CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

RVR007_TOE en REG Nobisweg_Hommelsedijk-vg02 renvooi

Raadsvergadering 23 oktober 2025, gemeente BernhezeBij agendapunt: Herstelbesluit Woonlocatie Hommelsedijk/Nobisweg34.763 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

BESTEMMINGSPLAN WOONLOCATIE NOBISWEG/HOMMELSEDIJK, HEESWIJK­DINTHER

Projectn r: Status Datum:

RVR007 vastgesteld 23 oktober 2025

krruit.en

BESTEMMINGSPLAN WOONLOCATIE NOBISWEG/HOMMELSEDIJK, HEESWIJK­DINTHER Projectnr:

RVR007

Rapportnr:

2025 l 023-RVR007-vg02

Status

vastgesteld

Datum:

23 oktober 2025

T 088 - 3366 333 F088 - 3366 099 E info@kragten. n I

2

Inhoudsopgave Toelichting

7

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel 1.2 Ligging en kadastrale begrenzing 1.3 Vigerend bestemmingsplan

9 9 10 12

Hoofdstuk 2 Gebiedsanalyse 2.1 Ontstaansgeschiedenis 2.2 Ondergrond 2.3 Netwerklaag 2.4 Occupatielaag 2.5 Samenvatting

15 16 17 20 22 24

Hoofdstuk 3 Plan 3.1 Planbeschrijving 3.2 Groen en water 3.3 Verkeer en parkeren 3.4 Duurzame en gezonde leefomgeving

27 27 32 33 35

Hoofdstuk 4 Beleid 4.1 Nationaal niveau 4.2 Provinciaal niveau 4.3 Gemeentelijk niveau

37 37 41 51

Hoofdstuk 5 Uitvoeringsaspecten 5.1 Milieu 5.2 Waarden 5.3 Waterparagraaf 5.4 Beperkingen in verband met militair vliegveld Volkel

61 61 77 85 89

Hoofdstuk 6 Economische uitvoerbaarheid 6.1 Kostenverhaal 6.2 Gemeentelijke grondexploitatie 6.3 Planschade

91 91 91 91

Hoofdstuk 7 Juridische aspecten 7.1 Algemeen 7.2 Planregels

93 93 93

3

4

Hoofdstuk 8 Procedure 8.1 Omgevingsdialoog 8.2 Overleg ex artikel 3.1.1 Bro 8.3 Ter inzage legging 8.4 Vaststelling 8.5 Beroep 8.6 Herstelbesluit

97 97 97 97 98 98 98

Bijlagen toelichting

99

Bijlage 1

Stedenbouwkundig ontwerp

99

Bijlage 2

Beeldkwaliteitplan

99

Bijlage 3

Ruimteverdeling plangebied

99

Bijlage 4

Verkeerstoets

99

Bijlage 5

Parkeerbalans

99

Bijlage 6

Ladderonderbouwing

99

Bijlage 7

Milieutechnisch bodemonderzoek

99

Bijlage 8

Akoestisch onderzoek Industrielawaai

99

Bijlage 9

Oplegnotitie Geluid industrielawaai

99

Bijlage 10

Quickscan externe veiligheid

99

Bijlage 11

Agrarisch Geuronderzoek

99

Bijlage 12

Akoestisch Onderzoek Wegverkeerslawaai

99

Bijlage 13

Besluit Hogere Waarde Wet Geluidhinder Verkeerslawaai

99

Bijlage 14

Vormvrije m.e.r.-beoordeling

99

Bijlage 15

Historisch vooronderzoek OO

99

Bijlage 16

Archeologisch bureau- en verkennend veldonderzoek

99

Bijlage 17

PVE Proefsleuvenonderzoek

99

Bijlage 18

Verkennend flora- en fauna onderzoek

99

Bijlage 19

Nader soortenonderzoek flora en fauna

99

Bijlage 20

Stikstofdepositie-onderzoek

99

Bijlage 21

Waterhuishoudkundig plan

99

Bijlage 22

Omgevingsdialoog

99

Bijlage 23

Nota van Zienswijzen

99

Bijlage 24

Vaststellingsbesluit

99

Bijlage 25

Notitie wijzigingen herstelbesluit

99

Bijlage 26

Herstelbesluit

99

Regels

101

Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten

103 103 111

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Agrarisch Artikel 4 Groen Artikel 5 Verkeer Artikel 6 Water - Watergang Artikel 7 Wonen Artikel 8 Woongebied Artikel 9 Waarde - Archeologie 2 Artikel 10 Waarde - Archeologie 3 Artikel 11 Waterstaat - Beschermingszone watergang

113 113 115 117 118 119 124 130 132 134

Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 12 Anti-dubbeltelregel Artikel 13 Algemene bouwregels Artikel 14 Algemene gebruiksregels Artikel 15 Algemene afwijkingsregels Artikel 16 Overige regels

135 135 135 135 137 137

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 17 Overgangsrecht Artikel 18 Slotregel

139 139 139

Bijlagen bij de regels

141

Bijlage 1

Staat van Bedrijfsactiviteiten

141

Bijlage 2

Beeldkwaliteitsplan

141

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek industrielawaai

141

Bijlage 4

Oplegnotitie geluid industrielawaai

141

Bijlage 5

Besluit Hogere Waarde

141

Bijlage 6

Monumentenlijst Bernheze

141

Bijlage 7

Nader soorten onderzoek flora en fauna

141

5

6

Toelichting

7

8

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel Dit bestemmingsplan voorziet in de planologische basis voor de realisatie van een reguliere woningbouwontwikkeling met maximaal 208 woningen in het gebied tussen de straten De Dieppoel, Koffiestraat, Hommelsedijk, Heuvelstraat, Nobisweg en de Zandstraat in Heeswijk-Dinther, zoals weergegeven op onderstaande afbeelding. Het woningbouwplan kent een gedifferentieerd woningbouwprogramma voor een brede doelgroep, bestaande uit rijwoningen, twee-onder-een-kap woningen, vrijstaande woningen, vrije sector kavels, sociale (huur)woningen, levensloopbestendige seniorenwoningen, rug-aan-rug microwoningen en speciale woon(zorg)vormen.

LIGGING PLANGEBIED

Op de locatie aangrenzend aan de kern Heeswijk-Dinther zijn agrarische gronden en drie intensieve veehouderijen gelegen. Het voornemen bestaat om ten behoeve van de ontwikkeling van planologisch maximaal 208 woningen voor diverse doelgroepen, de bedrijfsactiviteiten van de drie intensieve veehouderijen aan de Hommelsedijk 4a, 4b en Nobisweg 15 te beëindigen en bijbehorende stallen te saneren. Het initiatief past niet binnen het vigerende bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze', aangezien ter plaatse van de agrarische gronden geen nieuwe woningen zijn toegestaan. De gemeente Bernheze heeft echter aangegeven in principe medewerking te willen verlenen aan het initiatief door middel van een bestemmingsplanwijziging.

9

1.2 Ligging en kadastrale begrenzing De hierna opgenomen afbeelding geeft de topografische situatie van het te ontwikkelen gebied weer.

TOPOGRAFISCHE SITUATIE

10

Op de hierna opgenomen afbeelding is de kadastrale situatie weergeven. Tevens is de plangrens van voorliggend bestemmingsplan ingetekend.

KADASTRALE SITUATIE

De gronden zijn kadastraal bekend bij de gemeente Bernheze als: sectie E, nummers 564, 565, 568, 571, 572, 3064, 6035, 2702, 541, 570, 1104, 1105, 3064, 3065 sectie F, nummers 1311, 861, 1312 (gedeeltelijk), 676, 1055, 1431, 834, 1432, 271 (gedeeltelijk) en 251. De totale oppervlakte van het plangebied bedraagt circa 131.500 m². Ten opzichte van het ontwerp-bestemmingsplan is het plangebied enigzins verruimd. Ter plaatse van de Nobisweg is de grens van het plangebied omwille van beheer verlegd naar het hart van de sloot waardoor een klein deel van het perceel F247 onderdeel van het plan is geworden. Verder is een strook van circa 50 meter van de percelen F257 en F700 met een agrarische gebiedsbestemming onderdeel geworden van het plangebied ten behoeve van het opnemen van een verbod op gewasbeschermingsmiddelen op deze strook. De totale oppervlakte van het plangebied bedraagt hiermee circa 138.500 m2.

11

1.3 Vigerend bestemmingsplan Ter plaatse van het plangebied vigeert het bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze', onherroepelijk door de uitspraak van de Raad van State d.d. 8 oktober 2014. De hierna opgenomen afbeelding geeft een uitsnede van de vigerende verbeelding. De ligging van het plangebied is rood omlijnd.

