24029.6 - BIJLAGEN BIJ TOELICHTING Bestemmingsplan Kapelweg 18 Best
Tekst van het document
<0.20
S
1,1,1-Trichloorethaan
µg/L
<0.10
S
1,1,2-Trichloorethaan
µg/L
<0.10
S
cis 1,2-Dichlooretheen
µg/L
<0.10
Nr. Uw monsteromschrijving
1
B01-1-1 B01
Opgegeven monstermatrix
Monster nr.
Water (AS3000)
13885959
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende en geaccrediteerde verrichting S: AS SIKB erkende en geaccrediteerde verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
W: Waals Gewest erkende verrichting
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse, het Brusselse Gewest, het Waalse Gewest en door de overheid van Luxemburg.
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
2302246 Kapelweg 18 te Best Bart van de Sande
Eenheid
1
trans 1,2-Dichlooretheen
µg/L
<0.10
CKW (som)
µg/L
<1.6
Analyse
S
S
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina
Tribroommethaan
µg/L
<0.20
S
Vinylchloride
µg/L
<0.10
S
1,1-Dichlooretheen
µg/L
<0.10
S
1,2-Dichloorethenen (Som) factor 0,7
µg/L
0.14
S
1,1-Dichloorpropaan
µg/L
<0.20
S
1,2-Dichloorpropaan
µg/L
<0.20
S
1,3-Dichloorpropaan
µg/L
<0.20
Dichloorpropanen som factor 0.7
µg/L
0.42
Minerale olie (C10-C12)
µg/L
<10
Minerale olie (C12-C16)
µg/L
<10
Minerale olie (C16-C21)
µg/L
<10
Minerale olie (C21-C30)
µg/L
<15
Minerale olie (C30-C35)
µg/L
<10
Minerale olie (C35-C40)
µg/L
<10
Minerale olie totaal (C10-C40)
µg/L
<50
S
2023145023/1 10-Oct-2023 16-Oct-2023 16-Oct-2023/13:18 A,B,C 2/2
1)
Minerale olie
S
Nr. Uw monsteromschrijving
1
B01-1-1 B01
Opgegeven monstermatrix
Monster nr.
Water (AS3000)
13885959
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende en geaccrediteerde verrichting S: AS SIKB erkende en geaccrediteerde verrichting
Akkoord Pr.coörd.
V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
W: Waals Gewest erkende verrichting
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door IBAN: NL71BNPA0227924525 TÜV en erkend door het Vlaamse, het Brusselse Gewest, het BIC: BNPANL2A Waalse Gewest en door de overheid van Luxemburg. KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
VA TESTEN RvA L010
Bijlage (A) met de opgegeven deelmonsterinformatie behorende bij het analysecertificaat. 2023145023/1 Pagina 1/1 Monster nr. Barcode
13885959
Uw monsteromschrijving Boornr
Van
Tot
Uw datum monstername
Monsteromsch./Monstername ID
B01-1-1 B01
0680630277
B01
0
0
09-Oct-2023
1
0680727119
B01
0
0
09-Oct-2023
2
0801101885
B01
0
0
09-Oct-2023
3
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse, het Brusselse Gewest, het Waalse Gewest en door de overheid van Luxemburg.
Bijlage (B) met opmerkingen behorende bij analysecertificaat 2023145023/1 Pagina 1/1 Opmerking 1)
De toetswaarde van de som is gelijk aan de sommatie van 0,7*RG
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse, het Brusselse Gewest, het Waalse Gewest en door de overheid van Luxemburg.
.
Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2023145023/1 Pagina 1/1 Analyse
Methode
Techniek
Methode referentie
Barium (Ba)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Cadmium (Cd)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kobalt (Co)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Koper (Cu)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kwik (Hg)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Molybdeen (Mo)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Nikkel (Ni)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Lood (Pb)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Zink (Zn)
W0421
ICP-MS
pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2
Metalen
Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen
Aromaten (BTEX)
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Xylenen som AS3000
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Styreen
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Aromaat : Naftaleen
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen
VOCl (11)
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Tribroommethaan (Bromoform)
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
Vinylchloride
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
1,1-Dichlooretheen
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
DiClEtheen som AS3000
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
1,1-Dichloorpropaan
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
1,2-Dichloorpropaan
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
1,3-Dichloorpropaan
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
DiChlprop. som AS3000
W0254
HS-GC-MS
pb 3130-1
W0215
GC-FID
pb 3110-5
Minerale olie
Minerale olie (C10-C40)
Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie april 2022.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse, het Brusselse Gewest, het Waalse Gewest en door de overheid van Luxemburg.
Verkennend bodemonderzoek, Kapelweg 18 te Best Rapport: 2302246 versie 1, 2 november 2023
Bijlage 5 : Toetsingstabellen grond en grondwater
Tabel 1: Gemeten gehalten in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Grondmonster Certificaatcode Boring(en) Traject (m -mv) Humus Lutum Monsterconclusie
% ds % ds
MM01 2023141327 B02, B04, B06, B07, B08, B09, B10 0,00 - 0,50 2,00 2,60 Voldoet aan Achtergrondwaarde Meetw GSSD Index
GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN PCB mg/kg ds PCB 28 mg/kg ds <0,0010 PCB 52 mg/kg ds <0,0010 PCB 101 mg/kg ds <0,0010 PCB 118 mg/kg ds <0,0010 PCB 138 mg/kg ds <0,0010 PCB 153 mg/kg ds <0,0010 PCB 180 mg/kg ds <0,0010
<0,025 <0,0035 <0,0035 <0,0035 <0,0035 <0,0035 <0,0035 <0,0035
METALEN Kobalt Nikkel Koper Zink Molybdeen Cadmium Barium Kwik Lood
<6,9 <7,8 15,2 <32 <1,1 <0,24 <50 (6) <0,050 <11
OVERIG Gloeirest Droge stof Lutum Organische stof (humus)
mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds
<3,0 <4,0 7,5 <20 <1,5 <0,20 <20 <0,050 <10
% (m/m) ds % m/m % %
98 89,5 2,6 2,0
OVERIGE (ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie mg/kg ds <3,0 Minerale olie mg/kg ds <35 Minerale olie C12 - C16 mg/kg ds <5,0 Minerale olie C16 - C21 mg/kg ds <5,0 Minerale olie C21 - C30 mg/kg ds <11 Minerale olie C30 - C35 mg/kg ds 5,8 Minerale olie C35 - C40 mg/kg ds <6,0 PAK Naftaleen Anthraceen Fenanthreen Fluorantheen Chryseen Benzo(a)anthraceen Benzo(a)pyreen Benzo(k)fluorantheen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen Benzo(g,h,i)peryleen PAK
Projectcode: 2302246
mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds
<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050
MM02 2023141327 B01, B03, B11, B12, B13, B14, B15 0,00 - 0,50 2,40 2,80 Voldoet aan Achtergrondwaarde Meetw GSSD Index
0 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010
-0,05 -0,42 -0,17 -0,19 -0 -0,03
<3,0 <4,0 7,9 <20 <1,5 <0,20 <20 -0 <0,050 -0,08 10
<0,020 <0,0029 <0,0029 <0,0029 <0,0029 <0,0029 <0,0029 <0,0029
<6,8 <7,7 15,7 <32 <1,1 <0,23 <49 (6) <0,049 15
10,5 (6) <123 17,5 (6) 17,5 (6) 39 (6) 29,0 (6) 21,0 (6)
<0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,35
-0,01
<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010
-0,05 -0,42 -0,16 -0,19 -0 -0,03
