CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Vaststelling bestemmingsplan 'Dorpsstraat 11, Loosbroek' - Toelichting

Commissie Ruimtelijke Zaken 21 september 2022, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Dorpsstraat 11, Loosbroek22.528 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Vastgesteld

47

Bijlage 1: Vormvrije m.e.r.-beoordeling

Vormvrije m.e.r.-beoordeling Betreft:

Dorpsstraat 11 Loosbroek

Aan:

Gemeente Bernheze

Datum:

7 april 2022

Aangevuld:

-

Inleiding Aan de Dorpsstraat 11 in Loosbroek woont initiatiefnemer. Initiatiefnemer exploiteert op deze locatie een kleinschalig bedrijf. Dit bedrijf heeft behoefte aan een opslagruimte. Initiatiefnemer is daarom voornemens om achter de eigen woning een kleine bedrijfskavel te realiseren om te voorzien in de eigen behoefte aan bedrijfsruimte. Binnen de bedrijfsbestemming wenst initiatiefnemer in dat kader een nieuwe schuur te realiseren voor het opslaan van de materialen en het uitvoeren van voorbereidende werkzaamheden. Initiatiefnemer is daarnaast voornemens om de locatie aan te wenden voor het hobbymatig houden van maximaal vijf paarden. Initiatiefnemer wil, in dat kader, vier stallen realiseren voor het houden van paarden. Daarnaast worden weilanden en een rijbak gerealiseerd en tevens wordt een mobiele mestcontainer geplaatst.

Afbeelding 1 .Ligging en omgeving locatie Dorpsstraat 11 Loosbroek

De voorgenomen ontwikkelingen passen niet binnen de vigerende bestemmingsplannen. Om het initiatief mogelijk te maken wordt daarom het bestemmingsplan herzien. Ten behoeve van het nieuwe bestemmingsplan zijn alle relevante milieuaspecten onderzocht, al dan niet met bijbehorende rapportages. Ook dient er een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd. De voorliggende aanmeldnotitie bevat deze vormvrije m.e.r.beoordeling.

1

Algemeen Bepaalde activiteiten kunnen belangrijke nadelige gevolgen hebben voor het milieu, waardoor het opstellen van een milieueffectrapportage (m.e.r.) of het verrichten van een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk is. In het Besluit milieueffectrapportage is vastgelegd welke activiteiten m.e.r.-plichtig zijn en voor welke activiteiten een m.e.r.beoordeling moet worden verricht. In onderdeel C van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage zijn de activiteiten, plannen en besluiten opgenomen ten aanzien waarvan het maken van een milieueffect rapport verplicht is. In onderdeel D van de bijlage zijn de activiteiten, plannen en besluiten opgenomen waarvoor een m.e.r.-beoordeling moet worden uitgevoerd. Als een activiteit op grond van onderdeel D m.e.r.beoordelingsplichtig is, geldt voor een kaderstellend bestemmingsplan die de activiteit mogelijk maakt, een m.e.r.plicht. Voor alle activiteiten zijn drempelwaarden opgenomen. Als een activiteit voorkomt in kolom 1 van de C- of Dlijst en de drempelwaarden uit kolom 2 worden overschreden, is een m.e.r. (onderdeel C) of een m.e.r.beoordeling (onderdeel D) verplicht. Voor activiteiten die genoemd worden in onderdeel D, maar waarbij de drempelwaarde niet wordt overschreden, geldt de verplichting om na te gaan of tóch een m.e.r.-beoordeling (of een m.e.r.) moet worden uitgevoerd.

Het bevoegd gezag moet in zo’n geval nagaan of er sprake is van omstandigheden die, ondanks dat de drempelwaarden niet worden overschreden, aanleiding geven voor het verrichten van een m.e.r.(-beoordeling). De motivering moet zijn gebaseerd op een toets die qua inhoud aansluit bij de verplichte m.e.r.-beoordeling. Toetsing Bedrijf Aan de Dorpsstraat 11 in Loosbroek wordt één kleine bedrijfskavel gerealiseerd van circa 1.200 m2 met een maximum bedrijfsvloeroppervlak van circa 165 m2. Dit valt onder de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen (zoals vermeld in Onderdeel D van het Besluit m.e.r. onder D11.2 onder sub 3: een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer). Als blijkt dat een bedrijf een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer heeft is een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk. In dit geval wordt een bedrijfskavel van slechts 1.200 m2 gerealiseerd met een bedrijfsvloeroppervlakte van 165 m2. Deze activiteit valt ruim beneden de gestelde drempelwaarde, waardoor geen sprake is van een directe m.e.r.-beoordelingsplicht. Omdat de activiteit wel voorkomt in kolom 1 van de Dlijst dient wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden verricht. Paarden Daarnaast wordt een deel van de locatie gebruikt voor het hobbymatig houden van maximaal vijf paarden.

