24001.1 - Raadsvoorstel Bekostigingssystematiek bereikbaarheid Brainport
Tekst van het document
Voorstel aan de Raad
Vergadering Raadsvergaderdatum
: Gemeenteraad Best : 05-02-2024
Onderwerp Bekostigingssystematiek bereikbaarheid Brainport Aanleiding De regio heeft grote ambities. Dit brengt ook grote investeringen op het gebied van mobiliteit met zich mee. De gemeenteraad van Best heeft daartoe in oktober 2022 het volgende besluit 1 genomen over de financiële bijdrage aan het Korte Termijn Maatregelen pakket (KTM) Randweg A2:
1. In te stemmen met het Kortetermijnmaatregelenpakket Randweg A2 Eindhoven. 2. In te stemmen met benodigde regionale cofinanciering van 25% aan het kortetermijnmaatregelpakket Randweg A2 Eindhoven door de 21 gemeenten van de MRE en hiertoe specifiek een gemeentelijke bijdrage te leveren aan: a. de realisatie van mobiliteitshubs ter grootte van € 309.000,-; b. de realisatie van fietsroutes ter grootte van € 4.520.000,- ten behoeve van de realisatie van de volgende fietsroutes: • F2 doorfietsroute Den Bosch – Eindhoven; • F58 doorfietsroute Wilhelminakanaal; • Fietsverbinding Pendelroute. Tijdens het BO-MIRT in 2022 zijn afspraken gemaakt tussen het Rijk, de provincie en de regio over een aanvullend maatregelenpakket. In het verlengde van het MIRT-onderzoek verstedelijking en bereikbaarheid Brainport zijn maatregelen gedefinieerd die de komende periode uitgevoerd moeten worden om de schaalsprong te accommoderen. Dit maatregelenpakket resulteert in een investering van €1.57 miljard. (incl. BTW, prijspeil 2022). Voor de bekostiging van dit maatregelenpakket zijn in het BO MIRT op 9 november 2022 concrete afspraken gemaakt tussen het Rijk en de regio. Afgesproken is dat het Rijk 996.25 mln. (63,5%) en de regio 573.75 mln. (36,5%) van de kosten dekt.
Onderdeel van dit pakket is ook het station Eindhoven CS/Multimodale Knoop XL, waarover een verdeelsleutel tussen Rijk, provincie en regio MRE is afgesproken. Dit onderdeel maakte nog geen deel uit van het raadsbesluit uit oktober 2022. De MRE regio doet nu een beroep op alle gemeenten2 voor een bijdrage aan het totale eerste maatregelenpakket. Het AB MRE heeft hierbij het volgende besloten:
1. Kennis te nemen van de bekostigingssystematiek en de bijdrage per gemeente. 2. Ermee in te stemmen dat als onderdeel van de bekostigingsmethodiek een Publiek Bereikbaarheidsfonds Brainport wordt opgezet, onder te brengen bij de Metropoolregio Eindhoven, en de nadere uitwerking van dit fonds en een voorstel tot instelling af te wachten. 1 2
Raadsvoorstel en -besluit zie bijlagen Aanbiedingsbrief MRE, notitie bekostigingssystematiek, notitie vragen en antwoorden zie bijlage
*IN23-02355*
IN23-02355/ Pagina 1 van 7
3. De notitie “regionale bekostigingssystematiek” vrij te geven voor besluitvorming in de 21 gemeenteraden. 4. De gemeenteraden te verzoeken in te stemmen met de bekostigingssystematiek en de bijdrage per gemeente, zoals opgenomen in de notitie, maar met inachtname van de nadere uitwerking hiervan in de Samenwerkingsovereenkomst (SOK). 5. De MRE geeft opvolging aan de afspraken uit het BO MIRT 2022 en stelt in het najaar een gezamenlijk mobiliteitspakket vast, waarvan het regionale deel door het Poho mobiliteit wordt herkend en wordt vastgesteld als toekomstige bereikbaarheidsmaatregelen. Dit vormt de basis om voor wat de (boven)regionale maatregelen betreft met partners (Rijk, provincie en Brainportpartners) te komen tot afspraken over bekostiging. Voor dit gezamenlijke mobiliteitspakket wordt de vastgestelde bekostigingsmethodiek gebruikt en spannen we ons als gehele MRE-regio in. Ook bij toekomstige mobiliteitsontwikkelingen binnen de MRE is het uitgangspunt dat de MRE één ecosysteem is, waarbij deze mobiliteitspakketten de gehele regio vertegenwoordigen en gezamenlijke financiering plaatsvindt op basis van de vastgestelde bekostigingsmethodiek en wederkerigheid. 6. De MRE geeft uitwerking aan de voorgestelde systematiek en stelt hiertoe een samenwerkingsovereenkomst (SOK) op, die in het najaar aan alle gemeenten ter vaststelling zal worden aangeboden.
