Vast te stellen bestemmingsplan 'Denneboomstraat ong, Heesch' - Bijlage T3 Quickscan Flora Fauna
Tekst van het document
RAPPORT QUICKSCAN FLORA EN FAUNA LOCATIE DENNEBOOMSTRAAT ONG. TE HEESCH GEMEENTE HEESCH, SECTIE D, NUMMER 3464
PROJECT: N222720
VERANTWOORDING Titel
QUICKSCAN FLORA EN FAUNA DENNEBOOMSTRAAT ONG. TE HEESCH
Opdrachtgever
Pittiger in Planologie Verwestraat 32 5491 BZ SINT OEDENRODE
Rapportnummer
N222720
Versie
2
Datum
22 september 2022
NIPA milieutechniek b.v. Landweerstraat – Zuid 109 5349 AK Oss
tel. +31 (0)412 – 65 50 58 www.nipamilieu.nl info@nipamilieu.nl
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/2
INHOUDSOPGAVE VERANTWOORDING ________________________________________________________________ 2 1
INLEIDING _____________________________________________________________________ 4
2
WETTELIJK KADER ______________________________________________________________ 5
3
2.1
WET NATUURBESCHERMING ______________________________________________________ 5
2.2
GEBIEDSBESCHERMING __________________________________________________________ 5
LOCATIEGEGEVENS _____________________________________________________________ 7 3.1
ALGEMEEN __________________________________________________________________ 7
3.2
OMGEVING _________________________________________________________________ 7
4
DOELSTELLING _________________________________________________________________ 9
5
QUICKSCAN __________________________________________________________________ 10
6
5.1
BIOTOOPTYPEN ______________________________________________________________ 10
5.2
INVENTARISATIEGEGEVENS VANUIT DE OMGEVING_______________________________________ 10
5.3
EFFECTEN INGREEP OP FLORA EN FAUNA _____________________________________________ 15
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ________________________________________________ 17
Bijlage 1 2 3 4 5
Situering in de regio Kadastrale kaart Gegevens Natuurloket Checklist vooronderzoek vleermuizen Fotobijlage
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/3
1
INLEIDING Pittiger in Planologie heeft, in verband met het bouwrijp maken van een perceel aan de Denneboomstraat te Heesch, aan NIPA milieutechniek b.v. te Oss opdracht gegeven voor het uitvoeren van een quickscan met betrekking tot het voorkomen van beschermde flora en fauna ter plaatse. De contactpersoon namens de opdrachtgever is
. De werkzaamheden bij NIPA
milieutechniek b.v. zijn gecoördineerd door
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/4
2
WETTELIJK KADER 2.1
Wet natuurbescherming
De Wet natuurbescherming deelt soorten in drie beschermingsregimes in: 1.
Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn. Dit zijn alle van nature in Nederland in het wild levende vogels (§3.1 van de wet).
2.
Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn. Dit zijn soorten die genoemd zijn in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn, Bijlage I en II van het Verdrag van Bern en Bijlage II van het Verdrag van Bonn. In de Bijlagen van de Verdragen van Bern en Bonn worden ook vogels genoemd (§3.2 van de wet).
3.
Beschermingsregime andere soorten. Dit zijn soorten die genoemd zijn in de bijlage van de Wet natuurbescherming. Het gaat hier om de bescherming van zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen, kevers (onderdeel A van de bijlage) en vaatplanten (onderdeel B van de bijlage) voorkomend in Nederland (§3.3 van de wet).
Onder de Wet natuurbescherming geldt een zorgplicht voor alle in het wild levende dieren en planten. Volgens de zorgplicht dienen er, in redelijkheid, zo veel mogelijk maatregelen genomen te worden om onnodige schade aan dieren en planten te voorkomen.
De Wet natuurbescherming maakt invulling van de wet door provincies mogelijk, hiertoe kunnen provincies een eigen invulling geven aan de bescherming van soorten. Dit is door de provincie NoordBrabant geregeld in de interim omgevingsverordening Noord-Brabant, geconsolideerd op 15 april 2022. 2.2
Gebiedsbescherming
Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. Onder Natura 2000-gebieden vallen de gebieden die op grond van de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn zijn aangewezen/ aangemeld. De Europese Unie heeft deze twee richtlijnen vastgesteld die moeten zorg dragen voor de bescherming van de belangrijkste Europese natuurwaarden: de Vogelrichtlijn uit 1979 en de Habitatrichtlijn uit 1992. Hoewel het om twee afzonderlijke richtlijnen gaat, worden ze vanwege hun overeenkomsten vaak in één adem genoemd. Men spreekt dan over de ‘Vogel- en Habitatrichtlijn’. De Europese Unie heeft alle Vogel- en Habitatrichtlijngebieden ondergebracht in een samenhangend netwerk ‘Natura 2000’. Bij de bescherming van Natura 2000-gebieden staan de habitattypen, habitatrichtlijnsoorten en kwalificerende vogelsoorten waarvoor instandhoudingsdoelstellingen gelden centraal.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/5
De wet biedt verschillende instrumenten om deze instandhoudingsdoelstellingen te realiseren: • Het treffen van instandhoudingsmaatregelen. • Het treffen van passende maatregelen om te voorkomen dat de kwaliteit van habitats verslechterd of soorten verstoord worden. • Beoordelingsplicht voor plannen, projecten en andere handelingen die kunnen leiden tot (significante) verslechtering of significante verstoring van Natura 2000-gebieden. Voor projecten en andere handelingen geldt daartoe een vergunningplicht.
Het is verboden zonder vergunning een project uit te voeren dat -gelet op de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied- de kwaliteit van de natuurlijke habitats of habitats van soorten in dat gebied kan verslechteren of een significant verstorend effect kan hebben op de soorten waarvoor dat gebied is aangewezen (art 2.7 lid 2). Wanneer het een project betreft dat niet direct verband houdt met, of nodig is voor het beheer van een gebied, en dat afzonderlijk of in cumulatie significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied, wordt de vergunning niet verleend nadat uit een passende beoordeling is gebleken dat de natuurlijke kenmerken van het gebied niet worden aangetast (art 2.7 lid 3 onder a en art 2.8 lid 1). Een uitzondering is een project dat een herhaling of voortzetting is van een ander project, of deel uitmaakt van een ander plan, waarvoor al een passende beoordeling is gemaakt en een nieuwe passende beoordeling geen nieuwe gegevens of inzichten op kan leveren (art 2.8 lid 2).
De vergunning voor een project wordt alleen verleend wanneer zeker is dat de natuurlijke kenmerken van het gebied niet zullen worden aangetast en de instandhoudingsdoelstellingen niet in gevaar worden gebracht, dit geldt ook voor externe werking. Hiervan mag alleen worden afgeweken wanneer alternatieve oplossingen voor het project ontbreken en wanneer sprake is van dwingende redenen van groot openbaar belang. Bovendien moet voorafgaande aan het toestaan van een afwijking zeker zijn dat alle schade gecompenseerd wordt (de ADC-toets) (art 2.8 lid 4).
