing en infrastructuur) het landschap ontleed. Daarna volgt een algemene landschappelijke beschrijving van de hoofdstructuren en landschapstypen die op een kaart worden weergegeven. In hoofdstuk drie wordt vervolgens toegelicht wat de beoordelingswijze is en hoe de beoordeling is ingericht. Daarbij komen ook de alternateven aan bod. Er wordt toegelicht hoe de vier beoordelingscriteria zijn opgesteld aan de hand van de vijf aandachtspunten uit de provinciale verordening van de provincie Gelderland.
5
X. » -
^
-A,
^
it
Luchtfoto van het kampenlandschap hap en oeverwallen landschap bij de rivier de Maas. Ook de dominante snelwegen A50 en A326 Zichtbaar. Foto in de^omgeving omgeving van het beoogde Windpark Beuningen, Beuningen. - i* ' *
V V .
# v' í 4 \gM Ã&sSA/y&Ä
Landschappelijke analyse 7
2 Landschappelijke analyse 2.1 Afòakening analyse De landschapsanalyse richt zich voornamelijk op de schaal die bepalend is voor
2. de dragers van het diverse cultuurlandschap:
de beoordeling van de opstelling. In relate tot de verschillende schalen die de
a. de Nat onale Landschappen;
structuren in het landschap kennen zullen windparken deze in de meeste gevallen
b. de cultuurhistorische landgoederen en landgoederenzones;
overtreffen. Enkel op het hoogste niveau, het macroniveau, kan verbinding gelegd worden tussen het landschap en de windturbines Z het windpark. Bij het
3. de bijzonder kwetsbare landschappen:
landschap (structuren) op macroniveau wordt bedoeld de grote structuren en
a. de waardevol open gebieden;
kenmerken in het landschap zoals: (hoofd)wegen, watergangen, dijken, open
b. de Nieuwe Hollandse Waterlinie
gebieden, bossen, etc.
c. de historische verdedigingslinie de Limes;
Turbines met een tiphoogte van 200+ meter zijn al vanaf enkele kilometers
Hieronder worden deze zogenoemde symbolen verder beschreven aan de hand
waarneembaar. Daarom is tjdens de analyse op macroniveau gekeken naar
van de vigerende beleidsdocumenten.
een gebied van ca. 5 - 6 kilometer rondom de beoogde zoekzone van Windpark Beuningen.
De natuur van Gelderland als groene ruggengraat van het landschap De kernkwaliteiten van de natuur van Gelderland zijn uitgewerkt in de uitwerking
2.2 Het landschap in het beleid
voor het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelzone (GO).
Het beleid van de provincie Gelderland, van onder andere het landschap, wordt beschreven in de Omgevingsverordening. Het beleid heeft als doel om de
De provincie spant zich in voor een compact en hoogwaardig stelsel van onderling
kwaliteiten van het landschap te behouden, te ontwikkelen en te versterken1.
verbonden natuurgebieden en behoud en versterking van de kwaliteit van het
Het is belangrijk om de kwaliteiten te beschrijven en te begrijpen om de impact
landschap. Het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelingszone
van een windpark te beschrijven en waar mogelijk te verzachten.
(GO) worden beschermd tegen aantastng van de kernkwaliteiten: dat zijn de natuurwaarden, de potentële waarden en de owmgevingscondit es. Het GNN
Het beleid richt zich in het bijzonder op de landschappen die symbool staan
is een samenhangend netwerk van bestaande en te ontwikkelen natuur van
voor het Gelders landschap. Deze 'symbolen' zijn als volgt beschreven:
internatonaal, natonaal en provinciaal belang. Het uitgangspunt is dat in het GNN geen nieuwe initateven plaatsvinden, behalve ontwikkelingen van een
1. de natuur van Gelderland als groene ruggengraat van het landschap;
groot algemeen of provinciaal belang of waarvoor geen alternateven bestaan. In de GO is ruimte voor economische ontwikkeling in combinate met een
8
(substant ële) versterking van de samenhang tussen aangrenzende en inliggende natuurgebieden. De ecologische verbindingszones maken deel uit van de GO,
De bijzonder kwetsbare landschappen: a. de waardevol open gebieden
evenals de weidevogelgebieden en de rustgebieden voor winterganzen. De provincie beschermt de achffien Natura2000 gebieden die in het GNN liggen1.
De kernkwaliteit van de waardevolle open gebieden is de openheid. omgevingsverordening wordt
Hieronder zijn de GNN en GO gebieden rondom Windpark Beuningen weergegeven. Wat opvalt is dat bijna alle gebieden die in de uiterwaarden en rondom de dorpen Hernen en Bergharen onder de GNN en GO vallen of een
In de
een waardevol open gebied omschreven als
een gebied waar grootschalige openheid als kernkwaliteit geldt. Het valt onder artkel 2.55 'ontwikkeling in Waardevol open gebied'. Daarvoor gelden de volgende regels die betrekking hebben tot een windpark:
zoekgebied hiervoor zijn. (zie Figuur 2) 1.
Een bestemmingsplan voor gronden binnen een Waardevol open gebied
maakt ten opzichte van het op 17 oktober 2014 geldende bestemmingsplan geen bestemming mogelijk die de openheid van een Waardevol open gebied aantast. 2.
In afwijking van het eerste lid kan een bestemmingsplan binnen een
Waardevol open gebied het oprichten van een windturbinepark mogelijk maken, voor zover de toelichting van het bestemmingsplan voldoet aan artìkel 2.62. Beuningen Legenda Omgevingsvisie Gaaf Gelderland Natuur- en landschapsbeleid Ecologische verbindingszone Gelders natuurnetwerk
De waardevolle open gebieden rondom Windpark Beuningen zijn op de afoeelding op de volgende pagina weergegeven (zie Figuur 3). De zoekzone van het beoogde Windpark Beuningen ligt in een waardevol open
I Groene ontwikkelingszone SS Natura2000-gebieden
22 Rustgebieden voorwinterganzen
cm Weidevogelgebieden M/fŕŕhťsn
Figuur 1: GNN en GO gebieden rondom het beoogde Windpark Beuningen.
Zoekgebied nieuwe natuur
1 Bron: Geconsolideerde Omgevingsverordening Gelderland, Provinciale Staten van Gelderland, vastgesteld maart 2021.
2 Bron: 'Kernkwaliteiten Gelderse Nationale Landschappen' (Vastgesteld door Provinciale Staten van Gelderland op 9 Juli 2014)
9
gebied. emeente Druten
De dragers van het diverse cultuurlandschap: cultuurhistorische landgoederen en landgoederenzones
b.
de
Gemeente Beuningen
De kernkwaliteiten van de afzonderlijke cultuurhistorische landgoederen zijn niet door de provincie gedefinieerd. Op het moment dat zich daar ontwikkelingen voordoen nodigt de provincie eigenaren uit de bestaande kwaliteiten in beeld te brengen en een planmatige doorkijk te geven voor het behouden en ontwikkelen van de kernkwaliteiten. De landgoederenzones zijn als zodanig aangemerkt in de beschrijvingen van de Nationale Landschappen en in de provinciale uitgave Landschapsontwikkeling, Inspiratiebron voor denkers en doeners, 2006. Cultuurhistorische landgoederen en andere cultuurhistorische waardevolle elementen zijn in kaart gebracht in de cultuurhistorische waardekaart van de provincie Gelderland. Zie kaart hiernaast. (zie Figuur 4)3 3 Bron: http://gelderland.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index. htmí?id=2cc6fb09cfc24a8d8a923867ecf57d7c/ geraadpleegd op 12-11-2019
10
Figuur 1: Waardevoí open gebieden uit het beleid van de provincie Gelderland.1
Prest
*^ Win»!
