CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Segment 00003 of Bijlage 4 Toelichting inclusief bijlagen bij Herstelbesluit bestemmingsplan Heesch West

Raadsvergadering 8 mei 2025, gemeente BernhezeBij agendapunt: Herstelbesluit bestemmingsplannen Heesch West *38.530 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Conclusie Uit de toetsing blijkt dat de voorgenomen ontwikkeling op Heesch West onder de wettelijk vastgestelde normen blijft. Er is slechts een beperkte toename van het groepsrisico, die gezien de verantwoording, als acceptabel wordt beoordeeld. Ten opzichte van het voorontwerpbestemmingsplan zijn daarnaast een extra waarborgen opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan, om de risico’s verder te beheersen.

3.18

Gezondheid Een groot aantal insprekers vreest voor gezondheidsproblemen door het plan van Heesch West. Een aanzienlijk deel was weliswaar ingegeven door de komst van de windturbines (die inmiddels geen onderdeel meer zijn van het plan), maar een deel van de bezwaren zien ook op vrees voor gezondheidsproblemen door het industrieterrein zelf. Ten behoeve van het ontwerpbestemmingsplan en de Aanvulling op de MER zijn op basis van de nieuwe geluid- en luchtkwaliteitsonderzoeken nieuwe GES (Gezondheidseffectenscreening)-berekeningen uitgevoerd. Dit op basis van de worst-case uitgangspunten voor geluid en luchtkwaliteit (zie paragrafen 3.12 en 3.13). Heesch West leidt tot toename van geluids- en luchtkwaliteitseffecten. Er is verschuiving in een aantal GES-klasses zichtbaar ten opzichte van de referentiesituatie. De effecten van Heesch West zijn vergelijkbaar met die in het MER 2019. In navolging van verkeer en geluid wordt een enigszins minder negatief effect verwacht dan in 2019 (vanwege de positieve beïnvloeding van verkeer en een kleiner oppervlak voor bedrijven uit milieucategorie 5.1). Het verdwijnen van de veehouderijen binnen het plangebied beperkt voor de bewoners aan de zuidzijde en rond het plangebied de gezondheidsrisico’s vanuit veehouderijen. De GGD heeft, zoals ook afgesproken met de omgeving, een advies gegeven op de gezondheidsaspecten van Heesch West.

Dit advies is als bijlage bij het ontwerpbestemmingsplan gepubliceerd. In het advies is een aantal aandachtspunten gegeven ten aanzien van geluid, luchtkwaliteit, elektromagnetische spanning en geur. Naast specifieke adviezen op met name aspecten geluid en luchtkwaliteit, heeft de GGD algemene adviezen gegeven voor verdere inrichting van het landschapspark, monitoring, het zonnepark en het oprichten een leefbaarheidsfonds. De adviezen worden bij de vaststelling van het bestemmingsplan en bij verdere uitwerking van het plan meegenomen

3.19

Kosten en baten en planschade Insprekers vrezen dat de waarde van de woningen daalt na realisatie van het bedrijventerrein. Insprekers stellen dat, door het steeds grotere normaal maatschappelijk risico, een goede ruimtelijke ordening vraagt dat het nadeel voor omwonenden zo veel mogelijk wordt beperkt. Ook wordt opgeroepen het plan niet verder in procedure te brengen. De kosten kunnen dan weer worden terugverdiend door de aangekochte gronden als agrarische grond uit te geven en verder te verdelen over de inwoners van de gemeenten of er kan een verlies worden genomen. Tot slot wordt gesteld dat de gemeente grote belangen heeft bij het uitgeven van de kavels en dat daarom cat. 5.1 aan bod zal komen. 73

De wet voorziet in een systeem waarin planschade afgehandeld wordt. Het is dan ook niet aan afzonderlijke plannen om dit systeem in twijfel te trekken en daar op voorhand rekening mee te houden. Dit strekt namelijk niet tot het voeren van een goede ruimtelijke ordening maar is een geheel ander vraagstuk. Wel is het vanuit een goede ruimtelijke ordening nodig om een locatie te kiezen die de overlast op omwonenden zoveel mogelijk beperkt. Deze locatiekeuze –en onderbouwing is gegeven in paragraaf 4.2 van de Aanvulling op de MER, en ook beschreven onder thema Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik van dit document (paragraaf 3.8). Of planschadevergoedingen daadwerkelijk aan de orde zijn, wordt niet beoordeeld in deze fase, maar pas in de fase na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan (tot 5 jaar na dat moment). Daarbij worden planschadeverzoeken door een onafhankelijke adviseur beoordeeld, waarbij tevens wordt meegewogen in hoeverre de ontwikkeling voorzienbaar was, en wordt een bepaald algemeen maatschappelijk risico meegenomen. Wel zijn in de exploitatie planschadevoorzieningen opgenomen, op basis van de mogelijk te verwachte planschade, waarmee het plan uitvoerbaar is. Per 1 januari 2019 hebben de gezamenlijke gemeenten Oss, Bernheze en ’s-Hertogenbosch voor een bedrag van ruim € 67 miljoen geïnvesteerd in Heesch West, met name in grondaankopen.

Met de uitgifte van de bedrijfskavels wordt een substantieel deel van deze investering terugverdiend. Desondanks zullen bij uitgifte van niet meer dan 50 hectare bedrijventerrein niet alle gemaakte kosten kunnen worden terugverdiend. De gezamenlijk gemeenten houden vanwege boekhoudvoorschriften rekening met een verliesvoorziening van ruim € 43,0 miljoen, waarvoor zij reeds middelen hebben gereserveerd. Bij uitgifte van 80 hectare is er mogelijk zelfs sprake van het geheel kunnen terugverdienen van de investeringen. Het niet verder in procedure brengen van het plan brengt een groter financieel tekort en risico met zich mee. De uitgifte van de bedrijfskavels geschiedt op marktconforme condities. De gezamenlijke gemeenten hebben geen specifiek financieel belang bij de komst van categorie 5.1 boven de categorie 4 bedrijven.

3.20

Werkgelegenheid Een aantal insprekers stelt dat Heesch West geen werkgelegenheid creëert voor de lokale omgeving. Ook wordt aangegeven dat er bovendien een tekort is aan arbeidskrachten voor het geplande terrein. Daardoor wordt ook de ontwikkeling van bestaande bedrijven afgeremd, omdat deze nog moeilijker personeel kunnen vinden. Er wordt vanuit het perspectief van werkgelegenheid een tegenstelling verondersteld tussen de ontwikkeling van bedrijven op Heesch West en ontwikkelkansen van bedrijven in de regio. De ontwikkeling van Heesch West zou geen werkgelegenheid bieden aan de regio of zou de ontwikkeling van bedrijven in de regio remmen door een gebrek aan arbeidspotentieel in de regio. Die veronderstellingen zijn niet juist. Regionale bedrijven(verenigingen) uiten een heel ander belang. Er is juist een sterke wens vanuit deze belanghebbenden om voortvarend aanbod aan te bieden voor de regionale behoefte. De concrete belangstelling van bedrijven voor Heesch West heeft in belangrijke mate een regionale herkomst. Heesch West creëert direct en indirect en op verschillende niveaus banen. Het profiel en de herkomst van de bedrijvigheid komt overeen met de bedrijven en sectoren waar de regio een sterke positie in heeft. Dit sluit ook aan op het opleidingsaanbod. Een positie die met de ontwikkeling van Heesch West behouden en verder ontwikkeld wordt.

