Vaststellen bestemmingsplan Kamersche Hoef Heeswijk-Dinther
Tekst van het document
t
R€s,strst,enummer 72242 I 7?249
\ @::..".,. í
Raadsvoorstel D6rum vo.eaderine 26 september 2024
Agéndapunt
10
ondeee.p
VaststellenbestemmingsplanKamerscheHoefHeeswijk-Dinther
po.tèreu,rehouder wethouderEdwinDaandels Heesch, 16 juli 2024
lnleiding Op 15 augustus 2023 stemden wij in met het ontwerpbestemmingsplan 'Kamersche Hoef, Heeswijk-Dinthef voor het toevoegen van een nieuwe woonwijk met ca. 143 woningen aan de westrand van de kern Heeswijk-Dinther, ten noorden van de recente ontwikkeling 'Heeswijkse Akkers'. Het ontwerpplan lag van 24 augustus 2023 tot en met 4 oktobeí 2023 ter inzage. U bent via een NTI hierover geïnformeerd. ln de ter inzage periode ontvingen waj 4 zienswijzen over dit plan. Het vaststellen van het bestemmingsplan is de volgende stap in de procedure die door uw gemeenteraad genomen moet worden. Bestemmingsplan 'Kamersche Hoef, Heeswijk-Dinther' biedt een juridisch planologisch kader voor het toevoegen van een nieuwe woonwijk met ca. 143 woningen.
Cís,s- en Herstelwet De Crisis- en herstelwet (Chw) is op deze ontwikkeling van toepassing. Op grond van artikel 4.6 lnvoeringswet is het oude recht nog van toepassing op een ontweÍpbestemmingsplan dat voor 1 )anuati 20?4 ter inzage is gelegd. Het oude recht is zowel het procedurele als materiele recht dat voor 1 lanuati 2024 gold, dus in dit geval ook de Chw. Eerder is door uw college besloten om het gehele grondgebied van de gemeente door het Ministerie te laten aanwijzen als project in de zin van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (Dluma 42407 I 42408). Uw college hoeft daardoor hierop geen apart besluit te nemen. Voorstel
1. ln te stemmen met de nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen 'Kamersche
Hoef, Heeswijk-Dinther' en hieÍmee de zienswiizen ontvankelijk te verklaren en zienswijze 2 en 3 gedeeltelijk over te nemen en zienswijze 1 en 4 niet over te nemen; 2. ln te stemmen met de herbegrenzing van het stedelijk gebied voor een deel van het plangebied. 3. Het bestemmingsplan 'Kamersche Hoef, Heeswijk-Dinther' met IMRO-lDN NL.lMRO.1 721 BPKamerscheHoefHwD-vgO1 gewijzigd vast te stellen. 4. Voor het onder í. vastgestelde plan, geen exploitatieplan vast te stellen. .
Argumenten 1.1 de zienswijzen z|n ontvankelijk, waarvan 2 zienswizen leiden tot gedeeltelike aanpassing van het plan Het plan lag ter inzage van 24 augustus 2024 tot en met 4 oktober 2024. Binnen die termiln zijn 4 zienswijzen ingediend op 18,22 en 25 september en 3 oktober 2024. Deze voldoen aan de ontvankelÍkheidseisen. DaaÍmee zijn de zienswijzen ontvankelijk. De zienswijzen zijn samengevat en beantwoord in de bijgevoegde nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen. Het plan wordt gewijzigd vastgesteld.
1.2 Een omissie uit het bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze' wordt gerepareerd, het bestemmingsplan bevat een ambtshalve wijziging daartoe. Perceel Lariestraat 23-23a wordt gesplitst met het vooÍliggende bestemmingsplan en er wordt een 'specifieke vorm van wonen - beperkte inhoudsmaat' met maximaal 350m3 opgenomen vanwege een omissie en conform afspraak uit 2014 met de gemeente. Aír,vijkend van deze brief, en met instemming van de provincie, wisselen de aanduidingen en krijgt Lariestraat 23a de functieaanduiding 'specifieke vorm van wonen - beperkte inhoudsmaat'en LariestÍaat 23 de agrarische bedrijfsbestemming met één bedrijÍswoning. Hierdoor heeft een ambtshalve wijziging plaatsgevonden ten aanzien van de verbeelding en regels. 1.3 De bouwvlakken aan noord- en zuidzijde zijn niet even breed, het bestemmingsplan bevat een ambtshalve w|ziging daadoe. Nameting van beide grote vierkante bouwvlakken (met daarin uitsluitend rijwoningen) centraal in het plangebied laat zien dat beide bouwvlakken aan de noord- en zuidzijde niet even breed zijn. Gevolg hiervan is dat de beoogde noordelijke blokken met 10 rijwoningen in beide bouwvlakken net niet passen. Ook is het ongewenst dat de bouwvlakken niet evenwijdig lopen aan de grenzen van het bestemmingsvlak. Hierdoor heeft een ambtshalve wijziging plaatsgevonden ten aanzien van de verbeelding.
