21022.1 - Startnotitie Transitie Visie Warmte - gemeente Best vastgesteld in raad 21-09-2021
Tekst van het document
Startnotitie Transitie Visie Warmte gemeente Best Voor u ligt de startnotitie voor de Transitie Visie Warmte voor de gemeente Best. In dit document leggen we uit hoe we tot onze Transitie Visie Warmte gaan komen. Het is dus niet de Transitie Visie Warmte zelf maar vormt hier de basis voor.
De aanleidingen voor de Transitie Visie Warmte: Klimaatwet en Klimaatakkoord In 2017 heeft Nederland samen met andere landen zijn handtekening gezet onder het klimaatakkoord van de Verenigde Naties (VN). Daarin beloven alle ondertekenende landen om te werken aan een duurzame samenleving. Dit akkoord heeft het Rijk in Nederland vervolgens concreter vorm gegeven in een klimaatwet en het daarbij horende klimaatakkoord. In het klimaatakkoord staat onder andere dat Nederland: - de CO2-uitstoot van de gebouwde omgeving moet verlagen. In 2030 met 49% verminderd t.o.v. 1990 en in 2050 met 95%; - in 2050 van het aardgas af moet zijn, en overgestapt moet zijn naar duurzame alternatieven. Dit geldt voor de volledige gebouwde omgeving; woningen, bedrijven en utiliteitsgebouwen. Alle gebouwen worden omgerekend naar woning-equivalenten door het gasverbruik te vergelijken met het gasverbruik van een gemiddelde woning;
-
in 2030 (het equivalent van) 1,5 miljoen woningen van het aardgas afgehaald wil hebben. Dat komt neer op ongeveer 20% van het totaal aantal huishoudens.
Wat is de Transitie Visie Warmte? De hele gebouwde omgeving van Nederland gaat tussen nu en 2050 van het aardgas af en over op duurzame alternatieven. Dit noemen we de warmtetransitie en die geldt dus ook Best. Om dit op een goede manier te laten verlopen is een heldere lokale visie nodig. Dit proces heeft namelijk een grote reikwijdte: alle gebouwen en iedereen in Best maakt onderdeel uit van deze warmtetransitie. Die duurt de komende 30 jaar. Daarom stellen we als gemeente de Transitie Visie Warmte op, afgekort de TVW. In die visie stellen we vast en leggen we uit hoe we als gemeente de warmtetransitie vorm gaan geven. In opdracht van het Rijk moeten alle gemeenten in 2021 een visie indienen op hoe hun wijken aardgasvrij kunnen worden met alle woningen en gebouwen die daar staan. Ook de winkels, scholen, kantoren et cetera. Daarbij mag de gemeente afwijken van de traditionele definitie van wijken. Wijken worden hier gedefinieerd als een kleinere of juist grotere hoeveelheid gebouwen met bijvoorbeeld eenzelfde bouwstijl, bouwjaar of een andere goede reden om tegelijk mee aan de slag te gaan.
Indeling Startnotitie In de komende hoofdstukken zal uitgelegd worden hoe we de Transitie Visie Warmte (TVW) op zullen stellen. Dit doen we door een antwoord te geven op de volgende vragen: 1) In welke context speelt het zich af (H1)? We leggen uit hoe de TVW verbonden is aan ander beleid dat is of wordt opgesteld, en werkzaamheden die worden uitgevoerd. 2) Wat leveren we op (H2)? Hier gaan we in op de onderdelen waaruit de TVW is opgebouwd. Daarbij benoemen we de uitgangspunten die we ons voor houden bij het opstellen van de TVW. 3) Hoe stellen we de TVW op (H3)? Hierbij gaat het om het proces met het communicatie- en participatietraject en de planning.