In deze SOK worden afspraken vastgelegd over de werkwijze van de bekostigingssystematiek en het publieke bereikbaarheidsfonds. Het MRE heeft inmiddels een concept raadsvoorstel opgesteld en voorgelegd aan de colleges en raden. Concreet voor Best gaat het– bovenop de door de raad al vastgestelde bijdrage aan mobiliteitshubs en fietsroutes – om een bijdrage van nog eens € 1,3 mln., die toegerekend is aan Eindhoven CS/Multimodale Knoop XL. Advies 1. In te stemmen met de ‘regionale bekostigingssystematiek’ voor zover deze ziet op het onderscheid in Rijksprojecten (bijdrage 100% Rijk), routegebonden projecten (bijdrage naar rato grondgebied), locatiegebonden projecten (naar locatie), regiobrede projecten (naar inwonertal) en combinatieprojecten (combinatie). 2. In te stemmen met het beschikbaar stellen van €1,3 miljoen voor de benodigde regionale cofinanciering door de 21 gemeenten van de MRE in het voorgestelde maatregelenpakket, onder de voorwaarde dat de versterking van de hoogwaardige OV-knooppunten die zijn vermeld in de OV-knooppuntenstrategie uit de ontwikkelstrategie ZO-Brabant financieel vergelijkbaar worden behandeld als de (OV) knoop XL; 3. Het bedrag van €1,3 miljoen pas daadwerkelijk beschikbaar te stellen wanneer: a. Alle 21 gemeenten van de MRE hun bijdrage leveren; b.
De Samenwerkingsovereenkomst (SOK) Regionale Mobiliteit MRE is goedgekeurd door het College en na toestemming van uw raad; c. Het Publiek Bereikbaarheidsfonds met bijdrageverordening en nadere regels is goedgekeurd door het College; d. Het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE is goedgekeurd door de raad. 4. Het bedrag van € 1,3 miljoen ten laste te laten brengen van de Algemene Reserve; 5. De zienswijze op de concept SOK Regionale Mobiliteit MRE vast te stellen; 6. Kennis te nemen van het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE en uw eventuele wensen en bedenkingen hierover aan te geven bij het College. Argumenten
1.1 Mobiliteit is een regionale opgave die vraagt om een regionale aanpak De gehele regio heeft baat bij verbeteringen in het (boven)regionale mobiliteitssyteem. Daarmee is mobiliteit een regionale opgave die vraagt om een regionale aanpak. De schaalsprong van de regio en de gewenste
*IN23-02355*
IN23-02355/ Pagina 2 van 7
mobiliteitstransitie vragen om een forse investering. Op basis van de uitkomsten van het MIRT-onderzoek van november 2020 zijn er tijdens het BO-MIRT in 2022 afspraken gemaakt tussen het Rijk, de provincie en de regio over een maatregelenpakket. In opvolging van dit eerste pakket wordt momenteel een aanvullend maatregelenpakket uitgewerkt voor de gehele MRE in het kader van de schaalsprong van de Brainport (Multimodaal Mobiliteitspakket MRE). Dit vormt de basis voor de programmering op het gebied van mobiliteit voor de komende jaren. Om de benodigde maatregelen gefinancierd te krijgen, zal de MRE intensief moet samenwerken met het Rijk, de provincie Noord-Brabant en het bedrijfsleven. De regio heeft deze partners niet alleen nodig om het in november 2022 overeengekomen pakket aan mobiliteitsmaatregelen te kunnen financieren, maar ook voor de financiering van toekomstige maatregelen. Ervaring leert dat een krachtige regionale samenwerking, de kans op een bijdrage van partners vergroot. Dit vraagt dat de MRE zich opstelt als betrouwbare samenwerkingspartner met een eenduidig geluid, een gezamenlijke strategie en een regionale bekostigingssystematiek. Zo wordt het geheel veel meer dan de som der delen.
