CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

21072.21 - Bijlage 3 Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0

Raadsvergadering 13 december 2021, gemeente BestBij agendapunt: 21072 - Vaststellen Regionale Energie Strategie 1.03.314 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijze gemeente Best op concept-RES 1.0 Metropoolregio Eindhoven d.d. 22-03-2021 Hoofdstuk en inhoud: 1. Opgave en kader Kernpunten uit de Concept RES 1.0: Onze RES 1.0 is een momentopname. Ze geeft aan waar we op dit moment staan op de weg naar 2030 en verder, de weg naar 2050. We hebben niet alleen een flexibele energiestrategie nodig om in een telkens veranderende wereld, de huidige en toekomstige energiedoelstellingen te blijven behalen, maar ook een stevig samenwerkingsnetwerk.

Zienswijze: Allereerst complimenten voor deze conceptversie met bijlagen. In korte tijd is er veel werk verzet om dit voor elkaar te krijgen. Met name de bijlagen geven de gezamenlijke inspanningen goed weer en er heeft hier een verdiepingsslag plaatsgevonden. De Raad van de gemeente Best wil hierbij herhalen dat samenwerking niet alleen binnen de Metropool Regio moet plaatsvinden. Het gebied van onze regio wordt relatief intensief gebruikt en kent een bovengemiddelde druk vanuit bevolkingsgroei en economie. Er zijn in verhouding meerdere regio’s die meer mogelijkheden hebben voor opwekking van duurzame energie en hiermee een relatief groter deel van de opgave voor Nederland voor hun rekening kunnen, en willen, nemen. De alinea over het Planbureau voor de Leefomgeving op bladzijde 9 ondersteunt dit. De ConceptRES 1.0 markeert de overgang van gezamenlijke inspanningen naar de uitvoering door de gemeenten. De Raad stelt dan ook voor om in de definitieve versie inzicht te geven in de gewenste solidariteit door per gemeente hun bod op te nemen. Bijvoorbeeld analoog aan het diagram zoals opgenomen in bijlage 1.4. Hiermee wordt tevens inzichtelijk of het gezamenlijke (concept) bod van 2 TwH vanuit onze regio, ook daadwerkelijk door de 21 gemeenten kan worden ingevuld. In de tekst worden de begrippen kleinschalig en grootschalig gebruikt.

In de begrippenlijst wordt alleen het begrip grootschalig verklaard, echter zonder de grens met kleinschalig aan te geven. In de tekst wordt verder aangegeven dat kleinschalige zon-op-dak-installaties niet meetellen voor het doel van 35 TWh. Naar de mening van de Raad dient hier een betere aansluiting te worden gezocht met de verklaring van deze begrippen in het Klimaatakkoord. In ieder geval moet duidelijk worden dat zon-op-dak-installaties van niet-woningen wel meetellen voor het bod. Hiermee wordt ook recht gedaan aan de zonneladder die is opgenomen. Klimaatakkoord: kleinschalige opwek met zon PV, voornamelijk huishoudens. Klimaatakkoord: grootschalige productie op land en op daken, zoals dit op dit moment wordt gestimuleerd met SDE+ (>15KW). De Raad van Best gaat uit van de tekst in bijlage 1.4., waarin de opbouw van het bod helder is opgenomen.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