Pagina 1 van 7
Archiefexemplaar van BL20-13070
- Startnotitie Transitie Visie Warmte- gemeente Best
1. In welke context speelt het zich af? De Transitie Visie Warmte is specifiek een opdracht is van het Rijk. Het staat niet op zichzelf om een visie voor de warmtetransitie in de gemeente Best op te stellen. Zo is hij al eerder genoemd tijdens het proces van de Regionale Energiestrategie (de RES). Daarnaast kunnen verschillende doelen samen gerealiseerd worden en zo koppelkansen kunnen worden benut. In dit hoofdstuk gaan we op deze zaken in. 1.1 Ambities Er zijn meerdere ontwikkelingen zowel in de regio als binnen de gemeente die aansluiten bij de behoefte om een visie op duurzame warmte voor de gemeente op te stellen. Gemeente Best De gemeente Best heeft al een langere voorgeschiedenis met duurzaamheidsambities. Zo zaten we lang voordat dit gangbaar werd met ontwikkelaars om tafel om afspraken te maken om aardgasvrije nieuwe woningen neer te zetten. Kortgeleden heeft de gemeenteraad bovendien aangegeven dat er behoefte is om de werkzaamheden rond duurzame energie te ondersteunen met een overkoepelende visie. Aan deze behoefte wordt invulling gegeven door deze TVW, waarvan deze startnotitie de inleiding in het proces is. Regionale Samenwerking: MRE-Ambitie De gemeente Best is onderdeel van de Metropoolregio Eindhoven (MRE). De regio heeft een vooraanstaande positie op het gebied van innovatie en (technische) kennis in Nederland.
Deze vooraanstaande positie wil de regio gebruiken en versterken door voorop te lopen in de energietransitie. Daarom heeft de regio de ambitie uitgesproken om als eerste regio van Nederland energieneutraal te worden. 1.2 Verbindingen met huidige activiteiten De Transitie Visie Warmte staat niet op zichzelf, maar is verbonden aan andere projecten en beleid. We willen met de TVW de warmtetransitie integraal met deze andere projecten verbinden. • Regionale Energie Strategie (RES) De Regionale Energie Strategie ofwel de RES en de TVW liggen in elkaars verlengde. De RES richt zich op het opwekken van duurzame elektriciteit, CO2- en energiebesparing en op duurzame warmte. De TVW is een lokale visie die zich specifiek richt op het thema warmte en op de transitie van aardgas naar duurzame bronnen in de gebouwde omgeving. Het is belangrijk dat de RES en TVW op elkaar afgestemd zijn. De RES richt zich net als de TVW op de periode tot 2050. • Regionale Structuur Warmte (RSW) Onderdeel van de RES is ook de Regionale Structuur Warmte. Daarin wordt dieper ingegaan op het onderwerp duurzame warmte. In de RSW staat bijvoorbeeld al veel over de warmtevraag en warmtebronnen in Best. Dit dient als basis voor de TVW. Daarnaast is er via de RSW overleg in de regio over de aanpak van de warmtetransitie. Deze samenwerking willen we met de RSW en de TVW benutten.
• Omgevingsvisie De gemeente is momenteel ook bezig met de omgevingsvisie: een strategische visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving. De TVW heeft invloed op hoe en wanneer er werkzaamheden plaatsvinden in de publieke omgeving. Veel van wat er in de TVW wordt besloten, gaat onderdeel uit maken van de omgevingsvisie. De omgevingsvisie heeft 2040 horizon. • Beleid lokaal en duurzaam wonen Binnen de gemeente Best is er al beleid rondom het thema duurzaam wonen. Zo zijn er prestatieafspraken met de woningcorporaties. Daarnaast hebben we in de nota ‘samen aan de slag met duurzaam wonen in Best’ en in de woonvisie ‘Wonen met Visie’. Dit gebruiken we in het proces van de TVW. De conclusies van de TVW worden daarna verwerkt in deze documenten zodat het beleid en visies dezelfde boodschap brengen. Pagina 2 van 7
• Gemeentelijke projecten/integraliteit Er zijn ook binnen de gemeente Best projecten die op een manier verbinding hebben met de TVW, zoals geplande reconstructies. Bij deze projecten moet de warmtetransitie meegenomen worden in het proces. De TVW maakt duidelijk hoe. Tegelijk kunnen met de TVW keuzes gemaakt worden om bepaalde werkzaamheden naar voren te halen of iets uit te stellen om ze te koppelen aan de warmtetransitie-opgave. Bijvoorbeeld een reconstructie of het vervangen van een sportveld. De gemeentelijke projecten lopen altijd door, maar zullen dus tot 2050 met de TVW verbonden kunnen worden.