1.4 Een aantal bouwvlakken aan de noord- en westzíjde zijn verder naar voren gelegd, het bestemmingsplan bevat een ambtshalve wijziging daartoe. De voorste bouwgrens (=grens bouwvlak) aan de noordzijde van het meest zuidwestelijke bouwvlak en de voorste bouwgrenzen aan zowel de noord- als zuidzijde van het middelste bouwvlak aan de westzijde van het plangebied zijn iets verder naar voren gelegd. Daarbij is dezelfde afstand aangehouden tussen het bouwvlak en de grens van het bestemmingsvlak als bij het noordwestelijke bouwvlak is gehanteerd. Dit biedt de flexibiliteit naaÍ de toekomst om eventueel de patiowoningen en de twee-onder-één-kapwoningen om te wisselen. Hierdoor heeft een ambtshalve wijziging plaatsgevonden ten aanzien van de verbeelding. 1.5 de toets aan de Omgevingsvisie ontbreekt in het ontwerpbestemmingsplan, het bestemmingsplan bevat een ambtshalve wijziging daarloe. Het initiatief past binnen de Omgevingsvisie 2040. Voorliggend plan betreft de woningbouwontwikkeling 'Kamersche Hoef, Heeswijk-Dinther' waar binnen de planologische mogelijkheid wordt geboden voor de bouw van ca. 143 woningen aan de westrand van de kern Heeswijk-Dinther. Middels dit planvoornemen wordt hoofdzakelijk aangesloten bij de zaken zoals omschreven onder'leefbare kernen'.
De westelijke overgang van het woongebied naar het buitengebied wordt zorgvuldig vormgegeven met een brede groenzone en de ontwikkeling leidt niet tot aantasting van het bestaande landschap vanwege de verscholenheid achter bestaande bebouwingslinten. Daarnaast wordt het planvoornemen, omdat het conform de lnterim omgevingsverordening Noord-Brabant in het'landeliJke gebied'gesitueerd is, landschappelijk ingepast. Middels het opgestelde landschappelijke inpassingsplan,
2
bijgevoegd als bijlage 3, worden deze aspecten juridisch geborgd. Het plan past binnen de kaders van de 'Omgevingsvisie Bernheze 2040'.
2.1 Een herbegrenzing van het stedelijk gebied is nodig om de ontwikkeling mogeliik te maken Voor de realisatie van de Kamersche Hoef is een herbegrenzing nodig van de gebiedsaanduiding'landelijk gebied' naar'stedelijk gebied'door GS op de kaart bij de lnterim Omgevingsverordening. Op die manier kan de wijk worden gebouwd zonder de beperkingen die de IOV kent voor het bouwen van woningen in het landelijk gebied. Voordat het onderhavige bestemmingsplan kan worden vastgesteld, dient het besluit tot herbegrenzing van het stedelijk gebied te worden genomen. Het gehele plangebied ligt binnen de aanduiding 'verstedelijking afweegbaar'. De herbegrenzing moet door uw college tegelijkertild met het bestemmingsplan ter inzage worden gelegd. De herbegrenzing heeft meer specifiek betrekking op het gedeelte zoals op de verbeelding te zien is. 3.1 Het plan sluil zoveel mogeqk aan bij de Woonvisie
Het plangebied wordt begrensd door de bebouwingslinten HerpeÍsteeg, Lariestraat en Veldstraat. Aan de oostzijde grenst het plangebied aan de achterste en zijdelingse perceelsgrenzen van de woningen aan het Hopveld. De percelen in het plangebied zijn kadastraal bekend als gemeente Heeswijk-Dinther, nr's 244, 1.O88, 1.197 (deels), í.478 (deels), 2.477,2.493,2.494, ?.495, 2.619 , 2.620, 2 .621 en2.622. Binnen het plangebied wordt een flexibele regeling opgenomen die de bouw van ca. 143 woningen mogelijk maakt aan de westzijde van de kern Heeswijk-Dinther, ten noorden van het recent vastgestelde plan 'Heeswijkse Akkers'. ln de Woonvisie 202?-2026 is opgenomen dat er gemeentebreed een behoefte bestaat aan 1 .160 nieuwe woningen in de planperiode, waarvan 232 woningen zijn toebedeeld aan de kern Heeswijk-Dinther. De voorliggende ontwikkeling voorziet concreet in 143 nieuwe woningen en is opgenomen in het woningbouwprogramma van de gemeente Bernheze. Het initiatief dateert uit eind 20í 9 en destijds getoetst aan de Woonvisie ?017-2021 . Het college 23 juni 2O2O heeft ingestemd met de ontwikkeling van de locatie in ieder geval ondeÍ de volgende voorwaarden: Minimaal 5% CPO, minimaal 20% huur en minimaal 20% groen. Tussen 2020 en 2023 zijn diverse aanpassingen gedaan in het ontwerp en het programma om zo meeÍ aan te sluiten bij de huidige Woonvisie.
