25067.15 - Ter informatie - Commissie RKE Johannes Verleunstraat 29 31 Best GP (A)
Tekst van het document
Adviescommissie Omgevingskwaliteit Gemeente Best Bouwadres
Advies
Erfgoed
Joh. Verleunstraat 29-31 Best
Gespreksnotitie
Ja
Betreft
Kenmerk
Datum
Het realiseren van een MFA
xxxx
16-09-2025
Gemandateerde/ adviseur
Status plan
Behandeling
Conceptverzoek
1
,
Geacht College
van
burgemeester en wethouders
Naar aanleiding
van uw
,
adviesverzoek bericht de commissie u als volgt:
PLANCONTEXT Het plan betreft het realiseren van een MFA ter plaatse van een architectuurhistorisch en cultuurhistorische uniek wederopbouwcomplex bestaande uit een school met gymzaal afgekort ‘Bricks’. Het voorliggende plan betreft een variantenstudie voor de herontwikkeling van deze locatie tot een MFA. Het gaat om een massastudie op basis van het Programma van Eisen uitgewerkt in 3 varianten: Variant 1: behoud van het scholencomplex Variant 2: sloop en behoud van monumentaal trappenhuis en deel van tussenlid. Variant 3: volledig sloop en nieuwbouw. De commissie is gevraagd advies uit te brengen over de invloed van de voorgestelde varianten met betrekking tot het behoud en transformatie van erfgoed. Eerder is advies uitgebracht op 07-01-2025. Dit naar aanleiding van de Cultuurhistorische Quickscan School & gymzaal Joh. Verleunstraat 29-31 en Buurthuis Kandans Sint Jozefstraat 1 van het Monumenten Adviesbureau 23 oktober 2024 en locatiebezoek op 16 december 2024. Op basis hiervan heeft de commissie destijds opgemerkt dat het schoolgebouw ‘Bricks’ hoge monumentale waarden bezit in zowel exterieur als interieur en een gemeentelijke monumentenstatus derhalve niet ondenkbaar is. ,
,
,
UITGANGSPUNTEN Op basis van de regels van het omgevingsplan die betrekking hebben op de Omgevingskwaliteit en de daarmee verbonden beleidsregels in de gemeentelijke nota biedt de commissie advies. Het plan bevindt zich in het deelgebied de wijken en is beoordeeld op basis van de criteria die horen bij dit welstandsgebied en het daarvoor vastgestelde welstandsniveau. Het ensemble vertegenwoordigt hoge cultuurhistorische en architectuurshistorische waarden heeft echter geen monumentale status. Gelet op de hoge cultuurhistorische waarden van het plangebied is het plan besproken door de erfgoeddeskundigen van de adviescommissie. ,
,
BEVINDINGEN De commissie spreekt zich nadrukkelijk uit voor variant 1. Het scholencomplex ‘Bricks’ bezit hoge monumentale architectuurhistorische en cultuurhistorische waarden. Daarnaast vormt het complex een herkenbaar baken in Wilhelminadorp en bezit het naast bijzondere beeldwaarden ook hoge herinneringswaarden aan het ontstaan van de wijk. Variant 2 is dermate uitgekleed dat deze variant geen ,
,
enkel recht doet aan de geschiedenis van de plek en de architectuur van het oorspronkelijke gebouwencomplex. In variant 3 is het grote cultuurhistorische belang van het complex geheel niet meegewogen. De commissie adviseert met klem tegen deze variant en ziet dit vanuit het oogpunt van behoud transformatie en doorontwikkeling van erfgoed niet als optie. ,
De commissie onderbouwt de keuze voor variant 1 als volgt: Op basis van het eerder onderzoek naar de cultuurhistorische architectuurhistorische en stedebouwkundige waarden van het scholencomplex is de commissie van mening dat het complex dusdanige waarden bezit dat het behoud ervan in aangepaste vorm nadrukkelijk overwogen dient te worden. Dit geldt zowel voor het scholencomplex ‘Bricks’ als het eerder bij de planontwikkeling nog betrokken gebouw van ‘Kadans’. Omdat ‘Kadans’ niet langer onderdeel uitmaakt van de planontwikkeling maar volgens de commissie wel deel uitmaakt van de geschiedenis van de plek is het belang hiervan zijdelings meegenomen in het advies. ,
,
,
,
,