3,6 <4,0 <5,0 <20 <1,5 <0,20 23 -0 <0,050 -0,07 <10
-0,03
<0,025 <0,0035 <0,0035 <0,0035 <0,0035 <0,0035 <0,0035 <0,0035
12,7 <8,2 <7,2 <33 <1,1 <0,24 89 (6) <0,050 <11
0
-0,01 -0,41 -0,22 -0,18 -0 -0,03 -0 -0,08
99
88,2 2,8 2,4
88,2
<3,0 <35 <5,0 <5,0 <11 6,0 <6,0
8,8 (6) <102 14,6 (6) 14,6 (6) 32 (6) 25,0 (6) 17,5 (6)
<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050
0,70 - 2,00 0,70 2,00 Voldoet aan Achtergrondwaarde Meetw GSSD Index
0
97 89,5
MM03 2023141327 B01, B02, B02, B03, B03
<0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,35
-0,02
88,0 <2,0 <0,7
88,0
<3,0 <35 <5,0 <5,0 <11 <5,0 <6,0
10,5 (6) <123 17,5 (6) 17,5 (6) 39 (6) 17,5 (6) 21,0 (6)
<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 -0,03
<0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,035 <0,35
-0,01
-0,03
---------< < = AW > AW <I >I 6 # GSSD Index
: Geen toetsnorm aanwezig : kleiner dan de detectielimiet : <= Achtergrondwaarde : < Tussenwaarde : Tussen tussenwaarde en interventiewaarde : > Interventiewaarde : Heeft geen normwaarde : verhoogde rapportagegrens : Gestandaardiseerde meetwaarde : (GSSD - AW) / (I - AW) - Getoetst via de BoToVa service, versie 3.1.0 -
Tabel 2: Normwaarden conform de Wet Bodembescherming AW
WO
IND
I
GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN PCB mg/kg ds
0,02
0,04
0,5
1
METALEN Kobalt Nikkel Koper Zink Molybdeen Cadmium Kwik Lood
mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds
15 35 40 140 1,5 0,6 0,15 50
35 39 54 200 88 1,2 0,83 210
190 100 190 720 190 4,3 4,8 530
190 100 190 720 190 13 36 530
OVERIGE (ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie mg/kg ds
190
190
500
5000
PAK PAK
1,5
6,8
40
40
Projectcode: 2302246
mg/kg ds
Tabel 3: Gemeten concentraties in grondwater met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Watermonster Datum Filterdiepte (m -mv) Monsterconclusie
B01-1-1 9-10-2023 Overschrijding Streefwaarde Meetw GSSD Index
AROMATISCHE VERBINDINGEN BTEX (som) µg/l Benzeen µg/l Ethylbenzeen µg/l Tolueen µg/l Xylenen µg/l meta-/para-Xyleen (som) µg/l ortho-Xyleen µg/l Styreen (Vinylbenzeen) µg/l Som 16 Aromatische µg/l oplosmiddelen
<0,90 <0,20 <0,20 <0,20 <0,20 <0,10 <0,20
GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN VOCL µg/l <1,6 1,3-Dichloorpropaan µg/l <0,20 1,1-Dichloorpropaan µg/l <0,20 Dichloorpropaan µg/l Dichloorpropanen (0,7 µg/l 0,42 som, 1,1+1,2+1,3) cis + trans-1,2µg/l Dichlooretheen 1,1-Dichlooretheen µg/l <0,10 cis-1,2-Dichlooretheen µg/l <0,10 trans-1,2-Dichlooretheen µg/l <0,10 Dichloormethaan µg/l <0,20 Trichloormethaan µg/l <0,20 (Chloroform) Tribroommethaan µg/l <0,20 (bromoform) Tetrachloormethaan µg/l <0,10 (Tetra) 1,1-Dichloorethaan µg/l <0,20 1,2-Dichloorethaan µg/l <0,20 1,2-Dichloorpropaan µg/l <0,20 1,1,1-Trichloorethaan µg/l <0,10 1,1,2-Trichloorethaan µg/l <0,10 Trichlooretheen (Tri) µg/l <0,20 Tetrachlooretheen (Per) µg/l <0,10 Vinylchloride µg/l <0,10 METALEN Kobalt Nikkel Koper Zink Molybdeen Cadmium Barium Kwik Lood
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
<2,0 <3,0 <2,0 <10 <2,0 <0,20 73 0,078 <2,0
OVERIGE (ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie µg/l <10 Minerale olie µg/l <50 Minerale olie C12 - C16 µg/l <10 Minerale olie C16 - C21 µg/l <10 Minerale olie C21 - C30 µg/l <15 Minerale olie C30 - C35 µg/l <10 Minerale olie C35 - C40 µg/l <10 PAK Naftaleen PAK
Projectcode: 2302246
µg/l -
0,022
<0,14 <0,14 <0,14 <0,21 <0,14 <0,07 <0,14 <0,77 (2,14)
-0 -0,03 -0,01 0
-0,02
<0,14 <0,14 <0,42
-0
<0,14
0,01
<0,07 <0,07 <0,07 <0,14 <0,14
0,01
0 -0,01
<0,14 (14) <0,07
0,01
<0,14 <0,14 <0,14 <0,07 <0,07 <0,14 <0,07 <0,07
-0,01 -0,02
<1,4 <2,1 <1,4 <7 <1,4 <0,14 73 0,078 <1,4
-0,23 -0,22 -0,23 -0,08 -0,01 -0,05 0,04 0,11 -0,23
7 (6) <35 7 (6) 7 (6) 11 (6) 7 (6) 7 (6)
0,022 0,00031 (11)
0 0 -0,05 0 0,01
-0,03
0
---------< <=S >S >T >I 11 14 2 6 # GSSD Index
: Geen toetsnorm aanwezig : kleiner dan de detectielimiet : <= Streefwaarde : > Streefwaarde : > Tussenwaarde : > Interventiewaarde : Enkele parameters ontbreken in de berekening van de somfractie : Streefwaarde ontbreekt zorgplicht van toepassing : Enkele parameters ontbreken in de som : Heeft geen normwaarde : verhoogde rapportagegrens : Gestandaardiseerde meetwaarde : (GSSD - S) / (I - S) - Getoetst via de BoToVa service, versie 3.1.0 -
Tabel 4: Normwaarden conform de Wet Bodembescherming S AROMATISCHE VERBINDINGEN Benzeen Ethylbenzeen Tolueen Xylenen Styreen (Vinylbenzeen) Som 16 Aromatische oplosmiddelen
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN Dichloorpropaan µg/l cis + trans-1,2-Dichlooretheen µg/l 1,1-Dichlooretheen µg/l Dichloormethaan µg/l Trichloormethaan (Chloroform) µg/l Tribroommethaan (bromoform) µg/l Tetrachloormethaan (Tetra) µg/l 1,1-Dichloorethaan µg/l 1,2-Dichloorethaan µg/l 1,1,1-Trichloorethaan µg/l 1,1,2-Trichloorethaan µg/l Trichlooretheen (Tri) µg/l Tetrachlooretheen (Per) µg/l Vinylchloride µg/l METALEN Kobalt Nikkel Koper Zink Molybdeen Cadmium Barium Kwik Lood
S Diep
Indicatief
0,2 4 7 0,2 6
I
30 150 1000 70 300 150
0,8 0,01 0,01 0,01 6
80 20 10 1000 400 630 10 900 400 300 130 500 40 5
0,01 7 7 0,01 0,01 24 0,01 0,01
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
20 15 15 65 5 0,4 50 0,05 15
OVERIGE (ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie µg/l
50
600
0,01
70
PAK Naftaleen
Projectcode: 2302246
µg/l
0,7 2,1 1,3 24 3,6 0,06 200 0,01 1,7
100 75 75 800 300 6 625 0,3 75
Bijlage 2
"'OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST - BRABANT
MEMO aan
Henk jan ss en en Toine Baudoin
van
Ralf van Beek
datum
9 december 2014
collegiale toets afschrift project nr.
209837
onderwerp
Akoestisch onderzoek toekomstige situatie Alruco Kapelweg 18
1
Algemeen
Naar aanleiding van het overleg op 8 september jl. tussen de gemeente Best en Alruco heeft Alruco een toekomstplaatje gemaakt van zijn bedrijfssituatie. Dit met de doelstelling in het bedrijf toekomstbestendig te maken en de geluidcontour van het bedrijf zodanig aan te passen zodat deze geen tot nagenoeg geen belemmeringen meer oplevert voor woningbouw in bestemmingsplan Aarle. Naar aanleiding van de afspraken in het overleg van 8 september zijn 3 situaties verder uitgewerkt. Onderstaand zijn deze situaties besproken.
pagina 1 van 2 5
OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST -BRABANT
2
Uitgangspunten
2.1
Uitgangspunten situatie 1: Nieuwe hal en ongewijzigde bedrijfsuren
In de toekomstige situatie zullen een aantal bedrijfsactiviteiten verplaatst worden en zal er een nieuwe werkplaats gebouwd gaan worden. De insteek van het plan is dat de activiteiten die nu nog buiten plaats vinden zo veel als mogelijk binnen plaatsvinden en dat de gebouwen een afschermende werking zullen hebben . In deze memo zullen de uitgangspunten van de nieuwe situatie en berekeningsresultaten worden weergegeven. In onderstaande figuur 1 is een schets van deze toekomstige situatie opgenomen zoals opgesteld door Alruco. , nuur 5.5 111 1 huog
~ - ; ~t
4- ,t-l•j
P ~ ~ u ~ :·· - J ~ kJ cn it ~:e, -L
.(-L~
-:r·
r r.---rL-
- J.-4Lfj;
.;~
., , ~ , ~ ...-.'
t
.
~Jrotn
']t Ot/\
:
.