Daarnaast is het plan op 23 november 2022 ingebracht in het regionale aÍstemmingsoverleg en akkoord bevonden. Op navolgende stedenbouwkundige (proef)verkaveling is voorzien in 143 woningen in totaal, waarvan circa 60 o/o binnen het betaalbare segment valt (onder de NHc-grens).
3
I
,I
I
E
4
tr
n lf,'^t
\ \
t:
ty ty
L
r=
r I
L
I
C
o
& a Ia
ta a '
--al.l
I
U
ï!
-{JqJ_U
I
t
ET
l
,
I qnT I
o
ia
, -.
o Ll,
ttt
Ef,
4
\.J
tr
t
t
o
&e)
trt
it
§
7
uhtud
II
:\
o
I
&
t
I
I
L Ll LL, 1 LL,
,/r >/
I
I
---: L
I
t
)
I I
I
!r 1'
Om de nodige flexibiliteit te behouden, is het woningbouwprogramma niet in een keurslijf gegoten. Dat betekent dat binnen de bestemming 'Woongebied' niet alleen vrijstaande woningen gebouwd kunnen worden, maar ook twee-aaneengebouwde woningen, patiowoningen, aaneengebouwde woningen en (daar waar speciÍiek aangeduid) gestapelde woningen. Deze proefuerkaveling voorzièt in de bouw van de volgende woningen: 8 vrijstaande koopwoningen, 20 tweeaaneengebouwde koopwoningen, 10 patio(koop)woningen, 65 aaneengebouwde koopwoningen, 28 aaneengebouwde sociale huurwoningen en 12 benedenrbovenwoningen (sociale huurappartementen). Een deel van de koopwoningen zal ook door middel van (collectief) particulier opdrachtgeverschap gerealiseerd worden. ln totaal 143 woningen.
3.2 Het plan past binnen de kaders van de Gebiedsvisie Bebouwingsconcentraties
ln oktober 2021 is de gebiedsvisie bebouwingsconcentraties vastgesteld. Voor het plangebied is relevant dat het plangebied is aangeduid als'reeds geplande afronding dorpsrand', passend binnen de visie dat uitbreiding in westelijke richting mogelijk is, in de zone gelegen tussen de oude linten van de Veldstraat en de Lariestraat. De Herpersteeg is de westelijke grens van het plangebied en vormt daarmee de nieuwe landschappelijke rand van het westeli.,k gelegen buitengebied. ln de planvorming is uitdrukkelijk rekening gehouden met een brede landschappelijke zone aan deze westelijke rand van het plangebied. Doordat het plan een dorpse uitstraling krijgt, die passend is in de omgeving, sluit het plan aan biJ de uitgangspunten zoals die in de gebiedsvisie bebouwingsconcentraties voor het gebied tot uiting ziln gebracht. 3.3 Het plan past binnen de lnterim Omgevingsverordening van de provincie Omdat het hier om een bestemmingsplan onder de Wro gaat, wordt er nog getoetst aan de provinciale lnterim omgevingsverordening (lov). Het plangebied is in de lov gelegen in gebied'verstedelijking afweegbaar', direct aansluitend aan het bestaand stedelijk gebied. ln de lov is
zorgvuldig ruimtegebruik uitgangspunt. Dat betekent dat een stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen in beginsel plaatsvindt binnen Stedelijk gebied en dat de ruimte binnen Stedelijk gebied zo goed als mogelijk wordt benut. De aanduiding 'verstedelilking afweegbaaí'geeft aan dat het transÍormeren van buitengebied naar stedelijk gebied afweegbaar is als dat nodig is om in de stedelijke ruimtebehoefte te voorzien. De kern Heeswijk-Dinther heeft behoefte aan 240 nieuwe woningen in de periode tot 2021. Hel initiatief dateert uit eind 2019 en destijds getoetst aan de Woonvisie 2017-2021 . Het plan voorziet in de ontwikkeling van 143 woningen, waarmee wordt bijgedragen aan het vergroten van de woningvooíaad in de kern Heeswijk-Dinther. Het is niet mogelijk deze behoefte volledig op te vangen binnen bestaand stedelijk gebied. Als er binnen bestaand stedelijk gebied geen inbreidingsmogelijkheden zi.ln, dan kan worden gekeken naaí uitbreiding. ln dit verband wordt u ook gevraagd om in te stemmen met een voornemen tot het doen van een verzoek tot herbegrenzing van het stedelijk gebied in de IOV aan GS (zie onder 2.1). Uit de lov volgt verder dat het plan regionaal afgestemd moet worden. Dit is ook gebeurd. De provincie heeft in haar vooroverlegreactie de aandacht gevraagd voor o.a.
