Nota zienswijzen bestemmingsplan Heesch West en bestemmingsplan Facetplan geluidszone - deel 3.pdf
Tekst van het document
De onzekerheid en spanningen van het plan zijn een participatie, Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik, Duurzaamheid, zware belasting voor de belanghebbenden. Overigens wordt opgemerkt Geluid, Geur, Licht en Natuur.
870
dat er al die jaren ook discussie wordt gevoerd over de nut en noodzaak van het bedrijventerrein. Reclamant merkt op dat de gemeente de geluiden uit de samenleving serieus moet nemen en niet ten koste van alles de plannen moet doordrukken. Reclamant verwacht veel hinder van de ontsluiting van het bedrijventerrein te gaan ondervinden. Uit de toelichting blijkt dat de ontwikkeling van Heesch West andere verkeerseffecten had dan de bedoeling was. Daarom zouden in het ontwerp keuzes zijn gemaakt om deze ongewenste ef f ecten zoveel mogelijk weg te nemen. De nadelige effecten worden kennelijk niet helemaal weggenomen en dat is niet aanvaardbaar. Reclamant geeft aan dat het bedrijventerrein feitelijke een interne ontsluitingsstructuur hoort te hebben in een lus-vorm, waarbij de uiteinden van de lus alleen aansluiten op de Bosschebaan en dan naar de A59. 175 2012b Realisatie van het bedrijventerrein betekent volgens reclamant een f orse toename van het aantal verkeersbewegingen, ook in het omliggende gebied. Zo wordt een toename van verkeer over de Zoggelsestraat voorzien. Aangezien verkeer van de Achterste Groes en de Achterstraat naar de Zoggelsestraat gaat, betekent dit ook een toename van verkeersbewegingen over de Achterste Groes. En dus een toename van verkeershinder voor reclamant.
De inf rastructuur op het bedrijventerrein moet volgens reclamant ook reeds gereed zijn voor het bedrijventerrein in gebruik wordt genomen om (sluip)verkeer door de omgeving te voorkomen. Zie thema Mobiliteit en het antwoord onder rij 325. Reclamant vreest veel (cumulatieve) geluidsoverlast te ondervinden, gelet op de geringe afstand van het plan tot de woning, en het geplande zonnepark dat het geluid van de snelweg en het industrieterrein zal Zie thema’s Geluid, Gezondheid, Milieucategorie en Mobiliteit. versterken. Reclamant vreest voor een worst-case scenario, waarbij de geluidoverlast zal leiden tot een onleefbare situatie in en rond de woning, Wat betref t de woning van reclamant. De geluidsbelasting voor industrielawaai bedraagt 45 dB(A). Deze geluidsbelasting is lager dan aldus reclamant. Volgens het geluidrapport uit 2019 en de aanvulling hierop uit 2021 blijkt dat sprake was van een toename van geluidhinder bij de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A). de woning rond het plangebied. Volgens het geluidrapport wordt de De geluidsbelasting door wegverkeer bedraagt na realisatie van het 175 139 2012c geluidbelasting op de bestaande woningen niet hoger dan 55 dB(A). Dat is plan 55 dB. Er is sprake van een kleine, niet hoorbare toename van de veel hoger dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Het geluidniveau op geluidsbelasting door de planontwikkeling van 0,5 dB.
Deze toename is de woningen was al te hoog en dreigt dus nog hoger te worden. Dat is niet het gevolg van de bijdrage van het verkeer op de Bosschebaan. De acceptabel. Reclamant stelt dat uit onderzoek blijkt dat geluidhinder voor absolute waarde van de cumulatieve geluidsbelasting is 56 dB. De gezondheidsschade zorgt. Na juni 2019 had de gemeente besloten tot het toename van de cumulatieve geluidsbelasting is 0,8 dB en is ook niet aanscherpen van de vestigingsvoorwaarden en toegelaten hoorbaar. Op grond van het voorgaande kan worden geconcludeerd dat bedrijvencategorieën, uitgaande van omgevingseffecten (geluid, geur). geen sprake is van een (significante) verslechtering van het woon- en Maar onder paragraaf 9.2 staat dat 'grote lawaaimakers’ mogelijk worden leef klimaat.