1.2 Bekostigingsafspraken op basis van verdeelsleutel Om te komen tot bekostigingsafspraken is een regionale bekostigingssystematiek uitgewerkt. Voor wat betreft het regionale aandeel worden afspraken gemaakt tussen de provincie Noord-Brabant, Brainportpartners (bedrijven, campussen, kennisinstellingen) en de MRE-gemeenten. Voor de maatregelen wordt steeds een verdeelsleutel bepaald tussen de betrokken partijen. Om te komen tot een verdeelsleutel tussen de betrokken partijen worden verschillende type projecten onderscheiden (zie onderstaande tabel). Elk type project kent een eigen grondslag voor de (regionale) bijdrage. Daarbij is overigens alleen bij projecten met een Rijksbelang sprake van een Rijksbijdrage. Daar waar het om een bijdrage van gemeenten en/of de provincie gaat, zullen respectievelijk de gemeenteraden en provinciale staten moeten instemmen met de financiële afspraken.
1.3 Publiek bereikbaarheidsfonds voor regiobrede projecten Naast de eigen bijdrage van de uitvoerende partij (doorgaans de gemeente op wiens grondgebied het project wordt gerealiseerd), een projectspecifieke bijdrage van de provincie of een projectspecifieke Rijksbijdrage, kan er ook sprake zijn van een regiobrede bijdrage. De regiobrede bijdragen van MREgemeenten lopen via een Publiek Bereikbaarheidsfonds. De bijdragen van Brainportpartners lopen via een Privaat Bereikbaarheidsfonds Brainport. Vanuit deze fondsen vindt respectievelijk de regiobrede publieke en private cofinanciering van projecten plaats. De projectspecifieke, route-gebonden of locatie-gebonden bijdragen van gemeenten en de provincie gaan rechtstreeks naar het betreffende project. Deze bijdragen lopen dus niet via het Bereikbaarheidsfonds. Ook de Rijksbijdrage gaat rechtstreeks naar de projecten. Bij toekomstige mobiliteitsontwikkelingen binnen de MRE is het uitgangspunt dat voor (boven)regionale bereikbaarheidsmaatregelen gezamenlijke financiering plaatsvindt op basis van de regionale bekostigingsmethodiek en wederkerigheid.
2.1 + 3.a Om de groei op te vangen is mobiliteitstransitie noodzakelijk De MRE groeit veel harder dan verwacht. Om de groei aan inwoners, banen en woningen op te vangen is een mobiliteitstransitie noodzakelijk. De MRE functioneert als een ‘’Daily Urban System’’, één regio waarin
*IN23-02355*
IN23-02355/ Pagina 3 van 7
dagelijks de belangrijkste woon- en werkverplaatsingen plaatsvinden. De Mobiliteitstransitie is erop gericht om andere vormen van mobiliteit, dan het autoverkeer, te stimuleren. Er wordt ingezet op een mobiliteitstransitie naar meer OV (o.a. Multimodale knoop Eindhoven CS en HOV4), deelconcepten, fietsen lopen en Smart Mobility. Daarnaast wordt in de hoofdstructuur van Brainport op logische plekken voorzien in multimodale hubs. De hubs zijn goed bereikbaar voor autoverkeer en worden vervolgens goed ontsloten door OV, fiets en overige vormen van deelvervoer. Bereikbaarheid en verstedelijking zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zonder deze Mobiliteitstransitie legt de groei van het autoverkeer een te grote claim op de ruimte (infrastructuur en parkeren) en op de leefbaarheid in steden en dorpen (geluidsoverlast, luchtkwaliteit, minder ruimte voor groen). Om de dorpen en steden bereikbaar en leefbaar te houden is het belangrijk dat er bijgedragen wordt aan de mobiliteitstransitie. De gehele regio heeft baat bij verbeteringen in het (boven)regionale mobiliteitssysteem.
