CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

25033.03 - Beleidsplan Armoedebestrijding en Schuldhulpverlening 2025-2029

Raadsvergadering 15 september 2025, gemeente BestBij agendapunt: 25033 - Vaststellen Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening in Best 2025-202923.921 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

7 alinea's met “financiën”: 28 116 279 329 352 458 569

Beleidsplan Armoedebestrijding en Schuldhulpverlening in Best 2025-2029 Armoede en schulden pakken we samen aan!

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Voorwoord Armoede en schulden pakken we samen aan! Graag presenteer ik u het nieuwe Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029. In dit plan leest u hoe we een geïntegreerd beleid rondom armoedebestrijding en schuldhulpverlening gaan voeren. Dat is nieuw; dat we de armoedeproblematiek én schuldenproblematiek aan elkaar koppelen, en dat we ons beleid daarop afstemmen. Het leven in armoede en het hebben van schulden zijn beide hardnekkige problemen die veel met elkaar te maken hebben en die beide invloed hebben op veel, zo niet alle aspecten van een mensenleven. Het beïnvloedt bijvoorbeeld de gezondheid, schoolprestaties, of het vermogen om mee te doen in deze maatschappij. Het werkt stress in de hand en eenzaamheid. Uit onderzoek blijkt dat het aanbod van hulp bij financiële zorgen in Best ruimhartig is. Daar zijn we trots op. Tegelijk blijkt dat niet iedereen er gebruik van maakt. Daar ligt dan ook een belangrijke uitdaging voor de komende jaren: om de ondersteuning rondom geldzorgen (nog) laagdrempeliger en toegankelijker te maken. Met de komst van een Armoederegisseur in 2025 zetten we daartoe een belangrijke stap. Deze regisseur legt de verbinding tussen de inwoner en de mogelijke oplossingen die er in Best maar ook landelijk zijn, zodat armoede en/of schulden geheel verdwijnen of belangrijk verminderen.

Armoede en schulden zorgen vaak een vicieuze cirkel waaruit het moeilijk loskomen is. Vandaar dat we kiezen voor een integrale aanpak. De persoon staat centraal, niet het oplossen van één specifiek probleem. Op die manier zorgen we ervoor dat we onze inwoners beter kunnen helpen en de bestaanszekerheid in Best vergroten. Wethouder Veronique Zeeman

Juni 2025

IN24-02384

*IN24-02384*

2

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Managementsamenvatting Dit beleidsplan markeert een belangrijke mijlpaal, doordat het voor het eerst armoedebestrijding en schuldhulpverlening samenbrengt in één samenhangend beleid. Hiermee zetten we in op een integrale aanpak om armoede en schulden in Best effectief aan te pakken. Het biedt een brede aanpak voor armoede en schulden, met aandacht voor de impact van levensgebeurtenissen, laaggeletterdheid, eenzaamheid en inclusie. Door te focussen op participatie en normalisering, streven we naar een samenleving waarin iedereen gelijke kansen krijgt en volwaardig kan deelnemen, ook op financieel gebied. Een belangrijke stap in de uitvoering is de introductie van de armoederegisseur in 2025. Deze functionaris richt zich op het opbouwen en versterken van een netwerk van partners binnen de sociale basis. De armoederegisseur vervult een brugfunctie tussen beleid en praktijk, en tussen inwoners en hulpverlenende instanties, zoals schuldhulpverlening. Bij de vier speerpunten die hieronder worden benoemd, speelt de armoederegisseur een centrale en verbindende rol. Het beleidsplan is opgebouwd rond vier speerpunten: 1. Voorkomen: We zetten in op het vroegtijdig herkennen en aanpakken van financiële risico’s, om te voorkomen dat kleine problemen uitgroeien tot ernstige schulden. Dat doen we door nauwe samenwerking, tijdige signalering en gerichte ondersteuning.

Ook na een schuldregeling blijven we mensen begeleiden om terugval te voorkomen. Preventie, vroegsignalering én nazorg vormen zo samen een sterke basis voor duurzame financiële stabiliteit. 2. Laagdrempelig: Ondersteuning bij financiële problemen moet voor alle inwoners eenvoudig bereikbaar zijn. We zorgen voor duidelijke informatie, goede doorverwijzing en persoonlijke hulp op toegankelijke plekken. Zowel online als via fysieke loketten maken we het makkelijker om regelingen te vinden en ondersteuning aan te vragen. Door begrijpelijke communicatie en betere vindbaarheid versterken we de aansluiting op de behoeften van inwoners. 3. Rondkomen: We willen inwoners ondersteunen in hun financiële bestaanszekerheid, zodat zij beter kunnen meedoen in de samenleving. Door inkomensondersteunende regelingen beter af te stemmen en toegankelijker te maken, vergroten we het besteedbaar inkomen en voorkomen we geldzorgen. Daarbij werken we aan het terugdringen van niet-gebruik en bieden we waar mogelijk maatwerk, zodat ondersteuning beter aansluit op individuele situaties. 4. Schuldenvrij: We zetten in op een integrale aanpak van schulden, waarbij inwoners niet alleen worden geholpen bij het oplossen van hun schulden, maar ook bij het versterken van hun financiële vaardigheden.

Door de onderliggende oorzaken van financiële problemen aan te pakken, streven we naar duurzame oplossingen en vergroten we de financiële veerkracht van onze inwoners. Belangrijke besluitpunten in dit beleidsplan: Harmoniseren van de inkomensgrens bij de minimaregelingen. De inkomensgrens wordt 120% van de • bijstandsnorm voor alle minimaregelingen. (Besluitpunt 1). • Indien in 2027 het eigen risico (zorgverzekering) wordt verlaagd, dan zetten we de minimaregeling ‘Bijdrage eigen risico ziektekosten’ per 2027 stop. (Besluitpunt 2). • Kiezen voor de optie van gezondverzekerd.nl als het gaat om energiearmoede. Via dit platform kunnen inwoners met hulp en ondersteuning een passend energiecontract kiezen, waarbij ze gegarandeerd worden geaccepteerd en geen borg hoeven te betalen. Dit wordt beschreven in Hoofdstuk 5. (Besluitpunt 3). Dit beleidsplan biedt concrete handvatten voor het aanpakken van armoede en schulden in onze gemeente. Samen werken we aan een toekomst waarin iedereen de kans krijgt om zelfstandig en zonder financiële zorgen deel te nemen aan de samenleving.

IN24-02384

*IN24-02384*

3

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Inhoudsopgave

Voorwoord Managementsamenvatting Inhoudsopgave Inleiding Leeswijzer Hoofdstuk 1 Ontwikkelingen op gebied van geldzorgen § 1.0 Global goals § 1.1 Landelijke ontwikkelingen § 1.2 Wettelijke context § 1.3 Lokale ontwikkelingen § 1.4 Impact levensgebeurtenissen, laaggeletterdheid en eenzaamheid op armoede: richting inclusie Hoofdstuk 2 Onze speerpunten SPEERPUNT 1

Voorkomen § 1.a Waarom? § 1.b Het doel § 1.c Wat doen we al? § 1.d Wat gaan we nog meer doen? § 1.e Wat is verder nog van belang? SPEERPUNT 2

Laagdrempelig § 2.a Waarom? § 2.b Het doel § 2.c Wat doen we al? § 2.d Wat gaan we nog meer doen? § 2.e Wat is verder nog van belang? SPEERPUNT 3

Rondkomen § 3.a Waarom? § 3.b Het doel § 3.c Wat doen we al? I. Minimaregelingen II. Andere regelingen en ondersteuning § 3.d Wat gaan we nog meer doen? I. Minimaregelingen Harmoniseren inkomensgrens voor alle minimaregelingen: Besluitpunt 1 Besluitpunt 2 II. Andere regelingen en ondersteuning § 3.e Wat is verder nog van belang? SPEERPUNT 4

Schuldenvrij § 4.a Waarom? § 4.b Het doel § 4.c Wat doen we al? § 4.d Wat gaan we nog meer doen? § 4.e Wat is verder nog van belang? Alle speerpunten § 5. Rol van de Armoederegisseur § 6. Communicatieplan Armoedebestrijding en Schuldhulpverlening

