21007.6 - B2021043a - Beantwoording schriftelijke vragen A. Le Mat (PvdA) over Culturele hotspot
Tekst van het document
Geachte Alex le Mat, Op 31 januari heeft u aan het college vragen gesteld omtrent de culturele hotspot. In de onderstaande reactie beantwoordt het college deze vragen. 1. Voorwaarde bij beschikbaarstelling van genoemd budget was dat 80% van de te creëren ruimtecapaciteit beschikbaar zou zijn voor culturele activiteiten. De indruk bestaat dat hiervan sinds de opening niet voldoende gebruik gemaakt is. Naar aanleiding daarvan verzoeken wij u: a. aan te geven op welke wijze deze voorwaarde verankerd was bij de toekenning van genoemd budget Antwoord: de ruimtecapaciteit van 80% waar u naar verwijst is niet als beslispunt opgenomen in het laatste raadsbesluit van 25 januari 2016 (IN16-00067). In dit raadsbesluit is wel vermeld dat de gesubsidieerde instelling CultuurSpoor slechts voor de door haar benodigde ruimte van 850 m2 in Culturele Hotspot een jaarhuurcontract (met de mogelijkheid tot verlening van telkens een jaar) sluit met de eigenaren van het voormalig Rabobankgebouw. b. aan te geven welke te nemen maatregelen u destijds heeft voorzien in het geval aan de voorwaarde niet wordt voldaan. Antwoord: zie het antwoord bij 1a.
•
• • • •
2a. Heeft er voor de ingebruikname onderzoek plaatsgevonden c.q. zijn er adviezen uitgebracht op het geschikt maken van de ruimten voor het gewenste doel, met name op het gebied van klimaatbeheersing en akoestische kwaliteit (i.c. overdracht via contact en lucht en geluidsisolatie van ruimten onderling)? Antwoord: de gemeente heeft een bijdrage geleverd aan de kosten van verbouwing van het voormalig Rabobankgebouw. Het plan moest daarmee voldoen aan de wet- en regelging. In de toekenning van de bijdrage moest er rekening gehouden worden met toekomstig gebruik (pu16-03296). De volgende voorwaarden die hierop van toepassing zijn, zijn vastgelegd in de notitie (IN16-01415) die is vastgesteld in het college van 5 april 2016 (collegevoorstel in16-01046). Bijdrage gemeente van € 199.999,- (bedrag incl. BTW) is gebaseerd op offertes en begroting van Prevesta Helmond BV d.d. 16 april 2015 ad € 282.673,31 ex BTW en Wijnen Installatietechniek BV d.d. 29 mei 2015 ad € 208.500,00 ex BTW; Vooraf inzage in plan, bestek en kosten uitvoering werkzaamheden; Het plan moet voldoen aan wet- en regelgeving (toets omgevingsvergunning); Betaling op basis van offertes en in overleg in nog nader te betalen termijnen; Verantwoording achteraf over besteding bijdrage op basis van facturen.
b. Is deze geschiktheid na de ingebruikname geëvalueerd en zo ja, op welke wijze? Antwoord: de gemeente is geen directe partij in deze. De partijen zijn de verhuurder zijnde Cultuurbank en de huurder CultuurSpoor.
•
3. Op welke wijze heeft de gemeente faciliteiten beschikbaar gesteld aan de hoofdgebruiker (Cultuurspoor) om de materiële en personele kosten in verband met de exploitatie van de ruimten te dekken en wat waren daarbij de overwegingen? Antwoord: in het raadsbesluit van 25 januari 2016 (IN16-00067) is daarvoor een dekking van de exploitatietekorten van Stichting CultuurSpoor Best vastgesteld over de periode 2016-2020, onder de volgende voorwaarden: Bijdrage 2016, maximaal € 21.750,Bijdrage 2017, maximaal € 16.750,Bijdrage 2018, maximaal € 11.750,Pagina 1 van 3
•
• • • •
Bijdrage 2019, maximaal € 6.750,Bijdrage 2020, maximaal € 6.750,- en voor alle jaren gebaseerd op de kosten van CultuurSpoor voor schoonmaak en nutsvoorzieningen voor het gebruik van 850 m2 in het voormalig Rabobankgebouw, gebaseerd op de door CultuurSpoor aangeleverde meerjarenbegroting (zie bijlage); CultuurSpoor verstrekt jaarlijks uiterlijk binnen 4 maanden na afloop van het boekjaar de laatst vastgestelde jaarstukken, voorzien van een accountantsverklaring. De jaarstukken bestaan uit de volgende onderdelen: -een balans (inclusief een vergelijking met voorgaand boekjaar) opgesteld op basis van actuele wetgeving; -een toelichting op alle balansposten.