Het is een evident belang om deze bedrijvigheid duurzaam verder te ontwikkelen en te behouden. Zo wordt werkgelegenheid behouden en ontwikkeld bij de betreffende bedrijven zelf en tegelijkertijd ook in het netwerk van (vaak ook regionale) ketenpartners en andere economische relaties. De ruimte in de regio die vrijkomt door het vertrek van bedrijven naar Heesch West, kan, afhankelijk van de locatie van herkomst, door andere bedrijven worden ingenomen. Ook 74

kunnen regionale verplaatsers mogelijkheden bieden voor transformatie en verbetering van leefbaarheid, bijvoorbeeld ook in de omgeving van Heesch West gelegen dorpen. De doorstroming draagt bij om kleinere, vaak lokale, bedrijven weer een passende vestigingsplek op de lokale bedrijventerreinen te kunnen bieden. Meer nog dan eerder al het geval was, heeft het bedrijventerrein een sterke regionale focus. Via het regionaal economisch overleg en het 1-loket houden we grip op de “vraag en aanbod”-verhoudingen in de regio. Voor een deel komen de bedrijven van buiten de regio, waarbij we via het intake-team aandacht hebben voor duurzame vestiging van het bedrijf door relaties te maken in de keten. Het vestigingsprofiel van Heesch West is in belangrijke mate een weerslag van economische sectoren waarin de regio een sterke positie heeft en wil behouden en verder ontwikkelen. We zien dit ook concreet terug in de belangstelling van bedrijven. Het betreft veelal bedrijven die zich verbonden voelen met de regio en de omgeving. Ook inclusief ondernemen maakt hier onderdeel vanuit, waarbij ondernemingen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een kans willen geven. We ontwikkelen Heesch West voor verschillende doelgroepen, die ook verschillend omgaan met werkgelegenheid. Voor de regionale verplaatsers geldt dat werkgelegenheid wordt behouden en ontwikkeld binnen de regio.

Heesch West heeft een verwachting over het aantal werknemers op het terrein, 2.500 a 3.000 arbeidsplaatsen. Maar net zo belangrijk is het gegeven dat door Heesch West bedrijven in de regio Oss-Den Bosch vooruit kunnen in hun groei. Bieden wij deze bedrijven geen uitbreidingslocaties, dan zullen zij onze regio verlaten met werkgelegenheidsverlies tot gevolg.

75

4

Samenvatting en beantwoording unieke inspraakreacties en handgeschreven aanvullingen pamfletten In de navolgende tabel wordt een samenvatting van de uniek binnengekomen inspraakreacties en handgeschreven aanvullingen op de binnengekomen pamfletten (zie hoofdstuk 2) weergegeven, evenals de reactie van de gemeente daarbij. 1. Kenmerk 10754507 ’s-Hertogenbosch en kenmerk 1374206 Bernheze 1 Inspreker vraagt of aangesloten wordt bij de wetenschappelijke oproep en constatering om snelle, verstrekkende en ongekende veranderingen in alle onderdelen van de samenleving te realiseren. Inspreker geeft enkele overwegingen om Heesch West klimaatneutraal te realiseren: - De mondiale klimaatakkoorden die in het verleden gesloten zijn, kennen afspraken waarin de opwarming van de aarde tot 1,5 of 2 graden wordt begrensd. Daarbij is onderbouwd aangegeven wat er gebeurt als de opwarming doorgaat - Miljoenen soorten worden met uitsterven bedreigd. Dit gaat om 12% van alle soorten - Mensen slopen de aarde zelf, door haar welvaart. Men is weliswaar tevreden maar de welvaart belast de aarde onevenredig - We koesteren onze vrijheid maar dit brengt kosten voor de aarde met zich mee. - We moeten naar een ander type economie. Motto: denk mondiaal, handel lokaal

Juist vanwege de door inspreker genoemde klimaatzorgen, ontwikkelen we Heesch West tot een zo duurzaam mogelijk bedrijventerrein, in lijn met de duurzame ambities van de drie gemeenten. Bij de planontwikkeling anticiperen we op toekomstige doelen, in eerste instantie met name 2030. Het Circulair Kwaliteitsplan beschrijft dit ook en stelt hiervoor in hoofdstuk 5 een afwegingskader voor duurzaamheid voor potentiële bedrijven (gekoppeld aan het bestemmingsplan, zie hieronder). Aan de hand van dit kader moeten bedrijven via een scoremethodiek aantonen dat hun bedrijf en plan voor de locatie voldoende duurzaam is. We leggen daarbij een hoge ambitie neer ten aanzien van duurzaamheid, zonder vooraf alles in detail vast te leggen met strikte normen. We verwijzen daarnaast naar de beschrijving van duurzaamheid in het plan in paragraaf 12.2 van de toelichting van het bestemmingsplan. In de planregels van het bestemmingsplan is op diverse plekken een regel opgenomen ter borging van deze duurzame ambities. Voorbeelden hiervan zijn: - Realisatie drijvend zonnepark (bestemming Waarde - Zonnepark) - Verplichting tot aardgasvrij (art. 5.4.13) - Verplichting tot duurzaam dakgebruik (art. 5.4.4), zie ook antwoord in rij 3 - Verplichting tot bijdrage aan duurzaam bedrijventerrein, met koppeling aan dit duurzame afwegingskader uit het Circulair Kwaliteitsplan (art.

5.7) Daarnaast is duurzame ontwikkeling, naast regionale meerwaarde en werkgelegenheid, een belangrijk aspect in het afwegingskader voor gronduitgifte. Daarmee wordt vooruitgelopen op verdere wettelijke kaders. Zie verder het thema Duurzaamheid en het antwoord in rijen 2 en 214. 76

2

Inspreker vraagt of klimaat-neutrale bouw, energetische autarkie, maximale isolatie en warmtepompen worden geëist. Inspreker vraagt of het bedrijventerrein energetisch autarkisch wordt in zijn totaliteit. Inspreker vraagt of gezorgd wordt dat het terrein alle benodigde energie zelf opwekt via windturbines en zonneweiden.

3

Inspreker vraagt of de eis bestaat voor zonnepanelen, ook op de zuidflanken en op daken?

Als gezegd streven we met de ontwikkeling van Heesch West naar een zo duurzaam mogelijk bedrijventerrein. Dit wordt beoogd door duurzame bouw en duurzame lokale opwekking, in belangrijke mate ook op de bedrijfskavels zelf. Maar bijvoorbeeld ook toekomstig hergebruik van materialen is in het Circulair Kwaliteitsplan bij de gronduitgifte een belangrijke ambitie. Zie verder het antwoord bij rij 1. In het bestemmingsplan is een verplichting opgenomen voor het verplicht duurzaam gebruiken van de daken van de bedrijven in artikel 5.4.4: Een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een gebouw wordt alleen verleend als minimaal 80% van de totale oppervlakte van het dak van het gebouw wordt gebruikt om op duurzame wijze energie/warmte/koude op te wekken (waarbij de technieken met het hoogste rendement moeten worden toegepast), tenzij een andere duurzame maatregel dit onmogelijk maakt of als het bedrijfsproces duurzaam dakgebruik verhindert - in die gevallen dient de constructie van het gebouw wel dusdanig te worden vormgegeven dat het dak wel geschikt is voor het dragen van voorzieningen om op duurzame wijze energie/warmte/koude op te wekken.

4

5

Daarnaast is in de planvorming een drijvend zonneveld aan de westzijde van het plangebied opgenomen, en wordt ruimte geboden voor een tijdelijk zonneveld in de 2e fase van het plan. Inspreker vraagt naar de grondprijs, opdat de grondprijs zo hoog is dat Dat is in deze fase nog niet bekend. De grondprijs wordt marktconform bepaald. bedrijven in de hoogte gaan bouwen met het oog op minder grondgebruik. We streven intensief en mogelijk meervoudig grondgebruik na. De maximale bouwhoogten zijn vastgelegd in het bestemmingsplan. Zie verder het antwoord in rij 8. Inspreker spreekt de wens uit voor het minimaliseren van het verharde of Zie thema’s Ruimtelijke Kwaliteit (paragraaf Groene buffer / landschappelijke bebouwde ruimtegebruik zodat er ruimte blijft voor groen en bomen, dit kan inpassing) en Ecologie. Aanvullend daarop het volgende. door zo hoog mogelijk te bouwen en zoveel mogelijk onverhard voor de Een bedrijventerrein kent natuurlijk noodzakelijke verharding. De wegen adaptatie van regenwater. Inspreker vraagt hoe de biodiversiteit gehandhaafd worden gedimensioneerd op wat nodig is vanwege veiligheid en wordt in en rondom het gebied, of de biodiversiteit in kaart gebracht is en toegankelijkheid. Verhard oppervlak dient een optimaal functioneel en veilig welke maatregelen genomen worden om de biodiversiteit te beschermen en gebruik. uit te bouwen.

Belangrijk uitgangspunt voor de ontwikkeling van Heesch West echter, is het beperken van verharding, zowel op de uitgeefbare percelen, als in de parken en 77

6

Inspreker vraagt of het maximale aantal bomen geplant wordt.

7

Inspreker vraagt welke maatregelen genomen worden om de verharding te minimaliseren en welk effect dit heeft op de totale verharding.

8

Inspreker vraagt of hoogbouw geëist wordt in verband met minder ruimtegebruik.