-
ctoorsntd.J C·D - - -
Al r uco Serbou~-Kap
l .,eg
18 -5684 NT· Best
Onder.deel : Ontwerp toekoms ti ge ui t br o lding d.d.2,5_scptember 2014
blad 2-2
Fig uur I : toekoms tige situatie Alr uco
In onderstaande tabel zijn de uitgangspuntenjbedrijfsduren opgenomen zoals die opgegeven zijn voor de representatieve bedrijfssituatie voor de huidige situatie .
pagina 2 van 2 5
"'OMGEVINGSDI EN ST ZUIDOOST -BRABANT
Tabel I Uitgangspunten conform RBS opgave Alruco
Bron
Aantal
Aantal
Aantal
bewegingen/tijd
bewegingen/tijd
bewegingen/tijd
(dagperiode 07.00-
(avondperiode 19.00-
(nachtperiode 23.00-
19.00 uur)
23.00 uur)
07.00 uur)
28 bewegingen
10 bewegingen
10 bewegingen
12 bewegingen
-
-
Bestelauto's
16 bewegingen
-
-
Vrachtauto's
16 bewegingen
-
-
Personenauto Personeel I bezoekers Personenauto Bezoekers
4 uur
1 uur
1 uur
Hogedrukreiniger
3 uur
0,5 uur
-
Wisselen container
12,5 minuut
-
-
Rijden heftruck
Hierbij kan opgemerkt worden dat in de huidige bedrijfsvoering vanwege het feit dat vrachtwagens geen toegang hebben tot het terrein van de inrichting waardoor het lossen van de vrachtauto's met heftruck plaats vind. Hierdoor zijn er relatief veel heftruck bewegingen over het hele terrein van de inrichting. Met de nieuwe/toekomstige inrichting wordt ten opzicht van de huidige situatie rekening gehouden met de volgende wijzigingen: Opslag en slijpen op het buiten terrein is komen te vervallen. Compressor van spuitruimte is zowel in de bestaande als nieuwe situatie niet meegenomen. Het uitgangspunt is dat de compressor in de nieuwe situatie zodanig gerealiseerd kan worden dat deze compressor geen geluiduitstraling naar de omgeving meer heeft. In de nieuwe situatie is uitgegaan dat alle werkzaamheden plaatsvinden met een dichte deur. De bestaande inrit wordt verplaatst. Deze zal meer richting de bedrijfswoning worden verplaatst. Rekenresultaten Rekening houdende met bovenstaande uitgangspunten zijn een aantal berekeningen uitgevoerd. Onderstaand zijn de situaties beschreven: Nieuwe situatie 1,5m excl. Scherm/tuinmuur aan westzijde 2m Nieuwe situatie 4,5m excl. Scherm/tuinmuur aan westzijde 2m Nieuwe situatie 7,5m excl. Scherm/ tuinmuur aan westzijde 2m Nieuwe situatie 1,5m incl. scherm/ tuinmuur aan westzijde 2m Nieuwe situatie 4,5m incl.
scherm/ tuinmuur aan westzijde 2m Nieuwe situatie 7,5m incl. scherm/ tuinmuur aan westzijde 2m. Nieuwe situatie 4,5m excl. scherm en excl. heftruck nachtperiode Woning Kapelweg 20
Tevens is er een toetspunt neergelegd op woning Kapelweg 20 met een waarneemhoogte 1,5 en 4,5 meter. In de onderstaande tabellen 2 en 3 zijn de resultaten weergegeven exclusief en inclusief scherm van 2 meter.
pagina 3 van 25
"'OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST -BRABANT
Tabel 2 rekenresultaten Kapelweg 20 exclusief scherm 2 m op erfgrens Hoogte
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
letmaal
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A)
Kapelweq 20
1,5 m
40,9
32,9
29,6
40,9
Kapelweg 20
4,5 m
45,1
39,9
36,6
46,6
Tabel 3: rekenresultaten Kapelweg 20 inclusief scherm 2 m op erfgrens Hoogte
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
letmaal
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A)
Kapelweq 20
1,5 m
37,7
32,6
29,3
39,3
Kap_elweg 20
4,5 m
45,1
39,9
36,6
46,6
Uit de berekeningsresultaten blijkt dat er niet wordt voldaan aan de 45 dB(A) etmaalwaarde op de Kapelweg 20 op 4,5 meter. De oorzaak is het rijden van de heftruck in de nachtperiode. Indien het rijden van de heftruck niet meer plaatsvindt in de nachtperiode kan worden voldaan aan de 45 dB(A) etmaalwaarde. In tabel 4 zijn de berekeningsresultaten weergegeven .
Tabel 4: rekenresultaten Kapelweg 20 inclusief scherm 2 m op erfgrens zonder heftruck in de nacht Hoogte
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
letmaal
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A
Kapelweg 20
1,5 m
40,9
32,9
19,6
40,9
Kapelweg 20
4,5 m
45,1
39,9
22,4
45,1
In bijlage 1 zijn de invoergegevens weergegeven. In bijlage 2 is de 45 dB(A) etmaalwaarde contour per situatie weergeven (figuren 1 t/m 7).
pagina 4 van 25
"'OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST -BRABANT 2.2
Uitgangspunten situatie 2: Gewijzigde uitgangspunten vervoersbewegingen en heftruck
Tijdens het overleg zijn tevens van een aantal bronnen de uitgangspunten besproken die wijzigen in de toekomstige situatie. In onderstaande tabel zijn deze opgenomen. Uit de berekeningen blijkt dat met name de heftruck bewegingen van belang zijn. Omdat de inrit in de toekomstige situatie gewijzigd is waardoor er minder heftruck bewegingen noodzakelijk zijn, zijn in overleg de onderstaande uitgangspunten gehanteerd. Bron
Aantal
Aantal
Aantal
bewegingen/tijd
bewegingen/tijd
bewegingen/tijd
(dagperiode 07.00-
(avondperiode 19.00-
(nachtperiode 23.00-
19.00 uur)
23.00 uur)
07.00 uur)
18 bewegingen
-
-
12 bewegingen
-
-
Bestelauto's
16 bewegingen
-
-
Vrachtauto's
10 bewegingen
-
-
Personenauto Personeel I bezoekers Personenauto Bezoekers
Rijden heftruck
20 minuten
-
-
Hogedrukreiniger
3 uur
0,5 uur
-
Wisselen container
12,5 minuut
-
-
Opslag en slijpen op het buiten terrein is komen te vervallen. Compressor van spuitruimte is zowel in de bestaande als nieuwe situatie niet meegenomen. Het uitgangspunt is dat de compressor in de nieuwe situatie zodanig gerealiseerd kan worden dat deze compressor geen geluiduitstraling naar de omgeving meer heeft. In de nieuwe situatie is uitgegaan dat alle werkzaamheden plaatsvinden met een dichte deur. De bestaande inrit wordt verplaatst. Deze zal meer richting de bedrijfswoning worden verplaatst. De woning Kapelweg 20 is in aangepaste vorm meegenomen in de berekeningen. De bedoeling is dat er een aantal bijgebouwen gesloopt zullen worden. Ook hier is in de berekeningen alvast rekening mee gehouden. Hogedrukreiniger wordt binnen geplaatst uitgegaan is van een bronvermogen op het buitenterrein van 68 dB(A) vanwege het gebruik van de spuitlans .
pagina 5 van 25
OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST -BRABANT Berekeningsresultaten
In onderstaande tabel zijn de rekenresultaten opgenomen rekening houdende met de gewijzigde uitgangspunten zoals in bovenstaande paragraaf beschreven. Tabel 5: Kapelweg 20 exclusief scherm 2m Hoogte
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
letmaal
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A
KajJ_elweg 20 lg
1,5 m
40,8
1,5
--
40,8
Kapelweg 20 lg
4,5 m
43,8
6,6
43,8 42,4
Kapelweg 20 ag
1,5 m
39,1
9,0
---
Kapelweg 20 ag
4,5 m
42,4
11,0
--
In bijlage 3 is de 45 dB(A) etmaalwaarde contour op 4,5 meter weergegeven (figuur 8).
pagina 6 van 2 5
39,1
"OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST -BRABANT 2.3
Uitgangspunten situatie 3: Berekeningen maximale aantal bewegingen mobiele bronnen en bedrijfsduur heftruck
Uit paragraaf 2.2 blijkt dat met de gewijzigde uitgangspunten zoals omschreven in situatie 2 ter hoogte van de meest relevante woning (Kapelweg 20) voldoet aan de grenswaarde van 45 dB(A) etmaalwaarde en de contour niet over het plangebied Aarle loopt. In onderstaande tabel zijn de uitgangspunten opgenomen waarbij de vervoersbewegingen en heftruck bewegingen ook in de avond en nachtperiode plaatsvinden .
