01 Toelichting en regels BP Ecowieck Ewijk.pdf
Tekst van het document
buro WAAL BRUG
Bestemmingsplan Ecowieck Ewijk Gemeente Beuningen
Ontwikkelkader Ecowieck, Beuningen
Dpenbaar gebied (ontsluiting, parkeren, groen) Openbaar gebied (oevers)
Bestaande waterlopen
Uitbreiding, nieuw water (3.2SO m') windsingel langs Ewijk
Gebied sontsluiting Clusterontsluiting Bomenrij fruitbomen
Ontwikkelgebied (16.100 nV)
Onderhoudspad Historische vuurplaats
Noord
17 maart 2021 DIEKMAN landschapsarchitecten - BREEN stedenbouw
NL.IMRO.0209.BPEcowieckEw-vadf | vastgesteld Projectnr. W-20105 | 30 september 2021
Gemeente Beuningen Bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
WAAL BRUG
Vestigingsadres: Schoenaker 10, 6641 SZ Beuningen Telefoonnummer 024 - 675 23 56 Emailadres info@burowaalbrug.nl Website www.burowaalbrug.nl Rekeningnr. IBAN NL98 RABO 0302 2351 59 KvK Nummer 58365524 BTW Nummer NL8530.06.453.B01
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Inhoudsopgave
Toelichting
5
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging plangebied 1.3 Geldende plannen 1.4 Leeswijzer
6 6 6 7 9
Hoofdstuk 2 Gebiedsvisie 2.1 Bestaande situatie 2.2 Toekomstige situatie
10 10 10
Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Nationaal beleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijk beleid 3.4 Conclusie
14 14 15 17 19
Hoofdstuk 4 Milieu- & omgevingsaspecten 4.1 Bodem 4.2 Geluid 4.3 Milieuzonering 4.4 Luchtkwaliteit 4.5 Geur 4.6 Externe veiligheid 4.7 Waterhuishouding 4.8 Ecologie 4.9 Cultureel Erfgoed 4.10 Leidingen 4.11 Vormvrije MER-beoordeling
20 20 22 23 25 26 27 29 33 36 37 37
Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1 Algemeen 5.2 Bestemmingsplan
39 39 40
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Economische uitvoerbaarheid 6.2 Inspraak & Overleg 6.3 Zienswijzen
42 42 42 42
Bijlagen toelichting
44
Bijlage 1
Verkennend en nader bodemonderzoek
45
Bijlage 2
Onderzoek bedrijven en milieuzonering
46
Bijlage 3
Oriënterend onderzoek flora en fauna
47
Bijlage 4
Aanvullend onderzoek kleine marterachtigen
48
Bijlage 5
Stikstofdepositieonderzoek
49
Bijlage 6
Geohydrologisch Onderzoek
50
Bijlage 7
Nota Zienswijzen
51
2
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Regels
52
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
53 53 57
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9
Bestemmingsregels Groen Verkeer Water Wonen Woongebied Waarde - Archeologie 1 Waterstaat - Waterlopen
58 58 59 60 61 65 69 71
Hoofdstuk 3 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels
72 72 72 73
Hoofdstuk 4 Artikel 13 Artikel 14
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
74 74 74
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
3
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
4
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Toelichting
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
5
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Medio maart 2017 heeft de gemeenteraad van Beuningen een motie aangenomen voor het realiseren van een ecologische en duurzame wijk in Ewijk. Een belangrijk aspect van deze motie is om aspirant kopers mee te laten denken bij de totstandkoming van de stedenbouwkundige opzet en daarmee de concrete inrichting van de wijk. Op 20 februari 2018 heeft de gemeenteraad besloten om de ecologische wijk ter plaatse van het nog te ontwikkelen perceel Keizershoeve III te realiseren. Daarbij zijn een aantal eco-principes vastgesteld als uitgangspunt voor de ontwikkeling van de wijk. Deze principes zijn gericht op biodiversiteit, klimaat, materiaalgebruik, energie en vitaliteit. Het project heeft de toepasselijke naam Ecowieck gekregen en wordt gerealiseerd, middels collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO). In samenwerking met twee CPO-groepen is een vlekkenplan opgesteld, waarin de stedenbouwkundige en ecologische kaders zijn vastgelegd. De CPO-groepen gaan aan de slag met de uitwerking van hun vlek. De ontwikkeling van de Ecowieck omvat de bouw van maximaal 73 woningen, waarvan minimaal 30 /o sociale woningbouw. De nieuwe woningen passen niet in het geldende bestemmingsplan. Om de gewenste ontwikkeling van de nieuwe wijk toch mogelijk te maken is het noodzakelijk de geldende bestemmingsplannen voor de gronden in het plangebied te herzien.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied is gelegen ten oosten van de kern Ewijk, ingeklemd tussen de dorpen Beuningen en Ewijk, in het gebied Keizershoeve. Dit is een opzichzelfstaand gebied met clusters van sportvoorzieningen, bestaande agrarische kavels en woningbouw. Ecowieck is één van de nieuwbouwclusters in Keizershoeve. De hoofdontsluiting voor de Ecowieck bestaat uit de Hekkeslag en de Klaphekstraat. De Hekkeslag loopt dwars door het plangebied en splitst de wijk in een noordelijk en een zuidelijk plandeel. Navolgende afbeeldingen tonen de globale ligging en begrenzing van het plangebied in de omgeving. Voor de exacte begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding van het bestemmingsplan.
■YAN-HEEMStRAWFG-
Beuningen
Wffm
Globale ligging plangebied (rode stip)
6
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
THE
ìOtBAS'
:v‘ř .:
^ĚřļĮŴfcr
'fjķ Â w .
IM r
ft - V
rcAi Kt. él//
Käi . m
iŕ.ŭfi Globale begrenzing plangebied (rode omkadering)
1.3
Geldende plannen
Voor de gronden in het plangebied gelden: » het bestemmingsplan 'Buitengebied Ewijk', zoals de gemeenteraad dat op 19 februari 1974 heeft vastgesteld; » het bestemmingsplan '1e fase Keizershoeve 3 Ewijk', zoals de gemeenteraad dat op 10 mei 2016 heeft vastgesteld » de beheersverordening 'Randzone Ewijk', zoals de gemeenteraad die op 3 juni 2013 heeft vastgesteld. x'Xttt f// /Ų ■* 4 * * + * *
***+ +** + * *+***
* * *
*+ *
* ,v * *
’ *+Z+* v* *
t* » y
mm wé
xf.x
x/ř,
,.,.... .'sgiįv. .///gprsşç... M . y
Uitsnede geldende plannen met globale aanduiding plangebied (rode omkadering) De gronden binnen het bestemmingsplan 'Buitengebied Ewijk', zijn bestemd als 'Agrarisch gebied B' met daarop enkele bouwpercelen. Binnen deze bestemming is het niet mogelijk om een woongebied te realiseren. Voor de gronden ter plaatse van de ontsluitingsweg de Hekkeslag en de zuidelijke percelen binnen het plangebied geldt het bestemmingsplan '1e fase Keizershoeve 3 Ewijk' en specifiek de bestemming 'Verkeer'. Deze gronden zijn als zodanig bestemd ten behoeve van het doortrekken van de ontsluitingsweg vanuit Keizershoeve II naar de Klaphekstraat (De Hekkeslag) en een (langzaam)verkeersverbinding aan de zuidzijde van het plangebied. Er is toen gekozen voor een ruimer bestemmingsvlak, om flexibiliteit te behouden in de uitwerking. Daarnaast gelden voor een deel van de betreffende gronden de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie 1' en 'Waterstaat Waterlopen'.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
7
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
rm
Uitsnede verbeelding geldend bestemmingsplan '1e fase Keizershoeve 3 Ewijk' met globale aanduiding plangebied (rode omkadering) De zuidwesthoek van het plangebied valt binnen de beheersverordening 'Randzone Ewijk'. De betreffende gronden ter plaatse van de Klaphekstraat hebben de bestemming 'Verkeer' en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2'
''TL* :
t m
Uitsnede verbeelding geldende beheersverordening 'Randzone Ewijk' met globale aanduiding plangebied (rode omkadering) De realisatie van maximaal 73 burgerwoningen met openbare ruimte, watercompensatie en (langzaam)verkeersverbindingen is niet mogelijk binnen de geldende bestemmingsplannen en de geldende beheersverordening. Vandaar dat het noodzakelijk is een nieuw bestemmingsplan vast te stellen.
