CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

23051.11a - Beantwoording Technische vragen Best Open inz. Stationsomgeving

Raadsvergadering 30 oktober 2023, gemeente BestBij agendapunt: 23051 - Masterplan Stationsomgeving - Vaststellen adviesmodel 'De Best(s)e stationsomgeving'1.634 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen Vragen: U kunt uw vraag mailen naar raadsgriffie@gembest.nl * Naam + politieke partij Raadsvoorstel/onderwerp

Hans Berkers Best Open 23051 - Stedenbouwkundige invulling Stationsomgeving

Vragen en antwoorden:

Dorpsplein 2 Postbus 50 5680 AB Best T: 0499 360 375 raadsgriffie@gembest.nl www.gemeentebest.nl

Vraag 1:

We kunnen nergens vinden hoe en wanneer aan de participatie deelnemers vooraf duidelijk is gemaakt hoe, in relatie tot welke andere facetten, hun voorstellen uiteindelijk worden afgewogen. Het is niet: u vraagt, wij draaien. 1. Klopt onze waarneming niet, waar kunnen we ik dit onderdeel terugvinden. 2. Is het niet verstandig dit alsnog toe te voegen aan de communicatie.

Antwo ord 1:

Wij hebben participanten zo vrij mogelijk laten meedenken over verschillende thema’s. De kaders van de gemeenteraad zijn tijdens alle participatiemomenten het uitgangspunt geweest. In onze communicatieboodschappen zijn de uitgangspunten meerdere malen gecommuniceerd. Dit staat ook zo in het participatieplan (https://pleinbest.nl/files/pleinbest.nl/uploads/files/731605/Participatieplan%20Stationsomgevi ng%20Best.pdf) dat vooraf is gecommuniceerd. “We willen meningen, ideeën of adviezen op halen en samenwerken aan oplossingen. Door te luisteren verhogen we de kwaliteit van het plan. Dit betekent niet per definitie het opvolgen van alle wensen, maar wel er zo goed mogelijk rekening mee houden! De door de gemeenteraad vastgestelde kaders zijn het startpunt.”

Vraag 2: Antwo ord 2:

De participatie inbreng is onder andere een van de afwegingen in het adviesmodel. Ons is de adviesgroep nog niet helemaal duidelijk. Graag wat meer info over de samenstelling, hoe vaak zijn ze bijeen geweest, en waar heeft hun input geleid tot wijzigingen? En wat is het vervolg van de adviesgroep in het verdere proces? De adviesgroep bestaat uit zes personen. 3 omwonenden, de voorzitter van bewonersoverleg Naestenbest, de Parochie en de winkelgebiedenmanager. Deze groep heeft meegedacht over het participatieproces. We stelden hen vragen zoals: hoe bereiken wij de meeste doelgroepen? Hebben wij alle doelgroepen in beeld? Wat vinden jullie belangrijk als het gaat om communicatie? Is de website overzichtelijk en is de informatie vindbaar? Mis je informatie? Zijn er onduidelijkheden? Horen jullie positieve of negatieve signalen in de buurt of bij belanghebbenden? De rol van de adviesgroep staat ook beschreven in het participatieplan (https://pleinbest.nl/files/pleinbest.nl/uploads/files/731605/Participatieplan%20 Stationsomgeving%20Best.pdf) Input of suggesties hebben wij overgenomen waar dat mogelijk was. We hebben onderbouwd als het overnemen van suggesties niet mogelijk was. Daarnaast hebben wij de adviesgroep betrokken bij onze communicatie uitingen (artikelen in Groeiend Best en social media).

We hebben enkele leden van de adviesgroep mee laten lezen met de communicatieboodschap en gevraagd of deze duidelijk was. Ook gaf de adviesgroep suggesties over bijvoorbeeld de aanpak van de participatiemomenten. In het totaal zijn zij vier keer bij elkaar geweest.

