Plantoelichting Landgoed De Berkt_bijlage 8 Ecologische quickscan
Tekst van het document
erl Buro Ma L a n
d s c
h a p
,
l o E c o
g i e
&
ant
t e R u i m
l i j k e
O rd
e n i n
g
B M- R APPOR T 2023
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan (definitief versie 03)
J. va n Suijle kom, 24 fe b rua ri 2023
Inhoud Blz 1
Inleiding
3
1.1
Algemeen
3
1.2
Methode / doel
3
1.3
Beschrijving van het plangebied en de ingrepen
3
2
Wet- en regelgeving
4
2.1
Wet natuurbescherming
4
3
Bronnenonderzoek
7
3.1
Data uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF)
7
3.2
Gebiedsbescherming
8
4
Resultaten van het veldonderzoek
8
4.1
Algemeen
8
4.2
Beschermde soorten: resultaten en verwachting
8
5
Conclusie en advies
16
Conclusie
16
Advies
17
Literatuur
19
I m p re ss i e v a n h e t plangebied, locaties v a n d e i n g re p e n . F oto ’s : B u ro M a e r l a n t 20 - e n 2 1 - 0 7 - 2 0 2 0 .
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
2
1 Inleiding 1.1 Algemeen Op verzoek van Pittiger in Planologie heeft Buro Maerlant een ecologische quickscan uitgevoerd ten behoeve van de beoogde ingrepen in het plangebied landgoed De Berkt te Heesch. Het veldbezoek werd uitgevoerd op 20 en 21 juli 2020. Voor het definitief maken van deze versie is daarnaast een veldbezoek uitgevoerd op 1 februari 2023. Men is voornemens de allure van het landgoed te herstellen en nabij de hoofdwoning aan de Kasteellaan bijgebouwen te renoveren / herstellen en een nieuwe ondergeschikte woning ten noorden van de hoofdwoning te realiseren. Tevens zijn twee nieuwe woningen voorzien aan de Vinkelsestraat. Middels landschappelijke inpassing en overige aanleg van groenelementen wordt de kwaliteit van het langoed sterk verbeterd.
1.2 Methode / doel De ecologische quickscan bestaat uit een veldonderzoek en de verslaglegging daarvan. Tijdens het veldonderzoek is het plangebied onderzocht op de aanwezigheid van diersporen zoals uitwerpselen, krab- en graafsporen, en is de vegetatie bekeken. Tevens zijn waarnemingen van aanwezige diersoorten gedaan. Op basis van expert-judgement is een inschatting gemaakt van het mogelijke voorkomen van beschermde soorten. Dit is afgewogen tegen de toekomstige ontwikkelingen. Doel van het onderzoek is een goed onderbouwde inschatting te geven, zodat kan worden gehandeld conform de Wet natuurbescherming.
1.3 Beschrijving van het plangebied en de ingrepen Het plangebied landgoed De Berkt (vanaf nu ‘het plangebied’) is gelegen in het buitengebied van Heesch en ligt ingesloten tussen de Kasteellaan, Vinkelsestraat en Berktstraat omvat twee deel-locaties waar ingrepen zijn voorzien (figuur 1). Het landgoed bestaat uit een hoofdgebouw, gelegen aan de Kasteellaan, met bijgebouwen omgeven door een gracht en een tuin. Fi guur 1 Weergav e v an l andgoed D e B erk t (i n bl auw) met daarbi nnen gl obaal de l ocat i es v an de i ngrepen (rood B ron l ucht f ot o: / ‘het pl angebied’). G oogl e.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
3
Het overige deel van het landgoed bestaat uit lanen, bos en relatief grote percelen grasland en een akker. De ingrepen waar deze quickscan primair is op gebaseerd betreffen de twee deel-locaties. Waar in onderhavige quickscan over 'plangebied' wordt gesproken, worden deze deellocaties bedoeld. Op de deellocatie Kasteellaan is men voornemens een schuur te renoveren en in te richten als multifunctionele ruimte. Een stenen kippenschuur, die thans bestaat uit opnieuw gefundeerde en gestutte muurresten, wordt omgebouwd tot een recreatiewoning. Ten noorden van het hoofdgebouw is men voornemens ter plekke van een boomgaard een nieuwe woning te realiseren. Deze wordt ontsloten via een bestaand pad. Het parkeren vindt verspreid over het erf plaats. Ter plekke van de deellocatie aan de Vinkelsestraat zijn op een akker twee woningen voorzien. Rondom de woningen is deels een tuin / erf voorzien (woonkavels). Rondom de woonkavels worden landschapselementen aangelegd, het gaat aan de westzijde om de aanleg van een poel en kruiden-rijk grasland. Aan de oostzijde van de woonkavels wordt parallel aan een bestaande houtwal een tweede houtwal aangelegd.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
4
Wet- en regelgeving 2.1 Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de nieuwe Wet natuurbescherming in werking getreden. Deze wet vervangt drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. De Europese Habitatrichtlijn en de Vogelrichtlijn zijn in deze wet geïmplementeerd. Bevoegdheden inzake ontheffingen en vrijstellingen komen met deze wet te liggen bij de provincie. In sommige situaties is het Rijk bevoegd gezag. Soortbescherming: drie beschermingsregimes De Wet natuurbescherming kent inzake soortbescherming drie aparte beschermingsregimes: voor soorten van de Vogelrichtlijn, van de Habitatrichtlijn inclusief het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn en voor andere nationaal beschermde soorten. Per beschermingsregime gelden aparte verbodsbepalingen en bijbehorende vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden (zie onderstaande tabel). Tab el 1 Ver bod sb e p a l i n g e n We t n atuu r b e s c h e r m i n g . B ron: b ro c h u re so o r t b e s cher m i n g b i j r u i m t e l i j k e ingrepe n , M i n i s t e r i e v a n E con om i sc h e Z a k e n .
