CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

21092.3 - Transitievisie Warmte gemeente Best

Raadsvergadering 31 januari 2022, gemeente BestBij agendapunt: 21092 - Transitie Visie Warmte5.561 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Transitievisie Warmte 1.0 Definitieve versie Januari 2022

Archiefexemplaar van BL21-24511

- Transitievisie Warmte gemeente Best - Eindversie

Samenvatting

Nederland stopt met het gebruik van aardgas. Hiermee verminderen we de uitstoot van CO2. Dit is nodig om de doelen te halen die zijn afgesproken in het klimaatakkoord in

Wat gaan we doen in Best?

Parijs (2015) en het Nederlandse klimaatakkoord (2019). Zo gaan we klimaatverande­ ring tegen.

Er kan nog veel energie bespaard worden in Best. Daarom gaan we tot 2030 woningen isoleren om zo energie te besparen en hele buurten aardgasvrij-ready

In deze Transitievisie Warmte (TVW) beschrijft de gemeente Best hoe wij kunnen stop­

te maken. Zo besparen we 207o van het aardgas in Best.

pen met het gebruik van aardgas: dit noemen we de warmtetransitie. Dit doen we niet alleen, maar samen met Best Duurzaam, woningbouwcorporaties, betrokken inwoners

Buurten aardgasvrij-ready maken

en andere stakeholders.

Besparing Naastenbest Besparing De Leeuwerik

Voor de warmtetransitie nemen we de tijd: tot en met 2050. Die tijd is ook hard nodig,

Besparing Hoge Akker

want de opgave is groot. We gaan op een andere manier onze gebouwen verwarmen

Besparing Wilhelminadorp

en koken. Dit heeft invloed op elk gebouw en elke inwoner en ondernemer van Best.

Besparing Batadorp

We beginnen niet vanaf nul, we zijn in Best al begonnen. Zo zijn nieuwbouwwijken

In deze buurten besparen we aardgas door te isoleren. Als we zo minder aardgas

sinds 2018 al zonder aardgas gebouwd en zijn sommige inwoners zelf al overgestapt

gebruiken, stoten we minder CO2 uit.

op duurzame warmte. Zoekbuurten voor duurzame warmte In 2030 gebruiken we 207 minder aardgas. Dat doen we door gebouwen te isoleren.

Zoekbuurt Naastenbest-Midden

8,97

Daarvoor stellen we een besparingsprogramma op voor de wijken Wilhelminadorp,

Zoekbuurt Heivelden

0,17

Hoge Akker, Batadorp, De Leeuwerik en Naastenbest. Daarnaast onderzoeken we de komende jaren of we in de buurten Naastenbest-midden en Heuveleind voor 2030

In deze buurten gaan we onderzoeken of we al over kunnen naar duurzame

kunnen beginnen met de overstap naar duurzame warmte.

warmte. Dan stoten we helemaal geen CO2 meer uit.

De TVW laat zien wat er mogelijk is, maar nog niet wat er uiteindelijk in uw buurt ge­

^ Zelfstandige ontwikkelingen

beurt. Daarover gaan we graag het gesprek aan.

4,007o

Isoleren in lange termijn buurten

,107o

Aardgasvrij (in eigen tempo buurten)

2,97

Rik Dijkhoff

Marc van Schuppen

In de buurten waar we niet met een collectief plan beginnen kunnen mensen

Wethouder Duurzaamheid

Wethouder gebouwde omgeving

zelf al aan de slag. Als ze dit doen, helpt dat ook om ardgas te besparen, en zo minder CO2 uit te stoten.

Transitievisie Warmte 1.0

2

Inhoud

Samenvatting

2

1. Introductie

4

Waarom een Transitievisie Warmte?

5

Wie hebben er meegewerkt aan dit document?

5

Wat staat er in de Transitievisie Warmte?

5

En wat staat er (nog) niet in?

5

Uitgangspunten voor de warmtetransitie in Best

6

2. De opgave voor Best

8

Waar gebruiken we aardgas allemaal voor?

9

Wat betekent dat voor Best?

9

3. De aanpak voor Best

10

Technische mogelijkheden

11

Sociale mogelijkheden

11

Koppelkansen

11

4. Routekaart Best naar 2030

16

5. En nu aan de slag

19

Transitievisie Warmte 1.0

3

Introductie

©o© Voor u ligt de Transitievisie Warmte van de gemeente Best. In deze visie leggen we uit hoe we de warmtetransitie richting 2050 vorm gaan geven in Best. Daarbij

Wat is een projectuitvoeringsplan?

hebben we extra aandacht welke stappen we tot 2030 al kunnen zetten.

Een projectuitvoeringsplan kijkt concreet naar de mogelijkheden in een wijk of

Waarom een Transitievisie Warmte?

de haalbaarheid. Pas als aan de voorwaarden van Best en de Rijksoverheid is

En wat is de warmtetransitie eigenlijk? Een korte samenvatting:

voldaan worden de plannen uitgevoerd.

buurt. In zo'n plan kiezen we het beste alternatief voor aardgas en toetsen we

Nederland heeft in 2017 samen met andere landen in Parijs het klimaatakkoord van de Verenigde Naties getekend. Dit akkoord geven we in Nederland vorm met de Nationale klimaatwet en het Nederlandse klimaatakkoord tussen het Rijk en de Vereniging van

Wat staat er in de Transitievisie Warmte?