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/6
3
LOCATIEGEGEVENS 3.1
Algemeen
Het voornemen bestaat om een braakliggend terrein bouwrijp te maken voor de realisatie van een woonhuis met siertuin en de benodigde infrastructuur. De onderzoekslocatie staat kadastraal bekend als gemeente Heesch, sectie D, nummer 3464.
Figuur 1: onderzoekslocatie.
De situering van de onderzoekslocatie in de regio is weergegeven in bijlage 1. Het locatieoverzicht is opgenomen als bijlage 2. 3.2
Omgeving
De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied van Heesch van Lith. De directe omgeving van de locatie bestaat voornamelijk uit boerenerven en landbouwgrond. Ten noorden van de locatie ligt Heesch. Binnen 10 kilometer van de onderzoekslocatie zijn geen gebieden gelegen die zijn aangewezen als Natura 2000 gebied (figuur 2). Gezien de kleinschaligheid van het bouwproject worden geen nadelige effecten op verder gelegen gebieden verwacht.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/7
Figuur 2: nabij gelegen Natura2000 gebieden.
De locatie valt niet binnen de natuurbeheergebieden van de Provincie Noord-Brabant of binnen het NatuurNetwerk Brabant (figuur 3). Circa 340 meter ten zuiden is een gebied gelegen dat is aangewezen als houtwal en houtsingel (L01.02). Circa 650 en 830 meter ten zuidoosten zijn gebieden gelegen die zijn aangewezen als poel en kleine historische wateren (L01.01), houtwal en houtsingel (L01.02), laan (L01.07), vochtig hooiland (N10.02), kruiden- en faunarijk grasland (N12.02), dennen-, eiken- en beukenbos (N15.02) en droog bos met productie (N16.03). Gezien de afstand en de aard van de ingreep worden als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling geen negatieve effecten verwacht op de meest nabijgelegen natuurgebieden.
Figuur 3: Natuurbeheertypen en Natuur Netwerk Brabant (NNB).
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/8
4
DOELSTELLING Het onderzoek heeft tot doel vast te stellen of de geplande ingrepen van invloed zijn op beschermde soorten en/of bij de ontwikkeling van het perceel rekening gehouden dient te worden met deze soorten.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/9
5
QUICKSCAN 5.1
Biotooptypen
De quickscan bestaat uit het vaststellen van welke beschermde soorten in het plangebied aanwezig kunnen zijn. De quickscan is op 31 augustus 2022 uitgevoerd. Het locatiebezoek is uitgevoerd door de afgestudeerd als bioloog aan de WUR. In bijlage 5 zijn foto’s van het locatiebezoek opgenomen.
De onderzoekslocatie bestaat uit een braakliggend terrein met hoog gras. Op de grenzen van het terrein staan meerdere bomen. Op de oostelijke en westelijk perceelgrens staat een bomenrij. De westelijke bomenrij bestaat uit coniferen, de oosterse bestaat uit een mengeling van loofbomen en vruchtdragende struiken (rozenbottels, Amerikaanse vogelkers). Aan de zuidgrens staan twee Amerikaanse eiken en twee zomereiken met ertussen een greppel. Op de noordelijke perceelgrens stonden ook coniferen echter is de meerderheid hiervan 2 jaar geleden gerooid. Van de gerooide bomen zijn een jaar gelden vier stapels gemaakt. Bij de stapels zijn meerdere sporen aangetroffen van konijnen in de vorm van holen en fecaliën. In het hoge gras zijn vele wissels, hazenlegers, gangen en holen van muisachtigen en fecaliën van de das en mogelijk de bunzing aangetroffen. Ook is er in de noordwestelijke hoek een braakbal van een steenuil aangetroffen en zit er in de westelijke bomenrij mogelijk een plukplaats van een roofvogel, waar meerdere braakballen botten en vleugels lagen. Tijdens het locatiebezoek is meerdere malen de roep van een roofvogel nabij de onderzoekslocatie gehoord. In een van de hoge coniferen in de noordoostelijke hoek is een nest waargenomen. Onduidelijk was of dit ook daadwerkelijk een roofvogelnest is.
Ten zuiden tegenover de onderzoekslocatie is een maisakker gelegen waar wissels uit komen. 5.2
Inventarisatiegegevens vanuit de omgeving
De inventarisatiegegevens vanuit de omgeving zijn opgevraagd via quickscanhulp.nl dat door het natuurloket is opgesteld. Binnen een straal van 0-1 kilometer van de onderzoekslocatie zijn bij inventarisaties de volgende soorten vanuit de Habitatrichtlijn waargenomen:
Amfibieën (-) Uit de gegevens van de NDFF blijkt dat op en in de omgeving van de onderzoekslocatie geen beschermde amfibieën zijn waargenomen. Op een afstand van 1 tot 5 kilometer van de planlocatie zijn de alpenwatersalamander, bastaardkikker, heikikker, kamsalamander, poelkikker, rugstreeppad en vinpootsalamander waargenomen. Op of nabij de onderzoekslocatie ontbreekt geschikt voortplantingswater voor de genoemde soorten. De betreffende soorten zijn hierdoor uit te sluiten.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/10
De rugstreeppad is nabij de onderzoek waargenomen. Deze soort staat bekend als een echte pionierssoort omdat ze een voorkeur heeft voor primaire stadia van de ecologische successie. Veel ingrepen van de mens kunnen als zodanig worden aangemerkt, van bouwterreinen tot afgravingen en net gegraven poelen en sloten. De rugstreeppad heeft een hekel aan hogere begroeiing, omdat deze het zonlicht weg vangt. Dat tijdelijke poelen worden gebruikt als kraamkamer voor het nageslacht. Uit de gegevens van de nationale databank Flora en Fauna is de rugstreeppad nabij de onderzoekslocatie waargenomen. Geadviseerd wordt om de vorming van tijdelijke plassen en poelen te voorkomen tijdens de geplande werkzaamheden. Dit voorkomt dat deze soort in deze tijdelijke plassen eieren af kan zetten. Insecten (-) Uit de gegevens van de NDFF blijkt dat op en in de omgeving van de onderzoekslocatie geen beschermde insecten zijn waargenomen. Op een afstand van 1 tot 5 kilometer van de planlocatie zijn de grote vos, iepenpage, beekrombout en teunisbloempijlstaart waargenomen. De grote vos komt voor in vochtige, open bossen, bosranden, boomgaarden en andere plekken met grote vrijstaande bomen. Ook zwervende individuen worden vooral in een bosrijke omgeving gevonden. Vooral de iep wordt als waardplant gebruikt, maar ook de zoete kers en sommige wilgensoorten.