Beschermingsregime soorten
Beschermingsregime soorten
Beschermingsregime andere
Vogelrichtlijn § 3.1 Wn
Habitatrichtlijn § 3.2 Wn
soorten § 3.3 Wn
Art 3.1 lid 1
Art 3.5 lid 1
Art 3.10 lid 1a
Het is verboden in het wild
Het is verboden soorten in hun
Het is verboden soorten opzettelijk
levende vogels opzettelijk te
natuurlijke verspreidingsgebied
te doden of te vangen
doden of te vangen.
opzettelijk te doden of te vangen
Art 3.1 lid 2
Art 3.5 lid 4
Art 3.10 lid 1b
Het is verboden opzettelijk
Het is verboden de voortplan-
Het is verboden de vaste voort-
nesten, rustplaatsen en eieren
tingsplaatsen of rustplaatsen
plantingsplaatsen of rustplaatsen
van vogels te vernielen of te
van dieren te beschadigen of te
van dieren opzettelijk te beschadi-
beschadigen, of nesten van
vernielen
gen of te vernielen
Art 3.1 lid 3
Art 3.5 lid 3
Niet van toepassing
Het is verboden eieren te
Het is verboden eieren van
rapen en deze onder zich te
dieren in de natuur opzettelijk te
hebben
vernielen of te rapen
Art 3.1 lid 4 en lid 5
Art 3.5 lid 2
Het is verboden vogels op-
Het is verboden dieren opzette-
zettelijk te verstoren, tenzij de
lijk te verstoren
vogels weg te nemen
Niet van toepassing
verstoring niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort Niet van toepassing
Art 3.5 lid 5
Art 3.10 lid 1c
Het is verboden plantensoorten
Het is verboden plantensoorten in
in hun natuurlijke verspreidings-
hun natuurlijke verspreidingsgebied
gebied opzettelijk te plukken en
opzettelijk te plukken en te ver-
te verzamelen, af te snijden, te
zamelen, af te snijden, te ontworte-
ontwortelen of te vernielen
len of te vernielen
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
5
Ontheffing en vrijstelling Op basis van een ontheffing of een vrijstelling is overtreding van de verbodsbepalingen in principe mogelijk. Aangetoond dient te worden dat er sprake is van geen andere bevredigende oplossing (alternatief), er sprake is van een door de wet genoemd belang (bijvoorbeeld volksgezondheid of openbare veiligheid) en de ingreep geen afbreuk doet aan de gunstige instandhouding van de soort. Nieuw in de wet is dat voor alle soorten de mogelijkheid wordt geboden te werken volgens een goedgekeurde gedragscode. Indien aan bovenstaand wordt voldaan geldt een vrijstelling als aantoonbaar wordt gewerkt volgens een goedgekeurde gedragscode. De verbodsbepalingen zijn gericht op het individu, echter wordt bij de beoordeling of kan worden afgeweken van de bepalingen gekeken naar de gunstige instandhouding van de soort. De zorgplicht blijft in de Wet natuurbescherming evenwel van toepassing, óók voor niet beschermde soorten, dit houdt in dat iedereen voldoende zorg in acht neemt voor alle planten en dieren en de leefomgeving. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld, echter kan hierop door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd. Jaarronde bescherming vogels Nesten van vogels zijn doorgaans alleen beschermd tijdens het broedseizoen.
Van een beperkt aantal vogelsoorten zijn nesten ook in de niewe wet buiten het broedseizoen en dus jaarrond beschermd (zie tabel 2). Categorie
Omschrijving Jaarrond beschermde nesten
Ta b e l 2 B e sc h e r m i n g sc a tegori e ë n n e s t e n , w a a rop d e v e r b o d sb e p a l i ngen v a n a r t i k e l 3 . 1 en 3. 5 W n b v a n t o e p a s s i n g z i j n : J a a r ro n d (1 t/ m 4 ) o f t i j d e n s h e t b ro e d se i z o e n ( c a t eg o r i e 5 ).
1
Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats (voorbeeld: steenuil).
2
Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk zijn van bebouwing of biotoop. De fysiekke voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: roek, gierzwaluw en huismus).
3
Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: ooievaar, kerkuil en slechtvalk).
4
Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen (voorbeeld: boomvalk, buizerd en ransuil). Niet jaarond beschermde nesten Let op: onderbouwing en eventueel nader onderzoek echter gewenst. Indien sprake is van zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden, zijn ook deze nesten beschermd.
