21007.4 - Terugblik MDO subsidieregeling
Tekst van het document
Terugblik MDO subsidieregeling Vaststelling subsidieregeling Op 2 februari 2015 heeft de gemeenteraad het college opdracht gegeven tot het uitwerken van een subsidieregeling Muziek- en dansonderwijs met als uitgangspunten: dat op basis van een aanvraag subsidie wordt verleend aan aanbieders van muziek- en dansonderwijs die voldoen aan in de subsidieregeling te stellen criteria; dat de subsidie als hiervoor bedoeld is gericht op activiteiten voor de doelgroep jeugd (inwoners van Best jonger dan 18 jaar); dat middels het stellen van voorwaarden aan de subsidieverlening sturing wordt gegeven aan de door het gemeentebestuur beoogde doelen; dat een subsidieontvanger geacht wordt (een deel van) de lessen in de Culturele Hotspot te verzorgen. Indien dit niet het geval is moet aangegeven worden hoe op andere vlakken een bijdrage wordt geleverd aan de voor de gemeente relevante maatschappelijke doelen; van de subsidie wordt 70% aan activiteiten op locatie (Culturele Hotspot) toebedeeld. 30% van de subsidie wordt toebedeeld aan activiteiten die of een innovatief karakter hebben, of reuring veroorzaken in het centrum of waarmee duidelijk samenwerking tussen partijen/kunstuitingen wordt bevorderd; dat de regeling met ingang van 1 september 2015 in werking treedt. Het college heeft op basis van deze uitgangspunten in mei 2015 een subsidieregeling vastgesteld (zie IN1502448).
In maart 2016 is de subsidieregeling aangepast. De vereisten en definities zijn verduidelijkt en er is onderscheid gemaakt tussen onderdeel A voor muziek-, dans- en dramaonderwijs en onderdeel B voor activiteiten op het gebied van innovatie, reuring en samenwerking (zie IN16-00939). De subsidieregeling heeft de volgende kenmerken: 1. Subsidie wordt per deelnemer verleend 2. Vervlechting met Culturele Hotspot 3. Subsidie voor activiteiten op gebied van culturele samenwerking, innovatie en reuring In onderstaande tekst worden deze aspecten nader toegelicht. Er wordt ingegaan op de doelstellingen en ervaringen van de afgelopen 5 jaar. Daarnaast worden de reacties van culturele organisaties beschreven. 1. Subsidie wordt per deelnemer verleend Doelstelling De doelstelling van de subsidie voor muziek-, dans- en dramaonderwijs volgt uit de Cultuurnota Best 20122015. Hierin staat onder andere: De gemeente wil bereiken dat Bestse jeugdigen zich in Best optimaal kunnen ontwikkelen en ontplooien. Hierbij worden ouders ondersteund door algemene voorzieningen en staat het kind centraal. Cultuur biedt vrijetijdsmogelijkheden voor jeugdigen en draagt bij aan de cognitieve en sociale ontwikkeling van jongeren. Het cursusaanbod voor de vrije tijd moet waar mogelijk aan de markt overgelaten worden.
De gesubsidieerde instellingen dienen zich zoveel mogelijk te beperken tot cultuureducatie en slechts activiteiten aan te bieden waar de markt onvoldoende aanbod laat zien. Gedecentraliseerde culturele activiteiten hebben de voorkeur ten opzichte van centrale activiteiten. Alle activiteiten in één gebouw kan voor kruisbestuiving zorgen en zorgt voor levendigheid, maar volgens de Cultuurnota mag levendigheid van het centrum niet ten koste gaan van het basisvoorzieningenniveau in de wijken. Het aanbod voor volwassenen moet kostendekkend worden aangeboden. Dit betekent dat de gemeente alleen nog maar activiteiten subsidieert voor jeugd tot 18 jaar en niet meer voor volwassenen.
