24052.6 - Bijlage Toelichting bestemmingsplan Uitbreiding HS-station Best
Tekst van het document
Bijlagen bij toelichting Bijlage 1 Historisch bodemonderzoek, Antea (2020)
Bijlage 2a Akoestisch onderzoek, Peutz (2023)
Bijlage 2a Akoestisch onderzoek cumulatief geluid, Peutz (2024)
Bijlage 3 Bureauonderzoek Archeologie
Bijlage 4 Ecologisch onderzoek, Arcadis (2023)
Bijlage 5 Aanvullend soortgericht onderzoek (2023)
Bijlage 6 Landschapsinvesteringsregeling
Archiefexemplaar van BL24-03705
- Bijlagen Toelichting BP Uitbreiding HS-station
Bijlage 1 Historisch bodemonderzoek, Antea (2020)
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord - Best 150 kV
projectnummer 0437981.100 definitief revisie 2.1 12 maart 2020
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord - Best 150 kV
projectnummer 0437981.100 definitief revisie 2.1 20 maart 2020
Auteurs T.J. Bastiaansen M.A.L. Rutting
Opdrachtgever TenneT TSO B.V. Utrechtseweg 310 6812 AR Arnhem
datum vrijgave 12-03-2020
beschrijving revisie 2.1 definitief
goedkeuring A. Visser
vrijgave M.F. Elings
Inhoudsopgave 1
Inleiding
3
1.1
Onderzoeksstrategie en kwaliteit
4
2
Algemeen en proces
5
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6
Algemeen Verzamelende informatie Bodemonderzoeken en proces Overige historische gegevens Terreininspectie Tracéwijziging
5 5 6 7 7 7
3
Historisch bodemonderzoek per gemeente
8
3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4 3.1.5 3.2 3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.2.4 3.2.5 3.3 3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.3.4 3.3.5 3.4 3.4.1 3.4.2 3.4.3 3.4.4 3.4.5
Gemeente Tilburg Terreinomschrijving Historisch kaartmateriaal Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart Bodemonderzoeken Overige historische gegevens Gemeente Oisterwijk Terreinomschrijving Historisch kaartmateriaal Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart Bodemonderzoeken Overige historische gegevens Gemeente Oirschot Terreinomschrijving Historisch kaartmateriaal Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart Bodemonderzoeken Overige historische gegevens Gemeente Best Terreinomschrijving Historisch kaartmateriaal Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart Bodemonderzoeken Overige historische gegevens
8 8 8 8 9 12 14 14 14 15 17 17 18 18 18 18 18 19 20 20 20 21 22 22
4
Overige onderdelen
24
4.1 4.2 4.3
Watergangen Bodemopbouw en geohydrologie Toekomstig gebruik
24 24 24
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
4.4 4.5 4.6
Stortplaatsen Terreininspectie PFAS
24 25 25
5
Tracéwijziging
26
5.1 5.2 5.3
Nieuw zoekgebied rondom A58 Oirschot Aftakking naar Oirschot bij De Gijzelaar Aangepaste HDD boring op defensieterrein
26 28 28
6
Conclusies
30
Bijlage 1 Overzichtstekening met ligging locatie
34
Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties
35
Bijlage 3 Historische kaarten
1
Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek
2
Bijlage 5 Vragenlijst vooronderzoek
3
Bijlage 6 Onderzoeksopzet veldwerkzaamheden en laboratoriumonderzoek
4
Bijlage 7 Foto’s terreininspectie
5
Blad 2 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
1
Inleiding In opdracht van TenneT is in augustus 2019 door Antea Group een historisch bodemonderzoek uitgevoerd voor een aan te leggen kabeltracé van twee circuits van 150 kV-station Tilburg-Noord naar 150 kV-station Best (Figuur 1). Aanleiding is het vervangen van de 150 kV-lijnverbinding. De bestaande bovengrondse 150 kV dubbelcircuit-verbinding tussen Tilburg-Noord en Best heeft binnen enkele jaren naar verwachting te weinig transportcapaciteit om aan de groeiende vraag naar elektriciteit te kunnen voldoen. TenneT overweegt deze bestaande verbinding te vervangen door een nieuwe ondergrondse kabelverbinding. Figuur 1 Globale ligging van het tracé (gele lijn) (TenneT TSO B.V.)
De scope van voorliggend project bestaat uit de volgende onderdelen: Aanleg van twee ondergrondse kabelcircuits tussen de 150kV-stations Tilburg-Noord en Best; Het aansluiten van de bestaande 150kV-kabelverbinding Boxtel is op de nieuwe kabelverbinding Tilburg-Noord Best. Het plangebied loopt door de gemeentes Tilburg, Oisterwijk, Oirschot en Best. In deze rapportage zijn de resultaten van het historisch bodemonderzoek beschreven. Het doel van het historisch bodemonderzoek is het verzamelen van relevante bodeminformatie binnen het onderzoeksgebied. Op basis van de verzamelde informatie wordt beoordeeld in welke mate en op welke locaties verkennend bodemonderzoek noodzakelijk is in het kader van de voorgenomen werkzaamheden. Dit betreft zowel de werkzaamheden t.b.v. de aanleg van de kabelverbinding als de werkzaamheden t.b.v. de overige veld- en bodemonderzoeken.
Blad 3 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
1.1
Onderzoeksstrategie en kwaliteit Het historisch bodemonderzoek is uitgevoerd aan de hand van de richtlijnen uit de NEN 5725 (Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek, NNI, oktober 2017). Op basis van de verzamelde basisinformatie, de aanleiding van het onderzoek en de mate van verdachtheid van de onderzoekslocatie is gekozen voor een standaard vooronderzoek. Het standaard vooronderzoek bodem richt zich op het onderzoeksgebied. Het onderzoeksgebied bestaat uit het voorgenomen tracé waar de kabelcircuits komen te liggen en een bufferzone van 50 meter breed aan weerszijden van het tracé. De breedte van de kabelsleuf bij open ontgraving bedraagt 10 tot 12 meter. Als uitgangspunt voor het totale onderzoeksgebied is een contour van 50 meter aan weerszijden van het kabeltracé gehanteerd. De voor het historisch bodemonderzoek geraadpleegde bronnen zijn niet altijd zonder fouten en volledig. Voor het verkrijgen van historische informatie is Antea Group wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor Antea Group niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. In dit rapport wordt verslag gedaan van de uitgevoerde werkzaamheden en worden de resultaten van het onderzoek beschreven.
Het daadwerkelijk uitvoeren van verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) ter plaatse zal zich uiteindelijk beperken tot de locaties waar grondverzet zal plaatsvinden (tracédelen met open ontgraving en in-/uittredes HDD boringen) en op de boorlocaties (sonderingen en mechanische boringen ten behoeve van grondmechanisch, geohydrologisch en g-waarde onderzoek), indien deze bureaustudie daar aanleiding toe vormt.
Blad 4 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
2
Algemeen en proces
2.1
Algemeen Bij toepassing van de NEN 5740, NEN 5707 of NEN 5897, moet een hypothese worden opgesteld omtrent de aan-/ afwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele verontreinigingen. Ten behoeve van het opstellen van een hypothese dient een vooronderzoek te worden uitgevoerd overeenkomstig de NEN 5725: 2017 (Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek). De aanleiding tot het vooronderzoek is: opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. In dit hoofdstuk worden de bij de aanleiding behorende onderzoeksaspecten besproken. In Bijlage 5 Vragenlijst vooronderzoek worden deze onderzoeksaspecten onderbouwd met de antwoorden op de verplichte onderzoeksvragen.