2. Thema’s RES Metropoolregio Eindhoven Kernpunten uit de Concept RES 1.0: De kracht van onze regio is de diversiteit. De stad en het landelijk gebied versterken elkaar en profiteren in hoge mate van elkaars kwaliteiten en functioneren als een geheel. Door op regionaal niveau samen te werken met onder meer Brainport Development en kennisinstellingen kunnen we de innovatie kracht in de regio benutten en versterken, bijvoorbeeld door innovatie in te zetten om in onze regio met de netschaarste om te gaan. De ambitie van de 21 samenwerkende gemeenten uit de regio Zuidoost-Brabant is dat het landelijk gebied leefbaar, toekomstbestendig en economisch vitaal blijft. We werken samen met Brainport Development en de arbeidsmarktregio’s Zuidoost-Brabant en Helmond-De Peel, om een beter beeld te krijgen van de gevolgen van de energietransitie op de regionale arbeidsmarkt. Daarnaast zorgen we ervoor dat, via het PACT Brabant en het Kennispact MBO Brabant, op provinciale schaal en met de andere Brabantse arbeidsmarktregio’s afstemming en kennisdeling plaats vindt. - In de ruimtelijke afweging van kansrijke zoekgebieden is de samenhang met andere opgaven cruciaal. De Omgevingsagenda Zuidoost- Brabant faciliteert de samenwerking tussen de betrokken overheden en de realisatie van de gemaakte afspraken.

Zienswijze: Prima hoofdstuk waarin de kracht van onze regio tot uitdrukking komt. Van belang is om naast de afstemming binnen de regio ook af te stemmen met de ons aangrenzende regio’s. Zo gaat bijvoorbeeld transportschaarste over regiogrenzen heen. 3. Samen de energieambitie realiseren Kernpunten uit de Concept RES 1.0: Samen onderzoeken we de mogelijkheden om de energietransitie uit te voeren. We kijken hoe we slim gebruik kunnen maken van de inzet van regionale kennis, innovatie en vakmensen. De besluiten daarover worden lokaal genomen. Gemeenten zijn dus zelf aan zet. Daarbij realiseren wij ons dat de mogelijkheden en kansen en fasering per gemeente kunnen verschillen. Draagvlak en acceptatie onder omwonenden en andere inwoners en bedrijven uit de omgeving van projecten zijn daarbij van cruciaal belang. Om meer inwoners bekend te maken met de RES bekijken we in overleg met gemeenten wat nodig is om op lokaal niveau participatie te versterken. Om te garanderen dat er invulling gegeven wordt aan minimaal 50% lokaal eigenaarschap stellen we in de RES 1.0 een flexibel model dat uitgaat van de oprichting van een stichting/ontwikkelfonds per gemeente en/of project om minimaal 50% van het eigen vermogen in een project in te brengen.

Zienswijze: De Raad onderschrijft de regionale strategie en de besluitvorming en uitvoering bij de gemeenten. Hierbij verwijzen we naar onze zienswijze over punt 1. Het is dan raadzaam om het gezamenlijke bod te onderbouwen in de RES 1.0, door het (concept) bod per gemeente (bottum-up) op te nemen en op te tellen. De gemeente Best geeft samen met de lokale partner Best Duurzaam nadere invulling aan het model voor lokaal eigenaarschap. 4. Besparen – duurzame warmte – duurzame opwek Kernpunten uit de Concept RES 1.0: Onze RES 1.0 is gebaseerd op de volgende elementen: • Besparing binnen de gebouwde omgeving. • Inpassen opwekking van duurzame elektriciteit op land (wind en zon). • Warmtetransitie in de gebouwde omgeving door het opstellen van lokale transitievisies warmte ondersteund door een Regionale Structuur Warmte. • Een benodigde infrastructuur voor transport en opslag van energie.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

4.1 Besparen Kernpunten uit de Concept RES 1.0: Je kunt op een aantal manieren besparing stimuleren en dat gebeurt ook al in de regio. Gemeenten kiezen zelf voor wat ze doen en via welke samenwerkingsverbanden. Daarvoor bieden we een basisinfrastructuur en additionele modules per doelgroep. In deze Concept RES 1.0 richten we ons op de doelgroepen Wonen, Bedrijven en Maatschappelijk Vastgoed. Acht ‘bespaarroutes’ voor woningeigenaren en woningbouwcorporaties geven inzicht in wat een gemeente kan doen om een bepaalde route goed te faciliteren of te organiseren. We ondersteunen bedrijven met besparen zodat ze zich op hun business kunnen richten. We willen ze ontzorgen door bijvoorbeeld Greendeals op te zetten. We zetten handhaving in bij bedrijven die niet of onvoldoende met energiebesparing aan de slag gaan. Gemeenten hebben een belangrijke (voorbeeld)rol bij het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Met de werkwijze ‘Samen Slimmer Duurzaam Bezig’ voorzien we door structurele samenwerking in de kennis-en capaciteitsbehoeften en behalen we zo meer resultaten, zonder extra tijdsbesteding en tegen gelijke of lagere kosten.

