CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

24044.7 - Wijzigingen GR WSD was-wordt-versie

Raadsvergadering 10 juni 2024, gemeente BestBij agendapunt: 24044 - Wijziging Gemeenschappelijke Regeling WSD3.018 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Juridische Zaken Was Wordt overzicht Artikel Oud Overwegende Dat de gemeenschappelijke regeling WSD, welke is aangegaan door de toenmalige gemeenten Boxtel, Liempde, Haaren, Esch, Helvoirt, Schijndel, SintMichielsgestel, SintOedenrode en Vught, thans zijnde de gemeenten Boxtel, Schijndel, Vught, SintMichielsgestel, Haaren, Sint-Oedenrode alsmede de gemeenten Oisterwijk, Oirschot, Son en Breugel, Nuenen, Gerwen en Nederwetten en Best om te komen tot een doelmatige uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening (goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant op 18 mei 1982, nr. 91.361, gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant van 30 juni 1982, nr. 122) zoals later gewijzigd, in overeenstemming dient te worden gebracht met de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeentewet en de Wet sociale werkvoorziening. 1 lid 1

Nieuw Dat de gemeenschappelijke regeling WSD, welke is aangegaan door de toenmalige gemeenten Boxtel, Liempde, Haaren, Esch, Helvoirt, Schijndel, Sint-Michielsgestel, SintOedenrode en Vught, thans zijnde de gemeenten Best, Boxtel, Nuenen, Gerwen en Nederwetten, Oirschot, Oisterwijk, Meierijstad, Sint- Michielsgestel, Son en Breugel en Vught om te komen tot een doelmatige uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening (goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant op 18 mei 1982, nr. 91.361, gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant van 30 juni 1982, nr. 122) zoals later gewijzigd, in overeenstemming dient te worden gebracht met de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeentewet, de Wet sociale werkvoorziening, de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Wet inburgering 2021.

Argumentatie Als gevolg van de gemeentelijke herindeling komt Haaren als zelfstandig deelnemer van de GR WSD te vervallen.

c. Desintegratiekosten: alle kosten direct dan wel toekomstig te maken dan wel te dragen door WSD, die samenhangen met de afbouw van risico’s daarbij inbegrepen, ontstaan als direct gevolg van de vermindering van taakuitvoering; d. Frictiekosten: alle incidentele kosten te maken door WSD die het directe gevolg zijn van de beslissing tot vermindering van taakuitvoering van een deelnemer. j. Pw: de Participatiewet m. Wi: de Wet inburgering 2021

Toegevoegd; Definities van begrippenzijn aangevuld met desintegratie-, frictiekosten (nodig voor het artikel over uittreding) en de wetten Pw, Wi en Wmo.

1

Archiefexemplaar van BL24-03379

- 1131c - bijlage 3 - Wijzigingen GR WSD was wordt

Toevoeging PW, Wmo 2015 en Wi 2021 om formele haakje voor de taken die WSD heeft uitgevoerd en uitvoert en invulling van de fiscale afspraken met de belastingdienst rondom BTW op de begeleidingsvergoeding.

Tevens zijn alle begrippen op alfabetische volgorde gezet.

Juridische Zaken Artikel

2 lid 3

3 lid 2

3 lid 3

Oud

Nieuw n. Wmo: de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

Argumentatie

3. De raden kunnen gezamenlijk op voorstel van een van hen een onderzoek instellen naar het gevoerde bestuur en voor dat doeleinde een onderzoekscommissie instellen. De artikelen 155g en 155h van de Gemeentewet zijn van toepassing. Een en ander onverminderd de bevoegdheid van de rekenkamers van deelnemers op grond van artikel 184 van de Gemeentewet. Het schap heeft eveneens tot doel ondersteuning bij arbeidsinschakeling voor de doelgroepen genoemd in artikel 7, lid1 onderdeel a Pw door onder andere het voorzien in participatievoorziening beschut werk, vaststelling doelgroep loonkostensubsidie en uitvoering loonkostensubsidie, leerwerk-trajecten een en ander als bedoeld in de Pw. Daarnaast heeft het schap ten doel het aanbieden van voorzieningen in het kader van inburgering op grond van de Wi en in het kader van dagbesteding op grond van de Wmo die bijdragen aan arbeidsinschakeling. Bij de uitvoering van taken wordt onderscheid gemaakt tussen basistaken die voor alle deelnemende gemeenten worden uitgevoerd en plustaken, waarbij deelnemende gemeenten vrije keuze hebben om die door het schap te laten uitvoeren.