UITSNEDE VERBEELDING VIGEREND BESTEMMINGSPLAN

Enkelbestemmingen In het vigerende bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze' zijn de gronden binnen het plangebied bestemd als 'Agrarisch', 'Verkeer' en 'Water'.

Agrarisch Ter plaatse van de enkelbestemming 'Agrarisch' zijn de gronden onder meer bestemd voor  agrarisch grondgebruik;  de uitoefening van het agrarisch bedrijf, meer in het bijzonder: 1. een intensief veehouderijbedrijf, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'intensieve veehouderij' (functietype 'agrarisch bedrijf');

12

       

2. een grondgebonden agrarisch bedrijf, ter plaatse van de aanduiding 'agrarisch bedrijf', en tevens ter plaatse van de aanduiding 'intensieve veehouderij' (functietype 'agrarisch bedrijf') en ter plaatse van de aanduiding 'bomenteelt' (functietype 'agrarisch bedrijf'); 3. een boomteelt bedrijf, ter plaatse van de aanduiding 'bomenteelt' (functietype 'agrarisch bedrijf'); een burgerwoning, uitsluitend ter plaatse van de aanduidingen 'wonen', 'specifieke vorm van wonen - ruimte voor ruimte' of 'specifieke vorm van wonen - beperkte inhoudsmaat' (functietype 'wonen'); ontwikkeling van een aantrekkelijk en gevarieerd woon- en werkklimaat ter plaatse van de aanduiding 'wro-zone - woonwerkontwikkelingsgebied'; water en waterhuishoudkundige doeleinden; groenvoorzieningen; behoud van landschapselementen; extensieve dagrecreatie; doeleinden van openbaar nut; een en ander met bijbehorende voorzieningen, zoals perceelsontsluitingen, onverharde wegen, kavelpaden en sloten.

Verkeer Ter plaatse van de enkelbestemming 'Verkeer' zijn de gronden onder meer bestemd voor de aanleg en instandhouding van wegen, voet- en rijwielpaden, waarbij wordt gestreefd naar een inrichting hoofdzakelijk gericht op de afwikkeling van het doorgaande verkeer en met daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waterhuishoudkundige- en groenvoorzieningen;

Water - Watergang De voor 'Water - Watergang' aangewezen gronden zijn bestemd voor:  de berging en/of afvoer van water;  recreatief medegebruik;  ontwikkeling van natuurlijke oevers; een en ander met bijbehorende voorzieningen. Dubbelbestemmingen De gronden binnen het plangebied hebben (deels) de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie 2', 'Waarde Archeologie 3' en 'Waterstaat - Beschermingszone watergang'.

Waarde - Archeologie 2 De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van gronden van archeologische waarde en gronden met een hoge archeologische verwachtingswaarde.

Waarde - Archeologie 3 De voor 'Waarde - Archeologie 3' aangewezen gronden zijn mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van gronden van archeologische waarde en gronden met een middelhoge archeologische verwachtingswaarde.

Waterstaat - Beschermingszone watergang De voor 'Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming (basisbestemming), met voorrang mede bestemd voor de bescherming en het onderhoud van de in deze zone gelegen dan wel daaraan grenzende watergang. Gebiedsaanduidingen Binnen het plangebied zijn gronden als 'reconstructiewetzone - extensiveringsgebied' en 'wro-zone woonwerkontwikkelingsgebied' aangeduid. Ter plaatse van deze gebiedsaanduiding zijn specifieke regels van toepassing. Deze specifieke regels zijn opgenomen in de bestemming waarbinnen dit geldt. Conclusie Het initiatief betreft het ontwikkelen van een woonlocatie met planologisch maximaal 208 woningen, zoals omschreven in paragraaf 1.1. Het initiatief past niet binnen het vigerende bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze'. Een herziening van het bestemmingsplan is daarom noodzakelijk.

13

14

Hoofdstuk 2 Gebiedsanalyse Dit hoofdstuk geeft een ruimtelijk-functionele analyse van het plangebied weer, gebaseerd op de lagenbenadering. Er wordt ingegaan op de ontstaansgeschiedenis, de opbouw van het bodem- en grondwatersysteem, de eigenschappen en functies van de netwerken ter plaatse van het plangebied en de occupatielaag waar de ruimtelijke en functionele structuur wordt omschreven. Voor de leesbaarheid is in de planbeschrijving een onderscheid gemaakt tussen de volgende deelgebieden:  Woonlocatie Koffiestraat (A)  Woonlocatie Hommelsedijk (B)  Woonlocatie Nobisweg (C) De verschillende deelgebieden zijn in onderstaande afbeelding nader aangeduid.

DEELGEBIEDEN PLANGEBIED

15

2.1 Ontstaansgeschiedenis Heeswijk en Dinther zijn ontstaan in de buurt van een doorwaadbare plaats in de rivier de Aa. Het middelpunt van Dinther vormde altijd het gebied rond de kerk. De verspreide bebouwing van het dorp strekte zich al in de 18e eeuw ver uit. Later wordt de agrarische ruimte tussen deze linten opgevuld met kleinschalige woonwijken. Op de navolgende kaarten is de situatie van 1900 tot 2020 weergegeven, waarop de plangrenzen van voorliggend bestemmingsplan is ingetekend. Er kan gesteld worden dat de meeste wegen en erven binnen het plangebied tot minimaal 1900 terug te leiden zijn en dat de ruimtelijke structuur van het plangebied de afgelopen 120 jaar zeer weinig veranderingen heeft doorgemaakt. Op de kaarten is te zien dat de huidige wegenstructuur rondom het plangebied al sinds 1900 aanwezig is. Centraal in het gebied staat een onregelmatige verkaveling. Al sinds 1900 zijn langs de omliggende wegen boerenerven met enkele inprikkers gelegen. Wel zijn in de afgelopen decennia diverse ingrepen en veranderingen aangebracht in de waterstructuur en is de ontwatering omgeleid. Vanaf 1940 zijn de kenmerkende vennen grotendeels verdwenen en zijn enkele percelen opgehoogd. In de jaren tachtig zijn diverse watergangen omgelegd, waardoor het huidige watersysteem is ontstaan.

De ruimtelijke structuur van de directe omgeving van het plangebied is daarentegen wel sterk veranderd, van een agrarisch landschap tot midden 20e eeuw tot een woongebied anno nu. Tussen 1980 en 2000 heeft een grotere uitbreiding van woonwijken en industrie plaatsgevonden en vonden tussen 2000 en 2020 nog kleine uitbreidingen, ten westen van het plangebied plaats.

16

TOPOGRAFISCHE KAART IN 1900

TOPOGRAFISCHE KAART IN 1940

TOPOGRAFISCHE KAART IN 1980

TOPOGRAFISCHE KAART IN 2020

2.2 Ondergrond De ondergrondlaag bestaat uit een abiotisch, een biotisch en een watersysteem. Samen vormen deze het ondergrondsysteem ook wel bodem- en grondwatersysteem genoemd.

2.2.1 Geomorfologie Heeswijk en Dinther zijn ontstaan op de oeverwal die tussen de beekdalen van de Aa en Leijgraaf is gelegen. Op de brede dekzandrug zijn twee kernen ontstaan te midden van een complex van akkers en weilanden, waar een kleinschalig kampenlandschap is ontstaan. Het plangebied ligt op een complex van dekzandwelvingen aan de noordzijde van Heeswijk-Dinther. Het betreft een overgangsgebied van de dekzandrug waarop de dorpen zijn gebouwd naar het beekdal van de Leijgraaf. Het gebied is ontstaan door windafzettingen van de dekzandrug waardoor er een zwak golvend oppervlak is ontstaan.

GEOMORFOLOGIE (BODEMATLAS)

2.2.2 Bodem Landschappelijk is het verschil tussen de zuid- en noordzijde van de kern Heeswijk-Dinther duidelijk waarneembaar. Noordelijk van de kern liggen de hoger gelegen gronden die worden gebruikt als bouwland. De percelen zijn groot, er zijn weinig bomen of kavelbeplantingen. Het gebied is daardoor zeer open. De laaggelegen beekgronden ten zuiden van de kern worden afwisselend gebruikt als akker of weiland. Het betreft hier een besloten landschap, de percelen zijn klein en er is nog vrij veel kavelbeplanting aanwezig. Open stukken worden afgewisseld met kleine bosjes. Dit (agrarisch) grondgebruik is gedeeltelijk terug te zien in de bodemkaart (zie donker bruine gronden en licht groene gronden op de navolgende uitsnede). Het plangebied ligt op twee verschillende bodemtypes. Het noordelijke deel (rond de Hommelsedijk) is gelegen op hoge zwarte enkeerdgronden. Het zuidelijke deel van het plangebied (aan de Nobisweg) is gelegen op Laarpodzolgronden, met uitzondering van het zuidoostelijke puntje dat overgaat in veldpodzolgronden. Enkeerdgronden bestaan uit een humusrijke bruingekleurde laag grond, het esdek, van ten minste vijftig centimeter dik. In de Nederlandse bodemclassificatie vallen enkeerdgronden onder de zogenaamde dikke eerdgronden. Deze bodemsoort komt voor in zandlandschappen die gevormd zijn in het Pleistoceen.

