21074.4 - Notitie toelichting geuronderzoek Mosselaarweg 17
Tekst van het document
Notitie
Opsteldatum Registratienr. Afdeling Vakgroep Auteur Aan
: : : : : :
24-11-2021 IN21-04006/ Afdeling Omgevingszaken Vergunningen & Omgevingskwaliteit Roelof Wolf Raad
Onderwerp
:
Mosselaarweg 17 toelichting geuronderzoek
Beste raadsleden, Tijdens de themasessie leefomgeving van 15 november 2021 is met u het initiatief van de bewoners aan de Mosselaarweg 17 besproken. Resumerend; het betreft een voormalig varkensbedrijf wat men voornemens is her te bestemmen. De oude stallen worden gesloopt, de voormalige bedrijfswoning wordt een reguliere woning en er worden twee ruimte voor ruimte woningen gerealiseerd. Voor de herbestemming is door de initiatiefnemers een ruimtelijke onderbouwing aangeleverd. Uit het daarvan onderdeel uitmakende geuronderzoek is gebleken dat niet kan worden voldaan aan de gemeentelijke geurnormen voor het woon- en leefklimaat op de woningen. De overige aspecten uit de ruimtelijke onderbouwing staan medewerking niet in de weg. Naar aanleiding van een daartoe strekkende vraag heeft wethouder Van Schuppen toegezegd een nadere toelichting aan te leveren om u in staat te stellen in een later stadium een gewogen weloverwogen besluit te nemen. Hieronder leest u de toelichting. Resultaten geuronderzoek Uit het geurrapport blijkt dat de huidige geurbelasting op de woningen te hoog is, te weten: • 28-30% op de voormalige bedrijfswoning (25% is de norm) • 23-28% op de ruimte voor ruimte woningen (20% is de norm) Uit het onderzoek blijkt verder dat de maatgevende geurbelasting wordt veroorzaakt door het naastgelegen kalverenbedrijf aan de Mosselaarweg 15.
Op grond van de Interim Omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant moeten veehouderijen per 1 januari 2024 hun stallen aanpassen om voldoende ammoniak te reduceren. Met het reduceren van ammoniak neemt als bijvangst ook de geuremissie af. De stallen aan de Mosselaarweg 15 zijn traditioneel uitgevoerd wat betekent dat deze nog niet voldoen aan de Interim Omgevingsverordening (IOV) en moeten worden aangepast. De geuremissie van deze stallen zal op termijn dus gaan afnemen. Toekomstige geursituatie In overleg met de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant is getracht een reëel beeld te schetsen van de toekomstige geursituatie als gevolg van bovengenoemde verordening. We komen tot de conclusie dat het niet mogelijk is te komen tot een exacte waarde. Er zijn diverse scenario’s mogelijk om aan de IOV te voldoen. Die keuze is aan de veehouder. Verder is het niet mogelijk om rekening te houden met onvoorziene zaken zoals bedrijfsontwikkelingen of omschakeling naar andere diersoorten. Op basis van wat ons op dit moment bekend is voorzien wij een afname van de geurbelasting op de woningen. Naast de gevolgen van de IOV is het landelijk gebied volop in ontwikkeling, dat gaat gepaard met veehouderijen die stoppen en IN21-04006/
*IN21-04006* Pagina 1 van 2
steeds verder gaande beleidsontwikkelingen die de agrarische sector steeds verder verduurzaamd. Deze ontwikkelingen hebben een positief effect op het woon- en leefklimaat in de omgeving van veehouderijen. Geur versus gezondheid De geurnormen hebben als doel om bewoners te beschermen voor gezondheidsrisico’s door een te hoge geurbelasting. In het kader van het verhogen van de geurnorm voor voormalige agrarische bedrijfswoningen, heeft uw raad afgelopen maart de discussie gevoerd over de hoogte van de geurnorm versus de gezondheidsrisico’s. Daarbij is besloten om 25% geurhinder te hanteren als maximale norm in relatie tot de mogelijke gezondheidsrisico’s. Dat is mede gebaseerd op de waarde die het RIVM hanteert bij het bepalen van het woon- en leefklimaat. Vanaf 25% is er sprake van een slecht woon- en leefklimaat waarbij gezondheid in het gedrang kan komen. Als we dit beleidsstandpunt vertalen naar de resultaten van het geuronderzoek is op dit moment sprake van een gedeeltelijke overbelasting van de ruimte voor ruimte woningen en een overbelasting van de voormalige bedrijfswoning. Conclusie en argumenten Op basis van het uitgevoerde geuronderzoek is momenteel sprake van een overbelaste situatie. We verwachten dat de geursituatie in de nabije toekomst gaat verbeteren.
Om voor deze specifieke situatie een afwijking van het geurbeleid te onderbouwen en te verantwoorden zijn er naast de geurbelasting meer aspecten van belang. De volgende argumenten spelen tevens een rol bij de afweging of medewerking wordt verleend aan het initiatief: • • •
Belangen van omliggende bedrijven worden niet geschaad door de realisatie van de woningen. Met de herbestemming wordt een veehouderij bestemming gesaneerd, dat heeft een positief effect op het woon- en leefklimaat van de omgeving. Met de herbestemming wordt invulling gegeven aan ons beleid ten aanzien van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB). Middels het VAB beleid proberen we de leegstand van agrarische bedrijfsbebouwing te voorkomen en herbestemming te stimuleren. Leegstand brengt namelijk een aantal negatieve gevolgen met zich mee zoals; o Verpaupering, o onder druk staan van economische vitaliteit en de leefbaarheid van het buitengebied, o risico’s rondom gezondheid, veiligheid en criminaliteit, o risico op illegale activiteiten.
Vervolgproces De resultaten van het geuronderzoek maken onderdeel uit van de ruimtelijke onderbouwing om te komen tot een nieuw bestemmingsplan voor deze locatie. Volgens de gebruikelijke bestemmingsplanprocedure worden deze stukken aan u ter besluitvorming voorgelegd. Volgens de huidige planning zal dat in het tweede kwartaal 2022 gebeuren.
IN21-04006/
*IN21-04006* Pagina 2 van 2