Zienswijze: Hier wordt in combinatie met bijlage 2 een soort toolbox aangereikt aan de gemeenten om aan de slag te gaan met besparing. Een prima bijlage, complimenten. Naar de mening van Raad valt echter zon op dak, bij niet woningen, dus bij bedrijven (bladzijde 34) niet onder besparen. Dit telt mee voor het bod. 4.2 Duurzame warmte Kernpunten uit de Concept RES 1.0: De Metropoolregio Eindhoven kent geen overvloed aan bovenlokale warmte-bronnen. Het overschakelen op duurzame warmte betekent, afhankelijk van de toegepaste duurzame warmtebron, meestal een toename in het gebruik van elektrische (hulp)energie. Op sommige plekken in de regio komt mogelijk de warmtevraag uit volledig elektrische oplossingen (met individuele warmtepompen bijvoorbeeld), wat betekent dat de belasting op het net op deze locaties nog hoger is. Met de Regionale Structuur Warmte willen we: • De bovenlokale / regionale bronnen optimaal benutten; • Desinvesteringen voorkomen; • Maatschappelijke kosten laag houden en daarbij rekening houden met inwoners en bedrijven in nabijgelegen gemeenten. Om de informatie en bestuurlijke keuzes op lokaal en regionaal niveau zoveel mogelijk op elkaar aan te laten sluiten is goede afstemming nodig. We werken aan een platform waarop alle informatie is verzameld.

We ontwikkelen richting RES 2.0 een methodiek waarin de maatschappelijke kosten en baten van bovenlokale warmtebronnen kunnen worden gewogen. Omdat we deze moeilijke opgave slim aan willen pakken, maken we afspraken over een gezamenlijke kennis- en leeragenda waarbij we samenwerken met kennisinstellingen en bedrijven.

Zienswijze: Prima hoofdstuk en verdere uitwerking moet nog volgen door de gemeenten. 4.3 Duurzame opwek Onderstaande kernpunten uit de concept RES 1.0 kunt u betrekken in uw reactie. Bovenal vragen we u om een reactie en om uw aandachtspunten voor de voor uw gemeente relevante zoekgebieden voor grootschalige duurzame opwekking van energie.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

Kernpunten uit de Concept RES 1.0: De afgelopen jaren hebben we al 0,51 TWh aan zonnedaken, -velden en windturbines gerealiseerd. Ook 0,64 TWh zonnedaken, -velden en windturbines die in voorbereiding zijn (pijplijn) rekenen we mee. Vervolgens zetten we ons maximaal in voor realisatie van ‘no regret’ maatregelen, ofwel het laaghangend fruit. Hierbij maken we gebruik van de ‘zonneladder’, die de voorkeursvolgorde weergeeft van de aanleg van zonnepanelen. Met de eerste vier stappen op de zonneladder verwachten we 0,28 TWh te kunnen realiseren. Met behulp van het planMER zijn de globale zoekgebieden uit de concept-RES nader afgebakend en ontstaat er inzicht in de milieu-effecten (leefomgeving, landschap en ecologie), de kansen voor koppeling aan andere thema’s (landbouw, economie, natuur en klimaat) en de mogelijke energie-opbrengst van de zoekgebieden. Er lijkt voldoende potentie aanwezig ter ondersteuning van onze bijdrage van 2 TWh duurzame energie in 2030. Dat een locatie buiten het planMER valt betekent niet per se dat die locatie onmogelijk is. Gemeenten kunnen onderzoeken of (lokaal) maatwerk mogelijk is. We werken toe naar een meest haalbare selectie van zoekgebieden op basis van het planMER, de inspraak en adviezen (Cie MER en Brabant Advies) n.a.v. het planMER, de analyses van de netbeheerders en de reacties vanuit de gemeenteraden.