IN24-02384

*IN24-02384*

2 3 4 6 7 8 8 8 10 10 13 15 15 15 15 15 16 17 18 18 18 18 19 19 19 20 20 20 20 21 21 21 21 22 22 22 22 23 24 26 26 26 26 26 26 27 27 27 27 28

4

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Hoofdstuk 3 Schuldhulpverlening § 3.1 Introductie § 3.2 Schuldhulpverlening door netwerkpartners § 3.3 Wat gaan we de komende jaren op gebied van schuldhulpverlening doen? Hoofdstuk 4 Kwaliteitsborging en organisatie schuldhulpverlening Hoofdstuk 5 Energiearmoede in relatie tot schuldhulpverlening Besluitpunt 3 Hoofdstuk 6 Financiën Begrippenlijst Afkortingen Bijlage 1 Schuldhulpverlening in Best (behorend bij Hoofdstuk 3) § 1 Schuldhulpverlening in de 1e fase § 2 Schuldsanering in de 2e fase § 3 Doorlooptijden en termijnen Schuldhulpverlening voor specifieke groepen § 4 Schuldhulpverlening voor ondernemers (waaronder zzp’ers) § 5 Schuldhulpverlening aan gezinnen met inwonende minderjarige kinderen § 6 Schuldhulpverlening en jongeren Bijlage 2 Toelichting op de (minima-)regelingen en ondersteuning Minimaregelingen Andere regelingen en ondersteuning Bijlage 3 Cijfers rond inkomen, schulden en armoede in Best Bijlage 4 Overzicht elementen Basisdienstverlening, Actieplan Bijlage 5 Overheidsbrede loketten Bijlage 6 Niet-gebruik van toeslagen (landelijke regelingen) Bijlage 7 Informatie over Geldfit Bijlage 8 Alle NVVK-modules

IN24-02384

*IN24-02384*

29 29 29 30 32 33 34 35 36 40 41 41 42 44 44 44 45 45 46 46 48 50 51 52 53 54 55

5

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Inleiding Voor u ligt het beleidsplan Armoedebestrijding en Schuldhulpverlening van de gemeente Best. In dit beleidsplan staat wat de gemeente in de periode 2025-2029 samen met haar maatschappelijke partners gaat doen om armoede en schulden in Best te bestrijden. Wij vinden het belangrijk dat alle inwoners van Best mee kunnen doen in onze samenleving, zoals dit ook in ons Beleidsakkoord 2022-2026 staat. We richten ons in dit beleidsplan vooral op mensen die vanwege een (tijdelijk) laag inkomen en/of schulden moeite hebben om mee te doen. Daarnaast moet sinds de invoering van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) periodiek een gemeentelijk beleidskader voor schuldhulpverlening worden vastgesteld. Leven in armoede kan iedereen overkomen. Ondanks de vele verschillende oorzaken en vormen van armoede is er een aantal groepen dat een hoger risico heeft om in armoede te belanden. Eenoudergezinnen met minderjarige kinderen en werklozen hebben het hoogste risico op armoede. Dit komt omdat zij vaker onder de lage-inkomensgrens (zoals het CBS die hanteert) leven. Andere groepen die een verhoogd risico lopen op leven in armoede zijn: migranten en vluchtelingen, laagopgeleiden, chronisch zieken en gehandicapten, ouderen met een laag pensioen, en jongeren.

Daarnaast is leven in armoede een vicieuze cirkel, waarbij de gevolgen van armoede zelf bijdragen aan het in stand houden van de armoedesituatie. Onderstaande figuur geeft een beeld van de gevolgen van in armoede leven. Voor alle onderzochte sociale, mentale en fysieke problematiek geldt dat mensen in armoede hier significant vaker mee te maken hebben dan mensen die niet in armoede leven.

Uit: De maatschappelijke kosten van armoede in Rotterdam, Cigarbox, februari 2025

In armoede leven betekent niet kunnen beschikken over dat wat in een samenleving minimaal noodzakelijk is. Dit kan ertoe leiden dat mensen gedwongen worden te kiezen tussen basale behoeften zoals een adequate woning, voeding of kleding. Kwaliteit van leven en brede welvaart betreffen meer dan alleen het inkomen en

IN24-02384

*IN24-02384*

6

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

beslaan ook de toegang tot onderwijs, deelname aan de arbeidsmarkt en de gezondheid. Ook deze zaken komen onder druk op het moment dat een huishouden in armoede leeft. Armoede bestrijding heeft daarmee relevantie buiten de terreinen van inkomen en sociale zekerheid, heeft een waardevolle overloop naar andere beleidsterreinen en bevordert het welbevinden van mensen in brede zin. In beleid, rapporten en ook in de praktijk worden armoede en schulden niet altijd samen besproken. In Best gaan we deze onderwerpen vanaf nu wél met elkaar verbinden. Dit doen we omdat beide problematieken: • Inhoudelijk om geld lijken te gaan, maar in beide gevallen gaan de oorzaak en gevolgen veel verder dan alleen het financiële aspect. • Armoede en schulden staan beide sterk in relatie met gezondheid, laaggeletterdheid en participatie in de samenleving. • Er is een grote overlap van organisaties, professionals en vrijwilligers in het werkveld. Ondanks de overlap die veelal bestaat, zijn wij ons ook bewust van de verschillen. Armoede en het hebben van problematische schulden is niet één op één hetzelfde. Het verbinden van armoede– en schuldenproblematiek heeft ertoe geleid dat er nu één beleidsplan armoedebestrijding en schuldhulpverlening is gemaakt waarin onze speerpunten verwerkt zijn.

De gemeente neemt een steviger regierol in de armoedebestrijding door in te zetten op het voorkomen van armoede en schulden, zodat bewoners niet in een zorgelijke financiële situatie terechtkomen. Door laagdrempelige ondersteuning te bieden, kunnen mensen gemakkelijker toegang krijgen tot hulp bij het rondkomen en het bereiken c.q. behouden van een schuldenvrije situatie. Het doel is om een geïntegreerde aanpak te realiseren die alle vier de speerpunten – voorkomen, laagdrempelig, rondkomen en schuldenvrij – effectief in de praktijk brengt.

Leeswijzer Dit beleidsplan biedt een integrale benadering van armoedebestrijding en schuldhulpverlening in Best met als doel de situatie van inwoners met geldzorgen te verbeteren. Het plan is opgedeeld in verschillende hoofdstukken en speerpunten die samenhangen met de aanpak van armoede en schulden. In hoofdstuk 1 worden de globale, landelijke en lokale ontwikkelingen besproken, de wettelijke context uitgelegd, en de impact van factoren zoals levensgebeurtenissen, laaggeletterdheid en eenzaamheid op armoede onderzocht. Hoofdstuk 2 beschrijft de vier speerpunten van ons beleid: Voorkomen, Laagdrempelig, Rondkomen en Schuldenvrij. Per speerpunt wordt ingegaan op de redenen, doelen, huidige en toekomstige acties. In hoofdstuk 3 wordt beschreven waarop we de komende jaren gaan inzetten als het gaat om schuldhulpverlening in Best. In hoofdstuk 4 wordt besproken hoe de kwaliteit van schuldhulpverlening geborgd wordt en hoe we de dienstverlening optimaliseren. Hoofdstuk 5 gaat in op het specifieke probleem van energiearmoede in relatie tot schuldhulpverlening. Hoofdstuk 6 behandelt de financiële middelen die beschikbaar zijn voor armoedebestrijding en schuldhulpverlening, evenals de verdeling en inzet van deze middelen. Dit beleidsplan eindigt met een begrippenlijst, een lijst met afkortingen en diverse bijlagen met daarin aanvullende informatie.

In Bijlage 1 (behorend bij Hoofdstuk 3) wordt het gehele proces van schuldhulpverlening beschreven, inclusief de specifieke benaderingen voor diverse doelgroepen, zoals ondernemers en gezinnen met kinderen. Deze bijlage biedt een gedetailleerd overzicht van de verschillende fasen en doorlooptijden van schuldhulpverlening.

