24003.16 - Bijlage 7 bij Toelichting - Nader bodemonderzoek nertsenhouderij
Tekst van het document
Verkennend (water)bodemonderzoek inclusief asbest Heuveleindseweg 20 te Best
Concept
Archiefexemplaar van BL23-18302
- Bijlage7 toelichting Nader bodemonderzoek (nertsenhouderij)
Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid Het managementsysteem van Sweco Nederland B.V. voldoet aan verschillende eisen en normen. Een algemeen overzicht hiervan is opgenomen in de bijlage Kwaliteitsborging. Sweco Nederland B.V. verklaart hierbij dat zij en haar onderaannemers geen belang hebben bij de uitkomsten van het bodemonderzoek. Het onderzoek is derhalve volgens de eisen uit het Besluit bodemkwaliteit onafhankelijk uitgevoerd. Volgens het Besluit bodemkwaliteit dient onderzoek uitgevoerd te worden volgens, door de SIKB, vastgestelde beoordelingsrichtlijnen. In de rapportage wordt, indien van toepassing, expliciet vermeld bij welke werkzaamheden is afgeweken van de beoordelingsrichtlijnen en onderliggende protocollen. De consequenties hiervan zijn dan toegelicht.
Verantwoording Titel: Onderwerp: Projectnummer: Klant: Referentienummer: Versie:
Verkennend (water)bodemonderzoek inclusief asbest – Heuveleindseweg 20 te Best 377619 Heuveleindseweg 20 51004644 Ruimte voor Ruimte II c.v. Concept
Datum:
3-11-2023
Auteur: E-mailadres:
Harry van den Bergh harry.vandenbergh@sweco.nl
Gecontroleerd door: Paraaf gecontroleerd:
Eva Lavooi
Vrijgegeven door: Paraaf vrijgegeven:
Jan van Nuenen
2/52
Inhoudsopgave
1 1.1 1.2 1.3
Inleiding .............................................................................................................................................. 4 Algemeen ................................................................................................................................. 4 Aanleiding, doelstelling en geschiedenis ................................................................................. 4 Opbouw van het rapport ........................................................................................................... 5
2 2.1 2.2 2.3 2.4
Vooronderzoek ......................................................................................................................... 6 Algemeen ................................................................................................................................. 6 Onderzoekslocatie .................................................................................................................... 6 Conclusies vooronderzoek ....................................................................................................... 6 Onderzoekshypothese en -strategie ........................................................................................ 6
3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Veldonderzoek .......................................................................................................................... 7 Uitgevoerde veldwerkzaamheden ............................................................................................ 7 Grondonderzoek (NEN 5740) ................................................................................................... 8 Asbestonderzoek ...................................................................................................................... 8 Grondwateronderzoek .............................................................................................................. 9 Waterbodemonderzoek .......................................................................................................... 10
4
Laboratoriumonderzoek ......................................................................................................... 11
5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7
Resultaten .............................................................................................................................. 15 Toetsingskaders ..................................................................................................................... 15 Grond (NEN 5740).................................................................................................................. 16 Asbest ..................................................................................................................................... 17 Grondwater ............................................................................................................................. 19 Waterbodem ........................................................................................................................... 20 Hergebruik van grond ............................................................................................................. 20 Voorlopige veiligheidsklasse .................................................................................................. 21
6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5
Interpretatie ............................................................................................................................ 23 Verontreinigingssituatie .......................................................................................................... 23 Noodzaak tot vervolgonderzoek ............................................................................................. 25 Hergebruik van grond ............................................................................................................. 25 Hergebruik van waterbodem .................................................................................................. 25 Veiligheidsaspecten................................................................................................................ 25
7 7.1 7.2
Conclusies en advies ............................................................................................................. 26 Conclusies .............................................................................................................................. 26 Advies ..................................................................................................................................... 27
Bijlage 1 Ligging onderzoekslocatie Bijlage 2 Kaart onderzoekslocatie inclusief toetsing en verontreinigingsspots Bijlage 3 Vooronderzoek Bijlage 4 Boorprofielen Bijlage 5 Analysecertificaten Bijlage 6 Toetsingstabellen Bijlage 7 Toetsingskader Bijlage 8 Kwaliteitsborging Bijlage 9 Veiligheidsklassen Bijlage 10 Zintuiglijke verontreinigingskenmerken Bijlage 11 Resultaten verkennend asbestonderzoek Bijlage 12 Resultaten nader asbestonderzoek
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
1 1.1
Inleiding Algemeen
In opdracht van Ruimte voor Ruimte II c.v. (hierna: de opdrachtgever) heeft Sweco Nederland B.V. een verkennend (water)bodemonderzoek inclusief verkennend en nader asbestonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de Heuveleindseweg 20 te Best (hierna: de locatie). Voor het bodemonderzoek is gebruik gemaakt van de volgende onderzoeksnormen: • NEN 5725:2017 nl – bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek; • NEN 5740:2009+A1:2016 nl – Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond; • NEN 5717 (2017) nl: Bodem – Waterbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek; • NEN 5720 (2017) nl: Bodem - Waterbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch bodemonderzoek; • NEN 5707+C2:2017 nl – Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond.
1.2
Aanleiding, doelstelling en geschiedenis
Aanleiding en doelstelling Aanleiding voor het uitvoeren van het bodemonderzoek is het voornemen de locatie te ontwikkelen tot woonkavels. In verband hiermee is inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond, grondwater en waterbodem) noodzakelijk. Doel van het onderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie en het bepalen van de te hanteren CROW 400-veiligheidsklasse (Arbo-maatregelen) ten behoeve van de uitvoering van de graafwerkzaamheden. Op basis van de onderzoeksresultaten kan worden vastgesteld of de gewenste vorm van bodemgebruik, vanuit milieuhygiënisch oogpunt gezien, mogelijk is en zo niet, welke vervolgacties noodzakelijk zijn. Geschiedenis locatie De onderzoekslocatie betreft een terrein van een voormalige nertsenfokkerij, waarbij de opstallen zijn gesloopt einde 2021. Begin 2022 is de locatie bouwrijp gemaakt waarbij alle verhardingen en ondergrondse kabels en leidingen zijn verwijderd en waarbij de bovengrond is afgezeefd en daarna teruggeplaatst op locatie. Uit de eerste resultaten van het verkennend bodemonderzoek dat Sweco hierna (in maart 2022) heeft uitgevoerd, bleek dat de grond niet voldeed aan de voorwaarden uit de koopovereenkomst, onder andere vanwege aantreffen van asbestplaatmateriaal op het maaiveld en gehalten aan asbest in de grond van > 100 mg/kg ds.
Het bodemonderzoek is toen gestaakt en in een overleg is besloten dat de verantwoordelijk aannemer met een voorstel zou komen hoe een en ander aangepakt zou kunnen worden, zodat de grond hierna wel voldoet aan de voorwaarden uit de koopovereenkomst. De aannemer heeft vervolgens, op eigen gelegenheid, een gedeelte van de bovengrond van de locatie opnieuw afgezeefd. Sweco heeft vervolgens dit gedeelte opnieuw onderzocht en tevens het bodemonderzoek uit maart 2022 afgemaakt. Op basis van de resultaten van de tweede fase van het bodemonderzoek, uitgevoerd in juli-augustus 2022 is een onderzoeksopzet voor een derde fase van het veldwerk vastgesteld (aantal aanvullende boringen, herbemonstering grondwater en een nader asbestonderzoek ter plaatse van asbestgat 10).
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Onderhavige rapportage bevat de resultaten van het bodemonderzoek fases 1, 2 en 3 en het vooronderzoek, waarmee dit rapport het complete bodemonderzoek beschrijft.
1.3
Opbouw van het rapport
Het voorliggende rapport is als volgt opgebouwd: • het vooronderzoek en bepaling onderzoeksstrategie (hoofdstuk 2); • het veldonderzoek (hoofdstuk 3); • het laboratoriumonderzoek (hoofdstuk 4); • de resultaten van het onderzoek (hoofdstuk 5); • de interpretatie van de resultaten (hoofdstuk 6); • de conclusies en het advies (hoofdstuk 7). De bijlagen maken onlosmakelijk deel uit van deze rapportage.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
2
Vooronderzoek
2.1
Algemeen
Het vooronderzoek is opgenomen in bijlage 3. In dit hoofdstuk zijn de resultaten van het vooronderzoek samengevat, door middel van een korte beschrijving van de onderzoekslocatie en conclusies van het vooronderzoek. Dit hoofdstuk eindigt met de onderzoekshypothese en -strategie.
