CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Regels Bijlage 4 - Beheerplan

Raadsvergadering 7 juli 2022, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Landgoed De Berkt, Heesch - NIET BEHANDELD7.352 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1 D:\NCB\2022\2022-05-31 Beheerplan Landgoed De Berkt\2022-5-31 NatuurLndgd-beheerplan Landgoed De Berkt-v2

Landgoed De Berkt Beheerplan

Luchtfoto van Leon van de Berg in 2018

F.J.J. de Laat Feb 2022 versie 1 Mei 2022 versie 2.

2

1.

Beheerplan van het nieuwe landgoed in 1998.

Na de overname eind 1997, is een gedeelte van het oorspronkelijke landgoed in ons bezit gekomen en als nieuw landgoed via een herstelplan gereed gemaakt is om gerangschikt te kunnen worden onder de Natuurschoonwet. De nog aanwezige natuur- en cultuurhistorische waarden waren daarbij de uitgangspunten voor het herstel en beheer van ons gebied. Het Brabantslandschap, heeft ons destijds ondersteund bij het inrichtingsplan voor de gronden: De grachten rondom de buitenplaats te herstellen om deze in de zomer weer watervoerend te maken via een aanvoerroute vanuit de Vinkelse loop ten noorden van het landgoed.

Herstelplan Landgoed De Berkt in 1998. Voor enkele reguliere maisakkers ter grootte van ca. 5 ha is vanaf 2000, met de uitvoering van ons herstelplan Landgoed De Berkt, ingezet op de omvorming naar agrarisch natuurbeheer. Deze percelen zijn in 2 beheerperioden van 6 jaar door 12 jaar maaien en afvoeren zodanig verschraald dat er een kruidenrijke vegetatie is ontstaan die voldeed aan het vereiste natuurdoeltype. Een aanvraag tot aanpassing van het natuurgebiedsplan voor deze percelen om over te kunnen stappen van PSAN naar SNL is door de provincie Noord-Brabant in 2008 gehonoreerd om na afloop van 12 jaar agrarisch natuurbeheer, in 2013, functieverandering naar SNL mogelijk te maken. In het budget van de provincie voor natuurbeheer was in de toenmalige recessie echter geen ruimte meer beschikbaar voor functieverandering. De nieuwe aanvraag in november 2012 voor verlenging van SNL-agrarisch natuurbeheer werd per 13 maart niet goedgekeurd voor deze beheereenheden. Het gedeelte voor Landschapssubsidie is in deze aanvraag wel goedgekeurd. In het Landschapsontwikkelingsplan van februari 2012 van de gemeente Bernheze wordt Berkt een bijzonder karakteristiek gebied genoemd om zijn natte ontginning met een nog tamelijk kleinschalig landschap door de vele singel- en wegbeplantingstructuren. Met als bijzonder element Kasteel De Berkt in een historisch landgoed uit omstreeks 1800.

in een kleinschalig landschap met karakteristiek en zeer waardevol lanenstelsel, restanten sterrenbos, andere oude beplanting, heggen, houtsingels slingerende wegen en hoge grondwaterstand. Het Landschapsontwikkelingsplan Bernheze moet antwoord geven op de vraag hoe de landschappelijke kwaliteiten kunnen worden behouden en ontwikkeld. Én hoe ruimtelijk beleid en ruimtelijke ontwikkelingen daaraan kunnen bijdragen. Dit is de conclusie van de landschapsanalyse en het vertrekpunt voor de visievorming. Opgaven voor het landschapsontwikkelingsplan zijn: Behoud en versterking van bestaande parels en pareltjes van cultuurhistorie en natuur. Ambities om het sterrenbos op landgoed Berkt te herstellen, sluiten hier bij aan. Dat geldt ook voor vergroten van de natuur- en cultuurhistorische waarden op het landgoed door het (dennen)bos om te vormen tot hakhout en middenbos

3

Certificering In 2013 zijn wij gecertificeerd natuurbeheerder geworden en hebben daarvoor een kwaliteitshandboek opgesteld om het beheer en de daaruit volgende beheer werkzaamheden volgens het kwaliteitshandboek te plannen en uit te voeren. Het kwaliteitshandboek omvatte een bijlage, beheerplan voor de periode 2013 -2019 en een werkplan voor de beheerwerkzaamheden uit het beheerplan. Certificering is een verklaring van de provincie waarmee een natuurbeheerder, of gebiedscoördinator agrarisch natuurbeheer, bepaalde kwaliteitseisen voor beheer, organisatie en administratie garandeert. Hierbij staat vertrouwen in de beheerder centraal. Voor gecertificeerde beheerders zijn de administratieve lasten lager. Zo is de subsidieaanvraag eenvoudiger. Ook is de controlelast beduidend minder, doordat gecertificeerde beheerders geen veldcontroles krijgen. Dat drukt de uitvoeringslasten. Er zijn individuele en groepscertificaten mogelijk. Om voor certificering in aanmerking te komen, moet de aanvrager een Kwaliteitshandboek opstellen gebaseerd op een Programma van Eisen. De Stichting Certificering SNL verstrekt de certificaten en voert audits bij de gecertificeerden. In 2009 zijn door een studiegroep nieuwe IVN natuurgidsen in opleiding de eerste inventarisaties gedaan op het nieuwe landgoed uit 1998.

4

2.

Visie voor de herinrichting tot Natuur landgoed.

Landgoederen die zijn gerangschikt onder de Natuurschoonwet 1928 bevatten een variatie aan diverse typen bos en/of natuur. Een combinatie van natuurterreinen, bossen of andere houtopstanden maken het karakter van het landgoed. Hierbij hoort een passend beheer. Naast houtopstanden komen kruidenen faunarijke graslanden voor op ons landgoed. Voorheen waren dit agrarische graslanden en omgevormde reguliere bouwlanden die al dan niet langdurig bemest zijn geweest. Het omvormen van de veelal monotone voedselrijke situatie naar een divers matig voedselrijk tot voedselarm grasland vraagt jaren. Het agrarisch natuurbeheer van maaien en afvoeren zonder bemesting, van 2001 tot 2016, is daarin al de belangrijkste periode geweest. Een kruiden- en faunarijk grasland dat zich op voormalige landbouwgrond het eerst vormt kenmerkt zich vaak door een ruige grasstructuur van voornamelijk witbol en verspreid voorkomende kruiden van veldzuring en schapenzuring, kruipende en scherpe boterbloemen, witte klaver en rolklavers. In het voorjaar zien we dat paardenbloemen, scherpe boterbloemen en biggenkruid duidelijk aanwezig zijn. In de zomer zien daar op drogere percelen soorten als gewone margriet en knoopkruid bijkomen. Op de wat vochtigere weilanden zien we na jaren overgangen naar reukgrassen en kamgras in de graslanden ontstaan.