Toegevoegd; Verplicht op grond van de Wgr, gezamenlijk onderzoek

2

Toegevoegd; Verankert in de doelbepaling de ondersteuning bij arbeidsinschakeling voor de doelgroepen uit de Pw en de uitvoering van gerelateerde taken op grond van de Wi en de Wmo.

Toegevoegd; Onderscheid tussen basistaken en plustaken zoals ook in het koersdocument is benoemd.

Juridische Zaken Artikel 4

Oud Aan het bestuur van het schap worden de bevoegdheden van regeling en bestuur van de colleges en raden van de deelnemende gemeenten uit de Wsw overgedragen ter verwezenlijking van de in artikel 3 genoemde doelstelling.

Nieuw 1. Aan het bestuur van het schap worden de bevoegdheden van regeling en bestuur van de colleges en raden van de deelnemende gemeenten uit de Wsw overgedragen ter verwezenlijking van de in artikel 3, eerste lid genoemde doelstelling.

Argumentatie Toegevoegd lid 2, 3 en 4; (zie opmerking art. 3 lid 1) Toevoeging Pw, Wi en Wmo is een juridische grondslag en hiermee kan in de toekomst delegatie van taken mogelijk worden gemaakt.

2.De deelnemers kunnen bevoegdheden van de colleges die het schap nodig heeft voor de uitoefening van haar taken genoemd in artikel 3, tweede lid overdragen aan het algemeen bestuur. Overdracht van bevoegdheden als hiervoor bedoeld bevat een bepaling over de duur ervan en vervalt van rechtswege indien de regeling wordt gewijzigd.

Lid 2 een kapstok om buiten de GR om bevoegdheden van colleges uit artikel 3 lid 2 te kunnen overdragen (delegatie).

3. Voor zover geen gebruik is gemaakt van het eerste of tweede lid, zorgen gemeenten voor toereikende mandaten, volmachten en machtigingen die het schap nodig heeft voor de uitoefening van haar taken, genoemd in artikel 3.

17

Ten aanzien van de bevoegdheden en de verdeling van de bevoegdheden van het bestuur van het schap zijn van overeenkomstige toepassing de regels welke bij of krachtens, de Wsw zijn gesteld voor de verdeling van de bevoegdheden van de gemeenten over de gemeentelijke bestuursorganen, tenzij daarvan bij of krachtens de Wet is afgeweken.

4. Deelnemers sluiten onverminderd het bepaalde in het tweede en derde lid, overeenkomsten met het schap om afspraken te maken over onder meer randvoorwaarden voor uitvoering van de taken. Ten aanzien van de bevoegdheden en de verdeling van de bevoegdheden van het bestuur van het schap zijn van overeenkomstige toepassing de regels welke bij of krachtens de Gemeentewet, de Wsw, de Pw, de Wmo en de Wi zijn gesteld voor de verdeling van de bevoegdheden van de gemeenten over de gemeentelijke bestuursorganen, tenzij daarvan bij of krachtens de Wet is afgeweken.

3

In lid 3 en 4 geregeld dat gemeenten zorgen voor mandaten, volmachten en machtigingen die nodig zijn voor de uitoefening van deze taken wanneer geen gebruik wordt gemaakt van de delegatie zoals genoemd in lid 2.

Toevoeging Gemeentewet, Pw, Wi en Wmo.

Juridische Zaken Artikel 23

Oud

26 lid 1

Het algemeen en het dagelijks bestuur geven aan de raden van de deelnemende gemeenten, gevraagd of ongevraagd, alle inlichtingen die voor een juiste beoordeling van het door het bestuur gevoerde en te voeren beleid, waaronder ook begrepen is het beleid van de bestuurscommissies, nodig is, indien het verstrekken daarvan niet in strijd is met het openbaar belang.