IN24-02384

*IN24-02384*

7

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Hoofdstuk 1 Ontwikkelingen op gebied van geldzorgen § 1.0 Global goals

De gemeente Best levert met dit beleidsplan een concrete bijdrage aan Global Goal 1 van de Verenigde Naties: het beëindigen van armoede in al haar vormen. Armoede is meer dan een tekort aan geld; het raakt ook gezondheid, kansen op werk en maatschappelijke participatie. Met een combinatie van minimaregelingen en schuldhulpverlening (inclusief vroegsignalering) ondersteunt de gemeente inwoners bij het vergroten van hun bestaanszekerheid en het doorbreken van vicieuze cirkels van armoede. Dit sluit aan bij de bredere internationale ambitie om armoede structureel tegen te gaan en gelijke kansen voor iedereen te bevorderen — ook op lokaal niveau. § 1.1 Landelijke ontwikkelingen Aandacht voor armoede(bestrijding) Armoede en schuldenproblematiek krijgen veel aandacht, aangezien een aanzienlijk aantal mensen in Nederland in armoede leeft. Volgens de nieuwe armoededefinitie van het SCP, CBS en NIBUD (oktober 2024) leeft een huishouden in armoede als er na het betalen van vaste lasten te weinig overblijft voor andere basisbehoeften. Deze definitie kijkt niet naar schulden, terwijl juist het aantal huishoudens met schulden stijgt. Verder wordt vermogen meegewogen, waarbij ervan wordt uitgegaan dat huishoudens met vermogen dit kunnen gebruiken om tijdelijk hun inkomenstekort op te vangen. De nieuwe methode heeft enkele verbeteringen ten opzichte van oude meetmethoden.

In 2023 leefde 3,1% van de Nederlandse bevolking in armoede, wat een daling is ten opzichte van 7,1% in 2018. Toch ervaren deze huishoudens nog steeds ernstige financiële problemen. Het sociaal minimum blijft laag, ondanks de verhoging van het minimumloon in januari 2024. Veel mensen hebben weinig financiële buffer, waardoor ze kwetsbaar zijn voor onverwachte gebeurtenissen, zoals ziekte of verlies van inkomen. Een belangrijke oorzaak van armoede is dat het benodigde inkomen voor basisbehoeften vaak nog te laag is. In 2023 was het inkomenstekort voor mensen in armoede gemiddeld 16%, tegenover 10% in 2018. Werkende mensen in armoede ervaren vaak een groter inkomenstekort dan bijstandsontvangers. In 2023 was het inkomenstekort voor werkende armen 23%, tegenover slechts 6% voor bijstandsontvangers. De nieuwe meetmethode kijkt naar werkelijke gezinsuitgaven, wat een realistischer beeld geeft. Vergelijken met cijfers van vóór oktober 2024 is lastig vanwege de nieuwe methode. In bijlage 3 zijn cijfers over inkomen, schulden en armoede in Best te vinden. Basisdienstverlening schuldhulpverlening Het (vorige) kabinet, de VNG, NVVK en Divosa hebben gezamenlijk het plan 'Basisdienstverlening Schuldhulpverlening' ontwikkeld, waarbij de bestuurlijke afspraken op 21 maart 2024 zijn ondertekend.

Dit plan maakt deel uit van de meerjarige 'Aanpak geldzorgen, armoede en schulden', die in 2022 is gestart en de volgende ambities heeft: • Halvering van het aantal kinderen in armoede in 2025 ten opzichte van 2015 • Halvering van het aantal personen in armoede • Halvering van het aantal huishoudens met problematische schulden in 2030

IN24-02384

*IN24-02384*

8

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

De Basisdienstverlening beoogt een toegankelijker hulpaanbod, met ten minste dezelfde basiscomponenten in elke gemeente. Dit is een reactie op de variatie in toegankelijkheid van schuldhulpverlening per gemeente, zoals vastgesteld door de Nationale Ombudsman. De wetgeving laat gemeenten ruimte voor eigen beleid, maar de Basisdienstverlening brengt uniforme elementen, zoals een hulpaanbod voor verschillende doelgroepen, standaard saneringskredieten en begeleiding/nazorg. In juli 2024 werd een actieplan gepresenteerd waarin de 20 elementen van de Basisdienstverlening verder zijn uitgewerkt. In bijlage 4 ziet u dit actieplan Basisdienstverlening. Uitgangspunten voor de visie op begeleiding vanuit de Basisdienstverlening: 1. De mogelijkheden, doelen en behoeften van de inwoner staan centraal. 2. Vrijwillig, maar niet vrijblijvend. 3. Ondersteuning is zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig. 4. Ondersteuning is zo kort als mogelijk en zo lang als nodig. 5. Integrale benadering. 6. Rekening houden met stress. 7. Vertrouwen is essentieel. 8. Zelfvertrouwen versterken. 9. Duidelijke afspraken maken. 10. ICT ondersteunt het proces. Deze uitgangspunten zijn afkomstig uit de handreiking van de VNG “Het begeleiden van inwoners vanuit de elementen basisdienstverlening” (november 2024).

Hoewel gemeenten de vrijheid hebben om hun eigen beleid te formuleren, onderschrijven wij in Best de bovengenoemde uitgangspunten. Overheidsbrede loketten, proactieve dienstverlening en vroegsignalering Het programma ‘Inrichten overheidsbrede loketten’ richt zich op het verbeteren van de samenwerking tussen overheidsorganisaties om inwoners snel en effectief te helpen, vooral wanneer meerdere instanties betrokken zijn. Het doel is een systeem te creëren waarbij inwoners direct bij de juiste instantie terechtkomen, zonder doorverwijzingen. Dit maakt de dienstverlening efficiënter en voorkomt verwarring bij de inwoner. Proactieve dienstverlening, geïntroduceerd door de rijksoverheid, speelt hierbij een belangrijke rol. Inwoners worden actief benaderd door overheidsorganisaties met de juiste hulp en informatie, nog voordat zij zelf om ondersteuning vragen. Dit versnelt de oplossing van problemen en voorkomt onnodige wachttijden. In combinatie met vroegsignalering, zoals toegepast in de schuldhulpverlening, worden signalen van financiële problemen vroegtijdig opgevangen, wat voorkomt dat grotere schulden ontstaan. Het programma is momenteel actief in een beperkt aantal gemeenten, waaronder Best, en werkt samen met landelijke organisaties zoals het CAK, CJIB, DUO, IND, de Belastingdienst en Dienst Toeslagen, SVB en UWV. In Best wordt bovendien samengewerkt met LEV, Lumens en MEE.

Dit netwerk maakt gebruik van directe lijnen, wat de dienstverlening versnelt. Het programma bevindt zich nog in een ontwikkelfase, maar zal in de toekomst naar steeds meer gemeenten worden uitgebreid, zodat de samenwerking en dienstverlening verder geoptimaliseerd kunnen worden. De grootste uitdaging is het ontwikkelen van een samenwerking die zowel voor inwoners als overheidsorganisaties goed werkt, ondanks verschillende taken en wetgeving. Er wordt gewerkt aan het koppelen van bestaande dienstverlening om één efficiënt netwerk te creëren, dat zowel de hulp aan inwoners als de samenwerking tussen organisaties verbetert. In bijlage 5 kunt u zien voor welke ondersteuning inwoners terecht kunnen in het kader van overheidsbrede loketten. En in bijlage 6 ziet u dat er in Nederland al langer sprake is van het niet-gebruik van landelijke toeslagen.

IN24-02384

*IN24-02384*

9

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

§ 1.2 Wettelijke context Wet gemeentelijke schuldhulpverlening De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) schrijft sinds 2012 voor, dat de gemeenteraad iedere vier jaar een beleidskader voor schuldhulpverlening in de vorm van een beleidsplan vaststelt. Dit plan geeft richting aan integrale schuldhulpverlening voor inwoners. Het doel van de wetgever is het voorkomen van problematische schulden en inwoners die toch in een problematische schuldensituatie terecht zijn gekomen een uitweg bieden. Op 1 januari 2021 is de Wgs gewijzigd. Met de wijziging werd vroegsignalering van schulden een wettelijke taak voor de gemeente. Gemeenten hebben per 2021 de mogelijkheid om gegevens van inwoners met betalingsachterstanden in een vroeg stadium uit te wisselen met woningcorporaties, energie- en drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars. Dit worden de vaste lasten partners of signaalpartners genoemd. Hierdoor krijgen gemeenten mensen met schulden tijdig in beeld en kunnen zij schuldhulpverlening aanbieden. Wet schuldsanering natuurlijke personen Op 1 juli 2023 werd de looptijd van de wettelijke schuldsanering (Wsnp) gehalveerd van drie naar anderhalf jaar. Vanaf die datum duurt een Wsnp-traject 18 maanden.