Oŭülniioul
Ro&dtLtg
ruiungrn
Wfţitl K Pī gh'ji en lJ
VŬiA*
lJ
Ņij megen
17-1-2020 15:54:28
1:48,000
Cultuurhistorie-DNA-kaart, punt identiteiten ļļįļ ^ Gemaal
-ŵ-
^
^
Kasteel Kasteelplaats
^
Religieus erfgoed
Hri
Romeinse Castra
n
Romeinse Tempe, Romeinse Villa Steenfabriek - Complex Steenfabriek - Relict Steenfabriek - Schoorsteen
Waterstaatskundig relict Windmolen
Kanaal Leigraaf Ringdijk
Overige Cultuurhistorie- DNA-kaart, lijn identiteiten Bestaande Kade
Romeins waterwerk Vermoedelijk Romeins wegtrace Watergang open komgebied
0
0.5
1
Cultuurhistorie- DNA-kaart, Grenzen en Bebouwing 0 Romeinse nederzetting
0.75
1.5
Wetering
Cultuurhistorie- DNA-kaart, Landschap
2 mi 3 km
Esri Nederland, Community Map Contributors
Waardevol open komgebied
“ ™ ' IJssellinie defensiewerk
Figuur 1: Cultuurhistorische waarden provincie Gelderland.3
11
2.3 Geomorfologie
afzettng plaats vond op en langs de oeverwallen- zijn deze mettertìjd steeds
Het landschap en de structuren rondom het projectgebied zijn voornamelijk
groter geworden. De grotere sedimentdeeltjes (zand) uit het water werden dus
gevormd door de dynamiek van de rivieren de Waal en de Maas. Het eeuwenlang
vrij dicht op de rivier afgezet, maar de kleinere deeltjes (klei) werden pas verder
meanderen van deze rivieren heeft duidelijke sporen in het landschap achtergelaten. Wat dit landschap kenmerkt zijn de hoger gelegen stroomruggen
landinwaarts -in het lager gelegen landschap- afgezet in de komgronden.
en oeverwallen met hiertussen de laag gelegen rivierkomvlaktes, met name een grote vlakte direct in en rondom het projectgebied, en enkele rivierduinen.
terreinen met eeuwenlang een beperkte gebruiksfunctìe. Doordat deze
De rivierduinen zijn voornamelijk gelegen aan de zuidzijde van het projectgebied. En zijn ook vandaag de dag nog goed herkenbaar in het landschap. Rivierduinen
delen langs de rivier vormde een relatìef veilige basis waar de mens als eerste
Deze zogenaamde komgronden kenmerken zich als relatìef natte, laaggelegen kleideeltjes bij ontwatering sterker inklonken is het hoogteverschil tussen de kommen en de hoger gelegen delen steeds groter geworden. De hoger gelegen ging wonen. Het projectgebied bevindt zich in een komgebied (komgronden).
zijn vrij zeldzaam in Nederland. Ze zijn ontstaan doordat er door de kou en harde wind in de ijstìjd veel zand werd opgeblazen en in het land terecht kwam. De rivieren hadden een brede rivierbedding. Na de ijstìjd werd het warmer, de rivier werd smaller en rondom de rivier, in de vroegere bedding, kwam
•įî ~;
,
plaatselijk begroeiing. Die begroeiing voorkwam dat op enkele plekken zand werd weggeblazen. De lagere delen die niet begroeid waren werden overdekt met klei uit de rivier. Daartussen zijn de relatìef hogere rivierduinen die er bovenuit steken. Ten zuiden van het gebied is een stroomrug te vinden. Deze stroomrug is een vroegere rivierloop van de Maas. Andere stroomruggen zijn ten noorden van het projectgebied rondom de Waal. Ze zijn te herkennen aan hun ligging die hoger is dan de omliggende omgeving.
äî '«r': á»
jmcgen
’ '»**#*«
Direct langs de rivieren, met name de Waal, bevinden zich de oeverwallen. Deze zijn ontstaan door afzettngen van voornamelijk zand, meegevoerd door de rivier zelf. Doordat bij hoog water overstromingen plaatsvonden -en meer
12
Figuur 1: Het verhaal van de het ontstaan van het landschap en de kenmerken van de
geomorfologische kaart zijn ook terug te vinden op de hoogtekaart. Met name de rivierduinen en de oeverwallen zijn te zien als hoger gelegen gebieden in het landschap.
Legenda
cCD .C
CU CU
Q)
S3 CQCD ■sÖ .C CD
Gl O O
~QCD
+-1 CD
-C
E
~8 c S T3 .CD
T«(fä5älzeBnĩis*íivinļiín
CD
Gl
bbeltInge
+-1 CD
-C
cÖ
LanHumen i i swenofífWe1
+-1 î*-
Ö
CD
'S O
i geiy-afteninge i zařKIWswn
ijĩnikule
O
E O
CD
Ö1 CD O **İV. 33 Ö1 ĽC
Bosch
van Rijt
13
2.4 Water
waterlichaam patronen. Met name in en rondom het projectgebied. Rondom
Bij het landschap dat gedomineerd wordt door de twee rivieren de Waal en de
de rivieren zijn enkele meertjes (oppervlaktewater) maar weinig sloot patronen.
Maas, komen op het gebied van water ook ''passende'' waterlichaam patronen
Dit zijn de uiterwaarden.
voor. Op de waterkaart hiernaast zijn de twee rivieren, met name de Waal, als prominente lijnen in het landschap te zien. Daarnaast zijn er verschillende watervlaktes te zien, met name langs de rivieren. Veel van deze wateren zijn
*Dijken
restgeulen, overgebleven door het meanderen van de rivieren. Andere zijn
Het dijkensysteem bestaat uit twee verschillende dijken: de zomerdijk en de
waaien* die ontstaan zijn door dijkdoorbraken.
winterdijk. De zomerdijk ligt vlak langs de oevers van de rivier en is voornamelijk gevormd door natuurlijke processen. De winterdijk, die tevens een stuk hoger is,
De oeverwallen en rivierduinen waren vroeger hoog genoeg om het gebied
ligt vaak enkele honderden meters verderop in het landschap en is aangelegd
te beschermen tegen overstromingen. Dit is dan ook de plek waar de eerste
door de mens. Het gebied tussen de dijken (buitendijks gebied), noemen we de
bewoners van het gebied kwamen. Door deze bewoning vond er op de flanken
uiterwaarden. Bij hoog water kan men de uiterwaarden onder water zetten,
van de stroomruggen en oeverwallen de eerste ontginning plaats. Deze vroegere
waarmee zij ruimte geven aan de rivier en het bewoonde gebied achter de
ontginningen zijn herkenbaar in het landschap door de waterlichaam patronen
winterdijk beschermen. Gezien dit dynamisch karakter zijn de uiterwaarden
op deze hogere delen.
vooral in gebruik als extensief weide- en natuurgebied.
Tussen de rivierduinen en stroomruggen, de hogere delen, stromen beekjes die het water afvoeren naar lagere gelegen delen. Door ontginningen die haaks op
*Waaien
de kronkelende beekjes stonden, ontstond er een wisselend ontginningspatroon
Ondanks de bescherming die de dijk bood kwamen er nog regelmatig
wat tegenwoordig het kampenlandschap is.
dijkdoorbraken voor. Door deze dijkdoorbraken, die vaak gepaard gingen met de enorme kracht van stromend water, ontstonden er achter de dijk zogeheten
Met de komst van de door mens aangelegde dijken* ontstonden er mogelijkheden
'waaien' (wielen, kolken). Door de doorbraak en de enorme kracht van het
om het gebied grootschaliger te ontginnen en te bewonen. Ontginning vond
water werden deze waaien zo diep dat herstel van de dijk op deze locaties vaak
nu ook plaats in de lager gelegen komgronden (zij stroomden tenslotte niet
niet meer mogelijk was. Hierdoor werden de dijken als een halve cirkel voor of
meer over), waar intensieve sloten aanleg ertoe heeft bijgedragen dat ook deze
achter deze waterplassen heen hersteld.