2.2
Verzamelende informatie Het historisch onderzoek bestaat uit een inventarisatie van de aan-/afwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele verontreinigingen. Ten behoeve van dit onderzoek is informatie verkregen via: De opdrachtgever; De gemeente Tilburg; De provincie Noord-Brabant (Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant en Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant); Bodemkwaliteitskaart van de gemeenten Tilburg, Oisterwijk, Oirschot en Best; Street Smart; De website www.topotijdreis.nl. Aansluitend is informatie verzameld over de volgende aspecten van de locatie: Eigenschappen terrein; Historische informatie; Voormalig, huidig en toekomstig gebruik; Uitgevoerde bodemonderzoeken; Bodemkwaliteit; Bodemopbouw en geohydrologie; Verdachtheid ten aanzien van asbest. Per onderdeel zijn één of meerdere informatiebronnen geraadpleegd. De verzamelde informatie is vastgelegd per deellocatie. In voorliggend rapport zijn de bekende deellocaties uitgewerkt per gemeente (Tilburg, Oisterwijk, Oirschot en Best). Voor een volledig overzicht van het historisch onderzoek wordt verwezen naar de tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties en de tabellen in Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek.
Blad 5 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
2.3
Bodemonderzoeken en proces Voor het inventariseren van bodeminformatie binnen het onderzoeksgebied is gebruik gemaakt van de bodeminformatieystemen (BIS) van de gemeente Tilburg, Omgevingsdienst Midden- en West Brabant (OMWB) en Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB). Deze systemen zijn geraadpleegd in juli en in november 2019. Hierna is de relevante bodeminformatie opgevraagd bij de betreffende bevoegde gezagen. Het proces van het opvragen, danwel beoordelen, van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken is als volgt doorlopen: Resultaten in BIS-systeem onbekend en onderzoek is < 10 jaar oud = rapport opgevraagd. Resultaten in BIS-systeem onbekend en onderzoek is > 10 jaar oud = rapport niet opgevraagd. Resultaten bodemonderzoek in BIS-systeem bekend en toetsingswaarde(n) boven Tussenwaarde of Interventiewaarde = rapport opgevraagd (ook als het ouder is dan 10 jaar). Resultaten bodemonderzoek in BIS-systeem bekend en toetsingswaarde(n) onder Tussenwaarde of maximaal groter dan Achtergrondwaarden = rapport niet opgevraagd. Indien meerdere rapporten beschikbaar van één locatie = selectie maken op jaartal en/of type onderzoek (saneringsevaluaties zijn bijvoorbeeld vaak wel relevant en meest recent in die gevallen) en meest relevante rapporten opgevraagd. Indien tegenstrijdigheden in bijvoorbeeld conclusies in BIS-systeem = rapport opgevraagd.
Indien verontreiniging in grond met toetsingswaarde(n) groter dan Tussenwaarde of Interventiewaarde en de afstand van een onderzoek is > 25 meter tot het tracé (de kabelsleuf van 10-12 meter breed) = onverdachte locatie (verwacht wordt dat, gezien de afstand, de verontreiniging niet van (negatieve) invloed is (geweest) op de bodemkwaliteit t.p.v. de onderzoekslocatie). Indien verontreinigingen in grondwater met toetsingswaarde(n) groter dan Tussenwaarde of Interventiewaarde en de afstand van een onderzoek is > 25 meter tot het tracé (de kabelsleuf van 10-12 meter breed) = verdachte locatie (i.v.m. mogelijke verspreiding via het grondwater bestaat de mogelijkheid dat dit wel van invloed is op de bodemkwaliteit t.p.v. de onderzoekslocatie). Gezien de omvang van de onderzoekslocatie is er onderscheid gemaakt in verschillende deellocaties. Op aangeven van TenneT is gekozen om de deellocaties te laten corresponderen met de namen van de tracésecties van HDD boringen en open ontgravingen, die TenneT ook hanteert. Om het in voorliggend rapport overzichtelijk te houden, zijn in het volgende hoofdstuk per gemeente beknopt de meest relevante rapporten en onderzoeksresultaten benoemd. Dit zijn de rapporten waaruit blijkt dat een locatie als verdacht ten aanzien van bodemverontreinigingen dient te worden beschouwd.
De ligging van de verdachte locaties ten opzichte van het onderzoeksgebied zijn op tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties. De genoemde bodemonderzoeken per gemeente worden o.b.v. de resultaten als representatief beschouwd voor de onderzoekslocatie. Voor het volledig overzicht van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken wordt verwezen naar Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek. De nummering van de onderzoeken in de navolgende paragrafen ‘Bodemonderzoeken’ correspondeert met de nummering van de verdachte locaties op de tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties en tabellen in Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek.
Blad 6 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
2.4
Overige historische gegevens Per gemeente worden ook onderstaande activiteiten behandeld die als verdacht worden beschouwd: (Historisch) verdachte activiteiten; Tankarchief; Zinkassen; Onverharde wegbermen; Erfverhardingen, (sloot)dempingen en onverharde (puin)paden; Boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen. De ligging van de verdachte locaties ten opzichte van het onderzoeksgebied zijn op tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties weergegeven. De (historisch) verdachte activiteiten, tanks, erfverhardingen en (sloot)dempingen zijn tevens ook benoemd in de tabellen in Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek.
2.5
Terreininspectie Met behulp van topografisch kaartmateriaal, Street Smart en Streetview is vooraf een (digitale) terreininspectie uitgevoerd. Vervolgens heeft op dinsdag 17 september 2019 een fysieke terreininspectie plaatsgevonden. Voor de resultaten van de terreininspectie wordt verwezen naar paragraaf 4.5.
2.6
Tracéwijziging Op 7 november 2019 is een nieuwe versie van het tracéontwerp aangeleverd (versie MRT 0.7) Het tracé is op een aantal punten gewijzigd ten opzichte van de eerdere versies van het tracé. Voor een omschrijving van het nieuwe tracé met bijbehorende wijzigingen voor de bureaustudie milieu wordt verwezen naar paragraaf 5.
Blad 7 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
3
Historisch bodemonderzoek per gemeente
3.1
Gemeente Tilburg In deze paragraaf wordt het historisch onderzoek voor het gedeelte van het onderzoeksgebied binnen de gemeente Tilburg omschreven.
3.1.1
Terreinomschrijving Het tracé begint bij het trafostation TBN150 te Tilburg en loopt langs de rand van het noorden en oosten van de stad Tilburg. De bebouwde omgeving bestaat uit woonwijken en industriegebieden. Het tracé doorkruist ook bestaand akkerland, waterpartijen, infrastructuur (spoorlijn Breda – Tilburg, Rijksweg A65) en natuurgebieden. Tevens doorkruist het tracé een volktstuinencomplex. Bron: Street Smart, https://Street Smart.cyclomedia.com, geraadpleegd juli-augustus 2019, Cyclomedia
3.1.2
Historisch kaartmateriaal In Bijlage 3 Historische kaarten zijn historische kaarten van de locatie afkomstig van de website www.topotijdreis.nl opgenomen, geraadpleegd in augustus 2019. De kaarten zijn onderverdeeld in de periodes: 1850-1900, 1900-1950, 1950-2000 en 2000 tot heden. Sinds tenminste het jaar 1850 is de onderzoekslocatie aan de noordzijde binnen de gemeente Tilburg gelegen in een gebied dat in gebruik is voor agrarische-/natuurdoeleinden. De noordoosten oostzijde van de onderzoekslocatie is voornamelijk is een bosrijk gebied gelegen. Ten zuidwesten van de onderzoekslocatie ligt het centrum van Tilburg. Rond 1870 is de spoorlijn, die de onderzoekslocatie aan de oostzijde kruist, aanwezig. In 1929 is het Wilhelminakanaal gerealiseerd, welke ten zuidoosten is gelegen. De onderzoekslocatie ligt dan nog voornamelijk in gebied met agrarische-/natuurdoeleinden. Rond 1958 is het transformatorstation gerealiseerd. Tot 1980 breidt de stad Tilburg zich uit in de richting van de onderzoekslocatie. Na 1980 zijn de wijken van Stokhasselt, de Heikant, de Quirijnstok en industrieterrein De Loven gerealiseerd. In die periode zijn ook aan de zuidzijde van de onderzoekslocatie de huidige rijkswegen A65 en A58 gerealiseerd. Hierna is er rond 2005 nog een wijziging te zien aan de A65 met de toevoeging van een afrit aan de Burgemeester Bechtweg.
Bron: Topotijdreis, http://www.topotijdreis.nl, geraadpleegd augustus 2019, Kadaster.