Door het ontbreken van geschikt habitat en waardplanten is deze soort uit te sluiten binnen de onderzoekslocatie. De beekrombout is afhankelijk van oppervlaktewater. Doordat dit niet aanwezig is binnen de onderzoekslocatie is deze soort hier uit te sluiten. De teunisbloempijlstaart is afhankelijk van het wilgenroosje, de bastaard wederik en de kattenstaart als waardplant en leeft in open plekken van vochtige bossen en aan bosranden. Gezien de ligging van de locatie, het ontbreken van bosgebied en waardplanten is deze soort uit te sluiten. Reptielen (-) Uit de gegevens van de NDFF blijkt dat in de directe omgeving (0-1 km) van de onderzoekslocatie geen reptielen zijn geregistreerd. Op een afstand van 1 tot 5 kilometer van de planlocatie zijn de hazelworm, levendbarende hagedis en muurhagedis waargenomen. De habitat van de hazelworm bestaat uit vochtige, begroeide omgevingen met een strooisellaag waarin het dier kan schuilen en jagen. De hazelworm is voornamelijk te vinden in bossen op open plekken, bosranden en houtwallen. Een belangrijke voorwaarde die gesteld wordt is de aanwezigheid van schuilplaatsen, zoals houtstapels of dichte bodemvegetatie. Door het ontbreken van vochtige delen op het terrein is deze soort hier uit te sluiten. De waarnemingen komen zeer waarschijnlijk van de Herperduinen waar wel geschikt gebied gelegen is.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/11
De levendbarende hagedis heeft heide en hoogveen als voorkeurshabitat. Door het ontbreken hiervan is deze soort binnen de onderzoekslocatie uit te sluiten. De muurhagedis is een warmteminnende soort en komt in ons land uitsluitend in Maastricht voor. Verspreid over de rest van Nederland zijn de afgelopen 20 jaar individuen uitgezet. Aangezien sprake is van geïsoleerde individuen of maximaal enkele exemplaren is geen sprake van een levensvatbare populatie en kan het voorkomen van de muurhagedis binnen het plangebied worden uitgesloten. Vaatplanten (-) Uit de gegevens van de NDFF blijkt dat in de directe omgeving van de onderzoekslocatie geen beschermde vaatplanten zijn geregistreerd. Op een afstand van 1 tot 5 kilometer van de planlocatie zijn de kartuizer anjer en kluwenklokje waargenomen. Kartuizer anjer staat op zonnige, warme en droge, matig voedselarme en uitgesproken stikstofarme, basenrijke en vaak kalkhoudende grond (al of niet lemig zand en mergel) en ook op stenige plaatsen). Ze groeit in schrale- en kalkgraslanden, in bosschages langs bermen en dijken en op leisteenhellingen en zandsteenrotsen. Kartuizer anjer is waarschijnlijk zeer sterk achteruit gegaan door bemesting. Gezien de ligging en het voormalig gebruik van het veld als paardenweide, is de grond niet stikstofarm. Hierdoor is deze soort hier uit te sluiten.
Kluwenklokje komt oorspronkelijk in Nederland in het wild voor langs de rivieren en is verder bekend uit Zuid-Limburg. De natuurlijke groeiplaats is op zonnige en matig vochtige bodem van kalk- of humus houdend zand, klei of leem. De plant kan tegen lichte bemesting en begrazing. Verder wordt Kluwenklokje genoemd als zeer zeldzame blauwgraslandplant. Gezien de onderzoekslocatie voornamelijk uit bemeste grond bestaat is deze soort hier uit te sluiten. Ook tijdens het veldbezoek is er geen beschermde vaatplantsoorten waargenomen. Vissen (-) Uit de gegevens van de NDFF blijkt dat op en in de omgeving van de onderzoekslocatie geen beschermde vissen zijn geregistreerd. Op een afstand van 1 tot 5 kilometer van de planlocatie zijn de grote modderkruiper waargenomen. Door het ontbreken van geschikt oppervlaktewater zijn deze en andere vissoorten binnen het plangebied uit te sluiten. Vogels (boomvalk, buizerd, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, havik, huismus, kerkuil, ransuil, sperwer, steenuil) Op een afstand van 1 tot 5 kilometer van de onderzoekslocatie zijn de ooievaar, roek, slechtvalk, wespendief en zwarte wouw waargenomen.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/12
Van de genoemde soorten zijn de gierzwaluw, de huismus, de kerkuil en de steenuil voor hun nest (deels) gebonden aan gebouwen. Door het ontbreken van bebouwing zijn nesten van deze soorten uit te sluiten. In de noordwestelijke hoek van de onderzoekslocatie is een nest aangetroffen in een van de hoogste coniferen. Enkele meters ten oosten hiervan is één braakbal van een steenuil (inhoud zand en kevers) en ten zuiden zijn braakballen en een plukplaats van een andere roofvogel aangetroffen (vleugel van een vogel en inhoud braakballen op takken bestaand uit stukjes bot). Het nest kan door een roofvogelsoort gebruikt worden. Voor de overige vogelsoorten zijn binnen de planlocatie geen nestmogelijkheden aanwezig. Gezien de ligging in het buitengebied van Heesch en de vele sporen van muis- en haasachtige is de onderzoekslocatie geschikt als foerageergebied voor roofvogels. In de omgeving zijn echter voldoende vergelijkbare gebieden aanwezig. Er is geen sprake van essentieel foerageergebied. Vleermuizen (gewone dwergvleermuis) Op een afstand van 1 tot 5 kilometer van de onderzoekslocatie zijn de franjestaart, gewone grootoorvleermuis, grijze grootoorvleermuis, kleine dwergvleermuis, laatvlieger, meervleermuis, rosse vleermuis en ruige dwergvleermuis waargenomen. De gewone dwergvleermuis, kleine dwergvleermuis en laatvlieger zijn gebouwbewonende vleermuizen.
