CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht

Raadsvergadering 23 januari 2025, gemeente BernhezeBij agendapunt: Rapport rekenkameronderzoek Energiebesparingsplicht - VERWORPEN7.955 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Heesch, 11 november 2024

Rapport rekenkameronderzoek Energiebesparingsplicht

Rekenkamer Bernheze

Inhoudsopgave 1.

Inleiding

2

1.1. 1.2. 1.3. 1.4. 1.5.

De aanleiding Energiebesparingsplicht en de gemeente Bernheze Onderzoeksvragen Normenkader Opbouw onderzoeksrapport

2 3 3 4 5

2.

De centrale boodschap

6

2.1. 2.2.

Conclusies Voorstellen

6 6

3.

De bevindingen

8

3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5.

Algemeen Kaders voor energiebesparing Organisatie rondom EBP Bedrijven Inhoudelijke aspecten

8 8 9 10 11

4.

De conclusies nader toegelicht

13

5.

De voorstellen nader toegelicht

16

Bijlage 1: Afkortingen en kernbegrippen

18

Bijlage 2: Geraadpleegde documenten

19

Bijlage 3: Interviews

22

Bijlage 4: Andere rekenkameronderzoeken

23

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 1

1. Inleiding 1.1. De aanleiding Duurzaamheid staat hoog op de agenda van alle bestuurslagen. Ook in Bernheze. In het rekenkameronderzoek naar de stand van zaken met betrekking tot duurzaamheid in 2023 is geconcludeerd dat er al veel aan duurzaamheid wordt gedaan, maar dat met name de integrale benadering alsmede de rol van coördinerend portefeuillehouder de nodige aandacht vraagt. De voorstellen die door de rekenkamer gedaan zijn, zijn door de raad overgenomen. Eén van de onderdelen van het landelijke duurzaamheidbeleid is de zogeheten energiebesparingsplicht (EBP). De wettelijke bepalingen hieromtrent gelden al sinds 1993 en houdt in dat bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m3 aardgas gebruiken verplicht zijn energiebesparende maatregelen te nemen. Deze energiebesparende maatregelen moeten binnen vijf jaar terugverdiend kunnen worden. Gemeenten en provincies moeten controleren (toezicht en handhaving) of bedrijven en instellingen dit doen. Sinds het ontstaan van de omgevingsdiensten doen deze dat vaak in opdracht van gemeenten en provincies. Voor Bernheze is dit de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN). De gemeente moet dus toezicht (laten) houden. Maar tegelijkertijd is de vraag in hoeverre de gemeente zelf actief aan energiebesparing doet voor al het gemeentelijk vastgoed.

Dit is nadrukkelijk de vraag tegen de achtergrond dat Bernheze de Global Goals onderschrijft én dat de gemeente zelf een voorbeeldfunctie wil vervullen op duurzaamheidsgebied. Vanuit de optiek van die voorbeeldfunctie zou het voorstelbaar kunnen zijn dat de gemeente voor haar eigen vastgoed strakkere en/of strengere normen hanteert en kortere termijnen aanhoudt waarbinnen die normen gehaald worden. In januari 2024 is een landelijk DoeMee-onderzoek opgestart via de Vereniging van Rekenkamers 1 (VRR) dat door Ecorys, een extern bureau, wordt uitgevoerd. De rekenkamer Bernheze heeft ervoor gekozen om daar niet aan deel te nemen. Het belangrijkste argument was dat dit landelijke onderzoek met name op procedurele en generieke aspecten ingaat. De rekenkamer Bernheze hecht er juist aan om de specifieke situatie in de eigen gemeente goed in beeld te krijgen. Daarnaast betekende wel meedoen dat er in het eerste kwartaal van 2024 veel informatie door de ambtelijke organisatie diende te worden aangeleverd, terwijl op dat moment al twee rekenkameronderzoeken liepen. Een bijkomend voordeel van het later starten van een eigen onderzoek is dat bij het uitvoeren wellicht gebruik gemaakt kan worden van landelijke resultaten. Tegelijkertijd met het onderzoek van Ecorys loopt een onderzoek van de Algemene Rekenkamer. Deze twee landelijke onderzoeken worden op elkaar afgestemd2.

Het nu voorliggende onderzoek is erop gericht om voor de gemeenteraad van Bernheze relevante informatie aan te dragen al dan niet gecompleteerd met concrete voorstellen. Naast bestuurlijke en beleidsmatige aspecten komen in het onderzoek ook uitvoeringstaken aan de orde. Dat laatste is noodzakelijk om de bevindingen in de juiste context te kunnen plaatsen. Die uitvoeringstaken worden overigens niet diepgaand uitgewerkt en toegelicht.

1

Voorheen de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissie (NVRR). De resultaten van beide onderzoeken worden pas op 24 november 2024 bekend gemaakt. Op dit moment (4 november 2024) is inzicht in de (voorlopige) resultaten niet mogelijk gezien het embargo dat is vastgelegd. 2

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 2

De onderzoeksrapportage is bewust kort gehouden. Dat betekent dat er geen uitvoerige opsomming is opgenomen van de historie van de energiebesparingsplicht.

1.2. Energiebesparingsplicht en de gemeente Bernheze Sinds 1993 geldt de verplichting voor bedrijven en instellingen om zuinig om te gaan met energie. Sinds 2008 zijn bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m 3 aardgas gebruiken verplicht energiebesparende maatregelen te nemen. Het gaat hierbij specifiek om investeringen die zij binnen vijf jaar kunnen terugverdienen. Bedrijven en instellingen zijn vanaf 1 juli 2019 verplicht eens in de 4 jaar actief informatie te verstrekken aan hun omgevingsdienst over de energiebesparende maatregelen die zij hebben genomen dan wel voornemens zijn te gaan nemen. De eerste keer dat aan die Informatieplicht Energiebesparing (IPEB)3 moet worden voldaan is op 31 december 2023. Dat was de uiterste datum om die informatie te verstrekken. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) beheert het digitale loket waarmee bedrijven dit aan hun omgevingsdienst laten weten. Indien bedrijven/instellingen voldoen aan de informatieplicht betekent dat niet dat zij ook automatisch voldoen aan de energiebesparingsplicht en het betekent ook niet dat zij concreet bespaard hebben. Bedrijven en instellingen die meer dan 10.000.000 kWh of meer dan 170.000 m3 aan aardgas(equivalenten verbruiken per jaar hebben een onderzoeksplicht energiebesparing (OPEB).

Er gelden voor deze onderzoeksrapportages dezelfde indieningstermijnen als voor de IPEB. Gemeenten en provincies hebben een actieve rol bij het toezien op de EBP. Voor de gemeente Bernheze is de Omgevingsdienst Brabant Noord (hierna ODBN) de uitvoerende organisatie voor toezicht en handhaving.