Dit valt onder de wijziging van een installatie voor het fokken, mesten of houden van dieren (zoals vermeld in Onderdeel D van het Besluit m.e.r. onder D.14 onder sub 12: 100 stuks paarden of pony’s (Rav categorie K.1 en K.3), waarbij het aantal bijbehorende dieren in opfok jonger dan 3 jaar niet wordt meegeteld. (Rav categorie K.2 en K.4). Als blijkt dat meer paarden kunnen worden gehouden dan de genoemde 100 is een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk. In dit geval zullen op de locatie maximaal vijf paarden gehouden gaan worden. Deze activiteit valt ruim beneden de gestelde drempelwaarde, waardoor geen sprake is van een directe m.e.r.-beoordelingsplicht. Omdat de activiteit wel voorkomt in kolom 1 van de D-lijst dient wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden verricht. In een vormvrije m.e.r.-beoordeling wordt getoetst of een activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. Een informele m.e.r.-beoordeling kan leiden tot twee conclusies: 1. belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn uitgesloten: er is geen m.e.r. of m.e.r.-beoordeling noodzakelijk; 2

2.

belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een m.e.r.-beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor een m.e.r..

De criteria waaraan moet worden getoetst zijn opgenomen in bijlage III van de Europese richtlijn ‘betreffende de milieubeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten’. Het betreft de volgende drie algemene criteria met elk hun sub criteria: ▪ Kenmerken van het project ▪ Plaats van het project ▪ Kenmerken van het potentiële effect Kenmerken van het project Initiatiefnemer exploiteert een bedrijf aan huis op de locatie Dorpsstraat 11 in Loosbroek. Op deze locatie heeft het bedrijf een kantoor met showroom in de vrijstaande schuur, aan de achterzijde van de woning. Gezien de groei van het bedrijf is de behoefte ontstaan aan een opslagruimte dicht bij het bedrijf zelf. Het bedrijf is daarom voornemens op de eigen locatie meer opslagruimte te creëren. De opslagruimte zal worden gebruikt voor het opslaan van de materialen als ook voor het uitoefenen van voorbereidende werkzaamheden. Voor het opslaan van de materialen en het uitoefenen van de voorbereidende werkzaamheden wil initiatiefnemer een nieuwe schuur, langs de bestaande schuur, oprichten. De nieuwe schuur zal een oppervlakte beslaan van circa 85 m2 en zal worden gebruikt als opslagruimte. Aan de oostzijde van de nieuwe schuur is initiatiefnemer voornemens om een overdekte buitenruimte te realiseren van circa 60 m2.

Stal 4

Stal 3

Opslagruimte / werkplaats

Bestaand bijgebouw

Stal 2

Stal 1

Overdekte buitenruimte

Afbeelding 2. Impressie beoogde situatie met

Afbeelding 3. Voorgevel beoogde situatie

afscheiding bedrijfsactiviteiten en houden van paarden

Afbeelding 4. Linker zijgevel beoogde situatie

Initiatiefnemer is daarnaast voornemens om vier stallen te realiseren voor het houden van maximaal vijf paarden. De stallen worden gerealiseerd tegen de opslagruimte c.q. werkplaats aan echter er zal een fysieke en functionele afscheiding plaats vinden tussen beide functies. Het houden van paarden is bedoeld voor hobbymatige doeleinden en heeft derhalve geen organisatorische binding met het aanwezige bedrijf. In het kader van het hobbymatig houden van paarden is initiatiefnemer voornemens om een deel van een voormalige parkeerplaats, die ten zuiden van het woonperceel is gelegen, aan te wenden voor het beweiden van de paarden. Initiatiefnemer wil hier een rijbak, mobiele mestcontainer en drie weides realiseren.

3

Omvang bedrijf Om de voorgenomen ontwikkelingen mogelijk te maken wordt een deel van de huidige woon- en groenbestemming omgezet naar een bedrijfsbestemming. Binnen de bedrijfsbestemming wordt een bouwvlak opgenomen dat strak om de bestaande schuur en de nieuwe schuur is getrokken. Binnen het bouwvlak zijn de maatvoeringsaanduidingen ‘maximum bebouwingspercentage terrein: 100%’, ‘maximum goothoogte: 3 m’ en ‘maximum bouwhoogte: 5 m’ opgenomen. Het initiatief voorziet in het realiseren van een bedrijfsbestemming van circa 1.050 m2. Binnen de bedrijfsbestemming zijn in de beoogde situatie twee gebouwen aanwezig namelijk de bestaande schuur en de nieuwe schuur. De bestaande schuur heeft een oppervlakte van circa 80 m2 en de nieuwe schuur zal een oppervlakte beslaan van circa 85 m2. De bedrijfsvloeroppervlak van het bedrijf zal in totaal circa 165 m2 bedragen. Omvang paardenhouderij In totaal worden vier stallen gerealiseerd, met een totaal oppervlakte van circa 65 m 2, voor het houden van paarden. Om het hobbymatig houden van paarden binnen de agrarische bestemming mogelijk te maken is, ter plaatse van de paardenstallen, een bouwvlak opgenomen met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch– hobbymatig houden van paarden’.