871
175 -
175 -
175 -
gemaakt. Vanuit een oogpunt van gezondheid hoort de gemeente in het bestemmingsplan te regelen dat de geluidssituatie voor omwonenden niet verslechtert door dit plan. Reclamant is dan ook van mening dat de gemeente beperkingen hoort op te leggen aan de soort bedrijven, de hoeveelheid geluid die mag worden geproduceerd, de afstand tot woningen hoort te vergroten en de ontsluiting dient te beperken tot de noordzijde. Reclamant stelt dat geurbelasting van bedrijven of andere geurbronnen aanleiding kan geven tot geurhinder. Uitgangspunt bij nieuwe ontwikkelingen dient te zijn het zoveel mogelijk beperken van geurhinder. Reclamant vreest van het plan een hinderlijke geurbelasting voor omwonenden. In de bestaande situatie zijn er in de directe omgeving van het plangebied geen bedrijven gelegen met industriële activiteiten die een 2012d geurbelasting hebben op het plangebied. Het is voorhand niet bekend welke bedrijven zich gaan vestigen op Heesch West en welke geurbelasting dit met zich meebrengt. Reclamant is van mening dat in het plan voldoende moet zijn geborgd dat er geen overschrijding van geurnormen buiten het plangebied optreedt. Ook dient te worden geborgd dat er zich in het gebied geen bedrijven mogen vestigen die een geurbelasting opleveren op de omgeving. Zie thema Geur.
Reclamant merkt op dat volgens het plan de omgeving slechts beperkte toename van lichthinder zal ondervinden, omdat woongebieden op ruime af stand (min. 1 km) van het terrein zouden liggen. De woning van reclamant ligt echter op 400 meter afstand. Reclamant vreest hierdoor onaanvaardbaar veel hinder te zullen ondervinden. Reclamant verzoekt om, bij voorkeur d.m.v. voorwaardelijke verplichtingen, bij de inrichting 2012e extra aandacht te geven aan het voorkomen van lichthinder, bijvoorbeeld door verlichting 's avonds tot een minimum te beperken en lichtuitstraling naar de buitenzijde van het bedrijventerrein en in de hoogte te voorkomen. Reclamant merkt op dat in de huidige situatie het een donker gebied betref t. ledere toename van licht vanuit het gebied zal dan ook onevenredige hinder opleveren voor het omliggende gebied, aldus Zie thema Licht. reclamant. Reclamant merkt op dat het plan nadelige gevolgen heeft voor de gezondheid vanwege de toename van fijnstof. Door het extra verkeer van de bedrijven en de bedrijfsprocessen zal de hoeveelheid fijnstof 2012f toenemen. Nu wordt een deel van de huidig aanwezige fijnstof geabsorbeerd door zachte ondergronden, zoals de aanwezige gewassen op de landbouwgronden. Het merendeel hiervan wordt straks echter Zie thema's Luchtkwaliteit, Gezondheid en Natuur.
872
175 -
175 -
verhard terrein. Vooral het fijnstof dat neerslaat op de zonnepanelen wordt door het gladde oppervlak en de open structuur van de installaties, waar de wind onder en boven de panelen vrij spel heeft, minder goed vastgehouden en zal zich door de overheersende westenwind gemakkelijker verspreiden over de woning van reclamant. Daarnaast vindt reclamant dat het bedrijventerrein met de daarmee gepaard gaande uitstoot van stikstof een uitermate ongunstige invloed zal hebben op de omgeving. Extra uitstoot van stikstof is niet toegestaan, aldus reclamant. Reclamant merkt op dat de bestreden besluiten gebaseerd zijn op aan AERIUS berekening. Reclamant verwijst naar de adviescommissie van wetenschappers onder leiding van Leen Hordijk - emeritus hoogleraar milieusysteemanalyse -, die echter heeft aangegeven dat de AERIUS Calculator te onnauwkeurig is. Volgens deze commissie is meer onderzoek nodig naar de onzekerheden binnen het AERIUS systeem. Reclamant concludeert het volgende: het gebruiken van een hulpmiddel als AERIUS Calculator voor het maken van de passende beoordeling is alleen toegestaan als daarmee volledige, precieze en definitieve constateringen en conclusies kunnen worden verkregen die elke redelijke wetenschappelijke twijfel over de gevolgen van de geplande werkzaamheden voor de betrokken Natura 2000-gebieden kunnen wegnemen.
Volgens reclamant heeft de gemeente niet toereikend gemotiveerd dat in dit geval aan deze voorwaarden is voldaan. De plannen zijn, naar de mening van reclamant, dan ook onvoldoende zorgvuldig voorbereid en onderbouwd. Reclamant stelt dat het plan niet mag bijdragen aan meer PFAS in het milieu, vanwege de schadelijke effecten voor mens en dier. Omdat niet bekend is welke bedrijven hier (mogen) komen is het niet duidelijk of er risico is dat er PFAS in het milieu wordt gebracht. In de planregels hoort te 2012g worden beschreven dat dergelijke bedrijven hier niet mogen komen. Uit recent onderzoek van het RIVM blijkt dat meer dan 85 procent van de geteste grond al boven die norm zit. Gelet daarop is het volgens reclamant Zie thema PFAS. onzeker of dit plan wel kan worden uitgevoerd. Reclamant merkt op dat in de plannen een te hoge milieucategorie mogelijk wordt gemaakt. Dit soort zware bedrijven (categorie 4.1 en zelfs categorie 5.1) leiden tot een onaanvaardbare aantasting van het woon- en 2012h leef klimaat en kunnen niet worden toegestaan op korte afstand van woningen. Reclamant vindt dat een minimale afstand van dergelijke bedrijven tot woonbebouwing in acht moet worden genomen. Reclamant Zie thema’s Milieucategorie, Woon -en leefklimaat, Ruimtelijke kwaliteit vindt het volstrekt onbegrijpelijk dat milieucategorie 4.1 en zelfs 5.1 wordt en Duurzaamheid.