De aanpassing van de wettelijke schuldsaneringstermijn van 36 naar 18 maanden heeft als gevolg dat deze termijn voor de minnelijke schuldsaneringen (Msnp) ook van 36 maanden naar 18 maanden is gegaan. Een saneringskrediet is een vorm van een Msnp-traject en dat betekent dat dit krediet in 18 maanden moet worden afgelost. Mensen zijn weliswaar sneller uit de schulden door deze kortere looptijd, maar de aard van de schulden wordt steeds complexer. Per 1 juli 2023 is tevens ingegaan de mogelijkheid om de Msnp over te slaan wanneer duidelijk is dat deze kansloos is, dan kan er meteen toeleiding tot de Wsnp volgen. Participatiewet in balans Er ligt een wetsvoorstel over de wijziging van de Participatiewet bij de Tweede Kamer. Dit wetsvoorstel wordt Participatiewet in balans genoemd. De beoogde inwerkingtredingsdatum is 1 januari 2026. Dit zal enkel gelden voor wijzigingen die op korte termijn zijn in te voeren. Andere wijzigingen zullen op een (nog te bepalen) later tijdstip inwerkingtreden. Het kernidee van dit wetsvoorstel is dat de Participatiewet die de bijstandsuitkeringen regelt beter moet aansluiten op wat mensen (aan)kunnen en nodig hebben. In dit wetvoorstel staan ruim twintig maatregelen om de Participatiewet te verbeteren en de balans tussen rechten en plichten te herstellen.

De regels en procedures rondom bijstandsuitkeringen vereenvoudigen en gemeenten krijgen meer ruimte voor maatwerk. Hierdoor kunnen professionals beter inspelen op de persoonlijke situatie van mensen en hen effectiever helpen naar werk. Vertrouwen en de menselijke maat worden kernwaarden bij de uitvoering. Veel van de minimaregelingen vallen onder de Participatiewet en daarom is een wijziging van de Participatiewet relevant voor dit beleidsplan. § 1.3 Lokale ontwikkelingen Ongevraagd advies van de Adviesraad Sociaal Domein Best In juni 2023 heeft de Adviesraad Sociaal Domein Best een ongevraagd advies gegeven aan het College over Armoede en Eenzaamheid. In dit ongevraagd advies wordt o.a. gesproken over communicatie rondom armoede- en schuldenproblematiek en de minimaregelingen, waarbij het probleem van laaggeletterdheid niet vergeten mag worden. Ook wordt er gesproken over integrale (schuld-)hulpverlening, preventie en de relatie van armoede met andere problematiek, zoals eenzaamheid. Belangrijke kernboodschappen uit het ongevraagd advies zijn: • zorg ervoor dat meer inwoners van Best beter de weg weten te vinden naar alle ondersteuning die aanwezig is; • zorg ervoor dat er meer gebruik wordt gemaakt van alle regelingen en ondersteuning die er al zijn;

IN24-02384

*IN24-02384*

10

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

• zorg ervoor dat de regelingen en ondersteuning worden uitgebreid en verbeterd waar dit kan, en waar dit nodig is; • zorg ervoor dat allerlei partijen in Best (welzijn, vrijwilligers[-organisaties], gezondheidszorg, onderwijs, [sport-]verenigingen, caritas, kerken, bewonersoverleg[gen], organisaties als St. Leergeld en de Voedselbank, etc.) meer samenwerken als het gaat om de bestrijding van armoede- en schuldenproblematiek. Het College heeft in haar reactie op dit advies geschreven, dat zij het ongevraagd advies ter harte neemt. De implementatie van bovenstaande is een voortdurend, langdurig en veelomvattend proces. In dit beleidsplan laten we veel van de onderdelen van het ongevraagd advies terugkomen. Minima-effectrapportage gemeente Best 2023 In de zomer van 2023 heeft het NIBUD onderzoek gedaan naar de minimaregelingen in Best. In september 2023 was de Minima-effectrapportage (MER) klaar. De centrale vraag van de MER was: “Wat is het effect van landelijke en lokale inkomensondersteunende

regelingen op de financiële positie van huishoudens met een laag inkomen in de gemeente Best, uitgaande van het beleid voor 2023?” De lokale inkomensondersteunende regelingen van Best staan centraal in de MER zodat de gemeente kan zien wat het effect is van wat we doen voor onze inwoners. Uit de MER komt een relatief positief beeld naar voren. Zo wordt geconcludeerd dat “in de gemeente Best bijna alle onderzochte huishoudens de maandbegroting rond kunnen krijgen”. Hierbij wordt uitgegaan van de situatie dat een huishouden gebruik maakt van alle inkomensondersteunende regelingen die van toepassing zijn. Er worden een aantal aanbevelingen gedaan. De belangrijkste daaruit zijn: • verminder niet-gebruik regelingen; • help energielasten te verlagen; • breng de voordelen van de Gemeentepolis onder de aandacht; • zet in op het behoud van bestaande regelingen. De aanbevelingen uit de MER worden betrokken bij dit beleidsplan. Rekenkamerrapport Armoedebeleid in Best In het najaar 2023 heeft de Rekenkamer Best op verzoek van de Gemeenteraad onderzoek gedaan naar het armoedebeleid in Best. Begin 2024 is het kernrapport Armoedebeleid in Best aan de Gemeenteraad gepresenteerd. De Rekenkamer heeft in de onderzoeksperiode kennis genomen van alle informatie uit de MER en ook uit het ongevraagd advies van de Adviesraad Sociaal Domein Best.

In het Rekenkamerrapport komt naar voren dat een aantal zaken goed gaat in Best, zoals de inzet en betrokkenheid van de ambtelijke organisatie en de uitvoerende partners. Tevens komt naar voren dat een aantal zaken verbeterd kunnen worden om tot een betere beleidsmatige aanpak van armoede te komen. De aanbevolen verbeteringen hebben veelal te maken met samenwerken en communicatie. Een aantal aanbevelingen komen overeen met de essentie van de aanbevelingen van de MER en van de Adviesraad. We noemen een aantal aanbevelingen van de Rekenkamer: • het actualiseren van het armoedebeleid inclusief schuldhulpverlening; • een stevigere invulling van de regierol van de gemeente als het gaat om armoedebeleid; • proactieve en betere samenwerking met organisaties in de sociale basis die zich bezighouden met de aanpak van armoedeproblematiek; • maak de regelingen en ondersteuning rondom geldzorgen en schulden overzichtelijk voor de inwoners en communiceer daar goed en meer over; • zet in op meer monitoring van minimaregelingen en schuldhulpverlening. Ook de aanbevelingen van de Rekenkamer worden betrokken bij dit beleidsplan.

IN24-02384

*IN24-02384*

11

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Armoedebijeenkomst Lumens Op 29 augustus 2024 heeft Lumens (schuldhulpverlening) een bijeenkomst georganiseerd over armoede in Best. Allerlei mensen en organisaties die betrokken zijn bij armoedeproblematiek in Best waren hiervoor uitgenodigd. Meerdere vertegenwoordigers van de Voedselbank, Jeugdwerk, WSD, GGzE, Caritas Best, LEVgroep, Lumens, St. Mee, gemeente Best, en nog een aantal partijen zijn bij de bijeenkomst aanwezig geweest. Het was een interactieve bijeenkomst waar gesproken werd over thema’s rondom armoede. Hieruit zijn een flink aantal aanbevelingen opgehaald. De belangrijkste daarvan: • meer samenwerking tussen gemeente, lokale organisaties en vrijwilligers(organisaties); • meer aansluiten bij inwonersinitiatieven; • door bijeenkomsten (zoals deze bijeenkomst) elkaar beter leren kennen, elkaar vaker zien; • informatie breder, dichterbij inwoners, meer in de wijk brengen. De aanwezigen waren erg enthousiast over de bijeenkomst en zien dat het een meerwaarde heeft als het gaat om samenwerking en een betere aanpak van armoede in Best. De wens is uitgesproken dat er meer van dit soort bijeenkomsten moeten worden georganiseerd. De gemeente onderschrijft dit en in 2025 en de jaren daarna zal tenminste één keer per jaar een dergelijke bijeenkomst georganiseerd worden. De armoederegisseur zal hierbij een belangrijke rol spelen.

