22048.1a - Beantwoording Technische vragen P.Meeuwis (D66) over woonvisie-woningbouwprognosemonitor
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen Vragen:
Dorpsplein 2
U kunt uw vraag mailen naar raadsgriffie@gembest.nl * Postbus 50 5680 AB Best Naam + politieke partij Pieter Meeuwis D66 Raadsvoorstel/ Periodieke sessie leefomgeving T: 0499 360 375 onderwerp Woonvisie/Woningbouwprognosemonitor Vragen en Vraag Op de voorpagina staat “Leidend is het Afsprakenkader Wonen van het SGE”. Is antwoorden: dit het raadsbesluit van 31-1-2022 (zie 1: https://best.notubiz.nl/document/10961069/1#search=%22afsprakenkader %20wonen%20sge%22 ? Dan zou volgens pag. 39 de woningbouwplanning in Best 3466 woningen (2021-2030) zijn. Antwoo rd 1:
Dit klopt. Het betreft het Afsprakenkader dat de raad op 31-1-2022 heeft vastgesteld. De ambitie voor Best is in het Afsprakenkader bepaald op 4.131 woningen over de periode 2019 (jaar waarin de eerste Woondeal tussen Rijk, provincie en regio werd vastgesteld) tot 2040.
Vraag 2:
In het Beleidsakkoord 2022-2026 (pag. 23) is vastgelegd “De afspraken uit het Afsprakenkader Wonen van het SGE (3466 woningen erbij in 2021-2030) en de Versnellingsopgave Woningbouw (300 woningen per jaar) worden met kracht uitgevoerd. We zorgen voor voldoende ambtelijke capaciteit om deze ambitie uit te voeren.”? Is het juist dat de gemeente Best fors achter ligt op de ambitie tot 2030? Want uit de woningbouwmonitor blijkt : Harde plancapaciteit: In de periode tot 2030 staan hiervan nog ruim 1.100 woningen op de planning om te worden gebouwd. Zachte plancapaciteit: 1350 Overige locaties na 2030: 900 Ook de RIB van 26 juli spreekt van een pijplijn van 2450 woningen.
Antwoo rd 2:
Algemeen In het Afsprakenkader staat een ambitie geformuleerd voor de periode 2019 tot 2040. Die ambitie over die termijn is leidend. d De regionale opgave vanuit de provinciale behoefteprognose bedraagt ongeveer 51.000 woningen. In het kader van de Woondeal is de opgave met 11.000 woningen opgehoogd. Daarbovenop zijn in relatie tot het MIRT nog eens 12.000 woningen toegevoegd aan het programma (met als totaal iets meer dan 74.000 woningen als ambitie voor het SGE). Al met al bedraagt de overcapacitering zo’n 20% tegenover de opgave op basis van de Woondeal en 40% tegenover de opgave, gebaseerd op de behoefteprognose van de provincie. Die overcapacitering is prettig en nodig omdat op voorhand niet vaststaat dat alle plannen de eindstreep halen. Het is dus nodig om alternatieven voor handen te hebben. Doorvertaald naar Best bevat de ambitie dus ook een overcapaciteit. Er vallen dus vast en zeker ook plannen af. Vast staat dat over de regio bekeken, er voldoende plannen voor handen zijn om de ambitie te realiseren. Dit houdt ook in dat de getallen voor 2021-2030 en 2031-2040 een meer indicatief karakter hebben. Dit heeft alles te maken met de vaak complexe weg van idee naar realisatie. Via de monitor die de SGE-gemeenten hebben laten ontwikkelen houden we periodiek de voortgang bij.
