21007.1 - Raadsvoorstel Culturele Hotspot en subsidieregeling muziek-, dans- en dramaonderwijs
Tekst van het document
Voorstel aan de Raad
Vergadering Raadsvergaderdatum
: Gemeenteraad Best : 15-03-2021
Onderwerp Culturele Hotspot en nadere subsidieregeling voor muziek-, dans- en dramaonderwijs Aanleiding Op 25 januari 2016 heeft uw raad besloten om te komen tot de realisatie van de Culturele Hotspot in het voormalig Rabobankgebouw. Hieraan verbond u de voorwaarde dat de Hotspot meerwaarde biedt door het faciliteren van samenwerking, innovatie en reuring op het gebied van cultuur, in plaats van slechts een cultureel bedrijfsverzamelgebouw te zijn. De Culturele Hotspot moest voor kruisbestuiving tussen de culturele organisaties zorgen. De uitgangspunten die de gemeenteraad geformuleerd heeft op 2 februari 2015 koppelen de subsidie voor muziek-, dans- en dramaonderwijs aan het gebruik van de Culturele Hotspot. Deze koppeling komt terug in de subsidieregeling die is opgesteld op basis van de uitgangspunten. De Culturele Hotspot draait nu een aantal jaar en er is gedurende 5 cursusjaren subsidie verleend op basis van de subsidieregeling. De ervaringen zijn samengevat in de bijgevoegde ‘Terugblik MDO subsidieregeling’. Hieruit blijkt dat het wenselijk is de subsidieregeling te wijzigen. Ook de ontwikkeling van de Culturele Hotspot vraagt om een bijstelling van het beleid. Dit advies is er op gericht om de raad nieuwe uitgangspunten vast te laten stellen op grond waarvan een nieuwe nadere regeling door het college opgesteld en vastgesteld kan worden.
De destijds door de raad opgestelde uitgangspunten zijn opgenomen in de bijlage BL20-04064 (terugblik MDO subsidieregeling)
*IN21-00237*
IN21-00237/ Pagina 1 van 6
Advies 1. Het uitgangspunt “dat op basis van een aanvraag subsidie wordt verleend aan aanbieders van muzieken dansonderwijs die voldoen aan in de subsidieregeling te stellen criteria” te laten vervallen. 2. Het uitgangspunt “dat de subsidie als hiervoor bedoeld is gericht op activiteiten voor de doelgroep jeugd (inwoners van Best jonger dan 18 jaar)” te behouden. 3. Het uitgangspunt “dat middels het stellen van voorwaarden aan de subsidieverlening sturing wordt gegeven aan de door het gemeentebestuur beoogde doelen voor de jeugd” te behouden. 4. Het uitgangspunt “dat een subsidieontvanger geacht wordt (een deel van) de lessen in de Culturele
Hotspot te verzorgen. Indien dit niet het geval is moet aangegeven worden hoe op andere vlakken een bijdrage wordt geleverd aan de voor de gemeente relevante maatschappelijke doelen” te laten vervallen. 5. Het uitgangspunt “van de subsidie wordt 70% aan activiteiten op locatie (Culturele Hotspot) toebedeeld. 30% van de subsidie wordt toebedeeld aan activiteiten die of een innovatief karakter hebben, of reuring veroorzaken in het centrum of waarmee duidelijk samenwerking tussen partijen/kunstuitingen wordt bevorderd” te laten vervallen. 6. Het uitgangspunt “Het bereik van culturele activiteiten te vergroten door naast individueel ook een collectief cultureel aanbod te verzorgen in aanvulling op het reguliere culturele aanbod in het onderwijs” vast te stellen. Het uitgangspunt “De financiële tegemoetkoming voor culturele activiteiten op individuele basis direct aan te bieden aan de deelnemer,” vast te stellen. 8. Het uitgangspunt “De financiële tegemoetkoming voor 1 culturele activiteit per jaar op individuele basis aan te bieden en per deelnemer vast te stellen op maximaal 50% van het cursusgeld” vast te stellen. 9. Het uitgangspunt “De financiële tegemoetkoming voor de duur van tenminste 4 jaar beschikbaar te stellen” vast te stellen. 10.
