24016.8a - Beantwoording technische vragen PvdA-Groenlinks over Rekenkamerrapport Armoedebeleid
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen Vragen:
Dorpsplein 2
U kunt uw vraag mailen naar raadsgriffie@gembest.nl * Postbus 50 5680 AB Best Naam + politieke partij Evi Thijssen PvdA-GroenLinks Best Raadsvoorstel/ 24016 - Rekenkamerrapport armoedebeleid T: 0499 360 375 onderwerp Vragen en Vraag 1: Bij punt 2 in de reactie van het college op het rekenkamerrapport reageert antwoorden: het college op het punt ‘Kom tot een stevigere invulling van de regierol’ dat de gemeente wanneer mogelijk de regierol moet loslaten. Ik citeer: “Door alleen te sturen op effectiviteit lopen we het risico dat we de gemeente in het middelpunt van het maatschappelijke en politieke proces plaatsen, en dat is wat we niet willen. De gemeente kan soms ook bewust alleen een faciliterende rol pakken.”
Antwoord 1:
Vraag 2:
Antwoord 2:
Vraag 3:
Antwoord 3:
Vraag 4: Antwoord 4:
Vraag 5:
Mijn vraag: Als er niet gestuurd wordt op effectiviteit, waarop dan wel? We sturen wél op effectiviteit, maar niet alléén op effectiviteit, zoals ook beschreven staat in de tekst. Puur sturen op effectiviteit is niet wenselijk, sterker nog: soms ook niet mogelijk. Daarom wordt er nu voor gekozen om in sommige gevallen een faciliterende rol te nemen. Daarnaast vraag ik me af of er concrete voorbeelden zijn waarbij de voorkeur wordt gegeven aan een faciliterende (t.o.v. Een regie-) rol. En wie heeft dit aangegeven, is dit voornamelijk de visie van het college, of komt dit ook echt voort uit partners van onderop? (In de beeldvormende sessie is aangegeven dat sommige partners niet aangestuurd willen worden, voornamelijk die uit de sociale basis – huisartsen en kerken – wellicht dat hierop wordt gedoeld met deze visie.) De voorbeelden die genoemd worden – huisartsen en kerken – zijn inderdaad de partners waarop geen regie gevoerd kan worden. Wij kunnen hier slechts faciliterend zijn. Dit geldt ook voor organisaties zoals St. Leergeld en de Voedselbank. Daarmee kunnen we samenwerken, maar we kunnen beperkt of geen regie voeren.
Hoe verhoudt een “emerging governance” visie (“omdat wij als bestuur niet van bovenaf willen arrangeren, maar beleid gaan maken dat ontstaat vanuit de praktijk van samenwerking”) in de reactie vanuit het college, zich tot die van de ambtelijke organisatie: “Zoals hierboven is aangegeven gaan wij dit thematisch vormgeven samen met alle partijen die actief zijn in de sociale basis. Mogelijk kan dit gebeuren door terugkerende thematafels te organiseren. Andere vormen van samenwerking of herhalend overleg behoren ook tot de mogelijkheden. In de samenwerking gaan we onszelf steviger in de regiefunctie zetten, waar dat kan en wanneer dat gewenst is.” ? Hoe wordt er dan bepaald wanneer er een regiefunctie ingezet dient te worden? Door het aangaan van intensievere samenwerking en overleg met onze partners willen wij als de gemeente de regierol gaan pakken waar dat mogelijk en nodig is. Hiervan kan alleen maar sprake zijn wanneer uit deze intensievere contacten blijkt dat de regiefunctie vanuit de gemeente gewenst en ook noodzakelijk is om onze doelen te bereiken. De rol van de samenwerkende partners is hierbij dus cruciaal. Bij punt 7 wordt benoemd dat er wel een monitor is, maar alleen intern. Waarom is deze niet inzichtelijk voor de raad? In het verleden waren er kwartaalmonitoren die werden gedeeld met de Raad.
Deze zijn in de loop der tijd meerdere keren anders opgezet op verzoek van de Raad en daarna waren deze niet meer wenselijk. De raad wordt via de reguliere P&C cyclus geïnformeerd. Het college geeft aan conform het advies van de Rekenkamer het 1
Beantwoording technische vragen
Antwoord 5:
Vraag 6:
Antwoord 6:
armoedebeleid in de nota ‘sociale basis’ vorm te geven. Op welke wijze gaat de gemeenteraad een besluit nemen over de nota sociale basis? In hoeverre kunnen wij kaders stellen over het nog te ontwikkelen armoedebeleid? De rol van de Raad is het vaststellen van kaders voor beleid, dit zijn de randvoorwaarden zoals het doel, de doelgroep, de looptijd en het beschikbare budget. Zoals eerder aangegeven gaan we geen apart armoedebeleid ontwikkelen. De notitie Integraal sociaal domein; beleid in uitvoering uit 2019 is vastgesteld door de Raad. De inhoud van die notitie is nog steeds geldend. De nota sociale basis is een uitwerking van het huidige beleid en wordt dus niet voorgelegd aan de Raad. Vanuit de Voedselbank wordt aangegeven dat veel mensen niet worden bereikt. Een actievere gemeentelijke rol zou helpen dit bereik te vergroten. In het rekenkamerrapport wordt een concrete actie benoemd hoe lijsten van de gebruikers van de Voedselbank naast de lijsten van de gemeente te leggen zijn binnen de privacywet naar voorbeeld in andere gemeenten. Geeft het college gehoor aan de oproep van de voedselbank? De gemeente kan alleen handelen conform de AVG. Daarnaast gaan we zoals eerder genoemd met alle partners uit Best thematafels organiseren. Eén thema zal gaan over armoede. Bij deze thematafel zitten we aan tafel met organisaties als St. Leergeld en de Voedselbank.
Eén van de doelen van een thematafel is meer samenwerking zoeken waar mogelijk. Als binnen de kaders van de AVG verdergaande samenwerking en dus het delen van gegevens tussen de gemeente en bijvoorbeeld Voedselbank mogelijk is, dan zullen we dat doen.
Meer vragen over hetzelfde onderwerp? Voeg dan rijen toe met de tab-toets.
*Als u de vragen donderdag na de beeldvormende sessie vóór 12.00 uur mailt, beantwoordt het college uw vragen uiterlijk donderdag voor de oordeelsvormende sessie.
Artikel uit 1e Wijziging Reglement van Orde gemeenteraad 2023: Artikel 3.35 – Technische vragen Technische vragen worden kort en bondig geformuleerd. Het zijn informatieve vragen die bedoeld zijn om een beter begrip van een onderwerp of geagendeerd raadsvoorstel te krijgen. Het kunnen vragen zijn over feiten, omstandigheden en de uitleg daarvan of over de feitelijke gevolgen van een besluit. 2. Technische vragen worden ingediend bij de griffie. 3. Technische vragen over geagendeerde raadsvoorstellen die zijn ingediend bij de griffie uiterlijk donderdag vóór 12.00 uur na de beeldvormende sessie, worden door het college uiterlijk donderdag voor de oordeelsvormende sessie vóór 12.00 uur beantwoord. De antwoorden van het college worden door de griffie op het raadsinformatiesysteem geplaatst bij het agendapunt van de desbetreffende sessie. 4. Bij technische vragen over een onderwerp spant het college zich in om de technische vragen zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen 7 dagen na ontvangst van de vraag, te beantwoorden. De antwoorden van het college of de burgemeester worden door de griffie op het raadsinformatiesysteem geplaatst. 1.
2