3.1.3
Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart Bodemkwaliteitskaart Op basis van de ontgravingskaarten is zowel de bovengrond als de ondergrond binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Tilburg ingedeeld in de kwaliteitsklasse Achtergrondwaarden (AW2000). Ten oosten van de ‘Open ontgraving Baksevenweg’ is een enkel perceel niet gezoneerd en uitgezonderd van de bodemkwaliteitskaart. Dit perceel betreft een (voormalige) stortplaats. Onverharde wegbermen van gemeentelijke, provinciale, rijks- en spoorwegen zijn uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart. Derhalve kan op basis van de bodemkwaliteitskaart geen uitspraak worden gedaan over de bodemkwaliteit ter plaatse van onverharde wegbermen. De ontgravingskaarten zijn weergegeven in Figuur 2.
Blad 8 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
In de bodemkwaliteitskaart en de bodembeheernota van de gemeente Tilburg zijn geen gegevens over verhoogde achtergrondconcentraties opgenomen. Bodemfunctieklassekaart Voor het onderzoeksgebied is overwegend de bodemfunctieklasse Landbouw en natuur van toepassing (groen op de kaart). Binnen de tracédelen ‘HDD Zuiderkruisweg’, ‘Open ontgraving Nederlandweg’ en ‘HDD ProRail Loven’, welke ten noorden van Tilburg zijn gelegen, is bodemfunctieklasse Industrie van toepassing (paars op de kaart). Figuur 2 Van links naar rechts: ontgravingskaart bovengrond, ontgravingskaart ondergrond en bodemfunctiekaart uit de bodembeheernota van de gemeente Tilburg. De kwaliteitsklassen zijn Achtergrondwaarde (groen), Wonen (oranje), Industrie (rood), en Niet gezoneerd (grijs). Rode lijn: tracé.
Bron: Nota bodembeheer gemeente Tilburg, kenmerk SOB006623.RAP001, d.d. 02-01-2019 door LievenseCSO
3.1.4
Bodemonderzoeken Onderstaande rapporten worden, gezien de resultaten, als representatief beschouwd. Voor het volledige overzicht van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken wordt verwezen naar Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek. 01-09 Pater Dondersstraat Tilburg (Open ontgraving TBN150) Verkennend onderzoek, kenmerk R3559726.B01, d.d. 6-3-1997 door Tauw In het grondwater is een sterk verhoogde concentratie aan zink en licht verhoogde concentraties aan cadmium, nikkel, tolueen, ethylbenzeen en xylenen aangetoond. In de bovengrond is maximaal een licht verhoogd gehalte met koper aangetoond. In het rapport wordt de sterk verhoogde concentratie aan zink in het grondwater toegeschreven aan regionaal verhoogde achtergrondwaarden.
Blad 9 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
02-12 Rugdijk Tilburg (HDD Rugdijk) Verkennend onderzoek, kenmerk 408815-36, d.d. 20-12-2016 door Antea Group Relevante deellocatie: deellocatie 4. Zintuiglijk zijn sporen tot matige bijmengingen met baksteen en/of kolengruis aangetroffen. In de grond is een sterk verhoogd gehalte aan koper, een matig verhoogd gehalte aan zink en licht verhoogde gehalten aan cadmium, kwik, lood en PAK aangetoond. De sterke verontreiniging is afgeperkt tot aan de Achtergrondwaarden. De omvang betreft minder dan 25 m³, en daarmee geen geval van ernstige bodemverontreiniging. 04-10 Hazennest-Oost Tilburg (HDD Volkstuinen) Historisch onderzoek, V-0595, d.d. 3-4-2008 door DHV Uit het historisch onderzoek blijkt dat de weg Hazennest in meer of mindere mate is verhard met sintels. In hetzelfde rapport staat tevens beschreven dat in de omgeving van het Hazennest mogelijk afvalstoffen van de gas- en elektriciteitsfabrieken zijn gestort. Uit eerder uitgevoerde bodemonderzoeken was al bekend dat in de omgeving van het Hazennest afvalstoffen van de gas- en elektriciteitsfabrieken van Tilburg zijn gebruikt om erven te verharden, weilanden op te hogen en sloten te dempen. 05-04 Zuiderkruisweg Tilburg (Open Ontgraving De Hazennest) Verkennend onderzoek, kenmerk 9470-74597, d.d. 5-3-1996 door Oranjewoud In het onderzoek zijn sterk verhoogde concentraties met nikkel in het grondwater aangetoond.
De grond is niet verontreinigd. Het onderzoek is uitgevoerd op het huidige BP tankstation, grenzend aan het werktracé. 05-07 Centaurusweg Tilburg (Open Ontgraving De Hazennest) Indicatief onderzoek, 3.313.760, d.d. 5-1-1990 door IWACO Het betreft een grootschalig onderzoek welke uitgevoerd is op het industrieterrein ten zuiden van het werktracé. De grond bevat maximaal licht verhoogde gehalten aan koper en PAK. In het grondwater zijn sterk verhoogde concentraties aan cadmium en zink aangetoond. 06-02 Zuiderkruisweg 3 Tilburg (HDD Zuiderkruisweg) Verkennend onderzoek, kenmerk mb-2846, d.d. 5-7-1999 door Inpijn-Blokpoel Uit het BIS-systeem van de gemeente Tilburg blijkt dat een sterk verhoogde concentratie nikkel in het grondwater is aangetoond. Het is echter niet bekend waar precies deze verontreiniging zich bevindt. De locatie kon derhalve niet worden ingetekend op de tekening. . 09-01 Enschotsebaan Berkel-Enschot (Open Ontgraving Enschotsebaan) Verkennend onderzoek, 0902037B, d.d. 25-1-2010 door UDM Het onderzoeksgebied betreft een puinpad. Ter plaatse is sprake van een verhardingslaag van gebroken puinstabilisatie. De dikte van de verhardingslaag varieert tussen de 0,2 en 0,25 meter Visueel bestaat het materiaal voor meer dan 50% uit puin, waardoor het niet als bodem beoordeeld wordt.
Daaronder bevindt zich een dunne laag van 0,1 meter uiterst kolengruishoudend, zwak slakhoudend grindig zwart materiaal. Mogelijk betreft het zinkassen. Dit laagje maakt feitelijk deel uit de verhardingsconstructie. De onderliggende bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie is vanaf 0,35 m-mv ongeroerd en bestaat uit beige-geel zeer fijn zand. In het omhoog gebrachte verhardingsmateriaal uit de asbestinspectiegaten (nummers 5 en 6)
Blad 10 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
zijn enkele stukjes asbestverdacht plaatmateriaal aangetroffen. In de overige inspectiegaten zijn geen asbestverdachte materialen aangetoond. Er is geen asbestonderzoek conform NEN 5897 uitgevoerd. De puinstabilisatielaag (0-25 cm) voldoet indicatief aan samenstellingseisen voor een niet-vormgegeven bouwstof (gidsparameters PAK, EOX en Minerale olie). De onderliggende laag van 20 a 25 tot 35 cm-mv is sterk verontreinigd met zink en matig verontreinigd met nikkel en koper Tevens is deze laag licht verontreinigd met barium, kobalt, molybdeen en lood. Het materiaal kan beschouwd worden als onderdeel van de verhardingsconstructie. In de zintuiglijk schone zandige ondergrond (30 a 35 -85 cm-mv) overschrijdt geen van de geanalyseerde parameters de landelijke achtergrondwaarde. Het grondwater is niet onderzocht. 09-05 Enschotsebaan Berkel-Enschot (Open Ontgraving Enschotsebaan) Verkennend onderzoek, kenmerk 20130593, 28-6-2013 door Geofox-Lexmond Relevante deellocatie C. Zintuiglijk zijn zwakke bijmengingen met baksteen aangetroffen. De boven- en ondergrond bevat licht verhoogde gehalten aan koper en/of nikkel. In het grondwater is een sterk verhoogde concentratie aan zink aangetoond. De sterk verhoogde concentraties aan zink in het grondwater zijn vermoedelijk te relateren aan de voormalige stortplaats (niet meer aanwezig).
Zowel zintuiglijk als analytisch is asbest aangetoond (17 mg/kg d.s.). De vindplaats (asbest) ligt op circa 80 meter ten noorden van tracé.