873
toegestaan, terwijl het doel is om een 'groen en duurzaam bedrijventerrein' te realiseren. Reclamant verzoekt dan ook om de milieucategorie te verlagen en de verhogingsmogelijkheid de schrappen in algemene zin.
175 -
175 -
175 -
Reclamant stelt dat de bouwhoogte (20 tot 25 meter) veel te hoog is. Volgens reclamant wordt uit de regels (art. 5.2.3 onder c) niet duidelijk wat 2012i onder hoogteaccenten tot 30 meter hoog moet worden verstaan. Reclamant stelt dat een goede landschappelijke inpassing noodzakelijk is maar bij een dergelijke bouwhoogte volstrekt onmogelijk is. Zie thema Ruimtelijke kwaliteit. Reclamant stelt dat het uitzicht, het landschap en de leefomgeving ernstig dreigt te worden aangetast door het plan. Reclamant haalt de term 'verdozing' van het landschap aan, waarbij het landschap steeds meer wordt volgebouwd met lelijke mega-loodsen, oftewel 'super-dozen'. Architecten, planologen, maar ook burgers en bestuurders maken zich hier steeds meer zorgen over. Dergelijke distributiecentra voegen volgens reclamant niets toe aan de regio en de regionale of Brabantse economie. Reclamant stelt dat de grote logistieke bedrijven of distributiecentra geen 2012j werkgelegenheid opleveren voor de regio. De bedrijven draaien voornamelijk op arbeidsmigranten. Daarnaast leveren deze bedrijven netto ook zeer weinig werkgelegenheid op omdat er per vierkante meter maar zeer weinig werknemers werkzaam zijn. De gebouwen hebben echter wel zeer negatieve invloed op de ruimtelijke kwaliteit en zijn een bedreiging voor het landschap rond Heesch.
Reclamant is dan ook van mening dat de 'verdozing' van het Brabants landschap moet stoppen. Binnen het plan Heesch West moet geen ruimte komen voor grootschalige logistieke Zie thema's Ruimtelijke kwaliteit, Behoefte, Woon -en leefklimaat en bedrijven en distributiecentra. Werkgelegenheid en arbeidsmigranten. Reclamant stelt dat volgens de planregels ook datacenters zijn toegestaan. Datacenters gebruiken enorm veel energie. De elektriciteitsnetwerken kunnen dat niet aan omdat ook bestaande bedrijven, burgers en overheden de komende jaren massaal moeten omschakelen naar duurzame vormen van energie. Daarom horen er geen 2012k datacenters meer bij te komen, zeker niet als ze niet zelf volledig hun eigen energie kunnen opwekken. De vestiging van datacenters op dit bedrijventerrein gaat ook volledig in tegen de ambitie om van dit bedrijventerrein 'het meest duurzame bedrijventerrein van Brabant' te maken. Bovendien bieden dit soort datacenters geen enkele bijdrage aan Zie thema's Duurzaamheid, Behoefte en Werkgelegenheid en behoud en ontwikkeling van regionale werkgelegenheid. arbeidsmigranten.
874
175 -
175 -
Reclamant stelt dat de landschappelijke inpassing van dit plan volstrekt onvoldoende is. Aan de oostzijde van het bedrijventerrein is geen groene buf fer voorzien. De grond die hiervoor oorspronkelijk bedoeld was, is intussen bestemd voor een zonnepark. Anders dan wordt gesteld, kan een dergelijk industrieel zonnepanelenpark uiteraard niet dienen als 'buffer' ten opzichte van het bedrijventerrein. Reclamant verzoekt om het plan aan te passen zodat aan deze zijde van het bedrijventerrein ook een voldoende brede groenstrook wordt opgenomen op de verbeelding. Reclamant stelt dat het zaak is de landschappelijke inpassing, met voldoende hoog en dicht afschermend groen, goed in de regels te borgen en deze binnen maximaal 1 jaar aan te leggen. Onder verwijzing naar de huidige voorwaardelijke verplichting in het plan (art. 5.4.2 en 5.4.3) merkt reclamant op dat een omgevingsvergunning de eerste 3 jaar gewoon kan worden verleend, zonder dat een landschappelijke inpassing gerealiseerd is. Bij die bedrijven kan niet meer worden afgedwongen dat er nog een landschappelijke inpassing komt. Dat is onaanvaardbaar en wordt niet gemotiveerd. Groen moet ook de tijd krijgen aan te slaan en hoogte te 2012l bereiken. Daarnaast merkt reclamant dat in artikel 5.4.2 wordt verwezen naar bijlage 4 (landschappelijk inrichtingsplan), welke bijlage nog niet beschikbaar is op www.ruimtelijkeplannen.nl.