Nederlandse Gemeenten, de VNG. Daarin is onder andere afgesproken dat alle gemeen­

De hele gebouwde omgeving van Nederland gaat tussen nu en 2050 van het aardgas

ten een Transitievisie Warmte opstellen. In deze visie staat hoe de gemeente de transitie

af. We hebben in Nederland afgesproken dat we in 2030 2007o minder aardgas gebruiken

van aardgas naar duurzame alternatieven vorm gaat geven: dit noemen we de warmte­

door te besparen of van het aardgas af te gaan. Daar beginnen we nu aan. In deze visie

transitie. Aardgas is namelijk een fossiele brandstof waarbij CO2 vrijkomt. Hier moeten

staat de totale warmte opgave en de mogelijke alternatieven in Best. Daarbij kijken we

we dus van af om de klimaatdoelen te halen. Met deze visie leggen we uit hoe we de

ook hoe we die opgave het beste in kunnen vullen: Welke wijken zijn geschikt voor welk

warmtetransitie de komende jaren aanpakken.

type oplossing? Welke duurzame warmtebronnen hebben we in Best? En kunnen we die zomaar gebruiken?

De Transitievisie Warmte is niet het eerste stuk waarin afspraken worden gemaakt over energie of warmte. Ook in de Regionale Energiestrategie (RES) zijn keuzes gemaakt

In deze visie staat dus:

over besparing, grootschalige opwekking van elektriciteit en warmte. De Transitievisie

^ Waar nog veel energie bespaard kan worden.

Warmte is hier de lokale vertaling van. Daarbij gebruiken we kennis uit de RES en gaan

^ Welke buurten geschikt zijn voor een collectieve oplossing, en welke niet.

we uit van de afspraken die daarin gemaakt zijn.

^ Waar we voor 2030 al aan de slag gaan met onderzoeken of besparen.

Wie hebben er meegewerkt aan dit document?

En wat staat er (nog) niet in?

De warmtetransitie is een langlopend en ingewikkeld traject. Wij doen dit als gemeente

De Transitievisie Warmte is een levend document dat we elke vijf jaar bijwerken. Dit

dan ook niet alleen. Samen met Best Duurzaam keken we naar de technische mogelijk­

is de eerste versie. De komende jaren houden we nieuwe kennis, innovatie en nieuwe

heden in Best. Ook een groep betrokken inwoners heeft nadrukkelijk meegedacht over

mogelijkheden in de gaten en passen daar de visie op aan. Dat geeft direct de moge­

die technische mogelijkheden en de gevolgen voor de maatschappij. Daarnaast zijn we

lijkheid om de hoofdlijnen die in dit document staan in meer detail uit te werken. Dat

in gesprek met woningbouw corporaties om onze plannen op elkaar af te stemmen.

geldt vooral voor de wijken waar we voor 2030 nog niet aan de slag gaan. We beslissen

Maar we nemen ook onze eigen planning mee voor onderhoud van vastgoed, wegen

ook niet over een definitieve toepassing voor de wijken voor 2030. We geven wel aan

en groen.

wat we zien als de meest logische optie. Dit wordt nog verder getoetst in de projectuitvoeringsplannen. In deze visie staat dus nog niet: ^ Welk alternatief voor aardgas er in elke buurt komt. ^ Een fasering van de buurten na 2030. ^ Wat het gaat kosten.

Transitievisie Warmte 1.0

5

Wat zijn koppelkansen? Uitgangspunten voor de warmtetransitie in Best

Een koppelkans is de mogelijkheid om een opdracht, activiteit of

In de Startnotitie van 2020 zijn al vijf uitgangspunten vastgesteld. Na gesprekken met

'werk' met een andere te combineren. Door dit te combineren wor­

stakeholders zijn er een aantal bijgekomen. Hieronder staan alle uitgangspunten van

den de totale negatieve effecten minder dan als ze los uitgevoerd

de gemeente Best voor deze warmtetransitie, en wat dit betekent.

zouden worden. De positieve effecten worden juist meer.

De warmtetransitie is voor iedereen

De gemeente neemt haar verantwoor­

De grootste maatschappelijke meer­

haalbaar en betaalbaar

delijkheid

waarde

Koppelkansen benutten

Iedereen moet een haalbaar en betaalbaar

De gemeente gaat aan de slag met het

We kijken naar meer dan alleen kosten.

geven willen we zoveel mogelijk koppel­

alternatief voor aardgas aangeboden krij­

vastgoed waar het verantwoordelijk voor

Ook andere zaken zijn belangrijk, zoals:

kansen benutten. Dat is vaak goedkoper,

gen. Die betaalbaarheid moet transparant

is. Daarnaast ondersteunen en faciliteren

meer comfort, toekomstbestendigheid,

bespaart tijd en ruimte. We hechten veel

zijn.

we anderen waar mogelijk.

materiaalgebruik en meervoudig ruimte­

waarde aan onze ruimte en gaan daar

gebruik.

zorgvuldig mee om in Best.