Tabel 6: Maxima le invulling heftruck en voertuigbewegingen in de avond- en nachtperiode Bron
Aantal
Aantal
Aantal
bewegingen/tijd
bewegingen/tijd
bewegingen/tijd
(dagperiode 07.00-
(avondperiode 19.00-
(nachtperiode 23.00-
19.00 uur)
23.00 uur)
07.00 uur)
18 bewegingen
10 bewegingen
10 bewegingen
12 bewegingen
-
-
Bestelauto's
16 bewegingen
-
-
Vrachtauto's
10 bewegingen
-
-
90 minuten
15 min
10 min
3 uur
0,5 uur
-
12,5 minuut
-
-
Personenauto Personeel I bezoekers Personenauto Bezoekers
Rijden heftruck H~gedrukin
Wisselen container
Opslag en slijpen op het buiten terrein is komen te vervallen . Compressor van spuitruimte is zowel in de bestaande als nieuwe situatie niet meegenomen. Het uitgangspunt is dat de compressor in de nieuwe situatie zodanig gerealiseerd kan worden dat deze compressor geen geluiduitstraling naar de omgeving meer heeft. In de nieuwe situatie is uitgegaan dat alle werkzaamheden plaatsvinden met een dichte deur. De bestaande inrit wordt verplaatst. Deze zal meer richting de bedrijfswoning worden verplaatst. De woning Kapelweg 20 is in aangepaste vorm meegenomen in de berekeningen. De bedoeling is dat er een aantal bijgebouwen gesloopt zullen worden . Ook hier is in de berekeningen alvast rekening mee gehouden. Hogedrukreiniger wordt binnen geplaatst uitgegaan is van een bronvermogen op het buitenterrein van 68 dB(A).
pagina 7 van 25
OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST -BRABANT Berekening sresultaten In onderstaande tabel zijn de rekenresultaten opgenomen rekening houdende met de gewijzigde uitgangspunten zoals in bovenstaande paragraaf beschreven. Tabel 7: Kapelweg 20 exclusief scherm en maximale belasting Hoogte
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
Letmaal
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A)
in dB(A
Kapelweg 20 lg
1,5 m
42,4
36,6
31,9
42,4
Kapelweq 20 lq
4,5 m
45,4
38,8
34,2
45,4
Kapelweq 2 0 ag
1,5 m
42,3
36,8
32,1
42,3
Kapelweg 20 ag
4,5 m
45,2
39,1
34,5
45,2
In bijlage 4 is de 45 dB(A) etmaalwaarde contour op 4,5 meter weergegeven (figuur 9).
pagina 8 van 25
"'OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST -BRABANT Bijlage 1
pagina 9 van 25
Kapelweg 18 - 4,5m 1 dec 2014, 13:52
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant Detail puntbron
JP7
Mobiele bron Puntbron Toetspunt Bodemgebied
/
Gebouw
39 1500
...
/
Scherm Hoogtelijn Ad respunt Hulppunt
/ J PS schaal = 1 : 1507
TP8
Q
/
391400
/
JP9 \
JP10 .. TP2
0
0
39 1300
D 39 1200
153600 153700 lnduslrielawaai - IL. [versie van Nie uwe situalie Alru co Kapelweg 18- Kapelweg 18- 4,5mJ. Geomilleu V2.60
Situatie ligging mobiele bronnen en puntbronnen
pagina 10 van 25
153800
OmgeVing sdienst Zuidoost-Brabant
Invoergegevens Mobiele bronnen Bïla e 1 M01.le:l:
KapeNYeg 18- 4,5tn
Greep:
(hc1d~!ep)
Naam 015 k18 013)18 014_k18 01S_k18
Otnschr.
ISOH
Hdet
Persont:nautc-':<> {KapeMre..g 18) Vrachtauto- (Kap et#~ 18) BeEtelautc's {Kflpet.ve_g 1B) Perscnenàutc's (KapetN'l:g1 B)
0.75 0.75 0.75 0,75
ReJatief
n
JO.I!Il
Relatief Re:!atief
15 16 lil
28,94 19,29 16.40
Uj~vdn
Mcbh::h: bron, \toor n::kenme.1hode lnJustnelawaai ~ IL
Rdatfef
A•~tai(DI
Aa~t•I()
Aantal("»
10
10
Cb(DI
Cb(~l
Cb(N)
15,10
29,11
Geomilleu V2.60
Gz:rn.~elhi
~'la}:.f;rt_
10 10 10 10
10,00 10,00 10,00 10,00
t:.v 500
Lw1k
75.40
82.00 100.80 87,80 82,00
Uv.11 S1.9C· 0,00
Lw 5l 51,40 87,90
~2,10
~4.50 93.~0
so.cm
54,20
51.90
61,40
62,50 500
79.30 74.20
84,70 75.40
Lw12S EOO
lw2SO 74.20
2-12-201415:48:42
pagina 11 van 25
Invoergegevens Mobiele bronnen Bïla e 1 Modd
Kapet.ve,g 16- 4,Stn (hotdgrC~:J)
Greep:
Uj:ilt V<ili Mobide bron, voor reknm~od:
01S_k16 013_k16 014_k16 015_k1B
Omge\1ngsdienst Zuidoost-Brabant
lndustrirlawa:àl -ll
Lw Bk
LwTota:a:l
72JO
64,00
92,80 79,20
85,70
72.70
64,00
85.29 104,82 91,77 85,29
Lw2k
Lw4k
7~.50
99.JO Bo.JO 79.50
68,40
Geomilieu V2.60
2·12-201415:48:42
pagina 12 van 25
Omgeving sdienst Zuidoost-Brabant
Invoergegevens Puntbronnen Bi"Ja e1 Model:
Glo-t::p:
Kape:Wen 1B ~ 4.Stn (hoftJg:rc~p)
Uj<:( v~:n
Puntbronnen, veer rekcnrnethcde lndu:O(Jii:I13Wifai · !L
Na<~ln
Otnschr
K1B_DC9 COS_k18 K18(h•ftr) K1B(h•ftr) K1B(h•ftr)
Hogedrukrein(ger [Kêf!H::tNr:J;J 18) Wssr::lt:n cnt<~ie:r Riden heftruck (Kapdweg 18)
Riden lu:ftruck (Kapelw-eg18) Riden heftfuck (Kapelwt:{l 18)
K1Bin•itr)
Rid~:n
1.00
heftmek {Kápelweg 18)
Cb(N)
Lw31
lw53
10.7~
12,04 12.04 11.04
1S.C5 15,05 15,05
64,20 8D,30 80,30 80.30
Lw125 74.JO 82,50 87,70 87.70 87,70
Lw2SO
Sl.M 59.30 66.60 68.50 56.60
10,79
12.04
1S.C5
66.60
en.Jo
87,70
86.10
Cb(D)
Cb(A)
5.0~
9.03
Hdt:f. Relatief Relatief
Typ• h!Dftnah: puntbro-n Nefma:le puntbro-n
Re!<~tid
Meunale puntbron
l,DO
Relatief Rdatief
NcHnale puntbren Ncnna!e puntbren
10,7~
1.00
Relatief
hlcttnale puntbron
Hoogte
1.00 1,00 1,00
17.78 1D,79
65.~0
78.00 82,00 BS,10 85,10 86,10
Lw1k Bil,70
Lw 1k
83,20
87.20
85,9(}
87,50
~0.4
~0.8D
9l50
~4.80
92;50 91.50
~4.80
92;10 9l10
94,80
~2;10
90.?0 85.30 85.30 85,30
92,SO
94,sn
9l10
85,30
lw500
Lw4k
l:.vl!k 83,40
Lw Totaal ~2.9
8~30
96,67
79,50
99,01
7~.50
~9.01 7~.50
99.D1
79.50
99,01
2·12-201415:5·1:13
Geomilieu V2.60
pagina 13 van 2 5
OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST -BRABANT
Bijlage 2
pagina 14 van 25
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
Kapelweg 18 - 1,5m
1 dec 2014, 13:48
• >I<
a
Detail puntbron
Mobiele bron Puntbron Toetspunt Bodemgebied Gebouw
391500
...
/
periode:
/
Schenm Hoogtelijn Adrespunt Hulppunt Etmaalwaarde 45dB(A)
a
or
/.
~ schaal= 1 : 1507
/
/ ''>1400
/
391300
Oo45
0
D
0
391200
153600 153700 lnduslrielawaal · ll . [versie van Nieuwe situatie Alruco Kapelweg 18- Kapelweg 18 · 1,5m] . Geomilieu V2.60
Figuur 1
pagina 15 van 25
t 53800
60im
Kapelweg 18 - 4,5m 1 dec 2014, 13:52
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
• ,f
/
a
39 1500
...