Pagina 1 van 5
Archiefexemplaar van BL20-04064
- 2020-02-11 Terugblik MDO subsidieregeling
Ervaringen bij de uitvoering van de regeling De afgelopen jaren zijn bij de toepassing van dit onderdeel van de subsidieregeling de volgende punten geconstateerd: Soms wordt voor een bepaald persoon subsidie aangevraagd voor meerdere muziekinstrumenten. Bijvoorbeeld voor gitaarles en drumles, maar soms ook voor vioolles en strijkkwartet. Subsidie is de afgelopen jaren alleen toegekend aan muziekeducatie voor verschillende soorten instrumenten. Een aanvraag voor vioolles en strijkkwartet is dus niet tweemaal gehonoreerd. In de subsidieregeling staat dat maximaal 50% van het cursusgeld wordt gesubsidieerd. In de praktijk wordt soms een maximale subsidie aangevraagd, terwijl de lesgelden daarvoor te laag zijn. Hierdoor zou meer dan 50% het cursusgeld gesubsidieerd worden. Discussie gaat dan over de definitie van cursusgeld, die niet in de regeling is opgenomen. Vallen kosten van de locatie hier ook onder? En elektriciteitskosten? Op grond van artikel 5 lid 1 onder b van de regeling moet de subsidie direct ten goede komen aan de leerlingen. In de praktijk is dit moeilijk te toetsen. De deadline voor het indienen van een subsidieaanvraag is 1 augustus voorafgaand aan het cursusjaar waarin de activiteiten worden uitgevoerd. Gedurende een cursusjaar melden zich vaak nog nieuwe leerlingen aan. Voor hen kan geen subsidie worden aangevraagd.
Er wordt met name subsidie aangevraagd voor muziek- en dansonderwijs, veel minder voor dramaonderwijs (alleen voor musicallessen). Er is ook subsidie aangevraagd voor muziekles op schoot, voor kinderen onder de 4 jaar. Het is de vraag of deze vorm van cultuureducatie toegevoegde waarde heeft. Reacties culturele organisaties Op basis van de subsidieregeling kunnen culturele organisaties zoals Key4Music vanaf 2015-2016 voor het eerst subsidie aanvragen voor hun activiteiten. In 2019 hebben verschillende overleggen met deze organisaties apart en gezamenlijk plaatsgevonden. Zij gaven de volgende reactie op de subsidieregeling: Het is een goed uitgangspunt om subsidie per leerling te verstrekken. Het werken met 1 peildatum wordt als oneerlijk ervaren omdat hierdoor geen subsidie wordt verleend voor leerlingen die gedurende het cursusjaar instromen. De organisaties vragen naar een aanvullende regeling voor 18 tot 21 jarigen die thuis wonen en studeren. Gedoeld wordt op getalenteerde zittenblijvers of doorstromers, die vanuit het voortgezet onderwijs naar het conservatorium gaan. Het gaat om enkele leerlingen per jaar. De partijen vinden de voorbeeldrol van deze leerlingen voor een nieuwe generatie in kunst- en cultuuronderwijs belangrijk. 2.
Vervlechting met Culturele Hotspot Achtergrond en doelstelling In de raadsvergadering op 25 januari 2016 is de raad overeengekomen om te komen tot de realisatie van de Culturele Hotspot in het voormalig Rabobankgebouw, onder de voorwaarde dat: a. de Culturele Hotspot meerwaarde biedt door het faciliteren van samenwerking, innovatie en reuring op het gebied van cultuur, in plaats van slechts een cultureel bedrijfsverzamelgebouw te zijn; b. de eigenaren van het voormalig Rabobankgebouw verantwoordelijk zijn voor het fysiek realiseren van de Culturele Hotspot en naast de bijdragen in de gestelde voorwaarden verwacht de gemeente dat de eigenaren gezamenlijk met hun (culturele) partners op eigen kracht zowel financieel als inhoudelijk de Culturele Hotspot exploiteren; c. de gesubsidieerde instelling CultuurSpoor slechts voor de door haar benodigde ruimte van 850m2 in de Culturele Hotspot een jaarhuurcontract (met de mogelijkheid tot verlenging van telkens een jaar) sluit met de eigenaren van het voormalig Rabobankgebouw. De netto huurprijs bedraagt € 65,per m2 per jaar; d. de gesubsidieerde instelling Cultuurspoor dient voor eigen rekening zorg te dragen voor de schoonmaak en betaling van nutsvoorzieningen (gas, water en elektriciteit) van de gehuurde ruimten. De geschatte kosten hiervan leiden tot een exploitatietekort in de begroting van Pagina 2 van 5
Cultuurspoor voor de periode 2016 tot en met 2020. De gemeente stelt ter dekking van dit exploitatietekort een bijdrage beschikbaar van maximaal: 2016 € 21.750,00 2017 € 16.750,00 2018 € 11.750,00 2019 € 6.750,00 2020 € 6.750,00 e. de gemeente een bijdrage levert aan de eigenaren van het voormalig Rabobankgebouw door: i. als eigenaar van het bibliotheekgebouw de kosten van de doorbraak tussen bibliotheek- en Rabobankgebouw van maximaal € 50.000,- voor haar rekening te nemen; ii. een bijdrage van maximaal € 199.999,- in de verbouwingskosten te leveren. Waarbij voldaan moet worden aan de geldende wet- en regelgeving o.a. op het gebied van bestemmingsplan, geluid, milieu, parkeernormen, eet. Mochten de totale verbouwingskosten hoger uitvallen dan begroot, dan zijn de hogere kosten voor rekening van de eigenaren van het voormalige Rabobankgebouw; f. de geldelijke bijdragen aan de eigenaren van het voormalig Rabobankgebouw worden gedekt uit de algemene reserve en niet uit het eventueel overgebleven budget vanuit de subsidieregeling Muziek-, dans- en dramaonderwijs. De (garantie) bijdrage voor een eventueel exploitatietekort van Cultuurspoor inzake de budgetpost bruto huur voormalig Rabobankgebouw wordt gedekt uit de lopende exploitatie van de gemeente Best. 3. Te streven na een realisatie van de Culturele Hotspot op 1 september 2016. 4.