Uit de toelichting moet de vermogenspositie voldoende blijken; -een exploitatierekening per balansdatum inclusief een vergelijking met het voorgaand boekjaar, waarbij de baten en lasten worden gesplitst naar activiteit (bibliotheek, educatie en muziek- en dansonderwijs) en waarbij wordt aangegeven binnen welk gebouw (voormalig Rabobankgebouw of bibliotheekgebouw) deze activiteiten worden uitgevoerd (eea aangeleverd volgens een vooraf afgesproken format); -een exploitatieprognose van de drie jaren volgend op de balansdatum; -een toelichting op de exploitatieprognose; CultuurSpoor dient inzage in de administratie te geven zo vaak de gemeente dit nodig acht in het kader van de beoordeling van het verloop van de risico’s; Bij een exploitatie overschot vindt verrekening met de eerder toegekende exploitatiebijdrage plaats. CultuurSpoor spant zich aantoonbaar in om een exploitatietekort te vermijden. Via het jaarverslag wordt verantwoording afgelegd over de inspanningen. Uitkering van het exploitatietekort vindt achteraf plaats op basis van de door CultuurSpoor verstrekte vastgestelde jaarstukken.
Op 17 december 2020 is er door CultuurSpoor een aanvullende subsidie aangevraagd voor de dekking van de extra exploitatiekosten als gevolg van de onderbezetting. Het college heeft dit bedrag toegewezen en dit bedrag komt bovenop de hierboven genoemd dekking van het exploitatietekort van €6.750. 4. Heeft het College onderzocht of de huurtarieven voor culturele gebruikers al of niet een beperking zijn/waren bij het door hen optimaal gebruik maken van de hotspot. Zo ja, wat waren de bevindingen? Er is geen specifiek onderzoek geweest naar de beperkingen van de huurtarieven. Er is echter wel gekeken naar de hoogte van de huurprijs. Deze is in 2016 vastgesteld op €65,- per m2 kale huur, dit is een huursom die lager ligt dan de marktconforme huur. Daarnaast is er ter stimulering van het gebruik van de culturele hotspot een significante subsidiebijdrage gesteld van €370 euro in de culturele hotspot en €150,- buiten de culturele hotspot in 2020. 5. Om het gebruik van de culturele hotspot te stimuleren is destijds de Subsidieregeling muziek-, dans- en dramaonderwijs en culturele samenwerking, innovatie en reuring ingevoerd. Wij verzoeken het College om in het kader van de uitvoering van deze regeling aan te geven: a.
in hoeverre de afgelopen jaren gebruik gemaakt is van artikel 6, lid 2 en 3, van deze regeling, verdeeld naar hoofdgebruiker en huurders Antwoord: De verdeelsystematiek zoals beschreven in het genoemde artikel is toegepast. In het eerste jaar hebben CultuurSpoor, Key4music, harmonie, Studio Pan en Dans-a-lon geheel of gedeeltelijk gebruik gemaakt van de culturele hotspot. In het afgelopen jaar is hier alleen nog gebruik van gemaakt door Musical ’S-Cool voor €5.900 en CultuurSpoor voor een subsidiebedrag van €96.180 in 2020. Pagina 2 van 3
b. of de daarmee verband houdende huurinkomsten uit (onderverhuur) bij hoofgebruiker synchroon lopen met de door huurders opgevoerde voor subsidie in aanmerking komende lessen? Antwoord: Dit kan het college niet ophalen uit de aan de gemeente verstrekte verantwoordingsgegevens. c. in hoeverre de afgelopen jaren gebruik gemaakt is van artikel 6, lid 4, betreffende niet in de culturele hotspot gegeven lessen De verdeelsystematiek zoals beschreven in het genoemde artikel is toegepast. Antwoord: De verdeelsystematiek zoals beschreven in het genoemde artikel is toegepast. In het jaar 2020 hebben de volgende organisaties daarvan gebruik gemaakt; In2Dance Best, Musicalstudio Batico, 040muziek en Harmonie St. Cecilia Best. Zij hebben ervoor gekozen om hun lessen buiten de culturele hotspot te laten plaatsvinden. 6. Is het College van mening dat de culturele hotspot voldoet aan de verwachtingen van destijds. Wanneer dit niet het geval is, is het College dan bereid om voorstellen te doen tot het nemen van financiële, organisatorische en/of bouwkundige maatregelen om de hotspot alsnog betere kansen voor de toekomst te bieden? Antwoord: met het nieuwe raadsvoorstel omtrent muziek-dans en dramaonderwijs geeft het college invulling aan een verbetering van het muziek-dans en dramaonderwijs en in bredere zin het cultuuronderwijs voor jeugd <18 jaar.
Het doel van het college is om zo veel mogelijk kinderen te laten profiteren van goed cultuuronderwijs waarin ze plezier hebben en belangrijke vaardigheden leren. Cultuuronderwijs draagt bij aan de brede ontwikkeling en ontplooiing van kinderen, vooral als dat in de vorm is van doorlopende leerlijnen. Daarom stelt het college in het MDO raadsvoorstel voor om naast aandacht voor individueel onderwijs, gebruik te maken van een gevarieerde inzet en financiering van de MDO- regeling voor collectief cultuuronderwijs. Hierdoor krijgen de kinderen in Best een bredere culturele basis. Om dit te bereiken is er een lokale samenwerking nodig tussen scholen, kinderopvang en culturele instellingen. Ik verwijs u naar de terugblik MDO welke is bijgevoegd aan het raadsvoorstel. Hierbij is aangegeven dat de aanbieders die nu geen gebruik maken van de culturele hotspot dat ook in de toekomst niet wensen te doen. De meeste MDO aanbieders beschikken over een eigen pand en financiële, organisatorische en bouwkundige verandering zullen hierin weinig verschil maken.
Pagina 3 van 3