26022.03 - Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen TAM-omgevingsplan Aarleseweg 42-42a
Tekst van het document
Nota Zienswijzen en ambtshalve wijzigingen TAM-omgevingsplan Aarleseweg 42 – 42a
1.
Algemeen
Het ontwerp TAM-omgevingsplan Aarleseweg 42 -42a heeft met ingang van 5 november 2025 gedurende zes weken ter inzage gelegen in het gemeentehuis te Best en is gepubliceerd op de gemeentelijke website. Het TAM-omgevingsplan was tevens digitaal raadpleegbaar op de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl en www.omgevingswet.overheid.nl. Tijdens deze periode kon een ieder een zienswijze over het TAM-omgevingsplan indienen. Gedurende de ter inzage legging zijn er 3 zienswijzen binnengekomen.
2.
Wijze van behandeling
Onder de paragrafen 3 en 4 is een overzicht van de ingediende zienswijzen opgenomen. Op grond van de Algemene Verordening Persoonsgegevens (AVG) is het niet toegestaan om persoonsgegevens zonder een wettelijke verplichting of absolute noodzaak (elektronisch) beschikbaar te stellen. NAW-gegevens (naam, adres, woonplaats) of andere persoonsgegevens die vallen onder de AVG, worden daarom niet ter inzage gelegd. De namen van natuurlijke personen die een zienswijze hebben ingediend, zijn daarom in deze nota geanonimiseerd en vervangen door een cijfer. Aan iedere indiener wordt zijn of haar eigen nummer verstrekt, zodat de betreffende persoon de beantwoording van de zienswijze kan herleiden. Organisaties, bedrijven en andere rechtspersonen worden niet geanonimiseerd. In het overzicht is per indiener de reactie van de gemeente op de ingediende zienswijze opgenomen. Daarbij wordt per zienswijze vermeld: -
de datum van de zienswijze (dagtekening) en de datum van ontvangst;
-
een samenvatting van de zienswijze;
-
de beantwoording door de gemeente (reactie);
-
de conclusie, waarin wordt aangegeven of de zienswijze aanleiding geeft tot een wijziging of aanvulling van het ontwerp TAM-omgevingsplan Aarleseweg 42-42a.
Alle zienswijzen zijn ontvankelijk verklaard en volledig beoordeeld. Indien een zienswijze aanleiding geeft tot aanpassing van het vast te stellen TAM-omgevingsplan, wordt dit expliciet vermeld in zowel de betreffende zienswijze als in het onderdeel Ambtshalve Wijzigingen (paragraaf 5).
3.
Overzicht indieners zienswijzen
Onderstaande tabel bevat een overzicht van de ingekomen zienswijzen van de indieners met het kenmerk waarmee de zienswijze is geregistreerd bij de gemeente. Naam
Nr
Zienswijze 1 (PI25-03565)
1
Zienswijze 2 (BL25-06277)
2
Provincie Noord-Brabant (PI25-03512)
3
IN26-00003/
*IN26-00003* Pagina 1 van 8
4.
Ingekomen zienswijzen
Hieronder worden de ingekomen zienswijzen in samenvatting weergegeven (linkse kolom), daarnaast een reactie van de gemeente en onderaan een conclusie ten aanzien van de aan te brengen wijziging(en) in het ontwerp TAM-omgevingsplan.
1.
Zienswijze 1 (PI25-03565)
Ingekomen 15 december 2025 / dagtekening 15 december 2025 Zienswijze a. Indiener geeft aan ten onrechte niet meegenomen te zijn in de participatie.