Deze gronden zijn ontstaan door het potstalsysteem waarbij de grond werd bemest met dierlijke mest en plaggen. Wat nog goed te zien is, is dat dit bodemtype rondom Heeswijk en Dinther heen ligt. De plek rondom de kern waar agrarische activiteiten plaatsvonden.

17

Een laarpodzolgrond is een bodemtype dat behoort tot de gewone hydropodzolgronden. In deze suborde worden hydromorfe kenmerken hoog in het profiel waargenomen, wat erop wijst dat ze in het verleden permanent of periodiek met water verzadigd waren. De ligging van deze gronden corresponderen ook met de locatie van de Nieuwe Loop en de voormalige vennen die op de oude kaarten met ziet. Het zijn podzolen met een 30 – 50 cm dikke deels door de plaggenbemesting opgebrachte donkere bovengrond. Een veldpodzolgrond is een bodemtype in het Nederlandse systeem van bodemclassificatie dat behoort tot de suborde van de hydropodzolgronden. In deze suborde worden hydromorfe kenmerken hoog in het profiel waargenomen, wat erop wijst dat ze in het verleden permanent of periodiek met water verzadigd waren. De veldpodzolgronden liggen in lagere delen, zoals afvoerloze laagten, en op lage ruggen, met relatief hoge grondwaterstanden.

BODEMKAART (BODEMATLAS)

2.2.3 Reliëf De dorpen Heeswijk en Dinther zijn gelegen op een hogere zandrug tussen de beekdalen van de Aa en de Leijgraaf. Nieuw aangebouwde wijken zoals ten westen en zuiden van het plangebied liggen hoger dan het omliggende landschap maar niet op het niveau van het centrum. In noordoostelijke richting ligt het beekdal van de Leijgraaf, dat door een broekgebied stroomt; het Dinthersche Broek. Dit broekgebied vormt de waterscheiding tussen het beekdal van de Leijgraaf en de Nieuwe Loop. Op de hoogtekaart AHN is duidelijk te zien dat er een laagte van het noordwesten richting het zuidoosten loopt. Dit is de oorspronkelijke loop van de gedeeltelijk gedempte Nieuwe Loop. Het gebied in de hoek Hommelsedijk – Zandstraat ligt op een hoger gelegen dekzandrug. Dit is ook zichtbaar op de naam van het gebied, dat 'het Zand' heet en de Zandstraat. Het plangebied aan de Nobisweg ligt in de laagte van de oude Nieuwe Loop. Het maaiveld ligt tussen de 7,6 m en 7,8 m + NAP, met uitzondering van het opgehoogde perceel van de boerderij van Nobisweg 15 van circa 8,2 m + NAP . Deze te verklaren ophoging voor de percelen met opstallen zie je ook terug bij de te saneren percelen aan de Hommelsedijk. Deze percelen zijn opgehoogd tot circa 8,3 m en 9,0 m + NAP. Het middengebied tussen de Hommelsedijk en Nobisweg dat vrij is van bebouwing ligt op circa 7,7 m tot 8,1 m + NAP.

Het noordelijke deel van het plangebied is al wat hoger gelegen. Het maaiveld ligt op 7,9 m tot 8,5 m + NAP.

18

HOOGTEKAART (AHN)

2.2.4 Water Zoals reeds beschreven in voorgaande paragrafen is duidelijk te zien dat er een laagte van het noordwesten richting het zuidoosten loopt, de oorspronkelijke loop van de gedeeltelijk gedempte Nieuwe Loop. In de huidige situatie wordt het watersysteem echter gekenmerkt door twee 'nieuwe' A-watergangen die in noordelijke en oostelijke richting afstromen richting de Leijgraaf. In de omgeving op enige afstand van het plangebied zijn een aantal bestaande peilbuizen aanwezig. Op basis van onderzoeken uit de omgeving, het landelijk hydrologisch model en de aanwezige peilbuizen in de omgeving is de GHG bepaald op NAP + 7,2 m. Er ligt een A-watergang in het noordelijke gebied aan de Hommelsedijk die naar het noorden richting de Leijgraaf stroomt. Een andere A-watergang ligt in het middengebied (buiten de plangrenzen) en stroomt richting het oosten weg richting de Leijgraaf. Overige watergangen binnen het plangebied betreffen B-watergangen (schouwsloten). Rondom het plangebied zijn daarnaast nog diverse poelen aanwezig die grotendeels niet op historische locaties gelegen zijn. Deze poelen zijn echter in aantal minder en in omvang kleiner dan in het verleden. Uit het infiltratieonderzoek, dat voor dit woningbouwplan is uitgevoerd, is naar voren gekomen dat de leegloop door infiltratie complex zal zijn.

Dit betekent dat het hemelwater niet snel en makkelijk genoeg de grond in kan trekken. Om overlast te voorkomen en om aan de eisen voor leegloop te voldoen, dient het infiltratieoppervlak van de voorziening daarom erg groot te zijn. Voor de verwerking van hemelwater is infiltratie dus niet optimaal en dient er aan alternatieve methoden gedacht te worden. Van 16 tot 19 m onder maaiveld is een zeer grove zandlaag aanwezig dat zwak grindig en zwak ziltig is. Hier kan de verwerking van hemelwater potentieel via grindpalen mogelijk zijn. Een andere optie kan zijn om een vertraagde leegloop aan te sluiten op het gemeentelijk stelsel. In de waterparagraaf (paragraaf 5.3) wordt hier nader op ingegaan.

19

LEGGER WATERSCHAP AA EN MAAS

GRONDWATERTRAPPEN (BODEMATLAS)

2.3 Netwerklaag De netwerklaat bestaat uit diverse netwerken die samen een belangrijke voorwaarde zijn voor de stedelijke en economische dynamiek. Belangrijke veranderingen in deze laag duren circa 20 tot 80 jaar. Bij de ruimtelijke planvorming is het essentieel de eigenschappen en functies van deze netwerken in beeld te brengen en de eisen die deze stellen aan de ruimte vast te leggen. Netwerken kennen hoge aanloopkosten en lange aanlooptijden.

2.3.1 Groennetwerk Het plangebied is niet gelegen in een Natura2000-gebied, maar ligt op een ruime afstand van ten minste 12 km hier vandaan. Daarnaast ligt het plangebied ook niet binnen de begrenzing van het Natuurnetwerk Brabant (NNB). Het meest nabij gelegen gebied dat als NNB is aangewezen, ligt op enkele honderden meters aan zowel de Leijgraaf als de Aa.

20

Binnen en rondom het plangebied zijn er verschillende groenbelevingen. In de meest zuidwestelijke punt zijn het de sportvelden die de omgeving 'groen' maken. Dit zorgt voor een andere beleving dan de akkers en graslanden, die vanaf hier richting het oosten het beekdal in lopen. Vanaf de hoogte van de knik in de Nobisweg en de hockeyvelden in de Hommelsedijk heeft de omgeving een landelijk karakter. Percelen en erven zijn grotendeels afgeschermd met bossingels en hagen met daar tussendoor zichtlijnen naar het 'middengebied'. De wegen worden begeleid door een sterke laanstructuur. In en rondom het plangebied zijn enkele solitaire bomen en kleine bosjes aanwezig, maar over het algemeen is het voor een groot deel van het jaar een open landschap. De akkers met maïs beperken echter een deel van het jaar het zicht op het open landschap. Vanaf de Zandstraat vormt de bebouwing aan de westzijde een redelijk dicht lint, hier zijn weinig zichtlijnen aanwezig.