1

Beantwoording technische vragen

Vraag 3:

Antwo ord 3: Vraag 4:

Antwo ord 4: Vraag 5:

Antwo ord 5:

Vraag 6:

Antwo ord 6:

Vraag 7:

Het vervolgproces met deze adviesgroep moet nog besproken worden na vaststelling van het adviesmodel in de gemeenteraad. De adviesgroep heeft aangegeven graag betrokken te blijven. Het gebruik van deelauto’s is blijkbaar een omstreden optie. Wordt dit thema nu afgeschreven of niet en komt het als meer specifiek onderwerp dan nog expliciet aan de orde verderop in het participatieproces. Als het thema wordt afgeschreven op welke manier en wanneer wordt dat dan gecommuniceerd aan de deelnemers. Het thema deelmobiliteit is niet afgeschreven. In het toegezonden adviesmodel maakt deelmobiliteit een wezenlijk onderdeel uit van de plannen. Zie ook de bij het raadsvoorstel gevoegde rapporten van Kwirkey en Goudappel. In de scenario’s wordt veel gesproken over de Rembrandtlaan. Er wordt gesproken over wat het niet moet worden, maar wat wordt het wel? Het is een onderdeel van de oost-west route langzaam verkeer veronderstellen wij. Klopt dat? Zo ja, krijgt de Rembrandtlaan met het zeer brede profiel dan ook een andere invulling dan nu, dat ingericht is op het fietsverkeer dat vanuit Naastenbest, Schutboom, Heivelden en Heuveleind naar station en centrum wil? De Rembrandtlaan maakt in de nieuwe plannen een belangrijk onderdeel uit van de Oost-West langzaam verkeerroute. In de verdere planuitwerking zal worden gekeken of het noodzakelijk is de inrichting aan te passen. Financiën.

Er is een overzicht van kosten gepresenteerd. Hier is echter geen uitleg bij gegeven. Bij de beantwoording van de schriftelijke vragen van D’66 wordt gemeld dat de vragen ter beantwoording zijn teruggelegd bij Gloudemans. Wanneer kunnen de antwoorden en het inzicht verwachten? We hebben behoefte aan: welke kosten zijn het (alleen investeringskosten?) staat er dekking tegenover deze kosten? zo ja, hoe groot is die dekking dan? hoe groot worden de subsidies ingeschat? De kosten zijn investeringskosten per bouwsteen. Hierbij valt te denken aan herinrichten openbaar gebied, sloop- en bouwkosten voor fiets en autoparkeervoorzieningen. Het betreffen geen exploitatie- of beheerskosten De dekking van deze investeringskosten is voor het huidige financiële overzicht buiten beschouwing gehouden. Het vinden van dekking en ook het vinden van subsidies wordt in een volgende fase onderzocht (en ingeschat). Fietsparkeren. Het fietsparkeren wordt in scenario 3 gepland in de plint van het noordelijke gebouw aan de “langzaam verkeersroute van station naar centrum”. Is dit gebouw het bestaande gebouw van Tapijtcentrum waar de afgelopen maanden gevelonderhoud aan gepleegd is? Bestaat er een mogelijkheid om het fietsparkeren ondergronds te realiseren? Ook als het in een bestaand gebouw is? Nee, dit is niet het gebouw van het Tapijtcentrum, maar een nieuwe bouwmassa.

Het Tapijtcentrum wordt aan de west- en zuidzijde ingepakt door nieuwe bebouwing. Het college heeft in het adviesmodel ervoor gekozen om een nieuwe fietsenstalling te realiseren ten westen van de tunnelbak en ten noorden van het station. Een ondergrondse fietsenstalling is enorm duur en daarmee geen reële haalbare optie. Het plein voor het station aan de noordkant wordt gebruikt voor evenementen. Wordt daar in de stedenbouwkundige uitwerking ook rekening mee gehouden dat deze functie behouden moet blijven op deze plek?

Antwo ord 7:

In de stedenbouwkundige uitwerking wordt de mogelijkheid voor evenementen aan de noordzijde meegenomen.

Vraag 8:

In variant 2A wordt het fietsparkeren ten noorden van het station op het tunneldek gepositioneerd. Op de huidige plek (naast het tunneldek) is daardoor de mogelijkheid van een verdieping, die op het dek niet mogelijk is. Betekent dat dan de fietsvoorziening twee keer zo hoog wordt als de huidige en neemt dat niet het zicht op het station niet weg?. 2

Beantwoording technische vragen Antwo ord 8:

Zoals bij vraag 6 geantwoord, komt er een 2-laagse fietsenstalling aan de noordzijde, naast het tunneldek. Hiermee blijft het zicht op het station behouden.