Om het bod van 2 TWh in 2030 te verwezenlijken moet de RES vertaald worden naar beleid, regels en uitvoeringsprojecten. Het realiseren van de no-regret maatregelen heeft daarbij prioriteit; Het realiseren van grootschalige zon- en windprojecten vraagt veel voorbereidingstijd. Beide routes moeten we tegelijk bewandelen om ons doel voor 2030 te halen. Er is continue afstemming tussen netbeheerder en de lokale en regionale overheden. We stemmen de verdeling van de beschikbare capaciteit en noodzakelijke investeringen in de toekomst regionaal af. Een degelijke en afgestemde uitvoeringsplanning biedt zekerheid om te komen tot nieuwe investeringen.

Zienswijze: Het is goed en nodig dat er een disclaimer is opgenomen op bladzijde 45. De Raad van de gemeente Best heeft de “Visie duurzame energieopwekking buitengebied Best” vastgesteld, na een uitvoerig participatieproces. Deze Visie met bijbehorend Afwegingskader zijn binnen Best bepalend voor de zoekgebieden uit de RES1.0 en de PlanMER. Zoals wij eerder hebben aangegeven zal de RES1.0 hierop aangepast moeten worden. Een nadere toelichting hierover is in de zienswijze opgenomen onder Bijlage 4 en bij kaarten die aan onze zienswijze zijn toegevoegd. De gemeente Best zal ook een zienswijze indienen op de planMER na openstelling per 1 mei 2021. De prioritering die wordt aangebracht met de zonneladder dient naar onze mening eveneens te gelden voor prioritering bij de schaarse netwerkcapaciteit. De Raad is van mening dat er een directe relatie bestaat tussen de schaarste op het netwerk en de innovatie van de opslagcapaciteit die we nastreven in de regio. Sterker nog: indien de innovatie achterblijft dan zal de realisatie van het bod in het gedrang komen. 5. Stap voor stap naar uitvoering Kernpunten uit de Concept RES 1.0: Naar verwachting zullen we halverwege 2021 verschillende scenario’s voor samenwerking in de uitvoering kunnen voorleggen aan de gemeenten, provincie en waterschappen.

Om vervolgens afspraken te maken om als gezamenlijke overheden, in samenwerking met de betrokken stakeholders, slimmer en efficiënter stappen te zetten in de realisatie van de energietransitie.

Zienswijze: De Raad staat open voor samenwerking in de uitvoering en zal Best Duurzaam als lokale energie coöperatie hierin betrekken.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

BIJLAGEN RES1.0 Bijlage 1. Participatie 1.1 Resultaten internetconsultatie 1.2 Financiële participatie en lokaal eigendom

Zienswijze: Bovengemiddeld veel inwoners van de gemeente Best hebben deelgenomen aan de regionale consultatie. Dit geeft aan dat het onderwerp erg leeft binnen onze gemeenschap en de uitslag is een goed vertrekpunt voor de komende participatie. Het model voor lokaal eigendom zullen we op maat maken voor onze gemeente, in samenwerking met de lokale energie coöperatie. Bijlage 2. Besparing 2.1 Doelgroep wonen 2.2. Doelgroep bedrijven 2.3 Doelgroep Maatschappelijk vastgoed

Zienswijze: Zoals al eerder gesteld een prima toolbox om als gemeente met de besparing aan de slag te gaan.

Bijlage 3 Duurzame warmte 3.1 Regionale Structuur Warmte (RSW)

Zienswijze: Geen opmerkingen.

