CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening Nadeelcompensatie Bernheze 2024

Commissie Ruimtelijke Zaken 11 oktober 2023, gemeente BernhezeBij agendapunt: Verordening nadeelcompensatie Bernheze 20241.777 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Registratienummer

39591 / 44745

BERNHVZK

Raadsvoorstel Datum vergadering Agendapunt Onderwerp

Portefeuillehouder

2 november 2023 9 Verordening nadeelcompensatie Bernheze 2024 wethouder Rien Wijdeven

Heesch, 19 september 2023

Inleiding De overheid kan rechtmatig handelen in de uitoefening van een publiekrechtelijke bevoegdheid of taak en toch schade veroorzaken. Bijvoorbeeld door het verlenen van een omgevmgsvergunning, het inperken van rechten of de neveneffecten van werkzaamheden. Het gaat dan om schade veroorzaakt door rechtmatige besluiten en om schade veroorzaakt door rechtmatige feitelijke handelingen (planschade en nadeelcompensatie). Planschade is thans geregeld in artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening Het stelsel van nadeelcompensatie in Nederland is een buitenwettelijk bestuursrechtelijk schadevergoedingsstelsel.

Dit alles zal met de inwerkingtreding van de nieuwe nadeelcompensatieregelmg in Titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht en de komst van Afdeling 15.1 van de Omgevingswet op 1 januari 2024 veranderen. De nieuwe nadeelcompensatieregelmg vervangt de hierboven genoemde afzonderlijke schaderegelingen die hierin worden samengevoegd en geharmoniseerd. Tegelijkertijd worden alle geschillen over rechtmatig overheidsoptreden geconcentreerd bij één rechter, namelijk de bestuursrechter. Het doel van deze nieuwe regeling is om te komen tot meer eenduidigheid en overzichtelijkheid Met de vaststelling van de voorliggende verordening kunnen beide wettelijke regelingen (de nieuwe nadeelcompensatieregelmg en Afdeling 15.1 van de Omgevingswet) worden geïmplementeerd en kan invulling worden gegeven aan één van de door de VNG geformuleerde minimale acties voor de implementatie van de Omgevingswet.

Voorstel 1. De 'Verordening nadeelcompensatie Bernheze 2024" vaststellen.

Argumenten 1.1 Met de vaststelling van de verordening worden de nieuwe wettelijke regelingen (de nadeelcompensatieregeling Titel 4.5 Awb en Afdeling 15.1 Ow) geïmplementeerd en wordt invul­ ling gegeven aan één van de acties voor implementatie van de Omgevingswet. De regelingen in de nieuwe nadeelcompensatieregelmg en Afdeling 15.1 van de Omgevingswet zijn grotendeels uitputtend bedoeld en bevatten regels voor de afwikkeling van aanvragen om schadevergoeding, zoals grondslagen, inhoudelijke eisen en procedurele bepalingen, meer concreet ten aanzien van beslistermijnen en het heffen van een recht. Over enkele

onderwerpen is het voor u mogelijk om aanvullende regels op te nemen in een gemeentelijke verordening, bijvoorbeeld de hoogte van het te heffen recht. Het vaststellen van een verorde­ ning voor nadeelcompensatie is niet verplicht. De VNG adviseert echter wel om een verorde­ ning vast te stellen. Zonder deze verordening kunnen we als gemeente bijvoorbeeld geen recht meer heffen. Voor de voorliggende verordening is de modelverordening van de VNG van 26 mei 2021 (Ken­ merk: Lbr. 21/041 - TLE/U202100451) als uitgangspunt genomen. Dit betreft een relatief korte verordening met een aantal specifieke onderwerpen waarover bij het samenstellen hiervan een beperkt aantal eigen keuzes kunnen worden gemaakt. Voor zover die keuzemogelijkheden er zijn, worden die hierna, voor zover relevant, expliciet benoemd en wordt daarbij aangegeven hoe invulling hieraan gegeven is.

Bijzondere schaderegelingen. In de modelverordening kan ervoor worden gekozen om schadevergoeding waarop een bijzon­ dere regeling van toepassing is uit te zonderen. Met een bijzondere regeling doelen we aparte verordeningen voor specifieke onderwerpen, zoals verordening voor kabels en leidingen, riole­ ring, wegwerkzaamheden of een specifieke projecten binnen de gemeente. Voor zover er bin­ nen de gemeente een aparte regeling/verorning geldt en voor het geval dat er in de toekomst een bijzondere regeling/verordening zou worden vastgesteld, is ervoor gekozen om het voorge­ stelde artikel 1, lid 2, van de modelverordening over te nemen. Daarmee heeft deze verorde­ ning geen betrekking op aanvragen om schadevergoeding waarop een bijzondere regeling van toepassing is.

