CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

22046.10 - Bijlage 8.9 - Nota inspraak en vooroverleg

Raadsvergadering 26 september 2022, gemeente BestBij agendapunt: 22046 - Bestemmingsplan Buitengebied25.667 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Het beleid in deze gebieden is gericht op het verbeteren van de condities voor de natuur in de natte natuurparels en een externe bescherming tegen ingrepen die een ongewenste beïnvloeding van deze natuurwaarden kunnen hebben. Er is een hydrologisch standstill van toepassing in deze gebieden en in de beschermingszone er omheen. Daarom is deze zone relevant. Deze zone is gebaseerd op de provinciale verordening van de provincie waarvoor een instructieregel aan de Brabantse gemeenten is opgenomen. Aan deze instructieregel moet worden voldaan en deze zone is daarom ook in het ontwerpplan opgenomen. Naar aanleiding van de reacties is hier nogmaals naar gekeken. De regeling voor realisering van nieuwe boomteelt is aangepast. Uitsluitend indien gronden zijn gelegen binnen de attentiezone waterhuishouding wordt een omgevingsvergunning vereist, zodat het voornemen dan vooraf nader kan worden getoetst aan eventuele effecten op de omgeving. Bestaande boomteeltpercelen binnen deze zone zijn op de verbeelding aangeduid met de aanduiding ’boomteelt’. Voor nieuwe percelen wordt gelet op de hier aanwezige landschaps- en natuurwaarden een nadere afweging op mogelijke negatieve effecten wenselijk geacht. Conclusie

Pagina 68 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. In de regels is de omgevingsvergunningplicht voor aanleg van nieuwe boomteelt aangepast, zodat deze alleen binnen de aanduiding ‘attentie zone – waterhuishouding’ nog van toepassing is.

Pagina 69 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

47. EI19-00314 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Percelen van inspreker die grenzen aan Huiskenshoek zijn aangeduid als AW-NLW, met de nadere aanduiding A-AB SA-MV. Het is inspreker niet duidelijk wat deze aanduiding betekent. Inspreker wil dat de beperkingen op de percelen verwijderd worden.

In het voorontwerpbestemmingsplan is aan het betreffende perceel de bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’ (= A-AB) met de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – melk-/ rundvee’ (= SA-MV) toegekend. Het bouwvlak is aangepast conform het geldend bestemmingsplan, zodat het bouwvlak niet meer binnen aanduiding ‘beperkingen veehouderij’ valt.. Conclusie

De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Op de verbeelding is de agrarische bedrijfsbestemming van de locatie aangepast conform het geldende bouwvlak

Pagina 70 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

48. EI19-00496 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. In de tekst van artikel 40.5 van het 'voorontwerp bestemmingsplan' staan geen expliciete waarden genoemd. Deze waarden moeten niet lager worden dan van toepassing was in het voorgaande bestemmingsplan. b. Door de aanduiding 'overige zone beperkingen veehouderij' wordt het bedrijf van inspreker zeer beperkt. Inspreker verzoekt dit gedeelte te verwijderen uit het bestemmingsplan 2019.

De betreffende regeling is in het ontwerpbestemmingsplan aangepast. Voor betreffende waarden geldt afzonderlijke regelgeving, vastgelegd in het Luchthavenbesluit Eindhoven van 26 september 2014 en geldend vanaf 1 januari 2017, die in het bestemmingsplan dient te worden overgenomen. Deze bepaling is overgenomen uit de provinciale verordening. De gemeente is verplicht deze regeling in haar bestemmingsplan op te nemen. De regeling is echter niet nieuw, in de geldende provinciale verordening is deze bepaling ook al opgenomen met een rechtstreekse werking. De bepaling geldt dus ook als de gemeente het niet zou overnemen in het bestemmingsplan. Deze bepaling is overgenomen uit de provinciale verordening. De gemeente is verplicht deze regeling in haar bestemmingsplan op te nemen. De regeling is echter niet nieuw, in de geldende provinciale verordening is deze bepaling ook al opgenomen met een rechtstreekse werking. De bepaling geldt dus ook als de gemeente het niet zou overnemen in het bestemmingsplan. De aanduiding voor groenblauwe mantel is overgenomen uit de provinciale omgevingsverordening. De gemeente is verplicht deze aanduiding uit het provinciale beleid 1 op 1 over te nemen. Het beleid in de groenblauwe mantel is gericht op het behoud en vooral de ontwikkeling van natuur, watersysteem en landschap.

Binnen de groenblauwe mantel is ruimte voor de ontwikkeling van gebruiksfuncties zoals landbouw en recreatie, met een meer extensief karakter en als die bijdragen aan de kwaliteiten van natuur, water en landschap. De ontwikkeling van nieuwe (kapitaal)intensieve functies, zoals intensieve vormen van landbouw passen minder bij het karakter van deze gebieden. Daarom geldt binnen de groenblauwe mantel aanvullende regels voor de ontwikkeling van die functies. De invliegfunnel is dermate breed dat momenteel het hele bouwvlak en een groot deel van de omliggende gronden daar binnen gelegen is, een vormverandering draagt weinig bij aan het vermijden van de eventuele beperkingen die de ligging in de zone met zich mee brengt. Normaliter gelden de beperkingen voor bouwhoogtes, de locatie is gelegen aan de rand van de funnel, zo ver mogelijk van het vliegveld af. De toegestane bouwhoogtes zijn hier

c. Door het waterschap is het gebied dat is aangeduid als ‘boringsvrije zone’ aangewezen als vergunningsvrij gebied om te boren. Bestaande putten moeten vervangen kunnen worden. Daarom verzoekt inspreker de aanduiding 'boringsvrije zone' te laten vervallen. d. Door de aanduiding 'groenblauwe mantel' wordt, wordt het bedrijf en de gronden van inspreker zeer beperkt. Inspreker verzoekt dit gedeelte te verwijderen uit het bestemmingsplan 2019 of de aanduiding 'op te schuiven' naar het noorden tot de Kruisbeemdenweg.

e. Als de 'luchtvaartzone - invliegtunnel' beperkingen met zich mee kan brengen, wil inspreker mogelijk een verdere aanpassing van het bouwblok.

Pagina 71 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

hoger dan de bouwregels voor het agrarisch bedrijf mogelijk maken. Conclusie De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. In de planregels is de regeling voor de luchtvaartverkeerszone – ihs nader aangevuld, conform het geldend Luchthavenbesluit.

Pagina 72 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

49. EI19-00226 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. In het bestemmingsplan wordt de locatie aangeduid met de enkelbestemming 'Bedrijf1' met functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf-asbestsaneringsbedrijf niet zijnde verwerking asbest ter plaatse'. Op basis van wijziging van inzichten en de bedrijfssituatie bij cliënt zijn zij voornemens de loods ook te gebruiken als Verhuurruimte ten behoeve van opslag'. Deze nieuwe functieaanduiding is daarom passender op Molenheideweg 9. Binnen deze functieaanduiding kan het asbestbedrijf ook geplaatst worden, aangezien het bedrijf deze locatie alleen voor opslag en stalling van materieel gebruikt. b. In het bestemmingsplan wordt een maximale oppervlakte bedrijfsbebouwing aangegeven van 967 m2 voor de Molenheideweg 9. De oppervlakte van de loods die op dit moment aanwezig is en is vergund op 9-11-2017 (bij gevoegd), bedraagt 1.000 m2. Inspreker verzoekt om de maximale oppervlakte bedrijfsbebouwing hieraan aan te passen. c. Inspreker verzoekt het bouwvlak aan te passen naar 5000 m2 conform bijgevoegde tekening.