Brainport voor Elkaar Brainport voor Elkaar is voortgevloeid uit Brainport. In 2024 heeft gemeente Best zich bestuurlijk aangesloten bij Brainport voor Elkaar. “Gelijke kansen voor iedereen. Dát is het doel van Brainport voor Elkaar. Onze vereniging van sociale

werkgevers verbindt bedrijven, maatschappelijke organisaties, gemeenten en onderwijs. We bundelen onze krachten en werken samen aan sociaalmaatschappelijke vraagstukken in de regio. Omdat we samen méér bereiken.” Zo valt te lezen op de website van Brainport voor Elkaar. Brainport voor Elkaar heeft een brede maatschappelijke taak op zich genomen; alle inwoners van deze regio moeten kunnen meeprofiteren van de brede welvaart. Dit sluit tevens aan op de gedachte van samenredzaamheid: het vermogen van mensen om zich zoveel mogelijk te redden met behulp van vrienden, buren, familie, vrijwilligers, én werkgevers. Er is een Sociale Brainport Agenda met daarin 4 thema’s. ‘Bestaanszeker: iedereen een zeker bestaan in Brainport’ is één van die 4 thema’s, en is belangrijk voor dit beleidsplan. Onder het thema Bestaanszeker valt het programma ‘Financieel Fit’. De insteek hierbij is dat de opbrengst van dit programma het vooral voor werkgevers makkelijk(er) moet maken om hun werknemers te helpen wanneer de werkgever financiële problemen signaleert bij werknemers. En omgekeerd: werknemers zouden eerder op hun werkgever durven afstappen wanneer ze financiële problemen hebben. Gemeente Best, maar ook de schuldhulpverleners van Lumens werken actief mee aan het programma Financieel Fit.

Armoederegisseur De gemeenteraad heeft via de begroting besloten dat er in Best een armoederegisseur moet komen. Deze regisseur is in april 2025 aan de slag gegaan als de verbindende schakel tussen de inwoners, alle organisaties in de sociale basis, en de gemeente als het gaat om het thema geldzorgen en schulden. De werkzaamheden van de armoederegisseur zijn heel breed, maar de leidraad daarbij is steeds dat de inwoner goed, snel, laagdrempelig en prettig geholpen wordt als het gaat om hulp bij kleine of grote geldzorgen. Belangrijke taken voor de armoederegisseur: • De inwoners opzoeken op plekken waar ze te vinden zijn. • De sociale kaart van Best grondig kennen. • Nauw contact onderhouden met de diverse partners die werkzaam zijn op gebied van de ondersteuning bij geldzorgen, bijvoorbeeld schuldhulpverlening van Lumens en de regisseurs van Werk en Inkomen bij de gemeente. • Een trekkersrol vervullen als het gaat om communicatie rondom de regelingen en ondersteuning die kunnen helpen als inwoners geldzorgen hebben.

IN24-02384

*IN24-02384*

12

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

•

Het netwerk van alle partners in Best die werkzaam zijn rondom deze problematiek gestructureerd te verbinden en samen te brengen. • Nieuwe manieren bedenken om meer inwoners, vindplaatsen van inwoners, en organisaties in Best te bereiken. • Het niet-gebruik van (financiële) regelingen en ondersteuning op lokaal en landelijk niveau tegengaan. Denk hierbij ook aan de overheidsbrede loketten. De armoederegisseur gaat op basis van een pilot 2 jaar aan de slag. Tegen het einde van deze periode wordt geëvalueerd hoe deze pilot is verlopen. Het zal lastig zijn om het werk van de armoederegisseur in exacte kwantitatieve cijfers uit te drukken. Daarom zal zeker gekeken worden naar het kwalitatieve aspect van de werkzaamheden. § 1.4 Impact levensgebeurtenissen, laaggeletterdheid en eenzaamheid op armoede: richting inclusie Armoede ontstaat zelden door één oorzaak. Onderzoek en maatschappelijke ontwikkelingen laten zien dat verschillende factoren elkaar versterken en samen kunnen leiden tot financiële problemen. Ingrijpende levensgebeurtenissen, zoals verlies van werk of gezondheid, kunnen iemands bestaanszekerheid plotseling onder druk zetten. Tegelijkertijd spelen ook laaggeletterdheid en eenzaamheid een grote rol: ze beperken de toegang tot informatie, ondersteuning en sociale netwerken.

Door deze factoren in samenhang te benaderen en vroegtijdig te signaleren, kunnen passende maatregelen worden genomen om financiële problemen te voorkomen en het welzijn van mensen te versterken.

Levensgebeurtenissen (life events) Levensgebeurtenissen, zoals ziekte, verlies van werk, echtscheiding of het bereiken van de 18-jarige leeftijd, kunnen ingrijpende gevolgen hebben voor iemands financiële situatie en de mogelijkheden om uit armoede te komen. Deze gebeurtenissen leiden vaak tot onverwachte uitgaven, verminderd inkomen of hogere schulden, wat de druk op kwetsbare groepen vergroot. Armoedebestrijding moet daarom niet alleen gericht zijn op financiële hulp, maar ook op het bieden van steun in tijden van zo’n heftige levensgebeurtenis. Het tijdig herkennen van de impact van levensgebeurtenissen kan helpen om gerichte, preventieve maatregelen te treffen. Hulpverleners moeten hierbij rekening houden met zowel de praktische als emotionele gevolgen van deze gebeurtenissen. Dit kan leiden tot duurzamere oplossingen voor armoede, die niet alleen de financiële stabiliteit verbeteren, maar ook het welzijn van de betrokkenen bevorderen.

Laaggeletterdheid Laaggeletterdheid speelt een belangrijke rol in de armoedeproblematiek, omdat mensen die moeite hebben met lezen, schrijven, rekenen, en digitale vaardigheden (= tezamen basisvaardigheden) vaak minder toegang hebben tot informatie over financiële zaken. Dit vergroot de kans dat zij in financiële problemen komen, bijvoorbeeld door het onvermogen om brieven van schuldhulpverleners of overheidsinstanties goed te begrijpen. Het gebrek aan deze basisvaardigheden maakt het moeilijk om goed geïnformeerde keuzes te maken over inkomen, uitgaven en schuldenbeheer. Onvoldoende kennis van bijvoorbeeld belastingwetgeving of financiële verplichtingen kan ervoor zorgen dat mensen sneller in de schulden raken. Dit versterkt de vicieuze cirkel van armoede, omdat laaggeletterden vaak minder in staat zijn om de nodige stappen te zetten om hun situatie te verbeteren. Bovendien ervaren zij vaak schaamte en angst om hulp te zoeken, waardoor de problemen zich kunnen opstapelen. Armoedebestrijding moet daarom ook gericht zijn op het versterken van basisvaardigheden, zodat mensen beter in staat zijn om hun financiële situatie te beheren en schulden te voorkomen.

IN24-02384

*IN24-02384*

13

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Uit het rapport van Stichting Lezen & Schrijven: Over de relatie tussen laaggeletterdheid en armoede uit 2016

Eenzaamheid Eenzaamheid in relatie tot armoedeproblematiek verwijst naar het isolement dat veel mensen ervaren door geldzorgen en beperkte middelen. Het ontbreken van sociale contacten maakt het moeilijk om steun te ontvangen bij het aanpakken van financiële problemen. Zonder sociale netwerken hebben mensen minder toegang tot informatie en hulpbronnen, wat hun financiële gezondheid negatief beïnvloedt. Dit vermindert hun zelfredzaamheid, omdat ze zich minder gesteund voelen bij het oplossen van geldzorgen. Sociale contacten kunnen niet alleen emotionele steun bieden, maar ook praktische oplossingen voor financiële uitdagingen. Het versterken van de sociale netwerken (denk aan de samenredzaamheid!) draagt bij aan het verbeteren van zowel de financiële situatie als het welzijn.