8
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
1.4
Leeswijzer
Het bestemmingsplan bestaat uit meerdere onderdelen: een verbeelding waarop de bestemmingen in het plangebied zijn aangegeven en regels waarin de bepalingen voor de op de verbeelding vermelde bestemmingen zijn opgenomen. Het bestemmingsplan gaat vergezeld van een toelichting waarin de achtergronden van het bestemmingsplan zijn beschreven. De verbeelding vormt samen met de regels het juridische bindende deel van het bestemmingsplan. In de toelichting worden de keuzes die in het bestemmingsplan worden gemaakt nader gemotiveerd en verantwoord. De toelichting kan globaal opgedeeld worden in vier delen. Inleiding en gebiedsvisie In hoofdstuk 1 zijn de aanleidingen en het kader voor de planherziening beschreven. Hoofdstuk 2 geeft een beschrijving van de huidige en toekomstige situatie van het plangebied. Verantwoording Hoofdstukken 3 en 4 geven de achtergronden, toelichting en motivatie op de gemaakte keuzen weer die uiteindelijk hebben geleid tot de uitgewerkte planopzet. In dit planonderdeel worden onder meer het (beleids)kader en de milieuaspecten uiteengezet. Juridische planbeschrijving In hoofdstuk 5 wordt de juridische planopzet beschreven. Doel is een nadere onderbouwing te geven wat met het plan wordt beoogd en hoe de instrumenten regels en verbeelding hierbij worden gehanteerd.
Uitvoerbaarheid Het laatste deel (hoofdstuk 6) gaat in op de financieel-economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
9
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Hoofdstuk 2 2.1
Gebiedsvisie
Bestaande situatie
Ecowieck ligt op de overgang van de oeverwal naar de open komgronden. Het plangebied is een gebied waar generaties lang fruit is gekweekt. Het noordelijk deel van Ecowieck bestaat uit restanten van een oude boomgaard, waarin oude hoog- en laagstam fruitbomen en verschillende andere soorten loofbomen staan. Het zuidelijk deel van het plangebied bestaat uit omheinde landbouwgronden. Langs de oostkant, tegen Keizershoeve II, ligt een A-watergang. In oost-west richting liggen verschillende sloten, die afwateren op de A-watergang.
şŗäp
flNsaàt;
Impressie van het plangebied In de directe nabijheid van het plangebied zijn, aan de oost-, zuid- en westzijde, voornamelijk burgerwoningen gelegen. Ten westen van het plangebied bevind zich de lintbebouwing langs de Klaphekstraat en ten oosten bevindt zich de woonbebouwing uit ’t Hof van Campe, onderdeel van het nieuwe woongebied Keizershoeve II. Uitzonderingen hierop zijn een autobedrijf aan de Klaphekstraat en de landbouwgronden ten noorden van het plangebied.
2.2
Toekomstige situatie
Ontwikkelplan Ecowieck De gemeente Beuningen heeft een ontwikkelplan (d.d. december 2020) laten opstellen voor de Ecowieck. Het ontwikkelplan is samengesteld door een samenwerking tussen de gemeente, toekomstige gebruikers en enkele externe adviseurs. Juist de betrokkenheid van toekomstige gebruikers maakt het ontwikkelplan operationeel en toekomstbestendig. Het Ontwikkelplan Ecowieck geeft op een ruimtelijke en programmatische manier de toekomstige inrichtingsmogelijkheden van Keizershoeve III weer. Het is een schematische en heldere onderlegger voor de aanwijzing van gebieden waar woningbouw kan worden ontwikkeld. Daarnaast borgt het de inrichting en kwaliteit van de openbare ruimte. Juist de openbare ruimte zal een belangrijke bijdrage aan de toekomstige identiteit van het gebied en de samenhang binnen het gebied borgen. Het Ontwikkelplan is de onderlegger voor verdere planvorming en vormt de basis voor een nieuw bestemmingsplan en verdere planuitwerking van de CPO's. Het ontwikkelplan en het bestemmingsplan samen vormen de basis voor begeleiding en toetsing van ecologische bouwinitiatieven.
10
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Ecowieck bestaat uit een openbaar- en een uitgeefbaar gebied. Het uitgeefbaar gebied bestaat uit een deelgebied aan de noordzijde van Hekkeslag (6.700m2) en een deel aan de zuidzijde van deze weg (9.850 m2). De bebouwing die hier wordt ontwikkeld moet op enige manier een bijdrage aan ecologisch wonen leveren. Tezamen wordt het een ecologische woonbuurt. Voor het plangebied is het navolgende ontwikkelkader ontworpen: mm Ontwikkelkader Ecowieck, Beuningen
Openbaar gebied (ontsluiting, parkeren, groen) Openbaar gebied (oevers)
Bestaande waterlopen Uitbreiding, nieuw water (3.250 m2) Windsingel langs Ewijk
Gebied sontsluiting Clusterontsluiting
Bomenrij
:ruitbomen H
Ontwikkelgebied (16.100 nV) Onderhoudspad
O
Historische vuurplaats
Noord
DIEKMAN landschapsarchitecten - BREEN stedenbouw
Ontwikkelkader Ecowieck Openbaar gebied In het gebied Keizershoeve zijn structuren van lineaire bomenrijen aanwezig. Deze wegbeplanting vormt een groenstructuur die de verschillende dorpen met elkaar verbindt. In Ecowieck wordt deze structuur doorgezet. Langs de Hekkeslag wordt aan de zuidzijde een bomenrij aangebracht, waarlangs een onverhard wandelpad ligt. Aan de zuidzijde van het plangebied, wordt als geleiding van een vrijliggend langzaam verkeerspad, ook een bomenrij aangebracht.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
11
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Langs de aangrenzende kavels aan de Klaphekstraat komt een bosplantsoen als groene buffer. Deze groenstrook van 4,0 m breed en 3,0 hoog benadrukt de scheiding tussen het dorp Ewijk en de bebouwingsclusters-in-het-groen van Keizershoeve. Om het bosplantsoen te kunnen onderhouden wordt een onderhoudspad van 2,0 m breed vrijgehouden van obstakels. Direct naast het bosplantsoen wordt een groene noord-zuid zone ingericht. De uitstraling van dit gebied wordt open en parkachtig. Hier worden fruitbomen in een los patroon in het gras geplant. Het gebied wordt zo ingericht dat er bij het binnenrijden zicht op het water met natuurlijke oevers en de ecologisch bebouwing is. De watergang aan de oostzijde van het plangebied, die van noord naar zuid loopt, vormt de hoofdontwatering van het gebied. Deze wordt in de richting van het ontwikkelgebied verbreed. De bestaande watergang aan de noordkant van het plangebied wordt eveneens verbreed ten behoeve van de watercompensatie. Deze verbredingen voldoen aan de uitgangspunten van Waterschap Rivierenland. In het gebied ten zuiden van Hekkeslag is een nieuwe watergang (inclusief beschermingszones) voorzien, die sterk structurerend werkt en een scheiding vormt tussen het uitgeefbaar- en het openbaar gebied. Deze nieuwe watergang vormt een uitbreiding van het bestaande orthogonale waterstelsel.