De uitvoering van het herstelplan vanaf 1998, en de maatregelen daarna, tot op heden, hebben zeker bijgedragen aan een toename van de biodiversiteit in ons gebied. Door de gemeente zijn herstelwerkzaamheden uitgevoerd in de omgeving. De oude eiken van de zichtas op het huis uit 1800 (huidige Jonkers straat) zijn kort na verkoop van het landgoed in 1966 gekapt en vervangen door aanplant van populieren. Met de ruilverkaveling is de zichtas in het bezit van de gemeente gekomen. Ten tijde van ons herstelplan heeft de gemeente de populieren gerooid en er opnieuw inlandse eiken voor aangeplant waardoor een zeer waardevolle bijdrage is ontstaan.

In 2020 is door vergroting van het landgoed op landbouwgrond nieuwe natuur aangelegd om deze op te nemen in het NNB, het provinciaal Natuur Netwerk Brabant. Dit was mogelijk omdat deze percelen op ons verzoek in 2008 door de provincie zijn aangewezen als planologische natuur, d.w.z. dat in de toekomst deze percelen omgevormd kunnen worden naar natuur. Het betreft twee akkerbouwpercelen, waar sinds 1970 mais op is geteeld, langs de Kasteellaan in Heesch, ten noorden grenzend aan het bestaande landgoed. Vergroting van de bestaande natuur met de aanleg van nieuwe natuur is belangrijk voor de natuur op het landgoed. Door het toenemend intensievere grondgebruik rondom ons NNB gebied, is het belangrijk dat planten en diersoorten kunnen overleven en de biodiversiteit kan toenemen. De toename aan lanen en houtwallen betekent een aanzienlijke verrijking voor struweelvogels en dagvlinders en versterken de kleinschalige structuur van het landgoed.

5

De nieuwe natuur dient te voldoen aan de provinciale eisen zoals die geformuleerd zijn in de “Verordening Ruimte “ Buiten het NNB en zijn er in 1999 aansluitende houtwallen van SBB uit het oude landgoed toegevoegd aan het landgoed. Ontwerp natuurlandgoed in het Landschapsplan

Kenmerkend is het herontwerp van cultuurhistorische zichtlijnen in de vorm van diagonalen en Noord-zuid lijnen naar analogie uit de aanleg van het voormalig Sterrenbos uit begin 1800

Index Natuur en Landschap De Index Natuur en Landschap van de provincie is het uitgangspunt voor de mogelijke natuurbeheertypen. Het landgoed heeft de doelstelling om de kwaliteit van al haar natuurgebieden in de eerste cyclus van 6 beheerjaren op peil zien te krijgen en daarna vast zien te houden te houden en in de toekomst zien te verbeteren tot ze allen gekwalificeerd zijn als “goed”.

6

3.

Herinrichting tot Natuur landgoed. Plangebied voor inrichting via het GOB

Inrichting volgens het landschapsplan

deelgebied 1. 2. 3.

Natuurdoel Vochtig hooiland Kruidenrijk Grasland Kruidenrijk Grasland

Beleids kader NNB via GOB met landschapselementen NNB via GOB met landschapselementen Landgoederen regeling prov. Brabant

7 Aannemer Ploegam heeft op basis van een Acad tekening van het ontwerp het plan in het veld ingemeten en uitgezet voor de uitvoering van het grondwerk.

8

Natuur Netwerk Brabant

9

Natuurdoelen na inrichting Natuur Landgoed De Berkt

Natuurdoeltype N10.02 Vochtg hooiland N12.02 Kruiden-en faunarijkgrasland GOB N00.01 Nog om te vormen naar natuur, Kruiden-en faunarijkgrasland L01.07 Laan L01.01 Poel en kleine historische wateren L01.02 Houtwal rondom grasland N15.02 Dennen-, eiken-, en beukenbos

Oppervlakte 28.166 m² 30.053 m² 27.333 m²

Aantal

3 18.286 m²

Landgoederen regeling De percelen onder de rode lijn en het perceel voor de bouwkavels hebben in 2022 nog een agrarische bestemming. Hiervan is 2,5 ha voorzien voor natuur in de landgoederen regeling om te vormen naar natuur (aangeduid als N00.01), RvG regeling, en ca 0,42 ha voor 2 bouwkavels met rondom Kruiden- en faunarijk grasland omgeven door een te herstellen historische NZ laan van het sterrebos en een houtwal langs de Vinkelsestraat. Het concept bestemmingsplan voor de natuuraanleg en de bouwkavels is eind 2021 door de gemeente bernheze in procedure gebracht.

10 Om deze gronden met een natuurbestemming toch op de kaart te kunnen zetten is er het beheertype N.00.01 ‘nog om te vormen naar natuur’ benoemd. Kaartje na afstemming met de provincie, A. Dolmans-Camu, Regisseur natuurbeheerplan, voor opname in de NBP kaart van het Natuurnetwerk Brabant, in september 2022

De aanleg van landschapselementen in dit gedeelte van het kruidenrijk grasland zijn eveneens uit historisch oogpunt op gebaseerd op de vroegere structuur van het sterrebos.

In het Rood voor Groen gedeelte wordt aan de noordkant van het perceel met de beoogde bouwkavels ten gunste van de dassen wissel vanuit de burcht naar de houtwal aan de Vinkelsestraat een met struweel beplanting beschermde passage aangelegd.

11

Na een onherroepelijk bestemmingsplan wordt het inrichtingsplan voor het RVG gedeelte uitgevoerd dat In het landschapsplan en in het bestemmingsplan is opgenomen. Het beheer is opgesteld overeenkomstig het beheer volgens de Index Natuur en Landschap van de provincie Noord-Brabant voor graslanden in natuurterreinen. Op het landgoed zijn dat Vochtig hooiland en Kruidenrijk- faunarijk grasland. Voor kwaliteitsverbetering voor de dassen hebben we daarin het beheer toegespitst zoals beschreven in de ‘Notitie kwaliteitsverbetering das’ van Buro Maerlant.

Richtlijn kwaliteitsverbetering voor das. 1. inleiding Het beheerplan en de concrete invulling (zie ook het voor het landgoed opgestelde landschapsplan) is voor het overgrote deel gunstig voor de das, echter wordt het noodzakelijk geacht in aanvulling op het plan maatregelen te treffen. Het probleem kan zich voor doen, dat de beoogde graslanden door verschraling en extensivering van het maaibeheer voor de das minder interessant worden doordat het regenwormbestand (bulkvoedsel van de das) afneemt óf dat de aanwezige vegetatie het foerageren bemoeilijkt. Ondanks dat de das met vrij grote zekerheid in de omgeving voldoende alternatieven heeft én overige delen van het landgoed (bos, houtwallen en paden) eveneens geschikt foerageergebied zijn, wordt het noodzakelijk geacht maatregelen te treffen. Dit bestaat uit: • beweiding, • het maaibeheer van paden af te stemmen op de das en • jaarlijkse monitoring uit te voeren om de effectiviteit van het beheer te toetsen en eventueel bij te sturen.

