24003.21 - Bijlage 12 bij Toelichting - Agrarisch geuronderzoek
Tekst van het document
Opdrachtgever: Projectnr: Datum:
Archiefexemplaar van BL23-16287
Ruimte voor Ruimte RVR004-0001 15 maart 2022
- bijlage 10 toelichting_agrarisch geuronderzoek
Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:
Ruimte voor Ruimte RVR004-0001 20220311-RVR004-RAP-AGG 1.0 Concept 15 maart 2022
Opsteller: DVDM
T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl
-+C0DVDM+-
Verificatie: RVHE
-+R0RVHE+-
Validatie: RVHE
© 2022 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.
-+V0RVHE+-
INHOUDSOPGAVE
3.1 3.2 3.3 3.4
Algemeen ...........................................................................................................................................................................6 Toetsingskader RvR-woning ...................................................................................................................................................6 Normering gemeente Best ....................................................................................................................................................6 Woon- en leefklimaat ...........................................................................................................................................................8
5.1 5.1.1 5.1.2
Veehouderij Heuveleindseweg 6A ........................................................................................................................................10 Milieurechten ....................................................................................................................................................................10 Planologische rechten .........................................................................................................................................................10
6.1 6.2 6.3
Toetsingskader ..................................................................................................................................................................11 Voorgrondgeurbelasting ......................................................................................................................................................11 Achtergrondgeurbelasting ....................................................................................................................................................11
3
1
INLEIDING In opdracht van Ruimte voor Ruimte is door Kragten een onderzoek geurhinder uitgevoerd naar de inpasbaarheid van woonlocatie ‘Heuveleindseweg’ te Best (gemeente Best). Enerzijds kan in het kader van een goede ruimtelijke ordening door de gemeente medewerking verleend worden aan het voornemen indien veehouderijen door de voorgenomen planontwikkeling niet onevenredig in hun belangen worden geschaad. Anderzijds dient ter plaatse van het nieuw te realiseren geurgevoelig object sprake te zijn van een acceptabel woon- en leefklimaat voor het aspect geur. Hierbij dient gekeken te worden naar zowel de achtergrond- als de voorgrondgeurbelasting. Middels voorliggend onderzoek is onderzocht of kan worden uitgesloten dat sprake is van inbreuk op de milieurechten van bestaande veehouderijen en of de planontwikkeling geen inbreuk veroorzaakt op de planologische geurruimte van de bestaande veehouderijen. Tevens is in dit onderzoek onderzocht of ter plaatse van de planontwikkeling een voldoende woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd als gevolg van de voorgrond- en achtergrondgeurbelasting.
4
2
SITUERING Het plangebied is gelegen aan weerszijde van de Heuveleindseweg in Best (gemeente Best). Men is voornemens om op binnen dit plangebied woningbouw te realiseren. In navolgende afbeelding is de ligging van de planlocatie weergegeven.
Afbeelding 1
Ligging plangebied ‘Woonlocatie Heuveleindseweg te Best
Binnen plangebied 1 en 2 is woningbouw voorzien. Daarnaast is ter plaatse van plangebied 1 op dit moment een nertsenhouderij aan de Heuveleindseweg 20 gelegen. Deze nertsenhouderij komt met het woningbouwplan te vervallen.
5
3
TOETSINSKADER
3.1
Algemeen De Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) geeft normen voor de geurbelasting die een veehouderij mag veroorzaken op een geurgevoelig object (ggo), zoals een woning. In de Wet geurhinder en veehouderij gelden verschillende normen, afhankelijk of de locatie al dan niet is gelegen in een concentratiegebied of binnen dan wel buiten de bebouwde kom. De Wet geurhinder en veehouderij beschermt geurgevoelige objecten tot een maximaal toegestaan niveau (norm) van geurbelasting. In de Wet geurhinder en veehouderij wordt onderscheid gemaakt in twee soorten dieren: dieren waarvoor een geuremissiefactor (uitgedrukt in odour units per seconde) is opgenomen in de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv). Met behulp van deze geuremissiefactor kan de geurbelasting op een ‘geurgevoelig object’ (ggo) worden berekend en worden getoetst aan de geurnorm. Deze dieren noemen we verder odour unit-dieren, afgekort als OU-dieren. dieren waarvoor géén geuremissiefactor is bepaald. Voor deze dieren geldt een minimaal te respecteren afstand (‘vaste afstand’) tussen het emissiepunt van een dierenverblijf en de buitenzijde van een ‘geurgevoelig object’ (ggo). Deze dieren noemen we verder vaste afstand dieren, afgekort als VAdieren.