Hiermee wordt gewaarborgd dat het houden van paarden enkel is toegestaan ter plaatse van deze aanduiding en dat op deze locatie niet meer dan vijf paarden gehouden kunnen worden. Aan de achterzijde van het woonperceel ligt een agrarisch perceel dat in eigendom is van initiatiefnemer. Binnen dit agrarisch perceel zal een rijbak worden gerealiseerd van 800 m2 ter plaatse van de functieaanduidingen ‘specifieke vorm van agrarisch – rijbak’. Daarnaast zal een mobiele mestcontainer worden geplaatst ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – mobiele mestcontainer’. De rest van het agrarische perceel zal worden gebruikt als weide. De cumulatie met andere projecten In en om de locatie zijn geen relevante activiteiten of projecten waarmee rekening moet worden gehouden in de beoordeling. Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen verandert niet als gevolg van de beoogde ontwikkeling. Dit onderdeel geeft geen aanleiding aanzienlijke gevolgen voor het milieu te veronderstellen, zodanig dat daarvoor een milieueffectrapportage moet worden doorlopen. De productie van afvalstoffen Zowel in de realisatiefase als in de gebruiksfase vindt er geen productie plaats van afvalstoffen.

Verontreiniging en hinder Initiatiefnemer wil bij een gedeelte van het perceel aan de Dorpsstraat 11 in Loosbroek een bedrijfsbestemming realiseren van categorie 1 en 2. Daarnaast is initiatiefnemer voornemens om binnen een deel van het plangebied maximaal vijf paarden te houden, op hobbymatige basis. Er is dan ook geen binding tussen de bedrijfsactiviteiten en het houden van de paarden. Hierom is een onderzoek bedrijven en milieuzonering1 uitgevoerd. In het onderzoek bedrijven en milieuzonering zijn de richtafstanden van de milieubelastende functies binnen de te realiseren bedrijfsbestemming aan de Dorpsstraat 11 in Loosbroek bepaald. Ter plaatse zal een bedrijf in shutters worden gevestigd en zal er sprake zijn van het hobbymatig houden van paarden. Aan de richtafstand voor de relevante milieuaspecten wordt voldaan. Er is derhalve geen hinder te verwachten vanuit de Dorpsstraat 11 op de omliggende woningen. 1 1 De Roever, Onderzoek bedrijven en milieuzonering, Dorpsstraat 11 Loosbroek, 1 maart 2022, referentie: 20210483.v03

4

Risico van ongevallen, met name gelet op de gebruikte stoffen of technologieën In de paragraaf de kenmerken van het potentiële effect is geconcludeerd dat er geen belemmeringen zijn vanuit het plaatsgebonden risico en groepsrisico ten aanzien van inrichtingen, transportassen en buisleidingen. De plaats waar de activiteit wordt verricht Ligging van de locatie De locatie is gelegen in de bebouwde kom van Loosbroek, aan de Dorpsstraat 11. In de bebouwde kom van Loosbroek zijn voornamelijk woningen gelegen waardoor de woonfunctie overheerst. Echter in het oostelijke deel van de kern, waar ook de locatie is gelegen, zijn naast woningen ook nog enkele bedrijven gelegen. In dit deel van de kern zijn ten noorden van de Dorpsstraat drie bedrijven gelegen en ten zuiden van de Dorpsstraat twee kleinere bedrijven. Op korte afstand van de Dorpsstraat 11, in oostelijke richting, is het buitengebied van de gemeente Bernheze gelegen. Bestaand grondgebruik De locatie wordt momenteel aan de voorzijde gebruikt als woning met tuin. Achter de woning en tuin is een groenstrook gelegen dat wordt gebruikt voor de ontsluiting van de achterzijde van het perceel. Het overige gedeelte van de locatie maakte in het verleden onderdeel uit van een parkeerplaats. Dit gedeelte is tegenwoordig niet meer als zodanig in gebruik en is al deels ingericht als paardenweide.

Afbeelding 5. Luchtfoto Dorpsstraat 11 met woongedeelte geel, groenstrook groen en voormalige parkeerplaats paars.

Ligging ten opzichte van Natura2000-gebieden Het dichtstbijzijnde Natura2000-gebied, het Vlijmens Ven, Moerputten en Bossche Broek, bevindt zich op een afstand van circa 13,8 km. Door middel van het rekeninstrument AERIUS Calculator wordt de stikstofdepositie op Natura2000-gebieden als gevolg een initiatief berekend. Met de ingevoerde gegevens geeft AERIUS Calculator aan dat er geen sprake is van een toename van stikstofdepositie op omliggende Natura2000 gebieden (zie bijlage 2 van de toelichting). Gesteld kan worden dat er geen merkbaar c.q. negatief effect is te verwachten voor wat betreft stikstofdepositie ter plaatse van de Natura2000-gebieden door het initiatief.

5

Afbeelding 6. Ligging locatie (rood) ten opzichte van Natura2000-gebied Vlijmens Ven, Moerputten en Bossche Broek(geel gemarkeerde gebied)

Ligging ten opzichte van Natuurnetwerk Brabant Het Natuurnetwerk Brabant (NNB) is onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Het is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn. Ten noorden, op een afstand van circa 970 meter, ligt het dichtstbijzijnde natuurgebieden met natuurbeheertype N15.02 Dennen-, eiken-, en beukenbos. De locatie zelf maakt echter geen onderdeel uit van een natuurgebied c.q. het NNB.