2.2
Onderzoekslocatie
De regionale ligging van de onderzoekslocatie is aangegeven in bijlage 1. Een overzicht van de locatie inclusief boorlocaties is weergegeven in bijlage 2. In tabel 2-1 zijn de locatiegegevens samengevat. Tabel 2-1:
Overzicht locatiegegevens:
Adres locatie Kadastrale gegevens locatie
Heuveleindseweg 20 Best Best K 794 Best K 795 Stobi Beheer B.V. x = 153.498; y = 389.792 19.570 0 Braak Onderbroken sloot op de grens van onderzoekslocatie met de Heuveleindseweg circa 60 en 120 m 17,6 m + NAP
Eigenaar locatie Coördinaten Oppervlakte locatie (in m²) waarvan verhard (in m²) Huidig gebruik Watergang Hoogte
2.3
Conclusies vooronderzoek
Op basis van de conclusies uit het vooronderzoek wordt de onderzoekslocatie als verdacht beschouwd op het voorkomen van verontreinigingen met zware metalen, PAK, bestrijdingsmiddelen (OCB) en asbest.
2.4
Onderzoekshypothese en -strategie
Op basis van de conclusies uit het vooronderzoek is de in tabel 2-2 beschreven onderzoeksstrategie gedefinieerd. Tabel 2-2:
Hypothese en onderzoeksstrategie
Deellocatie
Gehele locatie
Oppervlakte
Bodemlaag
(m2)
(m -mv)
19.570
0-2
Hypothese
Strategie1
verdacht op zware metalen, PAK, OCB en asbest
NEN 5740: ONV en VED-HE2 NEN 5707: VED-HE NEN 5720: LN3
1: ONV: onverdacht; VED-HE: verdacht heterogeen; LN: lintvormig water, normale onderzoeksinspanning 2: strategie VED-HE gehanteerd voor gedeelte dat in gebruik is geweest als boomkwekerij. 3: ter plaatse van 2 sloten aan de grens van de onderzoekslocatie met de Heuveleindseweg.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
3
Veldonderzoek
3.1
Uitgevoerde veldwerkzaamheden
Op basis van de gehanteerde onderzoeksstrategie zijn de veldwerkzaamheden uitgevoerd. In de navolgende tabel zijn de uitgevoerde veldwerkzaamheden beschreven: Tabel 3-1:
Uitgevoerd veldwerk verkennend (water)bodemonderzoek inclusief asbest
Deellocatie
Oppervlakte
Bodemlaag
Strategie
Boring/
Diepte
Boring met peilbuis
Steken waterbodem
Aantal
(m-mv)
Aantal
Aantal
291)
0,5
3
-
92)
0,5 - 1,1
-
-
Asbestgat
Gehele locatie
(m²)
(m-mv)
19.570
0-2
NEN 5740: ONV
1)
NEN 5707: VED-HE
6
2,0
-
-
NEN 5720: LN
-
-
-
203)
1: boringen en asbestgaten gecombineerd uitgevoerd. Met uitzondering van de boringen met peilbuis. Minimale diepte 0,5 m-mv, waarbij is doorgeboord tot ongeroerde bodemlaag. 2: aanvullende boringen voor vaststellen contour AW/Industrie. 3: tot 0,5 m in de vaste waterbodem.
Het graven van de asbestgaten en het uitvoeren van de boringen met peilbuis is uitgevoerd door Sweco Nederland B.V. onder certificaatnummer VB-082/4 in 3 fases: maart 2022, juli en augustus 2022 en januari 2023. Het bemonsteren van de peilbuizen is uitgevoerd door Sweco Nederland B.V. onder certificaatnummer VB-082/4 op 30 augustus 2022. Daarnaast zijn de peilbuizen herbemonsterd op 17 januari 2023. Het nemen van steken in de waterbodem is uitgevoerd door VWB Bodem B.V. onder certificaatnummer EC-SIK-20264 in maart 2022. Het veldwerk (vanaf acceptatie van de opdracht voor het veldwerk tot en met de overdracht van de veldgegevens, veldwerkrapportage en monsters aan Sweco Nederland B.V.) is verricht onder de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek) en de bijbehorende protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018 (zie bijlage 8). Het veldwerk is uitgevoerd door persoonlijk gecertificeerde veldwerkers waarvan de naam vermeld is bij de boorprofielen in bijlage 4. De locaties van de boringen, asbestgaten, asbestsleuven en steken in de waterbodem zijn weergegeven in bijlage 2. Op basis van de resultaten van het verkennend asbestonderzoek is een nader asbestonderzoek uitgevoerd. In de navolgende tabel zijn de uitgevoerde veldwerkzaamheden beschreven.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Tabel 3-2:
Uitgevoerd veldwerk nader bodemonderzoek asbest
Deellocatie
Oppervlakte
Bodemlaag
Sleuven
Afmetingen
(m²)
(m-mv)
Aantal
(l * b * d)
19.570
0-0,5
462)
2,0 * 0,3 * 0,5
Gehele locatie1)
1: ter plaatse van asbestgat 33 en ter plaatse van asbestgat 10. 2: waarvan 1 ter plaatse van asbestgat 33 en de rest ter plaatse van de voormalige stallen, naar aanleiding van verhoogd gehalte asbestgat 10.
Het graven van de asbestsleuven is uitgevoerd in meerdere fases: in maart 2023 door Sialtech B.V. onder certificaatnummer VB-059/8 (sleuven AS-1 tot en met AS-5) en in april 2023 tot en met augustus 2023 door Sweco Nederland B.V. onder certificaatnummer VB-082/4 (sleuven AS-6 tot en met AS-46). Het veldwerk (vanaf acceptatie van de opdracht voor het veldwerk tot en met de overdracht van de veldgegevens, veldwerkrapportage en monsters aan Sweco Nederland B.V.) is verricht onder de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek) en het bijbehorende protocol 2018 (zie bijlage 8). Het veldwerk is uitgevoerd door persoonlijk gecertificeerde veldwerkers waarvan de naam vermeld is bij de boorprofielen in bijlage 4. De locaties van de sleuven zijn weergegeven in bijlage 2.
3.2
Grondonderzoek (NEN 5740)
Uitvoering Bij het verrichten van de boringen is de grondsoort bepaald (klei, zand en/of veen) en is (visueel) geïnspecteerd op zintuiglijke verontreinigingen en eventueel andere afwijkende kenmerken. De boringen zijn beschreven in boorprofielen die weergegeven zijn in bijlage 4. Bij de uitvoering van het veldwerk zijn geen afwijkingen van de NEN5740 opgetreden. Zintuiglijke verontreinigingskenmerken In de opgeboorde grond zijn zintuiglijke verontreinigingskenmerken waargenomen. Deze zijn opgenomen in bijlage 10. De aangetroffen bijmengingen bestaan uit puin, beton, baksteen, slakken, kolenresten, glas en plastic. Bemonstering De opgeboorde en opgegraven grond is bemonsterd per 0,5 m of per te onderscheiden bodemlaag.
3.3
Asbestonderzoek
Aanleiding Nadat de opstallen waren gesloopt en de bovengrond van de gehele locatie was afgezeefd en teruggeplaatst door de aannemer is in maart 2022 door Sweco een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de gehele locatie. Uit de maaiveldinspectie van dit onderzoek bleek dat over het overgrote deel van het terrein asbestplaatmateriaal aanwezig was op het maaiveld (zie kaart in bijlage 2). Vervolgens heeft de aannemer in juni 2022 op eigen gelegenheid een gedeelte van de bovengrond van de locatie opnieuw afgezeefd. Op dit terreindeel is bij een nieuwe maaiveldinspectie opnieuw asbestplaatmateriaal aangetroffen op het maaiveld (zie kaart in bijlage 2). Vervolgens zijn de asbestinspectiegaten gegraven en analyses uitgevoerd. Hierbij is asbest in de bovengrond aangetoond in
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
gehalten tussen de 2 en 25 mg/kg ds. Ter plaatse van één asbestgat (nummer 10) is een gehalte van > 100 mg/kg ds aangetoond. Op basis van de resultaten van het verkennend asbestonderzoek is een nader asbestonderzoek uitgevoerd. In de rest van het rapport zullen alleen de bevindingen van dit nader asbestonderzoek worden getoond. Voor de resultaten van het verkennend asbestonderzoek wordt verwezen naar bijlage 11. Uitvoering Bij het graven van de gaten en sleuven is de grond visueel geïnspecteerd op grondsoorten, bodemvreemde bijmengingen en afwijkende kenmerken. Hiertoe is de grond gezeefd over een zeef met maaswijdte van 2 cm en is de uitgezeefde grove fractie geïnspecteerd op asbestverdachte materialen. Hierbij zijn de asbestverdachte stukken verzameld, geteld en gewogen per type materiaal. De sleuven zijn beschreven in profielen, weergegeven in bijlage 4. Bij de uitvoering van het veldwerk zijn geen afwijkingen van de NEN5707 opgetreden. Zintuiglijke verontreinigingskenmerken In de opgegraven grond van de gaten en sleuven zijn zintuiglijke verontreinigingskenmerken waargenomen. Deze zijn opgenomen in bijlage 10. De aangetroffen bijmengingen bestaan uit puin, beton, baksteen, slakken, kolenresten, glas en plastic. Bemonstering De opgegraven grond is bemonsterd per gat/sleuf, na verwijdering van de grove fractie (> 2 cm).