3.2
Toetsingskader RvR-woning Voor Ruimte voor Ruimte woningen geldt op grond van artikel 14 Wet geurhinder en veehouderij een minimumafstand tussen het emissiepunt van een dierverblijf en de gevel van de RVR-woning: binnen de bebouwde kom 100 meter; buiten de bebouwde kom geldt een afstand van 50 meter. Dit geldt voor alle diercategorieën (met en zonder geuremissiefactor). In artikel 14 van de Wet geurhinder en veehouderij staat ook geschreven: Voor de toepassing van de artikelen 3, 4 en 6 bedraagt de afstand tussen een veehouderij en een woning die op of na 19 maart 2000 is gebouwd: a) op een kavel die op dat tijdstip in gebruik was als veehouderij, b) in samenhang met het geheel of gedeeltelijk buiten werking stellen van de veehouderij, en c) in samenhang met de sloop van de bedrijfsgebouwen die onderdeel hebben uitgemaakt van de veehouderij. Ten minste 100 meter indien de woning binnen de bebouwde kom is gelegen en tenminste 50 meter indien de woning buiten de bebouwde kom is gelegen. De woningen die worden gerealiseerd ter plaatse van het plangebied 1 (zie afbeelding 1) vallen onder artikel 14 van de Wet geurhinder en veehouderij. Deze woningen worden namelijk gerealiseerd ter plaatse van een veehouderij die komt te vervallen.
De woningen ter plaatse van het plangebied 2 (zie afbeelding 14) kunnen ruimtelijk gezien wel betiteld worden als Ruimte voor Ruimte maar aangezien deze percelen niet eerder in gebruik waren als veehouderij en er geen stal wordt gesloopt op deze percelen, worden deze woningen in het kader van de Wet geurhinder en veehouderij niet aangemerkt als Ruimte voor Ruimte woning. Daarom worden de woningen van de uitbreidingslocatie in onderstaande rapportage beschouwd als reguliere woningen.
3.3
Normering gemeente Best De gemeente Best ligt in een concentratiegebied zoals bedoeld in de Meststoffenwet. In navolgende afbeelding zijn de concentratie- en de niet-concentratiegebieden opgenomen.
6
Afbeelding 2
Concentratie en niet-concentratiegebieden (rode cirkel gemeente Best)
De gemeente Best heeft gebruik gemaakt van de mogelijkheid die de Wet geurhinder en veehouderij biedt om, binnen bandbreedtes, af te wijken van de wettelijke normen. In de “Verordening geurhinder en veehouderij” zijn normen vastgesteld voor de geurbelasting. De woningbouwlocatie valt buiten de in de geurverordening opgenomen gebieden. Hierdoor is de normstelling zoals opgenomen in de Wet geurhinder en veehouderij van toepassing. Wettelijk geldt voor onderhavig plan de volgende normstelling voor OU-dieren: 14 OUE/m3 98 percentiel voor een geurgevoelig object buiten de bebouwde kom; 3 OUE/m3 98 percentiel voor een geurgevoelig object binnen de bebouwde kom Voor VA-dieren gelden minimaal aan te houden vaste afstanden. Conform de Wet geurhinder en veehouderij bedraagt de afstand tussen het emissiepunt van het dierenverblijf voor het huisvesten van VA-dieren en de buitenzijde van een geurgevoelig object minimaal: 50 meter voor een geurgevoelig object buiten de bebouwde kom; 100 meter voor een geurgevoelig object binnen de bebouwde kom Onderhavig plan is gelegen binnen de bebouwde kom. Voor een geurgevoelig object buiten de bebouwde kom geld een norm van 3 OUE/m3 voor OU-dieren en een vaste afstand van 100 meter voor VA-dieren.
7
3.4
Woon- en leefklimaat Naast het wettelijke toetsingskader dient bij de realisatie van geurgevoelige objecten rekening te worden gehouden met de achtergrondbelasting voor het aspect geur ten gevolge van de omliggende veehouderijen. Eveneens dient te worden onderzocht of sprake is van een goed woon- en leefklimaat op basis van de vergunde rechten van de omliggende veehouderijen. Voor de beoordeling wordt aangesloten bij de “Handreiking bij Wet geurhinder en veehouderij – Aanvulling: Bijlagen 6 en 7” d.d. 1 mei 2007 hierin is een relatie tussen de voor- en achtergrondbelasting en de geurhinder weergegeven voor een concentratiegebied en een niet-concentratiegebied.