28 lid 3

39 lid 2

40 lid 1

40 lid 2

2. Het algemeen bestuur stelt – uiterlijk vóór 1 augustus – de begroting voor het volgende jaar vast. Het dagelijks bestuur zendt uiterlijk 15 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden van de deelnemende gemeenten. 2. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting ten minste acht weken voordat deze door het algemeen bestuur wordt vastgesteld overeenkomstig artikel

Nieuw 2.Op voorstel van de raden gezamenlijk stelt het algemeen bestuur overeenkomstig artikel 24a van de Wgr een gemeenschappelijke adviescommissie in. Het eerste lid is hierop van overeenkomstige toepassing. Het algemeen en het dagelijks bestuur geven aan de raden van de deelnemende gemeenten, gevraagd of ongevraagd, alle inlichtingen en informatie die voor een juiste beoordeling van het door het bestuur gevoerde en te voeren beleid, waaronder ook begrepen is het beleid van de bestuurscommissies, nodig is, indien het verstrekken daarvan niet in strijd is met het openbaar belang.

Argumentatie Toegevoegd lid 2 i.v.m. wijziging Wgr; Verplicht minimale variant en is een herhaling van de wettekst.

Het algemeen bestuur legt besluiten, die een aanzienlijk politiek of financieel belang hebben voor de deelnemers ter zienswijze voor aan de raden.

Toegevoegd i.v.m. wijziging Wgr; Opgenomen dat alle besluiten die aanzienlijk politiek of financieel belang (ter beoordeling) hebben door het AB ter zienswijze aan de raden moeten worden voorgelegd. Aangepast termijn; verplicht i.v.m. wijziging Wgr.

2. Het algemeen bestuur stelt – uiterlijk vóór 15 september – de begroting voor het volgende jaar vast.

Toegevoegd de term ‘Informatie’; Dit is gebruikelijke terminologie. Inlichtingen ziet op uitleg/toelichting en informatie op achtergronddocument atie.

Het dagelijks bestuur zendt uiterlijk 30 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden van de deelnemende gemeenten.

Aangepast termijn; verplicht i.v.m. wijziging Wgr.

2. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting ten minste twaalf weken voordat deze door het algemeen bestuur wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 39, tweede lid, aan de raden van de deelnemende gemeenten.

Aangepast termijn; verplicht i.v.m. wijziging Wgr.

4

Juridische Zaken Artikel

Oud 39, tweede lid, aan de raden van de deelnemende gemeenten.

40 lid 8

40 lid 9

43 lid 1

47

Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval uiterlijk op 1 augustus van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, aan Gedeputeerde Staten. Het dagelijks bestuur zendt voor 15 april van het jaar na het jaar waarvoor de jaarrekening dient, een voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten. Ten aanzien van de archiefbescheiden van het schap zijn de voorschriften die bij of krachtens de Archiefwet 1995 omtrent de zorg, bewaring en het beheer daarvan, alsmede omtrent het toezicht daarop, voor de gemeenten zijn of nader zullen worden vastgesteld, van overeenkomstige toepassing.

Nieuw

Argumentatie

Het dagelijks bestuur stelt de raden voorafgaande aan het vaststellen van de begroting schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het derde lid, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval uiterlijk op 15 september van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, aan Gedeputeerde Staten.

Toegevoegd; Verplicht, reacties zienswijze. In overeenstemming met de Wgr.

Het dagelijks bestuur zendt voor 30 april van het jaar na het jaar waarvoor de jaarrekening dient, een voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten.

Aangepast termijn; verplicht i.v.m. wijziging Wgr.

1. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden en stelt daartoe een regeling vast. 2. De zorg voor de archiefbescheiden die ontstaan uit hoofde van de door de deelnemende organen gemandateerde taken berust bij deze organen. 3. De algemeen directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats van het Brabants Historisch Informatiecentrum (BHIC) te ’s-Hertogenbosch. 4. De kosten, verbonden aan de uitoefening van de in het eerste lid bedoelde zorg, komen ten laste van het schap. 5. Voor de bewaring van de archiefbescheiden van het schap is de aangewezen archiefbewaarplaats genoemd in het derde lid.