Van de asbestverdachte materialen zijn per type monsters genomen.
3.4
Grondwateronderzoek
Uitvoering Uit de geplaatste peilbuis is een grondwatermonster genomen. Bij de bemonstering zijn de volgende werkzaamheden verricht: • Het opnemen van de grondwaterstand in de peilbuis. • Het bepalen van de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de troebelheid (NTU) van het grondwater. • Het nemen van een grondwatermonster uit de peilbuis. Veldmetingen In tabel 3-3 zijn de resultaten van de veldmetingen van het grondwater weergegeven.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Tabel 3-3:
Resultaten veldmetingen grondwater
Peilbuis
Filterstelling (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Belucht
Opmerking
pb01a
3,85 - 4,85
3,45
4,5
524
46,9
Ja
Bemonstering 30-08-22
1,95
4,7
530
51,8
Nee
Herbemonstering 17-01-23
3,54
6,3
846
133
Nee
Bemonstering 30-08-22
2,26
6,4
887
155
Nee
Herbemonstering 17-01-23
3,48
4,8
886
177
Ja
Bemonstering 30-08-22
2,23
4,2
643
28,5
Ja
Herbemonstering 17-01-23
pb02a
pb03a
4,00 - 5,00
3,90 - 4,90
Een eventueel afwijkende zuurgraad (pH), elektrisch geleidingsvermogen (EC) of troebelheid (NTU, Nephelometric Turbidity Units) in het grondwater kan een indicator zijn voor de aanwezigheid van verontreinigende stoffen. Bij een troebelheid >10 moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat de concentraties aan relatief zware organische verbindingen beïnvloed zijn door de troebelheid van het water. De waarde voor troebelheid is in alle peilbuizen verhoogd (>10). Bij de bespreking van de analyseresultaten wordt rekening gehouden met de hoge NTU gemeten in alle peilbuizen. De waarde voor de zuurgraad van peilbuizen pb01a en pb03a wordt als laag beschouwd. Een aanleiding hiervoor kan niet direct worden aangewezen. De in tabel 3-3 weergegeven waarden voor het elektrisch geleidingsvermogen wordt niet als afwijkend beschouwd. De peilbuizen pb01a (bij bemonstering op 30 augustus 2022) en pb03a (bij bemonstering op 30 augustus 2022 en bij herbemonstering op 17 januari 2023) zijn belucht tijdens monstername. De beluchting heeft kunnen optreden door de slechte toestroom vanuit de ondergrond naar het filter. Consequentie hiervan is dat de eventuele vluchtige verbindingen in het grondwater hebben kunnen vervluchtigen en niet in de monsterfles zijn gekomen. Het is daardoor mogelijk dat lagere concentraties gemeten zijn dan daadwerkelijk aanwezig zijn.
Bij de bespreking van de analyseresultaten wordt hiermee rekening gehouden.
3.5
Waterbodemonderzoek
Uitvoering Bij het verrichten van de steken in de waterbodem is de waterbodem visueel geïnspecteerd op zintuiglijk afwijkende kenmerken. Er is geen slib aangetroffen. De boringen zijn beschreven in boorprofielen, weergegeven in bijlage 4. Zintuiglijke verontreinigingskenmerken In de waterbodem zijn bij steek S06 van 0,15 – 0,45 m-mv resten baksteen aangetroffen. In de overige steken in de waterbodem zijn geen zintuiglijk afwijkende kenmerken waargenomen die kunnen duiden op verontreiniging. De complete zintuiglijke verontreinigingskenmerken zijn opgenomen in bijlage 10. Bemonstering Het opgeboorde materiaal is bemonsterd per 0,5 m of per te onderscheiden bodemlaag.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
4
Laboratoriumonderzoek
Op basis van de visuele inspectie zijn monsters geselecteerd voor analyse. De monsterselectie is opgenomen in tabel 4-1. Tabel 4-1: Monster1
Monsterselectie verkennend bodemonderzoek Monstertraject Deelmonsters Analysepakket (m -mv)
Motivatie
Boringen ter plaatse van deel dat later is gezeefd. Resultaat niet langer relevant. 27-1
0,00 - 0,33
B27
Standaardpakket incl. lu/os
Bovengrond met brokken beton, matig puinhoudend, zwak baksteenhoudend, resten kolen
29-3
0,90 - 1,25
B29
Min.olie GC (C10C40), Organisch stofgehalte (grond) 550 °C
zwakke olie-water reactie, vergraven Zwarte laag olie ??
BGMM02
0,00 - 0,50
B18, B24, B25, B26, B28
Standaardpakket incl. lu/os + OCB
Zwak tot matig puinhoudend, zwak tot matig baksteenhoudend, resten glas, brokken beton
BGMM03
0,00 - 0,50
B23, B29
Standaardpakket incl. lu/os
brokken beton, resten plastic, zwak baksteenhoudend, resten ijzer, zwak slakhoudend, resten glas
BGMM01
0,00 - 0,50
B07, B09, B15, B16, B17
Standaardpakket incl. lu/os + OCB
Bovengrond brokken beton, zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend
OGMM01
0,25 - 0,95
B15, B23, B26, B27
Standaardpakket incl. lu/os
Ondergrond zonder bodemvreemde bijmengingen
BGMM04
0,00 - 0,50
18AA, 26AA
Standaardpakket incl. lu/os
Bovengrond niet gezeefde deel van BGMM02 met eerdere klasse ‘Industrie’
BGMM05
0,00 - 0,50
20, 21
Standaardpakket incl. lu/os
Bovengrond zwak tot matig puinhoudend, zwak plastichoudend, matig baksteen houdend
BGMM06
0,00 - 0,50
04, 06, 10, 12, 19
Standaardpakket incl. lu/os
Bovengrond zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend
BGMM07
0,00 - 0,40
30, 31, 32
Standaardpakket incl. lu/os
Bovengrond zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend
OGMM02
0,40 - 1,90
11, 21, 32
Standaardpakket incl. lu/os
Ondergrond zonder bodemvreemde bijmengingen
4-8 BG1
0,00 - 0,50
22a, 23a, 24a, 25a, 27a, 28a, 29a
Standaardpakket incl. lu/os + OCB
Bovengrond gezeefde gedeelte, zwak baksteenhoudend, zwak tot matig puinhoudend
4-8 BG2
0,00 - 0,50
33, 34, 35, 36
Standaardpakket incl. lu/os + OCB
Bovengrond zwak puinhoudend, resten plastic, resten kolen, zwak baksteenhoudend
BGMM08
0,00 - 0,40
05, 11, 13, pb03
Zink
Bovengrond zwak baksteenhoudend, matig puinhoudend, later opgesplitst
05
0,00 - 0,20
05
Zink
Uitsplitsing BGMM08 op zink
11
0,00 - 0,15
11
Zink
Uitsplitsing BGMM08 op zink
Actuele situatie
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Monster1
Monstertraject (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Motivatie
13
0,00 - 0,40
13
Zink
Uitsplitsing BGMM08 op zink
Pb03
0,00 - 0,40
Pb03
Zink
Uitsplitsing BGMM08 op zink
pb01-1
0,00 - 0,40
pb01
Zink
Bovengrond zonder bodemvreemde bijmengingen
39-1
0,00 - 0,45
39
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
40-1
0,00 - 0,30
40
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
41-1
0,00 - 0,25
41
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
42-1
0,00 - 0,30
42
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
43-1
0,00 - 0,25
43
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
44-1
0,00 - 0,25
44
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
45-1
0,00 - 0,15
45
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
46-1
0,00 - 0,40
46
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
47-1
0,00 - 0,40
47
Standaardpakket incl. lu/os
Aanvullende boring voor vaststellen contour AW/Industrie
WBMM01
0,00 - 0,50
S01, S02, S03, S04, S07, S08, S09
Standaardpakket slib incl. lu/os
Waterbodem, zand
WBMM02
0,00 - 0,15
S05, S06
Standaardpakket slib incl. lu/os
Waterbodem, klei
WBMM03
0,00 - 0,30
S11, S12, S13, S14, S15, S16, S17, S18, S19, S20
Standaardpakket slib incl. lu/os
Waterbodem, zand
Waterbodem
1: waarbij MM = mengmonster, BG = bovengrond, OG = ondergrond, WB = waterbodem, pb = peilbuis.