Het uitgangspunt “Verbinding maken tussen cultuureducatie binnen en buiten het onderwijs, zodat er een duidelijke leerlijn ontstaat met minder versnippering” vast te stellen. 11. Het uitgangspunt “leerlingen kunnen kennismaken met de thema’s; muziek, dans/ musical, drama, theater, filmeducatie en beeldende kunst” vast te stellen. 7.
Argumenten
1.1 De subsidie komt maar ten dele ten goede aan de leerlingen en is zo minder doelmatig. In de bijgevoegde ‘Nadere regeling muziek-, dans en drama educatie” staat dat de subsidie nu wordt verleend aan de aanbieders van muziek- en dansonderwijs. Het is de bedoeling dat de organisaties dit verrekenen met de cursusgelden die leerlingen betalen, zodat de subsidie direct ten goede komt aan de leerlingen. Het blijkt moeilijk te toetsen of dat daadwerkelijk het geval is. Dit kan voorkomen worden door de subsidie direct aan de leerlingen te verlenen. Dat is echter niet mogelijk op basis van de huidige regeling.
2.1 Het draagt bij aan de ontwikkeling en ontplooiing van jeugdigen. De Raad heeft het belang van cultuur- en kunsteducatie vastgelegd in de nota cultuur & kunst 2016 en verder. Cultuur- en kunsteducatie stimuleert kinderen om andere ‘talen te spreken’, waardoor onvermoede talenten boven kunnen komen. Leerlingen met een taalachterstand blijken bijvoorbeeld grote toneeltalenten te zijn. Hiernaast is creativiteit van groot belang voor onze kenniseconomie. Creativiteit wordt bevorderd door cultuur- en kunsteducatie (Nota cultuur& kunst 2016 en verder). Door een bijdrage te doen aan de leerling voor muziek-, dans- en dramaonderwijs wordt de drempel voor een culturele basis voor elk kind vergroot. Ook in de toekomst blijft dit een prioriteit. 3.1 De beoogde doelen vastgesteld door de raad in de Nota cultuur & kunst 2016 en verder kunnen middels voorwaarden in de subsidieverlening worden ingevuld. De onderstaande doelen zijn in de Nota cultuur & kunst 2016 en verder vastgesteld, kunst & cultuureducatie zorgt dat:
*IN21-00237*
IN21-00237/ Pagina 2 van 6
• • • •
de inwoners de mogelijkheid geeft zich te verrijken en talenten te ontwikkelen; het uitdrukking geeft aan de identiteit van de gemeente en haar inwoners; het bijdraagt aan de sociale cohesie; het impulsen geeft voor innovatie en vernieuwing.
De Nadere regeling muziek-dans en drama educatie is een van de middelen om deze doelen te bereiken. Daarnaast zorgen ook andere subsidies voor de invulling van deze doelen en wordt er door andere instanties zoals ‘t Tejaterke ook invulling gegeven aan deze doelen.
4.1. De doelstelling van de Culturele Hotspot is niet behaald. De Culturele Hotspot moet zoals gezegd meerwaarde bieden door het faciliteren van samenwerking, innovatie en reuring op het gebied van cultuur en meer zijn dan een bedrijfsverzamelgebouw. Tot nu toe is dit niet bereikt. Het gebruik van de Hotspot ligt lager dan vooraf werd verwacht. Naast Cultuurspoor en Musical’s Cool zijn er niet-culturele organisaties gevestigd in de Cultuurbank, zoals Best Duurzaam, cesartherapie, ergotherapie en een diëtist. In het verleden waren er culturele organisaties die alleen voor een klein aantal lessen gebruik maakten van de Hotspot om subsidie te kunnen ontvangen. Binnen Cultuurspoor werken weliswaar diverse docenten samen in de Culturele Hotspot, maar de beoogde synergie gaat verder en die is nog niet bereikt.