/
periode:
/
Detail puntbron Mobiele bron Puntbron Toetspunt Bodemgebied Gebouw Schenm Hoogtelijn Adrespunt Hulppunt Eun
a~•1rde
45dB(A) Q
or
~
60im
schaal= 1 : 1507
/
( 391400
391300
391200
153600 Industrielawaai· ll. [versie van Nieuwe siluatie Alruco Kape~·1g
153700 18 • Kapelweg 18 . 4,5m). Geomilieu V2.60
Figuur 2
pagina 16 van 25
153800
Kapelweg 18 - 7,Sm 1 dec 2014, 13:54
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant •
Detail puntbron
Mobiele bron Puntbron
/
q
Toetspunt Bodemgebied Gebouw
39 1500
Scherm Hoogtelijn
/
Adrespunt Hulppunt periode:
/
E tma~
·1ar
de
45 dB(Al
schaal = 1 : 1507
391400
391300
D 391200
153600 Industrielawaai- IL, [versie van Nieuwe situatie Alruco Kape~vg
153700
18- Kapelweg 18- 7,5m), Geomilieu V2 .60
Figuur 3
pagina 17 van 2 5
153800
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
Kapelweg 18- 1,5m incl. scherm 2m 1 dec 2014, 13:56
Detail puntbron
•
Mobiele bron Puntbron
/
Toetspunt Bodemgebied Gebouw
391500
... periode:
/
Scherm Hoogtelijn AdreSPIJn t Hulppunt Etmaalwaarde 45dB(A)
schaal= 1 : 1507
391400
/
391300
-0
0
CJ 391200
153600 Industrielawaai - IL. [versie van Nieuwe situatie Alruco Kape~•1g
153700
153800
18- Kapelweg 18 -1 ,Sm Incl. scherm 2m]. Geon~liu
Figuur 4
pagina 18 van 25
V2.60
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
Kapelweg 18 - 4,5m incl. scherm 2m 1 dec 2014, 13:58
•
Detail puntbron
Mobiele bron Puntbron
/
Toetspunt Bodemgebied Gebouw
39 1500
...
/
Adrespo.mt Hulpputlt
periode :
/
Etmaah•1aarde 45 dB(AJ
391400
391300
D 391200
153600
Scherm Hoogtelijn
153700
Industrielawaai- IL . [versie van Nieuwe situatie Alruco Kapelweg 18 - Kapelweg 18 - 4,5m Incl. scherm 2ml , Geomilleu V2.60
Figuur 5
pagina 19 van 25
153800
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
Kapelweg 18- 7,5m incl. scherm 2m 1 dec 2014, 13:59
•
*
/
Detail puntbron
Mobiele bron Puntbron Toetspunt Bodemgebied
Gebouw
39 1500
...
/
Scherm Hoogtel ij~ Adrespont Hulp
periode:
/
~ t
Etmaalwaarde 45d8(A)
Q
or
~ schaal= 1 : 1507
391400
391300
391200
153600 Industrielawaai- ll. [versie van Nieuwe situatie Alruco Kape~vg
153700 18 - Kapelweg 18 - 7,5m incl. scherm 2m), Geomilieu V2.60
Figuur 6
pagina 20 van 25
153800
60i m
Kapelweg 18 - 4,5m excl scherm en excl rijden heftruck nacht 1 dec 2014, 13:52
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant •
Detail puntbron
Mobiele bron Puntbron Toetspunt Bodemgebied Gebouw Schenn Hoogtelijn Adrespun t Hulppun t
/ 391500
/
Etm aalwaarde
periode:
/
45dB{A)
schal~
_ _, 1400
391300
391200
153600 153700 153800 Industrielawaai- IL. [versie van Nieuwe situatie Alruco Kapeh•teg 18- Kapelweg 18- 4,5m excl. scherm en excl hertruck nacht], Geomilieu V2.60
Figuur 7
pagina 21 van 25
1 : 1507
(
"'OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST - BRABANT Bijlage 3
pagina 22 van 25
.
'
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
Kapelweg 18- 4,5m Naar aanleiding gesprek Alruco 8 september 8 dec 2014, 13:52
• ,f <:!
/
Detail puntbron Mobiele bron Puntbron Toetspunt Bodemgebied Gebouw
391500
Scherm Hoogtelijn
/
.... periode :
/
Ad respunt Hulppunt Etmaalwaarde 45dB(A)
LLf
Q
oç Q
schaal= 1 : 1507
/
/ 391400
/
0
391300
______
,
60im
-~ _.~-
-----------
45
0
391200
153600 Industrielawaai- IL. [versie van Nieuwe situalle Alruco Kap e~"g
153700 18_1ncl nw woning- Kapelweg 16- 4,5m_gesprek Alruco]. Geomilieu V2 .60
Figuur 8
pagina 23 van 25
153800
"'OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST - BRABANT Bijlage 4
pag ina 24 van 2 5
Kapelweg 18 - 4,5m Maximale belasting 8 dec 2014, 13:52
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
•
*
Detail puntbron
Mobiele bron Puntbron Toetspunt Bodemgebied Gebouw
391500
Scherm Hoogtelijn
/
Ad respunt Hulppunt periode:
/
Etmaalwaarde 45dB(A)
Q
or 0
LLr 60im schaal= 1 : 1507
/
/ 391400
/
0
0
391300
--------------\]
391200
153600 153700 153800 Industrielawaai · ll. [versie van Nieuwe situatie Alruco KapeK•1eg 18_incl nwwoning • Kapelweg 18 • 4,5m_gesprek Alruco_max henruck_incl nachperiode] , Geomilleu V2.60
Figuur 9
pagina 25 van 25
Bijlage 3
Transect-rapport 4340 Best, Kapelweg 18 Gemeente Best (NB) Een Archeologisch Inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase
Overijsselhaven 127 3433 PH Nieuwegein
Auteur
I. Korver
Versie
Versie 1.1
Datum
27-09-2022
Projectnummer
22070075
Onderzoeksmelding
5296334100
Opdrachtgever
Jonkers Advies
Uitvoerder
Transect b.v.
T: 030-7620705 E: informatie@transect.nl
Overijsselhaven 127 3433 PH Nieuwegein Veldonderzoek
T. Nales (Senior KNA Prospector) I. Korver
Bevoegde overheid
Gemeente Best
Adviseur namens bevoegde overheid Toetsing rapport bevoegde overheid
Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) Nog ter beoordeling
Beheer en plaats documentatie
Transect b.v., Nieuwegein Foto van het plangebied ten tijde van het veldonderzoek (28-09-2022)
Omslagafbeelding
Autorisatie Naam Drs. T. Nales Senior KNA Prospector
Datum 05-10-2022
Paraaf
ISSN: 2211-7067
© Transect b.v., Nieuwegein Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Transect aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek.
Overijsselhaven 127 3433 PH Nieuwegein
T: 030-7620705 E: informatie@transect.nl
Samenvatting In opdracht van Jonkers Advies heeft Transect b.v. in september/oktober 2022 een archeologisch Inventariserend veldonderzoek (IVO) verkennende fase uitgevoerd in een plangebied aan de Kapelweg 18 in Best (gemeente Best). De aanleiding van het onderzoek vormt een ruimtelijke procedure, waarbij men nieuwe bedrijfspanden wil realiseren in het plangebied. Volgens het vigerende bestemmingsplan ‘Buitengebied Best’ uit 2021 geldt voor het plangebied een Waarde – archeologie 4 (bijlage 7). Hiervoor geldt dat bij bodemingrepen van 500 m 2 en die dieper reiken dan 30 cm -Mv een archeologische onderzoeksplicht geldt. Vanwege de omvang van het plangebied (circa 8000 m2) is een archeologisch onderzoek noodzakelijk. Op de gemeentelijke verwachtingskaart geldt voor het plangebied een hoge archeologische verwachting op de aanwezigheid van archeologische resten. Deze resten kunnen in principe dateren vanaf het Laat-Paleolithicum tot in de Nieuwe Tijd. Op basis van omringend onderzoek wordt verwacht dat er zich in het plangebied een behoudenswaardige archeologische vindplaats uit de MiddenBronstijd – IJzertijd bevindt (Bink, 2010; Tol e.a., 2017). Tevens zijn er sporen van landgebruik uit de Late Middeleeuwen – Nieuwe Tijd aangetroffen, die zich mogelijk voortzetten binnen het plangebied.
Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen en waar mogelijk bijstellen van de gespecificeerde archeologische verwachting, door het verzamelen van informatie over de feitelijke bodemopbouw, bodemreliëf en bodemintactheid in het plangebied. Tijdens het veldonderzoek is vastgesteld dat de bodemopbouw binnen het plangebied archeologisch intact is. Zodoende zal de vindplaats die verwacht wordt ook intact zijn, in de top van het zand zullen grondsporen van bewoning aanwezig kunnen zijn. Deze archeologische resten worden binnen het plangebied op een diepte van 75 – 105 cm -Mv (14,6 – 15,05 m +NAP) verwacht. Er geldt een archeologische waarde binnen het noorden van het plangebied voor de periode Bronstijd – IJzertijd. Tevens kunnen sporen en vondsten uit de Late Middeleeuwen en/of Nieuwe Tijd zich in het oudbouwlanddek bevinden. Zodoende worden er ook archeologische resten vanaf de bouwvoor (30 – 50 cm -Mv) verwacht. Op grond van onderhavig onderzoek is sprake van een middelhoge archeologische verwachting op resten uit de periode Mesolithicum – Vroeg Neolithicum en een hoge archeologische verwachting op resten uit de periode Laat Neolithicum – Nieuwe Tijd. Advies In het plangebied bestaat het voornemen om nieuwe bedrijfsbebouwing te realiseren. Hiervoor wordt een deel van de huidige bebouwing gesloopt (300 m2).