Inmiddels is met inspreker afgesproken dat hier een aparte procedure voor wordt doorlopen. Hierover is de gemeente met inspreker in gesprek.

d. Inspreker verzoekt een wijzigingsbevoegdheid op te nemen voor de redelijke uitbreiding van een niet-agrarisch bedrijf, conform artikel 6.10, lid 2 van de Verordening Ruimte.

Het aanwezige vergunde bedrijfsgebouw heeft een oppervlakte van ca. 1000 m2 en wordt voor de bedrijfsactiviteiten gebruikt. Deze oppervlakte wordt in het bestemmingsplan opgenomen.

De oppervlakte van het bestemmingsvlak/ bouwvak bedraagt circa 3.600 m2. De bestaande bebouwing erf en tuin is hierin opgenomen. Er wordt geen aanleiding gezien het bestemmingsvlak te vergoten. In het ontwerpbestemmingsplan is het bouwvlak nog wat aangepast zodat er een logische vorm is ontstaan en daarom is de inrit naar de tijdelijke woonunit uit het bouwvlak gehaald. De gemeente hanteert een terughoudend beleid ten aanzien van de uitbreiding van bestaande niet agrarische bedrijvigheid. Eventuele uitbreidingswensen worden separaat afgewogen en vragen om een maatwerk benadering. Er is daarom niet voor gekozen mogelijkheden voor uitbreiding in het bestemmingsplan op te nemen. Conclusie

De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Op de verbeelding is het bedrijfsbestemmingsvlak aangepast, zodat een meer logische vorm ontstaat. In de regels is de toegestane bedrijfsoppervlakte aangepast aan de vergunde situatie, zijnde 1.000 m2.

Pagina 73 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

50. EI19-00335 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Inspreker wil net als perceel Molenkampseweg 10 ook de bestemming wonen voor zijn gehele perceel in plaats een agrarische bestemming.

In het voorontwerpbestemmingsplan is aan het betreffende perceel de bestemming ‘Wonen’ toegekend met een bouwvlak op bijna het hele perceel. Het perceel heeft dus al een woonbestemming in plaats van agrarisch. De woonbestemming is begrensd op de kadastrale perceelgrenzen. Naar aanleiding van een provinciale reactie op het voorontwerp is de plansystematiek voor de bestemming van de burgerwoningen aangepast. Mede als gevolg daarvan is de woonbestemming ter plaatse van Molenkampseweg 10 aangepast en beperkt. Conclusie

De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 74 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

51. EI19-00489 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Insprekers vinden het veel te ver gaan om in het hele gebied met agrarische natuur- en landschapswaarden, een omgevingsvergunning te vragen als telers deze gronden willen gebruiken voor boomteelt. Insprekers gaan graag het gesprek met de gemeente aan om aan voorkant te bepalen op welke percelen boomteelt plaats kan vinden omdat de waarden zich prima verdragen met boomteelt en op welke percelen niet.

Naar aanleiding van de reacties is hier nogmaals naar gekeken. De regeling voor realisering van nieuwe boomteelt is aangepast. Uitsluitend indien gronden zijn gelegen binnen de attentiezone waterhuishouding wordt een omgevingsvergunning vereist, zodat het voornemen dan vooraf nader kan worden getoetst aan eventuele effecten op de omgeving. Bestaande boomteeltpercelen binnen deze zone zijn op de verbeelding aangeduid met de aanduiding ’boomteelt’. Voor nieuwe percelen wordt gelet op de hier aanwezige landschaps- en natuurwaarden een nadere afweging op mogelijke negatieve effecten wenselijk geacht. Een bestemmingsplan dient te regelen dat kan worden voorzien in een ‘goed woon- en leefklimaat’ . In verband hiermee is de regeling voor spuitzones in het bestemmingsplan opgenomen. Op grond van jurisprudentie is dit toegestaan.

b. Een spuitvrijezone voor boomkwekerij, heeft geen betrekking op het bestemmingsplan, hier zijn al wettelijke normen voor. En om expliciet 1 teelt hiermee te benoemen vinden insprekers niet acceptabel. Insprekers verzoeken de regel uit het plan te verwijderen. c. Insprekers zijn van mening dat de boomteeltbedrijven in dit gebied dezelfde ruimte nodig hebben als de vollegrondbedrijven, dus tot maximaal 3 ha teeltondersteunende voorzieningen. d. Diverse percelen zijn al gedraineerd of in gebruik voor boomkwekerij, waarmee de bewerkingsdiepte van 50 cm al geruime tijd is overschreden. e. Insprekers geven aan dat oude kaarten zijn gebruikt waar niet alle bestaande boomkwekerijen zijn opgenomen.

De mogelijkheid voor teeltondersteunende voorzieningen is niet gekoppeld aan een specifiek type bedrijf maar afhankelijk van de waarden in het gebied.

Het wel of niet toestaan van boomteelt heeft ook te maken met de landschappelijke impact van dergelijke teelt. Daarom zijn er in de bestemmingsregeling bepalingen opgenomen in het stelsel van omgevingsvergunningen voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden De boomkwekerijen zijn aangeduid op basis van recente luchtfoto’s. Indien inspreker van mening is dat zijn percelen niet goed zijn aangeduid, wordt verzocht dit kenbaar te maken. Conclusie

De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. In de regels is de omgevingsvergunningplicht voor aanleg van nieuwe boomteelt aangepast, zodat deze alleen binnen de aanduiding ‘attentie zone – waterhuishouding’ nog van toepassing is.

Pagina 75 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

52. EI19-00334 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Voorheen stond in het bestemmingsplan een bouwvlak met een oppervlakte van 1500 m2. Het nieuwe ingetekende bouwvlak op het kavel van inspreker is ruim minder dan 1500 m2, ongeveer 1270 m2. Inspreker verzoekt het bouwvlak aan te passen tot 1500 m2.

Het uitgangspunt bij het toekennen van de bestemmingsvlakken/ bouwvlakken voor de woonbestemmingen is dat alle bebouwing, erf en tuin zo veel mogelijk binnen het bouwvlak van 1.500 m2 wordt opgenomen. Het perceelsgedeelte aan de oostzijde van de woning, nu deels in gebruik als erf en tuin wordt bij het bouwvlak getrokken zodat een bouwvlak van maximaal 1.500 m2 ontstaat. Gelet op de reactie en dat in het bestaande plan ook geen dakhellingen worden genoemd is deze bepaling verwijderd.

b. In het voorontwerp wordt heel specifiek een dakhelling genoemd van minimaal 40 en maximaal 60 graden, zowel voor het hoofdgebouw als voor de bijgebouwen. Echter de woning en bijgebouwen die nu aanwezig zijn, voldoen daar niet aan. Inspreker verzoekt in het bestemmingsplan een uitzondering te maken voor zijn woning omdat hij binnenkort de woning gaat verbouwen.