Dit water heeft aan de zijde van het ontwikkelgebied een natuurvriendelijke oever die een goede bijdrage levert aan de toename van de biodiversiteit en die sterk beeldbepalend is wanneer men het zuidelijk deel van het ontwikkelgebied binnen komt. De oever gaat over in de ecologische woongebieden. Verkeer en parkeren De wegen en parkeergebieden in het openbare gebied worden met minimale verharding vormgegeven. Dit is deels om het groene karakter van deze zone te benadrukken en deels om een bijdrage aan regenwateropvang en afvoer te leveren. De noord-zuid ontsluitingsweg wordt breed genoeg voor tweerichting gebruik. Tussen de ontsluitingsweg en het bosplantsoen worden enkele parkeerplekken voor bezoekers ingericht. Gezien de ecologische gedachte wordt afgeweken van de gemeentelijke parkeernorm. Dit omdat er qua ruimte voldoende uitwijkmogelijkheden zijn naar de omgeving in combinatie met het feit dat er ook gebruik gemaakt zal worden van deelauto's. Voor de Ecowieck wordt daarom een parkeernorm van 1,8 parkeerplaats per woning aangehouden. Het staat de CPO's vrij om te bepalen waar de parkeerplekken in het uitgeefbaar gebied worden ingericht. De bezoekersparkeerplekken, in het openbaar gebied, worden in kleine aantallen geclusterd. Tussen de clusters is ruimte voor fruitbomen, zodat deze over de gehele lengte van de entreezones verspreid kunnen worden geplant.
Uitgeefbaar gebied Het ontwikkelgebied (ruim 16.000 m2) is onderverdeeld in deelgebieden. Deze gebieden zijn toegewezen aan CPO’s en twee gezinnen die de toezegging hebben zich in het plangebied te vestigen. De ontwikkeling van de Ecowieck omvat de bouw van maximaal 73 woningen, waarvan minimaal 30 /o sociale woningbouw. Naast individuele woningen kunnen binnen het uitgeefbare gebied ook gezamenlijke ruimtes gecreëerd worden, zoals ontmoetingsplekken of plekken voor energieopwekking, een helofytenfilter of een moestuin. De woningen kunnen geen gebruik maken van fossiele brandstoffen vanaf het gemeentelijk netwerk. De CPO’s zorgen zelf voor energie- en warmtevoorzieningen en zullen de afvalproductie minimaliseren. De toekomstige ecologische bebouwing mag welstandvrij worden ontworpen. Het is wel expliciet gewenst dat de bebouwing in materialisering, bouwwijze of indeling vorm geeft aan de ecologische principes. Circulair bouwen is hierbij het uitgangspunt. Binnen het uitgeefbare gebied is sprake van uiterste bouwgrenzen, buiten deze grenzen mag niet worden gebouwd. De begrenzing komt deels voort uit ruimtereserveringen voor onderhoud van groen en/of water en deels uit het bewaken van de ruimtelijke kwaliteit langs de randen naar het openbaar gebied. Naast uiterste bouwgrenzen wordt op enkele plekken geadviseerd geen achterkant van bebouwing toe te staan.
Dit speelt voornamelijk op beeldbepalende plekken zoals langs de Hekkeslag en delen van de entreegebieden.
12
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
In het noordelijk deelgebied komt naast de woningen een gemeenschappelijke voorziening (voor wasmachines, een logeerkamer, een huiskamer, berging voor mandelig gebied e.d.) voor de bewoners van Ecowieck. Dit gebouw heeft een maximum bruto vloeroppervlakte van 180 m2 en bestaat uit maximaal 1,5 bouwlaag. Het gebouw wordt voor een (groot) deel openbaar voor derden. Om de overgang van flauwe natuurlijk ingerichte oevers naar de woongebieden zo vloeiend en uitgestrekt mogelijk te maken wordt aangemoedigd de groene ruimtes van de CPO’s niet alleen intern in te richten maar ook langs de randen. Dit draagt bij aan de algehele identiteit van ecologisch wonen. In het noordelijk plangebied staat het restant van een oude boomgaard. Niet alle bomen kunnen behouden blijven, maar er wordt expliciet naar de mogelijkheden gekeken. Ook is uit een archeologisch onderzoek gebleken dat er vroege vormen van bewoning zijn geweest. Verkeer en parkeren De ontsluitingsplekken van de deelgebieden staan aangegeven op de ontwikkelkaart. De exacte ligging van de straat wordt nader bepaald in overleg met de CPO’s. Binnen het ontwikkelgebied worden door de CPO’s wegen aangelegd. Deze wegen moeten voldoen aan de minimale gemeentelijke normen.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
13
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Hoofdstuk 3
Beleidskader
3.1
Nationaal beleid
3.1.1
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte
De kaders van het rijksbeleid zijn opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). In de SVIR schetst het Rijk de ambities tot 2040 en de doelen, belangen en opgaven tot 2028. Daarmee moet Nederland concurrerend, bereikbaar en veilig worden. De structuurvisie gaat uit van het adagium 'decentraal, tenzij'. Het Rijk kiest voor een selectievere inzet van rijksbeleid op slechts 13 nationale belangen. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Dit betekent dat de verantwoordelijkheid voor het ruimtelijk beleid meer bij provincies en gemeenten komen te liggen. Het Rijk zal zich alleen bezig houden met de zaken die prioriteit hebben. Afspraken over verstedelijking, groene ruimte en landschap laat het Rijk over aan de provincies en gemeenten. Bij het beheren en ontwikkelen van natuur krijgen boeren en particulieren in het landelijk gebied een grotere rol. De structuurvisie is juridisch vertaald in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), zie subparagraaf 3.1.2. Planspecifiek Voor onderhavig plangebied zijn geen specifieke doelstellingen geformuleerd. De SVIR is niet specifiek van toepassing op het plangebied.
3.1.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening
Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) borgt een aantal van de nationale ruimtelijke belangen die deel uitmaken van het geldende nationale ruimtelijke beleid, zoals beschreven in de SVIR. In het Barro, ook wel bekend als de AMvB Ruimte, zijn 14 nationale belangen opgenomen die juridische borging vereisen. Het besluit is gericht op doorwerking van de nationale belangen in provinciaal beleid en gemeentelijke bestemmingsplannen. Dat betekent dat het Barro voor de opgenomen onderwerpen regels geeft over bestemmingen en het gebruik van gronden. Daarnaast kan zij aan de gemeente opdragen in de toelichting bij een bestemmingsplan bepaalde zaken uitdrukkelijk te motiveren. Planspecifiek Voor onderhavig plangebied zijn geen specifieke doelstellingen geformuleerd. Het Barro is niet specifiek van toepassing op het plangebied.
3.1.3
Ladder voor duurzame verstedelijking
De in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geïntroduceerde 'ladder voor duurzame verstedelijking' is als procesvereiste vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). In het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling moet in de toelichting een onderbouwing opgenomen worden van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hierbij wordt uitgegaan van de 'ladder voor duurzame verstedelijking'. De ladder worden in artikel 3.1.6, lid 2 Bro als volgt omschreven: 'De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.'
14
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
In het kader van de duurzame ladder wordt ten aanzien van de definitie van bestaand stedelijk gebied de definitie uit de Bro gehanteerd: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal-culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur.' Volgens de nota van toelichting bij het Bro moet worden bekeken of door het benutten van leegstaande verstedelijkingsruimte in bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien in de behoefte. Zoals ook volgt uit onder andere de uitspraak met het nummer 201303578/1/R4 kunnen, naar het oordeel van de Raad van State, planologische mogelijkheden waarvan nog geen gebruik is gemaakt, als leegstaande verstedelijkingsruimte worden aangemerkt. Een dergelijke locatie wordt gezien als onderdeel van het bestaand stedelijk gebied. Conform actuele jurisprudentie wordt een ontwikkeling van 12 woningen of meer gezien als stedelijke ontwikkeling. Planspecifiek Met dit plan wordt de realisatie van maximaal 73 woningen mogelijk gemaakt. Daarmee is sprake van een stedelijke ontwikkeling, welke getoetst moet worden aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Ten aanzien van de eerste trede van de ladder kan worden gesteld dat het voorliggende plan voorziet in een regionale woningbehoefte.