Om te voorkomen dat de gemeenschappelijke regeling moeten worden gewijzigd na inwerkingtreding van de nieuwe Archiefwet is de bepaling aangepast.

5

Aangepast termijn; verplicht i.v.m. wijziging Wgr.

Juridische Zaken Artikel

Oud

49

1. De raad en het college van de deelnemende gemeente dat voornemens is uit te treden, maakt dit kenbaar aan het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur zendt het voornemen onverwijld door aan de overige colleges en raden van de deelnemende gemeenten. 2. Na ontvangst van het besluit als bedoeld in het eerste lid, doet het dagelijks bestuur binnen drie maanden een voorstel aan het algemeen bestuur omtrent de financiële en overige gevolgen van de uittreding. 3. Het algemeen bestuur regelt – met instemming van tweederde van colleges en de raden de deelnemende gemeenten – de financiële gevolgen alsmede de overige gevolgen van de uittreding. 4. De raad en het college van de deelnemende gemeente die voornemens zijn uit te treden nemen op basis van het voorstel, bedoeld in het derde

Nieuw 6. De in het vijfde lid bedoelde archiefbescheiden worden beheerd door de archivaris van de archiefbewaarplaats genoemd in het derde lid. 7. De archivaris van het BHIC oefent toezicht uit op het beheer van de archiefbescheiden conform geldende wetgeving voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats bedoeld in het derde lid. 8. Bij opheffing van de regeling wordt het archief van de Gemeenschappelijke regeling WSD overgedragen aan de archiefbewaarplaats genoemd in het derde lid, of diens opvolger. 1. De raad en het college van de deelnemende gemeente dat voornemens is uit te treden, maakt dit kenbaar aan het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur zendt het voornemen onverwijld door aan de overige colleges en raden van de deelnemende gemeenten. 2. Na ontvangst van het besluit als bedoeld in het eerste lid, doet het dagelijks bestuur binnen zes maanden een voorstel aan het algemeen bestuur omtrent de financiële, personele en overige gevolgen van de uittreding. De kosten voor het maken van het voorstel komen voor rekening van het college dat voornemens is uit te treden. 3. Ten behoeve van het voorstel voor de financiële, personele en overige gevolgen, bedoeld in het vorige lid, wordt een in overleg met de uittredende deelnemer aan te wijzen onafhankelijke registeraccountant opdracht verleend om de genoemde gevolgen in kaart te brengen.

De opdracht wordt verstrekt door het dagelijks bestuur. Voorafgaand aan de opdrachtverstrekking wordt de uittredende deelnemer in de gelegenheid gesteld een reactie te geven op de opdracht. 6

Argumentatie

Aangepast i.v.m. wijziging Wgr; Verplicht minimale variant. Opgenomen welke kaders gelden voor het proces en voor de bepaling van de uittreedsom. Voortgeborduurd op bestaande tekst. AB kan binnen de gestelde kaders zelf uitvoering geven aan de uittreding.

Juridische Zaken Artikel

Oud lid, een definitief besluit. De uittreding vindt plaats met ingang van 1 januari van het jaar, volgende op dat waarin het besluit tot uittreding is ingeschreven in het register als bedoeld in artikel 27, tweede lid, van de Wet. 5. Geschillen samenhangend met de uittreding kunnen worden voorgelegd aan Gedeputeerde Staten als bedoeld in artikel 28 van de Wet.

Nieuw 4. Het voorstel bedoeld in het tweede lid wordt definitief vastgesteld door het algemeen bestuur nadat de uittredende deelnemer in de gelegenheid is gesteld een zienswijze te geven. Voor de zienswijze geldt een termijn van acht weken voor vaststelling. Na vaststelling door het algemeen bestuur zijn de in het voorstel voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen bindend. Het definitieve voorstel wordt vastgesteld uiterlijk twaalf kalendermaanden nadat de deelnemer zijn voornemen tot uittreding overeenkomst het vorige lid bekend heeft gemaakt. 5. WSD en de uittredende deelnemer en de blijvende deelnemers spannen zich gezamenlijk in om frictiekosten en desintegratiekosten zo laag mogelijk te houden. 6. Het voorstel bedoeld in het tweede en vierde lid vermeld de verdeling van de desintegratiekosten en frictiekosten. Financieel uitgangspunt voor de bepaling van de kosten en prijzen vormt de meest recente vastgestelde jaarrekening op dat moment.