1.3. Onderzoeksvragen Toezien op energiebesparing bij instellingen en bedrijven is de publiekrechtelijke rol van de gemeente Bernheze. Maar tegelijkertijd mag je verwachten dat de gemeente als eigenaar van gebouwen vanuit de privaatrechtelijke rol ook zelf actief is voor de eigen gebouwen. Beiden zijn onderdeel van het onderzoek. Er zijn twee centrale vragen in het onderzoek: 1. Op welke wijze wordt in het totale maatschappelijk vastgoed4 van Bernheze aan energiebesparing gedaan en hoe verhouden die maatregelen zich tot de wettelijke bepalingen? Onder deze eerste vraag kunnen de volgende onderzoeksvragen gehangen worden: a. Welk beleid heeft de gemeenteraad vastgesteld met betrekking tot de energiebesparing?; b. Indien er specifiek beleid is vastgesteld: in hoeverre zijn er eigen gemeentelijke wensen uitgaande van de situatie in Bernheze?; c. Is er een uitvoeringsprogramma energiebesparing maatschappelijk vastgoed en hoe past de aanpak van het gemeentelijk vastgoed daarin?; d. En zo ja:

3

In de nu voorliggende rapportage komen veel afkortingen voor. In Bijlage 1 zijn alle afkortingen toegelicht. Maatschappelijk vastgoed is een gebouw of terrein met een publieke functie, bijvoorbeeld een school, sporthal, cultureel centrum, bibliotheek of opvangcentrum. Gemeentelijk vastgoed is onderdeel van het totale maatschappelijk vastgoed. 4

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 3

o o

In hoeverre worden de gemeentelijke doelstellingen gerealiseerd? Met andere woorden: wat is het effect van het vastgestelde beleid?; Wordt de raad daarover geïnformeerd onder meer tegen de achtergrond van het budgetrecht en de kaderstellende uitspraken over milieubeleid en duurzaamheid?

2. Welke inspanningen pleegt de gemeente Bernheze bij het toezicht en de handhaving van de energiebesparingsplicht en de informatieplicht energiebesparing en wat zijn daarvan de resultaten? Onder deze tweede vraag kunnen de volgende onderzoekvragen gehangen worden: a. Welke afspraken heeft de gemeente met de omgevingsdienst gemaakt over de invulling van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht?; b. Wordt bij a. alleen uitgegaan van de wettelijke verplichtingen of zijn er, kijkend naar de gemeentelijke beleidsdoelstellingen, aanvullende eisen en wensen?; c. Hoe rapporteert de omgevingsdienst over de uitvoering van de afspraken aan de gemeente?; d. Worden de doelstellingen van het Rijksbeleid gerealiseerd en waaruit blijkt dat? e. Op welke wijze wordt de raad geïnformeerd omtrent de rapportages van de omgevingsdienst? De scope van het onderzoek is de periode 2019 tot medio 2024.

1.4. Normenkader Omdat er twee centrale vragen zijn, is het logisch dat ook het normenkader uit twee delen bestaat: 1. Eigen gemeentelijk beleid energiebesparing inzake maatschappelijk vastgoed: a. Er is een door de raad vastgesteld beleid met betrekking tot de energiebesparing voor het totale gemeentelijke vastgoed; b. Het gemeentelijk beleid is gebaseerd op de wettelijke vereisten eventueel aangevuld voor de specifieke situatie in Bernheze; c. Er is een concreet uitvoeringsplan voor de gemeentelijke gebouwen en dat uitvoeringsplan is gedekt binnen begroting en meerjarenraming; d. De gemeentelijke doelstellingen worden conform plan gerealiseerd; e. Er zijn afspraken tussen de gemeente en de eigenaren/beheerders van (overig) maatschappelijk vastgoed omtrent de invulling van de energiebesparingsplicht. 2.

Toezicht en handhaving a. Er is een concreet contract tussen de gemeente en de omgevingsdienst waarin elk jaar de door de omgevingsdienst te ondernemen activiteiten worden vastgelegd; b. Gemeente en omgevingsdienst spreken af welke concrete inhoudelijke resultaten met die activiteiten behaald worden (minder kWh elektriciteit en/of minder m 3 gas); c. De gevraagde prestaties zijn SMART omschreven; d. De omgevingsdienst rapporteert elk jaar over alle in opdracht van de gemeente uitgevoerde activiteiten; e. In genoemde rapportage wordt ingegaan op de concrete inhoudelijke resultaten/besparingen; f. Het college rapporteert tenminste ééns per jaar aan de raad omtrent de uitgevoerde maatregelen, de kosten die daarmee gemoeid waren/zijn alsmede over de inhoudelijke resultaten.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 4

1.5. Opbouw onderzoeksrapport Dit rapport kent de volgende opbouw: Hoofdstuk 2: De centrale boodschap. Hierin staan kernachtig onze conclusies en voorstellen. Hoofdstuk 3: De bevindingen. In dit hoofdstuk is een beknopte opsomming opgenomen van de resultaten van de documentanalyse en de interviews. Hoofdstuk 4: De conclusies. Kijkend naar de bevindingen worden de conclusies uitgewerkt. Hoofdstuk 5: De voorstellen. Welke aandachtspunten en verbeteringen ziet de rekenkamer. Er zijn vier bijlagen: o Bijlage 1: Afkortingen en kernbegrippen o Bijlage 2: Geraadpleegde documenten o Bijlage 3: Interviews o Bijlage 4: Andere rekenkameronderzoeken

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 5

2. De centrale boodschap 2.1.

Conclusies

Algemeen Kenmerk van de EBP is dat het met name over procedures gaat die kunnen leiden tot concrete energiebesparing. De EBP schrijft niet voor hoeveel besparing er per bedrijf/aansluiting bereikt moet worden. Ook in de gemeente Bernheze zijn geen concrete besparingsdoelen per bedrijf dan wel per gebied (bedrijventerrein o.i.d.) omschreven. De gemeente volgt de EBP waarmee de kern ligt op het toetsen van de ingediende rapportages. Energiebesparing(-splicht) maatschappelijk vastgoed Indien de bevindingen langs het normenkader worden gelegd dan kan geconcludeerd worden dat aan alle in het onderzoek gestelde normen wordt voldaan met uitzondering van norm 1e; er zijn geen afspraken tussen de gemeente en de eigenaren/beheerders van (overig) maatschappelijk vastgoed omtrent de invulling van de energiebesparingsplicht. De centrale onderzoeksvraag over het maatschappelijk vastgoed kan positief beantwoord worden met uitzondering van subvraag 1c inzake een gezamenlijke aanpak voor al het maatschappelijk vastgoed in de gemeente. Toezicht en handhaving Indien getoetst wordt aan het normenkader dan wordt niet voldaan aan de normen waarin concreet gesproken wordt over SMART geformuleerde inhoudelijke resultaten uitgedrukt in kWh’s en m 3 (normen 2b, 2c en 2e in pararaaf 1.4.).

Er wordt uiteraard veel werk gemaakt van het controleren van bedrijven en het toetsen in hoeverre de maatregelen in het kader van de EBP zijn uitgevoerd. De conclusie voor de centrale onderzoeksvraag over toezicht en handhaving is dan ook dat aan de wettelijk procedurele verplichtingen wordt voldaan voor die bedrijven die bekend zijn bij de gemeente/ODBN en die onder de EBP en vervolgens de IPEB vallen. Daar staat tegenover dat de gemeente noch de ODBN geen concreet inzicht heeft de werkelijke energiebesparing. Het is daarmee onduidelijk in hoeverre de EBP effectief is. Daarnaast is het niet volledig duidelijk welk deel van het ODBN-budget concreet aan toezicht en handhaving van de EBP wordt besteed. Dat maakt het lastig om te beoordelen in hoeverre de inzet van de ODBN en de gemeente doelmatig en doeltreffend is. De conclusies worden in hoofdstuk 4 nader toegelicht.

