CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

24015.3 - Bijlage 1 - TOELICHTING bestemmingsplan Gaaibank

Raadsvergadering 6 mei 2024, gemeente BestBij agendapunt: 24015 - Vaststelling bestemmingsplan Gaaibank10.891 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

4.12.2

Toetsing Het plangebied is gelegen aan de Gaaijbank en wordt ontsloten middels de 'Rond de klomp' en de 'Biezentrekker' richting de Ringweg. De straten in de directe omgeving van het plangebied zijn ingericht als erftoegangswegen met een maximumsnelheid van 30 km/u.

Verkeersgeneratie In het plangebied zijn maximaal 30 appartementen voorzien. Een woning in deze wijk genereert conform het vigerende bestemmingsplan ongeveer 7 autoverplaatsingen per woning per etmaal. Het plangebied genereert daarmee maximaal 210 motorvoertuigbewegingen pet etmaal. De wijziging van het bouwvlak van de beoogde woningen heeft geen invloed op het aantal motorvoertuigbewegingen. De reeds aanwezige infrastructuur kan deze motorvoertuigbewegingen probleemloos verwerken.

Parkeren Voldoende parkeren is een randvoorwaarde voor bijna elke ruimtelijke ontwikkeling. Daarom dient getoetst te worden of er bij een bouwplan op eigen terrein in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. In het plangebied zijn maximaal 30 appartementen voorzien. Bij appartementen zullen per woning 1,4 parkeerplaatsen op eigen terrein worden gerealiseerd. Aanvullend wordt hiervoor conform de gemeentelijke norm 0,3 parkeerplaatsen per woning aangelegd in het openbaar gebied. Het plangebied dient daarmee, in het geval van 30 appartementen, te voorzien in 42 parkeerplaatsen op eigen terrein en 9 parkeerplaatsen in de openbare ruimte.

De wijziging van het bouwvlak van de beoogde woningen heeft geen invloed op het aantal woningen. Bij de ontwikkeling van de woonwijk rondom het plangebied is al rekening gehouden met de ontwikkeling in het plangebied, derhalve zijn de parkeerplaatsen in de openbare ruimte al voorzien. Bij de aanvraag omgevingsvergunning (voor de bouw) wordt getoetst aan de dan geldende parkeernormen van de gemeente Best. In de regels van het onderhavige bestemmingsplan is dit vastgelegd.

blad 30 van 37

vastgesteld bestemmingsplan Dijkstraten, appartementencomplex Gaaibank Gemeente Best Projectnummer 0466711.100

4.13

Kabels en leidingen

4.13.1

Kader De hierna volgende leidingen zijn planologisch relevant, voor zover zij geen deel uitmaken van een inrichting zoals bedoeld in de Wet milieubeheer. 1. 2. 3. 4. 5.

4.13.2

Hoogspanningsverbindingen van 50 kV en hoger; buisleidingen voor transport van aardgas met een uitwendige diameter van meer dan 50 mm en een druk van meer dan 16 bar; buisleidingen voor transport van aardolieproducten met een uitwendige diameter van meer dan 70 mm en een druk van meer dan 16 bar; buisleidingen met een diameter van 400 mm of meer buiten de bebouwde kom; buisleidingen voor transport van andere stoffen dan aardgas en aardolieproducten, die risico's met zich meebrengen voor mens en/of leefomgeving wanneer deze leidingen beschadigd raken.

Toetsing Er liggen geen planologisch relevante kabels en leidingen in de directe nabijheid van het plangebied.