Participatie, inclusie en normaliseren Participatie in de context van armoedebestrijding betekent actief meedoen in de samenleving, bijvoorbeeld door werk, scholing of maatschappelijke activiteiten. Het stelt mensen in staat om hun situatie te verbeteren en zelfredzaam te worden. Inclusie betekent dat iedereen, ongeacht financiële situatie, gelijke toegang heeft tot kansen en middelen, zoals werk, onderwijs of sociale netwerken. Het zorgt ervoor dat niemand wordt buitengesloten van de maatschappij. In armoedebestrijding draagt inclusie bij aan het voorkomen van stigmatisering en sociaal isolement. Samen bevorderen participatie en inclusie het welzijn en de economische zelfredzaamheid van kwetsbare groepen. Normaliseren en inclusie binnen het sociaal domein zijn nauw met elkaar verbonden. Normaliseren zorgt ervoor dat mensen hun eigen (on)mogelijkheden accepteren en zelfstandig kunnen handelen waar mogelijk, terwijl inclusie ervoor zorgt dat iedereen, ongeacht beperkingen, gelijke kansen krijgt. Beide concepten dragen bij aan een samenleving waarin iedereen volledig kan deelnemen, met de juiste ondersteuning waar en wanneer dat nodig is. Zo wordt uitsluiting voorkomen en wordt iedereen in staat gesteld om op zijn eigen manier te participeren.

Het erkennen en begrijpen van levensgebeurtenissen zorgt voor snellere hulp omdat het de situatie van de persoon normaliseert, waardoor professionals en anderen eerder kunnen reageren met passende ondersteuning, in plaats van te wachten of de situatie niet te begrijpen. Dit helpt om snel in te spelen op de specifieke behoeften van de persoon, en om verdere problemen – zoals armoede – te voorkomen. Ook draagt deze gerichte hulp bij aan het participeren in de samenleving. Laaggeletterdheid mag hierbij niet over het hoofd worden gezien, aangezien eenvoudige communicatie cruciaal is voor actieve deelname. Daarnaast helpt het versterken van sociale netwerken eenzaamheid te verminderen, wat de participatie verder ondersteunt. Het ondersteunen en versterken van deze processen draagt bij aan inclusie, waarbij iedereen, ongeacht omstandigheden, de kans krijgt om volwaardig mee te doen. Zo worden barrières weggenomen en krijgt iedereen de ruimte om zichzelf te ontwikkelen.

IN24-02384

*IN24-02384*

14

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Hoofdstuk 2 Onze speerpunten Ons beleid rondom armoedebestrijding en schuldhulpverlening richt zich op het creëren van gelijke kansen voor alle inwoners, door armoede en schulden te voorkomen en financiële stabiliteit te bevorderen. De vier speerpunten zijn ontwikkeld om inwoners te ondersteunen in het verbeteren van hun financiële situatie en het doorbreken van vicieuze cirkels van schulden en armoede. We willen ervoor zorgen dat iedereen, ongeacht zijn of haar situatie, toegang heeft tot de juiste hulp op het juiste moment. Dit doen we door proactief te werken, de toegang laagdrempelig te maken, passende ondersteuning te bieden en schulden duurzaam aan te pakken. Onze speerpunten vindt u terug in onderstaand overzicht.

Voorkomen

SPEERPUNT 1

SPEERPUNT 2 Laagdrempelig

SPEERPUNT 3 Rondkomen

SPEERPUNT 4 Schuldenvrij

We zetten ons in om inwoners proactief en zo vroeg mogelijk te bereiken

Regelingen en ondersteuning zijn vindbaar en toegankelijk

De regelingen en ondersteuning zijn passend bij de vraag van de inwoner

Integrale schuldhulpverlening die passend is bij de situatie van de inwoner

SPEERPUNT 1

Voorkomen We zetten ons in om inwoners proactief en zo vroeg mogelijk te bereiken. Doorontwikkeling van de werkwijze ten aanzien van preventie in brede zin richt zich op het verbeteren van de samenwerking, het sneller herkennen van risicosignalen, en het bieden van gerichte ondersteuning. § 1.a Waarom? Niet alleen het ondersteunen bij armoede- en schuldenproblematiek is belangrijk. Preventie en vroegsignalering van dit soort problematiek is net zo belangrijk. Inzetten op het vóórkomen van financiële problemen én op het in een vroeg stadium oppakken van signalen op dit gebied, zorgt ervoor dat schulden niet escaleren. Vroegsignalering is een vorm van schuldpreventie omdat vroegsignalering plaats vindt vóórdat er een regulier schuldhulpverleningstraject wordt ingezet. Preventie van schuldenproblematiek kan door gemeenten op meerdere manieren invulling aan gegeven worden. Nazorg is een apart onderdeel van schuldhulpverlening dat geplaatst kan worden onder schuldpreventie. Wanneer de schuldenproblematiek opgelost is, richten de activiteiten die onder nazorg geplaatst worden zich immers op preventie van het ontstaan van nieuwe schulden. Ook hier gaat het om voorkomen van financiële problemen waardoor de inwoner weer terugvalt in een (nieuwe) schuldensituatie en de frisse start van een schuldenvrije toekomst komt te vervallen. In dit kader geldt: hoe eerder, hoe beter.

Dus hoe eerder we onze inwoners met geldzorgen kunnen helpen, hoe beter. Wanneer nagedacht wordt over het organiseren van preventie, zijn er 3 belangrijke uitgangspunten; namelijk nabijheid, integraliteit en tijdigheid. 1. Nabijheid, omdat aandacht, zorg en ondersteuning die dichtbij mensen en laagdrempelig aanwezig is, uitnodigt om daar gebruik van te maken. 2. Integraliteit, omdat problemen van mensen zich meestal niet beperken tot één domein. Gezondheidsproblemen staan bijvoorbeeld vaak niet op zichzelf en kunnen nauw samenhangen met problemen als armoede, schulden, werkloosheid of eenzaamheid. 3. Tijdigheid, omdat het vroegtijdig signaleren van problemen erger voorkomt en een beroep op dure voorzieningen kan beperken. § 1.b Het doel Het doel is het voorkomen van zowel financiële problemen als armoede, door mensen vroegtijdig te ondersteunen en hen in staat te stellen om hun financiën op orde te houden. We streven ernaar om via preventie en vroegsignalering te voorkomen dat betalingsachterstanden uitmonden in schulden of armoede, door tijdige hulp en begeleiding aan te bieden. Daarnaast richten we ons op nazorg, zodat mensen na een

IN24-02384

*IN24-02384*

15

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

schuldregelingstraject ondersteund blijven en verder werken aan zelfredzaamheid, met als doel terugval in schulden of armoede te voorkomen. Aandacht en focus op preventie, vroegsignalering en nazorg is belangrijk wanneer we dit willen (blijven) doorontwikkelen. § 1.c Wat doen we al?

Voorkomen In algemeen taalgebruik worden de termen vroegsignalering en preventie nogal eens door elkaar gebruikt, alsof ze ongeveer hetzelfde betekenen. In het kader van de wettelijke taak van schuldhulpverlening is er een duidelijk onderscheid tussen vroegsignalering en preventie. Beide vallen onder het brede begrip (schuld-)preventie in de zin van ‘voorkomen’. Preventie is het nemen van maatregelen om te voorkomen dat mensen in financiële problemen of schulden terechtkomen. Vroegsignalering is het tijdig herkennen van financiële problemen om te voorkomen dat deze escaleren naar ernstigere schulden. Nazorg richt zich op het bieden van ondersteuning ná schuldsanering om te voorkomen dat iemand opnieuw in financiële problemen komt. (Schuld-)preventie breed - voorkomen Preventie Vroegsignalering Vóórafgaand aan een regulier Vóórafgaand aan een regulier schuldhulpverleningstraject schuldhulpverleningstraject

Nazorg Na afloop van een schuldregeling

Preventie In de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) wordt gesteld dat gemeenten beleid moeten voeren “betreffende het voorkomen dat inwoners schulden aangaan die ze niet kunnen betalen”. Daaruit kan opgemaakt worden dat het gemeenten vrij staat om daar een eigen, passende invulling aan te geven. Voorlichting en financiële educatie zijn belangrijke pijlers van preventie. Overzicht van de huidige activiteiten op dit gebied: • Budgetcursus • Budgetcursus anderstaligen • Financieel inloopspreekuur (Bestwijzer) • Geldwijzer (geldkrant) • Workshop ‘Get a Grip’ voor jongeren op Heerbeeck College • Bijeenkomst voor 125-150 leerlingen van Heerbeeck College over ‘Ik word 18, wat nu?’ • Formulierenspreekuur (Bestwijzer) • Administratiemaatjes (vrijwilligers) • Informatiepunt Digitale Overheid (Bibliotheek) • Overheidsbrede Loketten: netwerk voor snelle samenwerking en dienstverlening Vroegsignalering Vroegsignalering binnen de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) heeft als doel financiële problemen bij inwoners tijdig te herkennen, zodat gemeenten snel kunnen ingrijpen om te voorkomen dat deze problemen escaleren en leiden tot schulden. De Wgs verplicht gemeenten om actief te werken aan het voorkomen van schulden en om tijdige hulp te bieden, bijvoorbeeld door signalen van betalingsachterstanden of andere financiële problemen op te merken.