Bij verdeling komen in ieder geval, maar niet uitsluitend, de volgende aspecten aan de orde: Overname door deelnemer van geactiveerde goederen dan wel vergoeding wegens niet overnemen; Overname van contractuele verplichtingen jegens leveranciers, dan wel vergoeding wegens niet overname; Overname door deelnemers van personeelsleden, dan wel vergoeding wegens niet overname; Eventuele nadelige financiële consequenties ten gevolge van de liquidatie; Eventuele fiscale consequenties in verband met omzetbelasting en/of vennootschapsbelasting. 7. Nadat het voorstel is vastgesteld is de uittredende 7

Argumentatie

Juridische Zaken Artikel

50 lid 3 en 4

Oud

Nieuw deelnemer gehouden om binnen drie maanden de daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen aan WSD te voldoen. WSD stelt de uittredende deelnemer desgewenst in de gelegenheid door de overname van personeel, materieel, activa, passiva de hoogte van de desintegratiekosten te verminderen. 8. Vaststelling van het voorstel, bedoeld in het vierde lid vereist instemming van tweederde van de vertegenwoordigers van colleges en de raden van de deelnemende gemeenten in het algemeen bestuur. 9. De raad en het college van de deelnemende gemeente die voornemens zijn uit te treden nemen op basis van het voorstel, bedoeld in het tweede lid, een definitief besluit over de uittreding. De uittreding vindt plaats met ingang van 1 januari van het jaar, volgende op dat waarin het besluit tot uittreding is ingeschreven in het register. 10. Geschillen samenhangend met de uittreding worden behandeld overeenkomstig artikel 52 van de regeling.

Argumentatie

Verwezen naar bestaande geschillenregeling. Verwijderd i.v.m. wijziging Wgr; WSD is gemengde regeling waarbij in het AB ook raadsleden zitten die hun visie geven voordat een wijzigingsvoorstel naar de raden gaat. Er is daarnaast altijd de mogelijk om een reactie te vragen. lid 5 is lid 3 geworden.

3. Alvorens een voorstel tot wijziging in procedure wordt gebracht worden de raden der deelnemende gemeenten gehoord. 4. Indien de regeling gewijzigd wordt vanwege uitbreiding van de doelstelling met uitvoering van de Wet inschakeling werkzoekenden, dan wel ten behoeve van een andere werkgelegenheidsbevor derende regeling, is het bepaalde in het derde lid van dit artikel niet van toepassing. 8

Juridische Zaken Artikel 53

Oud 1.Het gemeentebestuur van Boxtel draagt zorg voor de toezending van de gewijzigde regeling aan Gedeputeerde Staten, als bedoeld in artikel 26, eerste lid, van de Wet. 2.Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2017, of een dag nadat het gemeentebestuur van Boxtel de regeling tijdig in alle deelnemende gemeenten bekend heeft gemaakt door kennisgeving van de inhoud daarvan in de Staatscourant. 3.De regeling geldt voor onbepaalde tijd.

Nieuw 1.Deze regeling treedt in werking op 1 juli 2024, nadat het gemeentebestuur van Boxtel de regeling in alle deelnemende gemeenten bekend heeft gemaakt door kennisgeving van de inhoud daarvan in het gemeenteblad. 2.De regeling geldt voor onbepaalde tijd. 3.Deze regeling wordt geëvalueerd op verzoek van tenminste twee deelnemende gemeenten, met dien verstande dat een evaluatie niet vaker plaatsvindt dan eens in de drie jaar. Het algemeen bestuur beslist over de evaluatiecriteria en legt deze ter zienswijze voor aan de raden. Het algemeen bestuur beslist over inhoud, proces en werkwijze van evaluatie.

9

Argumentatie Aangepast i.v.m. wijziging Wgr met wettelijke dynamische variant. Het geeft flexibiliteit om naar behoefte te evalueren. Tevens is de inwerkingsdatum aangepast en is kennisgeving in het gemeenteblad voldoende.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14203539/1