CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

22059.1 - Raadsvoorstel Grootschalige logistiek

Raadsvergadering 31 oktober 2022, gemeente BestBij agendapunt: Stan van der Heijden1.796 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de Raad

Vergadering Raadsvergaderdatum

: Gemeenteraad Best : 31-10-2022

Onderwerp Raadsvoorstel grootschalige logistiek Aanleiding Voor de nieuwe bedrijventerreinen spraken we in de ‘Programmering nieuwe werklocaties SGE 2021’ als regio Zuidoost-Brabant en provincie af dat uitbreiding van grootschalige logistiek slechts op een beperkt aantal nieuwe terreinen kan plaatsvinden. Dit noemen we selectief clusteringsbeleid. Daarmee versterken we het logistieke systeem en de economie, maar houden we de impact op de (kwaliteit van de) omgeving, het landschap en de mobiliteit beperkt. De ontwikkeling van nieuwe terreinen noemen we Greenfields. Voor de regio Zuidoost-Brabant zijn GDC Acht (Eindhoven) en Westfields fase 3 (Oirschot) aangewezen als mogelijke nieuwe locaties voor vestiging van grootschalige logistiek. Daarbij is de aanvullende voorwaarde gesteld dat logistieke vestigers op deze terreinen Brainport-gerelateerd moeten zijn. Bij Brainport-gerelateerde logistiek gaat het om de afhandeling van goederenstromen die worden gegenereerd door bedrijven uit de High Tech Sytems and Materials (HTSM) sector. Dit betreft grote ondernemingen als ASML, Philips, DAF, maar ook toeleveranciers zoals VDL-groep, Prodrive, NTS, et cetera. Marktpartijen kijken voor de vestiging van grootschalige logistiek echter verder dan alleen naar de aangewezen Greenfields. Ook de bestaande bedrijventerreinen, de zogeheten Brownfields, zijn interessant.

Recent is in opdracht van de provincie voor alle regio’s een onderzoek “Potentie herontwikkeling voor grootschalige logistiek op Brownfields” uitgevoerd door Stec (zie bijlage) naar de vestigings- en herontwikkelingsmogelijkheden op Brownfields voor (X)XL logistiek (> 3 ha.). Herontwikkeling van Brownfields voor logistiek vastgoed komt in Brabant relatief veel voor. In het onderzoek wordt geconcludeerd dat ongeveer één derde van de Brabantse bedrijventerreinen voor de markt interessant is voor vestiging van of herontwikkeling voor grootschalige logistiek. Niet alle Brownfields zijn echter even geschikt of wenselijk voor herontwikkeling tot grootschalige logistiek. Echter, bestemmingsplannen staan de vestiging van grootschalige logistiek op deze terreinen vaak niet in de weg. Dit is een risico voor het selectieve clusteringsbeleid. Deels liggen de mogelijkheden op ongewenste locaties (niet alle terreinen zijn vanuit ruimtelijk en/of infrastructureel oogpunt geschikt). Andere risico’s van logistieke ontwikkelingen op Brownfields zijn: verdringing van vestigingsmogelijkheden van het lokaal MKB, verdringing van bedrijven in regionale speerpuntsectoren en blokkeren van eventueel wenselijke transformaties. De provincie wil daarom samen met de regio’s afspraken maken over het voorkomen van ongewenste grootschalige logistieke ontwikkelingen op bestaande bedrijventerreinen.

De provincie heeft de colleges van B&W van de regio’s gevraagd om een reactie te geven op het Stec onderzoek naar de vestigings- en herontwikkelings-mogelijkheden op Brownfields. In het onderzoek adviseert Stec Groep om een aantal Brownfields terreinen in Zuidoost-Brabant te gebruiken voor clustering van logistiek. Er is voorlopig een eerste afweging gemaakt. Deze afweging is aan de provincie kenbaar gemaakt onder voorbehoud van besluitvorming door de gemeenteraad. Bestaande bedrijventerreinen als ongeschikt aan te wijzen voor vestiging van grootschalige logistiek kan betekenen dat de mogelijkheden van vigerende

*IN22-02660*

IN22-02660/ Pagina 1 van 4

bestemmingsplannen worden ingeperkt. Daarmee is sprake van een beleidswijziging waarover de gemeenteraad een besluit moet nemen. Daarom leggen wij onze afweging ter besluitvorming aan u voor door middel van dit raadsvoorstel. Advies 1. In te stemmen met het standpunt om geen ruimte te bieden aan grootschalige logistieke bedrijven groter dan 3 hectare op bestaande bedrijventerreinen met uitzondering van de reeds aanwezige logistieke bedrijven op de bestaande terreinen. 2. In te stemmen de provincie voor te stellen de bedrijventerreinen Breeven en Heide als ongeschikte locatie aan te wijzen voor vestiging en clustering van grootschalige logistieke bedrijven groter dan 3 hectare. Argumenten