De voorgenomen ontwikkeling past binnen de regionale woonagenda en de ontwikkeling van een duurzame en ecologische wijk, met deels betaalbare woningen, behoort tot de doelen van het gemeentelijke woonbeleid, zie subparagraaf 3.3.2. Gezien de duurzaamheidsambities en de grote druk op de woningmarkt is het van belang om de beoogde ontwikkeling te realiseren. Wat betreft de tweede trede is sprake van een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Ecowieck vormt de derde fase van de ontwikkeling van Keizershoeve en ligt tussen de woonbebouwing uit Keizershoeve fase twee en de bestaande kern Ewijk. De ontsluitingsweg de Hekkeslag is reeds doorgetrokken om de woonwijk uit fase twee te verbinden met c.q. bereikbaar te maken vanuit de kern Ewijk. Het plan voldoet daarmee aan de eisen van de ladder voor duurzame verstedelijking.
3.1.4
Conclusie
In het plangebied zijn geen nationale belangen in het geding.
3.2
Provinciaal beleid
Op 19 december 2018 hebben Provinciale Staten de Omgevingsvisie en de bijbehorende Omgevingsverordening vastgesteld. In de Omgevingsvisie staan de hoofdlijnen van het beleid en in de Omgevingsverordening de regels en afspraken om de opgaven uit de Omgevingsvisie te realiseren. De Omgevingsvisie en -verordening zijn allebei op 1 maart 2019 in werking getreden. De Omgevingsvisie en -verordening zijn dynamische instrumenten. Doordat wetten veranderen of door de komst van nieuwe initiatieven, kijkt de provincie twee keer per jaar of de plannen moeten worden aangepast.
3.2.1
Omgevingsvisie Gaaf Gelderland
De komende decennia komt er veel op Gelderland af: het energievraagstuk, klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, kwetsbare biodiversiteit, digitalisering, internationalisering. Deze zaken vragen stevige antwoorden en oplossingen als investering in de toekomst. Met de schaarse ruimte en de vele uiteenlopende belangen en inzichten gaat dit niet vanzelf. De provincie zet in de Omgevingsvisie een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland centraal. » Gezond en veilig; dat is een gezonde leefomgeving, schone en frisse lucht, een schoon milieu, een niet vervuilde bodem, voldoende schoon en veilig (drink)water, bescherming van onze flora en fauna. Dat is ook voorbereid zijn op klimaatverandering, zoals hitte, droogte, bosbranden en overstromingen. En dat is ook aandacht hebben voor verkeersveiligheid en veilige bedrijvigheid.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
15
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
»
Schoon en welvarend; dat is een dynamisch, duurzaam en aantrekkelijk woon-, werk- en ondernemersklimaat, goed bereikbaar en met een goed functionerende arbeidsmarkt en dito kennis- en onderwijsinstellingen. Maar dat is ook het tegengaan van schadelijke uitstoot, afval en uitputting van grondstoffen, alsmede het investeren in nieuwe, alternatieve vormen van energie. Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekkelijk te houden, is de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang, zoals goed bereikbare voorzieningen, aansprekende evenementen, unieke cultuurhistorie, inspirerende culturele voorzieningen en een mooie natuur. Ook goed wonen hoort daarbij. Gelderland heeft op woongebied een bijzondere positie met uiteenlopende stedelijke en landelijke woonkwaliteiten. Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand verstedelijkt gebied het vertrekpunt. De provincie geeft de voorkeur aan het benutten van bestaande gebouwen en het concentreren van bebouwing. Pas als er geen andere goede mogelijkheden zijn, kan er aan de randen van steden of dorpen uitgebreid worden. De dynamiek op de woningmarkt is groot. Mensen worden ouder, wonen steeds langer alleen en zelfstandig, worden steeds meer energiebewust en zijn mobieler dan vroeger, waardoor ze ook meer en makkelijker verhuizen.
Het grootste deel van de woningen die in 2050 in Gelderland nodig zijn, staat er al. Maar deze woningen zijn niet klaar voor de toekomst en moeten aangepast of vervangen worden. Voor de provincie staat een goede balans tussen de vraag en aanbod van woningen in verschillende prijscategorieën voorop, ook voor specifieke doelgroepen. De meeste woningen zijn verre van energieneutraal en klimaatbestendig. De provincie stimuleert innovaties op dit terrein, zoals het aardgasloos maken van bestaande woningen en het verduurzamen van woonwijken. Daarnaast is de provincie met haar partners in gesprek over hoe het vraagstuk van klimaatadaptatie en wonen slimmer aangepakt kan worden. Voldoende groene ruimte, koele plekken, opvang van water in het licht van de klimaatverandering is immers van belang, zeker met het oog op de gezondheid van de Gelderlanders. Planspecifiek De beoogde ontwikkeling sluit aan bij het vertrekpunt dat zoveel mogelijk binnen bestaand stedelijk gebied gebouwd wordt. Bovendien betreft het de ontwikkeling van een ecologische wijk, waarbij de nadruk ligt op het creëren van ecologische condities om de biodiversiteit in de bebouwde omgeving te behouden en de levenskwaliteit van bewoners te verbeteren. Doelstellingen op het gebied van energiegebruik, sociale toekomstwaarde en zelfvoorzienend wonen (energieneutraal) zijn hierdoor te verwezenlijken.
De Omgevingsvisie doet verder geen specifieke uitspraken die van belang zijn voor de voorliggende ontwikkeling. De Omgevingsvisie vormt geen belemmering voor de nieuw te bouwen burgerwoningen.
3.2.2
Omgevingsverordening Gelderland
De Omgevingsverordening vormt de juridische doorwerking in regels van het beleid uit de Omgevingsvisie. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de Provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Onderzoek en conclusie In artikel 2.2 van de omgevingsverordening is opgenomen dat een bestemmingsplan alleen nieuwe woningen mogelijk maakt als die ontwikkeling past binnen een door Gedeputeerde Staten vastgestelde regionale woonagenda. Zoals in subparagraaf 3.3.2 is beschreven, past de beoogde ontwikkeling zowel binnen de woonvisie alsmede binnen het gemeentelijke woningbouwprogramma (en daarmee binnen de regionale woonagenda). Zodoende is het plan passend binnen de omgevingsverordening.
16
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
3.2.3
Conclusie
In het plangebied zijn geen provinciale belangen in het geding.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Structuurvisie Gemeente Beuningen
De gemeentebrede Structuurvisie is op 8 mei 2012 vastgesteld. De structuurvisie is een ontwikkelingsvisie met een richtinggevend en programmatisch karakter. Het bevat integrale keuzen voor de hoofdlijnen van het gemeentelijk ruimtelijk beleid voor de komende jaren en wordt ingezet als onderdeel van een ruimtelijke onderbouwing voor bestemmingsplannen, omgevingsvergunningen en voorbereidingsbesluiten. Motto van de structuurvisie is dat de gemeente groen en dynamisch wil zijn. In essentie is het ruimtelijk beleid er op gericht om ruimte te geven aan dynamiek, waarbij de groene kwaliteiten van het gebied worden gerespecteerd en deze waar dat kan versterkt worden. Het motto wordt in de structuurvisie doorvertaald in enkele kernambities: I. Beuningen: groene flank van de stadsregio II. Beuningen woongemeente: gedoseerde groei, oog voor kwaliteit III. Versterken en verbinden van landschappen IV. Ruimte voor water en recreatie V. Toekomstgerichte basisvoorzieningen in elke kern VI. Doorstroming én oversteekbaarheid Van Heemstraweg De gemeente Beuningen wil de komende jaren met een actief woonbeleid haar kwaliteiten als woongemeente versterken. De gemeente werkt aan aantrekkelijke woonmilieus en vitale kernen en wijken en zet in op wonen voor verschillende doelgroepen.