Voor Best: De totale harde en zachte plancapaciteit voor plannen in Best over de periode 2019-2030 bedraagt 3.485 woningen. In de gemeente zijn over de afgelopen jaren gemiddeld ruim 200 woningen per jaar gebouwd. Dat is ruim boven de ambitie uit de Woonvisie (160 woningen per jaar). De verwachting is dat deze lijn – dat is eveneens terug te lezen in de grafiek op pagina 6 van de monitor – zich zal voortzetten. En als harde plannen worden uitgevoerd volgens planning en de - nu nog - zachte plannen aan de harde plancapaciteit worden toegevoegd, dan zou de productie per jaar over een langere periode fors hoger uit kunnen komen (maximaal? gemiddeld rond de 280 woningen per jaar). De productie komt nog niet in de buurt van de doelstelling uit het programma Versnelling Woningbouw. Daar is een aantal oorzaken voor te benoemen, zoals op pagina 7 van de monitor vermeld is. Gemeten over de afgelopen jaren zit de productie op of boven de 200 woningen per jaar. De marktomstandigheden geven echter reden tot zorg. Hoewel de rente inmiddels fors gestegen is, heeft dat vooralsnog geen daling van de huizenprijzen tot gevolg. Arbeid is nog steeds schaars en bouw- en grondstoffen zijn als gevolg van allerlei economische en geopolitieke ontwikkelingen erg duur. Voor overheden is het lastig aan gekwalificeerd personeel te komen dat nodig is voor het begeleiden en toetsen van plannen.
Voor ontwikkelaars geldt dit evenzo. Dit kan verschillende gevolgen hebben, waaronder vertraging in het voorbereidingsproces, vertraging van de productie tot zelfs een pas op te plaats door ontwikkelaars om te bouwen. Daarnaast is het bijna een gegeven dat plannen gemiddeld genomen een vrij lange doorlooptijd kennen als gevolg van wet- en regelgeving, 1
Beantwoording technische vragen procedures . De problemen in Best zijn vrij universeel. Een recent artikel in het ED beschrijft bijvoorbeeld dat ook Eindhoven achterloopt bij de ambities (1.500 woningen in 2021 in plaats van 2.500). En ook de provincie Noord-Brabant neemt soortgelijke signalen waar over de gehele breedte van de woningbouw. De zachte plannen die vermeld zijn in de monitor, zijn de plannen waaraan de gemeente momenteel samen met initiatiefnemers en ontwikkelaars werkt of gaat werken. Sommige plannen zijn inmiddels zover dat ze in procedure gaan. Andere plannen zitten in het planvormingsproces. Enkele van deze plannen tellen zwaar mee qua programma (Stationsomgeving, De Boomgaard, Oranjestraat 90-100). De plannen hebben echter te maken met omgevingsfactoren die sterk van invloed zijn op de haalbaarheid en de uiteindelijke realisatie van deze plannen (bij de Stationsomgeving o.a. vastgoedeigenaren, omgeving, tunnel, externe veiligheid, spoorwegen; bij Oranjestraat en Boomgaard o.a. omgeving, LPG-vulpunt). Als die plannen daadwerkelijk leiden tot een bouwtitel, zit en blijft de gemeente (meerjarig) op koers.
Vraag 3:
Voor het Programma Versnellingsopgave Woningbouw heeft de raad geld vrijgemaakt (150.000 per jaar) om projecten vlot te trekken en een aanjager aan te stellen die zorgt dat binnen 30 dagen een intentieovereenkomst en binnen 100 dagen de uitgangspunten voor verder ontwikkeling zijn vastgelegd in een anterieure overeenkomst per initiatief. Dit zou 750 extra woningen opleveren in 2021-2025 (300 per jaar ipv 150 daarvoor). Is die 150.000 per jaar uitgegeven? Is er voldoende ambtelijke capaciteit aanwezig om de ambitie van 3466 woningen waar te maken?
Antwoo rd 3:
De middelen die de gemeenteraad heeft vrijgemaakt, worden op meerdere doelen ingezet, waaronder extra capaciteit (projectleiding, planjuridische capaciteit, vergunningverlening). Er is een taskforce in het leven geroepen waar strategisch naar de ontwikkelopgave wordt gekeken. De basis wordt bovendien op orde gebracht. Denk hierbij aan de herijking van de nota Parkeernormen, de nota Kostenverhaal en het op de uitvoering gerichte Woonprogramma. Door beter te sturen op goede afspraken aan de voorkant en kostenverhaal van ambtelijke inzet tijdens de planvorming, blijven de kosten beheersbaar. De ambtelijke capaciteit blijft overigens een aandachtspunt waar college en organisatie op sturen. Gegeven het belang om de komende jaren de productie op peil te krijgen en te houden is dit een prioriteit. We ontkennen niet dat er redelijk wat verloop is geweest. Tot op heden lukt het ons om de openvallende plekken steeds opnieuw op te vullen, maar ook de gemeente Best kent een enorm opgave om telkens weer aan (extra) voldoende gekwalificeerd personeel te komen, interne medewerkers verder te ontwikkelen en ons voor te bereiden op de komst van de Omgevingswet
Vraag 4:
Kunt u nu aangeven over de huidige pijplijn van woningbouw projecten (en voortaan in de woningbouw monitor opnemen):
Hoeveel intentieovereenkomsten zijn er op dit moment openstaand? Hoeveel anterieure overeenkomsten zijn afgesloten? Kunt u aan de raad een overzicht verstrekken van alle lopende IPNI verzoeken en hun status?