Het standaardpakket grond (STAP1) bestaat uit 9 zware metalen, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK), polychloorbifenylen (PCB) en minerale olie. De grondmonsters zijn tevens geanalyseerd op lutum (lu) en organische stof (os) ten behoeve van de toetsing. Het OCB-pakket bestaat uit meerdere (organochloor)bestrijdingsmiddelen. De waterbodem is geanalyseerd op het standaardpakket slib (STAPS). Het standaardpakket slib bestaat uit 9 zware metalen, PAK, PCB, minerale olie en lutum en organische stof. De grondwatermonsters uit de 3 peilbuizen zijn geanalyseerd op het standaardpakket grondwater (STAPW) bestaat uit 9 zware metalen, vluchtige chloorkoolwaterstoffen (VOCl, 17 stuks), vluchtige aromatische koolwaterstoffen (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen en naftaleen) en minerale olie. Ten behoeve van het nader asbestonderzoek zijn monsters geselecteerd voor analyse op ‘asbest in grond’ (grond kwantitatief 10-12.5 kg). Daarnaast is het asbestgehalte bepaald van asbestverdacht plaatmateriaal. De monsterselectie is opgenomen in tabel 4-2.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Tabel 4-2: Monster1 AS-1-1
Monsterselectie nader asbestonderzoek Monstertraject Deelmonsters Analysepakket (m -mv) 0,00 - 0,50 AS-1 Grond Kwantitatief (10-12.5 kg)
AS-2-1
0,00 - 0,15
AS-2
Grond Kwantitatief (10-12.5 kg)
AS-3-1
0,00 - 0,10
AS-3
Grond Kwantitatief (10-12.5 kg)
AS-4-1 AS-5-1 AS6 zakken AS6-1 AS7-1 AS7-2
0,00 - 0,20 0,00 - 0,10 0,00 - 0,35
AS-4 AS-5 AS6
0,00 - 0,35 0,00 - 0,35 0,00 - 0,35
AS6 AS7 AS7
AS8-1 AS9-1 AS10-1 AS10-2
0,00 - 0,22 0,00 - 0,30 0,00 - 0,25 0,00 - 0,25
AS8 AS9 AS10 AS10
AS11-1 AS12-1 AS13-1 AS14-1 AS15 AS16 AS17 AS18 AS19 AS19 plaatje AS20 AS21 AS22 AS23 AS24 AS25 AS26 AS27 AS28 AS29-1 AS30-1 AS31-1 AS32-1 AS33-1 AS34-1 AS34grijze asbestplaat AS35-1 AS36-1 AS36zwarte asbestplaat AS37-1 AS-38-1
0,00 - 0,25 0,00 - 0,25 0,00 - 0,20 0,00 - 0,20 0,00 - 0,16 0,00 - 0,15 0,00 - 0,31 0,00 - 0,16 0,00 - 0,23 0,00 - 0,23
AS11 AS12 AS13 AS14 AS15 AS16 AS17 AS18 AS19 AS19
Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Verzamelplaat 1 per soort met wassen/drogen Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Verzamelplaat 1 per soort met wassen/drogen Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Verzamelplaat 1 per soort met wassen/drogen Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Asbestonderzoek plaatmateriaal
0,00 - 0,38 0,00 - 0,31 0,00 - 0,32 0,00 - 0,17 0,00 - 0,45 0,00 - 0,50 0,00 - 0,46 0,00 - 0,50 0,00 - 0,35 0,00 - 0,35 0,00 - 0,25 0,00 - 0,15 0,00 - 0,40 0,00 - 0,40 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
AS20 AS21 AS22 AS23 AS24 AS25 AS26 AS27 AS28 AS29 AS30 AS31 AS32 AS33 AS34 AS34
Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Asbestonderzoek plaatmateriaal
Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem
0,00 - 0,25 0,00 - 0,40 0,00 - 0,40
AS35 AS36 AS36
Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Asbestonderzoek plaatmateriaal
Idem Idem Idem
0,00 - 0,15 0,00 - 0,50
AS37 AS-38
Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg)
Idem Idem
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Motivatie Ter plaatse van asbestgat 33 met gewogen gehalte van 8,7 mg/kg ds. Ter plaatse van asbestgat 10 met gewogen gehalte van 160 mg/kg ds. Verder in kaart brengen asbestverontreiniging rondom asbestgat 10. Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem
Monster1 AS-39-1 AS-40-1 AS-40vlakke plaat AS-41-1 AS-42-1 AS-43-1 AS-44-1 AS-45-1 AS-46-1 AS-46vlakke plaat
Monstertraject (m -mv) 0,00 - 0,40 0,00 - 0,48 0,00 - 0,48
Deelmonsters
Analysepakket
Motivatie
AS-39 AS-40 AS-40
Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Asbestonderzoek plaatmateriaal
Idem Idem Idem
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,25 0,00 - 0,30 0,00 - 0,15 0,00 - 0,30 0,00 - 0,30
AS-41 AS-42 AS-43 AS-44 AS-45 AS-46 AS-46
Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Asbestonderzoek plaatmateriaal
Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem
1: waarbij AS = asbestsleuf
Naar aanleiding van de resultaten van de asbestanalyses zijn bij monsters AS-2, AS-27 en AS-28 aanvullend SEM-analyses uitgevoerd om de gehalten aan respirabele vezels te bepalen (vezels in fractie <0,5 mm). De geselecteerde monsters zijn in het laboratorium van SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam geanalyseerd. De analyses zijn uitgevoerd conform de bijbehorende protocollen, vallend onder het accreditatieschema van de AS3000-richtlijn. De analysecertificaten zijn weergegeven in bijlage 5.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
5
Resultaten
5.1
Toetsingskaders
Wet bodembescherming (Wbb) Voor de bepaling of en in welke mate bodemverontreiniging aanwezig is, zijn toetsingswaarden opgenomen in de Circulaire bodemsanering 2013 (Wbb-toetsing). De analyseresultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden uit deze circulaire. Aanvullend op de Circulaire bodemsanering toetst Sweco ook aan de tussenwaarde. Dat is het gemiddelde van de achtergrond- en de interventiewaarde. Deze toetsing geeft, in combinatie met de bodemkwaliteitskaart en locatiespecifieke kenmerken, een indicatie voor de noodzaak tot nader onderzoek. Bij de toetsing wordt gebruikt gemaakt van de ’bodemindex’ (+index). Deze index geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet: • Index < 0 : Toetsing onder streefwaarde of achtergrondwaarde, Schoon. • 0 < Index <= 0,5 : Toetsing tussen streefwaarde of achtergrondwaarde en de voormalige tussenwaarde, licht verontreinigd. • 0,5 < Index <= 1 : Toetsing tussen voormalige tussenwaarde en de interventiewaarde, matig verontreinigd. • Index > 1 : Toetsing overschrijdt de interventiewaarde, sterk verontreinigd.
Niet
Verhoogd
Matig verhoogd
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
hechtgebonden
Sterk verhoogd
Sterk verhoogd
Versie: Concept
hechtgebonden
verhoogd
100 mg/kg ds gg
en puin
100 mg/kg ds gg
50 mg/kg ds gg
0 mg/kg ds gg Asbest in grond
1000 mg/kg ds gg
Voor de bepaling of en in welke mate bodemverontreiniging met asbest aanwezig is, is de interventiewaarde asbest vastgelegd in de Circulaire bodemsanering 2013. Daarnaast zijn grenswaarden voor hechtgebonden en niet-hechtgebonden asbest vastgelegd. De toetsingsmogelijkheden voor nader bodemonderzoek asbest zijn als volgt:
Besluit bodemkwaliteit (Bbk) Voor de toepassing van grond gelden de toetsingswaarden in de Regeling bodemkwaliteit, behorend bij het Besluit bodemkwaliteit. Middels deze toetsing wordt de grond ingedeeld in een hergebruiksklasse. Waterbodem Het materiaal van de waterbodem (baggerspecie of slib) wordt beoordeeld op de verspreidingsmogelijkheden op een aangrenzend perceel en op de toepassingsmogelijkheden elders (op landbodem). Verspreiden op aangrenzend perceel heeft in het algemeen de voorkeur. Aangrenzende landeigenaren hebben een ontvangstplicht. Het toetsingskader hiervoor beoordeeld de ecologische risico’s van het totaal aan parameters via de msPAF (meer-soorten Potentieel Aangetaste Fractie). In onderstaand figuur zijn de toetsingsmogelijkheden weergegeven. Verspreiden op aangrenzend perceel Verspreidbaar en ontvangstplicht
msPAF
Niet verspreidbaar
Als verspreiden niet mogelijk is, kan de baggerspecie elders worden toegepast, direct of via een tijdelijke opslag. Hiervoor gelden de normen van het Besluit bodemkwaliteit. Veiligheidsaspecten voor werk in of met verontreinigde grond (CROW 400) De veiligheidsaspecten voor werken in of met verontreinigde grond worden indicatief beoordeeld op basis van de CROW 400. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de toetsingstool van het laboratorium. Een nadere toelichting op de toetsingskaders is opgenomen in bijlage 7.