gronden geschikt werden voor de landbouw en bewoning. Het water moest worden afgevoerd door sloten en weteringen. De kenmerken van het ontginningen in de komgronden zijn ook goed zichtbaar in de
14
Legenda Algemeen
cCD Ö1 Ĉ3 CQCD ■SO .C
.C
y~7fP^Ĺ4
Bosch
van Rijn
experts in duurzame energie
15
2.5 Natuur en groen De patronen van het groen (opgaande beplantng: bomenrijen, openbare beplanting, singels, erfoeplant ng, etc.) in het landschap zijn ontstaat door de hoogteverschillen en de verschillende grondsoorten. Wat opvalt is dat er rond het water veel boomgaarden en kwekerijen zijn. Dijkdoorbraken zorgden ervoor dat direct achter de dijk een vruchtbare grond ontstond door het aangevoerde sediment uit de rivier. Deze gronden worden ook wel de overslaggronden genoemd. Tegenwoordig vinden we op deze gronden -naast de dorpskernenook glastuinbouw en boomgaarden. Op de oeverwallen zijn de groenstructuren kleinschaliger. In de komgronden, die een meer open karakter hebben, komt ook minder groen voor. Hier zijn de groenstructuren wel langgerekt. Dit is ontstaat door de komst van lange ontginningselementen zoals wegen en weteringen. Hier werden soms bomenrijen en andere beplant ng langs geplant. In het kampenlandschap was de grond vaak arm. Daarom brachten de boeren mest en heideplaggen als bemestng op het land aan. Honderden jaren bemestng zorgden ervoor dat de akkers steeds hoger werden, met een vrij steile rand. Om de gewassen te beschermen tegen wildvraat en wind, werden ze omgeven met houtwallen en houtsingels. Hier is ook op de kaart te zien dat er meer dynamische en langgerekte groenstroken te vinden zijn.
De rivierduinen, net zo als de uiterwaarden, kennen over het algemeen veel groen. Deze kennen daarom vaak ook een hogere natuurwaarde.
16
Legenda
ii Z I
I
foS
m*
^
Algemeen
H.
cCD Ö1 .C S3 CD
CQ
co co c o
M
c
■sÖ C
Gi O O
CD -O +-1 CD
-C
E
~8 c S ~G .CD -QCD Gl +-1 CD
-C
cÖ
+-1 Î*-.
r
ŭ
Ö cCD
sÖ1 C CD
+-1
Ö
v.
33 Ö1 ĽC
Bosch
vanRijn
__
17
2.6 Bebouwing Het landschap was lange tijd, mede door de natte kommen, weinig bebouwd. De geringe bebouwing van boerderijen bevond zich op de hoger gelegen oeverwallen, stroomruggen en rivierduinen. Dit is ook terug te zien in de bebouwingskaart hiernaast. Bijna alle dorpskernen, afgezien van Nijmegen dat zich op een stuwwal bevindt, bevinden zich op oeverwallen en rivierduinen. Ook zijn op de langgerekte stroomruggen enkele linten aan bebouwing terug te vinden. Tussen en ten zuiden van de rivierduinen (dorpen: Bergharen, Horssen en Hernen) liggen er verspreid wel meerdere huizen. Dit is het kampenlandschap wat ontstaan is tussen de hoger gelegen rivierduinen en stroomruggen. In het kampenlandschap bevinden zich kampen. Ieder kamp bestaat uit akkers op een hoger gelegen dekzandrug, grasland langs de beekjes tussen de ruggen en het boerenerf er tussen in op de flanken van de rug. De boerenerven waren hierdoor meer verspreid en in een wisselend patroon. In de uiterwaarden, vlak naast de rivier, is nauwelijks bebouwing te vinden. Enkel zijn hier een aantal waterstaatkundige bouwwerken, steenfabrieken en sporadisch een gebouw met een andere functe. Met de komst van de door mens aangelegde dijken ontstonden tevens mogelijkheden om het gebied grootschaliger te ontginnen en te bewonen.
Ontginning vond nu ook plaats in de lager gelegen komgronden wat ertoe heeft bijgedragen dat ook deze gronden geschikt werden voor bewoning. Waar de oeverwallen, stroomruggen en rivierduinen van oudsher een intensief en besloten karakter hebben (bewoning, landbouw, groen en infrastructuur) hebben de kommen een meer open karakter. In en rondom het projectgebied, dat is gelegen in een komgebied, is daarom minder bebouwing aanwezig.
18
WZVf.
mimi
-l ä&Jt!',
■n?!?
SĘŝgMLisį
cCD .C
Ĉ3 CD
\ rh
m
CQ
■sÖ ÿšfc íģÿ
iíĩĝäjSįġM
mm®if
v'4Zi
xrĩw f ivv.-ffj lr4, mÄŜİ* * RH1* «įÏÏŴ* rSfe«#lľ^ . VSsü-*®*1® fa,ì-:ĩf^l Ŵ'lřSSJ^ iesf-iyVi flWÇftffSl Hjį*?** - ' «s'^Ki Äù'iGic-13u ": .."î“-...»««s:pŵ ..ļį«SSg ŵaiBfs»*» ľ ifsass^SwS *^-s? ’xį.'êŞ)|ni;naĒ ígSBtïï
V
į
. 'aiļmSřjülJtìln şaíşSļã! ľl'Iflw/^/řWX SăīH jĽiijMžžagL
*****
^ńftr
v
.v»
ft* ŵ
Wå m 'ÎïčKİĒ^ ^ţfåšPbr
.vC Bosch
van Rijn
experts in duurzame energie
19
2.7 Infrastructuur De patronen van de wegen volgen het verhaal van de ontginningen van het landschap. Op de oeverwallen, stroomruggen en rivierduinen zijn vroegere wegenpatronen (kleinschaliger en dynamischer) te vinden. In de komgronden zijn latere langgerekte patronen te zien die de waterontginning patronen volgen. Enkele dominante infrastructurele lijnen die later zijn ontwikkeld zijn de snelwegen, enkele provinciale wegen en de spoorlijnen. Voornamelijk de snelwegen A50 en de A73 spelen een dominante rol in het hedendaagse landschap rondom de zoekzone voor Windpark Beuningen. Deze lijnen volgen niet de opbouw van het door mens ontwikkelde hedendaagse landschap maar doorkruisen het gebied als prominente harde lijnen. Andere grotere infrastructuren die opvallen zijn de snelweg A326 en de A15. Het treinspoor van de Betuwelijn loopt binnen het gebied bijna parallel aan de A15. Het spoor Wijchen-Oss loopt ten zuiden van het plangebied. Beide spoorlijnen zullen door hun ligging weinig impact hebben op het beoogde windpark.
20
Legenda
MĒĚ
cCD Ö1 .C S3 CD
CQ
■sÖ .C
Égţì..S
mã Pffiai
CŪ CŪ
é^ssśm
Gi oO CD -O +-1 CD
-C
E ~GoC
s
u
T3 .CD -OCD Ö1
mm
+-1 CD
-C
cÖ +-1 Ö
33 4-J u3 -b Ö
V.
33 Cn ĽC
^ř?.ïÄE
Êåŝm mm
■H
mĚSĚi
Bosch
van Rijn
21
2.8 Landschapsstructuren en landschapstypen (macroniveau) In grote lijnen is het omringende landschap in te delen in zes landschapstypen. De
-
Natuurwaarden (GNN/ GO)
-
Recreatìeve waarden Cultuurhistorisch waardevol
landschappen hebben allen een verschillend karakter en eigen landschappelijke Er is alleen benoemd waar de plaatsing van windturbines mogelijk effect op
Kampenlandschap Organische vormen
heeft. Ook zijn alleen maar de kenmerken op het macroniveau weergegeven.
-
Daarnaast zijn er een aantal structuren en lijnen in het landschap die een prominente rol spelen binnen het gebied en voor het beoogde
Grootschalige infrastructuur
Windpark Beuningen. Op grote lijnen zien de structuren eruit zoals op de
-
Grote landschap overstijgende lijnen
landschapsstructuur/typenkaart hiernaast (zie Figuur 11).
-
Industrieel karakter
en cultuurhistorische waarden. De waarde worden hieronder kort beschreven.
Afwisselend beeld door beplantìng, beekstromen, laanbomen.
De uiterwaarden (en rivieren) -
Open landschappelijk gebied
-
Natuurwaarden (GNN/ GO) 'Grootschalige infrastructuur' komt voort uit het feit dat het landschap een
Oeverwallen - Kleinschalig door vroegere ontginning -
Meer gesloten door aanwezige bebouwing, beplantìng en boomgaarden
aantal sterke grootschalige infrastructuren kent en dan met name het tracé van de A50 en de A73 die een prominente rol spelen voor het windpark. Daarnaast wordt dit landschapstype meegenomen omdat het aansluit bij de visie van de provincie Gelderland en mogelijk bij de toekomstige energietransitie die
De komgronden
het landschap gaat ondervinden. Hierin is het de wens om grootschalige
-
Grootschalig en open landschap
windenergie aan te laten sluiten bij grote infrastructurele werken.