5
Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen (voorbeeld: boerenzwaluw, ekster, groene specht en spreeuw.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
6
Van alle categorieën vogels in hierboven genoemde tabel is het belangrijk aan- of afwezigheid van nesten / territoria aan te tonen en sprake is van een mogelijk effect. Via een omgevingscheck en eventueel nader onderzoek is dit mogelijk. Voor categorie 5 - soorten is een potentie inschatting doorgaans voldoende. Gebiedsbescherming In de Wet natuurbescherming is gebiedsbescherming op vergelijkbare wijze geregeld als de voormalige Natuurbeschermingswet 1998. Ook in de Wet natuurbescherming wet beoogt men bescherming van gebieden die nationaal en internationaal van belang zijn. Het betreft de bescherming van gebieden op Nederlands grondgebied die vanuit de Europese Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn zijn aangewezen. Gezamenlijk vormen deze gebieden een Europees netwerk: Natura 2000. De status van beschermde natuurmonumenten is bij de inwerkingtreding van de nieuwe wet komen te vervallen. Het merendeel van de voormalig beschermde gebieden maken onderdeel uit van het Natuurnetwerk Nederland en zijn op deze wijze beschermd. Ingrepen en effecten In de Wet natuurbescherming is bepaald, dat handelingen of projecten die mogelijk schadelijk invloed hebben op Natura 2000-gebieden vergunningsplichtig zijn. Door middel van toetsing wordt bepaald of sprake is van effecten,en zo ja in welke mate dit is. Toetsing vindt plaats in drie fasen:
» orientatiefase of voortoets; » verstorings- en verslechteringstoets (bij mogelijke negatieve, maar géén significant negatieve effecten);
» passende beoordeling (kans op significant negatieve effecten). Als uit de verstorings- en verslechteringstoets blijkt, dat sprake is van mogelijk negatieve effecten dient in een aanvullende toetsing een effectbeoordeling plaats te vinden en is een vergunning nodig. Het bevoegd gezag (de provincie en in sommige situaties het Ministerie) verleent een vergunning onder strikte voorwaarden, waarbij met voldoende mitigerende en compenserende maatregelen de instandhoudingsdoelstellingen zijn gewaarborgd.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
7
3 Bronnenonderzoek 3.1 Data uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) Voor het onderzoek zijn de gegevens uit de NDFF middels quickscanhulp opgevraagd. Het betreft waarnemingen van beschermde soorten krachtens de Wet natuurbescherming binnen een straal van 0 tot 5 km ten opzichte van het plangebied. Dit is exclusief algemene beschermde soorten waarvoor bij ruimtelijke ingrepen een provinciale vrijstelling geldt. De gegevens zijn in de onderstaande tabel weergegeven (tabel 4). Tab e l 4 Dat a u i t d e N D F F : w aa r n e m i n g e n s t r i k ter b e sc h e r m de s o o r t e n i n d e om g e v i n g v a n h e t pla n g e b i e d , e x c l u s i e f alge m e n e s o o r t e n w aa r v o o r e e n pro v i n c i a l e v r i j s t e l ling g e l d t . © N D F F - quickscanhulp.nl 21- 0 7 - 2 0 2 0
Naam Boomvalk Buizerd Gierzwaluw Havik Huismus Kerkuil Ransuil Roek Sperwer Steenuil Bunzing Das Eekhoorn Steenmarter Alpenwatersalamander Kamsalamander Knoflookpad Poelkikker Rugstreeppad grote vos Beekrombout Levendbarende hagedis Grote modderkruiper Grote Gele Kwikstaart Ooievaar Slechtvalk Wespendief Gewone dwergvleermuis Gewone/Grijze grootoorvleermuis Gewone grootoorvleermuis Gewone/Kleine/Ruige dwergvleermuis Laatvlieger Rosse vleermuis Ruige dwergvleermuis
Groep Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Amfibieën Amfibieën Amfibieën Amfibieën Amfibieën Dagvlinders Libellen Reptielen Vissen Vogels Vogels Vogels Vogels Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren
Afstand 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km
Bij de uitwerking van de resultaten van het veldonderzoek (zie hier onder) wordt een verwachting uitgesproken in hoeverre deze beschermde soorten ín het plangebied aanwezig kunnen zijn en in hoeverre effecten zijn te verwachten.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
8
3.2 Gebiedsbescherming Het plangebied ligt op ruime afstand (> 13 km) van Natura 2000-gebieden. Externe werking, en in het bijzonder depostie van stikstof, is door de geringe aard van de ingrepen en de ruime afstand uit te sluiten. Met een aeriusberekening moet dit worden aangetoond. De dichtstbijgelegen zones die onderdeel uitmaken van Natuurnetwerk Nederland (of NNN) maken
onderdeel
uit
van
het
landgoed
zelf
en
bestaan uit nog om te vormen
landbouwgrond naar natuur, droog bos met productie en een zone kruiden- en faunarijk grasland. De eigenaar van het landgoed (en initiatiefnemer) is voor-nemens concrete invulling te geven aan de gewenste natuurdoelen door het stopzetten van het intensieve agrarische gebruik van de gronden en nieuwe natuur aan te leggen, onder meer soortenrijk grasland en door aanplant van laanbomen. Daarnaast is verhoging van de grond-waterstand voorzien door de verplaatsing van een stuw (door het waterschap) in meer westelijke richting, waardoor een verval van 70 cm teniet wordt gedaan. Nieuwbouw is van be- perkte schaal en vindt op ruime afstand plaats zodat geen sprake is van een negatief effect op het Natuurnetwerk.
4 Resultaten van het veldonderzoek 4.1 Algemeen Het veldonderzoek werd uitgevoerd in de vroege middag van middag van 20 juli en late ochtend van 21 juli 2020. Tijdens beide bezoeken was het licht bewolkt (circa 25%) vrijwel windstil en droog, bij een temperatuur van circa 21 °C. Voor het opstellen van deze aangepaste eindversie van het rapport is het plangebied nogmaals bezocht op 1 februari 2023. Dit had tot doel eerdere bevindingen nogmaals ter plekke te staven en eventuele veranderingen t.o.v. 2020 vast te kunnen stellen. Biotopen In het plangebied, delen van de ingrepen, waren de volgende biotopen aanwezig: Deelocatie Kasteellaan
» Schuur, in vrij vervallen staat, opgetrokken uit baksteen en hout. Daken waren bekleed met golfplaten en deels met pannen. Muren en houten betimmeringen waren enkelwandig. Dakbekledingen waren direct aangebracht op houten balken en vertoonden diverse openingen. Weersinvloeden hadden dan ook deels vrij spel.
» Voormalige kippenschuur, bestaande uit gestutte muurrresten, die met beton opnieuw zijn gefundeerd. De ondergrond was zandig en spaarzaam begroeid soorten als de grote brandnetel en de gewone paardenbloem.
» Boomgaard met relatief jonge fruitbomen temidden van grasland (niet verruigd) met naast algemene grassen soorten als de ridderzuring en lokaal dominant de grote brandetel. De fruitbomen waren in vrij slechte staat en vertoonden relatief veel dood hout. Enkele stammen vertoonden ondiepe holten. In 2023 waren enkele slechte fruitbomen inmiddels gekapt. In de gaard stond nabij het toekomstige bouwvlak een zomereik. Deze was gaaf, zonder holten en dergelijke.