9

Inspreker vraagt of het ruimtebeslag voor parkeren minder wordt gemaakt dan de berekende behoefte. Inspreker vraagt of OV, gemeenschappelijke auto's en de promotie van fiets en fietspaden geregeld wordt. Inspreker vraagt of een streng milieuzone regime wordt gevoerd op het terrein waar alleen elektrisch aangedreven, emissie loze voertuigen welkom zijn.

ontsluitingsassen. We verwijzen naar de beschrijvingen in paragrafen 3.6 en 4.3 van het Circulair Kwaliteitsplan over dit onderwerp. Hieruit blijkt dat minimaliseren van verharding het uitgangspunt is, in het kader van het groene karakter, duurzaamheid en waterberging. Dit aspect wordt meegewogen bij de gronduitgifteselectie, maar is ook geborgd via bepalingen in het bestemmingsplan – waarin wordt verplicht minimale percentages groen en blauw te realiseren op de bedrijfspercelen. Biodiversiteit is een van de vijf thema’s van het Circulair Kwaliteitsplan en dus ook een belangrijk aandachtspunt voor de ontwikkeling. We verwijzen ook naar onder andere het hoofdstuk 17 Natuur in Aanvulling MER en de MER uit 2019. Er worden zeer veel nieuwe bomen geplant. Bovendien worden zoveel mogelijk bestaande bomen behouden. Er worden op het terrein zelf nieuwe, brede groene singels gerealiseerd met inheemse soorten. In de singels staan niet alleen bomen maar ook heesters, struiken, kruidenlaag en zoombeplanting. Dit komt de biodiversiteit ten goede. Over het gehele terrein worden bosstroken aangeplant. Op sommige plekken zijn deze wel tot 80 meter breed. Onder andere in hoofdstuk 3.3 van het Circulair Kwaliteitsplan is globaal beschreven hoe het landschapspark er uit komt te zien.

Het landschapsontwerp wordt in een participatietraject met omwonenden en natuur- en landschapsorganisatie verder ontworpen. Zie het antwoord in rij 5. Er wordt geen hoogbouw geëist met het oog op minder ruimtegebruik. Er wordt met name gestuurd op meervoudig grondgebruik om toch zuinig met de ruimte om te gaan. Voorbeelden zijn het combineren van wateropvang en parkeren en energieopwekking op daken. De type bedrijven die op dit bedrijventerrein komen lenen zich niet goed voor letterlijk op elkaar stapelen. Logistiek bijvoorbeeld is lastig te stapelen. Nee, bedrijven moeten voldoen aan de eigen parkeerbehoefte. Het is ook mogelijk dat de parkeerbehoefte in een collectieve uitwerking plaatsvindt (nietregionaal). Zie ook het thema Mobiliteit. Fiets/gemeenschappelijk auto/OV: veilige en aantrekkelijke ontsluiting per fiets binnen het terrein en inpassing in doorgaande fietsroutes is een belangrijk uitgangspunt om fietsgebruik te bevorderen. Het terrein is gelegen langs de 78

10

Inspreker vraagt wat gedaan wordt met de uitstoot van stikstof, zowel van de gebouwen als activiteiten die plaatsvinden.

11

Inspreker vraagt welke eisen gesteld worden omtrent de te gebruiken materialen (LCA), afval en het afkoppelen van het riool, ook de vraag of circulair gedacht en gehandeld wordt.

Bosschebaan, hier is een goede busverbinding aanwezig. Verder is in een belangrijke sector in het vestigingsprofiel, namelijk logistiek, het al steeds meer gebruik om medewerkers met minibusjes vervoer aan te bieden. Het volledig uitsluiten van voertuigen met fossiele brandstoffen is nog niet reëel. Wel wordt gestuurd op een zo duurzaam mogelijk wagenpark en goede laadvoorzieningen bij de bedrijven. Dit is ook een van de aspecten die zal worden getoetst bij de gronduitgifte en via het bestemmingsplan. Beoogd wordt ook een business-to-business brandstofpunt te vestigen die duurzame brandstoffen aanbiedt. Zie thema Stikstof. Circulariteit is onlosmakelijk met het bedrijventerrein verbonden. Er is een Circulair Kwaliteitsplan opgesteld. Dit is een integraal visie-, ambitie- en ontwikkelplan. Heesch West wordt niet ontwikkeld zoals dat standaard in het verleden gebeurde. We richten de blik nadrukkelijk op de toekomst. Voor energie, klimaat en CO2 richten we ons daarbij alvast op de (inter)nationale doelstellingen van 2030. De eisen die gesteld worden aan de materialen staan in het Circulair Kwaliteitsplan in hoofdstuk 4. Bij toepassing van materialen zetten we in op ambitie grondstoffenakkoord 2030 en herbruik(baarheid) van materialen. Voor het afkoppelen van het hemelwater gaan we veel verder dan de eisen van het de rioolwaterzuiveringsinstallatie.

Het landschapspark en de bedrijven samen zorgen voor een zeer riante opvang- en infiltratiecapaciteit. Zo zijn er bijvoorbeeld ruim 2,5 km aan wadi’s en ruim 13,5 hectare aan oppervlaktewater. Bedrijven moeten bijvoorbeeld op eigen terrein parkeren aan de zijde van de Parksingels en daar ook hun waterafvoer en -infiltratie mee combineren. Het waterpeil in de centrale parkzone kan fluctueren zodat hier ook nog extra bergingscapaciteit is. Het hele systeem kan extreme natte en droge periodes opvangen. Alleen huishoudelijk water zoals toiletspoeling mag door bedrijven via bestaande rioolwatersystemen afgevoerd worden. Al het andere vuile water moeten de bedrijven zelf oplossen. Door bijvoorbeeld het water op eigen terrein te zuiveren en her te gebruiken.

79

12

Inspreker vraagt of het gebruik van het riool geminimaliseerd wordt door al het regenwater niet af te voeren maar ter plaatse in de grond te laten lopen.

Ja, zie het antwoord onder rij 11.

2. Kenmerk 1376902 Bernheze 13 Inspreker is ervan overtuigd dat de realisatie van het bestemmingsplan ten Zie thema's Gezondheid en Woon- en leefklimaat. koste gaat van het woonklimaat en gezondheid tot in Geffen, Heesch en Vinkel. 14 Inspreker stelt dat het plan zorgt voor een rood eiland in een groen gebied en Zie thema's Windturbines en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. niet aansluit bij bestaande aaneengesloten bedrijfsstructuren. De locatiekeuze voor een industrieterrein met windpark zorgt voor versnippering, wat in strijd is met nationaal en regionaal beleid om industrie en windturbines in enkele grote parken te clusteren. 15 Inspreker stelt dat op Heesch West uiterst hinderlijke bedrijven worden Zie thema's Proces en participatie, Milieucategorie en Behoefte. gevestigd die op andere plekken worden geweerd en op maatschappelijk verzet stuiten, daarom hebben de betrokken gemeenten besloten de bedrijven weg te stoppen aan de uiterste van de gemeenten ten koste van inwoners in Geffen, Heesch en Vinkel. Inspreker spreekt van een bedenkelijke manier van politiek bedrijven.

Inspreker stelt dat in de communicatie niet is ingegaan op de mogelijkheid om bedrijven met milieucategorie 5.1 toe te laten, er is beweerd dat het uitgangspunt milieucategorie 4 is, maar milieucategorie 5.1 bedrijven kunnen eenvoudig worden toegelaten via artikel 6.5.1 lid d, zonder de omwonenden deugdelijke rechtsbescherming te bieden. Inspreker meent dat op voorhand duidelijk is dat milieucategorie 5.1 bedrijven zich zullen vestigen in Heesch West, gezien het provinciaal overschot van bedrijventerrein met milieucategorie 4 en de slechte ontsluiting van Heesch West. Inspreker stelt dat voor toelating milieucategorie 5.1 een unaniem positief advies nodig hebben van de drie betrokken gemeenten, wat geen probleem oplevert aangezien de gemeente financiële belangen hebben bij het honoreren van de verzoeken. Inspreker stelt dat het gebied waarbinnen milieucategorie 5.1 bedrijven mogen worden toelaten het grootste gedeelte van het bedrijventerrein beslaat, hierdoor zullen de kavels eromheen leeg 80

16 17

18

blijven omdat andere bedrijven geen milieucategorie 5.1 bedrijf als buurman willen. Inspreker stelt dat onduidelijk is of het positief advies voor het toelaten van milieucategorie 5.1 bedrijven moet komen van het college van B&W of de gemeenteraad, wat weinig uitmaakt aangezien de coalitie een meerderheid heeft binnen de gemeenteraad. Inspreker stelt dat een unaniem advies door de drie gemeenten behaald kan worden via een krappe meerderheid in de raad en meent dat van echte unanimiteit sprake is als in artikel 6.5.1 lid d wordt opgenomen dat de betrokken gemeenteraad unaniem achter het besluit moet staan, in dat geval laat de raadsfractie zich niet volledig leiden door financiële belangen en kan het hinder voor omwonenden voorkomen. Inspreker voelt zich onder druk gezet door het onaangekondigde plan en de procedure en verwacht dat er alsnog ruimte is voor overleg en maatwerk.