2. Wat gaan we opleveren? We stellen een integrale visie op om Best in de komende 30 jaar aardgasvrij te maken en te voorzien van duurzame warmte. De bedoeling van deze Transitie Visie Warmte is om een inzicht te krijgen in: • welke wijken • in welke volgorde • op welke manier van het aardgas af kunnen. Dit geven we vorm in een routekaart. Hierbij houden we ons allereerst aan de opdracht van het rijk. Daarbij kijken we wel naar hoe we dit integraal vorm kunnen geven voor de gemeente Best. Daarin moet het volgende komen te staan: • Een overzicht van de totale opgave voor de gemeente. Daarin geven we zicht op de energievraag en kenmerken van de gebouwen, en een inventarisatie van alle mogelijke warmtebronnen in de gemeente. • Een routekaart om de wijken aardgasvrij te maken. Daarin doen we een bod welke wijken we vóór 2030 en welke wijken na 2030 van het aardgas af gaan. Die bepalen we met twee kaders; een technisch kader en een wijkgericht kader. 2.1 Uitgangspunten Bij het opstellen van de Transitie Visie Warmte gaan we uit van een aantal uitgangspunten. Deze uitgangspunten vormen de basis voor de afwegingskaders, als kwalitatieve basis om beslissingen en criteria aan te wegen en uit te halen. Daarbij hanteren we de volgende uitgangspunten: a)
De gemeente neemt haar verantwoordelijkheid We vragen veel van de inwoners van Best. We nemen als gemeente het voortouw door de gebouwen waar wij verantwoordelijk voor zijn te verduurzamen. Zo geven we het goede voorbeeld en inspireren we inwoners en bedrijven om mee te doen. Daarnaast ondersteunen en faciliteren we waar mogelijk anderen om hun gebouwen te verduurzamen. Daarmee wachten we niet af, maar gaan we aan de slag met bewezen technieken en lessen en ervaringen van de regio, van het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) en anderen.
b) De warmtetransitie voor iedereen: haalbaar en betaalbaar Iedereen is onderdeel van de warmtetransitie. We vinden het belangrijk dat dan ook iedereen kan deelnemen en dat iedereen dat uiteindelijk ook doet. Daarom willen we dat er in deze warmtetransitie haalbare en betaalbare opties worden aangeboden aan de inwoners van Best. Die betaalbaarheid moet transparant zijn. Dat betekent dat kosten eerlijk zijn en er geen informatie achtergehouden wordt. Net zo belangrijk is dat het helder en begrijpelijk is voor de inwoners. c) De grootste meerwaarde Bij het zoeken naar zowel de eerste wijken die we van het aardgas af willen halen als de alternatieve warmtebronnen kijken we voornamelijk naar wat netto de grootste meerwaarde oplevert. Hierbij kijken we naar (1) de kosten, zoals investeringskosten en gebruikskosten, (2) de nationale kosten, (3) gevolgen van andere aspecten voor de eindgebruiker, zoals minder ongemak door de koppeling aan andere werkzaamheden en verhoging van comfort, en (4) duurzaamheid in brede zin. Bij dit laatste punt gaat het om gevolgen voor biodiversiteit, klimaat, Pagina 3 van 7
milieu en leefomgeving. Bijvoorbeeld dat een materiaal schaarser is of juist beter her te gebruiken dan een ander materiaal. Of dat er minder openbare ruimte nodig is. d) Koppelkansen benutten In de TVW willen we zoveel mogelijk koppelkansen benutten om overlast te beperken, kosten laag te houden en zaken integraal aan te pakken. Doordat we met de TVW kijken naar een lange periode kunnen we voorzien wanneer er zich grote koppelkansen zoals reconstructies voordoen. Waar mogelijk willen we de momenten dat straten opengaan voor andere werkzaamheden benutten om tegelijk de warmte-infrastructuur aan te leggen. Daarnaast kijken we ook naar koppelkansen in de vorm van meervoudig ruimtegebruik, maar ook naar of draagvlak en initiatief is bij de mensen in de wijk; willen ze graag over naar een duurzame warmtevoorziening. e) Duurzaam Gedrag Sommige gebouwen zullen op korte termijn van het aardgas af kunnen, terwijl anderen pas in een later stadium aan de beurt zijn. Intussen geldt voor alle gebouwen: als we minder energie gebruiken, hoeven we minder duurzame energie op te wekken. Daarom willen we voor elke wijk kijken naar de mogelijkheden om energie te besparen door duurzaam gedrag bij gebruik (zoals verwarming lager zetten), aankoop (zoals zuinige koelkast) en technische aanpassingen (bijvoorbeeld isolatie) te stimuleren.