Dat betekent dat:

Dat betekent dat:

^ Er een beperkte terugverdientijd moet

^ Het eigen vastgoed aardgasvrij maken

Dat betekent dat:

Dat betekent dat:

zijn voor inwoners en ondernemers.

een prioriteit wordt in het meerjarig

^ We ook andere zaken meewegen in

^ We plannen op elkaar afstemmen, zoals

Om de warmtetransitie efficiënt vorm te

^ Inwoners en ondernemers tegen een lage rente geld kunnen lenen. De ge­ meente Best zorgt ervoor dat dit voor

onderhoudsplan.

de alternatieven voor aardgas en alles

^ Er wordt gekeken of er projecten eerder uitgevoerd kunnen worden.

iedereen mogelijk is.

corporaties

aal(her)gebruik, het samenvallen van

- Werkzaamheden in de openbare

vraag ã aanbod en ruimtelijke inpassing.

^ Vaste lasten beschermd worden tegen

^ De verhoging van de waarde en het

prijsstijgingen, nu en in de toekomst. Zo nodig gebeurt dat met prijs­ afspraken.

- Onderhoudsplanningen van woning­

wat daarbij komt kijken. Zoals materi-

ruimte (wegen/groen/ klimaatadaptie) en ondergrondse werkzaamheden

comfort ook meegewogen worden.

(riolering, gas- en elektriciteitsnet)

• We waar dat kan bronnen gebruiken die

^ We veel waarde hechten aan meervou­

geen of weinig ruimte nodig hebben, en bronnen die dezelfde ruimte of op­ pervlakte dubbel kunnen gebruiken.

dig ruimtegebruik. ^ Sociale opgaven in de wijk waar moge­ lijk meegenomen worden. ^ We inspelen op initiatieven die er al zijn van inwoners en/of bedrijven.

Transitievisie Warmte 1.0

6

De eerste stap is energie besparen

We wekken en slaan onze energie

We gebruiken geen elektriciteit als pri­

lokaal op

maire bron, als dat niet nodig is

energie gebruiken. En energie besparen in

In het klimaatakkoord is afgesproken dat

Soms is er ook elektriciteit nodig voor

'wijken'. Dat doen we omdat er veel infor­

huis door isolatie kan al zonder dat je van

energie zoveel mogelijk lokaal opgewekt

duurzame warmte, zoals bij warmtepom­

matie op wijkniveau is. Als we aan de slag

het aardgas af gaat. Daarom stimuleren we dit.

wordt. Daarnaast kan warmte ook niet

pen of als hulpbron om warmte rond te

gaan is dat in de meeste gevallen niet in

over lange afstanden getransporteerd

pompen. Deze elektriciteit moet uitein­

een hele wijk, maar eerder op buurt- of

worden.

delijk ook duurzaam en lokaal opgewekt

straatniveau. We kijken namelijk naar de­

worden. We kunnen er niet zomaar van

zelfde soort gebouwen: in energiegebruik,

De eerste stap naar aardgasvrij is minder

In dit document spreken we veel over

Dat betekent dat: ^ De gemeente een besparingsprogramma opzet om inwoners te ondersteunen bij het besparen van energie.

Voor elk gebouw een gepaste oplossing

Dat betekent dat:

uitgaan dat overal genoeg elektriciteit

bouwjaar en bouwstijl. In sommige wijken

^ We zoveel mogelijk lokale duurzame

voor is, zeker niet op langere termijn. We

staan zowel huizen van 1950 als 2008. Die

warmtebronnen gebruiken, zoals

gebruiken namelijk ook elektriciteit voor

verschillen best veel in wat er moet ge­

rest-warmte, geothermie en warmte uit

veel andere doelen, zoals onze verlichting,

beuren om aardgasvrij (ready) te worden.

asfalt.

apparaten en steeds meer voor vervoer.

De aanpak per buurt/straat wordt vervol­

^ Als we (hulp)elektriciteit gebruiken voor

De opwek van bijvoorbeeld wind op zee

gens uitgewerkt in de projectuitvoerings-

een duurzaam warmte-alternatief we

wordt al gebruikt voor transport en de

plannen. Deze worden pas gemaakt als de

dit ook lokaal opwekken.

industrie. De warmtevraag die we niet

Transitievisie Warmte is vastgesteld.

^ We altijd energie op moeten slaan om

elektrisch invullen, scheelt ons dus ruimte.

te voorkomen dat we meer energie

Dat betekent dat:

nodig hebben dan dat er beschikbaar is

Dat betekent dat:

(in de avond en winter).

^ We zoveel mogelijk lokale duurzame warmtebronnen gebruiken, zoals rest-warmte, geothermie en warmte uit

^ Uitvoering gebeurt op straat- en buurtniveau. ^ Er voor elke buurt een apart projectuitvoeringsplan gemaakt wordt.

asfalt. Wat is aardgasvrij-ready?

^ We elektriciteit niet als hoofdbron voor

Een gebouw is aardgasvrij-ready als deze klaar is om zonder grote inspanningen

warmte gebruiken als er goede alterna­

over te stappen van aardgas naar een ander duurzaam warmtesysteem.

tieven zijn.

Dit betekent vaak dat gebouwen goed geïsoleerd zijn zodat ze ook zonder

^ We de voorkeur geven om warmte

aardgas goed verwarmd kunnen worden. Maar ook dat er niet langer op aardgas

op te slaan in plaats van elektriciteit,

gekookt wordt, of dat dit makkelijk aangepast kan worden.

omdat dit minder schaarse materialen gebruikt.