4.14

Milieueffectrapportage

4.14.1

Algemeen Bepaalde activiteiten kunnen belangrijke nadelige gevolgen hebben voor het milieu, waardoor het opstellen van een milieueffectrapportage (m.e.r.) of het verrichten van een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk is. In het Besluit milieueffectrapportage is vastgelegd welke activiteiten m.e.r-plichtig zijn en voor welke activiteiten een m.e.r-beoordeling moet worden verricht. In onderdeel C van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage zijn de activiteiten, plannen en besluiten opgenomen ten aanzien waarvan het maken van een milieueffectrapportage (m.e.r.) verplicht is. In onderdeel D van de bijlage zijn de activiteiten, plannen en besluiten opgenomen waarvoor een m.e.r.-beoordeling moet worden uitgevoerd. Als een activiteit op grond van onderdeel D m.e.r.-beoordelingsplichtig is, geldt voor een kaderstellend (bestemmings)plan dat die activiteit mogelijk maakt, een plan-m.e.r-plicht. Voor alle activiteiten zijn drempelwaarden opgenomen. Als een activiteit voorkomt in kolom 1 van de C- of D-lijst en de drempelwaarden uit kolom 2 worden overschreden, is een m.e.r. (onderdeel C) of een m.e.r.-beoordeling (onderdeel D) verplicht. Voor activiteiten die genoemd worden in onderdeel D, maar waarbij de drempelwaarde niet wordt overschreden, geldt de verplichting om na te gaan of tóch een m.e.r.-beoordeling (of een m.e.r.) moet worden uitgevoerd.

Het bevoegd gezag moet in zo'n geval nagaan of er sprake is van omstandigheden die - ondanks dat de drempelwaarden niet worden overschreden aanleiding geven voor het verrichten van een m.e.r.(beoordeling). De motivering moet zijn gebaseerd op een toets die qua inhoud aansluit bij de verplichte m.e.r.-beoordeling. Voor de toets gelden echter geen vormvereisten, daarom wordt de term 'vormvrije m.e.r.-beoordeling' gehanteerd.

Activiteit en drempelwaarden In artikel D van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage is een categorie 'stedelijk ontwikkelingsproject' (D11.2) opgenomen. Op grond van het Besluit milieueffectrapportage dient voor de 'aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject, met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen' een m.e.r.-beoordeling te blad 31 van 37

vastgesteld bestemmingsplan Dijkstraten, appartementencomplex Gaaibank Gemeente Best Projectnummer 0466711.100

worden uitgevoerd in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: 1. 1° een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2. 2° een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of 3. 3° een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. Geen van de drie genoemde betrekkingen zijn van toepassing. De activiteit is dus niet m.e.r.beoordelingsplichting. Omdat de activiteit voorkomt in kolom 1 van de D-lijst, dient wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden verricht.

Vormvrije m.e.r.-beoordeling In een vormvrije m.e.r.-beoordeling wordt getoetst of een activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. Een vormvrije m.e.r.-beoordeling kan leiden tot twee conclusies: belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn uitgesloten: er is geen m.e.r. of m.e.r.beoordeling noodzakelijk; belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een m.e.r.beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor een m.e.r.. De criteria waaraan moet worden getoetst zijn opgenomen in bijlage III van de Europese richtlijn 'betreffende de milieubeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten'. De criteria vallen uiteen in criteria betreffende de: kenmerken van het project: omvang van het project, cumulatie met andere projecten, gebruik van natuurlijke hulpbronnen, productie van afvalstoffen, verontreiniging en hinder en risico op ongevallen; plaats van het project: bestaand gebruik van de locatie, natuurlijke hulpbronnen en opnamevermogen/gevoeligheid van het milieu; kenmerken van het potentiële effect: bereik, grensoverschrijdend karakter, orde van grootte en complexiteit, waarschijnlijkheid en duur, frequentie en omkeerbaarheid van het effect.

4.14.2

Toetsing Kenmerken van het project Het plan Dijkstraten, appartementencomplex Gaaibank voorziet in de gewijzigde ligging van de aanduiding gestapeld. Deze wijziging is benodigd, omdat de gewenste stedenbouwkundige invulling op basis van het vigerende bestemmingsplan niet mogelijk is. Er is geen sprake van cumulatie met andere projecten en de ontwikkeling heeft geen gevolgen voor natuurlijke hulpbronnen. Er wordt bijvoorbeeld geen grondwater onttrokken of grondstoffen in de omgeving gedolven. Er is geen sprake van de productie van afvalstoffen, anders dan regulier huishoudelijk afval.

Plaats van het project De locatie ligt in het bestaand bebouwd gebied van Best en maakt onderdeel uit van de nieuwbouwwijk Dijkstraten. Binnen het plangebied is geen sprake van bijzondere landschappelijke, natuurlijke of cultuurhistorische waarden die de gewijzigde ligging van de aanduiding gestapeld in de weg staan.