12 • • 2.

De nieuw aan te leggen lanen dienen geen vrije toegang te verlenen tot het centrale deel van landgoed voor het publiek. Deze aspecten worden hieronder uitgewerkt. Aanvulling op het beheerplan

De graslanden op het landgoed dienen voor 50% van het oppervlak beweid te worden met runderen. Dit vindt verspreid plaats pér deellocatie / perceel. Om de gewenste overige natuurdoelen te behalen wordt de beweiding dusdanig toegepast dat jaarlijks een ander deel van het perceel wordt beweid. Op overige delen kan de vegetatie zich ontwikkelen conform het beheerplan en vindt extensief maaien plaats. De beweiding vindt primair plaats op de percelen waar kruiden- en faunarijk grasland is voorzien. In drogere perioden (zomer) wordt het vochtig hooiland indien de grondwaterstand voldoende laag is op vergelijkbare wijze voor 50% beweid. Rasters dienen toegankelijk te zijn voor de das. Maaibeheer paden De paden zelf en de bermen worden voor 50% door regulier maaien kort gehouden, zodat een afwisseling ontstaat tussen een korte vegetatie en een meer kruidenrijke zone. Jaarlijks wordt een ander patroon aangehouden. Monitoring Jaarlijks vindt in het groeiseizoen monitoring plaats door een ter zake deskundige. Dit kan een professioneel ecoloog zijn of een lid / leden van een lokale zoogdierwerkgroep. Op basis van deze monitoring wordt bepaald wordt bepaald of bijsturing nodig is. Verslagen worden bewaard en kunnen indien nodig worden gedeeld.

Lanen / toegankelijkheid landgoed De nieuw aan te leggen lanen dienen geen vrije toegang te verlenen tot het centrale deel van landgoed voor het publiek. Een bezoek onder toezicht is onder voorwaarden (kleinere groepen, geen honden etc. ) mogelijk. Borging van de maatregelen. De maatregelen dienen volgens het bestemmingsplan te worden geborgd.

Ontwikkeling Kruiden- en faunarijk grasland Bron: Ontwikkelen van kruidenrijk grasland, Wim Schippers Aardewerk Advies, mei 2012

Het perceel tussen de oostelijke bosrand tot aan de bouwkavels is in 2020 n de aardappeloogst ingezaaid met een mix van raaigrassen, Engels en Italiaans. In eerste instantie bedoeld als verplicht vanggewas na de bemesting van het perceel voor de teelt van aardappels. In 2021 is op het perceel geen bemesting meer aangebracht en is het 2 keer gemaaid en afgevoerd. Dit zal in 2022 herhaald worden tot het bestemmingsplan onherroepelijk is geworden.

13 We volgen onderstaand stappenplan om de ambitie Kruiden- en faunarijk grasland te ontwikkelen. Het plan is opgesteld door W. Schippers, expert op het gebied van natuurlijk graslandbeheer.

14

Agrarisch De percelen, ten zuiden van de Berktlaan, vanaf Kasteellaan tot aan de Vinkelsestraat, rondom de buitenplaats, blijven agrarisch, en worden beweid door schapen. met daarin twee restanten van oude boomgaardjes met enkele zeer oude hoogstam fruitbomen.

15

Gebiedsinformatie en natuurwaarden. Berkt ligt in Oost Brabant in het Stroomgebied Groote en Kleine Wetering en Wambergsche Beek.

Natuurgebiedsplan ‘Oost-Brabant’ 27. Beekdalen Groote en Kleine Wetering, Bleekloop en Menselsche Loop Historische en actuele kenmerken en waarden Het deelgebied bestond rond 1900 uit bos, heide, moeras en kleinschalige landschappen met akkers, hooilanden en singels. Vooral de gebieden nabij Heesch en Nistelrode worden gevoed door ijzerrijk grondwater afkomstig van de Peelhorst. Momenteel komt het grondwater alleen nog voor in sloten, en zijn nagenoeg alle heidevelden en moerassen ontgonnen. Het kleinschalige landschap is hier en daar gespaard gebleven, zoals ten oosten en westen van Nistelrode. Het deelgebied is van belang als leefgebied voor de Das en struweelvogels. Natuur- en landschapsdoelstellingen Binnen het natuurgebiedsplan is uitgegaan van behoud van de multifunctionele bossen die verspreid in het deelgebied voorkomen. De bossen zullen via verbindingszones met elkaar verbonden worden, alsmede met de Maashorst en de Heeswijksche Bosschen. De verbindingszones zullen functioneren als migratieroute voor de Das, kleine zoogdieren, dagvlinders, bosvogels en amfibieën

Vanuit de hoger gelegen Maashorst gaat het gebied over in de lager gelegen centrale slenk. De peelbreukrand laat zich goed zien bij de overgang naar de lager gelegen slenk in het Anna bos in Uden.

Peelbreukrand In Heesch zijn de wijst gronden, hoge- en lage wijst en wijst bunders , genoemd naar het opkwellende ijzerrijke grondwater vanuit Maashorst. We zien dat, na de ontginningen en ruilverkavelingen, eigenlijk alleen nog aan het roestbruine water in de sloten. Vanuit de lage wijst, grenzend aan Berkt, zien we dat ook op Berkt in Heesch. Vanuit Uden is er een zijbreuk van de Peelbreukrand naar Heesch en loopt nabij Berktstraat/Kasteellaan door het landgoed richting de stuw in de Vinkelse loop.

16 Het landgoed ligt op Berkt en Munnekens Vinkel in de gemeente Bernheze en omvat een klein gedeelte van het NNB. De oorspronkelijke aanleg is begonnen op een uitloper van de zandrug vanuit de Vinkelse straat. Op deze uitloper zijn vroeger het huis en de boerderijen gebouwd. De rest van het landgoed werd door ontginning aangelegd op lager gelegen natte gronden, zgn. broeklanden, die bestaan uit leemhoudende beekeerd gronden. Om deze redenen werden de groenstructuren van een doolhof (Engels bos) en het sterrenbos op rabatten aangelegd. Wijst bij de inrichting van ons natuurterrein

Breuklijnen in de lagere gronden op Berkt en de breuklijn naar Heesch.

Wijstverschijnselen in de sloten langs het perceel gaven aanleiding tot nader onderzoek om vast te stellen dat een zij breuk van de Peelrand breuk, op niet al te grote afstand ten westen langs het beoogde Vochtig hooiland loopt, invloed, heeft om mogelijk voor wijstherstel in aanmerking te komen. Een daaropvolgend veldonderzoek door Avallo naar de Geo-hydrologie heeft aangetoond dat er invloed van de breuk aanwezig is. Dit onderzoek is door de provincie getoetst en als positief voor wijstherstel beoordeeld en goedgekeurd. Al enkele dagen na het afgraven werden de wijstverschijnselen zichtbaar.