Transitievisie Warmte 1.0

7

De opgave voor Best

Op dit moment gebruiken de meeste gebouwen in Best aardgas voor verwarming en om te koken. Aardgas zorgt voor zo'n 500Zo van de totale CO2 uitstoot in de ge­

C02 UITSTOOT PER SECTOR

bouwde omgeving van Best. Minder aardgas gebruiken door isolatie of duurzame

Landbouw

bronnen zorgt dus voor flink minder CO2 uitstoot. Industrie

13 X

Waar gebruiken we aardgas allemaal voor?

1 * :-

Gebouwde omgeving -

aardgas

Aardgas wordt voornamelijk gebruikt om gebouwen te verwarmen, voor warm water en om te koken op een gasfornuis. Daarnaast gebruikt de industrie ook aardgas voor productieprocessen. In deze Transitievisie Warmte kijken we alleen naar het aardgasge­ bruik voor gebouwen. Dat zijn dus woningen, winkels, kantoren, scholen en ons eigen vastgoed. Daarbij ligt de focus in deze visie op woningen, met bedrijven voeren we aparte gesprekken. Landelijk wordt er een oplossing gezocht voor aardgasgebruik voor de industrie. Dit is namelijk lastig te vervangen voor een duurzaam alternatief vanwege de hoeveelheid en de hoge temperatuur die daarvoor nodig is. Wat betekent dat voor Best?

Gebouwde

In Best gebruikten we in 2019 omgerekend zo'n 23 miljoen m3 aan aardgas. Dit gebrui­

omgeving

ken we vooral voor het verwarmen van onze gebouwen. Ongeveer 2007o van het aard­ Vervoer

gas wordt gebruikt voor warm water en om te koken. In 2030 moeten we 2007o minder

elektriciteit

42Dzb

aardgas gebruiken, dat is een besparing van 4,6 miljoen m3. Dat doen we door: 1) gebouwen te isoleren en zo aardgas te besparen 2) gebouwen duurzaam te verwarmen

Transitievisie Warmte 1.0

9

De aanpak voor Best

©o© De warmtetransitie is een ingewikkeld vraagstuk, zowel technisch, sociaal als

Koppelkansen

financieel. In de Transitievisie Warmte kijken we naar de optimale toepassing van duurzame warmtebronnen en bijbehorende technieken voor verschillende

Om de warmtetransitie efficiënt vorm te geven willen we zoveel mogelijk koppelkansen

buurten. Dat doen we vanuit een collectief en maatschappelijk perspectief. Dit be­

zoals wonen, groen en energieopwekking. We houden specifiek rekening met:

tekent dat we niet alleen kijken naar wat de beste oplossing is op het gebied van

^ Onderhoudsplanningen van woningcorporaties: dit bespaart tijd en overlast voor

energie, maar naar wat de grootste meerwaarde heeft in het algemeen en wat dat betekent voor de rest van Best. Daarvoor kijken we per buurt naar technische en

^ Planning van werkzaamheden in de openbare ruimte (wegen/groen/ klimaat-

benutten. Dat doen we door meerdere belangrijke opgaven met elkaar te combineren

inwoners.

sociale mogelijkheden en koppelkansen. De volledige analyse is terug te vinden

adaptie) en ondergrondse werkzaamheden (riolering, gas- en elektriciteitsnet). Dit

in bijlage 1 - Analyse.

bespaart geld, tijd en overlast voor omwonenden. ^ Klimaatadaptatief inrichten van straten, pleinen en buurten. Waardoor overlast

Technische mogelijkheden ^ Collectief of individueel? Hierbij kijken we naar de bebouwingsdichtheid, dus hoe dicht de gebouwen op elkaar staan.

door klimaatverandering zoals hitte, heftige regenval en droogte minder wordt. ^ Sociale opgaven in de wijk. Zodat het prettiger wonen wordt in de buurt. ^ Initiatieven die er al zijn van inwoners en/of bedrijven. Wat zorgt voor een oplos­

^ Wat is de energievraag? De eigenschappen van een gebouw, zoals de huidige isola­

sing op maat voor de buurt met draagvlak van de inwoners.

tie en isolatiemogelijkheden in de toekomst. ^ Welke duurzame bronnen zijn er in Best? En welke technieken kunnen we gebrui­ ken? De beschikbare duurzame bronnen in Best, de bijbehorende infrastructuur en technieken. Sociale mogelijkheden 1) Wat speelt er in Best? Een eerste onderzoek over hoe inwoners aankijken tegen duurzame warmte en waar zij behoefte aan hebben. 2) Hoe kunnen we grote stappen zetten? Zoals woningcorporaties met groot bezit, actieve bewonersoverleggen of verenigingen en sociale relaties om zo makkelijker het gesprek aan te kunnen gaan.

Transitievisie Warmte 1.0

ii

TECHNISCHE MOGELIJKHEDEN Collectief of individueel

Wat is het verschil tussen een individuele en een collectieve

Of er een collectieve oplossing mogelijk is in een buurt ligt aan de bebouwingsdichtheid. Oftewel: of er veel

oplossing?

gebouwen dicht op elkaar staan of niet. Dichtbebouwde buurten zijn vaak geschikt voor een collectieve op­ lossing, dunbebouwde buurten niet. In Best kijken we ook naar een optie tussen individueel en collectief in:

Bij een individuele oplossing bepaalt u zelf hoe u uw woning

kleinschalig collectief. Veel wijken en buurten in Best vallen hier namelijk tussen in: ze zijn niet optimaal voor

verwarmt. De warmte wordt dan in de woning zelf opgewekt,

een grootschalig collectief systeem, maar er zijn wel mogelijkheden om samen met de buren of straat iets te

bijvoorbeeld met een warmtepomp. De gebruikskosten, onder­

doen. Kleinschalig collectief is een optie die zowel in individuele als collectieve wijken toegepast kan worden.

houdskosten en investeringskosten zijn dan voor de gebruiker.