Zie thema Proces en participatie.

Inspreker wijst op het MER rapport op bladzijde 123 "Aandachtspunt is wel Zie thema Mobiliteit. dat de A59 in westelijke richting al in de referentiesituatie aan de capaciteit zit en er al sprake is van filevorming" en dat het plan meer verkeer tot gevolg zal hebben. Inspreker wijst erop dat door het plan het sluipverkeer, het aantal files en opstoppingen op de A59 en toegangswegen zal toenemen. Inspreker wijst erop dat door het plan wegen onveiliger worden rondom Heesch West en de bereikbaarheid van woningen in gevaar komt. Inspreker wijst erop dat als gevolg van het plan de woning in waarde daalt. Zie thema Kosten en baten en planschade.

19

Inspreker is van mening dat de gezondheid wordt aangetast door de toename in fijnstof en geluidsoverlast.

Zie thema's Luchtkwaliteit, Geluid en Gezondheid.

20

Inspreker geeft aan dat de Koksteeg open moet blijven omdat hierdoor verkeerstoenames in en rond Vinkel hierdoor veroorzaakt worden. Dit afsluiten van de Koksteeg is volgens inspreker gebaseerd louter op het "ongewenste" mengen van verkeer van en naar Heesch West met lokaal/regionaal verkeer. Het argument van verkeersveiligheid is volgens inspreker bedenkelijk aangezien doorgaande fietsers (schoolgaande jeugd vanuit Vinkel naar Oss) wel op het industrieterrein mogen "mengen" met zwaar vrachtverkeer. Volgens inspreker wordt ten onrechte gesteld dat indien de Koksteeg niet zou worden afgesloten, deze eerst een forse opwaardering zou moeten krijgen. De huidige weginrichting voldoet voor nu

Zie thema’s Mobiliteit en Ruimtelijke kwaliteit.

81

21 22

23

24

en ook het toekomstige aantal voertuigen per dag. In het verkeersmodel is volgens inspreker uitgegaan van te hoge intensiteiten. Uit tellingen uit 2018 blijkt dat de intensiteit op de Koksteeg 800 tot 1.000 motorvoertuigen bedraagt in plaats van de 1.900 motorvoertuigen die in het verkeersmodel zijn opgenomen. Er is hierdoor volgens inspreker dan ook geen reden om de Koksteeg af te sluiten en een nieuwe doorsteek van de Koksteeg naar de Weerscheut te maken om daarmee nadelige gevolgen (als gevolg van de opwaardering van de Koksteeg) voor de uitgeefbaarheid van het bedrijventerrein te voorkomen. Inspreker stelt tevens dat als er daadwerkelijk menging van verkeer dreigt te gaan ontstaan, er andere praktische oplossingen zijn om dit te voorkomen, zoals enkel toegang voor bestemmingsverkeer, verkeerssluizen, slagbomen. Inspreker stelt dat met deze maatregelen een doorsteek langs de ecologisch en cultuurhistorisch waardevolle Ruitersdam kan worden voorkomen. Tevens stelt inspreker dat aanwonenden van de Koksteeg dan niet om hoeven te rijden en dat er dan geen verkeerstoename is in de kern van Vinkel. Inspreker is van mening dat de gigantische bouwhoogte niet inpasbaar is in Zie thema Ruimtelijke kwaliteit. het relatief kleinschalige landschap.

Inspreker geeft aan dat met de keuze voor bouwhoogte 25 tot 30 meter er lijkt te worden voorgesorteerd op bedrijven in milieucategorie 5.1, want die hoogte is niet nodig voor cat. 4 bedrijven. De term 'bedrijvenpark in groen' is misleidend en zorgt voor horizonvervuiling. Inspreker vraagt de drie windturbines van 210 meter hoogte te schrappen, vanwege negatieve effecten voor het landschap en het woonklimaat.

Zie thema Ruimtelijke kwaliteit.

Zie thema Windturbines.

Inspreker geeft aan dat geurhinder voor iedereen anders kan zijn maar dat zij Zie thema’s Geur, Externe veiligheid en Gezondheid. vreest voor stankhinder door het plan. Stankhinder, bij langdurige blootstelling, nadelige gevolgen hebben voor de gezondheid. Inspreker stelt voor om in de planregels te borgen dat bedrijven die stankhinder veroorzaken er zich niet kunnen vestigen. Inspreker vraagt om de stankoverlast te voorkomen dan wel maximaal te beperken, de stankoverlast meermaals per jaar te monitoren en bij overschrijding van de stankoverlast te handhaven. Inspreker wijst op verschillende voorbeelden van ongelukken bij 82

industrieterreinen waaruit blijkt dat een industrieterrein bij Oss en Heesch niet gewenst is. 25

26

27

28

29

30

Inspreker wijst erop dat het bedrijventerrein voor geluidsoverlast zal zorgen door de verkeersaantrekkende werking en de bedrijfsprocessen (24/7) van de industriële bedrijven. Inspreker wijst erop dat de 210 meter hoge windturbines voor geluidshinder zullen zorgen. In het bijzonder in de nacht zal het een overheersend geluid vormen. Inspreker wijst erop dat door slijtage de geluidshinder groter zal zijn en dat de rapporten onvoldoende rekening hiermee houden. Daarnaast is onvoldoende rekening gehouden met de mogelijkheid om binnen het grootste deel van het terrein 5.1 op te richten. Inspreker is van mening dat de MER en de toelichting bij het bestemmingsplan ten onrechte stellen dat het aantal woningen dat negatieve effecten van de toename van de geluidbelasting ondervindt, relatief beperkt is. Reclamant stelt dat het onterecht is de schadelijke gevolgen te bagatelliseren door te wijzen op de al hoge geluidbelasting door de A59. Inspreker meent dat als een woonklimaat slecht is door geluidhinder alles in zijn werk gesteld moet worden om dit te verbeteren en afgezien moet worden van ontwikkelingen die de hinder nog verder doen toenemen, er is daarom sprake van een slechte ruimtelijke ordening.

Inspreker wijst erop dat in de toelichting wordt opgemerkt dat bij de woningen waar een hogere waarde van maximaal 55 dB(A) voor industrielawaai wordt vastgesteld, verwacht wordt dat aan de vereiste binnenwaarde wordt voldaan, inspreker mist waarop deze verwachting is gebaseerd. Inspreker stelt verder dat een tuin juist in het woongebied een belangrijk onderdeel is van wonen, door het toenemen van de geluidbelasting is geen sprake meer van een goed woonklimaat, hier is ten onrechte geen rekening mee gehouden. Inspreker betwist op basis van het bovenstaande dat er geen sprake is van een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat voor het aspect geluid. De rapporten schetsen een te rooskleurig beeld, waardoor de geluidsbelasting in werkelijkheid groter zal zijn. Inspreker doet een beroep op u om de drie hoge windturbines te schrappen. Inspreker geeft aan dat de windturbines zorgen voor landschapsvervuiling, geluidshinder en gezondheidsproblemen als stress en slaapproblemen.

Zie thema Geluid.

Zie thema Windturbines.

Zie thema’s Windturbines, Milieucategorie en Geluid.

Zie thema Geluid.

Zie thema's Woon- en leefklimaat en Geluid.

Zie thema Windturbines.