-
Rechte structuren waaronder de weteringen
-
Weinig bebouwing aanwezig
Rivierduinen -
22
Kleinschalig door vroegere ontginning
Legenda
u B
l/l
(U 9
X
A Figuur 1: De landschapsstructuurkaat van het gebied rondom het beoogde Windpark Beuningen
23
2.9 Cultuurhistorische waarden
uiterwaarden verschillende baksteen fabrieken te liggen. Enkele van deze
Dankzij de vorming van het landschap door de rivieren zijn de cultuurhistorische
baksteenfabrieken staan nog steeds als markante bakens langs de rivier. De
waarden van het gebied ook sterk verbonden aan het ontstaan en de huidige
windturbines kunnen voornamelijk impact hebben op karakteristeke hoge
opbouw van dit rivierenlandschap. Dit is onder andere te zien aan de ligging
schoorsteen bouwwerken.
van de dorpskernen, waarbinnen de kerken, kastelen en molens een waardevol
Steenfabriek Vogelensangh B.V heeft geen hoge karakteristeke schoorsteen.
cultuurhistorisch element zijn maar ook aan steenfabrieken, weteringen en
Hier zal vanuit het oogpunt van de cultuurhistorische waarden waarschijnlijk
karakteristieke rivierduinen met bebouwing die het gebied kenmerken. De
weinig impact zijn.
mens ging als eerste op de hoger gelegen delen, de stroomruggen, oeverwallen en rivierduinen, wonen. In het huidige landschap is dit nog steeds te zien.
Kasteel Hernen Kasteel Hernen ligt in het dorpje Hernen. Het kasteel is sinds de 17e eeuw
De winterdijken
niet meer bewoond en is ook nooit belegerd. Mede daardoor is er weinig aan
Met de komst van de winterdijk waren er meer mogelijkheden om het gebied te
verbouwd, en is het goed bewaard gebleven. Het is een oud verdedigingswerk
ontginnen en bewonen. De meeste dorpskernen werden gevestgd direct achter
wat cultuurhistorisch waardevol is in het gebied. Ook door zijn ligging op de
de dijk. Dijkdoorbraken kwamen nog regelmatg voor en zorgden ervoor dat direct
rivierduinen. Een belangrijke kwaliteit is het oude karakter dat de het kasteel en
achter de dijk een vruchtbare grond ontstond door het aangevoerde sediment uit
de directe omgeving heeft. Dit kan worden verstoord door moderne (industriële)
de rivier. Ook ontstonden er door deze dijkdoorbraken de zogenaamde waaijen.
windturbines. 1
De dijk die bescherming bood aan de mensen is een belangrijke landschappelijk cultuurhistorische element. De dijk is een grote markante lijn in het landschap. Buitendijks is voornamelijk voor de belevingswaarde belangrijk als een natte
1
https://www.glk.nl/vol-verhalen/voor-kinderen/spreekbeurten/kasteel-
hernen/?gclid=EAIalQobChMI0sCA0o-S5wlVged3Ch2fngPXEAAYASAAEgJz4fD_BwE
zone. De zone, dorpen, boerderijen, etc. achter de dijk (binnendijks) worden beschermt.
(Dorpskerk) Leur Leur is één van de kleinste dorpjes in het Land van Maas en Waal en heeft een
Steenfabriek aan de Dijk (Tussen Beuningen en Weurt)
beschermd dorpsgezicht. Veel woningen, hoofdzakelijk boerderijen, zijn een
In de 19e en 20e eeuw ontstond een levendige baksteenindustrie. Klei,
beschermd monument waaronder ook de kerk.
zand en grind werden gewonnen in de uiterwaarden. Er kwamen in de
De dorpskerk ligt op een verhoogd, door eikenbomen omringd, kerkhof. Op dezelfde plek heeft eerst een romaans kerkje uit de 12de of 13de eeuw gestaan,
24
itr-----ŵ;-.
1
ŗrmä*
Figuur 1: Foto Hernense Molen
Figuur 1: Foto Dorpskerk Leur
'fåŞÿįiĻ
Figuur 1: Foto Steenfabriek aan de Dijk (Tussen Beuningen en Weurt)
- - . 5
H
1 r«'ŵ
Figuur 1: Foto Molen Verrekijker
25
dat weer een oorspronkelijk houten kerkje verving. De dorpskerk wordt voor
werd zijn voorganger door een blikseminslag grotendeels verwoest en een jaar
het eerst genoemd aan het einde van de 13de eeuw. Het is een cultuurhistorisch
later is de huidige molen gebouwd. De molen heeft een grote landschappelijke
waardevol gebouw. Ook door zijn ligging op de rivierduinen.2
waarde en is een belangrijke cultuurhistorische baken in het gebied. De oude molen is één van de hogere bouwwerken in het gebied. s
2 https://www.oudegeldersekerken.nl/kerken/de-kerkgebouwen-van-de-sogk/leur/ 5 https:^www.molendatabase.nZnederland^olen.php?numme^l85
Hernense Molen De molen in Hernen is gebouwd in 1745 en heeft een grote landschappelijke
Weteringen
waarde en is een belangrijke cultuurhistorische baken in het gebied. De oude
De verschillende weteringen in het gebied, met name die in en rondom
molen is één van de hogere bouwwerken in het gebied. 3
de zoekzone van Windpark Beuningen, zijn belangrijke cultuurhistorische elementen. Ze getuigen van een rijke (ontginnings) geschiedenis van
3 https:^www.molendatabase.nZnederland^olen.php?numme^226
deze vroegere natte kleigronden. De weteringen zijn karakteristiek in de komgronden. Deze cultuurhistorische patronen komen daarom aan bod bij de beoordeling van de open komgronden.
Beatrixmolen (Winssen) De Beatrixmolen staat in Winssen. De molen staat sinds 1858 in Winssen maar was ca. 60 jaar daarvoor al in gebruik als een poldermolen in Alphen aan de Maas. De molen heeft een grote landschappelijke waarde en is een belangrijke cultuurhistorische baken in het gebied. De oude molen is één van de hogere bouwwerken in het gebied. *
4
https:^www.molendatabase.nZnederland^olen.php?numme^300 \
Molen De Verrekijker (Bergharen) De Verrekijker molen staat in Bergharen. De molen is gebouwd in 1904. Waarschijnlijk stond op ongeveer dezelfde plek al een molen sinds 1313. In 1903
26
Tl
tik
’Iŝľil*
«Jįj?. jĵS9Sjjo» '
wA1 , *1 V ļm*f* ļij9ffc|İP
LNļïįÄ\-V '
i
4u
,-
,N
v; 1
ìkèpĩf ~ ^ .1- J', /# r‘ ïļļ&iý'f gj
•'Vj
A
šnswrl - ';
'V
3ŕţTį
,«v »t
i&i w&S&
, ,j*n íK.^
’«*v
n
.- '* . .íwf;'ļ.ÿįİH ?f*,/ ÄíîíiÄ *'iäifr, * i ^ji j 1 ’ X.J^ \ .nļlBřlEwĮ
’ 1 icSKt-
Ŵ^i'íî: i-'Wfiį?