4.2 Er is geen vertrouwen dat de doelstelling in de toekomst wel wordt behaald. Er is onderzocht of de doelstelling t.b.v. culturele Hotspot wel op een andere wijze behaald kon worden. Culturele organisaties hebben aangegeven dat zij geen behoefte hebben aan één gebouw waar activiteiten plaatsvinden. Ze beschikken over eigen accommodaties, waar ze hun eigen identiteit kunnen behouden. Ook voor de toekomst zien ze geen mogelijkheden voor het gebruik van de Culturele Hotspot. Slechts enkele organisaties zien ruimte tot samenwerking in de Culturele Hotspot en dan slechts incidenteel voor projectmatige evenementen. Overigens zien de culturele organisaties meer mogelijkheden voor samenwerking in ‘t Tejaterke vanwege de aanwezigheid van een zaal. Hier is de afgelopen jaren op organische wijze een zekere synergie en samenwerking gerealiseerd.
4.3 De koppeling tussen de subsidie voor cultuureducatie en de Culturele Hotspot zorgt voor een ongelijk speelveld, omdat Cultuurspoor zowel gebruiker als coördinator van de Culturele Hotspot is. Cultuurspoor huurt ruimten in de Cultuurbank van de verhuurders van Cultuurbank en is verantwoordelijk voor de coördinatie richting de andere huurders, terwijl het zelf ook een van de gebruikers is. Daarnaast is er door de verschillende tarieven in en buiten de Culturele Hotspot een financieel belang om gebruik te maken van de Hotspot. Dit veroorzaakt wantrouwen tussen de culturele organisaties. Door de subsidie niet te koppelen aan een culturele Hotspot ontstaat er een gelijk speelveld. Onafhankelijk waar de lessen plaatsvinden kan de deelnemer zelf kiezen bij welke aanbieder hij in de gemeente Best zijn lessen wilt volgen. De tarieven worden dan vastgesteld zonder een diversiteit aan subsidies en zijn dus transparant en eenduidig voor de deelnemers. Daarnaast zal het gelijke speelveld zorgen dat er rust kan ontstaan tussen de culturele aanbieders, waardoor er op vrijwillige basis samengewerkt kan worden.
4.4 De Culturele Hotspot te klein is voor het huisvesten van alle activiteiten op het gebied van muziek-, dans- en dramaonderwijs. Dit zorgt voor logistieke nadelen. Muziek-, dans- en drama educatie instellingen hebben naast de Hotspot een eigen ruimte nodig en binnen een gezin kunnen kinderen op dezelfde tijden op verschillende locaties moeten zijn. Bovendien zijn de ruimtes niet allemaal geschikt voor alle muzieklessen. Niet elke organisatie kan dus gebruik maken van de Hotspot, met als direct gevolg dat niet elke organisatie dezelfde rechten heeft. 4.5 Subsidiëring van de Culturele Hotspot als gebouw is geen doel op zich.
*IN21-00237*
IN21-00237/ Pagina 3 van 6
De nadruk bij subsidiering ligt op de activiteiten niet op ‘de stenen”. Bovendien is de Culturele Hotspot in eigendom van een commerciële partij, waardoor het moeilijk te bepalen is of de subsidie echt noodzakelijk is. De optie om de eerdere investering met name in de kelder te beschermen is onderzocht. Daarbij is gekeken naar de optie om van het huidige MDO subsidiebedrag een bedrag ter hoogte van €40.000,- te reserveren voor een culturele Hotspot als aparte entiteit. Dit bedrag is het bedrag wat bij benadering nu in de regeling vervlochten zit voor een culturele Hotspot. Hierdoor kan de kelder van de culturele Hotspot beschikbaar blijven voor muziek- dans en drama onderwijs. Hiermee blijft de gedane investering benut en blijft de continuïteit tussen de docenten in de Hotspot en de leerlingen gewaarborgd. Dit heeft echter als gevolg dat er jaarlijks een bedrag naar “stenen” gaat dat niet kan worden ingezet als financiële drempelverlaging voor leerlingen. Daarnaast kan Cultuurspoor in overleg met Cultuurbank ook kijken naar de mogelijkheid zelf een gedeelte van de ruimte te huren samen met Musical ’s Cool.