Het college op te dragen om in de subsidieregeling Muziek-, dans- en dramaonderwijs de mogelijkheid op te nemen om de financiële middelen die overblijven voor muziek-, dans- en dramaonderwijs buiten de Culturele Hotspot aan te kunnen wenden. 5. Geen koppeling aan te brengen tussen de realisatie van een Culturele Hotspot en 't Tejaterke en deze vraagstukken te beschouwen als twee eigenstandige trajecten. 6. De totale maximale kosten ad € 249.999,-, zoals bedoeld in punt 2.e., te dekken uit de vrije algemene reserve door vaststelling van de 4e begrotingswijziging 2016. Indien er sprake is van een exploitatietekort zoals bedoeld in punt 2.d. zal het college de bijdrage voldoen vanuit de lopende begroting. Voorafgaand aan dit besluit zijn er diverse rapporten en essays verschenen over het samengaan van de verschillende culturele instellingen (Bibliotheek, Pulz, Wig). Op een plek waar verschillende organisaties de krachten bundelen, ruimtes multifunctioneel gebruikt kunnen worden en er meer samenhang en synergie plaatsvindt. Dit kan zorgen voor het efficiënter inzetten van middelen en reuring in het centrum. In 2012 heeft ICS een haalbaarheidsonderzoek opgesteld voor een dergelijke Culturele Hotspot. Met als een van de belangrijkste voorwaarden voor het slagen van de inhoudelijke en ruimtelijke samenwerking dat het beheer goed geregeld wordt.
Exploitatielasten zouden voor gemeente en gebruikers toenemen. Aan de hand van het raadsbesluit zijn er de beloofde investeringen gedaan en is de Culturele Hotspot gerealiseerd. Daarnaast is de Culturele Hotspot vervlochten in de subsidieregeling voor muziek-, dans- en dramaonderwijs, doordat het bedrag wat je ontvangt voor lessen in de Culturele Hotspot (muziek €370, dans/drama €150) significant hoger is dan buiten de Hotspot. Dit heeft het doel te zorgen voor een financiële prikkel voor de culturele instellingen om samen te werken. Ervaringen bij de uitvoering van de regeling Het belangrijkste doel: “een Culturele Hotspot die meerwaarde biedt door het faciliteren van samenwerking, innovatie en reuring op het gebied van cultuur, in plaats van slechts een cultureel bedrijfsverzamelgebouw te zijn” is niet gerealiseerd. Er is naast CultuurSpoor momenteel nog maar 1 huurder in de Hotspot, namelijk Musical’s Cool. Daarnaast maakten in de voorgaande jaren een aantal Pagina 3 van 5
aanbieders alleen voor een klein aantal lessen gebruik van de Hotspot, puur voor de subsidie. Hiermee was het meer een bedrijfsverzamelgebouw dan dat er daadwerkelijke synergie plaatsvond. Ter illustratie: voor 2019-2020 is iets meer dan €125.000 subsidie verleend voor educatie in de Culturele Hotspot (voor ca. 450 leerlingen). Er is ca. € 65.000 subsidie verleend voor educatie buiten de Culturele Hotspot (voor ca. 650 leerlingen). Ter dekking van het exploitatietekort van Cultuurspoor heeft de gemeente afgelopen jaren extra subsidie verleend ter hoogte van de in het raadsbesluit genoemde maxima.