2.2. Voorstellen Algemeen Teneinde de inhoudelijke effectiviteit van het wettelijke instrument EBP in de gemeente Bernheze te optimaliseren, wordt voorgesteld om aanvullend beleid ten opzichte van de EBP te formuleren. Hierbij dient sprake te zijn van doelvoorwaarden die als resultaatsverplichting worden omschreven. Maatschappelijk vastgoed Gezien de conclusies met betrekking tot het maatschappelijk vastgoed ligt het niet voor de hand om hieromtrent aanvullende voorstellen aan de raad te doen. Uitgangspunt is uiteraard dat het huidige

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 6

beleid minimaal gecontinueerd wordt als het gaat om het stimuleren van eigenaren en gebruikers om de wettelijke bepalingen te volgen en waar nodig tot uitvoeringsmaatregelen over te gaan om aan die bepalingen te voldoen. Toezicht en handhaving Hier ligt het, gezien de conclusies, voor de hand een beperkt aantal voorstellen te doen. De kern is dat het voorstellen zijn waar de gemeente (samen met de ODBN) zelf werk van kan maken: ● Optimaliseer het bedrijvenregister: zorg voor een duidelijk en actueel register van bedrijven die onder de energiebesparingsplicht vallen. ● Werk vanuit SMART geformuleerde doelstellingen: formuleer specifieke, meetbare, acceptabele, realistische en tijdgebonden (SMART) doelstellingen voor energiebesparing. Kies daarbij primair voor een gebiedsgerichte benadering5. ● Optimaliseer de samenwerking met omgevingsdienst: vul de opdrachtgeversrol effectief in door duidelijke afspraken te maken met de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) over de bedrijvenlijst per jaar, rapportage en evaluatie van energiebesparende maatregelen. ● Ondersteuning voor bedrijven: bied bedrijven meer ondersteuning en informatie over hun verplichtingen en de voordelen van energiebesparing en verduurzaming, De voorstellen worden in hoofdstuk 5 verder toegelicht.

5

Dit ligt onder meer in lijn met Duurzame Energieagenda 2021-2025 en de daarin opgenomen Gebiedsgerichte aanpak bedrijventerreinen.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 7

3. De bevindingen 3.1.

Algemeen

De voor het onderzoek benodigde informatie is snel verstrekt en de samenwerking met de ambtelijke organisatie is zonder meer goed te noemen. Aanvullende vragen zijn snel opgepakt. De planning van de interviews is eveneens snel opgepakt. Dit heeft er toe geleid dat het onderzoek conform de bij aanvang gepresenteerde planning is uitgevoerd.

3.2. Kaders voor energiebesparing Energiebesparing is internationaal een belangrijk thema. Zo wil Nederland in 2030 samen met andere Europese landen 11,7% minder energie verbruiken ten opzichte van 2020. Binnen de Europese Unie hebben landen hierover afspraken gemaakt6. De basis voor de energiebesparing voor Nederland is al in 1993 gelegd en is nadien verder uitgewerkt7 onder meer door besluiten van het kabinet uitgaande van het Energieakkoord8 met inachtname van de Europese afspraken. Uit eerdere publicaties blijkt dat de landelijke opbrengsten van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht achterblijven bij de doelstellingen of streefwaarden van het kabinet, gebaseerd op prognoses van TNO en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Dit heeft er onder meer toe geleid dat in 2022 de Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht (SPUK THE) is ingesteld teneinde over meerdere jaren extra capaciteit voor toezicht en handhaving te realiseren en de organisatie in de periode van 2022 tot en met 2026 verder te professionaliseren. De gemeente Bernheze heeft gebruik gemaakt van deze extra mogelijkheden. Inmiddels is bekend dat de EBP verder zal worden aangescherpt. Details daarvan worden nog uitgewerkt door het ministerie. De gemeente Bernheze heeft geen aanvullend beleid met betrekking tot de energiebesparing vastgesteld.

De landelijke beleidslijnen en wettelijke bepalingen worden gevolgd. Dat geldt zowel voor de bedrijven en instellingen als voor het eigen gemeentelijk vastgoed. De gemeente Bernheze heeft, net zoals het rijk, geen kwantitatieve doelstellingen vastgelegd specifiek voor de EBP. Wel heeft Bernheze in 20219 de Duurzame Energieagenda 2021 -2025 waarin veel maatregelen zijn opgenomen die bijdragen aan energiebesparing. De meeste maatregelen zijn kwalitatief omschreven. De EBP was onderdeel van de Wet milieubeheer10. Met inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is de EBP ondergebracht in de bij de Omgevingswet behorende tot Algemene

6 Informatie afkomstig van de website van het Europees Parlement.

7 De Wet milieubeheer kent sinds 1993 een energiebesparingsplicht. Op 1 januari 2008 is deze energiebesparingsplicht

gedefinieerd als de plicht voor organisaties om alle energiebesparingsmaatregelen te nemen die zich binnen 5 jaar of minder terugverdienen. 8 Het Energieakkoord staat voor duurzame groei, waaraan ruim 40 organisaties, waaronder de overheid, werkgevers, vakbeweging en natuur- en milieuorganisaties, zich verbinden. In het akkoord staan afspraken over energiebesparing, schone technologie en klimaatbeleid. Zie ook https://www.rijksoverheid.nl/documenten/convenanten/2013/09/06/energieakkoord-voor-duurzame-groei. 9 Raadsvergadering 28 januari 2021, agendapunt 10. 10 Vanaf 2019 is een Informatieplicht energiebesparing (IPEB) toegevoegd aan de EBP, per 1 juli 2023 de Onderzoeksplicht (OPEB).

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 8

Maatregelen van Bestuur (AMvB): Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Kern van de bepalingen in de genoemde AMvB’s is dat energiebesparing moet. Het is als kwalitatief doel omschreven. Er zijn geen kwantitatieve doelen vastgelegd. In de EBP zelf is opgenomen dat bedrijven maatregelen uit de Erkende maatregelen lijst (EML) dienen uit te voeren zonder dat daarbij exact is aangegeven wat het effect van die maatregelen moet zijn. Concreet betekent dit dat er een systematiek van middelvoorwaarden met hoofdzakelijk een procedureel karakter wordt gehanteerd in de EBP en niet een systematiek van doelvoorwaarden. Er is sprake van een inspanningsverplichting en geen resultaatverplichting. Alleen op die inspanningsverplichting kan gehandhaafd worden. Op het resultaat in de vorm van een besparing in energieverbruik kan niet gehandhaafd worden, omdat dit van meerdere factoren afhankelijk is (o.a. ook bedrijfseconomische ontwikkelingen). Naast het proces rondom de EBP zijn er kaders voortvloeiend uit de Regionale Energiestrategie (RES)11. Die kaders gaan wel uit van concreet te behalen resultaten. De Stuurgroep RES Noordoost Brabant draagt zorg voor de concretisering van resultaten. De gemeente wordt middels voortgangsberichten regelmatig op de hoogte gehouden12.

3.3. Organisatie rondom EBP Voor de meeste bedrijven en instellingen13 was de gemeente vóór 1 juli 2023 het bevoegd gezag voor de energiebesparingsplicht en de informatieplicht. Dit houdt in dat de gemeente het bestuursorgaan was dat een vergunningaanvraag behandelde, meldingen ontving en bevoegd was voor toezicht en handhaving (VTH). Per 1 juli 2023 is de energiebesparings- en informatieplicht toegevoegd aan het basistakenpakket van de omgevingsdiensten: de gemeente blijft bevoegd gezag. Voor Bernheze is de ODBN de uitvoerder. Elk jaar wordt een werkprogramma voor de ODBN voorbereid waarin de taken met betrekking tot de EBP zijn opgenomen. Het definitieve werkprogramma wordt, na overleg tussen de ambtelijke organisatie en de ODBN, vastgesteld door het college van B&W. Het programmabudget voor het ‘reguliere’ VTH-werk (basis- en verzoektaken) bedraagt ca. 1,1 miljoen euro. Dit is niet op te splitsen tussen basis- en verzoektaken omdat alles rondom milieu VTH-taken bij de ODBN belegd is. Gedurende het jaar wordt door de ODBN maandelijks gerapporteerd omtrent de uitvoering van alle taken uit het werkprogramma. De kern betreft dan uren en euro’s. De EBP-taken zijn in de rapportages onderdeel van het reguliere VTH-werk. Er is geen uitsplitsing. Na afloop van elk jaar wordt een totaalrapportage over de realisatie van het werkprogramma door de ODBN ingediend.