Conclusie De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Op de verbeelding is het woonbestemmingsvlak aangepast tot 1.500 m2., conform de geldende planologische regeling. In de planregels is de specifieke bepaling mbt dakhellingen bij burgerwoningen, overeenkomstig de geldende planologische regeling verwijderd.

Pagina 76 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

53. PI19-01627 en PI19-01628. En EI19-00400 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Inspreker verzoekt namens cliënt de oppervlakte van de totale bouwvlakken uit het vorige bestemmingsplan te handhaven Waarbij het wenselijk is het agrarisch bouwvlak op het ene perceel groter te laten zijn dan op het andere.

In het voorontwerpbestemmingsplan is aan beide locaties de bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’ toegekend met een bouwvlak. De tunnelkassen/ teeltondersteunende voorziening zijn als zodanig aangeduid. De bouwvlakken zoals opgenomen in het bestemmingsplan uit 2002 zijn weliswaar anders van maat maar aan deze vlakken is destijds deels goedkeuring onthouden. De geldende bouwvlakken zijn daarom overgenomen in combinatie met de huidige systematiek. Er is in het bestemmingsplan een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om de bouwvlakken onder voorwaarden te kunnen vergroten. Zie antwoord onder a. De bestaande teeltondersteunende voorzieningen zijn middels een aanduiding op de verbeelding opgenomen. Voor uitbreiding van de oppervlakte aan teeltondersteunende voorzieningen dient een afzonderlijke ruimtelijke procedure gevolgd te worden.

b. Inspreker verzoekt u om het gehele huisperceel van cliënt te bestemmen als percelen met een specifieke vorm van agrarisch teeltondersteunende voorzieningen, conform feitelijk gebruik.

Conclusie De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 77 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

54. EI19-00405. En EI19-00412 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Inspreker verzoekt namens cliënt de locatie Mosselaarweg 9 op te nemen als woonbestemming conform de Ruimtelijke onderbouwing ‘Mosselaarweg 9 Best’ en de hierin opgenomen concept verbeelding. En de overige gronden te bestemmen conform de bestemming voor de aangrenzende agrarische gronden. b. Inspreker verzoekt namens cliënt het koppelteken met de locatie Mosselaarweg 9b te verwijderen.

In overleg met inspreker is voor dit initiatief een ruimtelijke onderbouwing aangeleverd en opgenomen in de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan. De verbeelding is hierop aangepast.

Op basis van verzoek van inspreker is het koppelteken verwijderd. Conclusie

De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Op de verbeelding is voor de locatie, conform de goedgekeurde ruimtelijke onderbouwing een burgerwoning opgenomen, waarbij tevens het koppelteken met Mosselaarweg 9b is verwijderd.

Pagina 78 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

55. PI19-01647. En EI19-00413 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Insprekers verzoeken een VAB-bestemming op hun locatie te leggen omdat ze geen melkvee meer houden en zitten momenteel bedrijfsmatig in een transitie.

Het voorontwerpbestemmingsplan kent de systematiek om burgerbewoning toe te staan in de bedrijfswoning, uitsluitend door de (voormalige) drijver van de inrichting en/of diens partner, al dan niet tezamen met inwonende kind(eren) met wie één huishouden wordt gevoerd. Hiervoor wordt dan de specifieke aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - vrijkomende agrarische bebouwing' op de locatie opgenomen. Echter omdat de transitieplannen nog onvoldoende concreet zijn is in dit geval de aanduiding (nog) niet opgenomen. De dubbelbestemming Waarde- Archeologie is niet nieuw en ligt reeds op de gronden van de inspreker, middels het bestemmingsplan ‘Parkeernormen en archeologie’ uit 2017. Ten behoeve van dat bestemmingsplan heeft een archeologisch onderzoek plaatsgevonden. Op basis van dat onderzoek is het grondgebied van de gemeente Best bestemd. Het bestemmingsplan ‘Parkeernormen en archeologie’ is 1 op 1 overgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied en feitelijk verandert er dan ook niets aan de geldende planologische situatie.

b. Insprekers verzoeken de archeologische bestemming te verwijderen omdat op het bouwblok in de afgelopen decennia al zo veel is gebouwd, verbouwd, afgegraven en nogmaals gebouwd, dat de bovenlaag van de grond al dusdanig verstoord is dat daar geen sporen (als deze op deze plek al aanwezig zouden zijn) meer van terug te vinden zijn.

De diepte grenzen voor archeologische onderzoek zoals opgenomen in de regels zijn gebaseerd op de analyse van archeologische onderzoeken in de afgelopen jaren. Hieruit blijkt dat het niet direct hoeft te betekenen dat er geen archeologische waarden meer aanwezig zijn als een perceel tot een bepaalde diepte verstoord is door bodembewerking. Wel kan daarmee worden aangetoond dat er sprake is van bestaand gebruik wat de gemeente mee kan nemen in de afweging met betrekking tot de ondergrens voor de onderzoeksplicht archeologie. De dubbelbestemming Waarde- Archeologie kan aangepast of geschrapt worden indien sprake is van een aantoonbare verstoring op het eigen perceel. Het gaat daarbij zowel om verstoringen door de aanleg van drainage, afgraving, egalisatie als door het bestaande gebruik voor het telen van specifieke gewassen als bijvoorbeeld asperges en bomen. De aan te leveren gegevens dienen geverifieerd te kunnen worden, bijvoorbeeld door middel van foto’s, kaarten en rapporten. Er is niet middels gegevens aangetoond dat van een

Pagina 79 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

dergelijke situatie sprake is. Daarom blijft de archeologische bestemming gehandhaafd. Conclusie De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 80 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

56. EI19-00320 en PI19-01590, EI19-00502 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Inspreker verzoekt namens cliënt, die een glastuinbouwbedrijf heeft, het perceel weer specifiek te bestemmen als een glastuinbouwbedrijf en gaat ervan uit dat de gevraagde omgevingsvergunning zal worden verleend en dat daarmee rekening wordt gehouden.

In het voorontwerpbestemmingsplan is aan het betreffende perceel de bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’ toegekend met een bouwvlak op het hele perceel. In het bestemmingsplan voor het buitengebied uit 2006 is aan de locatie een bestemming ‘’Agrarische bedrijfsdoeleinden’ met de aanduiding ‘niet grondgebonden glastuinbouw’ toegekend. Abusievelijk is de aanduiding voor het glastuinbouwbedrijf niet overgenomen, dit is aangepast in het ontwerpbestemmingsplan. Door het toekennen van de aanduiding ‘glastuinbouw’ op het bouwvlak én het toevoegen van een regeling voor kassen bij glastuinbouwbedrijf in artikel 4 is deze omissie hersteld.