KAART INVENTARISATIE LANDSCHAPSELEMENTEN EN ZICHTLIJNEN

Om een indruk te verkrijgen van de (mogelijk) aanwezige beschermde planten- en diersoorten binnen het onderzoeksgebied is een verkennend flora- en faunaonderzoek uitgevoerd (zie paragraaf 5.2.4). Binnen het onderzoeksgebied en in de omgeving is het potentieel leefgebied van de huismus, steenuil, vleermuis, das, kleine marterachtigen en diverse amfibieën aangetroffen. Door de geplande ontwikkeling gaat een deel van deze leefgebieden verloren en dient een compensatie- en mitigatieplan te worden opgesteld en uitgevoerd. De beschrijving van dit compensatie- en mitigatieplan zal later in paragraaf 5.2.4 worden opgenomen.

2.3.2 Verkeersnetwerk De verkeersstructuur in en rondom het plangebied bestaat hoofdzakelijk uit de twee gebiedsontsluitingswegen, de Hommelsedijk/Torenstraat en de Nobisweg/Vorstenbosseweg. Vanaf de kruising met de Koffiestraat heeft de Hommelsedijk een landelijk karakter. Hetzelfde geldt voor de Nobisweg waar deze over gaat in de Vorstenbosseweg. De twee gebiedsontsluitingswegen zijn verbonden middels de Zandstraat aan de oostzijde en de Heuvelstraat de westzijde van het plangebied. Dit zijn verharde landwegen zonder trottoir. Het noordelijke deel van het plangebied wordt omsloten door de Koffiestraat en De Dieppoel. De Koffiestraat kent een duidelijke laanstructuur met een smal profiel waaraan diverse vrijstaande woningen (oud en nieuw) staan. Ter hoogte van Koffiestraat 2a ligt de entree naar nieuwbouwwijk Rodenburg. De Dieppoel is een rustige landweg met twee vrijstaande woningen en veel groen. Vanaf de Zandstraat loopt een fiets-/voetpad (Gedwongen Arbeidstraat) in oostelijke richting naar het beekdal van de Leijgraaf en het Trimbos. In het plangebied zijn geen informele recreatieve routes aanwezig.

21

KAART VERKEERSSTRUCTUUR

2.4 Occupatielaag De occupatielaag kent een hoge veranderingssnelheid. Veranderingen voltrekken zich veelal binnen één generatie (10 tot 40 jaar). Feitelijk bestaat de occupatielaag uit de gebruikspatronen die voortkomen uit het menselijk gebruik van de ondergrond en de netwerken. Bij de planning van de occupatielaag moet rekening worden gehouden met de eigenschappen en functies van de ondergrond en de netwerken en de eisen die deze lagen stellen aan het ruimtegebruik.

2.4.1 Ruimtelijke en functionele structuur Het plangebied ligt aan de oostzijde van het dorp Heeswijk-Dinther, in de kern Dinther. Het gebied wordt omsloten door de Heuvelstraat/Koffiestraat in het westen, De Dieppoel en Hommelsedijk in het noorden, de Nobisweg in het zuiden en de Zandstraat in het oosten. Ten zuiden en ten westen van het plangebied is de bebouwde kom van Heeswijk-Dinther gelegen. Aan de oostzijde sluit het plangebied aan op het buitengebied, richting het beekdal van de Leijgraaf. Dit gebied staat ook wel bekend als het Dinthersche Broek. In de directe omgeving van het plangebied bevinden zich aan de Heuvelstraat de sportvelden van Avesteyn en HDL. Aan de Koffiestraat en aan de Nobisweg grenst het plangebied aan woningen. De bestaande bebouwing is hier op het buitengebied georiënteerd. Rondom het plangebied zijn meerdere historische / kenmerkende langgevelboerderijen aanwezig, waarvan drie rijksmonumenten. Aan de Koffiestraat (1a), aan de Heuvelstraat (7) en op de hoek Heuvelstraat/Nobisweg (10). Daarnaast is aan de Zandstraat, De Dieppoel en de Hommelsedijk enkele bebouwing aanwezig. De bebouwing aan de Zandstraat vormt een redelijk dicht lint.

Het plangebied zelf staat historisch ook bekend onder de naam (H)eikenhoek en kent een open, voornamelijk agrarisch landschap, dat de laatste decennia van een volledig agrarisch buitengebied naar een landschappelijk gebied is getransformeerd en omgeven is door het dorp.

22

Binnen het plangebied zijn aan de Koffiestraat 2a, De Dieppoel 1 en de Hommelsedijk woningen gelegen en liggen aan de Koffiestraat moestuinen. Daarnaast zijn binnen het plangebied aan de Hommelsedijk en Nobisweg nog enkele agrarische bedrijven met bijbehorende bebouwing en stallen aanwezig, met voornamelijk intensieve veeteelt. De drie intensieve veehouders aan de Hommelsedijk 4a, 4b en aan de Nobisweg 15 zullen bij deze ontwikkeling hun bedrijfsactiviteiten beëindigen, waardoor de mogelijkheid ontstaat voor een andere invulling van het gebied. Een transformatie van agrarisch gebied met intensieve veehouderijen naar een groen woongebied biedt kansen om de leefkwaliteit van zowel het gebied zelf als de kern Dinther te verbeteren. Het plangebied heeft in zijn huidige gebruik geen ontsluitingsfunctie voor de dorpskern van Dinther en grenst aan de bestaande straten De Dieppoel, Hommelsedijk, Koffiestraat, Heuvelstraat, Nobisweg en de Zandstraat. De navolgende afbeeldingen geven de huidige situatie van het plangebied en zijn directe omgeving weer.

DIRECTE OMGEVING

De navolgende afbeeldingen geven de huidige situatie van het plangebied en zijn directe omgeving weer.

23

MONUMENTALE BOERDERIJ OP HOEK NOBISWEG / HEUVELSTRAAT

ZICHT VANAF NOBISWEG OP AGRARISCH LANDSCHAP

AGRARISCHE BEDRIJVEN AAN HOMMELSEDIJK 4A EN 4B

MOESTUINEN AAN KOFFIESTRAAT

WONINGEN AAN KOFFIESTRAAT 2A EN DE DIEPPOEL 1

AGRARISCH BEDRIJF NOBISWEG 15

2.5 Samenvatting De uitgangspuntenkaart, zoals hieronder weergegeven, is een resultante van de gebiedsanalyse en geeft de belangrijkste stedenbouwkundige en landschappelijke waarden, kwaliteiten en kenmerken van het plangebied weer. De elementen weergegeven op onderstaande kaart zijn als basis gebruikt voor de toekomstige ontwikkeling, waarbij deze behouden blijven of verder versterkt kunnen worden. Enkele belangrijke elementen die op de kaart zichtbaar zijn en daarmee een belangrijke rol spelen in het gebied zijn:  de bomenlanen langs de aangrenzende wegen;  de zichtlijnen het buitengebied in;  de historische/monumentale langgevelboerderijen;  de erfbeplanting rondom de percelen;  de poelen en vennen in het plangebied;  de solitaire landschapselementen zoals bomen en bosjes;  3 bomen op de perceelsgrens ter hoogte Nobisweg 14-16 (monumentaal conform de nieuwe monumentale bomenlijst);  de zandweg ter hoogte van Hommelsedijk 25;  de groene brink ter hoogte van Hommelsedijk 25-27;

24

OVERZICHTSKAART GEBIEDSANALYSE

25

26

Hoofdstuk 3 Plan In dit hoofdstuk is de beschrijving van het plan, woonlocatie Nobisweg/Hommelsedijk, opgenomen.

3.1 Planbeschrijving 3.1.1 Kernrand Nobisweg-Hommelsedijk Voorliggend plan betreft een nadere uitwerking van de door de gemeente Bernheze vastgestelde visie 'Bebouwingsconcentraties Bernheze'. Hier wordt in paragraaf 4.3.4 nader op ingegaan. Op onderhavige locatie is binnen deze visie de aanduiding 'transformatiegebied dorpsrand' van toepassing. Hierin staat het ontwikkelen van een afronding van de kern centraal, waarbij een gevarieerde, rafelige dorpsrand ontstaat die een sterke relatie met het landschap aangaat, zodat wonen aan het landschap als kwaliteit wordt versterkt. In het kader van een goede gezondheid en een goed woon- en leefklimaat is voorliggend bestemmingsplan tevens gericht op de sanering van drie intensieve veehouderijen en het mogelijk maken van de woningbouwontwikkeling, nader uitgewerkt in de navolgende paragrafen. Los van deze woningbouwontwikkeling neemt de gemeente het initiatief om verdere invulling te geven aan de ontwikkeling van het middengebied. Omdat beide planonderdelen ruimtelijk samenhangen maar in het proces uiteen lopen, wordt er in het kader van voorliggende ontwikkeling op visieniveau, geschetst hoe dit middengebied er uit zou kunnen komen te zien. Dit wensbeeld voor het middengebied is op de navolgende afbeelding inzichtelijk gemaakt.