» Muurrest van een voormalige schuur, ten zuiden van het toekomstige bouwvlak.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
9
» Weide, begraasd door enkele schapen, met enkele relatief jonge rode beuken. De grasmat was matig ontwikkeld, vrij soortenarm en voedselrijk, met soorten als het Engels raaigras, kropaar en onder meer de ridderzuring, grote brandbnetel en het jacobskruiskruid.
» Tuin relatief goed onderhouden met gazon en grind nabij de opstallen. Deelocatie Vinkelsestraat
» Akker, voedselrijk en soortenarm.Ten tijde van het veldonderzoek werden aardappelen ge teeld. Randen waren relatief ruig begroeid met soorten als de zwarte nachtschade, akkerwinde, grote brandnetel en de gewone braam. Aan de zijde van de Vinkelsestraat was een houtwal aanwezig met diverse relatief jonge inheemse bomen en struiken met aan de zijde van de akker een braamruigte.
» Toerit van de akker, gelegen aan een zandpad ten zuiden van de houtwal. De deellocaties zijn gelegen in een landgoed met hoge natuurwaarden. Voor de ingrepen op de deellocaties is dit slechts gedeeltelijk relevant. Het betreft de functie van het landgoed als leefgebied voor de das. Bij de beoordeling van de ingrepen op deellocatie Vinkelsestraat wordt hier nader op ingegaan.
4.2 Beschermde soorten: resultaten en verwachting Opmerking: in onderstaande beoordeling wordt met ‘het plangebied’ de deellocaties waar de ingrepen zijn beoogd bedoeld. Waar nodig worden de afzonderlijke deellocaties behandeld. Planten In de omgeving van het plangebied ontbreken binnen een straal van 5 kilometer waarnemingen van beschermde vaatplanten (zie data uit de NDFF in tabel 4). Op basis hiervan is de aanwezigheid van beschermde vaatplanten binnen de werkgrenzen niet te verwachten. Binnen de werkgrenzen is sprake van voedselrijk grasland, een goed onderhouden tuin met gazon en aan de Vinkelsestraat een aardappelakker. Op basis van het aangetroffen habitat kan de aanwezigheid van beschermde vaatplanten binnen de werkgrenzen redelijkerwijs worden uitgesloten. Muren van de te slopen en/of te renoveren opstallen waren onbegroeid. Beschermde muurplanten werden niet aangetroffen. De aanwezigheid van beschermde vaatplanten binnen de werkgrenzen kan op basis van deze habitatscan redelijkerwijs worden uitgesloten. Zoogdieren algemeen In de omgeving van het plangebied zijn blijkens de data uit de NDFF de das, de eekhoorn, de bunzing en de steenmarter aangetroffen. De aanwezigheid van de das binnen het landgoed was reeds bekend voorafgaand aan de uitvoer van het veldonderzoek.
Eekhoorn en kleine marterachtigen / grondgebonden zoogdieren algemeen Voor de eekhoorn en kleinere marterachtigen biedt het landgoed zelf een keur aan mogelijkheden en is de aanwezigheid van zowel de eekhoorn als soorten als de bunzing, maar ook de wezel en de hermelijn vrij aannemelijk. Binnen het plangebied / de werkgrenzen werden geen sporen aangetroffen van de eekhoorn en/of kleinere marters, ook geen holen.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
10
Elementen die potentieel geschikt zijn voor marters zoals rommelhoekjes of andere schuilmogelijkheden ontbraken binnen de werkgrenzen zelf. De toekomstige bouwvlakken kunnen wel eens aangedaan worden om (incidenteel) te foerageren, echter wordt geen belangrijke functie voor kleine marters verwacht. In overige delen op het landgoed was een overmaat aan geschikte biotoop aanwezig in de vorm van bomenrijke paden met holenrijke bermen / taluds, ruigten en bos. Voor de ingrepen is dit niet relevant daar deze plaatsvinden in voor kleine marters marginaal biotoop. Voor de steenmarter waren de objecten grotendeels ongeschikt (muurresten). De op te knappen schuur bood enige potentie voor de steenmarter door de aanwezigheid van materialen op de begane grond. De schuur is actueel in gebruik en materialen wisselden zichtbaar regelmatig. Sporen van marters werden tijdens de inspectie niet aangetroffen. De aanwezigheid van voortplantings- of rustplaatsen in de te renoveren schuur kan worden uitgesloten. Binnen het deelgebied Vinkelsestraat onbraken potenties ook geheel doordat sprake was van een aardappelakker met
bijbehorend
subrecent
grondverzet.