1.1 De beperkt beschikbare ruimte op bedrijventerreinen willen we inzetten voor bedrijven passend bij het Brainport ecosysteem. Gezien de economische groei en de beperkt beschikbare ruimte wensen we de (vrijkomende) ruimte op de bestaande terreinen in te zetten voor bedrijven die passen bij het Brainport ecosysteem, en niet voor grootschalige logistieke ontwikkelingen. In de regio hebben we afspraken gemaakt dat we grootschalige logistiek binnen het Stedelijk Gebied Eindhoven op twee terreinen toestaan, het nieuwe terrein Westfields fase 3 in Oirschot en GDC Acht in Eindhoven. In de ‘Programmering nieuwe werklocaties SGE 2021’ is voor GDC Acht 8,5 hectare opgenomen voor (zeer) grootschalige logistieke bedrijvigheid, waarvan voor 5,5 hectare een bestemmingsplan in voorbereiding is. Voor dit gedeelte is in de programmering de voorwaarde opgenomen dat de grootschalige logistiek Brainport gerelateerd moet zijn. De overige ruimte op de bestaande bedrijventerreinen wordt daarmee uitgesloten voor grootschalige logistiek.

2.1 De vestiging van grootschalig (groter dan 3 hectare) logistieke bedrijven is niet passend op bedrijventerrein Breeven en Heide. Op Breeven staat de voormalige locatie van het distributiecentrum Aldi (De Maas 18) leeg. De druk op de beperkte ontsluiting van Breeven is al jaren een onderwerp van gesprek. Grootschalige logistiek is vanuit dat oogpunt geen optie. Breeven heeft een ligging nabij twee snelwegen, maar er is daarmee nog geen sprake van een uitstekende bereikbaarheid. De verre van optimale ontsluiting (voor logistiek), is één van de redenen van vertrek Aldi. Daarnaast zorgde het distributiecentrum voor overlast in de naastgelegen woonwijk Batadorp. Bovendien is Breeven in het onderzoek van Buck benoemd als één van de toplocaties in de regio. Wij zijn bezig met de profilering van de bedrijventerreinen in Best. Breeven komt daaruit naar voren als een geschikte locatie om meer te profileren als High Tech. Er is al veel bedrijvigheid hierop gericht, maar dat is nog te weinig zichtbaar. Het zou beter passen als dit terrein zich ontwikkeld richting Hightech om aan te sluiten bij ons hightech profiel. Op het bedrijventerrein Heide staat het voormalige pand van DPD (Brem) al lange tijd leeg. Qua bestemming past daar een vergelijkbaar bedrijf. Echter heeft de vestiging van een logistiek bedrijf in het verleden gezorgd voor veel overlast.

Met name door de aan en af rijdende busjes en vrachtwagens. Er ontstonden files en de omgeving had veel last van de geparkeerde vrachtwagens en de activiteiten van de chauffeurs (overnachten, buiten koken, ect.). Op Heide ligt ook de locatie van Philips. Dit is een bedrijf en partner die wij graag behouden voor Best en de regio. Ons is er alles aan gelegen om, waar het in onze macht ligt, dit bedrijf goed te faciliteren. Een terugkeer naar de overlast van voorheen is niet gewenst. Op ’t Zand zijn geen percelen groter dan drie hectare met de bestemming logistiek. Vandaar dat dit terrein niet meegenomen is in de besluitvorming om geen grootschalige logistiek toe te staan op de bedrijventerreinen. Wij vragen u daarom in te stemmen om de provincie voor te stellen de

*IN22-02660*

IN22-02660/ Pagina 2 van 4

bedrijventerreinen Breeven en Heide als ongeschikte locatie aan te wijzen voor vestiging en clustering van grootschalige logistieke bedrijven groter dan 3 hectare.