1. Historisch en maatschappelijk belang Het gebouwencomplex (Bricks en Kadans) is het oudste nog bestaande scholencomplex van Best en vormt daarmee een tastbare herinnering aan de ontwikkeling van het lokale onderwijs sinds de invoering van het klassikaal onderwijs in 1800 en de leerplicht in 1900 die scholing voor alle kinderen mogelijk maakte. Het onderwijs is dan ook met name vanaf de eerste helft van de twintigste eeuw tot ontwikkeling gekomen. 1 Waar alle andere lagere scholen uit de periode 1800 tot 1970 in Best zijn verdwenen biedt dit complex een zeldzaam en representatief voorbeeld van de scholenbouw zoals die in de Wederopbouwperiode vorm kreeg. De school is verbonden met de introductie van de leerplicht de schoolstrijd van het begin van de 20 e eeuw de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog en de idealen van gemeenschapsvorming. Vele generaties Bestse kinderen zijn hier gevormd. Hiermee is het complex van grote cultuurhistorische waarde voor Best. ,
,
,
,
,
2. Architectonische en stedenbouwkundige waarde Het scholencomplex is ontworpen door Cees Geenen een regionaal vooraanstaand architect die ook andere beeldbepalende gebouwen in Best ontwierp waaronder het rijksmonumentale woonhuis Hoofdstraat 68 en de eveneens rijksmonumentale nabijgelegen Sint Antoniuskerk. De architectuur van de school laat de overgang zien van een meer traditionele architectuurstijl naar een modernere architectuurstijl. Deze naoorlogse architectuurstijl ook wel de ‘shake-hands’ genoemd was typisch voor de Nederlandse architectuur uit de jaren vijftig en kenmerkte ook het werk van Geenen in de naoorlogse periode. Typologisch gezien betreft het een gangschool – een schooltype dat decennialang dominant was in Nederland maar inmiddels vrij zeldzaam is geworden. ,
,
,
,
,
,
Stedenbouwkundig is het complex zorgvuldig gepositioneerd aan de ontsluitingsweg van Wilhelminadorp nabij de kerk. Dit sluit aan bij de wijkgedachte uit de Wederopbouwperiode waarin de school vaak in het hart van de wijk was gelegen. De op het zuiden georiënteerde lokalen de centrale ingangspartij met beeldende kunst en de aanwezigheid van een handarbeidlokaal en gymzaal weerspiegelen het streven naar een brede vormende rol van het onderwijs in die tijd. ,
,
,
3. Kunsthistorische waarde In het trappenhuis bevindt zich een muurschildering van Gerrit de Morée oprichter van de St. Joost Academie in Breda. Het werk is een zeldzaam voorbeeld van de verwevenheid van kunst en publieke ,
een meer uitgebreide onderbouwing voor behoud van het scholencomplex ‘Kadans’ en ‘Bricks’ vanuit nationaal en lokaal perspectief zie bijgevoegde bijlage: Ontwikkeling Scholenbouw Nederland 1 Voor
,
,
Best gebouwen Indien
in de
Rijksdienst 4. Het
Wederopbouwperiode.
het werk
destijds
Zeldzaamheid is
scholenbouw
situering
met
kunstwerken
rijkssubsidie,
vereist
zijn
inmiddels
verloren
gegaan.
bij sloop voorafgaand overleg
de
met
(RCE).
bewaard
gebleven
Wederopbouwperiode.
kunsttoepassing
overgebleven lagere
vergelijkbare
Gaafheid
en
bijzonder gaaf
uit de
en
Veel
gerealiseerd
Cultureel Erfgoed
van
complex
is
school
maakt
het
is in Best
is het
en
enige overgebleven
De combinatie
gebouw
van
uniek
1970
voor
voorbeeld
in Best
van
typologie, architect, stedenbouwkundige
van
binnen
de
draagt bij
gemeente. Ook de
aan
het
feit,
dat het
een
ruim
de
enige,
zeldzaamheid.
CONCLUSIE
Sloop van eeuw
het
scholencomplex
onderwijsgeschiedenis
uitgelezen
kans
biedt
te
integreren
in
te
behouden,
kan
omgaat
een
de
met
om
zeer
nieuwe
zou
betekenen,
dat de
verdwijnt.
De
in Best
waardevol
en
Erfgoed
moet
niet worden
plannen.
De
zorgvuldige wijze
gezien
kan
als
te kunnen
al op voorhand
speelt borgt,
dat
weloverwogen
BEOORDEELDE
het
erfgoed en
op
behouden
én op
een
Alleen
in het
brug
een
als
bij variant
1
vervolgtraject
is
er
het
en
gegeven. slaan
of slechts
in
in de verdere
zorgvuldige wijze
met
zeer
het
herbestemming,
om
beperkte
erfgoed
om
op
een
het
In beide
behouden.
planvorming. wordt
nieuwe
erfgoed
ruimte
mate,
toekomst.
en
voor
uiteindelijke ontwerp.
betekenis
een
duurzaam
inspiratie
nog voldoende
rol
geen
complex
tegelijkertijd verleden
tussen
en
Door
manier
het
Door
te schematisch
complex niet, van
én
neemt
uitgangspunt
de commissie
eigentijdse
karakteristiek.
andere Hierdoor
Alleen variant
1
omgegaan.