Uit de documenten en de interviews komt naar voren dat de samenwerking tussen de gemeente en de ODBN goed is. Bij de gemeente is een accounthouder voor de ODBN. De (inhoudelijke)

11 Energieopwekking: ambitie van de regio om in 2030 1,6 TWh aan duurzame energie op land op te wekken.

Energiebesparing: er is in 2030 t.o.v. van 2017 11% energiebesparing gerealiseerd. 12 Het meest recent de Nti van 17 september 2024 5e monitor voortgang RES NOB. De eerdere monitors zijn ook mid-

dels een Nti aan de raad aangeboden. 13 De provincies waren het bevoegd gezag voor locaties met een milieubelastende activiteit uit afdeling 3.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Dit zijn ‘complexe bedrijven’, zoals energiecentrales, die een omgevingsvergunning nodig hebben voor hun milieubelastende activiteiten.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 9

beoordeling van de rapportages van de ODBN14 vindt plaats door de specialisten bij de gemeente. De gemeente vindt deze rapportages voldoende. De gemeente geeft de ODBN alle vertrouwen uitgaande van de gemeenschappelijke regeling en het feit dat er sprake is van verlengd lokaalbestuur. Wel is naar voren gekomen dat er in een aantal gevallen meer uitgesplitste informatie gewenst wordt. Ter illustratie: alle uitgevoerde controles worden in de rapportages vermeld terwijl het onderscheid naar de verschillende beleidsterreinen/thema’s nu nog niet wordt opgenomen. Er vindt monitoring op de voortgang van het totale werkprogramma van de ODBN plaats en resultaten en conclusies worden waar nodig verwerkt in de jaarstukken VTH. De gemeente heeft geen klachten over de kwaliteit van de IPEB rapportages die de bedrijven in 2019 en recent in 2023 hebben ingediend voor zover de gemeente die heeft opgevraagd.

3.4. Bedrijven Er is geen landelijk register van alle bedrijven en instellingen15. Weliswaar zijn er verschillende mogelijkheden om een ”significant” inzicht te krijgen in het totale bedrijvenbestand maar dat leidt niet tot een “waterdicht” beeld en het is telkens een momentopname. Ook voor de gemeente Bernheze is het lastig om te bepalen hoeveel bedrijven er exact zijn. Slechts een deel van de bedrijven in de gemeente Bernheze valt onder de EBP en dienen te voldoen aan de IPEB. Voor de EBP en dus ook de IPEB geldt hetzelfde normverbruik. Echter, er is (ook) geen inzicht in hoeveel bedrijven moeten voldoen aan de IPEB. Daar zijn hoofdzakelijk twee oorzaken voor aan te wijzen: o Bedrijven moeten zelf beoordelen aan de hand van hun energieverbruik welke verplichting zij hebben. Vervolgens moeten die bedrijven zelf actie ondernemen om de rapportages in te dienen bij het bevoegd gezag via het digitaal loket van de RVO; o Gemeenten en/of omgevingsdiensten hebben op dit moment geen inzicht in het energieverbruik van bedrijven. Het is daardoor niet mogelijk om bedrijven actief te benaderen. Er wordt gewerkt aan een wetswijziging waardoor de netbeheerder16 wel gegevens mag verstrekken aan de omgevingsdienst. Wel kan aan de hand van de rapportages uit 2019 bekeken worden of die bedrijven wellicht nog steeds onder de IPEB vallen17.

Medio september 2024 schatte de ODBN in dat er circa 250 bedrijven in Bernheze zijn die onder de IPEB vallen. Op dat moment hadden circa 150 bedrijven een rapportage ingediend (60%). Ter illustratie: het CBS schatte drie jaar geleden in dat het om circa 325 aansluitingen zou gaan, terwijl die inschatting door het CBS voor 2024 is verlaagd naar 275. Er blijft daarmee een verschil tussen de gegevens van de ODBN en het CBS. Kortom, het is lastig om het bedrijvenbestand dat onder de EBP en vervolgens de IPEB valt goed vast te stellen. Dat betekent dat het lastig is om de feitelijk gerealiseerde energiebesparing vast te

14 Er zijn maandelijkse rapportages en er is een eindverslag per jaar. 15 Ter illustratie: niet elke instelling heeft een KvK inschrijving en sommige bedrijven hebben enkel de hoofdvestiging

opgenomen. 16 Voor Bernheze is dit ENEXIS. 17 Bij bedrijven waar de ODBN namens Bernheze milieutoezicht houdt, worden de energieverbruiken opgevraagd. De ODBN komt niet bij alle bedrijven, dus dat geeft geen volledig beeld. De ODBN geeft aan dat er inzicht in ca. 80% van de bedrijven is.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 10

stellen. Voor het nu voorliggende rekenkameronderzoek is dat gezien de onderzoeksvragen minder van belang. In de gemeente Bernheze zijn volgens de ODBN geen bedrijven die onder de onderzoeksplicht energiebesparing (OPEB) vallen.

3.5. Inhoudelijke aspecten Maatschappelijk vastgoed Onder het maatschappelijk vastgoed vallen de gemeentelijke gebouwen. Uit verkregen informatie kan worden afgeleid dat het om 48 gebouwen gaat, waarvan er 4 onder de EBP vallen 18. Voor die gebouwen is voldaan aan de IPEB. De verplichte rapportages zijn eind 2023 ingediend en de ODBN heeft op grond daarvan inspecties ingepland. Voor alle gemeentelijke gebouwen19 geldt dat de gemeente de doelstelling heeft om die per 1-12025 te laten voldoen aan energielabel A. Deze aanpak was opgenomen in de Projectenbundel Duurzaamheid en had als oorspronkelijke realisatiedatum 1-1-2030. Dit conform de bepalingen van het Rijk. De gemeente heeft besloten dat naar voren te halen. Met betrekking tot het overige maatschappelijk vastgoed heeft de gemeente de eigenaren op de hoogte gebracht van de doelstellingen uit het gemeentelijke duurzaamheidsbeleid en de EBP. Overigens zijn de eigenaren zelf verplicht kennis te nemen van het rijksbeleid en op basis van die kennis in te schatten welke verplichtingen zij hebben. Wel worden eigenaren gestimuleerd om na te denken over energiebesparing en het treffen van passende maatregelen. Zo was/is er een financiële tegemoetkoming/ondersteuning, kan er gebruik gemaakt worden van een expertisecentrum, etc.. Verder is er een subsidieregeling voor het maatschappelijk vastgoed20.

In nagenoeg alle gevallen gaat het om verduurzaming van het vastgoed en niet primair om energiebesparing. Bij het overige maatschappelijk vastgoed vallen twee schoolcomplexen onder de EBP 21. Bedrijven In het voorjaar van 2024 zijn publicaties geweest omtrent het aantal bedrijven dat aan de IPEB heeft voldaan. Toenmalig minister Jetten heeft in juni 2024 verklaart dat “slechts” 44% van de bedrijven op dat moment aan de verplichting gevolg heeft gegeven. Volgens informatie van de ODBN had medio september 2024 circa 60% van de bedrijven uit Bernheze aan de verplichting voldaan. Dit moet overigens in de context van de bevindingen uit paragraaf 3.4. Bedrijven geplaatst, worden: er is geen adequaat inzicht in het totale bedrijvenbestand en geen goed inzicht in het aandeel IPEB bedrijven.

