Toelichting BP Menzel 47
Tekst van het document
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
55
Menzel 47 Nistelrode - Toelichting
4.12.2.3 Vorm-vrije m.e.r.-beoordeling Op basis van de criteria die genoemd in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling dient bij een ontwikkeling een vormvrije m.e.r.- beoordeling worden uitgevoerd indien de drempelwaarde zoals genoemd in de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage niet wordt overschreden.
4.12.3
Toets
4.12.3.1 Drempelwaarden De beoogde herbestemming binnen het plangebied overschrijdt de drempelwaarde zoals opgenomen in de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage niet. Er is geen MER noodzakelijk. 4.12.3.2 Vormvrije m.e.r.-beoordeling Uit deze toelichting blijkt dat de beoogde ontwikkeling zeer kleinschalig van aard is en dat de ontwikkeling geen aantasting van milieu en omgeving met zich meebrengt, waardoor geen MER dient te worden opgesteld. De Raad van State heeft geoordeeld dat realisatie van enkele woningen geen stedelijk ontwikkelingsproject betreft waarmee geen mer-aanmeldnotitie noodzakelijk is.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
56
Menzel 47 Nistelrode - Toelichting
5.
JURIDISCHE VORMGEVING
5.1
Inleiding
Een bestemmingsplan is een planologische regeling die zowel de burger als de overheid rechtstreeks bindt. De regels en verbeelding dienen als één geheel te worden beschouwd en kunnen niet los van elkaar worden gezien. De toelichting op de regels en verbeelding is niet juridisch bindend, maar biedt wel inzicht in de belangenafweging die tot de aanwijzing van bestemmingen heeft geleid. Bovendien draagt de toelichting bij aan de planinterpretatie.
5.2
Algemene toelichting verbeelding
De verbeelding heeft een belangrijke rol bij het bepalen van de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden in het plangebied. Daartoe zijn op de verbeelding bestemmingsvlakken, dubbelbestemmingen, functieaanduidingen, gebiedsaanduidingen en bouwvlakken opgenomen.
5.3
Algemene toelichting regels
De opbouw van de regels is gelijk aan Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012. De opbouw is als volgt: -
Betekenisafspraken (Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen);
-
De gebruiks- en bouwregels per bestemming (Hoofdstuk 2 Bestemmingen);
-
Algemene regels (Hoofdstuk 3 Aanvullende regels);
-
Overige regels (Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels).
Een bestemmingsartikel kan uit de volgende leden in deze volgorde worden opgebouwd: -
Bestemmingsomschrijving;
-
Bouwregels;
-
Nadere eisen;
-
Specifieke gebruiksregels;
-
Afwijking van de gebruiksregels;
-
Omgevingsvergunning voor het aanleggen.
De specifieke afwijkingsbevoegdheden en wijzigingsbevoegdheden zijn zoveel mogelijk per bestemming opgenomen. Hierdoor wordt direct per bestemming inzicht geboden in de eventuele afwijkingsmogelijkheden en de toegankelijkheid van het bestemmingsplan bevorderd. Met betrekking tot dit bestemmingsplan is aangesloten bij het vigerende bestemmingsplan voor het buitengebied van Bernheze.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
57
Menzel 47 Nistelrode - Toelichting
5.4
Toelichting op de bestemmingen
5.4.1
Agrarisch met Waarden – leefgebied dassen
De voor ‘Agrarisch met Waarden – leefgebied dassen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor agrarisch grondgebruik, water en waterhuishoudkundige doeleinden, groenvoorzieningen, extensieve dagrecreatie en doeleinden van openbaar nut. Binnen de aanduidingen ‘wonen’ is de woning aan Menzel 47 toegestaan met een bijgebouw tot een maximale omvang van 400 m². Binnen de aanduiding ‘specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte’ wordt één Ruimte voor Ruimte woning gerealiseerd. Ten behoeve van het voorkomen van schade aan laanbomen aan Menzel is de aanduiding ‘ontsluiting’ opgenomen. Indien beoogd wordt de woning anders te ontsluiten dan via deze inrit, dient middels een Boomeffectanalyse te zijn zeker gesteld dat hiermee geen schade aan wortelpakketten en groeiplaatsen plaatsvindt. De aanduiding ‘groen’ is opgenomen ten behoeve van de juridische borging van het landschappelijk inpassingsplan dat als bijlage bij de regels behoort.