Een gevarieerd woningaanbod wordt geboden, zodat iedereen (oud en jong) die in Beuningen in de eigen wijk of kern wil (blijven) wonen een passend huis kan vinden, zowel economisch als qua leefstijl en levensfase. Voor de kern Ewijk bestaat een structuurplan voor de uitbreiding van de dorpskern en een structuurvisie voor het centrum. Beide plannen zijn door de gemeenteraad vastgesteld en blijven van kracht. De hoofdlijn van deze plannen is in de gemeentelijke structuurvisie geïntegreerd. Hoofdopgaven De hoofdopgaven van Ewijk: 1. Centrumontwikkeling. De hoofdlijn van de structuurvisie centrum Ewijk is het centrum zowel ruimtelijk als functioneel te versterken. Dit is één van de grootste opgaven voor Ewijk in de nabije toekomst waarmee de leefbaarheid van deze kern wordt ondersteund. 2. Relatie met het landschap en historie. Bij de ontwikkeling van het dorp Ewijk zijn de landschappelijke waarden en de cultuurhistorie steeds een drager van de ontwikkelingen. Ewijk ligt ingeklemd tussen de Van Heemstraweg, Schoenaker en de omliggende Rijkswegen. Ewijk heeft rondom de kern voldoende uitloopmogelijkheden. In de nabije toekomst zal de kern Ewijk echter verder groeien. Daarbij is het ontwikkelen van goede relaties met het landschap van groot belang. 3. Ontwikkeling woningbouw.
De gemeente Beuningen is enige jaren geleden gestart met de ontwikkeling van een aanzienlijk aantal woningen rond de kern Ewijk. Daarmee werd beoogd het voorzieningenniveau van Ewijk te ondersteunen en een onderscheidend nieuw woonmilieu te realiseren. Vanwege de temporisering (faseren en doseren) die heeft plaats gevonden, is deze ontwikkeling in afstemming met de andere ontwikkelingen in Ewijk gefaseerd. De gemeente Beuningen wil zich sterk maken de voorgenomen plannen te realiseren.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
17
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Woningbouwlocatie
Uitsnede Structuurvisiekaart Ewijk met globale aanduiding plangebied (blauwe omkadering) Keuzes hoofdopgaven Relatie met het landschap aandacht voor cultuurhistorie Voor de gehele ontwikkeling van Ewijk gelden dat respect voor het onderliggende landschap, verbinding met het omringende landschap en aandacht voor cultuurhistorie als belangrijke keuzes. Deze keuzes werken in allerlei voorstellen door. Ook voor de uitbreiding van de kern Ewijk is het onderliggende landschap een bron van inspiratie. Ontwikkeling woningbouw Deze gemeentelijke structuurvisie neemt de hoofdkeuzes uit het bestaande structuurplan voor Ewijk over, waaronder: 1. Het landschap wordt gebruikt als onderlegger; 2. Linten vormen de dragers van Ewijk; 3. Het Groene Hart en historie vormen het hart van de kern; 4. Ewijk wordt door groen omarmd; 5. Woningbouw rondom de bestaande kern. Planspecifiek Er is gekozen voor een onderscheid tussen de afronding van de dorpskern van Ewijk en de nieuwe dorpse woongebieden. De nieuwe dorpse woongebieden liggen in een schil rondom het dorp, iets los van de kern. Keizershoeve III is in de structuurvisie opgenomen als woningbouwlocatie en fungeert als afronding van de kern Ewijk en maakt de overgang naar het nieuwe dorpse woongebied Keizershoeve II. De gemeenteraad heeft in 2018 besloten om binnen Keizershoeve III een ecowijk te ontwikkelen.
De ontwikkeling van de betreffende ecowijk in onderhavig bestemmingsplan sluit daarmee aan bij de gemeentelijke structuurvisie, alsmede bij het structuurplan Ewijk.
3.3.2
Woonvisie
De gemeenteraad heeft de woonvisie voor de periode 2018 - 2023 op 19 december 2017 vastgesteld. Met deze Woonvisie stelt de gemeente haar woonbeleid voor de komende jaren vast. De Woonvisie vormt de basis voor het woningbouwprogramma in de komende jaren, afstemming met de buurgemeenten en prestatieafspraken met Standvast Wonen. De woonvisie gaat uit van een vitaal, zorgzaam en duurzame gemeente. In de toekomst (stip op de horizon circa 2030) bestaat de gemeente uit dorpen waarin het fijn wonen is voor mensen, ongeacht hun leeftijd, inkomen, mobiliteit of gezondheid. Kernen in een rustige, groene omgeving met de kracht van de nabijheid en bereikbaarheid van werk en voorzieningen in de stedelijke agglomeratie.
18
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
De kernen zijn aantrekkelijke, duurzame en gezonde leefgemeenschappen, passend bij de (veranderende) vraag van de consument. De gemeente Beuningen is een bewuste keuze voor jonge gezinnen die de stad verlaten om in de gemeente rust en ruimte te zoeken, alsmede voor ouderen en zorgbehoevenden die in de gemeente willen blijven wonen. Met duurzame en zorgzame woonmilieus beschikt Beuningen over een onderscheidend, kwalitatief hoogwaardig palet aan woonmilieus in de regio. Kwalitatieve opgave: inspelen op de mismatch Het is de ambitie om over voldoende woningen te beschikken én de juiste woningen op de juiste plekken te hebben, passend bij de doelgroepen en woonwensen nu en op langere termijn. De mismatch tussen vraagontwikkeling en huidig woningaanbod is daarbij maatgevend. Binnen de gemeente moet een gevarieerd aanbod aan woonmilieus worden aangeboden: landelijk, dorps en centrum-dorps wonen. Kwantitatieve opgave: bandbreedte Vanzelfsprekend is het inspelen op de kwalitatieve mismatch op de woningmarkt op termijn cruciaal, dat is vertrekpunt. Een kwantitatieve bandbreedte, als kader waarbinnen de juiste kwaliteiten gerealiseerd kunnen worden, blijft echter nodig. Meer dan in het verleden wil de gemeente daarin ruimte voor flexibiliteit creëren, zodat sneller wordt ingespeeld op nieuwe kansrijke initiatieven.
De gemeente gaat voor de planperiode uit van een gedoseerde groei van het aantal woningen, gericht op de eigen woningbehoefte, waarbij gedifferentieerd wordt gebouwd voor de juiste doelgroepen. Duurzaamheid Verduurzaming is van belang bij nieuw te bouwen woningen en wijken. Vandaar dat de gemeente aangeeft in te zetten op het ontwikkelen van een icoonproject: een nieuwe ecologische wijk. Met het icoonproject wil de gemeente een extra stap maken met de verduurzaming van wonen. De gemeente wil door het creëren van een vernieuwend woonmilieu inspelen op een trend in de samenleving die zich kenmerkt door duurzaamheid, ecologie, zorg voor elkaar, ontmoeting, gezonde woon- en leefomgeving en collectiviteit. Ewijk biedt door haar omvang en ligging kansen voor het ontwikkelen van een geheel nieuw woonmilieu waarin deze waarden verenigd zijn. Planspecifiek Kwalitatief is Ecowieck de uitwerking van het icoonproject waarover in de woonvisie gesproken wordt. Door de ontwikkeling van deze ecologische wijk wordt in Ewijk een vernieuwend woonmilieu gecreëerd, met oog voor biodiversiteit, klimaat, materiaalgebruik, energie en vitaliteit. Kwantitatief is voor de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Nijmegen en Wijchen sinds 15 december 2020 de nieuwe gezamenlijk regionale 'Woonagenda Nijmegen e.o. 2020-2030' van kracht.
Op basis van een analyse van de regionale behoefte, kunnen in de regio gedurende de looptijd van de agenda circa 20.500 woningen worden gebouwd. Voor Beuningen komt dit neer op circa 1.325 woningen. De voorgenomen ontwikkeling van maximaal 73 woningen past kwantitatief gezien zowel binnen de woonvisie alsmede binnen het gemeentelijke woningbouwprogramma (en daarmee binnen de subregionale woonagenda).