In alle gevallen zijn er aanpassingen aan de energie-infrastructuur nodig. Het bestaande gasnet is nog niet

Maar niet alle keuzes zijn mogelijk om voor één gebouw toe te

geschikt voor groengas of waterstof, het elektriciteitsnet heeft niet voldoende capaciteit en een warmtenet

passen. Een voorbeeld is een warmtepomp in een woning.

zal nog aangelegd moeten worden. Het belangrijkste bij een collectieve oplossing is dat dit niet GEB

maar bij één gebouw kan in de buurt. Bij een collectieve oplossing wordt de warmte op een centrale plek opgewekt (en soms ook opgeslagen) en geleverd aan

gelden

meerdere gebouwen. De organisatie, het onderhoud en inves­ tering is dus ook collectief, of uitbesteed. Dit hoeft u zelf niet te regelen. Een voorbeeld van een collectief systeem is een warm­ tenet. Dit kan zowel grootschalig op wijkniveau, of kleinschalig

Stldcm

op buurt- of zelfs straatniveau. Het enige verschil is het aantal

Oud B«l Urte»sh«î Enren \

gebouwen dat op één systeem is aangesloten. Duurzaam gas

og ta ontwikkenf

is ook een vorm van een collectieve oplossing, omdat gaslei­ Centrum Heikant-

Oinchotteweg

Marvelden

en omgetrii

Hoge Akker

dingen in de buurt ook onderhouden moeten worden door en externe partij.

de Leeuwerik

Bij een kleinschalig collectieve oplossing zit hier tussenin. U

Nutlcnbnl Midden

bepaalt samen met uw buren welke oplossing het beste past.

Heivelden

Een voorbeeld is om met meerdere woningen in de straat een

Schutboom

grondboring te doen en hier samen gebruik van te maken.

1 Zand

Wi I k# lm i nido rp Midden

Heuvelfind

Ene rgiesysteem

Individu eel

Kleinsch alig

Collectief grootschalig

Huis

Straat

Blok(ken) woningen

Kentonnier VWIerwŲk

ŵ

MM

Zelf

Zelf, met buren

Anderen (gemeente,

of straat

woning corpotatie, energiebedrijf). Ontzorging

Ratadorp Noori

Heide

ÄŴÄ

Betedorp Zuid

Wie regelt het? fceeven

Transitievisie Warmte 1.0

12

#oo Energievraag De energievraag is de hoeveelheid energie die nodig is om een woning te verwarmen. Dit zegt iets over hoe goed gebouwen geisoleerd zijn. En bepaalt wat voor duurzame bron en techniek er gebruikt kan worden als alternatief voor aardgas. Gebouwen die erg goed geïsoleerd zijn hebben een lage energievraag en kunnen verwarmd worden met een lage temperatuur. Dan zijn er ook meer duurzame bronnen mogelijk. Gebouwen die redelijk tot goed geïsoleerd zijn kunnen lage of midden temperatuur warmte gebruiken. Gebou­ wen die slecht geïsoleerd zijn moeten hoge temperatuur warmte gebruiken en hebben dus een hoge energievraag. Daar kan al veel aardgas bespaard worden door te isoleren. V Wat betekent dat: lage, hoge of midden temperatuur? Over het algemeen geldt: hoe hoger het tempera­

Stŕ«g«h(

^y*ld«n

Warmtebehoefte

tuurprofiel, hoe meer energie nodig is om het warm te krijgen. Daarnaast zijn hoge temperaturen moei­

Legenda

lijk te bereiken met duurzame bronnen. Wanneer Lage eneratevraag

Saldet**

Gemiddelde energievraag

Hoge energievraag

Aarteiche CiyM nog teontwikkín

kan worden, zijn er meer duurzame bronnen moge­ lijk. Per buurt kijken we of de gebouwen nog beter geisoleerd kunnen worden. Zodat we weten hoe we

Y/A

Diverse energievraag

Akk*r Heikant

een woning met een lage temperatuur verwarmd

Oirschotseweg en omgeving.

i

. Buitengebied: wisselende

i

j energievraag

deze in de toekomst verwarmd kunnen verwarmen: met een hoge, midden of lage temperatuur.

Al deels duurzaam verwarmd

De huidige gasketels hebben meestal een hoge Besparingsmogelijkheden

de l(*uw*«lk Speelweide Nust*nb«l'

Bedrijventerreinen

Midden

temperatuurprofiel. Dat betekent dat je het ook warm krijgt zonder isolatie. De warmte die wordt afgegeven is dan 70 graden of hoger. Dat is eigenlijk

Heivelden

alleen nodig als isoleren moeilijk of niet mogelijk is,

v/A/y, Srfuitboom

zoals bij monumentale panden. Veel duurzame bron­

't Zend

nen en technieken hebben een lage temperatuur,

A-/--Į vyTïïáTT/s ýzz,7Z7x//,

tussen de 30 en 50 graden. Daarom is isoleren erg belangrijk, anders wordt het niet warm genoeg. Een lage temperatuur kan niet zomaar door een gewone Villawijk

radiator. Hier zijn aparte radiatoren voor nodig, of vloerverwarming of een (lucht-)warmtepomp die met die temperatuur werkt. Sommige woningen zitten tussen een lage en een hoge temperatuur in:

yZ

die hebben een midden temperatuur. Dan gaat het Breeven

om een temperatuur van 50 tot 70 graden. Dat is voor warmtepompen lastiger om te bereiken, en met vloerverwarming krijg je het dan moeilijk warm.