Nader onderzoek, kenmerk 20131121_PAD, d.d. 9-8-2013 door Geofox-Lexmond
Het betreft een nader asbestonderzoek en is uitgevoerd op ter plaatse van een puinpad op circa 10 meter ten westen van het tracé. Tijdens het onderzoek is in een viertal sleuven, hechtgebonden (chrysotiel en crocidoliet) asbesthoudend materiaal aangetroffen in de bovengrond (0,0 - 0,5 m -mv), zowel in de grove (>16 mm) als de fijne (<16mm) fractie. D De hoogst gewogen asbestconcentratie in RE2 is 620 mg/kg ds. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met een omvang van circa 380 m3.
Verkennend onderzoek (NAVOS), kenmerk NB0600005, 4-5-2007, Provincie NoordBrabant
Betreft een NAVOS (Nazorg Voormalige Stortplaatsen) onderzoek. Deklaagdikte bedraagt 0,5 1,5 m. De grond bevat licht verhoogde gehalten cadmium, koper, kwik, lood, zink, PAK en EOX. Het grondwater bevat sterk verhoogde concentraties nikkel en zink, een matig verhoogde concentratie cadmium en licht verhoogde concentraties arseen, chroom, koper en xylenen. In het rapport wordt benoemd dat op 30% van het terrein mogelijk humane risico's zijn t.g.v. een te dunne deklaag en overschrijding van LAC-waarden voor cadmium en zink. De voormalige stortplaats is gelegen op circa 20 meter afstand ten westen van het graaftracé. 15-01 Oisterwijksebaan Tilburg (Open Ontgraving Oisterwijksebaan 1) Indicatief onderzoek, kenmerk 5623-42113, d.d. 21-2-1992 Uit het BIS-systeem van de gemeente Tilburg blijkt dat in de ondergrond sterk verhoogde gehalten aan nikkel en zink zijn aangetoond. Het is echter niet bekend waar deze verhoogde gehalten zich exact bevinden. De locatie kon derhalve niet worden ingetekend op de tekening. 22-01 (HDD Hoeksevenweg) Voormalige stortplaats De stortplaats bevind zich op
Blad 11 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
3.1.5
Overige historische gegevens (Historisch) verdachte activiteiten Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Tilburg zijn meerdere (historisch) verdachte activiteiten bekend. De locaties zijn opgenomen in Tabel 1. Tabel 1 Overzicht met (historisch) verdachte activiteiten binnen onderzoeksgebied in gemeente Tilburg Locatie 01-01 Kalverstraat e.o. Tilburg
Locatiecode (AA)
Verdachte activiteit(en)
AA085517616
erfverharding met kolengruis en/of sintels
01-03
Kalverstraat 48 Tilburg
AA085504301
elektriciteitscentrale
02-13
Rugdijk Tilburg
AA085510047
erfverharding met kolengruis en/of sintels
02-14
Rugdijk Tilburg
AA085509508
erfverharding met puin en/of bouw en sloopafval
04-10
Hazennest-Oost Tilburg
AA085508618
stortplaats industrieel- en bedrijfsafval op land
04-17
Hazennest-West Tilburg
-
Volkstuinen
05-07
Centaurusweg 148 Tilburg
AA085504046
bitumineus wegenbouwmateriaalfabriek metaalconstructiebedrijf machine- en apparatenindustrie machine- en apparatenindustrie machinefabriek voor de wegenbouw benzinepompinstallatie
06-10
Zuiderkruisweg ten noorden van nr. 3 Tilburg
AA085504253
aardgas- en aardolietoeleveringsbedrijf (exploratie en winning) parfum- en cosmeticaindustrie chemische afvalstoffenopslag/kca-depot
06-03
Kapitein Hatterasstraat 21 Tilburg
AA085510450
stortplaats zinkassen op land
06-09
Siriusstraat 3 Tilburg
AA085504878
autoreparatiebedrijf benzine-service-station
06-12
Siriusstraat, grens de Hoop/AH-terrein (U 787, ged) Tilburg
AA085504413
transportbedrijf autoreparatiebedrijf chemicaliënopslagplaats chemische grondstoffen en chemicaliëngroothandel
07-02
Zuiderkruisweg/Jules Verneweg 130 Tilburg
AA085504705
autobussenreparatiebedrijf
08-02
Burgemeester Bechtweg Berkel-Enschot
AA085510052
spoorwegemplacement
08-06
Jules Verneweg 125 Tilburg
AA085505574
afvaloverslagbedrijf
09-07
Enschotsebaan ong. BerkelEnschot
AA085500654
stortplaats op land (niet gespecificeerd)
09-07
Enschotsebaan BerkelEnschot
AA085500985
erfverharding met puin en/of bouw en sloopafval
12-06
Burgemeester Bechtweg Berkel-Enschot
AA085501330
erfverharding met puin en/of bouw en sloopafval
afgewerkte olietank (ondergronds)
12-08
Bosscheweg, Berkel-Enschot
AA085502278
tramemplacement en -remises
21-01 23-03
Baksevenweg BerkelEnschot
AA085515286/ AA085502283/
stortplaats industrieel- en bedrijfsafval op land
25-01
Eindhovenseweg 2a Tilburg
AA085508676
erfverharding met puin en/of bouw en sloopafval
Blad 12 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
Tankarchief Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Tilburg bevinden zich meerdere locaties die voorkomen in het tankarchief. De locaties zijn opgenomen in Tabel 2. Tabel 2 Overzicht met tanklocaties binnen onderzoeksgebied in de gemeente Tilburg Locatie 02-16 Rugdijk 18 Tilburg
Locatiecode (AA)
Verdachte activiteit(en)
AA085509550
dieseltank (bovengronds)
06-12
Siriusstraat, grens de Hoop/AH terrein
AA085504413
dieseltank (ondergronds)
07-02
Zuiderkruisweg/Jules Verneweg 130 Tilburg
AA085504705
afgewerkte olietank (ondergronds)
09-04
Enschotsebaan 20 Berkel-Enschot
AA085514772
dieseltank (bovengronds)
12-01
Bosscheweg 102 Berkel-Enschot
AA085502821
dieseltank (ondergronds)
12-04
Bosscheweg naast 99 Berkel-Enschot
AA085504299
stookolietank (ondergronds)
12-05
Bosscheweg 97 Berkel-Enschot
AA085504018
stookolietank (ondergronds)
16-02
Zandstraat 11 Berkel-Enschot
AA085502324
Dieseltank (bovengronds)
Zinkassenwegen Zinkassen zijn in het verleden toegepast op wegen en erven van particulieren en bedrijven. Hierdoor kunnen in de bodem onder het wegdek of in de berm ernaast verontreinigingen ontstaan met zware metalen. Zink en koper zijn de meest voorkomende metalen die kenmerkend zijn voor een zinkasverontreiniging. Binnen het onderzoeksgebied zijn meerdere zinkassenwegen bekend. De ligging van deze zinkassenwegen zijn met geel gemarkeerd op de tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties. Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Tilburg zijn geen zinkassenwegen bekend. Bron: Zinkassenwegenkaart Tilburg, 2009
Onverharde wegbermen Onverharde wegbermen kunnen verdacht zijn op bodemverontreiniging. Het is bekend dat door afspoeling van wegen verontreinigingen met zware metalen, PAK en minerale olie kunnen ontstaan in wegbermen. Om die reden zijn gemeentelijke en provinciale wegen met onverharde wegbermen veelal uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart. Zie hiervoor de paragraaf ‘bodemkwaliteitskaart- en bodemfunctieklassekaart.’ Uitgangspunt voor de definitie van onverharde wegberm is dat er geen afwateringsgoot met straatkolken aanwezig is. In veel gevallen liggen parallel naast onverharde wegbermen kleine slootjes of watergangen. De ligging van de onverharde wegbermen zijn met paars gemarkeerd op de tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties. Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Tilburg doorkruist het tracé in totaal acht gemeentelijke of provinciale wegen met onverharde wegbermen. Erfverhardingen/(sloot)dempingen/onverharde (puin)paden Op basis van het historisch onderzoek met behulp van Street Smart, de Omgevingsrapportagemodule van de provincie Noord-Brabant en de BIS-systemen is gebleken dat op een groot aantal locaties binnen het onderzoeksgebied erfverhardingen, (sloot)dempingen en onverharde (puin)paden voorkomen. Deze puinpaden of zandpaden kunnen verdacht zijn op het voorkomen van asbest.