5.2
Grond (NEN 5740)
De resultaten van de Wbb-toetsing ter bepaling van de mate van bodemverontreiniging zijn opgenomen in bijlage 6 en samengevat in tabel 5-1. Hierbij is de bodemindex tussen haakjes weergegeven. Tabel 5-1: Monster
Resultaten Wbb-toetsing grond Monstertraject (m -mv)
Deelmonsters
>AW
Boringen ter plaatse van deel dat later is gezeefd. Resultaat niet langer relevant. 27-1 0,00 - 0,33 B27 PCB (som 7) (-), Zink (0,31) 29-3 0,90 - 1,25 B29 BGMM02 0,00 - 0,50 B18, B24, B25, B26, PCB (som 7) (-), Minerale olie B28 C10 - C40 (0,01), Zink (0,16) PAK 10 VROM (-) BGMM03 0,00 - 0,50 B23, B29 Zink (0,15) Actuele situatie BGMM01 0,00 - 0,50 B07, B09, B15, B16, Zink (-) B17 OGMM01 0,25 - 0,95 B15, B23, B26, B27 BGMM04 0,00 - 0,50 18AA, 26AA PCB (som 7) (0,01), Minerale olie C10 - C40 (0,02), Zink (0,15), PAK 10 VROM (-) BGMM05 0,00 - 0,50 20, 21 PCB (som 7) (-), Zink (0,22) BGMM06 0,00 - 0,50 04, 06, 10, 12, 19 PCB (som 7) (-), Zink (0,01) PAK 10 VROM (0,02) BGMM07 0,00 - 0,40 30, 31, 32 Zink (0,39)
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
>T
>I
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Monster
Monstertraject (m -mv)
Deelmonsters
>AW
>T
>I
OGMM02 4-8 BG1
0,40 - 1,90 0,00 - 0,50
-
0,00 - 0,50 0,00 - 0,40 0,00 - 0,20 0,00 - 0,15 0,00 - 0,40 0,00 - 0,40 0,00 - 0,40 0,00 - 0,45 0,00 - 0,30 0,00 - 0,25
-
-
42-1 43-1 44-1 45-1 46-1 47-1
0,00 - 0,30 0,00 - 0,25 0,00 - 0,25 0,00 - 0,15 0,00 - 0,40 0,00 - 0,40
42 43 44 45 46 47
PCB (som 7) (-), Zink (0,23), Lood (0,04) ,PAK 10 VROM (-) PCB (som 7) (-), Zink (0,44) Zink (0,01) Zink (0,1) Zink (0,12) PCB (som 7) (-), Zink (0,1) PCB (som 7) (0,01) Zink (0,15) PAK 10 VROM (0,02) Zink (0,31), PAK 10 VROM (-) PCB (som 7) (-), Zink (0,28) PCB (som 7) (0,01), Zink (0,32) PCB (som 7) (0,01), Zink (0,08) PCB (som 7) (0,01), Zink (0,12)
-
4-8 BG2 BGMM08 05 11 13 Pb03 pb01-1 39-1 40-1 41-1
11, 21, 32 22a, 23a, 24a, 25a, 27a, 28a, 29a 33, 34, 35, 36 05, 11, 13, pb03 05 11 13 Pb03 pb01 39 40 41
-
-
5.3
Asbest
De resultaten van het verkennende asbestonderzoek (gaten) zijn opgenomen in bijlage 11. Bij asbestgat 10 is een gewogen gehalte van 160 mg/kg d.s. gemeten, wat aanleiding gaf tot het nader asbestonderzoek. Ten tijden van het verkennende asbestonderzoek is ook asbestverdacht plaatmateriaal verzameld en geanalyseerd. Uit de berekening van het asbestgehalte aan maaiveld blijkt het maaiveld niet sterk verontreinigd met asbest (gewogen gehalte van 4,6 mg/kg d.s.). De resultaten van het nader asbestonderzoek zijn opgenomen in bijlage 12 en samengevat in tabel 5-2.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Tabel 5-2: Resultaten toetsing gewogen totaalgehalte asbest per sleuf Onderzoekspunt Gehalte in fractie Gehalte in fractie Gewogen (monstertraject in >20 mm Cm <20 mm Ca totaalgehalte Cgg m-mv) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds)
Toetsing
AS-1 (0,00 - 0,50)
1
3,5
-
AS-2 (0,00 - 0,15)
240
2400
***
AS-3 (0,00 - 0,10)
1
0,8
-
AS-4 (0,00 - 0,20)
210
1600
***
AS-5 (0,00 - 0,10)
8
7,6
-
AS6 (0,00 - 0,35)
32
32
-
AS7 (0,00 - 0,35)
1,9
1,9
-
AS8 (0,00 - 0,22)
<2
AS9 (0,00 - 0,30) AS10 (0,00 - 0,25)
1 8,7
AS11 (0,00 - 0,25)
9,8
-
26
-
<2
AS12 (0,00 - 0,25)
5
AS13 (0,00 - 0,20)
7,2
-
<2
AS14 (0,00 - 0,20)
150
AS15 (0,00 - 0,16)
1500
***
<2
AS16 (0,00 - 0,15)
8
44
-
AS17 (0,00 - 0,31)
36
360
***
AS18 (0,00 - 0,16) AS19 (0,00 - 0,23)
<2 3,7
120
AS20 (0,00 - 0,38)
1200
***
<2
-
AS21 (0,00 - 0,31)
21
210
***
AS22 (0,00 - 0,32)
480
2600
***
AS23 (0,00 - 0,17)
11
98
**
AS24 (0,00 - 0,45)
1
8,3
-
AS25 (0,00 - 0,50)
1
6,5
-
AS26 (0,00 - 0,46)
9
13
-
AS27 (0,00 - 0,50)
19
150
***
AS28 (0,00 - 0,35)
300
3000
***
AS29 (0,00 - 0,35)
2
9,1
-
<2
-
AS30 (0,00 - 0,25) AS31 (0,00 - 0,15)
3
23
-
AS32 (0,00 - 0,40)
14
49
-
AS33 (0,00 - 0,40)
1
7,3
-
30
170
***
<2
-
28
-
AS34 (0,00 - 0,50)
2,6
AS35 (0,00 - 0,25) AS36 (0,00 - 0,40)
2,9
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
4
Onderzoekspunt (monstertraject in m-mv)
Gehalte in fractie >20 mm Cm
Gehalte in fractie <20 mm Ca
Gewogen totaalgehalte Cgg
(mg/kg ds)
(mg/kg ds)
(mg/kg ds)
AS37 (0,00 - 0,15) AS38 (0,00 - 0,50)
59
Toetsing
<2
-
590
***
AS39 (0,00 - 0,40)
-
AS40 (0,00 - 0,48)
1
AS41 (0,00 - 0,50)
3
1
-
4,2
-
AS42 (0,00 - 0,50)
-
AS43 (0,00 - 0,25)
3
5,6
AS44 (0,00 - 0,30)
-
AS45 (0,00 - 0,15) AS46 (0,00 - 0,30)
0,7
9
42
-
8
10
-
Verklaring toetsing -
geen overschrijding van de toetsingsnormen
**
overschrijding van de norm ''0,5 x interventiewaarde'' (tussenwaarde)
***
overschrijding van de norm ''interventiewaarde'', er is sprake van ernstige verontreiniging
Aangezien er gehalten niet-hechtgebonden asbest boven de 100 mg/kg zijn aangetoond, zijn bij 3 asbestmonsters SEM-analyses uitgevoerd. Bij AS-2 zijn 3 vezels crocidoliet aangetoond met een gewogen gehalte van 5 mg/kg. Bij AS-27 zijn geen vezels aangetoond. Bij AS-28 zijn 2 vezels crocidoliet aangetoond met een gewogen gehalte van 1,0 mg/kg. Op basis van deze resultaten (respirabele vezels < 10 mg/kg) is er geen sprake van onaanvaardbare risico’s en is een spoedige sanering niet nodig (zie bijlage 7).