Duurzame bronnen & technieken Er zijn een beperkt aantal duurzame warmtebronnen in en rondom Best aanwezig.

Er zijn ook bronnen die we voorlopig nog niet kunnen gebruiken, zoals waterstof en

Deze zetten we in op de plekken waar ze het beste gebruikt kunnen worden. Dus in

groen gas. Dat komt omdat we hier als gemeente niet zelf over kunnen beslissen. Daar

buurten die het dichtsbij de bron liggen en waar de juiste temperatuur en warmtevraag

gaat de landelijke overheid of de regio over. Het kan zijn dat we deze bronnen en

is. Sommige bronnen kunnen we al direct gebruiken en toepassen. Andere bronnen zijn

technieken in de toekomst wel kunnen gebruiken voor een deel van onze gebouwen.

er wel, maar kunnen nu nog niet gebruiken. Daar is eerst meer onderzoek voor nodig,

Daarom houden we de ontwikkelingen de komende jaren goed in de gaten. Biomassa

zoals de technische toepassing of de kosten en wat het oplevert aan warmte. Dit geldt

is hierin niet meegenomen omdat het geen duurzame bron is.

bijvoorbeeld voor ondiepe geothermie en warmte uit asfalt.

ALL ELECTRIC

Soort warmte

Elektrisch

WARMTENET

DUURZAAM GAS

Warm water +

Warm water +

elektrisch als hulpbron

elektrisch als hulpbron

Gas

Direct te

Nader onderzoek

Voor 2030 niet

gebruiken

nodig

mogelijk

Zon (zonnepanelen)

Wegthermie

Waterstof

Ondiepe

Groengas

geothermie (tot 1600m)

Aquathermie

Zon (zonnecollectoren) Schaalniveau

Minimaal energielabel

Temperatuur

Grondwarmte (opslagwarmte)

Overige oppervlakte

Elektrisch (overig)

Biomassa

Zon (hybride) met grondwarmte

Restwarmte

n.v.t.

I Zonne-energie (zonnepanelen)

Mogelijke bronnen Zonne-energie (hybride) met grondwarmte

Zonne-energie

Zonne-energie

(zonnecollectoren) Grondwarmte:

(zonnecollectoren) Grondwarmte:

Ondiepe Geothermie

Ondiepe Geothermie

Wegthermie Aquathermie

Wegthermie Aquathermie

De verschillende duurzame bronnen en de beschikbaarheid daar­ van in Best. Waterstof Groengas

De verschillende soorten infrastructuren voor duurzame bronnen en wanneer die geschikt zijn.

Transitievisie Warmte 1.0

14

SOCIALE MOGELIJKHEDEN Naast wat er technisch kan kijken we ook naar natuurlijke momenten en hoe we inwoners kunnen ondersteunen in deze transitie. Want hoewel er

g

eb

misschien al wat kan op technisch vlak, moet dit ook haalbaar zijn voor onze inwoners.

Velden

Hoe kunnen we grote stappen zetten?

Sociale mogelijkheden

Allereerst hebben we gekeken naar bestaande sociale structuren in de buur­

LiMMH

ten. Zo kunnen er in buurten met veel woningen van de woningbouwcorpo­

HOM

Selder et

ratie makkelijker grote slagen gemaakt worden. Dit zijn vaak dezelfde soort

Oud 8ett

f Aerletche Erven ļ

woningen met ongeveer dezelfde energievraag en de woningbouwcorpora­

Midden

(nog te ontwikken)

tie kan het gesprek aangaan met zijn huurders. Daarnaast hebben we geke­

i Mg

Dijkstratcc

ken naar andere ingangen in de buurten, zoals actieve bewonersoverleggen

i Buitengebied; midden

Centrunr Akker

en andere verenigingen. Zodat we bij het maken van projectuitvoerings-

Heikant Heivelden

ĩrtchottvvwg

Groot aandeel wijkorgamsaties' woningcorporaties

plannen makkelijker inwoners in de buurt kunnen bereiken en betrekken. de leeuwerik

lS-30% Speelheide

}30“b

HuiKithetiMidden

Wat speelt er in Best? Heivelden

Ook zijn op verschillende manieren de vragen, zorgen en ideeën van inwo­ ners opgehaald. Zo konden inwoners digitaal meepraten via Pleinbest, is er

Srhulfaûem t Zand

een tijdelijke focusgroep opgericht en hebben 1.016 inwoners meegedacht via het online inwonerspanel. Dit samen geeft een eerste inzicht hoe inwo­

Wilhelm in «dorp

Heuvvieind

ners aankijken tegen verduurzaming van hun woning en de overstap naar duurzame warmte. Inwoners kijken verschillend naar aardgasvrij wonen, er is niet veel verschil