83

31

32

33 34

35

36

37

Inspreker wijst erop dat hogere windturbines met grote wieken meer laagfrequent geluid produceren en langdurige blootstelling hieraan vermoeidheid, hoofdpijn, concentratieverlies, verstoorde nachtrust en fysiologische stress kan veroorzaken. Inspreker wijst op hinderlijke lichtvariaties en slagschaduw door de windturbines die overeenkomen met zeeziekte. Inspreker is van mening om het voorzorgsbeginsel toe te passen bij de bouw van windturbines vanwege aanwijzingen voor gezondheidsschade bij omwonenden. Inspreker wijst erop dat windturbines slachtoffers maken onder insecten, waardoor het ecosysteem verstoord kan worden.

Zie thema Windturbines.

Zie thema Windturbines.

Zie thema Windturbines

Inspreker is van mening dat er geen sprake is van goede ruimtelijke ordening, Zie thema Windturbines. omdat de afstanden tussen woningen en windturbines in omringende EUlanden langer zijn. Inspreker wijst daarnaast op uitspraken van de Raad van State dat omwonenden belanghebbend zijn indien zij binnen een afstand die gelijk is aan 10x de tiphoogte van de windturbine wonen. Dit geldt dus voor de omwonenden van Vinkel, Heesch en Geffen binnen de 2100 meter van de windturbine. Ook is het een feit dat het relatief weinig waait in dit gedeelte van Brabant. Inspreker stelt dat de gemeente ambities heeft die over de ruggen van de Zie thema’s Windturbines, Duurzaamheid en Proces en participatie. bewoners heen gaat, zonder burgerparticipatie. De weerstand is groot. De lokale bestuurders dienen zeker ook naar de belangen van omwonenden te kijken. Financiële belangen van de gemeente mogen niet doorslaggevend zijn. Inspreker vraagt zich of het prestigedrang is? Inspreker is van mening dat er een duurzame oplossing mogelijk is zónder windturbines en mét burgerparticipatie. Inspreker wijst op de eis van zorgvuldig ruimtegebruik, of er vraag is naar deze Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. hoeveelheid hectare bedrijventerrein. Inspreker stelt dat het nieuwe bedrijventerrein ten koste gaat van het bestaande agrarische, en grotendeels onbebouwde, gebied.

Inspreker beweert dat er te weinig vraag is naar categorie-4 bedrijven, omdat Zie thema Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. er nu al een overschot is van 500 hectare. Inspreker stelt dat er zorgvuldiger omgegaan dient te worden met de ruimte.

84

38

39

28

40

41

42

43

44

Inspreker verzoekt om het financiële verlies te nemen en omwonenden te behoeden voor horizonvervuiling, slagschaduw, extreme geluidsoverlast, waardedaling en overige overlast als niet wordt gecompenseerd. Inspreker wijst erop dat realisatie van het bestemmingsplan tot gevolg zal hebben dat tal van emissies gaan optreden die schadelijk zijn voor mens en milieu. Inspreker stelt dat in het bestemmingsplan ten onrechte is geconstateerd dat de voorgenomen activiteit geen negatieve effecten heeft voor de Natura 2000-gebieden Vlijmens Ven, Moerput-ten & Bossche Broek en Rijntakken. Inspreker is van mening dat de toename van uitstoot van stikstof significante gevolgen heeft voor genoemde Natura 2000-gebieden (en voor verderop gelegen Natura 2000-gebieden). Inspreker wijst erop dat de passende beoordeling die is gemaakt bij de PAS, ontoereikend is om te kunnen concluderen dat geen significante nadelige effecten op Natura 2000-gebieden zullen optreden. De stikstofruimte die is gereserveerd in de PAS, mag derhalve niet worden ingezet. Inspreker verzoekt om het plan niet in procedure te brengen en geeft aan dat een gedeelte van de kosten kan worden terugverdiend door de aangekochte gronden weer als agrarische grond of als grond voor lichte bedrijven uit te geven. Inspreker wijst erop dat omwonenden niet zijn geïnformeerd over de procedure en de actualiteit van het plan.

Inspreker stelt dat er is gezwegen over het eventueel toelaten van milieucategorie 5.1 bedrijven, wat een poging lijkt op het misleiden van de omwonenden. Ook bestuurders hebben bij de terinzagelegging aangegeven dat het onwaarschijnlijk is dat 5.1 bedrijven worden toegelaten. Inspreker verzoekt om het plan niet in procedure te brengen en geeft aan dat een gedeelte van de kosten kan worden terugverdiend door de aangekochte gronden weer als agrarische grond of als grond voor lichte bedrijven uit te geven.

Zie thema Kosten en baten en planschade.

Zie thema's Gezondheid en Ecologie.

Zie thema Stikstof.

Zie thema Stikstof.

Zie thema Stikstof.

Zie thema Kosten en baten en planschade.

Zie thema's Milieucategorie en Proces en participatie.

Zie thema Kosten en baten en planschade.

85

3. Kenmerk 1370722 Bernheze en kenmerk 9198966 ’s-Hertogenbosch 45 Inspreker is ervan overtuigd dat de realisatie van het bestemmingsplan ten Zie thema's Gezondheid en Woon- en leefklimaat. koste gaat van het woonklimaat en gezondheid tot en van in Geffen, Heesch en Vinkel. 46 Inspreker stelt dat het plan zorgt voor een rood eiland in een groen gebied en Zie thema's Windturbines en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. niet aansluit bij bestaande aaneengesloten bedrijfsstructuren. De locatiekeuze voor een industrieterrein met windpark zorgt voor versnippering, wat in strijd is met nationaal en regionaal beleid om industrie en windturbines in enkele grote parken te clusteren. 47 Inspreker stelt dat op Heesch West uiterst hinderlijke bedrijven worden Zie thema's Proces en participatie, Milieucategorie en Behoefte. gevestigd die op andere plekken worden geweerd en op maatschappelijk verzet stuiten, daarom hebben de betrokken gemeenten besloten de bedrijven weg te stoppen aan de uiterste van de gemeenten ten koste van inwoners in Geffen, Heesch en Vinkel. Inspreker spreekt van een bedenkelijke manier van politiek bedrijven.

Inspreker stelt dat in de communicatie niet is ingegaan op de mogelijkheid om bedrijven met milieucategorie 5.1 toe te laten, er is beweerd dat het uitgangspunt milieucategorie 4 is, maar milieucategorie 5.1 bedrijven kunnen eenvoudig worden toegelaten via artikel 6.5.1 lid d, zonder de omwonenden deugdelijke rechtsbescherming te bieden. Inspreker meent dat op voorhand duidelijk is dat milieucategorie 5.1 bedrijven zich zullen vestigen in Heesch West, gezien het provinciaal overschot van bedrijventerrein met milieucategorie 4 en de slechte ontsluiting van Heesch West. Inspreker stelt dat voor toelating milieucategorie 5.1 een unaniem positief advies nodig hebben van de drie betrokken gemeenten, wat geen probleem oplevert aangezien de gemeente financiële belangen hebben bij het honoreren van de verzoeken. Inspreker stelt dat het gebied waarbinnen milieucategorie 5.1 bedrijven mogen worden toelaten het grootste gedeelte van het bedrijventerrein beslaat, hierdoor zullen de kavels eromheen leeg blijven omdat andere bedrijven geen milieucategorie 5.1 bedrijf als buurman willen. 86

48 49

50 51 52 53

54 55

Inspreker stelt dat onduidelijk is of het positief advies voor het toelaten van milieucategorie 5.1 bedrijven moet komen van het college van B&W of de gemeenteraad, wat weinig uitmaakt aangezien de coalitie een meerderheid heeft binnen de gemeenteraad. Inspreker stelt dat een unaniem advies door de drie gemeenten behaald kan worden via een krappe meerderheid in de raad en meent dat van echte unanimiteit sprake is als in artikel 6.5.1 lid d wordt opgenomen dat de betrokken gemeenteraad unaniem achter het besluit moet staan, in dat geval laat de raadsfractie zich niet volledig leiden door financiële belangen en kan het hinder voor omwonenden voorkomen. Inspreker voelt zich onder druk gezet door het onaangekondigde plan en de procedure en verwacht dat er alsnog ruimte is voor overleg en maatwerk.

Zie thema Proces en participatie.