WENSBEELD MIDDENGEBIED

Het wensbeeld toont aan dat met de ontwikkeling van de woonlocatie de robuuste groenstructuur, richting de kern van Heeswijk-Dinther verstrekt kan worden. In een nadere uitwerking kan dit vorm krijgen door in te zetten op reeds bestaande groen- en waterstructuren en het gebied bij voorkeur beleefbaar te maken. Door de groene inprikkers te realiseren die de nieuwe woongebieden verbinden met het buitengebied en die als zichtlijnen richting het middengebied functioneren.

27

3.1.2 Aantal woningen In het stedenbouwkundig ontwerp, zoals opgenomen bijlage 1, wordt voorzien in de ontwikkeling van 198 woningen, bestaande uit 195 woningen ten aanzien van de nieuwe woonlocatie en 3 extra woningen (de zogehete meeloopinitiatieven) op de percelen van De Dieppoel 1, Hommelsedijk 31a en Hommelsedijk 35 die meegenomen zijn in voorliggend plan. Met voorliggend bestemmingsplan worden in de regels, voor enige flexibiliteit, in totaal maximaal 208 woningen planologisch mogelijk gemaakt. In de bijbehorende onderzoeken, die in hoofdstuk 5 zijn omschreven, is eveneens uitgegaan van dit aantal van maximaal 208 woningen. Op de verbeelding staat per bestemmingsvlak een maximum aantal woningen vermeld. Het totaal aantal woningen volgens de verbeelding is opgeteld hoger dan het maximum aantal van 208. Dit is nodig om de gewenste flexibiliteit ten aanzien van het type en aantallen woningen binnen het totale plangebied te kunnen bieden. Via de regels wordt geborgd dat het aantal nieuwe woningen binnen het plangebied in zijn totaliteit niet meer dan 208 mag bedragen.

3.1.3 Stedenbouwkundige hoofdstructuur Het middengebied verbindt het buitengebied met de kern. Bij het ontwerp is rekening gehouden met het wensbeeld van een groen middengebied. Op onderstaande afbeelding is het totaal beeld van de woningbouwontwikkeling in kaart gebracht (zie ook bijlage 1). Tevens is middels rode omlijning het plangebied aangegeven.

STEDENBOUWKUNDIG ONTWERP (JULI 2024)

Het plangebied onderverdeeld in drie deelgebieden (globale begrenzing):  Deelgebied A grenst aan de wegen De Dieppoel, Koffiestraat en Hommelsedijk.  Deelgebied B ligt aan de Hommelsedijk en Heuvelstraat.  Deelgebied C is gelegen ten noorden van de Nobisweg en grenst aan de oostzijde aan de Zandstraat.

28

GLOBALE LIGGING PLANGEBIED IN DEELGEBIEDEN A,B & C

Woonlocatie Koffiestraat (deelgebied A) Het gebied dat wordt ingesloten door de Hommelsedijk aan de zuidzijde, de Koffiestraat aan de westzijde en De Dieppoel aan de noordzijde betreft deelgebied A (zie onderstaande afbeelding). Deelgebied A maakt onderdeel uit van het gebied 'Verstedelijking afweegbaar'. De ontwikkeling van dit deelgebied zet in op een afronding van de kern door aan te haken op de recent ontwikkelde wijk Rodenburg. Dit betekent dat hier een nieuwe woonbuurt ontstaat met diverse woningtypologieën (starters, senioren, doorstromers en bijzondere woonmilieus). Aan de Hommelsedijk wordt de bestaande lintstructuur doorgezet met diverse vrijstaande woningen. Ook aan de Koffiestraat is een typologie gekozen (levensloopbestendige tweekappers) die aansluit bij de bestaande situatie. Belangrijk is dat hierbij de bomenlaan behouden blijft. Op de hoek van de Koffiestraat en Hommelsedijk komt een bijzonder gebouw met seniorenwoningen te staan dat beide straten met elkaar verbindt. De groene brink voor dit gebouw is een antwoord op de tegenoverliggende brink naast het langgevel-monument. Ook aan De Dieppoel wordt gekozen voor een vrijstaande woning en tweekappers om de impact op de landelijke wegen te beperken. Aan de noordzijde van het plan, aan De Dieppoel, staat op een bijzondere plek een markant rug-aan-rug volume.

Dit landelijke type slaat een brug tussen de nieuwe buurt en het buitengebied. Het midden van de nieuwe buurt is sterk opgehangen aan een symmetrieas die van het complex in de hoek van de Koffiestraat en Hommelsedijk naar het noorden loopt. De openbare ruimte ontvouwt zich langs deze as en biedt ruim plek voor groen en waterberging. Diverse woning typologieën rondom het groen definiëren de openbare ruimte. Voor gemotoriseerd verkeer zijn er twee verbindingen met de Hommelsedijk. Voor langzaam verkeer zijn er ook ontsluitingen op de Koffiestraat en De Dieppoel. De ontsluiting op de Koffiestraat ligt in het verlengde van de entree naar de naastgelegen wijk Groote Hove. De ontsluiting op de De Dieppoel ligt naast het rug-aan-rugvolume. Daarnaast worden binnen deelgebied A drie extra vrijstaande woningen op de bestaande percelen aan de De Dieppoel 1, Hommelsedijk 31a, Hommelsedijk 35 mogelijk gemaakt. De vrijstaande woningen op de percelen van zowel De Dieppoel 1 als de Hommelsedijk 35 worden ontsloten op De Dieppoel en passen binnen het beeld van deze straat, waar voornamelijk vrijstaande woningen en tweekappers gelegen/beoogd zijn.

29

De beoogde vrijstaande woning aan de Hommelsedijk 31a is ingepast binnen deelgebied A en wordt ontsloten op de nieuwe interne wegenstructuur binnen dit deelgebied. Op het perceel van Hommelsedijk 31a wordt tevens een extra bijgebouw planologisch toegestaan.

DEELGEBIED A

Woonlocaties Hommelsedijk Zuid (deelgebied B) en Nobisweg (deelgebied C) Met het toevoegen van de woonmilieus direct ten zuiden van de Hommelsedijk en ten noorden van de Nobisweg wordt aangesloten op de achtergrenzen van de huidige te amoveren intensieve veehouderijen in het gebied. De huidige begrenzing van het middengebied wordt daarmee zo veel mogelijk gerespecteerd. Belangrijk is daarnaast om de bestaande boerderijen te omringen met een open onbebouwde ruimte zodat ze ook beleefbaar blijven. Door een zorgvuldige en afgewogen situering van de woonclusters blijven er zichtlijnen tussen de clusters die zicht bieden op het middengebied, waardoor er geen dichte bebouwingslinten ontstaan. Het worden hierdoor woonclusters in het landschap, waarbij de relatie tussen de omliggende wegen en het landschap behouden blijft.

Woonlocaties Hommelsedijk Zuid (deelgebied B) Deelgebied B (zie onderstaande afbeelding) is het overgangsgebied van deelgebied A naar het middengebied en heeft daarom een lagere dichtheid, maar biedt tegelijkertijd wel ruimte aan een divers woningbouwprogramma (sociaal starters en doorstromers). Deze buurt zet net als de ontwikkeling ten noorden van de Hommelsedijk voornamelijk in op het doorzetten van het lint middels vrijstaande woningen aan de Hommelsedijk. Daarnaast is er ruimte voor een aantal rijwoningen in de stijl van een langgevelboerderij. Zodoende ontstaat er een diversiteit aan de Hommelsedijk met herkenbare typologieën. Via twee wegen die begeleid worden door een stevige groenzone wordt het de buurt opgehangen tussen de Hommelsedijk en het middengebied. Aan deze wegen staan diverse vrijstaande woningen en tweekappers. Aan de noordzijde staat een tweelaags appartementengebouw met kap waarin 24 seniorenwoningen komen. Om dit gebouw goed in te passen is een goede architectonische en landschappelijke uitwerking van belang. Het parkeerterrein achter het appartementengebouw ligt binnen de geurcirkel van de naastgelegen manege, waar niet gebouwd mag worden waardoor er op deze manier efficiënt met de beperkingen wordt omgegaan.

Ter hoogte van de oostelijke perceelgrens, achter het appartementengebouw, komt een geluidscherm om het geluid van de naastgelegen groepsaccomodatie te beperken zodat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor de nieuwe woningen (zie paragraaf 5.1.2 voor nadere toelichting).