srap 'l'; V.-''../
ŴxíÀŕïĩi į; Hf
Foto van een het open komgronden landschap in de omgeving van het beoogde Windpark Beuningen JSÖřiî
pm i,jlHi
Beoordelingswijze MERalternatieven 29
3 Beoordelingswijze MER-alternatieven 3.1
z
De MER-alternatieven
In totaal worden er vanuit de MER drie verschillende alternatieven voorgesteld. Het vertrekpunt voor de ontwikkeling van de alternateven is gevormd door de
' Esrį Npeleŕ.ländi-Jan Willem van Aalst'
4Mm
kooisjkmt
technische- en beleidsmatge randvoorwaarden en door de locate zelf. Gezien
Beuningen
Hoeve
de huidige stand der techniek en het wind aanbod op locate zijn een aantal windturbinetypes realiseerbaar. Het aantal windturbines, de posites en de hoogtes van de windturbines zijn voor de drie alternateven verschillend. In de figuren hiernaast zijn deze gegevens te zien. (zie Figuur 18, 19 en 20)
Hooge Velt
S.Schoenaker 'ġj
Bergharen
iŵŵw Gem. \
Alternatief 1
ģpk
Gem. Beuningen (r j
r Recreatiegebiedĝ De Groene Heuvels)
Beunŕigen
«Neęrböscņļ -Jan Willem van.Áaĩir^'wwwJ.meigjs.hl
Aantal windturbines
Variant 1
Variant 2
Variant 3
4
6
8
'
i
kooistrmĩ
Hoeve
Afmetingen Ashoogte (m)
165
140
120
Rotordiameter (m)
160
140
120
Tiphoogte (m)
245
210
180
53» HoogeVeli
Bergharen
Alternatief
žL Schoenaker ui
l\ M. /Sty/W li
«Bar MÄ1
Gem. ^63 Beuningen (r 1
r Recreatiegebied^, De Groene Heuvels)
Gem. .
Beuningen ĨSJf A
'Neerböscñļ
Figuur 1: Gegevens van de drie MER-alternatieven voor Windpark Beuningen.
, ļj
- ' .Esri Npdeřlandi-Jan Willem Van Âaĩir^wwwj.meigjįnl
KASpfë* tj\ f
kooisiumt
Beuningen
noeve Hoeve
IR4Ŵ Hooge Veld
Schoenaker
Bergharen
-'G. Gem. Beuningen r RecreatiegebiedX
Alternatief 3
,
De Groene Heuvels)
Beunif BeuningscheVeld'
Figuur 1: Gegevens van de drie MER-alternatieven voor Windpark Beuningen. Figuur 1: Gegevens van de drie MER-alternatieven voor Windpark Beuningen.
30
Bosch
van Rijn
experts in renewable energy
3.2
Deze twee aandachtspunten gaan in zekere zin ook meer een relatìe aan
De beoordelingscriteria
Aan de hand van de zes landschapstypen, beschreven in het vorige hoofdstuk,
met alleen het hoogste niveau, het macroniveau, van het landschap. Alleen
worden de drie alternatìeven in het volgende hoofdstuk beoordeeld. De
op macroniveau kan verbinding gelegd worden tussen het landschap en de
beoordeling zal gaan aan de hand van een aantal beoordelingscriteria.
windturbines Z het windpark. Het beoordelingscriterium 'Ruimtelijke kenmerken en inrichtìng van het landschap' wordt daarom op beoordeeld aan de hand van
Het opstellen van de beoordelingscriteria is gedaan aan de hand van de vijf
de zes landschapstypen.
aandachtspunten opgesteld in de omgevingsverordening van de provincie Het aandachtspunt 'Visuele interferentìe met nabij gelegen windturbines' wordt
Gelderland. Deze aandachtspunten zijn als volgt:
overgenomen als een beoordelingscriterium. Bij dit beoordelingscriterium geldt - De ruimtelijke kenmerken van het landschap;
dat het niet tot weinig met landschappelijke kenmerken te maken heeft maar
- Maat, schaal en inrichtìng in het landschap;
alleen met interferentìe die het windpark heeft met andere windparken. Dit
- Visuele interferentìe met nabij gelegen windturbines;
beoordelingscriterium wordt daarom niet beoordeeld aan de hand van zes
- Cultuurhistorische achtergrond van het landschap;
landschapstypen maar krijgt een op opzichzelfstaande beoordeling.
- De beleving van de windturbine of windturbines in het landschap. Het aandachtspunt 'Cultuurhistorische achtergrond van het landschap' Deze
aandachtspunten
worden
niet gezien
als
vijf opzichzelfstaande
beoordelingscriteria en ook worden deze niet op dezelfde wijze behandeld.
wordt overgenomen als een beoordelingscriterium. Dit criterium heeft met name betrekking op landschappelijk kenmerken en objecten die vanuit de cultuurhistorie zijn voortgekomen. Deze zijn verweven met de landschapstypen
Voor de aandachtspunten 'De ruimtelijke kenmerken van het landschap' en
maar kunnen ook gezien worden als losstaande kenmerken of objecten. Dit
'Maat, schaal en inrichtìng in het landschap' geldt dat deze veel overeenkomsten
beoordelingscriterium wordt daarom niet beoordeeld aan de hand van de zes
hebben met elkaar. De maat, schaal en inrichtìng van een landschap gaan een
landschapstypen, maar aan de hand van de in het vorige hoofdstuk beschreven
direct verband aan met de ruimtelijke kenmerken van het landschap. Deze
cultuurhistorische kenmerken en objecten.
twee aandachtspunten worden daarom tìjdens de beoordeling samengevoegd tot één beoordelingscriterium:
Het aandachtspunt 'De beleving van de windturbine of windturbines in het landschap' wordt overgenomen als een beoordelingscriterium. Dit criterium
- 'Ruimtelijke kenmerken en inrichtìng van het landschap' .
heeft met name betrekking op hoe het landschap, vanuit het standpunt van een beschouwer in het landschap, beleeft wordt ten opzichte van een windturbine/ windpark. De directe omgeving kan invloed uitoefenen op de manier hoe
31
een windturbine beleefd wordt. Daarom wordt dit beoordelingscriterium
3.3
De beoordelingsschaal
beoordeeld aan de hand van de zes verschillende landschapstypen. Daarnaast
De beoordeling vindt plaats aan de hand van de verschillende score niveaus uit
speelt de afstand ten opzichte van een windturbine/ windpark ook mee in de
de beoordelingsschaal. Deze schaal is a^omstìg uit het MER-onderzoek.
beleving. Voor de landschappelijke beoordeling wordt deze echter aangepast. Alhoewel Samengevat zijn de beoordelingscriteria voor het landschappelijk beoordeling
windparken niet per se negatief hoeven te zijn op alle beoordelingscriteria,
van Windpark Beuningen als volgt:
wordt door de grootte en omvang van de huidige windturbines wel altijd het landschap beïnvloed. Windturbines en windparken geven hierdoor een nieuwe
De ruimtelijke kenmerken en inrichting van het landschap.
dynamiek aan het landschap en voegen kwaliteiten toe, of versterken huidige
Wordt beoordeeld aan de hand van de zes landschapstypen.
kwaliteiten, maar zullen door hun omvang ook altijd bestaande kwaliteiten aantasten. Daarom worden de landschappelijke criteria niet beoordeeld met de
Visuele interferentie met nabij gelegen windturbines.
score 'Positief effect' (++J. De beoordelingsschaal wordt hiernaast weergegeven.
Een op zichzelf staande beoordeling aan de hand van nabijgelegen windparken.
(zie Figuur 21)
Cultuurhistorische achtergrond van het landschap.
Effect
Beoordeling
--
Negatief effect
-
Beperkt negatief effect
0
Neutraal effect
+
Beperkt positief effect
++
Positief effect
Wordt beoordeeld aan de hand van de beschreven cultuurhistorische elementen in het landschap. De beleving van de windturbine of windturbines in het landschap. Wordt beoordeeld aan de hand van de zes landschapstypen. Om een goede beoordeling te kunnen geven wordt bij elk criterium een vraag opgesteld. Het antwoord op deze vraag bestaat uiteindelijk uit één van de scores uit de beoordelingsschaal aftomstig uit het combi-MER Windpark Beuningen.