18

De Misse 4 en De Misse 6, Gemeentewerf/Brandweerkazerne, Gymnasium Bernrode, Sporthal ’t Vijfeiken.

19 Er worden vooralsnog geen maatregelen getroffen aan gemeentelijke gebouwen die op korte termijn wellicht afgestoten

worden dan wel een andere functie krijgen. Dat betreft een viertal gebouwen. 20 Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed (DUMAVA) is een rijkssubsidie voor verduurzaming van maatschappelijk vastgoed. Alle vastgoedeigenaren kunnen deze aanvragen, wanneer zij van plan zijn om (minimaal) 3 energie labels op te schuiven. 21 Hiervan voldoet er één niet, blijkt uit de controle van de ODBN. Daar zijn maatregelen voorgeschreven die voor het einde van het jaar moeten worden uitgevoerd. Van de ander is nog onbekend of deze op dit moment voldoet.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 11

Los van het feit dat er geen goed inzicht is in het nakomen van de verplichtingen in het kader van de IPEB, is het standpunt van de gemeente Bernheze dat toezicht, en met name handhaving, essentieel is voor bedrijven die hun verplichtingen niet nakomen. Energiebesparing Bij het beoordelen van de inhoudelijk resultaten moet vooraf worden aangegeven dat: o Er geen SMART geformuleerde doelstellingen in het kader van de EBP zijn (periode waarbinnen een aantal kWh en/of aantal m3 aardgas bespaard dienen te worden); o Er geen concrete 0-meting is om te beoordelen in hoeverre het doel van de EBP in de gemeente Bernheze in absolute dan wel relatieve zin gehaald wordt. Er wordt zonder meer bespaard waarmee het nut van de EBP en bijbehorend toezicht en handhaving aanwezig is; o In het kader van de Regionale Energiestrategie (RES NOB) er concrete doelen zijn geformuleerd met betrekking tot opwekking en besparing van energie. Echter, deze doelen gaan over de hele gebouwde omgeving22 van de gemeente Bernheze en niet over alleen de bedrijven die onder de EBP vallen. In de recente 5e monitor voortgang RES NOB23 wordt geconcludeerd dat die doelen wel gehaald gaan worden. De ODBN controleert de rapporten24 over de IPEB en kijkt bij de inspecties in hoeverre aan de Erkende maatregelen lijst (EML) is voldaan dan wel op kort termijn voldaan gaat worden.

Wanneer een bedrijf alle van toepassing zijnde EML-maatregelen heeft getroffen, voldoet het aan de wet. De concrete besparing als gevolg van het treffen van een maatregel kan niet worden gemeten, maar schat de ODBN wel in. Het is een inschatting waarbij kentallen worden gehanteerd In 2023 heeft de ODBN in de gemeente Bernheze 54 inspecties 25 uitgevoerd op de energiebesparingsplicht. Met het uitvoeren van alle opgelegde besparende maatregelen in Bernheze wordt naar schatting 460.000 kWh elektriciteit en 51.000 m3 aardgas bespaard. Deze besparing is vergelijkbaar met het energieverbruik van 72 huishoudens en voorkomt de uitstoot van 262 ton CO2. De bedrijven die in Bernheze bezocht zijn, besparen met de maatregelen gemiddeld 4,3% op hun energieverbruik. In het onderzoek is naar voren gekomen dat de EBP met name iets zegt over kWh’s en m3 aardgas. Echter, er zijn veel meer aspecten van invloed op het energieverbruik en energiebesparing. Zo is de toename van elektrische voertuigen de oorzaak van een stijgende vraag naar stroom, terwijl op de fossiele brandstoffen bespaard wordt. Die besparing zit nu niet in de vergelijkingen. Daarnaast kan een bedrijf de voorgeschreven maatregelen volgens de EML hebben uitgevoerd, terwijl tegelijkertijd de productietijden (sterk) zijn uitgebreid dan wel dat de productiefaciliteit is uitgebreid.

Deze factoren kunnen leiden tot een hoger energieverbruik.

22 Elektriciteitsverbruik woningen en utiliteitsbouw. 23

Op 17 september door het college via een Nti aan de raad aangeboden. De controle is in eerste instantie of er een rapport is ingediend. In tweede instantie kan er een administratieve controle plaatsvinden. 25 Gegevens afkomstig uit de jaarrekening 2023. 24

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 12

4. De conclusies nader toegelicht In paragraaf 1.3. zijn de twee centrale onderzoeksvragen opgenomen. In dit hoofdstuk wordt antwoord gegeven op deze centrale vragen en er wordt op hoofdlijnen getoetst aan het normenkader uit paragraaf 1.4. Algemeen Kenmerk van de EBP is dat het met name over procedures gaat die kunnen leiden tot concrete energiebesparing. De EBP schrijft niet voor hoeveel besparing er per bedrijf/aansluiting bereikt moet worden. Ook in de gemeente Bernheze zijn geen concrete besparingsdoelen per bedrijf dan wel per gebied (bedrijventerrein o.i.d.) omschreven. De gemeente volgt de EBP waarmee de kern ligt op het beoordelen of een bedrijf onder de EBP valt en aansluitend op het toetsen van de ingediende rapportages. De conclusie is dan ook dat er met name sprake is van een instrument met een inspanningsverplichting en met middelvoorwaarden een en ander conform de wettelijke bepalingen wordt voldaan. Vervolgens is de conclusie dat daarmee onvoldoende zicht is op de werkelijk mogelijke besparingen. Energiebesparing Maatschappelijk vastgoed De gemeente Bernheze volgt de landelijke beleidslijnen als het gaat om energiebesparing (en verduurzamen) van het maatschappelijk vastgoed. Voor het eigen gemeentelijk vastgoed is een concreet uitvoeringsprogramma dat naar alle waarschijnlijkheid eind 2024 (nagenoeg) zal zijn gerealiseerd.

De uitvoeringsmaatregelen zijn gebaseerd op eerder uitgebrachte externe onderzoeksrapportages. Voor de uitvoeringsmaatregelen zijn kredieten vastgesteld. Voor de gemeentelijke gebouwen, die door de EBP onder de IPEB vallen, geldt dat de daarbij behorende rapportages via het digitaal loket van de RVO bij de ODBN bekend zijn. Voor het overige maatschappelijk vastgoed geldt dat de eigenaren en gebruikers zelf verantwoordelijk zijn voor energiebesparing en verduurzaming. De gemeente heeft een actieve informatiecampagne opgezet en er is een gemeentelijke stimuleringsregeling naast de rijksubsidie in het kader van DUMAVA. Er is geen gemeentebrede aanpak voor het overige maatschappelijk vastgoed. Indien de bevindingen langs het normenkader worden gelegd dan kan geconcludeerd worden dat aan alle gestelde normen wordt voldaan met uitzondering van norm 1e; Er zijn geen afspraken tussen de gemeente en de eigenaren/beheerders van (overig) maatschappelijk vastgoed omtrent de invulling van de energiebesparingsplicht. Dat houdt in dat energiebesparingsmogelijkheden gemist worden, terwijl die voor de eigenaren en gebruikers zonder meer van belang kunnen zijn. En het betekent dat er wellicht een extra bijdrage gemist wordt aan de besparingsdoelen, zoals die in RESverband zijn afgesproken.