b. De kassen op het bedrijf van cliënt zijn ten onrechte helemaal wegbestemd. In artikel 4.1.2, onder c, sub 2, van de planregels is namelijk bepaald dat geen teeltondersteunende voorzieningen zijn toegestaan op gronden die tevens zijn aangeduid als “overige zone - groenblauwe mantel” of “overige zone —natuurnetwerk brabant”. De gronden van cliënt aan de Mosselaarweg 11 liggen binnen de zone groenblauwe mantel. En daaraan doet niet af dat in artikel 4.3.3, onder c, sub 1, uitdrukkelijk is bepaald dat die bestaande kassen aan de Mosselaarweg 11 wel zijn toegestaan. Die uitzondering geldt niet tevens voor het verbod in de bestemmingsomschrijving in artikel 4.1.2, onder c. Cliënt neemt overigens aan dat het hier gaat om een omissie in artikel 4.1.2, onder c, en verzoekt u die omissie in elk geval te herstellen. c. Cliënt verzoekt u echter ook om de mogelijkheden voor de bouw van kassen juist te verruimen in plaats van te bevriezen of zelfs helemaal weg te bestemmen. De bestaande kas is aan vervanging toe en die vervanging is alleen mogelijk als de kas ook kan worden vergroot. d. Het voorontwerpbestemmingsplan verbiedt de uitbreiding van de containervelden, terwijl die uitbreiding in het nog geldende bestemmingsplan wel is toegestaan. Ook verbiedt artikel 5.1.2, onder a, de aanleg van een waterbassin, hetgeen op grond van het

Pagina 81 van 162

Op basis van het huidige bestemmingsplan worden de vigerende rechten overgenomen. Dat betekent dat de oppervlakte kassen niet meer mag bedragen dan 3 ha.

De agrarische bedrijfslocatie is gelegen in de groenblauwe mantel. De aanduiding voor groenblauwe mantel is overgenomen uit de provinciale omgevingsverordening. De gemeente is verplicht deze aanduiding uit het provinciale beleid 1 op 1 over te nemen. Het beleid in de groenblauwe mantel is gericht op het behoud en vooral de ontwikkeling

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

geldende bestemmingsplan eveneens wel is toegestaan. Ook deze beperkingen ten opzichte van het geldende bestemmingsplan belemmeren cliënt ernstig in de bestaande bedrijfsvoering en de noodzakelijke verdere ontwikkeling van het bedrijf. Cliënt verzoekt u dan ook de bestaande gebruiksmogelijkheden voor voorzieningen behorende bij de agrarische bodemexploitatie te respecteren en ook in het nieuwe bestemmingsplan toe te staan.

e. Cliënt verzoekt hem te bevestigen dat de bedrijfsactiviteiten (egaliseren en verharden van gronden) niet onder de vergunningplicht van artikel 5.6 vallen of dat deze vergunningplicht wordt geschrapt voor zijn bedrijf. f.

Cliënt verzoekt u ook de bestemming “Waarde — Archeologie” te schrappen, voor zover die in het voorontwerpbestemmingsplan is gelegd op de gronden van cliënt. In het nog geldende bestemmingsplan ’’Buitengebied Best 2006” heeft het bedrijfsperceel die bestemming ook niet. De betreffende gronden zijn in het verleden bovendien reeds diverse keren tot circa een meter diep omgezet.

van natuur, watersysteem en landschap. Binnen de groenblauwe mantel is ruimte voor de ontwikkeling van gebruiksfuncties zoals landbouw en recreatie, met een meer extensief karakter en als die bijdragen aan de kwaliteiten van natuur, water en landschap. De ontwikkeling van nieuwe (kapitaal)intensieve functies, zoals intensieve vormen van landbouw passen minder bij het karakter van deze gebieden. Daarom geldt binnen de groenblauwe mantel aanvullende regels voor de ontwikkeling van die functies. Het bestemmingsplan bevat in artikel 5 een wijzigingsbevoegdheid op basis waarvan permanente teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouwvlak kunnen worden toegestaan tot een oppervlakte van maximaal 3 ha voor percelen die gelegen zijn in de groenblauwe mantel. In artikel 5 is een omgevingsvergunningplicht opgenomen het aanleggen van oppervlakteverhardingen met een oppervlakte van meer dan 100 m² en voor het egaliseren van de bodem. Medewerking aan permanente teeltondersteunende voorzieningen kan worden verleend door het toepassen van de wijzigingsbevoegdheid zoals opgenomen in artikel 5. De dubbelbestemming Waarde- Archeologie is niet nieuw en ligt reeds op de gronden van de inspreker, middels het bestemmingsplan ‘Parkeernormen en archeologie’ uit 2017. Ten behoeve van dat bestemmingsplan heeft een archeologisch onderzoek plaatsgevonden.

Op basis van dat onderzoek is het grondgebied van de gemeente Best bestemd. Het bestemmingsplan ‘Parkeernormen en archeologie’ is 1 op 1 overgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied en feitelijk verandert er dan ook niets aan de geldende planologische situatie. De diepte grenzen voor archeologische onderzoek zoals opgenomen in de regels zijn gebaseerd op de analyse van archeologische onderzoeken in de afgelopen jaren. Hieruit blijkt dat het niet direct hoeft te betekenen dat er geen archeologische waarden meer aanwezig zijn als een perceel tot een bepaalde diepte verstoord is door bodembewerking. Wel kan daarmee worden aangetoond dat er sprake is van bestaand gebruik wat de gemeente mee kan nemen in de afweging met betrekking tot de ondergrens voor de onderzoeksplicht archeologie. De dubbelbestemming Waarde- Archeologie kan aangepast of geschrapt worden indien sprake is van een aantoonbare verstoring op het eigen perceel. Het gaat daarbij zowel om verstoringen door de aanleg van drainage, afgraving, egalisatie als door het bestaande gebruik voor het telen van specifieke gewassen als bijvoorbeeld asperges en

Pagina 82 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

bomen. De aan te leveren gegevens dienen geverifieerd te kunnen worden, bijvoorbeeld door middel van foto’s, kaarten en rapporten.

g. Tot slot heeft cliënt bezwaar tegen de aanduiding “overige zone – groenblauwe mantel” op zijn bedrijfsgronden. Verder is onduidelijk wat deze bestemming toevoegt aan de aanlegvergunningplichten die al gelden op grond van artikel 5.6 en artikel 33.5 van de planregels van het voorontwerpbestemmingsplan.

Er is niet middels gegevens aangetoond dat van een dergelijke situatie sprake is. Daarom blijft de archeologische bestemming gehandhaafd. De aanduiding voor groenblauwe mantel is overgenomen uit de provinciale Interim omgevingsverordening NoordBrabant. De gemeente is verplicht deze aanduiding uit het provinciale beleid over te nemen. Het beleid in de groenblauwe mantel is gericht op het behoud en vooral de ontwikkeling van natuur, watersysteem en landschap. Binnen de groenblauwe mantel is ruimte voor de ontwikkeling van gebruiksfuncties zoals landbouw en recreatie, met een meer extensief karakter en als die bijdragen aan de kwaliteiten van natuur, water en landschap. De ontwikkeling van nieuwe (kapitaal)intensieve functies, zoals intensieve vormen van landbouw passen minder bij het karakter van deze gebieden. Daarom geldt binnen de groenblauwe mantel aanvullende regels voor de ontwikkeling van die functies. Conclusie

De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Op de verbeelding is de aanduiding ‘glastuinbouw’ opgenomen. In de planregels is de geldende planologische regeling voor bestaande glastuinbouwbedrijven overgenomen.