Daarbij is dit onderdeel van de integrale aanpak bij de overstap van wijken naar duurzame warmte. Ook in wijken die nog niet van duurzame warmte (kunnen) worden voorzien, wordt wel gekeken hoe zoveel mogelijk energie bespaard kan worden.
2.2 Hoe te komen tot de Routekaart? In de routekaart geven we de verwachte volgorde van wijken en mogelijkheden van technieken aan. En beargumenteren we de keuzes hierin aan de hand van de uitgangspunten. Hiervoor stellen we twee kaders op en vullen die in voor Best; een kader technische aspecten en een kader voor de wijken. Door het invullen van deze twee kaders wordt duidelijk in welke wijken kansen liggen om vroeg aan de slag te gaan en in welke wijken niet. Daarmee kunnen we de routekaart voor de wijken van de gemeente Best opstellen. Hier komt de nadruk dus op de wijken waar we mogelijkheden zien om voor 2030 van het aardgas af te gaan. Kader technische aspecten We beginnen met een kader van de technische aspecten van de warmtetransitie. De basis hiervoor vormt het overzicht van de totale opgave van de gemeente. Zo kijken we naar de mogelijke warmte-infrastructuur, warmtebronnen en de hulptechnieken. Samengevat de warmtetechnieken. Uit het kader blijkt: • welke technieken mogelijk zijn; • de voor- en nadelen van deze technieken; • en welke opties waar mogelijk zijn. Dit doen we door de warmtetechnieken tegen elkaar af te wegen op basis van een aantal afwegingscriteria gebaseerd op de uitgangspunten zoals genoemd in paragraaf 2.1. De criteria worden in het begin verzameld en opgesteld.
Dit eerste kader vormt de basis waarmee we een goed en compleet beeld krijgen van welke mogelijkheden er zijn, en waarmee we kunnen rekenen en communiceren. Kader wijken Het tweede kader richt zich meer op het wijkniveau met het eerste kader als basis. Bij dit kader gaan we ook in de wijken zelf met inwoners in gesprek om input op te halen. Door de wijk-specifieke insteek kunnen we kenmerken van, en mogelijkheden in, de wijken meenemen: • We kijken naar koppelkansen, zoals de plannen voor onderhoudswerkzaamheden in wijken. Dit kan van onszelf zijn of van stakeholders, zoals onderhoud door een woningcorporatie of het vervangen van het gasnet van Enexis. Ook sociale programma’s kunnen koppelkansen bieden als we duurzaamheid en aardgasvrij meenemen in een integrale aanpak voor de wijk. • We kijken naar het sociale draagvlak in de wijken: waar zijn al initiatieven of willen mensen zelf aan de slag met de warmtetransitie. Zo vinden we ook de zoekwijken; wijken waar genoeg mogelijkheden zijn om voor 2030 van het aardgas af te gaan en te voorzien van duurzame warmte. Pagina 4 van 7
3. Hoe stellen we de TVW op? Om de Transitie Visie Warmte op te stellen leggen we uit hoe we dit traject, zowel intern als extern, vorm willen geven. Dit traject zetten we af tegen de tijd die we hebben in de planning. 3.1 Met wie gaan we het doen? De Transitie Visie Warmte is een visie voor de hele gemeente. Om tot een gedragen TVW te komen, wordt er een intensief traject doorlopen met de verschillende organisaties en belanghebbenden die onze gemeente rijk is: de gemeentelijke organisatie, de inwoners, de bedrijven en externe partijen. Samen met de gemeenteraad Uiteindelijk stelt de raad de TVW voor de gemeente Best vast als officieel document, en dient het een officieel bod in bij het Rijk. We houden de raad met de raadsinformatiebrief op de hoogte van de stappen die we in het proces maken. Ook willen we in samenspraak met de raad in sessies de kaders en de invulling van de kaders bespreken. Zo blijft de raad geïnformeerd en kan ze feedback meegeven. Samen met gemeentelijke organisatie Met de grote opgave die er ligt is het belangrijk om alle informatie van alle kanten mee te nemen. Ook is het belangrijk dat het een duidelijke visie is voor alle ambtenaren die er mee te maken krijgen. Zo kunnen we zorgen dat het een visie is die rekening houdt met alle verantwoordelijkheden van de gemeente.