3.3.3
Conclusie
In het plangebied zijn geen gemeentelijke belangen in het geding.
3.4
Conclusie
Dit bestemmingsplan past binnen het beleid van de verschillende overheden.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
19
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Hoofdstuk 4 4.1
Bodem
4.1.1
Regelgeving
Milieu- Ä omgevingsaspecten
Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moet in verband met de uitvoerbaarheid van een project rekening worden gehouden met de bodemgesteldheid. Bij functiewijzigingen moet worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde functie en moet worden vastgesteld of er sprake is van een saneringsnoodzaak. In de Wet bodembescherming is bepaald dat indien de desbetreffende bodemkwaliteit niet voldoet aan de norm voor de beoogde functie, de grond zodanig moet worden gesaneerd dat zij kan worden gebruikt door de desbetreffende functie (functiegericht saneren). De Wet bodembescherming heeft betrekking op landbodems; waterbodems vallen onder de Waterwet. Op grond van de Woningwet en de Bouwverordening moet voor elke individuele bouwlocatie aangetoond worden dat de bodem geschikt is voor de beoogde bebouwing, alvorens een omgevingsvergunning verleend kan worden. Bij het opstellen van een bestemmingsplan is de vraag of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het huidige of toekomstige gebruik van die bodem en of deze optimaal op elkaar kunnen worden afgestemd. Het uitgangspunt hierbij is dat eventueel aanwezige bodemverontreiniging geen onaanvaardbaar risico oplevert voor de gebruikers van de bodem en dat de bodemkwaliteit niet verslechtert door grondverzet. Dit is het zogenaamde stand still-beginsel.
Het vaststellen van de bodemkwaliteit wordt bij het opstellen/wijzigen van een bestemmingsplan dan ook alleen van belang geacht voor de locaties waar ontwikkelingen gepland zijn (zoals functiewijzigingen, bouwen, graven/ophogen).
4.1.2
Doorvertaling bestemmingsplan
Ter plaatse van het plangebied is een verkennend bodemonderzoek (NEN 5740 en 5707) in combinatie met een nader bodemonderzoek uitgevoerd. Deze onderzoeken zijn als bijlage 1 bij de toelichting gevoegd. Verkennend bodemonderzoek Chemische parameters (NEN 5740) De bovengrond van het terrein noordelijk van Hekkeslag is plaatselijk licht verontreinigd met koper en cadmium. De toplaag (0,0 - 0,25 m -mv) op dit terreindeel is plaatselijk licht verontreinigd met alfa-endosulfan. De bovengrond van het terrein zuidelijk van Hekkeslag is plaatselijk licht verontreinigd met lood en zink. In het matig puinhoudend grondmonster op boorlocatie 19 is een lichte verontreiniging met PCB, koper, zink, lood en PAK aangetoond. De bovengrond van het geheel zuidelijke terreindeel is licht verontreinigd met kobalt en nikkel. De toplaag van het centrale deel van de onderzoekslocatie (terrein zuidelijk van Hekkeslag blijkt licht verontreinigd met DDD, DDT en/of DDE. In de toplaag van het meest zuidelijke terreindeel zijn geen verontreinigingen met bestrijdingsmiddelen aangetoond. In de ondergrond op boorlocatie 20 (bodemlaag van 1,5 - 2,0 m -mv) is een matige verontreiniging met minerale olie aangetoond (ruime overschrijding tussenwaarde). Dit gehalte vormt aanleiding tot uitvoering van een nader bodemonderzoek. De bodemlaag hieronder blijkt licht verontreinigd met minerale olie.
Het grondwater op deze locatie is licht verontreinigd met minerale olie. In de ondergrond en in het grondwater ter hoogte van de (voormalige) verontreiniging op het (voormalige) terrein van autobedrijf Van Hemmen (Klaphekstraat 25) is geen verontreiniging met minerale olie en/of vluchtige aromaten aangetoond (peilbuis 30). Het grondwater in de bestaande peilbuis van Grontmij is licht verontreinigd met minerale olie. Verder blijkt het grondwater overwegend licht verontreinigd met barium en plaatselijk tevens met koper en zink. De gehalten aan PFAS liggen allemaal onder de achtergrondwaarden.
20
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Asbest (NEN 5707) Op het maaiveld op het westelijke terreindeel (nabij proefgat 14) zijn twee stukjes asbesthoudend materiaal aangetroffen. In de bovengrond op boorlocatie 19 is een asbestgehalte van 0,23 mg/kg d.s aangetoond. In een mengmonster van de asbestgaten 13 en 14 is een asbestgehalte van 13 mg/kg d.s. aangetoond. Deze asbestgehalten bevinden zich onder de norm voor nader onderzoek (50 mg/kg d.s.). In de grond van het overige terrein is geen asbest aangetoond. Nader bodemonderzoek Verificatie verontreiniging minerale olie minerale olie t.h.v. de voormalige bovengrondse HBO tank In het onderzoek van 2007 is ter plaatse van een voormalige bovengrondse HBO tank op het terrein van autobedrijf Van Hemmen (Klaphekstraat 25A), een sterke verontreiniging met minerale olie in de bovengrond aangetroffen. In onderhavig onderzoek zijn ter hoogte van deze verontreiniging aanvullende boringen uitgevoerd. Hierbij is in de bovengrond geen verontreiniging met minerale olie aangetoond. In de ondergrond op 2 boorlocaties is echter een lichte verontreiniging met minerale olie aangetroffen. Deze verontreiniging is op het terrein van Hemmen al bij eerdere onderzoeken aangetoond (ter hoogte van het grondwater). De oorzaak hiervan wordt naar alle waarschijnlijkheid niet toegekend aan de bovengrondse HBO tank, maar heeft vermoedelijk een andere oorzaak.
Verificatie oliespots op voormalige stallingsterrein van auto’s In het onderzoek van 2002 zijn op het terrein waar stalling van auto’s door autobedrijf Van Hemmen plaatsvond, twee oliespots aangetroffen. Om na te gaan of deze spots nog aanwezig zijn, is ter plaatse van elke spot één boring uitgevoerd. Hierbij zijn nog (zeer) lichte verontreinigingen met minerale olie aangetoond. De gehalten liggen lager dan in het onderzoek van 2002. De gemeten gehalten vormen geen aanleiding tot nader bodemonderzoek en/of aanvullende maatregelen. Nader bodemonderzoek verontreiniging minerale olie omgeving boring 20 In de ondergrond op de boorlocaties 107 en 109 is een sterke verontreiniging met minerale olie aanwezig (overschrijdingen interventiewaarde). Op boorlocatie 20 is sprake van een matige verontreiniging (overschrijding tussenwaarde). Deze verontreiniging is aangetroffen vanaf een diepte van circa 1,5 m -mv (rondom grondwaterniveau) tot circa 2,5 m -mv. In het grondwater is een lichte verontreiniging met minerale olie aangetoond. Een directe oorzaak van de verontreiniging is niet bekend. Mogelijk is in het verleden olie(houdend water) geloosd of afgestroomd van het terrein waar auto's werden gestald Uit de verdeling van het minerale oliegehalte over de verschillende koolstoffracties blijkt dat het een zwaarder type aardolieproduct betreft (afgewerkte olie, motorolie, stookolie).
Het totaal met minerale olie verontreinigd bodemvolume op de onderzoekslocatie bedraagt naar schatting circa 70 m3. Hiervan is circa 45 m3 sterk verontreinigd. Omdat het volumecriterium van 25 m3 boven de interventiewaarde verontreinigde grond wordt overschreden, is conform de Wet bodembescherming sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Conclusies Voor de locatie is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met minerale olie in de ondergrond in de omgeving van de boringen 20, 107 en 109 (westelijk terreindeel). Op onderhavige onderzoekslocatie is deze verontreiniging in voldoende mate inzichtelijk gemaakt. Mogelijk loopt de verontreiniging door in westelijke richting tot over de onderzoeksgrens en bevindt zich in dat geval ook op de naastgelegen percelen E2346, E1689 en E1691. Behalve deze minerale olie verontreiniging zijn er geen verontreinigingen aangetoond die aanleiding geven tot nader bodemonderzoek. Aanbevelingen Aangezien sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging met minerale olie, is het op die locatie niet toegestaan grond te verzetten. De verontreiniging kan potentieel ook risico's opleveren in het toekomstige gebruik. Aanbevolen wordt daarom om de verontreiniging te saneren. In dat geval dient een BUS-melding te worden gedaan of een saneringsplan worden opgesteld.