Pagina 83 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

57. PI19-01591 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Bij het inzien van het voorontwerp Bestemmingsplan Buitengebied constateert inspreker dat er geen gehoor is gegeven aan het verzoek om hun woning op te nemen als burgerwoning. Genoemd pand is reeds in 1978 met instemming van beide firmanten en medeweten van de gemeente, afgescheiden van het Boomkwekerijbedrijf Gebr. Spierings en ook burgerwoning opgenomen in WOZ.

In het voorontwerpbestemmingsplan is aan de locatie een bouwvlak toegekend binnen de bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’, hierbinnen zijn 2 bedrijfswoningen toegestaan. In het bestemmingsplan uit 2006 is aan de locatie een bestemming ’Agrarische bedrijfsdoeleinden’ toegekend waarbinnen 2 bedrijfswoningen zijn toegestaan. Een gesplitste eigendomssituatie is niet bepalend voor de planologische situatie. De huidige regeling uit 2006 is daarom overgenomen. Conclusie

De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 84 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

58. PI19-02343 PI19-01648 PI19-02348 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Het perceel (Mosselaarweg 22) waarop de tweede bestaande bedrijfswoning gevestigd is, is momenteel in eigendom bij familie van cliënten, die de woning hebben geërfd. De familie van cliënten hebben al een aantal maal getracht om de woning om te vormen naar een burgerwoning, maar dit is (voor zover bekend) tot op heden niet toegestaan door de gemeente. Cliënten zijn er ook uitdrukkelijk op tegen dat de bedrijfswoning wordt omgevormd naar burgerwoning of plattelandswoning. Zij willen de bedrijfswoning graag verwerven ten behoeve van hun bedrijf, maar de onderhandelingen met de eigenaren van de woning verkeren thans in een impasse. Cliënten zijn van mening dat de huidige voorwaarden uit de wijzigingsbevoegdheid naar burger danwel plattelandswoning onvoldoende rekening houden met hun bedrijfsvoering en op meerdere punten onduidelijk zijn. Daarom verzoeken deze aan te passen of de wijzigingsbevoegdheden uit te sluiten voor het betreffende perceel. b. Cliënten verzoeken u om de verbeelding dusdanig aan te passen dat de huidige bouwmogelijkheden uit het bestemmingsplan behouden blijven, door middel van het vergroten van het bouwblok.

Zie antwoord bij nr. 57

c. Cliënten vrezen dat zij door de archeologische bestemmingen in hun bedrijfsvoering worden benadeeld. Bovendien wordt op de percelen van cliënten al tientallen járen bomenteelt toegepast. Gelet op grondroeringen die dit gebruik met zich meebrengt, betwijfelen cliënten ten zeerste of er daadwerkelijk nog sprake is van enige archeologische verwachtingswaarde ter plaatse van haar percelen. d. Cliënten verzoekt dan ook om opnieuw te onderzoeken in hoeverre er realistisch gezien

Pagina 85 van 162

Het bouwvlak uit het bestemmingsplan Buitengebied 2006 is overgenomen. Er is geen aanleiding het bouwvlak op voorhand te vergroten. Indien noodzakelijk kan een principeverzoek worden ingediend en op basis van een afweging van de voorwaarden zoals opgenomen in de wijzigingsbevoegdheid een besluit worden genomen of medewerking wordt verleend. De dubbelbestemming Waarde- Archeologie is niet nieuw en ligt reeds op de gronden van de inspreker, middels het bestemmingsplan ‘Parkeernormen en archeologie’ uit 2017. Ten behoeve van dat bestemmingsplan heeft een archeologisch onderzoek plaatsgevonden. Op basis van dat onderzoek is het grondgebied van de gemeente Best bestemd. Het bestemmingsplan ‘Parkeernormen en archeologie’ is 1 op 1 overgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied en feitelijk verandert er dan ook niets aan de geldende planologische situatie. De diepte grenzen voor archeologische onderzoek zoals opgenomen in de regels zijn gebaseerd op de analyse van

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

nog sprake is van een archeologische verwachtingswaarde.

archeologische onderzoeken in de afgelopen jaren. Hieruit blijkt dat het niet direct hoeft te betekenen dat er geen archeologische waarden meer aanwezig zijn als een perceel tot een bepaalde diepte verstoord is door bodembewerking. Wel kan daarmee worden aangetoond dat er sprake is van bestaand gebruik wat de gemeente mee kan nemen in de afweging met betrekking tot de ondergrens voor de onderzoeksplicht archeologie. De dubbelbestemming Waarde- Archeologie kan aangepast of geschrapt worden indien sprake is van een aantoonbare verstoring op het eigen perceel. Het gaat daarbij zowel om verstoringen door de aanleg van drainage, afgraving, egalisatie als door het bestaande gebruik voor het telen van specifieke gewassen als bijvoorbeeld asperges en bomen. De aan te leveren gegevens dienen geverifieerd te kunnen worden, bijvoorbeeld door middel van foto’s, kaarten en rapporten.

e. Artikel 4.2.3 onder c van het bestemmingsplan is een beperking voor de bedrijfsvoering van cliënten. Cliënten zien niet in waarom voor de bestaande kassen op haar percelen geen uitzondering wordt gemaakt, zoals elders (Mosselaarweg 11) wel is gebeurd. Hetzelfde geldt voor hetgeen onder artikel 4.1.2 onder c is opgenomen. f. In artikel 40.12.2 onder b is een vergunningsplicht opgenomen ter plaatse van de aanduiding groenblauwe mantel voor onder andere het vellen of rooien van houtgewas en het afgraven, vergraven, ophogen en egaliseren van de bodem. Ook deze beperkingen maken de bedrijfsvoering van cliënte zeer moeilijk. Niet duidelijk is of de vergunning ook moet worden aangevraagd voor normale bedrijfsuitoefening. g. Cliënten kunnen zich verder niet verenigen met het aanlegverbod, zoals opgenomen in artikel 5.6.1 van het bestemmingsplan. Niet duidelijk is of deze uitzondering ook geldt als de teelt van bomen tijdelijk wordt stilgelegd in het kader van de normale bedrijfsuitoefening.

Er is niet middels gegevens aangetoond dat van een dergelijke situatie sprake is. Daarom blijft de archeologische bestemming gehandhaafd. Op grond van de provinciale Interim omgevingsverordening is de gemeente op grond van de instructieregels aan gemeenten verplicht deze bepaling op te nemen in haar bestemmingsplan. Dit betekent dat teeltondersteunende kassen niet zijn toegestaan in gebieden welke zijn aangeduid als groenblauwe mantel. De locatie van indiener is daar ook binnen gelegen, de regeling kan dus niet worden aangepast. In de regeling is als uitzondering opgenomen dat het verbod niet van toepassing is op normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming.

In de regeling is als uitzondering opgenomen dat het verbod niet van toepassing is op normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming.

Conclusie De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 86 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

59. EI19-00480 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Bij het huisperceel van inspreker staan al jaren bomen en is al jarenlang dieper dan 50cm in geroerd, echter het perceel staat niet aangeduid als boomteelt.