Reclamant geeft aan dat de bergingscapaciteit voor water ontbreekt in de planregels. Het ontwerpbestemmingsplan voldoet dus niet aan de eisen van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening. In artikel 5.4.3 onder b van de planregels blijkt niet binnen welke termijn deze bepaling moet worden gerealiseerd, dit is dus een loze planregel. Ook de verwijzing naar een verordening van een andere gemeente dan de gemeente (Bernheze) waarin het terrein ligt, deugt niet. Verder zegt de planregel dat groene gevels of een dak ook meetellen voor de 10% norm. M.u.v. de groene gevel doet dit niets om het bedrijf in te passen in de omgeving. Reclamant geeft aan dat binnen de bestemming Groen niet vast staat dat ook groen wordt gerealiseerd. Ten eerste mogen er onbeperkt gebouwen worden gebouwd tot een hoogte van 3 (soms van 5) meter en maximaal 30 m2 per stuk. Verder ontbreken voorwaardelijke verplichtingen die ervoor moeten zorgen dat hier een landschappelijke inpassing komt en in stand wordt gelaten. Zie thema Ruimtelijke kwaliteit. Reclamant pleit er al langer voor dat zonnepanelen niet op kostbare grond - zoals naast het bedrijventerrein - maar zoveel mogelijk op daken worden 2012m gerealiseerd. De tekst in artikel 5.4.4 van de planregels (voorwaardelijke Zie thema’s Ruimtelijke kwaliteit en Duurzaamheid. verplichting) is goed tot aan het woord 'tenzij'. In plaats van een komma
875
175 -
moet daar een punt komen. En de uitzondering op de planregel moet vervallen: 'tenzij een andere duurzame maatregel dit onmogelijk maakt of als het bedrijfsproces duurzaam dakgebruik verhindert' levert alleen maar onmogelijke discussie op. Er horen volgens reclamant alleen maar bedrijven te komen met bedrijfsgebouwen waarop zonnepanelen en sedumdaken kunnen worden aangebracht. Dit zorgt voor meer koelte in het bedrijfsgebouw, en dus minder energieverbruik, dus uit oogpunt van klimaat dubbele winst. Reclamant stelt dat het zonnepark, dat is voorzien in het plan, ook het gebied onherstelbaar zal aantasten. Reclamant stelt ook dat de plannen voor zonnepark aan de Achterste Groes niet los kan worden gezien van dit plan voor Heesch West. Volgens reclamant hebben zonnevelden vanwege hun massaliteit en grote glinsterend oppervlak (opgesteld in schuine vlakken en wat vaak 'daken' vormt) een zeer industriële uitstraling en is de ruimtelijke impact op de omgeving zeer groot. Zonneparken voelen als een 'muur' van panelen voor de reclamant, waarbij zichtlijnen worden dichtgezet en het oorspronkelijk landgebruik moet wijken. Volgens de reclamant wijzigt de aanleg van zonnevelden karakteristieken en f uncties als openheid of agrarisch gebruik: met de inrichting van zonnevelden worden landschappelijke kenmerken en patronen aangetast en daarmee de omgeving.
Grootschalige zonnevelden wijzigen volgens de reclamant drastisch het aanwezige landgebruik en laten zich niet in kleinschalige landschappen inpassen. Reclamant stelt dat ze letterlijk 2012n ruimte nodig hebben en die ruimte aanzienlijk van aangezicht zullen doen veranderen. Reclamant geeft weer dat een zogenaamde zonneladder is ontwikkeld: dit is een voorkeursvolgorde van locaties die geschikt zijn voor de plaatsing van (grootschalige) installaties voor de opwekking van zonne-energie. De af wegingsprincipes van de zonneladder leidt volgens de reclamant tot een voorkeur voor zonnepanelen op daken en gevels van gebouwen. Omdat hier al sprake is van bebouwing zal het introduceren van panelen op deze plekken doorgaans minder invloed hebben op de kenmerken of identiteit van een gebied, zo stelt reclamant. Reclamant stelt dat vanuit diezelfde principes daarna onbenutte terreinen in bebouwd gebied de voorkeur hebben. Wanneer vanwege de grote energieopgave locaties in het landelijk gebied nodig zijn, gaat volgens reclamant ook in dat geval de voorkeur uit naar gronden met een andere primaire functie dan landbouw of natuur. De aanleg van zonneparken zou slechts op daarvoor wenselijke locaties Zie thema’s Ruimtelijke kwaliteit en Duurzaamheid.