Wijst in de perceel sloot langs de Kasteellaan

IJzerrijk kwelwater op het perceel

17 fragment uit het Landschapsplan.

Waterhuishouding Grondwater Op verzoek van Frans de Laat is er een geohydrologisch onderzoek verricht op de percelen aan de noordwestzijde van het landgoed. Het doel van het onderzoek is de vraag of er sprake is van een wijst kwelsituatie. Het is namelijk de wens van de opdrachtgever om het natuurbeheertype Vochtig hooiland te realiseren (N10.02) Het rapport concludeert op basis van onderzoek dat er inderdaad sprake is van wijst. Uit de watermonsters is ook gebleken dat de EGV van het grondwater tussen de 520 en 630 en de Ph tussen de 6,2 en 7,2 is. Deze waarden passen bij het beheertype voor Vochtig Hooiland. De grondwaterstand op het terrein wordt vanaf het voorjaar van 2019 sytematisch 2 keer per maand in 4 peilbuizen gemeten en opgeslagen in een database. De boringen laten een grondwaterstand zien van -60 tot -80 cm onder maaiveld. Dit is nog relatief hoog gezien de erg droge winter die eraan voorafging. De boringen laten een GHG van ± 30 cm beneden maaiveld zien. De permanente metingen van de afgelopen jaren laten zien dat er een grote fluctuatie is aan grondwaterstand. Januari 2020 is het grondwater inderdaad gemeten op 30 cm onder maaiveld maar in de droge zomer van 2019 lag de grondwaterstand op het laagste punt van 1,15 cm onder maaiveld.

Ten behoeve van de gewenste natuurdoelen van onder andere het realiseren van vochtige hooilanden blijkt het vasthouden en aanvoeren van water noodzakelijk. Hiervoor moet een plan bedacht worden. Oppervlaktewater Ten noorden van het perceel, parallel aan de Schaapssteeg ligt een hoofdwatergang van Waterschap AA en Maas. Deze waterloop begint in Zevenbergen en loopt in westelijke richting. Hij kruist daarbij een drietal breuklijnen en wordt deels gevoed met kalkrijk grondwater uit de wijst gebieden bij het passeren van de breuklijnen. In de winter en het voorjaar komt het ijzer en kalkrijke water aan de oppervlakte. Het landgoed heeft ook last van verdroging. De grachten worden niet altijd meer gevoed door alleen grondwater. Uit de watergang langs de Schaapssteeg wordt momenteel ook het watersysteem van het landgoed en de gracht rondom het jachthuis gevoed. Hiervoor is een nieuwe inlaat gegraven die in het hart van het landgoed door een zandruggetje heen steekt. Agrarisch water loost ook op dit watersystemen. Schoon kwelwater wordt vermengd met zuur agrarisch water. Voor de gewenste natuurontwikkeling en herstel van het oorspronkelijke landgoed is dit niet de beste situatie. In het ontwerp doen we een aantal voorstellen om dit te verbeteren. Breuklijnen (bron digitale kaartenbank provincie Noord Brabant) 17 Poelen Er zijn drie poelen aanwezig op het landgoed.

Een poel ligt dicht bij het hoofdhuis. Hier is een informatiebord en vlonder ten behoeve van natuureducatie aanwezig. De tweede poel is gelegen in het westelijk deel tegen de Kasteellaan aan. De derde poel ligt in het hart van het landgoed in

18 een driehoek tussen de diagonaallanen en de oostelijke noord–zuid laan. De poelen hebben hoge natuurwaarden. Ambitie Het is de uitdaging om via inrichtingsmaatregelen de hydrologische omstandigheden te verbeteren en verder te ontwikkelen tot een klimaatbestendig systeem van waterhuishouding en waterkwaliteit dat recht doet aan de natuurdoelstellingen en cultuurhistorische doelstellingen van het landgoed. einde fragment uit het Landschapsplan

Natuurwaarden Voorkomende zoogdieren zijn das, bunzing, steenmarter, haas, konijn, egel, vos, en eekhoorn. Soms worden reeën gezien. Vanuit de Dassenwerkgroep Brabant wordt is de afgelopen jaren een enkele keer de burcht geïnventariseerd. De laatste keer was dat door Annemarie van Diepenbeek, zij vind de burcht een van de mooiste van de Maashorst. Bloeiende trosvlier op de burcht Naar een onderzoek vanuit de provincie zijn op ons terrein wildcamera’s geplaatst door Annemarie en Carlo Wijnen gedurende 6 weken. De bunzing is toen vastgelegd op beeld. Het gebied is een struweelvogel gebied. Daarvan zijn als adoptiegebied door IVN natuurgidsen inventarisaties gedaan waarbij 47 soorten waargenomen, waaronder Bos uil, Kerkuil, Buizerd (broedvogel), Havik, Torenvalk, Groene specht, Grote bonte specht, IJsvogel. Flora De meest gevarieerde biodiversiteit bevind zich in de graslanden. Na verschraling door het agrarisch natuurbeer was er al een waardevolle vegetatie ontstaan, die na enkele jaren van gangbaar gebruik in potentie nog aanwezig was. In de aanloop naar de functieverandering naar echte natuur en weer opnieuw verschralen zagen we de kruidenrijke vegetatie weer opkomen. Koningsvaren is aanwezig langs bosranden en Berktlaan en langs de grachten, Trosvlier. IVN natuurgidsen in opleiding hebben tweemaal hier hun adoptiegebied gekozen.

19

4.

Actueel Beheerplan 2022

Al sinds de vorming van het nieuwe landgoed De Berkt in 1998 wordt op verantwoorde wijze aan natuurontwikkeling en bescherming gedaan. Dit heeft geleid tot behoud en uitbreiding van de biodiversiteit aan flora en fauna.

Natuur en Landschapselementen Vroeger was binnen de agrarische bedrijfsvoering de gebruikswaarde van de landschapselementen hoog en waren er de zgn. geriefshoutbosjes waaruit stelen voor het gereedschap gehaald werden, houtwallen voor het stoken van de kachel en het bakken van brood in hout gestookte vloerovens. Dit gebruikswaarde is al jarenlang verdwenen Nu stimuleert de provincie door beleid voor het natuur- en landschapsbeheer de zorg en verantwoordelijkheid om landschapselementen in stand te houden en te beschermen.