De
aanwezigheid
van
vaste
rust-
of
verblijfplaatsten van de eekhoorn en kleinere marterachtigen binnen de werkgrenzen zelf kan redelijkerwijs worden uitgesloten. Op eventueel aanwezige dieren in overge delen van het landgoed hebben de ingrepen geen effect. De Das Waarnemingen Binnen het landgoed is een hoofdburcht en bijburcht aanwezig van de das. Tijdens het eerste veldbezoek zijn beide locaties gezamenlijk met de eigenaar van het landgoed bezocht (zie ook figuur 2). Aan de rand van het meest westelijk gelegen bosperceel werd een zeer
Figuur 2 Uitsnede van landgoed De Berkt (blauw kader) en de ontwikkellocaties (rood) binnen het leefgebied van de Das: gele markering = hoofdburcht, donkerblauwe markering = bijburcht. Oranje lijnen = concentraties graaf-sporen en prenten in de akker en de houtwal. Groen lijn = duidelijke wissel langs de rand van de akker tot in de houtwal. lichtgroen= mogelijke wissels.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
11
grote burcht aangetroffen met veel pijpen. De eigenaar heeft aangegeven dat deze in het verleden extra grond heeft aangebracht nabij de bestaande burcht. Hierin zijn inmiddels een groot aantal pijpen gegraven en heeft zich een ruigte ontwikkeld. Tijdens het bezoek werden geen verse gegraven gangen waargenomen. Een deel van de burcht lag echter verscholen in een dichte braamruigte en kúnnen daardoor zijn gemist. In het bosperceel ten oosten van de hoofdburcht werd een tweede burcht aangetroffen met verspreid aanwezige pijpen. Op deze locatie was het grondverzet door de das minder uitgesproken. Ook hier werden geen verse pijpen aangetroffen en is deze burcht op dit moment vermoedelijk niet in gebruik. In het bosperceel werden wel enkele ondiepe vraat/graafsporen aangetroffen, mogelijk van de das. Ter plekke van deellocatie Kasteellaan werden geen sporen aangetroffen van de das. De ingrepen hebben ook geen effect op de das daar de ingrepen plaatsvinden aan en/of nabij reeds aanwezige bebouwing. Het perceel Vinkelsestraat is tijdens het tweede bezoek nauwgezet onderzocht op sporen van de das, temeer doordat wordt gebouwd in mogelijk foerageergebied van de das. Aan de rand van het perceel ten noorden en noordoosten van de ontwikkellocatie werden verse graafsporen aangetroffen in de aardappelbedden.
Op diverse plekken waren aardappelen uitgegraven, onduidelijk was of ook aardappelen zijn gegeten. Door droogte waren prenten nauwelijks zichtbaar / herkenbaar, maar werd één duidelijke prent van de das aangetroffen in de akker zelf. Naast de graafsporen werd aan de noordelijke rand een vrij duidelijke wissel waargenomen die doorliep tot in de houtwal ten oosten van het perceel. In de houtwal zelf werden eveneens enkele graafsporen aangetroffen waarvan één met een nagelaf- druk van de das. Op en/of direct nabij het toekomstige bouwvlak werden geen sporen waarge-nomen van de das. Ten zuiden van de akker werden twee mogelijke wissels aangetroffen, deze waren minder duidelijk. In de zuidwestelijke hoek van de akker werden eveneens plekken met opgegraven aardappelen waargenomen. Prenten waren onduidelijk in de droge aarde. De bermen aan de overzijde van de Vinkesestraat ten oosten van het plangebied / het landgoed zijn eveneens onderzocht op sporen van de das. Hier ontbraken deze tijdens de bezoeken in juli 2020. Een door stichting Das en Boom aangegeven duiker, die in gebruik zou zijn door de das, bleek niet aanwezig (werd niet gezien, zie hier onder). De weg zelf lijkt voor de das
relatief
makkelijk
passeerbaar.
Vanaf
de
weg
werden
richting
de
aanwezige
landbouwgronden voor zover dat zichtbaar was (percelen en erven zijn niet betreden) geen wissels aangetroffen. In de omgeving van het landgoed is een overmaat aan geschikt foerageergebied aanwezig. De verwachting is dan ook de de das afhankelijk van het seizoen en voedselaanbod ook in de ruimere omgeving zal foerageren. Opmerking: Bij de beoordeling van het conceptrapport werd gewezen op het feit dat de duiker wel degelijk aanwezig is onder de Vinkelsestraat door. Op 12 januari jongstleden is opnieuw gericht gezocht naar de duiker en is deze ook aangetroffen in meer noordelijke richting dan destijds gedacht werd waar deze aanwezig zou moeten zijn. Bij de duiker werden verse loopsporen aangetroffen van de das. Op de nabijgelegen akker ten oosten van de Vinkelsestraat werden ook loop- en graafsporen van de das aangetroffen. Actueel gebruik van de duiker en gebruik van dit deel van de omgeving als foerageergebied is hiermee vastgesteld. Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
12
Consequenties van de ingrepen in relatie tot de das Deellocatie Vinkelsestraat Door de voorgenomen bouw van twee woningen in het leefgebied van de das nemen de foerageermogelijkheden ter hoogte van de beoogde bouwlocaties en de tuinen logischerwijs af. Ten oosten van de bouwlocaties is parallel aan de reeds aanwezige houtwal een nieuwe houtwal voorzien. Dit zal bijdragen aan een afdoende afscherming tussen de nieuwe woningen en de bestaande houtwal. Geadviseerd wordt ook aan de noordelijke en zuidelijke rand van de bouwkavels een dergelijke voorziening te treffen, zodat de delen rondom de bouwkavels voldoende zijn afgeschermd en de das gebruik kan blijven maken van dit deel van het landgoed om te foerageren. De voorgenomen landschappelijke inpassing van het overige deel van het akkerperceel zal bijdragen aan een verbetering van het leefgebied van de das (zie ook onderstaande uiteenzetting). Dit geldt ook voor de voorgenomen verbetermaatregelen in het overige deel van het landgoed. Negatieve effecten op de das door de realisatie van twee nieuwe woningen zijn niet aan de orde. Deellocatie Kasteellaan Op deellocatie Kasteellaan wordt een deel van een boogaard ten behoeve van de bouw verwijderd. De boomgaard bevindt zich relatief dicht nabij het woonhuis en is geen foerageergebied van de das. Effecten op de foerageermogelijkheden zijn dan ook niet aan de orde.