De regeling voor realisering van nieuwe boomteelt is aangepast. Uitsluitend indien gronden zijn gelegen binnen de attentiezone waterhuishouding wordt een omgevingsvergunning vereist, zodat het voornemen dan vooraf nader kan worden getoetst aan eventuele effecten op de omgeving. Onderhavig perceel is niet gelegen binnen de aangeduide attentie zone waterhuishouding. Derhalve gelden voor het perceel geen specifieke randvoorwaarden voor boomteelt activiteiten en behoeft het perceel niet aangeduid te worden als ‘boomteelt’.

b. Inspreker heeft een perceel aan de oude baan die zij aan het voorbereiden zijn om op te planten. Deze hebben allemaal een diepere grondbewerking gehad en zijn ook gedraineerd. Dit perceel is gedeeltelijk als ‘Agrarische esdek’ opgenomen. Dit perceel zou vrijgesteld moeten worden.

c. Het is voor inspreker niet praktisch om een perceel te huren wanneer er met vergunningen gewerkt zou moeten worden. Voor de teelt van bomen is een goede waterhuishouding noodzakelijk. Hierdoor kan het nodig zijn om met een (gesloten) drainage systeem te werken.

Een esdek is een laag vruchtbare aarde (bijvoorbeeld ontstaan door het verspreiden van stalmest over de bodem) waar de gewassen het beter op deden dan de zandgrond die eronder ligt. Wanneer er dan geploegd wordt, verstoort dit de archeologische laag niet zo erg als wanneer er geen esdek aanwezig is. Het toekennen van de aanduiding esdek is dus geen beperking maar juist een verruiming ten opzichte van de archeologische bestemming. Er is dan namelijk sprake van een ruimere verstoringslaag. De aanduiding is overgenomen uit het geldend bestemmingsplan ‘Parkeernormen en archeologie’ uit 2017. Het betreft dus geen wijziging, maar voortzetting van de geldende planologische situatie. Uitsluitend binnen de bestemming agrarisch met waarden – natuur- en landschapswaarden is sprake van specifieke waarden. Het huidige agrarisch gebruik kan hier worden voortgezet, mits aanwezige specifieke natuur- en landschapswaarden, van bijzonder gemeentelijk belang, niet onevenredig worden aangetast. Hiertoe zijn in de bestemmingsregeling bepalingen opgenomen in het stelsel van omgevingsvergunningen voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden. Bepaalde bodemingrepen en werkzaamheden dienen vooraf nader te worden getoetst aan eventuele effecten op de omgeving. Dit geldt ondermeer ook aanleg van drainage.

Voor nieuwe drainage wordt gelet op de hier aanwezige landschaps- en natuurwaarden een nadere afweging op mogelijke negatieve effecten wenselijk geacht. Conclusie

Pagina 87 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 88 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

60. PI19-01684 + PI19-01646 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Insprekers willen op een perceel aan de Oirschotseweg in toekomst 3 á 4 woonhuizen realiseren in samenhang met een z.g. Landschapsinvesteringsregeling (LIR). Mocht, door omstandigheden, het plan in het kader van de LIR niet door kunnen gaan dan willen insprekers gebruikmaken van de “Ruimte voor Ruimte” regeling en zo de bestemming “wonen” voor het perceel mogelijk maken.

Voor dit verzoek wordt een aparte procedure doorlopen. Inmiddels vinden de gesprekken plaats met insprekers en is een concept ontwerpbestemmingsplan aangeleverd.

Conclusie De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 89 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

61. PI19-00419 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Insprekers verzoeken om de bestemming agrarisch van het perceel naast Oirschotseweg 110 te wijzigingen in de een bestemming die het mogelijk maakt om in de toekomst woningbouw te realiseren.

In het voorontwerpbestemmingsplan is aan de betreffende percelen de bestemming ‘Agrarisch’ toegekend. Op basis hiervan is woningbouw niet mogelijk. Beleidsmatig gezien wordt zowel op provinciaal als gemeentelijk niveau terughoudend omgegaan met het toevoegen van nieuwe woningen aan het buitengebied. Dit is slechts in een aantal gevallen mogelijk bijvoorbeeld de wijziging van een bestaande bedrijfswoning naar burgerwoning of het realiseren van een zogenaamde ruimte- voor-ruimte woning. Hierbij moet aan diverse voorwaarden worden voldaan, o.a. de locatie moet daartoe geschikt bevonden worden. Op voorhand wordt dus geen woonbestemming aan een onbebouwde locatie toegekend. Indien insprekers een concreet plan hebben, kan een principeverzoek worden ingediend. Op basis van dat verzoek kan dan een afweging worden gemaakt of aan alle voorwaarden kan worden voldaan en medewerking verleend kan worden. Conclusie

De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 90 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

62. EI19-00193 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. Inspreker geeft aan dat de bestemming van zijn locatie nog op de verbeelding nog steeds agrarisch is in plaats van wonen. b. Er wordt aangegeven dat alle stallen zijn gesloopt, echter op het perceel staat nog een stal.

Gezien het feit dat op deze locatie al jarenlang sprake is van een woonbestemming is de bestemming in het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd naar wonen. De genoemde stal past qua grootte niet binnen de bijgebouwenregeling. Een bijgebouw mag maar maximaal 100m2 zijn. De betreffende stal valt daarom onder het overgangsrecht. Indien inspreker wat wil wijzigen aan de stal, kan/dient gebruik te worden gemaakt van de sloopbonus regeling. Zie het antwoord onder a.

c. Inspreker heeft het idee dat het verzoek dat in oktober 2018 is ingediend (nog) niet betrokken is bij dit bestemmingsplan. Inspreker verzoekt het verzoek alsnog mee te nemen.

Conclusie De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Op de verbeelding is de bestemming gewijzigd naar een woonbestemming

Pagina 91 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

63. EI19-00225 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Inspreker verzoekt zijn bouwvlak te verruimen, zodat alle opstallen en gebouwen zoals zichtbaar op de luchtfoto van 2001, binnen het bouwvlak vallen. Ook gezien het feit dat andere omwonenden een veel groter bouwvlak hebben toegewezen gekregen dan de 1500 m2.

Op basis van het vigerende bestemmingsplan was sprake van zogenaamde verbale bouwvlakken. Ter plaatse was wonen als medebestemming toegestaan tot een maximum oppervlakte van 1.500 m². Conform provinciaal beleid is vergroting van de woonbestemming niet direct mogelijk. Naar aanleiding van een provinciale reactie op het voorontwerp is de plansystematiek voor de bestemming van de burgerwoningen aangepast. Alle woonbestemmingen zijn conform de vigerende regeling aangepast tot maximaal 1.500 m2. Gronden, in bestaand gebruik voor privé woondoeleinden zijn bestemd als TuinLandschap. Conclusie

De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 92 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

64. EI19-00471 Ingekomen / dagtekening Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Inspreker verzoekt het bestemmingsplan aan te passen in die zin dat naast de varkenshouderij ook stieren mogelijk zijn conform omgevingsvergunning. Daarnaast heeft inspreker nog enkele paarden in de wei staan.