876
moeten plaatsvinden. Reclamant raadt aan eerst op daken op bedrijventerreinen en op geluidswallen langs snelwegen te stallen en in te zetten op slimme ruimtelijke combinaties. Gelet op het grote aantal vierkante meter aan daken op de bedrijfsgebouwen binnen dit plan, kan volgens reclamant niet worden ingezien dat meerdere zonnepanelenparken dan nog noodzakelijk zijn met alle negatieve gevolgen voor de omgeving: aangezien er voldoende vierkante meters beschikbaar zijn op de daken van de bedrijfsgebouwen, zijn extra zonneparken binnen dit plan en net buiten het plangebied niet noodzakelijk en dienen deze uit de plannen te worden geschrapt volgens de reclamant. Reclamant stelt dat vooral in slimme combinaties van ruimtegebruik kansen liggen, waarbij het van belang is dat het plan van toegevoegde waarde is, op de juiste locatie komt met een gedegen ontwerp en er eisen worden gesteld zodat natuur, landschap en agrarische percelen niet in het geding komen. Draagvlak in de omgeving is volgens de reclamant ook een belangrijke voorwaarde. Reclamant stelt dat, aangezien dit project niet kan rekenen op enig draagvlak in de omgeving en een te grote impact zal hebben op de omgeving, niet kan worden meegewerkt aan de aanleg van zonnepark binnen en net buiten het plangebied.
Reclamant stelt dat het industrieterrein de woonomgeving drastisch verandert en een gezonde en prettige leefsituatie onmogelijk maakt. Dit plan betekent een wezenlijk gevaar voor de gezondheid door de effecten van het industrieterrein. Het plan draagt niet bij aan het behoud en de 175 139 2012o bevordering van de ruimtelijke kwaliteit, en er is zeker geen sprake van een goede landschappelijke inpasbaarheid of enige maatschappelijke meerwaarde. Ook is volgens reclamant geen toepassing gegeven aan het Zie thema's Woon -en leef klimaat, Gezondheid, Geluid, Geur, Licht, Ruimtelijke kwaliteit en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. principe van zorgvuldig ruimtegebruik. Deze zienswijze is deels gegrond op een aantal onderdelen: grotere groene buffer aan oostzijde (rij 2012l) en landschappelijke inpassing zonnepark (rij 2012n). Naar aanleiding daarvan is het landschapsplan verder uitgewerkt, is een voorwaardelijke verplichting opgenomen ter realisatie van de 175 139 2013 landschappelijke inpassing voor het zonnepark, (zie thema's Ruimtelijke kwaliteit). Ook is de zienswijze deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’ (rij 2008). Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een
877
inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
176 140 2014
176 -
2015
176 -
2016
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept industrielawaai en/of wegverkeerslawaai. Daarnaast is geen sprake van beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in bijlage 7 van het akoestisch onderzoek. voor de nieuw te vestigen bedrijven.
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit. waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch
878
West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften.
176 -
2017
176 -
2018
176 -
2019
176 -
2020
176 140 2021
Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Zie thema Proces en participatie. Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leefbaarheid, door de gemeente is afgewezen.
Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en Zie thema Proces en participatie. bevoegdheden. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’. Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan).
879
177 141 2022
Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond. Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename leef klimaat en Natuur. van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en Wat betref t de geluidsbelasting op de woning van reclamant. De slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, geluidsbelasting door de activiteiten op het bedrijventerrein Heeschlongproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook West bedraagt 46 dB(A). Deze geluidsbelasting is lager dan de de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) zodat een hogere waarde niet aan van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept de orde is.
beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' De geluidsbelasting door wegverkeer bedraagt na realisatie van het wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening plan 54 dB. Door de planontwikkeling neemt de geluidsbelasting van gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte wegverkeerslawaai toe met 3 dB. De absolute waarde van de geluidsbelasting wordt vooral bepaald door het verkeer op de A59. De voor de nieuw te vestigen bedrijven. toename van de geluidsbelasting door wegverkeer van 3 dB wordt vooral bepaald door de toename van het verkeer op de Achterstraat. Op basis van de resultaten blijkt wel dat ook in de plansituatie het verkeer op de Achterstraat geen geluidsbelasting veroorzaakt die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde. De geluidsbelasting bedraagt maximaal 47 dB inclusief de reductie van 5 dB ex artikel 110g Wgh. De toename van de cumulatieve geluidsbelasting door de planontwikkeling bedraagt afgerond eveneens 2 dB en wordt gelijkelijk bepaald door de toename van industrie- en wegverkeerslawaai. Omdat de cumulatieve geluidsbelasting met 1,5 dB of meer toeneemt wordt beoordeeld of de geluidwering van de gevels van de woning van reclamant voldoet. Als input wordt de cumulatieve geluidsbelasting van 54 dB na de realisatie van Heesch-West als uitgangspunt aangehouden.