5.1 De activiteiten ter bevordering van reuring, innovatie en samenwerking waren onvoldoende effectief en doelmatig. Er is conform de uitgangspunten subsidie verleend voor activiteiten die een innovatief karakter hebben, reuring veroorzaken in het centrum of waarmee samenwerking tussen partijen/kunstuitingen wordt bevorderd. De effectiviteit van deze subsidies is gering gebleken. Voor het onderdeel samenwerking werd bijvoorbeeld jarenlang voor dezelfde samenwerkingen subsidie aangevraagd. De subsidie leidde dan niet tot nieuwe samenwerkingen. Je kunt een samenwerking ook niet afdwingen met een subsidieregeling. En er zijn activiteiten gesubsidieerd die organisaties ook zouden organiseren zonder subsidie, zoals open dagen. Het is vaak moeilijk om deze aanvragen te weigeren omdat ze zorgen voor reuring in het centrum. Door dit bedrag te verkleinen en in te zetten op culturele activiteiten voor de jeugd kan je het bedrag als toekenning aan de leerling significant houden en dus drempelverlagend.
6.1 Hierdoor wordt het bereik vergroot ten opzichte van de huidige regeling. De huidige regeling wordt niet door (+/- 950 niet unieke deelnemers) alle kinderen <18 jaar in Best gebruikt. Door naast financiële compensatie op individuele basis ook op collectieve basis culturele activiteiten aan te bieden, wordt het bereik van de regeling vergroot. Dit kan door het aanbieden van gratis cultuuronderwijs in de vorm van een cultureel curriculum voor ieder kind. Hierdoor ontvangt ieder kind een gelijkwaardige culturele basis.
7.1 Dit zorgt voor een duidelijke drempelverlaging om deel te nemen aan culturele activiteiten en versterkt zo de culturele basis van meer kinderen. Door de subsidie niet meer aan de aanbieders te verstrekken, maar in zijn geheel te verstrekken aan de deelnemers, komt de gehele financiële compensatie bij de deelnemer terecht
8.1 Dit zorgt voor een drempelverlaging voor meer leerlingen en zorgt een bredere culturele basis Met name de cursusgelden voor muzieklessen (+/- €1.000,-) zijn een grote investering voor ouders. Dit vormt een grote drempel om kinderen te laten deelnemen aan muzieklessen of andere culturele activiteiten. Door kinderen gebruik te laten maken van maximaal 1 culturele activiteit per jaar met een indicatief maximum van 50% van het cursusgeld tot €350,- verlaag je deze drempel. Het is een significante bijdrage in het cursusgeld, waardoor het daadwerkelijk effect sorteert. Het college zal aan de hand van het subsidieplafond het maximumbedrag bijstellen. Daarnaast is er via Stichting Leergeld ook de mogelijkheid tot volledige compensatie voor de minimale inkomens. De subsidie kan hierdoor niet alleen voor meer kinderen gebruikt worden, maar ook voor diverse culturele activiteiten en dit zorgt voor een bredere culturele basis. 9.1 Dit zorgt dat de subsidie beschikbaar is voor meer kinderen.
*IN21-00237*
IN21-00237/ Pagina 4 van 6
De culturele basis wordt voor ieder kind tenminste 4 jaar gesubsidieerd. Afhankelijk van deelname en het subsidieplafond kan dit verruimd worden door het college. Dit zorgt ervoor dat je als lokale overheid voornamelijk inzet voor een brede culturele basis, de verdieping is de verantwoordelijkheid van de (ouders van) deelnemer zelf.