landschappelilke inpassing en er is gevraagd om een nadere onderbouwing van de voorwaarden voor een'duurzame stedelijke ontwikkeling'. De gemaakte opmerkingen zijn verwerkt en afgestemd met de provincie. 3.4 De toelichting toonl aan dat er sprake is van een goede ruímtelike ordening. Volgens de wet moet een bestemmingsplan voldoen aan een goede ruimtelijke ordening. Deze toets vindt plaats aan de hand van vastgesteld beleid op Rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Daar waar nodig volgt aanvullend onderzoek. Deze onderzoeken zijn als bijlage bij het ontwerpplan gevoegd. Samenvattingen en conclusies van deze onderzoeken zijn in de toelichting van het bestemmingsplan verwerkt. Het voorontwerp bestemmingsplan is opgenomen bijlage í . De meest relevante overwegrngen zijn:
Flexibiliteit: Qua woningbouw is het bestemmingsplan flexibel. EÍ worden ca. í43 woningen gerealiseerd. De bebouwing heeft een gevarieerd karakter, hetgeen tot uitdrukking komt in de maat, schaal en architectuur van de woningen. Er kunnen vrijstaande woningen, twee-aaneengebouwde woningen, rijtjeswoningen en patiowoningen worden gerealiseerd. Ook is er ruimte voor CPO. De flexibiliteit is nodig om in te kunnen spelen op de woonbehoefte waar de markt om vraagt op het moment van de realisatieíase. Laddor voor duurzame verstedelijking: Uitgangspunt van de ladder voor duurzame verstedelijking is dat inbreiding gaat voor uitbreiding. Voor onderhavig plan is gezocht naar geschikte inbreidingslocaties voor de ontwikkeling binnen bestaand stedelljk gebied. Voor een ontwikkeling van deze omvang zijn echter geen inbreidingslocaties voorhanden. Daarom is gekeken naar uitbreidingsmogelijkheden in de kernrandzone. Onderhavig plangebied is aan de meeste zijden omgeven door woonbebouwing en dat maakt de locatie geschikt om woningen toe te voegen. Het gebied is bovendien door de provincie aangewezen als'zoekgebied voor verstedelijking'. ln de gemeentelijke structuurvisie is het plangebied aangemerkt als'afronding dorpsrand'. Dit maakt de locatie ook beleidsmatig geschikt voor de uitbreiding. Bodem: Voor het plan is een bodemonderzoek uitgevoerd.
Op basis van het de onderzoeksresultaten van het asbest onderzoek bestaan er, vanuit milieu hygiënisch oogpunt gezien, belemmeringen ten aanzien van het gebruik van het teÍrein ter plaatse van de directe omgeving van het achterterrein aan de Lariestraat 21. Er dient nog een nader asbestonderzoek te worden uitgevoerd. De bodemkwaliteit is daar nu onvoldoende om vergunningen voor woningbouw te
6
kunnen verlenen. Vóór de vergunningverlening moet de bodem dus zijn gesaneerd. Ook de waterbodem ter plaatse van de in het plangebied gelegen sloot vormt belemmeringen ten aanzien de geplande baggeÍwerkzaamheden. Op basis van de onderzoeksresultaten kan het slib uit een deel van de watergang naet worden toegepast op de aangrenzende landbodem. Het slib zal moeten worden ontgraven en afgevoerd naar een erkend verwerker.