Getoetst wordt aan de binnenwaarde die ook voor nieuwbouwwoningen wordt gebruikt. Als uit dit onderzoek blijkt dat de vereiste binnenwaarde niet wordt gehaald, dan worden (in overleg met bewoner) aanvullende gevelmaatregelen getroffen. Hiervoor zijn f inanciële middelen gereserveerd. Daarmee blijft sprake van een aanvaardbaar woon -en leef klimaat. Uit de resultaten blijkt dat alleen sprake is van een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde door wegverkeerslawaai. Er is sprake van
880
een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde op de west- en noordgevel van de woning. Ter plaatse van de zuid- en oostgevel van de woning wordt de voorkeursgrenswaarde niet overschreden. Deze zijde van de woning is daarom geluidsluw te beschouwen. Aan de zuidoostzijde van de woning is de buitenruimte gesitueerd die als geluidsluw is aan te merken. Alhoewel sprake is van een significante toename van de geluidsbelasting aan de orde is, is geen sprake van een onaanvaardbaar woon- en leef klimaat. De woning heeft een geluidsluwe zijde waaraan een buitenruimte is gesitueerd en de plandrempel van 60 dB, die in het Actieplan geluid van de gemeente ‘sHertogenbosch is vastgelegd (en die in dit plan ook voor grondgebied Bernheze wordt gehanteerd), wordt niet overschreden. Daarnaast worden zo nodig maatregelen aan de gevel getroffen om in de verblijfsruimten aan de binnenwaarde van nieuwbouw te voldoen zodat ook in de woning sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
177 -
2023
177 -
2024
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit. daarbij behorende voorschriften.
881
177 -
2025
177 -
2026
177 -
2027
177 -
2028
177 141 2029
Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Zie thema Proces en participatie. Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leefbaarheid, door de gemeente is afgewezen.
Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’. Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit).
882
Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
178 142 2030
178 -
2031
178 -
2032
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor industrielawaai en/of wegverkeerslawaai. Daarnaast is geen sprake van beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in bijlage 7 van het akoestisch onderzoek. voor de nieuw te vestigen bedrijven.
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten. waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
883
178 -
2033
178 -
2034
178 -
2035
178 -
2036
178 142 2037
Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Zie thema Proces en participatie. Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leefbaarheid, door de gemeente is afgewezen.
Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’. Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit).
884
Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
179 143 2038
179 -
2039
179 -
2040
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept industrielawaai en/of wegverkeerslawaai. Daarnaast is geen sprake van beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in bijlage 7 van het akoestisch onderzoek. voor de nieuw te vestigen bedrijven.
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
885
179 -
2041
179 -
2042
179 -
2043
179 -
2044
179 143 2045
Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Zie thema Proces en participatie. Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leefbaarheid, door de gemeente is afgewezen.
Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’. Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit).
886
Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
180 -
2046
180 -
2047
180 -
2048
Reclamant is woonachtig in de buurt van het plangebied Heesch West en nog dichterbij de nieuw aan te leggen ontsluitingsweg voor Heesch West. Met deze zienswijze maakt reclamant kenbaar waarover reclamant zorgen heef t en verzoekt om garantie te geven op het woon en leefklimaat. Zie thema Woon -en leefklimaat en het antwoord in rij 2055. Reclamant geeft aan dat in het gepubliceerde bestemmingsplan een nieuwe ontsluitingsweg is opgenomen welk zorgt voor de aan- en af voer van verkeer van en naar het industrieterrein Heesch West. Op de 'rotonde' ter hoogte van het tankstation de Geffense Barrière is in ieder geval geen De beoogde situatie waar reclamant op doelt, was naar onze mening duidelijk in het bij het ontwerpbestemmingsplan opgenomen af takking naar de huidige Bosschebaan ingetekend. Volgens reclamant stedenbouwkundig ontwerp weergegeven en tevens persoonlijk met wekt dit de indruk dat er dan ook geen aansluiting komt op/naar de reclamant besproken. Een aansluiting met de Bosschebaan wordt huidige Bosschebaan. Hoewel uit andere plattegronden blijkt dat de ontsluiting met de huidige nadrukkelijk wel gemaakt. Overigens zal de Bosschebaan ter plaatse Bosschebaan er wel komt, blijkt dit niet uit het ter inzage gelegde van reclamant een lagere verkeersintensiteit krijgen door de bestemmingsplan.