De ambtelijke participatie vormt zich (1) als onderdeel van een projectgroep Transitie Visie Warmte, (2) via Expertise-input, of (3) door het namens de gemeente afstemmen met externe stakeholders. Samen met stakeholders De TVW stellen we verder samen op met de stakeholders die een rol en belang hebben in de warmtetransitie. Dat zijn verschillende lokale partijen zoals woningcorporaties, bedrijven, maatschappelijke organisaties en coöperaties. Tegelijk denken we ook aan de kleinere partijen in Best zoals de VvE’s en de eigenaren van bedrijfspanden. Maar ook partijen als Enexis, die de energienetten beheert en waterbeheerders voor bijvoorbeeld koppelkansen met restwarmte uit water. Samen met de inwoners: communicatie- & participatietraject In de warmtetransitie willen we de stem van de inwoners duidelijk horen. Zo moet het een gedragen visie worden. Daarom stellen we een duidelijk communicatie- en participatieplan voor de inwoners op. In dit plan willen we: • de noodzaak van de warmtetransitie uitleggen; • de zorgen en behoeften van de inwoners ophalen; • deze zorgen waar mogelijk wegnemen; • aansluiten bij waar de bewoners van Best behoefte aan hebben. Tijdens het communicatie- en participatietraject gaan we daarom de inwoners informeren en met ze in gesprek. Dit gebeurt in verschillende fases.
Zowel de fase, als de boodschap van de verschillende fasen, overlappen deels met elkaar. Op de weg naar Best aardgasvrij zijn er in totaal drie zijn er 3 verschillende fasen:
Pagina 5 van 7
Fase 0: Best Aardgasvrij Dit is de algemene boodschap dat we in de toekomst niet langer gebruik kunnen maken van aardgas. Centraal staat wat woning- en pandeigenaren kunnen verwachten de komende jaren. Daarnaast zal de focus liggen op wat mensen zelf al kunnen doen, bijvoorbeeld door energiebesparing.
Fase 1: Transitievisie Warmte We informeren de inwoners en ondernemers in Best dat we een plan aan het maken zijn om alle wijken in Best aardgasvrij te maken. Centraal staat om een luisterend oor te bieden voor mensen hun vragen, zorgen en ideeën. Hier wordt een intensief traject voor opgestart.
Fase 2: Wijkwarmteplannen Deze fase wordt nu niet meegenomen, maar volgt zodra er concrete uitvoeringsplannen zijn per wijk. De focus ligt hier op participatie van zoveel mogelijk inwoners per buurt/wijk.
Participatieniveau inwoners
Informeren
Informeren/inspreken
Informeren/inspreken/ consulteren /samenwerken
Wanneer
Doorlopend vanaf 2020
Tot eind 2021
Voornamelijk vanaf 2022, wisselt per buurt/wijk.
Boodschap
Samen met de regio We hebben overleg met collega’s van de 21 gemeenten van de metropoolregio Eindhoven (MRE). Deze overleggen blijven we houden tijdens het proces in Best. Daar delen we elkaars kennis en vragen, en zoeken we naar mogelijkheden om samen te werken en grensoverschrijdende mogelijkheden te benutten. De TVW is een lokaal document en hoeft dan ook niet te worden vastgesteld door de regio.
3.2 Wanneer gaan we het doen? De TVW wordt in 2020 en 2021 opgesteld. In de zomer van 2021 willen we de TVW voorleggen aan de raad. Voor het einde van 2021 moet vervolgens de visie vastgesteld en naar het Rijk gestuurd zijn. Om dit te waarborgen ziet de planning er als volgt uit:
Pagina 6 van 7
Vervolgproces planning Als de TVW af is, is dit nog maar het begin van het hele traject van de warmtetransitie. In het kort zijn de vervolgstappen tweeledig:
a) WijkUitvoeringsPlannen (WUP) Na het opstellen van de TVW volgt het uitvoeren van de visie volgens de routekaart. We beginnen met de zoekwijken, en gaan dan een participatieproces met de wijk in om verder tot een plan te komen hoe we de warmtetransitie in de volgende jaren in die wijk vorm gaan geven. Dit wordt vormgegeven in het WijkUitvoeringsPlan, het WUP. Daarmee beginnen we dan aan de uitvoering.
b) Actualisering visie Na het inleveren van de TVW in 2021 moet de gemeente deze visie elke vijf jaar bijwerken. De situatie wordt opnieuw ingeschat en nieuwe informatie wordt er in verwerkt.
Pagina 7 van 7