Kenmerken van het potentiële effect De effecten van het project blijven, zoals ook blijkt uit de voorgaande, beperkt tot het plangebied en de directe omgeving daarvan. Er is geen sprake van 'belangrijke nadelige' milieueffecten.

blad 32 van 37

vastgesteld bestemmingsplan Dijkstraten, appartementencomplex Gaaibank Gemeente Best Projectnummer 0466711.100

4.14.3

Conclusie In het kader van het bestemmingsplan is in voldoende mate inzicht gekregen in de milieugevolgen van de ontwikkelingen. Gelet op de kenmerken van het project, de locatie van het project en de kenmerken van de effecten van het project, moet worden geconcludeerd dat het project niet leidt tot milieueffecten van dusdanige omvang dat sprake kan zijn van 'belangrijke nadelige milieugevolgen'. Er is daarom geen aanleiding of noodzaak voor het doorlopen van een formele m.e.r.-beoordelingsprocedure of m.e.r.-procedure.

4.15

Duurzaamheid Gemeente Best heeft een grote ambitie op het gebied van duurzaamheid: energieneutraal en afvalloos. Samen met de Metropool Regio Eindhoven streeft Best ernaar om als eerste regio energieneutraal te zijn. Dit doel is door de Raad vastgesteld op 23 mei 2017 aan de hand van het 3-sterrendossier duurzaamheid. Energieneutraal betekent dat alle benodigde energie duurzaam wordt opgewekt. Dit omvat alle maatregelen op het gebied van energiebesparing en opwekking van duurzame energie, gericht op het terugdringen van het gebruik van fossiele brandstoffen (aardgas, aardolie, kolen). Voor de ambitie van een energieneutraal Best betekent dit dat alle benodigde energie, ná energiebesparing, in de hele gemeente wordt opgewekt uit duurzame, ook wel hernieuwbare, bronnen (zon, wind, biomassa, aardwarmte, waterkracht, etc.).

In het bouwbesluit zijn eisen gesteld aan de energiezuinigheid van nieuwe woningen. De belangrijkste eisen bij nieuwbouw zijn de eisen voor Bijna Energie neutrale Gebouwen (BENG) welke sinds 1 januari 2021 de Energie Prestatie Coëfficiënt (EPC) vervangt.

De BENG stelt andere eisen aan nieuwe woningen en gebouwen om deze energiezuinig te maken. Daarnaast komt er een eis om het risico van oververhitting te beperken. BENG heeft als doel het terugbrengen van de CO2 uitstoot van nieuwe gebouwen op drie manieren: Terugbrengen van de energiebehoefte van gebouwen Beperken van het fossiel energiegebruik Benutten van hernieuwbare energie Naast de BENG zijn in het Bouwbesluit eisen opgenomen ten aanzien van de ventilatie, luchtdichtheid en isolatie van woningen. Ook deze aspecten zijn van belang in het kader van duurzaamheid. Zo zorgt een goed ventilatiesysteem voor de juiste balans in luchtkwaliteit, wooncomfort en energieprestatie van gebouwen en wordt door 'kierdicht' te bouwen voorkomen dat lucht, vocht of warmte ongewenst het gebouw binnenkomt of verlaat. Een goede isolatie zorgt daarnaast voor meer comfort en lagere energiekosten.

Het bouwbesluit stelt ook eisen aan de milieuprestaties van gebouwen. Hierbij geldt als voorwaarde dat bij nieuwbouw de belasting van het milieu wordt beperkt door de in het bouwwerk toe te passen materialen. Voor nieuwbouwwoningen groter dan 100 m² geldt dat een zogeheten Milieuprestatieberekening (MPG) bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning dient te worden ingediend. In het kader van circulariteit kan hierbij onder andere gedacht worden aan de omgang van bouw- en sloopafval, de herkomst van materialen en de toekomstwaarde van materialen. Het aspect duurzaamheid vormt geen belemmering voor het plan.

blad 33 van 37

vastgesteld bestemmingsplan Dijkstraten, appartementencomplex Gaaibank Gemeente Best Projectnummer 0466711.100

4.16

Klimaatadaptatie De gevolgen van klimaatverandering in de samenleving worden steeds vaker zichtbaar. Hittestress, droogte en wateroverlast zijn enkele voorbeelden van de klimaatverandering. Om in te kunnen spelen op de aspecten van klimaatverandering wordt de inrichting van de (openbare) ruimte afgestemd op deze extremen, dit noemt men klimaatadaptatie.