In het voorontwerpbestemmingsplan is de locatie bestemd als ‘Agrarisch – agrarisch bedrijf’ met de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – varkens’. Op grond van de milieuvergunning is op de locatie ook het (bedrijfsmatig) houden van stieren toegestaan, op grond van de vergunning wordt hiervoor een aanduiding toegevoegd. Het (hobbymatig) houden van paarden hoeft niet specifiek te worden aangeduid. Conclusie

De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Op de verbeelding is conform de verleende vergunning de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – stieren’ toegevoegd.

Pagina 93 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

65. PI19-01607, EI19-00384 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Het perceel van cliënte is gevestigd in het buitengebied, maar diens bestaande locatie is expliciet buiten het plangebied gehouden. Door de gewenste veranderingen op de planlocatie, welke deels wel zijn gelegen in het nieuwe voorontwerpbestemmingsplan, wordt verzocht om medewerking te verlenen aan het beoogde initiatief hetgeen inhoudt: 1) Vergroten van het bestemmingsvlak/bouwvlak naar 1,65 hectare t.b.v. a) Verplaatsen bedrijfswoning (met een opp. van 0,15 hectare) b) Optimaliseren bedrijfsoppervlak t.b.v. rangeerruimte en opslag bouw-, afval-, hulp- en grondstoffen (met een oppervlak van 1,5 hectare) 2) Verduidelijken actuele bedrijfsactiviteiten zijnde een agrarisch technisch hulpbedrijf i.c.m. een agrarisch verwant bedrijf. Er is namelijk sprake van loon-, grondverzet-, en cultuurtechnische bedrijfsactiviteiten. 3) Het realiseren van een robuuste kwaliteitsverbetering door landschappelijke inpassing.

Voor het verzoek van inspreker wordt een aparte procedure doorlopen. Bij de vaststelling van het bestemmingsplan Buitengebied wordt de aangevraagde omgevingsvergunning zo mogelijk meegenomen.

Conclusie De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 94 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

66. EI19-00170 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

a. In de opsomming “Cultuurhistorische waarden” in de toelichting ontbreekt de Ploegstraat. Deze straat is begin vorige eeuw de vestigingsplek geweest van “bolsjewieken” die naar onze regio trokken. Er woonden een aantal van deze, uit meer noordelijk gelegen gebieden van Nederland afkomstige, mensen in dit buitengebied van Best, waar schapen werden gehouden en wollen producten werden gemaakt. Dat waren de eerste “Ploegstoffen”. Deze groeiende industrie is later verhuisd naar Bergeijk. Aan de kruising met de Eindhovenseweg Zuid staat waarschijnlijk nog een laatste boerderijtje uit die tijd. Verder is de Ploegstraat al vele jaren een landschappelijk fraai straatje.

Naar aanleiding van de inspraakreactie is nogmaals gekeken naar de cultuurhistorische waarden. Hieruit is naar voren gekomen dat het pand aan de Eindhovenseweg-Zuid nr. 142 cultuurhistorische waarden heeft. Het pand is nu toegevoegd en met beschrijving opgenomen in de quick scan voor cultuurhistorische waarden van het buitengebied van Best, maar maakt evenwel geen onderdeel uit van het plangebied van onderhavig bestemmingsplan. Ten aanzien van de overige structuren het volgende. De gemeente beschikt over een cultuurhistorische waardenkaart. Het meest oostelijke deel van de Ploegstraat (dus niet de gehele straat) betreft een oude weg (<1830) en is opgenomen op de gemeentelijke kaart. Dergelijke cultuurhistorisch waardevolle (lijn)elementen zoals een weg worden meestal niet specifiek beschermd in een bestemmingsplan.

b. De door de Raad gekozen uitgangspunten in het kader van de “Groene Mantel, Rode Knopen” moeten worden geactualiseerd, nu de lokale ringweg vlak onderlangs de snelweg A2/A58 er niet gaat komen en vooraan een groot terrein in de volle breedte zal worden gebruikt voor de vestiging van een hotel. Ook is met Rijkswaterstaat afgesproken dat delen van het groene gebied naast de Ploegstraat gebruikt wordt voor natuurcompensatie.

De hoofdopzet van de visie ‘Groene mantel met rode knopen’ is nog steeds van toepassing. De genoemde ontwikkelingen worden nu niet mogelijk gemaakt op basis van het bestemmingsplan voor het buitengebied.

c. Volgens inspreker kan bedrijvigheid nog wel plaatsvinden in panden langs de Ploegstraat, maar dan op kleinere schaal dan in de notitie “Groene Mantel, Rode Knopen” aangegeven.

Niet duidelijk is welke panden inspreker precies bedoelt. Enkel de gronden ten oosten van de Ploegstraat maken deel uit van het plangebied. Hier zijn naast bos, waterplassen en agrarische percelen enkele woonbestemmingen gelegen en nutsvoorzieningen. Er worden geen concrete ontwikkelingen voor bedrijvigheid mogelijk gemaakt. Wel is er de mogelijkheid voor kleinschalige bedrijfsactiviteit bij een woning, middels een afwijking.

d. Het paars gekleurde gebied voor de energie aanvoer voor Best is te ver uitgestrekt. Tussen het perceel van Enexis Beheer B.V.

In tegenstelling tot wat inspreker aangeeft maakt de betreffende strook geen deel uit van de bedrijfsbestemming van de ten oosten van de woonbestemming gelegen

Pagina 95 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

en het perceel van inspreker ligt een groene strook, grond van de gemeente Best, destijds een zijweg van de Ploegstraat.

nutsvoorziening. Het perceel is overeenkomstig het geldende bestemmingsplan “Buitengebied Best 2006” overgenomen. De door inspreker aangegeven strook heeft in het voorontwerp (2019) en het ontwerp van het bestemmingsplan buitengebied Best, de bestemming; “Agrarisch met waarden – Natuur- en landschapswaarden”.

e. Het perceel van inspreker heeft niet de juiste bestemming. Het is een woning met kantoor en studio. Het heeft geen agrarische functie.

Het vigerende bestemmingsplan omvat een verbale regeling waarin de oppervlakte waar gebouwen zijn toegestaan voor een woonbestemming was gemaximaliseerd (1500 m²). In het voorontwerp bestemmingsplan zijn de bestemmingsvlakken bepaald op basis van luchtfoto’s, waarbij in principe verhardingen en tuin ook binnen het bestemmingsvlak zijn opgenomen. Aan de locatie wordt in het ontwerpbestemmingsplan een woonbestemming toegekend van circa 1.500 m². Hierbinnen zijn de woning en bijgebouwen gesitueerd. Conform de gehanteerde plansystematiek worden de overige gronden, die in privé gebruik zijn voor woondoeleinden, zoals het erf en de tuin wordt bestemd als Tuin-Landschap. Voor zover dit gezamenlijk meer bedraagt dan 5.000 m2 en sprake is van privé gebruik als tuin zijn overige gronden bestemd als ‘Agrarisch’ met de nadere aanduiding ‘landschappelijke tuin’. Een kantoor, studio aan huis is toegestaan binnen de woonbestemming. Zie hiervoor de regeling ‘Aan huis verbonden beroepen’. Deze worden niet specifiek bestemd.

f.

Het wordt tijd om het gebied in en rondom de Ploegstraat niet meer aan te merken als agrarisch. Er resteert nog een heel klein terrein waar wat mais wordt verbouwd. De rest van agrarisch gebruik is al vele jaren weg.