inf rastructurele maatregelen die met Heesch West gepaard gaan dan Reclamant verzoekt aan te sluiten bij de situatie zoals gepresenteerd in de situatie zonder Heesch West. De Bosschebaan heeft en behoudt wel het bestemmingsplan wat ter inzage is gelegd en af te zien van de een belangrijke functie in de ontsluiting van het plan en de verbinding ontsluiting op de huidige Bosschebaan. tussen de dorpen rondom het plangebied. Reclamant stelt dat plan destijds is aangenomen met maximaal categorie Zie thema's Milieucategorie, Externe veiligheid, Gezondheid, Geur en 4 bedrijven. Nu biedt Heesch West plaats voor bedrijven met (maximaal) Woon -en leef klimaat. categorie 5.1. Reclamant maakt zich daarom zorgen over de onredelijke Wat betref t de 'voorwaarde' voor maximaal milieucategorie 4: risico's voor de veiligheid, gezondheid, milieu maar zeker ook over de bij de herziening van de Gemeenschappelijke Regeling in 2014 is onder hinder van stank. meer het mogelijk inpassen van milieucategorie 5 bepaald. We De passage dat bij uitzondering het bestemmingsplan pas toereikend verwijzen ook naar de passages onder het hoofdstuk Milieucategorie in wordt voor categorie 5.1 bedrijven door ingewonnen advies bij de GR het Eindverslag hierop (par. 3.2.2).
Heesch West en de drie betrokken gemeenten unaniem positief Het staat niet vast dat bedrijven in milieucategorie 5.1 sowieso op adviseren, is niet meer dan ook daadwerkelijk ruimte geven dan dat soort Heesch West komen. Milieucategorie 5.1 wordt niet direct bestemd en bedrijven. Dit betekent simpelweg dat ze er wel komen. Reclamant maakt zal, voor zover het aan de orde komt, slechts onder nadere zich dan ook ernstig zorgen het toestaan van bedrijven met categorie >4 voorwaarden en met bijvoorbeeld aandacht voor stikstofbelasting, worden af gewogen. Het gebied waar dit kan worden overwogen is in en verzoekt dan ook om deze niet toe te laten. het ontwerpbestemmingsplan sterk beperkt en dit is uiteraard gehandhaafd in het vast te stellen bestemmingsplan. Zie verder het antwoord in rij 171, inzake het planproces en wijzigingen die daarin worden doorgevoerd.
887
Reclamant stelt dat het industrieterrein zal zorgen voor een gigantische toename van geluidsoverlast. Door het aantal verkeersbewegingen en de (dag en nacht doorgaande) bedrijfsprocessen. De diverse factoren bij elkaar opgeteld bij het geluid van de reeds aanwezige A59 levert dit volgens reclamant ongetwijfeld tot (veel) meer overlast. Met als gevolg van verstoorde nachtrust en verstoort woongenot. 180 144 2049
180 -
2050
180 -
2051
180 -
2052
180 -
2053
Zie thema's Geluid en Woon -en leefklimaat. De geluidsbelasting voor industrielawaai bedraagt op de woning van reclamant 51 dB(A) en wijzigt met 0,02 dB ten opzichte van de ref erentiesituatie (en is dus niet hoorbaar). Deze geluidsbelasting wordt met name bepaald door de bestaande bedrijvigheid in de omgeving van de woning (bedrijventerrein Cereslaan-West) en in veel minder mate door de nieuwe bedrijven op Heesch-West. De geluidsbelasting door wegverkeer bedraagt na realisatie van het plan 61 dB. Er is sprake van een kleine, niet hoorbare toename van de geluidsbelasting door de planontwikkeling van cumulatief 0,2 dB. Dit wordt vooral bepaald door de verandering van wegverkeerslawaai. Omdat geen sprake is van een significante hoorbare toename van de geluidsbelasting is ook geen sprake van een (significante) verslechtering van het woon- en leefklimaat.