32
'eootrũ(eU^qĤ?mJ^e
Fi3uur 1: De beoordelingsschaal afkomstig uäcombi-MER Wmdp^ ^unmgen
3.4
De beoordelingswijze
Afstand van belevingswaarde voor beoordeling
Als eerste wordt per beoordelingscriterium een toelichtìng gegeven waarbij ook
Turbines met een tìphoogte van 200+ meter zijn al vanaf enkele kilometers
de beoordelingswijze wordt beschreven.
waarneembaar. Daarom wordt tìjdens de beoordeling gekeken naar een gebied
Daarna is er een vraag opgesteld die centraal staat bij de beoordeling van het
van ca. 6 kilometer rondom het beoogde Windpark Beuningen.
betreffende landschapstype of aan de hand van een ander beoordelingsaspecten. De impact op de beleving voor waarnemers, en daarmee ook op de beoordeling, De landschapstypen of beoordelingsaspecten worden per beoordelingscriteria
is echter groter naarmate
beoordeeld aan de hand van de vier verschillende score niveaus ^,0, -, --). Deze
opzichte van de waarnemer.
windturbines op een kortere afstand staan ten
score niveaus staan bij elk criterium als laatste beschreven in een overzicht: de scoretabel. Het antwoord op de vraag is aftomstìg uit de scoretabel en bepaalt
De pagina hierna bevat een aantal voorbeeld-visualisatìes (zie figuren 23 - 26)
daarmee de uiteindelijke beoordeling van de verschillende landschapstypen
vanaf verschillende afstanden tot windturbines, om te onderbouwen tot welke
of beoordelingsaspecten. De beoordeling, inclusief de toelichtìng van de beoordeling, vindt telkens plaats in de paragraaf die volgt na de toelichtìng van
afstand de invloed van windparken op de beleving van het landschap groter zijn. Hiervoor zijn bewust voorbeelden anders dan Windpark Beuningen gebruikt,
het beoordelingscriterium. (zie Figuur 22)
omdat de aandacht moet uitgaan naar de landschappelijke eigenschappen. De afoeeldingen dienen ervoor om te laten zien hoe groot de visuele invloed van windturbines is ten opzichte van de afstand tot de waarnemer. 1
Beoordelingscriteria
Vraag
Scoretabel a.d.h.v. de beoordelingsschaal
In de voorbeeld-visualisatìes is te zien dat de windturbines op ca. 10 keer de afstand van de tìphoogte de horizon beginnen te domineren. Dit kan bij
Toelichtìng criteria
Antwoord
sommige omstandigheden meer zijn. Windturbines zijn op een grotere afstand
uit de scoretabel
al zichtbaar, met name in grote open landschappen, maar zijn dan vaak nog niet de dominerende en beeldbepalende factor in het landschap. Hierdoor tasten ze
Beoordeling per landschapstype of beoordelingsaspect Figuur 1: Schematisch stappenplan van de beoordelingswijze.
de beleving van de waarnemer ten opzichte van zijn directe omgeving minder aan. Omdat windturbines voor de beleving beeldbepalend beginnen te worden bij ca. 10 keer de afstand van de tìphoogte, wordt er binnen deze beoordeling gemeten
33
met een straal van ca. 2.45 (alternatief 1), 2.1 (alternatief 2), 1.8 (alternatief 3) kilometer (10x de afstand van de windturbines) rondom het beoogde Windpark Beuningen. Landschapstypen en andere elementen (bijvoorbeeld de cultuurhistorische waarden) binnen deze afstand worden daarom strenger beoordeelt vanuit de belevingswaarde voor waarnemers dan vanaf een verdere afstand. Op de figuren 27, 28 en 29 is te zien tot waar deze 10x de afstand van de tiphoogte ligt.
1
Bron: windpark Bijvanck, Landschappelijke beoordeling. N.B. de windturbines op deze visualisaties hebben een tiphoogte van 185 meter. Omdat de afstand tot de waarnemer wordt uitgedrukt in tiphoogtes maakt dit voor de schijnbare grootte geen verschil. Figuur 24: Windpark op een afstand van ca. 10 keer de típhoogte: de windturbines zijn goed zichtbaar en zijn duidelijk de grotere structuren op de horizon.
* » -
ŞľĩVŞB Figuur 23: Windpark op een afstand van ca. 23 keer de típhoogte; de windturbines zijn nog wel zichtbaar, maar niet dominant aanwezig.
34
Figuur 25: Windpark op een afstand van ca. 17 keer de típhoogte. De windturbines zijn zichtbaar, maar kunnen door begroeiing of bebouwing aan het zicht worden onttrokken. Ze zijn nog niet beeldbepalend op de horizon.
.Overbetuwe
Herveld-Zui Strandpark :
2 km
90*
Deest
Slijk-Ewijk inssen
ì&v iř^ kooistraat
ĵaeox
Gęm. ^Beuningen'
. Recreatiegebied te Groene Heuv
. 'Nèergļ^įļ ® Windturbines Alternatief 2 □ 2,1 km Gcm Wľjchen
1
J
I Víîfllíìíl'sgj
ìeSÜíjĝ
WOSZltótS'w*'
NM Bosch
van Rijn
Į^p^J experts in renewable energy
Figuur 26: Windpark op een afstand van 5 keer de tiphoogte; de windturbines zijn beeldbepalend en zeer dominant aanwezig. .Overbetuwe
Herveld-Zuid .įÿ
K OfW(
Strandpark Slijk-Ewijk
2 km
U"**WMRD
Deest
9o*
“”l
Slijk-Ewijk O/JK . Winssen
jfe
Berghai
î
1
Gej
’gen. .
BeuningschyZėld~įdgĩ
® Windturbines Alternatief 3 [□1,8 km Gern. Wľjchen
Wijchen
y) EE3
NM Bosch
van Rijn
experts in renewable energy
Figuur 27: Afstand lOx de tiphoogte Windpark Beuningen alternatief 1.
\
\ĩm
KM Bosch
van Rijn
Į^p^J experts in renewable energy
Figuur 29: Afstand lOx de tiphoogte Windpark Beuningen alternatief 3.
35
3.5 Foto-visualisaties Windpark Beuningen Om het effect van de opstellingen op de beoordelingscriteria duidelijk te maken is gebruik gemaakt van visualisaties. In het Figuur hieronder is de overzichtskaart van de gehanteerde waarnemingspunten voor de visualisates weergegeven (Zie Figuur 30). De gekozen locates komen voort uit de resultaten van de analyse van het landschap en de cultuurhistorie. De locates zijn genummerd. Bij verwijzingen in de tekst wordt naar de foto-visualisate nummers verwezen. Vanuit elk locate zijn er telkens drie, voor de drie verschillende alternat even, visualisates gemaakt. Op de volgende pagina's staan deze visualisates weergegeven. Herveld-Zuid Afferdcnschćen , Deestsche Waarden
2 km
Deest
^ļļffiñfSièpetjifàgebied' \ Strandpark Slijk-Ewijk
Wolferen
LW
[l oenen
Figuur 31: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 1. Foto genomen vanaf de Waaldijk ter hoogte van de Dijkstraat. Visualisatie nummer Al.
Loenen
?OK
Winssen
Afferden
Ewijk KOOISTRAAT
Beuningen
Hoeve CJ
ÌĩMěĚW^Hoogo veld
Bereharen B«; jn Beuningen
Recreatiegebiedį
De Groene Heuvels)
'Neertxgchl
□ Zoekzone Windenergie raW (ö Camerapunten
SCHMRSí Hemen
í enburg
Den Hoef
Wezel Esri Nederland. Community Map Contributor
Gem’; Wijchen JĢ
WoeZ,k
m m
ESI wd n#å
/imBbBH
36
WOEZIKSÖ
n
Bosch k van Rijn experts in renewable energy
Figuur 32: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 2. Foto genomen vanaf de Waaldijk ter hoogte van de Dijkstraat. Visualisatie nummer A2.
uį.TŨLEWŕaS į 14 p wnawSB^
w*#r-. lW?
1 ÎV .Jl _______ '
'
,l
-i
mm
Irfg* .
Figuur 33: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 3. Foto genomen vanaf de Waaldijk ter hoogte van de Dijkstraat. Visualisatie nummer A3.
Figuur 35: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 2. Foto genomen vanaf de Van Heemstraweg ter hoogte van Winssen. Visualisatie nummer B2.
ÎŬLÉW606 f/mmusĞ WKĒĚĚ
’ğS&tiglļ
L^.ÎŬtPWCW ŕyŕ'-vdļp «Hwwrc •r*ř.ìfçrn, ļļŵŪOUÖCSKBB
■Cüŭüť .