30

DEELGEBIED B

Nobisweg (deelgebied C) Vertrekpunt vanuit de visie Bebouwingsconcentraties Bernheze is het ontwikkelen van een afronding van de kern waarbij een gevarieerde, rafelige dorpsrand ontstaat die een sterke relatie met het landschap aangaat. Dit geldt zowel voor het deelgebied C aan de Hommelsedijk als aan de Nobisweg, dat op onderstaande afbeelding is weergegeven.

DEELGEBIED C

Met het toevoegen van de woonmilieus direct ten zuiden van de Hommelsedijk en direct ten noorden van de Nobisweg wordt aangesloten op de achtergrenzen van de huidige te amoveren intensieve veehouderijen in het gebied. De huidige begrenzing van het middengebied wordt daarmee zo veel mogelijk gerespecteerd. In het geval van de ontwikkeling aan de Nobisweg wordt juist minder diep het landschap in ontwikkeld. Deelgebied C betreft het overgangsgebied van de bestaande wijk Eikendonk naar het middengebied. Vanwege de directe omgeving is hier gekozen voor een lagere dichtheid met uitsluitend vrijstaande woningen met grote tuinen.

31

Door een zorgvuldige en afgewogen situering van de woonclusters blijven er zichtlijnen tussen de clusters die zicht bieden op het middengebied en monumenten waardoor er niet een uitsluitend nieuw dicht bebouwingslint aan de Nobisweg ontstaat, maar meer ingezet wordt op een rafelige rand met een sterke relatie met het landschap. Er is daarom gezocht naar een gevarieerd beeld dat juist geen exacte kopie is van de overzijde van de Nobisweg.

HOOFDOPZET ONTWIKKELING NOBISWEG

Het cluster aan de westzijde is een reactie op de oriëntatie van de bestaande langgevelboerderij Nobisweg 15 en diens oude weg richting het monument aan Heuvelstraat 7a. Samen met de langgevelboerderij van Nobisweg 13 wordt een interessante driehoeksverhouding tussen de drie gebouwen enigszins hersteld. De dichte begroeiing aan de Nobisweg nodigt daarnaast uit om hier een meer verscholen cluster te maken. Het erf-principe sluit hier goed bij aan. Vanaf de toegang is de zichtlijn naar het monument te beleven, vanaf het erf een zichtlijn naar het middengebied. De bestaande watergang begeleid de zichtlijn vanaf de Nobisweg naar het middengebied tussen Nobisweg 13 en het westelijke cluster. In het verlengde van de Dodenhoeksestraat is de scheiding gemaakt tussen de twee oostelijke clusters. De toegangsweg en brede groene bermen zorgen voor een directe zichtrelatie met het middengebied. Het aantal inritten aan de Nobisweg is beperkt door deze aan de nieuwe wegen te leggen. Daarnaast zijn de kavels breed waardoor een andere beeldkwaliteit ontstaat dan aan de zijde van de kern (bestaande lintbebouwing Nobisweg). Aan de zijde van de Zandstraat blijft een open zicht op het middengebied begeleid door een bestaande watergang.

3.1.4 Beeldkwaliteitplan De beeldkwaliteit van bovenstaande aspecten is in een beeldkwaliteitplan (BKP) nader uitgewerkt. Het BKP is als bijlage 2 opgenomen. Om te borgen dat de woningen uitgevoerd worden conform het BKP is in de regels een regeling opgenomen, waarmee de omgevingsvergunningen voor het bouwen getoetst worden aan het BKP. Om de realisatie van de gewenste (landschappelijke) inrichting te borgen is in de regels een voorwaardelijke verplichting opgenomen die aangeeft dat de (landschappelijke) inrichting dient plaats te vinden conform het beeldkwaliteitplan. In het BKP is naast de gewenste uitstraling van de gebouwde omgeving en (landschappelijke) inrichting ook aandacht voor de wijze waarop natuurinclusief bouwen een meerwaarde voor de ontwikkeling kan zijn.

3.2 Groen en water Binnen de directe invloedssfeer van het plangebied zijn (monumentale) bomen en boomstructuren met een beschermde status aanwezig. Zowel de monumentale bomen als de beschermde bomenstructuur zijn beschermd door middel van een kapverbod. Bij het ontwerp is rekening gehouden met het behouden van deze monumentale bomen en bomenstructuur. Zo is de afstand van toekomstige bebouwing afgestemd op de feitelijke maat van de (kroonprojectie) van de bestaande bomen. Ook de positionering van uitritten is hier zorgvuldig op afgestemd. In de nadere uitwerking van het plan wordt de bestaande kwaliteit van deze bomen nader onderzocht (ook ondergronds). Afhankelijk van bevindingen kan het zijn dat een enkele boom gerooid dient te worden. Hiervoor dient een kapvergunning aangevraagd te worden. Het eindbeeld van een robuuste bomenrij blijft echter uitgangspunt.

32

Binnen het totale plangebied is op diverse plaatsen openbaar groen aanwezig. Volgens de gemeentelijke eis is er minimaal 20% openbaar groen en water in het plan aanwezig (excl. de bestaande laanbomen). De hierna opgenomen afbeelding (zie ook bijlage 3) geeft de ruimtelijke verdeling van de ontwikkeling weer. Hierop is de verhouding tussen de uitgeefbare grond, de verharding en het openbaar groen in beeld gebracht. Er is uitgegaan van circa 65% uitgeefbare grond en circa 35% niet-uitgeefbare grond, waarvan circa 15% verharding en circa 20% openbaar groen en water.

RUIMTEVERDELING

3.3 Verkeer en parkeren 3.3.1 Verkeer Om de huidige en toekomstige verkeerssituatie in beeld te krijgen is een (geactualiseerde) verkeerstoets uitgevoerd: toelichting 'Verkeerstoets woonlocatie Nobisweg/Hommelsedijk, 2 augustus 2024; RVR007). Dit onderzoek is bijgevoegd als bijlage 4. Op het moment van opstellen van de verkeerstoets was het exacte aantal te realiseren woningen nog niet bekend. Voor een worst-case benadering is in het verkeersonderzoek uitgegaan van een situatie met maximaal 208 woningen. De totale ontwikkeling (worstcase 208 woningen) zorgt voor een verkeerstoename van circa 1.564 motorvoertuigbewegingen per etmaal (mvt/etmaal) op een gemiddelde werkdag. De verkeerstoename per deelgebied is het grootst als gevolg van de woningen in deelgebied A (circa 49% van de totale planbijdrage). Het aandeel afkomstig van de woningen in deelgebied B en C bedraagt respectievelijk circa 35% en 16%. De ontsluiting van het woningbouwplan is in samenspraak met de gemeente tot stand gekomen, waarbij uitgegaan wordt van tenminste twee ontsluitingen voor gemotoriseerd verkeer per deelgebied. De interne ontsluitingsstructuur van deelgebied A krijgt twee aansluitingen op de Hommelsedijk. De interne ontsluitingsstructuur van deelgebied B krijgt eveneens twee aansluitingen op de Hommelsedijk. Tot slot zijn er voor deelgebied C twee aansluitingen op de Nobisweg voorzien.

Voor alle drie de deelgebieden geldt dat voor langzaam verkeer (fietsers en voetgangers) extra aansluitingen worden gecreëerd, zodat zij gescheiden worden van het gemotoriseerde verkeer en in een directe route naar hun bestemming (bijvoorbeeld het centrum van Heeswijk-Dinther) kunnen lopen en fietsen.

33

Het verkeer van en naar de plangebieden verdeelt zich in verschillende richtingen. De drie hoofdrichtingen zijn richting centrum Heeswijk-Dinther/richting Veghel en 's-Hertogenbosch, richting Nistelrode -Nijmegen en richting Uden-Vorstenbosch. Op basis van een inschatting van de herkomsten en bestemmingen van toekomstige bewoners en bezoekers van de woningbouwlocaties, huidige verkeersintensiteiten op de verschillende ontsluitingswegen en expert-judgement is de procentuele verdeling over de drie richtingen bepaald. In de geactualiseerde verkeerstoets zijn de resultaten van de recente verkeerstellingen in 2024 als uitgangspunt gehanteerd. Pet wegvak wordt de huidige verkeerssituatie beschreven. Vervolgens wordt per wegvak het verkeerseffect van het plan beoordeeld, waarbij wordt gekeken naar zowel doorstroming als verkeersveiligheid. Om een goede doorstroming en verkeersveiligheid voor de verschillende verkeersdeelnemers te waarborgen, worden op basis van dit verkeersonderzoek maatregelen per wegvak aanbevolen. Een van de belangrijkste maatregelen is de verplaatsing van de komgrens op de Hommelsedijk naar de locatie tussen de meest noordelijke aansluiting van het nieuwe woongebied en De Dieppoel. Ook de komgrenzen op De Dieppoel en op de Vorstenbosseweg worden verplaatst. Hiermee komt de nieuwe woningbouwontwikkeling verkeerskundig binnen de bebouwde komgrens te liggen.