Beleidskaders Provinciaal Natuurbeheerplan Het natuurbeheerplan beschrijft de provinciale doelen op het gebied van natuur- en landschapsbeheer. Het is ook het leidende document voor de subsidiemogelijkheden en -verlening voor het Subsidiestelsel Natuur en Landschap (SNL). De natuurbeheer- en landschapsbeheertypen van de Index Natuur en Landschap liggen voor alle percelen en terreinen vast in het natuurbeheerplan. Subsidie is alleen mogelijk voor het beheertype dat in het natuurbeheerplan is begrensd en vastgesteld. Het natuurbeheerplan bestaat uit minimaal twee digitale kaarten – een beheertypenkaart en een ambitiekaart – met een toelichtende tekst. Op de beheertypenkaart staat de actuele natuursituatie voor het (agrarisch) natuurbeheer. Deze kaart is de basis voor beheersubsidies. Op de ambitiekaart staat de ambitie van de provincies voor de natuur. De kaart geeft aan welke natuur over ongeveer tien jaar gerealiseerd kan zijn in de natuurgebieden. Basis voor de kaarten is het Informatiemodel natuur (IMNa). Sinds 2010 maken de twaalf provincies hun natuurbeheerplannen op basis van het IMNa. Het Informatiemodel is afgeleid van de beheertypen uit de Index Natuur en Landschap en biedt een definitiekader (een gemeenschappelijke taal) op basis waarvan provincies en hun ketenpartners op een eenvoudige, snelle manier gegevens uitwisselen.

De natuurbeheerplannen van de provincies worden centraal verzameld in een uniforme geo-database (databestand met geografische gegevens) met informatie die door alle provincies, uitvoeringsinstanties en beheerders gebruikt kan worden.

Vaststellen Natuurbeheerplan Het natuurbeheerplan wordt vastgesteld en gewijzigd bij besluit van Gedeputeerde Staten van de provincies. De procedure hiervoor is in het kort als volgt. Elk jaar op of rond 1 mei stellen de provincies hun concept-natuurbeheerplan voor het komende beheerjaar (kalenderjaar) vast. De plannen liggen van half mei tot begin juli ter inzage bij de provincies. Op 1 oktober wordt het definitieve natuurbeheerplan vastgesteld. Op de vaststelling van het plan is de procedure uit afdeling 3.4. van de Algemene Wet Bestuursrecht (AWB) van toepassing.

Index Natuur en Landschap is de basis De basis voor het natuurbeheerplan vormt de Index Natuur en Landschap. Dit is een landelijk uniforme ‘natuurtaal’ die de typen natuur en landschap in Nederland beschrijft. De Index Natuur en Landschap is in overleg tussen beheerders en de overheid tot stand gekomen. De onderdelen van de index zijn: • Een algemene beschrijving van het beheertype. • De afbakening: Specifieke kenmerken van het beheertype waardoor het zich onderscheid van andere.

20

Natuurbeheertypen LOPENDE BESCHIKKING 2021,

Gedeeltelijk gecontinueerd uit voormalige SN-a beschikking van 01-01-2014 tot 3112-2019: Door opname in het NNB Lopende SNL-n beschikking: BSN 9000878 looptijd 01-01-2021 t/m 31/12/2022 Beheer type N.16.02

Benaming

Natuur Collectief Brabant

Restant Sterrenbos 1900

Vochtig bos met productie

Deelnemersnummer 107015 Dood hout in het bos gelaten voor insecten en vogels. Dode bomen > 30 per ha.

21 L.01.08

Knotbomen rij

Deels geknot aan de noordzijde i.v.m. overhangende takken over andere eigenaar aangrenzend perceel. Uitgevoerd dec. 2021

L01.07.01b

Berktlaan

Laan

L01.02

Hoge houtwal langs Vinkelse

Houtwal en

straat

houtsingel

Geen speciaal onderhoud aan de laanbomen in 2021 In 2012 is de beheereenheden nog gekapt door,

Landgoed De Berkt heeft voor de volgende nieuwe natuur terreinen een beschikking SNL aangevraagd voor de beheerjaren vanaf 2021. N10.02 Vochtig hooiland N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland Bij beheerwerkzaamheden in het natuurbeheer, maaien en afvoeren en bij begrazen, wordt de gedragscode voor Natuurbeheer toegepast daar waar beschermde soorten voorkomen in nat en droog schraalland. De kalender voor beheer van bijzondere gras- en hooilanden passen wij toe op Vochtig hooiland, er is geen nadere specificatie voor vochtig hooiland.

Gedragscode voor Natuurbeheer. Algemeen: Bijzondere gras- en hooilanden zijn gras- en hooilanden waar naast broedvogels ook andere zwaarder beschermde soorten (kunnen) voorkomen. Het kan bijvoorbeeld gaan om kalkgraslanden, blauwgraslanden, dotterbloemgraslanden, heischrale graslanden, stroomdalgraslanden, graslanden in duinvalleien, trilveengraslanden, graslanden van dijken en zeggenvegetaties.

De maatregelen kunnen onder meer zijn: maaien, bemesten, slepen, rollen, schudden, wiersen, oprapen, afvoeren en bekalken.

22 Begrazen valt hier echter niet onder. Zie daarvoor paragraaf 4.2 KALENDER BEHEER BIJZONDERE GRAS- EN HOOILANDEN

23

N10.02 Vochtig hooiland Voor het landgoed zijn in 2020 twee percelen, totaal 3,6 hectare, reguliere landbouwgrond ingericht voor vochtig hooiland en zijn landschapselementen daarin aangelegd. In het streefdoel voor vochtig hooiland is vooral in de winter een hoge grondwaterstand een vereiste. Dit konden we alleen bereiken door de bouwvoor af te graven (oktober 2020) en af te voeren, waardoor ook verschraling bereikt wordt. Wijstverschijnselen in de sloten langs het perceel gaven aanleiding tot nader onderzoek om vast te stellen dat een zij breuk van de Peelrand breuk, op niet al te grote afstand ten westen langs het beoogde Vochtig hooiland loopt, invloed, heeft om mogelijk voor wijstherstel in aanmerking te komen. Een daaropvolgend veldonderzoek door Avallo naar de Geo-hydrologie heeft aangetoond dat er invloed van de breuk aanwezig is. Dit onderzoek is door de provincie getoetst en als positief voor wijstherstel beoordeeld en goedgekeurd. Met het afgraven en afvoeren van de toplaag zijn tevens mineralen uit de bemesting afgevoerd. Vanuit IVN Bernheze is door een vrijwilliger met jarenlange ervaring in het floristisch onderzoek, op 3 juni 2021, is er een verkennende wandeling door het veld gemaakt: Qua biodiversiteit op het landgoed zal mijns inziens in de nabije toekomst sprake zijn van een enorme opleving.

Geweldig dat dit project is gerealiseerd! Dank! Mijn voornemen is om komend jaar Landgoed De Berkt weer op het programma van de Vlinder- en libellenwerkgroep IVN Bernheze te plaatsen, zodat we eventuele positieve ontwikkelingen aan kunnen tonen in vergelijking met de in het verleden uitgevoerde inventarisaties.

Nieuwe stuw van waterschap Aa en Maas In het voorjaar van 2022 wordt door het waterschap een nieuwe kantelstuw geplaatst in de Vinkelse loop ten noorden grenzend aan het vochtige hooiland t.b.v. verhoging van het grondwaterpeil op het perceel. Er zal minder ijzerrijk kwelwater door drainage afwateren naar de Vinkelse loop zoals tot heden het geval is.