Gegevensuitwisseling De gewijzigde Wgs faciliteert gegevensuitwisseling (inclusief de wettelijke grondslag hiervoor) tussen schuldhulpverleners en schuldeisers van vaste lasten met als doel vroegsignalering van schulden. Dit zorgt ervoor dat signalen van schuldenproblematiek eerder bij de gemeente terecht komen.

IN24-02384

*IN24-02384*

16

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Het is voor zorgverzekeraars, energieleveranciers, drinkwaterbedrijven en woningverhuurders als ‘derden’ verplicht om signalen over betalingsachterstanden door te geven aan gemeenten voor vroegsignalering. Gemeenten zijn op hun beurt verplicht om de ontvangen signalen op te volgen en proactief hulp aan te bieden. De schuldhulpverleners van Lumens voeren dit uit met behulp van het landelijke systeem ‘VindPlaats van Schulden’ (VPS). In VPS komen deze signalen binnen. Tevens kunnen er vanuit de gemeente Best zelf signalen bij schuldhulpverlening binnen komen. Dat gaat dan om inwoners die bij de gemeente in beeld zijn (bijvoorbeeld via de minimaregelingen of de gemeentelijke belastingen), én die achterstanden/schulden hebben. Die signalen gaan ook naar schuldhulpverlening. Afhankelijk van (de zwaarte van) het signaal wordt op verschillende manieren contact gezocht met de personen waarvan een signaal binnenkomt. Dit kan zijn door: huisbezoek, bellen, appen, mailtjes, brieven, etc. Onze schuldhulpverleners pakken dit zeer proactief en vasthoudend aan. Nazorg Nazorg is een essentieel onderdeel van de schuldhulpverlening met als doel om de hulpvrager te ondersteunen bij de start van een schuldenvrij leven, zelfredzaamheid waar mogelijk te bevorderen én terugval waar mogelijk te voorkomen.

Nazorg is een variant van preventie gericht op de persoon waarvan de schulden al zijn opgelost via een schuldregeling. Nazorg is maatwerk. Nazorg wordt vormgegeven op basis van iemands behoefte. Het is geen standaardpakket maar kijkt naar wat iemand nodig heeft. Dat kan zijn: voortzetten van budgetbeheer, voortzetten of opstarten van budgetcoaching, alsnog een budgetcursus volgen. Een of meer adviesgesprekken met de schuldhulpverlener is natuurlijk ook mogelijk. Wanneer er een onderliggend probleem aanwezig is, kan geschakeld worden met maatschappelijk werk, of een verwijzing naar een andere soort hulpverlening kan een vervolgstap zijn. § 1.d Wat gaan we nog meer doen? Preventie In de komende jaren leggen we extra nadruk op preventie, waarbij de armoederegisseur een sleutelrol speelt. We gebruiken instrumenten met bewezen effectiviteit en betrekken nieuwe inzichten en onderzoeken in de aanpak. Door preventie-activiteiten juist aan te bieden op het moment dat iemand te maken heeft met een bepaalde levensgebeurtenis, kan de ontwikkeling of het ontstaan van schuldsituaties worden bijgestuurd of zelfs voorkomen. We gaan onze preventie-activiteiten verder uitwerken zodat deze nog beter aansluiten op de levensgebeurtenissen. In 2024 is gestart met de aanpak van laaggeletterdheid in de gemeente, met een kwartiermaker. In 2025 neemt een regisseur laaggeletterdheid het over.

We richten ons op het voorkomen van financiële problemen door gebrek aan basisvaardigheden en versterken de samenwerking tussen schuldhulpverlening en laaggeletterdheid. In Bestwijzer kunnen inwoners terecht voor hulp bij financiële problemen en het aanvragen van regelingen, ondersteund door schuldhulpverleners en sociaal raadslieden van Lumens. We onderzoeken hoe zij beter kunnen inspelen op de behoeften van inwoners met beperkte basisvaardigheden. Vroegsignalering Vroegsignalering zoals hierboven omschreven zetten we voort. De verwachting is dat meer partijen zich aansluiten bij het VPS-systeem. Denk aan nieuwe energiebedrijven en particuliere verhuurders. Dit zal mogelijk leiden tot meer signalen in het systeem en dat vergt meer opvolging vanuit de schuldhulpverleners, waardoor meer inwoners van Best in een vroeg stadium ondersteuning krijgen met beginnende schulden. We gaan onderzoeken hoe we de signalen die vanuit de gemeente Best zelf komen zo efficiënt mogelijk kunnen doorleiden naar het VPS-systeem of naar de schuldhulpverleners. Daarbij volgen we natuurlijk de regelgeving rondom het beschermen van de persoonsgegevens (AVG).

IN24-02384

*IN24-02384*

17

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Nazorg Bij nazorg wordt gestreefd naar financiële gedragsverandering bij de hulpvrager waardoor er niet opnieuw schulden gemaakt worden. Gedragsverandering bij mensen bewerkstelligen is lastig. We gaan onderzoeken hoe we in de nazorgfase de mensen beter kunnen ondersteunen als het gaat om: - aanleren van financiële vaardigheden; - gemotiveerd blijven; - (financieel) zelfvertrouwen hebben. Het zicht op wat écht werkt (wetenschappelijk en met bewijskracht) en wat juist níet met betrekking tot de verschillende onderdelen van schuldhulpverlening en met name die van nazorg is maar beperkt. Daarom blijft maatwerk en luisteren naar de behoefte van de hulpvrager zo belangrijk. Ook of juist in het nazorgtraject moet aandacht besteed worden aan laaggeletterdheid bij de hulpvrager. Het is inmiddels wel bekend dat het hebben van schulden ervoor zorgt dat alle mentale focus ligt op die schuldenproblematiek. Er is daardoor geen ruimte voor andere zaken, zoals het aanpakken van je eigen laaggeletterdheid. Daarom is het nazorgtraject hét moment om samen met de hulpvrager hiernaar te kijken. Wanneer dit probleem zich voordoet, kan de schuldhulpverlener de hulpvrager (warm) doorverwijzen naar de beschikbare ondersteuningsmogelijkheden in onze gemeente. Hiervoor is het belangrijk dat schuldhulpverleners beschikken over de juiste kennis.