Bijlage 4. Duurzame opwek 4.1 No-Regret maatregelen 4.2 PlanMER RES MRE

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

Zienswijze: De Raad onderschrijft deze volgorde in deze bijlage en zal primair inzetten op de zonneladder en No-regret-maatregelen en de gebieden in de planMER bezien voor een eventuele delta in ons bod die ontstaat tot 2030 en daarna tot 2050. De gemeente Best heeft intern een voorlopig bod berekend. Hiermee kunnen we de maatregelen voor duurzame opwek kwantificeren en zicht krijgen op de eventuele delta waar we mee aan de slag moeten gaan na de MER. Het bod van de gemeente Best zal altijd voorwaardelijk zijn in verband de beschikbare beperkte netwerkcapaciteit.

Voorlopig Bod Best tot 2030

realisatie

aanvraag

no regret

delta Best

Omdat de planMER deel uitmaakt van de RES 1.0 en ondanks de disclaimer, wil de Raad toch kort ingaan op de zienswijze die zal worden ingediend bij de planMER vanaf 1 mei 2021. Algehele conclusie De gemeenteraad van Best is van mening dat de concept RES 1.0 zoals die nu is voorgelegd en in relatie tot de (plan)MER, op belangrijke punten dient te worden aangepast om te komen tot een RES 1.0 die op een later moment voor besluitvorming aan de gemeenteraden wordt voorgelegd.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

Zoals in een eerder stadium is aangegeven is het beleid in Best, dat met zorgvuldigheid en participatie tot stand is gekomen, voor ons leidend. Dit beleid moet onderdeel uitmaken van de RES dat moet zijn opgebouwd uit de bouwstenen van de 21 gemeenten. Ten aanzien van de opgenomen zoekgebieden voor de ontwikkeling van wind- en zonneparken, is met name Zoekgebied 1 voor een groot deel in strijd met het beleid. Beleid Best Als basis van onze reactie het volgende. Best is al in 2018 gestart met de beleids- en visievorming ten aanzien van (grootschalige) energieopwekking. Er is daarbij een zorgvuldige analyse gemaakt van de natuur en het landschap van Best. In het traject van totstandkoming heeft er uitgebreide en zorgvuldige participatie plaats gevonden, met naast de ‘reguliere’ inspraak ook drukbezochte inloopdagen en het toepassen van een inwonerspanel waar meer dan 600 inwoners aan hebben deelgenomen. De planning baarde zorgen. De raad heeft daarbij gepleit voor een tijdige terugkoppeling voor voldoende tijd om het proces zorgvuldig te doorlopen. Dit heeft geresulteerd in twee documenten die in Best leidend zijn voor initiatieven tot grootschalige energieopwekking. Het gaat om de volgende twee documenten: 1. Visie voor duurzame energieopwekking buitengebied Best.

Deze visie geeft een weergave van de locaties waar in het buitengebied van Best duurzame energieopwekking plaats kan vinden en waar niet, op basis van natuur & landschap. Daarnaast geeft het kaders en randvoorwaarden mee voor mogelijke ontwikkeling. 2. Afwegingskader duurzame energieopwekking buitengebied Best. Dit is een aanvullend uitvoeringsdocument van de door de gemeenteraad vastgestelde visie. Initiatieven c.q. aanvragen voor grootschalige energieopwekking worden hiermee beoordeeld en moeten een minimumaantal punten halen op basis van de locaties genoemd in de Visie. Het hierbij horende kaartmateriaal wordt bijgevoegd bij de zienswijze op de planMER. Hier komt naar voren dat zoekgebied 1 voor een groot deel in strijd is met ons geldende beleid. Specifiek ten aanzien van de ingetekende windmolens moet worden opgemerkt dat er maatschappelijk en bestuurlijk geen draagvlak is voor windmolens tot in ieder geval 2030. Conclusies: 1. Zoals wij vorig jaar bij de totstandkoming van het regionale bod van de Metropool regio hebben aangegeven, dient het (vastgestelde) beleid onderdeel uit te maken van de RES 1.0. Het bod in de RES 1.0 is namelijk, zoals afgesproken, de optelsom van de 21 afzonderlijke bijdragen van de gemeenten. Het is dan ook logisch dat het daaraan ten grondslag liggende beleid, ook onderdeel is van de RES 1.0. 2.