Blad 13 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
Vanwege de omvang van het projectgebied, welke voor een groot deel bestaat uit landbouw-/ natuurgebieden, was het niet mogelijk om enkel op basis van de bureaustudie alle nog aanwezige erfverhardingen, (sloot)dempingen en onverharde (puin)paden waar te nemen. Daarnaast is bekend dat niet alle erfverhardingen en (sloot)dempingen even nauwkeurig zijn ingetekend in bodeminformatiesystemen. Wanneer (graaf)werkzaamheden plaatsvinden op of nabij dergelijke locaties zal daarom aanvullend onderzoek uitgevoerd moeten worden om te kunnen beoordelen of het daadwerkelijk sprake is van een asbestverdachte locatie. De situering van de erfverhardingen/(sloot)dempingen/onverharde (puin)paden is met oranje weergegeven op de tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties. Binnen de gemeente Tilburg zijn een groot aantal (sloot)dempingen en (voormalige) erfverhardingen bekend. Op basis van Street Smart en het BIS-systeem van de gemeente Tilburg blijkt dat er circa 50 erfverhardingen, (sloot)dempingen en/of (puin)paden het tracé doorkruisen. Boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen In het onderzoeksgebied bevinden zich percelen met boomgaarden, boom- en fruitkwekerijen, die gedeeltelijk binnen of grenzend aan het onderzoeksgebied gelegen zijn.
Deze percelen zijn verdacht op Polychloorbifenyl (PCB) en Organochloorbestrijdingsmiddel (OCB) vanwege het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Met behulp van Street Smart en topografische kaarten zijn de boomgaard, boom- of fruitkwekerijen vastgesteld. Op de tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties zijn de locaties van deze objecten met groen gemarkeerd. Er bevinden zich vijf boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Tilburg.
3.2
Gemeente Oisterwijk In deze paragraaf wordt het historisch onderzoek voor het gedeelte van het onderzoeksgebied binnen de gemeente Oisterwijk omschreven.
3.2.1
Terreinomschrijving Het tracé loopt in grote lijnen parallel langs de rijksweg A58. Het terrein bestaat enerzijds hoofdzakelijk uit agrarische percelen met grasland en gewassen. Anderzijds bestaat het terrein uit natuurgebied (bos en beekdal). Verspreid langs het tracé zijn enkele woningen en agrarische bedrijven gevestigd. Bron: Street Smart, https://Street Smart.cyclomedia.com, geraadpleegd juli-augustus 2019, Cyclomedia
3.2.2
Historisch kaartmateriaal Sinds tenminste het jaar 1850 is de onderzoekslocatie aan de noordzijde binnen de gemeente Oisterwijk gelegen in een gebied dat in gebruik is als natuurgebied. De noordzijde van de onderzoekslocatie bestaat voornamelijk uit heide en de zuidzijde rond de Reuzel is voornamelijk als nat (moerasachtig) gebied weergegeven. Ten noorden van de onderzoekslocatie is de dorpskern van Moergestel aanwezig. De huidige Tilburgseweg, welke het tracé aan de noordzijde kruist, en de Heuvelstraat, welke de onderzoekslocatie halverwege het gemeentelijk gebied van Oisterwijk de onderzoekslocatie kruist, zijn dan ook op kaart waar te nemen. Rond 1958 is de rijksweg A58, welke parallel aan de onderzoekslocatie is gelegen, gerealiseerd. In 1929 is het zuidelijk gelegen Wilhelminakanaal gerealiseerd. In 1972 is de Reuzel van een meanderende watergang veranderd in een gekanaliseerde watergang.
Blad 14 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
Het gebied is ook niet meer weergegeven als nat (moerasachtig) gebied. Rond 2010 is de Reuzel weer terug hersteld in een meanderende watergang. Bron: Topotijdreis, http://www.topotijdreis.nl, geraadpleegd augustus 2019, Kadaster
3.2.3
Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart Bodemkwaliteitskaart Op basis van de ontgravingskaarten is zowel de bovengrond als de ondergrond binnen het gehele onderzoeksgebied in de gemeente Oisterwijk ingedeeld in de kwaliteitsklasse Achtergrondwaarden (AW2000). Onverharde wegbermen van gemeentelijke, provinciale en rijkswegen zijn uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart. Derhalve kan op basis van de bodemkwaliteitskaart geen uitspraak worden gedaan over de bodemkwaliteit ter plaatse van onverharde wegbermen. De ontgravingskaarten zijn weergegeven in Figuur 3. In de bodemkwaliteitskaart en de bodembeheernota van de gemeente Oisterwijk zijn geen gegevens over verhoogde achtergrondconcentraties opgenomen. Bodemfunctieklassekaart Voor het gehele onderzoeksgebied in de gemeente Oisterwijk is de bodemfunctieklasse Landbouw en natuur van toepassing (groen op de kaart).
Blad 15 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
Figuur 3 Van boven naar onder: ontgravingskaart bovengrond, ontgravingskaart ondergrond en bodemfunctiekaart uit de bodembeheernota van de gemeente Oisterwijk. De kwaliteitsklasse is Achtergrondwaarde (groen). De bodemfunctieklasse is Achtergrond en natuur (groen). Rode lijn: tracé.
Bron: Bodemkwaliteitskaart gemeenten Hilvarenbeek en Oisterwijk, kenmerk: 257947/258579, d.d. 29 oktober 2013 door Oranjewoud
Blad 16 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
3.2.4
Bodemonderzoeken Onderstaand rapport wordt, gezien de resultaten, als representatief beschouwd. Voor het volledige overzicht van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken wordt verwezen naar Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek. 34-01 Aboomsestraat ong. te Moergestel (HDD Reedijk) Aanvullend bodemonderzoek zinkassenwegen; Aboomsestraat te Oisterwijk, kenmerk L001-1211090IJO-yar-V02-NL, d.d. 24-1-2013 door Tauw Het onderzoek heeft betrekking op een (voormalige) zinkassenweg aan de Aboomsestraat te Oisterwijk. Op basis van XRF metingen is mogelijk sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Er is zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal waargenomen in de bodem of op het maaiveld. Analytisch is echter geen asbestonderzoek uitgevoerd. Plaatselijk zijn sterk verhoogde gehalten aan arseen, koper, lood en zink gemeten met behulp van de XRF meter.
3.2.5
Overige historische gegevens (Historisch) verdachte activiteiten Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Oisterwijk is één (historisch) verdachte activiteit bekend. De locatie is opgenomen in Tabel 3. Tabel 3 Overzicht met (historisch) verdachte activiteiten binnen onderzoeksgebied in gemeente Oisterwijk Locatie 34-01
Aboomsestraat ong. Moergestel
Locatiecode (AB)
Verdachte activiteit(en)
AB082400012
wegfundering/wegverharding met zinkassen
Tankarchief Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Oisterwijk bevinden zich geen (voormalige) brandstoftanks. Zinkassenwegen Binnen de gemeente Oisterwijk zijn zinkassenwegen bekend, waarvan er één binnen het onderzoeksgebied voorkomt. Bron: Zinkassenwegenkaart Oisterwijk, 2009
Onverharde wegbermen Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Oisterwijk doorkruist het tracé in totaal negen gemeentelijke of provinciale wegen met onverharde wegbermen. Erfverhardingen/(sloot)dempingen/onverharde (puin)paden Op basis van de terreinverkenning m.b.v. Street Smart en de Omgevingsrapportagemodule van de provincie Noord-Brabant blijkt dat er circa vijf erfverhardingen en/of (puin)paden het tracé doorkruisen in de gemeente Oisterwijk. Boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen Er bevinden zich vier boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Oisterwijk.