Inspreker wijst op het MER rapport op bladzijde 123 "Aandachtspunt is wel dat de A59 in westelijke richting al in de referentiesituatie aan de capaciteit zit en er al sprake is van filevorming" en dat het plan meer verkeer tot gevolg zal hebben. Inspreker wijst erop dat door het plan het sluipverkeer, het aantal files en opstoppingen op de A59 en toegangswegen zal toenemen. Inspreker wijst erop dat door het plan wegen onveiliger worden rondom Heesch West en de bereikbaarheid van woningen in gevaar komt. Inspreker wijst erop dat als gevolg van het plan de woning in waarde daalt. Inspreker is van mening dat de gezondheid wordt aangetast door de toename in fijnstof en geluidsoverlast. Inspreker is van mening dat de gigantische bouwhoogte niet inpasbaar is in het relatief kleinschalige landschap.

Zie thema Mobiliteit.

Inspreker geeft aan dat met de keuze voor bouwhoogte 25 tot 30 meter er lijkt te worden voorgesorteerd op bedrijven in milieucategorie 5.1, want die hoogte is niet nodig voor cat. 4 bedrijven. De term 'bedrijvenpark in groen' is misleidend en zorgt voor horizonvervuiling. Inspreker vraagt de drie windturbines van 210 meter hoogte te schrappen, vanwege negatieve effecten voor het landschap en het woonklimaat.

Zie thema Ruimtelijke kwaliteit.

Inspreker wijst erop dat het bedrijventerrein voor geluidsoverlast zal zorgen door de verkeersaantrekkende werking en de bedrijfsprocessen (24/7) van de industriële bedrijven.

Zie thema Geluid.

Zie thema Kosten en baten en planschade. Zie thema's Luchtkwaliteit, Geluid en Gezondheid. Zie thema Ruimtelijke kwaliteit.

Zie thema Windturbines.

87

56

57

58

59

60

61

Inspreker wijst erop dat de 210 meter hoge windturbines voor geluidshinder zullen zorgen. In het bijzonder in de nacht zal het een overheersend geluid vormen. Inspreker wijst erop dat door slijtage de geluidshinder groter zal zijn en dat de rapporten onvoldoende rekening hiermee houden. Daarnaast is onvoldoende rekening gehouden met de mogelijkheid om binnen het grootste deel van het terrein 5.1 op te richten. Inspreker is van mening dat de MER en de toelichting bij het bestemmingsplan ten onrechte stellen dat het aantal woningen dat negatieve effecten van de toename van de geluidbelasting ondervindt, relatief beperkt is. Reclamant stelt dat het onterecht is de schadelijke gevolgen te bagatelliseren door te wijzen op de al hoge geluidbelasting door de A59. Inspreker meent dat als een woonklimaat slecht is door geluidhinder alles in zijn werk gesteld moet worden om dit te verbeteren en afgezien moet worden van ontwikkelingen die de hinder nog verder doen toenemen, er is daarom sprake van een slechte ruimtelijke ordening. Inspreker wijst erop dat in de toelichting wordt opgemerkt dat bij de woningen waar een hogere waarde van maximaal 55 dB(A) voor industrielawaai wordt vastgesteld, verwacht wordt dat aan de vereiste binnenwaarde wordt voldaan, inspreker mist waarop deze verwachting is gebaseerd.

Inspreker stelt verder dat een tuin juist in het woongebied een belangrijk onderdeel is van wonen, door het toenemen van de geluidbelasting is geen sprake meer van een goed woonklimaat, hier is ten onrechte geen rekening mee gehouden. Inspreker betwist op basis van het bovenstaande dat er geen sprake is van een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat voor het aspect geluid. De rapporten schetsen een te rooskleurig beeld, waardoor de geluidsbelasting in werkelijkheid groter zal zijn. Inspreker doet een beroep op u om de drie hoge windturbines te schrappen. Inspreker geeft aan dat de windturbines zorgen voor landschapsvervuiling, geluidshinder en gezondheidsproblemen als stress en slaapproblemen. Inspreker wijst erop dat hogere windturbines met grote wieken meer laagfrequent geluid produceren en langdurige blootstelling hieraan vermoeidheid, hoofdpijn, concentratieverlies, verstoorde nachtrust en fysiologische stress kan veroorzaken.

Zie thema Windturbines.

Zie thema's Windturbines, Milieucategorie en Geluid.

Zie thema Geluid.

Zie thema's Woon- en leefklimaat en Geluid.

Zie thema Windturbines.

Zie thema Windturbines.

88

62

63 64

65

66

67

68

69

Inspreker wijst op hinderlijke lichtvariaties en slagschaduw door de windturbines die overeenkomen met zeeziekte. Inspreker is van mening om het voorzorgsbeginsel toe te passen bij de bouw van windturbines vanwege aanwijzingen voor gezondheidsschade bij omwonenden. Inspreker wijst erop dat windturbines slachtoffers maken onder insecten, waardoor het ecosysteem verstoord kan worden.

Zie thema Windturbines.

Inspreker is van mening dat er geen sprake is van goede ruimtelijke ordening, omdat de afstanden tussen woningen en windturbines in omringende EUlanden langer zijn. Inspreker wijst daarnaast op uitspraken van de Raad van State dat omwonenden belanghebbend zijn indien zij binnen een afstand die gelijk is aan 10x de tiphoogte van de windturbine wonen. Dit geldt dus voor de omwonenden van Vinkel, Heesch en Geffen binnen de 2100 meter van de windturbine. Ook is het een feit dat het relatief weinig waait in dit gedeelte van Brabant. Inspreker stelt dat de gemeente ambities heeft die over de ruggen van de bewoners heen gaat, zonder burgerparticipatie. De weerstand is groot. De lokale bestuurders dienen zeker ook naar de belangen van omwonenden te kijken. Financiële belangen van de gemeente mogen niet doorslaggevend zijn. Inspreker vraagt zich of het prestigedrang is? Inspreker is van mening dat er een duurzame oplossing mogelijk is zónder windturbines en mét burgerparticipatie. Inspreker wijst op de eis van zorgvuldig ruimtegebruik, of er vraag is naar deze hoeveelheid hectare bedrijventerrein en dat het nieuwe bedrijventerrein ten koste gaat van het bestaande agrarische, en grotendeels onbebouwde, gebied. Inspreker beweert dat er te weinig vraag is naar categorie-4 bedrijven, omdat er nu al een overschot is van 500 hectare.

Inspreker stelt dat er zorgvuldiger omgegaan dient te worden met de ruimte. Inspreker verzoekt om het financiële verlies te nemen en omwonenden te behoeden voor horizonvervuiling, slagschaduw, extreme geluidsoverlast, waardedaling en overige overlast als niet wordt gecompenseerd. Inspreker wijst erop dat realisatie van het bestemmingsplan tot gevolg zal hebben dat tal van emissies gaan optreden die schadelijk zijn voor mens en milieu.

Zie thema Windturbines.

Zie thema Windturbines.

Zie thema’s Duurzaamheid, Windturbines en Proces en participatie.

Zie thema’s Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.

Zie thema Behoefte.

Zie thema Kosten en baten en planschade.

Zie thema's Ecologie en Gezondheid.

89

70

71

72

73

74

Inspreker stelt dat in het bestemmingsplan ten onrechte is geconstateerd dat de voorgenomen activiteit geen negatieve effecten heeft voor de Natura 2000-gebieden Vlijmens Ven, Moerput-ten & Bossche Broek en Rijntakken. Inspreker is van mening dat de toename van uitstoot van stikstof significante gevolgen heeft voor genoemde Natura 2000-gebieden (en voor verderop gelegen Natura 2000-gebieden). Inspreker wijst erop dat de passende beoordeling die is gemaakt bij de PAS, ontoereikend is om te kunnen concluderen dat geen significante nadelige effecten op Natura 2000-gebieden zullen optreden. De stikstofruimte die is gereserveerd in de PAS, mag derhalve niet worden ingezet. Inspreker verzoekt om het plan niet in procedure te brengen en geeft aan dat een gedeelte van de kosten kan worden terugverdiend door de aangekochte gronden weer als agrarische grond of als grond voor lichte bedrijven uit te geven. Inspreker wijst erop dat omwonenden niet zijn geïnformeerd over de procedure en de actualiteit van het plan. Inspreker stelt dat er is gezwegen over het eventueel toelaten van milieucategorie 5.1 bedrijven, wat een poging lijkt op het misleiden van de omwonenden. Ook bestuurders hebben bij de terinzagelegging aangegeven dat het onwaarschijnlijk is dat 5.1 bedrijven worden toegelaten.

Zie thema Stikstof.

Zie thema Stikstof.

Zie thema Stikstof.

Zie thema Kosten en baten en planschade.