GEGEVENS
5472
2025-08-20
Variantenstudie
Scenario's Bricks op agenda De
maar
zijn volgens
meewegen.
varianten
het
scholencomplex
anderhalve
locatie juist een
statisch
geen
van
mening,
de essentiële
van
is immers
belemmering,
scholencomplex wordt
dit
massastudies
serieus te betrekken
in deze varianten
te
getuigenis
dat de
van
zien, dat het de eigen geschiedenis serieus
doorontwikkeling
voorgestelde
er
behoud
met
gebouwde omgeving. Erfgoed
transformatie
is
gemeentelijk erfgoed
ontwikkeling
Best laten
laatste tastbare
commissie
plek
en
de directe
Namens
de
adviescommissie,
MFA
Wilhelminadorp ZA.pdf
monumentencommissie.msg
omgeving zijn bekeken
via Streetsmart
op
straatniveau
en
alzijdig
vanuit de
lucht.
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
OMGEVINGSDIENST
ZUIDOOST-BRABANT,
BIJLAGE:
ONTWIKKELING SCHOLENBOUW NEDERLAND
Hoofdelijke naar klassikale onderwijsvorm (rond 1800) Vanaf de Middeleeuwen werd onderwijs hoofdelijk gegeven en was zodoende een aangelegenheid van rijke mensen. Vanaf 1800 werd door wetgeving het klassikaal onderwijs ingevoerd om op betaalbare wijze een groot aantal leerlingen met een gelijk niveau op te kunnen leiden. De schaal bleef echter beperkt doordat veel kinderen niet naar school gingen maar werkten. Hierbij moet dan ook gedacht worden aan een school ter grootte van één lokaaltje. Pas vanaf 1870 ging de rijksoverheid scholenbouw financieel ondersteunen en zij werd vanaf begin 20e eeuw de grootste financier. ,
,
Afschaffing kinderarbeid en invoering leerplicht De afschaffing van de kinderarbeid in 1874 en de invoering van de leerplichtwet in 1900 scholenbouw een impuls. Het betrof in die periode met name zaalscholen.
gaven
de
Beslechting van de schoolstrijd en invoering van zes jaarklassen (1920) In de hierop volgende wet werd in 1920 met de financiële gelijkstelling van het bijzonder onderwijs de schoolstrijd beslecht die een grote rol had gespeeld in de politiek van begin 20 e eeuw. Ook werd de indeling in zes jaarklassen geregeld. Deze ontwikkelingen zorgden voor een verdere versnelling in de scholenbouw. Zodoende is met name vanaf 1920 een grote hoeveelheid scholen tot stand gekomen. Dit zijn met name gangscholen geweest die tot ver in de 20e eeuw de meest gangbare vorm van schoolgebouwen in Nederland zijn geweest. Dit type was groter en van hogere kwaliteit dan de 19eeeuwse zaalscholen. De invoering van deze wetgeving is in grote mate bepalend voor het huidige maatschappelijke beeld van het Nederlandse onderwijs en het betreft dus een relatief jonge ontwikkeling. De grote bouwgolf van e scholen die eruit voortkwam in vergelijking tot de kleinere schaal in de 19-eeuw maakt dat scholenbouw e met name gezien kan worden als een 20-eeuwse ontwikkeling. ,
,
,
,
Esthetiek en stedenbouwkundige inpassing e Vanaf de 20-eeuw werd in de scholenbouw ook aandacht voor kunst en schoonheid in relatie tot onderwijs gegeven om de scheppende fantasie van kinderen te stimuleren. In de architectuur uitte zich dat door architectonisch nadruk op de ingang trappenhuis en gymzaal lokalen aan de zonnigste zijde van het gebouw door de gang gescheiden van het rumoer van het schoolplein en de school als belangrijk stedenbouwkundig element. ,
,
,
Scholenbouw na de Tweede Wereldoorlog In de periode na de Tweede Wereldoorlog was een grote behoefte aan scholenbouw. Vanaf 1942 had in verband met de bouwstop de scholenbouw jarenlang nagenoeg stilgelegen en in de oorlog waren bijna 1000 scholen zwaar beschadigd geraakt en 273 verwoest. Daarbovenop kwam de groeiende behoefte door de grote groei van de bevolking in verband met de babyboom. Beperkte wederopbouw en voorrangsregelingen Het rijk gaf echter in de eerste jaren na de oorlog voorrang aan woningbouw. Slechts in vier provincies waaronder Noord-Brabant konden met een voorrangsregeling scholen worden gerealiseerd deels als noodbouw. Pas in 1951 was het beschikbare bouwvolume groot genoeg om alle aanvragen toe te kennen. Maar tot 1955 lag de nadruk op herstel van oorlogsschade lagere scholen in uitbreidingswijken en werd ,