Verhoging Grondwaterstand Op advies van het waterschap wordt een stuw verplaatst en wordt het waterpeil (sloot) ter plekke van het landgoed met circa 30 cm verhoogd naar 5,77 m +NAP. Dit is thans nog ruim onder maaiveld. Het laagtse punt in het plangebied ligt op 6,17m + NAP. Blijkens de bodematlas van de Provincie Noord-Brabant is de gemiddeld hoogste waterstand in het plangebied 40-60 cm - mv en de gemiddeld laagste waterstand 100- 120 cm - mv. Ter plekke van de dassenburcht ligt het maaiveld aanmerkelijk hoger op circa 6,8 - 7,2 m + NAP. De verwachting is dat de omstandigheden lokaal vochtiger zullen zijn door een toename van hangwater en dat de gronden voor langere duur in het seizoen minder droog zullen zijn. Van een algehele verhoging van de grondwaterstand zelf zal geen sprake zijn. Effecten op de functie van de burcht door vernatting kan door de relatief beperkte maatregel redelijkerwijs worden uitgesloten. Bijkomstig voordeel van het langer vochtig blijven van de bodem is dat er langer regenwormen voor de das beschikbaar zullen zijn in het drogere seizoen. Regenwormen zijn een belangrijke voedselbron voor de das. Aanleg nieuwe natuur / landschapselementen Het landgoed krijgt een natuurfunctie. Intensieve landbouwgrond wordt omgevormd naar fauna- en kruidenrijk grasland en deels naar vochtig hooiland. Tevens wordt een nieuwe poel aangelegd.
Ontwikkeling van het vochtig hooiland wordt gestimuleerd door het afgraven van de toplaag waardoor de grondwaterstand in het natte seizoen zich enkele decimeters onder het maaiveld zal bevinden. Door deze maatregelen zal de soortenrijkdom en diversiteit toenemen. Voor de das is een goed wormenbestand belangrijk. Het is dan ook nodig enige vorm van extensieve bemesting en/of beweiding toe te passen zodat een goed wormenbestand aanwezig blijft. Naast het gras- en hooiland zijn op het landgoed laanbeplantingen voorzien, een houtwal en een hoogstamboomgaard. Deze elementen zijn gunstig voor de das daar dit bijdraagt aan een toename van het voedselaanbod en Heesch landgoed De Berkt elementen om te kunnen schuilen. Ecologische quickscan
13
Het oorspronkelijke idee was lanen aan te leggen die toegankelijk zijn voor het publiek. Stichting Dassenwerkgroep Brabant heeft het landgoed in maart 2021 bezocht en heeft geconstateerd dat één laan zich bevindt op korte afstand van de aanwezige dassenburcht. Er is geadviseerd de laan niet toegankelijk te maken voor het publiek, daar de das gevoelig is voor verstoring door mensen en in het bijzonder door honden. Geadviseerd wordt dan ook lanen centraal in het plangebied gesloten te houden voor het grote publiek. Geconcludeerd kan worden dat de aanleg van de nieuwe groenelementen gunstig is voor de das. Enkele beheersmaatregelen zijn nodig om de kans van slagen te garanderen. Conclusie Geadviseerd wordt voorafgaand aan de uitvoering een ecologisch werkplan op te stellen om zo goed mogelijk rekening te kunnen houden met de das. Hierin dienen de volgende zaken uitgewerkt te worden: - Voor de das is een goed wormenbestand belangrijk. Het is dan ook nodig enige vorm van extensieve bemesting en/of beweiding toe te passen zodat een goed wormenbestand aanwezig blijft. - Enkele lanen in het plangebied (nabij de burchten) gesloten niet toegankelijk te maken/ houden voor het grote publiek. - De aanleg van de houtwallen rondom de toekomstige bouwkavels, welke in een zo vroeg mogelijk stadium dienen te worden aangelegd.
Doordat het plangebied reeds gelegen is aan een drukke weg en de das ter plekke reeds gewend is aan enige menselijke activiteit, worden geen effecten verwacht in de toekomstige gebruiksfase, doordat zal worden gewoond op voldoende afgeschermde kavels. Inzake de das is het plan met een juiste aanpak zonder meer uitvoerbaar. - Tijdens de uitvoer / bouw zijn maatregelen nodig om effecten van deze werkzaamheden te voorkomen, onder meer door te werken buiten de kwetsbare periode en tijdens de uitvoer rekening te houden met de nachtelijke activiteit van de das (verlichting bijvoorbeeld). Een deskundige kan adviseren over de wijze van uitvoer. Maatregelen Vleermuizen Verblijfplaatsen In de omgeving van het plangebied zijn diverse soorten vleermuizen waargenomen, waaronder de gewone dwergvleermuis, de ruige dwergvleermuis en rosse vleermuis. De meeste soorten uit tabel 4 zijn in meer of mindere mate gebouwbewonend. Op deellocatie Vinkelsestraat ontbraken elementen die kunnen dienen als verblijfplaats zoals bebouwing en/of geschikte bomen (holten). Op locatie Kasteellaan wordt een muurrest gesloopt en/of gerenoveerd. De te verbouwen / renoveren opstallen zelf echter zijn beoordeeld als ongeschikt voor vleermuizen. De te renoveren schuur had een open constructie, waarbij elementen om tussen te kruipen ontbraken. Weersinvloeden als daglicht en wind hadden vrij spel.
Muren waren steens (geen spouw) en gaaf. Betimmeringen / wanden bestonden uit enkellaags hout aangebracht op een houten frame. In de schuur werden tijdens de bezoeken geen sporen aangetroffen van vleermuizen. De aanwezigheid van verblijfplaatsen in de schuur kan op basis van de diverse bezoeken en aangetroffen potenties worden uitgesloten. De kippenschuur bestond uit enkele gestutte muurresten en is geheel ongeschikt voor vleermuizen. Hetzelfde geldt voor het restant van een voormalige schuur ter hoogte van het toekomstig bouwvlak. Deze bestond uit een enkele voor vleermuizen ongeschikte muur. In/ nabij de boomgaard en de weide stonden geen voor vleermuizen geschikte bomen. Op enkele ondiepe holten na, waren deze gaaf. De aanwezigheid van verblijfplaatsen in bomen binnen de werkgrenzen kan worden uitgesloten. Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
14
Het hoofdgebouw zelf en een forse boom (met holten) in de nabijheid daarvan zijn potentieel
geschikt
voor
vleermuizen.