Reacties culturele organisaties De verschillende organisaties geven aan geen gebruik te maken (en te willen maken) van de Hotspot omdat: Partijen geen behoefte hebben aan één gebouw waar activiteiten plaatsvinden. Ze beschikken over eigen accommodaties, waar ze hun eigen identiteit kunnen behouden. Ook voor de toekomst zien ze geen mogelijkheden voor het gebruik van de Culturele Hotspot. Slechts enkele organisaties zien ruimte tot samenwerking in de Culturele Hotspot en dan slechts incidenteel voor projectmatige evenementen zoals workshops. Zij zien meer mogelijkheden in het Tejaterke vanwege de aanwezigheid van een zaal. De Culturele Hotspot niet geschikt is voor een aantal muziek- en danslessen (blokfluit, trompet, saxofoon, drums e.d.). De Culturele Hotspot te klein is om alle organisaties te huisvesten. Tot op heden geeft een aantal organisaties daardoor op twee locaties les. Dit is voor ouders onprettig omdat ze hun kinderen naar twee locaties moeten brengen. De vervlechting wordt als zeer oneerlijk ervaren. Cultuurspoor is de coördinator van de Culturele Hotspot, maar maakt zelf ook gebruik van de subsidieregeling. Dit zorgt ervoor dat de communicatie tussen de verschillende MDO- organisaties en CultuurSpoor zeer moeizaam verloopt. Men wil hun eigen samenwerkingen kiezen.
Culturele organisaties stellen dat de subsidieregeling gericht moet zijn op een publieke activiteit en niet op een gebouw. 3. Subsidie voor activiteiten op gebied van culturele samenwerking, innovatie en reuring Doelstelling De raad heeft het college opdracht gegeven om 30% van het subsidiebudget beschikbaar te stellen voor activiteiten die of een innovatief karakter hebben, of reuring veroorzaken in het centrum of waarmee duidelijk samenwerking tussen partijen/kunstuitingen wordt bevorderd. Hiervoor is onderdeel B opgenomen in de subsidieregeling. Ervaringen bij de uitvoering van de regeling Effectiviteit van onderdeel B is gering gebleken. Er is weinig reuring, samenwerking en innovatie bereikt met de activiteiten. Onderdeel B is moeilijk uitvoerbaar omdat de begrippen niet duidelijk omschreven kunnen worden. Wanneer is iets bijvoorbeeld innovatief? Als iets nieuw is, of nog niet in Best heeft plaatsgevonden? En artikel 14 lid 2 stelt dat niet opnieuw subsidie mag worden aangevraagd voor activiteiten met een innovatief karakter waarvoor in voorgaande jaren een subsidie is toegekend. Geldt dat ook voor activiteiten die iets zijn aangepast (meer dan een wijziging van het thema)? Bijvoorbeeld als de doelgroep anders is? Deze vragen hebben tot bezwaarprocedures van Musical’s Cool en Key4Music geleid.
Voor het onderdeel samenwerking wordt vaak jarenlang voor dezelfde activiteiten een subsidie aangevraagd. Subsidie heeft dan nog maar een beperkte toegevoegde waarde. De regeling is moeilijk controleerbaar, waardoor er kans is op misbruik. Er wordt bijvoorbeeld voor meerdere activiteiten subsidie aangevraagd. Om te voorkomen dat het subsidieplafond wordt overschreden, worden de aanvragen dan naar rato verlaagd. Organisaties kiezen er dan soms voor om niet alle activiteiten uit te voeren en vervolgens het volgende jaar opnieuw voor deze activiteiten Pagina 4 van 5
subsidie aan te vragen. Uiteraard kan dit alleen na goedkeuring door de gemeente, maar in de praktijk blijkt dit moeilijk te handhaven. Er worden activiteiten gesubsidieerd die organisaties ook zouden organiseren zonder subsidie. Bijvoorbeeld open dagen, die bijdragen aan het werven van leden. Het is moeilijk om deze aanvragen te weigeren, zeker als ze zorgen voor reuring in het centrum.
Reacties Culturele organisaties Op basis van de subsidieregeling kunnen culturele organisaties vanaf 2015-2016 subsidie aanvragen voor activiteiten gericht op innovatie, reuring of samenwerking. De afgelopen jaren kregen we de volgende reacties van de culturele organisaties: Aanbieders van muziek- en dans zoeken hun eigen samenwerkingen binnen de gemeente Best. Dat ging al jaren prima en werkt nog steeds. In de praktijk blijkt samenwerking lastig af te dwingen. In het verleden is subsidie verleend voor cultuureducatie op school. Dit is een hoofdtaak van het onderwijs. De regeling combinatiefuncties kan hier beter op inspelen. Cultuurorganisaties denken hier in het vervolg graag over mee. Organisaties behouden graag de mogelijkheid om projectsubsidies aan te vragen. Daarmee kunnen ze iets bijdragen voor de gemeenschap.
Pagina 5 van 5