Door het ontbreken van bebouwing binnen de onderzoekslocatie zijn verblijfplaatsen voor deze soorten uit te sluiten binnen de onderzoekslocatie. De rosse vleermuis is een boombewoner. De overige soorten kunnen zowel in bomen als in gebouwen voorkomen. In de bomen rondom de onderzoekslocatie zijn geen gaten of scheuren aangetroffen waarin vleermuizen kunnen verblijven. Bij niet alle bomen was deze inspectie volledig, echter was bij deze bomen de bladkroon zo dicht dat vleermuizen geen vrije aanvliegroute hebben naar eventuele verblijfplaatsen in de stam. Hierdoor zijn verblijfplaatsen van boombewoonende vleermuissoorten uit te sluiten. De onderzoekslocatie is gezien de ligging en open structuur geschikt als foerageergebied. De westelijke bomenrij vormt een lijnvormig element wat mogelijk gebruikt kan worden als migratieroute voor vleermuizen.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/13
Zoogdieren (das, eekhoorn, egel) Op een afstand van 1 tot 5 kilometer van de onderzoekslocatie zijn de bunzing, haas, konijn, rosse woelmuis, steenmarter en wezel waargenomen. Van deze soorten zijn de egel, haas, konijn, rosse woelmuis in Noord-Brabant vrijgestelde soorten. De das leeft in allerlei soorten biotopen, met een voorkeur voor kleinschalig akker- en weidelandschap met verspreide bosjes, heggen en houtwallen. Tijdens het locatie bezoek is er geen burcht aangetroffen. Gezien de ligging van het plangebied, de aanwezige voedselbronnen (mais, insecten, rozebottel, kersen, noten en vlier) en fecaliën die mais bevatten is de das hier niet uit te sluiten. Waarschijnlijk is het gebied onderdeel van een foerageergebied van een das en een migratieroute. N.B. is er op 1,7 kilometer ten zuidoosten recent (april 2022) een dode das aangetroffen. De eekhoorn komt voor in loofbos, naaldbos of gemengd bos maar ook in tuinen, parken en houtwallen in de buurt van bos omdat daar meer voedsel en nestgelegenheid is. Mits er voldoende voedsel beschikbaar is, komen ze ook in bebouwd gebied. Gezien de ligging, de aanwezigheid van voldoendevoedsel en nestgelegenheid is deze soort niet uit te sluiten van het plangebied. De egel heeft een breed scala aan verblijfsruimtes en legt per nacht een paar kilometer af waardoor ze derhalve niet plaatsgebonden zijn.
Op de locatie is geen spraken van een essentieel leefgebied gezien er voldoende soortgelijk gebied in de directe omgeving aanwezig is. Daarbij is de egel bij ruimtelijke ontwikkelingen in Noord-Brabant een vrijgestelde soort. Van de genoemde soorten zouden kleine marterachtigen (bunzing, steenmarter en wezel) binnen de planlocatie voor kunnen komen. Als rust- en verblijfplaats voor kleine marterachtigen worden aangemerkt: • holen • houtstapels • hole bomen • mollennesten • drainagepijpen • takkenrillen • hooi- en strobalen • stapels stenen en puin • gaten en holten • schuurtjes, stallen, kelders en hooizolders Waarbij deze goed geïsoleerd/beschut moeten zijn om onderkoeling te voorkomen. Bij de keuze voor een locatie voor de rustplaatsen is het van belang dat de in- en de uitgang van de rustplaats dekking biedt en in verbinding staat met lijnvormige groene elementen zodat de rustplaats veilig kan worden bereikt. De foerageergebieden zijn hoofdzakelijk struwelen, bosranden en groene oevers. Op de onderzoekslocatie liggen enkele takkenstapels. Alhoewel het terrein ten tijde van het veldbezoek sterk
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/14
begroeid is met hoogstaand gras wat voldoende beschutting biedt, is er geen beschutting in de winter maanden. Dit is noodzakelijk voor de wezel die ook in de wintermaanden actief is waardoor de locatie voor deze soort ongeschikt is. Tijdens het veldbezoek zijn er fecaliën aangetroffen die van de bunzing of steenmarter kunnen zijn. Daarbij is er voldoende beschutting en voedsel aanwezig binnen de onderzoekslocatie. Het is zeer waarschijnlijk dat de onderzoekslocatie onderdeel is van het foerageergebied van de bunzing en steenmarter. Doordat de takken stapels niet compact en erg laag zijn bieden deze onvoldoende beschutting als (tijdelijke) verblijfplaatsen. De haas heeft een voorkeur voor kleinschalig gras- en bouwland, open veld als akkers en weilanden maar komt ook wel voor in open bos, heide en kwelders. In dichtbevolkte gebieden komt de soort weinig voor. Hazen bewonen bosranden, windkeringen, ruigtezomen en onder heggen. Tijdens het veldbezoek zijn er enkele hazenlegers en fecaliën van hazen aangetroffen op het zuidelijke deel van de onderzoekslocatie. Konijnen leven in holen en hebben daarom een voorkeur voor zandige bodems waarin het makkelijk graven is. Ze prefereren halfopen landschappen zoals perken, tuinen en bosranden en mijden vochtige terreinen zoals moeras en veen of zware klei, omdat ze daarin geen holen kunnen graven.
Rondom de takkenstapels in het noordelijk deel van de onderzoekslocatie zijn meerdere konijnen holen en fecaliën in latrines aangetroffen. Hierdoor is het konijn niet uit te sluiten binnen de onderzoekslocatie. De rosse woelmuis leeft bij voorkeur in loof- en gemengd bos met daaronder een struik- of kruidlaag, maar hij komt ook voor in jonge aanplant en in naaldbos. Ook leeft hij in houtwallen, heggen, bosranden en parken. Gezien dit niet op de onderzoekslocatie aanwezig is, kan deze soort worden uit gesloten binnen de onderzoekslocatie. 5.3
Effecten ingreep op flora en fauna
De onderzoekslocatie biedt momenteel als (potentieel) foerageergebied voor roofvogels, vleermuizen, das, eekhoorn, bunzing, steenmarter, konijn en haas. Daarbij dient de bomenrij aan de perceelgrenzen ook als migratieroute voor de vleermuis en das. Doordat er maar een relatief klein gedeelte van het totale perceel bebouwd wordt en de bomen op de grenzen van het perceel behouden blijven zullen deze migratieroutes en foerageergebieden niet verloren gaan. De onderzoekslocatie biedt (potentieel) als foerageergebied voor de das, bunzing en steenmarter. Doordat een klein deel van het perceel bebouwd wordt en de bomen op de grenzen van het perceel behouden blijven, zal een groot gedeelte van het foerageergebied en mogelijke migratieroutes niet verloren gaan. Daarbij zijn marterachtigen redelijk flexibel met hun migratie routes. Doordat de takkenstapels erg laag en niet compact zijn, zijn deze niet geschikt als verblijfplaatsen.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/15
De onderzoekslocatie wordt door de haas, konijn en mogelijk de egel gebruikt als verblijfplaats, door de bouw van het woonhuis zal een deel van de ze verblijfplaatsen verloren gaan. Echter zijn deze soorten in de Provincie Noord-Brabant vrijgesteld bij ruimtelijke ontwikkelingen. Het nest wat is aangetroffen in de noordwestelijke hoek is mogelijk een nest van een roofvogel. Nesten van roofvogels zijn jaarrond beschermd. Echter worden er geen bomen gerooid voor de geplande werkzaamheden waardoor het nest behouden blijft. Daarbij is men voornemend om de het nieuw te bouwen huis op een afstand van ca 60 meter te realiseren. Huidige bebouwing en menselijke activiteit vind reeds plaats binnen 16 meter van deze boom. Indien dit nest gebruikt wordt als nest door een roofvogel zal deze gewend zijn aan menselijke activiteit en heeft de realisatie van het woonhuis op een afstand van 60 meter geen invloed. De locatie is potentieel onderdeel van een foerageergebied van de steenuil. Echter is men voornemend om een klein gedeelte aan de straatzijde van het perceel te bebouwen en te verharden. De noordelijke helft van het perceel blijft groen en wordt ingericht als siertuin. Hierdoor zullen (mits het zelfde karakter behouden blijft) de voorgenomen werkzaamheden weinig invloed hebben op de huidige situatie.