3.3.2 Parkeren Op basis van de Nota Parkeerbeleid Bernheze (vastgesteld op 18 april 2024), het PvE leefomgeving Hommelsedijk-Nobisweg - Heeswijk-Dinther - februari 2023 en het meeste actuele stedenbouwkundig ontwerp (d.d. 30 juli 2024) is de parkeerbalans opgesteld. De parkeerbalans is als bijlage 5 bijgevoegd. In de parkeerbalans is per type woning uitgegaan van een bijhorende parkeernorm.

3.3.2.1

Parkeernormen

Op 18 april 2024 is de Nota Parkeerbeleid Bernheze (2024) vastgesteld door de raad. Ten opzichte van de vorige Parkeernormennota Bernheze (geldend van 9 juli 2015 tot 18 april 2024) gelden voor de tussenwoningen (sociaal) en de appartementen (sociaal) nieuwe parkeernormen. In onderstaande tabel zijn de parkeernormen op basis van de Nota Parkeerbeleid Bernheze (vastgesteld d.d. 18 april 2024) opgenomen. De verandering ten opzichte van de vorige Parkeernormennota zijn ook weergegeven. Nota Parkeerbeleid Bernheze (vastgesteld d.d. 18 april 2024)

34

Type

Segment

Vrijstaand Tweekapper Hoekwoning B Tussenwoning B Hoekwoning G Tussenwoning G Hoekwoning G Tussenwoning G Rug-aan-rugwoning Rijwoning Levensloopbestendig Speciale woonvorm Appartement Woonzorg unit

duur duur betaalbaar betaalbaar betaalbaar betaalbaar sociaal sociaal goedkoop betaalbaar betaalbaar sociaal zorg

Huidige parkeernormen 1,9 1,8 1,6 1,6 1,6 1,6 1,3 1,3 1,5 1,6 1,1 1,1 0,6

Parkeernormennota Bernheze (geldend van 9 juli 2015 tot 18 april 2024) Aanpassing t.o.v. vorige parkeernormen 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 1,6 1,6 1,3 2,0 0,6

3.3.2.2

Parkeerbehoefte

In de parkeerbalans en in onderstaande tabel is op basis van het meeste actuele stedenbouwkundig ontwerp (d.d. 30 juli 2024) uitgegaan van in totaal 195 nieuwe woningen. Om de parkeerbehoefte te berekenen is uitgegaan van de parkeernormen uit de nieuwe Nota Parkeerbeleid, door de raad vastgesteld op 18 april 2024. Per deelgebied is de parkeerbehoefte bepaald en is aangegeven hoeveel parkeerplaatsen (op eigen terrein en in de openbare ruimte) in het plan zijn voorzien. Hierbij is rekening gehouden met aanwezigheidspercentages.

Voor de 195 ingetekende woningen is er een behoefte aan afgerond 273 parkeerplaatsen. In het meest actuele stedenbouwkundig ontwerp (d.d. 30 juli 2024) zijn in totaal 302 parkeerplaatsen voorzien. Hiervan liggen 143 parkeerplaatsen op eigen terrein en 159 in de openbare ruimte. Hiermee biedt voorliggend plan ruim voldoende parkeerplaatsen om te voorzien in de parkeerbehoefte. De recente vaststelling van het nieuwe parkeerbeleid heeft geleid tot een lagere behoefte. In de verdere uitwerking van het stedenbouwkundig plan kan het overschot aan parkeren worden vervangen door bijvoorbeeld groen. Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning zal worden aangetoond dat met het aantal parkeerplaatsen dat is opgenomen is het stedenbouwkundig plan voldaan wordt aan de op dat moment geldende parkeernormen.

Conclusie Bij het opstellen van het stedenbouwkundig plan wordt, conform de geldende parkeernormen, voldaan aan de parkeerbehoefte. Het aspect verkeer en parkeren vormt daarom geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

3.4 Duurzame en gezonde leefomgeving Een duurzame en gezonde leefomgeving is belangrijk voor het goed functioneren van mens en natuur. Bij ruimtelijke ontwikkelingen is het van belang schade en overlast te voorkomen en te werken aan instandhouding of verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving. Daarbij moet rekening worden gehouden met toekomstige veranderingen, verwachtingen en onzekerheden. Hierbij kan worden gedacht aan klimaatveranderingen en technologische doorbraken. Goede stedenbouwkundige plannen en bouwplannen geven hieraan een passende invulling. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in energietransitie en klimaatbestendigheid. De gemeente Bernheze heeft daarnaast een de 'Duurzame energieagenda 2021-2025: op weg naar energieneutraal Bernheze' opgesteld. Hierin heeft de gemeente Bernheze de ambities op het gebied van duurzaamheid voor de komende decennia opgesteld, welke is in paragraaf 4.3.9 nader omschreven.

3.4.1 Energietransitie Nederland heeft de ambitie om in 2050 energieneutraal te zijn en om de uitstoot van CO2 drastisch te verminderen. Om dit te kunnen realiseren zijn grote en kleine veranderingen nodig: de energietransitie. De omschakeling van het gebruik van fossiele brandstoffen naar meer duurzame vormen van energie is de grootste omslag, maar we zullen er ook bewust van moeten zijn dat we anders moeten gaan kijken naar ons energieverbruik. De energietransitie heeft ook een ruimtelijke inslag: het bestaand stedelijk gebied en buitengebied moeten (steden)bouwkundig worden aangepast en nieuwe ontwikkelingen worden toekomstbestendig ontwikkeld. Onderhavig plan draagt op de volgende wijzen bij aan de energietransitie:  de woningen worden 'aardgasvrij' gebouwd;  er kan gebruikt worden gemaakt van zonnepanelen;  de woningen worden volgens het BENG-principe gebouwd;  het plan kent oplaadpunten voor elektrische auto's.

35

3.4.2 Klimaatbestendigheid Klimaatverandering is merkbaar en heeft steeds meer een effect op ons dagelijks leven. De zomers in Nederland worden langer, heter en droger, en áls er regen valt dan komt die vaak in grote hoeveelheden. De winters worden warmer en natter. Klimaatverandering heeft effect op het woon- en leefklimaat door hittestress, periodes van droogte en een verandering van de biodiversiteit. Door in het stedenbouwkundig plan en bouwplan rekening te houden met het veranderende klimaat, kan overlast worden voorkomen en is er sprake van een klimaatbestendige ontwikkeling. Voorliggend plan is als volgt klimaatbestendig:  het oppervlakte water in openbare ruimte heeft een waterbergende, ecologische en landschappelijke functie;  het hemelwater wordt zo veel mogelijk op eigen terrein geborgen;  er wordt zo weinig mogelijk verharding / halfverharding gerealiseerd;  het plangebied betreft een aantrekkelijk verblijfsklimaat voor de gebruikers, gebiedseigen planten en dieren;  binnen het plangebied wordt groen aangelegd ten behoeve van opname van stikstof en CO2, het vast houden van water en het tegengaan van hittestress;  het plangebied omvat een wegennet voor langzaam rijdend verkeer (30 km/uur zone), waardoor de uitstoot van CO2 wordt gereduceerd

36

Hoofdstuk 4 Beleid In dit hoofdstuk wordt het plan getoetst aan het relevante vigerende beleid. Achtereenvolgens komt aan de orde het beleid op:  nationaal niveau;  provinciaal niveau;  gemeentelijk niveau.

4.1 Nationaal niveau 4.1.1 Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is één integrale visie, waarin het duurzaam toekomstperspectief voor de leefomgeving in Nederland tot 2050 staat omschreven. Het uitgangspunt van deze visie is dat ruimtelijke ingrepen niet afzonderlijk van elkaar kunnen plaatsvinden, maar dat ze van elkaar afhankelijk zijn. De NOVI is op 11 september 2020 ondertekend en inmiddels in werking treden. De NOVI is de opvolger van de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). In dit strategisch beleidsdocument schetst de overheid een duurzaam perspectief voor de leefomgeving. Nederland staat de komende jaren voor grote opgaven: de bouw van 1 miljoen nieuwe woningen, duurzame energie opwekken, klimaatverandering, en de overgang naar een circulaire economie vragen meer ruimte dan er beschikbaar is. Daarom moeten er keuzes worden gemaakt om Nederland ook voor toekomstige generaties veilig, gezond en welvarend te houden. In dit licht zijn in de NOVI de nationale belangen opnieuw gedefinieerd: 1. Bevorderen van een duurzame ontwikkeling van Nederland als geheel en van alle onderdelen van de fysieke leefomgeving; 2. Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; 3. Waarborgen en versterken van grensoverschrijdende en internationale relaties; 4. Waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving; 5.

Zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften; 6. Waarborgen en realiseren van een veilig robuust en duurzaam mobiliteitssysteem; 7. In stand houden en ontwikkelen van de hoofdinfrastructuur voor mobiliteit; 8. Waarborgen van een goede toegankelijkheid van de leefomgeving; 9. Zorg dragen voor nationale veiligheid en ruimte bieden voor militaire activiteiten; 10. Beperken van klimaatverandering; 11. Realiseren van een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening die in 2050 CO²-arm is en de daarbij benodigde infrastructuur; 12. Waarborgen van de hoofdinfrastructuur voor transport van stoffen via (buis)leidingen; 13. Realiseren van een toekomstbestendige circulaire economie; 14. Waarborgen van de waterveiligheid en de klimaatbestendigheid (inclusief vitale infrastructuur voor water en mobiliteit); 15. Waarborgen van een goede waterkwaliteit, duurzame drinkwatervoorziening en voldoendebeschikbaarheid van zoetwater; 16. Waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; 17. Realiseren en behouden van een kwalitatief hoogwaardige digitale connectiviteit; 18. Ontwikkelen van een duurzame voedsel- en agroproductie; 19. Behouden en versterken van cultureel erfgoed en landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten van (inter)nationaal belang; 20. Verbeteren en beschermen van natuur en biodiversiteit; 21.

Ontwikkelen van een duurzame visserij.

Analyse Voorliggend plan voorziet in de realisatie van woningen in het buitengebied van Heeswijk-Dinther, zoals omschreven in paragraaf 3.1.2. Het plan draagt bij aan de opgave om tussen 2020 en 2035 circa 1,1 miljoen woningen toe te voegen aan de bestaande Nederlandse woningvoorraad. Met deze ontwikkeling wordt zorg gedragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften in Nederland. Hierbij worden kwaliteit en bereikbaarheid onder meer als uitgangspunten genomen, waardoor een goede leefomgevingskwaliteit gerealiseerd kan worden.

37

Daarnaast wordt bij het realiseren van de woonwijk rekening gehouden met het veranderende klimaat en wordt middels diverse maatregelen ervoor gezorgd dat er sprake is van een klimaatbestendige ontwikkeling. Op deze manier draagt het planvoornemen bij aan de nationale doelstelling om de gebouwde omgeving in 2050 CO2 -arm, klimaatbestendig en natuurinclusief te maken. Bovendien blijkt uit diverse uitgevoerde onderzoeken uit hoofdstuk 5 ten behoeve van de ontwikkeling van de nieuwe woonlocatie, dat deze ontwikkeling geen negatieve omgevingseffecten op onze gezondheid heeft. Hiermee wordt een gezonde en veilige fysieke leefomgeving gewaarborgd.

Conclusie Het plan geeft invulling aan het beleid, zoals omschreven in de Nationale Omgevingsvisie.

4.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), ook wel Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) Ruimte genoemd, is op 30 december 2011 voor een groot deel in werking getreden en bevat regels ter bescherming van de nationale belangen. Het Barro bevat regels voor de borging van dertien nationale belangen. Het gaat hierbij om de volgende belangen: 1. Rijksvaarwegen; 2. Project Mainportontwikkeling Rotterdam; 3. Kustfundament; 4. Grote rivieren; 5. Waddenzee en waddengebied; 6. Defensie; 7. Hoofdwegen en hoofdspoorwegen; 8. Elektriciteitsvoorziening; 9. Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen; 10. Ecologische hoofdstructuur; 11. Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; 12. IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); 13. Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. Het Barro bevat echter alleen die regels die voortkomen uit het eerdere ontwerp van de AMvB Ruimte (d.d. 2 juni 2009). Het gaat dan ook om regels ter bescherming van de belangen inzake Project Mainportontwikkeling Rotterdam, Kustfundament, Grote rivieren, Waddenzee en Waddengebied, Defensie en Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. De werking van het Barro is naar plaats beperkt. Het plangebied ligt op minder dan 20 km van het militaire vliegveld Volkel. Hiervoor gelden bepaalde hoogtebeperkingen.

In paragraaf 5.4 vindt hiervan een nadere uitwerking plaats. Daaruit wordt geconcludeerd dat het ruim onder de maximaal toegestane hoogte blijft. Het plan vormt daardoor geen belemmering voor het nationale belang "Militaire terreinen en objecten". De overige nationale belangen zijn niet van toepassing.

Conclusie Het plan vormt geen belemmering voor de nationale belangen die middels het Barro beschermd zijn.

4.1.3 Besluit ruimtelijke ordening: Ladder voor Duurzame Verstedelijking Met het doel de ruimte zorgvuldig en duurzaam te gebruiken, is de Ladder voor Duurzame Verstedelijking opgesteld. Deze is verankerd in artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (versie 1 juli 2017). Bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen moet worden aangetoond dat deze voorzien in een behoefte, en moet - in geval van de ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied plaatsvindt - een motivering worden opgenomen waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.

Nieuwe stedelijke ontwikkeling Alvorens te toetsen aan de Ladder dient te worden vastgesteld of sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Dit begrip is in artikel 1.1.1, eerste lid, aanhef en onder i, Bro gedefinieerd als ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.

38

Ten aanzien van de tot dusver gevormde jurisprudentie ten aanzien van het begrip 'stedelijke ontwikkeling' blijkt dat de omvang van de ontwikkeling een rol speelt. Is sprake van een kleinschalige ontwikkeling, dan kan weliswaar sprake zijn van een stedelijke ontwikkeling, maar kan dergelijke ontwikkeling als te kleinschalig worden aangemerkt om te worden aangemerkt als stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, aanhef en onder i, Bro. In de literatuur wordt bij voorziene ontwikkelingen met betrekking tot woningbouw gesproken over een daadwerkelijke ondergrens. Volgens vaste jurisprudentie zijn elf woningen (welke op dezelfde locatie worden gerealiseerd) het maximale aantal woningen wat door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) als te kleinschalig wordt geacht om als een stedelijke ontwikkeling te kunnen worden gekwalificeerd (ABRvS 18 november 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3542, r.o. 8.2.). Het minimale aantal woningen wat gerealiseerd moet worden (op dezelfde locatie) om als stedelijke ontwikkeling te worden gekwalificeerd is aldus twaalf (ABRvS 22 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2329, r.o. 6.3).

Betekenis voor het plangebied Voorliggend plan, zoals omschreven in paragraaf 1.1, voorziet in het realiseren van een woonlocatie met maximaal 208 woningen in het buitengebied van Heeswijk-Dinther. Dit betekent een toename van maximaal 208 extra wooneenheden. Het planvoornemen valt daarmee onder de definitie van een 'stedelijke ontwikkeling'.

Verantwoording Bouwen in Buitengebied Om de woningbehoefte te onderbouwen en te voorzien van een motivering waarom de ontwikkeling niet binnen bestaand stedelijk gebied gerealiseerd kan worden, heeft Stec groep een Ladderonderbouwing opgesteld: "Laddertoets Nobisweg-Hommelsedijk Heeswijk-Dinther" (26 september 2023). Het rapport is als bijlage 6 bijgevoegd. Uit de ladderonderbouwing is gebleken dat het plan voorziet in zowel een kwantitatieve als in een kwalitatieve behoefte binnen het verzorgingsgebied in de komende tien jaar. Dan is het van belang af te wegen of er binnen beschikbare inbreidingslocaties (BSG) kan worden voorzien in deze behoefte. Uitgangspunt van de Ladder is dat ontwikkelingen enkel buiten BSG plaatsvinden als er binnen BSG geen geschikt (te maken) en beschikbaar (te maken) alternatieven zijn. Het plangebied van Nobisweg-Hommelsedijk is buiten bestaand stedelijk gebied (BSG) gelegen. Daarom is beoordeeld welke potentiële alternatieve locaties er in het verzorgingsgebied zijn binnen BSG. De gemeente Bernheze heeft hiervoor input geleverd. Op basis van deze lijst wordt geconstateerd dat de potentiële locaties binnen BSG kunnen voorzien in circa 900 woningen. De woningbehoefte in de gemeente Bernheze in de periode 2023 tot 2033 bestaat uit 1.230 woningen (1.790 woningvraag minus 560 woningen in harde plannen).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=49b35ccf-4d0b-457b-8c3a-f8a405f0ec22