Reactie gemeente Vooropgesteld wordt dat het in dit geval gaat om een wijziging van het omgevingsplan (TAMomgevingsplan). Bij dergelijke besluiten is participatie altijd verplicht. Dit in tegenstelling tot een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, waarbij participatie slechts verplicht is in de gevallen die door de gemeenteraad zijn aangewezen in de lijst ‘Omgevingswet: bindend adviesrecht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten’. De wijze waarop participatie wordt vormgegeven is vormvrij, maar moet wel passend en zorgvuldig zijn in relatie tot de aard en mogelijke invloed van de ontwikkeling. De initiatiefnemer heeft een participatieverslag opgesteld waarin de resultaten van de uitgevoerde participatie zijn opgenomen. Dat verslag is als bijlage 7 bij de toelichting op het TAM-omgevingsplan opgenomen. Hoewel de participatie zich bij deze omzetting in het buitengebied van een niet-agrarisch bedrijf met bedrijfswoning naar één burgerwoning en één extra woningbouwkavel tot een beperkte groep omwonenden heeft gericht, geldt voor de beoordeling van de omgevingsplanwijziging dat de belangen van alle relevante partijen, waaronder de nabijgelegen agrarische bedrijven in de ruimtelijke afweging zijn betrokken. Eenieder heeft daarnaast de mogelijkheid gehad om een zienswijze in te dienen op het ontwerpplan. Indiener heeft van deze mogelijkheid gebruikgemaakt.
De ingebrachte zienswijze bevat echter geen aspecten die leiden tot een aangepaste beoordeling of een
*IN26-00003*
IN26-00003/ Pagina 2 van 8
gewijzigde belangenafweging. b. Indiener geeft aan dat niet is getoetst aan de GGD-advies waarden.
Het bijgevoegde GGD‑omgevingsadvies is niet locatie‑specifiek uitgewerkt, maar bevat een algemeen advies over diverse onderwerpen als luchtkwaliteit of geur. Dit sluit echter volledig aan bij de rol die de GGD heeft binnen de systematiek van de Omgevingswet. De GGD‑advieswaarden zijn namelijk geen juridisch bindende grenswaarden, Een GGD-advies wordt in de ontwerpfase gegeven om een gezonde en veilige leefomgeving te bevorderen. Voor dit initiatief is de aanvaardbaarheid van het woon‑ en leefklimaat beoordeeld op basis van de vergunde emissies van omliggende veehouderijen, de afstandsnormen en geurnormen, de beoordeling van fijnstof en endotoxinen, de beoordeling van cumulatie van geur en de constatering dat de afstanden tot de veehouderijen in de omgeving niet worden gewijzigd. Bovendien blijkt uit de gegevens dat de achtergrondbelasting in dit gebied relatief laag is (zie afbeelding 9 in het ontwerpplan), terwijl de afstandsnormen ruimschoots worden gehaald. Binnen die context geeft het GGD‑advies geen enkel signaal dat ter plaatse gezondheidskundige knelpunten zouden kunnen optreden. Het advies bevestigt vooral dat de gehanteerde waarden binnen normale gezondheidskundige marges blijven en noopt niet tot extra locatie‑specifieke modellering. Naar aanleiding van de zienswijze wordt de motivering verder aangevuld met aanvullende berekeningen voor geur, fijnstof en endotoxinen.
De aanvullende berekeningen wijzigen de conclusie niet, maar vullen de motivering aan en zorgen dat de meest recente gegevens worden gebruikt.
c. Indiener geeft aan dat de geur- en luchtkwaliteit niet juist in beeld is gebracht.