Vilt*wijk

per buurt hierin. Zo geeft de helft (5007o) het een positief cijfer tussen de 6 en de 10, tegenover 46*70 die een 5 of lager geeft. Het valt op dat bijna iedereen dezelfde vragen en zorgen heeft, met als top 3: de kosten, of het technisch

ktidorp Noord

VŞ*i

Heide

allemaal wel kan en gedoe van werkzaamheden. Volgens onze inwoners

8a t ad or p Zuid

Breeven

kunnen we het beste beginnen in buurten waar grote stappen gezet kun­ nen worden met bijvoorbeeld woningbouwcorporaties, en waar nog veel energie bespaard kan worden. Daarnaast vindt bijna de helft het belangrijk dat de buurten met de minste kosten als eerste aan de beurt zijn. Ook is een derde van de woningeigenaren van plan om de komende jaren zelf al ener­ giebesparende maatregelen te nemen. In bijlage 1 ã 2 staan alle resultaten van het onderzoek en de uitkomsten van het inwonerspanel. Transitievisie Warmte 1.0

15

Routekaart Best naar 2030

We hebben in elke buurt gekeken naar de technische en sociale mogelijkheden.

met de zoekbuurten. Lange termijn buurten komen dus pas na 2030. Inwoners kunnen al

Eerst hebben we onderzocht of er een collectieve oplossing mogelijk is in een buurt.

wel zelf stappen zetten op natuurlijke momenten of samen met de buren/straat op een

Is dat niet het geval? Dan volgen inwoners in die buurt hun eigen tempo en stappen

kleinschalig collectief systeem. Waar mogelijk ondersteunt de gemeente dit.

op een natuurlijk moment over op een duurzame bron. Bijvoorbeeld bij verhuizing of verbouwing. Verder is de aanpak in een buurt afhankelijk van zowel technische

Daarnaast zijn er woningen en zelfs al hele buurten aardgasvrij. Denk aan Dijkstraten en

als sociale mogelijkheden die in de hoofdstukken hiervoor zijn uitgelegd.

in de toekomst Aarlesche Erven en het tweede deel van Steegsche Velden. Die worden al duurzaam verwarmd. Ook maakt de gemeente aparte plannen met bedrijventerreinen.

Buurten met veel sociale mogelijkheden zijn goede buurten om aan de slag te gaan: daar

Samen kijken we of we hierbij ook het verduurzamen en circulair maken van bedrijfspro­

is energie. Maar ook buurten waar veel technische mogelijkheden zijn kunnen een goed

cessen mee kunnen nemen.

beginpunt zijn. Aan de hand van de technische en sociale mogelijkheden hebben we de buurten voor woningen opgedeeld in vier categorieën: eigen tempo waar individuele

Hoge bebouwingsdichtheid?

oplossingen komen, en de drie opties in de tabel hieronder waar een collectief systeem

Ja

Nee

mogelijk is. Op de kaart op de volgende pagina staat de keuze voor elke buurt. 1) Zoekbuurten | 2022- 2030

Collectieve

Individuele oplossing >

oplossing

eigen tempo buurt

In deze buurt(en) zien we de mogelijkheid om nu al samen aan de slag te gaan. Dat bete­ kent dat we voor deze buurten verder onderzoeken of het haalbaar is om voor 2030 over te stappen op duurzame warmte. Of hier in elk geval een begin mee te maken. Daarover gaan we eerst met de bewoners en stakeholders in gesprek. Als het haalbaar blijkt, stellen we samen een plan op hoe we dit kunnen doen en gaan we hier aan de slag.

Bespaarbuurten

Zoekbuurten

Sociale structuren aanwezig

2) Bespaarbuurten | 2022 - 2030

Sociaal draagvlak

In een aantal wijken of buurten kunnen we veel aardgas besparen door te isoleren. Dat is

Grote warmtevraag: isoleren nodig

ook nodig om later op energiebronnen aan te sluiten. In deze wijken willen we dit samen

*

Kleine warmtevraag: isol eren ni et nodig

ţ

Bron beschikbaa r of te introduceren Sociale structuren aanwezig

oppakken. De gemeente helpt hierbij met stimuleren en organiseren, door een bespa-

Draagvlak

ringsprogramma op te stellen.

Dl o O Q. E o'

3) Eigen tempo | 2021 - 2050

Lange termijn

Er zijn wijken en buurten waar woningen het beste met een individuele oplossing duur­

•x/ Grote warmtevraag:

zaam verwarmd kunnen worden. Daar laten we inwoners dit op hun eigen tempo doen

Lange termijn

isoleren nodig as

zodat ze dit op voor hen goede, natuurlijke momenten kunnen doen. Bijvoorbeeld als bij

Bron beschikbaar of te

Bron niet beschikbaar of (nog) niet te introduceren

w w

verhuizing, verbouwing, of als de Cv-ketel aan vervanging toe is. Ook kleinschalig collec­ tieve systemen met de buren/straat zijn hier mogelijk.

Kleine warmtevraag

Geen of onvoldoende sociale structuren

introduceren Geen of onvoldoende sociale structuren Geen of onvoldoende

Geen of onvoldoende draagvlak

draagvlak

4) Lange termijn | na 2030 Sommige wijken en buurten kunnen best goed met collectieve of kleinschalig collectieve

Laag

Technische mogelijkheden

Hoog

^ Energievraag gebouwen: al goed geisoleerd of nog niet?

oplossingen aardgasvrij worden. Dat gaan we alleen nog niet overal doen. We beginnen

^ Is er een duurzame bron in de buurt of kunnen we die introduceren? (bijv. met zon?)