Reclamant stelt dat door realisatie van Heesch West er stankoverlast zal zijn. Uitlaatgassen, mest, industriële processen, chemische grondstoffen en af val zij hier onder andere debet aan. Reclamant zegt niet te kunnen beoordelen welke bedrijven voornemens zijn om zich te vestigen en welke overlast dit meebrengt. Zie thema Geur en zie het antwoord in rij 1562. Reclamant stelt dat de ontwikkeling van Heesch West zal het (vracht)verkeer in ongekende mate dag en nacht fors toenemen. Het wegennet is hiervoor ontoereikend, met nog meer files en sluipverkeer tot gevolg. Ook leidt dit tot een onwenselijke maar bovenal onveilige situatie. Reclamant is met name bezorgd over met de fiets naar schoolgaande kinderen, die dagelijks geconfronteerd worden met de forse toename van verkeer en verkeershindernissen. Reclamant maakt zich ook zorgen over de overige verkeersdeelnemers in betreffend gebied. Reclamant stelt ook dat de CO2 uitstoot zal toenemen welke schadelijk is Zie thema's Mobiliteit, Duurzaamheid, Woon -en leefklimaat en Natuur. voor het milieu en het leefklimaat. Reclamant stelt dat bedrijven de ruimte krijgen om tot 30 meter gevelhoogte te bouwen, installaties mogen zelfs tot 35 meter hoog zijn. Deze hoogtes zijn niet inpasbaar in dit kleine gebied en horen thuis op Zie thema Ruimtelijke kwaliteit. grootschalige industrieterreinen zonder verdere omwonenden.
Reclamant stelt dat door de ontwikkeling van Heesch West de aanwezigheid van fijnstof en stikstof enorm zal toenemen, dit is schadelijk Zie thema's Luchtkwaliteit, Natuur, Gezondheid en Woon -en leef klimaat. voor mens, dier en natuur.
888
180 -
2054
180 144 2055
Reclamant stelt dat de lasten van het industrieterrein neer komen op een aantal omwonenden. Uit onderzoek blijkt dat woningen in de nabijheid van een industrieterrein en/of zonneparken aanzienlijk in waarde dalen. Volgens reclamant is het een feit dat ontwikkelaars van energie en/of zonneparken, investeerders maar ook gemeentes buitenproportionele winsten maken en dat de omgeving het nakijken heeft. Omdat reclamant niet zit te wachten op horizonvervuiling en deze waardedaling naast de Zie thema's Proces en participatie, Ruimtelijke kwaliteit en Kosten en overige overlast (waarschijnlijk) niet door de gemeente wordt baten en planschade. gecompenseerd, verzoekt reclamant het meest oostelijk gelegen Wat betref t het oostelijk gelegen zonnepark, dit betreft zonnepark zonnepark op het industrieterrein te plaatsen in plaats van erlangs. Achterste Groes. Dat plan valt buiten deze planprocedure. Reclamant stelt dat het huidige woon- en leefklimaat met vrij uitzicht op grasland op hun adres erg prettig is. Reclamant maakt zich dan ook ernstig zorgen over het woon- en leefklimaat in de toekomst na realisatie Zie verder de thema's Woon -en leefklimaat, Geluid, Mobiliteit, Geur, van het industrieterrein met alle bijkomende nadelige effecten voor de Luchtkwaliteit, Natuur en Ruimtelijke kwaliteit. omgeving.
Aanvullend: de overheid maakt een zorgvuldige afweging van belangen Reclamant wil van of de Gemeenschappelijke Regeling of gemeente met aandacht voor inwoners, bedrijven, natuur en milieu. Niemand. Wat Bernheze (en gemeenten 's-Hertogenbosch en gemeente Oss) de betref t de vraag om garantie dat geen vervuiling plaatsvindt van fijnstof garantie dat de woon- en leefomgeving veilig blijft. Ook de garantie dat er of stikstof, zie het antwoord in rij 19. Dit type antwoord geldt ook voor niet meer geluidsoverlast, verkeersoverlast en stankoverlast komt dan er een garantie op niet meer geluidsoverlast, verkeersoverlast, momenteel is. Verder wil reclamant ook de garantie dat er geen sprake is horizonvervuiling of geuroverlast; een dergelijke garantie wordt niet van extra vervuiling door middel van fijnstof en/of stikstof. Eveneens wil gegeven. Het plan heeft nu eenmaal een bepaalde uitstoot of hinder. reclamant de garantie dat er geen sprake is van horizonvervuiling door Echter, het plan voldoet aan de geldende normen. Daarnaast zullen we inpassing van torenhoge gebouwen. de hinder zoveel mogelijk trachten te beperken. Deze zienswijze is ongegrond en geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.
180 144 2056
181 145 2057
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte voor de nieuw te vestigen bedrijven.
Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor industrielawaai en/of wegverkeerslawaai. Daarnaast is geen sprake van een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in bijlage 7 van het akoestisch onderzoek.
889
181 -
2058
181 -
2059
181 -
2060
181 -
2061
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit. daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Zie thema Proces en participatie.
890
181 -
2062
181 -
2063
181 145 2064
182 146 2065
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leefbaarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’.
Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond. Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept industrielawaai en/of wegverkeerslawaai.