De kaarten van de ODZOB zijn gebaseerd op actuele vergunningen/ gegevens en geven een gebiedsdekkend beeld van de achtergrondgeurbelasting. Deze kaarten worden door omgevingsdiensten en gemeenten breed toegepast als een juridisch onderbouwend instrument in ruimtelijke plannen. De kaart toont dat de locatie zich bevindt in een zone waar de geurbelasting ruim onder de norm van
*IN26-00003*
IN26-00003/ Pagina 3 van 8
7 ouE/m3 ligt. Hoewel in de zienswijze ook luchtkwaliteit wordt genoemd, is hierop inhoudelijk geen nadere onderbouwing gegeven. Desalniettemin is terecht opgemerkt dat wijzigingen zijn doorgevoerd in de rekenmethodiek. Naar aanleiding hiervan wordt de motivering van het plan verder aangevuld en geactualiseerd. Geur Omdat sinds 2019 wijzigingen hebben plaatsgevonden in het rekenmodel en de emissiefactoren voor pluimveehouderijen, wordt aanvullend een actuele berekening opgesteld van de voorgrondbelasting van de pluimveehouderij Aarleseweg 31, inclusief invoergegevens. De meest recente ODZOBachtergrondbelastingkaart wordt eveneens toegevoegd. Hiermee wordt de reeds gemaakte beoordeling verder onderbouwd, zonder dat dit leidt tot een gewijzigde conclusie. Luchtkwaliteit Specifiek voor de pluimveehouderij Aarleseweg 31 wordt aanvullend een fijnstofberekening opgenomen om inzicht te geven in de bijdrage ter plaatse van het plangebied. De berekening wordt opgesteld volgens de actuele systematiek en zal worden opgenomen in de onderbouwing. Endotoxinen De endotoxine-onderbouwing wordt verder aangevuld met een berekening volgens het landelijke endotoxinetoetsingskader. Hierbij wordt naast Aarleseweg 34 ook Aarleseweg 31 volledig meegenomen. De resultaten worden in de onderbouwing opgenomen. Wij merken op dat deze aspecten worden beoordeeld conform de geldende normen.
Gezien de ligging van het plangebied en de indicatieve achtergrondbelasting is er geen aanleiding om aan te nemen dat het woon- en leefklimaat op de locatie niet aanvaardbaar zou zijn. d. Indiener geeft aan dat onduidelijkheid is over of sprake is van een ruimte-voor-ruimte woning.
Er is geen sprake van een ruimte-voor-ruimte woning. Voor het realiseren van de nieuwe woning is geen ruimte-voor-ruimtetitel verworven en er is ook geen agrarisch bedrijf
*IN26-00003*
IN26-00003/ Pagina 4 van 8
gesaneerd. De nieuwe woning wordt mogelijk gemaakt op basis van de provinciale maatwerkregeling kwaliteitsverbetering zoals opgenomen in artikel 5.14 van de Omgevingsverordening Noord‑Brabant. In de toelichting op het plan werd verwezen naar artikel 5.115 Bkl. Dit artikel is echter uitsluitend van toepassing op woningen die worden gerealiseerd in het kader van een ruimte-voor-ruimte regeling. Omdat dit plan daar niet onder valt, is die verwijzing inderdaad niet juist. De juiste toetsingsgrondslag is artikel 5.112 Bkl. Voor de beoordeling van geurhinder is het volgende van toepassing: Het plangebied ligt binnen het gebied Aarle. Op grond van de Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Best geldt daar een maximale geurbelasting van 7ouE/m3 voor geurgevoelige objecten. Dit sluit aan bij paragraaf 4.3.2 van de toelichting. Wat betreft de afstanden geldt dat volgens artikel 5.112 Bkl tot geurgevoelige gebouwen ten minste de afstand uit tabel 5.112.1 in acht wordt genomen. In casu wordt hier aan voldaan. De woning voldoet aan de geldende geurregels. De berekende geurbelasting blijft onder de norm van 7 ouE/m3 en de afstand tot omliggende agrarische bedrijven voldoet aan de minimale eisen uit artikel 5.112 Bkl. De verwijzing naar een ruimte-voor-ruimte woning is tekstueel onjuist en dit wordt naar aanleiding van deze zienswijze aangepast. e.
Indiener geeft aan dat de invulling van de bijdrage ruimtelijke kwaliteit voor een extra bouwkavel onjuist is berekend.
Naar aanleiding van deze zienswijze en de zienswijze van de provincie is het plan aangepast. De berekening kwaliteitsverbetering is opnieuw uitgevoerd en het landschapsplan is hierop aangepast.
f. Indiener geeft aan dat een ‘overige zone – verbod toepassen gewasbeschermingsmiddelen’ dient te worden opgenomen met instemming van de betreffende grondeigenaren.