De gemeente heeft opdracht gegeven om een BUS-melding te doen in combinatie met het opstellen van een saneringsplan.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
21
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Het aspect 'bodem' vormt, na sanering, geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.
4.2
Geluid
4.2.1
Regelgeving
De basis voor de ruimtelijke afweging van geluid is de Wet geluidhinder (Wgh) en het daaraan hangende Besluit geluidhinder (Bgh). Overeenkomstig de Wgh zijn (spoor-)wegen en industrieterreinen waar zich grote lawaaimakers kunnen vestigen voorzien van zones. Het gebied binnen deze zones geldt als akoestisch aandachtsgebied waar een toetsing uitgevoerd moet worden. Daarbij beperkt de Wgh zich tot een toetsing ter plaatse van zogenaamde geluidsgevoelige objecten. Dit zijn onder andere woningen, onderwijsgebouwen, gezondheidszorggebouwen, kinderdagverblijven, woonwagenstandplaatsen en ligplaatsen voor woonboten. In het geval er nieuwe geluidgevoelige objecten worden gerealiseerd, mag de geluidsbelasting niet meer bedragen dan de voorkeursgrenswaarde. Indien de geluidsbelasting hoger is dan de voorkeursgrenswaarde moeten maatregelen getroffen worden, om hieraan alsnog te kunnen voldoen. Blijkt dat niet mogelijk of op zwaarwegende bezwaren te stuiten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard dan is het college van burgemeester en wethouders van de gemeente bevoegd tot het vaststellen van hogere waarden. Wanneer ook de maximaal te verlenen ontheffingswaarde wordt overschreden is in principe geen bouw van woningen of andere geluidgevoelige gebouwen mogelijk tenzij deze worden voorzien van dove gevels.
De voorkeursgrenswaarde en maximaal toegestane geluidsbelasting voor nieuwe of bestaande geluidgevoelige bestemmingen verschillen per locatie en per geluidssoort. In de Wgh en het Bgh is de zonering van wegen en het daarbij horende normenstelsel geregeld. Een zone is het akoestisch aandachtsgebied. Bij vaststelling van een bestemmingsplan moet voor alle wegen waarvan de zone een overlap met het plangebied kent, een akoestisch onderzoek worden verricht (art.76 lid 1 Wgh). De breedte van deze zone is afhankelijk van het aantal rijstroken en de aard van de omgeving (stedelijk of buitenstedelijk). De definities van het buitenstedelijk en stedelijk gebied zijn opgenomen in artikel 1 van de Wgh. Als buitenstedelijk gebied wordt aangemerkt het gebied buiten de bebouwde kom en het gebied binnen de zone van een autoweg of autosnelweg, die binnen de bebouwde kom ligt. Conform artikel 74 lid 2 bevindt zich geen zone langs wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt. Voor nieuwe woningen bedraagt de wettelijke voorkeursgrenswaarde 48 dB. Op basis van het Bouwbesluit 2012 geldt een minimale geluidwering van 20 dB voor een uitwendige scheidingsconstructie van een verblijfsgebied (gebruiksgebied of een gedeelte daarvan voor het verblijven van personen).
In die gevallen waarbij een besluit hogere waarden is genomen (op basis van de Wet geluidhinder of de Tracéwet) geldt de eis dat de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie het verschil is tussen de hoogst toelaatbare geluidbelasting (uit het besluit hogere waarden) en 35 dB(A) bij industrielawaai of 33 dB bij weg- of spoorweglawaai.
4.2.2
Doorvertaling bestemmingsplan
De wegen in en om het plangebied (o.a. Hekkeslag, Klaphekstraat en Campsebaan) kennen allemaal een snelheidsregime van 30 km/u, zodat een nader onderzoek naar het aspect wegverkeerslawaai niet noodzakelijk is. Het plangebied valt niet binnen een zone (200 m) van een weg met een snelheidsregime van 50 km/u of hoger. Voor het aspect industrielawaai wordt verwezen naar paragraaf 4.3.
22
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
4.3
Milieuzonering
4.3.1
Regelgeving
Wanneer ruimtelijke ontwikkelingen in de directe omgeving van inrichtingen en/of bedrijven worden gerealiseerd, zal een onderbouwing uit moeten wijzen in hoeverre er sprake is van mogelijke beperkingen ten gevolge van de aanwezige inrichtingen en of bedrijven. Maar ook andersom moet aandacht worden besteed aan de rechten van de aanwezige inrichtingen en/of bedrijven. Het is immers niet de bedoeling dat nieuwe ontwikkelingen de huidige bedrijfsvoering in de directe omgeving zullen beperken. Via de milieuwetgeving wordt milieuhinder zoveel mogelijk voorkomen. Alle bedrijven en inrichtingen die in potentie hinder zouden kunnen veroorzaken, moeten een vergunning hebben in het kader van de Wet milieubeheer of moeten middels een melding aantonen dat zij aan de hierin gestelde richtwaarden kunnen voldoen. De gestelde richtwaarden zijn veelal vertaald in minimale afstanden tussen de inrichtingen waar activiteiten plaatsvinden en de milieugevoelige functies in de directe omgeving. Behalve van de aard en omvang van een bedrijf of inrichting, is deze mede afhankelijk van de omgevingskarakteristiek. Voor een rustige woonomgeving gelden andere afstanden (strengere eisen) dan voor bijvoorbeeld drukke woonwijken of een gemengd gebied. Een verregaande scheiding van functies kan leiden tot inefficiënt ruimtegebruik en een gebrek aan ruimtelijke kwaliteit.
Een gemengd gebied met een mix van wonen en werken, winkels en horeca stimuleert een levendig straatbeeld, een hogere sociale veiligheid en extra draagvlak voor aanwezige voorzieningen. Vanuit het oogpunt van efficiënt ruimtegebruik verdient het, volgens de handreiking 'Bedrijven en milieuzonering (2009) van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), de voorkeur om functiescheidingen niet verder door te voeren dan met het oog op een goed woon- en leefklimaat noodzakelijk is. Voor het vaststellen van de genoemde minimale richtafstanden tussen inrichtingen en milieugevoelige functies worden in de regel de lijsten zoals deze zijn opgenomen in de handreiking 'Bedrijven en milieuzonering' gebruikt. Daarbij wordt o.a. gekeken naar de milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar en zo nodig naar het risico op bodem- of luchtverontreiniging. Bedrijven zijn in de VNGhandreiking ingedeeld in categorieën met bijbehorende gewenste richtafstanden tot milieugevoelige functies. De categorieën geven de zwaarte van bedrijvigheid en mogelijke milieuhinder weer. De richtafstanden kunnen, zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat, met één afstandstap worden verlaagd indien sprake is van omgevingstype gemengd gebied. Milieucategorie 1 2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3 6
Richtafstand omgevingstype rustige woonwijk, rustig buitengebied 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000m 1.500 m
Richtafstand omgevingstype gemengd gebied 0m 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m
Richtafstanden VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' Voorgaande tabel geeft een overzicht van de richtafstanden voor verschillende bedrijfscategorieën ten opzichte van een woonwijk en gemengd gebied. Indien de richtafstand niet wordt overschreden, kan verdere toetsing voor het aspect in beginsel achterwege blijven: inpassing is dan mogelijk.