Blad 17 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
3.3
Gemeente Oirschot In deze paragraaf wordt het historisch onderzoek voor het gedeelte van het onderzoeksgebied binnen de gemeente Oirschot omschreven.
3.3.1
Terreinomschrijving Het tracé loopt ook hier in grote lijnen parallel langs de rijksweg A58. Het terrein bestaat hoofdzakelijk uit agrarische percelen met grasland en gewassen. Een aanzienlijk deel van het tracé loopt over een militair oefenterrein van defensie. Verspreid zijn kleine bosgebieden en beekjes aanwezig en verspreid langs het tracé zijn enkele woningen en agrarische bedrijven gevestigd. Het tracé doorkruist tevens het Wilhelminakanaal en Beatrixkanaal. Bron: Street Smart, https://Street Smart.cyclomedia.com, geraadpleegd juli-augustus 2019, Cyclomedia
3.3.2
Historisch kaartmateriaal Sinds tenminste het jaar 1850 is de onderzoekslocatie aan de noordzijde binnen de gemeente Oirschot gelegen in een gebied dat in gebruik is als gebied met agrarische-/natuurdoeleinden. De noordzijde van de onderzoekslocatie bestaat voornamelijk uit heide en de zuidzijde is voornamelijk als nat (moerasachtig) gebied weergegeven. Aan de noordzijde zijn eveneens de gehuchten Kattenberg, Spoordonk en de dorpskern van Oirschot te zien. De Beerze (watergang) kruist de onderzoeklocatie in het westelijk gedeelte van de onderzoekslocatie binnen de gemeente Oirschot. Ook de Spoordonkseweg, welke de onderzoeklocatie tussen het gehucht Lieveld en het dorp Oirschot kruist, is dan al op kaart aanwezig. De onderzoekslocatie kruist het Wilhelminakanaal dat rond 1929 is gerealiseerd, waarop rond 1953 het Beatrixkanaal is aangesloten. Tussen de 1953 en 1972 is de Beerze, net als de Reuzel, gekanaliseerd. In de periode is eveneens (rond 1963) de rijksweg A58 gerealiseerd. De A58 wordt nabij Boterwijk gekruist door de onderzoekslocatie. In 1983 is ten zuiden van de onderzoekslocatie De Ruyter Stevinckkazerne gerealiseerd. De Oirschotse heide is dan ook een militair oefenterrein geworden. In 2011 heeft ook de Beerze weer zijn huidige meanderende vorm teruggekregen. Bron: Topotijdreis, http://www.topotijdreis.nl, geraadpleegd augustus 2019, Kadaster
3.3.3
Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart De gemeente Oirschot beschikt niet over een bodemkwaliteitskaart. Derhalve kan op basis van de bodemkwaliteitskaart geen uitspraak worden gedaan over de algemene bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie.
3.3.4
Bodemonderzoeken Onderstaande rapporten worden, gezien de resultaten, als representatief beschouwd. Voor het volledige overzicht van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken wordt verwezen naar Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek.
Blad 18 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
38-01 Bekersberg – Kattenberg Oirschot (HDD Verkennend onderzoek NEN 5740, d.d. 27-6-2016 door Splitters Saneringevaluatie BUS-TUP Bekersberg, d.d. 27-6-2016 door Spitters Deze rapporten waren niet beschikbaar binnen de gemeente Oirschot. De locatie van de sanering en de verontreinigingssituatie zijn derhalve onbekend en niet ingetekend. Mogelijk bevind de locatie zich op het werktracé. 49-01 Lieveld, Oirschot (HDD Lieveld Hoolkot) Verhardings- en verkennend bodemonderzoek Oirschot, kenmerk BF6761_T&P_RP_1805231444, d.d. 23-5-2018 door Royal HaskoningDHV Verkennend onderzoek in de bermen aan weerszijden van de Lieveld. Deellocatie 5 en boringen 508 en 519 zijn relevant. Zintuiglijk zijn in de grond bijmengingen met sterk puin, matig baksteen, matig kolengruis, zwak slakken en zwak beton aangetroffen. In de bovengrond is een matig verhoogd gehalte aan zink en licht verhoogde gehalten aan koper, lood en PAK aangetoond. In de ondergrond is een licht verhoogd gehalte aan zink aangetoond. Zowel zintuiglijk als analytisch is geen asbest aangetoond.
Saneringsevaluatie BUS-TUP Lieveld Oirschot, d.d. 21-10-2016 door Terra milieu
De saneringsevaluatie was niet beschikbaar binnen de gemeente Oirschot. De locatie van de sanering en de verontreinigingssituatie zijn derhalve onbekend en niet ingetekend. Mogelijk bevind de locatie zich op het werktracé. 63-01 Oerlesedijk Oirschot (Open Ontgraving lasput Oerlesedijk) Aanvullend bodemonderzoek zinkassenwegen; Oerlesedijk te Oirschot (incl VO asbest), d.d. 20-11-2012 door Tauw Aan de Oerlesedijk heeft een sanering met zinkassen plaatsgevonden. In totaal is 366 m3 puin en 687 m3 (vaste) sterk verontreinigde grond vermengd met zinkassen ontgraven. Er zijn controlemonsters genomen van de putwand en putbodem welke zijn geanalyseerd op arseen, cadmium, koper, lood en zink. In de putwanden zit nog een sterke restverontreiniging. De putwanden- en bodem zijn afgedekt met signaleringsfolie en vervolgens aangevuld met schone grond (AW2000) en schoon menggranulaat.
3.3.5
Overige historische gegevens (Historisch) verdachte activiteiten Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Oirschot zijn (historisch) verdachte activiteiten bekend. De locaties zijn opgenomen in Tabel 4. Tabel 4 Overzicht met (historisch) verdachte activiteiten binnen onderzoeksgebied in gemeente Oirschot Locatie 49-03 60-01
Locatiecode (NB)
Verdachte activiteit(en)
Lieveld, Oirschot
NB082307016
wegfundering/wegverharding met zinkassen
A58 Oirschot (locatie N935)
NB082300031
baggerspeciedepot (op land) erfverharding met slakken erfverharding met puin en/of bouw en sloopafval stortplaats huishoudelijk afval op land
63-01
Oerlesedijk, Oirschot
AB082300017
Blad 19 van 33
wegfundering/wegverharding met zinkassen
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
Tankarchief Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Oirschot bevinden zich enkele locaties die voorkomen in het tankarchief. De locaties zijn opgenomen Tabel 5. Tabel 5 Overzicht met tanklocaties binnen onderzoeksgebied in de gemeente Oirschot Locatie 49-02
Locatiecode (NB)
Verdachte activiteit(en)
Lieveld 7B Oirschot
NB082300176
hbo-tank (ondergronds)
60-01
A58 Oirschot (locatie N935)
NB082300031
dieseltank (bovengronds)
Zinkassenwegen Binnen de gemeente Oirschot zijn zinkassenwegen bekend. In totaal zijn er acht locaties met zinkassenwegen bekend binnen het onderzoeksgebied die het tracé doorkruisen. Bron: Zinkassenwegenkaart Oirschot, 2009
Onverharde wegbermen Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Oirschot doorkruist het tracé in totaal acht gemeentelijke of provinciale wegen met onverharde wegbermen. Erfverhardingen/(sloot)dempingen/onverharde (puin)paden Op basis van de terreinverkenning m.b.v. Street Smart en de Omgevingsrapportagemodule van de provincie Noord-Brabant blijkt dat er circa zeven erfverhardingen en/of (puin)paden het tracé doorkruisen in de gemeente Oirschot. Boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen Er bevinden zich zeven boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Oirschot.
3.4
Gemeente Best In deze paragraaf wordt het historisch onderzoek voor het gedeelte van het onderzoeksgebied binnen de gemeente Best omschreven.