De nieuwe bebouwing krijgt een oppervlakte van circa 1570 m2. Tevens wordt een gedeelte omgezet in parkeerplaatsen (circa 400 m2). Bovendien vormt waarschijnlijk de (fundering van de) huidige bebouwing de enig mogelijke verstoring binnen het plangebied. In het onderzochte gebied is echter een middelhoge tot hoge verwachting op het aantreffen van intacte archeologische resten vastgesteld. Aangezien deze vanaf 30 cm -Mv aangetroffen kunnen worden is het zeer waarschijnlijk dat bij de voorgenomen ingrepen intacte archeologische resten verstoord zullen worden. In het kader van een bestemmingsplanwijziging is het advies tweeledig. Daar waar de bodemingrepen plaats gaan vinden, adviseren wij tot een vervolgonderzoek, te weten een opgraving. Voor een dergelijk gravend onderzoek geldt dat een Programma van Eisen (PvE) noodzakelijk is dat door de gemeente beoordeeld en goedgekeurd is. In het zuiden van het plangebied adviseren wij tot opname van een dubbelbestemming archeologie (circa 3100 m2). Wij adviseren om de huidige bouwregels te behouden in het nieuwe
bestemmingsplan. De reden hiervoor is dat hier geen bodemingrepen zijn gepland, waardoor archeologisch onderzoek in dit stadium niet benodigd is. Indien er hier wel bodemingrepen voorzien zijn die de onderzoeksgrenzen overschrijden (500 m2 en dieper dan 30 cm -Mv), wordt ook hier vervolgonderzoek geadviseerd. Bovenstaande vormt een advies. Op grond van de resultaten van het rapport en het advies zal het bevoegd gezag (de gemeente Best) een besluit nemen over de daadwerkelijke omgang met eventueel aanwezige archeologische waarden binnen het plangebied.
Inhoud 1.
Aanleiding.............................................................................................................................. 7
2.
Aard en doel van het archeologisch vooronderzoek ............................................................. 8
3.
Afbakening van het plan- en onderzoeksgebied ................................................................... 9
4.
Planvorming en consequenties toekomstig gebruik ........................................................... 11
5.
Beleidskader ........................................................................................................................ 12
6.
Achtergrondinformatie en archeologische verwachting ..................................................... 13
7.
Werkwijze ............................................................................................................................ 15
8.
Resultaten veldonderzoek ................................................................................................... 16
9.
Beantwoording onderzoeksvragen ..................................................................................... 18
10.
Conclusies en advies............................................................................................................ 19
11.
Geraadpleegde bronnen ..................................................................................................... 20
Archeologische periode-indeling voor Nederland .............................................................. 21 Plantekening ........................................................................................................................ 22 Bekende vindplaatsen in de omgeving................................................................................ 23 Boorpuntenkaart ................................................................................................................. 24 Actueel Hoogtebestand Nederland ..................................................................................... 25 Geomorfologische kaart ...................................................................................................... 26 Bodemkaart ......................................................................................................................... 27 Beleidskaart ......................................................................................................................... 28 Advieskaart .......................................................................................................................... 30 Bijlage Boorfoto’s ................................................................................................................
31 Boorstaten ........................................................................................................................... 32
1. Aanleiding In opdracht van Jonkers Advies heeft Transect b.v.1 in september/oktober 2022 een archeologisch Inventariserend veldonderzoek (IVO) verkennende fase uitgevoerd in een plangebied aan de Kapelweg 18 in Best (gemeente Best). De aanleiding van het onderzoek vormt een ruimtelijke procedure, waarbij men nieuwe bedrijfspanden wil realiseren in het plangebied. Volgens het bestemmingsplan ‘Buitengebied Best’ uit 2021 (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) geldt voor het plangebied een Waarde – archeologie 4 (bijlage 7). Hiervoor geldt dat bij bodemingrepen van 500 m2 en die dieper reiken dan 30 cm -Mv een archeologische onderzoeksplicht geldt. Vanwege de omvang van het plangebied (circa 8000 m2) is een archeologisch onderzoek noodzakelijk. Het archeologisch vooronderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van protocol 4003 van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.1 (KNA 4.1) en het voor dit onderzoek opgestelde Plan van Aanpak (PvA; Korver, 2022).
Transect b.v. voldoet aan de eisen zoals gesteld in de kwaliteitsnorm ‘BRL SIKB 4000’, versie 4.0, en is gecertificeerd door middel van een procescertificaat. Transect b.v. is certificaathouder van de volgende protocollen: ‘KNA Protocol 4001 Programma van Eisen’, ‘KNA Protocol 4002 Bureauonderzoek’, ‘Protocol 4003 Inventariserend Veldonderzoek, variant Overig’, ‘Protocol 4003 Inventariserend Veldonderzoek, variant Proefsleuven’ en ‘Protocol 4004 Opgraven’, en staat geregistreerd bij het RCE en de SIKB.
1
7
2. Aard en doel van het archeologisch vooronderzoek Het doel van het Inventariserend Veldonderzoek (IVO) is het toetsen en vaststellen van de archeologische verwachting van het gebied. Normaliter wordt een verwachting vastgesteld op basis van een archeologisch bureauonderzoek (BO), maar aangezien in het plangebied reeds de locatie van een vindplaats (Bronstijd – IJzertijd) is vastgesteld, geldt een archeologische waarde als uitgangspunt (Bink, 2010; Tol e.a., 2017). Het huidige onderzoek betreft uitsluitend een verkennende fase. Tijdens de verkennende fase worden de bodemopbouw, bodemintactheid en bodemreliëf in kaart gebracht. Hiermee ontstaat inzicht in de landschapsvormende processen en landschappelijke eenheden uit het verleden. Op basis hiervan kan een oordeel worden gegeven over waar, wanneer en in hoeverre het gebied in het verleden geschikt was voor de mens. Het onderzoek probeert hiermee aan de hand van feitelijke informatie antwoord te geven op de volgende vragen: 1. 2. 3. 4.
Hoe heeft het plangebied oorspronkelijk in het natuurlijk landschap gelegen? Zijn er binnen de bodemopbouw archeologisch relevante bodemniveaus te onderscheiden en hoe diep liggen deze? In hoeverre zijn de archeologisch relevante bodemniveaus nog intact (verstoring, erosie, afdekkend substraat)? Wat is de archeologische waarde en/of verwachting van het plangebied en in hoeverre is deze te differentiëren in laag, middelhoog en hoog?
Het resultaat van het archeologisch vooronderzoek is dit rapport met een conclusie omtrent het risico dat eventueel aanwezige archeologische waarden in het plangebied worden verstoord als gevolg van de voorgenomen plannen. Op basis van dit rapport neemt het bevoegd gezag een beslissing in het kader van de vergunningverlening of planprocedure. Het rapport bevat waar mogelijk gegevens over de – verwachte – aan- of afwezigheid, aard, omvang, ouderdom, gaafheid, conservering en (relatieve) kwaliteit van archeologische waarden.
8
3. Afbakening van het plan- en onderzoeksgebied Plaats
Best
Toponiem
Kapelweg 18
Gemeente
Best
Provincie
Noord-Brabant
Kaartblad
51B
Perceelnummer(s)
BES00 – K – 242
Centrumcoördinaat
153.747 / 391.352
Oppervlakte plangebied
Circa 8000 m2
Het plangebied ligt aan de Kapelweg 18 te Best (gemeente Best). Het plangebied beslaat het kadastrale perceel BES00 sectie K nummer 242. De omvang van het plangebied is 8000 m2. In het zuiden wordt het plangebied begrensd door de Kapelweg en de overige grenzen van het plangebied worden gevormd door de grenzen van de aanliggende kadastrale percelen. De ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1. Ten tijde van het onderzoek is het plangebied deels bebouwd (circa 1250 m2) en deels verhard (circa 2250 m2) . Het overige gedeelte is bebost of in gebruik als grasperk (circa 4500 m2).
9
Figuur 1. Ligging van het perceel (rood omlijnd) op een topografische kaart. Bron topografische kaart: PDOK.
10
4. Planvorming en consequenties toekomstig gebruik Oppervlakte plangebied
8000 m2
Planvorming
Nieuwbouw bedrijfspanden
Omvang verstoringen
Sloop deel huidige bebouwing (300 m2) Nieuwbouw (circa 1570 m2; diepte onbekend) Aanleg parkeerplaatsen (circa 400 m2)
Bodemverstorende werkzaamheden
Graafwerkzaamheden
Diepte verstoring
Onbekend (>30 cm)
In het plangebied bestaat het voornemen om nieuwe bedrijfsbebouwing te realiseren. Hiervoor wordt een deel van de huidige bebouwing gesloopt (300 m2). De nieuwe bebouwing krijgt een oppervlakte van circa 1570 m2. Tevens wordt een gedeelte omgezet in parkeerplaatsen (circa 400 m2). Een inrichtingstekening van de toekomstige situatie is weergegeven in bijlage 2. Hieruit blijkt dat met name in het noorden ontwikkelingen zullen plaatsvinden. Om de herontwikkeling mogelijk te maken, is een bestemmingsplanwijziging nodig. De bodemingrepen zullen naar verwachting het bodemarchief en daarmee eventueel aanwezige archeologische waarden aantasten. Hoe diep de ingrepen zullen reiken is echter nog niet bekend, aangezien de technische tekeningen voor de bebouwing nog worden opgesteld.