Buiten zoekgebied 1 heeft Best ook mogelijkheden voor opwek van duurzame energie, zoals blijkt uit ons voorlopig bod. Onderaan deze tabel zijn bij deze reactie behorende kaarten opgenomen als onderdeel van onze zienswijze. Bijlage 5. Netinfrastructuur 5.1 Netimpactrapportage RES1.0

Zienswijze: Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

Het bod van de gemeente Best is voorwaardelijk in verband de beschikbare beperkte netwerkcapaciteit. Als de oppervlakte van Best en de omliggende gemeenten vergeleken wordt en we nemen in ogenschouw dat deze gebieden ook aan gaan sluiten op het station in Best, dan zal het station Best op korte termijn op ‘rood’ komen te staan en geen ruimte meer beschikbaar hebben. Hierdoor kan zelfs zon op dak (prioriteit 1) bij de industrieterreinen in het gedrang komen. Dat is niet acceptabel. Een eenvoudige rekensom: indien in 2022 wordt gestart met nieuwe stations elders, waarbij de aanleg hiervan duurt ca. 6 tot 7 jaar, komt het bod van de gemeente Best voor 2030 in het gedrang.

Bijlage 6. Reacties op de concept RES1.0 6.1 Overheden 6.2 Stakeholders

Zienswijze: Geen opmerkingen.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

Kaarten zienwijze Best Het beleid van Best geeft in feite een visualisatie van de energieladder/zonneladder, in de volgende stappen:

1.

Groen

Kansrijk voor duurzame energieopwekking. Het gaat hierbij met name om daken en ontwikkelgebieden.

2.

Geel en oranje

Gebieden afweegbaar voor duurzame energieopwekking, onder voorwaarden.

3.

Rood

Geen mogelijkheden voor duurzame energieopwekking.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

Onderstaand op de linker kaart is het totaaloverzicht opgenomen voor de locaties op basis van natuur en landschap in Best. Op de rechterkaart zien de 100m-afstand-cirkels toegevoegd zoals die voor zonnevelden gelden ten opzichte van woningen van derden.

➢ In de bijlage zijn de beleidsdocumenten opgenomen.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

BEST ingezoomd in concept-RES1.0 met ruimtelijke weergave PlanMER

RES zoekgebied 1:

 Locatie windmolens nabij de Vleutstraat.

 Locatie windmolens tussen Sint-Oedenrodenseweg en Sonseweg.

 Geel ingekleurd: Locaties zonnevelden

Reactie: de kaart in de concept-RES1.0 legt het zwaartepunt voor grootschalige opwek in het noorden van Best bij Het Groene Woud, met forse delen in de Pailjaart en de Scheeken. Best heeft hier vanwege van het belang van natuur en landschap juist niet het zwaartepunt gelegd. Grote delen daarvan zijn reeds in het beleid uitgesloten dan wel worden door voorwaarden ontmoedigd. Daarbij er is op deze locatie geen draagvlak bij inwoners en stake-holders. Voor wat betreft de in Zoekgebied 1 van de concept RES 1.0 geprojecteerde windmolenlocaties nabij de Vleutstraat en in het gebied tussen de Sint-Oedenrodenseweg en Sonseweg het volgende. In de toelichting van de concept RES 1.0 wordt hierbij gerekend met in totaal 6 windmolens in deze twee gebieden. Merendeels passen deze niet in het geldende beleid en daarnaast is er ons inziens te weinig draagvlak (zowel gebaseerd op het Inwonerspanel alsook politiek-bestuurlijk) om hier – in ieder geval voor 2030 – windmolens te gaan realiseren.

Zienswijze gemeente Best op concept RES 1.0. Corsanr.: BL21-06186

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10728587/1