Afbeelding 7. Ligging locatie ten opzichte van NNB

In en om de locatie zijn geen relevante activiteiten of projecten waarmee rekening moet worden gehouden in deze beoordeling. Natuurlijke hulpbronnen Ter plaatse van de Dorpsstraat 11 zijn geen relevante natuurlijke hulpbronnen die bijdragen aan de ontwikkeling dan wel een effect hebben op de ontwikkeling.

6

Opnamevermogen/gevoeligheid van het milieu Uit de beoordeling van de planologisch relevante milieuaspecten (zie hieronder) komt naar voren dat het planvoornemen deze aspecten niet belemmerd. De kenmerken van het potentiële effect Hieronder wordt per milieueffect stilgestaan of er belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen zijn door de beoogde ontwikkeling. Geur Met onderhavig initiatief wordt lichte bedrijvigheid opgericht in de kern Loosbroek. Een bedrijf betreft geen geurgevoelig object. Daarnaast moeten omliggende agrarische bedrijven reeds rekening houden met de aanwezigheid van de woning op de betreffende locatie. Met het oprichten van een kleine bedrijfskavel achter deze woning blijft de wijze waarop de omliggende agrarische bedrijven rekening moeten houden met de locatie gelijk. Omliggende veehouderijen worden niet verder belemmerd in hun bedrijfsvoering. Een deel van het plangebied wordt gebruikt voor het hobbymatig houden van maximaal vijf paarden. Dit is ook vastgesteld in de verbeelding en in de regels behorende bij onderhavig bestemmingsplan. De paarden worden gehouden binnen de agrarische bestemming en buiten het bedrijf. Er vindt een technische, fysieke en organisatorische scheiding plaats tussen de bedrijfsmatige activiteiten en het hobbymatig houden van paarden binnen het plangebied.

In een eerdere uitspraak heeft de afdeling aangegeven dat als er geen functionele technische of organisatorische binding is tussen het bedrijf en het hobbymatig houden van paarden dat het houden van paarden dan ook niet plaats vindt bij een bedrijf danwel inrichting (Raad van State 15 oktober 2003; ECLI:NL:RVS:2003:AL8982). Het houden van paarden is daarmee geen inrichting op basis van de Wet milieubeheer of een andere veehouderij waarvoor minimale afstanden tot een geurgevoelig object gelden. Gesteld kan worden dat het hobbymatig houden van paarden niet leidt tot geuroverlast ter plaatse van de omliggende woningen. Het aspect geur vormt derhalve geen belemmering voor onderhavig initiatief. Wegverkeerslawaai De Wet geluidhinder (Wgh) bevat geluidsnormen en richtlijnen over de toelaatbaarheid van geluidsniveaus als gevolg van wegen, spoorwegen, gezoneerde industrieterreinen en luchthavens. Diverse wegen in en om de Dorpsstraat 11 zijn zoneplichtige wegen in het kader van de Wet geluidhinder. Dit betekent dat bij het oprichten van een gevoelige bestemming binnen de zone altijd een akoestisch onderzoek is vereist. De voorgenomen ontwikkeling behelst het oprichten van een nieuwe bedrijvigheid en heeft zodoende betrekking op een bedrijfslocatie. Een bedrijfslocatie betreft geen geluidsgevoelig object. Vanuit de Wgh bestaan er wat dat betreft geen belemmeringen voor het initiatief.

Luchtkwaliteit Voor het vaststellen van de achtergrondconcentratie van fijnstof is de grootschalige concentratiekaart van het RIVM geraadpleegd. Volgens deze kaarten bedraagt momenteel de concentratie fijn stof (PM2,5) ter plaatse 9,5 µg/m³, de concentratie fijn stof (PM10) 17,3 µg/m³ en de concentratie stikstofdioxide (NO2) 11,9 µg/m³. In de Wet milieubeheer is de jaargemiddelde grenswaarde voor PM2,5 25 µg/m³, terwijl de jaargemiddelde grenswaarde voor PM10 40 µg/m³ bedraagt. Voor NO2 bedraagt de jaargemiddelde grenswaarde eveneens 40 µg/m³. Er wordt dus ruimschoots voldaan aan de wettelijk gestelde grenswaarden. In de beoogde situatie wordt een kleinschalige bedrijfskavel gerealiseerd. Voor het initiatief is de toename van verkeer van belang in relatie tot de luchtkwaliteit. Gezien de beoogde situatie is een toename van verkeersbewegingen aannemelijk. Uitgaande van een worst-case scenario is er sprake van een toename van 17,4 verkeersbewegingen per etmaal, veroorzaakt door 8,7 voertuigen (nadere toelichting aantal verkeersbewegingen 7

paragraaf 5.6). Gezien de aard van het initiatief wordt er van uitgegaan dat dit allen lichte voertuigen betreffen (personenwagens).