Transitievisie Warmte 1.0

17

GE

^Velden

B

'

Eindkaart Legenda

Zoekbuurten

Sa I deres

Oud Best

I

Bespaarbuurten

I Aariesche Erve

ļnogteontwikki

ŠSSSSSS'

Díjkstraten^ C,

Lange termijn

Eigen tempo

Centrum Akker Heikant-

õirschotseweg

Heivelden

en omgeving.

J Buitengebied; eigen tempo

-—ļ Al (deels) duurzaam verwarmd de Leeuwerik

Naasten bestMidden

Bedrijventerreinen

Heivelden

Schutboom 't Zand

WilhelminadorpHeuveleind

Midden

Kantonnier

Villawijk

Batadorp Noot

Batadorp Zuid Heide

Breeven

Transitievisie Warmte 1.0

18

En nu aan de slag

©o© De weg naar een energieneutraal Best is lang en zit vol uitdagingen. Dit document

5. Onderzoeken technieken & bronnen | 2022 - 2030

zien we als startpunt van de warmtetransitie en vormt op grote lijnen een route­

Buiten de zon heeft Best weinig duurzame warmtebronnen. Mogelijk kunnen we wel

kaart hoe we dit in Best het beste aan kunnen pakken. Hier komen zeven belangrij­

warmte uit de aarde halen (ondiepe geothermie) of uit asfalt (wegthermie). Deze warm­

ke actiepunten uit voort voor ons als gemeente. Dit doen we niet alleen, maar sa­

te kan gebruikt worden voor een warmtenet en kost weinig ruimte en elektriciteit. Maar

men met andere partijen zoals Best Duurzaam, woningbouwcorporaties en Enexis.

dit moet eerst beter onderzocht worden: hoeveel warmte kunnen we hier uit halen, wie heeft welke rol en wat kost dat? Daarom is het belangrijk dat we de komende jaren deze

1. Besparingsprogramma | 2022 (maken plan)

mogelijkheden verder onderzoeken. Zodat we in de volgende versie van de Transitievi-

We kunnen het belang van energiebesparing niet genoeg benadrukken. Voor iedere

sie Warmte weten of we deze bronnen kunnen gebruiken. Ook andere partijen spelen

oplossing en voor elk gebouw geldt dat isolatie een essentiële stap is om de gehele

hierin een rol waar gesprekken mee gevoerd moeten worden. Zoals Rijkswaterstaat om

warmtevoorziening te verduurzamen. Met het oog op de beperkte beschikbaarheid van

warmte uit asfalt te winnen en organisaties voor grondboringen en warmtetransport.

duurzame warmtebronnen, de stijgende energiebelasting en aangekondigde regelge­ ving, raadt de gemeente iedereen aan zo snel mogelijk aan de slag te gaan met isolatie.

6. Communicatie & participatie | 2022 - 2050

Om dit op grotere schaal aan te pakken ondersteunt de gemeente bewoners met een

We blijven doorlopend in gesprek met inwoners, ondernemers en stakeholders. Zowel

energieloket en besparingsprogramma. Dit werken we verder uit in 2022.

over het proces en de planning, als bij specifieke actiepunten zoals de zoekbuurten.

2. Zoekbuurten | 2022 - 2030

de slag te gaan. Maar ook om informatie op te halen uit de buurten. Dit gebeurt voor­

In deze buurt(en) zien we de mogelijkheid om voor 2030 al samen aan de slag te gaan.

namelijk in de buurten waar we aan de slag gaan.

Daarbij hebben we aandacht voor het geven van informatie en handvaten om zelf aan

Dat betekent dat we eerst verder onderzoeken of het haalbaar is om van het aardgas af te gaan en wat dat precies betekent. Zowel voor bewoners, als voor ons als gemeente.

7. Actualisatie Transitievisie Warmte | 2027

We gaan hierover altijd eerst in gesprek met bewoners, Best Duurzaam, woningbouw­

In de komende jaren zullen technieken verder ontwikkeld worden, zoals waterstof en

corporatie^) en andere stakeholders. Als het haalbaar blijkt, stellen we samen een plan

innovatieve warmtetechnieken. De gemeente houdt hier rekening mee door 5-jaarlijks

op en gaan we aan de slag. Hierbij neemt de gemeente een actieve rol om partners te

de Transitievisie Warmte te actualiseren. En hoewel er innovaties aankomen, is dit geen

verbinden en mee te nemen.

reden om te wachten. De warmtetransitie kost veel tijd. Daarom starten we nu met technieken die al wel toepasbaar zijn.

3. Stimuleringsprogramma | 2022 (maken plan) De buurten waar woningen het beste met een individuele oplossing aardgasvrij kunnen worden doen dit in hun eigen tempo. Ook hier is besparing belangrijk. Daarnaast on­ derzoekt de gemeente komend jaar hoe we inwoners in deze buurten kunnen onder­ steunen bij hun reis om van het aardgas af te gaan. 4. Gemeentelijk vastgoed | 2022 - 2040 Ook de gemeente is verantwoordelijk voor verduurzaming van het eigen vastgoed. Deze gebouwen duurzaam verwarmen wordt daarom een prioriteit in de bestaande onderhoudsplannen. En waar mogelijk wordt onderhoud naar voren gehaald om sneller energie te besparen. Transitievisie Warmte 1.0

20

december 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10961130/1