Voor
de
ingrepen
is
de
aanwezigheid
van
vleermuizen in de te behouden bebouwing en aanwezige bomen op het landgoed in principe niet relevant, daar op ruime afstand wordt gebouwd en/of activiteiten plaats gaan vinden en de relevante om-geving ongewijzigd blijft. Het is echter wenselijk met de toekomstige buitenverlichting (indien dit voorzien is) rekening te houden met vleermuizen en de omgeving voldoende donker te houden. Foerageergebied en vliegroutes Het landgoed zelf is door de aanwezigheid van een keur aan opgaande lijnelementen en groenelementen als jachtgebied en vliegroute potentieel geschikt. De voorgenomen ingrepen hebben géén invloed op deze functie daar deze elementen behouden blijven. De bouwlocatie Vinkelsestraat is voorzien in het open veld en heeft op voorhand geen invloed op deze functie. Negatieve effecten op de navigeer- en foerageermogelijkheden van vleermuizen zijn redelijkerwijs uit te sluiten.
Vogels Algemeen Tijdens het veldbezoek werden diverse vogels gezien en gehoord. Binnen de werkgrenzen kunnen in aanwezige beplantingen, maar ook eventueel in de te renoveren schuur zelf diverse soorten broedend worden verwacht. In gebruik zijnde nesten en/of verlaten nesten worden niet waargenomen tijdens het veldonderzoek. Op een ander moment kúnnen vogels echter ook broeden op en /of nabij de locaties van de ingrepen. Door rekening te houden met de broedperiode, wordt voorkomen dat in gebruik zijnde nesten worden verstoord. Jaarrond beschermde soorten In het plangebied / binnen de deellocaties en de directe omgeving van de werkgrenzen werden geen sporen aangetroffen van roofvogels of uilen en ook geen nesten van kraaiachtigen die kunnen worden hergebruikt. In de te renoveren schuur was een nestkast aanwezig van de kerkuil. Deze is naar zeggen van de eigenaar nog nooit in gebruik geweest. Verse sporen van de kerkuil werden ook niet aangetroffen. Ook tijdens het laatste bezoek in 2023 werden geen sporen van de kerkuil of uilen algemeen aangetroffen. De eigenaar wist met zekerheid dat er geen uilen broeden op het landgoed. Doordat sporen geheel ontbraken is dit bevestigd. Het plangebied heeft als foerageergebied een hoge potentie voor de steenuil en de kerkuil. De ingrepen hebben op deze functie geen invloed daar er een overmaat aan mogelijk-heden over blijven.
Er is géén sprake van aantasting van essentieel leefgebied. Beide soorten uilen zijn daarnaast cultuurvolgers en tolereren enige menselijke activiteit. Op en nabij het hoofd- gebouw (tuin) werden huismussen gezien en gehoord. Het pannendak van het hoofd- gebouw is ook beoordeeld als geschikt en waarschijnlijk broedt de huismus ook ter plek- ke. De te renoveren schuur is beoordeeld als ongeschikt voor de huismus doordat beschutte plekken om te broeden ontbraken. De aanwezigheid van de huismus in de omgeving is voor de ingrepen niet relevant daar deze geschikt blijft voor de huismus. De aanwezigheid van nesten van jaarrond beschermde vogels binnen de werkgrenzen kan op basis van deze habitatscan worden uitgesloten. Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
15
Vissen In het plangebied / binnen de werkgrenzen ontbreekt open water. Effecten op vissen zijn dan ook niet van toepassing. Amfibieën Blijkens de data uit de NDFF zijn in de omgeving van het plangebied diverse stikter beschermde amfibieën aangetroffen, waaronder de kamsalmander, alpenwatersalamander, knoflookpad en de poelkikker. Het landgoed zelf heeft door de aanwezigheid van water (waaronder een poel) en foerageermogelijkheden voor veel soorten potentie. Binnen de werkgrenzen ontbraken potenties mede door de afwezigheid van open water. Als landbiotoop hebben de deellocaties enige potentie door de aanwezigheid van de vegetatie zelf (zij het spaarzaam). Elementen die functie kunnen hebben als overwinteringsbiotoop zoals geschikt vergraafbaar zand of houtstapels / rommelhoekjes ontbraken binnen de toekomstige bouwvlakken. In de te renoveren schuur lagen materialen opgeslagen, echter werd zichtbaar regelmatig gewisseld en is geen sprake van een geschikt overwinteringsbiotoop. Binnen de bouwvlakken was sprake van een relatief korte vegetatie en boden deze weinig beschutting voor amfibieën. Zwervende exemplaren kúnnen aanwezig zijn, maar dit is voor de ingrepen niet relevant. Door werkvakken tijdig vrij te maken van vegetatie en in één richting te werken worden effecten op individuen eenvoudig voorkomen.
De voorgenomen aanleg van een nieuwe poel en verhoging van de grondwaterstand biedt voor veel soorten kansen. Te behouden delen van het landgoed in de omgeving van de bouwvlakken bieden zoals reeds vermeld een keur aan mogelijkheden. Elementen blijven in vergelijkbare mate geschikt zodat geen sprake is van een effect op het leefgebied van amfibieën algemeen. Reptielen In de omgeving van het plangebied is de levendbarende hagedis aangetroffen. Het landgoed zelf is door de aanwezigheid van diverse kleinschalige elementen en natte ruigten beoordeeld als potentieel (zeer) geschikt voor de levendbarende hagedis. Binnen de werkgrenzen zelf echter ontbreken potenties. De aanwezigheid van reptielen in de ruimere omgeving is voor de ingrepen niet relevant. Insecten In de omgeving van het plangebied zijn de grote vos en de beekrombout waargenomen. De grote vos is thans nog uiterst zeldzaam, maar lijkt in opmars. De waargenomen grote vossen betreffen doorgaans zwervende exemplaren. Voortplanting is blijkens de website van de Vlinderstichting vooralsnog uiterst zeldzaam. Binnen de werkrenzen ontbreken geschikte waardplanten voor de grote vos. Effecten zijn ook niet aan de orde. Voor de beekrombout onbreken op voorhand potenties binnen de werkgrenzen.