Antwoo rd 4:
Graag zien we nadere verduidelijking op deze vraag.
Vraag 5:
In juli is er een voorlichtingssessie geweest over de MRE Versnellingsopgave. Groeispurt: 100.000 extra woningen in MRE, voor 1 oktober moet de regio duidelijk geven richting minister wat regio aan woningen kan bouwen. Komt dat ook in woningbouwplanning?
Antwoo rd 5:
Op dit moment vindt inderdaad een zogenoemde ‘reality check’ van de woningbouwplannen in de gemeentelijke woningbouwprogramma’s plaats. Dit gebeurt in voorbereiding op de te maken prestatieafspraken tussen Rijk en provincie (en daarmee dus ook de gemeenten). De gemeenten binnen het SGE hanteren hierbij de afspraken zoals vastgelegd in het Afsprakenkader, die ook als bouwsteen gebruikt worden voor het Verstedelijkingsakkoord voor de regio. Het aantal van 100.000 woningen is dus inclusief de ambitie van het SGE.
Vraag 6:
Tijdelijke woningen ontbreken in Woningbouw monitor. Kan een deel van het buitengebied (bijv. omgeving Kapelweg) toegevoegd worden aan het experiment in artikel 6 van het Besluit uitvoering Crisis-en herstelwet (hierna: BuChw)? Dit experiment maakt het mogelijk dat voor de bouw van tijdelijke woningen, waarmee voor een tijdsperiode van langer dan tien jaar wordt afgeweken van het bestemmingsplan, niet de uitgebreide voorbereidingsprocedure van de Wet 2
Beantwoording technische vragen algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo) toegepast hoeft te worden. (Bron: Omgevingsvergunning Castillelaan Eindhoven (max 700 tijdelijke woningen voor max. 30 jaar)) Antwoo rd 6:
Onlangs heeft het college de gemeenteraad geïnformeerd over de rafelranden en ritssluiting rondom Aarlesche Erven. Het college is van plan om voor dit gebied eerst een ontwikkelvisie op te stellen. Aan de hand van de uitgangspunten en randvoorwaarden uit deze visie, kunnen we aan de slag met de planvorming. Dit zal echter niet eerder dan 2025 zijn.
Meer vragen over hetzelfde onderwerp? Voeg dan rijen toe met de tab-toets.
*Als u vóór woensdag 12:00 mailt, spant het college zich in om voor de raadsvergadering of raadsavond uw vraag te beantwoorden.
Artikel uit het Reglement van Orde gemeenteraad Best 2020: Artikel 3.36 – Technische vragen 1.
2.
3.
Technische vragen worden kort en bondig geformuleerd. Het zijn informatieve vragen die bedoeld zijn om een beter begrip van een onderwerp of raadsvoorstel te krijgen. Het kunnen vragen zijn over feiten, omstandigheden en de uitleg daarvan of over de gevolgen van een besluit. Technische vragen moeten ingediend worden bij de griffie. Dit kan tot uiterlijk woensdag voor 12.00 uur, voorafgaand aan de dag van de raadsavond waarop het onderwerp geagendeerd staat. Het college spant zich in om de technische vragen zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk vóór 15.00 uur van de dag van de vergadering of raadsavond te beantwoorden. De antwoorden van het college of de burgemeester worden door de griffie op het raadsinformatiesysteem geplaatst.
3