Gezondheid i.r.t. veehouderijen: Voor het plan is het stappenplan uit de Handreiking veehouderij en gezondheid 2.0 doorlopen. Hieruit blijkt dat er met betrekking tot de veehouderijen aan de Lariestraat 32, de Meerstraat 29, de Fokkershoek 4, de Lariestraat 36 en de Muggenhoek 1a aanvullend advies van de GGD noodzakelijk is. Voor de pluimveehouderij aan de Lariestraat 32 geldt tevens dat de advieswaarden met betrekking tot endotoxines voor een deel van het nieuwbouwplan wordt overschreden. Er zijn echter reeds een groot aantal bestaande woningen welke binnen deze richtafstand gesitueerd. Door de toename van het aantal bewoners binnen de risicocontour is aanvullend advies van de GGD gevraagd om de risico's waar mogelijk te verkleinen. Uit het advies blijkt dat er binnen het plan bewoners zijn die rond 600 m van een geitenhouderij komen te wonen. Bewoners binnen een straal van 2 km van een geitenhouderij lopen een veÈ hoogd gezondheidsrisico. Dit risico is het grootst binnen 500 m van de gèitenhouderij. Stemt de gemeente in met het ingediende initiatief, dan is het advies toekomstige bewoners in elk geval van het veÍhoogd risico op longontsteking op de hoogte te brengen. De gemeente zal hiervoor zorgdragen.
Watorhuishouding: Naar verwachting leidt tot het plan tot een toename van het verhard oppervlak met 24.516 m'?. Dit leidt tot een totaal aan verhard oppervlak van ca. 32.016 m'. Eí dient in het plangebied een wateÍbergingsvoorziening te worden gerealiseerd voor het bergen van 1.417 m3 hemelwater. Het plan is om primaire en secundaire wadi's te realiseren waarbij het hemelwater kan inÍiltreren of worden afgevoerd naar de bestaande sloougreppel ten zuiden van de planlocatie. De wadi's komen verspreid in het plangebied te liggen en zullen bovendien zodanig worden uitgevoerd dat zij bijdragen aan een positieve belevingswaarde van het gebied. Bij de ontwikkeling van het pro.iectgebied Heeswijkse Akkers, ten zuiden van het plangebied Kamersche Hoef, woídt deze watergang tevens aangepakt. Bij de verdere planuitwerking wordt aangesloten bij deze aanpassing aan de watergang en wordt gewaarborgd dat het uiteindelijk als één watersysteem functioneert zonder dat voor overlast of overbelasting van het totale systeem zorgt. De wadi's worden voldoende groot, zodat zij de waterbergingsopgave ruimschoots kunnen verwerken. Op de hierna opgenomen figuur is inzichtelijk gemaakt hoe de waterhuishouding wordt vormgegeven.
7
7///2xm..rlrtewadrt .
-.- , WaleÍtrrneo
-''.-.- j GÍ€ppGlrtÍuctuuí
B€tl...ldr rYateasarf,
-
Ouilaí
a
a
{àf, Ë--
t !
t
t
I
I
Stikstof: Op 2 november 2022 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak geoordeeld dat de bouwvrijstelling stikstof niet voldoet aan het Europese natuurbeschermingsrecht. Oe bouwvrijstelling hield in dat er bij de aanleg- en bouwactiviteiten geen Aeriusberekening aangeleverd hoefde te worden. Door de uitspraak is hier verandering in gekomen en is de vrijstelling komen te vervallen. VooÍ dit plan is een AeÍiusberekening opgesteld om de gevolgen van uitstoot van stikstof in kaart te brengen. Uit deze berekening blijkt dat er met de uitvoering van dit plan geen stikstofdepositie plaatsvindt op Natura 2000 gebieden. Verkoer en parkeren: OveÍ de Veldstraat zullen als gevolg van de planontwikkeling gemiddeld per weekdag 987 extra verkeersbewegingen plaatsvinden. Dit extra verkeer wordt ontsloten op de Veldstraat. Wel is het zo dat ten oosten van de u-vormige ontsluiting van het plangebied een knip komt voor snelverkeer. Met deze flankerende maatregel wordt voorkomen dat de Veldstraat woÍdt benut door doorgaand (sluip)verkeer. Dit betekent in de praktijk dat het verkeer dat van het plangebied naaÍ het dorp wil rijden, via de nieuwe doorsteek in de nog te realiseren wijk 'Heeswijkse Akkers'richting de Hoofdstraat en zo verder naar het centrum kan rijden.