Vraag 9:

We hebben ideeën om wat toe te voegen aan de scenario’s. Bijvoorbeeld. Het fietsparkeren splitsen over twee locaties. Wanneer kunnen we die ideeën het beste inbrengen?

Antwo ord 9:

Bij de sessie van 11 september a.s. kunnen natuurlijk ideeën geopperd worden, maar dit in de raad bespreken hoort thuis in de oordeelsvormende en besluitvormende sessies.

Vraag 10:

Er wordt bij nadelen van sommige scenario’s gesteld dat de bus de langzaam verkeersroute Oost-West kruist. Kunt u ongeveer aangeven hoe vaak dat per uur is met de huidige buslijnen en hun frequentie?

Antwo ord 10:

In het adviesmodel dat het college aan u heeft voorgelegd, is om redenen zoals beschreven, ervoor gekozen het huidige busstation te handhaven en te vergroten voor de aansluiting met de Brainportlijn. Alleen de Brainportlijn zal de oost-westroute kruizen. Over de komst van de Brainportlijn is nog geen besluit genomen en ook de intensiteit is nog onduidelijk. Station Best is benoemd tot regionale OV-knoop. Dat betekent dat verwacht wordt dat inwoners van omliggende dorpen gebruik gaan maken van het station. Als dit succesvol wordt, is dan het aantal parkeerplaatsen van NS wel voldoende?

Vraag 11: Antwo ord 11:

Inwoners van omliggende dorpen maken nu al gebruik van het station. Het aantal gewenste parkeerplaatsen van NS is met het oog op de toekomst door hen bepaald.

Vraag 12:

Is de informatie van het college in de brief van 5-2-2019 (PU19-00369//PI19-00861) over station Best als regionale knoop nog volledig juist? Zo niet, wat is er dan gewijzigd?

Antwo ord 12:

Hoewel enigszins gedateerd is de informatie in de brief van 5-2-2019 in grote lijnen nog steeds juist en actueel. In de regio (het MRE en SGE) staat Best als OV-knooppunt op de agenda. Zie hiervoor bijvoorbeeld het op 18 juli aan de raad gestuurde Ontwikkelperspectief ZO Brabant. We hebben informatie over de Brainportlijn opgezocht. Daar wordt voor Best slechts een hub aangegeven aan de oostkant van de A2 die via de Willem de Zwijgerweg wordt verbonden met het station. Klopt deze informatie en zo niet, graag de juiste informatie?

Vraag 13: Antwo ord 13:

Er is nog geen besluit over de Brainportlijn en de hubs genomen.

Vraag 14:

Er wordt veel gesproken over Oost-West en Noord-Zuid. De ontsluitingsverbindingen voor de auto Oost-West zijn: ringweg noord, Oirschotseweg/Hoofdstraat/Nieuwstraat, Willem de Zwijgerweg en kanaaldijk/Dieze/Bataweg. Kunt u aangeven wat dan de Noord-Zuid ontsluitingsverbindingen voor de auto in Best zijn? De oost-west en noord-zuid verbindingen in de ambitiegids hebben met name betrekking op het verbeteren van de verbindingen voor voetganger en fietser in het stationsgebied.

Antwo ord 14:

In de RIB (PU23-02024) en het daarbij behorende rapport ‘verkeerseffecten woningbouw Best (BL22-13423) hebben wij u inzicht gegeven in de verkeersafwikkeling van de diverse woningbouwlocaties, waaronder de stationsomgeving, met daarbij de conclusie dat het gemeentelijk wegennet voldoende capaciteit heeft om het verkeer in de toekomst af te wikkelen. Voor inzicht in de huidige en toekomstige verkeersstructuur verwijzen wij u naar het rapport ‘Best Mobiel’ dat in december 2017 door de raad is vastgesteld. Meer vragen over hetzelfde onderwerp? Voeg dan rijen toe met de tab-toets. 3

Beantwoording technische vragen

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13314779/1