,
,
,
de financiën afgezien van de bouw van gymzalen en kleuterscholen. Pas vanaf 1958 nam het aantal gerealiseerde scholen fors toe door de inzet van systeembouw. vanwege
School als gemeenschapscentrum en nieuwe schooltypen Ideeën over bevorderen van gemeenschapszin kregen in de jaren ’50 ook vorm in de scholenbouw door de school als centrum voor naschoolse culturele activiteiten en een daarvoor bestemde ruimte zoals aula bibliotheek gymzaal en handenarbeidlokaal en het schoolplein als speelplek voor de buurt. Binnen de toen gangbare wijkgedachte moest op stedenbouwkundig niveau de school zo gesitueerd worden dat de maatschappelijke rol ervan tot uitdrukking kwam (in lijn met de kerk als middelpunt van een oude stad). Er werd geëxperimenteerd met andere schooltypen zoals de halschool en de paviljoenschool maar hun aantal groeide pas in de loop van de jaren ‘60. Vanaf 1968 werd de bouw van scholen weer een zaak van de gemeente in plaats van het rijk. ,
,
,
,
,
,
Onderwijsvernieuwing en sloop van gangscholen Nieuwe ideeën over de samenleving in de jaren zestig en zeventig kregen ook navolging in het onderwijs en een weerslag in de scholenbouw. Hierdoor werd bij nieuwbouw vanaf de jaren ‘70 de gangschool verdrongen door andere schooltypen en werden in de decennia erna veel oude schoolgebouwen afgedankt gesloopt of ingrijpend aangepast aan nieuwe onderwijsinzichten. Ook het eigendom de stedenbouwkundige ligging en de aanwezigheid van een groot schoolplein en teruglopende kindertallen na de eerste periode van een uitbreidingswijk maken oudere schoollocaties tot een interessante en makkelijke plek voor herontwikkeling. Dit alles heeft geleid tot grootschalige sloop van de gangscholen. ,
,
Ontwikkeling van het onderwijs in Best De wijze waarop het onderwijs in Nederland is vorm gegeven is dus met name een ontwikkeling uit de 20e eeuw. Deze is in Best als volgt terug te zien. Het dorp had sinds omstreeks 1820 een openbare school en sinds 1864 een Rooms-Katholieke school verzorgd door de nonnen. Hierbij moet gedacht worden aan zeer beperkt openbaar onderwijs met een school ter grootte van één lokaaltje en een bewaarschool die fungeerde als een soort kinderopvang voor jonge kinderen. Tot de gelijkschakeling van het bijzonder onderwijs in 1920 had het katholieke onderwijs nog weinig financiële mogelijkheden voor het realiseren van een lagere school. Vanaf 1920 verliest de openbare school zijn leerlingenpopulatie aan de Rooms-Katholieke lagere school en wordt daarna gesloopt. De katholieke school groeide maar de ontkerkelijking maakte in 1976 een einde aan de onderwijsactiviteiten van de nonnen. De school kreeg in de jaren ‘70 nieuwbouw buiten het centrum en de vooroorlogse school bij het klooster is in 1987 gesloopt om ruimte te bieden aan de centrumplannen. ,
,
Scholenbouw in Wilhelminadorp Wilhelminadorp was in de jaren ’50 en geruime tijd daarna de enige uitbreidingswijk van Best. Kinderen uit Batadorp gingen naar de scholen in Wilhelminadorp. Naastenbest en het noordelijke deel van Speelheide zijn medio de jaren ’70 gerealiseerd. De andere in Wilhelminadorp gerealiseerde scholen zijn gesloopt. Het betrof de protestantse school en de katholieke meisjesschool die is in de jaren ’80 is opgegaan in de huidige Bricksschool. ,
Historische betekenis van het Kadans-Bricks complex Dat betekent dat het scholencomplex van Kadans en Bricks het oudste nog bestaande scholencomplex van Best is. Ze zijn ook de enige representant van de scholenbouw uit de Tweede Wereldoorlog en de ,
Wederopbouwperiode een voorbeeld van een gangschool die destijds de gangbare vorm waren en dat een halve eeuw zijn geweest. Hierbij is het zeer bijzonder dat in de Tweede Wereldoorlog een school is gerealiseerd -het huidige Kadans- en ook dat de school van Bricks vóór 1955 is gerealiseerd als permanente school met gymzaal terwijl het rijk daar toen in principe nog geen geld voor beschikbaar stelde. ,