De gemeente onderkent dat het plangebied zich in een overgangszone bevindt, waarbij aan de oostzijde reeds de functie ‘Wonen’ geldt en aan de noordwestzijde nog de functie ‘Agrarisch met waarden - Landschapswaarden’ aanwezig is. Het uitgangspunt dat binnen 50 meter van agrarische gronden geen gevoelige functies
*IN26-00003*
IN26-00003/ Pagina 5 van 8
kunnen worden gerealiseerd zonder nadere bescherming, volgt niet uit wetgeving maar uit jurisprudentie (o.a. ECLI:NL:RVS:2025:1428), en heeft betrekking op situaties waarin het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen planologisch zijn toegestaan. In dit geval is van belang dat het gemeentelijke TAM-voorbereidingsbesluit gewasbeschermingsmiddelen Aarlesche Erven op 24 december 2025 in werking is getreden. Dit voorbereidingsbesluit heeft een voorbeschermingsregime ingesteld waarin het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen planologisch is verboden, behoudens bestaand legaal gebruik dat al vóór de bekendmaking van het besluit plaatsvond. Dat betekent dat het gebruik van dergelijke middelen niet kan worden uitgebreid of gewijzigd. Ook is het verboden om het bestaand gebruik te wijzigen naar een andere vorm van agrarisch grondgebruik danwel een andere vorm van bedrijfsmatig gebruik waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt. Daarnaast worden in het voorliggende plan zelf maatregelen getroffen die de resterende drift substantieel reduceren. De aanleg en instandhouding van een brede houtsingel en een bladhoudende haag aan de noord- en oostzijde worden verplicht gesteld en juridisch geborgd. Bovendien wordt ten aanzien van het persoonlijk belang van indiener benadrukt dat zijn perceel op een afstand van meer dan 50 meter van het plangebied is gelegen.
Daarmee ontbreekt een rechtstreeks en individueel belang bij de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen. Gelet op de combinatie van het TAMvoorbereidingsbesluit, de beperkte planologische ruimte voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, de fysieke driftreducerende maatregelen die in dit plan verplicht worden gesteld, de transitie van het gebied richting wonen en het gebrek aan een persoonlijk belang, bestaat er geen aanleiding om te concluderen dat ter plaatse van de nieuwe woning geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd.
*IN26-00003*
IN26-00003/ Pagina 6 van 8
Conclusie Naar aanleiding van de zienswijze wordt paragraaf 4.3.2, 4.3.3 en 4.10.2 tekstueel aangepast. Er is namelijk geen sprake van een ruimte-voor-ruimte woning. De nieuwe woning wordt mogelijk gemaakt op basis van de provinciale maatwerkregeling omgevingskwaliteit zoals opgenomen in artikel 5.14 van de Omgevingsverordening Noord‑Brabant. Deze onjuistheid heeft echter geen invloed op de inhoudelijke beoordeling. Er is nog steeds sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Naar aanleiding van deze zienswijze wordt de berekening kwaliteitsverbetering in de motivering en het landschapsplan in bijlage 1 bij de regels en bijlage 1 bij de toelichting aangepast. Naar aanleiding van de zienswijze wordt de paragraaf over luchtkwaliteit, gezondheid en geur aangevuld.
2.
Zienswijze 2 (BL25-06277)
Ingekomen 12 december 2025 / dagtekening 11 december 2025 a. Indiener geeft aan geen bezwaar te hebben tegen het plan als geheel, maar zich niet te kunnen vinden in het opgenomen wandelpad. Daarbij wordt aangegeven dat het wandelpad uitkomt op de Aarleseweg, wat volgens indiener een onveilige verkeerssituatie oplevert vanwege het ontbreken van voldoende voorzieningen voor voetgangers. Verder wordt opgemerkt dat het wandelpad niet was opgenomen in een eerdere presentatie van de gemeente Best over Aarlesche Erven, dat de sociale veiligheid mogelijk wordt verminderd, en dat tijdens de omgevingsdialoog is aangegeven dat het pad eventueel zou kunnen worden afgesloten voor publiek.