Daarbij is er inde directe omgeving voldoende soortgelijk of geschikter foerageergebied aanwezig. In de bomen zijn geen gaten of holen aanwezig en zijn voor vleermuizen derhalve ongeschikt. De bomen maken onderdeel uit van een lijnvormig element en kan als migratieroute dienen voor vleermuizen. Bouwlampen die hierop gericht staan kunnen deze migratie routes verstoren. Het perceel bestaat uit soortenarm grasland met weinig variatie. Door de ontwikkeling zal er wel meer variatie in structuur komen en in aanwezige plantsoorten. Gezien de afstand en de aard van de ingreep worden als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling geen negatieve effecten verwacht op de meest nabijgelegen natuurgebieden (NNB/Natura 2000).
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/16
6
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Op basis van de quickscan die is uitgevoerd ter plaatse van het perceel nabij Denneboomstraat te Heesch, kan worden uitgesloten dat de voorgenomen herontwikkeling van de onderzoekslocatie een negatieve invloed heeft op beschermde soorten vanuit de Wet natuurbescherming en natuurgebieden. Wel dient er rekening gehouden te worden met mogelijke migratieroutes voor vleermuizen bij de houtlaan aan de westelijke zijde van het percelen. Om verstoring te voorkomen dienen de bouwlampen tijdens de nacht en schemeruren uit te zijn of naar beneden en naar de onderzoekslocatie gericht. Ook dient er rekening gehouden te worden met de rugstreeppad. Geadviseerd wordt om tijdelijke plassen en poelen te voorkomen tijdens de geplande werkzaamheden. Dit voorkomt dat de rugstreeppad in het voorjaar en begin zomer eieren af kan zetten in deze tijdelijke plassen. Gezien de afstand en de aard van de ingreep worden als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling geen negatieve effecten verwacht op de meest nabijgelegen natuurgebieden (NNB/Natura 2000). Door tijdens de ontwerpfase te denken aan “natuurinclusief” bouwen kan het woonhuis meer natuurwaarde bieden. Denk hierbij aan bijvoorbeeld ingebouwde nestkasten voor vleermuizen of huismussen en gierzwaluwen, maar ook aan het plaatsen van nestkasten in het plangebied voor uilen.
Ook wordt er geadviseerd om passages in toekomstig hekwerk te maken zodat de onderzoekslocatie geschikt blijft voor de diersoorten die nu gebruik maken van de onderzoekslocatie als migratie route zoals de das, kleine marterachtigen en haasachtigen.
Quickscan Flora en Fauna nabij Denneboomstraat te Heesch
N222720/17
Bijlage 1
Bijlage 1
Uw referentie: N222720
Bijlage 2
Kadastrale kaart
Uw referentie: N222720
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 1000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Heesch D 3464
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 22 september 2022 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
Bijlage 3
Project
: nabij Dennenboomstraat te Heesch
Referentie : N222720 Datum
: 30 augustus 2022
Bekende verspreiding van soorten ten opzichte van het plangebied - leveringuit de NDFF. Bekende verspreiding van soorten ten opzichte van het plangebied - leveringuit de NDFF.disclaimer De Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) is de meest omvangrijkelandelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbarewaarnemingen van planten en dieren in een bepaald gebied. Het systeem is inopbouw, nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in deNDFF zijn gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn omaanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten. Copyright vermelden bij verwijzen of citeren naar deze levering: '© NDFF - quickscanhulp.nl 30 augustus 2022' Op de volgende pagina's vindt u de lijst met soorten en afstanden ten opzichte van hetplangebied dat deze soorten zijn waargenomen. Een toelichting op deze lijst is te vinden op: www.quickscanhulp.nl. Mocht u vragen hebben dan kunt u contact opnemen met de helpdesk van HetNatuurloket: E-mail: serviceteamndff@natuurloket.nl Telefoon: 0800 2356333
Disclaimer De Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) is de meest omvangrijkelandelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbarewaarnemingen van planten en dieren in een bepaald gebied. Het systeem is inopbouw, nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in deNDFF zijn gevalideerd. Nader (veld)onderzoek kan noodzakelijk zijn omaanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten. Hoewel het Natuurloket en Regelink Ecologie & Landschap hun uiterste best doen voor het correct weergeven van de data op quickscanhulp.nl kunnen zij niet aansprakelijk gesteld worden voor enige fouten of het gebruik van de data. Copyright vermelden bij verwijzen of citeren naar deze levering: '© NDFF - quickscanhulp.nl 30 augustus 2022'
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Boomvalk
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Buizerd
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Das
Zoogdieren
0 - 1 km
Eekhoorn
Zoogdieren
0 - 1 km
Egel
Zoogdieren
0 - 1 km
Gewone dwergvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
0 - 1 km
Gierzwaluw
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Grote gele kwikstaart
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Havik
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Huismus
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Kerkuil
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Ransuil
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Sperwer
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Steenuil
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Alpenwatersalamander
Amfibieën
1 - 5 km
Bastaardkikker
Amfibieën
1 - 5 km
Beekrombout
Libellen
1 - 5 km
Bunzing
Zoogdieren
1 - 5 km
Franjestaart
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Gewone/Grijze grootoorvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Gewone grootoorvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Gewone/Kleine/Ruige dwergvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Grote modderkruiper
Vissen
1 - 5 km
Grote vos
Dagvlinders
1 - 5 km
Haas
Zoogdieren
1 - 5 km
Hazelworm
Reptielen
1 - 5 km
Heikikker
Amfibieën
Iepenpage
Dagvlinders