5.4
Grondwater
De resultaten van de Wbb-toetsing ter bepaling van de mate van verontreiniging van het grondwater zijn opgenomen in bijlage 6 en samengevat in de tabel 5-3. Hierbij is de bodemindex tussen haakjes weergegeven. Tabel 5-3:
Resultaten Wbb-toetsing grondwater
Peilbuis
Filterstelling (m -mv)
>S
>T
>I
pb01a
3,85 - 4,85
Kobalt (0,1) Cadmium (0,01) Kobalt (0,14), Zink (0,01), Cadmium (0,03) Naftaleen (-) Zink (0,22), Cadmium (0,43), Barium (0,1) Kobalt (0,01), Cadmium (0,38)
-
Nikkel (1,03)
-
Nikkel (1,42)
Kobalt (0,55)
Nikkel (3,08)
-
Nikkel (1,42) Zink (2,09)
herbemonstering 17-01-2023 pb02a pb03a
4,00 - 5,00 herbemonstering 17-01-2023 3,90 - 4,90 herbemonstering 17-01-2023
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Er wordt opgemerkt dat de hoge troebelheid van het grondwater uit alle peilbuizen (zie paragraaf 3.4) naar verwachting geen invloed heeft gehad op het analyseresultaat, omdat de gemeten parameters geen organische verbindingen betreffen. Naar verwachting heeft de beluchting van peilbuizen pb01a (bij bemonstering op 30 augustus 2022) en pb03a (bij bemonstering op 30 augustus 2022 en bij herbemonstering op 17 januari 2023) geen invloed gehad op het analyseresultaat, omdat de verhoogd gemeten parameters geen vluchtige verbindingen betreffen.
5.5
Waterbodem
De resultaten van de toetsing ter bepaling van de hergebruiksklasse en verspreidbaarheid van de waterbodem (baggerspecie), zijn opgenomen in bijlage 6 en samengevat in tabel 5-4. Tabel 5-4:
Resultaten toetsing waterbodem
Monster
Monstertraject (m -mv)
Deelmonsters
Hergebruiksklasse Bbk
Verspreidbaar op aangrenzend perceel
WBMM01
0,00 - 0,50
0,00 - 0,15 0,00 - 0,30
Klasse industrie (PCB is de klasse bepalende parameter) Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar
Ja
WBMM02 WBMM03
S01, S02, S03, S04, S07, S08, S09 S05, S06 S11, S12, S13, S14, S15, S16, S17, S18, S19, S20
5.6
Ja Ja
Hergebruik van grond
De resultaten van de Bbk-toetsing ter bepaling van de hergebruiksklassen, zijn opgenomen in bijlage 6 en samengevat in tabel 5-5. Tevens is de toetsing weergegeven op een kaart in bijlage 2. Tabel 5-5: Monster
Resultaten Bbk-toetsing grond Monstertraject (m -mv)
Deelmonsters
Hergebruiksklasse Bbk
Boringen ter plaatse van deel dat later is gezeefd. Resultaat niet langer relevant. 27-1 0,00 - 0,33 B27 Klasse industrie 29-3 0,90 - 1,25 B29 Altijd toepasbaar BGMM02 0,00 - 0,50 B18, B24, B25, B26, Klasse industrie B28 BGMM03 0,00 - 0,50 B23, B29 Klasse industrie Actuele situatie BGMM01 0,00 - 0,50 B07, B09, B15, B16, Altijd toepasbaar B17 OGMM01 0,25 - 0,95 B15, B23, B26, B27 Altijd toepasbaar BGMM04 0,00 - 0,50 18AA, 26AA Klasse industrie BGMM05 0,00 - 0,50 20, 21 Klasse industrie BGMM06 0,00 - 0,50 04, 06, 10, 12, 19 Altijd toepasbaar BGMM07 0,00 - 0,40 30, 31, 32 Klasse industrie OGMM02 0,40 - 1,90 11, 21, 32 Altijd toepasbaar 4-8 BG1 0,00 - 0,50 22a, 23a, 24a, 25a, Klasse industrie 27a, 28a, 29a 4-8 BG2 0,00 - 0,50 33, 34, 35, 36 Klasse industrie BGMM08 0,00 - 0,40 05, 11, 13, pb03 Klasse wonen
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Monster
Monstertraject (m -mv)
Deelmonsters
Hergebruiksklasse Bbk
05 11 13 Pb03 pb01-1 39-1 40-1 41-1 42-1 43-1 44-1 45-1 46-1 47-1
0,00 - 0,20 0,00 - 0,15 0,00 - 0,40 0,00 - 0,40 0,00 - 0,40 0,00 - 0,45 0,00 - 0,30 0,00 - 0,25 0,00 - 0,30 0,00 - 0,25 0,00 - 0,25 0,00 - 0,15 0,00 - 0,40 0,00 - 0,40
05 11 13 Pb03 pb01 39 40 41 42 43 44 45 46 47
Klasse industrie Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Klasse industrie Altijd toepasbaar Klasse industrie Klasse industrie Klasse industrie Klasse industrie Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Klasse industrie
Bovenstaande toetsing geeft een eerste indicatie van de kwaliteitsklasse van de te hergebruiken grond. Voorliggend onderzoek kan niet gebruikt worden als milieuhygiënische verklaring die bij een melding van het toepassen van grond in het kader van de Bbk dient te worden aangeleverd. Hiervoor dient een partijkeuring conform de BRL1000 te worden uitgevoerd.
5.7
Voorlopige veiligheidsklasse
De veiligheidsaspecten voor werken in of met asbestverontreinigde grond worden beoordeeld op basis van de CROW 400. De berekende resultaten, zoals weergegeven in de paragraaf 5.2, zijn getoetst aan de veiligheidsnormen. Voor de toetsing zijn zowel het gewogen totaalgehalte bovengrens als het totaalgehalte gebruikt. De toetsingsmogelijkheden zijn als volgt:
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
100 mg/kg ds gg
50 mg/kg ds gg
(niet respirabel) asbest
0 mg/kg ds gg Asbest in grond
Geen veiligheidsklasse
Beheersmaatregelen: voorkom
Veiligheidsklasse zwart niet vluchtig
10 mg/kg ds gg
Respirabel
5 mg/kg ds
respirabel
stofvorming en verslepen bouwstoffen
In de grond overschrijdt het gehalte asbest de norm van 100 mg/kg ds gg. Voor werken in en met de grond is, voor asbest, de veiligheidsklasse Zwart niet-vluchtig van toepassing. De veiligheidsmaatregelen dienen tevens gebaseerd te worden op chemische parameters. Met behulp van de toetsingstool van het laboratorium is vastgesteld dat geen veiligheidsklasse van toepassing is op basis van de gemeten gehalten aan chemische parameters (zie bijlage 9). Een beschrijving van de veiligheidsmaatregelen voor werken in en met (asbest)verontreinigde grond is opgenomen in bijlage 7.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
6
Interpretatie
6.1
Verontreinigingssituatie
Grond De bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie bestaat uit een laag zand van 0,0 tot circa 1,50 m-mv. Hieronder bevindt zich een natuurlijk kleilaag tot circa 3,5 m-mv. Zintuiglijk zijn in de opgeboorde en opgegraven grond verontreinigingskenmerken waargenomen in de vorm van bijmengingen met met name puin en baksteen. Aan de hand van de bodemopbouw zijn monsters geselecteerd voor analyses in het laboratorium. Op basis van de resultaten van deze analyses kan gesteld worden dat: • In de bovengrond (0,0 – 0,5 m-mv) maximaal licht verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK, PCB en minerale olie zijn aangetoond. • In de ondergrond geen verhoogde gehalten zijn aangetoond. • OCB (bestrijdingsmiddelen) zijn niet verhoogd aangetoond. • Deze lichte verontreinigingen waarschijnlijk te relateren zijn aan de bijmengingen en de historische bedrijfsactiviteiten op de locatie. Grond met betrekking tot asbest Uit het nader asbestonderzoek blijkt dat de bovengrond van de onderzoekslocatie heterogeen verontreinigd is met asbest. Van de 46 sleuven zijn er in 11 sleuven gewogen totaalgehalten asbest van >100 mg/kg ds aangetoond. Het gaat om 11 sleuven in het noordelijk deel van de locatie. Met het geheel aan toetsingsresultaten konden hiermee verontreinigingsspots worden bepaald van >10 m³ aan grond.