Zie thema's Milieucategorie en Proces en participatie.

4. Kenmerk 1373673 Bernheze 75 Inspreker is ervan overtuigd dat de realisatie van het bestemmingsplan ten Zie thema's Gezondheid en Woon- en leefklimaat. koste gaat van het woonklimaat en gezondheid tot en van in Geffen, Heesch en Vinkel. 76 Inspreker wijst op nationaal en regionaal beleid om industrie en Zie thema's Windturbines en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. windturbines in enkele grote parken te clusteren en dat dit plan zorgt voor versnippering. 77 Inspreker is van mening dat categorie 5.1 bedrijven kunnen worden Zie thema Milieucategorie. toegelaten zonder deugdelijke rechtsbescherming van de omwonenden. In artikel 6.5.1 is namelijk bepaald dat bedrijven uit milieucategorie 5.1 kunnen worden toegelaten nadat advies is ingewonnen bij de GR Heesch West en de drie betrokken gemeenten binnen die gemeenschappelijke regeling unaniem positief adviseren over het verzoek. 90

78

79

80

Inspreker wijst erop dat omwonenden niet zijn geïnformeerd over de Zie thema Proces en participatie. procedure en de actualiteit van het plan. Inspreker stelt dat er is gezwegen over het eventueel toelaten van milieucategorie 5.1 bedrijven, wat een poging lijkt op het misleiden van de omwonenden. Ook bestuurders hebben bij de terinzagelegging aangegeven dat het onwaarschijnlijk is dat 5.1 bedrijven worden toegelaten. Inspreker voelt zich onder druk gezet door het onaangekondigde plan en de procedure en verwacht dat er alsnog ruimte is voor overleg en maatwerk. Inspreker wijst op het MER rapport op bladzijde 123 "Aandachtspunt is wel Zie thema Mobiliteit. dat de A59 in westelijke richting al in de referentiesituatie aan de capaciteit zit en er al sprake is van filevorming" en dat het plan meer verkeer tot gevolg zal hebben. Inspreker wijst erop dat door het plan het sluipverkeer, het aantal files en opstoppingen op de A59 en toegangswegen zal toenemen. Inspreker wijst erop dat door het plan wegen onveiliger worden rondom Heesch West. Inspreker is van mening dat de gezondheid wordt aangetast door de Zie thema's Luchtkwaliteit, Geluid en Gezondheid. toename in fijnstof en geluidsoverlast.

81

Inspreker is van mening dat de gigantische bouwhoogte niet inpasbaar is in het relatief kleinschalige landschap.

82

Inspreker geeft aan dat met de keuze voor bouwhoogte 25 tot 30 meter er Zie thema Ruimtelijke kwaliteit. lijkt te worden voorgesorteerd op bedrijven in milieucategorie 5.1, want die hoogte is niet nodig voor cat. 4 bedrijven. De term 'bedrijvenpark in groen' is misleidend en zorgt voor horizonvervuiling. Inspreker vraagt de drie windturbines van 210 meter hoogte te schrappen, Zie thema Windturbines. vanwege negatieve effecten voor het landschap en het woonklimaat.

83 84

Inspreker geeft aan dat geurhinder voor iedereen anders kan zijn maar dat zij vreest voor stankhinder door het plan. Stankhinder, bij langdurige blootstelling, nadelige gevolgen hebben voor de gezondheid. Inspreker stelt voor om in de planregels te borgen dat bedrijven die stankhinder veroorzaken er zich niet kunnen vestigen. Inspreker vraagt om de stankoverlast te voorkomen dan wel maximaal te beperken, de stankoverlast meermaals per jaar te monitoren en bij overschrijding van de stankoverlast te handhaven.

Zie thema Ruimtelijke kwaliteit.

Zie thema's Geur en Gezondheid.

91

85

86 87

88

89

90 91

Inspreker wijst erop dat het bedrijventerrein voor geluidsoverlast zal zorgen Zie thema Geluid. door de verkeersaantrekkende werking en de bedrijfsprocessen (24/7) van de industriële bedrijven. Inspreker wijst erop dat de 210 meter hoge windturbines voor geluidshinder Zie thema Windturbines. zullen zorgen. Inspreker wijst erop dat geluidshinder in praktijk groter zal zijn dan dat opgestelde rapporten vermelden, omdat enkel gesproken wordt over gemiddelden en niet over piekwaarden. Inspreker is van mening dat de MER en de toelichting bij het bestemmingsplan ten onrechte stellen dat het aantal woningen dat negatieve effecten van de toename van de geluidbelasting ondervindt, relatief beperkt is. Reclamant stelt dat het onterecht is de schadelijke gevolgen te bagatelliseren door te wijzen op de al hoge geluidbelasting door de A59. Inspreker meent dat als een woonklimaat slecht is door geluidhinder alles in zijn werk gesteld moet worden om dit te verbeteren en afgezien moet worden van ontwikkelingen die de hinder nog verder doen toenemen, er is daarom sprake van een slechte ruimtelijke ordening. Inspreker wijst erop dat in de toelichting wordt opgemerkt dat bij de woningen waar een hogere waarde van maximaal 55 dB(A) voor industrielawaai wordt vastgesteld, verwacht wordt dat aan de vereiste binnenwaarde wordt voldaan, inspreker mist waarop deze verwachting is gebaseerd.

Inspreker stelt verder dat een tuin juist in het woongebied een belangrijk onderdeel is van wonen, door het toenemen van de geluidbelasting is geen sprake meer van een goed woonklimaat, hier is ten onrechte geen rekening mee gehouden. Inspreker betwist op basis van het bovenstaande dat er geen sprake is van een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat voor het aspect geluid. De rapporten schetsen een te rooskleurig beeld, waardoor de geluidsbelasting in werkelijkheid groter zal zijn. Inspreker geeft aan dat de windturbines zorgen voor landschapsvervuiling, geluidshinder en gezondheidsproblemen als stress en slaapproblemen.

Zie thema Geluid.

Inspreker wijst erop dat hogere windturbines met grote wieken meer laagfrequent geluid produceren en langdurige blootstelling hieraan

Zie thema Windturbines.

Zie thema Geluid.

Zie thema's Woon- en leefklimaat en Geluid.

Zie thema Windturbines.

92

vermoeidheid, hoofdpijn, concentratieverlies, verstoorde nachtrust en fysiologische stress kan veroorzaken. 92

93

94

95

96

Inspreker wijst op hinderlijke lichtvariaties en slagschaduw door de windturbines die overeenkomen met zeeziekte. Inspreker stelt voor om het voorzorgsbeginsel toe te passen bij de bouw van windturbines vanwege aanwijzingen voor gezondheidsschade bij omwonenden. Inspreker is van mening dat er geen sprake is van goede ruimtelijke ordening, omdat de afstanden tussen woningen en windturbines in omringende EU-landen langer zijn. Inspreker wijst daarnaast op uitspraken van de Raad van State dat omwonenden belanghebbend zijn indien zij binnen een afstand die gelijk is aan 10x de tiphoogte van de windturbine wonen. Dit geldt dus voor de omwonenden van Vinkel, Heesch en Geffen binnen de 2100 meter van de windturbine. Ook is het een feit dat het relatief weinig waait in dit gedeelte van Brabant. Inspreker stelt dat de gemeente ambities heeft die over de ruggen van de bewoners heen gaat, zonder burgerparticipatie. De weerstand is groot. De lokale bestuurders dienen zeker ook naar de belangen van omwonenden te kijken. Financiële belangen van de gemeente mogen niet doorslaggevend zijn. Inspreker vraagt zich of het prestigedrang is? Inspreker is van mening dat er een duurzame oplossing mogelijk is zónder windturbines en mét burgerparticipatie. Inspreker geeft aan dat de eigen woning in waarde zal dalen door de windmolens en vraagt.

Aangezien de gemeente de waardevermindering niet zal willen betalen, moet worden afgezien van de windmolens. De consequentie van de uitspraak van de Raad van State, ten aanzien van het PAS, is dat Heesch West geen prioritair project meer is. Hierdoor dient ook voor de plan een passende beoordeling gemaakt te worden. Inspreker wijst erop dat de passende beoordeling die is gemaakt, ontoereikend is om te kunnen concluderen dat geen significante nadelige effecten op Natura 2000-gebieden zullen optreden. Inspreker verzoekt om het plan niet in procedure te brengen en geeft aan dat een gedeelte van de kosten kan worden terugverdiend door de aangekochte gronden weer als agrarische grond of als grond voor lichte

Zie thema Windturbines.