Aanleg nieuwe kantelstuw voorkomt afwatering van grondwater in de Vinkelse Loop.

24

In het kader van SNL beheer volgt landgoed De Berkt de beschrijving van alle voorkomende natuurbeheertypen met de kenmerken, de richtlijnen van de SNL en de beheermaatregelen die bij bestendig of periodiek beheer worden uitgevoerd

N.10.02 Vochtig Hooiland (SNL)

25

Het nieuwe Vochtig hooiland beschouwen we als een ’s Winters nat hooiland type´. Deze hooilanden hebben meestal ’s winters water op of aan maaiveld. ’s Zomers drogen ze doorgaans iets dieper uit dan het eerste subtype. De bodem is vaak een zandgrond (beekeerdgrond), maar kan ook moerig zijn of kleiig of zavelig (al dan niet op veen). Soorten die voorkomen zijn bijvoorbeeld waterkruiskruid, brede orchis, veldrus, bosbies, moerasstreepzaad en veel van de soorten uit andere typen vochtig hooiland. Op ons perceel zal in de winter periode van oktober tot april voor het grootste gedeelte water op het maaiveld staan. Dit bepaald mede de mogelijkheden om te kunnen maaien en afvoeren. Dit jaar is eind maart het gehele perceel droog gevallen en gemaaid. Bovendien is het waterpeil beneden de stuw op de locatie aan de oostzijde van het perceel mogelijk lager door de bouw van een nieuwe stuw in de Vinkelse loop door het waterschap aan de westkant van het perceel in maart t/m begin april. Op vrijdag 25 maart is strooisel opgebracht van een perceel nat schraalland van H. Brinkhof dat in oktober 2021 gemaaid is.

26

Maaien Het maaien van vochtige hooilanden gaat het om het eenmalig tot enkele malen afmaaien van het bovengrondse deel van de vegetatie, waarbij het maaisel altijd volledig wordt afgevoerd. Maaien wordt meestal gebruikt als maatregel om verruiging en struweelvorming tegen te gaan. Het is de meest reguliere beheermaatregel van dit beheertype. Beweiding

In drogere perioden (zomer) wordt het vochtig hooiland indien de grondwaterstand voldoende laag is op vergelijkbare wijze, i.v.m. de kwaliteitsverbetering das, voor 50% beweid.

27

Monitoring en audits Inventarisaties en audits zullen komende jaren vaststellen of via het beheer het gewenste natuurdoeltype gehaald wordt.

Gedeelte van het in ontwikkeling zijnde Vochtig hooiland in 2021

28

N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland

29

Beheer: De kwaliteit van de percelen is na enkele jaren zonder bemesting, in aanloop naar de functieverandering, al weer zeer kruidenrijk geworden. Een gedeelte op de maisakker langs de Vinkelse straat is na het inzaaien in 2019 nog in ontwikkeling tot kruidenrijk grasland. Geschikt beheer van kruiden- en faunarijk grasland bestaat in zijn algemeenheid uit een mix van maaien en extensief beweiden, en soms hooien met na-beweiden.

30 Bij beweiden is de kans op een meer gevarieerde structuur groter dan bij maaien. Het betreft matig voedselrijke vegetaties, die doorgaans niet bemest hoeven te worden. Als de omstandigheden te voedselarm worden kan incidenteel, bij uitzondering (al dan niet pleksgewijs), licht bemest worden met ruige stalmest. Vanuit de instandhouding van het beheertype bezien gaat het hierbij om kleine hoeveelheden. Om verzuring tegen te gaan kan, bij uitzondering, ook bekalken toegepast worden. Met het oog op onze dassenfamilie op het landgoed is uit oogpunt van primair dassengebied rondom de burchten het beheer gericht op extensief beweiden om het gras kort te houden voor de dassen. Deze percelen worden thans nog beweid met schapen, maar in navolging van de kwaliteitsverbetering voor de das wordt overgeschakeld op extensieve beweiding met (Brandrode) runderen. Het afwisselend beweidingsschema en maaibeheer zorgt er voor om de verschraling op peil te houden en de kruiden kunnen bloeien en zaaien en zorgt beweiding met runderen voor het op peil houden van de wormenpopulatie. Als de omstandigheden het toelaten, de structuur, de grondwaterstand, en bij voldoende aangroei kan er een groot gedeelte van het jaar beweid worden.

Monitoring en audits Inventarisaties en audits zullen komende jaren vaststellen of via het beheer het gewenste natuurdoeltype in stand wordt gehouden.

31

N15.02 Dennen-, eiken-, en Beukenbos Deze bossen zijn in de tijd behorende tot de eigendom van Kasteel Heeswijk, begin 1900, na afloop van de vroegere hakhout teelt, omgevormd tot productie bos voor mijnhout teelt. De gronden zijn eigenlijk te nat voor een dennenbos en er is zo ver we weten nooit uit geoogst, de behoefte aan mijnhout was al weggevallen Over het algemeen is de kwaliteit van het bos niet erg goed. Door de jaren heen zijn al veel bomen omgegaan door de hoge grondwaterstand en veel bomen zijn in de loop der jaren afgestorven. Heel veel bomen zijn langzaam aan verder aan het scheefzakken. Op plekken waar voldoende licht aanwezig was zijn al jarenlang vooral berken, lijsterbes en vuilboom opgekomen. De laatste jaren aangevuld met de opkomst van Hulst waarvan de zaden opgegeten door vogels uit de besdragende bomen in de tuin bij het landhuis naar het bos zijn gebracht. Veel inmiddels zware berken zijn vele tientallen jaren oud en raken aan het einde van hun beste groeiperiode. In de zware storm in januari 2018 zijn veel zware berken door windworp omgegaan. Van de onder begroeiing in het bos zijn vooral brede stekelvarens goed vertegenwoordigt en langs de buitenranden staan nog koningsvarens. In het landschapsplan voor het landgoed is de omvorming naar een structuurrijker bos opgenomen.

In het Natuurbeheerplan is het Vochtig productiebos N16.02 voor het beheerlaar 2022 al omgezet naar een hoger Natuurdoeltype N15.02 Dennen-, eiken-, en Beukenbos.

Beheer

Het beheer tot omvorming van het productiebos naar het gewijzigde natuurdoeltype zal geleidelijk plaats vinden op door storm veroorzaakte open plekken en aanvullend actief beheer voor jonge aanplant. De Werkzaamheden worden uitgevoerd in de periode van 15 september tot 15 maart.

32

N15.02 Dennen-, eiken, en beukenbos (SNL)

33

Landgoed De Berkt heeft voor de volgende landschapselementen een beschikking SNL 2021-2022. L01.01 Poel en klein historisch water L01.02 Houtwal en houtsingel L01.04 Bossingel en bosje L01.08 Knotbomen L01.07 Laan In het kader van SNL-beheer volgt landgoed De Berkt de beschrijving van alle voorkomende landschapselementen de kenmerken, de richtlijnen van de SNL en de beheermaatregelen die bij bestendig of periodiek beheer worden uitgevoerd volgens de gedragscode natuurbeheer 2016-2021

Gedragscode natuurbeheer

L01.01 Poel en klein historisch water In het kruiden- en faunarijk grasland liggen 4 poelen. De poelen liggen in het lagere gedeelte van de kruiden- en faunarijke graslanden en zijn uit gerasterd van begrazing.