Worst-case berekening voor de bijdrage van het extra verkeer als gevolg van een plan op de luchtkwaliteit Jaar van planrealisatie

2021

Extra voertuigbewegingen (weekdaggemiddelde)

17,4

Aandeel vrachtverkeer

0,0%

3

0,01

PM10 in μg/m3

0,00

Extra verkeer als gevolg van het plan

NO2 in μg/m

Maximale bijdrage extra verkeer Grens voor "Niet In Betekenende Mate" in μg/m

3

1,2

Conclusie De bijdrage van het extra verkeer is niet in betekenende mate; geen nader onderzoek nodig Afbeelding 8. Uitsnede NIBM berekening

Met behulp van de NIBM-tool 2020 is bepaald of dit extra verkeer in betekende mate invloed heeft op de luchtkwaliteit. Uit de berekening blijkt dat de toename van het verkeer ruimschoots onder NIBM valt. Op basis van voorgaande wordt een nader onderzoek naar de luchtkwaliteit dan ook niet noodzakelijk geacht. Externe veiligheid Volgens de Risicokaart van Nederland liggen er in de directe omgeving van de locatie geen risicovolle inrichtingen of transportassen. Het aspect externe veiligheid vormt daarmee geen belemmering voor het initiatief. Bodem Vanwege de ontwikkeling is een verkennend bodemonderzoek2 conform de NEN 5740 uitgevoerd. Op basis van de resultaten van het uitgevoerde vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onverdacht is ten aanzien van bodemverontreiniging. De opzet van het bodemonderzoek is gebaseerd op de onderzoeksstrategie voor een onverdachte niet-lijnvormige locatie (ONV-NL). Geconcludeerd wordt dat de hypothese 'onverdachte locatie' formeel gezien geen stand houdt. In de bovengrond is een lichte verontreiniging met PAK aangetoond. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. In het grondwater zijn een matige verontreiniging met barium en lichte verontreinigingen met nikkel en zink aangetoond.

Voor de verontreinigingen met PAK in de grond en barium, nikkel en zink in het grondwater zijn geen duidelijke bronnen of oorzaken aan het licht gekomen. Waarschijnlijk betreft het een verhoogd achtergrondgehalte. De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. 2 HMB Groep, Verkennend bodemonderzoek, Dorpsstraat 11 Loosbroek, 19 mei 2021, kenmerk: 21237601A

8

Het overige gedeelte van de locatie maakte in het verleden onderdeel uit van een parkeerplaats. Dit gedeelte is tegenwoordig niet meer als zodanig in gebruik, de verharding is verwijderd en dit gedeelte is al deels ingericht als paardenweide. Dit deel van het plangebied is reeds agrarisch bestemd en deze bestemming blijft gehandhaafd waardoor dit deel niet is meegenomen in het bodemonderzoek. Voor dit deel van het plangebied is een ontheffing bij de gemeente Bernheze aangevraagd middels het invullen van het formulier ‘historische toets’ (zie bijlage 2). De gemeente heeft de ontheffing voor dit deel van het plangebied verleend. Voor dit deel van het plangebied is een bodemonderzoek dan ook niet benodigd. Archeologie Conform de archeologische beleidskaart van de gemeente Bernheze is de locatie gelegen in een gebied met een zeer hoge archeologische waarde, een gebied met een hoge archeologische waarde, een gebied met een middelhoge archeologische verwachting en in een gebied met een lage archeologische verwachting.

Afbeelding 9. Uitsnede archeologische beleidskaart gemeente Bernheze

De bedrijvigheid wordt opgericht achter de woning Dorpsstraat 11. Voor dit gebied geldt een onderzoeksplicht wanneer de bodem voor een oppervlakte van meer dan 250 m 2 en dieper dan 0,4 m verstoord wordt. Binnen dit deel van het plangebied is enkel een nieuwe schuur en vier stallen beoogd met een totale oppervlakte van 150 m2. De gestelde ondergrens wordt met onderhavig initiatief niet overschreden. Derhalve is thans geen archeologisch onderzoek noodzakelijk. Cultuurhistorie Vanuit de provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart komt naar voren dat de locatie onderdeel uitmaakt van regio ‘De Meierij’. Het initiatief is echter zo kleinschalig dat de cultuurhistorische waarden van de regio ‘De Meierij’ niet belemmerd worden. Natuur Flora en fauna Om het voorkomen van flora en fauna in het plangebied aan te tonen is een quickscan flora- en fauna3 uitgevoerd. Algemeen voorkomende grondgebonden zoogdieren en amfibieën Op de locatie komen mogelijk zoogdieren en amfibieën voor, die onder de Wet natuurbescherming zijn beschermd. Het gaat om algemeen voorkomende soorten (zogenaamde A-soorten), waarvoor in Noord-Brabant een vrijstelling geldt in geval van ruimtelijke ontwikkeling en beheer en onderhoud (Provinciale Staten van NoordBrabant, 2016).