8
4
OMLIGGENDE VEEHOUDERIJEN Op basis van het Bestand Veehouderij Bedrijven (Web-BVB) van de provincie Noord-Brabant zijn in een straal van 2 kilometer 23 veehouderijen gelegen, waarvan 10 veehouderijen met vaste afstand dieren (VA-dieren) en 13 intensieve veehouderijen (OU-dieren). Ten behoeve van het individueel beschouwen van de Veehouderijen is ingezoomd op de veehouderijen binnen een straal van 500 meter rondom de planontwikkeling. Het individueel beschouwen van veehouderijen op een grotere afstand dan 500 meter is niet relevant. Aangezien de geurhinder van deze bedrijven te verwaarlozen is. In onderstaande tabel zijn de veehouderijen binnen een straal van 500 meter rondom het plangebied opgenomen. Tabel 1
Overzicht veehouderijen binnen een straal van 500 meter rondom het plangebied
Adres Heuveleindseweg 6A
OU-dieren [OU/s]
Afstand tot plangebied
n.v.t. enkel VA-dieren
450 meter
De in bovenstaande tabel opgenomen relevante veehouderij wordt in onderhavig onderzoek nader beschouwd. In navolgende afbeelding wordt de ligging het plangebied en de omliggende veehouderij aangeven.
Afbeelding 3
Omliggende veehouderijen en plangebied (rode en gele kader)
9
5
BEOORDELING RECHTEN VEEHOUDERIJEN Beoordeeld dient te worden of de nieuwe bestemming mogelijk inbreuk kan maken op de vergunde geurruimte van de omliggende veehouderijen. Daarnaast wordt beoordeeld of de nieuwe bestemming mogelijk inbreuk maakt op de planologische geurruimte van de bestaande veehouderijen. In onderstaande paragrafen wordt beoordeeld of het realiseren van een geurgevoelig object binnen het plangebied (afbeelding 1, rode kader) mogelijk inbreuk maakt op de vergunde en planologisch geurruimte van de bestaande veehouderijen. Indien noodzakelijk zijn aanvullende berekeningen uitgevoerd.
5.1
Veehouderij Heuveleindseweg 6A
5.1.1
Milieurechten Voor de veehouderij aan de Heuveleindseweg 6A is bij het besluit van 3 april 2001 2017 vergunning verleend voor het houden van (bron: Web-BVB van de provincie Noord-Brabant): Paarden in opfok (jonger dan 3 jaar): dierenaantal 7 Volwassen paarden (3 jaar en ouder): dierenaantal 20 Van aantasting van vergunde geurrechten kan slechts sprake zijn indien de nieuw te realiseren geurgevoelig object de maatgevende beperking vormen voor een veehouderij. In onderhavige situatie zijn tussen de veehouderijen en het plangebied bestaande geurgevoelige objecten gelegen. Geconcludeerd wordt dat de planontwikkeling geen inbreuk maakt op de bestaande milieurechten van de veehouderij.
5.1.2
Planologische rechten De planologische gebruiksmogelijkheden van de inrichting richting het plangebied worden mede bepaald door de meest nabijgelegen woningen. Van aantasting van de planologische geurrechten kan slechts sprake zijn indien de nieuw te realiseren woningen de maatgevende beperking vormt voor een veehouderij. In de onderhavige situatie zijn tussen de veehouderij en het woningbouwplan bestaande geurgevoelige objecten gelegen. Geconcludeerd wordt dat het woningbouwplan geen inbreuk maakt op de planologische geurruimte van de veehouderij.