Bij het onderhoud wordt onderstaande natuur kalender toegepast:

Daarbij horen de volgende voorzorgsmaatregelen:

34

L01.01 Poel en klein historisch water (SNL)

35

Beheermaatregelen: Onderhoud van de werkzaamheden wordt uitgevoerd door de eigenaar en een loonwerker indien grote materieel nodig is om op te schonen om dichtgroeien te voorkomen. Jaarlijks wordt in de nazomer/herfst een overmaat aan plantengroei weggehaald en na een paar dagen, zodat aanwezige oever en waterdiertjes uit de vegetatie kunnen kruipen, afgevoerd. Voor in de wintermaanden blijft voldoende (> 20%) korte en langere vegetatie overstaan als toevluchtsoord voor amfibieën en insecten voor schuilplaatsen, om in te verblijven en zich later te kunnen verpoppen. Bomen rondom de poelen zullen waar mogelijk verwijderd worden of als hakhout beheerd gaan worden. Struiken aan de noordzijde blijven als opwarmplek en beschutting gespaard. Poelen zijn belangrijk voor de gehele omgeving. Niet alleen als waterbron maar ook als broedplaats en overwinteringsmogelijkheid. Daarom moet een poel soms worden schoongemaakt en verdiept. Ook dienen de steile randen aan de westkant flauw te zijn zodat er een groter gradiënt aanwezig is.

Flora: Poelen vormen een groeiplaats voor water- en moerasplanten. Hierop kunnen amfibieën hun eieren afzetten. Waterplanten zijn bijvoorbeeld: grof hoornblad, ondergedoken moerasscherm (zeldzaam), waterviolier, lidsteng (kwelindicatoren) en kranswieren, maar ook planten met drijfbladeren als witte waterlelie, drijvend fonteinkruid en watergentiaan. Moerasplanten zijn o.a. liesgras en grote kattenstaart. Fauna: Poelen zijn voor amfibieën van levensbelang als voortplantingsbiotoop. Ook insecten en andere ongewervelden kunnen in de poel zelf of op het talud leven. Deze vormen op hun beurt weer voedsel voor de amfibieën. Poelen vormen ook een drinkplek voor zoogdieren en vogels. Libellensoorten (azuurwaterjuffer, variabele juffer, gewone oeverlibel, keizerlibel, platbuik) vinden er hun biotoop als er ook moerasplanten aanwezig zijn.

De plas is belangrijk voor de gehele omgeving. Niet alleen als waterbron maar ook als broedplaats en overwinteringsmogelijkheid. Daarom moet het ven worden schoongemaakt en verdiept. Ook dienen de steile randen aan de westkant verflauwd te worden zodat er een groter gradiënt gemaakt kan worden

Wanneer periodiek beheer gaat plaatsvinden zal afhankelijk zijn van advies uit monitoring van de poelen.

36

L01.02 Houtwal en houtsingel Houtwallen liggen in het nieuwe natuurgebied langs de Kasteellaan, de Schaapssteeg en de Vinkelse straat.

37

De houtwallen langs de Kasteellaan en Vinkelsestraat zijn verhoogd aangelegd tot 50 cm boven maaiveld.

38 Aansluitend aan het eind van de Kasteellaan ligt de houtwallen structuur, die op basis van het landschapsplan van de ruilverkaveling Midden-Maasland in de 70er zijn aangelegd door aanplant op vervallen landweggetjes van het voormalige landgoed. De percelen zijn daarbij overgegaan naar Staats Bos Beheer. In 2020 heeft het landgoed de houtwallen overgenomen van SBB. In een van de houtsingels van SBB komen nog enkele oude knotbomen voor. Deze hadden erg achterstallig onderhoud.

In het najaar van 2020 zijn als eerste de zware stammen op deze bomen afgezet om te voorkomen dat de bomen uit zouden scheuren bij stormweer.

L01.02.01 Houtwal en houtsingel. (SNL)

39

Beheermaatregelen: L01.02.01 Op natuurterreinen De houtwallen op de nieuwe natuurterreinen zijn in het najaar van 2020 aangeplant. • •

Lijst met toegepaste inheemse soorten: De beheerder dient het landschapselement in stand te houden. De wijze waarop hij deze instandhoudingsverplichting invult, is aan de beheerder zelf.

•

Het element wordt periodiek afgezet in een cyclus van eenmaal 6-15 jaar

.

40

De houtwallen van SBB zijn enkele jaren voor de overname afgezet. Periodiek beheer is gefaseerd over de verschillende percelen. Overstaanders en monumentale bomen blijven gespaard. Jaar

2021

2022

2023

2034

2025

2026

Jaarlijks Periodiek

L01.02.02 Hoge houtwal • • •

Het element wordt periodiek afgezet in een cyclus van éénmaal per 21-25 jaar. Tussentijds mogen overhangende takken gesnoeid worden; Het wallichaam is minimaal 0,8 meter hoog en de kruidachtige vegetatie van de steile walkanten mag gemaaid worden; Aan de voet van het wallichaam ligt een greppel die in stand wordt gehouden.

De hoge houtwal is ca 10 jaar geleden afgezet, waarbij enkele overstaanders zijn blijven staan.

41

L01.04 Bossingel en bosje Op het perceel ten zuiden van de Berktlaan is het landschapselement ter grootte van 0,14 ha van 2014 t/m 2019 in een SN-a beschikking geweest, SNL 810063 Agrarisch. Na afloop is het perceel opgenomen in het beoogde bestemmingsplan. Vanwege de bestaande landschapselementen was dat niet mogelijk, eveneens voor een poel op dit perceel. Op basis van continuïteit in het beheer vragen wij opname van deze landschapselementen, bosje en poel, als subsidiabel in het NN.

42

L01.08 Knotbomen In LOPENDE BESCHIKKING 2021, Gecontinueerd uit voormalige SN-a beschikking geëindigd op 13-12-2019:

Deze knotbomen staan tussen de waterloop en de nieuwe Laan Langs de noordelijke grens van het nieuwe natuurterrein op het perceel F814 langs de Vinkelse straat. Beschikking via NCB, deelnemer 107015. Aantal bomen 16, schietwilg.

43

L01.08 Knotboom (SNL)

44

Beheereisen •

• • •

Knotwilgen, -elzen, -essen en -populieren –worden in een cyclus van éénmaal per 3-8 jaar geknot. Knoteiken en -haagbeuken worden geknot in een cyclus van minimaal eenmaal per 15 jaar; Er mag geen snoeihout verbrand worden in de directe omgeving van de knotboom; De boom mag niet beschadigd worden door vee. Knotwerkzaamheden worden alleen verricht in de periode tussen 1 oktober en 15 maart.