11
5. Beleidskader Onderzoekskader
Bestemmingsplanwijziging
Beleidskader
Bestemmingsplan Buitengebied Best 2021
Onderzoeksgrens
500 m2 en 30 cm -Mv
In 1992 heeft Nederland het Europees Verdrag inzake de bescherming van het archeologisch erfgoed ondertekend; ook wel het Verdrag van Malta of Valletta genoemd, naar het eiland en de plaats waar het is ondertekend. Het Verdrag is in 1998 geratificeerd en op 1 september 2007 via de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (Wamz) geïmplementeerd. De Wamz is een wijzigingswet en omvat een wijziging van de Monumentenwet 1988, de Wet Milieubeheer, de Ontgrondingenwet en de Woningwet, op grond waarvan overheden onder andere bij bodemingrepen verplicht rekening moeten houden met het behoud van archeologische waarden. Sinds juli 2016 is het behoud en beheer van het Nederlandse erfgoed geregeld door één integrale Erfgoedwet. De omgang met archeologie in de fysieke leefomgeving zal in de nieuwe Omgevingswet worden geregeld, die in 2023 in werking zal treden. In het bestemmingsplan “Buitengebied Best 2021” heeft het plangebied Waarde – Archeologie 4 (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl). Deze waarde is gebaseerd op de gemeentelijke beleidskaart (Berkvens e.a., 2011; bijlage 8). Hierop heeft het plangebied een hoge archeologische verwachting. Bij bouwwerken en/of bodemingrepen die groter zijn dan 500 m2 én dieper reiken dan 30 cm -Mv is daarom archeologisch (voor)onderzoek noodzakelijk.
Gezien het grotere verstoringsoppervlakte en diepte betekent dat in dit geval er in het kader van de ruimtelijke procedure een archeologisch (voor)onderzoek noodzakelijk is (zie hoofdstuk 4). In het kader van de ruimtelijke procedure dient de aanvrager een rapport aan de gemeente te overleggen, waarin de archeologische waarde van het plangebied naar het oordeel van Burgemeester en Wethouders in voldoende mate is vastgesteld. Afhankelijk van de uitkomsten van het archeologisch (voor-)onderzoek dat hiervoor nodig is, kunnen aan de ontwikkeling regels worden verbonden ter behoud van belangrijke archeologische waarden. Deze kunnen bestaan uit technische aanpassingen of een veiligstellende opgraving. Het archeologisch vooronderzoek kan hiertoe worden uitgebreid met een al dan niet gecombineerd karterend en waarderend onderzoek, zodat op basis van de KNAwaarderingssystematiek een waardestelling kan worden opgemaakt.
12
6. Achtergrondinformatie en archeologische verwachting Op voorhand van onderhavig veldonderzoek heeft in het plangebied niet eerder onderzoek plaatsgevonden. In het omringende gebied echter, ook wel bekend als Best-Aarle, zijn meerdere vindplaatsen uit verscheidene perioden bekend (Bink, 2010; Tol e.a., 2017). De verwachting is dat vindplaats 11 (een vindplaats uit de Bronstijd – IJzertijd) zich voortzet in het noorden van het plangebied. Aangezien de diepte van het archeologisch niveau binnen het plangebied niet met zekerheid bekend is, is ertoe besloten om direct over te gaan tot een verkennend booronderzoek (Berkvens, 2022; d.d. 23-06-2022). Op basis van het onderzoek (en de beleidskaart) is in het noorden van het plangebied sprake van een vindplaats en in het zuiden van een hoge archeologische verwachting. Dit is gebaseerd op de volgende constateringen: 1.
2.
3.
4.
5.
Uit resultaten van de onderzoeken uit de omgeving blijken archeologische waarden vanaf de Midden-Bronstijd. Rondom het plangebied is in 2017 een opgraving uitgevoerd. Hier zijn tijdens archeologisch vooronderzoek aanwijzingen voor meerdere vindplaatsen gevonden (Bink, 2010). De dichtstbijzijnde betreft vindplaats 11, vindplaats uit de Midden-BronstijdIJzertijd. Tijdens de opgraving van deze vindplaats is op circa 40 meter afstand van het plangebied een huisplattegrond uit de Vroege IJzertijd aangetroffen met andere erfgerelateerde resten (plattegrond 214; Tol e.a., 2017). De verwachting is dat resten van deze nederzetting ook in het plangebied aanwezig kunnen zijn, indien de bodemopbouw intact is gebleven. Er zijn eveneens sporen uit de Middeleeuwen – Nieuwe Tijd aangetroffen ten noorden en ten westen. Dit betreffen met name sporen van landgebruik (Bink, 2010; Tol e.a., 2017; bijlage 3). Op de geomorfologische kaart is het plangebied gekarteerd als dekzandwelvingen (kaartcode 3L51yc, bijlage 6). Volgens het onderzoek van Tol e.a. (2017) bevindt vindplaats 11 en de directe omgeving zich op een dekzandplateau (Jong Dekzand). Dekzandwelvingen en plateaus waren vanaf het Mesolithicum een aantrekkelijke plek voor bewoning door de hogere ligging. Het maaiveld in het plangebied is relatief vlak (Actueel Hoogtebestand Nederland, versie 4, bron www.ahn.nl; bijlage 5).
Het is hoger gelegen dan het noorden en de dalvormige laagtes die van zuid naar noord lopen. Op de bodemkaart zijn er in het plangebied hoge zwarte enkeerdgronden gekarteerd (lemig fijn zand). Enkeerdgronden zijn gronden met een minstens 50 cm dik plaggendek, dat vanaf de Late Middeleeuwen is ontstaan door plaggenbemesting (De Bakker en Schelling, 1989). Dergelijke oude bouwlandgronden zijn archeologisch interessant omdat deze een oudere podzolbodem af kunnen dekken (kaartcode: zEZ23; bijlage 7; Alterra, 2019). De vochthuishouding in het plangebied wordt hoofdzakelijk bepaald door het reliëf en is weerspiegeld in de grondwatertrap. Dit is een maat voor de fluctuatie in grondwaterstanden in het plangebied. Op de bodemkaart geldt in het plangebied een grondwatertrap VI. Hierbij komt de Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand (GHG) tussen de 40 en 80 cm -Mv voor en de Gemiddeld Laagste Grondwaterstand (GLG) beneden 120 cm -Mv. Dergelijke wisselende standen zorgen ervoor dat er binnen de 120 cm -Mv geen organische resten meer worden verwacht door oxidatie. Beneden 120 cm -Mv zou dit wel kunnen. Er worden met name anorganische resten verwacht. Op historische kaarten uit het begin van de 19e eeuw is het plangebied onbebouwd en in gebruik als weiland (bron: Kadastrale Minuut (beeldbank.cultureelerfgoed.nl) en Topotijdreis (www.topotijdreis.nl); niet als kaartbeelden opgenomen).
Pas vanaf 1973 verschijnt op topografische kaarten in het zuiden van het plangebied bebouwing. Dit betreft de huidige bebouwing in het plangebied, die wordt uitgebreid vanaf de jaren ’90. Sinds 2006 is de huidige situatie aanwezig.
13
6.
Er hebben in het plangebied bodemingrepen hebben plaatsgevonden. Deze hangen samen met de aanleg van de huidige bebouwing. Volgens de Ontgrondingenkaart van Brabant hebben er geen ontgrondingen plaatsgevonden binnen het plangebied. Er zijn ook geen aanwijzingen voor verontreiniging en saneringswerkzaamheden (noordbrabant.omgevingsrapportage.nl).
Op grond van bovenstaande informatie geldt volgens de gemeentelijke verwachtingskaart een hoge verwachting. Deze informatie is aangevuld met informatie uit de omringende archeologische onderzoeken en de daarin vastgestelde waarden (Bink, 2010; Tol e.a., 2017). Op basis daarvan geldt een archeologische waarde voor de periode Midden-Bronstijd – IJzertijd, vanwege de ligging van het plangebied binnen een vastgestelde (begrensde) vindplaats. Tevens is in het plangebied sprake van een middelhoge verwachting voor de perioden Mesolihticum – Vroeg Neolithicum. Resten uit deze periode bestaan voornamelijk uit losse vondsten. De landschappelijke ligging van het plangebied en directe omgeving wordt niet als zeer aantrekkelijk worden beschouwd. Bovendien bevinden resten zich hoger in het bodemprofiel en deze niveaus zijn vaak aangetast. Men verwacht met name diepere sporen uit de latere perioden. Zodoende geldt er ook een hoge verwachting voor nederzettingssporen uit de perioden Laat Neolithicum – Nieuwe Tijd. Resten uit deze perioden bevinden zich in de top van het dekzand, vermoedelijk onder een moderne bouwvoor. Op basis van archeologisch onderzoek in de omgeving van het plangebied is dit op een diepte tussen de 30-90 cm -Mv te verwachten (Tol e.a., 2017).