5.4.2
Dubbelbestemming Waarde – Archeologie 2
Aan het plangebied is de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ toegekend. Deze gronden zijn behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor instandhouding en bescherming van eventuele archeologische waarden. Hiertoe zijn in deze dubbelbestemming drempelwaarden voor bodemverstoringen opgenomen. Bij een overschrijding van deze drempelwaarden dient archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
58
Menzel 47 Nistelrode - Toelichting
6.
UITVOERBAARHEID
6.1
Economische uitvoerbaarheid
De Wet ruimtelijke ordening maakt het vaststellen van een exploitatieplan verplicht voor een aantal bouwactiviteiten wanneer de bouw planologisch mogelijk wordt gemaakt in ruimtelijk plan. De bouwplannen waarbij een exploitatieplan verplicht is staan in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Dit betreft onder meer plannen voor de bouw van één of meer woningen en/of de bouw van één of meer andere hoofdgebouwen. Bovendien is een exploitatieplan nodig als locatie-eisen (aan openbare ruimte of woningcategorieën) gesteld moeten worden en/of het bepalen van een tijdvak of fasering noodzakelijk is. Er is geen exploitatieplan nodig indien het verhaal van de kosten van grondexploitatie anderszins verzekerd is en er geen fasering of tijdvak behoeft te worden vastgelegd en geen locatie-eisen (aan openbare weg of woningcategorieën) hoeven te worden vastgesteld. Voor de herbestemming van het plangebied sluit de gemeente met de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst. Hiermee is kostenverhaal zeker gesteld.
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Dit bestemmingsplan wordt conform de wettelijke vereisten kenbaar gemaakt, waarna het plan of onderdelen van dit plan kunnen worden heroverwogen.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
59
Menzel 47 Nistelrode - Toelichting
7.
PROCEDURE
7.1
Wettelijke procedure
De bestemmingsplanprocedure wordt beschreven in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. In de Wet ruimtelijke ordening zijn hierop nog enkele wijzigingen beschreven. Samengevat is de bestemmingsplanprocedure als volgt: -
het ontwerpbestemmingsplan ligt gedurende 6 weken ter inzage;
-
gedurende deze periode kan een ieder schriftelijke of mondelinge zienswijzen naar voren brengen aan de gemeenteraad;
-
binnen twaalf weken na de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan stelt de gemeenteraad het bestemmingsplan vast;
-
de vaststelling van het bestemmingsplan dient binnen twee weken na de vaststelling bekend gemaakt te worden behoudens de hieronder genoemde uitzonderingen;
-
Gedeputeerde Staten hebben een zienswijzen ingediend en deze zienswijzen is niet of niet volledige door de gemeenteraad meegenomen in het vastgestelde bestemmingsplan;
-
De gemeenteraad heeft bij de vaststelling van het bestemmingsplan ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan - met uitzondering van het overnemen van de zienswijzen van Gedeputeerde Staten - wijzigingen aangebracht.
Is één van bovenstaande twee gevallen aan de orde, dan mag het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan pas bekend zijn gemaakt nadat zes weken zijn verstreken.
7.2
Overleg
Artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening geeft aan dat bij de voorbereiding van een wijzigingsplan burgemeester en wethouders overleggen met het bestuur van de bij het plan betrokken waterschap. Waar nodig plegen zij tevens overleg met besturen van andere gemeenten, met de provincie en met eventuele andere diensten van Rijk en provincie die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Dit bestemmingsplan wordt aangeboden in het kader van het wettelijk vooroverleg. Dit plan wordt voorgelegd aan de Provincie Noord-Brabant en Waterschap Aa en Maas.
7.3
Zienswijzen
PM
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
60