Naar aanleiding van de zienswijze, overleg met initiatiefnemer en intern overleg binnen de gemeente is besloten om het wandelpad geen onderdeel meer te laten uitmaken van het plan. Mede gelet op het weglaten van het wandelpad dient de berekening op grond van de maatwerkregeling omgevingskwaliteit en het landschapsplan te worden aangepast.
Conclusie Naar aanleiding van de zienswijze en intern overleg binnen de gemeente wordt het plan aangepast. De berekening op grond van de maatwerkregeling omgevingskwaliteit in de motivering en het landschapsplan in bijlage 1 bij de regels en bijlage 1 bij de toelichting worden aangepast.
3.
Provincie Noord-Brabant
Ingekomen 11 december 2025 / dagtekening 11 december 2025 a. Indiener geeft aan dat de te slopen bebouwing onterecht wordt gewaardeerd op een bedrag van €55,00 per m2.
Naar aanleiding van de ingediende zienswijze is de berekening van de kwaliteitsverbetering aangepast. Een groter gedeelte van de bedrijfsloodsen worden gesloopt, waardoor de totale oppervlakte boven de drempelwaarde van 750 m² uitkomt. Dit betekent dat voor de kwaliteitsverbetering nu het tarief van € 55,00
*IN26-00003*
IN26-00003/ Pagina 7 van 8
per m² kan worden toegepast. b. Indiener geeft aan dat het plan geen inzicht geeft in het onderscheid tussen reguliere inpassing en landschappelijke verbetering (versterken omgevingskwaliteit).
Naar aanleiding van deze zienswijze is in het landschapsplan onderscheid gemaakt.
c. Indiener geeft aan dat bij het berekenen van de fysieke maatregelen ten onrechte geen gebruik is gemaakt van de STILA-norm.
Naar aanleiding van deze zienswijze wordt de berekening op grond van de maatwerkregeling omgevingskwaliteit aangepast.
d. Indiener geeft aan dat een aantal kosten niet opgevoerd kunnen worden in de berekening.
Naar aanleiding van deze zienswijze wordt de berekening op grond van de maatwerkregeling omgevingskwaliteit aangepast.
Conclusie Naar aanleiding van deze zienswijze wordt de berekening op grond van de maatwerkregeling omgevingskwaliteit in de motivering en het landschapsplan in bijlage 1 bij de regels en bijlage 1 bij de toelichting aangepast.
5.
Ambtshalve wijzigingen
Hieronder wordt ingegaan op de aanpassingen die ten opzichte van het ontwerp TAM-omgevingsplan Aarleseweg 42-42a worden doorgevoerd op basis van ambtshalve verbeteringen. De wijzigingen zijn geordend naar wijzigingen op de motivering, de planregels en de verbeelding naar aanleiding van de ingebrachte zienswijzen alsmede de ambtshalve verbeteringen.
TAM-omgevingsplan De planregels
•
Er is een extra artikel toegevoegd (artikel 14) toegevoegd: Aanvraagvereisten omgevingsvergunning a. De aanvraagvereisten, als bedoeld in paragraaf 22.5.2 van het omgevingsplan Best d.d. 11 juli 2024, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit TAM-omgevingsplan. Als de regels uit paragraaf 22.5.2 van het omgevingsplan Best d.d. 11 juli 2024 in de toekomst een andere plek in de structuur van het omgevingsplan Best krijgen, zijn die regels van overeenkomstige toepassing met inachtneming van de daarop doorgevoerde wijzigingen. b. Bij een aanvraag om omgevingsvergunning worden de gegevens en bescheiden die redelijkerwijs benodigd zijn voor de beoordeling van de vergunningaanvraag voorgelegd. Hierbij dient de aanvrager schriftelijk te motiveren waarom wordt voldaan aan de beoordelingsregels. Toelichting: Met het toevoegen van dit artikel worden de aanvraagvereisten uit de Bruidsschat expliciet van toepassing verklaard. Dit betreft een juridisch technische verduidelijk en brengt geen inhoudelijke wijziging met zich mee.
*IN26-00003*
IN26-00003/ Pagina 8 van 8