Veel binnenstedelijke gebieden hebben last van hittestress, dit is veelal te relateren aan een gebrek aan groen en daarmee schaduw en verkoeling. Echter kan de positie van gebouwen ook ingezet worden om schaduwwerking in openbare ruimte te bevorderen en zo hittestress te bestrijden. Droogte en wateroverlast zijn veelal gerelateerd aan de mate van verharding en waterberging.

De wijziging van het bouwvlak van de beoogde woningen is minimaal. De wijziging van het bestemmingsplan leidt daarmee niet tot noemenswaardige verschillen ten opzichten van het aspect klimaatadaptatie.

blad 34 van 37

vastgesteld bestemmingsplan Dijkstraten, appartementencomplex Gaaibank Gemeente Best Projectnummer 0466711.100

Hoofdstuk 5

Juridische planopzet Het onderhavige bestemmingsplan heeft tot doel een juridisch-planologische regeling te scheppen voor het bouwen en het gebruik van gronden en gebouwen binnen het plangebied. In dit hoofdstuk is een toelichting op de systematiek en de inhoud van de verschillende toegekende bestemmingen van het bestemmingsplan gegeven.

5.1

Algemeen Het onderhavige bestemmingsplan heeft tot doel een juridisch-planologische regeling te scheppen voor de voorgenomen wijziging van de ligging van de aanduiding 'gestapeld' binnen de bestemming 'Woongebied – 5'. In het bestemmingsplan is aangesloten bij de bewoordingen en opbouw van planregels conform de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP 2012), de planregels van het bestemmingsplan 'Dijkstraten 2011' en de diverse parapluplannen. Tenslotte voldoet het plan aan de bepalingen zoals opgenomen in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening.

5.2

Bestemming Woongebied – 5 In het vigerende bestemmingsplan Dijkstraten 2011 is deelgebied Donk, waar het plangebied onderdeel van uitmaakt, voorzien van de bestemming 'Woongebied – 5'. In onderhavig bestemmingsplan is deze bestemming voor het plangebied overgenomen. Ter plaatse van deze aanduiding mag het bebouwingspercentage van het aanduidingsvlak niet meer bedragen dan 30%. Bij de bouw van een grondgebonden woning mag de goothoogte maximaal 7 meter bedragen en de bouwhoogte maximaal 11 meter. Voor een gestapelde woning geldt een maximale goot- en bouwhoogte van 21 meter. In de regels zijn daarnaast nog aanvullende regels opgenomen die ingaan op het hoofdgebouw, aan- en uitbouwen en bijgebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde en nutsvoorzieningen. Ook zijn er regels opgenomen die gaan over aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven.

blad 35 van 37

vastgesteld bestemmingsplan Dijkstraten, appartementencomplex Gaaibank Gemeente Best Projectnummer 0466711.100

blad 36 van 37

vastgesteld bestemmingsplan Dijkstraten, appartementencomplex Gaaibank Gemeente Best Projectnummer 0466711.100

Hoofdstuk 6

Uitvoerbaarheid

6.1

Financieel

6.1.1

Uitvoerbaarheid De kosten die met voorliggend bestemmingsplan gemoeid zijn, zijn volledig voor rekening van de gemeente. In haar begroting is met deze kosten rekening gehouden. Het bestemmingsplan is hiermee financieel uitvoerbaar.

6.1.2

Maatschappelijk Het concept - ontwerpbestemmingsplan is conform artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening in vooroverleg gezonden naar de betreffende personen en instanties. Na vooroverleg doorloopt het plan de procedure van artikel 3.8 en verder van de Wet ruimtelijke ordening. In het kader heeft het ontwerpbestemmingsplan voor eenieder ter inzage gelegen. Er zijn geen zienswijzen tegen het ontwerpbestemmingsplan ingediend.

blad 37 van 37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14057825/1