2.2 + 3.a Regionale verantwoordelijkheid door bijdrage aan bereikbaarheidsopgave Met het raadsbesluit over het Kortetermijnmaatregelenpakket Randweg A2 Eindhoven (oktober 2022) en de bijdrage van €1,3 mln. onder voorwaarden beschikbaar te stellen, laat Best zien dat er regionale verantwoordelijkheid genomen wordt om bij te dragen aan de mobiliteitstransitie en de bereikbaarheidsopgave Brainport.
3. Het bedrag wordt voorwaardelijk beschikbaar gesteld. Op 30 oktober 2022 heeft de raad de bijdrage vanuit Best voor het Korte Termijnmaatregelen A2 pakket geaccordeerd. Dit bedrag is destijds voorwaardelijk beschikbaar gesteld. Het beschikbaar stellen van de gelden voor de regionale hub zijn gekoppeld aan de inrichting van governance van de regionale hubs. De gelden voor de fietspaden worden pas beschikbaar gesteld nadat de bestuursovereenkomst getekend is. Voor het daadwerkelijk beschikbaar stellen van € 1,3 miljoen voor de benodigde regionale cofinanciering door de 21 gemeenten van de MRE wordt een vergelijkbare aanpak voorgestaan. De voorwaarden waaronder de € 1,3 miljoen beschikbaar wordt gesteld zijn: De versterking van de hoogwaardige OV-knooppunten die zijn vermeld in de OVknooppuntenstrategie uit de ontwikkelstrategie Zuid Oost Brabant worden financieel vergelijkbaar behandeld als het (OV) knoop XL; Alle 21 gemeenten van de MRE hun bijdrage leveren; De Samenwerkingsovereenkomst (SOK) Regionale Mobiliteit MRE is goedgekeurd door het College en na toestemming van uw raad; Het Publiek Bereikbaarheidsfonds met bijdrageverordening en nadere regels is goedgekeurd door het College; Het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE is goedgekeurd door de raad.
3.c Afspraken bekostigingssystematiek worden verder uitgewerkt in een bijdrageverordening met nadere regels Voor wat betreft de regionale bekostigingssystematiek worden de afspraken uitgewerkt en vastgelegd in een fonds, onder de MRE, met bijdrageverordening en nadere regels. Eerder werd er nog vanuit gegaan dat ook hiervoor een separate SOK met kenmerken van een lichte Gemeenschappelijke Regeling (GR) nodig was. Nu onlangs de GR MRE is geactualiseerd is dit niet meer nodig. De afspraken gaan over de bekostigingssystematiek, de werkwijze van een Publiek Bereikbaarheidsfonds, over de organisatie (inclusief capaciteit, rol- en taakverdeling) en over de governance (inclusief overlegstructuur en escalatie). Ook worden afspraken vastgelegd over de financiering van projecten en het fonds, over indexatie, over BTW, over de verdeling van de gelden over projecten, over handelswijze bij uitnutting van beschikbare middelen en/of wat te doen met eventuele overschotten, over (eventueel) toeen uittreden van partijen, over geschillen en over duur/opheffing van het fonds.
*IN23-02355*
IN23-02355/ Pagina 4 van 7
Daarnaast zullen de voorwaarden voor de afzonderlijke projecten die aanspraak kunnen maken op de fondsen, worden vastgelegd in separate Subsidiebeschikkingen. In de Subsidiebeschikking zullen spelregels worden vastgelegd over de wijze van toekenning van middelen, over indexatie en over BTW. Ook worden in de Subsidiebeschikking afspraken vastgelegd over verantwoording richting de fondsen en over de handelswijze bij afwijkingen t.o.v. de oorspronkelijke raming en/of de planning.
5.1 Vaststellen van de zienswijzen op de concept SOK Regionale Mobiliteit MRE Op 13 juli 2023 heeft het POHO mobiliteit ingestemd met de concept Samenwerkingsovereenkomst Regionale Mobiliteit MRE. Hierin zijn afspraken opgenomen die gericht zijn op het uitvoeren van gemeentegrens overstijgende programma’s en projecten onder een centrale aansturing en coördinatie op zowel bestuurlijk als ambtelijk niveau. Gemeenten wordt gevraagd om voor 31 januari 2024 zienswijzen in te dienen op de Samenwerkingsovereenkomst Regionale Mobiliteit MRE. Best heeft aangegeven dit na de raadsvergadering van 5 februari te doen. De concept SOK Regionale Mobiliteit MRE is met een conceptzienswijze aan dit raadsvoorstel toegevoegd.