Adviescommissie Op grond van het huidige recht is het inschakelen van een adviseur verplicht bij het afhandelen van aanvragen om planschade. Ook is het vaststellen van een gemeentelijke verordening ver­ plicht waarin regels worden gegeven over de aanwijzing van zo’n adviseur en de wijze waarop deze tot een advies dient te komen. Onder het nieuwe recht gelden die verplichtingen met meer. De gemeente heeft wel de mogelijkheid om een adviseur of een adviescommissie in te schakelen.

Het heeft voor eenvoudige gevallen de voorkeur om aanvragen om schadevergoeding snel en efficiënt, dus zonder adviseur of adviescommissie, af te handelen. Dit ook in verband met de kosten voor het instellen van een adviseur of adviescommissie in verhouding tot de uit te beta­ len bedragen. Het uitgangspunt dat bij het opstellen van de modelverordening is gehanteerd, is dan ook dat in het ambtelijke apparaat voldoende deskundigheid aanwezig moet zijn om aan­ vragen om schadevergoeding te kunnen beoordelen. Als die deskundigheid niet of onvoldoende aanwezig is, kan een deskundige worden ingeschakeld. Ook is het denkbaar om op termijn re­ gionaal expertise te bundelen, bijvoorbeeld in een regionale adviesorganisatie. De modelveror­ dening bevat twee opties voor het benoemen van een adviseur of adviescommissie, namelijk: a benoeming voor een termijn van maximaal vier jaar waarna de mogelijkheid bestaat tot herbenoeming (vaste commissie), of b benoeming van een adviescommissie voor advisering met betrekking tot een of meer­ dere specifieke aanvragen. In de voorliggende verordening is in artikel 7 lid d ervoor gekozen om de term "inschakelen" in plaats van "benoemen" te gebruiken omdat de laatste term lijkt te vereisen dat een adviseur of adviescommissie steeds formeel behoort te worden benoemd hetgeen niet de bedoeling is en ook niet werkbaar moet worden geacht.

Vanwege het relatief beperkt aantal schadeverzoeken

-2-

op jaarbasis wordt het onwenselijk geacht om met een vaste commissie te werken, reden waarom deze optie is geschrapt De voorkeur gaat uit naar de inschakeling, waar nodig, van specifieke expertise geënt op een specifiek geval. Dit heeft als bijkomend voordeel dat dan een langere besluittermijn geldt (artikel 4:130 Awb) hetgeen bij dit complexe zaken als zeer wense­ lijk moet worden geacht.

In artikel 7 lid b is onder het vierde aandachtsstreepje een drempelbedrag van € 2 500 opgeno­ men waaronder in ieder geval geen adviseur zal worden ingeschakeld omdat de advieskosten dan niet meer in een redelijke verhouding staan tot de omvang van het schadebedrag. Dit is ge­ baseerd op de ervaringen met adviseurskosten bij planschadeclaims die doorgaans (minimaal) tussen de € 2 000 en € 3 000 liggen Dit impliceert dat schadeclaims onder de € 2 500 in begin­ sel zonder externe advisering zullen worden afgehandeld. Het heffen van een recht In de modelverordening is de mogelijkheid opgenomen om voor het in behandeling nemen van een aanvraag om schadevergoeding, zoals onder de huidige wetgeving reeds gebruikelijk is, een recht te heffen. Omdat de behandeling van schadeverzoeken veelal een complexe en tijd­ rovende klus is, is het heffen van een recht gerechtvaardigt. Daarnaast kunnen al te lichtvaar­ dige claims hiermee worden voorkomen Bij de toekenning van een schadevergoeding wordt het betaalde recht overigens conform artikel 4:129 Awb terugbetaald. Het wettelijke maximum bedrag bedraagt € 500

In de voorliggende verordening is ervoor gekozen om niet het wettelijke maximum op te nemen maar om een recht te heffen van € 300, welke bedrag aansluit bij onze huidige regels Reden hiervoor is om de drempel voor inwoners van onze gemeente niet te hoog te maken om een dergelijk schadeverzoek in te dienen. De aanvraag In de modelverordening wordt de mogelijkheid geboden om een aanvrager tot het gebruik van een door het bestuursorgaan vastgesteld (elektronisch) formulier te verplichten. In artikel 4 lid a is deze verplichting opgenomen. Hiervoor is gekozen omdat relatief simpel kan worden beschikt over elektronische aanvraagformulieren aangezien hier binnen de gemeente reeds mee wordt gewerkt. Het gebruik van dit soort formulieren zal daarnaast een positief effect hebben op de behandeling en voortgang van de schadeverzoeken.

ln lid b van artikel 4 zijn de aanvullende eisen die worden gesteld aan de in te dienen stukken c.q. de motivering van een schadeverzoek van de modelverordening overgenomen. Dit geeft een aanvrager vooraf duidelijkheid over wat concreet van hem wordt verwacht en waaraan door de gemeente wordt getoetst. Dit maakt dat aanvragen efficiënter kunnen worden afgehandeld.