Figuur 34: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 1. Foto genomen vanaf de Van Heemstraweg ter hoogte van Winssen. Visualisatie nummer BI.
Figuur 36: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 3. Foto genomen vanaf de Van Heemstraweg ter hoogte van Winssen. Visualisatie nummer B3.
37
Figuur 38: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 2. Foto genomen vanaf de A73 net nabij knooppunt Neerbosch. Visualisatie nummer C2.
Figuur 37: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 1. Foto genomen vanaf de A73 net nabij knooppunt Neerbosch.. Visualisatie nummer Cl.
38
Figuur 39: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 3. Foto genomen vanaf de A73 net nabij knooppunt Neerbosch.. Visualisatie nummer C3.
-Ť -
-
Figuur 41: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 2. Foto genomen vanaf de N847 (Schoenenaker ter hoogte van de Nieuwe Wetering. Visualisatie nummer D2.
ft.’
igggip í - E ai- h
Figuur 40: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 1. Foto genomen vanaf de N847 (Schoenenaker ter hoogte van de Nieuwe Wetering. Visualisatie nummer Dl.
Figuur 42: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 3. Foto genomen vanaf de N847 (Schoenenaker ter hoogte van de Nieuwe Wetering. Visualisatie nummer D3.
39
ŕêpįįj.
Figuur 44: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 2. Foto genomen vanaf De Dreef bij Hernen. Visualisatie nummer E2.
WK1
äį-*».,
-j-
'rtr
Figuur 43: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 1. Foto genomen vanaf De Dreef bij Hernen. Visualisatie nummer El.
40
*-**:-' -
Figuur 45: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 3. Foto genomen vanaf De Dreef bij Hernen.. Visualisatie nummer E3.
r
mm
ft fį
Figuur 47: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 2. Foto genomen vanaf de Hoefweg bij de rotonde naar de Wethouder Bankenstraat. Visualisatie nummer F2.
■ ■.JU-.
fį®"'
Figuur 46: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 1. Foto genomen vanaf de Hoefweg bij de rotonde naar de Wethouder Bankenstraat. Visualisatie nummer Fl.
WÊĚÊtÊÊ
Figuur 48: Visualisatie Windpark Beuningen alternatief 3. oto genomen vanaf de Hoefweg bij de rotonde naar de Wethouder Bankenstraat. Visualisatie nummer F3.
41
v'^4*
L
^Viŵí:
egfay ;
4ç5ļ V'” *5 ’
5?
ňiíÉwa-^^ yir;^ tàsH
;ä',
kenũ
«ř-ġíOíįS ŵįwìM FnJI ' /* - jib sîss *ť. Ŵiji*
S
!ŵ'^Ŵrv,îS 'iiÄfcį-yy'-. 'ľ|*^
»
ffiSiV í":
^ ';V5
ŵīř' İ
Landschappelijke beoordeling MER-alternatìeven 43
SJ Landschappelijke beoordeling De ruimtelijke kenmerken en inrichting van het landschap
alleen een relate aan met andere grootschalige landschappelijke kenmerken
Kenmerken en de manier waarop het landschap is ingericht vinden hun
en structuren. Daarom wordt bij deze beoordeling alleen gekeken naar de
oorsprong in geomorfologische processen die het landschap hebben gevormd
kenmerken op het macroniveau. Dit betekent dat binnen de zes verschillende
en de manier waarop de mens het landschap vervolgens in gebruik heeft
landschapstypen (Uiterwaarden, Oeverwallen, Open komgronden, Rivierduinen,
genomen en heeft ingericht.
Kampenlandschap en Grootschalige infrastructuur) de meanderende rivieren,
4.1
de natuurlijke uiterwaarden omringd door de dijken, de hoger gelegen en Elk landschapstype kent zijn eigen ruimtelijke kenmerken. Deze kenmerken
kleinschaliger oeverwallen en rivierduinen met bebouwing, de open en
bepalen veelal de kwaliteiten en identiteit van het landschap. Enkele
grootschalige komgronden en de infrastructurele werken zoals de Rijksweg A50
voorbeelden zijn de rust en openheid die het landschap draagt, (zicht-)lijnen en
en de A73 worden meegenomen in de beoordeling.
ruimtevormende elementen die het landschap leesbaarder maken, ruimtelijke elementen die door hun omvang identteit, maat (kleinschalig of grootschalig)
Een lijn van windturbines kan ook een nieuwe structuur/kenmerk in het
en richt ng geven aan het landschap en functes die het landschap kenmerken
landschap vormen. Hoe deze structuur/kenmerk vervolgens interacteert met
zoals natuurgebieden, water of industriële terreinen.
het landschap en de manier hoe dit wordt ervaren, heeft vervolgens invloed op hoe deze wordt beoordeeld.
De rust, openheid, schaal en richt ng van het landschap worden voornamelijk
De locate van een windpark kan in zeker mate als minder negatef ervaren
bepaald door ruimtelijke lijnen en landschappelijke objecten. Lijnen zijn bijvoorbeeld de wegen, watergangen, dijken en groene lijnelementen zoals
worden wanneer deze een overgang markeert tussen twee kenmerkende
boomrijen. Deze bepalen in grote mate de richt ng en schaal van het landschap
echter ook negateve effecten opleveren wanneer, door een windpark, de
en geven daardoor ook identteit aan het landschap. Een open landschap
structuur en de kenmerken van een landschap verstoord worden.
met grote kavels en erven die op grote afstand van elkaar liggen, waar weinig
Dit kan doordat de scheiding van landschapstype is aangetast, maar ook door
beplant ng aanwezig is, wordt vaak als grootschalig en open ervaren. Een rivier
het beperken van de positeve beleving van kenmerken van een landschap.
of dijk kan een sterke richt nggevende lijn zijn binnen een landschap.
Bijvoorbeeld een natuurlijk landschap die door de komst van de industriële
gebieden en deze hierdoor de structuur van het landschap versterkt. Het kan
windturbines identteit verliest. Moderne windturbines zullen met hun ashoogte en wieklengte grote invloed hebben op de bestaande landschappelijke kenmerken en de inrichtng en
Het beoordelingscriterium 'De ruimtelijke kenmerken en inrichtng van het
dan met name op de beleving ervan. Door hun omvang overstjgen ze de
landschap' wordt beoordeeld aan de hand van de impact van de alternat even
schaal van het grootste gedeelte van het bestaande landschap en gaan ze
op de landschappelijke kenmerken en inrichtng van de zes verschillende landschapstypen.
44
De vraag die bij dit beoordelingscriterium gesteld kan worden luidt als volgt: Wat en hoe groot is de impact die het alternatief heeft op de landschappelijke kenmerken en/of inrichting van het landschapstype? Het antwoord op deze vraag bepaalt de score van het MER-alternatief per landschapstype.
Het antwoord komt uit de scoretabel die hiernaast is
weergegeven (zie Figuur 49). De beoordeling vindt plaats in de volgende paragraaf.
Scoretabel: De ruimtelijke kenmerken en inrichting van het landschap Negatief
Beperkt negatief
Het windpark is een ernst ge storende factor binnen de beleving van de ruimtelijke kenmerken en inrichtng van het landschap. Er kan geen enkele koppeling gemaakt worden met de bestaande ruimtelijke kenmerken, schaal of (in)richt ng van het landschap en het windpark.
Het windpark sluit niet aan bij de landschappelijke ruimtelijke kenmerken en inrichtng en is een storende factor in de beleving van deze kenmerken. Er kan geen duidelijke koppeling gemaakt worden met de bestaande ruimtelijke kenmerken, schaal of (in)richtng van het landschap en het windpark.
Neutraal
Beperkt positief
Het windpark sluit niet aan op de landschappelijke ruimtelijke kenmerken en inrichtng. Er kan geen duidelijke koppeling gemaakt worden met de bestaande ruimtelijke kenmerken maar het is ook niet tot nauwelijks een storende factor.
Het windpark sluit aan op (bepaalde) landschappelijke ruimtelijke kenmerken en inrichtng op macroniveau en is geen storende factor in de beleving van deze kenmerken.
Figuur 49: Scoretabel: De ruimtelijke kenmerken van het landschap.