Dit houdt in dat deze soorten verstoord mogen worden, zonder dat daar vooraf een ontheffing 3 Faunaconsult, Flora- en fauna-inspectie op Dorpsstraat 11 te Loosbroek:, 25 februari 2022

9

voor is verkregen. Wel geldt altijd de Zorgplicht (artikel 1.11 Wnb); deze houdt in dat nadelige gevolgen voor dieren en planten altijd zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. Om aan de algemene zorgplicht te voldoen, moeten dieren die tijdens de werkzaamheden worden aangetroffen, zo snel mogelijk naar een aangrenzende locatie buiten het plangebied worden verplaatst. Algemene vogels Op de locatie komen mogelijk beschermde vogelnesten voor tijdens het broedseizoen. Het gaat om vogels waarvan het nest niet jaarrond wordt beschermd of als strenger beschermd wordt beschouwd. Hiervoor zijn maatregelen die negatieve effecten voorkomen wel verplicht. Verstoring van broedvogels en vernietiging van vogelnesten kan worden voorkomen door de vegetatie buiten de periode 15 maart – 15 juli (het broedseizoen van de meeste vogels) te verwijderen. Door naleving van deze maatregel worden ten aanzien van vogels geen overtredingen op de Wet natuurbescherming begaan. Wet natuurbescherming Het dichtstbijzijnde Natura2000-gebied betreft Vlijmens Ven, Moerputten en Bossche Broek, gelegen op een afstand van 13,8 kilometer van de locatie.

Als gevolg van onderhavig initiatief kan de emissie van stikstof vanuit het plangebied toenemen vanwege, in dit geval, het gebruik van de woning, het verkeer van en naar de woning, het oprichten van lichte bedrijvigheid met bijbehorend verkeer en het hobbymatig houden van vijf paarden. Door middel van het rekeninstrument AERIUS Calculator wordt de stikstofdepositie op Natura2000-gebieden als gevolg een initiatief berekend. Met de ingevoerde gegevens geeft AERIUS Calculator aan dat er geen sprake is van een toename van stikstofdepositie op omliggende Natura2000 gebieden (zie bijlage 2 van de toelichting). Gesteld kan worden dat er geen merkbaar c.q. negatief effect is te verwachten voor wat betreft stikstofdepositie ter plaatse van de Natura2000-gebieden door het initiatief. Water In totaal wordt circa 2.330 m2 aan verharding verwijderd. Daarnaast wordt circa 320 m2 aan nieuwe verharding opgericht (schuur 85 m2, stallen 65 m2 en 170 m2 erfverharding). Voor onderhavig plan betekent dat een watervolume van 320 m² * 0,06 mm = 19,2 m³ geborgen/geïnfiltreerd dient te worden. Het hemelwater wordt conform het beleid afgekoppeld van het rioleringsstelsel. Het is nog niet exact bekend hoe deze afkoppeling exact plaatsvindt.

Dit kan door middel van een open dan wel een gesloten infiltratievoorziening worden gerealiseerd in de vorm van een vijver, verlaging in het erf (wadi) of bijvoorbeeld door een grindkoffer of -krat. Bij de aanvraag omgevingsvergunning dient initiatiefnemer aan te tonen dat zij voldoen aan de gestelde voorwaarden. Met onderhavig initiatief wordt echter meer verharding verwijderd dan wordt toegevoegd. Doordat meer verharding wordt verwijderd dan toegevoegd heeft dit louter positieve effecten voor de waterhuishouding. Volksgezondheid Met de beoogde ontwikkelingen is geen sprake van het oprichten van nieuwe gevoelige objecten. Met onderhavig initiatief zijn geen negatieve effecten op het woon- en leefklimaat te verwachten. Er is en blijft binnen de locatie sprake van een goed woon- en leefklimaat. Hoogspanningslijnen In de directe nabijheid van de locatie zijn geen hoogspanningslijnen aanwezig of gepland. Kortom vormt de hoogspanningslijn geen belemmering voor onderhavig initiatief.

10

Spuitzones gewasbescherming Binnen 50 meter afstand van de locatie zijn geen fruitboomgaarden of andere bijzondere teelten die vragen om bijzondere besproeiing met gewasbeschermingsmiddelen. Binnen 50 meter zijn wel enkele akkerbouwvelden gelegen. Bij akkerbouw gaat het echter om lage teeltgewassen en dus een lage bespuiting met een beperkte verspreiding. Hierdoor kan men spreken over een aanvaardbaar woon- en leefklimaat binnen onderhavige locatie. Conclusie In het kader van deze vormvrije m.e.r.-beoordeling is in voldoende mate inzicht gekregen in de milieugevolgen van het oprichten van een kleine bedrijfskavel en het hobbymatig houden van paarden aan de Dorpsstraat 11 te Loosbroek. Het initiatief is relatief kleinschalig en heeft geen kenmerken die potentieel een risico op grote milieueffecten vormt. Uit deze beoordeling blijkt dat er geen onevenredige nadelige milieueffecten te verwachten zijn. Deze beoordeling geeft dan ook geen aanleiding of noodzaak voor het doorlopen van een formele m.e.r.-beoordelingsprocedure of m.e.r.-procedure. Gelet op het vorenstaande wordt op basis van deze aanmeldnotitie voorgesteld om te besluiten dat geen milieueffectrapportage nodig is.