Zie thema Windturbines.

Zie thema's Proces en participatie, Windturbines en Duurzaamheid.

Zie thema’s Kosten en baten en planschade en Windturbines.

Zie thema Stikstof.

Zie thema Kosten en baten en planschade.

93

bedrijven uit te geven. De kosten per inwoner, indien afgeschreven over 20 jaar, valt te overzien. 5. Kenmerk 1376224 Bernheze 97 Inspreker is ervan overtuigd dat de realisatie van het bestemmingsplan ten koste gaat van het woonklimaat en gezondheid.

Zie thema's Gezondheid en Woon- en leefklimaat.

98

Inspreker wijst op het MER rapport op bladzijde 123 "Aandachtspunt is wel dat de A59 in westelijke richting al in de referentiesituatie aan de capaciteit zit en er al sprake is van filevorming" en dat het plan meer verkeer tot gevolg zal hebben. Inspreker wijst erop dat door het plan het sluipverkeer, het aantal files en opstoppingen op de A59 en toegangswegen zal toenemen. Inspreker wijst erop dat door het plan wegen onveiliger worden rondom Heesch West. Inspreker wijst erop dat als gevolg van het plan, met name door bereikbaarheid, de woning in waarde daalt.

Zie thema Mobiliteit.

100

Inspreker is van mening dat de gezondheid wordt aangetast door de toename in fijnstof en geluidsoverlast.

Zie thema's Luchtkwaliteit, Geluid en Gezondheid.

101

Inspreker heeft uit de stukken begrepen dat de ontsluiting voor de eerst gevestigde bedrijven niet op tijd gerealiseerd gaat worden, wat zal leiden tot verkeersdruk op de Bosschebaan. Daarnaast heeft inspreker in de MER gelezen dat de verkeersdruk op de Zoggelsestraat en Bosschebaan zal afnemen, waar inspreker grote vraagtekens bij zet. Zijn vraag is wat de gemeente gaat doen als de verkeersdruk toch gaat toenemen?

Heesch West beoogt voor zowel de westelijke als de oostelijke ontsluiting naar de A59 zo snel als mogelijk na vaststelling van de plannen de verkeersontsluiting te realiseren. Met de aanleg wordt ineens geanticipeerd op een volledige ontwikkeling van het terrein (80 hectare). Er wordt door Heesch West dus voorgeïnvesteerd op de economische ontwikkelingen. Voor de eerste aanleg en ontwikkeling is het niet nodig de infrastructuur al op het eindniveau te hebben. Een precieze uitvoeringsplanning, met onder meer aandacht voor goede en veilige bereikbaarheid in de aanlegfase is nog niet beschikbaar. Wat betreft de gevreesde verkeersdruk op de Zoggelsestraat en Bosschebaan, verwijzen we naar het thema Mobiliteit. Hieruit blijkt dat er een toename is op de aangepaste Bosschebaan aan de noordzijde van Heesch West, de hoofdontsluitingsroute van en naar Heesch West, maar dat er juist verkeersafnames zijn op de Zoggelsestraat en bij de Bosschebaan ten zuiden van bedrijventerrein Cereslaan-West. Er zijn geen indicaties dat het verkeer op deze wegen toe zal nemen: de nieuwe/aangepaste Bosschebaan aan de

99

Zie thema Kosten en baten en planschade.

94

102

Inspreker wijst erop dat, naast de 24/7 bedrijfsprocessen en het verkeer, ook de 210 meter hoge windturbines voor geluidshinder zullen zorgen.

103

Inspreker wijst erop dat door slijtage de geluidshinder groter zal zijn en dat de rapporten onvoldoende rekening hiermee houden. Daarnaast is onvoldoende rekening gehouden met de mogelijkheid om binnen het grootste deel van het terrein 5.1 op te richten. Inspreker is van mening dat de MER en de toelichting bij het bestemmingsplan ten onrechte stellen dat het aantal woningen dat negatieve effecten van de toename van de geluidbelasting ondervindt, relatief beperkt is. Reclamant stelt dat het onterecht is de schadelijke gevolgen te bagatelliseren door te wijzen op de al hoge geluidbelasting door de A59. Inspreker meent dat als een woonklimaat slecht is door geluidhinder alles in zijn werk gesteld moet worden om dit te verbeteren en afgezien moet worden van ontwikkelingen die de hinder nog verder doen toenemen, er is daarom sprake van een slechte ruimtelijke ordening. Inspreker wijst erop dat in de toelichting wordt opgemerkt dat bij de woningen waar een hogere waarde van maximaal 55 dB(A) voor industrielawaai wordt vastgesteld, verwacht wordt dat aan de vereiste binnenwaarde wordt voldaan, inspreker mist waarop deze verwachting is gebaseerd. Inspreker stelt verder dat een tuin juist in het woongebied een belangrijk onderdeel is van wonen, door het toenemen van de geluidbelasting is geen sprake meer van een goed woonklimaat, hier is ten onrechte geen rekening mee gehouden.

Inspreker betwist op basis van het bovenstaande dat er geen sprake is van een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat voor het aspect geluid. De rapporten schetsen een te rooskleurig beeld, waardoor de geluidsbelasting in werkelijkheid groter zal zijn. Inspreker stelt dat er in de MER geen rekening is gehouden met het zonnepark aan de Achterste Groes.

104

105

106

noordzijde van Heesch West is voor verkeer de meest aantrekkelijke route, zeker ook met de aanvullende verkeersmaatregelen, de snelheidsverlaging op de Zoggelsestraat bij Heesch. Zie thema's Geluid en Windturbines. Zie thema’s Windturbines en Milieucategorie.

Zie thema Geluid.

Zie thema's Woon- en leefklimaat en Geluid.

Zonnepark Achterste Groes is als autonome ontwikkeling meegenomen in de referentiesituatie in het MER voor Heesch West.

95

107

Inspreker geeft aan dat de windturbines zorgen voor landschapsvervuiling, geluidshinder en gezondheidsproblemen als stress en slaapproblemen.

Zie thema Windturbines.

108

Inspreker wijst erop dat hogere windturbines met grote wieken meer laagfrequent geluid produceren en langdurige blootstelling hieraan vermoeidheid, hoofdpijn, concentratieverlies, verstoorde nachtrust en fysiologische stress kan veroorzaken. Daarnaast zal het in bijzonder in de nacht een overheersend geluid vormen. Inspreker wijst op hinderlijke lichtvariaties en slagschaduw door de windturbines die overeenkomen met zeeziekte. Inspreker is van mening om het voorzorgsbeginsel toe te passen bij de bouw van windturbines vanwege aanwijzingen voor gezondheidsschade bij omwonenden. Inspreker wijst erop dat windturbines slachtoffers maken onder insecten, waardoor het ecosysteem verstoord kan worden. Inspreker is van mening dat er geen sprake is van goede ruimtelijke ordening, omdat de afstanden tussen woningen en windturbines in omringende EU-landen langer zijn. Inspreker wijst daarnaast op uitspraken van de Raad van State dat omwonenden belanghebbend zijn indien zij binnen een afstand die gelijk is aan 10x de tiphoogte van de windturbine wonen. Dit geldt dus voor de omwonenden van Vinkel, Heesch en Geffen binnen de 2100 meter van de windturbine. Ook is het een feit dat het relatief weinig waait in dit gedeelte van Brabant. Inspreker stelt dat de gemeente ambities heeft die over de ruggen van de bewoners heen gaat, zonder burgerparticipatie. De weerstand is groot.

De lokale bestuurders dienen zeker ook naar de belangen van omwonenden te kijken. Financiële belangen van de gemeente mogen niet doorslaggevend zijn. Inspreker vraagt zich of het prestigedrang is? Inspreker is van mening dat er een duurzame oplossing mogelijk is zónder windturbines en mét burgerparticipatie. Inspreker wijst op de eis van zorgvuldig ruimtegebruik, of er vraag is naar deze hoeveelheid hectare bedrijventerrein en dat het nieuwe bedrijventerrein ten koste gaat van het bestaande agrarische, en grotendeels onbebouwde, gebied. Inspreker beweert dat er een overschot is van categorie-4 bedrijven, omdat er nu al een overschot is van 500 hectare.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=6d3d20ef-ebcb-4025-808a-7ec104a31898