Geconcludeerd kan worden dat de eerste centrale onderzoeksvraag positief beantwoord kan worden met uitzondering van de subvraag inzake een gezamenlijke aanpak voor al het maatschappelijk vastgoed in de gemeente. Toezicht en Handhaving De tweede onderzoeksvraag uit paragraaf 1.3. gaat over de inspanningen die de gemeente Bernheze pleegt bij het toezicht en de handhaving van de energiebesparingsplicht en de informatieplicht

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 13

energiebesparing en de behaalde resultaten. Geconcludeerd kan worden dat de gemeente de landelijke beleidslijnen en de wettelijke bepalingen volgt. De kern daarvan is dat de ODBN zorgdraagt voor toezicht en handhaving. Daarover maakt de gemeente elk jaar afspraken die worden vastgelegd in het werkprogramma. De ODBN rapporteert elk jaar over het aantal afgelegde bedrijfsbezoeken alsmede over het aantal ontvangen rapportages. En in de situaties waarin bedrijven aangeven dat er maatregelen uit de EML worden uitgevoerd, schat de ODBN de mogelijke energiebesparing in. De conclusie is dat in die zin de gemeente Bernheze voldoet aan de wettelijke verplichtingen. Geconcludeerd kan worden dat de gemeente verder geen aanvullende beleidslijnen en doelstellingen heeft vastgesteld ten opzicht van genoemde wettelijke verplichtingen. De raad wordt vervolgens geïnformeerd zowel over het werkprogramma als over het jaarverslag middels Nti’s. Naast deze conclusies over het wel voldoen aan de wettelijke verplichtingen moet tevens geconcludeerd worden dat er geen concreet zicht is op de werkelijke energiebesparing. Immers, de wet gaat met name over procedurele aspecten en niet over inhoudelijke targets. Er zijn weliswaar landelijke targets, waaronder de 11,7% besparing in 2030 ten opzichte van 2020.

Het beeld is dat die besparing wel gehaald gaat worden, maar dat is een macrobeeld in het kader van de RES. Het zegt niets over de individuele bedrijven noch over de feitelijke effecten van de EBP. Daar is een aantal redenen voor:  Er is geen goed overzicht van het aantal bedrijven dat onder de EBP valt en er is geen goed zicht op de jaarlijkse mutaties. Het feit dat de ODBN aangeeft dat op dit moment het bedrijvenbestand voor 80% in beeld is, is illustratief hiervoor;  Voor die bedrijven die zich wel hebben gemeld via het loket van de RVO geldt dat het een momentopname is. Als de maatregelen uit de EML zijn uitgevoerd dan is procedureel aan de wet voldaan en wordt door de ODBN een inschatting gemaakt van de mogelijke besparing aan de hand van kentallen. Er wordt weliswaar gewerkt aan een wetswijziging die er toe leidt dat de werkelijke gebruiksgegevens per bedrijf/aansluiting door de netbeheerder verstrekt kunnen worden, maar dan blijft de vraag of de mutaties in het energieverbruik het gevolg zijn van energiebesparingsmaatregelen;  Er wordt per bedrijf gekeken en niet per gebied26.

Dit kan inhouden dat per bedrijventerrein door sommige bedrijven die zich wel gemeld hebben en die een rapportage IPEB hebben ingediend een besparing wordt gegenereerd terwijl die door andere bedrijven op hetzelfde terrein die zich niet hebben gemeld volledig teniet gedaan wordt;  Er is geen zicht op de ontwikkelingen per bedrijf waardoor de ingeschatte besparing teniet gedaan kan worden (meer bedrijfstijd, meer productie uren, ander productieproces, etc.);  De tussentijdse en jaarlijkse rapportages27 van de ODBN gaan over ALLE activiteiten in het kader van VTH. Op dit moment is er geen opsplitsing waaruit kan worden afgeleid welk deel van het ter beschikking gestelde budget aan de EBP wordt besteed28;  De gemeente controleert de werkwijze van de ODBN niet en de gemeente controleert de ingediende rapporten in het kader van de IPEB niet of slechts zeer summier. Weliswaar is er sprake van een goed onderling vertrouwen en verlengd lokaal bestuur, maar dat betekent niet dat de rol van opdrachtgever niet meer behoeft te worden ingevuld. 26 In de Duurzame Energieagenda 2021-2025 is een Gebiedsgerichte aanpak bedrijventerreinen opgenomen. Op dit mo-

ment wordt daar (nog) geen uitvoering aan gegeven. 27 Waaronder Jaarstukken ODBN, NTI VTH Jaarverslagen, T3 Verantwoordingsrapportages ODBN, VTH Jaarverslagen. 28 Recent is bekend geworden dat de ODBN al sinds 2021 geen schriftelijke evaluatie van de eigen werkwijze meer gedaan heeft en niet transparant is over de stand van zaken. Dit blijkt uit onderzoek van de regionale omroepen en de NOS. Wat dit betekent voor de informatie die de ODBN de afgelopen jaren aan de gemeente heeft verstrekt is geen onderwerp van onderzoek geweest.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 14

Indien getoetst wordt aan het normenkader dan wordt niet voldaan aan de normen waarin concreet gesproken wordt over SMART geformuleerde inhoudelijke resultaten uitgedrukt in kWh’s en m 3 (normen 2b, 2c en 2e in pararaaf 1.4.). De conclusie voor de tweede onderzoeksvraag is dan ook dat aan de wettelijk procedurele verplichtingen wordt voldaan voor bedrijven die bekend zijn bij de gemeente/ODBN en die onder de EBP en vervolgens de IPEB vallen. Daar staat tegenover dat de gemeente noch de ODBN geen concreet inzicht heeft in de werkelijke energiebesparing. Het is daarmee onduidelijk in hoeverre de EBP effectief is. Daarnaast is het niet volledig duidelijk welk deel van het ODBN-budget concreet aan toezicht en handhaving van de EBP wordt besteed. Dat maakt het lastig om te beoordelen in hoeverre de inzet van de ODBN en de gemeente doelmatig en doeltreffend is.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 15

5. De voorstellen nader toegelicht Algemeen De algemene conclusie in hoofdstuk 4 is dat er bij de EBP sprake is van een instrument met een inspanningsverplichting waarbij een toets aan de middelvoorwaarden bepalend is. Het ligt voor de hand om de gemeente Bernheze voor te stellen aanvullend beleid ten opzichte van de EBP te formuleren waarbij er sprake is van doelvoorwaarden die als resultaatsverplichting worden omschreven. De rekenkamer stelt voor om, daaraan voorafgaand, een onderzoek uit te voeren naar de mogelijkheden en het mogelijke rendement van die mogelijkheden. Een pilotproject voor een bedrijfstak dan wel een bedrijfsterrein kan daarin bijdragen. Maatschappelijk vastgoed In het vorige hoofdstuk zijn een aantal conclusies getrokken. Voor zover die betrekking hebben op het eigen gemeentelijk vastgoed als onderdeel van het maatschappelijk vastgoed is de gemeente zelf aan zet als eigenaar én bevoegd gezag. Voor het overige maatschappelijk vastgoed alsmede voor de uitvoering van de EBP is de gemeente ook afhankelijk van anderen: de gemeente kan met name bijdragen door een actieve rol bij informatieverstrekking. Gezien de conclusies met betrekking tot het maatschappelijk vastgoed worden er geen voorstellen voor de raad gedaan.