6.1 Uw wensen en bedenkingen op het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE In december is het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE vrijgegeven ter bespreking voor de gemeenteraden. Gevraagd wordt aan de gemeenten om voor 31 januari 2024 input te leveren op het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE. Best heeft aangegeven dit na de raadsvergadering van 5 februari te doen. Het College verzoekt u om kennis te nemen van het document en uw wensen en bedenkingen hierover aan te geven. Risico’s
3.1 Niet bijdragen doet afbreuk aan de regionale samenwerking De regio is met het Rijk en de provincie Noord-Brabant een pakket van maatregelen overeengekomen om de bereikbaarheid te verbeteren. De bijdrage van het Rijk en de provincie is onder voorbehoud van de bijdrage van de regio. Het is aan de regio om de afgesproken bijdrage op te brengen. Dit raadsvoorstel dient door alle 21 gemeenteraden van de MRE te worden goedgekeurd. Indien individuele gemeenten besluiten niet deel te nemen doet dit afbreuk aan de regionale samenwerking die nodig is om de majeure mobiliteitsopgave in de mainport Brainport aan te pakken. Een goede bereikbaarheid en leefbaarheid houdt niet op bij een gemeentegrens. Om deze reden wordt elke gemeente van de Metropoolregio gevraagd een bijdrage te leveren aan de regionale bereikbaarheidsopgave. In de komende jaren worden er meerdere regionale opgaven verder opgepakt, waarin de concrete investeringen in de gehele MRE-regio landen.
3.2. Niet bijdragen kan ertoe leiden dat cofinanciering van het Korte Termijn-pakket A2 op losse schroeven komt te staan. Op 30 oktober 2022 heeft de raad de bijdrage vanuit Best voor dit pakket geaccordeerd. Hier is sprake van cofinanciering. Indien Best niet bijdraagt aan de gevraagde regionale cofinanciering, bestaat het risico dat er voor Best geen sprake zal zijn van cofinanciering van het Korte Termijn pakket.
3.3. Niet bijdragen kan ertoe leiden dat de Rijksbijdrage in gevaar komt. De bijdrage van Best is een onderdeel van een totaalpakket waarvoor o.a het Rijk een bijdrage levert. Indien Best en mogelijkerwijs ook andere gemeenten hun bijdrage niet leveren, bestaat de mogelijkheid dat de Rijksbijdrage van €996.25 mln. in gevaar komt. Kanttekening
Gemeenten zijn niet verplicht om mee te betalen Uw raad heeft het budgetrecht en dient daarom bedragen te reserveren en vervolgens kredieten/middelen ter beschikking te stellen. Zolang dit niet is gebeurd, zijn er geen bindende financiële afspraken gemaakt.
*IN23-02355*
IN23-02355/ Pagina 5 van 7
Een gemeente kan dus niet zonder meer door collega-gemeenten, de regio, de provincie of het Rijk worden gedwongen tot het betalen van een bijdrage. Er is geen instrument ontwikkeld en/of vastgesteld om een niet-participerende gemeente vooraf of achteraf te dwingen om mee te betalen aan de maatregelen. In lijn met het bovenstaande kan het niet zo zijn dat het niet bijdragen van een gemeente automatisch leidt tot het extra belasten van de andere gemeenten. In een dergelijke situatie zullen de overige regiogemeenten bezien hoe zij omgaan met de ontstane situatie en hier nadere afspraken over maken. Kosten en dekking De additionele bijdrage (€ 1,3 mln.) zal gedekt worden uit de Vrije Algemene Reserve. Dit zal verwerkt worden in de 1e financiële rapportage 2024. Participatie De bekostigingssystematiek en de additionele bijdrage komen voort uit regionale besluitvorming. In Best is geen verder participatietraject nodig. Communicatie De MRE zal de coördinatie voeren over de communicatie rondom de besluitvorming en verdere uitvoering van de bekostigingssystematiek, de SOK regionale mobiliteit MRE en het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE. Dit in nauwe afstemming met de betrokken gemeenten. Voor de realisatie van de afzonderlijke maatregelen zijn specifieke projectorganisaties verantwoordelijk.