Voorschotregeling In de modelverordening is een voorschotregeling opgenomen voor die gevallen waarin hierom wordt gevraagd en redelijkerwijs vaststaat dat een verplichting tot betaling zal volgen. De mo­ delverordening biedt hier twee opties. Er is gekozen voor de meest uitgebreide optie omdat die een daartoe strekkende (gemotiveerde) aanvraag vereist en het voorschot hierbij kan worden gemaximaliseerd op een percentage Gekozen is voor 50% om tot aan de definitieve besluitvor­ ming een stok achter de deur te houden voor het geval dat de verwachte besluitvorming toch anders mocht uitvallen. Deze voorschotregeling kan voor gedupeerden uitkomst bieden in het geval van dreigende faillissementen, dwingende betalingsverplichtingen e.d.

-3-

Bagateldrempels In de modelverordening is geen specifieke bepaling opgenomen over bagateldrempels (de grens van welk gedeelte van de schade tot het normale eigen risico behoort). In de implementatiehandleiding van de VNG wordt echter wel gerefereerd aan de mogelijkheid om bagateldrem­ pels op te nemen op basis waarvan schadeclaims direct kunnen worden afgewezen. Bagatel­ drempels zien op het gegeven dat niet alle schade voor vergoeding in aanmerking komt omdat particulieren, ondernemingen, bedrijven en organisaties zelf een gedeelte van de schade beho­ ren te dragen in de vorm van een normaal maatschappelijk risico. In de voorliggende verordening is ervoor gekozen om geen bagateldrempels op te nemen. Re­ den hiervoor is dat de nieuwe Omgevingswet reeds voorziet in een wettelijke drempel van 4% normaal maatschappelijk risico bij planschade. In andere zaken (bijvoorbeeld schade al gevolg van rechtmatig feitelijk handelen) zal dit van geval tot geval moeten worden bekeken, mede aan de hand van jurisprudentie. Intrekking oude regeling In artikel 11 wordt de intrekking van de oude planschadeverordenmg geregeld. Daarbij is het van belang dat het overgangsrecht op wetsniveau is geregeld. Daar hoeft de gemeente in de basis geen aanvullende voorzieningen voor te treffen.

De ‘Procedureverordening voor advise­ ring tegemoetkoming in planschade gemeente Bernheze 2008’ wordt in artikel 11 ingetrokken met ingang van het moment waarop de 'Verordening nadeelcompensatie Bernheze 2024' in werking treedt. De 'Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade gemeente Bernheze 2008’ kan vanwege het overgangsrecht wel nog jaren relevant blijven voor de afhandeling van planschadeverzoeken. Voor schadeveroorzakende besluiten of handelingen van voor de inwer­ kingtreding van de Omgevingswet, geldt namelijk nog het oude recht. Het oude recht geldt maximaal 5 jaar (artikel 4.17 Invoeringswet). Op deze algemene regel van 5 jaar na inwerking­ treding van de Omgevingswet zijn uitzonderingen. Dit regelen artikelen 4 17 tot en met 4.21 In­ voeringswet. Voor schadeveroorzakende besluiten op basis van de Wro geldt dat de termijn van 5 jaar start bij het nemen van het besluit als: • de procedure voor het besluit is gestart voor de inwerkingtreding en • de procedure is afgerond na inwerkingtreding van de Omgevingswet

Risico’s n.v.t.

Kosten en dekking n.v.t.

Vervolg Het vaststellingsbesluit zal op de gebruikelijke en officiële wijze worden gepubliceerd.

Bijlage(n): De bijlage(n) zijn digitaal beschikbaar. • De ‘Verordening nadeelcompensatie Bernheze 2024'' • Raadbesluit

-4-

Burgemeester en wethouders

7 Peggy Hurkmans secretaris

(oine Walraven larnemend burgemeester

V

-5-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=b2e55393-2611-4e3e-b1a5-d6bc8afebf08