Uitgangspunt is dat het huidige beleid minimaal gecontinueerd wordt als het gaat om het stimuleren van eigenaren en gebruikers om de wettelijke bepalingen te volgen en waar nodig tot uitvoeringsmaatregelen over te gaan om aan die bepalingen te voldoen. Toezicht en handhaving Gezien de conclusies uit de vorige paragraaf ligt het voor de hand om een aantal voorstellen te doen om de totale energiebesparing uitgaande van de mogelijkheden verder te vergroten, waarbij het zelfs mogelijk is om in 2030 meer de dan afgesproken reductie ten opzichte van 2020 te realiseren29. Dat kan het doel van de gemeente zijn als energiebesparing centraal wordt gesteld naast het voldoen aan de procedurele bepalingen uit de wet zoals hiervoor in dit hoofdstuk bij Algemeen is aangegeven. De hiernavolgende voorstellen kunnen een positief effect hebben op de gerichte inzet van toezicht en handhaving en vergroten derhalve de doelmatigheid en de doeltreffendheid. ●

●

Optimaliseer het bedrijvenregister: zorg voor een duidelijk en actueel register van bedrijven die onder de energiebesparingsplicht vallen. De huidige werkwijze leidt tot een “score van 80%” en dat is gezien de doelstellingen van de wet te laag (één op de vijf bedrijven zou uit beeld zijn). Maak gebruik van meerdere gegevensbronnen en beoordeel steekproefsgewijs in hoeverre het bedrijvenregister actueel is; Werk vanuit SMART geformuleerde doelstellingen: formuleer specifieke, meetbare, acceptabele, realistische en tijdgebonden (SMART) doelstellingen voor energiebesparing. Dit maakt het eenvoudiger om de voortgang en effectiviteit van maatregelen te monitoren. Kies daarbij primair voor een gebiedsgerichte benadering30. De wet is duidelijk voor de individuele bedrijven waarbij de EML leidend is, maar met een gebiedsgerichte benadering kunnen mogelijk nog betere resultaten behaald worden;

29

De eerder genoemde 11,7% in 2030 t.o.v. 2020. Dit ligt onder meer in lijn met Duurzame Energieagenda 2021-2025 en de daarin opgenomen Gebiedsgerichte aanpak bedrijventerreinen. 30

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 16

●

●

Optimaliseer de samenwerking met omgevingsdienst: pak dit met de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) op door duidelijke afspraken te maken over de bedrijvenlijst per jaar, rapportage en evaluatie van energiebesparende maatregelen. De huidige werkwijze, waarbij vertrouwen een belangrijke rol speelt, is een goede invalshoek maar tegelijkertijd blijft de gemeente opdrachtgever. De controlerende rol van de raad kan nog beter worden ingevuld indien de rapportages meer details bevatten over de verschillende thema’s/taakgebieden; Ondersteuning voor bedrijven: bied bedrijven meer ondersteuning en informatie over hun verplichtingen en de voordelen van energiebesparing en verduurzaming, bijvoorbeeld via workshops, aanvullende subsidies en adviesdiensten. Indien het bedrijvenregister een duidelijke verbetering ondergaat dan is het mogelijk bedrijven veel gerichter te benaderen waardoor de kans dat bedrijven die onder de EBP vallen “buiten beeld blijven” sterk afneemt.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 17

Bijlage 1: Afkortingen en kernbegrippen Bal Bbl DUMAVA

EBP

EML

Energielabel C IPEB

OPEB

PBL RES RVO

SPUK THE TNO VTH VUE

AMvB onder de Omgevingswet: besluit activiteiten leefomgeving. AMvB onder de Omgevingswet: besluit bouwwerken leefomgeving. De subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed (DUMAVA) komt eigenaren van bestaand maatschappelijk vastgoed tegemoet in de kosten om te verduurzamen. Sinds 1993 geldt de verplichting voor bedrijven en instellingen om zuinig om te gaan met energie. Sinds 2008 zijn bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m3 aardgas gebruiken verplicht energiebesparende maatregelen te nemen. Het gaat hierbij specifiek om investeringen die zij binnen vijf jaar kunnen terugverdienen. In de Erkende Maatregelenlijsten energiebesparing (EML) staan energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van 5 jaar of minder. De EML bestaat uit 3 onderdelen: gebouwen, faciliteiten en processen. Per 1-7-2023 geldt dat een kantoorgebouw minimaal energie-label C moet hebben. Informatieplicht energiebesparing: bedrijven en instellingen zijn vanaf 1 juli 2019 verplicht eens in de 4 jaar actief informatie te verstrekken aan hun omgevingsdienst over de energiebesparende maatregelen die zij hebben genomen.

Onderzoeksplicht energiebesparing: naast de informatieplicht hebben locaties van bedrijfstakken waarvoor onder de Omgevingswet het Rijk de milieuregels bepaalt, of met een jaarlijks energiegebruik vanaf 10 miljoen kWh elektriciteit of 170.000 m3 aardgas(equivalent), een onderzoeksplicht energiebesparing sinds 1 juli 2023. De onderzoeksplicht is alleen voor activiteit-gebonden maatregelen en geldt niet voor gebouw-gebonden maatregelen. Planbureau voor de Leefomgeving. Regionale Energiestrategie. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland: dit is het loket waar bedrijven en instellingen hun rapportages moeten indienen. De omgevingsdiensten halen daar de rapportages op. Specifieke uitkering toezicht en handhaving energiebesparingsplicht. Nederlandse organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek. Vergunningverlening, toezicht en handhaving. Versterkte uitvoering energiebesparingsplicht.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 18

Bijlage 2: Geraadpleegde documenten Er is een uitgebreid pakket aan documenten opgevraagd en ontvangen. Onderstaand is een rubricering aangebracht voor het overzicht en de documenten staan op alfabetische volgorde Gemeente  Basislijst labels - EPA  BIJLAGE Collegevoorstel voteren krediet  Collegevoorstel_58332  D62086D8C8A24E8A963C4F608C687039  Duurzame Energieagenda 2021-2025  Duurzame Energieagenda 2021-2025 bijlage  Duurzame Energieagenda 2021-2025 Projectenbundel  Duurzame Energieagenda 2021-2025 Raadsbesluit  Energieverbruik 2023  Financieel overzicht 2024 - versie juli  Gemeente Bernheze - actualiseren energielabel  Gmail - FW_ Rekenkameronderzoek energiebesparingsplicht  Gmail - FW_ Vragen energie  Ministerie van Economische Zaken aanpassing EBP mei 2023  Offerte SF-24678 Actualiseren energielabels  Offerte-DoeMee-onderzoek-2024-publieksversie  programmabegroting-2024  RE Gemeente Bernheze - actualiseren energielabels  RE_ Informatieplicht Energiebesparing  RE_ Rekenkameronderzoek energiebesparingsplicht  RE_ Vragen energie  Reactie rapportages  Verantwoordingsrapportage voor deelnemers  Verslag technische informatiesessie "het nieuwe energiesysteem" Daarnaast is in verschillende programmabegrotingen en jaarrekeningen gekeken naar passage over energiebesparing ODBN Onderstaande specifieke documenten zijn beoordeeld op de passages over de EBP 

Bernheze: aanbod energietoezicht 2024  Bevestiging Rapportage Informatieplicht energiebesparing  Ipeb bestanden gemeente bernheze  ODBN Artikel Energietoezicht1  ODBN Memo Energietoezicht ODBN 2023-2  ODBN Presentatie AB  ODBN Presentatie Heidag  ODBN Regionaal operationeel kader ODBN 2017-2020  ODBN Regionaal operationeel kader vergunningverlening ODBN 2021-2022

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 19

 

ODBN RSP presentatie Ontwikkeling energietoezicht

Verder nog diverse rapportages en documenten uit de P&C-cyclus ODBN. Deze stukken zijn alleen beoordeeld op de onderdelen/passages die op de EBP betrekking hebben. De ambtelijke organisatie had dit middels een beknopt overzicht voorbereid.  Begrotingen ODBN 2020, 2021, 2022, 2023, 2024, 2025  Jaarstukken ODBN 2019, 2020, 2021, 2022, 2023  Kadernota’s ODBN 2020, 2021, 2022, 2023, 2024, 2025  NTI VTH Jaarverslagen 2020, 2021, 2022, 2023  T3 Verantwoordingsrapportages ODBN 2019, 2021, 2022, 2023  VTH Jaarverslagen 2019, 2020, 2021, 2022, 2023  Werkprogramma ODBN 2019, 2020, 2021, 2022, 2023, 2024  Eerste Bestuursrapportage 2024 ODBN  Eerste Tussentijdse rapportage 202 RES Onderstaande documenten zijn alleen beoordeeld op de passages waar concrete informatie over energiebesparing te vinden is.