Deze projectorganisaties zullen de coördinatie voeren over de communicatie rondom de besluitvorming en uitvoering van betreffende projecten. Dit in nauwe afstemming met de direct betrokken gemeenten. Procedure en planning Samenwerkingsovereenkomst Regionale Mobiliteit MRE Op 13 juli 2023 heeft het POHO mobiliteit ingestemd met de concept samenwerkingsovereenkomst Regionale Mobiliteit MRE, onder de voorwaarde dat een aantal aandachtpunten nog meegenomen worden. Gemeenten wordt gevraagd om voor 31 januari 2024 zienswijzen in te dienen op deze Samenwerkingsovereenkomst Regionale Mobiliteit MRE. Best heeft aangegeven dit na de raadsvergadering van 5 februari te doen. Na verwerking van de zienswijzen wordt de definitieve Samenwerkingsovereenkomst regionale mobiliteit aangeboden aan de gemeenten, ter besluitvorming. Op 20 maart 2024 wordt de Samenwerkingsovereenkomst tijdens het POHO Mobiliteit getekend, waarna deze in werking treedt. Publiek Bereikbaarheidsfonds Eerder werd er nog vanuit gegaan dat ook hiervoor een separate SOK met kenmerken van een lichte Gemeenschappelijke Regeling (GR) nodig was. Nu onlangs de GR MRE is geactualiseerd is dit niet meer nodig. In plaats hiervan wordt een fonds ingericht, onder de MRE, met bijdrageverordening en nadere regels. Voor de beoogde inhoud hiervan verwijzen we naar argument 3.5.
Voorafgaand aan het besluit tot instelling van dit fonds doorloopt de MRE nog een zienswijzeprocedure om gemeenten bestuurlijk te consulteren. Het instellingsbesluit is voorzien in het Algemeen Bestuur MRE van 5 juli 2024. Multimodaal Mobiliteitspakket MRE In december is het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE vrijgegeven ter bespreking voor de gemeenteraden. Gevraagd wordt aan de gemeenten om voor 31 januari 2024 input te leveren op het Multimodaal Mobiliteitspakket MRE. Best heeft aangegeven dit na de raadsvergadering van 5 februari te doen. Op basis van de geleverde input worden de documenten aangepast, waarna op basis van de huidige planning de definitieve versie tijdens het POHO mobiliteit van 20 maart vrijgegeven kan worden richting de gemeenteraden ter vaststelling.
*IN23-02355*
IN23-02355/ Pagina 6 van 7
Evaluatie n.v.t. Bijlagen die horen bij dit raadsvoorstel: Nummer IN22-02515 IN22-02593 BL23-12032 PI23-03993 BL23-12033 BL23-12034 BL23-12035 IN23-02511 BL23-15838 PU23-02915 BL23-18079
Openbaar Titel (ja/nee) Raadsvoorstel KTM Randweg A2 Eindhoven (okt. ’22) ja Raadsbesluit KTM Randweg A2 Eindhoven (okt. ’22) ja Brief AB MRE aan formateur en statenleden ja Brief AB MRE aan raden over bekostigingssystematiek ja Concept raadsvoorstel (voorstel MRE) ja Vragen en antwoorden (MRE) ja Notitie Regionale Bekostigingssystematiek (MRE) ja Raadsbesluit Regionale Bekostigingssystematiek ja Concept Samenwerkingsovereenkomst Regionale Mobiliteit MRE 2023 ja Concept Zienswijze concept SOK Regionale Mobiliteit MRE 2023 ja Multimodaal Mobiliteitspakket MRE (concept) ja
Indien niet openbaar, wegens (klik hier voor informatie)
12-12-2023 burgemeester en wethouders van Best,
Hans Ubachs Burgemeester
Jolie Hasselman Secretaris
*IN23-02355*
IN23-02355/ Pagina 7 van 7