Kamsalamander
Amfibieën
Kartuizer anjer
Vaatplanten
1 - 5 km
Kluwenklokje
Vaatplanten
1 - 5 km
Konijn
Zoogdieren
1 - 5 km
Laatvlieger
Zoogdieren
Levendbarende hagedis
Reptielen
Meervleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Muurhagedis
Reptielen
wnb-hrl
1 - 5 km
Ooievaar
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Poelkikker
Amfibieën
wnb-hrl
1 - 5 km
Roek
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Rosse vleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Rosse woelmuis
Zoogdieren
Rugstreeppad
Amfibieën
wnb-hrl
1 - 5 km
Ruige dwergvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Slechtvalk
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Steenmarter
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km 1 - 5 km
wnb-hrl
wnb-hrl
1 - 5 km
1 - 5 km 1 - 5 km
1 - 5 km
1 - 5 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Teunisbloempijlstaart
Nachtvlinders
wnb-hrl
1 - 5 km
Vinpootsalamander
Amfibieën
Wespendief
Vogels
Wezel
Zoogdieren
Zwarte wouw
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Bever
Zoogdieren
wnb-hrl
5 - 10 km
Bosvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
5 - 10 km
Bruine eikenpage
Dagvlinders
5 - 10 km
Damhert
Zoogdieren
5 - 10 km
Dennenorchis
Vaatplanten
5 - 10 km
Gaffellibel
Libellen
wnb-hrl
5 - 10 km
Gevlekte witsnuitlibel
Libellen
wnb-hrl
5 - 10 km
Grote weerschijnvlinder
Dagvlinders
5 - 10 km
Hermelijn
Zoogdieren
5 - 10 km
Kleine ijsvogelvlinder
Dagvlinders
5 - 10 km
Knoflookpad
Amfibieën
wnb-hrl
5 - 10 km
Oehoe
Vogels
wnb-vrl
5 - 10 km
Ringslang
Reptielen
Rivierrombout
Libellen
Veldparelmoervlinder
Dagvlinders
5 - 10 km
Waterspitsmuis
Zoogdieren
5 - 10 km
Watervleermuis
Zoogdieren
Wezel/Hermelijn
Zoogdieren
5 - 10 km
Wilde ridderspoor
Vaatplanten
5 - 10 km
Wild zwijn
Zoogdieren
5 - 10 km
Wolf
Zoogdieren
Akkerboterbloem
Vaatplanten
10 - 25 km
Akkerogentroost
Vaatplanten
10 - 25 km
Baardvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Baardvleermuis / Brandts vleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Bergnachtorchis
Vaatplanten
10 - 25 km
Bokkenorchis
Vaatplanten
10 - 25 km
Boomkikker
Amfibieën
Boommarter
Zoogdieren
1 - 5 km wnb-vrl
1 - 5 km 1 - 5 km
5 - 10 km wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
5 - 10 km
5 - 10 km
5 - 10 km
10 - 25 km 10 - 25 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Bosbeekjuffer
Libellen
10 - 25 km
Dreps
Vaatplanten
10 - 25 km
Drijvende waterweegbree
Vaatplanten
Edelhert
Zoogdieren
10 - 25 km
Gentiaanblauwtje
Dagvlinders
10 - 25 km
Gestreepte waterroofkever
Kevers
Getande veldsla
Vaatplanten
Gewone/Kleine dwergvleermuis
Zoogdieren
Glad biggenkruid
Vaatplanten
10 - 25 km
Groot spiegelklokje
Vaatplanten
10 - 25 km
Grote leeuwenklauw
Vaatplanten
10 - 25 km
Kempense heidelibel
Libellen
10 - 25 km
Kleine dwergvleermuis
Zoogdieren
Kleine wolfsmelk
Vaatplanten
10 - 25 km
Knollathyrus
Vaatplanten
10 - 25 km
Knolspirea
Vaatplanten
10 - 25 km
Kommavlinder
Dagvlinders
10 - 25 km
Korensla
Vaatplanten
10 - 25 km
Kranskarwij
Vaatplanten
10 - 25 km
Kruipend moerasscherm
Vaatplanten
Kruiptijm
Vaatplanten
10 - 25 km
Muurbloem
Vaatplanten
10 - 25 km
Myoot (soort onbekend)
Zoogdieren
Naaldenkervel
Vaatplanten
Noordzeehouting
Vissen
Ondergrondse woelmuis
Zoogdieren
Otter
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Pimpernelblauwtje
Dagvlinders
wnb-hrl
10 - 25 km
Platte schijfhoren
Weekdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Roggelelie
Vaatplanten
10 - 25 km
Ruw parelzaad
Vaatplanten
10 - 25 km
Schubvaren
Vaatplanten
10 - 25 km
Sierlijke witsnuitlibel
Libellen
Sleedoornpage
Dagvlinders
10 - 25 km
Speerwaterjuffer
Libellen
10 - 25 km
wnb-hrl
wnb-hrl
Afstand
10 - 25 km
10 - 25 km 10 - 25 km
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
10 - 25 km
10 - 25 km
10 - 25 km
10 - 25 km 10 - 25 km
wnb-hrl
10 - 25 km 10 - 25 km
wnb-hrl
10 - 25 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Stijve wolfsmelk
Vaatplanten
Tonghaarmuts
Mossen
wnb-hrl
10 - 25 km
Tweekleurige vleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Vermiljoenkever
Geleedpotigen
wnb-hrl
10 - 25 km
Vliegend hert
Kevers
Vroedmeesterpad
Amfibieën
Wilde averuit
Vaatplanten
10 - 25 km
Wilde weit
Vaatplanten
10 - 25 km
Zandhagedis
Reptielen
Aardbeivlinder
Dagvlinders
25 - 50 km
Adder
Reptielen
25 - 50 km
Akkerdoornzaad
Vaatplanten
25 - 50 km
Bechsteins vleermuis
Zoogdieren
Beekprik
Vissen
25 - 50 km
Blaasvaren
Vaatplanten
25 - 50 km
Blauw guichelheil
Vaatplanten
25 - 50 km
Bosparelmoervlinder
Dagvlinders
25 - 50 km
Brandts vleermuis
Zoogdieren
Brave hendrik
Vaatplanten
25 - 50 km
Brede wolfsmelk
Vaatplanten
25 - 50 km
Eikelmuis
Zoogdieren
25 - 50 km
Europese rivierkreeft
Geleedpotigen
25 - 50 km
Geelbuikvuurpad
Amfibieën
wnb-hrl
25 - 50 km
Geel schorpioenmos
Mossen
wnb-hrl
25 - 50 km
Gestippelde alver
Vissen
25 - 50 km
Gevlekte glanslibel
Libellen
25 - 50 km
Gevlekt zonneroosje
Vaatplanten
25 - 50 km
Gewone bronlibel
Libellen
25 - 50 km
Gewone zeehond
Zoogdieren
25 - 50 km
Gladde slang
Reptielen
wnb-hrl
25 - 50 km
Grijze grootoorvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
25 - 50 km
Groene glazenmaker
Libellen
wnb-hrl
25 - 50 km
Grote bosaardbei
Vaatplanten
25 - 50 km
Grote parelmoervlinder
Dagvlinders
25 - 50 km
Grote vuurvlinder
Dagvlinders
10 - 25 km
10 - 25 km wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
10 - 25 km
10 - 25 km
25 - 50 km
25 - 50 km
25 - 50 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Hoogveenglanslibel
Libellen
25 - 50 km
Kleine schorseneer
Vaatplanten
25 - 50 km
Kwabaal
Vissen
25 - 50 km
Laatvlieger / Tweekleurige vleermuis
Zoogdieren
Liggende ereprijs
Vaatplanten
25 - 50 km
Naakte lathyrus
Vaatplanten
25 - 50 km
Oostelijke witsnuitlibel
Libellen
Pijlscheefkelk
Vaatplanten
Rosse / Bos- / Tweekleurige vleermuis / Laatvlieger
Zoogdieren
Schubzegge
Vaatplanten
25 - 50 km
Smalle raai
Vaatplanten
25 - 50 km
Spiegeldikkopje
Dagvlinders
25 - 50 km
Stofzaad
Vaatplanten
25 - 50 km
Tengere distel
Vaatplanten
25 - 50 km
Tweekleurige bosspitsmuis
Zoogdieren
25 - 50 km
Vale vleermuis
Zoogdieren
Vuursalamander
Amfibieën
25 - 50 km
Wolfskers
Vaatplanten
25 - 50 km
Zandwolfsmelk
Vaatplanten
25 - 50 km