 Collegevoorstel 5e monitor voortgang RES NOB  RES Aanbiedingsbrief VGR RES NOB  RES Bijlage 1 - Beschrijving 3e Monitor RES NOB  RES Bijlage 2 - 3e Monitor RES NOB  RES Bijlage 3 - Leeswijzer 3e Monitor RES NOB  RES Bijlage II - Stand van zaken Regionale Energiestrategie commissie RZ 05 04 2023  RES Informatiebrief Regionale Energiestrategie (RES) regio Noordoost-Brabant  RES Notitie ter informatie Voortgangrapportage RES NOB  RES Nti - 3e Monitor RES NOB  RES NTI 5e monitor voortgang RES NOB  RES NTI Raadsinformatiebrief Regionale Energiestrategie Noordoost Brabant  RES Nti Regionale Energiestrategie (RES) regio Noordoost-Brabant  RES NTI Regionale Energiestrategie 1.0  RES Regionale Energiestrategie 1,0  RES Voortgangsrapportage RES NOB Maatschappelijk vastgoed Onderstaand overzicht is erg uitgebreid. Genoemde documenten zijn alleen opgevraagd om vast te stellen in hoeverre aan de IPEB voldaan is en welke maatregelen voorzien/getroffen zijn:  10C00036528-V1-SporthartVijfeiken-8  10C00076662-V1-GemeentehuisdeMisse6-B  10C00077393-V1-GemeentehuisdeMisse4-B  124502 VUE - Inspectie energie 2020 De Misse 4 te Heesch  Bijlage overzicht gebouwen en status  Brandweerkazerne-B  218012 Inspectiebrief Brandweerkazerne Bernheze

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 20

             

230727 JA Actualisatie maatregelenrapportage MFA De Stuik L0C00031615-V1-Gymnasium8ernrode-8 L0C00036528-V1-SporthartVijfeiken-B L0C00076662-V1-GemeentehuisdeMisse6-B L0C00077393-V1-GemeentehuisdeMisse4-8 Maatregelen Bernrode HD, de Misse 4 H, de Misse 6 H, Maatregelen Vijfeiken H Michel 8ouwens_202406241455 Investeringen verduurzamingsagenda Gemeenschapshuizen Z-124502-Brief-Misse4 & Checklist-Misse4 Z-124509-Brief-Misse6 & Checklist-Misse6 Z-124510-Brief-Vijfeiken & Checklist-Vijfeiken Z-124545-Brief-Bernrode & Checklist-Bernrode Rapportages 2019 Facilicom - verduurzamingsmaatregelen SCC De Stuik en SCC Servaes Rapportages 2020 Facilicom - verduurzamingsmaatregelen SCC De Wis en SCC Nesterlé

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 21

Bijlage 3: Interviews Bestuurlijke aspecten: Management: Beleidsmatige aspecten: Maatschappelijk vastgoed: ODBN:

Wethouder Rien Wijdeven Mark-Jan Janssen Merel van den Tillaart en Lyke van Beek Lisa van Weert en Remco Lips Anne van den Berg, Leo van den Akker, Mark van de Linde

Contactpersoon rekenkamer:

Sylvie Jansen

Bij de aanvang van het onderzoek is een startoverleg geweest waarbij aandacht is besteed aan de planning van het onderzoek, de minimaal benodigde documenten en de mogelijke interviews.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 22

Bijlage 4: Andere rekenkameronderzoeken Op dit moment lopen twee onderzoeken31 naar de EBP:  Het landelijke DoeMee-onderzoek van de VRR uitgevoerd door Ecorys. Hier doen 109 rekenkamers aan mee. De kern is hoofdzakelijk procedureel, de kwaliteit van de rapportages en de wijze waarop de energiebesparingsplicht in de begroting is opgenomen. Het Ecorys onderzoek geeft wel verbruiksgegevens maar verbindt daar geen conclusies aan mede omdat het over ruim 100 gemeenten gaat die onderling (sterk) verschillen;  Onderzoek van de Algemene Rekenkamer: in dit onderzoek wordt op landelijk niveau gekeken naar de behaalde inhoudelijke resultaten. Deze gegevens zijn lastig te vertalen naar het lokale niveau. De resultaten van deze onderzoeken worden op 24 november 2024 bekendgemaakt. Bij het schrijven van het nu voorliggende onderzoeksrapport was geen inzicht in de (mogelijke) resultaten. Wel was bekend uit contacten met verschillende rekenkamers dat er behoefte bij een aantal daarvan is om een onderzoek met meer “diepgang” uit te voeren. Eerdere rekenkameronderzoeken naar de EBP zijn onder meer:  Energiebesparings- en informatieplicht bij bedrijven in Zaanstad. Dit onderzoek is gepubliceerd in maart 2023.

Kort en bondig zijn de belangrijkste conclusies: o De gemeente stuurt niet voldoende op de uitvoering; o Er is te weinig (inhoudelijke) informatie over de (concrete resultaten van de) energiebesparingsplicht.  Toezicht & handhaving Energiebesparingsplicht, een verkennend onderzoek van de Rekenkamercommissie Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg. Dit onderzoek is gepubliceerd in maart 2020. Kort en bondig zijn de belangrijkste conclusies: o Energie en duurzaamheid staan bij alle gemeenten op de agenda, maar blijven in concrete zin beperkt tot woningbouw, het (al dan niet) duurzaam opwekken van energie en het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed; o Er ligt in geen van de gemeenten een focus op energiebesparing bij bedrijven en instellingen. De wettelijke kaders voor energiebesparing bij bedrijven en instellingen zijn wel aanwezig en vanuit het Rijk, de provincie en de omgevingsdiensten worden hiervoor de handvatten aangereikt; o Omgevingsdiensten beschikken over een onvolledig beeld van de bedrijven waarop de energiebesparingsplicht van toepassing is. Zodra de resultaten van het Ecorys onderzoek en het onderzoek van de Algemene Rekenkamer bekend zijn, zal worden bekeken hoe die zich verhouden tot de uitkomsten in Bernheze.

31

Het is mogelijk dat rekenkamers die niet participeren in het DoeMee-onderzoek 2024 zelf een eigen onderzoek uitvoeren. De rekenkamer Bernheze is daar een voorbeeld van. Er is geen landelijk overzicht van lopende onderzoeken.

Onderzoeksrapport Energiebesparingsplicht rekenkamer Bernheze

pagina 23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=5b502da7-4652-4b26-abdb-eeda006f6a48