10
6
WOON- EN LEEFKLIMAAT
6.1
Toetsingskader Bij de realisatie van geurgevoelige objecten dient rekening te worden gehouden met de voorgrond- en achtergrondbelasting voor het aspect geur ten gevolge van de omliggende veehouderijen. Voor de beoordeling wordt aangesloten bij de “Handreiking bij Wet geurhinder en veehouderij – Aanvulling: Bijlagen 6 en 7” d.d. 1 mei 2007 hierin is een relatie tussen de voor- en achtergrondbelasting en de geurhinder weergegeven voor een concentratiegebied en een niet-concentratiegebied. De gemeente Best is gelegen in een concentratiegebied conform de Meststoffenwet. In de navolgende tabel zijn de milieukwaliteitseisen voor de voorgrond- en achtergrondbelasting in concentratiegebied uit de Handreiking Wet geurhinder en veehouderij weergeven. Hierin worden de milieuklassen weergeven die corresponderen met het percentage geurgehinderden. Tabel 2
Milieukwaliteiteisen (concentratiegebied) Handreiking Wet geurhinder en veehouderij GeurVoorgrondgeurbelasting Achtergrondgeurbelasting Milieukwaliteit gehinderden [OU E/m3] [OU E/m3] [%] Zeer goed <5 0 – 1,5 0–3 Goed 5 – 10 1,5 – 3,7 3–8 Redelijk goed 10 – 15 3,7 – 6,5 8 – 13 Matig 15 – 20 6,5 – 10 13 – 20 Tamelijk slecht 20 – 25 10 – 14 20 – 28 Slecht 25 – 30 14 – 19 28 – 38 Zeer slecht 30 – 35 19 – 25 38 – 50 Extreem slecht >35 25 – 32 > 50
6.2
Voorgrondgeurbelasting Uit hoofdstuk 4 blijkt dat er géén enkele (intensieve) veehouderijen binnen 500 meter van het plangebied is gelegen. Intensieve veehouderijen op grotere afstand dan 500 meter zijn ter plaatse van het plangebied opgenomen in de cumulatieve geurbelasting van omliggende veehouderijen tezamen. Het individueel beschouwen van een veehouderij op meer dan 500 meter is dan ook in de regel in relevant.
6.3
Achtergrondgeurbelasting Uit hoofdstuk 4 blijkt dat sprake is van meerdere relevante veehouderijen met intensieve diersoorten (OU-dieren) die binnen een afstand van 2.000 meter rondom het plangebied zijn gelegen. Om een uitspraak te kunnen doen over het woon- en leefklimaat ter plaatse van het woningbouwplan als gevolg van de geuremissie van de intensieve veehouderijen in de omgeving, dient tevens de achtergrondgeurbelasting berekend te worden. Voor de achtergrondgeurbelasting is aangesloten bij de door de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant beschikbaar gestelde kaart van de achtergrondgeurbelasting van februari 2021. In navolgende afbeelding is een uitsnede van deze kaart met daarin de ligging van de planontwikkeling weergegeven.
11
Afbeelding 4
Kaart achtergrondgeurbelasting (bron: Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant) en plangebied (rode en gele kader)
De berekende achtergrondgeurbelasting bedraagt ter plaatse van het grootste deel van het plangebied 0 tot 3 OUE/m3. Hiermee is het woon- en leefklimaat op basis van de achtergrondgeurbelasting te classificeren als ‘zeer goed’.
12
7
CONCLUSIE In opdracht van Ruimte voor Ruimte is door Kragten een onderzoek geurhinder uitgevoerd naar de inpasbaarheid van woonlocatie ‘Heuveleindseweg’ te Best (gemeente Best). Enerzijds kan in het kader van een goede ruimtelijke ordening door de gemeente medewerking verleend worden aan het voornemen indien veehouderijen door de voorgenomen planontwikkeling niet onevenredig in hun belangen worden geschaad. Anderzijds dient ter plaatse van het nieuw te realiseren geurgevoelig object sprake te zijn van een acceptabel woon- en leefklimaat voor het aspect geur. Hierbij dient gekeken te worden naar zowel de achtergrond- als de voorgrondgeurbelasting. Middels voorliggend onderzoek is onderzocht of kan worden uitgesloten dat sprake is van inbreuk op de milieurechten van bestaande veehouderijen en of de planontwikkeling geen inbreuk veroorzaakt op de planologische geurruimte van de bestaande veehouderijen. Tevens is in dit onderzoek onderzocht of ter plaatse van de planontwikkeling een voldoende woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd als gevolg van de voorgrond- en achtergrondgeurbelasting. Beoordeling milieurechten en planologische rechten De planontwikkeling maakt geen inbreuk op de milieurechten en planologische geurruimte van de veehouderij aan de Heuveleindseweg 6A.
Beoordeling woon- en leefklimaat Uit hoofdstuk 4 blijkt dat er géén enkele (intensieve) veehouderijen binnen 500 meter van het plangebied is gelegen. Intensieve veehouderijen op grotere afstand dan 500 meter zijn ter plaatse van het plangebied opgenomen in de cumulatieve geurbelasting van omliggende veehouderijen tezamen. Het individueel beschouwen van een veehouderij op meer dan 500 meter is dan ook in de regel in relevant. De berekende achtergrondgeurbelasting bedraagt ter plaatse van het grootste deel van het plangebied 0 tot 3 OUE/m3. Hiermee is het woon- en leefklimaat op basis van de achtergrondgeurbelasting te classificeren als ‘zeer goed’.
13