11

Bijlage 2: Historische toets

Bijlage 3: AERIUS-berekening gebruiksfase

Projectberekening

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron

Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

Bureau Leefomgeving Schoolstraat 7, 5961EE Horst Dorpsstraat 11 Oprichten lichte bedrijvigheid en hobbymatig houden van paarden

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RyRNdgcbX7QL 10 maart 2022, 08:25 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar 2022

Resultaten

Hoogste depositie Hexagon 0,00 ha 0,00 ha 0,00 mol/ha/j 0,00 mol/ha/j

Situatie 1 - Beoogd Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

RyRNdgcbX7QL (10 maart 2022)

Emissie NH3 25,1 kg/j

Emissie NOx 5,4 kg/j Gebied

2/6

Projectberekening

Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen en Werken | Kantoren en winkels | opslagruimte / 1 Wonen werkplaats 3 Landbouw | Stalemissies | Paardenstal 5 Wonen en Werken | Woningen | Vrijstaande woning

 Verkeersnetwerk

RyRNdgcbX7QL (10 maart 2022)

Emissie NH3

Emissie NOx

-

1,4 kg/j

25,0 kg/j

-

-

3,0 kg/j

0,1 kg/j

1,0 kg/j

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn

Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RyRNdgcbX7QL (10 maart 2022)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Totaal

RyRNdgcbX7QL (10 maart 2022)

Berekend (ha Hoogste totale Met toename Grootste gekarteerd) depositie (ha gekarteerd) toename (mol/ha/jr) (mol/ha/jr)

0,00

0,00

0,00

0,00

Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol/ha/jr)

0,00

0,00

5/6

Projectberekening

Situatie 1, Rekenjaar 2022 1 Wonen en Werken | Kantoren en winkels Naam opslagruimte / Uittreedhoogte werkplaats Warmteinhoud Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele Variatie Standaard Profiel Industrie

11,0 m 0,014 MW

NOx

1,4 kg/j

5,0 m 0,000 MW

NH3

25,0 kg/j

3 Landbouw | Stalemissies Naam Paardenstal Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele Variatie Dierverblijven

Uittreedhoogte Warmteinhoud

DiersoortRAV-code - Omschrijving

BWL- Aantal Stof Emissiefactor ReductieEmissie code dieren (kg/dier/j)

K1.100 - overige  huisvestingssystemen (Paarden; Overig 5 volwassen paarden (3 jaar en ouder))

NH3 5

-

25,0 kg/j

5 Wonen en Werken | Woningen Naam Vrijstaande woning Uittreedhoogte Wijze van ventilatie Niet geforceerd Warmteinhoud Temporele Variatie Continue Emissie

1,0 m 0,000 MW

NOx

3,0 kg/j

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2021.0.4_20220217_5a8b67b7c6 Database versie 2021.0.4_5a8b67b7c6 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RyRNdgcbX7QL (10 maart 2022)

6/6

Bijlage 4: Watertoets

Digitale Watertoets Res ultaat van de check gedaan op 24-02-2022

Digitale watertoets De watertoets helpt u om aan de hand van de locatie van uw ruimtelijke plan en een aantal vragen te toets en of u de belangen van het Waters chap raakt. Indien dit het geval is krijgt u teks t en uitleg over het vervolg proces .

VOOR DE ACTIVITEIT DIGITALE WATERTOETS IS OP BASIS VAN DE GEGEVEN ANTWOORDEN NODIG: 1.

normale procedure

2.

Advies met betrekking tot materiaal gebruik

3.

Advies vers nelde afs troming hemelwater door toename verhard oppervlak

OP BASIS VAN ONDERSTAANDE LOCATIE

24-02-2022, 10:16

P agina 1 van 7

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets VRAGEN EN ANTWOORDEN UIT DE CHECK 1.

Houdt het plan uits luitend een interne functieverandering voor een gebouw in? Hierbij is ook geen s prake van een verhardings toename en/of afkoppeling van hemelwater. nee

2.

Is er s prake van een directe lozing van afvalwater op oppervlaktewater? nee

3.

Heeft het plan een verhardings toename van 500 m2 of meer tot gevolg? nee

4.

Wordt er binnen het plan 10.000 m2 of meer verharding afgekoppeld? nee

5.

Betreft het de bouw van minimaal 100 woningen en/of de (her)ontwikkeling van een bedrijventerrein? nee

6.

Is er s prake van een grondwateronttrekking (inclus ief drainage)? nee

7.

Wordt het geborgen water vertraagd afgevoerd op een watergang of op oppervlaktewater? nee

8.

Wordt hemelwater in dit plan verwerkt via een gemengd s tels el? nee

9.

Worden er inrichtings maatregelen getroffen ter verbetering van oppervlaktewaterkwaliteit? nee

10.

Ligt het plangebied nabij een A-watergang? nee

24-02-2022, 10:16

P agina 2 van 7

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets 11.