Zilveren maan
Dagvlinders
25 - 50 km
Beekdonderpad
Vissen
50 - 100 km
Berggamander
Vaatplanten
50 - 100 km
Bosdravik
Vaatplanten
50 - 100 km
Bruin dikkopje
Dagvlinders
50 - 100 km
Bruinvis
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Bultrug
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Donker pimpernelblauwtje
Dagvlinders
wnb-hrl
50 - 100 km
Duinparelmoervlinder
Dagvlinders
Dwergvinvis
Zoogdieren
Echte gamander (subsp. germanicum)
Vaatplanten
50 - 100 km
Elrits
Vissen
50 - 100 km
Gewone spitssnuitdolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Gewone vinvis
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Gladde zegge
Vaatplanten
wnb-hrl
wnb-hrl
Afstand
25 - 50 km
25 - 50 km 25 - 50 km
wnb-hrl
wnb-hrl
25 - 50 km
25 - 50 km
50 - 100 km wnb-hrl
50 - 100 km
50 - 100 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Grijze zeehond
Zoogdieren
Groenknolorchis
Vaatplanten
Groensteel
Vaatplanten
50 - 100 km
Grote bosmuis
Zoogdieren
50 - 100 km
Hamster
Zoogdieren
Honingorchis
Vaatplanten
Ingekorven vleermuis
Zoogdieren
Kalkboterbloem
Vaatplanten
50 - 100 km
Kalketrip
Vaatplanten
50 - 100 km
Karwijselie
Vaatplanten
50 - 100 km
Kleine ereprijs
Vaatplanten
50 - 100 km
Kleine heivlinder
Dagvlinders
50 - 100 km
Lederschildpad
Reptielen
wnb-hrl
50 - 100 km
Noordse winterjuffer
Libellen
wnb-hrl
50 - 100 km
Noordse woelmuis
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Rood peperboompje
Vaatplanten
Rosse / Bosvleermuis
Zoogdieren
Rozenkransje
Vaatplanten
50 - 100 km
Spits havikskruid
Vaatplanten
50 - 100 km
Tengere veldmuur
Vaatplanten
50 - 100 km
Tuimelaar
Zoogdieren
Veenbloembies
Vaatplanten
50 - 100 km
Vliegenorchis
Vaatplanten
50 - 100 km
Vroege ereprijs
Vaatplanten
50 - 100 km
Water-/Meervleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Wilde kat
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Witsnuitdolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Zweedse kornoelje
Vaatplanten
50 - 100 km
Bosboterbloem
Vaatplanten
100 - 250 km
Brede geelgerande waterroofkever
Geleedpotigen
Breed wollegras
Vaatplanten
100 - 250 km
Bruinrode wespenorchis
Vaatplanten
100 - 250 km
50 - 100 km wnb-hrl
wnb-hrl
50 - 100 km
50 - 100 km 50 - 100 km
wnb-hrl
50 - 100 km
50 - 100 km wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
50 - 100 km
50 - 100 km
100 - 250 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Butskop
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Dikkopschildpad
Reptielen
wnb-hrl
100 - 250 km
Donkere waterjuffer
Libellen
100 - 250 km
Franjegentiaan
Vaatplanten
100 - 250 km
Geelgroene wespenorchis
Vaatplanten
100 - 250 km
Geplooide vrouwenmantel
Vaatplanten
100 - 250 km
Gestreepte dolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Gewone dolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Griend
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Groene nachtorchis
Vaatplanten
Hazelmuis
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Juchtleerkever
Kevers
wnb-hrl
100 - 250 km
Kemps zeeschildpad
Reptielen
wnb-hrl
100 - 250 km
Kleine vlotvaren
Vaatplanten
wnb-hrl
100 - 250 km
Lange zonnedauw
Vaatplanten
100 - 250 km
Moerasgamander
Vaatplanten
100 - 250 km
Mopsvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Potvis
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Scherpkruid
Vaatplanten
100 - 250 km
Steenbraam
Vaatplanten
100 - 250 km
Trosgamander
Vaatplanten
100 - 250 km
Veenbesblauwtje
Dagvlinders
100 - 250 km
100 - 250 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Veenbesparelmoervlinder
Dagvlinders
100 - 250 km
Veenhooibeestje
Dagvlinders
100 - 250 km
Veldspitsmuis
Zoogdieren
100 - 250 km
Walrus
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Witflankdolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Zinkviooltje
Vaatplanten
100 - 250 km
Bijlage 4
Vleermuizenprotocol
(versie 1 januari 2021)
Inleiding Ga eerst na welke soorten redelijkerwijs of mogelijk te verwachten zijn aan de hand van het landschap, de omgeving en gekend verspreidingsbeeld (binnen 20 km van het plangebied, denk daarbij indien nodig ook buiten de landsgrenzen). Daarna dient gekeken te worden welke functies voor vleermuizen mogelijk voorkomen. Hiervoor kan de onderstaande checklist of geheugensteun worden gebruikt. Het gaat om voor vleermuis van belang zijnde objecten die door de beoogde activiteit of plan, in relevante mate worden aangetast. De hieronder aangegeven soorten en/of soortgroepen zijn niet dekkend. Hou rekening met het voorkomen van zeldzaam voorkomende soorten. Foerageergebied en vliegroutes zijn alleen beschermd als ze essentieel zijn voor het goede voortbestaan van de soort ter plaatse. Dat blijkt vaak pas uit het (nader) onderzoek. Checklist 1. Dikke bomen Is in of grenzend aan het plangebied één (of meerdere) dikke boom (doorsnede globaal > 3 dm op borsthoogte) aanwezig? JA / NEE a) Zijn er zichtbare holtes, spleten, scheuren, losse bast aanwezig? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar (winter-,) kraam-, zomer- en paarverblijfplaatsen van boombewonende soorten. b) Maakt de boom (bomen) deel uit van een mogelijke route of verbinding? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar vliegroutes van alle (in de omgeving) voorkomende vleermuissoorten.
c) Maakt de boom (bomen) deel uit of vormt deze mogelijk foerageergebied of beschutting van een naastgelegen foerageergebied? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar foeragerende vleermuizen. 2. Opgaande gewassen Is op of grenzend aan het plangebied één (of zijn meerdere) dunne bomen (doorsnede globaal. < 3 dm op borsthoogte) en/of struiken/gewassen > 1,5 meter aanwezig? JA / NEE a)
Maken de struiken, gewassen, boom (bomen) deel uit van een mogelijke route of verbinding (lijnelement)? JA / NEE Zo ja, onderzoek naar vliegroutes van vleermuizen.
b)
Zijn er zichtbare holtes spleten, scheuren, losse bast in de boom (bomen)? Zo ja, nader onderzoek naar zomer- en paarverblijfplaatsen van boombewonende soorten.
c)
Vormt het opgaand groen mogelijk foerageergebied of beschutting van een naastgelegen foerageergebied (let vooral op kleinschalig gebied of parkachtige omgeving)? Zo ja, nader onderzoek naar foeragerende vleermuizen.