10.1 Dit draagt bij aan een gelijke culturele basis voor elk kind in Best Het culturele aanbod is zowel binnen- als buiten schools zeer divers en versnipperd. Dit leidt tot een ongelijke culturele basis bij kinderen. Het doel van een duidelijke leerlijn is om kinderen te laten profiteren van goed cultuuronderwijs waarin ze plezier hebben en belangrijke vaardigheden leren. Cultuuronderwijs draagt bij aan de brede ontwikkeling en ontplooiing van kinderen, vooral als dat in de vorm is van doorlopende leerlijnen. Door middel van het opbouwen van een cultureel curriculum. Cultuureducatie met kwaliteit kan hierbij worden gehanteerd als leidraad. De cultuurfunctionaris gefinancierd vanuit de CultuurLoper draagt bij aan implementatie van het opbouwen van een cultureel curriculum van ieder kind. Om dit te bereiken is er een lokale samenwerking nodig tussen scholen, kinderopvang en culturele instellingen.
11. Door het aanbod te verbreden met de thema’s; muziek, dans/ musical, theater, filmeducatie en beeldende kunst kan er een betere connectie worden gelegd met de diverse thema’s binnen het onderwijs. Goed cultuuronderwijs omvat meer thema’s dan muziek en dans. Door het Ministerie wordt cultuuronderwijs omschreven aan de hand van de bovenstaande thema’s. Daarnaast kan elke culturele activiteit iets toevoegen aan de ontwikkeling van een kind. Er is geen inhoudelijke reden om dit te beperken tot muziek en dans. Risico’s n.v.t. Kosten en dekking Het raadsbesluit heeft geen invloed op de beschikbare subsidiebudgetten, maar er kan wel een verschuiving plaatsvinden tussen de subsidiebudgetten. Participatie Er is op meerdere momenten gesproken over het aanpassen van de subsidieregeling. Allereerst heeft op 28 februari 2019 een informatiebijeenkomst plaatsgevonden. Hiervoor zijn de partijen die nu subsidie ontvangen (onze huidige subsidierelaties) en andere geïnteresseerden uitgenodigd. Er is één op één gesproken met diverse subsidierelaties. En er hebben twee gezamenlijke overleggen plaatsgevonden met de organisaties die MDO-subsidie ontvangen. De reacties zijn opgenomen in de terugblik. Vanwege de corona crisis is vorig jaar besloten geen veranderingen door te voeren. Vandaar dat dit voorstel nu voorligt. Er hebben diverse organisaties schriftelijk gereageerd.
Tijdens de informatieve raadsavond over dit raadsvoorstel gaan we hier nader op in. Communicatie Uw besluit wordt teruggekoppeld aan de culturele organisaties. Procedure en planning Op basis van uw besluit wordt de MDO subsidieregeling aangepast, zodat deze geldt vanaf cursusjaar 20212022. MDO organisaties moeten tijdig weten hoe de subsidieregeling verandert. Dit heeft immers invloed op de lesgelden die zij hanteren voor het cursusjaar 2021-2022. Het college moet daarom uiterlijk mei de Nadere regeling vaststellen.
*IN21-00237*
IN21-00237/ Pagina 5 van 6
Evaluatie Evaluatie van de Nadere regeling vindt plaats na vier jaar. Er wordt gekeken of de regeling aan het beoogde doel heeft voldaan. Dit wordt beoordeeld aan de hand van de ingediende aanvragen en de resultaten van de toegekende subsidiebedragen. Bijlagen • Huidige subsidieregeling (IN16-00800) • Terugblik MDO subsidieregeling (BL20-04064) • Raadsbesluit (IN20-00709)
burgemeester en wethouders van Best,
Hans Ubachs Burgemeester
Nicole van Hooy Secretaris
*IN21-00237*
IN21-00237/ Pagina 6 van 6