Uitgaande van de maximale mogelijkheden (143 woningen) genereert het plan een parkeerbehoefle van 254 plaatsen, die binnen het plangebied worden aangelegd.
8
3.5 lnitiatiefnemer en opvolgend eigenaren accepteren een eventueel gezondheidsrisico als gevolg van de liggíng bínnen een straal van 2km van een geitenhouderij. Binnen een straal van 2km van een geitenhouderij is er een verhoogd risico voor de volksgezondheid. Uit onderzoek is nog niet gebleken waar dit aan te wijten is. De provincie volgt de lijn uit het VGO2 - 03 en geeft aan dat de gemeentes een afweging moeten maken over het toevoegen van functies binnen deze straal van 2km. lnitiatiefnemer is bekend met het in VGO-3 genoemd gezondheidsrisico, i.c. het verhoogd risico op longontsteking. Initiatiefnemer accepteert dit risico en neemt hier volledige verantwooÍdelijkheid voor. ln de toelichting van voorliggend bestemmingsplan is hier aandacht aan besteed. Tevens wijst initiatiefnemer evt. opvolgend koper(s) op dit risico door een kettingbeding in de koopovereenkomst. 4.1 Hel verhaal van kosten is anderszins verzekerd Op grond van artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is de gemeente verplicht om kosten te verhalen voor gronden waarop een zogenaamd aangewezen bouwplan wordt gerealiseerd. ln aÍtikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) worden deze bouwplannen gènoemd. Onderhavig plan wordt aangemerkt als een bouwplan in de zin van art. 6.2.1 Bro.
Dit betekent dat het college een exploitatieplan dient vast te stellen, tenzij het verhaal van de kosten van de grondexploitatie over de in het bestemmingsplan begrepen grond anderszins is verzekerd in de zin van art. 6.12 sub a Wro. Er is in de ontwerpfase een overeenkomst gesloten. Er wordt hiermee voldaan aan de in de Grondexploitatiewet gestelde eis dat het kostenverhaal anderszins is verzekeÍd en hoeft geen exploitatieplan te worden vastgesteld.
Risico's De exploitatiebijdíage is gebaseerd op een raming. De kostenraming is gemaakt op basis van een inschatting van de werkzaamheden die in het openbaar moeten worden uitgevoeÍd in verband met deze ontwikkeling. Hoewel de raming met de grootste zorgvuldigheid is opgesteld, is het altijd mogelijk dat de werkelijke kosten hoger of lager uitvallen. WanneeÍ de kosten hoger uitvallen is dit een tegenvaller voor de gemeente.
Kosten on dekking Alle kosten komen voor rekening van de initiatiefnemer en worden verhaald via de anterieure overeenkomst. Ook het verhalen van eventuele planschade woÍdt in deze overeenkomst geregeld. De opbrengsten uit de verkoop van de kavel komen ten gunste van exploitatie gronden (6003010). Deze opbrengsten zijn eerder niet begroot en zullen worden meegenomen bij de actualisatie t.b.v. de 2de tussentijdse rapportage 2024. De nabetalingsverplichting komt eveneens ten laste van exploitatie gronden (60030'10).
Vervolg Het vaststellingsbesluit publiceren wij uiterlijk zes weken na de feitelijke vaststelling. Het bestemmingsplan leggen wij aansluitend gedurende een periode van zes weken ter inzage. ln deze periode kan beroep worden ingesteld bij de Raad van State. Het besluit treedt in werking daags na afloop van de beroepstermijn, tenzij naast beroep ook een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend. Verder wordt het vastgestelde plan aangeboden aan belanghebbende instanties. Het bouwrijp maken van het plangebied respectievelijk de start bouw woningen vindt niet eeÍder plaats dan nadat het bestemmingsplan in werking is getreden. Een eventueel verzoek om voorlopige voorziening vertÍaagt het proces.
-9-
Bijlago(n):
De bijlage(n) zijn digitaal beschikbaar Bestemmingsplan 'Kamersche Hoef, Heeswijk-Dinther' inclusief bijlagen, (Toelichting en Regels O172247 , Verbeelding O172245, Bi)lage O172246') Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen (D172244) Notitie ter informatie (D|40241). Raadsbesluit vaststelling bestemmingsplan 'Kamersche Hoef, Heeswi.ik-Dinther' (Dt72251].
Burgemeester en wethoudeÍs,
r
Hu
secretaris
t. o' NS
bu
-10-