3.4.1
Terreinomschrijving Het tracé beslaat slechts een klein deel van het grondgebied in de gemeente Best en loopt in de richting van trafostation BT150. Het tracé ligt ingeklemd tussen knooppunt Batadorp, een industrieterrein, een golfbaan en een waterbassin. Tevens wordt een spoorlijn doorkruist. Bron: Street Smart, https://Street Smart.cyclomedia.com, geraadpleegd juli-augustus 2019, Cyclomedia
3.4.2
Historisch kaartmateriaal Het meest oostelijk gelegen gedeelte van de onderzoekslocatie ligt nabij de gemeentegrenzen van Best, Eindhoven en Oirschot. Sinds tenminste het jaar 1850 is het meest oostelijk gelegen gedeelte van de onderzoekslocatie gelegen op de Bestsche heide en tussen de dorpskernen van Best en Acht. Ook is Eindhoven ten zuidoosten van de onderzoekslocatie op kaart te zien. Het gebied waar de onderzoekslocatie is gelegen is gekenmerkt als nat (moerasachtig) gebied. De spoorweg aan de noordoostzijde van de onderzoekslocatie is rond 1881 gerealiseerd. Bron: Topotijdreis, http://www.topotijdreis.nl, geraadpleegd augustus 2019, Kadaster
Blad 20 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
3.4.3
Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart Bodemkwaliteitskaart Op basis van de ontgravingskaart is zowel de bovengrond als de ondergrond binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Best ingedeeld in de kwaliteitsklasse Industrie. Enkel ter plaatse van trafostation BT150 is de bovengrond en ondergrond ingedeeld in de kwaliteitsklasse Achtergrondwaarden (AW2000). Onverharde wegbermen van gemeentelijke, provinciale, rijksen spoorwegen zijn uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart. Derhalve kan op basis van de bodemkwaliteitskaart geen uitspraak worden gedaan over de bodemkwaliteit ter plaatse van onverharde wegbermen. De ontgravingskaart is weergegeven in Figuur 4. In de bodemkwaliteitskaart en de bodembeheernota van de gemeente Best zijn geen gegevens over verhoogde achtergrondconcentraties opgenomen. Bodemfunctieklassekaart Voor het onderzoeksgebied in de gemeente Best is de bodemfunctieklasse Industrie (rood op de kaart) en Landbouw en natuur (groen op de kaart) van toepassing. Figuur 4 Van boven naar onder: ontgravingskaart boven- en ondergrond en bodemfunctiekaart uit de bodembeheernota van de gemeente Best. De kwaliteitsklassen zijn Achtergrondwaarden (groen) en Industrie (zwart gearceerd). De bodemfunctieklassen zijn Achtergrond en natuur (groen), Wonen (geel) en Industrie (rood). Rode lijn: tracé.
Bron: Bodemkwaliteitskaart gemeente Best, d.d. 5-12-2012 door Tritium Advies B.V.
Blad 21 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
3.4.4
Bodemonderzoeken Onderstaande rapporten worden, gezien de resultaten, als representatief beschouwd. Voor het volledige overzicht van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken wordt verwezen naar Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek. 74-01 Ploegstraat Best (HDD ProRail Best) Historisch onderzoek, d.d. 12-12-2009 door Tauw Uit het historisch bodemonderzoek blijkt dat op de locatie een voormalige vuilstortplaats aanwezig is geweest voor industrieafval aan de Ploegstraat te Best.
Eindrapportage NAVOS onderzoek locatie Verlengde Parkweg - gemeente Best, d.d. 15-62007 door Provincie Noord-Brabant
De locatie betreft een voormalige stortplaats. Uit de eindrapportage blijkt dat de dikte van de deklaag circa 10-50 cm (gem. 0,35 cm) bedraagt. In de deklaag zijn sporen puin aangetroffen. De kwaliteit van de deklaag: maximaal licht verhoogde gehalten aan cadmium en EOX. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties aan cadmium, koper, chroom, nikkel en zink aangetoond. In het rapport wordt benoemd dat op delen van het terrein mogelijk humane risico's zijn t.g.v. een te dunne deklaag. Het nieuwe tracé zal middels een HDD-boring onder de stortplaats door worden aangelegd.
3.4.5
Overige historische gegevens (Historisch) verdachte activiteiten Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Best zijn (historisch) verdachte activiteiten bekend. De locaties zijn opgenomen in Tabel 6. Tabel 6 Overzicht met (historisch) verdachte activiteiten binnen onderzoeksgebied in gemeente Best Locatie 74-01
Locatiecode (NB)
Verdachte activiteit(en)
Ploegstraat ong. Best
NB075300499
stortplaats industrieel- en bedrijfsafval op land
74-02
Verlengde Parkweg Best
NB075300006
stortplaats op land (niet gespecificeerd)
Tankarchief Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Best bevinden zich geen (voormalige) brandstoftanks. Zinkassenwegen Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Best zijn geen zinkassenwegen bekend. Bron: Zinkassenwegenkaart Best, 2009
Onverharde wegbermen Binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Best doorkruist het tracé één gemeentelijke weg met onverharde wegbermen. Erfverhardingen/(sloot)dempingen/onverharde (puin)paden Op basis van de terreinverkenning m.b.v. Street Smart en de Omgevingsrapportagemodule van de provincie Noord-Brabant blijkt dat er geen erfverhardingen, (sloot)dempingen en/of (puin)paden het tracé doorkruisen in de gemeente Best.
Blad 22 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
Boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen Er bevinden zich geen boomgaarden, boom- of fruitkwekerijen binnen het onderzoeksgebied in de gemeente Best.
Blad 23 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
4
Overige onderdelen
4.1
Watergangen De tracédelen waarvoor sprake is van open ontgraving kruisen diverse watergangen. Voor zover bekend beschikken de verschillende gemeentes niet over een waterbodemkwaliteitskaart. Dat betekent dat er in geval van graafwerkzaamheden in/aan de waterbodem verkennend waterbodemonderzoek uitgevoerd dient te worden om de milieuhygiënische kwaliteit van het aanwezige slib en/of de vaste waterbodem en de evt. hergebruiksmogelijkheden te bepalen. Het verkennend waterbodemonderzoek dient te worden uitgevoerd overeenkomstig NEN 5720. Voor een overzicht van alle watergangen waar TenneT (mogelijk) voornemens is om deze te kruisen middels open ontgraving wordt verwezen naar de tekeningen in Bijlage 2 Situatietekeningen met onderzoeksgebied en deellocaties.
4.2
Bodemopbouw en geohydrologie Ten aanzien van de bodemopbouw en geohydrologie kan het volgende worden vermeld: - freatische grondwaterstand: variërend over het gehele tracé. - regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerend pakket: globaal in noordelijke richting, kan variëren over het gehele tracé. - verticale grondwaterstroming tot 10 m -mv: er is lokaal sprake van kwel ter hoogte van de beekdalen van de Reusel en de Beerze en het Wilhelminakanaal. - voorkomen van oppervlaktewater in de directe omgeving: ja, in de omgeving van het onderzoeksgebied (tot ca. 50 meter) bevinden zich diverse waterpartijen, waaronder vennen, beken, kanalen en een havendok (Industriehaven Tilburg). Daarnaast bevinden zich tussen de agrarische percelen diverse afwateringssloten. - voorkomen van brak/zout grondwater: nee. - ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied: nee. De gegevens over de geohydrologie zijn verkregen uit de Grondwaterkaart van Nederland (DGVTNO) en de actuele kaarten met grondwaterbeschermingsgebieden.
4.3
Toekomstig gebruik In de nabije toekomst zal het gebied binnen de projectgrenzen dezelfde functies behouden. De werkzaamheden aan het nieuwe aan te leggen kabeltracé zullen van tijdelijke aard zijn. De inbedrijfname voor het gehele project staat gepland voor het tweede kwartaal van 2023.
4.4
Stortplaatsen Binnen de projectgrenzen zijn een aantal voormalige stortplaatsen bekend. Het gaat om twee stortplaatsen in de gemeente Tilburg (nr. 09-05 t/m 09-07 en 22-01) en één stortplaats in de gemeente Best (74-01 en 74-02). Op de meeste stortplaatsen zijn eerder uitgevoerde bodemonderzoeken bekend. De ligging van de stortplaatsen zijn weergegeven met donkerrood op de tekeningen in Bijlage 2. Het is in het kader van de provinciale milieuverordening verboden om, zonder goedgekeurd hergebruikplan, werkzaamheden op of in de stortplaats uit te voeren die de nazorg kunnen belemmeren. In het kader van de Wet bodembescherming is het verboden om zonder instemming van het bevoegd gezag verontreinigde grond of grondwater te verplaatsen
Blad 24 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
(onttrekken) of verwijderen. Aangezien voor het voorgenomen tracé geen (graaf)werkzaamheden op of in stortplaatsen plaatsvinden, zijn er geen aanvullende maatregelen nodig.