45
Beoordeling De ruimtelijke kenmerken en inrichting van het landschap
overstijgend karakter hebben verstoren dit karakter. (zie visualisatìenummer B1 - B3). Door de aanwezigheid van onder andere veel bebouwing, wegen en opebaar groenvoorziening kennen de oeverwallen in vergelijking met de
Uiterwaarden
uiterwaarden en komgronden een wat meer industrieel (bebouwd) karakter.
De uiterwaarden zijn een waardevol natuurlijk gebied dat ook door de provincie
De windturbines die dit karakter ook kennen zijn daarom in mindere mate een
wordt erkend als een landschap van natìonaal belang. Het natuurlijke karakter
storende factor binnen de beleving van dit kenmerk (zie visualisatìenummer B1
die de uiterwaarden kennen is één van de redenen dat deze hooggewaardeerd
- B3). De windturbines staan relatief dicht bij de oeverwallen en dorpskernen
worden. Een windpark dat dit karakter niet heeft is hierdoor goed te
hierdoor worden deze aangetast. Hoe meer windturbines en hoe groter deze
onderscheiden en doet grote aforeuk aan de beleving van het natuurlijke
aantasting is. Er is dan namelijk een grotere horizonbeslag door windturbines.
karakter (zie visualisatìenummer A1 - A3). Ook de openheid die de uiterwaarden
Ook onregelmatìge afstanden van windturbines kan storend ogen.
op veel plekken kenmerkt wordt mogelijk licht aangetast door het plaatsen van
De verschillende alternatìeven scoren bij de ruimtelijke kenmerken en inrichtìng
windturbines in de omgeving (zie visualisatìenummer A1 - A3).
van het landschap de volgende scores op het landschapstype de oeverwallen:
De uiterwaarden zijn wel op een relatief grote afstand ten opzichte van de positìes van de drie alternatieven, op ca. 3.5 km afstand. Dit is buiten de 10x de tìphoogte zone. Hoe groter de windturbines hoe meer prominent aanwezig waardoor ze
Landschapstype
Alternatief 1
Alternatief 2
Alternatief 3
Oeverwallen
het open natuurlijke karakter zullen verstoren. De grootste windturbines van alternatìef 1 zijn daarom meer storend (zie visualisatìenummer A1). Toch is het
Komgronden
niet zoveel meer storend dat deze een 'negatìef' krijgen.
Het landschap van de komgronden kent een open en grootschalige karakter.
De verschillende alternatieven scoren bij de ruimtelijke kenmerken en inrichtìng
De windturbines kunnen de openheid in kleine mate aantasten doordat ze
van het landschap de volgende scores op het landschapstype de uiterwaarden:
onderdeel uitmaken van de horizon en door hun grootte goed opvallen (zie
Landschapstype
Alternatief 1
Alternatief 2
Alternatief 3
Uiterwaarden
visualisatìenummer D1 - D3). De grootschaligheid van het gebied past wel bij de grootschaligheid van windturbines. Bij de grote windturbines kan het schaal verkleinende effect optreden waardoor het grootschalige landschap verkleind lijkt. Dit heeft een negatìef effect op deze kenmerken. Hoe groter de windturbine
Oeverwallen
hoe meer dit effect zal optreden. Maar ook plaatsingsafstand en aantallen zal
De oeverwallen kennen in tegenstelling tot de uiterwaarden een wat meer
hier invloed op uitoefenen.
besloten en kleinschaliger karakter. De windturbines die een zeer grote landschap
De verschillende alternatìeven kennen verschillende aantallen in windturbines hierdoor is er te spreken over verschillende aantastingen van de horizon van de
46
komgronden. De alternatieven beïnvloeden de kenmerken van de lange rechte
windturbines.
lijnen, die kenmerkend zijn in de open komgronden wanneer deze niet in rechte
windturbines minder prominent aanwezig zijn. De alternat even zijn hierin niet
lijnen staan evenwijdig aan de lange lijnen van het gebied.
onderscheidend.
De verschillende alternat even scoren bij de ruimtelijke kenmerken en inrichtng
De verschillende alternat even scoren bij de ruimtelijke kenmerken en inrichtng
van het landschap de volgende scores op het landschapstype de komgronden:
van het landschap de volgende scores op het landschapstype Kampenlandschap:
Landschapstype
Alternatief 1
Alternatief 2
Alternatief 3
Door
de
aanwezigheid
Landschapstype
van
Alternatief 1
(laan)beplantng
Alternatief 2
zullen
de
Alternatief 3
Komgronden
Kampenlandschap
Rivierduinen
Grootschalige infrastructuur
De rivierduinen kennen een wat meer besloten en kleinschaliger karakter.
Door de A50 en de A73 zal het windpark op meso- en op macroniveau
De windturbines die een zeer grote landschap overstijgend karakter hebben
ook onderdeel gaan uitmaken van deze grootschalige infrastructuren (zie
verstoren dit karakter. (zie visualisatenummer E1). De dorpen hebben een
visualisatenummer C1 - C3). Hier zal eerder een koppeling gemaakt worden
landelijk karakter en kennen relatef veel groen. Daarentegen hebben de
wanneer men zich door het landschap of over de lijnen heen beweegt.
windturbines een wat meer industrieel karakter. Deze zijn daarom een grotere
De alternat even bestaan uit meerdere verschillende windturbines maar in alle
storende factor. Het uitzicht vanaf de hoger gelegen rivierduinen op het open
drie de alternat even komen deze langs het wegtracé te liggen. Het karakter van
landschap rondom wordt verstoort. Hierdoor verliezen de rivierduinen identteit.
zowel de snelweg als de windturbines zijn vergelijkbaar (industrieel). Daardoor
De verschillende alternat even scoren bij de ruimtelijke kenmerken en inrichtng
valt er nauwelijks te spreken over een negatef effect op beleving van de
van het landschap de volgende scores op het landschapstype de rivierduinen:
infrastructurele lijn.
Landschapstypen
Alternatief 1
Alternatief 2
Alternatief 3
Rivierduinen
Kampenlandschap Het landschap van het kampenlandschap is een kleinschaliger landschap in
De verschillende alternat even scoren bij de ruimtelijke kenmerken en inrichtng van het landschap de volgende scores op het landschapstype de Grootschalige infrastructuur : Landschapstype Grootschalige infrastructuur
Alternatief 1
Alternatief 2
Alternatief 3
0
0
-
vergelijking met de komgronden. De dynamische vormen binnen dit landschap staan tegenover de rechte lijnen van de alternateven. De beekstromen die een natuurlijk karakter hebben zullen worden aangetast door de industriële
47
Visualisastie van MER-alternatief 1 Windpark Beuningen 48
* . rk.
van MER-alt '
ef 1 Windpark Beuningen
-
49
4.2 Visuele interferentie met een nabijgelegen windpark
relatef laag met ca. 30 meter hoogte. De alternateven van het windpark komen
Windparken kunnen grote invloed uitoefenen op eikaars inpassing. Zij kunnen
wel op korte afstand te liggen van dit tracé.
elkaar qua inpassing versterken of juist verstoren. Voornamelijk windparken die ten opzichte van elkaar verschillen in opstelling, kunnen (negateve) invloed
Het beoordelingscriterium
'Visuele
interferente met een
nabijgelegen
op elkaar uitoefenen. Daarnaast kunnen ook bouwvorm en hoogte van de
windpark' wordt beoordeeld aan de hand van de locate van het windpark ten
windturbines eikaars inpassing beïnvloeden.
opzichte van de nabijgelegen windparken en het hoogspanningstracé en dan
Wanneer windturbines (of andere hoge bouwwerken) achter elkaar zichtbaar
met name de hoogspanningsmasten.
zijn, zullen deze visueel samenklonteren, waarbij de rotoren voor elkaar langs draaien. Zodoende wordt de opstellingsvorm onherkenbaar en ontstaat een
Er wordt gekeken of de windparken en het hoogspanningsmasten invloed op
onrustg beeld. Door de perspect vische verkleining van windturbines die op de
elkaar uitoefenen. De vraag die bij dit beoordelingscriterium gesteld kan worden
achtergrond staan, treedt interferentie op tot een onderlinge afstand tot ca. 3