,
,
,
Architectonische en stedenbouwkundige kwaliteit Dit scholencomplex past volledig in het schooltype en de ideeën die voor de Tweede Wereldoorlog en in de Wederopbouwperiode gangbaar waren maar door de veranderde inzichten over onderwijs op heel veel plekken in Nederland weer verdwenen zijn of onherkenbaar zijn geworden. De ideeën over de stedenbouwkundige situatie is terug te zien in de centrale ligging aan de ontsluitingsweg van Wilhelminadorp en bij de kerk. De zoninstraling in de lokalen en gang als scheiding naar het schoolplein het prachtige kunstwerk in het trappenhuis de verbijzondering van de ingang de bouw van het handwerklokaal en de gymzaal ook voor naschoolse activiteiten; alles is in deze school aanwezig en het verkeert nog in een bijzonder gave staat. ,
,
,
,
,
,
Ontwerp door architect Cees Geenen Ook het feit dat de schoolgebouwen zijn ontworpen door de regionaal vooraanstaande architect Cees Geenen die ook in Best beeldbepalende gebouwen heeft ontworpen zoals de nabijgelegen St. Antoniuskerk de tricotfabriek en het tegenoverliggende woonhuis met kantoor van I.B.C. draagt in belangrijke mate bij aan de architectuurhistorische waarde. Het gegeven dat zijn eerste ontwerp voor deze school een revolutionaire opzet had maar dat toch een meer traditioneel gebouw is gerealiseerd typeert de tijdsgeest van weleer in deze streek. De bijzondere ingangs- en hoekpartij zorgen ervoor dat dit gebouw zich typeert als een overgang van het traditionalisme naar het modernisme wat zeer kenmerkend is voor de ‘shake-hands’architectuur in de jaren ’50 en ook van het werk van deze architect in deze periode. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
Kunst in het onderwijsgebouw Kenmerkend voor de Wederopbouw is de verwevenheid van kunst met architectuur. Gerrit de Morée uit Breda medeoprichter van de kunstacademie in Breda (St. Joost- academie) werkte vaker samen met het architectenbureau Geenen Oskam en ontwierp ook in deze school het fraaie kunstwerk in het trappenhuis dat van hoge kunsthistorische waarde is. Hij werd bekend om dit soort muurschilderingen in kerken en openbare gebouwen maar een groot deel hiervan is weer verdwenen. Ondermeer in de Mariaschool in Wilhelminadorp bevond zich de wandschildering “levensvreugde en blijheid” sgraffito uit 1960 die bij de sloop in 1995 verloren is gegaan. Ook de functie als school verleent het complex hoge cultuurhistorische waarde. Vele generaties hebben hier een groot deel van hun kindertijd doorgebracht en zijn in belangrijke mate in deze gebouwen gevormd. Scholing voor brede lagen van de bevolking hebben een essentiële e bijdrage geleverd aan de welvaart en sociaal-maatschappelijke ontwikkeling in Nederland in de 20-eeuw. Dit onderwijs is niet los te denken van hoe Nederland zich heeft ontwikkeld tot het land dat het nu is. ,
,
,
,
,
,
Samenvattend: Dit schoolcomplex heeft voldoende kwaliteit om aangewezen te worden als gemeentelijk monument. Het is van groot belang voor de cultuurhistorie van Best en Wilhelminadorp in het bijzonder dat het scholencomplex niet wordt gesloopt maar op een passende wijze met behoud van de essentiële karakteristiek wordt ingepast in een nieuwe ontwikkeling. Sloop van dit complex zou betekenen dat de ,
,
,
,
laatste gebouwen verdwijnen die getuigen van de eerste anderhalve eeuw dat er scholing is geweest voor brede lagen van de bevolking in Best alsof er voor 1970 geen scholen waren in het dorp. Ook zou het betekenen dat een voor Best zeer belangrijk architectuurhistorisch gebouw met twee kenmerkende schilderingen van hoge kwaliteit teloor gaat van een typologie en uit een periode die grotendeels het aanzicht van het huidige dorp bepalen maar die de gemeente verder nergens meer heeft en van een bekende architect en beeldend kunstenaar waarvan ook op andere plekken al veel werk is verdwenen. ,
,
,
,
,
,
,