De komende jaren zullen we ervoor zorgen dat zij hierin goed getraind worden. § 1.e Wat is verder nog van belang? Communicatie over geldzorgen en de bijhorende oplossingen is zeker van belang als het gaat om het voorkomen van schulden en financiële problemen én het bereiken van mensen in een vroeg stadium. Dat geldt overigens niet alleen voor dit onderdeel maar ook voor de andere opties en mogelijkheden die we hebben voor onze inwoners als het gaat over de ondersteuning die we kunnen bieden. Communicatie over wat er is, wat we doen, en waar dit te vinden is, is cruciaal. In paragraaf 6 van dit hoofdstuk wordt uiteen gezet dat we een communicatieplan armoedebestrijding en schuldhulpverlening gaan maken. SPEERPUNT 2

Laagdrempelig Regelingen en ondersteuning zijn vindbaar en toegankelijk Een laagdrempelige toegang tot hulp die eenvoudig te benaderen is voor iedereen die het nodig heeft. § 2.a Waarom? Dit kan op meerdere manieren bekeken worden. Er zijn voordelen voor de inwoners van Best zelf, maar er zijn ook andere voordelen te noemen. • Toegankelijke schuldhulpverlening en aanpalende ondersteuning draagt eraan bij dat de inwoner van Best eerder en sneller op de juiste plek komt, waardoor de problematiek mogelijk klein gehouden kan worden en/of opgelost kan worden. • Door tijdige ondersteuning hoeft het schuldbedrag niet toe te nemen door dure incasso- of deurwaarderskosten. Het aantal schulden hoeft niet toe te nemen doordat “het ene gat met het andere gat wordt gevuld”. Hierdoor is de schuldenproblematiek sneller en beter op te lossen, dan wanneer de schuldenproblematiek groter en complexer is geworden. • Voorspoedige toegang tot andere regelingen, zoals de gemeentelijke minimaregelingen zorgt voor meer inkomen en dat zorgt voor (mogelijk) minder schulden, en meer bestaanszekerheid. • Het is bekend dat schulden meestal niet alleen komen. Vaak is er ook andere problematiek die een rol speelt in de (thuis-)situatie van de hulpvrager. Wanneer de hulpvrager eerder binnenkomt voor hulp bij schulden, dan kan de andersoortige ondersteuning ook eerder geboden worden.

• Om de participatie van de inwoners te vergroten. Schulden belemmeren de participatie. Participatie in de volle breedte wordt bedoeld: van meedoen tot aan het werk gaan. Ook sociale contacten worden belemmerd door schulden.

IN24-02384

*IN24-02384*

18

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

•

Om maatschappelijke kosten terug te dringen. Iedere euro die een gemeente besteedt aan schuldhulpverlening, leidt tot een besparing van 2 euro aan maatschappelijke kosten binnen het gemeentelijk domein. Het hebben van schulden leidt tot een verhoging van de maatschappelijke kosten. Hierbij kunt u denken aan de kosten van armoede, zorg, maatschappelijke opvang, bewindvoering, huisuitzettingen en afsluitingen van gas/elektriciteit en nog veel meer. In het rapport

‘De maatschappelijke kosten van schuldenproblematiek, een last voor burgers, bedrijven en overheden’ van Panteia/Hogeschool Utrecht uit 2024 is berekend dat dit in Nederland jaarlijks € 8,5 miljard kost. § 2.b Het doel Woorden die in dit kader belangrijk zijn: meer, eerder, beter en sneller. Door de toegang tot ondersteuning laagdrempeliger te maken hopen we dat meer inwoners eerder de stap zetten naar hulp voor hun geldzorgen, zodat ze beter en sneller geholpen kunnen worden. § 2.c Wat doen we al? Er zijn een aantal manieren waarop inwoners van Best gemakkelijk hulp en ondersteuning kunnen verkrijgen als het gaat om geldzorgen. Ze kunnen of zo binnenlopen of een afspraak maken. Dit is ondersteuning waar de inwoners een mens te spreken krijgen. We hebben: - Financieel inloopspreekuur (Bestwijzer) - Formulierenspreekuur (Bestwijzer) - Administratiemaatjes (vrijwilligers via Bestwijzer) - Informatiepunt Digitale Overheid oftewel IDO (Bibliotheek) - Sociaal Raadslieden (Bestwijzer) - Schuldhulpverlening (Bestwijzer) - Regisseurs van Werk en Inkomen (Gemeente) Daarnaast is er digitaal informatie en ondersteuning te vinden op; - Gemeentelijke website (gemeentebest.nl) - Website van Bestwijzer (bestwijzer.nl) - Website van Lumens (lumenswerkt.nl). Op deze websites wordt naast informatieverstrekking ook verwezen naar andere websites en tools die kunnen helpen bij financiële zorgen.

Op de pagina van schuldhulpverlening op de gemeentelijke website staat de klikbare link naar geldfit.nl. Daar kan de inwoner o.a. ‘de potjescheck’ doen, om te kijken van welke regelingen en toeslagen hij/zij gebruik kan maken. Tevens is daar nog veel meer nuttige informatie te vinden wanneer iemand ‘vragen en zorgen over geld’ heeft. Zie bijlage 7 voor meer informatie over Geldfit. De opsomming hierboven gaat over het aanbod waar een inwoner in eerste instantie terecht kan. Er zijn veel aanpalende organisaties of instanties die zich óók bezig houden met het ondersteunen van inwoners met deze problematiek. Dit zijn de instanties die niet in de voorhoede zitten en iets later worden ingeschakeld. Er is een redelijk groot aanbod in Best waar inwoners naartoe kunnen gaan als ze vragen of problemen hebben die te maken hebben met geldzorgen en rondkomen met hun inkomen. Het aanbod is ingericht met zo min mogelijk drempels. Een inwoner kan ook Bestwijzer instappen en een vraag stellen, en dan kan meestal meteen een afspraak worden ingepland. § 2.d Wat gaan we nog meer doen? Het huidige aanbod zullen we continueren. We gaan de komende jaren op meerdere manieren bekijken hoe we dit aanbod kunnen verbeteren en mogelijk uitbreiden.

Dit geldt niet alleen op het gebied van de ondersteuning die hier genoemd is, dat geldt voor de gehele dienstverlening van de gemeente, en voor de dienstverlening van Bestwijzer. Dat is de fysieke en digitale dienstverlening. Moderne en effectieve ontwikkelingen inzake digitale dienstverlening worden hierin natuurlijk meegenomen. We letten hierbij op het taalgebruik op de gemeentelijke website en op de website van Bestwijzer. Het taalgebruik moet op het niveau B1 en dat is eenvoudig en begrijpelijk Nederlands. Ook hierbij houden we de laaggeletterden in gedachten.

IN24-02384

*IN24-02384*

19

Beleidsplan Armoedebestrijding & Schuldhulpverlening 2025-2029 Domein Samenleving

Ook willen we meer gebruik maken van de tools, ondersteuning en communicatiemiddelen die al beschikbaar zijn, zoals die van het platform geldfit.nl en de moederorganisatie daarvan, de Nederlandse Schuldhulproute (NSR), en vanuit het programma Financieel Fit van Brainport voor Elkaar. ‘Laagdrempelig’ is ook ‘makkelijk vindbaar’. De vindbaarheid van de ondersteuning willen we vergroten. Dat kan alleen door de communicatie (op allerlei manieren) rondom deze ondersteuning te verbeteren en uit te breiden. Zoals eerder gezegd gaan we een apart communicatieplan armoedebestrijding en schuldhulpverlening maken waarin dit punt zeker wordt meegenomen. Een belangrijk aandachtspunt is het gevoel van schaamte dat mensen kunnen ervaren bij het zoeken van hulp voor hun schulden. Dit kan een grote drempel vormen om daadwerkelijk de stap naar ondersteuning te zetten. De gemeente kan hierin een rol spelen door hulpverlening op een zo laagdrempelig mogelijke manier aan te bieden, waarbij het stigma rondom schuldenproblematiek zoveel mogelijk wordt weggenomen. We kunnen mensen verleiden om hulp te zoeken door hen te laten zien dat zij niet alleen staan en dat het vragen om hulp een moedige en verstandige stap is. Dit kan onder andere door positieve voorbeelden te delen, duidelijk te maken dat hulp zoeken juist een kracht is, en het proces zo toegankelijk mogelijk te maken.

Het is belangrijk om te benadrukken dat er altijd hulp beschikbaar is, zonder oordeel, en dat er altijd een weg is naar het oplossen van schulden, ongeacht de situatie. § 2.e Wat is verder nog van belang? Participatie en inclusie zijn kernwaarden die we gemeentebreed ondersteunen en dat geldt ook binnen de aanpak van armoede, geldzorgen en schuldhulpverlening. Participatie en inclusie hebben zeker te maken met laagdrempeligheid, brede toegang en een open en respectvolle houding naar inwoners toe als het gaat om de ondersteuning die we in onze gemeente bieden. Dat onderschrijven we en dat doen we! Het is goed dat hier blijvende aandacht en focus voor is, vandaar dat we dit terug laten komen in dit beleidsdocument. Dit is één van de fundamenten waarop onze dienstverlening steunt en dat moet zo blijven en waar mogelijk verder uitgebouwd worden. SPEERPUNT 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15915999/1