Er zijn 5 spots aangewezen (I, II, IIA, III en IV) die zijn weergegeven in figuur 6.1 en bijlage 2. Deze spots zijn aanwezig ter plaatse van de voormalige nertsenstallen (sheds). Uit het vooronderzoek is gebleken dat deze sheds asbesthoudende daken hadden. Een gedeelte van de sheds had geen asbesthoudende daken. Dit betreft de sheds aangeduid met de zwarte en blauwe contour (gebied A en B) Ter plaatse van de sheds in gebied A en B zijn geen sterk verhoogde gehalten met asbest aangetoond. Derhalve wordt aangenomen dat de verontreiniging met asbest is veroorzaakt door de asbesthoudende sheds of andere asbesthoudende toepassingen (bijvoorbeeld verhardingen met puin) tussen deze sheds.
Figuur 6.1: Deellocaties asbestonderzoek. Zie bijlage 2 voor gehele tekening.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Over een gezamenlijk oppervlak van 1.761 m² is de grond sterk verontreinigd met asbest. De verontreiniging is aanwezig tot circa 0,5 m-mv. Het gezamenlijke volume van de spots bedraagt 542 m³. In bijlage 7 is aangegeven hoe de risico’s van een asbestverontreiniging dienen te worden bepaald. Voor de verontreinigingssituatie zijn deze stappen doorlopen. Er is sprake van een historisch geval (ontstaan voor 1 juli 1993): de sheds zijn gebouwd in 1960 en de asbestverontreiniging hangt samen met deze sheds. Er is sprake van een ernstig geval (gehalten >100 mg/kg d.s., maar doordat er geen respirabele vezels in gehalten boven de 10 mg/kg d.s. zijn aangetoond is er geen sprake van onaanvaardbare risico’s en is spoedige sanering derhalve niet nodig. Naast asbest in de grond is op het maaiveld asbestplaatmateriaal waargenomen. Dit is verspreid over het gehele terrein waargenomen, tevens ter plaatse van het gedeelte dat twee keer is gezeefd (zie bijlage 2 voor de kaart met vindplaatsen). Grondwater De grondwaterstand in de 3 geplaatste peilbuizen bevind zich tussen circa 2,0 en 3,5 m-mv. Uit de 3 geplaatste peilbuizen zijn watermonsters genomen. In peilbuis pb01a is een sterke concentratie aan nikkel aangetoond (en licht verhoogde concentraties aan kobalt en cadmium), ook bij de herbemonstering.
Tevens zijn licht verhoogde concentraties aan kobalt, zink en cadmium aangetoond bij de herbemonstering. In peilbuis pb02a is een licht verhoogde concentratie aan naftaleen aangetoond. Bij de herbemonstering zijn geen verhoogde concentraties aangetoond. In peilbuis pb03a is een sterk verhoogde concentratie aan nikkel, een matig verhoogde concentratie aan kobalt en licht verhoogde concentraties aan zink, cadmium en barium aangetoond. Bij de herbemonstering zijn sterk verhoogde concentraties aan nikkel en zink aangetoond en licht verhoogde concentraties aan kobalt en cadmium. De bron van de sterk verhoogde concentraties aan nikkel en zink is niet eenduidig vast te stellen. Tijdens de veldmetingen van het grondwater is bij peilbuizen pb01a en pb03a een lage pH gemeten. Een lage pH, oftewel verzuring, kan leiden tot een grotere oplosbaarheid van zware metalen. Het is echter niet vast te stellen waar deze lage pH door wordt veroorzaakt. Sterk verhoogde concentraties zijn tevens in eerdere onderzoeken (zie bijlage 3 Vooronderzoek) aangetoond. Een rapport van Platform bodembeheer Brabant (Omgaan met regionaal verhoogde concentraties van zware metalen in het grondwater in Noord-Brabant, Werkgroep Zware metalen – Platform bodembeheer Brabant, d.d. 01-11-2011) bevestigt dat sterk verhoogde concentraties aan zware metalen in het grondwater regelmatig voorkomen in deze regio.
De sterk verhoogde concentraties aan zware metalen worden daarom gezien als een van nature verhoogde achtergrondgehalten. Deze conclusie is bevestigd tijdens een afstemming met de omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (e-mail Peter van Bergen, 23-9-2022). Voor grondwater zijn naast de streef- en interventiewaarden ook risicogrenswaarden opgesteld voor drinkwater, veedrenking, beregening en humane risico’s. De sterk verhoogd gemeten concentratie zink overschrijdt geen van deze normen. De gemeten verhoogd gemeten concentratie nikkel overschrijdt de norm voor drinkwater en veedrenking. Daarnaast is in peilbuis pb03a bij de meting van augustus 2022 de risicogrenswaarde voor beregening overschreden. Waterbodem De onderzochte mengmonsters van de 2 slootjes aan de grens met de Heuveleindseweg bevatten maximaal licht verhoogde gehalten aan zink, PAK en/of PCB. Deze lichte verontreinigingen waarschijnlijk te relateren zijn aan de bijmengingen en de historische bedrijfsactiviteiten op de locatie.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
6.2
Noodzaak tot vervolgonderzoek
De onderzoeksresultaten van de grond geven vanuit de Wet bodembescherming geen aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek, omdat de gehalten aan chemische parameters uit het standaardpakket en OCB-pakket niet boven de tussenwaarden liggen. Hetzelfde geldt voor de resultaten van de waterbodem. In het grondwater komen wel concentraties voor boven de tussenwaarden (zelfs boven de interventiewaarden), maar deze concentraties worden gezien als van nature verhoogde waarden die volgens Sweco en de omgevingsdienst Zuidoost-Brabant niet nader onderzocht hoeven te worden. Wat betreft asbest in de grond is er sprake van 5 losse gevallen (spots) van ernstige bodemverontreiniging. Deze zijn met voorliggend onderzoek in horizontale en verticale richting ingekaderd en hoeven derhalve niet verder onderzocht te worden. Er dient wel een procedure in het kader van de Wet bodembescherming uitgevoerd te worden voordat begonnen mag worden met graafwerkzaamheden of de herontwikkeling van het gebied.
6.3
Hergebruik van grond
Wat betreft hergebruik van de grond is de grond van de verontreinigingsspots met asbest niet toepasbaar. Wat betreft chemische parameters uit het standaardpakket is de bovengrond op basis van indicatieve toetsing aan Besluit bodemkwaliteit geclassificeerd als klasse ‘Industrie’ of als klasse ‘Altijd toepasbaar’. De ondergrond is ‘Altijd toepasbaar’. Een kaart hiervan is opgenomen in bijlage 2.
6.4
Hergebruik van waterbodem
De waterbodem (baggerspecie) van de 3 onderzochte waterbodemmonsters is geschikt voor verspreiding op een aangrenzend perceel. De waterbodem (baggerspecie) van monster WBMM01 is geschikt voor toepassing elders (op de landbodem) als klasse ‘Industrie’. De waterbodem (baggerspecie) van monsters WBMM02 en WBMM03 is geschikt voor toepassing elders (op de landbodem) als klasse ‘Altijd toepasbaar’.
6.5
Veiligheidsaspecten
De veiligheidsklasse voor het werken in of met de grond van de onderzoekslocatie is op basis van de asbestverontreiniging vastgesteld op Zwart niet-vluchtig. De definitieve veiligheidsklasse dient te worden vastgesteld door een hogere veiligheidskundige in een veiligheidsplan (V&G-plan).
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
7
Conclusies en advies
7.1
Conclusies
Aanleiding en geschiedenis Sweco Nederland B.V. heeft een verkennend (water)bodemonderzoek inclusief verkennend en nader asbestonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de Heuveleindseweg 20 te Best. Aanleiding voor het uitvoeren van het bodemonderzoek is het voornemen de locatie te ontwikkelen tot woonkavels. De onderzoekslocatie betreft een terrein van een voormalige nertsenfokkerij, waarbij de opstallen zijn gesloopt einde 2021. Het bodemonderzoek op de locatie is in meerdere fases uitgevoerd. De resultaten van de eerste 2 fases (maart 2022 en juli-augustus 2022) gaven aanleiding tot een derde fase van onderzoek. Onderhavige rapportage bevat de resultaten van het bodemonderzoek van fases 1, 2 en 3 en het vooronderzoek, waarmee dit rapport het complete bodemonderzoek beschrijft Hieronder worden de (eind)conclusies weergegeven van de bevindingen van het complete bodemonderzoek. Bevindingen grond • De grond bestaat uit zand van 0,0 tot circa 1,5 m-mv met daaronder een natuurlijke kleilaag tot circa 3,5 m-mv. • In de opgegraven en opgeboorde grond zijn bijmengingen waargenomen met met name puin en baksteen. • In de bovengrond (0,0 – 0,5 m-mv) zijn maximaal licht verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK, PCB en minerale olie aangetoond. • In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten aangetoond.
