CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

21032.3 - Stakeholdersanalyse stationsomgeving

Raadsavond 31 mei 2021, gemeente BestBij agendapunt: 21032 - Themasessie Stationsgebied951 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stakeholderanalyse

Het transformeren van het stationsgebied is een complex project. Er is een grote diversiteit aan belanghebbenden met veel verschillende belangen. Deze belanghebbenden dienen op het juiste moment de voor hen juiste aandacht te krijgen en de juiste informatie. Maar het hoeft niet alleen om het verstrekken van informatie te gaan. In het kader van de voortgang en soepel verloop van het proces en om te komen tot de gewenste transformatie kan het ook raadzaam zijn hen mee te laten denken of adviseren of zelfs mee te laten beslissen.? Stakeholdersanalyse Door middel van een stakeholdersanalyse breng je de verschillende doelgroepen en hun belangen in beeld en kijk je hoe je hier het beste mee om kunt gaan. Welke (hoofd)doelgroepen zijn bij de transformatie van de stationsomgeving te onderscheiden: 1. het gemeentebestuur en andere overheden 2. eigenaren van grond- en/of vastgoed 3. vervoersbedrijven 4. omwonenden 5. inwoners van Best 6. ondernemers in Best en maatschappelijke organisaties Werkwijze De stakeholders (de doelgroepen) worden vervolgens in een matrix geplaatst en gepositioneerd op basis van enerzijds hun belang en anderzijds hun invloed bij een mogelijke transformatie. De positionering van de (verschillende) stakeholders heeft invloed op de manier waarop er met hen moet worden omgegaan. De matrix bestaat uit 4 sectoren:

Pagina 1 van 3

Uit deze matrix kan vervolgens worden afgeleid hoe met de verschillende stakeholders moet worden gegaan: • Stakeholders uit groep A: Deze groep heeft weinig belang bij de transformatie, maar je moet er wel op letten dat ze niet verschuiven naar een andere groep. Je kan ze wel zien als ‘toeschouwers’. Je moet ze in de gaten houden ( monitoren), maar kan volstaan met informeren via de algemene communicatiemiddelen. . •

Stakeholders uit groep B: Deze groep heeft veel belang bij de transformatie van het station, maar heeft relatief weinig invloed om in te grijpen of om zaken echt te veranderen. Deze groep heeft formele procedures, vergaderingen, klachten nodig om zaken in beweging te krijgen of veranderingen te bewerkstelligen. Deze groep moet pro actief worden benaderd en met regelmatige interacties haal je feed back op om te horen of hun belangen op een goede wijze worden meegewogen in het project.

•

Stakeholders uit groep C: Deze groep heeft net zoals bij groep A niet veel belang bij de transformatie, niet in positieve, maar ook niet in negatieve zin. Maar deze groep heeft wel veel invloed: de ‘beïnvloeders’ Je dient ze dus tevreden te houden op zaken die voor hen relevant zijn, om zo te voorkomen dat ze hun invloed tegen het project aanwenden. Dus verdiepen in hun belangen en gerichte actieve informatievoorziening over voor hen belangrijke zaken.

•

Stakeholders uit groep D: Deze groep heeft veel belang bij en veel invloed om de transformatie succesvol te laten verlopen. Dit zijn de sleutel’figuren’ binnen het project. Deze groep wordt actief betrokken bij de transformatie, de plannen, de (ontwikkel)strategie. Met deze groep bepaal je wat belangrijk is en wat niet, schat je de risico’s in en bepaal je doelen en deadlines. Je laat ze in feite mee produceren.

Groep C Provincie/SGE Vervoersbedrijven (w.o. ProRail)

Groep D B.e.w / Raad Grote grondeigenaren Projectontwikkelaar

Groep A Inwoners Best Maatschappelijke organisaties Ondernemers

Groep B Omwonenden Grondeigenaren

Laag

Invloed

Hoog

De verschillende hiervoor genoemde (hoofd)doelgroepen zijn vervolgens in de matrix als volgt in te delen:

Laag

Hoog

Belang

Pagina 2 van 3

Achtergrond van deze indeling: Groep A: Inwoners Best, maatschappelijke organisaties en Ondernemers. Hebben interesse in de transformatie. Het gebied moet aantrekkelijker worden. Bereikbaarheid en mobiliteit moet geborgd zijn. Bij de invulling zo mogelijk aandacht voor herhuisvesting van de bioscoop. Wonen voor verschillende doelgroepen. Nieuwe detailhandel mag niet concurreren met het centrum, maar moet juist het centrum versterken. Hebben algemene aandachtspunten en hun (directe) belangen zijn beperkt. Invloed oefenen zij uit via inspraak en/of planologische procedures Groep B: Omwonenden en grondeigenaren in het stationsgebied . Omwonenden kijken direct op het gebied en hebben groot belang bij de invulling van het gebied. Zij beschermen hun woongenot en ook de waarde van hun opstallen. Grondeigenaren willen weten wat er met hun grond gaat gebeuren. Gaat de gemeente of ontwikkelaar de grond kopen of kunnen zij hun gronden zelf ontwikkelen. Hebben duidelijk belang bij wat de transformatie hen brengt. Deze groep vraagt de gemeente om een zorgvuldige belangenafweging. Naast informatieverstrekking is interacties met deze groep van belang. Invloed oefenen zij uit via inspraak en/of planologische procedures Groep C: Provincie, SGE, vervoersbedrijven. Deze groep heeft geen groot belang bij de transformatie, mits voor hen relevante zaken niet essentieel veranderen.

Maar zij hebben wel grote invloed als hun belangen worden geschaad. Bij de vervoersbedrijven gaat het om goede faciliteiten, zoals parkeerterreinen, fietsenstallingen, opstelplaatsen, goede verbindingen. Provincie / SGE hebben groot belang bij o.a. een goede mobiliteit en extra woningen om het grote woningtekort in de regio terug te dringen. Groep D: B.e.w. en de raad, grote grondeigenaren, ontwikkelaars. Deze groep zijn de (mede) beslissers over hoe de transformatie van de stationsomgeving eruit gaat zien. College stelt de stedenbouwkundige plannen vast en bewaakt het dagelijkse ontwikkelproces. De raad stelt het bestemmingsplan en daarmee indirect de stedenbouwkundige plannen vast, stelt de middelen beschikbaar, gaat de ontwikkelovereenkomsten aan en koopt en verkoopt grond. De (grote) grondeigenaar is belangrijk voor de ontwikkeling van het gehele gebied. Ziet deze grote grondeigenaar af van medewerking, dan komt dat kwaliteit van de transformatie niet ten goede. Het is belangrijk dat hij wordt bewogen mee te denken aan de ontwikkeling door bijvoorbeeld zijn gronden in te brengen of zelf te ontwikkelen. Ontwikkelaar ontwikkelt samen met de gemeente de plannen en realiseert deze. Hij is afhankelijk van de samenwerkingsovereenkomst risicodrager en brengt kapitaal in om de transformatie tot stand te brengen.

Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10157467/1