Archeologische resten uit de periode Laat-Paleolithicum – Neolithicum kunnen op de randen van glooiingen zogenaamde extractiekampen, seizoensgebonden plekken waar jagers/verzamelaars gedurende een korte tijd verbleven, aanwezig zijn. Dergelijke plekken kenmerken zich door een concentratie van bekapte stukken vuursteen en (eventueel) haardkuilen. Ook kan er een cultuurlaag aanwezig zijn. Uit de latere perioden bestaat de kans op het voorkomen van erven, bestaande uit een boerderij, bijgebouwen en waterputten. Deze terreinen kunnen zich kenmerken door een aaneengesloten archeologische laag, die op grond van kleur verschilt van de oorspronkelijk aanwezige lagen of een dichte vondstconcentratie. Kortstondige bewoning, sporen van landgebruik en grafvelden zullen zich namelijk juist kenmerken door grondsporen en verkleuringen in de bodem en in veel mindere mate door de aanwezigheid van vondstmateriaal. Sporen van begraving (inhumaties of crematies) kenmerken zich hoofdzakelijk door het voorkomen van grondsporen. Afhankelijk van de periode worden ook grafgiften verwacht. Deze verwachting is met name van toepassing indien er tijdens het onderzoek sprake is van een intacte bodemopbouw, landschappelijk relevante omstandigheden en de aanwezigheid van aanwijzingen van resten. Hierom is in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd.
14
7. Werkwijze Onderzoekstrategie
Verkennend booronderzoek
Aantal boringen
5
Type boor
Edelmanboor
Boordiameter
7 cm
Maximale boordiepte
130 cm -Mv
Het doel van het veldonderzoek is het toetsen van de gespecificeerde archeologische verwachting in het plangebied. Hiertoe is in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd. De boringen zijn gebruikt om inzicht te krijgen in de bodemopbouw, de exacte landschappelijke ligging van het plangebied en de mate van intactheid ervan. In totaal zijn in het plangebied 5 boringen gezet (boring 1-5). De boringen zijn handmatig gezet met behulp van een Edelmanboor met een diameter van 7 cm, tot een diepte van maximaal 130 cm -Mv (circa 30 cm in het pleistocene substraat). De opgeboorde monsters zijn handmatig verbrokkeld, versneden en doorzocht op de aanwezigheid van archeologische indicatoren (zoals bot, aardewerk, baksteen, bewerkt vuursteen en houtskool). De boringen zijn beschreven volgens de NEN5104 en de Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode (ASB; SIKB 2008). Enkele foto’s van de boringen zijn te vinden in bijlage 9 en de beschrijvingen in bijlage 10. De boringen zijn zo gelijkmatig mogelijk verdeeld ter plaatse van de voorgenomen ontwikkelingen in het plangebied. De ligging van de boringen is opgenomen in bijlage 3. De hoogteligging ten opzichte van NAP van de boorpunten is afgeleid van het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN4).
15
8. Resultaten veldonderzoek Veldwaarnemingen Het plangebied is ten tijde van het veldonderzoek deels in gebruik als bos circa 2000 m2) en deels verhard met klinkers (circa 2500 m2). Het zuiden en midden van het plangebied is tevens bebouwd. De huidige panden bevatten geen kelders, wel is er een riool aanwezig in het centrale deel van het plangebied. Het maaiveld zelf is relatief vlak. Een overzicht van de situatie in het gebied is weergegeven in figuur 4.
Figuur 2. Foto’s van het plangebied ten tijde van het veldonderzoek (28-09-2022).
Lithologie en bodemopbouw De natuurlijke ondergrond in het plangebied bestaat uit matig tot zeer fijn zand, matig siltig zand. Tevens is het zand kalkloos en bruingeel tot lichtgrijsgeel van kleur. De top van het zand bevindt zich op 75 – 105 cm -Mv (14,6 – 15,05 m +NAP). Dit is geïnterpreteerd als (jong) dekzand. Hierin heeft bodemvorming plaatsgevonden, getuige de verweringshorizont (Bw-horizont, boring 1 en 5). Ter plaatse van boring 2 is geen verweringshorizont aangetroffen. Hier bevindt zich een begraven oude akkerlaag (Abp-horizont) bestaande uit zwak humeus, grijsbruin zand. In boring 3 en 4 ontbreekt de verweringshorizont en de oude akkerlaag. Op het dekzand ligt een matig humeus dek, dat (homogeen) bruingrijs van kleur is. Het betreft een oud-bouwlanddek. Ter plaatse van boring 3 bevat het oud-bouwlanddek lichtbruine zandbrokken en is zodoende mogelijk verstoord. De top van het esdek bevindt zich onder de bouwvoor op circa 30 – 50 cm -Mv (15,2 – 15,5 m+NAP). De bouwvoor bevindt zich of aan het maaiveld of onder de klinkers (boring 3). Archeologische indicatoren Tijdens het veldonderzoek zijn archeologische indicatoren aangetroffen. In de oude akkerlaag zijn houtskoolspikkels aangetroffen. Houtskool is een mogelijke indicator voor archeologische resten, maar zou ook door natuurlijke oorzaken aanwezig kunnen zijn.
Archeologische interpretatie Tijdens het veldonderzoek is vastgesteld dat de bodemopbouw binnen het plangebied archeologisch intact is. Zodoende zal de vindplaats die verwacht wordt ook intact zijn, in de top van het zand zullen grondsporen van bewoning aanwezig kunnen zijn. Deze archeologische resten worden binnen het plangebied op een diepte van 75 – 105 cm -Mv (14,6 – 15,05 m +NAP) verwacht. Tevens kunnen sporen en vondsten uit de Late Middeleeuwen en/of Nieuwe Tijd zich in het oud-bouwlanddek
16
bevinden. Zodoende worden er ook archeologische resten vanaf de bouwvoor (30 – 50 cm -Mv) verwacht.
17
9. Beantwoording onderzoeksvragen 1.
Hoe heeft het plangebied oorspronkelijk in het natuurlijk landschap gelegen? Het plangebied bevindt zich op een relatief vlak terrein, een dekzandplateau dat bedekt is met dekzandwelvingen. De top van deze afzettingen bestaan hierbij uit zeer tot matig fijn en matig siltig zand.
2.
Zijn er binnen de bodemopbouw archeologisch relevante bodemniveaus te onderscheiden en hoe diep liggen deze? Er is vastgesteld dat de top van het pleistocene zand intact is getuige het voorkomen van restanten van verweringshorizonten in het plangebied (Bw-horizonten). De top van het archeologisch relevante niveau ligt op een diepte van 75 – 105 cm -Mv (14,6 – 15,05 m +NAP). Tevens kunnen sporen en vondsten uit de Late Middeleeuwen en/of Nieuwe Tijd zich in het oudbouwlanddek bevinden. Zodoende worden er ook archeologische resten vanaf de bouwvoor (30 – 50 cm -Mv) verwacht.
3.
In hoeverre zijn de archeologisch relevante bodemniveaus nog intact (verstoring, erosie, afdekkend substraat)? Het archeologisch niveau is grotendeels intact. Aangezien de precieze wijze van fundering(sdiepte) van de huidige bebouwing onbekend is, vormt deze mogelijk de enige verstoring in het gebied (met name relevant voor de schuur waarvan gepland is om deze te slopen).
4.
Wat is de archeologische waarde en/of verwachting van het plangebied en in hoeverre is de verwachting te differentiëren in laag, middelhoog en hoog? Tijdens het veldonderzoek is vastgesteld dat de bodemopbouw binnen het plangebied archeologisch intact is. Zodoende zal de vindplaats die verwacht wordt ook intact zijn, in de top van het zand zullen grondsporen van bewoning aanwezig kunnen zijn. Deze archeologische resten worden binnen het plangebied op een diepte van 75 – 105 cm -Mv (14,6 – 15,05 m +NAP) verwacht. Er geldt een archeologische waarde binnen het noorden van het plangebied voor de periode Bronstijd – IJzertijd. Tevens kunnen sporen en vondsten uit de Late Middeleeuwen en/of Nieuwe Tijd zich in het oudbouwlanddek bevinden. Zodoende worden er ook archeologische resten vanaf de bouwvoor (30 – 50 cm -Mv) verwacht. Op grond van onderhavig onderzoek is sprake van een middelhoge archeologische verwachting op resten uit de periode Mesolithicum – Vroeg Neolithicum en een hoge archeologische verwachting op resten uit de periode Laat Neolithicum – Nieuwe Tijd.