4.3.2
Doorvertaling bestemmingsplan
In het kader van de beoogde ontwikkeling is een onderzoek bedrijven en milieuzonering uitgevoerd. Dit onderzoek is als bijlage 2 bij de toelichting gevoegd. Het plangebied ligt in een omgeving waar sprake is van een lichte functiemenging. In de buurt van de woningen zijn enkele bedrijven gelegen. Omdat er met de realisatie van de woonwijk het grootste deel van de omgeving een woonbestemming zal hebben, wordt het gebied gezien als het omgevingstype rustige woonwijk en rustig buitengebied.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
23
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
Op basis van de geldende bestemmingsplannen zijn de milieubelastende functies in de omgeving bepaald. Het betreft de richtafstanden tot een rustige woonwijk behorend bij de maximale planologische mogelijkheden per locatie. De woningen in de beoogde woonwijk liggen binnen de volgende richtafstanden: » 50,0 m voor geur afkomstig van de planologische mogelijkheid van een autospuiterij op de Klaphekstraat 25a. De woonwijk zelf vormt geen milieubelastende functie.
Inrichting, bestemming
Richtafstand (m) rustige woonwijk
SBI/Omschrijving Geur
Klaphekstraat 25a BP: Bedrijf - Autospuiterij
Klaphekstraat 25 BP: Bedrijf
Stof
Geluid
Gevaar
451,452, 454, Handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven;
10
0
30
10
45204, Autospuitinrichting
50
30
30
30
47 Detailhandel, BP staat maximaal Max. 30 Max. 30 Max. 30 Max. 30 bedrijf categorie 2 toe
Bedrijventerrein overkant Verschillende bedrijven, maximale Klaphekstraat categorie 2 BP: Bedrijf
Max. 30 Max. 30 Max. 30 Max. 30
Op navolgende afbeelding zijn de richtafstanden weergegeven:
Klãpĥékŝtrãatf2bas
Bedriiventerrein:overkāñOklāphekstraátl |Kİàphekstraat*2Sir.ļ
_
120
180
300 m
Richtafstanden (bron: onderzoek bedrijven en milieuzonering, De Roever Omgevingsadvies) Autospuiterij Klaphekstraat 25a In de beoogde woonwijk worden woningen gerealiseerd op net iets meer dan 30,0 m van het autobedrijf aan de Klaphekstraat 25a. De beoogde woningen worden dus gerealiseerd buiten de richtafstand van 30,0 m voor geluid afkomstig van dit autobedrijf. Volgens het bestemmingsplan mag
24
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
hier echter ook een autospuiterij gevestigd zijn, met een richtafstand voor geur van 50 m. Volgens een melding activiteitenbesluit van 6 juni 2012 is er geen spuitcabine meer aanwezig bij dit bedrijf en vinden er dus geen spuitwerkzaamheden meer plaats. Hoewel deze activiteit volgens het bestemmingsplan in de toekomst hervat zou kunnen worden, zou er op dat moment wel rekening moeten worden gehouden met woningen/geurgevoelige objecten in de omgeving. Op dit moment is de woning op de Klaphekstraat 23 al op een kortere afstand gelegen van dit bedrijf, dan de woningen in het plangebied. Aangezien de woningen binnen het plangebied alleen binnen de richtafstand voor geur gelegen zijn, en geur over het algemeen een (ongeveer) gelijke uitstraling heeft naar alle richtingen, kan gesteld worden dat de realisatie van de woonwijk geen extra belemmering geeft voor deze inrichting. In het algemeen kan dus worden gesteld dat er bij de beoogde woonwijk Ecowieck sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en dat bedrijven van derden in de omgeving niet in hun belangen worden geschaad. Het aspect 'milieuzonering' vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.
4.4
Luchtkwaliteit
4.4.1
Regelgeving
Op 15 november 2007 is de wijziging van de Wet milieubeheer in werking getreden. Deze wet vervangt het 'Besluit luchtkwaliteit 2005' en is één van de maatregelen die de overheid heeft getroffen om: » negatieve effecten op de volksgezondheid als gevolg van te hoge niveaus van luchtverontreiniging aan te pakken. » mogelijkheden voor ruimtelijke ontwikkeling te creëren ondanks de overschrijdingen van de Europese grenswaarden voor luchtkwaliteit. De paragraaf luchtkwaliteit in de Wet milieubeheer voorziet onder meer in een gebiedsgerichte aanpak van de luchtkwaliteit via het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). De programma-aanpak zorgt voor een flexibele koppeling tussen ruimtelijke activiteiten en milieugevolgen. Van bepaalde projecten met getalsmatige grenzen is vastgesteld dat deze 'niet in betekenende mate' (NIBM) bijdragen aan de luchtverontreiniging. Deze mogen zonder toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Luchtkwaliteitseisen vormen onder de nieuwe 'Wet luchtkwaliteit' geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkeling als: » er geen sprake is van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde. » een project, al dan niet per saldo, niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit leidt. » een project 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging (meer dan 3 0Zo ten opzichte van de grenswaarde).
Het gaat hier bijvoorbeeld om woningbouwlocaties met één ontsluitingsweg en niet meer dan 1.500 nieuwe woningen, dan wel, in geval van twee ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling, netto niet meer dan 3.000 woningen. » een project is opgenomen in een regionaal programma van maatregelen of in het NSL, dat in werking is getreden nadat de EU in april 2009 derogatie heeft verleend. Als aannemelijk kan worden gemaakt dat aan één of meerdere van de bovengenoemde criteria wordt voldaan, kan het project zonder toetsing aan de gestelde grenswaarden voor luchtkwaliteit worden uitgevoerd. In de Ministeriële regeling 'niet in betekenende mate bijdragen' zijn voor verschillende categorieën van projecten grenzen gesteld aan de projectomvang, waaronder een project met zekerheid NIBM bijdraagt aan de concentraties luchtverontreinigende stoffen in de buitenlucht. Gevoelige bestemmingen als scholen, kinderdagverblijven, bejaarden- en zorgtehuizen genieten op grond van het Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen) extra bescherming: substantiële uitbreiding of nieuwvestiging binnen 50 m van een provinciale weg of 300 m van een rijksweg is alleen toegestaan als de concentraties luchtvervuilende stoffen zich onder de grenswaarden bevinden, waardoor geen onacceptabele gezondheidsrisico's optreden. De zones worden afgemeten vanaf de rand van de weg.
In de context van dit besluit worden ziekenhuizen, woningen en sportaccommodaties dus niet als gevoelige bestemming gezien.
bestemmingsplan "Ecowieck Ewijk" (vastgesteld)
25
bestemmingsplan Ecowieck Ewijk
4.4.2
Doorvertaling bestemmingsplan
In de regeling NIBM is aangegeven dat een woningbouwlocatie met maximaal 1.500 woningen aan één ontsluitingsweg is aan te merken als een ontwikkeling die niet in betekende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. De ontwikkeling van maximaal 73 woningen in dit bestemmingsplan valt dus binnen de NIBM-regeling. Vandaar dat onderzoek op grond van de Wet luchtkwaliteit niet noodzakelijk is. Goede ruimtelijke ordening In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn aan de hand van de Grootschalige Concentratieen Depositiekaarten (GCN en GDN), de jaargemiddelde concentraties NO2, PM10 en PM2,5 bepaald ter hoogte van het plangebied. Daaruit blijkt dat de jaargemiddelde concentraties NO2, PM10 en PM2,5 respectievelijk circa 14,0 pg/m3, 16,0 pg/m3 en 9,0 pg/m3 bedragen in 2020. Daarmee worden de jaargemiddelde grenswaarden van 40 pg/m3 (voor NO2 en PM10) en 25 pg/m3 (voor PM2,5) niet overschreden. Daarnaast is de trend dat in de toekomst de emissies en de achtergrondconcentraties van deze stoffen zullen dalen, waardoor geen overschrijdingen van de grenswaarden zijn te verwachten. Het aspect 'luchtkwaliteit' vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.