Ligt het plangebied in een bes chermd gebied Keur? nee

12.

Ligt het plangebied in een profiel van vrije ruimte? nee

13.

Ligt het plangebied in een gebied dat is aangewezen als regionale waterberging? nee

14.

Ligt het plangebied nabij een waterkering? nee

15.

Ligt het plangebied in een zone die is aangewezen als rivierbed? nee

16.

Ligt het plangebied in een ecologis che verbindings zone? nee

17.

Ligt het plangebied in een attentiegebied Keur? nee

18.

Ligt het plangebied in een res erverings gebied waterberging? nee

19.

Ligt het plangebied in een grondwaterbes chermings gebieden? nee

20.

Ligt het plangebied nabij een RWZ I? nee

21.

Ligt het plangebied nabij een rioolgemaal? nee

22.

Ligt het plangebied nabij een riooltrans portleiding? nee

24-02-2022, 10:16

P agina 3 van 7

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets 23.

Ligt het plangebied in een wijs tgebied? nee

24-02-2022, 10:16

P agina 4 van 7

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets DETAILS 1.

normale procedure Voor uw plan moet u de normale procedure volgen.

Wat moet ik doen? Bedankt voor het invullen van de Digitale Watertoets ! Uit de door u ingevoerde gegevens blijkt dat uw planvoornemen één of meerdere waterbelangen raakt. Vandaar dat wij graag meedenken over de voorgenomen ontwikkeling. Hieronder volgt een ops omming van de waterbelangen die in ieder geval met het plan zijn gemoeid. Wij verzoeken u om bij de bouw af te zien van het gebruik van uitlogende bouwmaterialen. Hiermee worden bijvoorbeeld zink en koper in daken, gevels , goten en leidingen bedoeld. U kunt contact met ons opnemen via planadvies @aaenmaas .nl Hier kunt u ook terecht met eventuele vragen of opmerkingen. Met vriendelijke groet, Team Planadvies van Waters chap Aa en Maas Let op! De Digitale Watertoets is een hulpmiddel om inzichtelijk te maken welke waterbelangen mogelijk s pelen in het plangebied. Vandaar dat dit automatis ch gegenereerde toets res ultaat niet gezien kan worden als vervanging van het watertoets proces of vrijs telling van een eventuele vergunnings - of meldings plicht op bas is van de Keur. Voor meer informatie m.b.t het vergunningverlenings proces kunt u contact opnemen met ons Waterwetloket via 073 – 615 83 33 of info@aaenmaas .nl Waters chap Aa en Maas s treeft ernaar om correcte en actuele informatie in deze applicatie aan te bieden. Aan het bes chikbaar ges telde kaartinformatie kunnen geen rechten worden ontleend.

Waters chap Aa en Maas aanvaardt geen aans prakelijkheid voor enige vorm van s chade naar aanleiding van het gebruik of de informatie die via deze applicatie bes chikbaar wordt ges teld. Wij verzoeken u om bij de bouw af te zien van het gebruik van uitlogende bouwmaterialen. Hiermee worden bijvoorbeeld zink en koper in daken, gevels , goten en leidingen bedoeld.

Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie

24-02-2022, 10:16

P agina 5 van 7

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets DETAILS 2.

Advies met betrekking tot materiaal gebruik Gebruik van uitlogende materialen

Wat moet ik doen? Wij verzoeken u om bij de bouw af te zien van het gebruik van uitlogende bouwmaterialen. Hiermee worden bijvoorbeeld zink en koper in daken, gevels , goten en leidingen bedoeld.

Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie

24-02-2022, 10:16

P agina 6 van 7

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets DETAILS 3.

Advies versnelde afstroming hemelwater door toename verhard oppervlak U voert het geborgen water vers neld af op een watergang of op oppervlaktewater.

Wat moet ik doen? De ontwikkeling dient te voldoen aan het principe van 'hydrologis ch neutraal ontwikkelen' (HNO). Dit wil zeggen: waar het verharde oppervlak toeneemt of verhard oppervlak wordt afgekoppeld van de riolering, dienen maatregelen te worden genomen om afs tromend hemelwater te verwerken. Algemeen dient te worden ges treefd naar het volgen van de trits 'hergebruiken-vas thouden-bergenafvoeren'. Verder dient vers nelde waterafvoer op het oppervlaktewaters ys teem te worden voorkomen. Indien de toename van het verhard oppervlak tus s en de 500 m2 en 10.000 m2 ligt kan de bergings opgave (in m3) met de Algemene Regels behorend bij de Keur van het waters chap worden berekend. Deze bergings opgave dient, in eers te ins tantie, binnen het plangebied te worden verwerkt. Als de toename van verhard oppervlak of het af te koppelen oppervlak meer bedraagt dan 10.000 m2 of als u geen gebruik wilt/kunt maken van de Algemene Regels heeft u een watervergunning nodig.

Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie

24-02-2022, 10:16

P agina 7 van 7

https://dewatertoets.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=00ab0dd1-966d-49ce-844c-56a4eced4606