In een bestemmingsplan worden op basis van een inventarisatie functies en waarden als zodanig bestemd. Gronden welke onbebouwd zijn en geen specifieke waarde of functie hebben voor natuur, verkeer, water en dergelijke worden bestemd met een agrarische bestemming.

g. Uitbereiding golfterrein over de Ploegstraat heen is niet praktisch. De aanrijroute van klanten naar het pand van inspreker en de mensen voor Essent of voor onderhoud of veiligheid van het spoor zou dan te zeer beperkt worden.

De genoemde ontwikkelingen worden niet mogelijk gemaakt op basis van het bestemmingsplan buitengebied. Het uitbreiden van het golfterrein over de Ploegstraat is ons niet bekend.

h. Het plan om de grote plas te dempen met grond van elders is zeer riskant, gelet op het grote gevaar dat er afval en vuile grond gedumpt gaat worden.

Er is bij de gemeente momenteel geen dergelijke ontwikkeling aangevraagd. De genoemde ontwikkeling wordt ook niet mogelijk gemaakt op basis van het bestemmingsplan voor het buitengebied. Mocht de eigenaar komen met plannen voor deze ontwikkeling, dan wordt bekeken of de gemeente hier medewerking aan wil verlenen. Mocht dat dan zo zijn dan zal hiervoor een

Pagina 96 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

planologische procedure moeten worden doorlopen. Hierbij zal altijd voldaan moeten worden aan de wettelijke eisen ten aanzien van milieu en veiligheid. Conclusie De inspraakreactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Op de verbeelding is de woonbestemming van de locatie Ploegstraat deels gewijzigd in de bestemming ‘Tuinlandschap’ alsmede ‘Agrarisch’ met de nadere aanduiding ‘overige zone – landschappelijke tuin’.

Pagina 97 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

67. EI19-00255 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Inspreker heeft bezwaar tegen de bestemming ‘wonen’ voor het perceel gelegen aan de Sint Annaweg 4. Dit perceel heeft tot 2002 de bestemming ‘agrarisch’ gehad en is met de ingang van het bestemmingsplan buitengebied 2002 omgezet naar de bestemming ‘wonen’. Van deze wijziging was de huidige eigenaar, niet op de hoogte. Tijdens een flinke storm met veel wind op 18 januari 2018 is één van de opstallen met een oppervlakte van 316 m2 op het perceel van inspreker grotendeels verwoest. Eind 2018 is de eigenaar begonnen met de herbouw van dit gebouw. Op 7 januari 2019 is hem hiertoe door een toezichthouder van de gemeente Best een bouwstop opgelegd, omdat het gebouw niet meer binnen de bestemming ‘wonen’. Het gebouw dat inspreker momenteel aan het oprichten is en waarvoor een bouwstop is opgelegd heeft een oppervlakte van 296 m2) en heeft een goothoogte van 3,75 meter en een nokhoogte van 7,80 meter en is bedoeld om onderdak te bieden aan allerlei machines welke benodigd zijn voor de boomkwekerij die sinds 2017 op deze locatie gevestigd is. Gezien het bovenstaande verzoekt inspreker om een andere bestemming te zoeken voor het perceel dat meer passend is bij de activiteiten en bebouwing.

Naar aanleiding van de inspraakreactie heeft een overleg plaatsgevonden met inspreker. Voor dit verzoek wordt een aparte procedure doorlopen.

Conclusie De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 98 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

68. PI19-00370 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Inspreker verzoekt tot een mogelijkheid om woningen te ontwikkelen op een strook grond tussen Aarlesche erven en Zessprong, die in eigendom is bij inspreker. Inspreker zou graag in gesprek gaan om de mogelijkheid te bespreken.

In het voorontwerpbestemmingsplan is aan de betreffende percelen de bestemming ‘Agrarisch’ toegekend. Op basis hiervan is woningbouw niet mogelijk. Beleidsmatig gezien wordt zowel op provinciaal als gemeentelijk niveau terughoudend omgegaan met het toevoegen van nieuwe woningen aan het buitengebied. Dit is slechts in een aantal gevallen mogelijk bijvoorbeeld de wijziging van een bestaande bedrijfswoning naar burgerwoning of het realiseren van een zogenaamde ruimte- voor-ruimte woning. Hierbij moet aan diverse voorwaarden worden voldaan, o.a. de locatie moet daartoe geschikt bevonden worden. Op voorhand wordt dus geen woonbestemming aan een onbebouwde locatie toegekend. Indien insprekers een concreet plan hebben, kan een principeverzoek worden ingediend. Op basis van dat verzoek kan een gesprek worden gepland en vervolgens ook een afweging worden gemaakt of aan alle voorwaarden kan worden voldaan en medewerking verleend kan worden. Conclusie

De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 99 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

69. PI19-00685 Inspraakreactie

Reactie gemeente Best

Inspreker is eigenaar van perceel Best K 310, gelegen tussen Sint Antoniusweg 3A en 5. In het nieuwe bestemmingsplan blijft de bestemming agrarisch. Volgens inspreker hoort het perceel K310 niet in plan Buitengebied. Daarnaast betekent deze bestemming een forse financiële waardevermindering. Een aansluiting op Bestemmingsplan Aarlesche Erven zijn zou veel logischer zijn. Inspreker geeft aan dat er toch een constructie mogelijk moet zijn voor een woonbestemming.

In het voorontwerpbestemmingsplan is aan het betreffende perceel de bestemming ‘Agrarisch’ toegekend, zonder specifieke bouwmogelijkheden. Ook in het tot nu geldende bestemmingsplan voor het buitengebied zijn geen bouwmogelijkheden aan het perceel toegekend. De locatie heeft planologisch altijd gelegen in het buitengebied. Weliswaar is in de afgelopen jaren het stedelijk gebied dichter bij de locatie komen te liggen (namelijk aan de overzijde van de weg), de percelen zelf maken ook op basis van provinciaal beleid nog geen deel uit van het stedelijk gebied, wel is er een aanduiding voor verstedelijking afweegbaar op de percelen gelegd. Dit geeft echter nog geen bouwtitels, hiervoor is een nadere (concrete) afweging noodzakelijk. Beleidsmatig gezien wordt zowel op provinciaal als gemeentelijk niveau terughoudend omgegaan met het toevoegen van nieuwe woningen aan het buitengebied. Dit is slechts in een aantal gevallen mogelijk bijvoorbeeld de wijziging van een bestaande bedrijfswoning naar burgerwoning of het realiseren van een zogenaamde ruimte- voor-ruimte woning. Hierbij moet aan diverse voorwaarden worden voldaan, o.a. de locatie moet daartoe geschikt bevonden worden. Op voorhand wordt dus geen woonbestemming aan een onbebouwde locatie toegekend. Indien insprekers een concreet plan hebben, kan een principeverzoek worden ingediend.

Op basis van dat verzoek kan een gesprek worden gepland en vervolgens ook een afweging worden gemaakt of aan alle voorwaarden kan worden voldaan en medewerking verleend kan worden. Conclusie

De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

Pagina 100 van 162

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan “Buitengebied Best BL20-11646

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11755770/1