Overige soortgroepen Voor de overige door de Wet natuurbescherming strikter beschermde soortgroepen ontbreekt geschikt leefgebied in het plangebied. Effecten zijn door de aard van de ingrepen ook niet aan de orde.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
16
5 Conclusie en advies Conclusie Soorten In het plangebied of binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden, zijn de volgende actuele en potentiële natuurwaarden aangetroffen waar rekening mee gehouden dient te worden:
» Algemene broedvogels (niet jaarrond beschermd) op of nabij de werkgrenzen (beide deel-locaties);
» Aanwezigheid van vleermuizen op de locatie Kasteellaan algemeen; » Leefgebied van de das (locatie Vinkelsestraat) en aanleg nieuwe natuur in het leefgebied van de das. Effecten en ontheffingen De das Nieuwbouw Door de plannen verdwijnt een klein gedeelte van het foerageergebied van de das. Doordat in de omgeving ruimschoots geschikt leefgebied over blijft, is op voorhand géén sprake van een wezenlijke afname. Men is voornemens het plangebied groen in te passen, mede door de realisatie van een natuurlijke afscherming middels een aarden wal. Negatieve effecten op de das worden niet verwacht. Aanleg nieuwe natuur en verhoging waterpeil De voorgenomen maatregelen ten bate van de natuur hebben geen negatief effect op de das. Door de omvorming van intensieve teelt naar soortenrijk grasland zal de soortenrijkdom alge-meen toenemen. De beoogde vernatting heeft naar verwachting een positieve invloed op het wormenbestand. Er zijn ten bate van de das enkele maatregelen benodigd om de beoogde gunstige invloed te garanderen. Vleermuizen De laanbeplantingen ten noorden en ten westen van het plangebied hebben mogelijk functie als vliegroute. Het is dan ook noodzakelijk met de toekomstige buitenverlichting rekening te houden met vleermuizen om effecten te voorkomen.
Indien men buitenverlichting wenst toe te passen in het noodzaklijk deze dusdanig toe te passen dat de aanwezige bomenrijen niet worden verlicht. Broedvogels Door conform het advies rekening te houden met eventueel broedende vogels, worden effecten eenvoudig voorkomen. Een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming is voor de ingrepen niet aan de orde. Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
17
Beschermde gebieden Het plangebied ligt niet in beschermde gebieden krachtens Natura 2000, EHS / de Provinciale Verordening. Er is voldoende aannemelijk gemaakt, dat effecten van de plannen op beschermde gebieden in de omgeving uitgesloten zijn. In verband met stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden is ter bevestiging nog een aeriusberekening nodig.
Advies Das (locatie Vinkelsestraat) Geadviseerd wordt voorafgaand aan de uitvoering van de ingrepen een ecologisch werkplan op te stellen om zo goed mogelijk rekening te kunnen houden met de das. De extra aanleg van houtwallen ten noorden en zuiden van de toekomstige bouwkavels dient hierin te worden opgenomen en deze dienen in een zo vroeg mogelijk stadium te worden aangelegd. Tijdens de uitvoer / bouw zijn maatregelen nodig om effecten van deze werkzaamheden te voorkomen, onder meer door te werken buiten de kwetsbare periode en tijdens de uitvoer rekening te houden met de nachtelijke activiteit van de das (verlichting bijvoorbeeld). Een deskundige kan adviseren over de wijze van uitvoer. Das (aanleg nieuwe natuur / landschapselementen) Geadviseerd wordt bij de omvorming van de gronden naar meer soortenrijk grasland deze gronden niet te sterk te laten verschralen, zodat het wormenbestand goed blijft. Voor dit doel wordt geadviseerd extensief te bemesten (met bijvoorbeeld stalmest) of extensieve beweiding toe te passen. De te realiseren lanen dienen niet opengesteld te worden voor het publiek. Geadviseerd wordt het centrale deel van het landgoed op vergelijkbare wijze als in de huidige situatie niet open te stellen voor het publiek.
Vleermuizen (locatie Kasteellaan) Indien men buitenverlichting wenst toe te passen dient te worden voorkomen dat de omgeving van het hoofdgebouw en de aanwezige bomen worden verlicht. Indien buitenverlichting wordt toegepast, wordt geadviseerd het verlichtingsplan voor te leggen aan een ter zake deskundige (ecoloog). Vogels Doordat er een kans bestaat, dat broedende vogels binnen de invloedssfeer van de ingrepen aanwezig zijn, wordt aanbevolen rekening te houden met broedende vogels en de ingrepen bij voorkeur uit te voeren buiten de broedperiode: na 1 augustus en vóór 1 maart. Indien een ter zake deskundige heeft vastgesteld dat er geen broedende vogels binnen de invloedssfeer van de ingrepen aanwezig zijn, is het ook mogelijk binnen deze periode te werken. Het wegnemen van nesten van broedende vogels is conform de Wet natuurbescherming niet toegestaan. Verstoring van nesten is conform de wet in principe niet verboden, echter kan dit ertoe leiden dat deze vroegtijdig wordt verlaten en feitelijk sprake is van vernietiging van het nest en een verboden handeling.
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
18
Buro Maerlant Dorpsstraat 17 4271 AA Dussen T 085 877 86 85 E info@BuroMaerlant.nl I www.BuroMaerlant.nl KvK 69667705
Heesch landgoed De Berkt Ecologische quickscan
19