4.5
Terreininspectie Het doel van de terreininspectie is het nader in beeld brengen van verdachte locaties die uit het historisch onderzoek naar voren zijn gekomen. Daarnaast dient het locatiebezoek om te achterhalen of er naast de digitaal beschikbare informatie nog andere aanwijzingen zijn voor potentieel bodemverontreinigende activiteiten. Tijdens de terreininspectie is specifiek aandacht geschonken aan onverharde (zand)paden waarin mogelijk puin is verwerkt of gestort, puinpaden, stortplaatsen, boomkwekerijen en watergangen die door middel van open ontgraving doorkruist worden. De terreininspectie is enkel uitgevoerd op de delen die openbaar toegankelijk zijn. Uit de terreininspectie is gebleken dat vrijwel alle onverharde (zand)paden bodemvreemde bijmengingen met puin, baksteen en/of grind bevatten. Voor deze paden wordt geadviseerd om verkennend asbestonderzoek uit te voeren in combinatie met het verkennend bodemonderzoek. De voormalige stortplaats in de gemeente Tilburg (locaties 09-05 t/m 09-07) was visueel niet zichtbaar, echter kan daarmee niet aangenomen worden dat deze niet aanwezig is geweest. De voormalige stortplaats in de gemeente Best (locaties 74-01 en 74-02) was visueel wel zichtbaar in de vorm van een verhoging en bodemvreemd materiaal op het maaiveld. Aan de Enschotsestraat in Berkel-Enschot was te zien dat een boomkwekerij recent is uitgebreid.
De meeste asbestverdachte daken blijken op ruim voldoende afstand van het werktracé (met open ontgravingen) te zijn gelegen. Op de locatie waar het tracé de Elsdijk in Moergestel kruist, is een asbestverdacht dak aanwezig wat zich dicht tegen het onderzoeksgebied bevindt. Derhalve wordt geadviseerd om hier een verkennend asbestonderzoek uit te voeren in combinatie met het verkennend bodemonderzoek. De geïnventariseerde watergangen betreffen voornamelijk sloten en greppels, die ten tijde van het locatiebezoek veelal droog stonden. De foto’s die zijn genomen tijdens de terreininspectie zijn te raadplegen in Bijlage 7.
4.6
PFAS Op het gebied van PFAS zijn uit het historisch onderzoek geen concrete bronnen aan te wijzen die mogelijk een verontreiniging met PFAS-houdende stoffen in de grond hebben veroorzaakt. Van PFAS is echter in het algemeen bekend dat deze door middel van atmosferische depositie in de bovengrond terecht kan komen. Op 8 juli 2019 is door het Ministerie Infrastructuur en Waterstaat een brief en bijbehorend tijdelijk handelingskader ten aanzien van hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie aan de Tweede kamer aangeboden (8 juli 2019, kenmerk: IENW/BSK-2019/131399). Op 29 november 2019 is een geactualiseerde versie gepubliceerd. Hierin staat beschreven dat bij het verwerken en aanbieden van grond inzichtelijk dient te zijn in hoeverre deze PFAS-houdend is. Hiertoe is op 12 juli door het RIVM een adviespakket PFAS gepubliceerd waarop de bovengrond onderzocht dient te worden. De beleidsontwikkelingen op het gebied van PFAS vinden op dit moment echter in snel tempo plaats. Gecombineerd met het verkennend bodemonderzoek NEN 5740 wordt geadviseerd om PFASonderzoek uit te voeren. Hiertoe wordt uit (een deel van) de boringen extra monstermateriaal verzameld (duplo bemonstering), waar mengmonsters van worden samengesteld die in het laboratorium worden geanalyseerd op PFAS en GenX.
Blad 25 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
5
Tracéwijziging Op 7 november 2019 is een nieuwe versie van het tracéontwerp aangeleverd (versie MRT 0.7) Het huidige voorgenomen tracé, welke nu is vastgesteld, is op vier punten gewijzigd ten opzichte van eerdere versies van het tracé. In dit hoofdstuk worden de voor de tracéwijzigingen relevante aspecten op het gebied van milieuhygiënische bodemkwaliteit besproken.
5.1
Nieuw zoekgebied rondom A58 Oirschot Rondom de A58 nabij Oirschot ligt het nieuwe tracé ruimschoots buiten het oorspronkelijke onderzoeksgebied. Het zoekgebied tussen HDD A58 Hoolkot en HDD Lieveld Hoolkot is in het nieuwe ontwerp in noordelijke richting uitgebreid (zie Figuur 5). Het nieuwe tracé vanaf de Open Ontgraving OST150 tot aan het zuidelijk gelegen HDD Wilhelminakanaal naar links toe verschoven t.o.v. de roze contouren van het onderzoeksgebied (zie figuur 7). Het tracé staat grotendeels gekarteerd als open ontgraving, met uitzondering van locaties van de mantelbuis en de HDD Wilhelminakanaal. Figuur 5 Weergave van het nieuwe onderzoeksgebied tussen HDD A58 Hoolkot en HDD Lieveld Hoolkot (roze contour: voormalige onderzoeksgebied. Gele lijn: nieuwe tracé)
De belangrijkste wijzigingen: Het nieuwe tracédeel doorkruist nog steeds een mogelijke zinkassenweg aan de Hoolkot te Oirschot. Nu ten noorden van de boerderij op nummer 5 in plaats van ten zuiden. Hier vindt open ontgraving met een mantelbuis plaats. Er worden twee watergangen doorkruist. Hier vindt open ontgraving plaats. Dit betreffen kleine sloten. In het oude tracédeel zouden er naar verwachting ook twee sloten worden doorkruist. Er hoeven derhalve geen extra watergang onderzocht te worden. Er zijn voor zover bekend geen andere verdachtmakingen op een mogelijke bodemverontreiniging aanwezig op of nabij het nieuwe tracédeel.
Blad 26 van 33
Bureaustudie milieu Tilburg-Noord – Best 150 kV projectnummer 0437981.100 12 maart 2020 revisie 2.1
Figuur 6 Weergave van het nieuwe onderzoeksgebied tussen OO OST150 en HDD Wilhelminakanaal (roze contour: voormalige onderzoeksgebied. Gele lijn: nieuwe tracé)
De belangrijkste wijzigingen: Het nieuwe tracédeel doorkruist nog steeds een mogelijke zinkassenweg aan de Proosbroekweg te Oirschot. Ditmaal ten westen van het voormalige tracédeel. Daarnaast doorkruist het tracé nu ook een bodemlocatie (nr. 54-02). Hier is in het verleden een bodemonderzoek en een BUS-sanering (tijdelijke uitplaatsing) uitgevoerd i.v.m. een zinkassenverontreiniging. Voor het volledige historisch onderzoek wordt verwezen naar de tabel in Bijlage 4 Overzichtstabellen historisch onderzoek. Omdat hier een HDD boring staat gepland en er geen open ontgraving plaatsvindt, wordt niet verwacht dat men in aanraking komt met eventueel verontreinigde grond. Het nieuwe tracédeel doorkruist een (puin)pad gelegen aan de Groene Woud in deelgebied Open Ontgraving OST150. In eerste instantie was er een open ontgraving gepland in het puinpad. In het nieuwe ontwerp wordt gebruik gemaakt van een persing onder de verharding door. In het noordelijk gelegen gedeelte van het nieuwe tracédeel vind een open ontgraving plaats in een (mogelijk) puinpad welke voorheen nog niet in beeld was. Parallel langs het puinpad kruist het tracé ook nog een watergang. Deze watergang was echter al opgenomen in de onderzoeksopzet. Er zijn voor zover bekend geen andere verdachtmakingen op een mogelijke bodemverontreiniging aanwezig op of nabij het nieuwe tracédeel.