45

L01.07 Laan Nieuwe lanen zijn door de natuurterreinen en langs de bestaande bospercelen aangelegd. Ontwerp van de lanen, profielen het grondwerk en van de laanbomen.

46

Ontwerp profiel Lanen

Variatie in Laanbomen Het ontwerp en de inrichtingstekening van de landschapsarchitect gaat meestal uit van de opvatting dat alle laanbomen van dezelfde soort moeten zijn en van dezelfde leeftijd. De geschetste verbeelding op pag. 5 draagt dat beeld uit. Ook de SNL-beschrijving van de afbakening op pag. 37 vermeld dat het meestal om bomen van dezelfde soort en leeftijd gaat. Dat geeft een sterke beleving van een dergelijke laan met grote volwassen bomen als die al 100 of 150 jaar oud zijn. Op landgoed De Berkt is dat in het Sterrebos niet het historische beeld. Dat was het wel op de hoofdlanen en op basis van voorpootrecht ook op de gemeentelijke toegangswegen naar het landgoed, t.w. de Vinkelsestraat, de Berktstraat, de Kasteellaan, de Jonkerstraat en de Holkampstraat. In het sterrebos waren de lanen geen lanen in de zin van bomenlanen, maar hadden alleen de functie van zichtlijnen voor de jacht waar het sterrebos voor bedacht en aangelegd is. Langs de bestaande bosranden staan oude eiken en berken die overgebleven zijn uit het voormalige hakhoutbeheer van het Sterrenbos op plaatsen waar de zichtlijnen zijn geweest. Deze oude eiken en berken staan niet perse in een rechte lijn van een laan, maar dragen als monumentale bomen, wel bij aan het streefbeeld van een laan op die plaats.

47

Het is niet onze bedoeling en ook niet van onze landschapsarchitect om dergelijke bomen weg te halen voor een nieuwe kaarsrecht uitgelijnde bomenlaan met allemaal nieuwe laanbomen van dezelfde leeftijd en soort. Meer variatie voor laanbomen wordt ook opgenomen in nieuw beleid van de gemeente Bernheze. Meer variatie zorgt voor het doorbreken van de monocultuur in met name van alleen maar zomereiken. Het gevolg van deze monocultuur is o.a. dat de processierups als het ware vanuit het zuiden via alle eikenlanen naar alle windstreken van Nederland heeft kunnen migreren, met de nodige problemen van dien. Op de brede strook van de aardgaspijpleidingen en de persleiding van het waterschap mogen geen diep wortelende laanbomen aangeplant worden. Op deze plaatsen zijn lijsterbessen aangeplant.

Bestaande oude bomen zijn in kaart gebracht: Ook de opwaardering door de provincie van de restanten van het sterrebos van vochtig productiebos naar het nieuwe natuurdoeltype van N15.02 Dennen-, eiken-, en Beukenbos is een uitgangspunt is een uitgangspunt om aan te sluiten op meer variatie in de laanbomen. Aansluitend op het ontwerpprofiel in het landschapsplan is er samen met de gemeente en de landschapsarchitect ampel overleg geweest over de laanbomen. Zowel in het landschapsplan als in het beheerplan is afgestemd op voorgaand overleg: Ontwerp lanen en profielen van het sterrenbos

48

Laan type 1: De brede klassieke dubbele laan van zomereik met (zand)weg. Een laan in Vierkants verband, van één soort. Deze laan is nog terug te vinden op delen van de Kasteellaan, Jonkerstraat en Vinkelsestraat. Laan type 2: De smalle klassieke dubbele laan van verschillende lindensoorten met wandelpad. Deze lanen vormen de monumentale ster van het landgoed. De diagonalen leiden naar het hart van het sterrenbos en zichtlijnen zowel in de laan als over graslanden maken deze route aantrekkelijk. Er is gekozen voor een Lindenlaan met een menging van verschillende soorten linden (Tilia cordata, Tilia platyphyllos, Tilia europaea ‘pallida’) vanwege de natuurdoelstelling van het landgoed en de klimaatbestendigheid van de boomsoort. De diagonaal in de noordwest hoek,(type 2b) die het vochtige hooiland kruist wordt minder dicht aangeplant (plantafstand 15 meter i.p.v. 9 meter om minder schaduw op de graslanden te creëren). Laan type 3: De symmetrisch gemengde houtwallaan of sierplenterlaan. Dit zijn lanen van onregelmatig geplante dubbele rijen grote bomen van verschillende soorten, met een onderbegroeiing van (sier)struweel. De laan is monumentaal door het tunneleffect en kleurrijke onder beplanting in het voor- en najaar.

Dit type laan is reeds aanwezig op het landgoed, de oost-westlaan tussen de kasteellaan en de Vinkelsestraat en de Schaapssteeg bestaat voor een deel uit dit type laan. Laan type 4: Symmetrisch gemengde dubbele laan zonder onderbegroeiing. In noord-zuid richting waren in het sterrenbos van oorsprong vier lanen. Van deze lanen zijn nog enkele delen aanwezig. Ze bestaan uit gemengde dubbele bomenrijen zonder onderbegroeiing bestaande uit verschillende boomsoorten (eik, berk, linde, iep, beuk, haagbeuk esdoorn, es). De in vier rijen in Driehoeks verband geplante bomen van verschillende soorten bevordert de biodiversiteit en klimaatbestendigheid van het landgoed. Wisselend zicht op het landgoed wordt geboden, omdat afwisselend links en rechts bos verreist, wat de wandeling aantrekkelijk maakt.

L01.07 Laan (SNL)

49

50

Lanen op natuurterrein: De beheerder dient het landschapselement in stand te houden. De wijze waarop hij deze instandhoudingsverplichting invult, is aan de beheerder zelf.

51

Natuur en openstelling Het landgoed heeft in het plangebied 10,6 hectare natuur en 2,1 hectare bos. Voor de natuur gelden beheervoorschriften voor de flora en fauna. Bij natuuraanleg via het GOB, is openstelling verplicht voor wandelaars via wandelpaden. Natuur en openstelling gaan lang niet altijd goed samen. Wandelaars met honden moeten de honden aangelijnd houden. Daar is niet altijd zicht op en handhaving gebeurt door de provinciale organisatie Samen Sterk in het buitengebied. De nieuwe openstellingsborden worden geplaatst bij ieder toegangspunt voor wandelaars tot het landgoed. Openstelling met aansluiting op het gemeentelijk wandelpaden netwerk

Openstellingskaartje gemeentelijk wandelpaden netwerk

Bestaande wandelpaden zijn: bruin weergegeven Nieuwe wandelpaden zijn:

blauw weergegeven

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=94550509-840f-4898-894f-6a269aa1112e