JA / NEE
JA / NEE
3. Open water Is er open water aanwezig?
JA / NEE
a) Is er water? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar gebiedsfuncties (foerageergebied en vlieg- en/of migratieroute), tweekleurige vleermuis, rosse vleermuis ruige dwergvleermuis, watervleermuis (> 1m breed) en meervleermuis (> 2m breed). b) Is er water in tenminste iets besloten gebied? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar gebiedsfuncties (foerageergebied en vlieg- en/of migratieroute) gewone of ruige dwerg-, baard-, brandt’s-, ingekorven, franjestaart, grijze en gewone grootoorvleermuis en laatvlieger. c) Is er water in open gebied? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar gebiedsfuncties (foerageergebied en vlieg- en/of migratieroute) tweekleurige-, rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger. d) Heeft het water een mogelijk essentiële functie als drinkwater? Zo ja, nader onderzoek naar functie voor alle soorten vleermuizen. 4. Open gebied Is er open gebied (> 1 ha)?
JA / NEE
JA / NEE
a) Bestaat het plangebied uit moeras, grasland, akker of anderszins (denk bij < 500 meter van water breder dan 2 meter extra aan meervleermuis)? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar gebruik door rosse vleermuis, meervleermuis, laatvlieger, tweekleurige vleermuis en ruige dwergvleermuis. 5. Gebouwen Zijn er gebouwen aanwezig?
JA / NEE
a) Biedt het gebouw of bieden de gebouwen mogelijk winter-, kraam-, zomer- en paarverblijfplaatsen voor vleermuizen (denk aan de spouwmuur, dakpannen, kelders, luiken aan de muur, gevelbekleding, zolders, daklagen, kruipruimtes etc.)? (bouwtekening ter inzage vragen). JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar winter-, kraam-, zomer- en paar verblijfplaatsen van gebouwbewonende vleermuizen. b)
Zijn er sporen van aanwezigheid, poepvlekken, keutels, vraatresten, bruinverkleuring langs de rand van invliegopeningen en dergelijke? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar gebouwbewonende vleermuizen.
c)
Mogelijk foerageergebied? Zo ja, nader onderzoek naar foeragerende vleermuizen.
JA / NEE
d)
Zijn er lange, mogelijk in het duister liggende, muren aanwezig? Zo ja, nader onderzoek naar gebiedsfuncties vlieg- en/of migratieroutes.
JA / NEE
e)
Is er sprake van hoogbouw? Zo ja, aandacht voor paarverblijfplaatsen voor tweekleurige vleermuis.
JA / NEE
6. Grotten, groeves, kelders en andere objecten Zijn er grotten en/of groeves en/of kelders, bruggen, tunnels en/of andere objecten met ruimten? JA / NEE a) Zijn deze geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar verblijfplaatsen van vleermuizen, met de nadruk op winter-, en paarverblijfplaatsen? 7. Grootschalige landschapselementen Zijn er grootschalige lijnvormige landschapselementen zoals kustzones, grootschalige dijken, duinenrijen, rivierdalen of waterpartijen aanwezig, die een verbindingsroute zouden kunnen vormen tussen zomer- en winterleefgebieden? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar mogelijke migratieroutes van o.a. meervleermuis, rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis en tweekleurige vleermuis in voor- en najaar. Randvoorwaarden en vervolg De conclusies uit de veldverkenning in combinatie met deze checklist, gekende verspreiding, de ligging in het landschap, de relatie met het landschap en de uitgebreide tabel van het protocol, geven de onderzoeksinspanning (tijdstip, omstandigheden frequentie per te onderzoeken soort) voor het nader onderzoek aan. Er is zowel in deze checklist als bij de uitgebreide tabel uit het protocol aangenomen dat de onderzoeker een ervaren ecoloog is die kennis heeft van het landschap en potentieel geschikte habitats voor vleermuizen kan identificeren.
Bijlage 5
Foto 1: de onderzoekslocatie is begroeid met hoog gras.
Foto 2: de zuidoostelijke hoek van de onderzoekslocatie met de greppel en de loofbomen van de oostelijke perceelgrens.
Fotobijlage N222720
Foto 3: de zuidwestelijke hoek van de onderzoekslocatie gezien vanaf de noordoostelijke hoek. N.B is een van de takkenstapels in de voorgrond te zien. In de achtergrond is de houtwal van coniferen.
Foto 4: een van de takkenstapels bestaande uit 3 gekapte coniferen. De stammen en takken vormen een te dunne stapel om goed isolerend te werken. N.B. is rechts achter de gekapte rij te zien.
Fotobijlage N222720
Foto 5: fecaliën van konijnen nabij een van de takkenstapels. Het zand is opgegraven.
Foto 6: fecaliën in een hazenleger.
Fotobijlage N222720
Foto 7: een van de wissels in de onderzoekslocatie.
Fotobijlage N222720
Foto 8: holtes en gangen aangetroffen onder het hoge gras.
Foto 9: een mogelijk door de bunzing of steenmarter geroofde kippen ei.
Fotobijlage N222720
Foto 10: fecaliën van de bunzing of steenmarter.
Foto 11: fecaliën van een das met voornamelijk mais als inhoud.
Fotobijlage N222720
Foto 12: braakbal van waarschijnlijk een steenuil onder en van de noordelijke coniferen aangetroffen. N.B. is een keverschildje te zien, kevers staan vaak op het menu van steenuilen.
Foto 13: een mogelijke plukplaats van een roofvogel. Op de takken zijn braakballen aangetroffen .
Fotobijlage N222720
Foto 14: een deel van de braakballen aangetroffen op de plukplaats, inhoud bestaat voornamelijk uit stukjes bot en verteerde veren.
Foto 15: aangetroffen botresten bij de plukplaats.
Fotobijlage N222720
Foto 17: een (oud) kraaien nest in een van de coniferen in de noordwestelijke hoek van de onderzoekslocatie.
Fotobijlage N222720
Foto 18: uit het maisveld tegenover de onderzoekslocatie komen wissels.
Fotobijlage N222720