• Deze lichte verontreinigingen zijn waarschijnlijk te relateren aan de bijmengingen en de historische bedrijfsactiviteiten op de locatie. Bevindingen grond m.b.t. asbest • Op de locatie is sprake van 5 spots met een sterke verontreiniging met asbest. • Over een gezamenlijk oppervlak van 1.761 m² is de grond sterk verontreinigd met asbest. De verontreiniging is aanwezig tot circa 0,5 m-mv. • Het gezamenlijke volume van de spots bedraagt 542 m³. Elke spot heeft afzonderlijk een volume van groter dan 10 m³. • De gehalten aan respirabele vezels bedragen < 10 mg/kg ds. • De verontreiniging valt onder de Wet bodembescherming en betreft een historisch geval van bodemverontreiniging (ontstaan voor 1993). • Uit de risicobeoordeling blijkt dat sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging, waarbij geen sprake is van onaanvaardbare risico’s en een spoedige sanering niet nodig is. • Rondom de sterk verontreinigde spots zijn verhoogde gehalten aan asbest tot 50 mg/kg ds aanwezig. Bevindingen grondwater • In het grondwater zijn sterke concentraties aangetoond aan nikkel en/of zink. • Tevens zijn een matig verhoogde concentratie aan kobalt en licht verhoogde concentraties aan kobalt, cadmium, zink, barium en naftaleen aangetoond. • De sterk verhoogde concentraties worden beschouwd als van nature verhoogde achtergrondgehalten.
• De verhoogde concentraties nikkel overschrijden de risicogrenswaarde voor drinkwater, veedrenking en plaatselijk voor beregening (pb03a).
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Bevindingen waterbodem • In de waterbodem zijn maximaal licht verhoogde gehalten aan zink, PAK en/of PCB aangetoond. • De waterbodem (baggerspecie) is geschikt voor verspreiding op een aangrenzend perceel.
7.2
Advies
Aangezien er sprake is van een ernstige bodemverontreiniging, dient bij grondroerende werkzaamheden een procedure in het kader van de Wet bodembescherming doorlopen te worden. Omdat er sprake is van een verontreiniging met asbest, adviseert Sweco om een BUS-procedure (categorie: immobiel) uit te voeren. Bij deze saneringsprocedure is milieukundige begeleiding noodzakelijk. Los van het bovenstaande wordt aanbevolen het maaiveld te ontdoen van asbestverdachte materialen door middel van handpicking. Ondanks dat er, op basis van de gehalten aan respirabele vezels, geen onaanvaardbare risico’s aanwezig zijn, wordt aanbevolen om reeds voorafgaand aan de sanering beheersmaatregelen te treffen om blootstelling aan asbestvezels te voorkomen. Bij de BUS-procedure dient gewerkt te worden volgens de veiligheidsklasse Zwart niet-vluchtig, zoals omschreven in de CROW 400. Voorafgaand aan de werkzaamheden dient een veiligheidsplan (V&Gplan) te worden opgesteld en goedgekeurd door een hogere veiligheidskundige. De ontgraven grond die vrijkomt bij de BUS-procedure dient naar een erkende verwerker afgevoerd te worden. De grond buiten de 5 spots van ernstige bodemverontreiniging is indicatief beoordeeld als klasse ‘Industrie’ of klasse ‘Altijd toepasbaar’ voor hergebruik. De waterbodem van de 2 sloten op de grens met de Heuveleindseweg kan worden verspreid op een aangrenzend perceel.
Vanwege de sterk verhoogde concentraties in het grondwater wordt gebruik van het grondwater voor beregening of veedrenking afgeraden.
Bodemonderzoek wordt in beginsel steekproefsgewijs uitgevoerd. Ondanks het feit dat Sweco Nederland B.V. bij de uitvoering van deze werkzaamheden aansluit bij landelijke kwaliteitsrichtlijnen en regelgeving, maakt het steekproefsgewijze karakter van het onderzoek het niet mogelijk om garanties af te geven ten aanzien van een eventueel beschreven verontreinigingssituatie. Sweco Nederland B.V. accepteert dan ook geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever of derden naar aanleiding van het door Sweco Nederland B.V. uitgevoerde bodemonderzoek nemen.
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Bijlage 1 Ligging onderzoekslocatie
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Heuveleindseweg 20 Best
Opdrachtgever: Ruimte voor Ruimte II C.V. Projectnummer: 51004644 Status: Definitief Datum: 9-10-2023 Schaal: 1:30.000 Formaat: A4 Getekend: HvdB - Gecontroleerd: EL
Onderzoekslocatie
0
500
1.000
© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
1.500
2.000 meter
´
P:\240\377619_Heuveleindseweg_20_-_Best\2. Do Work\GIS\mxd\377619 Heuveleindseweg GIS.aprx 9-10-2023 16:29
Ligging onderzoekslocatie
Bijlage 2 Kaart onderzoekslocatie inclusief toetsing en verontreinigingsspots
Sweco | Projectnummer: 51004644 Datum: 3-11-2023
Versie: Concept
Legenda
07
08 -26
4
3 AS-
-40 AS
AS
I (358 m2 - 111 m3)
14
22
17
-4 AS 26
24
12 38
s20
0
AS-5
AS
10
28
III 17 9 -2 AS
9
AS
6
26
18
AS
20 30
2150
40
24
29
-45
20
22
-4 AS
19
5
-3 AS
0
3 AS-
AS -
AS1
3
AS
25
AS-15
AS-17
13
23
II AS-3
16
28 23Esri Nederland, Community Map Contributors
60 meter
29
5
4
-4 AS
20
IIA
-25
37
6
18
AS-18
AS -3 6
28
AS -
3
AS-5
-9 AS
III
30 AS-
9
2 AS-
9
-3 AS
31
-8 AS 14
-4 AS
2
-3 AS
28
23
21
27
31 32 30 34
AS-1 33
35
Verkennend en nader asbestonderzoek
Legenda Toetsing gaten (mg/kg ds)
Toetsing sleuven (mg/kg ds)
<2
<2
2-25
2-25
50-100
25-50
>100
50-100
Geen analyse
>100
>1000
Kabels en leidingen Buisleiding gevaarlijke inhoud Datatransport Gas lage druk Laagspanning Riool onder druk
36
Heuveleindseweg 20 Best Water Verkaveling Terrein 2 keer gezeefd Voormalige sheds: gebied A
Opdrachtgever: Ruimte voor Ruimte II C.V. Projectnummer: 51004644 Status: Definitief Datum: 19-09-2023 Schaal: 1:1.000 Formaat: A3
Voormalige sheds: gebied B
Getekend: MT - Gecontroleerd: EL
Onderzoekslocatie
0
10
20
30
40
© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
´
60 Esri50Nederland, Community Map Contributors meter
P:\240\377619_Heuveleindseweg_20_-_Best\2. Do Work\GIS\mxd\377619 Heuveleindseweg GIS.aprx 19-9-2023 20:05
36
AS1
AS-18 AS-17
AS-4 2
AS -
-4 AS
12
11 2 ASASII 19 3 2 ASAS-2 3 2 S- IIA A 13 19 5 -3 S A
31
2 AS-2
AS1
AS-7
10
4
AS
-8 AS
-4 AS
16
AS
7
-2 AS 3 -3
AS
AS-11
AS-6
-4 AS
-25
10
AS -39 AS
AS
0
04
AS-7
AS-6
-1 AS
3
-4 AS
AS-2 4
2 AS-1 AS-11
AS-14
05
I
16 AS-
1 -2 AS 7 AS-3
AS-15
AS
AS
-32
11
AS-14
-20
3 -3
15
09
05
7 AS-3
I
-43 AS
06
-40 AS
IIA (62 m2 - 11 m3)
34 AS- IV
1 -2
AS
2 AS-1
16 AS-
-26 AS
-38 AS
IV (356 m2 - 178 m3)
08 -41 AS
AS-4 2
07
15
06
-20 AS
III (160 m2 - 56 m3)
09
0 -1 AS
II (825 m2 - 186 m3)
IV
-38 AS
Verontreinigingsspots
1
-4 AS
j K x h
7
h > W
Legenda
"
"
"
05
"
11
"
06
07
"
08
"
09
"
15
"
14
"
17
10
s01 # * s02 * # s03 # * # s05 s04 * # * # s06 * # s07 s08* # s09 * # * " 16 # s10 *