Risico’s

1.1 Het is wenselijk afspraken te maken over het doorleggen van de planschade/nadeelcompensatie. Op de Omgevingsdag van december 2021 is gekozen voor één centrale gecoördineerde aanpak om de vestiging van grootschalige logistiek groter dan 3 hectare op ongewenste locaties te beperken c.q. te voorkomen. De provincie gaf daarbij aan dat door deze gecoördineerde aanpak eventuele schadeclaims voor rekening van de provincie komen. Het wijzigen van een omgevingsplan vormt echter de aanleiding om planschade te kunnen claimen. Dat betekent dat eventuele planschadeclaims bij de gemeente worden ingediend. De provincie geeft aan dat wanneer dit aanpassen van omgevingsplannen gebeurt op het verzoek van een hoger bestuursorgaan, dat de gemeente deze kosten kan doorleggen aan dat hogere bestuursorgaan. In dit geval de provincie. Zij baseert zich hierbij op artikel 13.3 lid 1 van de Omgevingswet. Het is wenselijk om de eerdere uitspraak van de provincie, dat alle financiële gevolgen voor de provincie zijn, ook in duidelijke en juridisch houdbare afspraken tussen provincie en gemeenten worden vastgelegd en dat deze onderdeel uitmaken van de besluitvorming tussen regio en provincie op de Omgevingsdag van 21 december 2022. Ten tijde van het opstellen van dit raadsvoorstel zijn regio en provincie met elkaar hierover in gesprek. U wordt op een later moment over de uitkomsten geïnformeerd.

1.2. De voorlopige reacties van colleges van B&W vormen input voor het regionale gesprek. De provincie ging er in haar planning en proces van uit dat de colleges van B&W de lokale afweging kunnen maken en dat een actieve betrokkenheid van de gemeenteraad niet nodig is. Zoals in de aanleiding aangegeven, kan door het aanwijzen van bestaande bedrijventerreinen als ongeschikt voor vestiging van grootschalige logistiek betekenen dat de mogelijkheden van vigerende bestemmingsplannen worden ingeperkt. Daarmee is sprake van een beleidswijziging waarover de gemeenteraad een besluit moet nemen. Daarom hebben wij besloten toch onze afweging ter besluitvorming aan u voor door middel van dit raadsvoorstel. In de maanden juli tot en met september heeft het regionale gesprek plaats gevonden tussen regio en provincie. In dat regionale gesprek is duidelijk geowrden wat de uitkomsten van de lokale afwegingen betekenen voor de regio Zuidoost-Brabant. De provincie wil tijdens de Omgevingsdag van 21 december 2022 regionale afspraken maken over de locaties waar ontwikkelingen voor grootschalige logistiek worden toegestaan en waar niet. De stukken voor deze Omgevingsdag moeten begin november worden aangeleverd. Dat maakt dat besluitvorming door de gemeenteraad op de lokale afweging daarvoor moet hebben plaatsgevonden.

Ten tijde van het opstellen van dit raadsvoorstel zijn de uitkomsten van het regionale gesprek nog niet bekend. U wordt op een later moment over de uitkomsten geïnformeerd.

Kosten en dekking Op de Omgevingsdag eind 2021 is door de regio en provincie besloten tot een gezamenlijke centrale aanpak. De provincie heeft daarbij aangegeven dat door deze gecoördineerde centrale aanpak de financiële gevolgen voor rekening van de provincie zijn. Dat vormde een belangrijke reden om in te stemmen met deze centrale aanpak. Zoals hiervoor aangegeven dienen hier duidelijke en juridisch houdbare afspraken tussen provincie en gemeenten gemaakt te worden, opdat hierover in de toekomst geen discussie kan ontstaan. Deze afspraken dienen onderdeel uit te maken van de besluitvorming op de Omgevingsdag van 21 december 2022.

*IN22-02660*

IN22-02660/ Pagina 3 van 4

Participatie N.v.t.

Communicatie De provincie wordt geïnformeerd over het besluit.

Procedure en planning Op de Omgevingsdag van december 2022 worden bestuurlijke afspraken gemaakt. Het regionale gesprek moet leiden tot een gezamenlijk gedragen lijst van locaties die voor (X)XL logistiek in aanmerking komen (en welke dus ook niet). Op 21 december 2022 zal deze lijst worden vastgesteld op de Omgevingsdag ZuidoostBrabant. Op basis daarvan kan de provincie een voorbereidingsbesluit nemen. Nadat dit voorbereidingsbesluit is genomen, moeten gemeenten dit (op een zelf te kiezen moment) verwerken in lokale omgevingsplannen. Deze (herzieningen van) omgevingsplannen worden door de gemeenteraad vastgesteld.

Evaluatie N.v.t. Bijlagen die horen bij dit raadsvoorstel: Nummer Titel BL22-16285 Stec onderzoek

Openbaar Geheim wegens (ja/nee) (klik hier voor informatie) Ja n.v.t.

06-09-2022 burgemeester en wethouders van Best,

Hans Ubachs Burgemeester

Jolie Hasselman Secretaris

*IN22-02660*

IN22-02660/ Pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11865056/1